Skip to main content

Better Together voorjaar 2026

Page 1


Better Together

Impact op het erf

Halverwege het jaar. Eigenlijk te vroeg om iets te zeggen over het verloop van 2026, maar toch schrijf ik dit voorwoord met enig optimisme. Rondom de publicatie van onze jaarcijfers over 2025 waren alle ogen op Agrifirm gericht en hoe prettig is het dan om een positief verhaal te mogen vertellen. Geen verrassing, want het mooie resultaat voor 2025 is het gevolg van een duidelijke strategie en doordachte keuzes. In de eerste maanden van 2026 trokken we die lijn verder door, met een herstel van een aantal belangrijke markten zoals Polen en LatijnsAmerika en mooie resultaten van business units als Welkoop, Plant en Specialties.

We hebben het huis op orde, en dat biedt ruimte om de blik ook weer naar buiten te keren en open te staan voor groei. Een prachtig voorbeeld is de overname van Hamlet Protein afgelopen voorjaar, waarover je meer leest op pagina 21. Het past in de langetermijnstrategie die we als Royal Agrifirm Group hebben vastgesteld en bevestigt ons vertrouwen in die koers.

Dat hernieuwde zelfvertrouwen komt ook tot uiting in de herpositionering van Agrifirm in verschillende sectoren. Onder de noemer TeeltKracht stond onze boodschap voor de plantaardige sectoren de eerste maanden van het jaar al volop in de spotlight. Recenter lanceerden we onze belofte voor een krachtige bio-business en onze visie op de geitensector. Mooi om dan in deze Better Together te lezen hoe dat aansluit bij de praktijk van een ondernemer.

Uiteindelijk is het het erf van onze leden waar we met kennis en innovaties het verschil maken. De Zomerzak tegen hittestress bij melkvee en BalansBemesting Aardappel voor een betere benutting van meststoffen en minder uitspoeling zijn mooie voorbeelden hiervan, maar ook in ketenprojecten kunnen we een verschil maken. Neem bijvoorbeeld onze samenwerking met Albert Heijn. Na een succesvolle pilot in de pluimveevleesketen, gaan we nu ook samenwerken om de klimaatimpact van eieren en varkensvlees te verlagen met aantoonbaar duurzaam geteelde soja.

Volop mooie voorbeelden en initiatieven, uiteindelijk allemaal terug te voeren op de kennis en expertise van onze mensen. Want dat is waar we écht het verschil mee maken. Juist daarom ook zetten we dit jaar in op trainingen voor onze mensen, zodat ze hun kennis nog beter kunnen inzetten voor onze leden en voor de coöperatie.

CEO Royal Agrifirm Group

Akkerbouwbedrijf

Lohues

Bert Lohues uit Erica (DR)

Op dit familiebedrijf runt Bert

Lohues samen met zijn ouders een akkerbouwbedrijf waar ze zo’n 500 hectare bewerken. De focus ligt op aardappelen, aangevuld met suikerbieten, granen en uien. Op het bedrijf werken ze met een klein, vast team en doen ze het grootste deel van het werk zelf. In de komende jaren wordt het erf uitgebreid met de bouw van een nieuwe bewaarloods.

“We bewerken zo’n 500 hectare, waarvan ongeveer 160 à 170 hectare in Duitsland. Aardappelen zijn met ongeveer 250 hectare veruit het belangrijkste gewas, aangevuld met suikerbieten, granen en uien. We doen hier bijna alles zelf: van grondbewerking tot oogst. Alleen bemesten laten we door de loonwerker doen.”

“Achter de nieuwe loods komt een plein dat als stortplaats voor losgestorte producten kan dienen. Daarnaast komt er nog een kleine schuur voor de veldspuit, met een wasplaats, fytobak (een biologisch zuiveringssysteem) en opslag voor gewasbeschermingsmiddelen. Ook wordt het pad aan de linkerkant van het erf verbreed.

In combinatie met de overkapping in het midden van de nieuwe loods wordt het zo mogelijk om een rondje te rijden achter op het erf.”

“Deze middelste loods is eind jaren 80 gebouwd en wordt gebruikt voor de opslag van pootgoedaardappelen en zetmeelaardappelen. De loods links hiervan is de huidige bewaarloods. Deze gebruiken we nu nog voor aardappelen en uien. Als de nieuwe bewaarloods af is, stellen we deze buiten bedrijf en wordt dit machineberging.”

“Samen met Agrifirm Exlan hebben we plannen uitgewerkt voor een nieuwe bewaarloods van 80 bij 45 meter voor aardappelen en uien. De loods wordt opgedeeld in drie delen: aan beide zijden komen bewaarschuren met elk drie cellen van 900 ton en in het midden een overkapping. De loods wordt voorzien van moderne bewaartechnieken, zodat we temperatuur en ventilatie nauwkeurig kunnen sturen. De vergunning is inmiddels aangevraagd, maar de bouw laat nog even op zich wachten; waarschijnlijk starten we binnen één à twee jaar.”

“Deze loods is de nieuwste, gebouwd in 2017. Hier zit onze werkplaats en machineberging. Omdat we bijna alle werkzaamheden zelf uitvoeren is deze werkplaats onmisbaar.”

“Regelgeving is onze grootste uitdaging”

Bedrijf

> Geitenhouderij met 1.700 melkgeiten

> Klein team aan vaste medewerkers, flexibele krachten in aflammerseizoen

> Ca. 25 hectare grond

Midden in het groen, aan de Gein in Abcoude, werkt Wim Buts elke dag hard om zijn geitenhouderij draaiende en in ontwikkeling te houden. Een uitdaging die niet altijd makkelijk is , maar wel één waar Wim nog altijd plezier en voldoening uit haalt.

Kun je vertellen hoe je op deze plek terecht bent gekomen?

“Mijn ouders hebben deze boerderij in 1990 gekocht. Na mijn studie aan de HAS in Leeuwarden ben ik hier koeien gaan melken. Rond 2008 besloot ik het roer om te gooien en van koeien over te stappen naar geiten en heb ik de aanvraag voor een geitenhouderij ingediend. In 2015 kon ik de eerste geiten kopen en in 2016 startte ik de geitenhouderij met ca. 650 geiten.”

Inmiddels is het bedrijf een stuk groter. Hoe heb je die uitbreiding gerealiseerd?

“In 2016 wilde ik eigenlijk meteen uitbreiden en heb ik ook de aanvraag al ingediend. Op basis van de AERIUSberekeningen kreeg ik 2.100 geiten toegewezen en ik kreeg ook de Natuurwetvergunning (Wnb). In 2018 startte ik met de bouw van de nieuwe stal. Helaas heeft het toen nog een hele tijd geduurd voor ik de omgevingsvergunning rond kreeg, dat gebeurde pas in 2022. Daarna hebben we opgeschaald en inmiddels heb ik 1.700 melkgeiten.”

Hoe gaat het nu met het bedrijf, wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen geweest de afgelopen jaren?

