ALIBI EDITIE 3 | 2023 | WWW.ALIBIONLINE.NL
Interview met het bestuur en redactie Publiekrecht HET TWEESNIJDEND ZWAARD VAN VN-IMMUNITEIT Mensenrechten ONDERNEMINGEN EN MENSENRECHTEN ALIBI MAGAZINE HET ONAFHANKELIJKE, JURIDISCHE TIJDSCHRIFT VAN DE FACULTEIT DER RECHTSGELEERDHEID VAN DE UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM
VOORWOORD
Lalaine Jansen Hoofdredacteur
Beste studenten en andere lezers,
W
elkom terug bij ALIBI, het blad aan de rechtenfaculteit van de Universiteit van Amsterdam. De redactie en bestuursleden hebben in de zomervakantie goed kunnen bijkomen van afgelopen collegejaar, en ze zijn nu volledig opgeladen om nieuwe boeiende rechtswetenschappelijke artikelen te schrijven. Een nieuw collegejaar betekent ook dat binnenkort een kersvers bestuur en een nieuwe redactie zullen worden aangesteld. Lijkt het jou leuk om te schrijven voor ALIBI of om een bestuursjaar te doen? Stuur dan jouw cv en motivatiebrief naar voorzitter@alibionline.nl Nog niet helemaal zeker of een functie bij ALIBI wat voor jou is? Lees dan het interview met de huidige bestuursleden en enkele redactieleden over hun ervaringen. Ik kan jullie wel alvast vertellen dat een functie bij ALIBI een onwijs interessante en leerzame ervaring is. Zo krijg je de mogelijkheid je te verdiepen in rechtswetenschappelijke vraagstukken die niet zo snel tijdens de studie aan bod komen en ontwikkel je betere schrijfvaardigheden. Benieuwd naar de
persoonlijke ervaringen van de andere bestuurs- en redactieleden? Lees dan het interview op pagina 4. Redacteur Lonneke Jonathans schrijft deze editie over mensenrechtenschendingen tijdens grootschalige sportevenementen. Door middel van het WK voetbal in Qatar legt Lonneke uit welke complicaties ten grondslag liggen aan het vaststellen van aansprakelijkheid bij grote sportevenementen. Daarnaast gaat Lonneke in op een mogelijke oplossing voor de problematiek rondom aansprakelijkheid en vraagt zij zich af: Hoe kan shared responsibility bijdragen aan het waarborgen van mensenrechten bij MSE’s? Nieuwsgierig naar mensenrechtenschendingen en aansprakelijkheid in combinatie met sport? Lees dan het artikel in deze editie.
deze schendingen werd in Nederland een wetsvoorstel ‘Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen’ ingediend. Wat houdt dit wetsvoorstel in? En biedt dit voorstel een feitelijke oplossing? Je leest het in het artikel van Tijmen. Ten slotte werd het tijd dat ik zelf eens een artikel schreef voor ALIBI. De VN staat bekend om zijn talrijke (vredes) missies. Echter, soms kunnen er dingen misgaan bij dergelijke missies en wordt er schade aangericht. Normaliter betekent dit dat je als organisatie aansprakelijk bent voor de aangerichte schade. Maar omdat de VN immuniteit geniet zijn er beperkingen wat betreft het opleggen van verantwoordelijkheid. Wat houdt deze immuniteit in, welk doel dient het en op welke wijze beperkt het de rechtsbescherming van individuen? Dat zijn vragen die in mijn artikel aan bod komen.
Redacteur Tijmen Dietvorst is in deze editie eveneens ingegaan op mensenrechtenschendingen. Hij schrijft over de inhumane werkwijzen van transnationale corporaties en hoe dit gepaard gaat met grootschalige mondiale mensenrechtenschendingen. Als reactie op
Namens de gehele redactie wens ik u veel leesplezier toe!
Colofon
Wil je schrijven voor ALIBI?
Voorzitter Ann-Charlotte Oei
ALIBI is het tijdschrift van de Faculteit der
Mail dan naar: voorzitter@alibionline.nl
Hoofdredacteur Lalaine Jansen
Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van
Redactie ALIBI
Penningmeester Elena Faber
Amsterdam en wordt uitgebracht door en
Nieuwe Achtergracht 166,
Redactie Antinoë Stratakis,
voor studenten. Vier keer per jaar doet onze
Kamer A0.55C
Tijmen Dietvorst, Lonneke Jonathans,
vaste redactie haar best om studenten te
1018 WV Amsterdam
Destiny Ebinum, Isaiah Patterson,
voorzien van interessante artikelen betref-
www.alibionline.nl
Jens Vreugdenhil, Dalila Hadzikadunic
fende diverse rechtsgebieden.
voorzitter@alibionline.nl
Vormgeving & illustraties Fier Media
2
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
INHOUDSOPGAVE
INHOUDSOPGAVE ALIBI MAGAZINE 3 02 08
VOORWOORD
ARTIKEL MEER DAN ALLEEN EEN WEDSTRIJD: DE IMPACT VAN MEGA-SPORTEVENEMENTEN BIJ HET BEVORDEREN VAN MENSENRECHTEN
08 EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
04 14
14
INTERVIEW IN GESPREK MET HET BESTUUR EN REDACTIE
ARTIKEL ONDERNEMINGEN EN MENSENRECHTEN
19
ARTIKEL HET TWEESNIJDEND ZWAARD VAN VNIMMUNITEIT
19 3
INTERVIEW
4
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
INTERVIEW
Ambitieuze rechtenstudenten opgelet:
ALIBI MAGAZINE ZOEKT EEN NIEUW BESTUUR!! SOLLICITEER NU VOOR EEN BESTUURSJAAR BIJ ALIBI! ALIBI IS HET FACULTEITSBLAD VAN DE RECHTENFACULTEIT AAN DE UVA. VIER KEER PER JAAR WORDEN EDITIES GEPUBLICEERD WAARIN RECHTENSTUDENTEN SCHRIJVEN OVER RECHTSWETENSCHAPPELIJKE ‘HOT-TOPICS’, WAARDOOR EEN WERELD VAN RECHTEN VOOR JE OPENGAAT! ALIBI DAAGT DE STUDENT UIT OM VERDER TE KIJKEN DAN DE WETTELIJKE SYSTEMATIEK, EN OM SOMS OOK KRITISCH OVER HET RECHT TE DURVEN DENKEN. ALS BESTUURSLID ZORG JIJ ERVOOR DAT JUIST DEZE EXTRA DIEPGANG OP HET RECHT NAAR VOREN KOMT TIJDENS DE STUDIE!
Interview met het bestuur en redactie Wat is het meest waardevolle dat je hebt geleerd tijdens een bestuursjaar bij ALIBI? Lalaine Jansen - Hoofdredacteur Het leuke aan het hoofdredacteurschap is dat je nauw samenwerkt met andere rechtenstudenten die zich specialiseren in verschillende rechtsgebieden. Door samen een artikel te perfectioneren leer je daarom niet alleen een kritische houding aan te nemen, maar leer je eveneens veel over verschillende specialisaties zoals het strafrecht, Europees recht of mensenrechten. Redactieleden weten goed waar ze het over hebben en kunnen kritische uitspraken doen over uiteenlopende juridische vraagstukken. ALIBI is daarom een onwijs goede toevoeging aan de rechtenstudie; omdat je meer leert dan algemene juridische systemen en wordt uitgedaagd om soms
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
ook kritisch over het recht te durven denken. Ann-Charlotte Oei - Voorzitter De functie voorzitter is uiteindelijk breder dan het klinkt. Ik heb geleerd dat je als voorzitter en bestuursleden goed kan steunen in andere taken en dit is erg waardevol voor de samenwerking. Daardoor ben ik erachter gekomen wat mijn kwaliteiten als voorzitter zijn en heb ik de kwaliteiten aanpassingsvermogen en leiderschap enorm ontwikkeld. Dit is voor mijn toekomstige werk zeer waardevol. Doordat je als voorzitter de stichting stroomlijnt, moet je af en toe kritisch zijn op ideeën en taken die uitgevoerd moeten worden en zal je er uiteindelijk voor moeten zorgen dat alle neuzen dezelfde kant op zijn gedraaid.
