Issuu on Google+

Aan(ge)dacht

aan

nummer 24

ge

september 2008

dacht Nieuwsbrief 24 september 2008

Beste Lezer,

Vragen, kritiek, bijdragen of andere reacties altijd welkom!

aangedacht@skynet.be In- of uitschrijven op bovenstaande adres

Links www.vijftact.be

→ Vijftact is een samenwerkingsverband van vijf vormingsdiensten die werken volgens de sociaalculturele methodiek en die streven naar een volwaardig burgerschap van personen met een handicap (in ruime zin) in een samenleving die hierop is afgestemd. Het gaat om SIG, ZitStil,Fevlado-Diversus, Gezin en Handicap, en Vlaams Dienst Autisme. Via deze website kan je info inwinnen over vormingen en publicaties rond allerhande problemen en handicaps.

Vanthomme Jan

De jongeman hiernaast kent waarschijnlijk iedereen: Michael Phelps. Het zwemwonder behaalde op deze Olympische Spelen alleen al 8 gouden medailles. Iedere wedstrijd die hij zwom, won hij! Vier jaar terug in Athene op 18-jarige leeftijd won hij eveneens 8 medailles waarvan 6 gouden. En jullie weten wellicht ook reeds dat hij de diagnose ADHD kreeg. Wat is dan de sleutel tot zijn succes. Zeker dit: achter ieder ADHD succesverhaal staat (een) toegewijde ouder(s). Michael hield er niet van om zijn gezicht nat te maken. Maar mama Debbie gooide hem aan 7 jaar het water in en leerde hem de rugslag. Hij leerde zwemmen, maar in klas lukte het niet. Een leerkracht vertelde mama bij het begin van de lagere school dat hij zich op niets kon concentreren en dat hij nooit zou slagen. Hij kon bovendien niet stilzitten. Hij kon zijn handen niet thuis houden en stootte vaak ander kinderen aan. Hij stond graag in het centrum van de aandacht. Alhoewel hij zich niet kon concentreren lukte dit wel goed voor dingen die hem interesseerden. Toen Michael 9 was kreeg hij de diagnose ADHD. Mama was ervan overtuigd dat Michael wel zou slagen als hij gemotiveerd kon worden. Debbie gaf zelf meer dan 20 jaar les en is nu hoofd van een middelbare school met 600 leerlingen in Maryland. (Windsor Mill School). Wanneer een leerkracht haar aansprak “Michael kan dit niet” counterde ze met “En hoe ga je het hem leren?”Toen Michael bleef schrijven op schriftjes van zijn buurman, plaatste zij hem alleen. Hij haatte lezen en schrijven, maar ze haalde sporttijdschriften in huis en liet deze lezen. Op 10 jaar kreeg hij een uitbarsting na een wedstrijd waar hij tweede werd. Debbie vertelde Michael over sportief gedrag en kunnen verliezen en dat hij zich moest gedragen. Ze sprak af wanneer ze met haar handen de ‘C’ (compose in het Engels) zou vormen, hij zich moest inspannen om zich onder controle te houden. Het lukte en later kreeg ze ook dit gebaar te zien toen zij zich opwond bij het klaarmaken van een avondmaal. Na twee jaar medicatie wou Michael het zonder de pilletjes proberen... en het lukte. De drukke agenda van Michael met zwemmen, trainen, school, trainen, huistaak, slapen.. vroeg een duidelijk structuur en dat deed hem slagen. Michael studeert nu aan de Michigan Universiteit waar hij sportmarketing volgt. Het verhaal van Michael Phelps is geen verhaal uit de duizend, maar het kan toch wel moed geven wanneer de zaken niet altijd lopen zoals we willen. Positieve aandacht, kinderen stimuleren en hen motiveren vraagt veel creativiteit maar met een duidelijk structuur en in dit geval sport (of een ander iets waar ze goed in zijn) komt men vaak vooruit op de lange weg naar een adolescent met waarde en respect voor anderen om die zichzelf verder kan ontplooien en in relatie kan treden met anderen. Jan

