13 minute read

Interview: Ralf Dujmovits

Ralf Dujmovits deed 34 beklimmingen van achtduizenders

‘Opgeteld stond ik een jaar lang op de Mount Everest’

Advertisement

Bergbeklimmer en expeditieleider Ralf Dujmovits zit in de herfst van een indrukwekkende klimcarrière. Aan de keukentafel in zij n geboortedorp blikt hij terug op de lessen, risico’s en successen tij dens zij n tochten.

Tekst Manon Stravens Beeld Zout Fotogra e

Een kwart van de woonkamer is een leeshoek. Een echte, met tot aan het plafond gevulde planken vol boeken. Een pickel hangt boven de kachel. Oude heroïsche verhalen, boeken van grote klimmers als Diemberger en Bonington. Boeken over Zuid-Amerika, waar zij n klimcarrière begon. Over Antarctica, waar hij zes keer kwam. ‘Een levensverzameling. Zo’n 85% gaat over de bergsport.’ Voor zij n neus ligt het boek Ich stand auf dem Everest van Edmund Hillary uit 1959. Dujmovits las het als jongetje, in de tij d dat zij n vader hem mee de bergen in nam. In een leven van tientallen expedities naar de hoogste toppen komt Ralf Dujmovits (1961) graag weer terug in de heuvels van zij n geboortestadje Bühl, in het Zwarte Woud. ‘Boeken waren altij d belangrij k voor de voorbereiding van expedities, toen internet nog niet zo wij dverbreid was. Ik deed veel onderzoek, las expeditierapporten en zocht klimmers op. Ik wilde leren van andermans ervaringen. Ook de slechte ervaringen. Waar gebeuren de ongelukken, wat zij n de gevaarlij kste stukken?’

De tij d dat hij elf van de twaalf maanden als berggids op pad was, of in een jaar drie achtduizenderexpedities deed, is zo goed als voorbij , vertelt de gebruinde en sportief geklede avonturier met de zachtaardige ogen. Maar hij klimt veel en gidst nog steeds. ‘Geen grote groepen meer, alleen nog individuen. Ik heb zo’n tien vaste klanten met wie ik elk jaar of elke twee jaar op pad ga. Het zij n zielsverwanten geworden, vrienden die me ook nog willen betalen.’

Ongekwali ceerde baantjes

Zij n vader droeg de passie voor het klimmen over op zij n zoon. ‘Hij was een klimmer en nam mij als klein jongetje mee de Alpen in, of we gingen klimmen hier in Baden-Baden. Ik was de enige van de vier kinderen die het allemaal leuk vond.’ Na een pubertij d met meer interesse in ‘dansen, meisjes en rock & roll’ begon het echte klimmersleven. Na school vertrok de toen negentienjarige Dujmovits voor een jaar naar Zuid-Amerika, waar hij een derde van de tij d aan het klimmen was, en de rest reisde. De eerste berg die hij beklom, was de Cotopaxi, een 5897 meter hoge vulkaan in Ecuador. Hij deed ervaring op, en ontmoette er anderen. Van een groep Poolse klimmers en een Fransman, die hij ontmoette in de Andes in Peru, leerde Dujmovits veel over hoogtes, klimaat en ij sklimtechnieken. ‘Een belangrij ke periode in mij n leven.’ Hij klom in Bolivia en Chili, toen het toerisme daar nog in de kinderschoenen stond. ‘En dus kon ik genieten van het landschap en de mensen.’ Hij verdiende zij n geld met allerlei ‘ongekwali ceerde baantjes’: in een tinmij n in Bolivia, als vrachtwagenchau eur in Chili, en als elektricien op de Galapagoseilanden. Hij moest maar eens beginnen aan een serieuze studie, vond hij . En dus begon Dujmovits in 1984 met een opleiding medicij nen in Heidelberg. Maar de balans tussen studeren, reizen en klimmen was al snel zoek. ‘Ik was nauwelij ks op de universiteit te vinden.’

Geen serieus beroep

Dus – vroeg hij zich af – hoe zou hij ooit een eigen praktij k kunnen draaien, en verantwoordelij kheid kunnen nemen

voor patiënten? Eenmaal in het ziekenhuis gaf de hiërarchie hem de laatste zet; Dujmovits besloot te stoppen met zij n studie. Hij ging in op een uitnodiging voor een trainingsexpeditie naar India van de Deutscher Alpenverein, waarvoor hij toen al zo’n drie jaar werkte. ‘Mij n vader vond het helemaal niks. Conservatief als hij was, vond hij berggids geen serieus beroep.’ Toch koos Dujmovits voor de bergen. Hij werd een professionele gids en kreeg een baan als expeditieleider. Met zij n toenmalige Spaanse vriendin begon hij al snel zij n eigen expeditiebedrij f, AMICAL Alpin, dat inmiddels is verkocht.

