Skip to main content

ASZpect editie 2017

Page 1

@SZPECT jaargang 2017

Nieuw Revalidatiecentrum@ASZ Wetteren Dienst Fysische Geneeskunde en Revalidatie


4 7

NIEUW REVALIDATIECENTRUM We kunnen dus stellen dat het ASZ Wetteren zich nu volledig als revalidatiecampus profileert en dat de kwaliteit van zorg en revalidatie voor de revalidanten een grote troef vormt.

PSYCHOSOMATIEK Meer in het algemeen, zien we in de praktijk dus heel vaak lichamelijke klachten/fenomenen op een moment waarop de patiënt niet meer kan zeggen - en dat kunnen we letterlijk nemen - wat hem ‘op de lever ligt’, of wat hem ‘nauw aan het hart ligt’.

8 COLOFON

BELGISCHE PRIMEUR

Twaalf complexe hartprocedures onder lokale verdoving: voor de patiënten is dit een grote stap vooruit. De procedure is minder zwaar omdat de patiënt niet meer in slaap moet. Daardoor kunnen patiënten ook vroeger naar huis.

jaargang 2017

Adviesraad: Dhr. Geert Brantegem Directeur vzw Medische staf

Verantwoordelijke uitgever: Katrien Vangeyte PR Manager vzw Medische staf

Prepress en Vormgeving: Bert Verschraegen Het Grafisch Huis www.grafischhuis.net

@SZPECT


VOORWOORD Eindelijk hebben we de start kunnen geven voor een nieuwbouw op de Campus Aalst. Bijna 20 jaar na de realisatie van het Rimbautgebouw, komt er opnieuw ruimte bij op de campus Aalst. Meer dan nodig gezien de grote medische activiteit in het ASZ. De nieuwbouw zal naast de twee hoofdblokken komen en wordt in overleg met onze netwerkpartners uitgebouwd. Alvast de klinische biologie en administratieve activiteiten zullen er plaatsvinden. Hierdoor komt er plaats vrij voor andere diensten. Ook de toekomstige lateralisatie van activiteiten tussen de Aalsterse ziekenhuizen (het ASZ en het OLV Ziekenhuis) kunnen hierdoor gefaciliteerd worden. Graag wensen wij ons dan ook te verontschuldigen voor de tijdelijke ongemakken die deze werken met zich zullen meebrengen.

De gesprekken met onze netwerkpartners, het OLV Ziekenhuis en az Sint- Blasius gaan naar een cruciale fase; hopelijk kunnen we tegen eind dit jaar het goede nieuws melden. Begin volgend jaar verwachten we ook de geboorte van het nieuwe ASZ, de deelgenoten van het ASZ (stad Aalst, stad Geraardsbergen en gemeente Wetteren) zorgen voor een oplossing om de pensioenproblematiek van de statutaire medewerkers van het ASZ definitief op te lossen. Dit is een mijlpaal in de geschiedenis van het ASZ. Ook al gaat verandering gepaard met onzekerheid, het zou niet goed zijn om ons daardoor te laten afschrikken. Ik ben ervan overtuigd dat het Denderbekken netwerk (het ASZ-OLV Ziekenhuis en az Sint-Blasius) de potentie heeft om uit te groeien tot ĂŠĂŠn van de sterkste netwerken van Vlaanderen. Een sterke toekomstvisie zal de garantie zijn om nieuwe uitdagingen aan te gaan en innovatie mogelijk te maken. The future is bright. Dr. M. Rosseel Cardioloog en voorzitter VZW Medische Staf ASZ

novmeber 2017 Voorwoord

Tegen de jaarwende zou Minister De Block de langverwachte wetgeving in verband met de netwerking van de ziekenhuizen publiceren in het staatsblad.

3


NIEUW REVALIDATIECENTRUM

Nieuw Revalidatiecentrum draait op volle toeren DIENST FYSISCHE GENEESKUNDE EN REVALIDATIE, EMG : CAMPUS WETTEREN Afspraak revalidatie: 09 368 83 71 Op 1 juli 2017 startte het ASZ, campus Wetteren de uitbouw van de nieuwe revalidatie afdeling (Neurologische revalidatie) naast de reeds bestaande Sp Cardiopulmonaire en locomotorische revalidatie. Door een switch van de acute geriatrische bedden van de Campus Wetteren naar Campus Geraardsbergen, werden de SP-bedden van deze campus naar campus Wetteren overgebracht. Hierdoor centraliseerden we de revalidatiebedden (Sp bedden) op campus Wetteren. De nieuwe zorgafdeling is definitief operationeel vanaf eind november 2017 en richt zich in de eerste plaats op de revalidatie van patiënten met neurologische aandoeningen.

“Het intensieve multidisciplinair samenwerken verloopt vlot “ Er werd ook een therapeutisch oefenpad uitgewerkt, waar patiënten met beperkingen in het gangpatroon een parcours met verschillende ondergronden en hindernissen kunnen doorlopen. Na een geleidelijke opstart tijdens de zomermaanden, zal de nieuwe afdeling vanaf eind november 2017 op volle toeren draaien. De 24 nieuwe Sp bedden zijn bestemd voor patiënten met neurologische aandoeningen die een specifieke, intensieve revalidatie vereisen. Daarnaast blijft er ruimte om naargelang de noodzaak verder orthopedische revalidanten te begeleiden. De locomotorische Sp-afdeling, op de eerste verdieping, is ondertussen aan haar zesde verjaardag toe en krijgt unaniem lovende kritieken, zowel met betrekking tot revalidatie, de verzorging als tot de moderne en frisse infrastructuur.

De relatief korte tijd waarop alle aanpassingen gebeurden, vereiste een snelle aanpak van alle betrokken partijen. Het medisch en paramedisch team breidde uit naast de infrastructurele aanpassingen. Ook de directie deed een belangrijke inspanning en verhuisde de refter naar het vroeger labo, waardoor er ruimte vrijkwam voor de uitbreiding van de oefenzaal (de vroegere refter lag naast de oefenzaal op de verdieping -1). Sinds 1 oktober 2017 is dr. K. De Cock mee actief op de locomotorische afdeling, samen met dr. L. Timmermans. Dr. De Cock kan terugkijken op een voorbije succesvolle werkervaring in het UZ Gent en heeft naast zijn erkenning als revalidatiearts ook een brede klinische interesse, waardoor hij ook poliklinische activiteiten zal uitoefenen op de campussen Aalst en Wetteren. Ook het verpleegkundig team van de nieuwe Sp-afdeling onder leiding van hoofdverpleegkundige Lieve Goublomme, maakte zich intussen de nieuwe procedures en technieken eigen om de nieuwe patiëntenpopulatie zo goed mogelijk te verzorgen. Daarnaast kan de kinesitherapeut Luis Tavares da Silva (interne transfer van de campus Aalst) zijn bijzondere interesse en expertise in de neurologische revalidatie nu volop ten dienste stellen van de nieuwe afdeling. De aanpak op deze zorgafdeling is multidisciplinair met een mix aan verpleegkundige competenties en het intensieve multidisciplinair samenwerken verloopt vlot. Het revalidatieteam bestaat uit artsen, revalidatieverpleegkundigen, kinesitherapeuten, ergotherapeuten en een sociaal verpleegkundige, die samen een individueel zorgtraject voor de patiënt uitwerken. Hierbij kan er ook beroep gedaan worden op een logopedist of psycholoog. De wekelijkse multidiscplinaire teambesprekingen (met verpleging, kinesitherapeuten, ergotherapeuten, revalidatiearts, diëtisten en psychologen) vormen een belangrijke basis om revalidatiedoelstellingen voorop te stellen, te evalueren en vereisten voor ontslag te bespreken.


novmeber 2017 - Nieuw revalidatiecentrum

We kunnen dus stellen dat het ASZ Wetteren zich nu volledig als revalidatiecampus profileert, en dat de kwaliteit van zorg en revalidatie voor de revalidanten een grote troef vormt. In de toekomst hopen we ook de ambulante revalidatie nog te kunnen uitbreiden.

Boven: nieuw therapeutisch oefenpad Onder: Nieuwe revalidatiezaal -Neurologische revalidatie

5


Psychosomatiek

Een psychotherapeutische benadering van psychosomatische klachten. DR. THIERRY VERPLANCKE DIENST PSYCHIATRIE ASZ Het begrip psychosomatiek is nog steeds goed ingeburgerd binnen het medische discours en omvat een heel spectrum van lichamelijke klachten die worden verondersteld voor een groot deel een psychische oorzaak te hebben. CVS-klachten, fibromyalgie, prikkelbare darm syndroom, hyperventilatiesyndroom, spasmofilie, bekkeninstabiliteit,...zijn maar enkele voorbeelden van dagdagelijkse klachten uit de hedendaagse praktijk. De vervlochtenheid van lichaam en psyche valt op van bij de eerste presentatie van deze klachten door de patiënt. In een psychosomatisch symptoom toont zich niet alleen de vraag van de patiënt, maar ook zijn verlangen en het genot dat soms aan het symptoom verbonden kan zijn. Het verlangen verbonden aan een symptoom kan een vraag zijn naar liefde van de “Ander”, het genot aan een symptoom kan bijvoorbeeld de ziektewinst zijn die een patiënt ondervindt door het te bestendigen. En zowel dit verlangen van de patiënt als zijn genot kunnen beluisterd worden door het getrainde oor van de clinicus. Men kan psychosomatische klachten benaderen vanuit een biomedische hoek (met bepaling van uitgebreide biochemische testen en hormonale spiegels met oa. ACTH, cortisol, adrenaline, cytokines, nuchtere glycemie, HbA1c,…) en organisch lijden moet inderdaad steeds uitgesloten worden, maar men kan tegelijkertijd een meer psychotherapeutische benadering hanteren. Bovenop een organische of genetische oorzaak stelt een psychotherapeutische benadering het subject van de patiënt als mede-oorzakelijk voor zijn of haar klachten. Jacques-Alain Miller, schoonzoon van de be-