Pagina 1


Aan(ge)dacht

Agenda Dinsdag 23 september 2008 Hoe ver gaat leerzorg? Om 20 u Dhr. Wim Van Rompu AZ St. Jan Ruddershove 10 Brugge Leden Sprankel/Gezinsbond €2 niet –leden €5 vzw Sprankel 050/823354 Vrijdag 3 oktober 2008 Opleiding ‘Begeleider Zorgzame Klas’ CC De Spil te Roeselare van 13u15 (onthaal) tot 16u30. prijs € 75 alle materialen (DVD,CD handboek ... inbegrepen. Nog 4 plaatsen !!! Vooraf inschrijven via www.zorgzaamomgaan.be Ma 20 oktober 2008 Autisme en begaafdheid Prof. Roeyers UGent CC De Spil te Roeselare 20 u gratis! organisatie van Vlaamse Vereniging voor Autisme en Gezinsbond Roeselare www.gezinsbondroeselare.be 16 en 17 oktober 2008 Workshop Reflecto info@cebco.be Woensdag 22 oktober 2008 10 stellingen over leerstoornissen!!! HOWEST lerarenopleiding St. Jorisstraat Brugge Prof. Dr. Peter van Vugt om 20u Leden Sprankel/Gezinsbond €2 niet –leden €5 vzw Sprankel 050/823354 Donderdag 20 november ’08 Informatieavond SPRINT helpt lezen met dyslexie! door Leen Verstraete. van 19u30 tot 22u in CC De Spil te Roeselare. voor ouders en leerkrachten inschrijven vooraf, plaatsen beperkt. toegang gratis. org. vzw ZO.O.M. zie www.zorgzaamomgaan.be

Vanthomme Jan

nummer 24

september 2008

Inhoud ☺ Zoals reeds gesteld in de inleiding willen we de mama van Michael Phelps aan het woord laten. Zij schreef enkele tips om de overgang vakantie-school te vergemakkelijken. Wij vertaalden de tekst die terug te vinden is op de website van mama’s van kinderen met ADHD. Merken we hier op dat wij niet achter de idee staan dat naast gedragstherapie steeds medicatie moet voorgeschreven worden. Want die indruk krijg je wel uit de bijdrage van Debbie Phelps. Maar gezien de actualiteit willen wij jullie deze bijdrage niet onthouden. ☺ Kinderen met ADHD hebben het zo moeilijk met hun werkhouding waardoor hun denkontwikkeling vaak allerlei probleempjes vertoont. Ze zijn impulsief, hebben moeite met prioriteiten stellen, werken niet graag volgens plan of volgen juist een slecht plan….Maar wist je dat wij deze kinderen heel dikwijls minder stimuleren in hun denken? We moeten veel aandacht besteden aan verzorging, algemeen gedrag en ze leren zo moeilijk zodat we het sneller opgeven. Moeten wij ons daar schuldig over voelen? Neen want we zijn ook maar mensen maar misschien haal je wat tips uit het verslag over een informatieavond rond MISC (Making More Intelligent en Sensitive Children). Het is een hele mond vol maar ik zou toch de moeite nemen om dit even door te nemen!

Een berichtje: Moederliefde is scheikunde !! We hebben het ooit nog wel eens gezegd:”Alles wat we doen is scheikunde!” Dit is zeker overdreven en ongenuanceerd maar het is natuurlijk zo dat onze hersenen toch het controle centrum van ons lichaam en gedrag zijn. Dit orgaan functioneert op basis van allerlei scheikundige stoffen. Dat de omgeving hierbij een cruciale rol speelt is intussen ook wel bewezen. Maar dit laten we even buiten beschouwing. Als je verliefd wordt door dat bepaalde hersendeeltjes geactiveerd worden, hoe zit het dan met de liefde voor het kind. Volgens professor Mark Nelissen is dit net zo! Er is een hormoon (oxytocine) die daar een grote rol in speelt. Oxytocine zorgt voor lichamelijke veranderingen bij de vrouw: spieren trekken samen bij de uitdrijving, de melkproductie komt op gang en het biedt een gelukzalig gevoel. Mannen hebben dit minder. Ze zijn ook niet zwanger! Maar een stevige knuffel, een (sensuele) massage of een toffe vrijpartij ….verhoogt ook bij hen de hoeveelheid van dit hormoon. Dus toch nog omgevingsinvloeden ! Zie je! Straks vind je niet alleen handboeken, folders, opvoedingstips in de opvoedingswinkels maar misschien ook een potje oxytocine, wanneer de liefde voor het kind wat gekneusd is. En willen de mama’s dat hun man meer de vaderrol opneemt dan weten ze nu wat hen te doen staat! Of is dit niet zo simpel? Ik hoop van niet. Want we zijn al zo sterk gemedicaliseerd dat men vergeet dat er nog iets bestaat als : werken, doorzetten, communiceren, vergeven, houden van ….