“Het gaat goed. De geiten doen het goed. Gemiddeld geven ze zo’n 3,6 liter per dag en daar ben ik heel tevreden mee. We melken drie keer per dag in een 40-stands melkcarrousel. Rust in de stal vind ik belangrijk, dat heeft een positief effect op de resultaten. De fokkerij pakken we sinds twee jaar anders aan, dat heeft ook z’n effect. We werken nu met KI. Dat werpt nu zijn vruchten af. Ik vind het belangrijk het bedrijf gesloten

>>

>>

te houden om zo CAE/CL en SCRAPIE-vrij te blijven. Voor de opfok werken we met een opfoklocatie in Rutten. We draaien drie rondes in het jaar, waarvan een groot deel naar Rutten gaat en een deel verkocht wordt.”

Drie keer per dag melken, dat is intensief. Wat is hier de belangrijkste reden voor?

“Eigenlijk zijn daar meerdere redenen voor. Het bevordert de uiergezondheid van de geiten en dat vind ik belangrijk. Om die reden werken we ook met een spray-systeem. Daar ben ik vorig jaar mee begonnen. Alle geiten worden gesprayd, om zo de uiergezondheid te bevorderen. Tot nu toe zien de resultaten er goed uit, we hebben weinig last van blauwuier. Daarnaast zien we dat het drie keer melken ook een positief effect heeft op de productie en arbeidstechnisch kunnen we het voor elkaar krijgen met het team.”

Wat zijn de grootste uitdagingen waar je als geitenhouder mee te maken hebt?

“De wet- en regelgeving. De jaren dat er een geitenstop werd afgegeven en ik mijn omgevingsvergunning niet kreeg, hebben me behoorlijk wat kopzorgen bezorgd. Het heeft me ontzettend veel energie, tijd en geld gekost, ondanks dat ik uiteindelijk gelijk kreeg en de uitbreiding toch in gang gezet kon worden.”

Hoe ben je hiermee omgegaan?

“Om financieel het hoofd boven water te kunnen houden, ben ik gaan kijken naar andere mogelijke inkomstenbronnen. Zo zijn we in die tijd gestart met de productie en verkoop van geitensoftijs en milkshakes vanaf het erf. Het is hier een toeristische omgeving, dus dit liep eigenlijk best goed. Vanaf Amsterdam kwamen mensen op de fiets om hier een ijsje te eten, zo populair was het. Alleen qua

personele bezetting gaf het ook uitdagingen. Dat is de reden dat we er uiteindelijk toch weer mee gestopt zijn toen de uitbreiding van de stal door ging. Ook om de focus weer volledig op de geiten te kunnen leggen.”

En emotioneel? Wat doet een proces als dit met je?

“Het kost je veel energie. Je moet veel ballen in de lucht houden. Natuurlijk ben ik soms boos geweest, maar ik weet dat ik alles gedaan heb wat mogelijk was binnen de regels. Ik kan er goed mee omgaan. Elke dag kijk ik in de spiegel en vraag mezelf af of ik m’n best heb gedaan. Zo lang dat goed zit, ben ik tevreden en kijk ik vooruit.”

Er is momenteel veel maatschappelijke discussie over geitenhouderijen en mogelijke gezondheidsrisico’s voor omwonenden. Hoe ga jij daarmee om?

“Ik heb meegedaan aan onderzoeken voor het VGOrapport. In mijn directe omgeving zijn de reacties wisselend: er zijn positieve en kritische geluiden. Vaak hebben mensen geen duidelijk beeld van hoe

het hier op de boerderij werkt. Ik heb er in ieder geval geen moeite mee om mijn bedrijf open te stellen en te laten zien hoe we werken. Iedereen is welkom.”

Waar haal je zelf het meeste plezier en voldoening uit?

“Ik haal veel plezier uit het werken met mensen. Het is fijn om een aantal vaste medewerkers te hebben, zoals bijvoorbeeld Marijke. Zij is echt mijn rechterhand. Ook de uitdagingen die ik tegenkom, houden het leuk. Het is net een grote puzzel, alles moet bij elkaar komen en soms moet je net dat ene stukje vinden om het plaatje compleet te krijgen.”

Hoe kijk je naar de toekomst van het bedrijf?

“Verdere uitbreiding is niet nodig, maar ik blijf het interessant vinden om naar nieuwigheden te kijken om het bedrijf te ontwikkelen. Zo gaan we in de zomer ventilatoren neerhangen in de stallen voor een nog beter klimaat en zijn we bezig met individueel voeren om de gezondheid en productie van de geiten te bevorderen. Er valt altijd iets te verbeteren.”

Integrale aanpak ondersteunt geitenhouders

Er gebeurt veel in de geitensector. Onderzoeken, wet- en regelgeving en maatschappelijke discussies maken groei nauwelijks nog mogelijk en hebben ook grote invloed op de praktijk. Om binnen de grenzen nog te kunnen groeien en optimaliseren, is een andere aanpak en strategie nodig. Wilbert Leermakers, sectormanager Vleesvee en Geiten, vertelt hoe Agrifirm hierop inspeelt.

“Onze focus ligt steeds meer op verregaande professionalisering. Hoe kunnen ondernemers binnen de grenzen die er zijn optimaliseren en hun rendement verbeteren?”, vertelt Wilbert. “De vernieuwde strategie draait vooral om een integrale en datagestuurde aanpak. We kijken verder dan alleen voer. We denken mee over ruwvoerteelt, duurzaamheid, optimalisaties binnen het hele bedrijf en natuurlijk het rendement.” Hij vervolgt “Protocollair werken neemt een steeds grotere vlucht op de geitenbedrijven. Goed sturen en coachen van meewerkende personeelsleden is cruciaal in het succesvol managen van een geitenbedrijf.”

Data, innovaties en segmentatie

Een belangrijke pijler daarin is een meer datagestuurde bedrijfsvoering, zeker cruciaal bij het individueel voeren van melkgeiten. “Daarbij brengen we de prestaties van de geit nog nauwkeuriger in kaart en stemmen we de voergift hierop af. In de praktijk zien we dat ondernemers hier steeds actiever mee bezig zijn. Aan de andere kant zien we ontwikkelingen in het managen van grote koppels geiten in een bepaalde groep of pot. Agrifirm gaat het assortiment hier nog beter op afstemmen. Ook innovaties spelen een belangrijke rol, vertelt Wilbert. “Neem bijvoorbeeld de ontwikkeling van

Geitenbrij, in samenwerking met Bonda. Deze duurzame en circulaire voeroplossing laat in de praktijk een hoge voerefficiëntie zien, bij een minimaal gelijkblijvende melkproductie, en het komt de vitaliteit van de geit ten goede.”

Integrale aanpak

Wilbert benadrukt dat vooral de mensen en hun specifieke kennis van onschatbare waarde zijn. “We hebben een gespecialiseerd team van adviseurs dat zich volledig richt op de geitensector. Ook binnen Agrifirm Exlan werkt een collega die volledig gespecialiseerd is in de geitenhouderij. Daardoor kunnen we ondernemers goed ondersteunen bij alles wat mogelijk is binnen de wet- en regelgeving. Juist die integrale aanpak maakt deze strategie sterk.”