kende Franse psychiater en psychoanalyticus Jacques Lacan, vermeldt drie voorwaarden om van een psychosomatisch fenomeen te kunnen spreken: er is een lesie in het lichaam aanwezig, de oorzaak van deze lesie kan voor een deel beluisterd worden in het discours van het subject en tenslotte biedt het psychosomatisch fenomeen weerstand aan de interpretatie of anders gezegd, de interpretatie kan de klacht nog niet zomaar doen verdwijnen, het is dus te differentiëren van een neurotisch symptoom. Inderdaad bij een conversiesymptoom kan men meestal niet spreken van een organische lesie. De bedoeling van een analyse/psychotherapie kan er dan juist in bestaan de psychosomatische klacht te symboliseren door de klacht in het woord te brengen (‘wat betekent de klacht voor de patiënt?’ ‘Wat zegt hem deze klacht?’ ‘Niet de patiënt vindt zijn klacht, het is de klacht die de patiënt vindt…’) en daardoor iets te bewerken van de ziektewinst/’ziekelijk’ genot van een dergelijk symptoom bij het subject, in het voordeel van zijn werkelijk verlangen. Als iets van het genot van de klacht in het woord wordt gebracht, hoeft deze klacht zich misschien niet meer vast te zetten in het lichaam. Meer in het algemeen, zien we in de praktijk dus heel vaak lichamelijke klachten/fenomenen op een moment waarop de patiënt niet meer kan zeggen - en dat kunnen we letterlijk nemen - wat hem ‘op de lever ligt’, of wat hem ‘nauw aan het hart ligt’. Heel typisch is het verdwijnen van de klachten op het ogenblik dat de emotie of het genot in het woord kan worden gebracht en de patiënt zijn ‘hart kan luchten’ of ‘zijn gal kan spuwen’. De patiënt voelt dan plots dat de pijn die hij voelde op de borstkas verdwenen is. De ondraaglijke moeheid of de huilbuien die hem overvallen op het moment dat een onbewust conflict zich aanbiedt, verdwijnen nadat de


Ieder psychisch conflict, bewust of onbewust, dat deze ontlading remt, kan aanleiding geven tot een ontlading op een ‘oneigenlijke manier’ bijvoorbeeld via het lichaam en dus psychosomatische klachten veroorzaken.

Indien men nu de brug zou willen maken tussen de psychotherapeutische en de biomedische benadering van psychisch lijden en psychosomatiek dan zou men kunnen onderzoeken, in het kader van de werkzaamheid van de psychotherapeutische kuur, wat het statuut is van de betekenaar (de taal) en wat een mogelijk organisch substraat zou kunnen zijn voor het begrip van de drift (een grensbegrip tussen lichaam en geest, te verstaan als een innerlijke aandrang tot bevrediging van levensbehoeften zoals fysieke integriteit, voeding en voortplanting). De betekenaar en de “Drift” zijn twee centrale begrippen binnen de theorie van zowel Freud als Lacan alsook binnen de particulariteit van de psychotherapeutische kuur. Hiervoor kunnen we ondermeer verwijzen naar het onderzoekswerk van A. Bazan. Ik verwijs hiervoor naar de referenties van deze onderzoekster hieronder aangegeven. Samenvattend, zou ik durven stellen dat onderzoek naar de raakvlakken tussen de werkzaamheid van psychotherapie en neurowetenschappelijk onderzoek (zoals in disciplines als de neuropsychoanalyse of psychoneuroimmunologie) bijzonder boeiend zijn om de alomtegenwoordige kliniek van psychosomatiek verder te gaan verkennen. novmeber 2017 - Psychosomatiek

patiënt zijn verhaal heeft kunnen doen. Inderdaad, slechts na doorwerking van het onderliggende onbewuste conflict - verantwoordelijk voor de klachten, zullen deze fenomenen uit de kliniek van de patiënt kunnen geband worden. Wat tevens opvalt in de kliniek, is de associatie van psychosomatische klachten met de eigen (sexuele) aandrift. Een remming in het sexueel leven (maar eigenlijk ook van de orale, anale of urethrale pulsies) leidt vaak tot lichamelijke klachten en de patiënt ziet initieel niet dat er een verband is met deze aandrift. De eigen aandrift - in de vorm van alle partiële pulsies - is gebonden aan Freuds ‘lustprincipe’ en geeft dus een spanningsverhoging. Partiële pulsies in de vorm van Freuds orale, anale, urethrale en bij de volwassene ook de fallisch-sexuele pulsie. Het organisme reageert met een tendens tot spanningsverlaging via Freuds ‘constantheidsprincipe’. Volgens dit principe wil het lichaam iedere spanningsverhoging ook onmiddellijk opnieuw doen afvloeien.

De geïnteresseerde lezer kan ik warm aanbevelen:

VAN LEEST DE P IP SYCH IAT

ER

-Bazan A: Phantômes dans la voix. 2004. -Bazan A, De Grave D: Phonemes as Organizing Strange Attractors. -Berridge KC: The debate over dopamine’s role in reward: the case for incentive salience. Psychopharmacology (Berl) 2007;191:391-431. -Berridge KC, Aldridge JW: Disentangling pleasure from incentive salience and learning signals in brain reward circuitry. Proc Natl Acad Sci U S A 2011;108: -Jeannerod M: ‘The representing brain: neural correlates of motor intention and imagery’., Behavioral and Brain Sciences, vol. 17; p 201. -Kauffman SA: The origins of order: self-organization and selection in evolution, New-York, Oxford University Press, 1993; p 178. -Liart M: ‘Psychanalyse et Psychosomatique: le corps et l’écrit’, l’ Harmattan;-Thayer JF, Lane RD: Claude Bernard and the heart-brain connection: further elaboration of a model of neurovisceral integration. Neurosci Biobehav Rev 2009;33:81-88. -Thayer JF, Brosschot JF: Psychosomatics and psychopathology: looking up and down from the brain. Psychoneuroendocrinology 2005;30:1050-1058.