Het was ook de tij d dat Dujmovits zij n eerste achtduizender beklom, de Dhaulagiri in 1990. Gevolgd door de Mount Everest in 1992 en de K2 in 1994. De indrukwekkende lij st van beklimmingen over de hele wereld, te vinden op zij n website, duizelt. Sommige pieken deed hij meerdere keren. ‘Gewoon omdat ze mooi zij n.’ Zoals de Shishapangma: een keer de normaalroute met klanten, een keer de uitdagende tweeduizend meter hoge zuidkant met zij n voormalige vrouw Gerlinde Kaltenbrunner. Als eerste Duitser beklom hij alle veertien achtduizenders. Op de in totaal 34 expedities, bereikte hij achttien keer de top. ‘Zestien keer draaide ik dus om.’

‘Als gids moet je jezelf aan de kant zetten’

Hamerende hoofdpij nen

Het bereiken van die toppen werd steeds leuker. ‘In de eerste jaren voelde ik geen emotie, uit angst voor de afdaling. Ik was onzeker over mij n kunnen en de hamerende hoofdpij nen en andere lichamelij ke signalen waren beangstigend. Steeds vroeg ik me af: doe ik het goed, of heb ik te veel gedaan? In het begin vond ik het allemaal veel risicovoller.’ In zekere zin brengt bergbeklimmen altij d een risico met zich mee. ‘Maar je leert jezelf beter trainen, je mentaal voor te bereiden als je in het basiskamp op het punt staat aan de laatste klim te beginnen. Je weet wat je moet doen als je ook maar een beetje hoofdpij n voelt. Ik dronk bij voorbeeld altij d te weinig, in de haast om de top te bereiken. Ik leerde het rustiger aan doen. Je leert je lichaam begrij pen en omgaan met de pij n en het zuurstofgebrek. Dat gee zelfvertrouwen.’

Er waren tenslotte al spanningen genoeg op de berg. ‘Met Gerlinde had ik pittige discussies, bij voorbeeld als de een terug wilde en de ander niet.’ Zoals in 2004 op de Annapurna. ‘Ik begon het op een zeker moment veel te gevaarlij k te vinden en wilde terug. Gerlinde en onze Japanse vriend Hirotaka Takeuchi gingen door. Ik zag ze gaan en besloot ze toch te volgen. Eenmaal op de top was ik natuurlij k blij ,’ zegt Dujmovits, ‘maar er was zoveel spanning, dat was niet goed. Daar hebben we bij thuiskomst veel over gepraat. We besloten dat degene die terug wil kan gaan, als hij of zij niet gewond of ziek is, en dat de ander door mag gaan. Je moet er goede afspraken over maken’, zegt Dujmovits. ‘En natuurlij k met de juiste mensen op pad gaan, met wie je die afspraken kunt maken. Anders blij er constant spanning bestaan. Ik heb expedities met zware discussies meegemaakt. Het liep meestal goed af, maar zo’n discussie kan gevaarlij ke situaties opleveren. Ik heb geleerd om op tij d dat gesprek aan te gaan als ik problemen voorzag.’

Inspiratie in Hillary’s Ich stand auf dem Everest

Modesport

Klimmen met een groep is nog weer anders, zegt Dujmovits. ‘Het is een uitdaging, vooral in commerciële expedities. Veel uitdagender dan zelf zo’n klim doen. Je moet de groepsdynamiek in de

Wie is Ralf Dujmovits?

Professioneel berggids en bergbeklimmer Ralf Dujmovits (1961) is de zestiende klimmer, en tot dusver de enige Duitser, die alle veertien achtduizenders hee beklommen. Hij deed in totaal 34 beklimmingen van achtduizenders, waarvan hij 18 keer de top bereikte. Zij n belangrij kste wapenfeiten op een rij :

