Bij de dag erlaadmomenten
H
Oktober 2008
Elke dag een bijbelvers uit de liturgie van de dag, een korte toelichting, een uitnodiging tot persoonlijk gebed of tot meditatie, en als afsluiting een vers uit de psalm van de dag. Om op een creatieve manier één of meerdere keren per dag onze goddelijke simkaart te herladen.
H
erlaadmomenten
Slapen, vakantie nemen, eten en drinken: het geeft ons de energie om ons voort te bewegen, om te groeien, te werken, te spelen. Het laadt onze menselijke batterijen op. Volstaat dat om gelukkig te leven? Of hebben we nog iets anders nodig om volledig mens te zijn, zoals een gsm beltegoed nodig heeft om volledig te werken. ‘De mens leeft niet van brood alleen’, lezen we in de bijbel, ‘maar van ieder woord dat klinkt uit de mond van God’. Dat woord laten we in dit nieuwe tijdschrift doorklinken. De korte overwegingen in dit tijdschrift zijn niet nieuw. Ze verschijnen al veertig jaar als ‘Batterijtjes’ in het Bezinningsblad. Het stijgende aantal reacties op die ‘Batterijtjes’ maakte ons duidelijk dat mensen meer dan ooit op zoek zijn naar bijbelse
grond onder hun voeten om ‘bij de dag’ te leven. Dit nieuwe tijdschrift speelt in op die groeiende vraag. Met zijn handig formaat vindt het gemakkelijk een plaatsje in elke jas- of binnen zak en hand- of draagtas. Het verschijnt om de twee maanden als bijlage bij het Bezinningsblad. Dit nummer, dat zich tot de maand oktober beperkt, is dus een buitenbeentje. Het kan beschouwd worden als een nulnummer. ‘Gods Woord laat zich niet opsluiten in catechese of liturgie. ‘Het moet werkzaam blijven in wie gelooft’ (1 Tes. 2,13)’, schrijven de bisschoppen in hun meest recente brochure ‘God ontmoeten in zijn Woord’. We hopen dat dit tijdschrift daartoe mag bijdragen. Ludo Vangilbergen
woensdag
1
donderdag
Job 9,1-12.14-16 Lc 9,57-62
Hij gaat mij voorbij, en ik zie hem niet, hij glipt langs mij heen en ik merk het niet.
Job 9,11
Zo vaak gaat God aan ons voorbij en wij merken het niet of niet meer, omdat beslommeringen van allerlei aard ons hart hebben lamgelegd.
2
Ex 23,20-23a Mt 18,1-5.10
Ik stuur een engel voor jullie uit om je op je tocht te beschermen en je naar de plaats te brengen die ik voor jullie bestemd heb. Ex 23,20 Engelbewaarders, krijgen ze ook vandaag nog een plaats in ons leven? Durven we er nog in geloven of is alleen de tastbare werkelijkheid onze leidraad?
Jezus, Jij zag God in alles en in iedereen die Jou omringde. Jij noemde Hem je Vader. Stem ook de snaren van ons hart, van heel ons ‘zijn’, af op zijn liefdevol plan voor ieder van ons.
Heilige engelbewaarders, jullie zitten wellicht niet tastbaar op mijn schouder, maar toch, ik weet jullie nabij. Bescherm mij en allen die ik liefheb tegen alles wat ons van onze diepste kern vervreemdt.
Elke dag, Heer, strek ik mijn handen smekend naar U uit. Ps 88
Hij vertrouwt je toe aan zijn engelen, die over je waken waar je ook gaat. Ps 91
verkondiging van de Blijde Boodschap
zaterdag
vrijdag
3
Job 38,1.12-21; 40,3-5 Lc 10,13-16
4
H. Franciscus Job 42,1-3.5-6.12-17 Lc 10,17-24
Wie naar jullie luistert, luistert naar Mij, en wie Mij afwijst, wijst Hem af die mij gezonden heeft. Lc 10,16
Eerder had ik slechts over u gehoord, maar nu heb ik u met eigen ogen aanschouwd. Job 42,5
Jezus en zijn Vader zijn één! Jezus kan maar handelen vanuit verbondenheid met zijn God. En wij?
Wanneer men God slechts kent van ‘horen zeggen’, kent men Hem in feite niet. Hem kennen betekent: Hem ‘ervaren’, Hem ‘willen zien’.
Heer, God, ik bid U, geef mij de nodige moed en eerlijkheid om mijn doen en laten van elke dag onder uw kritiek te stellen en zo mijn leven af te stemmen op uw droom van vrede en gerechtigheid.
God, open mijn ogen, zodat ik U kan zien in mensen en gebeurtenissen. Open mijn oren, zodat ik U kan horen in klanken en woorden. Open mijn handen, zodat ik U kan ervaren in delen en geven.
U legt uw hand op mij. Wonderbaarlijk zoals U mij kent, het gaat mijn begrip te boven. Ps 139
Ik ben uw dienaar, geef mij inzicht, dan leer ik uw richtlijnen kennen. Ps 119,125
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
zondag
5
27ste door het jaar A Jes 5,1-7 Fil 4,6-9 Mt 21,33-43
maandag
6
Gal 1,6-12 Lc 10,25-37
De steen die de bouwers afkeurden is de hoeksteen geworden. Mt 21,42
Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn op zijn wonden en verbond ze. Lc 10,34
Wat minderwaardig lijkt en oninteressant overkomt, is misschien méér dan verwacht uitnodiging en oproep, teken van heil.
Zovele gewonden, in onze wereld, in deze tijd. Gewonden naar ziel en lichaam.
Geef mij oog, Heer, voor hen die in onze maatschappij worden afgekeurd, uitgespuwd, belachelijk gemaakt. Geef mij de nodige durf om hen in bescherming te nemen.
Maak van mijn hart, Heer, een grote beker vol olie en wijn. En geef mij de nodige energie, de nodige durf ook, om met die volle kruik naar hen te gaan die mij nodig hebben.
Heer, God van de hemelse machten, keer ons lot ten goede, toon uw lichtend gelaat en wij zijn gered. Ps 80,20
Het begin van de wijsheid is ontzag voor de HEER, wie leeft naar zijn wet, getuigt van goed inzicht. Ps 11,10
verkondiging van de Blijde Boodschap
woensdag
dinsdag
7
Gal 1,13-24 Lc 10,38-42
8
Gal 2,1-2.7-14 Lc 11,1-4
Toen ze verder trokken, ging Hij een dorp in, waar Hij gastvrij werd ontvangen door een vrouw die Marta heette. Lc 10,38
Een van zijn leerlingen zei tegen Hem: Heer, leer ons bidden, zoals ook Johannes het zijn leerlingen geleerd heeft. Lc 11,1b
Gastvrijheid: gast en vrijheid. Twee begrippen die vandaag niet zo evident en niet zo duidelijk zijn.
Is bidden nuttig? Haalt het iets uit? Is het nog van deze tijd? Velen denken zó en vinden het tijdsverlies. Helaas!
Leer mij echt gastvrij te zijn, Heer Jezus. Leer mij zó gastvrij te zijn dat mensen zich ‘thuis’ voelen en zich vrij weten om in mijn huis te ‘zijn’ wie ze ‘ten diepste’ zijn.
Heer Jezus, leer mij bidden zoals ook Jij het aan jouw leerlingen hebt geleerd. Geef mij luisterende oren en een open hart om Gods Geest een kans te geven in mijn leven van elke dag.