7


BELGISCHE PRIMEUR Twaalf complexe hartprocedures onder lokale verdoving DIENST CARDIOLOGIE ASZ Dankzij het gebruik van een nieuwe techniek, waarbij men het hart van binnenin kan bekijken met echografie in plaats van via de slokdarm, moeten de patiënten niet meer onder algemene verdoving bij geselecteerde complexe ingrepen aan het hart. Zo werden sinds juli 2017 vijf gaatjes tussen de voorkamers en zeven linker hartoortjes succesvol afgesloten. Enkele patiënten konden reeds de dag van de ingreep veilig naar huis gaan, de anderen reeds de ochtend erna. Voor de patiënten is dit een grote stap vooruit. De procedure is minder zwaar omdat de patiënt niet meer in slaap moet. Daardoor kunnen de patiënten vroeger het ziekenhuis verlaten. Deze relatief nieuwe techniek wordt reeds toegepast in een beperkt aantal centra in het buitenland. De succesvolle invoering van “intracardiale echocardiografie” in het ASZ past binnen de visie van het ziekenhuis om complexe hartprocedures zo licht en zo veilig mogelijk te maken voor de patiënt.

Persbericht 4 juli 2017: De dienst cardiologie-cardiochirurgie van het Algemeen Stedelijk Ziekenhuis in Aalst heeft, als eerste in België, met succes vijf complexe hartprocedures uitgevoerd onder lokale verdoving.

Op de foto, v.l.n.r.: dr. Dries Viaene, dr. Ian Buysschaert, dr. Luis Paiva (University of Coimbra, Portugal), Paula Neves (Abbott, Portugal), Leen Schokkaert (Abbott, België), prof. dr. Marco Costa (University of Coimbra, Portugal), Joris Everaert, Patrycja Bladek, niet op de foto: Petra De Wilde, en andere dienstleden cardiologie/cardiochirurgie ASZ)


TERUGBLIK SYMPOSIA VAATSYMPOSIUM • ORTHOPEDISCH CONGRES • PIJNSYMPOSIUM te onthouden: ‘time is tissue’ en ‘timing is the issue’. Indien een wonde geen helingstendens vertoont binnen de drie weken wordt de patiënt best verwezen naar een diabetes voetkliniek. We kijken terug op een succesvolle vervolgediVervolgens verduidelijkte dr. S. Speybrouck tie van het Vaatsymposium dat doorging op 10 (vaatchirurg ASZ) in haar uiteenzetting ‘Scars juni 2017 in zaal Intermezzo te Lede. De voorare tattoes with better stories, no scar, no story’ middagsessie kaderde in het thema ‘Onomde (r)evolutie van het endovasculaire gebeuwonden over wonden’. De voordrachten waren ren en hoe deze minimaal invasieve approach bedoeld voor huisartsen. De laatste inzichten, een onmisbare plaats heeft verworven binnen ontwikkelingen over en rondom het gebied van de vaatchirurgie. Aan de hand van casussen de wondzorg werden werden de dilataties gepresenteerd waarbij van de onderbeen zoveel mogelijk vaten bij arteriële en relevante onderwerdiabetische ulcera pen voor de dagelijkgeïllustreerd. se praktijk werden Dr. S. De Laere (vaatgepresenteerd. Dit chirurg ASZ) sloot het alles vertrekkende eerste ochtenddeel vanuit een ‘een ulcus’ voor de pauze af met en gekoppeld aan de ‘Sweep through the vasculaire benadering arteries’. De ‘klassieke’ hiervan. - lees open- chirugie Het diensthoofd dr. J. zal altijd de back-up De Coster beschreef blijven van de endohet voormiddag vasculaire heelkunde programma en bleef wanneer deze een ook even stilstaan bloedvat niet kan Van links naar rechts en van boven naar onder dr. De Coster, diensthoofd Vasculaire Heelkunde ASZ - dr. S. Speybrouck, bij het veel te vroege herstellen. vasculair chirurg ASZ - dr. S. De Laere, vasculair chirurg ASZ, dr. D. Massaad, endocrinoloog ASZ, dr. H. Coveliers, vasculair chirurg ASZ afscheid dat we hebDe vaste waarde van ben moeten nemen de verbredingsplastie van collega dr. Geerhardus Van Der Tempel, en de overbrugging werd uitgelegd en er werd gewezen diensthoofd Vaatheelkunde. Hij kwam verder ingegaan op de techniek en praktische helaas na een lange ziekte te overlijden op 2 voorbeelden. april 2017. Na de pauze werd het tweede gedeelte voortAls eerste spreker vertelde dr. D. Massaad (engezet door dr. H. Coveliers, vaatchirurg ASZ docrinoloog ASZ) ons iets meer over de endoen actief op campus Aalst en Geraardsbergen, crinologische invalshoek, met zijn voordracht die verder inging op de door hem ontwikkel‘I may have diabetes, but diabetes may not de thoracoscopische sympathectomie. Een have me’. De recente vooruitgang in medicatie, minimaal invasieve techniek welke kan aangefollow-up en ontwikkeling van de diabetes voet- wend worden bij blozen, en fenomeen Rayklinieken heeft een duidelijk resultaat: daling naud. Onderwerp van de dag ‘de acrale ulcera’. van het aantal amputaties en verkorting van de Endoscopische Thoracale sympathectomie behandelingsduur van een ulcus. Slagzinnen (ETS) is een minimaal invasieve waardevolle