1989-2011: oprichter en eigenaar van expeditiebedrij f AMICAL Alpin 1990: eerste achtduizender: Dhaulagiri (8167 meter) 1996: staatsbezoek aan Nepal als guest of honor van president Roman Herzog 1999: Eiger Live – Liveverslag van de klim op de Eiger-Nordwand 1990-2009: Dhaulagiri (1990), Mount Everest (1992), K2 (1994), Cho Oyu (1995, 1998), Shishapangma (Central Peak 1996, Main Peak 1997, eerste noord-zuidoversteek Main Peak 2005), Broad Peak (1999), Gasherbrum II (2000), Nanga Parbat (2001), Annapurna I (alpiene stij l 2004), Gasherbrum I (2004), Kangchenjunga (2006), Manaslu (2007), Makalu (2008), Lhotse (2009)

Ralf Dujmovits is actief op Instagram: @ralfdujmovits

gaten houden, weten wat er gebeurt. Als er onderling onbegrip is, moet je mensen apart nemen en uitzoeken wat het probleem is. Je moet het weer in de gaten houden, weten of de klant t is, de kleur van zij n of haar gezicht in de gaten houden. Als gids heb je een enorme verantwoordelij kheid en moet je jezelf aan de kant zetten.’

De tij den zij n wat dat betre veranderd, vertelt Dujmovits. ‘We hadden voorheen altij d ervaren klanten als we een achtduizender gingen doen. Ze huurden mij vooral in om de hele expeditie en de logistiek eromheen te organiseren. Iedereen die met mij mee wilde, moest me een rapport opsturen van de afgelopen vij f jaar. De leugens pikte ik eruit. Dan vroeg ik ze op gesprek en adviseerde ik ze, zo nodig, te beginnen met een lagere top.’ Tegenwoordig zij n mensen volgens hem niet meer zulke goede klimmers. ‘Bergbeklimmen is een modesport geworden. Mensen denken al dat ze een achtduizender kunnen beklimmen als ze in een klimhal zij n geweest. Je hebt natuurlij k het recht om te doen wat je wilt, maar je hebt ook een verantwoordelij kheid naar de anderen toe, die in hetzelfde team of op dezelfde berg zitten. Kom je in de problemen, dan moeten anderen je helpen. Van sommigen weet je dat zij al in een vroeg stadium in de problemen zullen komen, en dus de verantwoordelij kheid naar de rest zullen schuiven. Daar houd ik niet van.’

Aan de jas naar beneden

Was het vroeger makkelij ker om een team samen te stellen van mensen met hetzelfde ervaringsniveau, de laatste jaren moest Dujmovits zo vaak mensen afwij zen, dat de expedities niet meer break-even konden draaien. ‘Dus kwamen we steeds vaker op het punt dat we een expeditie moesten runnen met een aantal mensen zonder de juiste ervaring.’ Dat zij n hele moeilij ke beslissingen. ‘In de voorwaarden staat dat we iemand mogen terugsturen, maar eenmaal op de berg is dat heel moeilij k.’ Zo stond Dujmovits in 2001 uren op de top van de Gasherbrum II op een man te wachten. ‘Deze kerel kwam maar niet. Ondertussen stapelden de wolken zich op, en zou de afdaling moeilij ker worden. Toen ik eindelij k besloot om af te dalen, zag ik hem. Hij kon niet meer verder, zei ik hem, veel te gevaarlij k. We raakten bij na slaags, want hij wilde per se door naar de top. Ik heb hem aan zij n jas naar beneden moeten trekken. Hij hee nooit meer een woord met me gesproken.’ ‘Natuurlij k is zo iemand zelf verantwoordelij k, maar je kunt mensen niet laten sterven op de berg. Ik heb vaker van dat soort gesprekken gevoerd. Dan zei ik mensen in het kamp dat ze er veel te lang over deden en de top niet zouden halen. Dat is niet makkelij k, want iedereen hee heel veel geld betaald, hard getraind en zij n familie even aan de kant gezet. Je moet het dan ook zo brengen dat iemand het gevoel hee de beslissing zelf te nemen.’

Monsterlij k geluid

Niemand overleed in de expedities die hij leidde. Maar Dujmovits hee ongelukken genoeg gezien, en meegemaakt. Zo werden hij en zij n team in 2006 op de Kangchenjunga, met 8586 meter de derde hoogste berg ter wereld, overvallen door een onweersbui op 7700 meter hoogte. Ze waren begonnen met afdalen. Te midden van ‘lichtflitsen en dat monsterlij ke geluid’ viel Dujmovits toen in een kloof, waar Gerlinde hem uit wist te plukken. Terug in het kamp bleek de tent verwoest en waren de slaapzakken verdwenen. ‘We waren helemaal gesloopt, fysiek en mentaal.’ Op de Gasherbrum I maakten ze mee dat een Spanjaard, die ze