U was het die mijn nieren vormde, die mij weefde in de buik van mijn moeder. Ps 139,13
Loof de HEER, alle volken, prijs Hem, alle naties: zijn liefde voor ons is overstelpend. Ps 117,1-2
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
vrijdag
donderdag
9
Gal 3,1-5 Lc 11,5-13
10
Gal 3,7-14 Lc 11,15-26
Bent u werkelijk zo dwaas weer op eigen kracht te vertrouwen, en niet langer op de Geest? Gal 3,3
Elk koninkrijk dat innerlijk 足verdeeld is, wordt verwoest, en huis na huis stort in. Lc 11,17
Het is verleidelijk te denken dat men alles alleen kan en niemand nodig heeft. Het is verleidelijk niemand te vertrouwen. En toch.
Verdeeldheid op het werk, verdeeldheid in gezinnen, verdeeldheid tussen families, verdeeldheid in de Kerk, verstoorde relaties.
Heer Jezus, Jij vertrouwde ten volle op je Vader. Jij wist je geborgen in zijn liefde, ook toen het, menselijk gesproken, misging. Maak mij ontvankelijk om de werking van de Geest te herkennen in mijn leven.
Heer Jezus, leer ons om Jou een plaats te geven in ons werk, in onze gezinnen, in onze familie, in de kerkgemeenschap en in al onze relaties.
Een reddende kracht heeft Hij voor ons opgewekt uit het huis van David, zijn dienaar. Lc 1,69
Machtig zijn de werken van de HEER, wie ze liefheeft, onderzoekt ze. Ps 111,2
verkondiging van de Blijde Boodschap
zaterdag
11
zondag
Gal 3,22-29 Lc 11,27-28
12
28ste door het jaar A Jes 25,6-10a Fil 4,12-14.19-20 Mt 22,1-14
Dit is een verdorven generatie! Ze verlangt een teken, maar zal geen ander teken krijgen dan dat van Jona. Lc 11,27-28
Ga daarom naar de toegangswegen van de steden, nodig voor de bruiloft iedereen uit die je tegenkomt. Mt 22,9
Soms lijkt deze generatie te hollen naar oppervlakkige waarden, naar loze beloftes, naar uitzichtloze situaties.
Stel je voor, zomaar mensen uitnodigen die je tegenkomt en dan nog voor een bruiloft. Zoveel geld verspillen? Zoveel risico lopen? Zoveel onverwacht en ongekend gezelschap?
Jezus, leer ons opnieuw de tekens te zien van Gods barmhartigheid. Maak ons opnieuw ontvankelijk voor zijn leven gevend Woord, voor zijn scheppende Adem, voor zijn onvoorwaardelijke Liefde.
Het zou hartverwarmend zijn, Heer, als we onze huizen en scholen, onze gemeenschappen en kerken, onze bedrijven en economie, wat meer openstellen, voor hen die te weinig kansen krijgen door handicap, lage scholing, afkomst, of vereenzaming. Geef ons de moed, Jezus, voor hen te ijveren.
Zing en speel voor Hem, spreek vol lof over zijn wonderen. Wees blij van hart, u die de HEER zoekt. Ps 105,2-3
Hij laat mij rusten in groene weiden en voert mij naar vredig water, hij geeft mij nieuwe kracht. Ps 23,2-3
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
maandag
13
dinsdag
Gal 4,22-24. 26-27.31-5,1 Lc 11,29-32
14
Gal 5,1-6 Lc 11,37-41
Jubel en juich, jij die geen weeën kent. Want zij die zonder man is, heeft meer kinderen dan zij die met een man is. Gal 4,27
De buitenkant van de beker en de schotel reinigen jullie, maar jullie eigen binnenkant is vol roofzucht en slechtheid. Lc 11,39
Ook vandaag zijn er mensen, leken-vrijwilligers en religieuzen, die zich overal ter wereld belangeloos inzetten voor gekwetste en getraumatiseerde kinderen.
Achter goud en glitter schuilt vaak corruptie en onechtheid. Achter mooie façades gaat vaak een wereld van ellende schuil.