Elena Faber - Penningmeester Er zijn meerdere ervaringen die ik uit deze tijd mee zal nemen in volgende uitdagingen. Tijdens dit bestuursjaar ben ik voor het eerst met een bestuur en het deelnemen aan een stichting in aanraking gekomen. Ik heb mij in nieuwe situaties verkeerd, heb nieuwe systemen leren kennen en ben onwijs veel te weten gekomen over hoe een stichting werkt en wat er gedaan moet worden om deze draaiende te houden. Ik heb onwijs mogen groeien op gebied van financiële en organisatorische kennis, dat is onwijs waardevol. Ik heb het tevens als erg waardevol ervaren om als groep bezig te zijn en toe te werken naar één en hetzelfde doel; vier prachtige, nieuwe edities van ons magazine uitbrengen. Het werken in teamverband met de medebestuursleden is onwijs goed bevallen, we hebben samengewerkt aan iets wat voor ons allen nieuw was en hebben dit mo-
5
INTERVIEW
gen doen met onwijs veel plezier en leerzame momenten. Dit teamverband, het communiceren en het kijken naar doelen en mogelijkheden is ook zeker een waardevolle leerschool geweest. Wat was jouw reden om bij ALIBI te solliciteren? Lalaine Jansen - hoofdredacteur Mijn affiniteit voor schrijven en de ambitie het meeste uit mezelf te halen. Tijdens mijn studies heb ik essays schrijven altijd al het leukste gevonden. Mezelf verdiepen in verschillende onderwerpen en vervolgens kritisch nadenken over hoe ik deze kennis omvorm tot een sterk verhaal, is waar ik voldoening uit haal. Daarnaast vind ik het leuk om vrienden te helpen bij het verbeteren van hun essays, waardoor ik ervan overtuigd was dat het hoofdredacteurschap echt wat voor mij was. Ik was op zoek naar meer uitdaging en een manier om mezelf verder te ontwikkelen. Ook wilde ik leiderschap skills opdoen en ervaren hoe het is om in nauw verband samen te werken. Dat zijn kwaliteiten die je verder kan ontwikkelen bij ALIBI. Ann Charlotte Oei - Voorzitter ALIBI kwam bij mij in beeld, doordat ik een van de artikelen uit het tijdschrift had gelezen. Ik kwam erachter dat alle artikelen door studenten zijn geschreven en ik steun dit concept graag. Ik heb ook affiniteit met het schrijven van wetenschappelijke artikelen en daardoor leek het mij erg leuk om voorzitter te worden van deze stichting. Het leek mij een goede uitdaging om samen met het bestuur een redactie te begeleiden en mooie artikelen neer te zetten. Ik vind het erg belangrijk om studenten de kans te bieden om wetenschappelijk te schrijven, zodat zij zich hier vroegtijdig kunnen ontwikkelen. Elena Faber - Penningmeester Ik had een aantal redenen voor ogen. Allereerst, de wil om mijn rechtenstudie
6
en tijd als student op de UvA wat meer ‘tot leven te brengen’. Ik was geïnteresseerd iets extra’s te doen naast mijn studie wat studiegerelateerd was, maar tevens om mijn kennis op algemeen vlak te verbreden. Het moment dat ik de vacature voor penningmeester voorbij zag komen, sprak het mij erg aan dat deze bestuursfunctie verband hield met mijn studie. Tegelijkertijd bestond het uit een tak van sport die mij nog niet zo bekend was: het penningmeesterschap, financiële gezondheid, een stichting en een bestuur. Wat voor mij ook erg belangrijk was, was de tijd. Als rechtenstudent met een bijbaan en sociale contacten had ik niet alle tijd van de wereld. Dus toen in de vacature werd toegelicht dat deze rol minder tijd in beslag nam dan de andere rollen, wist ik zeker dat ik wilde solliciteren. Achteraf gezien zijn mijn verwachtingen positief vervuld en zou ik de keuze om te solliciteren zeker nog eens maken! Waarom raad jij je medestudenten aan om redacteur te worden bij Alibi? Isaiah Patterson - redacteur Ik zou het schrijven als student voor alibi zeker aanraden! Je komt direct met de rechtspraktijk in contact, doet je eigen onderzoek en je mag een onderwerp naar eigen interesse kiezen waardoor het niet als een verplichting voelt. Tijdens het schrijven worden je academische vaardigheden verbeterd waardoor de rest van je studie makkelijker wordt en publicaties van je eigen werk staan natuurlijk erg goed op je cv!
geleerdheid. Bovendien vind ik het verfrissend dat je op een andere manier met de stof omgaat dan bijvoorbeeld tijdens de werkgroepen. Het daagt je uit om dieper in bepaalde onderwerpen te duiken en goed na te denken. Ik geniet enorm van het schrijven voor ALIBI en ik kan het zeker aanbevelen! Destiny Ebinum - redacteur In de eerste plaats raad ik het aan omdat redacteur worden bij ALIBI je de mogelijkheid geeft om je schrijfvaardigheid te ontwikkelen. In het bachelor- en masteronderwijs wordt er tot het moment van je scriptie redelijk weinig gedaan met het schrijven van juridische stukken, terwijl dit een hele goede vaardigheid is voor een jurist. Daarnaast biedt het je de mogelijkheid om je eigen schrijfstijl goed te ontwikkelen, waardoor schrijfopdrachten makkelijker worden. En, voor mij het belangrijkste, is dat ik me voor die artikelen kon verdiepen in juridische onderwerpen die mij interesseren en waarom ik meer wilde weten en ook mijn eigen bijdrage kon leveren aan de juridische discussie op dat gebied.
Lonneke Jonathans - redacteur ALIBI is voor mij de perfecte aanvulling op mijn studie. Als redacteur bij ALIBI krijg ik de kans om te schrijven over diverse juridische kwesties. Hierdoor ontwikkel ik niet alleen mijn schrijfvaardigheden, maar kan ik ook aan de slag met juridische vraagstukken die mij interesseren en niet uitgebreid aan bod komen tijdens mijn studie rechts-
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
INTERVIEW
WETEN OF EEN BESTUURSJAAR BIJ ALIBI WAT VOOR JOU IS? LEES DAN DE VOLGENDE FUNCTIEOMSCHRIJVINGEN EN HOPELIJK ZIEN WE JOUW SOLLICITATIE TEGEMOET! HOOFDREDACTEUR
Als hoofdredacteur bij ALIBI vervul je een cruciale rol in het bestuur. Je geeft leiding aan de redactie bestaande uit rechtenstudenten en bent hoofdverantwoordelijk voor de publicaties. Een van je belangrijkste taken is het geven van kritische feedback op de artikelen die door de redactieleden worden geschreven. Je houdt de kwaliteit van ALIBI hoog door ervoor te zorgen dat onze publicaties voldoen aan onze hoge normen en het academische niveau van rechtsgeleerdheid. Daarnaast schrijf je de pakkende voorwoorden waarmee jij de interesse trekt van onze lezers. Kortom, heb jij oog voor detail, leiderschapskwaliteiten en vind jij het leuk om te schrijven: dan is het hoofdredacteurschap bij ALIBI zeker wat voor jou! PROFIELEISEN • Kritisch denkvermogen en niet bang om dit te uiten • Uitstekende beheersing van de Nederlandse taal • Groot verantwoordelijkheidsgevoel • Een vlotte pen
VOORZITTER
De voorzitter houdt zich voornamelijk bezig met het stroomlijnen van de stichting. Je zorgt ervoor dat alles goed wordt georganiseerd en stelt samen met het bestuur het jaarplan op. Als voorzitter kan je goed onder druk werken en bied je een duidelijke structuur aan de rest van het bestuur. Ook kijk je kritisch naar de agendapunten en de haalbaarheid van de gestelde deadlines. Daarnaast steun je de hoofdredacteur en penningmeester waar nodig. Tot slot vind je het erg leuk om in een team samen te werken om zo, met je medebestuur, een prachtig jaar voor ALIBI neer te zetten. PROFIELEISEN • Leiderschap • Jij bent kritisch en vind het niet erg om jouw mening te uiten • Jij kan goed werken onder wisselende omstandigheden • Communicatief sterk
PENNINGMEESTER
REDACTEUR
Ben jij student Rechtsgeleerdheid of Fiscaal Recht aan de UvA, heb jij zin in een nieuwe uitdaging en herken jij jezelf in deze functie? Solliciteer dan voor het penningmeesterschap!
PROFIELEISEN • Interesse in rechtswetenschappelijk onderzoek • Goede schrijfvaardigheden • Nieuwsgierig • Beschikbaar om minimaal twee en het liefst vier artikelen van +/- 2.000 woorden te schrijven
De penningmeester is verantwoordelijk voor de solvabiliteit van de stichting. Jij bent verantwoordelijk voor de belastingaangiften, het betalen van facturen en het organiseren van de boekhouding. Het is daarom belangrijk dat je oplettend bent en dat je een grote verantwoordelijkheid kan dragen. Daarnaast werk je nauw samen met je andere bestuursleden om de stichting georganiseerd te houden en ondersteun je de hoofdredacteur en voorzitter waar nodig. Dit maakt de functie ondanks de focus op de financiën zeer divers!
PROFIELEISEN • Bij voorkeur een fiscaal recht student, maar geen eis • Jij hebt je zaken altijd goed op orde • Handig met de cijfers • Communicatief sterk
Heb je een goed gevoel voor taal en vind je het leuk om je juridische interesses om te zetten in concrete artikelen? Dan zijn wij op zoek naar jou! Als redacteur bij ALIBI Magazine krijg je de vrijheid om viermaal per jaar een rechtswetenschappelijk artikel te schrijven over een onderwerp naar keuze. Je ontwikkelt je schrijf- en onderzoeksvaardigheden, daarnaast worden jouw artikelen op professionele wijze gepubliceerd, zodat je bij ieder sollicitatiegesprek indruk kan maken met jouw publicaties.
OVERTUIGD?
Ben jij na het lezen van de functieomschrijvingen en interviews enthousiast geworden voor een functie bij ALIBI? Solliciteer dan snel! Je kan solliciteren voor één of meerdere functies door jouw CV en motivatiebrief te mailen naar voorzitter@alibionline.nl. Wij zijn jouw sollicitatie graag snel tegemoet!