eerder hadden gewaarschuwd niet verder te gaan omdat hij te laat was, overleed. In zijn val nam hij bijna Gerlinde mee. De jongen tuimelde tussen hen door de diepte in. ‘Ik heb zo veel ongelukken gezien. Het ontneemt je het enthousiasme. Toch moet je je niet laten overweldigen door deze ervaringen. Anders kun je niet verder.’ Weinig ongelukken worden door de natuur veroorzaakt, weet Dujmovits. ‘Zo’n 99% van de ongelukken die ik heb gezien, zijn veroorzaakt door mensen zelf. Ik weet dat omdat ik achteraf altijd de oorzaak probeer te achterhalen van een ongeluk. Het is levenslang leren.’

Zijn carrière heeft zijn tol geëist. Dujmovits mag dan geen vingers of tenen aan bevriezing hebben verloren, zijn nek is ‘flink verrot’ door het vele gewicht dat hij droeg. Ook heeft zijn huwelijk met Gerlinde, die in die tijd als eerste vrouw alle achtduizenders zonder zuurstof beklom, het niet overleefd. ‘Het waren hele intense periodes, met veel media-aandacht.’ Het klimmen ging goed, maar het hele circus eromheen deed hen de das om, zegt Dujmovits. ‘Maar ik heb de mooiste expedities met haar gedaan.’ In 2013 gingen ze uit elkaar.

Toch is die media-aandacht wel belangrijk. ‘Ik leef van mijn sponsoren. Zij maken deze expedities mogelijk, maar daar verwachten ze wel wat voor terug. Je wil de sponsor ook blij maken, want dankzij hen kun je je dromen waarmaken.’ Dujmovits is – denkt hij – een van de oudste klimmers die nog een sponsor heeft.

Zeven pogingen

Aan zijn indrukwekkende lijst beklimmingen lijkt niets meer toe te voegen. Toch knaagt er iets. Dujmovits heeft de Everest nooit beklommen zonder zuurstof. De intentie was om dat te doen tijdens zijn eerste en succesvolle poging in 1992. Maar het was te koud, en uit angst zijn tenen aan bevriezing te verliezen, pakte hij toch de zuurstoffles. ‘Ik zag het niet als een probleem om die te gebruiken. Ik was toen dertig en ik had geen besef van de ethische kanten. Het was ook totaal normaal in die tijd om de Everest met zuurstof te beklimmen.’ De spijt is groot. ‘Het is gewoon een enorm verschil. Als je met zuurstof klimt, wordt een achtduizender eigenlijk maar een zesduizender, afhankelijk van hoe ver je die fles opendraait.’ Zeven pogingen volgden. Maar steeds was er iets. ‘Dan voelde ik me niet goed, of Gerlinde niet. Een andere keer moesten we onze hoogtezieke vriend levend de berg af krijgen. En in 2015, met mijn huidige vrouw Nancy Hansen, was er de aardbeving in Nepal.’ Dujmovits heeft opgeteld langer dan een jaar op de Everest gestaan, grapt hij. ‘Met dat geld had ik zo een tweede huis kunnen kopen.’ De laatste keer was in 2017. Opnieuw was het weer slecht. ‘Om de Everest zonder zuurstof te beklimmen, moet je echt de perfecte weersomstandigheden hebben. Je zit tenslotte op de grenzen van wat een menselijk lichaam aankan. Omkeren was een rationele beslissing op dat moment. Maar toen ik afdalend mijn tent zag, begon ik te huilen. Je steekt er zoveel tijd, inspanning en training in. En dan lukt het weer niet. De teleurstelling was overweldigend. Ik voelde ook dat dit waarschijnlijk de laatste keer zou zijn.’

Dujmovits gaat het ‘hoogstwaarschijnlijk’ niet nog eens proberen. ‘Maar het blijft me bezighouden. Het moet nog kunnen, denk ik na een goede training. Maar ik weet ook dat ik niet meer zo fit en snel ben. Ik ben te oud. En op die hoogte zit je op de rand van de dood. Ik weet van drie mensen in mijn omgeving dat ze zijn gestorven op de afdaling. Met zuurstof hadden ze het overleefd.’

Trainingen worden zwaarder, besluit Dujmovits. ‘Ik kies er vaker voor op de bank mijn krantje te lezen dan dat ik ga hardlopen. En waarom zou ik een dodelijk ongeluk riskeren? Er zijn te veel mooie dingen in het leven.’

This article is from: