Page 1

Fietsroute

Wandelroute

Den Helder maritieme stad 1


Om te onthouden Route A Zeewering en haven het Nieuwe Diep

Inhoud

Route B Stelling en vestingwerken Den Helder Route C Werf van uitrusting te Willemsoord Route D Stadsuitleg Den Helder Route E Stadshart Den Helder Extra oplettendheid is geboden op gedeelten van de routes die niet van fietspaden zijn voorzien en/of waar eenrichtingverkeer geldt!

Wandelroute

Fietsroute

Horeca

4

Introductie

A

Route

Zeewering en haven het Nieuwe Diep Zeewering en kustdorp Helder Haven het Nieuwe Diep Noord-Hollands kanaal

6 8 12 16

B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder Buitenveld / Koegras

20 28

C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

34

D/E Routes Stadsuitleg en stadshart Den Helder

46

54

Musea en andere publieksattracties op de routes

Parkeerterrein

i Monument

2

Museum

Bijzonder uitzicht

informatiepunt

3


Introductie Door de aanleg van forten en linies ontstond een stelling voor de verdediging van de nieuwe marinewerf Ruim 200 jaar geleden besloot de Franse keizer

Uitleg iconen

Napoleon Bonaparte tot de aanleg van een goed beschermde marinebasis bij het huidige aan drie zijden door de zee omsloten Den Helder. Aan de zijde van de Waddenzee lag toen al de unieke getijdehaven het Nieuwe Diep. Een stenen dijk bood bescherming tegen de Noordzee.

Willemsoord. De aanleg van het Noord-Hollands kanaal gaf Amsterdam via het Nieuwe Diep een rechtstreekse verbinding met de zee. In 1845 woonden en werkten circa 9.000 mensen in Den Helder. Enkele jaren later werd het Nieuwe Diep een belangrijke handelshaven en in 1876 telde Den Helder 22.000 inwoners. De opening van het Noordzeekanaal maakte weliswaar een einde aan de handelsvoorspoed, maar Den Helder werd steeds belangrijker voor de marine. De zeevisserij voegde nieuwe inkomstenbronnen toe. In 1900 woonden ongeveer 25.000 mensen in de stad. Tijdens de Tweede Wereldoorlog leed Den Helder grote schade door bombardementen en door afbraak op last van de bezetter. De naoorlogse terugkeer van de marine was de reden voor de aanleg van een nieuwe haven en een nieuw werfcomplex op het wad. Olie en gas uit de Noordzee brachten meer civiele scheepvaart en kennisinstituten. Het gemeentebestuur zorgde voor nieuwe woonwijken tot buiten de grenzen van de stelling. De stad had in 2015 ongeveer 56.000 inwoners. De forten van de stelling en het oude Willemsoord hebben inmiddels de oorspronkelijke functie verloren en kregen een nieuwe bestemming. Deze gids en de bijbehorende routekaart wijzen de weg voor een nadere kennismaking.

4

5


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

9,5 kilometer 40 minuten

2.00 uur

Route op afspraak

Marsdiep

03

02 05

04

* * * * * * * * * * * * * * * * * *

er

Kaaphoofd

de

Ou

02

Koninklijk Instituut voor de Marine

Nieuwe Haven

tN

01

06

06

He

Monument Reddingwezen

Stadshart

ld He

Fort Harssens

iep

eD iew

07

Huisduinen

01

Visbuurt

07

en av

nh ne

in

B

Vuurtoren ‘Lange Jaap’

08

Loodskantoor Fort Kijkduin

N H

rd oo ands Kanaal oll

6

7

Fort Dirksz Admiraal


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep Een glooiende natuurstenen

dijk bracht omstreeks 1750

Zeewering en kustdorp Helder

de aanhoudende kustafslag bij het dorp Helder tot staan.

Een glooiende natuurstenen zeedijk bracht omstreeks 1750 de aanhoudende kustafslag bij het dorp Helder tot staan. Het strand voor het dorp was toen al verloren gegaan. De aanleg van deze Grote of Kapitale Helderse zeewering was de ingrijpendste en duurste waterstaatkundige ingreep die ooit in Nederland had plaatsgevonden. Ook daarna was er blijvend kostbaar onderhoud noodzakelijk. De langs de kust lopende stroomgeul het Schulpengat werd steeds dieper en bij storm schoof stortsteen in de diepte. Vanaf de tweede helft van de 19e eeuw moesten rechtstandig geplaatste basaltzuilen uitkomst bieden. Het door de zeedijk beschermde dorp Helder en het nabij gelegen Huisduinen telden aan het einde van de 18e eeuw ongeveer 2500 inwoners. Zij leefden van onderhoudswerk aan de dijk, visserij, walvisvaart en dienstverlening aan de scheepvaart. Door de belangrijke handelsfunctie van Amsterdam voeren gedurende de gehele 18e eeuw jaarlijks 1000 tot 1600 koopvaardijschepen het Marsdiep binnen. Voor de met vletten bedreven kustvisserij was het vroege voorjaar belangrijk wanneer de haring naar de paaiplaatsen in de Zuiderzee trok. In 1927 werd tegen stormvloed een keermuur op de zeedijk geplaatst. Door de aanleg van de Afsluitdijk verdiepten de geulen naar het Marsdiep zodanig dat de zeedijk na 1932 tot bij Huisduinen moest worden doorgetrokken. De Duitse bezetter plaatste tijdens de Tweede Wereldoorlog bunkers en andere militaire versterkingen in de zeedijk. Na de watersnoodramp van 1953 werd de zeedijk tot voorbij Huisduinen doorgetrokken. Vanaf 1968 wijzigde het dijkprofiel door de gefaseerde verzwaring en -verhoging tot 12,80 NAP in het kader van het Deltaplan. Nog steeds vindt elke drie jaar aanvulling van de steenstort plaats om te voorkomen dat het talud te steil wordt.

8

9


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

Nationaal monument Reddingwezen

01 Vuurtoren ‘lange Jaap’ Vuurtoren ‘Lange Jaap’ bij het dorp Huisduinen werd de hoogste van 12 gietijzeren 19e eeuwse torens langs de Nederlandse kust. De 16-kantige toren uit 1878 nam de taken over van de uit 1822 daterende stenen toren op fort Kijkduin. De meer dan 1000 gietijzeren platen van de 63,45 meter hoge ‘Lange Jaap’ werden ter plaatse met bouten in elkaar gezet op een fundering

De Haaksgronden was het grootste schepenkerkhof

voor zeilschepen

langs de

Nederlandse kust.

van 249 palen. Het in 1903 in de toren geplaatste draaiende optiek gaf het sterkste verkenningslicht aan de Nederlandse kust. In aanvulling op het licht van de toren werd in 1890 een lichtschip uitgelegd ten westen van de Haaksgronden, het samenstel van geulen en zandbanken in de toegang tot het Marsdiep. Dit lichtschip met de naam Haaks en later Vuurtoren

Texel werd in 1992 voor de laatste keer binnen gehaald.

