De Schildwacht Juli - Augustus 2026 - nr. 04
Voorwoord
5 procent voor Defensie is niet genoeg om ons veilig te houden
Tweemaandelijks tijdschrift van de Algemene Centrale van het Militair Personeel Verantwoordelijke uitgever: Yves Huwart - Afgiftekantoor: Brussel X - P109013
de militaire vakbond
Voorwoord
5 procent voor Defensie is niet genoeg om ons veilig te houden VOORWOORD DOOR YVES HUWART | VOORZITTER
Elke politieke partij in ons land wil een sterke defensie, maar bijna geen enkele partij handelt ernaar. Zelfs het in steen gebeitelde minimum van 2% (van het bbp) defensie-uitgaven wordt ondertussen door een aantal partijen in vraag gesteld. Als deze partijen lid waren van een hengelvereniging, waren ze allang als onbetrouwbaar aan de deur gezet. Je kunt er gif op innemen dat de roep om onder de 2%lat door te gaan tijdens de begrotingsbesprekingen van het komende najaar enkel maar luider zal gaan klinken. Nochtans worden de veiligheidsuitdagingen er niet minder om. Ruslands aanhoudende agressie zorgt voor een blijvende precaire situatie aan Europa’s oostgrens en het Midden-Oosten is een continu kruitvat. Ondertussen moet ‘s werelds machtigste bondgenootschap, de NAVO, zich steeds meer redden zonder zijn machtigste bondgenoot, de VS. De Amerikaanse president kent geen loyaliteit. Hij heeft geen strategie, enkel labiele antennes. Dat dubbele manco slaat een krater in de Alliantie. De wispelturige leider van de NAVO en de onveiligheid aan Europa’s buitengrenzen zijn voldoende reden om de Europese defensie snel te verzelfstandigen. Dat vraagt om forse investeringen, maar ook om afstemming van wat lidstaten al aan materieel hebben. Nu vuren Britse tanks munitie die in geen andere tank past. Duitse brandstofslangen passen niet op Franse voertuigen. En de Franse soldaat zonder munitie heeft voor zijn automatisch geweer niks aan een Pools of Duits magazijn. Maar militaire verdediging is slechts één vlak van de grote opgave waar de oorlogen aan onze periferie ons voor stellen. Want intussen lopen de frontlinies niet alleen door de Donbas en de Perzische Golf, maar ook door onze schermen, stopcontacten, supermarkten en stemhokjes. Verdediging vraagt ook gedeelde verbeelding van wie we samen zijn. Poetin valt Europese samenlevingen aan op hun kwetsbaarste punt: onderlinge samenhang.
2
De Schildwacht
Desinformatie, cyberaanvallen, sabotage van infrastructuur en chantage, het sturen van migranten, aanslagen en politieke beïnvloeding; zijn hybride oorlog destabiliseert en zaait verdeeldheid. Voor Poetins nieuwe wereldorde moet het Westen in chaos uiteenvallen. Antidemocratische populisten in Europa zijn Poetins agenten, meebuigende uiterst-rechtse en uiterst-linkse politici de facilitators. Onze weerbaarheid begint bij het maatschappelijk weefsel. In de Whole of Society Approach van Scandinavische landen draagt iedereen bij aan nationale veiligheid; burgers, scholen en bedrijven. Leerlingen oefenen met stroomuitval, cyberaanvallen, EHBO en evacuaties. Ze leren nepnieuws en manipulatie herkennen, weten hoe ze moeten handelen in een crisis. Ondernemingen worden door de overheid bijgestaan om zich te wapenen tegen fysieke en digitale aanvallen. In België is het niet meer dan een intentie. Er is weinig concrete actie, geen specifieke directie binnen de defensiestaf, geen publiek bewustzijn. Burgers rekenen op de overheid, terwijl die zonder hen nooit sterk kan zijn. Totale Defensie is een netwerk van verbonden vlakken – als een voetbal uit 32 stukjes: militaire kracht, ja, maar ook instituties, onderling vertrouwen, incasseringsvermogen, onbaatzuchtige inzet, samenwerking. En moed, dus ook politieke moed: om moeilijke beslissingen te nemen en hierover de kiezers correct te informeren. Wie het sociale weefsel laat rafelen, verkwanselt ten tijde van hybride oorlog de veiligheid. Wie – als individu of als partij – verzaakt aan zijn politieke verantwoordelijkheid, verraadt zijn kiezers.
De Schildwacht Juli - Augustus 2026 - nr. 04
Foto: Gert-Jan D'haene
Colofon De Schildwacht is het tweemaandelijkse tijdschrift van de Algemene Centrale van het Militair Personeel. Alle leden krijgen een exemplaar toegestuurd. Oplage: 9.800 exemplaren. Adresgegevens worden behandeld overeenkomstig de wet op de privacy (wet 8/12/1992 & GDPR). Verantwoordelijke uitgever: Yves Huwart Coördinatie: Jesse Arents & Concetto Bandinelli Algemene gegevens - ACMP: Romboutsstraat 1 – Bus 021 1932 Zaventem srt@acmp-cgpm.be www.acmp-cgpm.be Tel.: 02 245 72 14
2
5 procent voor Defensie is niet genoeg om ons veilig te houden
4
Re-integratie of met zachte hand naar de uitgang?
7
Drie nieuwe vaste afgevaardigden voor individuele bijstand
10
Intersectionaliteit: niet elke rugzak weegt even zwaar
13
Administratieve vereenvoudiging terugbetaling medische onkosten of niet?
16
Stilstand in volle vaart: terugkeer naar een Engels' Pause?
BE32 2100 6234 6602 BIC: GEBABEBB BE57 0682 3639 9535 BIC: GKCCBEBB
Facebook “f ” Logo
CMYK / .ai
Facebook “f ” Logo
CMYK / .ai
Foto cover: 3 Para
Volg ons op Facebook EUROMIL
European Organisation of Military Associations
De Schildwacht
3
Welzijn
Re-integratie of met zachte hand naar de uitgang? Er is dat moment dat geen enkele militair wil meemaken: het gesprek waarin een dokter bepaalt dat je lichaam niet langer kan geven waar het uniform om vraagt. De rug die het begaf onder een jarenlang gedragen zware bepakking, een knie die na een parachutesprong nooit meer helemaal herstelde of een hoofd dat na vele missies soms even de weg kwijt raakt. Wie dit overkomt, ziet vaak een levensdroom aan diggelen slaan. Tot voor kort was er in wezen maar één weg voor langdurig zieken die werden opgeroepen voor de Militaire Commissie voor Geschiktheid en Reform — de MCGR. Een commissie die met evenveel goede wil als bureaucratische kou kon beslissen dat je ‘definitief ongeschikt’ wordt verklaard. Einde carrière, betekende dan meestal ook einde verhaal. Met het koninklijk besluit van 15 juni 2026 ligt er een nieuwe brug tussen die twee oevers en dat is het re-integratietraject van de militair. En dat is goed want zowat elke soldaat, onderofficier of officier kan ooit overkomen dat zijn lichaam of geest tijdelijk, of blijvend, niet meer meekan met de jobvereisten.