“De sector is professioneel ingericht en volop in ontwikkeling. Met deze nieuwe strategie willen we ondernemers daarin nog beter ondersteunen” sluit Wilbert af.

Lees

ook het interview met geitenhouder Wim Buts voor meer achtergrond over de actuele uitdagingen waar geitenhouders mee te maken hebben (zie pagina 6).

Van BioTeam naar BioSterk

Half april, tijdens de Biobeurs in Apeldoorn, werd de nieuwe biologische belofte van Agrifirm gelanceerd: BioSterk. Een belofte waarin kennis, product en ondersteuning samenkomen voor een krachtig biobedrijf. Jan Hoekman, Manager Biologisch bij

Agrifirm: “Met BioSterk kijken we breder dan alleen productniveau. Het gaat veel meer om het totale bedrijf met de focus op een goed bedrijfsrendement. We willen meedenken met onze klanten en alle kennis en expertise van de coöperatie inzetten om boeren verder vooruit te helpen in de biologische sector. We zien dat veel ondernemers wel willen, maar niet altijd weten hoe. Hier denken we graag in mee. Samen kijken we welke keuzes we kunnen maken die passen bij het bedrijf, het verdienmodel en de toekomst.” Ook de kracht van de coöperatie komt hier terug. Jan: “Bio wordt veel breder uitgerold binnen de gehele coöperatie en we integreren meer met gangbaar. We gebruiken echt de kracht van heel Agrifirm om bio naar een hoger niveau te tillen.” Dat maakt Bio Sterk.

Benieuwd wat BioSterk voor jouw bedrijf kan betekenen? Neem contact op met je Agrifirm-adviseur of scan de QR-code voor meer informatie.

BioSterk

Wie?

Margé Emmens (50) met haar kinderen Marit (20) en Henkjan (18)

Wat?

Nieuw bedrijfspand in aanbouw voor Topgazon

Graszoden & Stal

Emmens Pleegmerries

Waar?

Marwijksoord (DR)

Wanneer?

21 april 2026

Samen met haar man Arnout (49) en broer Arwolt (52) is Margé Emmens eigenaar van Topgazon, een Drents familiebedrijf dat graszoden teelt en verkoopt. Naast de graszoden kent het bedrijf ook nog een pleegmerrietak onder de naam Stal Emmens Pleegmerries. Momenteel wordt er druk gebouwd aan het nieuwe bedrijfspand in Marwijksoord, waarbij Agrifirm Exlan de gehele bouwbegeleiding verzorgt. Omdat het de eerste keer is dat de ondernemers nieuw bouwen, zijn Margé en haar compagnons erg blij met deze ondersteuning en het meedenken. Inmiddels zijn de vloeren gestort, zowel in het bedrijfspand voor Topgazon als bij de paardenstal voor de pleegmerries, en momenteel wordt er druk gewerkt aan de kozijnen en damwandplaten. Een strakke einddatum is er niet, maar de ondernemers gaan ervan uit dat ze ergens dit jaar het nieuwe pand in gebruik kunnen gaan nemen.

Coöperatie in gesprek met politiek en beleidsmakers

Van wetten en regels tot maatschappelijke discussie: overheid en politiek hebben een grote invloed op de toekomst van de agrarische sector in ons land. Juist daarom is het zo belangrijk om als sector in gesprek te zijn en te blijven met politici en beleidsmakers. Als coöperatie ziet Agrifirm het als haar rol om, samen met andere partijen, dat gesprek actief aan te gaan. Van een ontbijtsessie voor Tweede Kamerleden tot een inhoudelijke bijdrage aan een Rondetafelgesprek.

Als coöperatie heeft Agrifirm de opdracht van haar leden om bij te dragen aan de maatschappelijke acceptatie van de sector. Dat is zelfs vastgelegd in de statuten en staat regelmatig op de agenda bij de Ledenraad.

Economie en ecologie

“Daarnaast geloven we dat de discussies die in de maatschappij spelen samen kunnen gaan met het verdienvermogen van de sector”, legt directeur Public & Cooperative Affairs Ruud Tijssens uit.

“Economie en ecologie kunnen absoluut hand in hand gaan, als je het op de juiste manier aanpakt. Wij zien daarbij een hoofdrol voor kennis en innovatie. Daarom zoeken wij actief het gesprek met de politiek op, om te delen hoe wij denken dat de sector een bijdrage kan leveren aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Met behoud, en liefst verbetering, van het verdienmodel voor de boer.”

“Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn om toch samen verder te komen.”

Samen verder komen

In 2025 vonden bijvoorbeeld verschillende veldbezoeken van politici plaats, in de eerste helft van 2026 was er onder andere een ontbijtsessie met Tweede Kamerleden en sprak Ruud Tijssens tijdens een Rondetafelgesprek in

de Tweede Kamer over doelsturing. Bedoeld om kennis en inzichten te delen, maar vooral ook om in gesprek te gaan. “Dat is het allerbelangrijkst. Juist door het gesprek te voeren leer je wat er speelt en hoe bepaalde politici ergens in staan, zodat je daar rekening mee kunt houden. We zien ook dat discussies die tijdens zo’n sessie ontstaan, daarna breder worden opgepakt in de politiek, dus daarmee kun je echt invloed hebben op de agenda”, ziet Ruud. Ook de kennismaking van CEO Piet Hilarides met de nieuwe landbouwminister Jaimi van Essen is daarom een belangrijke stap. Ruud: “We hebben als Agrifirm een goede relatie met het ministerie en zaten regelmatig met vorige ministers om tafel. Het is heel waardevol dat minister Van Essen dat voort wil zetten. Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn om toch gedeelde belangen te vinden en samen verder te komen.”

Verdienmodel

De rode draad van de boodschap van Agrifirm in deze gesprekken: een goed verdienmodel voor de boer is nodig om maatschappelijke uitdagingen aan te kunnen pakken en het kan ook helpen om bijvoorbeeld de milieu-impact te verkleinen.

Veel oplossingen die zorgen voor een beter rendement, dragen namelijk ook bij aan een lagere milieubelasting. “We zien dat bij concepten en oplossingen als de Totaal Phytophthora Aanpak en bijvoorbeeld BalansBemesting. Allebei voorbeelden die de benutting van bemesting of gewasverzorging verbeteren, wat direct zorgt voor een beter rendement en tegelijkertijd minder uitspoeling of emissies. Economie en ecologie gaan dus hand in hand en dat is geen toekomstmuziek, dat zien we nu al.”

Ruimte in het beleid

Innovatieve technieken om slimmer te werken dragen dus ook bij aan politieke doelen, alleen worden ze nog niet altijd zo herkend door de politiek, waardoor deze werkwijzen en oplossingen niet worden erkend in regelgeving. “Door dit aan de politiek uit te leggen, erover in gesprek te gaan en voorbeelden te laten zien, kan er ook ruimte in het beleid ontstaan voor bijvoorbeeld subsidieregelingen of KPI’s die het gebruik van bepaalde oplossingen stimuleren”, legt Ruud uit. “Dan kun je als sector en als politiek echt stappen zetten.”