Pagina 2


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

Terug naar School: Help Uw Kind met ADHD binnen en buiten de Klas te slagen Door Deborah Phelps Na een zomer van zwemmen, slapen en fietsen, kan een nieuw schooljaar zowel een opwindende als een zware tijd voor ouders en kinderen zijn. De kinderen moeten zich aan nieuwe leraren, nieuwe vrienden en nieuwe milieus aanpassen. Elk van deze veranderingen, gekoppeld aan het terug opladen van dagelijkse routines, die het schooljaar begeleiden, kunnen intimiderend zijn voor om het even welke familie; maar voor ouders van kinderen met ADHD zijn dit bijzondere uitdagingen. Met een beetje extra voorbereiding en communicatie kunnen de ouders hun kinderen met ADHD helpen in de overgang naar een nieuwe klas. Als moeder van Olympische zwemkampioen Michael Phelps, die op 9 jaar de diagnose ADHD kreeg en als leerkracht en schoolhoofd met een ervaring van meer dan 30 jaar, ben ik vertrouwd met de zorgen van een nieuw schooljaar die ouders van kinderen met ADHD ervaren. Zelfs al zie ik Michael zich voorbereiden op de Olympische spelen van Peking, toch kan ik mij herinneren hoe zijn ADHD een uitdaging vormde toen het nieuwe schooljaar begon. Met een goede voorbereiding kan terug naar school gaan een opwindende en positieve ervaring voor kinderen met ADHD zijn. Het is belangrijk om een ondersteuningsteam te bouwen en een dialoog met uw kind en zijn/haar leraren te beginnen om zo een platform voor succes te creëren - zelfs vóór je kind door de deur van het klaslokaal stapt. Doorheen het schooljaar, adviseer ik regelmatig te communiceren met leraren, moedig ik sociale interactie aan en werken met gezondheidswerkers om blijvend succes van jouw kind aan te moedigen. Hier volgen enkel tips om te slagen bij de start - en tijdens - het nieuwe schooljaar. Creëer een leeromgeving. De leraren spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling en de prestaties van hun studenten. Zoek contact met de leraren vóór het nieuwe schooljaar start en bespreek hoe er samengewerkt kan worden om een optimale klasomgeving tot stand te brengen. Bovendien, kunnen de ouders meedelen in welke gebieden hun kind uitblinkt , of welke vaardigheden kunnen verbeterd worden met extra aandacht. Vragen die je aan de leerkrachten zou kunnen stellen zijn ondermeer: → Is er een plaats in het klaslokaal waar mijn kind kan zitten om afleiding te minimaliseren? → Kunnen wij een systeem opstarten voor regelmatig overleg over de prestaties van mijn kind buiten de gebruikelijke rapportkaarten en de oudercontacten? → Hoe kunnen wij belangrijke nota's en taken die over een lange periode verspreid zijn direct bezorgd krijgen? → Kan mijn kind een handboek hebben waarin hij/zij belangrijke feiten en informatie direct in het boek kan aanduiden? → Adviseert u een specifiek taakboek voor uw klas? De leraren hebben een prachtige kans om het gedrag en de vooruitgang van jouw kind waar te nemen. Daarom is het belangrijk om regelmatig in contact met hen te blijven. Zorg dus voor regelmatige vergaderingen en zet andere communicatiemiddelen op, zoals e-mail of een notitieboekje dat heen en weer gaat tussen thuis en school.

