Lennart de Looze GroenLinks amstelveen ties eigenhuis CDA amstelveen
MeraL aktan JonGLeLystAD lelystaD
rick PoeLwijk D66 Diemen
wesLey Boer vvD heerhugowaarD
suzanne Piet PvDA amstelveen
ZiJ WiLLeN HuN STaD beSTureN vU-studenten verkiesbaar voor gemeenteraden
P6_Aaron Roman, barkeeper zonder verblijfsstatus
P10_Waarom Dieneke Smit haar eigen zorgboerderij opzette
P22_Vind je je draai hier niet? Zoek een studiemaatje
HOE VER KIJK JIJ?
We leven in een snel veranderende samenleving, met grote maatschappelijke vraagstukken. Dat vraagt om mensen die verder kijken. Verder dan het voor de hand liggende, verder dan het bekende. Mensen die verder kijken zijn op hun plek bij de VU. De VU stimuleert haar medewerkers buiten hun eigen afdeling en eigen vakgebied te kijken. Om nieuwe wegen in te slaan. Om samen te werken aan toonaangevend onderzoek en onderwijs. De VU is een universiteit die midden in de maatschappij staat. Met de blik gericht naar buiten. VU is verder kijken.
Ben jij een medewerker van de VU?
Kijk dan voor een overzicht van alle interne vacatures op:
WWW.VU.NL/VUNET/VACATURES
Ben jij geen medewerker van de VU maar wel geïnteresseerd om bij de VU te werken? Kijk dan op:
WWW.WERKENBIJDEVU.NL
COver
Dieneke
Opinie
jaargang 65 #13 het
Kleurenbom
en vijf kunstenaars tonen hun kijk op kleur. De expositie Colourbomb is te zien tot 1 mei, in de loopgang rond de aula. hoofDgebouw_19 februari 2018, 10.38 Foto PeTer gerriTSeN
advalvas.vu.nl
voor al het laatste nieuws
Plastic kopieën van Vu-schatten
Frisbeeën met het hoofd van Abraham Kuyper, gooien met kleitabletten; het kan straks allemaal. Nou ja, met de plastic versie van deze bijzondere voorwerpen, gemaakt door de nieuwe 3D-printer van de universiteitsbibliotheek.
Nederlandse vrienden maak je niet zomaar
Buitenlandse studenten vinden het Engels van de VU-docenten erg goed, blijkt uit de International Student Barometer. Maar vrienden maken is moeilijk.
buitenlandse studenten weren mag niet
Sommige universiteitsbestuurders willen ‘sturen’ op nationaliteit, maar hoogleraren onderwijsrecht vegen daar de vloer mee aan.
{meer nieuws online}
Studentenpartijen gaan voor woningen en duurzaamheid
D66 tegen verplichte kosten toelatingstoetsen
Meldpunt studiekeuzecheck
Jarig Vu-koor zingt unieke compositie
Spijt over muilkorven hoogleraar
5 Vici-beurzen voor de Vu
kregen er vorig jaar maar twee vU-wetenschappers een vici-beurs, dit jaar sleepten vijf onderzoekers deze grote subsidie binnen.
anderhalf miljoen euro krijgen de wetenschappers. Daarmee is de Vici-beurs een van de grootste persoonsgebonden onderzoekssubsidies in Nederland. Halleh Ghorashi (hoogleraar sociologie) wil het geld gebruiken voor haar onderzoek naar de bijdrage van de sociale wetenschappen aan het realiseren van het democratisch
ideaal van gelijkheid en insluiting.
Serge Dumoulin (hoogleraar bij het Spinoza-centrum voor neuroimaging) wil een theoretisch kader bouwen voor de dynamiek van menselijke hersenen. Paola Gori Giorgi (hoogleraar theoretische chemie) gaat een nieuwe wiskundige benadering gebruiken om quantuminteracties te beschrijven tussen moleculen. Hoogleraar Albert Menkveld (economie) onderzoekt wat de
De Griffioen verdwijnt van
– wat nu?
Het gebouw van de Griffioen
komt in de loop van 2019 leeg te staan als het cultuurcentrum verplaatst naar de VU-campus. “Een groot verlies voor Uilenstede”, vindt Lennart de Looze, politicologiestudent en kandidaat-raadslid voor GroenLinks in Amstelveen.
De partij laat via een enquête studenten meedenken over een nieuwe bestemming voor het gebouw van Cultuurcentrum Griffioen. “De Uilenstede-campus is al best saai en via de enquête horen we graag wat de ideeën zijn van de studenten die op Uilenstede wonen om de campus te verlevendigen. Daar hoort het Griffioen-gebouw ook bij”, vertelt De Looze.
Op de website heeft GroenLinks al wat ideeën verzameld: het gebouw zou een debatcentrum kunnen worden, zoals Pakhuis
gevolgen ervan zijn dat de handel op de beurs steeds meer door robots wordt overgenomen?
Hoogleraar Jolanda van der Velden (VUmc-fysiologie) gaat de strijd aan met toxisch eiwit dat een rol speelt bij bepaalde erfelijke hartspierziektes. Over heel Nederland werd de beurs dit jaar aan 35 wetenschappers uitgereikt. (FB)
meer hierover op advalvas. vu.nl>nieuws>23 februari.
Uilenstede
de Zwijger of De Balie. “Maar wij willen wat de studenten willen”, benadrukt De Looze. Alles kan, alleen geen woningen. Veel Uilenstedebewoners weten niet dat De Griffioen gaat verdwijnen. De Looze: “We hebben de
aankondiging van de enquête op de besloten Uilenstede-groepen op Facebook gezet. Daarop kwamen geschokte reacties.” (MK)
Denk mee op advalvas.vu.nl>nieuws>20 februari.
‘Het beste gehandicaptenbeleid is geen beleid’
Niet opvallen, dat is wat mensen met een beperking willen. En zelf hun eigen gang kunnen gaan, zonder extra begeleiding of ondersteuning. “Dat kan heel vaak best, maar daarvoor moet je de fysieke en digitale omgeving zorgvuldig ontwerpen”, zegt bètadecaan Guus Schreiber, die onlangs een intentieverklaring hierover tekende met een aantal andere hogeronderwijsinstellingen.
De decaan die zelf een visuele beperking heeft, laat in VUnet een voorbeeld zien van hoe het niet moet: “Ik moet alles twee keer vergroten
stop met dat gevlieg
De VU moet het taboe op hypermobiliteit doorbreken, vindt universitair docent Sake Stoppels. Lees zijn opiniestuk op advalvas. vu.nl>opinie
om het te kunnen lezen, maar als ik dat doe met rekeningen worden de cijfers wel groter, maar het hokje waar ze in staan niet, dus kan ik de getallen vaak niet meer lezen. Als decaan kan ik alle ondersteuning krijgen die ik wil, maar wat als je eerstejaarsstudent bent en tegen dit soort dingen aanloopt? ”
De VU zou volgens Schreiber hierin voorop kunnen lopen. “We hebben hier het juiste klimaat. Inclusiviteit is al belangrijk op de VU. Mijn ideaal is een universiteit waar je helemaal geen beleid meer nodig hebt voor mensen met een beperking, omdat de omgeving zo ontworpen is dat ze gewoon zichzelf kunnen redden.” (WV)
meer hierover op advalvas.vu.nl>nieuws>21 februari.
Duur
toegangskaartje
een selectie uit de opvallendste (re)tweets van de afgelopen dagen
@bas_bouman
26-2_Ik ben aangenomen voor de studie Philosophy, Politics and Economics (PPE) aan de VU!!!
@aurora_org
24-2_ Five VU academics receive an advanced Vici grant from the Netherlands research council - out of a total of 35 Vici grant this round. Congratulations to Vrije Universiteit.
@HPTDelft
23-2_De snelste fiets ter wereld bouwen en vervolgens met je team in Nevada het wereldrecord aanvallen! Klinkt interessant? Kom dan naar onze interesseborrels op 1 en 6 maart!
@AartVH
22-2_De boekjes en toga liggen klaar! #oratie @VU_Science @VU_Amsterdam @ PhilipsResearch
@ClaudiaBruggen
20-2_In deze categorie vind ik de cover van de nieuwe @advalvas_vu ook weer geslaagd
Dit in reactie op onze tekstcover: Nieuwe soort ontdekt: de vrouw en op een ander bericht dat vrouwelijke wetenschappers niet onderdoen voor mannelijke. In 2018? Yep, helaas.
@pietgautier
16-2_In de basket dachten ze dat ik een ober was.
Op de foto draagt Gautier een hoogleraarstoga. Weinig verschil blijkbaar voor sommigen.
‘Iedereen had het gehad met alle rijen en het eeuwige wachten’, blogt derdejaars Julian Mekkes op uitwisseling naar Bloemfontein, Zuid-Afrika. Volg hem op advalvas.vu.nl>blogs&columns
euro of meer moeten studenten vaak betalen voor toelatingstoetsen.
D66 wil dat studenten niet langer opdraaien voor de kosten van toelatingstoetsen die opleidingen verplicht stellen. Het gaat bijvoorbeeld om de Test of English as a Foreign Language (TOEFL) of de Graduate Management Admission Test (GMAT), die verbale, wiskundige en analytische vaardigheden meet. Deze toetsen en het studiemateriaal kosten honderden euro’s. (HOP)
Meer hierover op advalvas.vu.nl>22 februari.
@RoseAnholt 15-2_@advalvas_vu
Jezus was queer
Genderstudies gebruiken de term ‘queer’ voor iemand die anders is. Dat woord slaat ook op de historische Jezus. Hij past bijvoorbeeld niet zomaar in het hokje van ‘gewoon een man’.
DOOR PETER-BEN SMIT
ILLUSTRATIE BAS VAN DER SCHOT
Was Jezus nu wel of geen man? In Zweden werd onlangs voorgesteld om Jezus genderneutraal te behandelen. Het riep niet alleen veel verontwaardiging op, het wijst ook op enkele interessante vragen. Woorden als man en vrouw lijken neutraal en objectief: je hebt dit of dat lichaam met die en die chromosonen en daarmee klaar. Toch is dat niet zo. Deze woorden dragen altijd betekenissen met zich mee. Daarom zijn ze allesbehalve waardevrij. Zeker in uitdrukkingen als gewoon man of gewoon vrouw. Het zijn zelfs normatieve begrippen: wie man is, moet zich ook zo gedragen als voor een man gewoon is. Wie dat niet doet, valt buiten de boot.