‘Lange Jaap’

02 Monument Reddingwezen De Haaksgronden was het grootste schepenkerkhof voor zeilschepen langs de Nederlandse kust. Tijdens een zware storm in 1824 strandde het fregat ‘De Vreede’ nabij fort Kijkduin. Het verdrinken van vrijwel alle vrijwillige redders werd de aanleiding

02

voor de oprichting van het georganiseerde reddingwezen in Nederland. Huisduinen kreeg een reddingstation dat in 1888 werd verplaatst

ongeveer 500 mensenlevens. Het Helden der

naar een boothuis op de Helderse zeewering. De toenemende scheep-

Zeefonds ‘Dorus Rijkers’ voor behoeftige redders

vaart van en naar het Nieuwe Diep leidde in 1864 tot de stationering

kreeg zijn naam evenals de eerste in 1923 in ge-

van een tweede roeireddingboot in de haven. Voor een redding werd deze boot door een stoomsleepboot naar de Haaksgronden gebracht.

10

01

bruik genomen motorreddingboot van Den Helder. In 1935 wijdde koningin Wilhelmina in Den Helder

De heldendaden van de redders uit Huisduinen en Den Helder werden

het nationaal monument van het Nederlandse

legendarisch. De beroemde Theodorus Rijkers (1847-1928) redde

Reddingwezen in.

11


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

Paleiskade in het afgedamde Nieuwe Diep

Haven het Nieuwe Diep Vanaf 1781 werd de waddengeul het Nieuwe Diep ten oosten van het dorp Helder uitgebaggerd en met een leidam van het wad gescheiden. Met behulp van een vangdam hield de krachtige ebstroom voortaan een unieke getijdehaven op diepte zodat volledig uitgeruste oorlogsschepen konden overwinteren in het ongeveer 100 meter brede Nieuwe Diep. Vanaf 1792 vonden scheepsreparaties plaats in een ruitvormige kielplaats, het Nieuwe Werk. De havendijk aan de landzijde van het Nieuwe Diep werd in 1815 opgeworpen. De benodigde grond werd gegraven uit het kanaal dat in 1836 geschikt werd gemaakt als binnenhaven. Het NoordHollands kanaal verbond het Nieuwe Diep vanaf 1824 met de Amsterdamse haven. Tot 1851 bleef het verboden om aan het Nieuwe Diep te lossen en te laden, maar daarna bracht de koopvaardij alsnog voorspoed. De groei van de handel leidde in 1857 tot het in gebruik stellen van een nieuwe sluis naar het Noord-Hollands kanaal. In 1865 opende de spoorlijn naar Alkmaar. Goederen konden in een nieuwe spoorweghaven worden overgeladen. De koopvaardij verliet de haven na de opening van het Noordzeekanaal in 1876, maar de marine breidde geleidelijk uit. Ook het belang van de zeevisserij nam toe en het Nieuwe Diep was zelfs enige tijd de grootste Nederlandse visafslag. Vanaf 1950 begon de aanleg van een nieuwe marinehaven met een nieuwe marinewerf op het wad direct ten oosten van het Nieuwe Diep. De verbinding van de afgedamde voormalige getijdehaven met de zee ging voortaan via de Nieuwe Haven. De oude kades, sluizen en een deel van de bebouwing aan het Nieuwe Diep moesten na 1973 wijken voor de verhoging van de havendijk. Nieuwe moderne kades werden afgestemd op de visserij en de offshore-industrie.

Bedrijvigheid Nieuwe Diep omstreeks 1915

In 1985 werd een nieuwe sluis naar het Noord-Hollands kanaal in gebruik genomen.

12

13


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

Paleis aan het Nieuwe Diep

03 Fort op de Harssens In 1879 begon de bouw van een afgerond driehoekig pantserfort met een droge gracht op de zandplaat De Harssens aan de monding van het Nieuwe Diep. De fundering bestond uit 2000 palen van 11 meter lengte. Havenverkeerstoren

De in Nederland ongekend zware 30,5 cm Krupp-kanonnen hadden een dracht van zeven kilometer en waren paarsgewijze in twee gietstalen koepels geplaatst. Door de luchtdruk van de in 1885 geloste proefschoten sneuvelden de ramen aan de overzijde van het Nieuwe Diep. Voor de kustverdediging had het fort in 1926 afgedaan. De koepels en de kanonnen werden tijdens de Tweede Wereldoorlog verwijderd. In 1957 werd de droge gracht volgestort en vond er sloopwerk plaats voor de bouw van de havenverkeerstoren op het fort die in 2010 het huidige uiterlijk kreeg. De ondergrondse verblijven van het fort zijn nog in tact en toegankelijk gemaakt. De droge gracht is gedeeltelijk uitgegraven.

04 Veerhaven Texel

Terminal

Uit onvrede met de bestaande veerdienst ontstond in 1907 een eigen

03

Texelse veerdienst. De 3650 aandelen in Texels Eigen Stoomboot Onderneming TESO waren voornamelijk in

05

veerhaven van de TESO

04

handen van Texelse inwoners en vanaf 1909

05 Paleis

bezat TESO het monopolie in de veerdienst.

Het neoclassicistische Directiegebouw van de Rijkswerf Willemsoord kwam

De afvaart uit Den Helder vindt sinds 1964

in 1826 in gebruik voor woon-, kantoor- en logementfuncties.

plaats vanuit de terminal in de afgedamde

Vanwege het voorname aanzien werd de naam Paleis al snel gangbaar.

monding van het Nieuwe Diep. Jaarlijks

Tot de ingebruikneming van de havenverkeerstoren op het fort Hars-

vervoert TESO 3,5 miljoen passagiers en

sens fungeerde het dak van het Paleis als sein- en uitkijkpost. In 2006

1,4 miljoen auto’s.

werd de oorspronkelijke Engelse landschapstijl van de voortuin hersteld. Tegenwoordig is het Paleis een kantoorgebouw van de marine.

14

15


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

bestaande waterwegen inpaste. Het in 1824 geopende 80 kilometer lange kanaal was het grootste kanalenproject van koning Willem I. Veruit de meeste scheepsladingen moesten niettemin vanaf omstreeks 1865

06 Koninklijk Instituut voor de Marine Het hoofdgebouw van het Koninklijk Instituut voor de Marine dateert uit 1869. De architect Cornelis Outshoorn ontwierp eerder het Amsterdamse

in Den Helder worden overgeladen. De betekenis van het Noord-Hollands kanaal voor de zeevaart ging verloren bij de opening van het Noordzeekanaal.