Vanthomme Jan

Pagina 3


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

Moedig Sterke Sociale Contacten aan Zoals je wellicht weet kan het maken van vrienden -zelfs zonder de uitdagingen dat ADHD met zich meebrengt- moeilijk verlopen. De ouders kunnen gewoonlijk het effect zien dat ADHD op de academische ontwikkeling van hun kind heeft, maar deze stoornis kan de capaciteit van een kind om sterke sociale relatie op te bouwen en te handhaven, ook beïnvloeden. Vriendschappen zijn essentieel in de vorming van zelfvertrouwen. Dus kijk niet over het belang van je kind met ADHD te stimuleren in het leggen van sociale contacten met kinderen die gelijklopende interesses hebben. Er zijn vele manieren om kinderen met ADHD te helpen nieuwe en oude vriendschappen te bevorderen. Wees creatief - vind gelegenheden om sociale relaties op school en elders te leggen. Vele kinderen met ADHD spelen makkelijker met jongere kinderen; terwijl sommigen meer aangewezen gedrag vertonen bij oudere kinderen die rolmodellen kunnen zijn. Wij vonden dat Michael uitblonk toen hij werd uitgedaagd in de atletiek. Ga na wat in vrijwilligersorganisaties, gemeentelijke clubs of sportclubs voorhanden is. Als de ouders ook deel kunnen uitmaken van deze activiteiten is dit nog beter; het biedt jou de kans om het gedrag en de vooruitgang van uw kind waar te nemen. Raadpleeg jouw therapeut of begeleider. Volgens het Nationale Instituut van de Geestelijke Gezondheid, (in de VS) kan gedragstherapie gecombineerd met medicatie jou kind met ADHD helpen om zijn/haar aandacht te verhogen, beter te kunnen opletten en de afleidbaarheid in en buiten de klas te verminderen. Het is belangrijk voor ouders aan het begin van het schooljaar met de gezondheidshelper (therapeut, psycholoog, arts ...) de begeleiding te bespreken en na te gaan of de medicatie moet aangepast worden. ADHD houdt niet op bij het Klaslokaal Naast medicijnen, kunnen de ouders hun kinderen met ADHD helpen door structuur en routines in te bouwen gedurende hun middagen en avonden. Help kinderen met ADHD hun huiswerk efficiënter te te maken door een afleidingvrije studieomgeving te creëren en plan voor hen een regelmatig tijdstip om hun taken van elke dag te voltooien. Ook, kunnen de ouders ervoor zorgen dat hun kinderen gezonde snacks beschikbaar hebben vóór het begin van met hun middagroutine en moedig hen aan om onderbrekingen in te lassen bij taken die uitgebreide concentratie vereisen om zo hun aandacht te vernieuwen voor hun volgend project. Schakel jonge kinderen met ADHD in door hun hulp te vragen bij het maken van een ‘tussendoortje’ wat hen meteen leert richtlijnen te volgen en hen nieuwe vaardigheden bijbrengt. Het is noodzakelijk om te herinneren dat de behoefte om ADHD symptomen aan te pakken, niet ophoudt wanneer de school gedaan is. De gedragstherapie gecombineerd met medicijnen kunnen helpen met de symptomen van ADHD van uw kind om te gaan doorheen de volledige dag. Ik hoop dat deze ‘terug naar school’ tips jou en je familie de overgang van vakantie naar school zullen vergemakkelijken. Artikel uit www.facebook.com/adhdmoms

Vanthomme Jan

Pagina 4


Aan(ge)dacht

MISC:

nummer 24

september 2008

More Intelligent and Sensitieve Child

Jan Vanthomme met dank aan Ilse Bontinck Enige tijd terug volgden we een informatie- en vormingsavond rond MISC 1. Deze inleiding op het werk van Pnina Klein werd verzorgd door Mevr. Ilse Bontinck (CeBCO) en was gericht op jonge ouders. Het werd een boeiende avond niet alleen omwille van de inhoud van deze vorming maar zeker ook omwille van de warme, enthousiaste spreekster. In haar begroeting stelde ze al op voorhand duidelijk dat zij geen wondermiddelen te brengen had. Ze zou het over zaken hebben waarvan iedereen zegt ‘Ja dat ken ik , ja dat doe ik ook (soms)…’ De avond was heel praktisch opgevat met tal van sprekende voorbeelden waarbij Mieke (een pop) een zeer centrale rol speelde. We brengen hierna verslag uit met dank aan Mevr. Bontinck voor de noties die we mochten aanwenden. MISC is geen methode maar een benadering. Het doel is kinderen intelligenter en sociaal competenter te maken. Het middel daartoe is een bijzondere opvoedingsstijl: de mediatiestijl. Mevr. Bontinck stelde als doel voor deze vormingsavond een inleiding op MISC. Dit te laten zien en begrijpen hoe een goede opvoeder het kind alles kan aanreiken om boven zijn eigen mogelijkheden uit te stijgen. Wie echter een receptenboekje verwacht zal bedrogen uitkomen. 1.Inleiding Opvoeden is een proces dat voortdurend plaatsgrijpt. Reeds voor de geboorte voedt de moeder haar kind op bijv. door een gezonde levenstijl er op na te houden. Stress die de moeder periodisch ondervindt is vaak terug te vinden op hetzelfde tijdstip als het huiluurtje van het kleintje. Ontwikkelen doen we in stappen. 1.Voor de geboorte is het kindje gerust en beschermd maar toch kan het ook onrustig zijn als mama heel druk bezig is, als het eten niet goed verteerd, als mama zich per ongeluk stoot … Maar over het algemeen is het er lekker warm en rustig. 2.Na de geboorte is het eigenlijk aan het kind zelf om verder te ontwikkelen met zijn eigen mogelijkheden. Hoe komt het dat twee kinderen met min of meer dezelfde mogelijkheden toch totaal verschillend ontwikkelen. Het verschil zit hem niet in de mogelijkheden, niet in het aangeboden materiaal maar in de interactie. En deze interactie is de rode draad in de benaderingswijze volgens Pnina Klein, de MISC aanpak. Om maximaal te ontwikkelen gaan we het kind helpen. Door zijn gevoelens te helpen dragen, herkennen en benoemen, door te weten waarom hij weent of te genieten als hij er zalig bij ligt! Door te knuffelen en te praten en te lachen. Door te koesteren en toch los te laten. Ons kindje zal groot worden in verschillende stappen. Daarbij is het benoemen, de taal zeer belangrijk!