Wat er vroeger gebeurde of net niet gebeurde Laat ons eerlijk zijn over het verleden. Voor burgerpersoneel bestond via de Codex over het welzijn op het werk al langer een uitgewerkt re-integratietraject: een re-integratiebeoordeling door de arbeidsarts, een plan met aangepaste taken, begeleiding. Voor de militair bestond dat niet. Wie langdurig afwezig was om gezondheidsredenen, gleed min of meer automatisch richting de MCGR-procedure, met een medische herprofilering (= reform) als reëel eindpunt. Er was geen wettelijk verankerd tussenstation, geen structureel recht of toegang tot een traject waarin gezocht werd naar
een aangepaste of andere functie vooraleer die commissie zich uitsprak. Vandaar het advies dat de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het Werk vorig jaar over het ontwerp uitbracht: een striktere aansluiting bij het bestaande Codex-model, met technische bezwaren over termijnen, bevoegdheden en taalgebruik. Interessant genoeg: het principiële bezwaar van de Hoge Raad (waarom niet gewoon de Codex toepassen?) werd niet gevolgd, maar meerdere technische opmerkingen zijn herkenbaar verwerkt in de definitieve tekst. Het resultaat is een eigen regeling voor Defensie die na wat bijschaven stevig in elkaar zit. Hoe het traject nu concreet verloopt Stel: je bent 29 dagen afwezig om gezondheidsredenen. Op die dag informeert je korpscommandant automatisch de cel arbeidsgeneeskunde, die jou op haar beurt schriftelijk laat weten welke mogelijkheden je hebt — waaronder de aanvraag van een re-integratietraject.
Foto: Frederic Sierrakowski
4
De Schildwacht
Foto: Adrien Muylaert
Wie kan het aanvragen? Jijzelf, of je behandelende arts als je daarmee instemt. Maar — en dit is nieuw ten opzichte van het eerste ontwerp — ook je korpscommandant kan een aanvraag indienen, weliswaar enkel als jij daarmee akkoord gaat, of als je al een ‘arbeidspotentieel’ hebt volgens de Codex. Dat is een reële verschuiving: in de eerste versie van de tekst kon enkel de militair zelf de bal aan het rollen brengen. Nu ligt het initiatief niet meer uitsluitend bij jou. Wat gebeurt er dan? De preventieadviseur-arbeidsarts voert een re-integratiebeoordeling uit: een medisch onderzoek, eventueel een onderzoek van je werkpost, en indien nodig overleg met je behandelend arts, andere preventieadviseurs, of je korpscommandant. Daaruit volgt één van drie beslissingen: Beslissing A — je kan op termijn je huidige functie hervatten, eventueel met aanpassingen, en ondertussen een aangepaste of andere functie uitoefenen;
Beslissing B — je bent definitief ongeschikt voor je huidige functie, maar kan een andere functie uitoefenen, eventueel met aanpassingen; Beslissing C — om medische redenen kan het traject niet worden voortgezet. Bij A of B stelt je korpscommandant (of, als dat binnen je eenheid niet lukt, de DG HR) een concreet re-integratieplan op: welke aanpassingen, welke functie, welke opleiding of begeleiding, en voor hoe lang. Jij krijgt dat plan te zien en hebt tien werkdagen om het te aanvaarden of te weigeren — met opgave van reden bij een weigering.
langer automatisch bij het ingaan van de zesde maand afwezigheid voor de MCGR gebracht. Re-integratie krijgt met andere woorden voorrang op reform. Daarnaast komt er, vóór elke MCGR-verschijning, een nieuw medisch onderzoek dat vier uitkomsten kan hebben: geschikt verklaard, verplichte MCGR-verschijning, een uitstel van maximaal 30 dagen voor herbeoordeling, of — net daarom — een aanbod tot re-integratietraject, als je dat nog niet volgde voor die aandoening. Concreet: waar vroeger de klok vooral richting reform tikte, tikt ze nu eerst richting re-integratie. Dat is een structurele verschuiving in jouw voordeel.
MCGR is niet meer het automatische eindstation
De winst en waar je alert voor moet blijven
Dit is misschien wel de belangrijkste wijziging, en ze zit verstopt in een aanpassing van het al oudere KB over de MCGR zelf: wie een arbeidspotentieel heeft of in een re-integratietraject zit, wordt niet
Voordelen Een wettelijk verankerd recht op een re-integratietraject, dat voorheen simpelweg niet bestond voor militairen.
De Schildwacht
5
Foto: Gert-Jan D'haene
Voorrang van re-integratie op de automatische MCGR/reform-procedure.
Codex, en dat is een begrip dat in de praktijk voor interpretatie vatbaar blijft.
geen reden tot paniek, wel een reden tot waakzaamheid. Waarom dit ertoe doet
Een uitdrukkelijk recht op bijstand door een raadsman (vakbondsafgevaardigde, advocaat, militair in werkelijke dienst of arts) — en de plicht van je korpscommandant of DG HR om je daar regelmatig aan te herinneren, niet éénmalig. Duidelijke, op de Codex afgestemde criteria (‘gezondheidstoestand en mogelijkheden’ in plaats van vage begrippen als ‘potentieel’), wat betwistingen achteraf moet bemoeilijken. Een verplichte heroverweging van je plan als je van eenheid verandert, of als je zelf vindt dat de maatregelen niet meer passen bij je gezondheidstoestand. Nadelen Het initiatiefrecht ligt niet langer exclusief bij jou. Je korpscommandant kan het traject mee op gang trekken zodra je een ‘arbeidspotentieel’ hebt volgens de
6
De Schildwacht
Weiger je het voorgestelde re-integratieplan, dan kan je korpscommandant alsnog een MCGR-procedure opstarten. Het traject is dus geen vrijgeleide zonder gevolgen — een weigering heeft een prijs. De Hoge Raad merkte terecht op dat in tal van bepalingen niet gespecificeerd staat of termijnen in werkdagen of kalenderdagen worden geteld. Die onduidelijkheid is niet overal even scherp weggewerkt in de definitieve tekst — iets om in de praktijk nauwlettend op te volgen, en waar de militaire vakbond ACMP-CGPM zeker verder op zal toezien. Het blijft, ondanks de sterke gelijkenis, een eigen Defensie-regeling naast de Codex en geen volledige gelijkschakeling met burgerpersoneel. De Hoge Raad waarschuwde dat zo'n uitzonderingsregime in de verkeerde handen ooit als precedent kan dienen om ook elders van welzijnsregels af te wijken. Dat is
Een lichaam dat het laat afweten is geen falen. Het is een realiteit die inherent is aan het beroep van militair, of het nu een fysieke blessure is, een posttraumatische stressstoornis na een missie, of een sluipende slijtage die je pas na jaren voelt. Dat er nu een wettelijk pad bestaat tussen ‘ziek zijn’ en ‘afgeschreven worden’, is een stap die aan deze regering en Defensie mag worden toegeschreven. Maar een brug is maar zo sterk als haar zwakste pijler. De militaire vakbond ACMP-CGPM volgt mee op hoe dit traject in de praktijk wordt toegepast, en staat klaar om je bij te staan als de korpscommandant, DG HR of preventieadviseur het plan anders lezen dan jij. Opnieuw rechtstaan mag immers nooit betekenen dat men je met de zachte hand naar de vergeetput van de organisatie duwt.