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
7
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
MEER DAN ALLEEN EEN WEDSTRIJD:
DE IMPACT VAN MEGA-SPORTEVENEMENTEN BIJ HET BEVORDEREN VAN MENSENRECHTEN TOEN WOUT WEGHORST OP 9 DECEMBER 2022 HET BEPALENDE DOELPUNT TEGEN ARGENTINIË SCOORDE STOND HEEL NEDERLAND OP ZIJN KOP. OOK IK STOND JUICHEND VOOR DE TELEVISIE. KHALIFA INTERNATIONAL STADIUM WAS OP DAT MOMENT EEN EUFORISCHE PLEK. WAT MEN ECHTER LEEK TE ZIJN VERGETEN WAS DAT ALLEEN AL BIJ DE BOUW VAN DIT STADION ZO’N 6500 ARBEIDERS DE DOOD VONDEN.1 ZOALS DE VOLKSKRANT SCHREEF: 'SPORT IS NOU EENMAAL POPULAIRDER DAN MENSENRECHTEN’; WANT NIET ALLEEN TIJDENS HET WK IN QATAR, MAAR VRIJWEL BIJ ALLE MEGA-SPORTEVENEMENTEN (HIERNA: MSE) WORDEN MENSENRECHTEN GESCHONDEN.2 DOOR LONNEKE JONATHANS
8
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
Vrijwel alle MSE’s van de afgelopen decennia gingen gepaard met beschuldigingen of bewezen gevallen van mensenrechtenschendingen.3 Om organisaties hier aansprakelijk voor te kunnen houden is het nodig dat vaststaat welke partijen verantwoordelijk zijn voor dit soort voorvallen. Echter, het vaststellen van aansprakelijkheid blijkt lastig. MSE’s worden namelijk georganiseerd door nationale, internationale, publieke en particuliere partijen gezamenlijk. Daarbij rust de samenwerking op een complex raamwerk van contracten en overeenkomsten tussen partijen. Het gevolg is dat de grenzen van verantwoordelijkheid vervagen waardoor het lastig is om partijen juridisch aansprakelijk te stellen.4 Naar aanleiding van het WK voetbal in Qatar is er steeds meer aandacht voor schendingen van mensenrechten tijdens MSE’s.5 Het aantal pogingen om betrokken partijen ter verantwoording te roepen groeit. Toch blijft het lastig om de juridische verantwoordelijkheid voor mensenrechtenschendingen tijdens MSE’s vast te stellen. Daniela Heerdt schetst in haar proefschrift Blurred Lines of Responsibility - Human Rights Abuses at Mega-Sporting Events aan Tilburg University een mogelijke oplossing voor de problematiek: shared responsibility. Shared responsibility houdt in dat de verantwoordelijkheid voor het waarborgen van mensenrechten naar rato van betrokkenheid wordt verdeeld. Op deze manier zouden schendingen van mensenrechten effectiever worden aangepakt en kunnen degenen die hieraan bijdragen ieder ter verantwoording worden geroepen.6 Dit artikel zal ingaan op de vraag: Hoe kan shared responsibility bijdragen aan het waarborgen van mensenrechten bij MSE’s? Het WK voetbal in Qatar wordt hierbij ter
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
“De beperkingen in de bestaande juridische systemen vragen om een herziene aanpak bij gevallen van mensenrechtenschendingen bij MSE’s.” illustratie genomen om de problematiek rondom mensenrechtenschendingen en MSE’s bloot te leggen. Als eerst wordt behandeld welke mensenrechtenschendingen plaatsvonden tijdens het WK in Qatar. Vervolgens wordt de juridische problematiek rondom verantwoordelijkheid van mensenrechtenschending geschetst. Ten slotte wordt uiteengezet hoe shared responsibility mogelijk een oplossing kan bieden bij grootschalige mensenrechtenschendingen. MENSENRECHTENSCHENDING Mensenrechten worden wereldwijd geschonden, maar het WK in Qatar voerde het afgelopen decennium de boventoon. Sinds 2010, toen de FIFA het toernooi toekende aan Qatar, staat de Golfstaat in de schijnwerpers. De keuze voor Qatar is twijfelachtig vanwege onderdrukking door de nationale autoriteiten van o.a. vrijheid van meningsuiting, persvrijheid en vereniging. Daarbij is er sprake van berechting in oneerlijke processen en worden vrouwen en LGBTI+’ers in de praktijk, en tevens in de wet gediscrimineerd.7 Achteraf bleek dat het toernooi door middel van omkoping aan Qatar werd toegewezen.8 Qatar hoopte door het organiseren van het prestigieuze sportevenement hun reputatie te verbeteren en hiermee te verbergen dat het land nog steeds veel mensenrechten schendt. Dit noemen we sportswashing.
Helaas had dit niet het gewenste effect. Tijdens de bouw van de stadions, waar voornamelijk arbeidsmigranten bij betrokken waren, werd er gesproken over de erbarmelijke arbeidsomstandigheden, die vaak werden betiteld met ‘moderne slavernij’. Arbeidsmigranten in Qatar vallen onder het kafala-systeem. Dit is een juridisch systeem waarin werkgevers veel macht en controle hebben over immigratie- en arbeidsstatus van werknemers. Zo mogen werknemers niet zomaar het land verlaten en moeten zij toestemming krijgen van hun werkgever om van baan te wisselen. Het kafala-systeem heeft het risico op uitbuiting van arbeiders dus aanzienlijk vergroot. Daarbij is er veel sprake van dwangarbeid, waarbij werknemers geen rust krijgen, urenlang in de brandende zon moeten werken en lonen vertraagd of zelf onbetaald blijven.9
BIO Lonneke Jonathans
Bachelor Student Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam Rechtsgebied: Mensenrechten
9
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
Vanaf 2016 probeert Qatar de situatie rondom mensenrechten te verbeteren.10 Zo ratificeerde Qatar twee grote mensenrechtenverdragen van de Verenigde Naties (hierna: VN).11 Vervolgens deed de Qatarese regering een poging om het arbeidssysteem te hervormen. Zo werd onder andere met een wetswijziging van de arbeidswet het makkelijker gemaakt om van werkgever te veranderen, en werd het illegaal om paspoorten van werknemers in te nemen.12 Ook kregen “Commissies voor de beslechting van arbeidsconflicten” vanaf maart 2018 de bevoegdheid om als snelrechtbanken te fungeren in arbeidszaken die werden aangedragen door arbeidsmigranten. De doorgevoerde juridische hervormingen leken de mensenrechtenschendingen in Qatar te beperken. Toch blijkt dat er momenteel door heel het land nog steeds op grote schaal mensenrechten worden geschonden.13 Ondanks dat het arbeidsrecht en de diepgewortelde kafala-cultuur in Qatar zeker een bijdrage leveren aan het schenden van mensenrechten, is dit niet de hoofdoorzaak van het probleem. Bij de ontwikkeling van faciliteiten voor MSE’s in Qatar zijn er tal van betrokken actoren. Naast de Qatarese overheid, kan men denken aan de organisatiecomités, internationale en lokale sportkoepels, diverse sponsors en talloze aannemers. Door de verscheidenheid aan actoren vervagen
de grenzen van verantwoordelijkheid. Dit komt doordat geen enkele actor de volledige verantwoordelijkheid draagt en er verschillende juridische systemen en contractuele kaders een rol spelen. Het leidt tot een snelle verschuiving van schuld naar anderen en het doen van een beroep op vrijwaring.14 De slachtoffers hebben niet het vereiste juridische inzicht om te bepalen wie van de vele betrokken partijen verantwoordelijk kan worden gehouden voor welke schade. Daarbij hebben arbeiders niet gemakkelijk toegang tot enig rechtsgebied. Maar hoe kunnen actoren dan verantwoordelijk worden gehouden? WIE IS AANSPRAKELIJK? Het in rechte verantwoordelijk houden van actoren kan alleen indien zij hun wettelijke plicht schenden. In het geval van Qatar hebben we het over verplichtingen op grond van het arbeidsrecht en mensenrechten, die op nationaal en internationaal niveau gelden. DLA Piper onderscheid in een verslag, dat zij schreven in opdracht van Qatar, ‘verschillende domeinen van verantwoordelijkheid’: (i) Verantwoordelijkheid van de Staat Qatar, (ii) verantwoordelijkheid van de regeringen van de staten van herkomst, en (iii) de verantwoordelijkheid van niet-statelijke actoren.15 VERANTWOORDELIJKHEID VAN STATELIJKE ACTOREN Overheidsactoren zoals de Staat van Qatar, maar ook regeringen van de
staten van herkomst, zijn gebonden aan verplichtingen in de vorm van internationale verdragen waarmee zij hebben ingestemd. In 2018 ratificeerde Qatar het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (ICCPR) en het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten (ICESCR).16 Artikel 8 van het ICCPR verbiedt dwangarbeid.17 Toch is het voor arbeidsmigranten niet haalbaar om beklag te doen. Qatar heeft namelijk geen toegang tot het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.18 Een internationale klachtenprocedure kan alleen gevolgd worden indien de nationale rechtsmiddelen zijn uitgeput. Echter, arbeidsmigranten hebben geen toegang tot het rechtssysteem in Qatar; kunnen zich amper organiseren en hebben maar beperkt recht om lid te worden van vakbonden.19 Evenzeer kennen we binnen het internationaal recht geen handhavende macht, indien recht geschonden wordt.20 Wel kennen we binnen de VN de mensenrechtenraad, waarin staten elkaar feedback kunnen geven op hoe ze met mensenrechten omgaan.21 VERANTWOORDELIJKHEID VAN NIET STATELIJKE-ACTOREN Van niet-statelijke actoren wordt naast het naleven van hun eigen rechtsstelsel, verwacht dat zij zich houden aan de nationale wetten van de landen waar zij actief zijn.22 Nationale rechtsstelsels kennen
“Het principe van Shared Responsibility stimuleert niet de alleen gezamenlijke verantwoordelijkheid, maar erkent juist de onderlinge afhankelijkheid tussen actoren.” 10
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
wetten die negatieve verplichtingen opleggen aan niet-overheidsactoren, zoals bedrijven, om mensenrechten te respecteren en die het slachtoffers mogelijk maken om civiele vorderingen in te stellen in gevallen waarin de verplichting is geschonden. Niet elk nationaal rechtsstelsel beschikt over dergelijke wetten om mensenrechten te beschermen.
onderdrukking, en zichzelf te presenteren als gastvrij en modern; oftewel sportswashing.25 Met gevolg dat in dit geval de nationale wetgeving van Qatar als uitgangspunt dient. Een algemene bepaling op gelijke humane behandeling en aansprakelijkheid van werkgevers in geval van niet-nakoming kent de Arbeidswet van Qatar helaas niet.