06

Amstelhotel. In de voortuin van het Instituut staat een replica-mast van de gaffelkanonneerboot die Jan van Speyk in 1831 tot ontploffing bracht toen het in handen van Belgische opstandelingen dreigde te vallen.

08

07

07 Loodskantoor De sinds 1835 vanuit het Nieuwe Diep werkzame staatsloodsen betrokken in 1848 een in neoclassicistische stijl opgetrokken loodskantoor. Na de opening van het Noordzeekanaal kreeg het gebouw ook andere functies. Omstreeks de laatste eeuwwisseling vond restauratie plaats voor het automatiseringsbedrijf dat er tegenwoordig kantoor houdt.

08 Zeevaartschool De gemeentelijke Zeevaartschool verhuisde in 1902 naar de voormalige

Hoofdgebouw Koninklijk Instituut voor de Marine

loodsensociĂŤteit De Harmonie aan het Ankerpark. Op die plaats kwam in 1930 een nieuw schoolgebouw in de bouwstijl van de Amsterdamse school gereed. Het platte dak was bedoeld voor praktische lessen.

Voormalig loodskantoor

De restauratie, inclusief moderne aanbouw, werd in 2013 afgerond. Het maritieme onderzoekinstituut Imares betrok het gebouw in 2015.

Noord-Hollands kanaal Het Groot Noordhollandsch kanaal, tegenwoordig Noord-Hollands kanaal, moest uitkomst bieden voor de sinds de 17e eeuw verslechterde bereikbaarheid van Amsterdam. De in 1819 begonnen uitvoering stond onder leiding van de ontwerper Jan Blanken die zo veel als mogelijk

16

17


A

Route Zeewering en haven het Nieuwe Diep

Scheepvaart in het Nieuwe Diep Het Nieuwe Diep had in 1825 de primeur met de ‘Noord Holland’ als eerste Nederlandse zeesleper. Schoepenraderen zorgden voor de voortstuwing, maar de scheepschroef bepaalde na 1840 de toekomst van het zeegaande stoomschip. De marine hield nog lang vast aan de combinatie van stoomen zeilvermogen, maar vertrouwde na 1865 voor de kustverdediging op gepantserde ijzeren stoomschepen. Onder de 500 koopvaardijschepen die in 1870 inklaarden aan het Nieuwe Diep waren nog geen 200 stoomschepen. Het Suezkanaal bracht verandering. Tussen 1871 en 1879 was het Nieuwe Diep de thuishaven van de Stoomvaart-Maatschappij Nederland. IJzeren stoompakketboten onderhielden via het Suezkanaal een lijndienst met Nederlands Indië en vervoerden vracht, passagiers, en militairen voor het Indisch leger. Na de opening van het Noordzeekanaal werd het Nieuwe Diep belangrijk voor zeilende botters die op zee visten. De marine schafte torpedo’s en torpedoboten aan en moderniseerde omstreeks 1900 met pantserdekschepen en pantserschepen. Na de eeuwwisseling lieten de onderzeeboot en het vliegtuig zich gelden. De periode na 1920 bracht snelle stalen kruisers met stoomturbines naar het Nieuwe Diep. De Nieuwe Haven werd na de Tweede Wereldoorlog de thuisbasis van een omvangrijke vloot met een vliegdekschip en enkele grote kruisers als vlaggenschepen. De inkrimping van de marine begon na 1990 door het einde van de Koude Oorlog. Door gewijzigde visies bepalen amfibische transportschepen nu de skyline in de Nieuwe Haven. Bevoorradingsschepen voor de offshore-industrie domineren de scheepvaart in het Nieuwe Diep. De vissersvloot telt steeds minder schepen. In alle sectoren van de scheepvaart staat de verhoging van doelmatigheid, efficiëntie en veiligheid door automatisering en digitalisering centraal.

18

Stoomfregat Zr. Ms. Johan Willem Friso verlaat het Nieuwe Diep in 1896

19


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

11 kilometer 45 minuten

2.20 uur

Route op afspraak

Fort Harssens * * * * * * * * * * * * * * * * * *

02

Fort Erfprins

Fort Westoever

03 Fort Dirksz Admiraal

01 01

Fort Kijkduin

Fort Oostoever

H ands Kanaal oll

Fort Westoever

rd

02 03

oo

N

Fort Kijkduin

Fort Dirksz Admiraal

20

21


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

De aanleg van uitgebreidere

verdedigingswerken begon na de inlijving van ons land bij Frankrijk in 1810.

Met de toenemende betekenis van het Nieuwe Diep nam ook de aandacht voor de verdediging toe. Vanaf 1780 begon het herstel van verschillende oude kustbatterijen, maar de landzijde bleef vrijwel onbeschermd. De ontoegankelijkheid van de moerassige kwelders in het Buitenveld, het gebied ten zuiden van Den Helder, moest garant staan voor de veiligheid. Het geĂŻsoleerde kustdorp Helder en het Nieuwe Diep vielen echter zonder tegenstand in handen van een Engels expeditieleger dat in 1799 bij Groote Keeten op de kust landde.

Fort Erfprins is nog in Linie met remise

Ondanks de vrees voor herhaling duurde het nog tot

gebruik bij de marine

voor kanonnen

1803 voordat het kustdorp Helder aan de landzijde een omwalling met bastions kreeg. De uitvoering van

langrijke aan Verhuell toegeschreven verdienste was dat hij daarmee Den

uitgebreidere verdedigingswerken volgens plannen van de waterstaat-

Helder en het Nieuwe Diep behoedde voor verwoesting door de onder

kundige Jan Blanken en van de militair ingenieur Cornelis Krayenhof

zijn bevel staande Franse militairen. Na de in 1814 herwonnen Nederland-

werd vanwege de kosten aangehouden. De aanleg daarvan begon na

se zelfstandigheid werden de werkzaamheden aan de forten, grachten en

de inlijving van ons land bij Frankrijk in 1810. Vanwege de strategische

de verbindende linies hervat en omstreeks 1836 voltooid. In het bijzonder

ligging bezocht keizer Napoleon Bonaparte in 1811 onder andere Den

voor de kustverdediging bleef de door de Landmacht bemande stelling

Helder en Texel. Zijn persoonlijke inspectie leidde tot versnelling in de

van Den Helder gedurende de gehele 19e eeuw van groot belang.

aanleg van het Gibraltar van het Noorden. In de duinen ten zuiden van

22

Huisduinen werden twee forten aangelegd met de namen Falga en

In juni 1844 werd Den Helder opgenomen in de lijst van vestingsteden

Morland (later Kijkduin). In een ring op enige afstand ten zuiden van het

der eerste klasse. De Kringenwet van 1853 beperkte de mogelijkheden

Nieuwe Diep waren de forten Lasalle (later Erfprins), L’Ecluse (later Dirksz

tot bebouwing in de omgeving van de stelling. Na 1860 werden kanon-

Admiraal) en Gommier (later Oostoever) in aanbouw. De forten Morland

nen in hoog tempo zwaarder, krachtiger en nauwkeuriger. De stelling

en Lasalle werden eind 1813 in staat van verdediging gebracht toen

Den Helder werd gemoderniseerd door de verzwaring van aarden wer-

Russische en Pruisische troepen oprukten om het Franse garnizoen te

ken, de plaatsing van bomvrije bouwwerken en de gespreide opstelling

verdrijven. De Nederlandse commandant in Franse dienst Carel Hendrik

van geschut. Onder meer werd de thans verdwenen batterij Wierhoofd

Verhuell weerstond de druk tot overgave en gaf de stelling Den Helder

aan de westzijde van het havenhoofd in 1860 verbouwd tot een kustbat-

als laatste Franse bolwerk in Nederland pas na een half jaar op. Een be-

terij met zes geschutsopstellingen.

23


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

Vernieuwing Antiek kanon bij

Voor de bouw en versterking van de forten vonden nieuwe materialen

fort Kijkduin

ingang zoals brikkenbeton, cement gemengd met brokken baksteen. In het bijzonder met het oog op de kustverdediging werd de stelling Den Helder met prioriteit opgenomen in de Vestingwet 1874 en op grond daarvan verder versterkt en uitgebreid. Ter hoogte van het stadscentrum werd in 1874 op en tegen de zeewering een nieuwe Oostbatterij aangelegd. Fort Erfprins onderging tussen 1876 en 1878 een grote verbouwing voor de aanleg van een met Krupp-kanonnen uitgeruste kustbatterij. Het vaak met meters aarde gedekte metselwerk en brikkenbeton van de forten bleek omstreeks 1880 echter niet bestand tegen de verwoestende uitwerking van de brisantgranaat. Oplossingen werden gezocht in nieuw bouwmateriaal zoals cementbeton, mortel gemengd met steenslag of grind. Kanonnen werden opgesteld in gietstalen pantserkoepels. Tijdens de Eerste wereldoorlog bleken forten een te kwetsbaar doel, maar de stelling Den Helder bleef niettemin behoorlijk bewapend. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden Den Helder en de stelling als zelfstandig Verteidigungsbereich opgenomen in de Duitse Atlantikwall. In en om de stad werden honderden bunkers gebouwd. Na de oorlogsjaren was de militaire betekenis van de stelling Den Helder voorbij en in 1958 werd de status als vestingwerk opgeheven. De forten en de linie raakten in verval. Bij de vanaf 1968 uitgevoerde dijkverzwaring werden de batterij Wierhoofd en de Oostbatterij afgebroken. In 1989 werd Stichting Stelling Den Helder opgericht met het doel de forten en de linies voor de toekomst te behouden. De samenwerking met ontwikkelingsmaatschappij Zeestad heeft onder meer geleid tot het herstel van fort Kijkduin, fort Westoever en een gedeelte van de linie. Sinds 2007 geniet het gebied van de stelling Den Helder een aanwijzing als beschermd stadsgezicht. De afzonderlijke forten en het binnen de stelling gelegen complex van de voormalige Rijkswerf Willemsoord hebben alle de status van rijksmonument.

24

Kaart Stelling Den Helder omstreeks 1845

25


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

uit een kustbatterij en een tweede droge gracht. Op de fundering van de verwijderde vuurtoren werd in 1897 een vuurleidingtoren van brikkenbeton met een bijna 25.000 kilo wegende gietstalen pantserkoepel geplaatst. De Duitse Kriegsmarine legde na 1940 een laag beton op

01 Fort Kijkduin

het aardwerk rond de vuurleidingtoren. Vanaf 1989 liet Stichting

In 1811 werd op het Kijkduin ten zuiden van Huisduinen een fort gebouwd

Stelling Den Helder het fort vanuit een eigentijdse visie herstellen. In

met de naam van de Franse generaal Morland. Fort Morland bood bescher-

het reduit bevinden zich een zeeaquarium en een stellingmuseum.

ming tegen aanvallen door de duinen, maar de kanonnen konden ook richting zee vuren om de doorgang naar het Marsdiep te belemmeren.

02 Fort Westoever

Het onder de naam Kijkduin voltooide fort bestond uit een gemetseld

Het in 1830 opgeleverde fort Westoever was de helft van een dubbelfort aan

reduit (zelfstandig verdedigingswerk) met bastions, een droge gracht

het Noord-Hollands kanaal dat de toegang tot de binnenhaven verdedigde.

en een omwalling. Vanaf 1822 tot de ingebruikneming van ‘Lange Jaap’

Onder de naam fort Oostoever werd de andere helft enkele jaren later

in 1878 stond een 22 meter hoge bakstenen vuurtoren op het reduit.

gebouwd op de plaats van de in 1827 ontruimde kielplaats het Nieuwe Werk.

In 1879 kreeg fort Kijkduin het eerste Nederlandse torpedostation dat een in de vaarroute neergelegde mijnenversperring tot ontploffing

Beide forten ondergingen nadien moderniseringen. In 1864 werd

kon brengen. Latere uitbreidingen van het fort bestonden onder meer

direct ten noorden van fort Westoever de spoorweghaven in gebruik genomen. Vanaf 1880 werd het aardwerk van Westoever verhoogd en werden twee remises gebouwd. Het dak van de kazerne werd in 1896

Het reduit en de droge gracht van fort Kijkduin

met een 1 meter dikke betonlaag bomvrij gemaakt. De marine plaatste in 1957 een noodstroomdieselcentrale in de kazerne waar nu een biercafé met eten is gevestigd. Op het terrein van fort Oostoever werd in 1936 een opslagruimte voor zeemijnen gebouwd die

01

nu bij een schietvereniging in gebruik is.

02

Fort Westoever met op de voorgrond de spoorweghaven

26

27


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

Bij stormvloed drong

het zeewater vanuit de

Zuiderzee zelfs tot diep in het Buitenveld.