Heer Jezus, laat vandaag overal ter wereld mensen opstaan die in jouw naam en op allerlei wijzen kinderen en jongeren teder, liefdevol en kordaat begeleiden op hun weg naar volwassenheid.
Heer Jezus, leer ons kijken naar de binnenkant, eerst naar onze eigen binnenkant, om te zien wat onecht en oppervlakkig is, maar ook wat waar, goed en schoon is. Als we dat gevonden hebben, laat er ons dán van getuigen!
Hij verheft uit het stof wie berooid is, uit het vuil tilt hij op wie alles ontbeert.
Neem de waarheid nooit weg uit mijn mond, in uw voorschriften stel ik mijn hoop. Ps 119,43.45
Ps 113,7
verkondiging van de Blijde Boodschap
woensdag H. Theresia van Avila
15
Gal 5,18-25 Lc 11,42-46
donderdag
16
Ef 1,1-10 Lc 11,47-54
Jullie geven tienden van munt, wijnruit en andere kruiden, maar gaan voorbij aan de gerechtigheid en de liefde tot God. Lc 11,42
Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in Christus, met talrijke geestelijke zegeningen heeft gezegend. Ef 1,3
Bij grote rampen worden er vaak veel ‘munten’ en hulpgoederen gegeven. Eens de ramp uit de spotlights, verdwijnt ook de betrokkenheid.
Wanneer we het tv-journaal bekijken, zijn er niet veel zegeningen te zien. Zijn ze er echt niet? Of zijn ze geen nieuwsitem? Laten ze ons onverschillig?
Jezus, Jij was altijd dichtbij de mensen. Je bekeek hen echt, Je raakte hen aan, Je richtte hen op. Leer ook ons mensen nabij te zijn vanuit Gods onvoorwaardelijke liefde. Leer ons voor mensen goed en deugddoend gezelschap te zijn, zowel op spiritueel als op materieel vlak. De wereldmachten spannen samen tegen de HEER en zijn gezalfde. Wij moeten ons van hun boeien bevrijden. Ps 2,2-3
God, maak deze generatie, ons dus, opnieuw ontvankelijk om uw zegeningen te zien. Om er dankbaar voor te zijn, om ze te ‘vertellen’ en te ‘delen’ met hen van wie de blik door honderdenéén dingen vertroebeld is geworden. Juich de HEER toe, heel de aarde, juich en jubel, zing het uit. Laat bij de lier uw lied weerklinken. Ps 98,4-5
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
vrijdag
17
zaterdag Ef 1,11-14 Lc 12,1-7
18
H. Lucas 2 Tim 4,9-17a Lc 10,1-9
Wat kosten vijf mussen? Bijna niets. Toch wordt er niet één door God vergeten. Lc 12,6
Arbeiders zijn er weinig; vraag dus de eigenaar van de oogst of hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen. Lc 10,2
Misschien hebben we te weinig oog voor wat ons bijna voor niets wordt aangereikt: vriendschap, solidariteit, echte liefde!
Als je de media beluistert, zijn geloof en goedheid, solidariteit en trouw, oprechtheid en inzet, oubollige begrippen, niet te realiseren waarden. De arbeiders in de wijngaard: afgedankte zonderlingen.
Kunnen we het geloven, God, dat U er bent, altijd opnieuw, voor ieder van ons? U bent onvoorwaardelijk trouw, ook al lopen wij steeds weg van uw liefde, van uw geboden. Keer ons opnieuw naar U toe.
Oprecht is het woord van de HEER. Hij heeft recht en gerechtigheid lief, van de trouw van de HEER is de aarde vervuld. Ps 33,4-5
Heer Jezus, je geloof in de Vader was onvoorwaardelijk. Je trouw aan je vrienden ontroerend. Je inzet voor ‘grens-mensen’ radicaal. Je oprechte woorden, storend en nieuw. Je innerlijkheid, diep en leven gevend. Help je mij, Heer, zó een ‘arbeider’ te zijn in jouw wijngaard? Laten al uw schepselen U loven, HEER, en uw getrouwen U prijzen. Uw koningschap omspant de eeuwen. Ps 145,10.13
verkondiging van de Blijde Boodschap
29ste door het jaar A Jes 45,1.4-6 1 Tes 1,1-5b Mt 22,15-21
19
zondag
maandag
20
Ef 2,1-10 Lc 12,13-21
Geef dan wat van de keizer is aan de keizer, en geef aan God wat aan God toebehoort. Mt 22,21
Pas op, hoed je voor iedere vorm van hebzucht, want iemands leven hangt niet af van zijn bezittingen. Lc 12,15
Ieder geven waar hij recht op heeft: een onoverkomelijke opdracht? Te moeilijk in deze hectische tijd? Te zenuwslopend? Te veeleisend?
Onze ecologische voetafdruk: veel te groot, veel te zwaar! We weten het en toch lijkt het of we nooit genoeg hebben en altijd meer willen bezitten.
Jezus, blijkbaar kon Jij het goed: onderscheid maken tussen het wereldse en het hemelse, het alledaagse en het feestelijke, het banale en het goddelijke, het vanzelf-sprekende en het van God-sprekende. Geef ook mij eenzelfde innerlijke vrijheid om de keizer keizer te laten zijn en om God God te laten zijn.
Heer God, geef mij de nodige moed te vragen en te streven naar minder luxe, meer soberheid, minder consumptiedrang, meer solidariteit, minder zekerheden, meer creativiteit.
Buig u voor de HEER in zijn heilige glorie. Zeg aan de volken: de HEER is koning. Hij oordeelt de volken naar recht en wet. Ps 96,9-10
Erken het: de HEER is God, Hij heeft ons gemaakt, Hem behoren wij toe, zijn volk zijn wij, de kudde die Hij weidt. Ps 100,3
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
dinsdag
21
woensdag Ef 2,12-22 Lc 12,35-38
22
Ef 3,2-12 Lc 12,39-48
Zo bent u dus geen gasten meer, maar huisgenoten van God, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten. Ef 19-20
Hoe meer iemand is toevertrouwd, des te meer zal van hem worden gevraagd. Lc 12,48b
Huisgenoten. Horen we hierin iets van ‘genieten’? Kunnen en mogen we bij en van elkaar genieten, in de meest positieve betekenis van het woord?
Niet lang geleden las ik een prachtige zin: ’Wat ik heb gekregen, heb ik gegeven, wat ik niet had, heb ik gekregen’.
Heer Jezus, leer ons - misschien opnieuw ‘genieten’ van het fundament van ons geloof. Ga met ons mee op weg om, zoals de Emmaüsgangers, - misschien met kinderlijke eenvoud onze fundamenten te ontdekken, de basis van ons geloof!
Jezus, ik zie niet altijd of toch niet genoeg wat ik allemaal heb gekregen aan liefde en vriendschap, aan mogelijkheden en kansen, aan zekerheden en goedheid. Vergeef mij Heer, wanneer ik niet genoeg deelde. En vergeef mij ook wanneer ik niet eenvoudig genoeg was om te aanvaarden wat ik a angereikt kreeg.
Voor wie Hem eren is zijn hulp nabij: zijn glorie komt wonen in ons land, trouw en waarheid omhelzen elkaar. Ps 85,10-11
Gelukkig wie wonen in uw huis. God, ons schild, zie naar ons om, sla goedgunstig het oog op uw gezalfde. Ps 84,5.10
verkondiging van de Blijde Boodschap
donderdag
23
vrijdag
Ef 3,14-21 Lc 12,49-53
24
Ef 4,1-6 Lc 12,54-59
Ik ben gekomen om op aarde een vuur te ontsteken, en wat zou Ik graag willen dat het al brandde! Lc 12,49
De aanblik van de aarde en de hemel kunnen jullie duiden, hoe kan het dan, dat jullie deze tijd niet kunnen duiden? Lc 12,56
Vuur geeft licht en warmte. Het is louterend, maar vaak ook beangstigend. Het geeft gezelligheid, het werkt begeesterend.
We leven in een boeiende tijd, een tijd vol tegenstrijdigheden. De wereld is een plaats vol uitdagingen, maar ook een plaats van ver-eenzaming en ontgoochelingen. Grenzen vervagen. Een kans om verder te kijken dan onze eigen kleine wereld?
Heer Jezus, Je hebt een vuur ontstoken, een gloed van licht gebracht. Ontsteek jouw vuur van geestdrift en inzet ook in mij. Mogen ook mijn woorden en daden een lichtende vonk betekenen in het leven van hen die ik ontmoet.
Oprecht is het woord van de HEER. Hij heeft recht en gerechtigheid lief. Ps 33,4-5
Heer Jezus, leer ons de tekenen van deze tijd verstaan. De grote uitdagingen (h)erkennen! Geef ons voldoende innerlijk evenwicht, innerlijke vrijheid, om jouw woord te vertalen naar deze tijd toe, naar de mensen naast ons. Wie mag de berg van de HEER bestijgen, wie mag staan op zijn heilige plaats? Wie reine handen heeft en een zuiver hart. Ps 24,3-4
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
zaterdag
25
zondag Ef 4,7-16 Lc 13,1-9
26
30ste door het jaar A Ex 22,20-26 1 Tes 1,5c-10 Mt 22,34-40
Heer, laat hem ook dit jaar nog met rust, tot ik de grond eromheen heb omgespit en hem mest heb gegeven. Lc 13,8
Weduwen en wezen mag je niet uitbuiten. Doe je dat toch en smeken zij mij om hulp, dan zal ik zeker naar hen luisteren. Ex 22, 21-22
Geduld, hoop, vertrouwen, groei-kansen.
Onze wereld kent vele vormen van weduwen en wezen. Mensen die met verlies 颅geconfronteerd worden. Ze verdienen speciale aandacht, een luisterend oor.
Heer Jezus, z贸 ging Jij met mensen om: liefdevol, teder, geduldig, met wijsheid, bevrijdend. Jij gaf hen altijd nieuwe kansen. Leer ook mij z贸 naar mensen toe te gaan, z贸 met mensen om te gaan.
Verheugd ben ik, nu onze voeten staan binnen je poorten, Jeruzalem. Ps 122,2.4
Heer Jezus ik bid voor hen die verscheurd zijn, ontredderd en verward omwille van het verlies van een heel nabije geliefde! Wees hun steun. Wees aanwezig in het diepste van hun leegte. En waar ik hen ontmoet, laat mij gewoon - in jouw naam een luisterend oor zijn!
Ik heb u lief, HEER, mijn sterkte, mijn rots, mijn vesting, mijn bevrijder, God, mijn steenrots, bij u kan ik schuilen. Ps 18,2-3
verkondiging van de Blijde Boodschap
maandag
27
dinsdag
Ef 4,32-5,8 Lc 13,10-17
28
HH. Simon en Judas Ef 2,19-22 Lc 6,12-16
Toen Jezus haar zag, riep Hij haar bij zich en Hij legde haar de handen op. Meteen ging ze rechtop staan en loofde God. Lc 13,12-13
De hele menigte probeerde Hem aan te raken, want er ging een kracht van Hem uit die allen genas. Lc 6,19
Zien, roepen, de handen opleggen. Het vraagt tijd, een alerte blik, een sterk engagement.
Aanraken is in ons medialandschap vaak grijpen, bezitten, vernietigen.
Heer Jezus, meer dan al de andere, is de handen opleggen een priesterlijk gebaar! Geef ons terug oog voor gebaren en rituelen die mensen doen opstaan vanuit hun hunker naar nabijheid, naar erkenning, naar gezien en gekend zijn. Help ons rechtop te gaan staan om God te loven.
Leer ons weer ‘raken’, Heer, teder en liefdevol, zoals Michelangelo’s scheppingstafereel. Leer ons ook weer geraakt worden, door Jou, door de kracht van jouw Geest, door jouw boetserende scheppingskracht. En geef ons vooral het verlangen Jou te willen aanraken, om zo jouw genezende kracht te ervaren.
De koningen van de aarde komen in verzet, de wereldmachten spannen samen tegen de HEER en zijn gezalfde. Ps 2,2
De hemel verhaalt van Gods majesteit. Toch wordt er niets gezegd, geen woord gehoord, het is een spraak zonder klank. Ps 19,2.4
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
woensdag
29
donderdag
30
Ef 6,1-9 Lc 13,22-30
Doe uw werk met plezier, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen.
Ef 6,7
Ef 6,10-20 Lc 13,31-35
Houd stand. Draag het geloof als schild, tegen de brandende pijlen van het kwaad. Ef 6,14-15
Plezier en werken: kan het nog samengaan? Of is de drijfveer van onze arbeid enkel materiĂŤle noodzaak of een race tegen de tijd?
Waarheid, inzet, vrede, geloof! Verdwenen glorie? Vergeten waarden?
Jezus, dank U, voor mijn werk, voor de opdracht die ik krijg. Laat mij ook in mijn werkomgeving iets uitstralen van mijn toebehoren aan U.
Geef mij de nodige moed, Heer, om in deze tijd van snelheid en oppervlakkig vertier, van hardheid en onwaarheid, van onrecht en grofheid, de dagelijkse realiteit mee om te vormen tot een plek van waarheid, van inzet en vrede. Een kiemplaats voor geloof.
Een steun is de HEER voor wie is gevallen, wie gebukt gaat richt hij op. Ps 145,14
Ik wil een nieuw lied voor U zingen, God, voor U spelen op de tiensnarige harp. Ps 144,9
verkondiging van de Blijde Boodschap
vrijdag
31
Fil 1,1-11 Lc 14,1-6
Ik bid dat uw liefde blijft groeien door inzicht en fijnzinnigheid, zodat u kunt onderscheiden waar het op aankomt. Fil 1,9 Liefde als sleutelwoord voor ‘onderscheiding’! Is het die liefde die vaak ontbreekt bij het nemen van belangrijke beslissingen? Leer mij, Heer, om mijn liefde niet te meten of af te meten. Laat mij groeien in lief-hebben, naar uw voorbeeld: in de vreugde van de anderen mijn eigen vreugde vinden, in het geluk van anderen mijn eigen geluk herkennen, in de dankbaarheid van anderen mijn eigen dankbaarheid ontdekken. Ik wil de HEER loven met heel mijn hart. Machtig zijn de werken van de HEER, wie ze liefheeft, onderzoekt ze. Ps 111,1-2
Vo o r a l l e n d i e i n d i e n s t s t a a n v a n d e
gebed bij het maandthema
Heer, onze God, ons land is zelf een missieland geworden. Wij bidden U om krachtige en gedreven verkondigers van uw woord. Beziel hun hart en hun woorden. Maak hen vindingrijk en moedig om onbevangen en met woorden van nu de rijkdom van het evangelie in het licht te stellen.
Heer God, alles wat ik heb, alles wat ik ben, alles wat ik doe, bied ik U aan. Kom en vervul mijn dag. Schenk mij uw Geest, dat in mijn denken, spreken en handelen, iets van uw stille aanwezigheid mag doorbreken. Laat me niet enkel voor mezelf leven, maar zoals Jezus, verbonden met U en gegeven aan mensen. Amen. Bijlage bij Bezinningsblad Auteur: zr. Greta Coninckx
www.tijdvoorgod.net gebedslijn: 070660477