Portret
Drie nieuwe vaste afgevaardigden voor individuele bijstand Niet enkel Defensie investeert! De militaire vakbond ACMP-CGPM heet deze zomer drie nieuwe vaste afgevaardigden welkom. De versterking voor individuele bijstand is van harte welkom aan zowel Nederlandstalige als Franstalige kant.
Ivo, dierenvriend met podiumgevoel Ivo Deheegher kwam in 1992 binnen bij Defensie, als kandidaat-onderofficier. Vandaag is hij nog steeds fier op zijn ‘blauwe’ luchtmachtverbondenheid. Maar dat weerhield Ivo er niet van om Melsbroek jarenlang te verlichten met de échte kleuren: die van de militaire vakbond ACMP-CGPM. Hij begon als technieker bij de witte vloot en groeide door naar een sleutelpositie binnen de permanenties van Wing Ops. Wie Ivo in een ontspannen setting spreekt, merkt al snel dat ernst en humor bij hem geen tegenpolen zijn. Ze lopen gewoon niet naast elkaar, zoals de rails van een treinspoor maar kruisen elkaar voortdurend. Zijn syndicale engagement begon rond 1998, vanuit een ervaring die bleef hangen: weten hoe het voelt om alleen te staan wanneer je bijstand nodig hebt. Daaruit groeide het besef dat wie steun nodig heeft, niet in de kou mag blijven staan. Dat is de kern van Ivo als
afgevaardigde: lokaal, regionaal en nu ook nationaal. Die grotere stap kwam er niet uit ijdelheid of ambitie. Ze groeide uit jaren lokale ervaring, uit voortschrijdend inzicht op regionaal niveau en uiteindelijk uit de overtuiging dat het moment gekomen was om het Vast Secretariaat te vervoegen.
José Dos Molinos, een alter ego met een knipoog naar Joske Vermeulen, is maar één van de vele artistieke uitingen van een man van het podium. Acteur, komiek en DJ El Capitano en, met nog wat meer satirische inslag, Father ‘Dick’ zijn pareltjes van ironie, timing en zelfrelativering.
Ten slotte is er ook nog de Ivo van buiten Defensie en vakbond.
Maar wie Ivo echt kent, weet dat achter die humor vooral veel
De Schildwacht
7
zachtheid zit. Zeker wanneer het over zijn honden gaat. Daar verschijnt geen rol, geen grap en geen masker. Alleen Ivo, met een uitzonderlijk groot hart. Dat hart bindt zich niet snel. Maar eens Ivo zich vastbijt in zijn werk voor de militaire vakbond ACMPCGPM, blijf je daar beter van af. Want voor hem is dat geen hobby, geen titel en al helemaal geen act. Daar ligt iets bloot wat veel zeldzamer is: een vurige strijd voor rechtvaardigheid. Sébastien, solidariteit komt niet zomaar uit de boekjes Drieëndertig jaar, vier kinderen in een nieuw samengesteld gezin, en nu al een heel parcours achter de rug: dat is Sébastien Bardo, de nieuwe vaste afgevaardigde voor de individuele dossiers. Een man die weet wat ‘zich geven’
8
De Schildwacht
betekent, zowel in zijn gezinsleven als op professioneel vlak. Zijn militaire verhaal begint als soldaat-magazijnier bij het 4e Bataljon Logistiek te Marche-enFamenne. Na een contractbreuk vervoegt hij later opnieuw de Marine als onderofficier en dáár vindt hij pas echt zijn thuishaven. Fregatten, mijnenvegers: Sébastien doet van alles, en groeit uit tot een echt manusje-van-alles op het vlak van marinetoepassingen. Vervolgens passeert hij langs de instructiecel van de Marine, om in 2024 zijn kitbag neer te leggen in Koninklijke School voor Onderofficieren in Saffraanberg, en dit als instructeur. Zijn specialiteit? In de eerste plaats het schootsonderricht, maar ook de basisopleiding van zijn toekomstige collega-onderofficieren. Waar komt die drang om andere militairen te helpen vandaan?
Uit een doorleefde ervaring. Sébastien heeft zelf ooit ondervonden wat het is om diep uit de nood geholpen te moeten worden. Solidariteit heeft hij niet uit de boeken geleerd: hij heeft ze aan den lijve ondervonden. Daarom prijkt ze vandaag bovenaan in zijn vaandel. Naast het schootsonderricht is Sébastien ook een fervent hobbyschutter. In zijn vrije tijd gaat hij vooral aan de slag met innovatieve VR (virtual reality)-schootstoepassingen en technologieën die hij ook binnen Defensie zag evoluteren. Kortom, jong en geëngageerd: Sébastien is een verrijking voor de militaire vakbond ACMP-CGPM. En dankzij zijn marineverleden bezit hij bovendien een aardig mondje Nederlands en dat is mooi meegenomen op het syndicale strijdtoneel.
Thomas, niet verslagen en niet berustend Met adjudant Thomas Vandermeeren haalt de militaire vakbond ACMP-CGPM opnieuw stevige terreinervaring in huis. Thomas komt uit het constructiegenie en begon zijn militaire loopbaan in 2004 aan de Onderofficierenschool Nr. 1 te Dinant. Daarna trok hij naar het 1ste Regiment Veldartillerie (1A) te Bastogne. En bij de sluiting daarvan in 2010 naar het 4de Bataljon Genie te Amay. Van 2015 tot 2018 gaf hij zijn ervaring door als instructeur bij de DMV (Departement Militaire Vorming) in Saffraanberg, om vervolgens het 2e Echelon Infrastructuur van de regio Luik (2Ech Infra plateau 10) te vervoegen (eerst in kwartier Saint-Laurent, later in Rocourt) tot aan zijn weerhouding als vaste afgevaardigde. Zijn syndicale parcours startte in 2017 als lokaal afgevaardigde. In 2025 werd hij regionaal afgevaardigde van de CGPM voor Regio 18 – Luik. Zijn interesse voor individuele dossiers is trouwens niet nieuw want Thomas had zich eerder al kandidaat gesteld voor zo’n functie. Destijds werd hij niet weerhouden omwille van zijn jonge leeftijd, een argument dat de tijd intussen vanzelf heeft opgelost. Deze syndicalist heeft een zodanig uitgesproken rechtvaardigheidsgevoel dat het aanstekelijk werkt. Wanneer Defensie haar normen en waarden oplegt, kan dat volgens hem niet slechts in één richting werken. Wat van de militair wordt geëist, moet ook door de werkgever worden nageleefd. Individuele dossiers betekenen een zware en vaak complexe werklast, maar net daarin vindt hij zijn uitdaging: achter elk dossier zit een mens die recht heeft op een correcte behandeling.