Wetten en regels variëren logischerwijs per land. Een probleem is dat MSE’s steeds vaker plaatsvinden in landen met een slecht mensenrechten imago.23 Landen met een toereikend niveau van mensenrechten willen geen MSE’s meer organiseren, omdat het te duur is.24 Terwijl een land als Qatar dit soort evenementen ziet als een PR-instrument. Ze gebruiken sport als een instrument om positieve aandacht te genereren, de aandacht af te leiden van mensenrechtenschendingen of politieke
VERANTWOORDELIJKHEID NAAR IEDERS AANDEEL Door verscheidenheid aan wetten en actoren blijft het lastig om partijen juridisch aansprakelijk te stellen. De beperkingen in de bestaande juridische systemen vragen om een herziene aanpak bij gevallen van mensenrechtenschendingen bij MSE’s. Ten eerste moet moet de diversiteit aan betrokken actoren en dat elk van hen mogelijk een rol speelt bij het schenden van mensenrechten erkend worden. Een
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
concept dat hierbij aansluit is het principe van shared responsibility, dat Daniela Heerdt in haar proefschrift introduceert. Shared responsibility houdt in dat juridische verantwoordelijkheid wordt verdeeld over meer dan één van de betrokken actoren. In het geval van arbeidsmigranten in Qatar zou dit betekenen dat de Qatarese regering, het sportcomité, betrokken bouwbedrijven en FIFA gezamenlijk juridisch verantwoordelijk zouden zijn voor de schendingen van mensenrechten die de arbeiders hebben ondergaan, op basis van hun individuele bijdragen aan de schade.26 Toepassing van shared responsibility kan zorgen voor een bredere en meer inclusieve aanpak. Door alle relevante actoren te betrekken, kunnen verschillende perspectieven en expertise worden samengebracht om tot effectieve oplossingen te komen. Dit kan leiden tot een meer holistische
11
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
benadering van mensenrechten, waarbij rekening wordt gehouden met de complexiteit en onderlinge afhankelijkheden van de betrokken factoren. Bovendien stimuleert het principe niet de alleen gezamenlijke verantwoordelijkheid, maar erkent het juist de onderlinge afhankelijkheid tussen actoren. Niet alleen overheidsbeleid beïnvloed mensenrechten, ook economische en sociale factoren spelen steeds vaker een rol. Bedrijven spelen een steeds grotere rol in de mondiale economie en hebben vaak aanzienlijke invloed op de mensenrechtensituatie in de landen waarin ze opereren. Door bedrijven verantwoordelijk te houden voor hun impact op mensenrechten, kunnen schendingen worden voorkomen of verminderd.27 Op dit moment wijzen actoren vaak naar elkaar bij dergelijke mensenrechtenschendingen en is de reactie: ‘Dit is niet mijn verantwoordelijkheid’. Wanneer er meer-
12
dere partijen aansprakelijk gesteld kunnen worden gaat dit natuurlijk niet meer op. Natuurlijk is dit een vereenvoudigde weergave en zullen er tal van uitdagingen zijn bij het implementeren van een dergelijke benadering. Bovendien is het principe van shared responsibility nu nog slechts een ideologie. Een van de belangrijkste obstakels is dat juridische mechanismen traditioneel gebaseerd zijn op individuele en exclusieve verantwoordelijkheid. Zaken waarbij meerdere daders betrokken zijn die gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen, dagen rechtbanken en andere geschillenbeslechtingsmechanismen uit om regels te vinden voor het toewijzen en verdelen van verantwoordelijkheid.28 De verschillende actoren dragen op verschillende manieren bij, en het is een grote uitdaging om te bepalen op
welk punt een bijdrage relevant is voor de mate waarin een actor verantwoordelijkheid draagt. Er zijn verschillende juridische en praktische obstakels, zoals de complexiteit van contractuele overeenkomsten en de verschillende wetten en regels in verschillende landen. Er is behoefte aan internationale samenwerking en mechanismen om de naleving van mensenrechten te waarborgen. Het principe zal dus niet direct een doorgang vinden in alle nationale en internationale rechtssystemen. CONCLUSIE Evenals tijdens het WK voetbal in Qatar worden bij vrijwel alle MSE’s nog steeds mensenrechten geschonden. Het is lastig om juridische verantwoordelijkheid vast te stellen vanwege de complexe samenwerking tussen diverse nationale, internationale, publieke en particuliere partijen. Het principe van shared
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
“Geen enkele actor draagt de volledige juridische verantwoordelijkheid, vanwege verschillende juridische systemen en contractuele kaders.” responsibility biedt een mogelijke oplossing voor dit probleem. Shared responsibility houdt in dat de verantwoordelijkheid voor het waarborgen van mensenrechten wordt gedeeld
ding worden geroepen. Hoewel het principe van shared responsibility een logische benadering lijkt, zijn er nog uitdagingen bij de implementatie ervan. Er zijn verschillende
rechten bij MSE’s. Het is een oproep tot meer transparantie, verantwoording en samenwerking om de schendingen van mensenrechten bij MSE’s effectief aan te pakken. Een
tussen de verschillende actoren die betrokken zijn bij een mega-sportevenement. Op die manier kunnen schendingen effectiever worden aangepakt en kunnen de verantwoordelijke partijen ter verantwoor-
juridische en praktische obstakels en om dit te bewerkstelligen is behoefte aan internationale samenwerking. Desondanks biedt het concept van shared responsibility een perspectief voor het bevorderen van mensen-
goed begin en wellicht worden mensenrechten in de toekomst alsnog populairder dan sport!
The Guardian (2021), Revealed: 6,500 migrant workers have died in Qatar since World Cup awarded. Volkskrant (2022), Sport is nu eenmaal populairder dan mensenrechten. The Guardian (2021), Revealed: 6,500 migrant workers have died in Qatar since World Cup awarded. Heerdt, D. (2021). Blurred lines of responsibility and accountability: Human rights abuses at megasporting events. [Doctoral Thesis, Tilburg University]. Intersentia. Duval, A. (2021), How Qatar’s Migrant Workers Became FIFA’s Problem: A Transnational Struggle for Responsibility. Heerdt, D. (2021). Blurred lines of responsibility and accountability: Human rights abuses at megasporting events. [Doctoral Thesis, Tilburg University]. Intersentia. Sport mensenrechten Olympische Spelen Amnesty International, 2019 A. Di Marco ‘Sports Economy and Fight against Corruption: Which Limits to the Sporting Organisations Autonomy’ European Business Law Review 2021, Vol. 32(5). United Nations Committee on the Elimination of Racial Discrimination, (2012) Consideration of reports submitted by states parties under article
9 of the Convention – Concluding observations of the Committee on the Elimination of Racial Discrimination. 10 ILO Governing Body, Complaint Concerning NonObservance by Qatar of the Forced Labour Convention, 1930 (No. 29) 11 OHCHR, Status of Ratification – Interactive Dashboard 2019. 12 Amnesty International, (2016) ‘New Name, Old System? Qatar’s New Employment Law and Abuse of Migrant Workers. 13 Amnesty International, (2019) Reality Check: The State of Migrant Workers’ Rights With Four Years To Go Until the Qatar 2022 World Cup. 14 L. Amis, (2017) MegaSporting Events and Human Rights – A Time for More Teamwork? Business and Human Rights Journal. 15 D.L.A. Piper, Migrant Labour in the Construction Sector in the State of Qatar, 2014, p. 25. 16 OHCHR, Status of Ratification – Interactive Dashboard 2019 17 Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, New York, 16121966 18 Noij, M. (2022). Internationaal recht heeft beperkte invloed in Qatar: ‘Het WK heeft mensenlevens gekost’ Vox magazine. 19 D.L.A. Piper, Migrant Labour in the Construction Sector in the State of Qatar, 2014, p. 25.
20
1
2
3
4
5
6
7
8
9
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
Noij, M. (2022). Internationaal recht heeft beperkte invloed in Qatar: ‘Het WK heeft mensenlevens gekost’ Vox magazine. 21 Noij, M. (2022). Internationaal recht heeft beperkte invloed in Qatar: ‘Het WK heeft mensenlevens gekost’ Vox magazine. 22 Verantwoordelijkheid voor mensenrechten schendingen WK voetbal Qatar. (2021). Voetbal en Sportjuridische Zaken, 1. https://doi. org/10.5553/VSZ/277267382021001001005 23 (Sport en mensenrechten: SaudiArabië en sportswashing, 2023) 24 (Sport en mensenrechten: SaudiArabië en sportswashing, 2023) 25 Andrew Clapham, Human Rights Obligations of NonState Actors, Oxford University Press 2006 26 Heerdt, D. (2021). Blurred lines of responsibility and accountability: Human rights abuses at megasporting events. [Doctoral Thesis, Tilburg University]. Intersentia 27 Verantwoordelijkheid voor mensenrech tenschendingen WK voetbal Qatar. (2021). Voetbal en Sportjuridische Zaken, 1. https://doi. org/10.5553/VSZ/277267382021001001005 28 Verantwoordelijkheid voor mensenrech tenschendingen WK voetbal Qatar. (2021). Voetbal en Sportjuridische Zaken, 1. https://doi. org/10.5553/VSZ/277267382021001001005
13
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
ONDERNEMINGEN EN MENSENRECHTEN TRANSNATIONALE CORPORATIES (TNCS) ZIJN VERANTWOORDELIJK VOOR GROOTSCHALIGE MONDIALE MENSENRECHTENSCHENDINGEN.1 SHELL WINT BIJVOORBEELD AL MEER DAN ZESTIG JAAR OLIE IN DE NIGERDELTA MET GROOTSCHALIGE OLIELEKKEN ALS GEVOLG.2 ZULKE LEKKEN HEBBEN NIET ALLEEN INVLOED OP HET MILIEU, MAAR OOK OP DE GEZONDHEID VAN DE PLAATSELIJKE BEVOLKING VAN NIGERIA.3 MAAR MENSENRECHTENSCHENDINGEN DOOR TNCS BEPERKEN ZICH NIET TOT UITSCHIETERS; VERSCHILLENDE BEDRIJVEN KIEZEN ERVOOR SYSTEMATISCH MENSENRECHTEN TE SCHENDEN IN DE PRODUCTIE VAN HUN GOEDEREN. ZO WERD IN SEPTEMBER 2022 BEKEND DAT ARBEIDERS IN EEN FABRIEK WAAR HET BEDRIJF PRIMARK HUN KLEDING LAAT PRODUCEREN GEDWONGEN WERDEN OM OVERUREN TE DRAAIEN, UITGESCHOLDEN WERDEN TIJDENS HET WERK EN ZELFS VERBODEN WERDEN DE FABRIEK TE VERLATEN.4 DOOR TIJMEN DIETVORST
14
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
Enkele partijen binnen de Nederlandse politiek willen verandering brengen in deze inhumane werkwijzen van de TNCs. Zo werden op 11 maart 2021 de hoofdlijnen van de ‘Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen’ gedeeld met de Tweede Kamer. Tot op heden wordt er nog gesleuteld aan dit wetsvoorstel met de meest recente plenaire vergadering op 8 juni 2023. Echter, het doel van het wetsvoorstel staat al tijden vast: het vaststellen van een wettelijke ondergrens voor internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen voor bedrijven die opereren vanuit of in Nederland. Met dit wetsvoorstel hoopt Nederland TNCs ertoe te zetten af te zien van mensenrechtenschendingen in hun productieproces door ze te dwingen verantwoord te ondernemen voordat ze de hemel van het kapitalisme mogen betreden: de Nederlandse afzetmarkt. Maar gaat dit wetsvoorstel daadwerkelijk dat effect hebben? GLOBALISERING EN DE TRANSNATIONALE CORPORATIE Voordat het wetsvoorstel beoordeeld kan worden is het van belang transnationale corporaties nog iets beter te leren kennen. Met de val van de muur in 1989 werd het tijdperk van globalisering met donder en bliksem ingeluid.5 Het kapitalisme zegevierde en organisaties als het WTO en IMF nestelden zich in de wereldorde. De wereld was nu een van de open markt, vrijhandel, deregulering en privatisering: een wereld van ieder voor zich, met baat voor ons allemaal.6 Het daaropvolgende neoliberale beleid bleek vruchtbare grond voor nieuwe spelers op het wereldtoneel: de transnationale corporaties (TNCs). Dit zijn corporaties betrokken bij de internationale productie en handel van goederen of diensten. Vaak worden producten ontwikkeld in een
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
De ‘vrijheid is blijheid’-filosofie van het kapitalisme blijkt een koortsdroom utopie voor te schrijven waar bedrijven zich vrijwillig aan mensenrechtenstandaarden houden land waar dit goedkoop kan, om ze vervolgens te verschepen naar een meer welvarende staat. Op deze manier houden TNCs hun kosten laag terwijl ze enorme sommen geld binnen harken. Voorbeelden van TNCs zijn Nike, Amazon en Nestlé, maar ook onze eigen Shell is een trots lid van de club.
In Nederland is het opzetten van zulke sweatshops verboden. Maar is het niet hypocriet om sweatshops in het “verlichte” Nederland te verbieden maar tegelijkertijd massaal onze producten te kopen van bedrijven die meedingen voor een gouden plak bij de middeleeuwse-arbeidsomstandigheden-olympics?
Echter, de ‘vrijheid is blijheid’-filosofie van het neoliberalisme blijkt niet opgewassen tegen zulk soort bedrijven. Er is een reden dat transnationale corporaties vaak zulke goedkope producten kunnen leveren. Bedrijven die transnationale handel drijven doen dit namelijk op een motor van goedkope arbeidskracht en voor hen gunstige arbeidsvoorwaarden in landen die historisch minder economische groei hebben doorgemaakt.7 Een goed voorbeeld hiervan zijn de zogenoemde sweatshops waar bedrijven als Nike, Adidas en Ralph Lauren gebruik van hebben gemaakt.8 In dit soort sweatshops worden werknemers betaald onder een leefbaar inkomen, vindt zo nu en dan kinderarbeid plaats en worden vakbonden door de overheid verboden.9
INTERNATIONALE WETGEVING Menig consument begon zich hetzelfde af te vragen.10 Zo reageerde consumenten in shock op de 1134 doden en 2500 gewonden die het slachtoffer waren van het instorten van een fabriek waar Nike onder sweatshop omstandigheden hun schoenen liet produceren.11 Maar niet alleen consumenten zijn wakker geschud door deze ramp, ook politici hebben zich in de laatste jaren hard gemaakt voor een beter wettelijk kader om TNCs verantwoordelijk te houden voor de omstandigheden
De omstandigheden waaronder TNCs hun producten produceren gaan daarom regelmatig in tegen de wetten en standaarden van ondernemen in de landen waar deze bedrijven handel drijven. }
BIO Tijmen Dietvorst
Alumnus Magister Juris aan de Universiteit van Oxford Rechtsgebied: Mensenrechten
15
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
In het voorstel worden grote ondernemingen die activiteiten buiten Nederland hebben geacht zich te houden aan een zorgplicht en andere algemene regels om het respecteren van mensenrechten te verzekeren. waarin zij hun goederen produceren en diensten leveren. Het blijkt dus dat zowel consument als politici zich zorgen maken om mensenrechtenschendingen binnen TNC’s. Deze zorgen heersen niet alleen bij Nederlandse politici, maar kregen ook internationaal erkenning. De VN speciale vertegenwoordiger voor onderneming en mensenrechten John Ruggie ontwikkelde zo in 2008 de ‘United Nations Guiding
16
Principles’ (hierna: UNGPs) voor het verantwoordelijk houden van TNCs. Tot op de dag van vandaag zijn deze UNGPs de heilige geschriften als het gaat om verantwoordelijkheid voor ondernemingen in internationale handel. De UNGPs dragen TNC’s op zich aan hun due diligence te houden. Dit houdt in dat bedrijven de plicht hebben om met ‘gepaste zorgvuldigheid’ te werk te gaan. Deze gepaste
zorgvuldigheid bestaat uit vier delen: • TNCs moeten een mensenrechtenbeleid ontwikkelen; • TNC’s moeten proactief onderzoek doen naar hoe hun activiteiten effect hebben op mensenrechten; • TNCs moeten hun mensenrechtenbeleid door het hele bedrijf integreren; • Internationale bedrijven moeten de uitvoering van deze punten monitoren.12 Opmerkelijk aan de UNGPs is dat
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | MENSENRECHTEN
HET WETSVOORSTEL Als oplossing kwam het wetsvoorstel voor de ‘Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen’ tot stand. In het voorstel worden grote ondernemingen die activiteiten buiten Nederland hebben geacht zich te houden aan een zorgplicht en andere algemene regels om het respecteren van mensenrechten te verzekeren. In het bijzonder wil de wet fenomenen als de beperking van de vrijheid, discriminatie, dwangarbeid, kinderarbeid, klimaatverandering, milieuschade, onveilige arbeidsomstandigheden, slavernij en uitbuiting aanpakken.