1

Deze afkorting staat voor More Intelligent and Sensitieve Child

Vanthomme Jan

Pagina 5


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

Het kind moet zich kunnen hechten aan een vertrouwde persoon om zo veiligheid te ervaren. We helpen het kind op die manier te vertrouwen. Zo leert de baby kijken en anderen ontmoeten vanuit zijn veiligheid. Zodat hij/zij leert omgaan met anderen en sociaal- communicatief wordt. Het kind moet een basisgevoel aan veiligheid ontvangen om van daaruit zijn wereld te durven verkennen. Het kind moet leren dat we hem/haar begrijpen en wij moeten er voor zorgen dat het kind ons begrijpt. Jonge kinderen leren weinig uit zichzelf. Het is aan de omgeving om kinderen leermomenten aan te bieden. Daartoe moeten we als opvoeder (ouders, onthaalouder, kinderverzorger‌) openstaan voor het kind en zijn omringende wereld. We zijn gevoelig (sensitief) voor wat er gebeurt en grijpen dit aan om dit naar het kind te vertalen. (responsief) . De taal is hierbij zeer belangrijk Leren is een actief proces en mediatie is de gevoeligheid om het moment te kiezen wanneer er kan geleerd worden . Het is eveneens een actief proces, het is een kwalitatieve interactie tussen opvoeder en kind.

2. Wat is MISC ? MISC is een benaderingswijze om via gepaste interactie de kinderen te helpen in hun ontwikkeling. Professor Pnina Klein van Israel is de grondlegster van deze aanpak. Misc is een letterwoord dat op twee dingen slaat: 1. We willen het kind intelligenter (cognitief sterker) en sensitiever (gevoeliger) maken voor wat de wereld rondom het kind te bieden heeft. We willen het kind bewuster maken en sociaal vaardiger maken. Daarvoor is emotionele stabiliteit nodig om cognitief te ontwikkelen 2. De opvoeder (ouder, onthaalouder, verzorgende ...) staat niet vrijblijvend in relatie met het kind. Hij/zij engageert zich om het kind te stimuleren in zijn denkontwikkeling. De opvoeder is de filter die het kind toelaat om zijn wereld beter te leren kennen. De ouder geeft betekenis aan wat er gebeurt met het kind. De opvoeder prikkelt de leergierigheid zodat het kind zijn eigen capaciteiten maximaal kan ontwikkelen. De opvoeder kan het verschil maken voor het kind door een lerende omgeving te creĂŤren, door te benoemen, door te verklaren. 3. MISC de Basis MISC is een mentaal dieet. x Laat zien dat je van je baby houdt. Liefde is het vertrekpunt. De baby voelt dat hij/zij er mag zijn. Geef je warmte door, letterlijk maak lichamelijk contact. x Geniet van je baby en laat zien dat je gelukkig bent . x Herken de signalen van je baby en beantwoordt het gedrag. Hoe vlugger je op jonge leeftijd reageert hoe vlugger je ze troost, hoe beter je ze leert wachten. Liefde opent de deur voor het leren. Maar liefde bepaalt niet wat er door die deur binnenkomt en hoe?

