Page 1

Sofie rolt door het leven


Fotograaf: Marc De Troyer (ook coverfoto) Redactie: Inan Akbas Lay-out: Samnang Nop Coรถrdinatie: Laurence Verwee Druk: Nevelland, Drongen Uitgeverij Yin Books Laurence Verwee Jan Verspeyenstraat 7 9000 Gent www.yinbooks.be Auteur Sofie Vanhoutte www.sofievanhoutte.com www.krijtlijn.be Depotnummer:D/2014/10.788/1 ISBN: 978-9-491233-13-5 Copyright Yin Books & Krijtlijn Niets uit deze uitgave mag door middel van elektronische of andere middelen, met inbegrip van automatische informatiesystemen, worden gereproduceerd en/of openbaar worden gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van vzw Krijtlijn of Yin Books.


Sofie rolt door het leven 7 sleutels voorbij de beperking


Inhoud

I.

Voorwoord

6

Mijn levensverhaal Kantelmoment

9 38

II. Sleutels die haalbaar evenwicht brengen in mijn leven Het leven komt pas op gang als jij op gang komt Keuzes maken moet iedereen Hoe ik door mijn beperking mijn creativiteit ontwikkelde Mijn drijfveren en passies 1. Durf te kiezen 2. Welke zijn je talenten? Wat betekent succes voor jou? Wat is succes? Succes schuilt vaak in kleine dingen De valkuilen van je enthousiasme en de talenten waarvoor je echt wil gaan 3. Durf je te omringen door de mensen die in jou geloven 4. Respecteer en hou van je lichaam Brief aan mijn lichaam Het comfort dat ik nodig heb om mijn doelen te bereiken Hart en verstand Die stempel “mindervalide�

41 41 52 55 57 63 67 67 67 70 73 77 77 82 86 94


5. Kies voor een project dat jou voldoening geeft en kleur brengt in je leven 6. Plezier van een dier Match made in heaven 7. Sociale media als venster op de wereld Hoe gebruik ik het? III. Mensen, quotes en boeken ter inspiratie Quotes die mij een boost geven Boekenlijst en inspiratiebronnen Mensen die me inspireren Besluit

99 107 107 113 115 119 119 125 126 130 132

Dankwoord

134


Voorwoord Dag lezer van mijn allereerste boek, Eerst en vooral wil ik je met heel mijn hart bedanken omdat je dit boek hebt gekocht. Zo kan ik met de opbrengst weer een stukje verder bouwen aan mijn zielsproject Krijtlijn. Het schrijven van dit boek was voor mij een leerzame tocht waarop ik pijnlijke momenten uit het verleden moest oprakelen en het rare is, dat ik toen pas heb ingezien hoe hard het soms geweest is. Geloof het of niet, maar ik ben er zelfs van geschrokken. Van hoever was ik niet gekomen en hoeveel keer had ik al niet mijn knieĂŤn afgestoft? Telkens opnieuw, na elke val kroop ik weer recht hoewel ik eigenlijk niet goed besef vanwaar ik de kracht soms haalde. Tijdens het schrijven werd ik ook overvallen door het gevoel dat ik een medische encyclopedie aan het schrijven was in plaats van mijn verhaal en dat lag eventjes op mijn maag. Is het wel okĂŠ, dat ik jullie daarmee belast? Heeft de mensheid daar wel een boodschap aan? Gelukkig was en ben ik omringd door mensen die me op zulke momenten opbouwende kritiek geven. Na een paar constructieve babbels was de conclusie als volgt: het zou pas verkeerd zijn als ik het niet deed, want dan vertel ik jullie maar de halve waarheid en begrijpen jullie niet waarom ik vandaag ben wie ik ben. Ik moest namelijk jaren een strijd aangaan. Eerst en vooral met mezelf en daarnaast met mijn omgeving. Zo kreeg ik de kans om mijn leven zo zelfstandig mogelijk op te bouwen met genoeg ruimte en vrijheid. Dat is niet altijd evident, wanneer je op bepaalde vlakken hulpbehoevend bent. 6