Specialisten in genderstudies vinden dat je met uitdrukkingen als gewoon man en vrouw voorzichtig moet zijn. Je moet je afvragen
wat je ermee bedoelt. Ze betekenen lang niet altijd hetzelfde. Wat maakte een man tot man in Jezus’ tijd? Wie dat weet, weet of Jezus nu wel of niet als gewoon een man ervaren werd. Het is eenvoudig om de proef op de som te nemen. Wat maakte een persoon echt man of mannelijk in de eerste eeuw? Daar ligt al gelijk een verrassing: niet je lichaam bepaalde dat. Niemand werd als man
geboren, je kon alleen man worden. Je ware geslacht werd bepaald door je gedrag, niet door je lichaam. Waar het echt om draaide, was karakter. Man zijn werd bepaald door deugden als zelfbeheersing, dapperheid of eigenschappen als autonomie of eer. Mensen met een vrouwelijk lichaam konden daarom ook als man gelden. Dat klinkt vreemd, toch was het zo. Gewoon man
betekende tweeduizend jaar geleden iets heel anders dan nu.
Hoe past Jezus in dit plaatje? Soms is hij heel mannelijk: het toonbeeld van deugdzaamheid, hij treedt volstrekt zelfstandig, autonoom op. Maar hij is ook het tegenovergestelde. Hij wordt gekruisigd, vernederd tot en met, en is uitgeleverd aan anderen. Hij roept aan het kruis: “Mijn God, mijn God, waarom heb je mij verlaten?” Dat is niet deugdzaam, het is nog minder dapper of autonoom. Alle geloofwaardigheid als man is Jezus zo wel kwijt voor iemand die hem gekruisigd zag worden. Dat betekent: Jezus was dan wel een mens met een mannelijk lichaam, maar hem gewoon als man ervaren, lukte maar met mate. Soms is hij mannelijker dan anderen, soms veel minder mannelijk. Dat maakt Jezus ook interessant: hij kleurt buiten de vakjes, laat zien dat er meer mogelijk is dan gewoon man zijn. Queer is daarvoor zo’n gek woord nog niet. En hoe dan ook: wie is er eigenlijk wel normaal?
De discussie over Jezus als man is een wake-upcall voor het gesprek over gender. Als je je niet afvraagt wat je precies bedoelt met uitdrukkingen als man of vrouw, krijg je misverstanden, of erger: discriminatie van wie niet in het hokje past van gewoon man of gewoon vrouw. De nalatenschap van Jezus geeft zo ook na 2000 jaar nog aanleiding om te streven naar ruimte voor wie anders is en een inclusieve samenleving én universiteit.
Peter-ben Smit is hoogleraar contextuele Bijbelinterpretatie.
‘Je
vader heeft gebeld’
marjan olfers hoogleraar sport en recht
“Je moet je column nog schrijven.”
“Ja”, zegt de dochter, “we moeten zo weg.”
Haar vader roert in zijn kopje zwarte koffie waar nog geen suiker in zit. Haar moeder buigt zich net te diep voorover en probeert haar kopje koffie te pakken. Ze grijpt mis en probeert haar evenwicht te bewaren. Snel wordt moeder door vader geholpen.
“Dat ging bijna mis”, constateert moeder.
“Zo gaat het nou steeds”, zegt vader. “Gisteren kwam ze thuis van de dagopvang, haalt haar vinger over dat kastje en zegt dat er stof ligt.”
hier al zijn geweest.”
“Ja”, zegt moeder, “dat heeft hij toen gezegd.”
De dochter duikt in elkaar, beelden van een blauw oog en val van de trap schieten door haar hoofd.
“Nou, en dan komen ze weer hoor, die van Veilig Thuis”, zegt vader.
“Maar het is toch ook onveilig”, zegt de dochter.
“Ja”, zegt moeder, “dat is wel zo.”
‘Je vader wil praten over de uithuisplaatsing van je moeder’
“En toen?” vraagt de dochter, “gaf je haar toen een stofdoek en zei: ga gerust je gang.”
“Nee”, zegt vader, “dat doet ze dan toch niet…” Hij is even stil. “Twee weken geleden heeft ze nog 112 gebeld.”
“Dat doet ze toch niet zomaar?” zegt de dochter.
“Nee”, zegt moeder, “dat doe ik niet zomaar.”
“We moeten nu echt weg”, zegt de dochter en staat op. Thuis klapt zij haar laptop open en staart naar het scherm. Het gaat niet en ze klapt het scherm weer dicht. Dit herhaalt zich dag na dag.
“Je vader heeft gebeld.”
“O”, zegt de dochter.
‘O’ zegt zij vaker wanneer ze niet weet wat ze moet zeggen.
“Je vader wil praten over de definitieve uithuisplaatsing van je moeder.”
Jaren na de legionella-infectie die moeders hersenen aantastte en haar goeddeels het zicht ontnam, is het zover.
De dochter klapt haar laptop open en begint te typen. Er komt blijkbaar geen andere tekst op het scherm dan deze.
mail naar redactie.advalvas@vu.nl. reageren? mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
De vader gaat onverstoorbaar verder: “En toen kwam de politie weer hier en heb ik gezegd: kijk maar eens hoe vaak jullie
Dieneke Smit verbetert de dementiezorg. Met
haar promotieonderzoek én met de woonzorgboerderij die zij zelf opzette.
DOOR ROB SCHOEMAKER
FOTO PETER VALCKX
‘raar dat hij ineens niets meer te doen had’
Haar fascinatie voor verpleeghuiszorg ontstond zo’n veertien jaar geleden toen ze nog gezondheidswetenschappen studeerde. Promovendus Dieneke Smit spreekt uit eigen ervaring als ze het heeft over grote verschillen in benadering. “Mijn opa werd met alzheimer in een verpleeghuis opgenomen, uiteindelijk heeft hij zelfs in drie verpleeghuizen gewoond. Dat ging niet goed: in de eerste instelling waar hij terechtkwam, kreeg hij veel medicatie en kon hij, versuft, opeens niet meer lopen. Toen kwam een plek vrij in het huis waarvoor hij op de wachtlijst had gestaan; daar werd de medicatie afgebouwd en kon hij weer lopen, maar werd hij al snel als agressief en onhandelbaar bestempeld. Op een derde locatie, waar hij tijdelijk ter observatie verbleef, hadden zijn verzorgers meer kennis en kregen ze een ander beeld van hem.”
Belabberd imago
achtige benadering die bewoners als patiënten ziet, is al lang verlaten. Elke zorgvisie gaat al bijna dertig jaar uit van een psychosociale benadering die de bewoner centraal stelt. “Het principe van kleinschalig wonen in een herkenbare huiselijke setting zag men lange tijd als dé manier om het welbevinden van mensen met dementie te optimaliseren. Een aantrekkelijke woonvorm, maar ook daar werd soms weinig met de bewoners ondernomen”, vertelt ze.
Laten zien dat het beter kan Waar kwam die desinteresse voor activiteiten en gewone dagelijkse bezigheden vandaan? “Soms vanuit defaitisme: laat maar zitten, het heeft toch geen zin, bleek uit een aantal kleine studies. Of de werkdruk was te hoog en men was al blij om aan de lichamelijke zorg te voldoen. Of de omgeving was niet geschikt om eropuit te gaan.”
‘Een verzorgende die geen aandacht kan opbrengen, is niet geschikt’
Daarvoor woonde opa Smit bij zijn vrouw en ging hij meerdere dagen per week naar de dagbesteding. Dieneke vond het maar raar dat haar opa toen hij naar een verpleeghuis ging, ineens niets meer te doen had: “Er is geen aandacht of geld voor activiteiten, terwijl uit de literatuur overduidelijk blijkt dat activiteiten heel belangrijk zijn voor de kwaliteit van leven – noem het welbevinden, blijheid, geluk – van mensen met dementie. Dit inzicht blijkt aan de praktijk van veel verpleeghuizen voorbij te zijn gegaan. Boeiend.” Smit constateert dat verpleeghuiszorg in ons land een belabberd imago heeft, terwijl Nederland internationaal gezien zelfs een voorloper is. De ziekenhuis-
Om te laten zien dat het beter kon (en uit pure frustratie) vatte Smit het plan op om zelf een zorgboerderij op te zetten. Ze richtte haar studie zelfs daarop in. In 2006 studeerde ze beleid en oganisatie in de gezondheidszorg. Tijdens een afstudeerstage op het Trimbos-instituut werkte ze mee aan een promotiestudie naar onder meer het effect van kleinschalig wonen op het welbevinden van bewoners. Daar kwam – verrassend – uit dat bewoners in kleinschalige woonvoorzieningen vaak níét echt een betere kwaliteit van leven ervaren dan in traditionele huizen. Om te onderzoeken wat dan wél succesfactoren waren, zette zij daar – inmiddels geen stagiair meer – de Monitor Woonvormen Dementie op, samen met Anne Margriet Pot, Bernadette Willemse en Jacomine de
dieneke smit met een van de bewoners op reigershoeve: “je ziet dat er door aandacht ontspanning bij iemand optreedt, altijd”.
International MSc of Public Governance
Combine the essential knowledge in the field of Economics, Law and Politics to help solve today’s societal challenges such as Eurozone reforms, political instability and populism, and the transition towards a sustainable climate. You’ll gain a deeper understanding of the concept and principles of good governance.
Why opt for the Master Public Governance in Tilburg?
• Interactive teaching methods to develop your professional skills toolbox
• Co-create innovative governance solutions with experts in the field
• Governance issues and response strategies transcend national boundaries and academic disciplines Get acquainted with the program. Join Tilburg University’s Master’s Open Day on 10 March 2018!
tilburguniversity.edu/master-public-governance
Dementiezorg
Lange, een grootschalig onderzoek naar de organisatie van zorg bij allerlei woonzorginstellingen.
‘Doe dingen die hen raken én die ze kunnen’
Daarvoor bezocht Smit vele woonzorglocaties en verzamelde ze gegevens over visie en personeelsbezetting. “Heel leerzaam, ik kon dus zien wat zou werken voor mijn eigen zorgboerderij en wat niet. Daarna volgde ik nog een Europese masterstudie gerontologie, liep een jaar lang één dag per week als vrijwilliger stage in twee kleinschalige verpleeghuizen en werkte ik als coördinator dagbesteding bij een zorgboerderij. Toen werd ook langzamerhand een proefschrift reëel als voortvloeisel uit artikelen die ik in internationale tijdschriften had (mee)geschreven.”
Geen personeelstekort
Die eigen zorgboerderij kwam in zicht. Dat Smits vader wilde meedoen was een grote stimulans voor haar. “We hadden alleen geen eigen middelen en banken waren niet enthousiast. Uiteindelijk zijn we getipt om de directeur van woningcorporatie Woon op Maat in Heemskerk te benaderen. Zijn moeder had dementie en hij begreep onze droom.” Woon op Maat had een stuk grond in het buitengebied van Heemskerk en de rest is geschiedenis. “In 2013 gingen we open op een terrein van 1,1 ha met drie groepswoningen voor zeven ouderen en één woning voor zes mensen met jongdementie. Zo weinig mogelijk overhead en alle 48 medewerkers werken direct met bewoners. Verder hebben we zo’n 75 vrijwilligers.”