Deze reus, gesneden uit het hardste hout, is doorgaans goedgezind, vriendelijk en gemotiveerd. Buiten de werkuren — voor zover die ooit ophouden wanneer je syndicalist bent — verdiept hij zich volledig in wargames (historische figuurtjes op schaal 15 mm) en videogames. Als papa van twee dochters, van wie de jongste amper zes maanden oud is, weet hij intussen uit ervaring dat het leven na je dertigste niet stopt, maar dan pas echt begint. Als lid van generatie Y behoort Thomas tot de militairen die zwaar getroffen worden door de pensioenhervorming. Toch is er geen sprake van bij de pakken neerzitten of opgeven. De komende twintig jaar — en misschien nog langer — wil hij zich ten volle blijven inzetten en verder groeien in de syndicale wereld. Over het Sociaal Akkoord is hij even duidelijk. Het is geen toverdrank die de bittere pil van de pensioenhervorming doet verdwijnen.
Dat akkoord is niets meer dan de terechte erkenning van de vele uren die elke militair presteert en die veel te lang ondergewaardeerd bleven. Voor Thomas is het dus een fundament waarop verder gebouwd moet worden. En om het in de taal van het constructiegenie te zeggen: van afbraakwerken kan geen sprake zijn. Werken tot 67 jaar is volgens hem simpelweg onrealistisch voor de gemiddelde militair in een gevechts- of operationele functie. Het pensioen van een militair mag dan ook niet als een gewoon inkomen worden beschouwd. Zoals in andere landen zou het op termijn een echte erkenning moeten worden van de bewezen diensten. Wie daarna elders nog een beroepsactiviteit wil uitoefenen, moet dat kunnen doen zonder financiële afhouding. Maar militairen na een veeleisende loopbaan met een simpel handgebaar bedanken? Daar bedankt Thomas vriendelijk maar beslist voor.
De Schildwacht
9
Welzijn
Intersectionaliteit: niet elke rugzak weegt even zwaar Iedere militair draagt een rugzak. Alleen zien we niet altijd wat erin zit. Defensie heeft inmiddels een diversiteitsmanager binnen HRP-Concepts aangesteld, en tekende een intentieverklaring diversiteit en inclusie met Actiris. Een diversiteitsmanager die een charter aanbrengt, is vandaag niet langer vanzelfsprekend en botst al eens op weerstand. Veel militairen vragen zich af waarom een organisatie die op uniformiteit draait, zich met ‘inclusie’ bezighoudt. Dat is een terechte vraag. Wie de moeite neemt om even stil te staan bij het begrip hierachter, begrijpt beter waarom sommige collega's ook vandaag nog tegen obstakels botsen waar anderen zich amper bewust van zijn. Dat begrip heet intersectionaliteit, en dat is geen ideologie, wat sommigen ook mogen beweren. Kruispuntdenken, een makkelijker te bevatten synoniem, is een instrument om te begrijpen hoe mensen verschillende vormen van voordeel of discriminatie tegelijk kunnen ervaren. Van kruispunt naar mens De Amerikaanse juriste Kimberlé Crenshaw introduceerde het concept eind jaren tachtig, met het beeld van een kruispunt: een persoon kan namelijk van meerdere kanten tegelijk geraakt worden door gender, afkomst, beperking, en noem maar op. Dat kan je vergelijken met een voertuig dat op een druk kruispunt vanuit verschillende richtingen tegelijk kan worden aangereden.
10 De Schildwacht
Het is dan ook geen optelsom. Zo zal een jonge militair met migratieachtergrond de werkvloer anders ervaren dan een oudere ervaren collega zonder die achtergrond. Hetzelfde geldt voor een homoseksuele korporaal die daarnaast neurodivergent is, tegenover een heteroseksuele onderofficier die noch met het ene, noch met het andere te maken heeft. Geen van beiden is per definitie zwakker dan de ander, maar de context waarin ze werken verschilt, en precies daar ontstaan vooroordelen. 'Maar ik discrimineer toch niemand?' Terechte reactie, meestal toch. De meeste discriminatie binnen een organisatie als Defensie ontstaat niet uit kwade wil, maar uit onbewuste aannames, gewoontes, kortom: blinde vlekken. Wie zelf nooit is uitgesloten, merkt uitsluiting eenvoudigweg niet op. Neem twee collega's, de ene links-, de andere rechtshandig. De rechtshandige staat er niet bij stil dat vrijwel alle apparatuur voor hem ontworpen is, en dat is niet uit onverschilligheid, maar omdat hij er nooit over hoefde na te denken. Eenzelfde mechanisme treedt in werking bij accent, afkomst, geloof, leeftijd, genderidentiteit,
seksuele oriëntatie of handicap: wie het zelf nooit ondervond, moet bewuster leren kijken om te zien wat een ander wél ondervindt. De meerderheid ziet de muur niet De meeste mensen behoren op meerdere vlakken tot een meerderheidsgroep, en daar is niets mis mee, maar het levert wel die zogenaamde blinde vlekken op. Een gebouw zonder lift is volledig toegankelijk voor wie perfect mobiel is. Het wordt een ander verhaal wanneer iemand die in een rolstoel zit, geconfronteerd wordt met een compleet onbruikbare faciliteit. Beiden kijken naar hetzelfde gebouw en ervaren toch een andere realiteit. Binnen Defensie werkt dat niet anders. Sommige collega's bewegen zich moeiteloos doorheen procedures en informele netwerken, terwijl anderen voortdurend extra energie moeten pompen omdat hun vertrekpositie anders is. Met als pervers gevolg dat die extra inspanning wordt verward met mindere competentie. Defensie, één organisatie, ontelbaar veel mensen Defensie oogt uniform, maar is dat allerminst. Alle verschillende
Foto: Jérusalem Destercke-Hock
kenmerken die mensen maar kunnen bezitten, hebben één gemeenschappelijke deler: geen enkele militair bestaat uit slechts één van die kenmerken. Precies die combinatie maakt elke militair uniek, en precies dat maakt intersectionaliteit relevant voor een organisatie van deze omvang en specificiteit. Twee kenmerken verdienen extra aandacht, net omdat ze zo vaak over het hoofd worden gezien en toch steeds actueler worden. De eerste is neurodiversiteit. Waar een gesprek over diversiteit meestal naar afkomst, geslacht of seksuele oriëntatie gaat, blijft neurodiversiteit onderbelicht. Kenmerken zoals ADHD, autisme, dyslexie of hoogbegaafdheid blijken soms de eigenschappen op te leveren die in moderne oorlogsvoering een meerwaarde zijn: patroonherkenning, analytisch denkvermogen,