Het is een delicate evenwichtsoefening, zeker als je weet dat mijn lichaam al een paar transformaties moest ondergaan waar steeds opnieuw een periode van herontdekken aan vasthing. Zelfstandigheid wil ook zeggen meer verantwoordelijkheden op je schouders krijgen. Al was ik niet altijd even gelukkig met die verantwoordelijkheden wat mijn gezondheid betreft. Toch ben ik blij dat ik voor mezelf al vroeg had besloten om ook op dat vlak het heft zo veel mogelijk in handen te nemen, want dat betekende meer vrijheid, lees: meer mijn goesting kunnen doen. En laat dat nu net zijn wat ik met hart en ziel koester. Achteraf gezien ben ik zelfs immens dankbaar voor het moeilijke pad dat mij voorgeschoteld werd. Ik heb er heel veel levenswijsheid uit gehaald. Die koester ik en wil ik op mijn eigen manier overbrengen aan mensen die het kunnen gebruiken. Ik hoop jullie dan ook met dit boek te motiveren om ondanks alle zware levenslessen toch de moed niet te verliezen en alles uit het leven te halen waar jij je goed bij voelt. Ik zie dit boek voor Krijtlijn ook als een eerste stap naar het volgende doel dat ik al jaren wil en mede dankzij dit boek zal waarmaken. Namelijk het doel om kinderen met een etiket te begeleiden op het pad dat ze opgaan naar een gelukkige toekomst waarin ze hun talenten ten volle kunnen en durven benutten en zich met onze gebundelde krachten niet laten verlammen door angst. Daarnaast wil ik ook graag een steun zijn voor hun ouders, broertjes en zusjes. Ik weet uit ervaring dat het voor hen ook niet altijd evident is om te moeten omgaan met de hobbelpaden van het leven. Ze moeten soms met een bang hart afstand nemen, zodat elk individu zijn eigen groei kan doormaken. Onderweg zullen ze elkaar echter weer ontmoeten en dan zullen ze samen de weg voortzetten. 7


I. Mijn levensverhaal Het begon allemaal op dinsdagmorgen 21 mei 1974 om 11u52. Na een heftige zwangerschap waarin ik onder andere ook gevoed werd met oesters, mijn moeder haar lievelingseten tijdens die zwangerschap, kwam ik ter wereld als een in stuit liggende dwarsligger van meer dan vier kilo. Dat dwarsliggen hebben ze er ook nooit meer uit gekregen. Begrijp me niet verkeerd, het was en is niet moedwillig om mijn medemens te treiteren, maar het is eerder een attitude: ik weet goed wat ik wil en wat ik niet wil en ik doe er dan ook alles aan om wat ik wel wil te bereiken en te bedanken voor alles wat ik niet wil. Soms gaat dat gepaard met heel veel vallen, maar ook even vaak met opnieuw rechtstaan, omdat ik diep vanbinnen voel dat als ik het opgeef, ik er na verloop van tijd dik spijt van zal krijgen. Ik mag er ook niet aan denken dat ik op mijn tachtigste in het bejaardentehuis zou zitten kniezen, met de woorden had ik maar. Nee, ik wil graag in het bejaardentehuis belanden met de gedachte: het was een verdomd helse rit met veel diepe dalen maar met evenveel hoge pieken en hoe hard het soms ook geweest is. Ik heb er zo van genoten. Ja, zelfs van de vele leermomenten en soms heel pijnlijke inzichten. Ze hebben me in een leven geworpen zonder zin, en dat leven kan zin krijgen als ik mij verder werp - Bert van Aerschot