Buitenveld / Koegras Vanaf 1610 sloot een zanddijk het kustgebied tussen Huisduinen en Callantsoog af van de Noordzee. De aanstuiving van het duinlandschap aan de zeezijde van de dijk deed de rest. In het Buitenveld ten zuiden van Den Helder droogden de zandbanken, maar het bleef een moeilijk toegankelijk moerasachtig kweldergebied. Bij stormvloed drong het zeewater vanuit de Zuiderzee zelfs tot diep in het Buitenveld en dat vormde een bedreiging voor de stelling en de nieuwe marinewerf. Om die reden werd in 1817 tussen Den Helder en ’t Zand een kanaal gegraven en een dijk aangelegd zodat de Koegraspolder ontstond. Het kanaal langs de polder werd enkele jaren later opgenomen in het Noord-Hollands kanaal. De afgraving van de bovenste zandduinlaag maakte de grond in Het Koegras geleidelijk geschikt voor landbouw en veeteelt. Het afgegraven zand werd met schuiten door de Doggersvaart en het Noord-Hollandskanaal naar het Nieuwe Diep gevaren waar het als ballast in zakken werd verkocht aan koopvaardijschepen. De Nederlandse Staat verkocht de Koegraspolder in 1849 aan de Schiedamse zakenman mr. Pieter Loopuyt. Na diens dood in 1874 werd de polder opgedeeld. Het natuur- en kunstgebied De Nollen bij Den Helder is een restant van de oorspronkelijke binnenduinen in het Buitenveld. Landschap NoordHolland verrijkte de duinzoom in het natuurgebied MariÍndal bij Den Helder met lage duintjes, duingrasland en waterpartijen.

28

29


B

Route Stelling en vestingwerken Den Helder

Fort Dirksz Admiraal

03

03 Fort Dirksz Admiraal Den Helder werd tijdens de Tweede Wereldoorlog net als IJmuiden, Hoek van Holland en Vlissingen een Verteidigungsbereich in de Duitse Atlantikwall. De Atlantikwall moest de westkust van het door Duitsland bezette Europa bescherming bieden tegen aanvallen vanuit zee. Een Verteidigungsbereich zoals Den Helder beschermde een belangrijke haven en de toegang daartoe. Den Helder kreeg onder meer de beschikking over vier zware luchtdoelbatterijen met Flieger Abwehr Kanone, kortweg FLAK. Ze werden onder bevel van de Kriegsmarine geplaatst op de forten Erfprins en Dirksz Admiraal, aan de haven op de vangdam van het Nieuwe Diep en op de Mok op Texel. De FLAK van fort Dirksz Admiraal werden geplaatst in vier opstellingen boven op de kazerne uit 1825 in de keel van het fort. De kanonnen waren

FLAKopstelling fort Dirksz Admiraal

oorspronkelijk ontworpen voor plaatsing op schepen en hadden een bereik van meer dan 10 kilometer op luchtdoelen. De batterij op fort Dirksz Admiraal is een van de weinige nog complete opstellingen in Nederland. Een deel van de bijbehorende bunkers is in gebruik voor recreatieve en culturele doeleinden.

De FLAK van fort Dirksz

Admiraal werden geplaatst in vier opstellingen boven

op de kazerne uit 1825.

Museaal FLAK kanon

30

31


De Waddenzee en de

Noordzee ontmoeten

elkaar bij Den Helder.

32

33


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

2 kilometer 10 minuten

25 minuten

03 4

3

* * * * *

1

02-a/b

Nummer Naam/functie Gereed

Droogdokken

47

Stoommachinegebouw

1820

-

Droogdok (dok I)

1822

1

Magazijn1

1822-1827

28

Apotheek

1822-1827

29

Magazijn

1822-1827

52

Magazijn2

1822-1827

60

Magazijn (Smederij)

1822-1827

66

Mastenloodsen

1822-1827

4

Gebouw voor opslag licht

1826

04 28

03 Sloepenloods

29

ontvlambare stoffen (Torentje)1 30

3

Conservatiekappen kanonneer-

02-a

Dok I

1833

boten (Sloepenloods)

47

Nummer Naam/functie Gereed

51

56

Pomphuis

1859

-

Droogdok (dok II)

1866

52

02-b

56

ok

62

II

D

60

72

i

60f 63 60g

34

66

73

04

Nummer Naam/functie Gereed

Schorpioen

60f

Machinebankwerkerij (Kathedraal)3

1916

63

Ketelmakerij4

1920

62

Loods van Conservatie

1935

51

Scheepmakerswerkplaats5

1937

Nummer Naam/functie Gereed

01

73

Kuiperij

1948

72

Zeilmakerij, Takelaars

1949

30

Bureau Scheepvaart (Raadhuis)

1950

60g

Motorenwerkplaats6

1951

1 2 3 4 5 6

Marinemuseum Bezoekerscentrum Willemsoord Stadshal Schouwburg Bioscoop Nationaal Reddingmuseum Dorus Rijkers

35


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

Na een succesvolle proefdokking

in het droogdok werd

het etablissement in 1822

overgedragen aan de marine. Tijdens zijn bezoek aan Den Helder en Texel in 1811 bracht keizer Napoleon Bonaparte niet alleen versnelling in de aanleg van forten. Mede op advies van waterbouwkundige Jan Blanken besloot hij ook tot de aanleg van een arsenaal en een marinewerf aan het Nieuwe Diep. De in 1812 begonnen werkzaamheden werden aan de hand van een vereenvoudigd ontwerp vanaf 1814 voortgezet onder de regering van koning Willem I. De nieuwe werf van uitrusting werd bekend als Willemsoord. Jan Blanken maakte het ontwerp en kreeg ook de leiding bij de aanleg. Rondom het rechthoekige en symmetrisch ingerichte etablissement werd een werfkanaal gegraven. In het midden van het terrein kwam een ongeveer 300 meter lang bassin (natte dok) voor het herstellen van schepen. Het werfterrein werd opgehoogd met de uit het bassin en het werfkanaal gegraven grond. Aan de oostzijde werd het bassin door de Zeedoksluis in verbinding gebracht met het Nieuwe Diep. Op het werfterrein tegenover de Zeedoksluis werd een droogdok gegraven. Vanuit het bassin konden schepen door een dokkanaal naar de binnenhaven en het Noord-Hollands kanaal varen. Na een succesvolle proefdokking in het droogdok werd het etablissement in 1822 overgedragen aan de marine. Het ‘Groot Magazijn’ in de zuidoostelijke hoek en het stoommachinegebouw bij het droogdok waren als enige bouwwerken gereed. De verdere inrichting van het etablissement werd opgedragen aan bouwmeester Jacob Valk die tot 1827 magazijnen en werkplaatsen langs het werfkanaal liet bouwen en het Directiegebouw aan het Nieuwe Diep realiseerde. Als werf van uitrusting werden op Willemsoord met name masten, tuigage, zeilen en andere uitrustingsstukken vervaardigd voor de op de Rijkswerf te Amsterdam gebouwde schepen. In 1826 kwamen de werkzaamheden en het personeel van de opgeheven Rijkswerf te Medemblik naar Willemsoord. De kielplaats het Nieuwe Werk aan het Nieuwe Diep werd in 1827 buiten gebruik gesteld en ontruimd.