probleemoplossend vermogen onder druk. Enkel naar de moeilijkheden kijken is talent missen. Enkel naar het talent kijken is dan weer de drempels onderschatten. Beide perspectieven zijn nodig. Leeftijd wordt vaak vergeten, en werkt altijd in twee richtingen. Jonge militairen krijgen te horen dat ze ‘dat nog niet begrijpen’ of ‘nog te jong’ zijn, terwijl oudere collega’s te horen krijgen dat ze niet meer mee zijn met nieuwe technologie zoals AI-toepassingen of met de mentaliteit van jongere generaties. Twee kanten van hetzelfde vooroordeel. Waar kenmerken elkaar versterken Intersectionaliteit wordt pas echt zichtbaar wanneer kenmerken samen een grotere impact hebben dan afzonderlijk. Een jonge militair botst op leeftijdsvooroordelen, een
vrouwelijke militair op genderstereotypen. Een jonge vrouwelijke militair kan met beide tegelijk te maken krijgen, niet als optelsom van hetzelfde probleem, maar als een eigen, samengesteld obstakel. Precies daarom loont het de moeite om naar die kruispunten te kijken in plaats van naar geïsoleerde categorieën. Geen liefdadigheid, een investering Diversiteit is geen gunst die een organisatie aan minderheden verleent, maar een strategische keuze. In een peloton waarin iedereen identiek denkt, ziet iedereen dezelfde risico's over het hoofd, terwijl een peloton met uiteenlopende ervaringen problemen net sneller kan ontdekken. Talent aantrekken én behouden levert Defensie zodoende niet enkel een grotere, maar ook een veelzijdigere toolbox op.
De Schildwacht
11
Dat argument heeft wel een grens: inclusie mag geen zaak worden die alleen telt zolang ze rendement oplevert. Een businessmodel is een goede reden om te handelen, maar niet de enige reden om het te blijven doen wanneer het lastiger wordt. Inclusie als operationele capaciteit Defensie strijdt momenteel in een krimpende arbeidsmarkt om talent aan te trekken én te behouden. De Focus Group Leadership & Gender van het Defence College for Leadership (KMS) buigt zich precies daarom over hoe het leiderschap van morgen moet standhouden, zelfs in een ongunstig demografisch klimaat. Wie zich gewaardeerd voelt, blijft langer.
Wie zichzelf kan zijn, presteert beter. Wie zich gerespecteerd voelt, engageert zich sterker. Dat is geen ideologie. Dat is personeelsbeleid van een organisatie die haar menselijk potentieel wil benutten in plaats van het te laten wegsijpelen. Van dossier tot onderhandelingstafel Wie hierop botst, staat er niet alleen voor. Wie zich uitgesloten of ongelijk behandeld voelt, kan terecht bij een vertrouwenspersoon of bij de preventieadviseur psychosociale aspecten, maar evengoed bij zijn ACMP-afgevaardigde, die het dossier mee opvolgt en waar nodig hogerop tilt. Precies daarom behandelt ACMP-CGPM
individuele dossiers: achter elk dossier zit een mens die recht heeft op een correcte behandeling. En wat in die dossiers blijft terugkeren, brengen wij naar de onderhandelingstafel, want een patroon dat zich herhaalt is geen individueel probleem meer maar een beleidskwestie. Elke militair draagt een rugzak, zichtbaar of niet. Voor de ene weegt die licht, voor de andere loodzwaar. Dat verschil erkennen betekent niet dat je iemand minder ernstig neemt — het betekent dat je ziet wat er werkelijk gedragen wordt. En een organisatie die dat ziet, staat sterker en breder inzetbaar dan een organisatie die het negeert.
Foto: Defensie
12 De Schildwacht
Rechtspositie
Administratieve vereenvoudiging terugbetaling medische onkosten of niet? Het Sociaal akkoord beloofde administratieve vereenvoudiging. Voor de terugbetaling van uw medische onkosten is de eerste fase van de administratieve vereenvoudiging een feit. De zoektocht naar een aangenomen huisarts, kinesist of tandarts behoort nu tot het verleden. Als u daarna doorverwezen wordt naar een specialist of gespecialiseerde zorg, houdt u best rekening met een aantal zaken. Anders kost een goedbedoelde doorverwijzing u alsnog geld.
Jarenlang begon een gepland doktersbezoek met de vraag: is de huisarts wel een door Defensie aangenomen arts? Wie verhuisde, wie in een dunbevolkte regio woonde of wie gewoon vertrouwen had in de huisarts van het dorp, kreeg geen uitbetaling van het remgeld omdat ‘de huisarts, tandarts of kinesist geen aangenomen geneesheer was door Defensie’. Dankzij het Sociaal akkoord is dit niet meer van toepassing. Vanaf 01/07/2026 kiest u voortaan zelf bij wie u aanklopt. Defensie betaalt het remgeld van de consultatie bij de huisarts terug. De administratieve vereenvoudiging verloopt in verschillende fasen waarvan de eerste is uitgevoerd, namelijk: ‘Elke geneesheer is nu een aangenomen geneesheer!’.
Volgende vraagstelling kan een groot verschil maken in uw geldbeugel! Hoe zit het met de conventionering van uw arts, zorgverlener of specialist? Om de twee jaar sluiten artsen en ziekenfondsen een akkoord over de tarieven. Wie dat akkoord onderschrijft, is geconventioneerd en rekent de officiële tarieven (RIZIV-tarieven) aan.
akkoorden en mag vrij ereloonsupplementen vragen. Dit kan de kostprijs van een consultatie hoger maken, al blijft de wettelijke basisvergoeding van het ziekenfonds vaak wel gelden. - Gedeeltelijk geconventioneerd: De arts werkt enkel op bepaalde dagen of uren volgens de officiële tarieven, en rekent op andere momenten wel supplementen aan. Uit wat bestaat een honoraria?
Wat betekent geconventioneerd?
Het totale honorarium van een zorgverlener bestaat uit volgende onderdelen:
- Geconventioneerd: De zorgverlener houdt zich aan de vaste RIZIV-tarieven en rekent geen extra supplementen aan. U weet zo vooraf exact wat een consultatie kost en krijgt een optimale terugbetaling via uw ziekenfonds. - Niet-geconventioneerd: De arts is niet gebonden aan de officiële
- Tussenkomst RIZIV (Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering): Dit is het grootste deel van het basistarief dat rechtstreeks door de wettelijke ziekteverzekering (het ziekenfonds) wordt vergoed. - Het Remgeld (Persoonlijk aandeel): Dit is het wettelijk
De Schildwacht 13
vastgelegde deel van het basistarief dat de patiënt zelf moet betalen. - Honorariumsupplementen: Extra kosten boven op het basistarief. Deze mogen alleen worden aangerekend door niet-geconventioneerde artsen, of bij specifieke situaties zoals de keuze voor een eenpersoonskamer tijdens een ziekenhuisopname. Het verschil zit niet in wat het RIZIV betaalt (remgeld) maar in de aangerekende supplementen. RIZIV-tarieven zijn vaste tarieven en verandert niet naargelang uw arts al dan niet geconventioneerd is. Het verschil zit in wat er als supplement bovenop komt. Dat supplement kan hoog oplopen. In vele gevallen loopt het supplement op van 20 euro tot 50 euro en meer want er bestaat geen plafond voor. En daar is de regel glashelder: supplementen worden nooit
terugbetaald noch door de mutualiteit en noch door Defensie. De financiële tussenkomst van Defensie is altijd beperkt tot verstrekkingen waarvoor het RIZIV een nomenclatuurnummer voorziet, en beperkt zich tot het remgeld. Supplementen en private kosten vallen daarbuiten. Wie voor een niet-geconventioneerde specialist kiest, kiest dus bewust voor een factuur die deels ten laste van betrokkene zal zijn. Hoe komt u te weten of de arts geconventioneerd is? - Via de website van het RIZIV - Via de mutualiteit - Via uithangbord in de wachtzaal - Rechtstreeks de vraag stellen aan de arts/balie Gespecialiseerde zorg lees specialist: het ‘model transfer’ blijft Voor elke vorm van tweedelijnshulp is een ‘model transfer’ vereist.
Een model transfer is een formulier waarmee een militaire of een (aangenomen) arts u doorverwijst naar een specialist of een andere zorgverstrekker in burgermidden. Een model transfer opent het financieel recht voor terugbetaling medische onkosten. Een model transfer is één jaar geldig. Op de achterzijde staan verschillende specialiteiten die gratis worden aangeboden in MHKA. Consulteer eerst het militair hospitaal Voor een doorverwijzing naar een specialist moet eerst nagegaan worden naar wat het Militair Hospitaal Koningin Astrid (MHKA) zelf gratis aanbiedt (zie hiervoor de achterzijde van de meest actuele versie van het model transfert). Wordt de specialiteit of de dienst aangeboden in het MHKA, ga dan eerst langs in het MHKA. Kiest u toch voor het
Foto: Pixabay
14 De Schildwacht
MyFin - Medische onkosten in HRM@Defence. Ook via Def+ vindt u de nodige documenten terug. Eindpunt nog niet in zicht
Foto: Pixabay
burgermidden zonder dat daar een medische dringendheid voor bestaat, dan riskeert u dat Defensie niet of slechts gedeeltelijk tussenkomt.
aangeboden worden in het MHKA. Wanneer de huisarts u doorverwijst naar het burgermidden wegens medische dringendheid moet dit gestaafd worden met een attest!
Uw huisarts mag er dus niet zomaar van uitgaan dat het MHKA "dat toch niet doet", want dat levert u vaker een dure vergissing op.
Dat is geen administratieve pietluttigheid. Dat is het verschil tussen een terugbetaald dossier en een geweigerd dossier.
Goede voorbereiding, half werk. Hier komt de verantwoordelijkheid deels bij u te liggen. Veronderstel dat uw huisarts de aanbodlijst van specialiteiten van het MHKA en de doorverwijsregels van Defensie niet kent. Deze arts heeft dan geen enkele reden om te vermoeden dat een doorverwijzing naar de vertrouwde specialist in een streekziekenhuis u honderden euro's kan kosten. Zorg er dus voor dat u de juiste documenten en informatie naar de consultatie meeneemt. Zeg dat u militair bent en dat er doorverwijsregels gelden. Toon de arts de achterzijde van het model transfer met de specialiteiten die gratis
Werkwijze van ingave medische onkost De papieren terugbetalingsaanvraag verdwijnt niet zomaar van vandaag op morgen. Voor zorgen tot en met 30 juni 2026 blijft het bestaande papieren formulier — in twee exemplaren, met de originele bewijsstukken in bijlage — gewoon van toepassing. Voor medische onkosten vanaf 1 juli 2026 loopt de aanvraag via HRM@Defence. Een volledige werkwijze aub? Via een powerpoint presentatie legt DG BudFin de ingave van medische onkosten uit. De roadshowpresentatie Medical Expenses, vindt u op het intranet terug. De volledige werkwijze, scherm per scherm bevindt zich onder de tegel
De eerste fase is gelanceerd. Voor vele een grote aanpassing. Wie ooit met een dringend medisch probleem rondbelde op zoek naar een aangenomen arts, weet wat er vandaag wegvalt. Dat resultaat komt rechtstreeks uit het Sociaal akkoord, een akkoord dat er enkel staat dankzij de ACMPCGPM. Maar de vereenvoudiging is nog niet voltooid. De defensiestaf denkt na over het nog toegankelijker maken van de zorgverstrekking voor militairen. Soms moet hiervoor de wet- en regelgeving aangepast worden en dat neemt nu eenmaal meer tijd in beslag. De militaire vakbond ACMP-CGPM blijft de vervolgstappen verder opvolgen en zal ook in die zin verder onderhandelen met de bevoegde overheden. Als afsluiter: ken de regels, neem de juiste papieren mee en durf te vragen. Dat blijft voorlopig de goedkoopste garantie om geen enkele terugbetaling waar u recht op hebt te mislopen. Worstelt u nog met vragen over de nieuwe procedure voor het ingeven van medische onkosten, aarzel niet om ons te contacteren. Bel 02/2457214 of stuur een mail naar srt@acmp-cgpm.be. ACMP-CGPM levert de nodige steun om uw aanvraag tot uitbetaling van de medische onkosten tot een goed einde te brengen.
De Schildwacht 15
Opinie
Stilstand in volle vaart: terugkeer naar een Engels' Pause? Een 200 jaar oud economisch fenomeen vertelt ons iets over loon, jobzekerheid en de toekomst van militaire gezinnen wat weinigen durven benoemen. Wij schetsen geen doemscenario, maar raden wel enige waakzaamheid aan. Manchester rond 1830, stel je even een fabrieksarbeider voor. Rondom hem verandert de wereld in sneltempo: stoommachines draaien op volle toeren, fabrieken schieten uit de grond, de handel met de kolonies explodeert, het land wordt rijker dan ooit. En toch komt er bij hem thuis geen cent extra binnen. Hij ziet vooruitgang, maar voelt ze niet in zijn portefeuille. Dat fenomeen kreeg een naam: de Engels' Pause, verwijzend naar Friedrich Engels, die deze schrijnende toestand beschreef in The Condition of the Working Class in England. Een periode waarin de economie groeit, maar de gewone werknemer daar decennialang niets van merkt. Waarom halen wij dit 200 jaar later naar boven, in een vakbondsblad voor militairen? Staan we niet stillaan terug aan het begin van een tweede Engels' Pause? Sommige economen vragen het zich al luidop af. Alleen heet de machine deze keer geen stoommachine. Ze heet ‘AI’.
16 De Schildwacht
De koek wordt groter. De vraag is wie er straks een groter stuk van krijgt en wie niet? Wat was die 'Engels' Pause' nu precies? Toen tussen 1790 en 1840 de productiviteit in Groot-Brittannië explodeerde door nieuwe machines en nieuwe fabrieken, volgde een enorm groeiende nationale rijkdom. Maar de lonen van gewone arbeiders bleven quasi stilstaan. De winsten gingen vooral naar fabriekseigenaars en investeerders. Vier factoren hielden dat systeem lang in stand en de parallellen met vandaag trekken is echt niet moeilijk want ze zijn heel herkenbaar: machines die arbeiders vervangen maakten arbeid goedkoop en zorgden tegelijk voor een ‘overschot’ aan arbeidskrachten,
winsten vloeiden terug naar de fabriekseigenaars in plaats van naar lonen, en hoge voedselprijzen vraten elke kleine loonstijging meteen weer op. Pas na 1840, toen het overschot aan goedkope arbeidskrachten opdroogde, vakbonden enige betekenis kregen en onderwijs sterker werden, begonnen lonen en productiviteit eindelijk samen te stijgen. Toch duurde het nog een halve eeuw voor de groeiende economie ook betere leefomstandigheden met zich meebracht. Toen was een halve eeuw een mensenleven. Waarom AI vandaag dezelfde vraag oproept Vervang stoommachine door AI, fabrieken door serverparken en ‘dark factories’ (volledige geautomatiseerde fabrieken), fabriekseigenaars door aandeelhouders en de geschiedenis wordt weer brandend actueel. Computers en algoritmes maken werknemers productiever. AI schrijft teksten, analyseert dossiers, programmeert, vertaalt, plant logistiek en ondersteunt
Foto: ACMP-CGPM
beslissingen. Sommige processen waarvoor vandaag nog volledige teams nodig zijn, kunnen morgen misschien door enkele mensen en een AI-systeem worden uitgevoerd. En toch blijven de prijzen stijgen; ook hier is de overeenkomst met vroeger treffend. Gaan gezinnen net als 200 jaar geleden eerst vooral de aandeelhouders en technologiebedrijven rijker zien worden en zelf jarenlang op de kin kloppen? Niemand kan met zekerheid zeggen dat het zo zal lopen. Maar de gelijkenis is groot genoeg om er als vakorganisatie niet blind voor te blijven. Wat betekent dat voor militairen en gezinnen? Op Korte termijn wordt Defensie een 'veilige haven'. Wanneer economische onzekerheid toeneemt, verschuift bij veel mensen
de afweging van 'waar verdien ik het meest?' naar 'waar ben ik binnen vijf jaar nog zeker van werk?'. Dat zagen we al eerder zoals na de financiële crisis van 2008. Overheden en Defensie werden aantrekkelijker, net omdat zij werkzekerheid, een voorspelbaar inkomen en sociale bescherming bieden. Het bijzondere aan AI is dat er ditmaal niet alleen fysieke jobs bedreigd worden, maar ook kantoorfuncties van administratief bedienden, IT'ers, analisten, juristen, journalisten en financiële profielen. Mensen die vroeger nooit aan een loopbaan bij Defensie zouden denken, kunnen plots wél interesse tonen en dat kan wel eens goed nieuws zijn voor profielen waar Defensie om verlegen zit zoals datawetenschappers, cyberexperten, drone-operatoren en systeemingenieurs.
Langetermijn: het echte leven van je gezin. Hier wordt het spannender, en eerlijk gezegd ook onzekerder. Als de Engels' Pause ons iets leert, is het dit: een groeiende economie is geen garantie voor een groeiende gezinswelvaart. Als de opbrengsten van AI vooral bij technologiebedrijven, investeerders en kapitaalbezitters terechtkomen, terwijl wonen, energie en levensonderhoud duurder worden, zal ook een militair gezin de gevolgen voelen. Vooral jonge militairen en lagere onderofficieren die vandaag een gezin stichten of een huis kopen, kunnen dit sterk gaan voelen. Het is dus maar de vraag of je loon binnen tien jaar nog wel voldoende koopkracht heeft, en of de kinderen straks opgroeien in een samenleving waar werk nog loont. Dit vraagt een ijzersterke vakbond die durft onderhandelen en druk
De Schildwacht 17
dezelfde output te bereiken, moet misschien op termijn ook de verdeling van die ‘winst’ bespreekbaar worden: in loon, arbeidsduur, recuperatie én loopbaanduur?
Foto: Jérusalem Destercke-Hock
uitoefenen om ook in de toekomst sociale akkoorden te bekomen. Defensie mag niet achterover leunen Dit thema raakt immers de kern van Defensie: veiligheid en stabiliteit. Wanneer mensen vooruitgang zien maar er zelf niet in delen, ontstaat frustratie; wanneer een kleine groep duidelijk rijker wordt terwijl de rest stilstaat, ontstaat wantrouwen. Economische onzekerheid die gestaag toeneemt, ligt mee aan de basis van de radicalisering die we vandaag in Europa zien. Een leger is geen eiland. Het is een afspiegeling van de samenleving waaruit het rekruteert; het risico bestaat dat de krijgsmacht dus ook een deel van die ergernis ‘binnenhaalt’. Het zou verleidelijk zijn om te denken: 'Mooi, AI zorgt voor werkloosheid elders en Defensie plukt daar automatisch de vruchten van.' Dat is precies de fout die overheden in de negentiende eeuw ook maakten: wachten tot de nood het hoogst is, in plaats van vooruit te plannen. De arbeidsmarkt van 1995 is niet die van 2030; een AI-specialist uit de privésector aanvaardt geen verouderde IT, een traag aankoopbeleid en starre
18 De Schildwacht
hiërarchie. Ook hier is er voor ons als vakbond de taak weggelegd om aandachtig te zijn en desgevallend druk uit te oefenen. Waar de militaire vakbond ACMP-CGPM nu al waakzaam voor is De klassieke vakbondsrollen op het vlak van loon- en arbeidsvoorwaarden en de pensioenregeling, evenals de individuele bijstand aan onze leden blijven essentieel en ons dagelijkse werk. Maar het AI-tijdperk vraagt toch dat we onze blik verruimen. Dit toekomstbeeld vraagt dan ook dat elke militair het recht krijgt op permanente omscholing, zodat vaardigheden kunnen meegroeien met de nieuwe technologie, in plaats van erdoor voorbijgestoken en grotendeels irrelevant te worden. De AI-revolutie vraagt eveneens om transparantie over algoritmische beslissingen: want als AI mee bepaalt wie bevorderd wordt, naar waar de mutatie zal gebeuren, aangeeft welke taken toegewezen worden of hoe evaluaties zullen verlopen, moet dat steeds controleerbaar en uitlegbaar blijven. Als AI Defensie werkelijk in staat stelt met minder menselijke arbeid
Ten slotte moet waardig, zinvol werk voor iedereen gegarandeerd worden. Binnen een steeds meer geautomatiseerde organisatie dient de bijzondere aandacht naar jonge militairen en gezinnen te gaan, die hun toekomst nog volop moeten opbouwen. Vooruitgang moet verdeeld worden De verwijzing naar de Engels' Pause mag geen reden tot paniek zijn, maar moet wel de historische les lezen dat technologische vooruitgang niet vanzelfsprekend tot meer voldoeninggevend werk en een betere levensstandaard leidt voor iedereen. De koek wordt groter. De vraag is wie er straks een groter stuk van krijgt en wie niet? De manier waarop hoger rendement verdeeld wordt, is in de nabije toekomst misschien even belangrijk als de groei zelf. Uiteindelijk kwam destijds allemaal wel goed: na decennia van ongelijkheid kwamen er sterkere vakbonden, beter onderwijs en gingen lonen en productiviteit eindelijk samen omhoog. Er is echter geen enkele reden om deze keer opnieuw decennia te moeten wachten op eenzelfde resultaat. De militaire vakbond ACMP-CGPM volgt de evolutie kritisch maar constructief, om ervoor te zorgen dat de vooruitgang die technologie brengt ook echt tot bij de militair en zijn gezin zal terechtkomen.
GEBOORTEN
HUWELIJKEN
FLYNN – 04/01/2026 In het gezin van Julie HOUBEN (Genk)
22/03/2025 HANSSEN Gillian en ZÜLKE Cloé (Antwerpen)
GIOIA – 28/04/2026 In het gezin van Emilie DEPUTTER (La Louvière)
27/02/2026 DI FEBBO Marino en TURREKENS Heidi (Bertem)
LINA – 28/04/2026 In het gezin van Ayrton SYMOENS (Gent)
28/02/2026 DE PESTEL Sarah en VERCRUIJSSE Adriaan (Couvin) (Wettelijke samenwoning)
VIGO – 29/04/2026 In het gezin van Romeo TAVERNIER (Alkmaar, Nederland) ETTA – 03/05/2026 In het gezin van Nathalie ROBEYNS (Turnhout) THYMEN – 07/05/2026 In het gezin van Ilja PAUWELS (Tienen) WILLIAM – 07/05/2026 In het gezin van Elodie ROLAND (Namen)
21/03/2026 VAN DE BRUINHORST Henry en THEUNIS Kathleen (Herk-de-Stad) 28/03/2026 THOMAS Peter en VRIJDAG Veerle (Vilvoorde) 28/04/2026 FLOHIMONT Loïc en GEMMEL Tifanny (Tulloch Road-Glen Douglas, Verenigd Koninkrijk)
CYRIEL – 26/05/2026 In het gezin van Lennert VERBEEK (Heusden-Zolder)
07/05/2026 RAGOT Flavina en HOVHANNISYAN Arthur (Grimbergen)
KATO – 28/05/2026 In het gezin van Alien BOUSSEMAERE (Aalst)
09/05/2026 IMBO Kristel en GRÉER Manon (Ath)
LARS – 31/05/2026 In het gezin van Servaas VANDENBULCKE (Oudenaarde)
09/05/2026 VLIEGHE Jeroen en KUKUTYTE Sandra (Zwevegem)
LANA – 04/06/2026 In het gezin van Laura SIKORSKI (Pelt)
16/05/2026 DREESSEN Reiner en LATCHMAN-ECLAR Lydia (Eupen)
GASTON – 07/06/2026 In het gezin van Siemen POLLARIS (Hasselt) CISSE – 08/06/2026 In het gezin van Janos PLANCKE (Tielt)
OVERLIJDENS
BRACAVAL ETIENNE (Wuustwezel) 1931 - 24/06/2026
Indexcijfer van de consumptieprijzen - Mei: 103,26 punten - Juni: 102,95 punten - Juli: 103,41 punten*
Gezondheidsindexcijfer - Mei: 102,69 punten - Juni: 102,59 punten - Juli: 103,16 punten* De afgevlakte gezondheidsindex bedroeg in juli 100,75 punten. De spilindex voor het openbaar ambt en de sociale uitkeringen vastgelegd op 100,28 punten werd in juni al overschreden. Als gevolg daarvan stijgen de sociale uitkeringen en de wedden van het overheidspersoneel in september 2026 die geïndexeerd zullen worden. Aangezien die indexering zal worden berekend overeenkomstig de modaliteiten van de maatregel 'Centenindex', zal het indexeringspercentage van 2% slechts toegepast worden op de schijf tot 2.000 euro bruto per maand voor de sociale uitkeringen en op de schijf tot 4.000 euro bruto per maand voor de overheidswedden. Het planbureau legt een volgende spilindexoverschrijding vast op 102,29 punten en die zal mogelijks in Jan 2027 overschreden worden. Bron: Statbel *Wegens vakantieperiode nog niet officieel bevestigd
De Schildwacht 19
EdenredEkivita Edenred-app: De Engage-app: app: zult niet meer zonje zultjeniet meer installeer hem der kunnen! zonder kunnen! vandaag nog!
Staat hij nog niet tussen je favoriete apps ? Deze veelzijdige app is een must! Gebruiksvriendelijk en efficiënt Bestel je vouchers in enkele klikken Overal en altijd beschikbaar Nooit meer je vouchers vergeten: gebruik deze app enkel wanneer je die nodig hebt Beheer eenvoudig je account Ook offline heb je toegang tot je vouchers Bekijk hoeveel je hebt bespaard
Er staan honderden aanbiedingen voor je klaar !
Scan de QR code Scan de QR code en download de app ! en download de app !
Engage