9


Vanaf mijn geboorte tot mijn eerste levensjaar ging ik samen met mijn ouders een spannend avontuur tegemoet. Zou ik het halen of zou ik volgens de voorspellingen van de dokters toen, niet langer dan een week in leven blijven? In de kraamkliniek hadden ze er in elk geval geen goed oog in. Ze adviseerden m’n ouders dan ook om me naar een ander ziekenhuis te brengen een paar provincies verder wat ervoor kon zorgen dat mijn overlevingskansen groter werden. Daar het in die tijd niet evident was om heel snel een beroep te doen op een helikopter, besloot mijn vader een vroedvrouw onder de arm te nemen om me te begeleiden naar het andere, beter uitgeruste ziekenhuis. Na een ritje afzien in de takelwagen kreeg mijn vader in dat ziekenhuis dezelfde boodschap: “Meneer, bekijk uw dochter nog maar eens goed en neem misschien ook al afscheid van haar, want de kans is behoorlijk groot dat ze er bij jullie volgende bezoek niet meer zal zijn.” Gelukkig werd zijn grootste angst niet bewaarheid en haalde ik mijn eerste levensweek met grote onderscheiding en vervolgens ook m’n eerste maand. Voor iedereen het goed en wel besefte blies ik vier zware operaties en enkele kritieke momenten later m’n eerste verjaardagskaars uit. Toen werd het het doktersteam al duidelijk dat ik geen gewone was. Ons gedrag is afhankelijk van onze besluiten, niet van onze omstandigheden - Stephen Covey De kinderjaren daarna verliepen ondanks m’n nogal ingewikkelde aandoening, behoorlijk rustig. Ik was een vrolijke peuter die al vroeg haar medemens de oren van het hoofd kwetterde en toen ik vier was, zette ik letterlijk mijn eerste pasjes in de wijde wereld. Toen was het zoals bij de meeste ouders van wie de kindjes

10


beginnen te lopen, gedaan met de rust. Mijn ouders stimuleerden me ook om zo veel mogelijk mijn grenzen te ontdekken en te verleggen. Daar genoot ik dan ook met volle teugen van en ik haalde de gekste dingen uit. Om een voorbeeld te geven: op een keer heb ik mezelf laten betrappen, nadat ik met m’n ene hand etenswaren van het onderste schap van de koelkast had gehaald en daarmee de keukenvloer bezaaid, terwijl ik me met m’n andere hand stevig had vastgehouden aan het deurtje. Mijn moeder vond me nadien terug in de koelkast. Ik was er met honger en dorst in gesukkeld en dacht snel mijn buikje te vullen. Een ander voorbeeld: rond dezelfde leeftijd ongeveer wou ik op een avond absoluut niet gaan slapen. Het was toen winter en het te zetten, al deed ze dat met een klein hartje. Ze hoopte dat ik op die manier kon afkoelen en misschien toch zou gaan slapen. Maar dat was buiten mijn volharding gerekend, want toen ze even later kwam vragen of ik nu wel naar bed zou gaan, was mijn reactie snikkend: “Nee, ik wil mijn valiesje met mijn sloefkes erin en een appel, want ik ga naar oma.” Met een brok in de keel ging mijn moeder terug naar binnen en maakte daar het gevraagde valiesje klaar om me daarna een goeie reis te wensen naar oma die zo’n veertig kilometer verder aan de kust woonde. Kort nadat mama de deur had dichtgedaan, bedacht ik dat ik onderweg wel eens koeien kon tegenkomen. Daar was ik als kind als de dood voor. Ik klopte weer op de deur (omdat ik niet aan de bel kon) om stoer de weg te vragen langs waar ik geen koeien zou moeten trotseren. Het vervolg van het verhaal kunt u waarschijnlijk wel al raden? Juist. Mam smolt vanbinnen en nam me weer in huis waarna ik