36

37


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

vervolgens restauratie van terreinen, dokken en historische gebouwen. Het Marinemuseum en het Nationaal Reddingmuseum zijn op het terrein gevestigd en er is een museumhaven. Een bioscoop heeft zich in de centraal gelegen voormalige scheepsbouwhal gevestigd en sinds

Infrastructuur

het najaar van 2015 zijn de voormalige ketelmakerij en de machine-

In organisatorische zin kreeg Willemsoord een onderdirectie in het

bankwerkerij in gebruik als schouwburg en stadshal De Kampanje.

hoofddepartement van de Zuiderzee waartoe ook de Rijkswerf te

Het bassin heeft een jachthaven.

Amsterdam behoorde. Vanaf 1843 werd Willemsoord door een zelfstandige directie geleid. Het belang van Willemsoord nam toe met de sluiting van de rijkswerven te Rotterdam in 1850 en te Vlissingen in 1868. Tussen 1859 en 1866 werden grote herstellingen aan de kades, sluizen en bruggen van Willemsoord verricht. Om grotere en volledig uitgeruste schepen te kunnen opnemen werd een tweede droogdok met een lengte van meer dan 110 meter gegraven. Een nieuw pompgebouw bediende

Het belang van

Willemsoord nam toe met de sluiting van de rijkswerven te

Rotterdam in 1850 en te Vlissingen in 1868.

voortaan beide dokken. Voor het onderhoud aan stoomschepen werd in 1861 een werkplaats tot herstelling van stoomwerktuigen ingericht en een ketelmakerij voor de reparatie van stoomketels gebouwd. Na afloop van deze tweede bouwcampagne duurde het tot 1916 voordat een nieuwe machinebankwerkerij verrees. Dit gebouw kreeg een hoog middenschip en lagere zijbeuken en stond bekend als de kathedraal. Tussen 1918 en 1920 werd aan de zuidzijde van de werf een nog hogere werkplaats voor stoomketels gerealiseerd. Na de opheffing van de rijkswerven te Amsterdam in 1915 en te Hellevoetsluis in 1933 resteerde alleen Willemsoord als marinewerf. Bij bombardementen in de Tweede Wereldoorlog liep de infrastructuur ernstige schade op waarbij onder meer het imposante arsenaal verloren ging. Door de verplaatsing van de marinewerf naar de Nieuwe Haven werd een groot deel van het terrein van Willemsoord in de loop van 1992 overgedragen aan de gemeente die het eigendom in Willemsoord B.V. onderbracht. Willemsoord sloot als het oudste operationele industriĂŤle complex in Nederland en in 1997 startte een ingrijpende sanering en

38

39


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

Jan Blanken

Jan Blanken (1755-1838) was als waterbouwkundige een autodidact die in 1787 een plan maakte voor een gegra-

01 Het verloren arsenaal

ven droogdok in Hellevoetsluis. Hij

In 1813 begon de bouw van een Groot Magazijn naar een ontwerp van

werd directeur van de in 1802 gestarte

Jan Blanken.

aanleg van dit met een stoommachine uitgeruste dubbele droogdok.

De 70 meter lange frontgevel van het trapeziumvormige Groot Magazijn stond aan het Nieuwe Diep. Vanwege de Engelse beschieting van

Tijdens bezoeken aan Parijs in 1803

Vlissingen in 1809 kreeg het gebouw een zware fundering en op de

en 1810 ontwierp hij plannen voor

begane grond 80 centimeter dikke muren. Achter het in 1815 voltooide

de aanleg van een marinehaven en een waterfort aan het Nieuwe Diep.

Groot Magazijn werden na 1822 vier magazijnen opgetrokken in de-

Blanken kreeg in 1808 de rang van inspecteur-generaal van het water-

zelfde sobere neoclassicistische stijl. Door de carrĂŠ-vorm werden ze

staatskorps en werd in 1812 belast met de realisatie van de marinebasis,

gezamenlijk bekend als het Vierkantje. Het complex was als arsenaal

een arsenaal, fortificatiĂŤn en een nieuwe stad aan het Nieuwe Diep.

bestemd voor zeil- en takelaarswerkplaatsen, bergplaatsen van voor-

Blanken sloot zich in 1814 soepel aan bij koning Willem I die hem

raadgoederen en kantoren. De gebouwen gingen tijdens de Tweede

handhaafde als inspecteur-generaal. Hij leidde de werkzaamheden op

Wereldoorlog verloren door bombardementen. De restanten werden na

Willemsoord tot 1822. Verder ontwierp en voltooide hij drie kanalen

de bevrijding verwijderd. De in 1953 opgetrokken nieuwe werkplaatsen

waar onder het Noord-Hollands kanaal en ontwikkelde hij het stelsel

werden in 2009 afgebroken.

van strandpalen, oplopend vanaf paal 0 bij fort Kijkduin. De autoritaire en eigenzinnige Blanken ging in 1826 tegen zijn zin met pensioen.

Het arsenaal ging verloren tijdens de Tweede Wereldoorlog

i 40

01 41


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

03 Sloepenloods De houten loods aan de noordzijde van Willemsoord maakte oorspronkelijk deel uit van een uit 1833 daterende rij van achttien geschakelde conservatiekappen.

02-a/b Droogdokken Het in 1813 gestarte graafwerk voor de pompput van het droogdok werd

De kappen waren bestemd voor de opslag van maximaal 36 gaffelkanon-

ernstig vertraagd door de opwaartse druk van het grondwater. De bouw

neerboten die met lieren over de hellingen op het droge onder de kappen

van het stoommachinegebouw en het uitgraven van de bouwput voor

werden getrokken. Vanwege de Belgische afscheiding bezat de marine in

het droogdok begonnen in 1817, en nog weer enkele jaren later volgde

de jaren na 1830 ruim 100 van deze kleine wendbare zeilscheepjes. Vanaf

het opmetselen van de zijmuren en de banketten.

omstreeks 1850 kregen de kappen geleidelijk andere bestemmingen en werd er onder meer onderhoud aan sloepen gepleegd. De kappen zijn

In 1822 vond de succesvolle proefdokking plaats met behulp van een in Engeland aangekochte stoommachine. Aanvankelijk poogde men het in 1849 onbruikbaar geworden dok te herstellen, maar een complete ver-

tegenwoordig in gebruik bij het Marinemuseum als werk- en opslagplaats.