novmeber 2017 - Belgische primeur - Terugblik Symposia

SYMPOSIUM VAATHEELKUNDE ASZ: “ONOMWONDEN OVER WONDEN” 10 JUNI 2017 -INTERMEZZO LEDE

9


aanvulling op revascularisatietechnieken en medicatie bij ischemie van de vingers, hand of arm. Het is zeer belangrijk de onderliggende oorzaak van de ischemische vingers te identificeren en ook deze te behandelen. Naast chirurgische en of endovasculaire opties mag de medicamenteuze behandeling niet vergeten worden. Er is namelijk vaak ook sprake van een onderliggende systemische aandoening zoals onder andere sclerodermie. Een multidisciplinaire aanpak samen met de reumatoloog heeft de voorkeur. Daarna sloot dr. J. De Coster de theoretische voordrachten af met ‘It’s running through my veins’. Hierbij vroeg hij erkenning voor chronische veneuze insufficiëntie, een moeilijk te behandelen chronische ziekte, eerder dan een éénmalig fenomeen van spataders met een éénmalige behandeling. De onderliggende mechanismen en de therapeutische doelstellingen kwamen eveneens aan bod. Alsook werd stilgestaan bij het begrip veneuze pijn en enkele misverstanden daaromtrent, om te eindigen bij veneuze ulcera en hun behandeling met inbegrip van compressietherapie. Om de voormiddag af te sluiten gaf Diego Backaert (wondzorg verpleegkundige/wondzorgadvies) nog een boeiende uiteenzetting over enkele praktische aspecten van wondzorg, en konden de aanwezigen nadien nog enkele workshops bezoeken. De deelnemers troffen een breed scala van onderwerpen aan, waar dieper werd ingegaan op alle facetten in de wondzorg. Na afloop was er mogelijkheid tot netwerking met een hapje

dr. W. Van Nieuwenhuyse, diensthoofd Orthopedie ASZ

en drankje. Veelzijdig, boeiend en praktisch; met deze drie woorden werd het symposium omschreven door de aanwezigen! ORTHOPEDISCH CONGRES ASZ9 SEPTEMBER 2017-ZAAL INTERMEZZO LEDE Op zaterdag 9 september 2017 werd de zeventiende editie van de orthopediedag georganiseerd. De focus lag dit jaar op de behandeling van fracturen. Dr. B. Claus startte het congres met een overzicht van de conservatieve en operatieve behandeling van schouderfracturen. Deze interessante uiteenzetting werd gevolgd door een presentatie door prof. dr.F.Steenbrugge over epifysiolyse van de heup: een relatief zeldzame maar zeker niet te missen aandoening. Dr. L.Bouwen verzorgde een boeiende presentatie over zijn ervaring met artsen zonder vakantie. Zoals vorig jaar zal hij ook dit jaar weer twee weken vakantie investeren in het behandelen van orthopedische afwijkingen in Bukavu in Congo. Na de pauze gaf dr. W. Van Nieuwenhuyse een voordracht over de behandeling van fracturen rond de knie met specifieke aandacht voor de osteosynthese van supracondylaire femurfracturen en tibiaplateaufracturen. Vervolgens voorzag dr. Y.Goubau de nodige informatie rond de behandeling van polsfracturen. Hierbij werd er ook aandacht besteed aan


de arthroscopische behandeling hiervan. Dr.Y. Goubau is zijn laatste maanden followship aan het vervolledigen en zal vanaf februari 2018 voltijds in onze dienst werkzaam zijn.

Traditiegetrouw werd de interessante voormiddag afgesloten met een druk bezochte receptie. Wij hopen ook volgend jaar opnieuw een volle zaal geĂŻnteresseerden te mogen ontvangen.

Multidisciplinaire Pijn Centra van zowel het OLV ziekenhuis als het az Sint- Blasius bundelden de krachten en konden op die manier de genodigden een volledig programma aanbieden. We baanden ons een chronologische weg door de zorgpaden van het Federaal Kennis Centrum rond lage rugpijn en radiculaire pijn. Zo namen wij de (hyper) acute lage rugpijn voor ons rekening, het team van az Sint-Blasius Dendermonde de subacute lage rugpijn en het team OLV Ziekenhuis de chronische lage rugpijn. Er waren gewaardeerde bijdragen van medici en paramedici uit alle centra om ons een toch wel zeer volledig beeld te schetsen van de richtlijnen die werden uitgezet. Er werd vlot naar elkaars standpunten verwezen, er is duidelijk heel wat dat ons verbindt.