ze geen bindende werking hebben, ze zijn dus niet afdwingbaar. Door de UNGPs vrijwillig te maken wilde Ruggie de TNC liberaal houden met respect voor moderne mensenrechtenstandaarden. Zijn idee was dat de marktwerking bedrijven ertoe zouden zetten de UNGPs vrijwillig te omarmen. Jammer genoeg bleek dit niet het geval en hadden de UNGPs niet het gewenste resultaat. NGO’s hadden dit echter al zien aankomen. Zo reageerde de World Alliance of Citizen Participation toen de UNGP’s gepresenteerd werden dat een vrijwillige standaard voor bedrijven niet zou werken. Volgens deze NGOs zou de bal daarom niet liggen bij de TNCs zelf, maar zouden landen waar TNC’s zich vestigen met een oplossing moeten komen. ‘Minder vrijwilligheid en meer wet’ stelde een groep van 27 Europese, Afrikaanse en Amerikaanse NGO’s in een reactie op de UNGPs.13
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
De zorgplicht houdt in dat elke onderneming die weet, of redelijkerwijs kan vermoeden dat haar eigen activiteit, of die van haar zakenrelaties nadelige gevolgen kan hebben voor de mensenrechten of het milieu in een land buiten Nederland, verplicht is om: a) Alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van haar kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b) De gevolgen zoveel mogelijk te beperken, ongedaan te maken en zorg te dragen voor het herstel, voor zover deze niet kunnen worden voorkomen; c) Als de gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt deze activiteit achterwege te laten of de relatie te verbreken voor zover dat redelijkerwijs van haar kan worden gevraagd.14 Deze zorgplicht zou niet alleen gelden voor ondernemingen gevestigd in Nederland, maar ook voor grote ondernemingen gevestigd in andere landen die activiteiten verrichten in Nederland, of een product op onze markt afzetten. De verdere algemene regels in het wetsvoorstel zijn secundair aan de zorgplicht en zijn afgeleid van Ruggie’s UNGPs. Deze algemene regels doelen erop
de regels toe te spitsen op mensenrechtenbescherming in het volledige bedrijf, het monitoren van conformiteit aan deze regels, en mogelijke herstelmechanismen waar schendingen toch plaatsvinden. De mogelijke sancties voor het overtreden van de wet lopen uiteen. De Autoriteit Consument & Markt zou verschillende bevoegdheden tot sanctionering krijgen, waaronder de last onder bestuursdwang, last onder dwangsom, bestuurlijke boete, de openbaarmaking van bestuursrechtelijke sancties. Daarbij wordt het mogelijk gemaakt dat stichtingen of verenigingen die in het belang van mensenrechten of het milieu handelen een civielrechtelijke rechtsvordering kunnen instellen tegen ondernemingen die schade veroorzaken in het niet naleven van de zorgvuldigheidsplicht in het wetsvoorstel. Verder wordt er in het wetsvoorstel ook geopperd om het niet rapporteren van de mate van conformiteit aan de zorgvuldigheidsplicht in het jaarrapport van TNCs strafbaar te stellen in artikel 1, onder 4° van de Wet op de economische delicten. Dit zou betekenen dat de bestuurder van een TNC die het nalaat te vermelden of de onderneming aan de zorgvuldigheidsplicht voldoet aan de raad van bestuur van het bedrijf een overtreding van de Wet op economische delicten begaat.15 Zo’n overtreding kan voor deze bestuurder leiden tot een hechtenis van ten hoogste zes maanden, een taakstraf of een geldboete.16 Als deze wet wordt aangenomen staan TNC’s grote veranderingen te wachten in ons kikkerlandje. Ondanks dat geen van de sancties het verbieden van handel in Nederland bevat, zijn er wel mogelijkheden tot boetes en dwangsommen. Daarbij is er zelfs een mogelijkheid voor het strafrechtelijk vervolgen van de bestuurder van grote bedrijven, mocht
17
ARTIKEL | XXX
deze zijn of haar verantwoordelijkheid niet nakomen. Wel moet gesteld worden dat het aannemen van deze wet in deze staat onwaarschijnlijk lijkt. Het kabinet ziet de wet op dit moment niet zitten uit angst voor een uitstroom van winstgevende ondernemingen.17 EFFECT Het wetsvoorstel heeft veel losgemaakt in ondernemersland. Zo dreigt de TNC Baggeraar Boskalis, een van Nederlands grootste bedrijven, ons land te verlaten als zij gehouden worden op deze manier mensenrechten te respecteren.18 Volgens de bestuurder van de onderneming zou deze wet het ondernemen in Nederland onmogelijk maken. Boskalis stelt dat het toetsen van al hun projecten bij de Nederlandse rechter een onzekerheid met zich meebrengt, wat ongunstig is voor het bedrijf.19 Het kabinet lijkt hierin mee te gaan: minister Schreinemacher voor Handel stelde dat zij bang is dat het kabinet vrezen dat deze regels het ondernemingsklimaat in Nederland disproportioneel streng maken in vergelijking met omliggende landen. De angst is dat het bedrijfsleven in Nederland op achterstand komt te staan en de economische groei daaronder zal leiden.20 Op dit moment zijn de SP, GroenLinks, PvdA, de ChristenUnie, D66 en Volt nog voorstanders van de wet. Wat er beslist gaat worden zal blijken in de komende periode. Ondertussen is er wel hoop dat er een soortgelijke Europese regelgeving komt die bedrijven verantwoordelijk zal stellen voor mensenrechtenschendingen. Een Europese wet zou in deze een uitkomst bieden omdat deze het competitief nadeel van strengere regels in de gemeenschappelijke markt weg zou nemen door deze te harmoniseren.
18
CONCLUSIE Met de opkomst van de globalisering hebben transnationale bedrijven vrij spel gekregen in handel en productie. Met de focus op winst hebben deze TNCs steken laten vallen als het gaat om het respecteren van mensenrechten. In de laatste twintig jaar is er geprobeerd deze onderneming zover te krijgen om vrijwillig mensenrechten te respecteren, echter, dat bleek te veel gevraagd. Als reactie op de laksheid van TNCs is er in Nederland een wetsvoorstel voor de Wet voor maatschappelijk verantwoord ondernemen ingesteld. Deze wet zou grote bedrijven die in Nederland gevestigd zijn of hier handel drijven, maar ook in het buitenland actief zijn, een zorgvuldigheidsplicht opdragen. De sancties voor het overtreden van deze wet lopen uiteen van boetes tot civielrechtelijke vorderingen en zelfs strafrechtelijke vervolging van bestuurders. Het lijkt onwaarschijnlijk dat de wet in haar huidige vorm wordt aangenomen. Wel mag men wel hoopvol zijn over ontwikkelingen op EU-niveau. De ‘vrijheid is blijheid’-filosofie van het kapitalisme blijkt een koortsdroom utopie voor te schrijven waar bedrijven zich vrijwillig aan mensenrechtenstandaarden houden. Nu TNC’s in deze waan tientallen jaren arbeiders hebben mogen uitbuiten om het rupsje-nooit-genoeg van het consumentisme vol te proppen, is het tijd voor effectieve regelgeving. De strijd om een internationale handel die mensenrechten respecteert is nog niet gestreden. Wel blijkt men gerealiseerd te hebben dat vrijwillige standaarden niet werken - baby steps.
Amnesty International, ‘Shell in Nigeria’ Amnesty International, ‘Shell in Nigeria’ 3 Amnesty International, ‘Shell in Nigeria’ 4 Business & Human Rights Resource Centre, ‘Myanmar: Garment workers at Primark supplier report multiple violations incl. mandatory overtime, verbal abuse & Workers’ Committee collaborating with factory to undermine workers’ rights; incl. co. response’, 2022 5 Robertson, R., & White, K. E., ‘What is globalization?’, 2007 6 Robertson, R., & White, K. E., ‘What is globalization?’, 2007 7 Robertson, R., & White, K. E., ‘What is globalization?’, 2007 8 The Guardian, ‘Sweatshops are still supplying high street brands’, 2011 9 Maitland, I., Beauchamp, T. L., & Bowie, ‘The great non-debate over international sweatshops’, 1996 10 Aaronson, S. A., & Higham, I., ‘Re-righting business”: John Ruggie and the struggle to develop international human rights standards for transnational firms’, 2013 11 Clean Clothes Campaign, ‘Rana Plaza’ 12 Aaronson, S. A., & Higham, I., ‘Re-righting business”: John Ruggie and the struggle to develop international human rights standards for transnational firms’, 2013 13 Aaronson, S. A., & Higham, I., ‘Re-righting business”: John Ruggie and the struggle to develop international human rights standards for transnational firms’, 2013 14 Tweede Kamer, ‘Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen’, 2023 15 Art. 2 lid 4 Wet op economische delicten 16 Art. 6 lid 1 Wet op economische delicten 17 NOS.nl, ‘Verplichting verantwoord ondernemen voorlopig uit zicht, kabinet trapt op rem’, 2023 18 NOS.nl, ‘Waarom is er zoveel kritiek op een wet voor maatschappelijk verantwoord ondernemen?’, 2023 19 NOS.nl, “Boskalis dreigt met vertrek uit Nederland, ‘nieuwe wet maakt ondernemen onzeker’”, 2023 20 NOS.nl, ‘Verplichting verantwoord ondernemen voorlopig uit zicht, kabinet trapt op rem’, 2023 1
2
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
HET TWEESNIJDEND ZWAARD VAN VN-IMMUNITEIT:
BOTSINGEN TUSSEN HET FUNCTIONEREN VAN DE VN EN DE RECHTSBESCHERMING VAN INDIVIDUEN “THE UN IS EMPOWERED, AND THE CHOLERA VICTIMS DISEMPOWERED”.1 IN 2010 WERD HAÏTI GECONFRONTEERD MET EEN CHOLERA-UITBRAAK. ER STIERVEN 9000 MENSEN EN ONGEVEER ÉÉN MILJOEN WERDEN ZIEK. ONDERZOEKERS STELLEN DAT DE UITBRAAK TOE TE REKENEN IS AAN DE VERENIGDE NATIES (HIERNA: VN). 2 VN-BLAUWHELMEN (PEACEKEEPERS) ZOUDEN NAMELIJK SLECHTE RIOLERING HEBBEN AANGELEGD EN DE ZIEKTE OVER HET EILAND HEBBEN VERSPREID.3 DE VN ONTKENT VOLLEDIGE VERANTWOORDELIJKHEID EN BEROEPT ZICH OP ZIJN IMMUNITEIT. WAT HOUDT DEZE IMMUNITEIT IN, WELK DOEL DIENT HET EN OP WELKE WIJZE BEPERKT HET DE RECHTSBESCHERMING VAN INDIVIDUEN? DAT ZIJN VRAGEN DIE IN DIT ARTIKEL AAN HET LICHT KOMEN. DOOR LALAINE JANSEN
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
19
ARTIKEL | INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
De internationale rechtsorde is complex van aard. Met meer dan 200 soevereine staten die hun eigenbelang nastreven, treedt de VN op als een cruciale coördinerende actor voor internationale vrede, veiligheid en samenwerking. Tijdens de uitoefening van zijn rol geniet de VN immuniteit waardoor de organisatie niet gerechtelijk kan worden vervolgd.4 Hoewel deze immuniteit enerzijds nodig is om het onafhankelijk functioneren van de VN te garanderen, staat het anderzijds op gespannen voet met de rechtsbescherming van door de VN benadeelde personen. Is het daarom tijd voor hervormingen? In dit artikel zal de immuniteit van de VN centraal staan. Allereerst wordt aandacht besteed aan de juridische grondslag voor de VN-immuniteit. Vervolgens wordt de spanning tussen VN-immuniteit en rechtsbescherming weergeven aan de hand van de Haïti casus. Ten slotte zullen enkele mogelijke hervormingen worden besproken. JURIDISCHE GRONDSLAGEN Art. 105 lid 1 VN-Handvest legt de absolute immuniteit van de VN vast: “De organisatie geniet op het grondgebied van elk van haar Leden
BIO Lalaine Jansen
Dubbele bachelorstudent BSc. Politicologie en LLB. Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam Rechtsgebied: Internationaal publiekrecht
20
de voorrechten en immuniteiten die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van haar doelstellingen.” Naast de algemene bepaling stelt de Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties (hierna: CVIVN) specifieke regels rondom de immuniteiten van de VN zoals: Gebouwen en terreinen van de VN zijn onschendbaar en eigendommen en bezittingen van de VN zijn vrijgesteld van onderzoek, vordering, confiscatie, onteigening of van iedere andere vorm van ingrijpen;5 Het archief van de VN en alle stukken die aan hem toebehoren zijn onschendbaar;6 en functionarissen van de VN zijn vrijgesteld van rechtsvervolging voor handelingen verricht in officiële hoedanigheid.7 In beginsel gelden deze immuniteiten alleen jegens lidstaten van de VN. Echter, het is betoogd dat de immuniteit van internationale organisaties inmiddels als gewoonterecht kan worden beschouwd.8 In dat geval zouden alle staten gebonden zijn.9 Een nationale rechter zal zich in een procedure tegen de VN in beginsel onbevoegd moeten verklaren, tenzij de organisatie ervoor kiest om door middel van een waiver afstand te doen van zijn immuniteit.10 Mocht dat gebeuren, dan kan de VN wél gerechtelijk worden vervolgd. Daarmee is nochtans niet alles gezegd want art. 2 sectie 2 CVIVN stelt: “Het is echter wel verstaan, dat afstand van immuniteit zich niet uitstrekt tot enige maatregel van tenuitvoerlegging.”11 Oftewel, zelf als de vn hun immuniteit opheft kan de organisatie niet worden verplicht enige maatregel te bewerkstelligen. De VN heeft dus eigenlijk complete controle over of, en hoe het verantwoordelijkheid neemt: vanwege de immuniteit kan dit niet juridisch worden verplicht door een externe instantie. Botsingen tussen VN-functioneren en rechtsbescherming van individuen
Het doel van de VN-immuniteit is om het functioneren van de organisatie te waarborgen.12 De opstellers van het VN-Handvest stelden dat de organisatie zijn taken niet effectief kan uitvoeren als het belemmerd wordt door juridische aansprakelijkheid en overheidsinmenging.13 Immuniteit beoogt op deze wijze dat de VN zich optimaal kan blijven inzetten voor hun doeleinden vrede, veiligheid en internationale samenwerking. De keerzijde van de medaille is echter dat de rechtsbescherming van mensen benadeeld door de VN verloren gaat. Aanklachten van eisers worden ongegrond verklaard, wat leidt tot een juridisch doodlopende weg. Illustratief in dit opzicht is de Haïti casus. Blootlegging van de problematiek: de casus van Haïti Als gevolg van de cholera-uitbraak in Haïti verzamelden ongeveer 5000 gedupeerden zich om een collectieve claim in te dienen tegen de VN. In de volgende alinea’s zal worden beschreven welke rechtsgangen zij doorliepen en waarom elke optie faalde om hen rechtsbescherming te bieden. i. Directe claim bij de VN Als eerste wendden de eisers zich tot de VN zelf met een verzoek tot compensatie. Art. 8 sectie 29 CVIVN stelt dat de VN voorzieningen treft voor passende wijzen van beslechting van: (a) geschillen voortvloeiende uit contracten of andere geschillen van privaatrechtelijke aard; en (b) geschillen waarbij een functionaris van de VN betrokken is die vanuit zijn positie immuniteit geniet. Daarbij vloeide uit de SOFA-overeenkomst* tussen de VN en Haïti voort dat er een commissie tot stand zou komen die private claims zou behandelen.14 In casu was geen sprake van dergelijke commissie, waardoor de eisers zich tot de VN in New York bogen.15 New York wees de vorderingen af omdat
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
deze betrekking zouden hebben op de publieke taken van de VN waarop immuniteit van toepassing is.16 Daarbij hadden de eisers ook geen privaatrechtelijke verhouding met de VN, voortvloeiend uit een overeenkomst. In de praktijk beslist de VN zelf welke vorderingen worden toegewezen: er is geen instantie of nadere procedure waar eisers in beroep kunnen gaan.17 Na afwijzing van de claims door de VN hield deze rechtsgang daarom op.
SOFA-overeenkomst: ook wel een Status of Forces Agreement, is een overeenkomst tussen de VN en de regering van het land waar het een missie inzet over de juridische status van deze missie.18
*
ii. Claims bij nationale rechtbanken Als tweede wendden de eisers zich tot U.S. district courts in de Verenigde Staten. Echter, in Georges v. United Nations wees rechter J. Paul Oetken de eerste zaak af op grond van VN-immuniteit. Hij stelde: “the UN is immune from suit unless it expressly waives its immunity”.19 Deze uitspraak werd in hoger beroep door de U.S. Courts of Appeals in 2016 bekrachtigd.20 De eisers zijn niet nogmaals in hoger beroep gegaan bij de Supreme Court.21 Ook hier hield het dus op voor de eisers. Overigens is de immuniteit van de VN niet alleen erkend in Georges v. United Nations. Zo werd in Sadikoglu v. UN Development Programme absolute immuniteit eveneens aan de UNDP (een suborganisatie van de VN) toegewezen22; werd in Lempert v. Rice expliciet bevestigd dat de VN immuun is voor “all legal process, including suit, and the court therefore lacks subject matter jurisdiction”23; en stelde de Nederlandse Hoge Raad in de Moeders van Srebrenica-zaak dat immuniteit de VN toekomt “ongeacht de buitengewone ernst van de verwijten die aan de vordering ten grondslag liggen.”24
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
iii. Bescherming door de staat Ten slotte zou de Haïtiaanse staat als laatste beschermingsmiddel namens haar burgers kunnen optreden; de eisers hadden immers alle nationale rechtsmiddelen uitgeput. Echter, omdat het de VN betreft zijn de mogelijkheden beperkt. Het Internationaal Gerechtshof (hierna: IGH) is geen reële optie want het oordeelt alleen over (1) zaken tussen staten, of (2) vragen opgeworpen door VN-organen.25 In casu zou sprake zijn van een geschil tussen organisatie en staat, waardoor Haïti via een VN-orgaan bij het IGH terecht zal moeten komen. Haïti zou bijvoorbeeld de kwestie kunnen opbrengen bij de Algemene Vergadering opdat dit orgaan een verzoek indient bij het IGH. Daarnaast zou Haïti in de vergadering kunnen vragen of de VN haar immuniteit waived. Maar Haïti leek niet bereid dergelijke stappen te nemen.26 Volgens de literatuur zou de financiële afhankelijkheid van buitenlandse actoren hier een rol in kunnen spelen.27
Kortom, de mogelijkheden voor benadeelden zijn aanzienlijk beperkt. De VN kan claims afwijzen op grond van immuniteit; nationale rechtbanken hebben vanwege de immuniteit van de VN geen automatische jurisdictie; en de mogelijkheden voor een staat om op te treden voor zijn burgers zijn beperkt. De vraag is daarom niet zozeer of immuniteit van de VN een belemmering voor de rechtsbescherming vormt, maar eerder wat hier aan gedaan moet worden. HERVORMINGEN Freedman constateerde in 2013 dat immuniteit de toegang tot het recht voor individuen beperkt. Zij hoopte daarom dat een rechtszaak tegen de VN zou leiden tot het vaststellen van niet-immuniteit op basis van internationale mensenrechtenwetgeving.28 Inmiddels is met Georges V. United Nations de immuniteit van de VN juist bekrachtigd. Daarbij hebben opvolgende rechtszaken deze immuniteit nader
21
ARTIKEL | INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
bevestigd. Georges v. United Nations zou kunnen worden verworpen, maar de VN-immuniteit is (vooralsnog) breed geaccepteerd; er zijn dusver nog geen concrete aanwijzingen voor een verandering van deze houding. Pasquet schreef in 2021 over de ‘alternative-remedy approach’ als oplossing, gebaseerd op Waite and Kennedy v. germany.29 Met deze benadering zou een nationale rechter toepassing van immuniteit moeten laten afhangen van de vraag of de eisers over een redelijk alternatief beschikken om hun rechten te beschermen onder art. 6 EVRM (recht op een eerlijk proces).30 Echter, deze benadering is evenzeer uitgesloten in de praktijk met onder andere de Moeders van Srebrenica-zaak waarin de Hoge Raad oordeelde dat VN-immuniteit prevaleert boven toepassing van art. 6 EVRM.31 Nationale rechtbanken lijken zich dus strikt te houden aan de VN-immuniteit; is het daarom niet aan de VN zelf om een oplossing te bieden voor de problematiek? De VN zou een ombudsman kunnen toevoegen aan zijn structuur. Deze VN-ombudsman zou - net zoals de Nationale Ombudsman in Nederland - een onafhankelijke en onpartijdige rol innemen binnen het afhandelen van claims jegens de organisatie. Een vergelijkbare instantie is eerder tot stand gekomen bij de VN-missie UNMIK in Kosovo.32 De ombudsinstantie in Kosovo was gemandateerd om mensenrechten en fundamentele vrijheden te beschermen.33 Daarbij kreeg het bevoegdheden om klachten te ontvangen, handelingen van UNMIK te onderzoeken en om adviezen uit te brengen.34 Echter, de instantie was niet in staat sancties op te leggen en kon ook geen bindende besluiten nemen.35 Om feitelijke rechtsbescherming te bieden zou een VN-ombudsman meer
22
Aanklachten van eisers worden ongegrond verklaard, wat leidt tot een juridisch doodlopende weg. bevoegdheden moeten toekomen. Zo zouden besluiten van de VN-ombudsman bindend moeten zijn en zou het de mogelijkheid moeten krijgen om concrete sancties op te leggen. Dit betekent wel dat immuniteit van de VN door deze ombudsman wordt aangetast, althans, dat deze in beperkte mate wordt toegepast. Ten slotte komt hierbij de vraag in hoeverre, en op welke wijze de VN bereid is om dergelijke ombudsman te integreren. Een andere optie is dat de VN uit zichzelf meer verantwoordelijkheid neemt voor de schade die het direct dan wel indirect aanricht. De VN Secretaris-Generaal heeft in 2016 wel excuses aangeboden voor Haïti en lanceerde een 400 miljoen ‘Nieuwe aanpak van cholera in Haïti’, maar in 2020 is slechts 5% van het bedrag opgehaald en is geen enkel slachtoffer schadevergoeding betaald.36 Dit resultaat zou te maken hebben met het feit dat er geen onafhankelijk mechanisme is om verantwoordelijkheid te forceren, waardoor verantwoordelijkheid een politieke beslissing is, gedreven door eigenbelangen van machtige staten.37 Wederom is dit een aanwijzing dat er noodzaak is voor een onafhankelijke instantie. Daarnaast zou de VN strenger moeten vasthouden aan de opstelling van ad hoc voorzieningen die het kan bieden op grond van Art. 8 sectie 29 CVIVN. Ook zou de VN kunnen overwegen zijn immuniteit vaker te waiven. Ten slotte zou het soepeler kunnen zijn met het aanvaarden van claims. Dat is lastig. Immers; dat raakt de kern van de immuniteit die de VN nodig
heeft om te kunnen functioneren. Maar indien staten aangeven er belang bij te hebben dat de organisatie zich meer zal inzetten voor rechtsbescherming rondom de organisatie, dan zou het een goede ontwikkeling zijn om daarnaar te handelen. CONCLUSIE De cholera-casus van Haïti legt goed de problematiek bloot rondom de spanning tussen VN-immuniteit en rechtsbescherming. De mogelijkheden voor de VN om zelf te beslissen over claims; nationale rechtbanken die zich strikt houden aan de immuniteit van de VN; en beperkte mogelijkheden voor staten om namens hun burgers op te treden, zorgen ervoor dat eisers zich vaak op een juridisch doodlopende weg bevinden. Onderzoekers vroegen eerder om aandacht voor hervormingen. Zij hoopten voornamelijk op een verandering in de jurisprudentie ten aanzien van VN-immuniteit. Echter, met zaken zoals Georges v. United Nations en Moeders van Srebrenica lijken nog geen aanwijzingen te zijn voor dergelijke ontwikkelingen. Het zou daarom beter zijn als de VN zelf het heft in handen neemt. Zo zou er een VN-ombudsman kunnen worden geïncorporeerd, of zou de VN soepeler kunnen zijn met de behandeling van claims en toepassing van zijn immuniteit. Vooralsnog betekent dit wel dat er binnen de VN genoeg animo moet zijn om dergelijke initiatieven waar te maken. Het is daarom aan de Lidstaten en andere belanghebbenden om zich hiervoor sterk te maken in de Algemene Vergadering.
ALIBI MAGAZINE | EDITIE 3 2023
ARTIKEL | INTERNATIONAAL PUBLIEKRECHT
Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 1. 2 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 1. 3 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 1. 4 Handvest van de Verenigde Naties, art. 105. 5 Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties, art. 2 sectie 3. 6 Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties, art. 2 sectie 4. 7 Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties, art. 5 sectie 18 sub a. 8 A. Nollkaemper, Kern van het internationaal publiekrecht, Den Haag: Boom Uitgevers 2021. p. 268. 9 A. Nollkaemper, Kern van het internationaal publiekrecht, Den Haag: Boom Uitgevers 2021. p. 268. 10 Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties, Art. 5 sectie 20. 11 Conventie inzake de Voorrechten en Immuniteiten van de Verenigde Naties, Art. 2 sectie 2. 12 Handvest van de Verenigde Naties, art. 105 13 B. Kennedy, The UN Must take Steps To Be an Accountable Player in Public Health (online), 14 nov 2022, via https://blog.petrieflom.law.harvard. edu/2022/11/14/the-un-must-take-steps-to-bean-accountable-player-in-public-health/ 14 Agreement between the United Nations and the government of Haiti concerning the status of the United nations operation in Haiti, art. VIII, section 55 (online), via https://www.birmingham. ac.uk/Documents/college-social-sciences/government-society/research/2015/12-07-haiti-workshop/primary-sources/minustah-sofa-english.pdf 15 K.E. Boon, UN Flatly Rejects Haiti Cholera Claim, OpinoJuris (online), 22 feb 2013, via http://opiniojuris.org/2013/02/22/un-flatly-rejects-haiti-cholera-claim/ 16 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 4-5. 1
EDITIE 3 2023 | ALIBI MAGAZINE
Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 5. 18 Gaye et al., Submission to the United Nations Universal Periodic Review: Haiti’s renewal of minustah’s mandate in violation of the human right of the Haitian people (online), 13 okt 2011, via https://www.ohchr.org/sites/default/files/ lib-docs/HRBodies/UPR/Documents/session12/ HT/JS8-JointSubmission8-eng.pdf 19 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 5. 20 United States Court of Appeals for the Second Circuit, Georges v. United Nations, No. 15-455-cv (online), via https://law.justia.com/cases/federal/appellate-courts/ca2/15-455/15-455-201608-18.html 21 D. Anthony, Resolving UN Torts in US Courts: Georges v United Nations (online), 2018, via http://classic.austlii.edu.au/au/journals/MelbJIL/2018/16.html 22 United States District Court Southern District of New York, Sadikoglu v. United Nations Dev. Programme, 11 Civ. 0294 (PKC) (online), 14 okt 2011, via https://casetext.com/case/sadiko-v-united-nations-dev-programme 23 United States District Court, District of Columbia, Lempert v. Rice, 956 F. Supp. 2d 17 (online), 19 jul 2013, via https://casetext.com/case/ lempert-v-rice 24 HR 13 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW 1999, par. 4.3.14. 25 Statuut van het Internationaal Gerechtshof, art. 34 lid 1. 26 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 6. 27 Pillinger, M., Hurd, I., & Barnett, M. (2016). How to Get Away with Cholera: The UN, Haiti, and International Law. Perspectives on Politics, 14(1), 70-86. doi:10.1017/S1537592715003230. p. 7. 28 Rosa Freedman, UN Immunity or Impunity? A Human Rights Based Challenge, European Journal of International Law, Volume 25, Issue 1 (online), February 2014, Pages 239–254, via https://doi. org/10.1093/ejil/cht082 17
Pasquet, L., 2021. Litigating the Immunities of International Organizations in Europe: The ‘Alternative- Remedy’ Approach and its ‘Humanizing’ Function. Utrecht Journal of International and European Law, 36(2), p.192–205(online), via https://doi.org/10.5334/ujiel.551 30 Pasquet, L., 2021. Litigating the Immunities of International Organizations in Europe: The ‘Alternative- Remedy’ Approach and its ‘Humanizing’ Function. Utrecht Journal of International and European Law, 36(2), p.192–205 (online), via https://doi.org/10.5334/ujiel.551 31 HR 13 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW 1999, par. 4.1.1 - 4.1.2 32 C.P.M. Waters, Nationalising Kosovo’s Ombudsperson, Journal of Conflict & Security Law, Vol. 12, No. 1 (online), via https://www.jstor.org/ stable/pdf/26294742.pdf?refreqid=fastly-default%3Aa3a1215f9e7b54a37bfb63a7a255eabc&ab_segments=&origin=&initiator=&acceptTC=1 33 European Network of Equality Bodies (Equinet), Ombudsperson institution of Kosovo (online), via https://equineteurope.org/eb/cp-slug-191/ 34 European Network of Equality Bodies (Equinet), Ombudsperson institution of Kosovo (online), via https://equineteurope.org/eb/cp-slug-191/ 35 European Network of Equality Bodies (Equinet), Ombudsperson institution of Kosovo (online), via https://equineteurope.org/eb/cp-slug-191/ 36 Harvard law today, Seeking overdue reparations for U.N.-caused devastation in Haiti (online), 24 jun 2020, via https://hls.harvard.edu/today/ seeking-overdue-reparations-for-u-n-caused-devastation-in-haiti/ 37 Harvard law today, Seeking overdue reparations for U.N.-caused devastation in Haiti (online), 24 jun 2020, via https://hls.harvard.edu/today/ seeking-overdue-reparations-for-u-n-caused-devastation-in-haiti/ 29
23
ALIBI