‘Samenwerking tussen melkvee en akkerbouw draait om gunnen’

Verkiezingen 2026

Tijdens de districtsverkiezingen begin dit jaar stelden acht kandidaten zich opnieuw verkiesbaar. Met een positief stemresultaat kregen zij het vertrouwen van de leden opnieuw bevestigd. Tijdens de ledenraadsvergadering eind maart zijn zij dan ook herbenoemd als districtsbestuurder. Hieronder vind je een overzicht van de herkozen bestuurders. Wij wensen hen veel succes en inspiratie in hun nieuwe termijn!

Thomas Pollema (Friesland & Noord-Groningen)

René van Bunderen (Noord-Holland & Zuid-Holland)

Daan Goense (Zeeland, West-Brabant & OostBrabant)

Joost van der Pas (Limburg & Oost-Brabant)

Willem Voncken (Limburg & Oost-Brabant)

Ilse Verhoijsen (Limburg & Oost-Brabant)

Dirk van Helmond (Limburg & Oost-Brabant)

Jean Paul van Aubel (Limburg & Oost-Brabant)

“Je moet elkaar iets gunnen”. Dat is wat melkveehouder Wietze Jan Grijpma betreft de sleutel bij een samenwerking tussen akkerbouw en melkvee. Het levert hem zelf onder andere krachtvoer van eigen land op.

Wietze Jan Grijpma werkt op zijn melkveebedrijf met 100 koeien samen met zijn broer Jacob, die als akkerbouwer 140 hectare runt. Door deze samenwerking met zowel zijn broer als de buurman, die ook akkerbouwer is, heeft Wietze Jan veel kruidenrijk grasland en verbouwt en voert hij zijn eigen veldbonen.

Veldbonen en grasklaver in het rantsoen “Veldbonen zijn ondergewaardeerd”, vindt Wietze Jan, die door de samenwerking met akkerbouwers al acht jaar lang bonen teelt die hij zelf opslaat, belucht, plet én voert aan zijn melkkoeien. “De combinatie van 40 procent zetmeel met 30 procent eiwit maakt veldbonen een uniek krachtvoer.” Voor meer biodiversiteit werkt Wietze Jan met kruidenrijk grasland. En het levert hem ook nog eens 155 gram ruw eiwit per kg drogestof in zijn graskuil op ten opzichte van de 130 gram die hij eerst had.

Lees bij KennisBoeren over de ervaringen van Wietze Jan met veldbonen.

Ontdek zijn ervaringen in de KennisBoeren-podcast. #54.

Samen werken aan toekomstbestendige teelt

Proef in opdracht van Ledenraad laat waarde van coöperatie zien

'Precisiebemesting in aardappelen draagt bij aan goede opbrengsten, maar zorgt het ook voor minder uitspoeling, en daarmee een lagere milieuimpact?' Die vraag stond centraal in een proef die Agrifirm in opdracht van haar Ledenraad uitvoerde in de aardappelteelt. De eerste resultaten laten zien dat telers met een gerichte, datagestuurde aanpak vaker binnen de drempelwaarden voor nitraatuitspoeling blijven. Maar minstens zo belangrijk: het onderzoek laat zien hoe de coöperatie haar leden helpt om stappen te zetten richting een toekomstbestendige teelt.

De Nmin-residu proef kwam tot stand via de commissie Coöperatieprojecten van Agrifirm, waarin leden actief meedenken over de inzet van middelen voor onderzoek en innovatie. Akkerbouwer en ledenraadslid Ron Langendoen is nauw betrokken bij de commissie. “We kijken als commissie of een project echt toegevoegde waarde heeft voor de leden. In dit geval draait het om doelsturing: hoe ga je om met minder stikstof en hoe toon je aan dat je goed bezig bent? Dit is een belangrijk thema voor onze leden.”

Actuele analyses

De proef werd in 2025 uitgevoerd op 93 aardappelpercelen. Telers werkten daarbij met het Agrifirm concept Balansbemesting waarbij de stikstofgift wordt afgestemd op actuele bodem- en gewasanalyses. Gedurende het

seizoen ontvangen zij adviezen om gericht bij te sturen per perceel. In het najaar zijn vervolgens gestandaardiseerde metingen uitgevoerd naar het minerale stikstofresidu (N-min): de hoeveelheid stikstof die na de teelt in de bodem achterblijft en kan uitspoelen.

Betere stikstofbenutting, minder uitspoeling

De resultaten zijn duidelijk. Op kleigrond voldoet 96 procent van de percelen aan de voorlopige drempelwaarden van het 8e Actieprogramma Nitraatrichtlijn. Op zandgrond blijft 64 procent van de proefpercelen binnen de norm. Deze uitkomsten liggen bovendien aantoonbaar hoger dan elders wordt gevonden. Daarmee laat de proef zien dat gerichter bemesten bijdraagt aan een betere stikstofbenutting en minder uitspoeling.

Meerwaarde

Volgens Ron zit in onderzoek doen de kracht van de coöperatie. “De sector verandert en je moet als teler meebewegen. Als coöperatie kun je daarin het verschil maken, door kennis te ontwikkelen en te delen. Zo help je leden om met minder input toch het optimale resultaat te behalen.” Ron heeft besloten ook zelf deel te nemen aan de proef. “Je weet nu niet precies wat er daadwerkelijk in de grond zit en wat je erbij moet strooien. Dat kan per perceel verschillen, ik ben erg benieuwd naar de resultaten op mijn percelen.”

Van ervaren lid naar nieuw gezicht

De Agrifirm Jongerenraad is er voor ambitieuze jonge agrarische ondernemers die graag bestuurservaring op willen doen. Judith Jansen en Sil Kraakman zijn twee van hen. Judith heeft er inmiddels zes jaar lidmaatschap op zitten en verlaat de Jongerenraad binnenkort. Sil is pas net begonnen. Samen wisselen ze ervaringen uit.

Judith (27): “Mijn termijn zit erop. Ik heb inmiddels zes jaar lid mogen zijn en nu is het tijd voor nieuwe aanwas, dat is ook goed. Bovendien heb ik thuis genoeg te doen, er gebeurt ontzettend veel op ons bedrijf.” Judith heeft samen met haar ouders, broertje en twee zusjes een pluimveeen akkerbouwbedrijf in Nieuw-Buinen (DR). Een bedrijf dat volop in ontwikkeling is.

Alle sectoren samen

Sil (21) komt uit een andere hoek van Nederland. Samen met zijn vader runt hij in Sint-Maartensbrug (NH) een melkveebedrijf met 120 koeien. In de zomer werkt hij daarnaast ook nog bij een loonbedrijf. Sil: “Sinds november 2025 ben ik aangesloten bij de Jongerenraad. Ik werd getipt door iemand uit de buurt die ook lid is. Eerst dacht ik dat het alleen om melkvee ging, maar het is veel breder. Alle sectoren zijn aanwezig, je kunt veel van elkaar leren.”

Leuk en leerzaam

Naast voordelen als van elkaar leren en het opbouwen van een netwerk waarderen beiden de leuke uitjes. Zo was er in maart een 2-daagse excursie waarbij de jonge ondernemers interessante bedrijven bezochten, waaronder Hardemann Egg Group, een vleesveebedrijf en de Grolsch bierbrouwerij. “Het was intensief, maar ook gewoon heel gezellig”, geeft Sil aan. Judith: “Iedereen maakt echt tijd vrij voor deze uitjes. We verbleven met z’n allen in een groot huis in Losser. Je leert elkaar dan echt goed kennen.”

Unieke kans

Sil: “Wat ik ook interessant vind, is dat je via deze weg Agrifirm als coöperatie goed leert kennen.” “En dat je ook echt wat te zeggen hebt”, vult Judith aan. “Als jonge ondernemer krijg je de kans om rechtstreeks in contact te komen met het coöperatiebestuur en de Raad van Commissarissen en mee te denken over bepaalde vragen. Dat is heel bijzonder, en belangrijk. Wij als jongeren zijn de toekomst van de coöperatie en daarnaast hebben we de coöperatie ook nodig. We moeten elkaar scherp houden.”

Sil heeft zin in zijn tijd bij de Jongerenraad. “Ik hoop een mooi netwerk op te bouwen, veel over Agrifirm te leren en vooral ook kennis over andere sectoren op te doen. Er is meer dan alleen koeien, zeg ik vaak.” Judith heeft nog een mooie tip voor hem: “Durf vooral veel vragen te stellen. Intern, maar zeker ook buiten de coöperatie. Die informatie kun je weer omzetten in kansen voor je eigen onderneming.”

Excursie Young Agrifirm

In februari ging Young Agrifirm met 22 jonge melkveehouders op excursie door Noord-Nederland en Duitsland. Van een rondleiding in de fabriek in Drachten tot inspirerende bedrijfsbezoeken aan Wim Bos, Wietze Duursma en Ter Bogt. De melkveehouders kregen volop inzichten in efficiënt werken en wat er echt komt kijken bij goed melken. Het was een zeer geslaagde excursie met een topgroep – zeker voor herhaling vatbaar!

Ben je ook een ambitieuze jonge agrarische ondernemer die graag bestuurservaring op wil doen? Meld je dan aan via onze website:

Succesvolle Agrarische Jongerendag

Op 4 februari 2026 kwamen jonge boeren, kwekers en telers samen in de Midden Nederland Hallen voor de Agrarische Jongerendag. Onder het thema ‘voer voor vooruitgang’ stonden inspiratie, ontmoeting en innovatie centraal. Het was een dag vol verhalen van collega’s, sprekers die nieuwe inzichten deelden en volop mogelijkheden om ideeën uit te wisselen. Samen keken we vooruit, deelden we ervaringen en ontdekten we hoe we onze bedrijven en de sector kunnen blijven vernieuwen.

Jesper Bouma (8) uit Rutten

“Ik ben gek op machines. Trekkers, heftrucks, verreikers en mijn eigen KTMkindercrossmotor… Als het maar hard klinkt en er stoer uitziet. Aan de keukentafel hoor ik vaak al welke trekker er langs rijdt, puur op het geluid. Op het akkerbouwbedrijf van mijn ouders hebben we een Case. Dat vind ik de mooiste, maar we lenen ook weleens een John Deere of een Valtra erbij als het druk is. Ik ga vaak met mijn vader mee het land op, bijvoorbeeld

om te ploegen. Dan nemen we boterhammen mee en zijn we uren weg. Ik help ook met het afspuiten van de trekker of het verwisselen van de banden. Bij het ploegen gebruiken we dikkere banden op de trekker dan met het poten van de aardappelen. Dan sta ik al klaar met de momentsleutel of ik zoek het juiste gereedschap bij elkaar. Zo word ik steeds handiger en technischer.” j ng

Overname Hamlet Protein: een gouden match

De overname van Hamlet Protein, afgelopen maart, werd vol enthousiasme aangekondigd door Royal Agrifirm Group. Wat maakt dit zo’n belangrijke stap, hoe draagt de overname bij aan de strategie van Agrifirm en hoe gaat zo’n proces in zijn werk? Bas van Driel, Group Director Specialties, vertelt ons er meer over.

“Als Agrifirm Specialties hebben we een duidelijk doel voor de komende jaren: we willen de nummer één in de markt worden. In marktaandeel, maar belangrijker nog is om voor onze klanten de nummer één te zijn in het leveren van ingrediënten voor jongdiervoeders”, trapt Bas af. “Een overname kan dat proces versnellen, maar alleen als het om een partij gaat die écht goed bij ons past. Hamlet Protein stond hoog op ons lijstje van ideale kandidaten, dus toen de kans zich voordeed wisten we al snel dat we dat gesprek aan wilden gaan.”

Gouden standaard

Dat het Deense Hamlet zo hoog op het lijstje stond, had meerdere redenen. “In de markt voor jonge dieren is Hamlet de gouden standaard”, vertelt Bas. “Zij maken een gepatenteerd product dat bekend staat om de hoge verteerbaarheid en zuiverheid.” Ook qua klanten en regio’s bleek de match perfect.

“De klantenportefeuilles vullen elkaar perfect aan, de productielocatie in de USA is een grote meerwaarde voor Agrifirm en ook in China heeft Hamlet een sterke positie. Voor Agrifirm was dat jarenlang een uitdagende markt. Met de toevoeging van Hamlet aan onze portefeuille verdubbelt onze business in China.”

Zorgvuldigheid voorop

Toch ging Agrifirm niet over één nacht ijs. Bas: “Van het begin af aan hebben we de Raad van Commissarissen, maar ook de leden en Ledenraad

betrokken. Voordat we de knoop doorhakten, ben ik eind maart alle Districtsraden langs geweest om over de plannen te vertellen. Gelukkig werden die erg enthousiast ontvangen.” Tegen die tijd was er al een uitgebreid traject doorlopen, waarbij Hamlet door een eigen Agrifirm-team en externe experts volledig werd doorgelicht. “Ik heb veel van dit soort processen begeleid, maar de zorgvuldigheid waarmee Agrifirm dit aanpakt verdient echt een 10 met een griffel. En gelukkig stonden alle seinen op groen en was zowel bij Agrifirm als bij Hamlet al snel duidelijk dat dit een gouden match is.”

Better together

Met de handtekening is het overnameproces nog niet achter de rug. “Eigenlijk begint het dan pas”, lacht Bas. “Sinds 1 mei is Hamlet officieel onderdeel van Royal Agrifirm Group en zijn we volop bezig met de integratie. Het merk Hamlet Protein blijft bestaan en het bedrijf wordt echt onderdeel van Agrifirm. Ook dat willen we heel zorgvuldig doen, waarbij de mensen voorop staan. We besteden veel aandacht aan communicatie en teambuilding. Better together, daar gaan we voor.”

Erik Visser, CEO Hamlet Protein & Bas van Driel, Royal Agrifirm Group

Evenementen & gebeurtenissen

Masterclass Biggenmanagement

Op 4 maart 2026 werden in Raalte varkenshouders bijgepraat over vitale biggen, bijvoeding in de kraamstal en optimale darmgezondheid.

Studiereis Finland

In onze cursus 'Ondernemers met VEERKR8' bereiden we pluimveehouders voor op de uitdagingen van morgen. Iedere editie sluiten we af met een inspirerende excursie. Dit jaar reisden we met de groep naar Finland, waar we de Finse pluimveesector ontdekten en een familiebedrijf met 100.000 vleeskuikens bezochten.

Opening NutriControl

Op 5 maart 2026 opende NutriControl officieel haar nieuwe laboratorium in Veghel. In een zonnige setting vierden zo’n 100 gasten deze belangrijke mijlpaal. Centraal stond het thema New Space for Innovation: ruimte om te groeien, te vernieuwen en samen te werken aan de toekomst. Met moderne faciliteiten, geavanceerde analysetechnologie en extra capaciteit versterkt NutriControl haar rol als kennispartner voor complete analysevraagstukken. De opening werd verricht door Hagar Roijackers, loco-commissaris van de Koning in Noord-Brabant, gevolgd door de onthulling van een speciaal voor dit moment ontworpen kunstwerk. Hoogtepunt was de keynote van astronaut André Kuipers, die vanuit zijn unieke perspectief liet zien hoe innovatie, precisie en vertrouwen – kernwaarden in de ruimtevaart – naadloos aansluiten bij het werk van NutriControl.

Ledenvergadering

Op woensdagavond 8 april lichtten de hoofddirectie en het coöperatiebestuur tijdens een webinar de financiële jaarcijfers 2025 toe aan de leden. De resultaten laten een duidelijke ommekeer zien: het financieel resultaat en de omzet zijn sterk verbeterd, met focus op duurzaam rendement voor de leden. CEO Piet Hilarides sprak van een positieve ontwikkeling, met daarbij een sterke start van 2026 en groeiende marktaandelen in de pluimvee- en varkenshouderij en in de akkerbouw (gewasverzorgingsmiddelen en meststoffen).

Tegelijk zijn er zorgen over het dalende rendement in de melkveehouderij en akkerbouw door lagere melk- en gewasprijzen en stijgende kosten, onder meer door de energiecrisis. CFO Stefan Bulthuis gaf een toelichting op de cijfers: alle business units lieten verbetering zien, met uitzondering van België

Inspirerende informatieavond vollegrondsgroenten

Op 24 februari vond bij Van den Einden (Green Specialties) een succesvolle en leerzame informatieavond plaats voor telers in de vollegrondsgroenten. De avond stond in het teken van actuele ontwikkelingen binnen gewasverzorging, bemesting, bodembeheer en innovatieve mechanisatie. Met een sterke inhoudelijke programmering en praktische inzichten bood de bijeenkomst volop inspiratie voor de toekomst van de sector.

en Hongarije. De activiteiten in Hongarije zijn in 2025 verkocht. Dankzij een sterke kostenreductie resulteerde 2025 in een aanzienlijke resultaatgroei. Agrifirm keert over 2025 €11,5 miljoen aan leden uit: €0,66 per 100 kg mengvoer en 1,83% over de omzet gewasverzorgingsmiddelen (uitgekeerd in mei 2026).

Daarnaast presenteerde Bas van Driel (Director Specialties) de voorgenomen overname van het Deense Hamlet Protein, producent van gespecialiseerde, enzym-behandelde sojaeiwitten voor jonge dieren. Voorzitter Gerben Smeenk sloot af met een extra ledenvoordeel: een Welkoop-geschenkbon van €150 voor leden met meer dan €2.500 omzet in mengvoer en/of gewasbeschermingsmiddelen, dit jaar ook digitaal te verzilveren in de Welkoop-webshop.

Toen & Nu: Bonda in Den Bosch

Wie het terrein van Bonda in Den Bosch oprijdt, ziet een dynamische locatie waar vrachtwagens, menginstallaties, werkplaats en kantoor samenkomen. Achter die efficiënte inrichting schuilt een ontwikkeling van tientallen jaren. In de rubriek Toen en Nu blikken we terug op die ontwikkeling met commercieel adviseur rundvee Jeroen Heutinck, die inmiddels al 39 jaar bij Bonda werkt. Hij zag de locatie uitgroeien van een bescheiden werkplaats tot het centrale punt van de organisatie.

De geschiedenis van Bonda begint ruim een eeuw geleden. In 1915 startte Jan Willem Bonda met de handel in bijproducten uit de levensmiddelenindustrie, zoals veekoeken en bierbostel.

Wat begon met paard en wagen groeide uit tot een netwerk van brouwerijen, levensmiddelenproducenten en veehouders. Reststromen

kregen een nieuwe bestemming als diervoeder, een circulaire werkwijze die toen al de kern vormde van het bedrijf. Vanuit deze basis ontwikkelde Bonda zich verder.

Geografisch verdeeld

Toen Jeroen in 1987 bij Bonda kwam, was het hoofdkantoor gevestigd in het centrum van Leiden. De operationele activiteiten waren verdeeld over drie locaties. In Zoeterwoude, bij de Heineken-brouwerij, werden vrachtwagens onderhouden en vijzelwagens gebouwd, een specialisme dat nog steeds bestaat. In Groenlo, bij Grolsch,

was een locatie voor transport en stalling van vrachtwagens. En in Den Bosch, ook bij een Heineken-brouwerij, bevond zich een werkplaats voor onderhoud. “Dat was jarenlang de basis van het bedrijf”, vertelt Jeroen. “Alles was geografisch verdeeld, maar het werkte soepel.”

Centralisatie in Den Bosch

In de loop der jaren veranderde die structuur ingrijpend. Het hoofdkantoor verhuisde in 1996 van Leiden naar Hillegom. Ondertussen stopte de samenwerking met Grolsch rond 2001, waardoor de vestiging in Groenlo sloot. Ook Zoeterwoude werd opgeheven, vooral om efficiënter te kunnen werken. Alle Agrifirm activiteiten werden overgebracht naar Den Bosch.

Daar werd terrein bijgekocht en uitgebreid. “Steeds meer kwam samen op één plek”, aldus Jeroen. “Werkplaats, productie en later ook kantoorfuncties.”

Uiteindelijk werden in 2019 ook de kantooractiviteiten naar

Den Bosch verplaatst, terwijl delen van de administratie naar het Agrifirm-hoofdkantoor in Apeldoorn gingen. Zo groeide de locatie in Den Bosch uit tot het centrale hart van Bonda.