PIJNSYMPOSIUM ASZ- OLV ZIEKENHUIS EN AZ SINT-BLASIUS -5 OKTOBER 2017-ZAAL INTERMEZZO LEDE

Dr. N. Blyaert Anesthesist-algoloog Afdelingshoofd Pijnkliniek en Palliatieve Zorg

Dr. J. Van Overschelde sloot het congres af met een presentatie over de huidige trends in de behandeling van meniscusletsels. Meniscusletsels komen vaak voor en worden frequent geopereerd in onze dienst. Er werd echter ook aandacht besteed aan de meniscusletsels die niet geopereerd dienen te worden.

We blikken heel tevreden terug op het pijnsymposium van donderdag 5 oktober 2017. De Pijnkliniek van het ASZ en de dr. N. Blyaert, diensthoofd Pijnkliniek en Palliatieve zorgen dr. D. Van Den Berghe, anesthesist- algoloog ASZ, dr. A. Callewaert, diensthoofd Anesthesie az Sint-Blasius ,

novmeber 2017 - Terugblik Symposia

dr. J. De Witte, diensthoofd Anesthesie OLV Ziekenhuis

11


Nieuws uit het land van

INFECTIEPREVENTIE binnen het ASZ. DR. ERICA SERMIJN ARTS INTERNIST/INFECTIEZIEKTEN/ INFECTIEPREVENTIE

OKTOBER: INTERNATIONALE ‘MRSAAWARENESS MONTH’: NIEUWE PROCEDURE VOOR HET SCREENEN NAAR MRSA BINNEN HET ASZ! Staphylococcus aureus is een bacterie die zeer veelvuldig voorkomt, en waarbij we weten dat 30-50% van de bevolking gekoloniseerd is met de bacterie. Wij maken hierbij het onderscheid tussen een MSSA (methicilline gevoelige Staphylococcus aureus) en een MRSA (methicilline resistente Staphylococcus aureus), die vaak niet meer gevoelig is aan diverse antibiotica. Beide kiemen kunnen verantwoordelijk zijn voor ernstige infecties zoals het optreden van een sepsis, een endocarditis, ea. Binnen een ziekenhuismilieu kan MRSA snel worden doorgegeven van patiënt naar patiënt of gezondheidsmedewerker toe, en dit via direct of indirect contact. Omwille van deze reden blijft het belangrijk dragerschap van de kiem tijdig te detecteren teneinde overdracht binnen het ziekenhuis te kunnen voorkomen en dit door middel van screening. Wij wensen dit graag nog eens onder jullie aandacht brengen daar ook oktober internationaal bekend is als ‘MRSA Awareness Month’. Wij pasten recent dan ook onze procedure aan binnen het ASZ waarbij er een strenger beleid wordt gevoerd met uitbreiding van indicaties voor screening. Naast de gebruikelijke indicaties zoals patiënten ouder dan 70 jaar, patiënten afkomstig uit een gemeenschapshuis, patiënten die frequent verblijf hadden in een ziekenhuis, of patiën-

ten die thuisverpleging krijgen, wordt nu ook screening verricht bij patiënten die opgenomen worden met een huid - of weke delen infectie, patiënten die werken als zorgverlener, en patiënten die frequent in contact komen met (pluim)vee. Uiteraard zullen alle patiënten die ooit reeds drager waren van MRSA of in contact kwamen met een MRSA-drager ook gescreend worden. Als patiënten langer dan een week verblijven binnen het ziekenhuis wordt ook herscreening verricht om uit te sluiten dat er binnen het ziekenhuis overdracht van MRSA optreedt. Als patiënten uit het ziekenhuis vertrekken naar een revalidatiecentrum of een gemeenschapshuis zal tevens voor vertrek een nieuwe screening verricht worden, waarbij de informatie wordt gecommuniceerd aan de nieuwe verblijfplaats.

Dragerschap van MRSA kan eenvoudig worden opgespoord door gebruik van wissers. Wij kozen binnen het ASZ voor een beleid waarbij met een set van wissers niet enkel de neus, maar ook keel en perianale regio zullen gescreend worden. Dit omwille van het feit dat de opbrengst van screening stijgt van 78% naar 98% door het screenen van deze drie sites.


PREVENTIE VAN POSTOPERATIEVE WONDINFECTIES BINNEN HET ASZ: INTRODUCTIE VAN EEN ZORGBUNDEL Het optreden van postoperatieve wondinfecties (POWI) na heelkunde resulteert in een gedaalde levenskwaliteit, toename van het aantal hospitalisatiedagen, een verhoogde mortaliteit en een hoger risico op een re-interventie en een heropname. POWI’s vormen ongeveer 17 % van alle nosociomale infecties met een incidentie van ongeveer 17.000 POWI’s per jaar volgens de gegevens van het WIV (Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid). De verwekker van postoperatieve wondinfecties komt vrijwel altijd tijdens de operatie in het wondgebied terecht. Het al dan niet volgen van een infectie na contaminatie van de wond met bacteriën hangt af van diverse factoren waaronder de virulentie van de bacterie, het aantal bacteriën in de wond, de mate van de weefselschade, het al of niet aanwezig zijn van lichaamsvreemd materiaal, en andere factoren zoals weerstand tegen infecties en al dan niet gestoorde wondgenezing.

Een postoperatieve wondinfectie is steeds gerelateerd aan een operatieve procedure en treedt op ter hoogte van of in de nabijheid van de chirurgische incisieplaats binnen de 30 dagen na de procedure of tot één jaar als er niet humaan prothetisch materiaal werd geïmplanteerd. Daar we het aantal postoperatieve wondinfecties binnen het ASZ zo beperkt mogelijk willen houden, introduceren wij een zorgbundel bestaande uit een aantal essentiële elementen die belangrijk zijn in het vermijden van postoperatieve wondinfecties. Uiteraard blijft het steeds opvolgen van standaard voorzorgsmaatregelen en het toepassen van strikte handhygiëne essentieel. De zorgbundel omvat een aantal elementen waaronder: een preoperatieve Staphylococcus aureus screening en decontaminatie (in het bijzonder bij cardiothoracale ingrepen en orthopedische ingrepen met plaatsen van vreemd materiaal), preoperatieve ontharing (enkel als echt noodzakelijk) door middel van clipping, preoperatief wassen van patiënt met antimicrobiële zeep, het correct gebruik van perioperatieve antibioticaprofylaxe volgens intern protocol, en het perioperatief streven naar normoglycemie en normothermie. Bij electieve ingrepen zal op consultatie aan de patiënt steeds een brochure worden meegegeven betreffende preoperatief wassen met antimicrobiële zeep en preoperatieve Staphylococcus aureus screening en decontaminatie. In principe zal de screening gebeuren op een preoperatieve consultatie doch als wordt opgemerkt door de huisarts dat dit niet zou uitgevoerd zijn, kan de huisarts steeds contact opnemen met de dienst Infectiepreventie van het ASZ om screening alsnog te laten uitvoeren. Wij zullen ook binnen het ASZ vanaf december 2017 starten met registratie van postoperatieve wondinfecties waarbij we voor een aantal specifieke ingrepen bij ontslag van patiënt een document zullen meegeven voor de huisarts om zeker tot 30 dagen na datum van ingreep een opvolging te kunnen verzekeren van het mogelijk optreden van een POWI. Wij trachten via deze weg vanuit de dienst Infectiepreventie in het ASZ het aantal nosocomiale infecties zoveel mogelijk te beperken en dit voor een betere veiligheid van de patiënt.

novmeber 2017 - Infectiepreventie

Als een patiënt MRSA-drager blijkt te zijn, zullen er extra voorzorgsmaatregelen worden genomen en zal deze patiënt in ‘contactisolatie’ worden opgenomen. Dit betekent dat de patiënt zal verpleegd worden in een éénpersoonskamer waarbij naast de standaard voorzorgsmaatregelen en correct toepassen van handhygiëne ook het gebruik van handschoenen en schort noodzakelijk zal zijn. In bepaalde omstandigheden zal ook een masker dienen aangewend te worden zeker als MRSA ook in sputumstalen zou gedetecteerd worden. Er zal ook bij MRSA positieve patiënten steeds een decontaminatieschema gestart worden op basis van het gebruik van antibacteriële zeep, een chloorhexidine keelspray, en mupirocine neuszalf en dit gedurende vijf dagen. Nadien zal een controle screening voorzien worden. Een patiënt kan pas uit isolatie als er drie negatieve screeningstalen voorhanden zijn. Wij trachten uiteraard steeds voldoende uitleg te verstrekken aan onze patiënten en hun familie, om deze extra maatregelen te duiden. Wij hopen alvast om op deze manier de transmissie van MRSA absoluut te voorkomen binnen het ziekenhuis, om zo finaal ook het aantal ernstige infecties door MRSA zo veel mogelijk te beperken!

13


NIEUWE ARTSEN INTRODUCTIE Dr. Kevin De Cock

Uitbreiding Dienst Fysische Geneeskunde en Revalidatie In 2004 studeerde Kevin De Cock af als arts aan de Universiteit Gent. Zijn specialisatieopleiding Fysische Geneeskunde en Revalidatie voltooide hij in 2009 en aansluitend werd hij staflid in het UZ Gent. Daar was hij tussen 2009 en 2017 voornamelijk verantwoordelijk voor de unit elektrofysiologie (EMG/ SEP/MEP) en de unit locomotore echografie. Hij was ook betrokken bij de opleiding van ASO’s. Tussen 2012 en 2014 volgde hij een postuniversitaire opleiding Ziekenhuismanagement en tevens een bijkomende opleiding Revalidatie op de SP dienst UZ Gent. Als kwaliteitspromotor binnen de sector bewegingsstelsel en NIAZ-auditor gaf hij het eerste NIAZ traject (2012-2016) van het UZ Gent mee vorm. In 2015 werd hij lid van de medische raad UZ Gent. In 2016 werd hij aangesteld als afdelingshoofd Fysische Geneeskunde, verantwoordelijk voor de organisatie van de zorg op de polikliniek, het sportmedisch centrum, de ambulante revalidatie en de revalidatie in het beddenhuis. Hij kijkt er naar uit een bijdrage te kunnen leveren aan de uitbreiding van de SP revalidatieafdeling te Wetteren en het poliklinisch team te Aalst. Vanaf oktober 2017 vervoegt hij de associatie Fysische Geneeskunde en Revalidatie / Rheumatologie.