Vanthomme Jan

Pagina 6


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

4.MISC is een interactie van een bijzondere kwaliteit. Je hoeft geen speciale opleiding te volgen om op een bijzonder wijze in interactie te staan met je kind. Hier volgen enkele eenvoudige stappen om je kind de kans te geven op een goede ontwikkeling. Stimuleren volgens MISC is geen kunstmatig opgedrongen opvoedingsstijl. Het is veeleer een natuurlijke houding zoals het vroeger gebeurde en zoals het nu nog altijd gebeurt als we tijd maken voor ons kind. Als we tijd maken, kan ons kind ook vragen stellen. Als we tijd maken kunnen we tot wederkerigheid komen, tot interactie en kunnen we communicatieketens opbouwen. We gaan ping-pong spelen met ons kind en elk om beurt zoveel mogelijk beurten nemen. Ontwikkelen doe je niet alleen. Er is: x interactie met mensen x interactie met de omgeving x culturele kwaliteiten x stappen binnen de ontwikkelingsdomeinen We zien nog allemaal de beelden uit Roemenië en recent uit Bulgarije van verwaarloosde kinderen Om te ontwikkelen moeten we aanwezig zijn voor ons kind, tijd hebben en maken. We moeten ons kind tevens de kans bieden om met andere mensen in contact te komen. Ons kind is niet exclusief . Ander mensen helpen mee aan het opvoedingsproces. Ons kind is niet ons eigendom! Voor elk kind in onze maatschappij gelden ongeveer dezelfde culturele kwaliteiten maar tegenwoordig komen we meer en meer in aanraking met andere culturen en gelden er soms binnen dezelfde maatschappij al andere culturele kwaliteiten waar we in onze rol van opvoeder moeten rekening mee houden. Zo werd een Ethiopische kleuter eens doorverwezen voor onderzoek naar autisme omdat er een probleem was met het oogcontact. Maar in Ethiopië wordt van een 5 jarige verwacht dat hij een volwassene niet in de ogen kijkt! Sommige ouders willen dat hun kind braaf is en luistert, anderen willen juist dat het voor zichzelf kan opkomen en zijn plan trekt! Dit zijn ook culturele verschillen. En natuurlijk hangt de ontwikkeling en de interactie ook af van de stappen die het kind zet in zijn natuurlijke ontwikkeling. De manier waarop we met een kind omgaan moet aangepast zijn aan zijn leeftijd en groei. 5.De MISC benadering Deze aanpak is gebaseerd op het werk van Prof.Reuven Feuerstein. Hij ontwikkelde een theorie waarbij hij beschreef hoe je kinderen en volwassenen kan stimuleren in hun ontwikkeling. Daarin onderscheidt hij 12 kenmerken in zijn mediatiestijl. Pnina Klein nam 5 van die kenmerken en vertaalde deze naar het jonge kind toe. z z z z z

aandacht richten – vasthouden en wederkerigheid (focusing) zingeving (affecting) uitbreiding (expanding) bekwaamheidsgevoel=aanmoediging (rewarding) gedragsregulering = organiseren en plannen (regulation of behaviour)

Vanthomme Jan

Pagina 7


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

5.1. aandacht richten (focusing) de nood van het kind om duidelijke informatie te krijgen. Met onze zintuigen staan we open voor de wereld rondom ons. Een baby ervaart al bij de geboorte een tsunami aan prikkels. Het bieden van veiligheid en warmte zijn heel belangrijk om het kind te laten deelnemen aan deze wereld. Het kind heeft van nature uit een honger naar prikkels. Maar indien we betekenis willen bieden aan die prikkels gaan we als volwassene met een duidelijk doel voor ogen de info gaan filteren. We richten de aandacht op hetgeen we willen dat het kindje ervaart. We zorgen ervoor dat het kind bewust is dat je met hem/haar bezig bent. We laten het kind merken dat we er zijn en gaan dan de zintuigen aanspreken. We bieden geen ballast aan en letten op de wederkerigheid (de reacties van het kind). Reageert het kind op onze aandacht of de aandacht die we richten? Is er enthousiasme te zien? Dan kunnen we door gaan. In focussen gaat het erom dat de opvoeder en het kind op elkaar afgestemd zijn. Trek de aandacht van het kind. Als je met het kind over iets uit zijn omgeving wil praten zorg dan dat dit voorwerp het gezichtveld van het kind raakt. Benome wat je ziet en kijk of het kind reageert bijv. met een grijpen, een lachje ... sleutelwoorden: Kijk... Zie... Toon... Voel eens ... 5.2. zingeving (affecting) de nood van het kind om zinvolle ervaringen op te doen. Indien we de zintuigen van het kind prikkelen maar verder niks doen, zal de prikkel snel verdwijnen. We brengen zin aan bij de prikkel. We verlenen betekenis zodat wat het kind ziet, hoort of voelt uitstijgt boven de andere omringende gewaarwordingen. Het is een waarden-opvoeding! De dingen worden waardevol voor het kind. We bezorgen het kind een “Wow-effect” Wees zelf overtuigend en toont enthousiasme. Selecteer wat je wil accentueren. Niet overdrijven. Niet alles is “Wow” Wie overdrijft wordt zelf al snel achtergrond! “Waaw heb jij deze tekening gemaakt?” (wees eerlijk en zeg niet wat een mooi hondje dat is als het er helemaal niet op lijkt) “En zoveel kleurtjes ! Blauw, rood en groen (benoem de kleuren)”. Nog een voorbeeld:”Kijk eens wat een lekker eten. Mama eet dat graag hoor! Kijk mama neemt een grote hap. Wil jij ook een grote hap?” Dingen hebben een naam, ook voor jonge kinderen. Pak het maar wordt beter vervangen door “pak het blokje maar - of rode autootje / zet het hier - of zet het op de tafel. Het is prettig voor het kind als de bedoeling en de reden aangegeven worden “Trek je jasje aan, want buiten regent het!” Zo leert het kind zinvolle ervaringen opdoen. Het zal vanuit de opvoeding ook cultuurgebonden waarden meekrijgen en dit trekt zich door tot in de puberteit en later. Zin geven aan dingen of handelingen zorgt dat de activiteit beter volgehouden wordt. sleutelwoorden: glimlachen, verbazing, stemvariaties, opwinding delen...

Vanthomme Jan

Pagina 8


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

5.3.Uitbreiding (expanding) de nood van het kind om verbanden te leggen. Als we “kijk, wow” zeggen blijft dit alles in een klein pakketje zitten. Alles verdwijnt in een schuifje. Wat we moeten doen is die ervaringen die het kind opdoet samenbrengen. Er is een verbinding nodig tussen die schuifjes om het geheel te kunnen zien. We moeten verbindingen, relaties creëren. Daartoe moeten wij in onze interactie met het kind een aantal handelingen stellen: x Wij gaan verder dan de concrete situatie “Weet je wat mijn mama deed als de soep te warm was? Ze blies. Maar jij hebt toch ook al geblazen? Weet je nog op je verjaardag. Wat stond er op de taart...” Wij verbinden met verleden, toekomst en maken een transfer (bijvoorbeeld de blaadjes aan de bomen... Kijk een blad - is van een boom gevallen - van welke boom? Dat is een eik - zie je eikels - die groeien ook aan die boom - wie eet er eikels? - varkens …… wat doet een varken….. Uitbreiding zorgt ervoor dat het kind verder kijkt dan het hier en nu en zijn mentale niveau overstijgt. Ook jonge kinderen kunnen dat al en leren zo het concrete los te laten om abstracter te gaan denken Het kind zal leren vragen stellen om te zoeken wat er achter het gewone zit. x

Wij bezorgen de kinderen een voorraad die je zelf terug krijgt als ze later zelf aan een ander vertellen en wat jij gezegd hebt. Op die manier gaat het kind nadenken, zichzelf overstijgen , gaat het zijn verstand ontwikkelen, gaat het taal gebruiken .

sleutelwoorden: benoemen, vragen stellen hoe komt dat ..? waarom? 5.4 Bekwaamheidsgevoel=Aanmoediging (rewarding) de nood van het kind om te slagen. Veel van wat onze kinderen doen, vinden we normaal. We vergeten zo vaak om de kinderen daarom te prijzen. Als iemand zijn jas mooi aan de kapstok hangt, vinden we dit al snel gewoon. Bekwaamheidsgevoel stimuleren houdt 4 zaken in: aanmoediging – waardering – verklaring en succeservaringen bieden. Bijvoorbeeld: Mama heeft net de living gedweild. Ziet dit niet als ‘normaal’ dat de kinderen hun schoenen uittrekken bij het binnen komen. “Ik heb ons huis gepoetst want straks hebben we bezoek! Trek maar de schoentjes uit bij het binnen komen.”... wat later...”Ik ben blij dat je de schoentjes hebt uitgetrokken, want nu is de vloer niet vuil!” Een opvoeder die dit toepast gaat niet zomaar belonen maar gaat zijn tevredenheid uitdrukken over het handelen van het kind en vertellen waarom hij zo tevreden is. Als een kind bij het shoppen, jou herinnert dat we nog yoghurt moeten kopen kan je dit aangrijpen om erop te wijzen dat hij een goed geheugen heeft, dat jij het zelf vergeten was en dat hij je daardoor flink geholpen hebt. Je stimuleert het kind niet alleen je laat ook zien dat jij maar een ‘gewoon’ mens bent die niet alles weet (coping-model).

Vanthomme Jan

Pagina 9


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

Zet positief gedrag dik in de verf. Wie van jongs af aan positief gedrag in de kijker stelt vermindert de kans dat een kind op een negatieve wijze aandacht zoekt. Een kind dat het gevoel heeft dat het de situatie zal aankunnen, start gemakkelijker - ook al moet het nog leren. Een kind dat onderuit gehaald wordt in het geloof in eigen kunnen, gaat geen moeite meer doen. Maar let op dat je niet overdrijft en niet zomaar dingen goed vindt die het niet zijn, of zonder verklaring want dat is te gemakkelijk! sleutelwoorden: bravo! goed gedaan! Dat vind ik fijn! Dat is goed want daardoor ...

5.5 gedragsregulatie - organiseren en plannen (regulation of behaviour)

de nood van het kind om controle over zijn impulsen te krijgen.

Hier gaat het om denken vooraleer te doen; analyse van de activiteit, doelgericht werken. Planning is hier het toverwoord. De kunst is het kind zelf te laten ontdekken hoe iets plaatsvindt. Samen met het kind vooruitlopen op handelingen, activiteiten. We beladen het kind niet met richtlijnen of instructies. Hiervoor is het nodig om eerst te denken en dan te doen. Het kind leert ook dat een activiteit niet mislukt omdat hij het nog niet aankan maar misschien omdat hij het verkeerd plande en met een nieuwe strategie het wel tot een goed einde kan brengen. Enkele voorbeelden kunnen zijn: • Indien het kindje eerst zijn schoentjes aan trekt en daarna zijn broek heb je misschien de neiging om direct de activiteit over te nemen. “Neen zo moet je dit niet doen, eerst je broek en dan ...” Op die wijze ontneem je de kans aan het kind om zelf een oplossing te zoeken en bovendien krijgt het kind daardoor het gevoel dat het dit niet kan. “Dat is moeilijk! Hoe zou dat komen? De broek is smal wat zou je kunnen doen? “ Hiermee zet je het kind aan tot denken. En er is veel kans dat het zelf de oplossing vindt. Je zal merken dat het in de toekomst sneller zal doorhebben dat je eerst je broek moet aantrekken dan als je het zelf zou voorgezegd hebben! • Bij de zindelijkheidstraining verbieden we het kind van niet in zijn broekje te plassen. Eigenlijk willen we dat het kindje op zijn potje gaat en plast. Dat is dan ook wat we willen leren. • “Kijk eens! Mama heeft lekkere boterhammetjes gesmeerd. Mmm dat zal smaken.“ Waarschijnlijk zat je ukje in de living terwijl jij in de keuken de boterhammen smeerde. Laat het kind zien hoe je dit doet, vertel erbij en laat het kind zo merken wat de deelhandelingen zijn achter een boterham met smeersel. sleutelwoorden: eerst...dan ...wanneer...hoe ... waarom ....

Vanthomme Jan

Pagina 10


Aan(ge)dacht

nummer 24

september 2008

6. Enkele hints Veel wat hierboven beschreven werd is wellicht niet nieuw voor onze lezers. Het is goed om er aan herinnerd te worden hoeveel mogelijkheden we als opvoeder hebben om in onze relatie met het jonge kind dat ietsje meer te doen wat de cognitieve en emotionele ontwikkeling een duw kan geven. Uiteraard laten we zien dat we ons kind beminnen. We nemen onze verantwoordelijkheid en bieden ons kind voldoende tijd. Laat zien dat je van je kind houd , dat het de moeite waard is ... Om de vijf kenmerken van de mediatie te kunnen toepassen geven we tot slot nog enkele vraagjes als een soort checklijst. aandacht richten – vasthouden en wederkerigheid (focusing) o Weet mijn kind wat ik van hem verwacht? o Klopt mijn lichaamstaal met mijn verbale boodschappen? o Weet ik wat mijn kind interesseert? zingeving (affecting) o Ben ik enthousiast voor wat ik echt belangrijk vind? o Toon ik mijn gevoelens aan mijn kind? o Noem ik de dingen bij hun naam? o Toon ik verwondering voor de dingen om me heen? o Zeg ik voldoende waarom ik dingen doe of zeg? uitbreiding (expanding) o Mag het kind meer doen dan alleen kijken en luisteren? o Vertel ik meer dan hetgeen direct te zien is? o Verklaar ik wat er gebeurt - gebeurd is? o Zet ik het kind aan tot vergelijken? bekwaamheidsgevoel=aanmoediging (rewarding) o Geef ik eerlijke complimentjes? o Toon ik blijdschap als het kind succes kent? o Beseft het kind waarom het succes heeft? o Zoek ik naar wat goed is in het handelen van mijn kind? gedragsregulering = organiseren en plannen (regulation of behaviour) o CreÍer ik een rustige sfeer? o Heb ik oog voor een goede start? o Kan ik bijsturen zonder de activiteit uit handen te nemen? o Praat ik met mijn kind over de deelstappen? o Hoe zorg ik dat het kind doelgericht bezig blijft? Gras groeit niet als je eraan trekt.

Wie deze spreekbeurt van Ilse Bontinck wil boeken mailt naar info@cebco.be . duur 2 uur doelgroep: ouders, opvoeders van het jonge kind

Vanthomme Jan

Pagina 11


nieuwsbrief aan(ge)dacht 24