Van techniek naar specialisatie

De ontwikkeling van de locatie ging hand in hand met inhoudelijke groei. Bonda bouwde voort op zijn technische achtergrond, met name in de

vijzeltechniek. Die kennis werd ingezet bij de ontwikkeling van eigen menginstallaties. In 1993 werd er gestart met de productie van vochtrijke mengvoeders, eerst voor de varkenshouderij, later voor rundvee, insecten en geiten. Een volgende belangrijke stap was de bouw van de fabriek voor vochtrijke rundveevoeders in 2012. Deze rundveefabriek

is een eigen ontwikkeling van Bonda en uniek in zijn soort. Daarmee ontwikkelde de locatie in Den Bosch zich tot specialist in vochtrijke mengvoeders. “We hebben een uniek concept opgebouwd”, vertelt Jeroen. “Het lijkt misschien simpel, het mengen van vochtrijke bijproducten, maar alles is technisch en nutritioneel tot in detail afgestemd.” Bovendien staat de ontwikkeling niet stil. “We zijn constant bezig met optimalisatie om meer soorten producten te kunnen verwerken om zo de toeleverancier en de

veehouder nog beter te kunnen bedienen. Zo is afgelopen jaar nog een aparte productielijn voor het circulaire voerconcept Geitenbrij in gebruik genomen.”

Van lange relaties naar concurrentie

Volgens Jeroen is de markt van vochtrijke bijproducten in de loop der jaren erg veranderd. “Waar vroeger langdurige relaties met leveranciers normaal waren, is de concurrentie tegenwoordig groter en zijn contracten korter. Dat betekent dat we ons continu moeten bewijzen. Maar: dat houdt ons allemaal scherp en dat vind ik juist mooi aan het werken bij Bonda”, vertelt Jeroen. Na bijna vier decennia vindt hij het werken bij Bonda dan ook nog steeds bijzonder. “Werk is overal te vinden”, zegt hij. “Maar een plek waar je samenwerkt zoals hier, met een open en informele sfeer en een soort familiegevoel, dat is niet vanzelfsprekend.”

In de maak:

Hoe worden de Agrifirm producten gemaakt, en wat komt daarbij kijken? We volgen de route in de rubriek ‘In de maak’. In deze editie: GewasKracht.

De ontwikkeling van de productlijn GewasKracht

Van idee tot een duurzame lijn producten voor vitale gewassen.

De nieuwe GewasKracht-lijn van Agrifirm ondersteunt telers bij de teelt van krachtige gewassen en het behalen van een duurzaam rendement binnen de milieunormen. Alle producten zijn afgestemd op verschillende teelten en toepassingen, en vormen samen een krachtig pakket voor vitale, weerbare gewassen. Ton Stoorvogel (Category Manager Responsible Products) en Jan Ties Malda (Productmanager bij Cebeco Agro) vertellen over het ontstaan van de productlijn.

2

Uitgangspunten

1

De vraag uit de praktijk

“Het idee voor een eigen productlijn ontstond zo’n twee jaar geleden”, start Ton. “Met het wegvallen van specifieke gewasbeschermingsmiddelen voorzagen we dat telers moeite gaan krijgen om hun teelten gezond te houden. Door strengere regelgeving verdwijnen bestaande oplossingen en ontstaat er behoefte aan betrouwbare alternatieven.”

Voor Agrifirm was dat aanleiding om verder te kijken dan het bestaande assortiment. “We willen niet alleen producten leveren, maar ook onze kennis van de praktijk inzetten om nieuwe oplossingen te ontwikkelen”, vult Jan Ties aan.

Bij de ontwikkeling van GewasKracht ligt de nadruk op plantgezondheid en gewasvitaliteit.

“We blijven binnen deze lijn in principe weg van gewasbeschermingsmiddelen”, legt Jan Ties uit. “Het gaat om vooral basisstoffen, meststoffen en

biostimulanten die bijdragen aan bijvoorbeeld een beter wortelgestel, groei en weerbaarheid van de plant. De producten vormen daarmee een aanvulling op de gereedschapskist van telers, met als doel een vitaal gewas en een duurzaam rendement.”

3

Agrifirm-standaard

Agrifirm heeft al meerdere biostimulanten en middelen van verschillende fabrikanten en toeleveranciers in het assortiment en dat blijft ook zo, aldus Jan Ties. “Toch vinden we een eigen lijn van toegevoegde waarde. Niet elk product komt zomaar in aanmerking voor de GewasKracht-lijn.

5

4

We zijn daar heel zorgvuldig in. Onze producten zijn uitgebreid onderzocht en getest en moeten voldoen aan de Agrifirm-standaard en de Nederlandse weten regelgeving. Daarmee bieden we telers zekerheid: alleen producten met bewezen effect krijgen een plek binnen de lijn.”

Het eerste product

Het eerste product binnen de productlijn is de biostimulant Gewaskracht Orthosil. “We zijn bijna twee jaar bezig geweest met de ontwikkeling”, vertelt Jan Ties. “Samen met een leverancier hebben we het product ontwikkeld en getest, onder andere in pilotprojecten bij telers.” Ton: “We hebben inmiddels een jaar ervaring met de toepassing in de bollenteelt en zien dat ook akkerbouwers het product steeds vaker gebruiken. Dat laat zien dat de toepassing zich verbreedt. Dat is natuurlijk een mooie ontwikkeling.”

GewasKracht REEF en GewasKracht PlantStart

Twee andere producten uit de lijn zijn GewasKracht REEF en GewasKracht PlantStart. Het eerste product wordt vooral toegepast in suikerbieten, het tweede in de koolteelt. Beide worden geleverd door externe leveranciers. Jan Ties: “Voor de productie van de middelen zijn we altijd afhankelijk van een externe leverancier, we hebben geen eigen productielocatie. We werken op verschillende manieren samen met de leveranciers. Bij GewasKracht

Orthosil en GewasKracht PlantStart zijn we betrokken geweest bij de samenstelling van het product, in het geval van GewasKracht REEF is het een product dat exclusief door ons vermarkt wordt. Agrifirm is de onmisbare schakel om deze oplossingen als onderdeel van een totaal advies naar de markt te brengen.”

6

Doorontwikkeling en uitbreiding

De GewasKracht-lijn blijft zich ontwikkelen.

“We hebben meerdere proeven lopen op pilotbedrijven en proefvelden”, zegt Jan Ties.

“Op basis van de resultaten beslissen we of producten worden toegevoegd. Dat zullen we waarschijnlijk begin van de winter bepalen, we moeten natuurlijk eerst de resultaten van

het teeltseizoen afwachten. Ook de Agrifirmteeltspecialisten spelen hierin een belangrijke rol”, vult Ton aan. “Zij staan dagelijks in contact met telers en vertalen praktijkervaringen naar verbeteringen en nieuwe kansen. Zonder hun input en kennis kunnen we de GewasKracht-lijn niet verder uitbreiden.”

Op de werkvloer

Michael Sanders

Assistent Bedrijfsleider

Iedere dag zetten meer dan 2.800 medewerkers bij Agrifirm zich samen in voor een verantwoorde voedselketen voor toekomstige generaties. Maar wat houdt dit concreet in, waar houdt iedereen zich mee bezig? Kijk mee achter de schermen bij een van de Agrifirm-locaties, dit keer bij de fabriek in Wanssum. Maak kennis met de gezichten van Agrifirm.