Naast de activiteiten in de woningen zelf, zijn er ook elke dag medewerkers speciaal ingeroosterd voor een activiteitendienst. Personeelstekort kennen ze niet.
Cursus handwerken helpt niet
Als onderzoeker kun je veel analyseren, maar sta je vaak ver van de praktijk af. De Reigershoeve gaf Smit de kans theorie en
praktijk te verbinden. De ervaren werkdruk en het opleidingsniveau van de verzorgenden spelen een grote rol. Hoe hoger opgeleid de verzorgers zijn, hoe meer bewoners bij activiteiten betrokken worden. Voldoende personeel helpt ook, al is dat verband niet zo sterk. Smit: “Vaak wordt gedacht dat als er maar genoeg geld is – of meer handen aan het bed, zoals ze altijd maar roepen – die activiteiten vanzelf wel komen. Dat is niet zo.”
In de praktijk zag Smit dat het bieden van activiteiten, zoals herinneringen ophalen, dansen, met bewoners koken, bewegen, zintuigstimulering, plezier maken, en aandacht geven – niet gemakkelijk is. “In de opleidingen voor verzorgende leer je het ook amper, die zijn erg gericht op lichamelijke zorg en beperkt op welzijn. Er wordt nu wel een omslag gemaakt maar ik schrik ervan hoe sommige leraren op de ROC’s dat aanpakken. Dan krijgen de leerlingen daar een cursus handwerken – want dat zouden ouwe mensen leuk vinden. Maar daar gaat het niet om.” Verzorgenden moeten allereerst goed leren kijken, betoogt Smit. “Wie zijn de bewoners, wat willen ze, wat zijn hun behoeften en wat kunnen ze? En ook, wat kunnen ze níét meer? Mensen met dementie gaan steeds verder achteruit.
Pluk de dag
> dieneke smit (amsterdam 1985) groeide op in Castricum.
> in 2013 opende ze samen met vader henk woonzorgboerderij reigershoeve te heemskerk.
> Op 23 februari 2018 verdedigde ze haar proefschrift seize the day! activity involvement and wellbeing of people with dementia living in care homes
Zij hebben de omgeving nodig om te voelen dat zij er nog toe doen. Dat vereist empathie. Het gaat erom dat je contact maakt met mensen en dingen met ze doet die ze raken. Dat moet wel gedragen worden door de organisatie.”
Smit vindt dat de leiding ook moet uitdragen dat die aandacht essentieel is.
“En als je dat als verzorgende niet kunt of wilt, dan ben je niet geschikt. Daarbij is de rol van de familie belangrijk. Hun verhaal en kennis zijn onmisbaar voor de verzorging om zelf toegang tot die bewoner te krijgen.”
Voorkom falen
Het is ook echt moeilijk, vindt Smit. Zo blijkt uit onderzoek dat het betrokken worden bij activiteiten ook tot een minder positief zelfbeeld bij bewoners kan leiden. “Dat kan komen doordat iets met een bewoner gedaan wordt wat die, wellicht opeens, niet meer kan. Foto’s willen maken en de camera niet meer kunnen bedienen: heel frustrerend. Voorkom falen en stem daar je aanbod op af. Het geeft eens te meer het belang van goed kijken aan. Dat maakt het werk ook zo leuk.”
Omdat mensen langer thuis blijven wonen, zijn instromers in tehuizen tegenwoordig doorgaans verder in het proces, minder zelfstandig. Ook dit zet extra druk op de kunst van het kijken. Maar aandacht geven blijft zin hebben, hoe vergevorderd het dementieproces ook is. Smit: “Je ziet dat er door aandacht ontspanning bij iemand optreedt, altijd. En aandacht kun je ook integreren in de dagelijkse zorg als wassen en aankleden.” Dementiezorg heeft zo’n slecht imago, maar is zo fascinerend, concludeert Smit. “Ik weet nog goed dat we in het begin een bewoonster hadden, zo’n broos mensje om te zien. Daar deden we, ik ook, zo voorzichtig mee, tutterdetut. Toen ging ze dood en op de begrafenis vertoonde de familie foto’s. Op één foto, nog maar van niet lang ervoor, zat ze in haar klimuitrusting boven op een bergtop. Dan denk ik wel even …”
Esmee Visser, student farmaceutische wetenschappen, die in december nog niet eens van de Olympische Spelen durfde te dromen, haalde op 16 februari goud op de 5.000 meter schaatsen tijdens de OS in Zuid-Korea.
Rechtenstudent Diewertje van Kesteren won de scriptieprijs van de vakbeweging. Zij ontving 1000 euro van De Burcht. In haar masterscriptie De stakende zzp’er onderzoekt zij of de zzp’er het recht heeft om collectief actie te voeren.
minder achterdochtig door virtual reality
MDenker des Vaderlands
René ten Bos gaf op 16 februari een lezing aan het Environmental Humanities Center van de VU. Hij sprak over zijn boek Dwalen in het Antropoceen. ‘We moeten ons herbezinnen op de rol die mensen spelen op deze planeet.’
ensen met een psychose kunnen gebaat zijn bij een therapie met virtual reality. Dat blijkt uit een artikel dat onlangs in het tijdschrift The Lancet Psychiatry verscheen. VU-onderzoekers
Roos Pot-Kolder en hoogleraar Mark van der Gaag werkten hieraan mee. Psychotische patiënten die last hebben van extreme achterdocht, kunnen hun paranoia en angst overwinnen door met behulp van een virtualrealitybril sociale situaties aan te gaan die ze al jaren niet meer aandurfden. Zo konden
ze onder meer oefenen in het reizen met de bus of het bezoeken van een supermarkt of café. Na zestien sessies in virtual reality was hun achterdocht in het dagelijks leven sterk verminderd. Mensen waren minder bang en durfden meer aan. Dit effect bestond na drie maanden nog steeds. (FB)
Drie bundels, één pees
DIn een lezingenreeks over oorlog en vrede verkennen VU-wetenschappers de politieke besluiten om militaire missies in te zetten. Hoogleraar internationale veiligheid Wolfgang Wagner spreekt over de democratische politiek van militaire interventies op donderdag 15 maart, 16 uur, hoofdgebouw: 01-A32.
Lange WW slecht voor WW’ers
WW-ontvangers met een langere WW-periode vinden minder snel werk. Dat blijkt uit onderzoek van econoom Nynke de Groot, die hierop 16 februari promoveerde. Een langere WW-duur heeft geen of nauwelijks effect op de kwaliteit van de gevonden banen, vond De Groot. De totale
inkomsten van WW’ers worden zelfs lager als de maximale WW-periode toeneemt. De Groot keek ook naar de effecten van Step, een sollicitatietraining van UWV voor oudere werkzoekenden. Deelname aan Step vergroot de kans op werk met ruim vier procent. De training is echter niet effectief voor alle werkzoekenden. Lager opgeleiden hebben geen baat erbij. (PB)
e achillespees is één enkele pees die evenwel niet functioneert als één pees. Ze bestaat uit drie bundels die zijn verbonden met drie verschillende spieren in de kuit. Dat was op zich al wel bekend, maar onderzoekers onder leiding van bewegingswetenschapper Huub Maas hebben nu ontdekt dat die drie peesbundels los van elkaar kunnen bewegen. Als een van de drie kuitspieren zich aanspant, belast dat die ene peesbundel die eraan verbonden is, en niet de andere twee. (PB)
lees meer hierover op advalvas. vu.nl>nieuws>15 februari.
Gezonde apps
We hebben slimme systemen nodig die onze gedragspatronen inzichtelijk maken en ons kunnen helpen gezonder te leven, stelde Aart van Halteren, bijzonder hoogleraar health behaviour informatics, in zijn oratie op 27 februari. Data uit smartphones of slimme horloges kun je bijvoorbeeld gebruiken om veel te weten te komen over iemands beweegpatroon. En met die kennis kun je veel meer doen dan nu gebeurt: je kunt mensen stimuleren gezondere keuzes te maken. En je kunt gezondheidscampagnes baseren op deze gegevens. (WV)
slangenkuil
Abrupt corrupt
Peter v alckx
Zpolitici had de vvD in 2017.
Daarmee is de partij hekkensluiter in de Politieke Integriteits-Index die VU-hoogleraar bestuurkunde Leo Huberts samen met een Rotterdamse collega jaarlijks opstelt voor Vrij Nederland. Het is het zesde jaar op rij dat de VVD eindigt als de partij met de meeste schandalen. Fractievoorzitter Klaas Dijkhoff zegt in een reactie in het programma College Tour dat zijn partij inmiddels ‘alles op dit gebied heeft aangescherpt’. (WV)
ware corruptie gaat soms helemaal niet geleidelijk, zoals meestal wordt aangenomen. Dat blijkt uit het onderzoek waarop Nils Köbis 16 februari bij psychologie promoveerde. De gebruikelijke theoretische verklaring is dat mensen langzaamaan steeds corrupter worden. Deze aanname was echter amper getoetst. Uit de vier experimenten die Köbis uitvoerde, blijkt het tegendeel. De kans op zware corruptie neemt juist toe als iemand opeens een kans daartoe heeft. Mensen die eerder mild corrupt waren, waren minder geneigd om zwaar corrupt te worden, hoewel zij dezelfde beloning aangeboden kregen. Zware corruptie verloopt dus soms abrupt in plaats van geleidelijk. (FB)
Zie proefschrift via tinyurl.com/nilsk-bis.
Biseksuele jongere blijft vaakst in kast
Onze cultuur van normaal doen zit de emancipatie van homo- en biseksuele jongeren in de weg, zegt socioloog Jantine van Lisdonk, die onderzoek deed onder ruim 1600 lhb-jongeren.
“Geweld of agressie tegen hun seksuele oriëntatie maken homo- en biseksuele jongeren in Nederland weinig mee, maar ze komen wel in ongemakkelijke situaties terecht, waarin ze soms het gevoel hebben dat ze anders zijn of zich moeten aanpassen. Eerlijk gezegd had ik dit niet verwacht voordat ik aan dit onderzoek begon.
Onze cultuur van normaal doen speelt een belangrijke rol daarin, heb ik ontdekt. Als je normaal bent, hoor je erbij. Maar dat betekent automatisch dat er ook een groep bestaat die als niet-normaal wordt gezien en die er dus niet bij hoort. Wat normaal precies is, verschilt per groep: homo’s mogen niet te vrouwelijk zijn, zowel in de hele maatschappij als binnen de homogemeenschap. Maar binnen de lesbische gemeenschap bestaat weer argwaan tegen vrouwen die er te vrouwelijk uitzien.
Biseksuelen worstelen het meest met het uiten van hun seksuele oriëntatie. Ze zijn minder open en voelen zich minder geaccepteerd dan homojongeren. Het zou de emancipatie van deze groepen helpen als we meer nadruk leggen op diversiteit in plaats van op normaliteit.” (WV)
Van Lisdonk promoveerde op 27 februari. Zie proefschrift via tinyurl.com/jantinevanlisdonk.
Zetelzoekers
De VU blijkt een kweekvijver voor gemeenteraadsleden. Wie zijn ze en wat willen ze? En waarom bij die partij?
tEKSt EN foto'S PEtER BREEDVELD
nog meer kandidaten
> Op woensdag 21 maart zijn de gemeenteraadsverkiezingen.
> We konden niet alle vU-kandidaten hier presenteren. zie voor meer studenten met politieke ambitie de website: advalvas.vu.nl.
> ben je ook kandidaat, maar nog niet door ons gebeld? mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
Veel studenten stellen zich kandidaat voor een partij, weinigen richten zelf een partij op. Student business administration Meral Aktan (22) vormt samen met haar broer Murat JongLelystad.
‘Wij willen technischeeen universiteit en een ikea-filiaal’
MeraL aktan lelystaD
JonGLeLystAD // LiJst 13 // nr 2
meral piekert er niet over om straks, als ze is afgestudeerd, uit Lelystad te vertrekken. Ze is er geboren en getogen en wil straks gaan forenzen tussen Lelystad en haar werkplek. “Mijn broer werkt op de Zuidas, bij Ernst & Young, en reist ook nog elke dag op en neer, dat gaat prima.” Samen met die broer, Murat (28), heeft Meral een nieuwe partij opgericht: JongLelystad. Daarmee hopen ze bij de komende gemeenteraadsverkiezingen minstens een zetel te scoren.
De gemeenteraad moet verjongen, vindt het tweetal. “De gemiddelde leeftijd in Lelystad is 39 en die in de gemeenteraad 53, dat is zelfs ouder dan de stad zelf”, licht ze toe.
Op het partijprogramma staan punten die je kunt verwachten van een jongerenpartij: JongLelystad wil een familiepark dat is gericht op jongeren en jongvolwassenen en volwassenen met kinderen. Ze willen een volwaardige bioscoop en meer woningen voor young professionals, vlakbij de oprit van de A6, zodat ze ’s morgens bij wijze van spreken zo van de ontbijttafel naar hun werk kunnen rijden. “Als je vanuit het centrum van Lelystad de snelweg probeert op te komen, ben je al gauw een kwartier kwijt”, aldus Aktan.
opbouw, geen afbraak
Opmerkelijker is de wens om een Ikea-vestiging in Lelystad. “Dat kun je vreemd vinden, maar de Ikea is voor jongvolwassenen een belangrijke winkel, en we moeten
er nu helemaal voor naar Amsterdam of Zwolle.”
Het opvallendst is dat JongLelystad een technische universiteit in Lelystad wil. “Daarmee trek je veel studenten en het draagt bij aan de verjonging van de stad”, aldus Aktan. De aanleiding voor de oprichting van JongLelystad is een beetje conservatief. De Aktans werden getriggerd door de aangekondigde sloop van een belangrijk winkelcentrum, vanwege de toenemende leegstand. “We kennen dat winkelcentrum sinds onze jeugd en het doet pijn dat het verdwijnt”, aldus Aktan. “Wij willen opbouw in Lelystad in plaats van afbraak.” Dat het winkelcentrum met leegstand kampte, is volgens haar te wijten aan een beleid van steeds hogere huren, waardoor kleine middenstanders werden weggejaagd.
Jongerenraad als klankbord
Voor de campagne hebben Meral en haar broer alles zelf voorbereid, met hulp van vrienden en familie. Foto’s gemaakt, flyers en posters ontworpen en gedrukt, er staat een website klaar om gelanceerd te worden en de social media-accounts zijn aangemaakt. De benodigde ondersteuningsverklaringen zijn verzameld binnen de familie. Aktan denkt veel jongeren te bereiken via social media, rekent op mond-totmondreclame en deelt met vrienden druk flyers uit. “We zijn ook bezig met de oprichting van een jongerenraad, die moet dienen als een soort klankbord”, aldus Aktan. Hoe groot ze de kans acht dat ze in de gemeenteraad komen? “Er zijn in Lelystad achthonderd stemmen nodig voor een zetel en we hebben de nodige research gedaan, dus ik denk dat minstens een zetel haalbaar is.”
de partij heeft inmiddels een website: jonglelystad.nl en is op instagram en facebook te vinden onder respectievelijk @jonglelystad en jonglelystad.
‘een frisse stem in vergrijzende raad’
rick PoeLwijk
Diemen
D66 // LiJst 1 // nr 6
Bachelorstudent politicologie Rick Poelwijk (22) vindt de VVD te conservatief en te ongenuanceerd en GroenLinks te links. Bij D66 voelt hij zich precies op zijn plaats.
“Vanwege de liberaal-progressieve ideeën maar wel met een sociaal vangnet.” Hij is nog niet zo lang lid van D66, sinds vlak voor de laatste Tweede Kamerverkiezingen, en hij staat nu al op de zesde plaats op de kieslijst voor de gemeenteraadsverkiezingen in Diemen. Het laatste beetje sympathie dat hij nog voor de VVD had, verdween met de beruchte open brief van Mark Rutte ‘aan alle Nederlanders’. “Kort door de bocht, met een populistische ondertoon”, vindt Poelwijk. “Ik vind de VVD ook te hardvochtig ten aanzien van vluchtelingen en uitkeringen.”
In zijn ideale Nederland draagt iedereen eigen verantwoordelijkheid en grijpt hij zijn eigen kansen, maar worden door de overheid ook de voorwaarden geschapen waarin iedereen zijn eigen potentieel ten volle kan benutten. “Daarom is onderwijs voor D66 zo belangrijk.”
Het zal erom spannen of hij een zetel in de Diemense gemeenteraad zal veroveren. D66 heeft er nu drie en hoopt op vier zetels, maar misschien worden het er wel vijf. “In dat geval zal D66 zeker een wethouder leveren, dat zal de eerste op de lijst zijn, dan zou ik als nummer zes in de raad kunnen komen”, aldus Poelwijk.
Dat zou mooi zijn, want de gemiddelde leeftijd in de Diemense gemeenteraad is nu ergens tussen de 50 en 55 jaar. “Jongeren zijn ondervertegenwoordigd, terwijl er veel studenten wonen”, zegt Poelwijk. Hij meent als vertegenwoordiger van die jongeren een “frisse stem” in de raad te kunnen zijn.
‘ik wil een bioscoop, schouwburg, poppodium en kroegen’
suzanne Piet amstelveen
PvDA // LiJst 6 // nr 4
masterstudent political science Suzanne Piet (22) is een geboren Amstelveense en sinds haar zestiende lid van de PvdA. “Ik voel me thuis bij de PvdA omdat het een brede partij is die niemand uitsluit”, aldus Piet. “Iedereen moet meedoen, en iedereen die kan, moet ook een steentje bijdragen aan de samenleving. En wie niet kan, moet geholpen worden.”
Net zo trots als ze op haar partij is, is ze op haar stad Amstelveen. “Het is een prachtige groene stad met veel natuur. Ze woont niet op Uilenstede, maar ze komt er wel veel, om sportlessen te geven in het sportcentrum. “Ik heb veel contact met de studenten daar en voel me een van hen.”
Maar naast de 3500 studenten op Uilenstede wonen er nog 11.000 andere jongeren in Amstelveen. Ook voor hen wil Piet zich inzetten. “Levendigheid is een punt, er zijn weinig uitgaansgelegenheden in bijvoorbeeld Westwijk. Je kunt zeggen dat je daarvoor terechtkunt in Amsterdam, maar dat is best een eind weg als je in Westwijk woont.” Piet wil kroegen, een bioscoop, een schouwburg en een poppodium in Amstelveen-West.”
Jongeren moeten meer betrokken worden bij de gemeente, vindt Piet. “Ze moeten weten dat de gemeente er ook voor hen is. De gemeente moet daar zelf ook iets aan doen. Op Uilenstede ontvangt bijvoorbeeld niemand het gratis Amstelveens Nieuwsblad, waar de pagina’s met informatie over de gemeente instaan. Begin daar eens mee.”
‘ik zet me in voor meer studentenwoningen’
Lennart de Looze amstelveen
GroenLinks // LiJst 3 // nr 5
student politicologie Lennart de Looze (22) houdt er geen rekening mee dat hij na de verkiezingen geen raadslid wordt. “Zes zetels is een realistische verwachting”, zegt De Looze. “GroenLinks heeft er op dit moment vier en we zitten landelijk in de lift. De partij is ongelooflijk gegroeid en de enige die zich inzet voor groene duurzaamheid in een gemeente waar de politiek vooral bepaald wordt door een groot rechts blok.”
De Looze is zich bewust van de kloof die groeit tussen politici en burgers, zodra zij een zetel hebben veroverd. Opeens blijkt na de bestudering van dossiers dat de zaken toch genuanceerder en ingewikkelder liggen dan het leek tijdens de campagne, toen de kiezer gepaaid moest worden met mooie beloftes. Hij zal in die val niet trappen.
“Ik zie mezelf niet als de politicus Lennart, maar als de jongere Lennart. Ook in de gemeenteraad zal ik op de eerste plaats de jongere Lennart blijven, een van de jongeren die in Amstelveen woont.” Dat betekent onder meer dat hij zich wil inzetten voor meer studentenwoningen en meer goedkope woningen voor jonge starters. Naast zijn studie politicologie heeft De Looze ook een vijftal minoren gevolgd: sustainability, internationaal recht, business administration, development studies en food and nutrition security. “Ik weet nog niet wat ik ermee wil gaan doen”, zegt hij. “Alle opties zijn nog open.” Maar hij ziet zichzelf niet als beroepspoliticus. “Ik ben gewoon iemand met idealen, en binnen GroenLinks hoop ik die idealen te kunnen verwezenlijken, om te beginnen in Amstelveen.”
‘niet nog meer vluchten over Uilenstede’
ties eigenhuis
amstelveen
CDA // LiJst 7 // nr 5
masterstudent economics Ties Eigenhuis (22) woont op Uilenstede. Hij is niet in Amstelveen geboren, want hij komt oorspronkelijk uit Kampen, maar hij vindt het “raar als je je niet verdiept in de gemeente waar je woont.”
Hij werd burgerraadslid voor het CDA, dan zit je niet in de gemeenteraad, maar vergader je namens je partij wel mee in commissies. Eigenhuis zit in de commissies Burgers & Samenleving en Sport. Nu staat hij op de vijfde plaats van de kieslijst. De partij heeft nu drie zetels in de gemeenteraad, “dus er is werk aan de winkel”, zegt Eigenhuis. “Amstelveen is een liberale, rijke gemeente van welgestelde mensen, waar vooral de VVD en D66 het voor het zeggen hebben.” Daar mag best wat tegenwicht voor komen. Het CDA mikt meer op de middeninkomens. “Zeker aan het woningaanbod zie je dat daar niet veel aandacht voor is: sociale huur en dure woningen, daartussen zit niks.” Daar wil Eigenhuis zich dus voor gaan inzetten. Speciale aandacht heeft hij ook voor de levensomstandigheden op Uilenstede. “Verder ben ik geen voorstander van de groei van Schiphol. Nu al gaan er veel te veel vluchten over Uilenstede heen. Slecht voor de luchtkwaliteit en voor de veiligheid. Bovendien kun je hier de ramen blijven lappen.”
‘nieuwe woningen loskoppelen van het gasnet’
wesLey Boer heerhugowaarD
vvD // LiJst 3 // nUmmer 4
Wesley Boer (23), masterstudent bestuurskunde, houdt niet van “leuke snoepverhaaltjes” die valse verwachtingen wekken bij de kiezers. “Je moet eerlijk zijn in wat er mogelijk is. Geen loze beloftes doen, maar gewoon aan de slag.” Hij is al jaren actief voor de VVD. De huidige fractie ondersteunt hij als commissielid. Bij de vorige raadsverkiezingen was hij nummer 7 op de kandidatenlijst. Deze keer staat hij op 4 en maakt hij dus een gerede kans op een zetel.
Hij is sinds 2016 op tournee langs de Nederlandse gemeenten als rechterhand van Pieter Duisenberg, de huidige voorzitter van de universiteitenkoepel VSNU maar tot voor kort VVD-Kamerlid en geestelijke vader van de ‘Methode Duisenberg’. Die houdt in dat er tijdens de begrotingsbehandeling wordt gedebatteerd over het al dan niet halen van vastgestelde doelen tegen een van tevoren vastgesteld budget, zodat een debat over de onderwijsbegroting niet verzandt in bijvoorbeeld gesteggel over één bepaalde school. De twee proberen gemeenten ervan te overtuigen ook de Methode Duisenberg te omhelzen.
Dezelfde no-nonsensehouding legt hij aan de dag als het over de VVDcampagne in Heerhugowaard gaat. Zoals bijna elke jonge politicus, van GroenLinks tot de VVD, hamert hij op het belang van betaalbare woningen voor jonge starters. En verder moet er iets gedaan worden aan de verkeerssituatie, wil hij dat nieuwe woningen losgekoppeld worden van het gasnetwerk en moet het station van Heerhugowaard worden opgeknapt. Jong als hij is, voor ondoordachte avonturen is hij te nuchter, te realistisch. “Echte oplossingen”, is zijn devies.
Reacties op Advalvas-artikelen zijn welkom op redactie.advalvas@vu.nl. De redactie behoudt zich het recht voor uw bijdrage eventueel in te korten.
ik ben geen bewaker
Graag wil ik ingaan op de ongemakken van het geslotendeurenbeleid die Bram Faber beschrijft in zijn opiniestuk ‘Wij willen geen bewaker zijn’ in de vorige Advalvas. Ik ben het met hem eens dat je dit ongemak niet mag afwentelen op degene die het dichtst bij de deur zit of op de secretaresse of het secretariaat. Als secretaresse werk ik vier dagen per week bij de afdeling Organisatiewetenschappen; ik ben degene die het dichtst in de buurt zit van de toegangsdeur. In de praktijk betekent dit inderdaad menig keer op een dag de deur opendoen, mensen te woord staan en vaak ook weer meelopen om ze uit te laten. Ik geef toe: dit is vaak tijdrovend. Aan de andere kant betekent dit voor mij: minder last van RSI, niet lang achter mijn computer zitten én meer contact met studenten, gasten en medewerkers. Ik beschouw mezelf zeker niet als portier of bewaker, maar zie dit als onderdeel van mijn werk. Natuurlijk begrijp ik dat dit anders ligt voor het wetenschappelijk personeel. Toch vind ik dat we dit geslotendeurenbeleid met elkaar moeten en kunnen oplossen. Begin met het maken van duidelijke afspraken met studenten: zomaar binnenlopen is niet mogelijk, dus maak een afspraak. Zorg dat je als docent op je werkplek zit en ingelogd
bent, zodat je telefonisch bereikbaar bent wanneer een gast zich meldt. Als de afspraak is afgelopen, loop dan even met je gast mee naar de deur. Mocht je als docent veel afspraken achter elkaar hebben, zoek dan een werkplek zo dicht mogelijk bij de deur. Verwacht je een grote groep, informeer het secretariaat, zet tijdelijk de deur open en laat de groep wachten totdat je hen ophaalt. Als het secretariaat uit meerdere collega’s bestaat, kun je met elkaar afspreken wie op welke dag de deur opent. Werk je veel samen met collega’s van andere faculteiten, dan kan het secretariaat of medewerker een uitbreiding van zijn autorisatie voor de betreffende afdeling aanvragen bij afdeling Toegangsbeheer.
De Lync-kiosk werkt ook bij ons niet naar behoren; ik heb deze dan ook uitgezet. Daarvoor in de plaats hangt een uitgebreide telefoonlijst van de medewerkers en secretariaat. Wil je niet dat jouw afdeling als sluiproute gebruikt wordt, maak dit duidelijk bij de voordeur. Een simpele vraag als met wie heeft u een afspraak? is al effectief. Al met al kun je dus met kleine ingrepen de ongemakken enigszins verlichten. Werk ze.
Many of you have come to the Netherlands from all corners of the European Union. With this letter, I wish to remind you that as a European Union citizen, you enjoy many rights and privileges. Being registered with a university in another EU Member State is a prime example of this. A privilege I personally enjoyed when I studied in Italy. Europe has become part of my identity ever since, and I sincerely hope it will become part of yours as well. Besides your right to study in the Netherlands you also have the freedom to find a job here. To work for a Dutch company or maybe even start your own business, after you finalise your studies. Or perhaps continue in scientific research. Many avenues are open. As of now, nothing is set in stone and the possibilities are endless. The freedom to move, study and work all over the EU is a boon to the young generations of Europeans today. Rights to be cherished.
I would like to invite you to actively exercise another important right that is part of your Union citizenship: the right to vote in the upcoming local elections. EU citizens are eligible to vote, no matter how long they have resided in the Netherlands. Other international residents need to live in the Netherlands for at least 5 years, in order to be entitled to vote.
You can take part in the democratic process in whichever
city is currently your home. Amsterdam, Groningen, Rotterdam, Maastricht or any other city in the Netherlands. Even if your residence is only temporary, you can have a say in how your city will be governed for the coming years, by voting on 21 March 2018.
By means of your vote, you have a say in how education, public transport, and bike lanes (I assume you all ride a bike) will develop. A say in local measures to tackle climate change in your city. Or the opening and closing hours of bars and restaurants. Voting is easy. By regular mail you will receive a voting pass, a so-called stempas. Make sure your address is registered properly with your municipality. Take the stempas and your valid ID with you to a polling station in your municipality. Most probably there will be a polling station at your university building. In just a few minutes, you can make a real difference in your city. While our democracy isn’t flawless, it’s vibrant and colourful. Especially at the local level. There will be many parties to choose from. Most of them publish their information in English online. This should help you in making your choice. I wish you all a great deal of wisdom as well as fun in making your choice.
Monica den Boer, Member of Parliament for D66
Hoe divers willen we zijn?
Advalvas-readers are informed, with increasing frequency, of the initiatives of our university in the topic of diversity. There is a VU Diversity Office, hosting what looks like many commendable initiatives. It is becoming clear, though, that diversity is too large a word to be left unspecified. It may be time to discuss more explicitly where the VU is aiming for. Why do we want to increase diversity? As Wim Haan suggests (in Advalvas #10) diversity is not an end in itself. The suggestion is therefore made that it improves science. A study is mentioned to support this: likely that of Freeman and Huang, published not in Nature, as reported, but as a non-peer-reviewed paper of the US National Bureau of Economic Research. The authors looked at the ethnic diversity of surnames of authors in scientific articles, and associated it with higher-impact articles. But, as the authors suggest, this can very well show the merits of international collaboration, which grants a vaster professional network and a larger pool of knowledge and methods. In other words: insular science lags behind, hardly a surprise for anyone in the field. One wonders then, is the mandate of the Diversity Office to help our scientists in international networking? Probably not.
Then why pursuing diversity? It is stated that the university should be a reflection of society. This sounds utterly reasonable. But when it comes to bringing this about, it gets very complicated. Which demographics: ethnic, religious, racial, gender, sexual orientation, income, age, others? Editor Peter Breedveld points out that employees are still very white. Haan agrees that this is a problem, and announces that they are going to address it. This begs the question: how?
There seem to be two possibilities: A) the VU discriminates against non-white applicants, in which case this should be the focus of intervention; B) the VU does not discriminate. B seems quite plausible, given the literature on the topic and lack of proof of discrimination. Maybe underrepresented groups do not apply enough to positions at the VU. If they don’t, we could look at the causes, and maybe make the VU a more attractive employer, e.g. to address gender balance, by offering schemes for women to better combine child-care and career. But if underrepresented groups do indeed apply, then the only solution is to discriminate in hiring to reach the desired quotas, a.k.a. ‘affirmative action’. Does the VU really want to go down this path, as the UvA does already? And quotas for which group: women, blacks, Asians, lgbt, muslims, conservatives, poor, disabled? People largely dislike quotas. Not even Pieter Duisenberg went so far as to auspicate quotas at universities. It may be that diversity is so desirable that it warrants taking such controversial measures. But I think that first we need to discuss, inclusively, whether it is so desirable, and what can be sacrificed in its sake.
To echo Mark van Vugt (Advalvas #12): is it still the VU’s priority to be a locus of knowledge production and dissemination, or does it want to give precedence to dreams of improving society after specific political ideologies?
Martin Luther King jr said: ‘I look to a day when people will not be judged by the color of their skin, but by the content of their character.’
I hope we are not ready to abandon this principle.
Floor Bal, Peter Breedveld, Dirk de Hoog, Marieke Kolkman, Welmoed Visser
Eindredactie
Win Castermans, Welmoed Visser
Secretariaat
Anna Jansen (020) 5985630
secretariaat.advalvas@vu.nl
Basis ontwerp
Luis Mendo - GOOD Inc.
Vormgeving
Rob Bömer - rbbmr.nl
Medewerkers
Yvonne Compier, Dido Drachman, Peter Gerritsen, Sanne Pieters, Dick Roodenburg (Griffioen), Bas van der Schot, Peter Valckx
Copyright HoP-kopij
Hoger Onderwijs Persbureau, Amsterdam
VU-advertenties
zie secretariaat
Commerciële advertenties
Bureau Van Vliet (023) 5714745
Druk
Tuijtel, Hardinxveld-Giessendam
De psycholoog uithangen is not done
selma muhammad (rechts) begeleidt nathalie van kesteren (links), ze had zelf ook graag een studiemaatje gehad.
Studenten die dreigen vast te lopen in hun studie, kunnen een studiemaatje krijgen: een medestudent die hen op weg helpt.
DOOR FLOOR BAL
FOTO YVONNE COMPIER
Na de lessen blijven hangen om met je vrienden te kletsen, alle leraren op de gang groeten. Dat was normaal voor Nathalie van Kesteren (20) toen ze nog op school zat. De overgang naar de VU was groot voor haar. “Het viel me tegen”, vertelt de eerstejaars bedrijfskunde, “de campus was zo groot, ik kende de weg niet. En bij mijn colleges zat ik telkens met vierhonderd man in de zaal. Dan is het moeilijk om je bij mensen aan te sluiten. Ik was wel mee geweest naar de introductieweek, maar daar vond ik mijn groepje niet zo leuk. Na een maand voelde ik me al erg eenzaam.”
maatje gevraagd. “Zij vond dat begeleiden wel bij mij passen. Het klonk leuk en het is laagdrempelig. Je bent er ongeveer een uur per week aan kwijt.”
Vooraf kreeg ze een training over de dingen die ze wel en niet moet doen. Studieopdrachten voor haar maatje maken is not done bijvoorbeeld. De psycholoog uithangen evenmin. “Ik wilde graag gekoppeld worden aan iemand die bereid is om in actie te komen, die niet in de problemen blijft hangen.”
Na een kort kennismakingsgesprek mochten de twee studenten apart van elkaar aangeven of ze met elkaar door wilden. De coördinator kreeg al snel twee mailtjes binnen. Allebei ‘ja’.
‘Zodra ik me had opgegeven, voelde ik me al beter’
Ze ging met tegenzin naar college, maar dwong zichzelf om toch te gaan. “Vorig jaar had ik al een tussenjaar gehad omdat ik niet wist wat ik moest studeren. Daarom wilde ik nu per se een half jaar volhouden. Om het een kans te geven.”
Uiteindelijk mailde ze de studentenpsycholoog. Die stelde voor dat ze een studiemaatje zou krijgen. Dat is een nieuw project voor studenten die door een beperking of om andere redenen studievertraging dreigen op te lopen. Eens per week spreekt een koppel af. Om leuke dingen te doen of om studieobstakels te bespreken. “Zodra ik me had opgegeven, voelde ik me al beter. Omdat ik wist dat ik begeleiding zou krijgen.”
Allebei ‘ja’
Die hulp komt van Selma Muhammad (21), derdejaars lifestyle informatics. Door een studentendecaan die haar kende van de opleidingscommissie werd ze als
Hun eerste afspraak was bij Bagels & Beans op de Zuidas. Nu spreken Van Kesteren en Muhammad elke twee weken af en appen ze tussendoor. Soms lopen ze samen over de campus om te kijken of er iets te doen is of gaan ze samen studeren. Een bezoek aan De Verrekijker (de autonome ruimte op de campus) staat nog op de planning.
Ook willen ze binnenkort samen naar een lunchlezing en naar bioscoop Rialto.
Afstandelijker
Is zo’n lichte manier van ondersteunen voldoende om een student met moeilijkheden op weg te helpen? Voor Van Kesteren was het dat in elk geval wel. “Selma heeft mij geleerd dat iedereen op de campus met zichzelf bezig is. Het is niet zoals op de middelbare school, het valt hier niemand op als je in je eentje loopt. Daar hoef je je niet ongemakkelijk over te voelen. Het is normaal dat de sfeer hier afstandelijker is. Als je docenten zou groeten, zouden ze je niet eens herkennen.”
Inmiddels heeft Van Kesteren ook aansluiting gevonden bij haar studiegenoten. “Al zijn dat meer werkgroep -
s tudiemaatjes
> studenten die een steuntje in de rug nodig hebben, kunnen een studiemaatje krijgen via students4-students@vU van de afdeling student-& Onderwijszaken.
> het gaat niet om mensen met ernstige problemen, maar studenten die om verschillende redenen moeite hebben hun draai op de vU te vinden: ze zijn nieuw op de vU, hebben een functiebeperking, studievertraging of zijn eerstegeneratiestudent.
> een student van dezelfde of een andere studie wijst ze ongeveer een uur per week de weg op de vU. na een jaar eindigt de begeleiding.
> meer weten? Op donderdag 1 maart staan er van 9 tot 15 uur mensen in de centrale hal van het hoofdgebouw die informatie kunnen geven over studiemaatjes.
> zelf vrijwilliger worden? Op vUnet staan actuele oproepen van studenten die een maatje zoeken. zoek je ondersteuning? mail dan naar studiemaatjes.soz@vu.nl.
vriendinnen. Na afloop van een college spreken we niet met elkaar af. Iedereen gaat weer snel naar huis. Dat is niet erg, ik heb zelf ook mijn oude vrienden in Amsterdam.”
Zelf had Muhammad zo’n maatje in haar eerste studiemaanden ook wel willen hebben. “Het is hier supergroot. In het hoofdgebouw kon ik de eerste dag niet eens de liften vinden. Geen idee waardoor dat kwam, ze staan heel duidelijk aangegeven. Dus nam ik maar de trap naar de veertiende verdieping. Ik had gelukkig twee medestudentes die al een jaar een andere studie op de VU gedaan hadden. Die hebben me alles laten zien.”
Doel bereikt
De twee studenten zullen elkaar dit studiejaar nog geregeld zien. Aan het eind van het jaar is het de bedoeling dat de student die begeleid wordt op eigen benen staat. Hoewel niets ze tegenhoudt om daarna gewoon vriendinnen te blijven. Zelf verwachten ze dat wel. Het doel van hun afspraken is in elk geval bereikt. Van Kesteren is blij dat ze haar studie doorgezet heeft. “Nu ik meer weet over de inhoud van de studie vind ik het echt leuk. Ik ben nu gewend en meer vertrouwd op de VU. En ik heb geaccepteerd dat het gewoon niet hetzelfde is als op de middelbare school.”
De universitaire studentenraad is het medezeggenschapsorgaan van en voor studenten van de VU. De raad houdt zich vooral bezig met de kwaliteit en toegankelijkheid van het onderwijs en het studentenbeleid van de VU. De raad overlegt hierover geregeld met het college van bestuur.
Minorenmarkt maakt kiezen makkelijker
Toen ik in mijn derde jaar van de bachelor geschiedenis een minor moest kiezen, was het voor mij niet moeilijk. Mijn interesse in de Amerikaanse cultuur en geschiedenis leidde me meteen naar de minor American Studies. Mijn eerste semester werd dus gevuld met vakken over literatuur, planologie en de geschiedenis van de Verenigde Staten. Het bleek een perfecte keus: ik ontdekte nieuwe onderzoeksperspectieven, waardoor mijn horizon wel degelijk verbreedde. Mijn minorkeuze beviel me uitstekend.
Helaas gaat het bij lang niet alle studenten zo makkelijk als bij mij. Veel studenten hebben namelijk last van keuzestress. Ga je een stage doen, volg je een semester in het buitenland, of wil je een tijd studeren aan een andere Nederlandse universiteit of wil je een minor aan de VU volgen?
Het zijn allemaal geweldige mogelijkheden die je helemaal zelf moet kiezen. Veel studenten vinden het onduidelijk wat ze hiervoor allemaal moeten doen. Het overstappen naar een andere universiteit, zowel nationaal of internationaal, kan zorgen voor administratief gedoe, waarop je niet had gerekend. Het is dus erg belangrijk dat studenten van tevoren alle informatie krijgen over zowel wát ze kunnen doen als wat ze daarvoor moeten regelen.
Daarom wil de USR een universiteitsbrede minorenmarkt opzetten. Daar kun je vragen stellen over álle minors die de VU aanbiedt. Als student kun je dan verder kijken dan
je eigen faculteit. Zo werken we aan een betere informatievoorziening over de vrije keuzeruimte in het derde bachelorjaar. Op zo’n universiteitsbrede minorenmarkt krijgt de student een compleet beeld van zijn vrije keuzeruimte. Elke student kan ervaring opdoen in een ander interessegebied, onderzoeksgebied of ander land. Je vrije keuze in het derde jaar is erg belangrijk omdat die zeer vormend kan zijn. De USR wil dat de VU je optimaal ondersteunt bij het maken van die keuze.
Koen Voors, coördinator onderwijs en onderzoek k.voors@studentenraadvu.nl
wat er Verder speelt
Een selectie uit de onderwerpen waarover de USR nu nadenkt en/ of onderhandelt:
• Internationalisering. Er is veel discussie over internationalisering binnen universiteiten. Het belang van studenten om toegankelijk en goed onderwijs te volgen mag volgens de USR niet wijken voor internationalisering, die moet juist een toegevoegde waarde zijn voor de opleiding. De USR jaagt de discussie over internationalisering op de VU aan en inventariseert waar en wat de problemen zijn.
• Volledig diplomasupplement. Studenten die meer doen dan het curriculum van hen vraagt, moeten daarvoor erkenning krijgen. De USR wil dat elke VU-student een volledig diplomasupplement ontvangt. Als een student besluit om extracurriculaire vakken te volgen of een extra minor, moet dit dus ook vermeld worden op het VU-diploma. De universiteit moet een brede ontwikkeling stimuleren en erkennen, vindt de USR.
Dionne puyman hoofd strategie en beleid Communicatie & marketing
‘De VU is niet top of mind bij scholieren’
‘Verander je wereld’ is de leuze van de nieuwe studentenwervingscampagne van de VU. Dionne Puyman is de grondlegger.
TEKST EN FOTO
MARIEKE KoLKMAN
Verander je wereld? Wat is er gebeurd met ‘VU is verder kijken’? “De nieuwe campagne is: Verander je wereld, studeer aan de VU. VU is verder kijken is de corporate pay-off, dat zinnetje hoort als het ware bij het logo. Maar we willen nieuwe studenten bereiken en daarvoor is een nieuwe blik nodig. De nieuwe campagne is in eerste instantie gericht op de werving. Wat we doen met verder kijken moeten we nog zien.”
Is VU is verder kijken niet leuk genoeg voor scholieren? “We groeien qua instroom niet hard genoeg ten opzichte van andere universiteiten, ook al was het aantal eerstejaars vorig jaar hoger dan het jaar ervoor. We hebben de opdracht daar iets aan te doen. We willen studenten aanspreken die iets willen veranderen, die niet de status quo accepteren. Er zijn veel voorbeelden binnen de VU van mensen die werken aan maatschappelijke vraagstukken en echt proberen de wereld te veranderen. Die inhoud kunnen we in verder kijken niet echt kwijt.”
Dus alles waar verder kijken op staat, kan in de prullenbak? “Na de bachelordag van 10 februari gaan we kijken wat het effect van de campagne is en maken we een voorstel wat het betekent voor VU is verder kijken. Maar we gaan niet direct alles waar verder kijken op staat uitrangeren, dat is kapitaalvernietiging.”
We waren net aan verder kijken gewend en nu komt er weer wat anders. “Grappig dat je dat zegt, want VU is verder kijken bestaat toch al zes jaar. Dat is een heel gangbare termijn om weer wat anders te doen. Los daarvan is er net een grote monitor onder scholieren geweest en daar blijkt uit dat de VU niet top of mind is. Dus het moet echt anders.”
Er zitten allemaal nieuwe mensen op de hoge posities bij C&M. Is dat ook waarom het anders moest? “Nee, dat speelt geen rol. Ik ben nog aangenomen door de vorige directeur, Petra
Verander je wereld
verander fastfood, energie, privacy, met acht ‘verander’-kreten probeert de vU scholieren binnen te halen. er is ook een ‘studie-inspirator’, waarin scholieren vragen kunnen liken of disliken en zo erachter kunnen komen welke studie past bij hun interesses. de nieuwe wervingscampagne moet ervoor zorgen dat de vU geen studenten (en daarmee inkomsten) verliest ten opzichte van de andere universiteiten. zie veranderjewereld. vu.nl
Herkströter, met de nadrukkelijke opdracht om de werving aan te pakken.”
Is er weer een reclamebureau bij gehaald? “Ja, we hebben de campagne gemaakt samen met bureau Steam. We hebben ook veel zelf gedaan; het is een goede coproductie. Maar voor de uitwerking van de concepten en de beelden heb je wel echt een campagnebureau nodig.”
reageren? mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
Pas gepromoveerde onderzoekers kunnen binnenkort terecht bij de Amsterdam Young Academy.
a msterdam krijgt Jongeeigen a kademie
Amsterdamse tak
Selectie
DooR fLooR BAL
een Amsterdams platform voor jonge wetenschappers die passie voor hun werk hebben. Dat moet de Amsterdam Young Academy (AYA) worden. “Het is een geweldige manier om jonge wetenschappers bij elkaar te brengen”, zegt Kristine Steenbergh, universitair hoofddocent Engelse literatuur. Samen met filosoof Jeroen de Ridder is zij uitvoerder van het plan voor een Amsterdamse variant op De Jonge Akademie van wetenschapsorganisatie KNAW.
“Het gebeurt niet vaak dat je als onderzoeker wetenschappers van andere faculteiten tegenkomt. Dat kan heel inspirerend werken. Niet alleen kun je bepaalde prangende vragen vanuit verschillende disciplines benaderen. Je ziet ook hoe je eigen vakgebied zich verhoudt tot dat van anderen.”
“Het idee voor een gezamenlijk Amsterdams platform werd eerder bedacht door VU- en UvA-medewerkers van De Jonge Akademie. Toen Steenbergh en de Ridder in 2017 daar toetraden, besloten zij het uit te voeren. Ook in universiteitssteden als Rotterdam, Groningen en Utrecht worden soortgelijke platformen opgericht.
De Amsterdam Young Academy is officieel niet aan de KNAW verbonden.
Maar Steenbergh en De Ridder hopen dat lidmaatschap voor de deelnemende wetenschappers een opstapje naar De Jonge Akademie kan zijn.
‘Je ziet hoe je eigen vakgebied zich verhoudt tot dat van anderen’
Begin maart beginnen de faculteiten van de VU en de UvA met het voorstellen van geschikte kandidaten. Aan het eind van het jaar moeten de eerste dertig wetenschappers geselecteerd zijn. Uiteindelijk zal AYA veertig leden hebben die telkens voor een periode van vier jaar lid zijn.
Die wetenschappers worden aan een aantal criteria getoetst. Ze moeten goed zijn in hun werk maar worden nog niet keihard afgerekend op de dingen die ze nog niet onder de knie hebben. “We zoeken jonge getalenteerde mensen die gepassioneerd zijn in wat ze doen. Die bereid zijn om over het muurtje van hun eigen discipline te kijken. Ze moeten goed zijn in onderwijs of onderzoek.” Steenbergh hoopt met de Amsterdam Young Academy iets te kunnen bieden aan wetenschappers die hun professionele leven nog niet helemaal op de rails hebben. “Ze zijn maximaal acht jaar geleden gepromoveerd. Het zijn mensen die vaak op tijdelijke contracten werken en bijvoorbeeld postdoc zijn. Ze zitten in een fase van hun leven waarin ze heel hard werken, maar toch veel onzekerheden over de toekomst hebben. Het
is heel fijn dat we aan zulke gepassioneerde jonge wetenschappers een platform kunnen bieden om hun fascinatie voor de wetenschap te delen.”
Het harde werk
Het is een groep die volgens Steenbergh een groot deel van het onderwijs en het onderzoek op de universiteit verricht. “Het is heel interessant om eens te horen wat zij te melden hebben. Wetenschappers met bestuursfuncties krijgen daar al veel ruimte voor. Dit zijn de mensen die echt in het werkveld staan.”
Daarom ziet zij advies geven aan beleidsmakers ook als een van de taken van de AYA. “Bij De Jonge Akademie werkt dat ook goed. Daar kwam het voorstel vandaan om universitair hoofddocenten promotierecht te geven. Zo is het voor hen makkelijker om een eigen onderzoekslijn op te zetten. Dat plan is inmiddels aangenomen: vanaf februari hebben zij dat recht gekregen.”
reageren? mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
sO YOU think YOU Can teaCh
Wie weet van een hoorcollege een inspirerende sessie te maken? s tudent-reporter joeke Berg schuift aan. d eze keer: het hoorcollege contractstheorieën
van Wouter Veraart.
12-02-2018|HG-06A00. “Grotius, Hobbes, Locke, Rousseau… waarom zouden jullie daar eigenlijk iets over moeten weten?” De zaal vol tweedejaars criminologie is nog een beetje beduusd na het zien van de indrukwekkende lijst met namen van grote filosofen die zojuist over het scherm flitste. Na een globale inleiding in de encyclopedie der criminologie is het nu tijd voor het echte werk en hoogleraar rechtsfilosofie Wouter Veraart duikt meteen de diepte in. Natuurtoestand, maatschappelijk verdrag, sociaal contract. Het abstractieniveau neemt toe, maar Veraart weet zijn toehoorders bij de les te houden en neemt ze stapje voor stapje mee in de wereld van de rechtsfilosofie. “Let wel, de natuurtoestand is geen historische reconstructie. Het is een hypothetisch gedachte-experiment. Net als het sociaal contract. Het is fictie.” Met precies de juiste balans tussen serieuze filosofische beschouwingen en de nodige humor, ironie en sarcasme krijgt Veraart het voor elkaar de zaal mee te krijgen in zijn verhaal. “Straks wordt het wat spannender, dat beloof ik.”
+ Helder verhaal met humor
� Veel tekst op slides
De docent zorgt er hoogstpersoonlijk voor dat elke filosoof de aandacht en erkenning krijgt die hij verdient, ook al moet hij daarvoor wat van de gebaande paden afwijken. Zo staat hij erop bij Hobbes – Veraart mag Thomas zeggen – te benadrukken dat hij nog weleens onterecht wordt weggezet als fanatiek pleitbezorger van totalitaire regimes. “Het is belangrijk om dat beeld wat te nuanceren.” Voorganger Van Aquino wordt er stiekem bijgehaald, hoewel hij eigenlijk buiten het programma was gevallen. Net als De Groot, die ook geen deel uitmaakt van de voorgeschreven stof, “maar het is toch wel leuk om iets van Nederlandse bodem te behandelen.”
Het is duidelijk dat de hoogleraar over de juiste didactische kwaliteiten beschikt voor het doceren van rechtsfilosofische begrippen op een maandagmiddag tussen half vier en kwart over vijf.
Veraart weet alles even helder over het voetlicht te brengen en houdt, zoals gezegd, met de juiste balans tussen abstractie en humor de zaal actief betrokken. Enig minpuntje is de enorme hoeveelheid tekst op zijn slides. Aan het eind van het college wordt het Veraart zelf ook een beetje te veel. Al meteen bij het verschijnen van de slide waarop een ellenlange passage uit het werk van Rousseau is gepropt, gooit hij de handdoek in de ring. “Dit ga ik natuurlijk niet allemaal voorlezen. U kunt het zelf wel nalezen in de syllabus. Dat was het voor vandaag. Dank voor uw aandacht.”
PERSONEELSPAGINA
ONDER REDACTIE VAN HRMAM VU JAARGANG 10, NUMMER 12, WOENSDAG 28 FEBRUARI 2018
JUISTE REGISTRATIE VAN NEVENWERK ZORGT VOOR TRANSPARANTIE
Nevenwerk
Met ingang van 1 januari 2018 is de oude VU-regeling voor nevenwerk vervangen door de sectorale regeling Nevenwerkzaamheden. Daar staan geen grote veranderingen in. Wel is het een mooie aanleiding om de voorwaarde voor transparantie, namelijk het juist registreren van nevenwerk, onder de aandacht te brengen.
De nieuwe sectorale regeling is bedoeld om de transparantie van nevenwerkzaamheden binnen de Nederlandse universiteiten verder te optimaliseren. De VU hecht waarde aan nevenwerkzaamheden omdat het een verbindende factor is tussen de wetenschap en de samenleving. Nevenwerkzaamheden zijn dus toegestaan, mits de academische onafhankelijkheid gewaarborgd blijft en de registratie daarvan volstrekt helder is. Daarom moeten alle VU-medewerkers, inclusief de aan de VU verbonden bijzonder hoogleraren, hun nevenwerkzaamheden melden aan hun leidinggevenden en zelf registreren. Na toestemming van de leidinggevende worden nevenwerkzaamheden van wetenschappers gepubliceerd op hun persoonlijke profielpagina in Pure, het systeem voor het registreren van onderzoek en publicaties. Het nevenwerk is vervolgens zichtbaar op de VU Research Portal.*
Onoverzichtelijk Pure-profiel
Naast de meldingsplicht loont het dus de moeite om nevenwerkzaamheden juist te registreren. Dat gebeurt namelijk nog lang niet altijd. Dimitri Unger, functioneel beheerder UBVU voor Pure: ‘Het is ons opgevallen dat nevenwerkzaamheden soms direct in Pure worden geregistreerd.’ De dienst HRMAM constateert dat ook, terwijl
Zo houden we de geregistreerde nevenwerkzaamheden up-to-date:
• Op VUnet via Mijn gegevens inzien kan de medewerker altijd controleren of de geregistreerde nevenwerkzaamheden nog actueel zijn
• Op VUnet via de self service Nevenwerkzaamheden melden, wijzigen of stopzetten kan de medewerker altijd zelf wijzigingen invoeren: VUnet > Serviceplein > Personeelszaken > Nevenwerkzaamheden melden, wijzigen of stopzetten
• In de sectorale regeling worden de nevenwerkzaamheden voortaan jaarlijks geëvalueerd. Op korte termijn worden de geregistreerde nevenwerkzaamheden daarom zichtbaar in het jaargespreksformulier. Als er geen nevenwerk is, dan wordt dat ook vermeld.
Met een vinkje in het formulier kan de medewerker de status van de nevenwerkzaamheden aangeven (wel of niet meer actueel)
omdat hierdoor op twee verschillende manieren nevenwerkzaamheden vermeld worden. En dat terwijl transparantie van nevenwerkzaamheden nu juist zo essentieel is. De enige en juiste route is dus om nevenwerk te registreren via de self service op VUnet.
Nevenwerkzaamheden, wat zijn dat ook alweer?
Nevenwerkzaamheden zijn alle betaalde en onbetaalde werkzaamheden en activiteiten die de medewerker buiten de functie bij de universiteit verricht. De werkzaamheden variëren van
Nevenwerkzaamheden zijn dus toegestaan, mits de academische onafhankelijkheid gewaarborgd blijft en de registratie daarvan volstrekt helder is
dat niet de plek is om melding te maken van de activiteiten die je naast je functie bij de VU uitvoert. De juiste plek om nevenwerk te melden is via de self service Nevenwerkzaamheden melden, wijzigen of stopzetten die eenvoudig te benaderen is via VUnet. Wanneer wetenschappers hun nevenwerkzaamheden direct op hun Pure-profielpagina vermelden, dan worden de nevenwerkzaamheden niet geregistreerd in het personeelsinformatiesysteem en kan de leidinggevende hier geen akkoord voor afgeven. Ook maakt het de Pure-profielpagina van de betreffende wetenschapper onoverzichtelijk,
redactielid van een tijdschrift, adviesraadslid van een maatschappelijke onderneming tot aan adviseur van een private onderneming. Nevenwerk kan op deze manier goed zijn voor je functioneren en een breder maatschappelijk belang dienen. Wetenschappelijke kennis wordt immers vaak van waarde wanneer toegepast in de samenleving. Prof. dr. Frank van Harmelen, verbonden aan Department of Computer Science, Faculty of Sciences, is een paar weken per jaar op de Wuhan University in China om gastcolleges te geven: ‘Een belangrijke maatschappelijke waarde is het uitwisselen
*De VU Research Portal toont de persoonlijke profielen van VU-onderzoekers en een overzicht van hun publicaties. Het portaal is te vinden via vu.nl > Onderzoek.
van onderzoeksculturen. Zij kijken met belangstelling naar de open en niet-hiërarchische verhoudingen binnen onze onderzoeksteams. En in de marge van het onderzoek wordt er heel veel informeel gesproken over de verschillen in cultuur, het economische systeem, politiek, leefwijze, etc. Ik denk oprecht door dertien jaar lang regelmatige bezoeken dat veel mensen in Europa meer begrip hebben gekregen voor het leven, het systeem en de cultuur in China. Omgekeerd begrijpen veel van mijn Chinese collega's nu meer van het leven, het systeem en de cultuur in Europa. ‘
Academische onafhankelijkheid
Naast de meldingsplicht van de medewerkers zelf, dienen de leidinggevenden het nevenwerk, in het kader van transparantie, ook zelf goed te beoordelen. Is de academische onafhankelijkheid in het geding? Kan de medewerker nog wel integer zijn functie blijven uitoefenen? Bij twijfel kan de leidinggevende hulp vragen aan de P&Oadviseur of contact opnemen met het Innovation Exchange Amsterdam (IXA) dat gespecialiseerd is in valorisatie. Van Harmelen: ‘De universiteit ligt bijna permanent onder een maatschappelijk vergrootglas. Gaat het er wel eerlijk aan toe in de wetenschap? Is er geen belangenverstrengeling? Dat is ook goed, dat houdt de universiteit scherp. Juist vanwege die maatschappelijke controle is het belangrijk om open te zijn over je nevenfuncties, zelfs als die onbezoldigd zijn, zoals mijn aanstellingen in China.’
Het Filmhuis Griffioen draait in maart zes films die kans maken op een of meerdere Oscars. Darkest Hour, Call Me by Your Name, Three Billboards Outside Ebbing, Missouri en The Post zijn genomineerd voor zowel Beste Film als Beste Acteur (Gary Oldman en Timothee Chalamet) of Beste Actrice (Frances McDormand en Meryl Streep). Christopher Plummer in All the Money in the World en Willem Dafoe in The Florida Project zijn in de race voor een Oscar voor Mannelijke Bijrol.
Keuze genoeg dus, als ik een tip mag geven: The Florida Project. Ga zien die film over de jonge white trash moeder Halley en haar zesjarige dochtertje Moonee in een verlopen motelcomplex bij Disney World. Geweldige acteurs, met inderdaad een glansrol voor Willem Dafoe als huisbewaarder die (tevergeefs) probeert moeder en dochter in het gareel te houden.
Dick Roodenburg publiciteitsmedewerker Griffioen
Fou Fow r amen
CoNCEPt Japans restaurant in de Pijp. Er is nog een filiaal in de Jordaan, op de Elandsgracht.
SfEER Urban en casual. Het is strak en modern ingericht, maar het voelt speels door de niveaus, de open keuken en Japanse kunst aan de bakstenen wand.
EtEN Het draait hier allemaal om ramen: Japanse noedels in bouillon met verschillende soorten toppings. Er bestaan eindeloos veel variaties op dit gerecht, maar de belangrijkste smaak is het typisch Japanse umami. Je kunt kiezen uit vijf bouillons, getrokken van zowel vlees als groente.
Ik kies de classic tonkotsu ramen met geroosterd varkensvlees, spinazie, lente-ui, gemarineerd ei, taugé en kombu (gedroogd zeewier). De smaak van de bouillon is rijk en past goed bij de subtiele toppings. Als bijgerecht nemen we de gefrituurde kip met norimosterdmayo en de varkensgyoza. Deze gerechten zijn heerlijk hartig en perfect bereid.
BEDIENING Engelstalig, vriendelijk en snel.
tIP Neko Jusu orange ginger, een frisse limonade, gebrouwen door een van de werknemers.
AANRADER Absoluut, als je een liefhebber bent van authentieke Japanse smaken word je niet teleurgesteld.
PRIJS Voor 46,50 euro krijgen we twee soorten ramen en twee bijgerechten, een flesje Neko Jusu-limonade en een glas pruimenwijn. Een portie ramen kost tussen 10,50 en 14,50 euro, afhankelijk van de grootte.
foU foW RAMEN
Van Woustraat 3 foufow.nl
Kenan de Leeuw, derdejaars bachelor psychologie
wil je ook gratis uit eten, in ruil voor een restaurantrecensie? mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
the florida Project
ik was een heel braaf kind
Cas Koopman 18
bachelor philosophy, politics and economics rode flat
“Binnenkort begint mijn training om bij de douane op Schiphol te gaan werken. Ik krijg taken als mensen fouilleren en ik zal bij het röntgenapparaat staan. Eerst werd ik door de AIVD en de marechaussee gescreend. Ze keken of ik criminele banden heb of dat ik bijvoorbeeld via familie te manipuleren ben. Na mijn gesprek moest ik een vragenlijst invullen. Of ik ooit met de politie in aanraking gekomen ben, dat soort dingen. Ik kon eerlijk zijn: ik was een heel braaf kind. Ik heb zelfs nog nooit een snoepje gestolen. In principe was ik aangenomen, maar ik moest de uitslag afwachten. Dat duurde meer dan een maand.
Gelukkig heb ik in de zomervakantie veel gewerkt om alvast vooruit te verdienen. Bewust. Want in september had ik zoveel nieuwe dingen, studie én woonplaats, dat ik even rustig aan wilde doen. En anders is ome DUO er ook altijd nog.
Door floor Bal
Foto Peter Valckx
Wil je ook in uiLeNSTeDerS? Mail naar redactie.advalvas@vu.nl.
Sanne Pieters tweedejaars sociologie
iLLUstrAtie Dido Drachman Masterstudent beeldverhaal, Sint Lucas, Brussel
met een vriend maak ik huiswerk in zijn kamer. Hij woont in een groot studentencomplex waar ik graag kom omdat er zo veel lieve creatieve mensen wonen, met wie je kunt filosoferen over wat kunst is en wat niet.
Ik ben bezig met een column over werkgroepen. Een boze column, ik heb een hekel aan werkgroepen.
Werkgroepen, waarvan docenten blijven volhouden dat ze je voorbereiden op de arbeidsmarkt, doen me denken aan de middelbare school. Waar docenten proberen om ongeïnteresseerde studenten bij de les te houden, waar die studenten in werkgroepvorm nogmaals uitgelegd krijgen wat ze in hoorcolleges hadden kunnen horen, in opgegeven literatuur hadden kunnen lezen.
De vriend krijgt een whatsappbericht.
Hij opent het bericht, leest het, zijn gezicht betrekt, hij wordt heel stil.
“Wat is er?” vraag ik.
In het sms-bericht staat dat een ganggenoot zojuist in zijn kamer aangetroffen is.
Dood. Zelfmoord. Depressie.
“Wie is dat?” vraag ik, “ken je hem?”
“Niet zo goed”, zegt de vriend, “hij was erg op zichzelf. Maar we groetten elkaar. We dronken weleens wat.
Zeiden dat we dat vaker moesten doen. Jij hebt hem ook een keer ontmoet. Hij maakte mooie dingen.”
Het is moeilijk je te verhouden tot een overledene die je niet echt kent, maar ook niet echt niet kent. Je bent niet verdrietig, maar je voelt toch iets. De vriend en ik zijn allebei van slag. Het is een onwerkelijk idee dat wij, mijn vriend en ik, allebei zo in leven, kibbelden over wie er theewater moest opzetten en het erover eens waren dat werkgroepen altijd ten koste gaan van de ambitieuze student, terwijl in dezelfde ruimte, op hetzelfde moment, op nog geen twintig meter afstand, nog geen vijf deuren verder, iemand besloot de meest definitieve keuze van zijn leven te maken. Helemaal alleen.
“Ik kan het me gewoon niet voorstellen”, zegt de vriend. “Dat je het zo niet meer ziet zitten.”
“Dan heb je geluk”, zeg ik, “dan heb je eigenlijk echt geluk.”
We liggen op onze rug op zijn bed, staren naar het plafond. De deur hebben we op slot gedraaid, alsof we zo iets buiten houden.
“Het raarst aan de dood”, zegt de vriend, “is de stilte. Hoe kan het nou zo stil blijven? Na zoiets groots?”
De hele week probeer ik de column over werkgroepen af te maken. Maar ik denk ook: werkgroepen, waar heb ik het nou over? Deze week valt voor het eerst op dat het weer lente wordt. Ik ruik het. De zon schijnt. Terrassen worden uitgestald. Overal is geluid. Overal is leven.