11


zonder pruttelen ging slapen. Ik herinner me ook nog dat ik rond m’n zeven jaar elke vrijdagavond helemaal opging in de dansserie Fame. Ondanks het feit dat ik zelf nooit zou kunnen wat die dansers waarmaakten. Ik vond het geweldig. Ik gaf er elke zondag wel een eigen impressie van samen met mijn vader onder het mom: die rek- en strekoefeningen zijn een goed weekendalternatief voor de fysiotherapie die ik tijdens de weekdagen onderging. Mijn gezondheid liet me behoorlijk met rust, tot rond mijn negende het tij keerde. Plots kreeg ik helse nek- en hoofdpijnen, deed ik twintig van de vierentwintig uren niks anders dan de ziel uit m’n lijf braken, waarna de pijn en de druk in mijn hoofd en nek eventjes minder waren. Daarop volgde een zwaar parcours dat uiteindelijk achttien maanden zou duren. Onze toenmalige huisdokter heeft in die periode ’s nachts meer naast mijn bed gezeten dan in z’n eigen bed gelegen. Het enige wat me naast braken eventjes rust gaf, was een spuit met codeïne die ik ondanks mijn angst voor alles wat met naalden te maken heeft, toen in dank aanvaardde, zodat ik erna een paar uur kon slapen. Na een hele reeks onderzoeken en bezoeken bij een psycholoog, omdat ze de oorzaak eerst niet vonden en er een psychosomatische stempel aan wilden geven, zag de neurochirurg eindelijk iets op de zoveelste MRI. Achteraf zou blijken dat het niet zomaar iets zou zijn. kneld zat en de hoofd- en nekpijn daardoor veroorzaakt werd.

12


Plots moest ik met spoed geopereerd worden. Intussen slaagde ik er door de druk op m’n hersenstam al niet meer in om een boterham te smeren zonder er een boeltje van te maken. M’n me nog net, maar Vanhoutte… Spelde je dat nu weer met au of met ou? Schreef je dat nu in één woord of als Van Houtte? En was het nu met één t of met twee t’s? Allemaal dingen die ik niet meer wist en die ik na de zeven uur durende operatie weer moest aanleren, naast een hoop andere kennis die ik kwijt was geraakt door die hersendruk. Na twee weken plat- en stilliggen moest ik nog een extra week in de kliniek blijven om wat op krachten te komen, voor de revalidatie echt kon beginnen. Opnieuw leren schrijven, boterhammen smeren. Ik heb nooit meer negentig procent behaald op schoolrapporten zoals ik voor deze beproeving kon en daar heb ik het lang lastig mee gehad. Geloof me, als je bezig bent met een wiskundetaak en je ziet dat je iets fout hebt gedaan, maar je kan niet zien wat er precies fout is, dan is dat verdomd frustrerend. Maar veel tijd om daarbij stil te staan had ik niet, want nog geen jaar later stak een volgend probleem de kop op. Ik heb sinds m’n geboorte een shunt in m’n hoofd, die je eigenlijk ook een soort waterleiding kunt noemen. Eén van de gevolgen van mijn aangeboren aandoening is wat ze met een geleerd woord hydrocefalie noemen, in spreektaal is dat een waterhoofd. Al gebruik ik liever de echte benaming, want het begrip waterhoofd geeft bij mij een wrange nasmaak. Door te groeien begon die shunt ook tegen te pruttelen en te

13


verschuiven. Op een gegeven moment liet die het afweten en moest ik opnieuw zware pijnen doorstaan. Ik was weer vertrokken voor een zestal jaar waarin ik tussen het naar school gaan door minstens twee hersenoperaties per jaar zou ondergaan. De trots is het enige geneesmiddel tegen het lijden der eigenliefde - Comtesse Diane de Beausacq In het laatste jaar van deze zoveelste hel was ik intussen een ijdeltuit van zestien die weigerde om elke keer haar haren te laten afscheren om dan voor een tijdje door het leven te moeten gaan als een gepluimde kip. Nee, dat weigerde ik te laten gebeuren, dus schoren ze maar een stuk weg, zodat ik het resterende haar over de wonde kon leggen na de operatie. De eerste keren is dat telkens goed afgelopen, maar de voorlaatste keer werd mijn wens me bijna fataal. Ze hadden mijn haar afgeschoren zoals ik het wilde, waardoor ik de kale plek kon verstoppen met het resterende haar en een leuke sjaal, maar die keer liep het fout. Na een week begon ik buik- en maagpijn te krijgen. Aangezien ik herstellende was van een operatie, haalde men er de pediater bij om te zien wat er aan de hand was. Nadat deze mijn buik had afgetast, was z’n diagnose een maagontsteking waar ik dan ook voor behandeld werd en zo mocht ik een paar dagen later naar huis. Thuis ging het van kwaad naar erger, de buikpijn werd heviger en ik kreeg er nog barstende hoofdpijn bij. Een paar dagen later raakte ik zelfs niet meer uit bed door de pijn. Terug naar het ziekenhuis dan. Daar namen ze een punctie van het hersenvocht dat door de katheter vanuit m’n hoofd naar m’n buikholte liep.

14


De volgende dag werd al snel duidelijk wat er gaande was. Er bleek een haarvaatje in de wonde te zijn gevallen, waardoor ik een hersenvliesontsteking had opgelopen en omdat dat vocht naar m’n buik liep, had ik ondertussen ook een buikvliesontsteking. We gingen weer in spoed een volgende operatie tegemoet, waarin ze die shunt meteen hebben geruild voor een uitwendige katheter. Daardoor moest mijn hersenvocht twee weken naar buiten lopen. Ik kreeg een heel hoge dosis zware antibiotica. Dat spul was zo zwaar, dat ik m’n aders gewoon voelde branden. En opnieuw moest ik al die tijd platliggen, want telkens ik rechter durfde te zitten werd de druk op m’n hersenen dermate hoog dat ik me zo ziek als een hond voelde en de ziel uit m’n lijf begon te kotsen. geholpen. Ik moet nu een jeugdzonde opbiechten uit die periode. Muziek is de vlucht uit de angst - Christiaan J. Enschede Ik was toen fan van New Kids on the Block, die heel populair waren in de hitlijsten. Ze stonden met twee liedjes in de top dertig: Hangin’ Tough en The Right Stuff. Het klinkt misschien onnozel, maar telkens ik op de radio Oh, oh, oh, the right stuff hoorde, kreeg ik het gevoel van: wees maar zeker dat ik die heb om ook deze overlevingstocht door te spartelen. Na twee weken platliggen, waarbij ik de eerste week zo ziek was dat ik niet eens helemaal besefte wat er allemaal aan de hand was, bleek bij een zoveelste controle van het vocht dat in het zakje naast m’n bed liep dat de zware kuur de beestjes allemaal uitgeroeid had en dat ik kon overgaan tot de volgende fase van mijn herstel. Die shunt moest weer in m’n hoofd gestoken worden. Nog een operatie. Ik hoopte dat deze de laatste zou zijn. Maar aangezien mijn lichaam

15


vol verrassingen zit, is deze wens niet uitgekomen. Na het herstel van die operatie is het zes maanden windstil geweest op medisch vlak. Tot ik opnieuw bonkende hoofdpijn kreeg, dubbel begon te zien en weer eindeloos aan het braken ging. Alles kon herbeginnen. Deze keer liep het echter goed af, zonder infecties of andere toestanden. Mijn lichaam was weer zoals het hoorde. Ik kon de draad oppikken en weer een tiener zijn zoals elke andere tiener, gelukkig en vol levenslust. Voor eventjes toch, want ongeveer een jaar later kreeg ik tijdens een jeugdkamp via de mutualiteit hevige incontinentieklachten, waardoor ik amper nog durfde te drinken. Terug thuis van het kamp moest ik op consultatie bij de uroloog. Na een reeks vervelende testen bleek dat mijn blaas spastisch was geworden en stilletjesaan begon te verschrompelen. Het werd zo erg dat ik meerdere keren per dag kletsnat was. Toen werd ik voor de keuze gesteld: ofwel nam ik medicatie om mijn blaas voor een stuk te kalmeren, waardoor hij minder in een kramp zou schieten en ik hopelijk niet meer nat zou worden. Ofwel kon ik me laten sonderen. Ofwel konden ze m’n blaas optrekken naar m’n navel om dan via die weg een sonde te plaatsen zodat ik van daaruit zou plassen. Een blaasvergroting waarbij ze een stuk darm wegnemen was de laatste mogelijkheid. Ik koos er uiteindelijk voor om het probleem in stappen aan te pakken. We zijn begonnen met de medicatie en dat ging eventjes beter, tot ik na zes maand aan de hoogste dosis van de zwaarste medicatie zat en ik weer m’n zelfgecreëerde waterstraatjes onder m’n stoel vond. De volgende stap was een variant op het aanbod van mijn uroloog. Sonderen, maar dan zou ik het wel zelf doen.