“Sinds 2008 werk ik bij Agrifi rm, toen nog Cehave Landbouwbelang. Ik ben begonnen als Ploegleider en ben inmiddels doorgegroeid tot Assistent Bedrijfsleider. Vooral het multifunctionele aspect van deze baan maakt het leuk. Ik houd me bezig met kwaliteit, productie en alles wat daarmee samenhangt. Ook het samenwerken met verschillende mensen en hen motiveren en sturen is iets dat me aanspreekt. Hierbij vind ik het erg belangrijk iedereen in zijn waarde te laten en dat collega’s dit onderling ook doen, en die houding wordt gewaardeerd. Ik ben er trots op wat we met elkaar bereiken binnen onze fabriek. Als er vanuit de organisatie nieuwe ideeën zijn is iedereen enthousiast om dat uit te proberen, niets is onmogelijk! Die mentaliteit houdt ons allen scherp.”

Miriam Gielen - Administratie & Voorraadbeheer

“Vorig jaar vierde ik mijn 40-jarig jubileum bij Agrifirm. In 1985 begon ik als Administratief Medewerker en nog altijd houd ik me bezig met de administratie en het voorraadbeheer in brede zin. De werkzaamheden zijn niet meer te vergelijken met toen, alles ging destijds nog allemaal handmatig. Mijn fijne collega’s, maar ook de flexibiliteit van deze functie, maken het dat ik het nog altijd erg naar mijn zin heb hier. We staan allemaal voor elkaar klaar en geen dag is hetzelfde. Met z’n allen zorgen we ervoor dat de fabriek draaiende blijft en het voer op tijd geleverd kan worden.”

Wichard Arts - Operator

“Als Allround Operator in Wanssum houd ik mij bezig met diverse werkzaamheden. Ik zorg ervoor dat alles soepel verloopt, planningen gehaald worden en eventuele problemen of storingen zo spoedig mogelijk opgelost worden. En natuurlijk dat de kwaliteit van alle onderdelen hoog blijft! Ik vind het belangrijk om te blijven verbeteren, nieuwe ideeën te testen en te kijken naar nieuwe mogelijke productievormen, zoals we dat bij Crunch ook gedaan hebben. Daar hebben we zelfs een innovatie-award mee gewonnen! Dat we dat met z’n allen voor elkaar krijgen, dat geeft een goed gevoel.”

Miroslaw (Mirek) Orzeszek - Technische Dienst

“Sinds afgelopen januari werk ik in Wanssum als Technisch Coördinator bij de Technische Dienst. Elke dag is anders en iedere dag geeft weer nieuwe uitdagingen. Ik zorg ervoor dat storingen in kaart gebracht en opgelost worden. Hierbij is het soms nodig externe partijen in te schakelen. Verder bestellen we bij de Technische Dienst onderdelen, beheren we ons SAP-systeem en coördineren we werkzaamheden op het gehele terrein. Alles om de productie draaiende te houden! Ik werk er nog niet zo lang en word erg goed ondersteund door alle collega’s. Het is echt teamwerk en dat waardeer ik.”

Stoel vrij

Voor een nieuwe bestuurder van de coöperatie en lid van de Raad van Commissarissen.

Eind 2026 neemt huidig bestuurder en commissaris Teun Smits afscheid. Dat betekent dat er ruimte ontstaat voor iemand met visie, betrokkenheid en boerenverstand. Onze mooie coöperatie draait tenslotte op de kracht van de leden. Veel leden zijn actief in verschillende rollen, een aantal vertegenwoordigt de leden in het Coöperatiebestuur en de Raad van Commissarissen.

In deze rol ben je medebepalend voor het reilen en zeilen van de coöperatie. Samen met collega boerenbestuurders en externe commissarissen hou je toezicht op de onderneming in vele strategische facetten.

Een mooie rol voor een ervaren senior bestuurder die de komende jaren verder mee wil bouwen aan een nog sterkere coöperatie voor huidige en toekomstige generaties.

‘Mijn

Vraag Agrifirm Exlan om advies

Antwoord op ondernemersvragen

GLB-aanvraag voor de

is afgekeurd. Ik

ecoregeling
heb bezwaar gemaakt, maar hoe gaat het nu verder en hoe kan ik dit volgend jaar voorkomen?’

Daniëlle Pors:

“Helaas is dit veel ondernemers overkomen. Sinds dit jaar gebruikt RVO vaak satellietbeelden om te bepalen of ondernemers aan de GLB-voorwaarden hebben voldaan. Aanvragen worden daardoor massaal afgekeurd. Normaal behandel ik per jaar 20 tot 30 GLB-bezwaren, nu zijn het er meer dan 100 in 6 weken.

De meeste van deze ondernemers hoorden in april dat hun aanvraag is afgewezen. Vanaf dat moment had je 6 weken om in bezwaar te gaan. Met een zogeheten pro-forma bezwaar kon je soms nog een week of 4 extra winnen om je zaak te onderbouwen, maar inmiddels zullen de meeste bezwaren de deur uit zijn en is het afwachten. RVO heeft officieel 6 weken reactietermijn, maar in de praktijk wordt dat altijd verlengd. Een lange periode van onzekerheid dus. In de tussentijd ontvang je de afgewezen subsidie natuurlijk niet, en als je teveel hebt ontvangen moet je zelfs terugbetalen. Wat RVO uiteindelijk zal besluiten is onmogelijk te voorspellen, omdat dit voor iedereen een nieuwe situatie is. Wel kun je, bij een afwijzing van je bezwaar, altijd nog in beroep gaan.

Ik spreek veel ondernemers die ontzettend boos zijn over de situatie, en dat snap ik heel goed. In de meeste gevallen gaat het om ondernemers die netjes alle stappen van de voorwaarden hebben doorlopen en echt hun best hebben gedaan, maar waar bijvoorbeeld de maïs het zo goed deed dat het vanggewas tot aan de oogst nauwelijks groeide. Het is dan natuurlijk heel zuur om op zo’n momentopname afgerekend te worden.

Hoe het verder gaat is afwachten. Na een aangenomen motie in de Tweede Kamer, gaat RVO de afgewezen aanvragen opnieuw beoordelen. Deze situatie toont wel aan dat het heel belangrijk is om zelf voor bewijsmateriaal van je activiteiten te zorgen.

Onderneem je komende maanden eco-activiteiten in het kader van het GLB? Maak dan vooral foto’s, op verschillende momenten, voorzien van datum en locatie. Daarmee sta je volgend jaar een stuk sterker. En voor dit jaar hopen we dat RVO de zaken reëel en redelijk beoordeelt, en dat ondernemers beloond worden voor hun inspanningen.”

De beste aanpak verschilt per situatie. Neem contact op met Juridisch Advies voor meer informatie. E-mail juridischadvies@agrifirm.com of T 088 488 29 29.

Heb jij onze nieuwe bulkwagen al gespot?

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Better Together voorjaar 2026 by Agrifirm - Issuu