03

nieuwing bleek noodzakelijk. De eerste succesvolle droogzetting in het meer dan 80 meter lange vernieuwde droogdok (dok I) vond plaats in 1861. Bij het graven van een tweede ruim 110 meter lang droogdok in 1857 was De houten

opnieuw sprake van overvloedig welwater in de bouwput. Het nieuwe

sloepenloods

dok werd niet op funderingspalen, maar op een houten vlot gebouwd en in 1859 voltooid. Al in 1860 bleek het vlot niet sterk genoeg om de druk van het grondwater te weerstaan waardoor het metselwerk scheurde. Als remedie werd ijzeren ballast van ruim twintig centimeter dikte aangebracht. Als eerste werd in 1866 een stoomfregat in het nieuwe dok (dok II) droog gezet.

Dok I

In 1866 werd een

02-a

stoomfregat in het nieuwe dok (dokII) droog gezet

02-b

Dok II met de werkplaatsen die nu schouwburg en stadshal zijn

42

k

Do

II

i

43


C

Route Werf van uitrusting te Willemsoord

Bruno Joannes Tideman

Marine-ingenieur Bruno Joannes Tideman (1834-1883) droeg in hoge

04 Pantserschip Schorpioen

mate bij aan het ontwerp en de bouw

Het museumschip Schorpioen behoorde tot de eerste ijzeren gepantserde

van de eerste gepantserde stoom-

stoomschepen voor de Nederlandse kustverdediging.

schepen voor de kustverdediging.

Het voormalige ramschip werd in 1867 in Frankrijk gebouwd en

Vanaf 1873 gaf hij leiding aan het

kende een vreedzaam bestaan. In de wintermaanden was het schip

korps marine-ingenieurs en in 1875

doorgaans opgelegd op Willemsoord. In 1907 werd de Schorpioen

besloot hij nog uitsluitend ijzeren

verbouwd tot logementschip en deed daarna nog tot 1971 dienst bij

marineschepen te bouwen. Tideman deed internationaal baanbrekend

de marine. Dankzij particulier initiatief werd het aanzien hersteld naar

onderzoek naar de weerstand van scheepsrompen, en maakte zich ook

de situatie van 1868. Sinds 1998 maakt het schip deel uit van het op

op andere wijze verdienstelijk voor de wetenschap en de scheepsbouw.

Willemsoord gevestigde Marinemuseum.

Hij wordt aangemerkt als de grondlegger van de moderne scheepsbouw in Nederland.

05 Schroefstoomschip 4e klasse Bonaire Zr. Ms. Bonaire had zeil- en stoomvermogen en werd in 1876 gebouwd door Maatschappij Fijenoord in Rotterdam. Bruno Joannes Tideman was verantwoordelijk voor het ontwerp van het ijzeren schip dat een bekleding kreeg van teakhout met daarop zinken platen beneden de waterlijn. De Bonaire deed tot 1902 dienst en verbleef regelmatig in het Caribische gebied. Na een verbouwing diende het tot 1922 als logementschip bij de marine en vervolgens als internaatschip van de zeevaartschool in Delfzijl. De Bonaire bevindt zich sinds 1996 voor restauratie op Willemsoord en is waarschijnlijk het oudste nog bestaande zeeschip dat op een bekende Nederlandse werf is gebouwd.

Zr. Ms. Bonaire bezat zeil- en stoom-

Museumschip Schorpioen in

44

het bassin van Willemsoord

vermogen en werd in 1876 gebouwd.

45


D

E

Route Stadsuitleg Den Helder

Route Stadshart Den Helder

6,5 kilometer 25 minuten

1.20 uur

Route gereed in 2017

01-b * * * * * * * * * * * * * * * * * *

r

lde

e eH

d

Ou

01-a

01-a Nieuwe kerk

Stadshart

01-b Petrus en Pauluskerk

Visbuurt

Huisduinen

46

47


D

E

Route Stadsuitleg Den Helder

Route Stadshart Den Helder

Stadsuitleg en stadshart Den Helder

bekend als de linie van de Nieuwe Stad. Tussen het werfterrein en deze linie werd in hutten gewoond en vanaf 1838 in houten huisjes en krotwoningen die aangeduid werden als het stroodorp. De bewoners vonden vanaf 1828 ook emplooi bij het graven van het Helders kanaal dat het Noord-Hollands kanaal verbond met het oude kustdorp Helder. Buiten

De omvangrijke werken aan de stelling, de marinewerf en het Noord-

dit kustdorp bestond de bebouwing omstreeks 1830 uit het stroodorp,

Hollands kanaal in de vroege 19e eeuw vergden veel mankracht. Hetzelfde

een beperkt aantal huizen en bedrijfspanden nabij de haven aan het werf-

gold voor het werk op de kielplaats het Nieuwe Werk en in de haven. In

kanaal en enkele concentraties van hutten in het Buitenveld. In de daarop

huisvesting werd maar beperkt voorzien met afgedankte oorlogsschepen. Verder werd gewoond op de werfterreinen, en er verrezen huttendorpen op

01-b

de hoger gelegen delen van het Buitenveld. Na de aanleg van de havendijk

01-a

en de dijk langs het Koegras kwam geleidelijk meer droge grond beschikbaar. In de Franse tijd was enkele honderden meters ten zuiden van de latere marinewerf een deel van een linie met enkele bastions aangelegd. Deze linie moest een nieuw te bouwen stad beschermen en stond dan ook

Gebroeders Janzen

De uit het Duitse Oldenburg afkomstige timmerlieden Johannes Stephanus (1801-1890) en Jannes Eilardes (18031866) Janzen werden de belangrijkste 19e-eeuwse bouwheren in Den Helder. Vanaf 1829 waren ze actief in de bouw van woningen en bedrijfspanden langs het werfkanaal, het Helders kanaal en de binnenhaven. Ze realiseerden onder meer bruggen, molens, de Evangelisch-Lutherse kerk, de pastorie

Na de aanleg van de havendijk en de dijk langs het Noord-Hollands kanaal kwam geleidelijk meer droge grond beschikbaar.

van de Petrus en Pauluskerk, het gerechtsgebouw en aan het Nieuwe Diep, het marinehospitaal en het loodskantoor. Ook legden ze de duinwaterleiding van 1856 aan die vooral de scheepvaart van water voorzag. Na 1857 investeerden de broers in de aankoop van percelen en de bouw van huizen in de Nieuwstad en in het naastgelegen Janzenkwartier.

48

49


D

E

Route Stadsuitleg Den Helder

Route Stadshart Den Helder

volgende jaren ontstond een gevarieerde bebouwing langs de binnenhaven, het werfkanaal, het havenplein bij het Wierhoofd en aan weerszijden van het Helders kanaal. Na 1857 werd het stroodorp opgeruimd om plaats te maken voor stenen huizen in een wijk die Nieuwstad ging heten. In de 20e eeuw werd deze wijk Visbuurt of Pilo genoemd vanwege de concentratie van vissersgezinnen. Pilo was de stof van visserskleding. In het laatste kwart van de 19e eeuw werd het gebied tussen Willemsoord en het tracé van de spoorweg bebouwd met woningen, winkels, scholen, logementen en cafés. Het tracé van de in 1865 tussen Alkmaar en Den Helder aangelegde spoorverbinding liep door tot nabij het Helders kanaal en de zeewering. Met name de gezinnen van het personeel van Willemsoord en van de onderofficieren van marine en landmacht vonden huisvesting in dit nieuwe stadshart. De verbindingsroute van het spoorwegtracé en het station naar Willemsoord kreeg de naam

ingrijpender was de Duitse beslissing om uit

Spoorstraat. De officieren en de gegoede burgerij woonden voorname-

militaire overwegingen de meeste bebou-

lijk tussen het havenplein en het oude dorp Helder aan het werfkanaal

wing in de nabijheid van de zeewering af

(Hoofdgracht) en het Helders kanaal (Kanaalweg). Na de eeuwwisseling

te breken. Vrijwel de gehele karakteristieke

breidde de stad snel uit en omstreeks 1920 werd de eerste volledige

19e-eeuwse bebouwing vanaf het haven-

stadswijk ten westen van het spoorwegtracé gebouwd.

hoofd (Wierhoofd) tot aan de oude Helder werd neergehaald. Het 18e-eeuwse oude kustdorp Helder verdween

In 1940 was de stad Den Helder binnen de linie zelfs al grotendeels

volledig van de kaart. In de naoorlogse decennia vond de groeiende

bebouwd. De stad en de marinewerf werden tijdens de Tweede

bevolking huisvesting in nieuwe wijken buiten de linie. In de stad bin-

Wereldoorlog zwaar getroffen door 117 bombardementen. Nog

nen de linie vond behalve wederopbouw ook ingrijpende vernieuwing plaats ten koste van nog meer oude bebouwing en stadsstructuur. Het spoorwegtracé werd ingekort en het station afgebroken. In het vrijgekomen gebied ten noorden van het in 1958 in gebruik genomen nieuwe kopstation krijgt nu een stadspark vorm. Net als voorheen het spoorwegtracé strekt dit park zich in de toekomst uit tot nabij het Helders kanaal en de zeewering.

50

51


D

E

Route Stadsuitleg Den Helder

Route Stadshart Den Helder Vanwege de verplichte kerkgang

01-a/b Waterstaatkerken De eerste steen voor de hervormde Nieuwe Kerk aan het werfkanaal (Weststraat) werd in 1838 gelegd. Na de inwijding duurde het tot 1843 voordat

waren de militaire autoriteiten betrokken bij de bouw van de hervormde Nieuwe Kerk.

de toren midden op het dak werd geplaatst. Aan het Helders kanaal (Kerkgracht) werd vanaf 1840 de katholieke Petrus en Pauluskerk gebouwd. De halsvormige voorgevel kreeg een klokkentoren in 1844. De bouw van beide kerken vond plaats met overheidssteun na verkrijging van de benodigde goedkeuring van een waterstaatingenieur. De beide neoclassicistische waterstaatkerken zijn nu de oudste kerkgebouwen in Den Helder. Vanwege de verplichte kerkgang waren de militaire autoriteiten betrokken bij de bouw van de hervormde Nieuwe Kerk. Op zondagmorgen marcheerden de manschappen van de marine met aan het

De Nieuwe Kerk

hoofd het stafmuziekkorps

tegenover Willemsoord

van het Nieuwe Diep naar de kerk. De kerkparade

01-b

eindigde abrupt in 1899 na een vermeende antimilitaristische preek van

01-a

de dominee. Sinds 1991 is de kerk in gebruik bij de Evangelische Gemeen- schap ‘De Ambassade’.

52

Petrus en Pauluskerk

53


Contactgegevens musea en andere publieksattracties op de route Stelling Den Helder;

Nationaal Reddingmuseum

o.a. op afspraak rondleidingen

Dorus Rijkers

fort Harssens en vaartochten

Willemsoord 60G

met Helderse vlet

0223 618320

Admiraal Verhuellplein 1

www.reddingmuseum.nl

0223 612366 www.stellingdenhelder.nl

Museum Lichtschip ‘Texel’ Willemsoord 73

Fort Kijkduin

0223 636505

Admiraal Verhuellplein 1

www.lichtschip-texel.nl

0223 612366 www.fortkijkduin.nl

Oudheidkamer ’t Erfdeel; o.a. op afspraak rondleidingen

Bezoekerscentrum

Fort Erfprins

Tekst

Willemsoord; o.a. op afspraak

Schapendijkje 2

Redactieteam Arie Booy, Maaike Carlebur en André Koning

rondleidingen Willemsoord en

06 18422876

Afbeeldingen Bertil van Beek, Piet Cornelis, Eric van der Eijk,

het hoofdgebouw van het

www.forterfprins.com

Dick Vries

Klaas Fidom, André Koning, Michel van Oosten, Dick Vries en Pieter de Vries

Koninklijk Instituut voor de Marine

Willemsoord 52A

Beeldenfort

Vormgeving

Piet Jan van Bohemen, 52 graden noorderbreedte

0223 616100

Liniepad 15

Drukwerk

Station Drukwerk

www.willemsoordbv.nl

0223 612366

Opdrachtgever Ontwikkelingsmaatschappij Zeestad BV

www.beeldenfort.nl

Copyright

Hoofdgracht 3

Fort Westoever

Deze uitgave is met zorg samengesteld, maar suggesties voor verbetering

0223 657534

Westoever 1

zijn welkom op info@stellingdenhelder.nl.

www.marinemuseum.nl

0223 697842

Stichting Stelling Den Helder

Marinemuseum

www.fortwestoever.nl, facebook.com/fortwestoever

Deze uitgave is mede mogelijk gemaakt door het Waddenfonds en Provincie Noord-Holland.

54

55 april 2016


Millions discover their favorite reads on issuu every month.

Give your content the digital home it deserves. Get it to any device in seconds.