16


Je moet weten dat ik toen een nogal preuts meisje van achttien was, die niet eens wist wat een urethra was, laat staan waar die voor diende. Maar aangezien ik die nodig had om mezelf te leren sonderen, heb ik gevraagd aan m’n uroloog of het mogelijk was om me te laten opnemen en dat sonderen aan te leren. En dat kon, dus deed ik dat ook; want het allerlaatste wat ik wou, was afhankelijk worden van mijn medemens om een simpel plasje te kunnen doen. Zo gezegd, zo gedaan. Het plan was dat ik de eerste dag enkel zou observeren hoe de verpleging mij sondeerde op een bedpan, met een spiegeltje tussen m’n benen. De tweede dag mocht ik dan zelf beginnen te prutsen, met de nadruk op prutsen. De derde dag was ik mijn ongeduldige zelve en zo gefrustreerd als de pest dat het nog niet lukte. Maar de vierde dag was het bingo. Geloof het of niet, al was ik toen achttien, ik voelde me zo gelukkig als een peuter die voor de eerste keer op z’n potje plast. Maar dan kon ik het nog maar op de bedpan en dat vond ik wel al goed. Maar nog niet goed genoeg. Ik wou na dit avontuur een zo normaal mogelijk leven leiden en daar paste volgens mij geen bedpan in die ik altijd zou moeten meezeulen. Op naar de volgende stap. Intussen wist ik het bewuste gaatje zitten, maar aangezien je op een toilet een andere houding hebt, begon ik na een weekendje oefenen op de bedpan de maandag erna mijn ontdekkingstocht op toilet. Het was toch een zoektocht die een kleine week heeft geduurd. Na die week, toen ik ook mijn verzorging op toilet kon doen en geen schrik meer moest hebben om aan onafhankelijkheid te moeten inboeten, kon m’n geluk niet op. En toch.

17


Fysiek was ik er klaar mee, ik kon me sonderen zonder dat ik iemand nodig had. Maar emotioneel bleef het knagen, want het was opnieuw iets afgeven, waarvoor je als klein meisje zo hard je best had gedaan. Daarnaast laat je toch elke keer een sonde in het vuilbakje van het toilet na en daar had ik het in het begin moeilijk mee. Elke vrouw heeft wel haar maandstonden waardoor ze tampons in dat bewuste vuilbakje gooit, maar niet elke vrouw dropt daar een sonde in. Ook al stonden mijn naam en adres er niet op, toch vond ik het raar en gênant. Leven is gemakkelijker dan men denkt. Al wat je moet kunnen is het onmogelijke aanvaarden, het onmisbare missen en het onverdraaglijke verdragen - Kathleen Norris

Ik heb er zelfs zes maand over gedaan eer ik de boodschap over m’n lippen kreeg tegenover familieleden buiten het gezin. Ik wou wel, maar ik kon het niet meteen. Ik moest het eerst voor mezelf een plaats kunnen geven, voor ik het hen zou vertellen, want ik wist dat zij het er ook heel moeilijk mee zouden hebben, omdat mezelf voor een soort eeltlaag, zodat ik ook daarmee om kon. Niet lang nadat ik het m’n grootouders langs moeders kant had kunnen zeggen (ik weet zelfs niet of mijn grootouders aan vaders kant het ooit geweten hebben), kreeg ik de volgende klap te verwerken. Ik stond inmiddels weer op de hoogste dosis van de zwaarste pillen om m’n blaas te kalmeren. Om de haverklap moest ik mezelf sonderen, maar toen bleek dat m’n blaas ondertussen in die mate verschrompeld was, dat er amper nog

18


honderd cc vocht in kon. Na weer een reeks onderzoeken werd mijn vrees werkelijkheid. Datgene waar ik eigenlijk nog niet klaar voor was, moest toch gebeuren. In samenspraak met mijn uroloog besloot ik om voor de blaasvergroting te gaan. Wetende dat dit medisch een zware onderneming zou worden met een vijf uur durende operatie waarna ik elf dagen niet zou mogen eten of drinken. Maar ik had geen keus, want het was dat of terug in de luiers op m’n negentiende. Dat zag ik emotioneel en sociaal zeker niet zitten, zonder nog die laatste kans te grijpen om een normaal leven te kunnen leiden. De afspraak voor de operatie werd vastgelegd en het aftellen kon beginnen. Alhoewel, aftellen? Enerzijds wel, omdat dit een kans was die ik moest grijpen om niet aan levenskwaliteit te moeten inboeten. Anderzijds was ik best wel bang, omdat ik intussen doorhad dat ik op abdominaal vlak een ingewikkeld mens ben. Door de jaren had ik een uiterlijk niet zo zichtbare scoliose en een lordose gekregen, maar vanbinnen hadden die voor een stevig staaltje buik-architectuur gezorgd. De ingewanden hadden hier en daar een stevige duw gekregen waardoor ze niet meer op hun oorspronkelijke plaats lagen, wat de operatie die me te wachten stond een pak ingewikkelder maakte. De ziekte zelf is pijnloos; het is de genezing die pijn doet - Katharine Whitehorn

Als voorbereiding op de operatie moest ik ook zeven liter degoutant smerig spul drinken om mijn darmen te reinigen. Het oorspronkelijke plan was om vijftig centimeter van m’n dunne darm weg te nemen, om die dan aan m’n blaas te koppelen,

19


zodat dat stuk darm een volgend leven zou kunnen leiden als blaas. Over een stevig staaltje recyclage gesproken. Na een ganse dag op toilet te kamperen terwijl ik dat spul dronk, was het zover. D-day, ik ging het met een gemengd gevoel tegemoet. Enerzijds blij dat ik na de operatie een aangenamere toekomst zou hebben, maar anderzijds een ambetant gevoel omdat ik eerst een moesson door moest spartelen voor ik weer een beetje zonnestralen zou kunnen voelen. Tijdens de operatie werd het al voor een stuk duidelijk. De geplande dunnedarmverwijdering werd een dikkedarmverwijdering, omdat het stuk dunne darm dat ze wel vonden door die lordose en scoliose niet bruikbaar genoeg was. Het leek alsof de natuur er al voor had gezorgd, dat er een goeie variant beschikbaar was, want toen werd ook duidelijk waarom ik al jaren maar twee keer per week naar de grote wc kon. Mijn dikke darm zat in een soort voor die eruit kon. Dankzij deze blaas/darmoperatie was ook dat probleem meteen van de baan en ging dat voortaan ook weer een stuk vlotter. Tijdens die operatie werd verder duidelijk dat ik mijn kinderwens meteen verticaal mocht klasseren. Mijn baarmoeder zit namelijk ergens achter één van m’n nieren verstopt en door die vergroeiingen aan m’n rug zou het eventuele kindje geen eerlijke kans krijgen om uit te groeien zoals elke moeder wenst dat haar kindje uitgroeit. Na de operatie begon het moeilijke deel pas. Ik kreeg om te beginnen het heuglijke nieuws dat ik nog ingewikkelder in elkaar zit dan ik al dacht. Wie dacht dat zo’n blaasvergroting zo simpel is als er een stuk darm aan laten zetten en klaar, die heeft het mis.

20

Profile for Laurence Verwee

Sofie rolt door het leven 20p  

Sofie rolt door het leven 20p  

Profile for yinbooks
Advertisement