Dr. Erika Paeps

Uitbreiding dienst Pediatrie In 2012 studeerde Erika Paeps af als arts aan de Vrije Universiteit Brussel waarna zij haar opleiding tot kinderarts aanving. In haar eerste jaar kindergeneeskunde ging zij van start op de Pediatrische afdeling van het ASZ Aalst onder begeleiding van stagemeester dr. Stefaan Peeters. Vervolgens keerde ze in haar tweede jaar terug naar het UZ Brussel alwaar ze zich voornamelijk bekwaamde in de algemene pediatrie. Tijdens haar derde opleidingsjaar werkte zij op de dienst voor Medische Genetica van het UZ Brussel waar zij instond voor de prenatale consultaties en opvolging van kinderen geboren na IVF (in-vitrofertilisatie), IVM (in-vitromaturatie) en ICSI (intracytoplasmatische sperma-injectie). Daarnaast voorzag zij ook een consultatie voor eerste intake van mensen met een mogelijks onderliggend genetisch probleem. De laatste twee jaar van haar opleiding roteerde zij tussen de verschillende pediatrische diensten in het UZ Brussel waaronder Neonatologie, Intensieve zorgen Pediatrie, Spoed Pediatrie en Kinderpneumologie. Na vijf jaar opleiding tot algemeen kinderarts keert zij nu terug naar het ASZ te Aalst om de maatschap van dr. Peeters, dr. Casteels en dr. Gadeyne te versterken; en dit vanaf 1 oktober 2017. Daarnaast zal zij ook deeltijds werkzaam zijn op de consultatieafdeling van campus Wetteren.

Dienst Fysische Geneeskunde, Revalidatie, Sportgeneeskunde,

Dienst Pediatrie ASZ-campus Aalst: ✆ 053 76 47 94

Reumatologie , E.M.G. ASZ-campus Aalst: ✆ 053 76 48 45

ASZ-campus Wetteren: ✆ 09 368 82 11

ASZ campus Wetteren: ✆ 09 368 82 06


BIJSCHOLINGEN Bijscholingen in organisatie met de Medische Staf ASZ: Algemeen Stedelijk Ziekenhuis campus Aalst, Geraardsbergen en Wetteren. Accreditering aangevraagd. Meer info: Katrien Vangeyte, verantwoordelijke bijscholingen.

CAMPUS AALST NOVEMBER

28 JANUARI

23

FEBRUARI

27

28 NOVEMBER 2017 Zwangerschapsopvolging anno 2017 dr. G. Verhulst en dr. L. Vonck, dienst Gynaecologie ASZ DECEMBER - GEEN BIJSCHOLING 23 JANUARI 2018 Bekkenbodempathologie: een multidisciplinaire aanpak dr. C. Geniets, dienst Medische Beeldvorming ASZ dr. K. Klockaerts, dienst Urologie ASZ-dr. T. Vierendeels, dienst Abdominale Heelkunde ASZ en dr. L. Vonck, dienst Gynaecologie ASZ 27 FEBRUARI 2018 Hoofd en hals-chirurgie nader bekeken dr. L. De Schryver en dr. S. Vandekerckhove, Dienst NKO ASZ

JANUARI

11 FEBRUARI

1

novmeber 2017 - Nieuwe artsen - Bijscholingen

CAMPUS GERAARDSBERGEN DECEMBER - GEEN BIJSCHOLING 11 JANUARI 2018 Opvolging van longnodules Dr. E. Peeters, dienst Radiologie ASZ 1 FEBRUARI 2018 Nieuwe richtlijnen voor cardiovasculaire screening en preventie dr. H. Hermans, dienst Cardiologie ASZ

CAMPUS WETTEREN JANUARI

3 FEBRUARI

7

DECEMBER - GEEN BIJSCHOLING 3 JANUARI 2018 Immunotherapie opnieuw in de kijker dr A. -M. Vander Mijnsbrugghe, dienst NKO ASZ 7 FEBRUARI 2018 Neuropathie n. ulnaris ter hoogte van de elleboog: kliniek en diagnostiek dr. K. De Cock, dienst Fysische Geneeskunde en Revalidatie ASZ

Consultatie uren dr.D. Van Der Fraenen ASZ campus Wetteren

Vanaf oktober 2017 : obesitas en aanvullend andere pathologieën binnen algemene en abdominale heelkunde, om de twee weken op donderdag voormiddag. Op latere termijn uitbreiding mogelijk. ASZ, campus Wetteren: T 09 3688206

15


ASZ campus aalst Merestraat 80 9300 Aalst t +32 (0)53 76 41 11 f +32 (0)53 76 68 09

campus geraardsbergen Gasthuisstraat 4 9500 Geraardsbergen t +32 (0)54 43 21 11 f +32 (0)54 43 21 12 www.asz.be

V.U.: Katrien Vangeyte, PR Manager vzw Medische Staf ASZ V.U.: SabineGeert Siau,Brantegem, alg. dir wnd., p/a ASZ, Merestraat Adviesraad: Directeur vzw Medische 80, Staf9300 ASZ Aalst

campus wetteren Wegvoeringstraat 73 9230 Wetteren t +32 (0)9 368 82 11 f +32 (0)9 368 82 74


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook