Issuu on Google+

Chatrats de WaardeRing me- en wevolution

verslag van 14 jaar onderwijs ontwerpen DEEL 2 door Tom Oosterhuis


4.4.4 het e-portfolio Ons e-portfolio hebben we ontworpen vanuit werkend principe 24: begin altijd in "de lege ruimte" werkend principe 9: ieder mens is meervoudig intelligent een veelbelovende indeling is die van de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner in zijn theorie van de Meervoudige Intelligentie uit 1983. De verschillende intelligenties volgens de theorie zijn: verbaal/linguĂŻstische intelligentie (woordslim) logisch/mathematische intelligentie (rekenslim) visueel/ruimtelijke intelligentie (beeldslim) muzikaal/ritmische intelligentie (muziekslim) lichamelijke/kinesthetische intelligentie (beweegslim) interpersoonlijke intelligentie (mensslim) intrapersoonlijke intelligentie (zelfslim) natuurgerichte intelligentie (natuurslim) Volgens Gardner heeft ieder mens meerdere van deze intelligenties als voorkeur, ieder eigen unieke patroon van intelligenties. Het idee dat je in de lege ruimte begint en dat jou alle expressievormen ter beschikking staan:...multimediaal mindmappen dus. VOOR EEN VAN ONZE KLANTEN MAAKTEN WE DEZE HAND-OUT, WAARIN JE SCREENSHOTS ZIET VAN ONS E-PORTFOLIO MEVOLUTION, DOELGROEP WORDT GEVORMD DOOR DE TUTOREN:

114  


visie, werkwijze, e-portfolio t.b.v. tutoring opleiding Creative Technology, Universiteit Twente

www.me-volution.net 30 augustus 2011

 

DNR BV Lisdoddelaan 61 1087 KB Amsterdam Tom Oosterhuis, mevolutionair +31 6 2 951 6 941 tom@me-volution.net Gerleen Balstra, mevolutionair +31 6 53 59 67 11 gerleen@me-volution.net KvK Midden Nederland 30166630 Btw nummer 8090.22.473.B01 Rabobank 3799.65.445  

www.me-volution.net is • een instrument voor een coach/begeleider/mentor/tutor • een faciliteit die massa maatwerk mogelijk maakt in leer/ontwikkeltrajecten • e-learning • een e-portfolio • gericht op het ontwikkelen van zelfsturing-competenties • een instrument voor iedereen die zichzelf wil sturen door een leer/ontwikkelproces • een instrument dat recht doet aan ieders persoonlijke leerstijl Create Technology en mevolution: In studiejaar 2010-2011 hebben Gerleen Balstra en Tom Oosterhuis het team van tutoren o.l.v. Gerrit van der Hoeven begeleid bij het ontwikkelen van • een visie op tutoring • een instrument van leer- en ontwikkelingslijnen www.me-volution.net/create • een syllabus voor de studenten "The Road to Create". De onderwijskundige visie De onderwijskundige visie die aan MeVOLUTION ten grondslag ligt, heeft de volgende uitgangspunten: • Reflectie (op basis van feedback) is de motor van leren/ontwikkelen. • De student leert zichzelf sturen door zijn eigen leer/ontwikkelproces. • Een leer/ontwikkelproces verloopt in de vier fases van een ontwerpproces:

115  


zelfsturing a.d.h.v. de ontwikkelspiraal De blauwe of verkenningsfase. Je verkent wat je wil, wat er kan, wat er moet. Wat is het programma van eisen en wensen samengevat in de ontwikkelopdracht die ik mezelf geef? De groene of ideeënfase. Je bedenkt ideeën over hoe je jouw ontwikkelopdracht kunt realiseren en kiest de beste ideeën uit. De rode of realisatiefase. Je zet de door jou uitgekozen ideeën om in taken en je begint aan de realisatie van je ideeën. De gele of oogstfase. Je presenteert je resultaat: product en proces. Je evalueert je resultaat. Meer informatie over de visie kijk op www.me-volution.net tabblad "over me-volution".

 

116  


De tutor:   • speelt een belangrijke rol in de begeleiding van de student om te komen tot reflectie.   • maakt vooraf duidelijke afspraken met zijn studenten   • controleert of de gekozen leer/ontwikkelomgeving voldoende kansen biedt voor het behalen van de voorgenomen leer/ontwikkelresultaten.   • grijpt zo min mogelijk in in het proces.   • laat de student zoveel mogelijk zelf aan het stuur: ervaringsgericht leren   • kiest zorgvuldig zijn interventies   • laat gebeuren waar het kan, confronteert waar nodig.   • bewaakt de veiligheid van de leer/ontwikkelomgeving.   • helpt de gecoachte achteraf om 'de film terug te draaien'.   • helpt bij stapje voor stapje analyseren van iedere scène   • borgt dat de gecoachte zorgt voor competentiegerelateerde feedback.

 

Proces van tutoring/coaching   Door de juiste vragen van de coach wordt de gecoachte gestimuleerd een helder zicht te krijgen in de verschillende genomen stappen, doorgehakte knoppen en in gang gezette acties. Zijn eigen antwoorden op de vragen van de coach maken hem bewust van wat zijn leer/ontwikkelresultaten zijn en bevatten aanwijzingen hoe hij in de toekomst bepaalde zaken beter aan kan pakken. Dit proces noemen we leren.  

 

De coach kan een docent zijn of een praktijkbegeleider. Ook kunnen bepaalde taken van de coach worden verricht door medestudenten; denk aan feedback geven en ontvangen, samen “de film terug draaien”. Ideaal is wanneer coach en studenten zoveel ervaring hebben in deze vorm van leren, dat een aparte coach overbodig is geworden en iedereen afwisselend de rol van de coach op zich kan nemen. MeVOLUTION ondersteunt het proces van de tutor/coach op twee manieren: 1. het vermogen van de student zelfsturend een praktijk- of leeropdracht te volbrengen wordt visueel en multimediaal ondersteund. 2. de coach heeft door de vormgeving maximaal inzicht in de keuzes die de student maakt tijdens de verschillende fases van zijn leerproces. Essentiële momenten van het leerproces zijn hierdoor gemakkelijk evalueerbaar. Wat biedt MeVOLUTION de tutor/coach? •

MeVOLUTION is on-line Dit maakt het mogelijk om tijd en plaats onafhankelijk waar ook ter wereld in contact te zijn als student met coach of medestudenten. Daar waar afstand en tijd contact in levende lijve onmogelijk maakt -denk aan een stagebezoek.

117  


MeVOLUTION is ontworpen om eenvoudig multimediaal te kunnen werken. Niet iedereen is knap met woorden, verbaal intelligent. Vaak wordt het vermogen tot reflecteren verward met het vermogen om woorden op papier te zetten. Voordeel van deze multimediale aanpak is dat iedereen op zijn eigen meervoudig intelligente manier tot een reflectie kan komen. Hetzelfde geldt voor de coach die feedback geeft. Je kunt je bijvoorbeeld heel eenvoudig laten interviewen over een verzameling foto’s en dat interview als een filmpje erbij zetten. Je kunt via een webcam direct feedback inspreken en direct terugluisteren.

118  


MeVOLUTION heeft een “google earth achtige” vorm van een werkportfolio: een ontwikkelruimte De op de vier fases van zelfsturing gebaseerde vormgeving geeft de coach maximaal inzicht in de manier van werken, keuzes maken e.d. van de student. Ook in het werkportfolio kun je eenvoudig multimediaal werken.

119  


•

MeVOLUTION faciliteert het ontwikkelen van zelfsturing door middel van een twaalfvoudig competentieinstrument. Studenten worden vaardiger in de zelfsturing en kunnen gecoacht worden op hun groei.

Voor de toepassing binnen Create zie de syllabus "The Road to Create".

120  


MeVOLUTION is zeer gebruikersvriendelijk voor een coach en voor de student. Bovendien geldt dat ook voor te coachen groepen. Portfolio’s hoeven niet ingewikkeld te worden geopend met allerlei codes. De groep is per persoon een muisklik verwijderd van de coach. Communicatie is snel en simpel.

121  


MeVOLUTION heeft de mogelijkheid van een presentatieportfolio en de mogelijkheid voor feedback vragen en geven. Je kunt werkbladen van je werkportfolio openbaar maken aan iedereen of aan genodigden, van wie je feedback vraagt. Feedbackgevers ontvangen een mailtje, waarna ze met één muisklik op de plek zijn waar ze feedback kunnen geven middels dezelfde multimediatoepassingen als de gebruikers zelf. Je hoeft daarvoor geen account te hebben.

122  


•

MeVOLUTION kan voor elke opleiding en beroep zijn eigen competenties inbouwen. Functieprofielen, leerkaarten, leer- en ontwikkelingslijnen of met welk referentiekader een opleiding of beroep ook werkt, het is digitaal op te nemen in MeVOLUTION. De student en coach hebben zo de leerkaders binnen een muisklik visueel beschikbaar.

Hier zie je een screenshot van de leer- en ontwikkelingslijnen van de opleiding Creative Technology. Kijk op www.me-volution.net/create

123  


Hier zie je een voorbeeld van de ontwikkelingslijn “The Inventor”.

Voor meer informatie over hoe het e-portfolio werkt zie de filmpjes op www.me-volution.net tabblad "over me-volution" en dan bij "filmpjes over het e-portfolio werkt".

EINDE HANDOUT VOOR TUTOREN

124  


4.4.5 een programma voor het ontwikkelen van Levenslang Leren-competenties

De Bonifatius jongeren kregen na afloop van het traject een master-of-my-life diploma. Niels Floor van Shapers, ook de vormgever van de Chatrats-website, maakte dit -nooit gebruikteontwerp, waarin de 12 sterren van de Europese vlag staan voor de 12 zelfsturingcompetenties.

125  


Er is een Europees beleid om alle opleidingen in Europa uitwisselbaar te maken. En zoals ik al in schreef in hoofdstuk 4.1, is ook het beleid om Levenslang Leren te stimuleren Europees beleid om vooral kenniseconomie te worden als concurrerende kracht t.o.v. de opkomende economieĂŤn in de wereld. Een belangrijk aspect daarvan is het fenomeen van het Erkennen van Eerder Verworven Competenties, zogenaamde EVC-procedures. Mensen hebben in hun leven en werken vaak heel veel competenties ontwikkeld zonder dat ze daar een erkend diploma voor hebben gekregen. Maar al te vaak moet iemand om een diploma te halen weer helemaal opnieuw beginnen. Door nu een procedure hiervoor te ontwikkelen, bespaar je de levenslanglerenden en de maatschappij een hoop energie en geld. Zo ontstond dus het idee voor een Master-of-my-life-basismodule. Hieronder de beschrijving: Dit is de schets van het idee dat vooral is ontwikkeld in 2006 op de afdeling Welzijn van het Friesland College waar opleidingen thuis horen als "helpende welzijn" of "onderwijsassistent". Werkende principes 1,9,10,11 en 23 vormden de kern. Op blz. 169 staan ze bij elkaar. 4.4.5.1 de Master-of-my-life-basismodule

i-drive ging later mevolution heten

126  


127  


verschil tussen "open" en "gesloten" opdracht

128  


129  


130  


131  


werkend principe 9: ieder mens is meervoudig intelligent een veelbelovende indeling is die van de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner in zijn theorie van de Meervoudige Intelligentie uit 1983. De verschillende intelligenties volgens de theorie zijn: verbaal/linguĂŻstische intelligentie (woordslim) logisch/mathematische intelligentie (rekenslim) visueel/ruimtelijke intelligentie (beeldslim) muzikaal/ritmische intelligentie (muziekslim) lichamelijke/kinesthetische intelligentie (beweegslim) interpersoonlijke intelligentie (mensslim) intrapersoonlijke intelligentie (zelfslim) natuurgerichte intelligentie (natuurslim) Volgens Gardner heeft ieder mens meerdere van deze intelligenties als voorkeur, ieder eigen unieke patroon van intelligenties.

132  


Dit programma is nooit als geheel geĂŻmplementeerd, wegens het niet hanteren van de werkende principes 12-15. Op blz. 169 staan ze bij elkaar. Onderdelen uit het programma worden nog op heel wat opleidingen gebruikt. 4.4.5.2 modules Ook de digitale didactiek is maar deels ontwikkeld. We wilden binnen mevolution (wat toen nog i-drive heette) zogenaamde modules introduceren. Een module is een verzameling samenhangende gidsen/tools. We hadden het idee nog op de langere termijn weg gemoskoud... Hieronder het schetsontwerp:

Deze gids/tool zou ik graag willen maken met Harry Jurres samen, een collega op het Friesland College, die is opgeleid door het Centrum voor de Ontwikkeling van Creatief Denken als facilitator van creatief denk-sessies. Met hem ontwikkelde ik een aantal werkvormen om die creatiefdenktechnieken toe te passen in het MBO. Het gaat om de groene fase van het ontwerpproces. Ik maakte er dit filmpje over. https://vimeo.com/14865387

133  


4.4.5.3 van levensverhalen naar levenslijnen Zoals je net hebt kunnen lezen in het Master of My Life-programma ontwikkelden ons denken zich van het schrijven van levensverhalen naar het maken van multimediale levenslijnen. Vanuit allerlei hoeken kwam dit idee op mijn pad. Iemand die van schrijven houdt, die verbaal linguïstisch intelligent is, mag nog altijd blijven schrijven, maar de levenslijn aanpak geeft ruimte aan alle intelligentievormen en maakt ook de abstractere laag letterlijk zichbaar. Eind 2010 maakte ik 2 filmpjes voor Jeugdhulp Friesland, die laten zien hoe je een levenslijn kunt maken met mevolution. https://vimeo.com/19254641 https://vimeo.com/19059234 Op PABO Edith Stein in Hengelo wordt aan de studenten gevraagd een dergelijke levenslijn te maken en om vervolgens theorieën uit het vakgebied Pedagogiek Onderwijskunde te koppelen aan die lijn, bij wijze van verdieping. Een voorbeeld daarvan is dus de motivatietheorie en hoe die van toepassing is op jezelf. Je kunt een levenslijn ook aan een onderwerp onhangen, bijvoorbeeld maak je dan een lijn van je eigen leer-ervaringen of een lijn van je eigen gezondheid. Het is altijd een grote kunst om dit reflectieniveau op gang te brengen. Ben Feiertag, een collega met wie ik samenwerkte op het Friesland College is op dit vlak een geweldenaar. Hij ontwikkelde de "wadden-workshop", die ik iedereen toewens. Ik maakte er een film van: https://vimeo.com/14886809 In 2004 al had ik het idee gekregen om het Chatrats Multiversum door te ontwerpen tot een levenslijn applicatie, waarin naast "content" ook deelnemers elkaar zouden kunnen vinden op basis van metadatering. Niels Floor van Shapers maakte er deze sfeer impressie van (had er alleen nog deze enigszins verfrommelde plaatjes van...). Dit is een onvervuld en zeer sterk verlangen, dat ook in hoofdstuk 5.1 een vorm krijgt als het idee voor een Creating Community.

134  


135  


136  


4.4.5.4 het multimediale leerbewijs In de afgelopen 3 jaar was ik onder meer ontwerper van het TOP-programma van de Pabo Edith Stein in Hengelo. Aan die hogeschool is een lectoraat verbonden met de naam "Rich Media and Teacherlearning", lector is Ellen van den Berg. Zij heeft de theorie onderzocht dat je dieper leert wanneer je op een bepaalde manier gebruik maakt van multimedia en vooral video. Binnen het TOP-programma hebben we daar een aanpak voor ontwikkeld. Studenten wordt gevraagd om in tweetallen een gefilmd leerbewijs te maken. Een van de studenten geeft een les op een basisschool en vraagt aan de andere student om haar te filmen. Ze legt aan haar medestudent precies uit om welke aspecten het gaat. Dus bijvoorbeeld: "Film eerst mijn instructie en focus je daarna op interactie tussen de kinderen. Maak close-ups van de producten die de kinderen maken. Hiermee vindt een eerste reflectie plaats op hetgeen de student heeft geleerd en hoe ze dat aan een buitenstaander kan laten zien. Het activeert dus het denken: "Ik kan het en ik weet ook waarom." werkend principe 23 (hoort bij 10 en 11): veroorzaak een creatieve spanning tussen leren in de beroepspraktijk en reflectie op metacognitief niveau Levens lang leren betekent dat je leert leren. Leren leren is leren op een metacognitief niveau. Niet alleen het resultaat telt maar ook het proces er naar toe. Word je beter in het proces van leren, dan boek je ook betere leerresultaten. Om de transfer problematiek zo klein mogelijk te houden, leer je het beste in de context waarin je het geleerde direct kunt toepassen in de geïntegreerde vorm van vaardigheid, kennis en beroepshouding. Het werkende principe gaat over het veroorzaken van een creatieve spanning tussen beide aspecten. Werk niet alleen, creëer voldoende "vertraagde tijd" om op je werk te reflecteren. Werkresultaten zullen beter zijn dan wanneer je gedurende die totale tijdsinvestering alleen maar zou werken. Het is zoiets wat de Fransen zeggen: retirer pour mieux sauter: eerst achteruit lopen om vervolgens verder te kunnen springen. Daarna wordt de studenten gevraagd om samen een "best of" te monteren uit het opgenomen materiaal. Het proces van samen kiezen uit het opgenomen materiaal is de tweede reflectie. Een leerbewijs moet vervolgens altijd bestaan uit: 1. de gefilmde vaardigheden, dat noemt men het "handen-niveau" 2. een geschreven of gefilmde reflectie op dat "handen-niveau", dus bewijs van kennis over de vaardigheden: knowhow 3. een koppeling aan onderliggende theorie, "hoofd-niveau", dus conceptuele kennis 4. een reflectie op het beroepsidentiteits-niveau: wat heeft deze ervaring met me gedaan? Het "harts-niveau". Dat heeft meestal direct verband met de reflectie op het 5de aspect: 5. een reflectie op het ontwerpproces van de eigen leeropdracht. Het geheel wordt vormgegeven in mevolution. Op de volgende pagina zie je een illustratie hier van. Het vijfde aspect is in dit geval ontleend aan een portfolio van een student van de Jazz Musical Dansopleiding van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten: Art Srisavam. Voor de PABO heb ik een filmpje gemaakt van onze aanpak: https://vimeo.com/15359156

137  


138  


4.4.5.5 werkvorm om je bewust te worden van de 4 fases In "hoofdstuk 4.1. samenvatting" heb ik een aantal elementen opgesomd die allemaal geregeld moeten zijn om het Sociaal Ontwerpende Leren te kunnen laten slagen. Een aantal deelaspecten heb ik de hoofdstukjes daarna samengevat. Tot slot van dit hoofdstuk wil ik je het beste voorbeeld laten zien dat ik in de afgelopen jaren heb meegemaakt van een didactische werkvorm om het bewustzijn over de 4 fases van het Sociaal Ontwerpende Leer-proces bij de studenten op gang te brengen. Het speelt zich af op de Jazz Musical Dansopleiding van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Het maakt deel uit van Gerleens geweldige aanpak in haar Leren Leren workshops. De eerstejaars studenten hebben een introductieperiode achter de rug. Er was -onder veel meer- een werkvorm waarin de eerstejaars zich voorstellen aan de ouderejaars studenten. Die werkvorm was: de ouderejaars tekenen een portret van de eerstejaars en voegen daar allerlei kreten aan toe, die voortkomen uit het interview dat de ouderejaars met de eerstejaars afnemen. Hier hebben ze gewerkt in drietallen. Daarna presenteert elke eerstejaars zijn eigen portret weer aan de grote groep met alle studenten bij elkaar. In de week die daar op volgt maken docenten Gerleen en Agnieta van dat materiaal en van nieuw geĂŻmproviseerd materiaal samen met de eerstejaars studenten een voorstelling, waarmee ze weer optreden voor de ouderejaars. In een notendop en in een hogedrukpan komen zo alle aspecten van het danstheater maken -dus van het beroep- aan de orde. Deze enerverende en vaak wat verwarrende ervaring vormt de ideale ondergrond voor de werkvorm. over de 4 fases. De timing van deze werkvorm is dus van groot belang. Het gaat er om dat je een gemeenschappelijke ontwerpervaring achter de rug hebt, zodat je er samen op terug kunt kijken. De eerstejaars voorstelling is nu twee weken geleden. Dus het heeft even kunnen bezinken, maar is weer niet weggezonken. Dat is het goede moment. Gerleen begint met een rondvraag, iedereen moet iets zeggen: "Waar denk je aan bij woord "proces"?" "Begin, eind, van het een komt het ander, lukken, mislukken, hoe iets tot stand komt, fases...enz." Het fenomeen wordt losgedacht, het subjectieve concept wordt geopend, zeggen we dan in jargon. Vervolgens legt Gerleen onderstaande afbeelding uit:

139  


Gerleen: "Dit proces komt overal in terug. Zelfs bij het aankleden vanmorgen... " Ze vertelt hoe dat bij haar ging vamorgen door in de kring de 4 fases door te praten en letterlijk te door lopen. Daarna vraagt ze Joelle om hetzelfde te doen met haar aankleedritueel. Het gaat hier om de kracht van Gerleens vragen aan Joelle. Joelle vertelt bijvoorbeeld dat ze die dag met laarzen van huis ging en in een tussenuurtje gympen heeft gekocht...een kleine anekdote is dat Joelle geen plastic tasje wilde van de verkoopster, want zo is ze opgevoed... Terwijl is de rode realisatiefase staat af te rekenen is er tegelijkertijd een aspect aan de orde uit de blauwe of verkenningsfase, namelijk van de identiteit van Joelle. Gerleen probeert steeds duidelijk te maken dat de 4 fases er tegelijkertijd zijn, dat je in bewustzijn steeds switchet van de ene naar de andere fase, dat het zeker niet steeds logisch achter elkaar is, maar dat je aan het einde van een proces iets gedaan hebt in alle fases. Scheppen gaat uit het niets en aan het einde heb je 4 seizoenen meegemaakt. Ze doorloopt dit proces -letterlijk dus- nog een keer. Dit keer met student Cris en dan over het onderwerp "werken aan beter worden in "ritme"". Gerleen is de interviewer en iedereen stelt voor zichzelf maar hardop verhelderende vragen.

140  


In de volgende sessie, een dag later, borduurt ze hier op voort. Nu is het onderwerp "de eerste jaars voorstelling." Mede regisseur Agnieta is er ook bij. De kring wordt nu zo groot als het hele lokaal. Er wordt in tweetallen gewerkt.

Iedereen schrijft met een stift groot op een A4tje steeds een ander aspect van het maakproces van de voorstelling. De studenten moeten bedenken in welke fase van het ontwerpproces dit aspect thuis hoort en dat A4tje vervolgens neerleggen in het kwart van die fase. Gerleen heeft ter plekke 4 markeringspunten gemaakt.

141  


142  


"Wat hoort nou waar en waarom dan?"

143  


Wat Gerleen opvalt is dat de gele of oogstfase langdurig leeg blijft. De studenten blijken er moeite mee te hebben. Na een losdenk interventietje komen ze ook los op die fase.

144  


145  


Wanneer de studenten klaar zijn, lopen ze samen met Agnieta en Gerleen alle fases af. De begrippen worden geordend. Soms wordt er iets dat vergeten is alsnog toegevoegd. Agnieta en Gerleen vertellen hoe het tussen hen in z'n werk is gegaan.

146  


"Deze ideeën hebben we ontwikkeld in de groene of ideeontwikkelingsfase en maar een deel van de ideeën zijn we ook echt gaan doen in de rode of realisatiefase. Dat is een belangrijk besluitvormingsproces." Gerleen pakt letterlijk de A4tje met daarop de uitgekozen ideeën beet en legt ze op weg naar de rode of realisatiefase. De gele of oogstfase blijkt het meeste gespreksstof op te leveren. "Hoe ga je nu om met vieren en kritiek net afloop van een voorstelling, wanneer je net van het toneel afloopt?" "Hoe leer je nu van ervaring, hoe ga je er mee verder?"

147  


Over een paar dagen is de zogenaamde "prestatie markt". De studenten gaan dan voor het eerst, gedurende een periode van 6 weken, zelf voorstellinkjes maken en moeten elkaar verleiden op de markt om mee te doen. Nu gaan ze het sociale-leer-ontwerp-proces voor het eerst bewust meemaken... Elk reflecteren achteraf is vanzelf weer reflecteren vooraf. Maar het beste begin je achteraf... werkend principe 25: eerst het ei dan de kip Met leren reflecteren op het proces begin je het beste achteraf. Eerst het ei dan de kip...

148  


5. doorontwikkeling Ik nader het einde van een 2de 7 jaars periode van mijn ontwikkeling. Het is nu tijd om een nieuwe richting te bepalen. Er is een aantal lijnen waarlangs die ontwikkeling zou kunnen lopen: Het huidige platvorm moet worden doorontwikkeld om het tablet/smartphone-geschikt te maken. Er is zo'n 6 jaar gebruikers-ervaring met versie 1.0. Het is ook tijd om het geleerde als verbeteringen te implementeren. Er dient zich een potentiële nieuwe opdrachtgever aan voor mijn ideeën van een creating community: Consent... Ik wil een school beginnen en expertisecentrum worden voor alle leeftijden in het mevolutionleren-leren programma. Het is ook een primair onderwijsschool waar leerkrachten in de praktijk worden opgeleid. Sociaal Ontwerpend Leren is het onderwijs concept. De 3 O's staan er centraal: onderzoeken, ontwerpen, ondernemen. Het is vorm van liberal arts: socratische pedagogiek en kunstvakken gericht op leren reflecteren op je eigen handelen. Zoals ik al beschreef in "een korte samenvatting van de tijd waarin we leven" worden er op de school ook zogenaamde "kennismakers" opgeleid, facilitators van een nieuwe vorm van democatie, demoSocratie:"Kennismakelaar" wordt een van de belangrijkste nieuwe beroepen. Ik stel me een hybride versie voor van een bibliothecaris, een leraar, een priester, een buurtwerker en een facilitator. Om van informatie kennis te maken, moet je eerst kennis maken met elkaar... een kennismaker." De school moet Cradle2cradle worden gebouwd en qua energie en voedselvoorziening selfsupporting zijn. Iedereen die er les krijgt heeft ook een leertaak in het onderhoud. Digitale didactiek speelt een belangrijke rol, zodat de school een sateliet-functie kan krijgen voor leraren in binnen en buitenland. Ik wil mijn boek afschrijven over de mevolution-visie en werkwijze. Dat verhaal uitdragen in lezingen en er een film of een documentaire reeks over maken. Tot slot laat ik hier na nog een schetsontwerp zien van een Creating Community en van de "feedback-app", waarvan ik de ideeën heb uitgewerkt met Wessel van Eeden en Gerleen Balstra.

149  


5.1 creating community

werkend principe 15: The Creating Community Onderwijs innovatie komt alleen tot stand wanneer alle deelnemers met elkaar een lerende gemeenschap vormen. Dus niet alleen de leerlingen leren, maar ook de leraren, schoolleiders en bestuurders. Volgens principe 4 is leren een creatief proces dus moet je een creërende gemeenschap vormen, waarin iedereen leert van zijn eigen en elkaars ervaringen op alle niveaus. De ontdekte werkende principes vormen weer de input voor een nieuwe ontwerpcyclus. Volgens alle tot nog toe geformuleerde werkende principes, maar speciaal 10,11,12,13,14,15, en 23 wil ik een Creating Community opzetten. N.a.v. een aantal oriënterende gesprekken met de bestuursvoorzitter van het scholenbestuur Consent Marcel Poppink heb ik daar woorden en beelden aan gegeven:

150  


151  


152  


153  


De werkvorm "waarderend onderzoeken" vind ik een goed voorbeeld van socratische pedagogiek.

154  


155  


156  


157  


158  


159  


160  


161  


162  


5.2 mevolution, the feedback-app Begin 2012 zijn Wessel, Gerleen en ik gaan nadenken over mijn idee om een feedback-app te maken. Dit was het idee dat ik heb ingebracht.

Het werkt heel eenvoudig. Je kiest 1 of meerdere contacten uit je lijst en die stuur je een bericht. Dat kan met tekst, maar je kunt ook een videoboodschap sturen. Aan je bericht voeg je 1 of meerdere ontwikkelingslijnen toe. Een ontwikkelingslijn is een competentie geformuleerd in een beginners en een expertniveau. Hoi  Bart,  we  hebben  met  elkaar  gewerkt  in   bouwproject  X  in  Shanghai…(en  nog  wat   beleefdheden)…Ik  had  me  voorgenomen  te   werken  aan  deze  ontwikkelingslijnen.  Wil   je  me  eerlijk  zeggen  hoe  je  me  hebt   ervaren,  specifiek  op  deze  lijnen.     Zelfsturing  competentie  5   Zelfsturing  competentie  10     Vakcompetenties  ingenieur  waterbouw  1   Vakcompetenties  ingenieur  waterbouw  4     Je  kunt  me  scoren  tussen  1  en  5  en  een   toelichting  geven.     Daarnaast  ben  ik  open  voor  suggesties   over  de  volgende  stap  in  mijn   ontwikkeling.   Veel  dank  en  uiteraard  tot  wederdienst   bereid.     Cioa    Meiying      

 

163  


Bart ontvangt het bericht en klikt bijvoorbeeld op “zelfsturing competentie 5”

Wanneer hij klikt op "zelfsturing competentie 5" verschijnt dit scherm:

Ik  wil  me  ontwikkelen  op  deze  lijn.  Ik  heb   gemerkt  dat  ik  in  een  groep  waarin  we  tot   nieuwe  ideeen  moeten  komen  om  een   probleem  op  te  lossen,  weinig  inbreng  heb.  Te   weinig  naar  mijn  ambitie.  Ik  durf  vaak  niet  uit   te  komen  voor  mijn  ideeen  omdat  ik  denk  dat   ze  niet  goed  genoeg  zijn  en  ik  blijf  ook  altijd   maar  logisch  na  denken  en  dan  meteen  alleen   maar  de  praktische  bezwaren  zien  en  ik  heb   gemerkt  dat  ik  zo  niet  verder  kom.  Ik  kan  me   bijna  niet  voorstellen  dat  ik  ook  met   oorspronkelijke  ideeen  zou  kunnen  komen.   Anderen  zijn  daar  veel  beter  in.  

Hallo  Meiying,  leuk  van  je  te  horen  en  nog  wat   beleefdheden)…Ik  score  je  op  de  competentie  op   een  3  in  het  midden  dus.  Ik  herken  wat  je  er  zelf   over  zegt,  maar  vooral  in  de  beginfase  van  ons   project.  Ik  merkte  dat  je  je  op  een  gegeven   moment  veiliger  leek  te  voelen  en  je  daardoor   met  name  op  ideeen  van  anderen  begon  door  te   denken.     Je  zou  meer  ervaring  moeten  opdoen  in  het   divergeren.  Ik  raad  je  dit  boek  aan  en  dit  filmpje   op  omdat  .....    

 

164  


We vonden dit idee teveel gericht op een professionele markt en het leek ons spannend om iets te bedenken dat veel toegankelijker was:

165  


Zo bedachten we een feedback app o.b.v. de zelfsturingcompetenties:

166  


en maakten we het idee nog simpeler:

167  


168  


6. lijst van 25 werkende principes blz. 3 werkend principe 1: de weg naar binnen en buiten De oerbehoefte van ieder mens is om zichzelf te leren kennen en om zichzelf tot expressie te brengen: het leren kennen van de weg naar binnen en de weg naar buiten. werkend principe 2: de leraar als rolmodel Wanneer je je eigen levensverhaal aan een ander vertelt, antwoordt iemand met het zijne. De belangrijkste rol van een leraar is die van rolmodel, voorleven werkt veel sterker dan instructie en voordoen. blz.4 werkend principe 3: motivatie 3 aspecten van motivatie: Wanneer je leren weet te koppelen aan iemands biografie ontstaat er grote betrokkenheid. Wanneer je lerenden (mede)verantwoordelijk maakt voor hun eigen leren en er is dus een ruime mate van keuze vrijheid, ontstaat er veel motivatie. Doe je daar en boven ook de juiste dingen in het groepsdynamische proces, dan ontstaat bijna bij iedereen een flowervaring. Het leren stopt niet meer als de bel gaat. blz.9 werkend principe 4: zelfsturend leren is een creatief proces Zelfsturend leren is hetzelfde als het doorlopen van een creatief proces. Het model van dat creatieve leerproces kent 4 fases: de fase van de probleemstelling, de fase van de ideeontwikkeling, de fase van de realisatie en de fase van het vieren en evalueren van het resultaat. (In de mevolution-tijd heb ik dit model doorontwikkeld tot de ontwikkelspiraal en de 12 vermogens voor Sociaal Ontwerpend Leren, zie al daar): werkend principe 5: de ruimte alleen al veroorzaakt een mentaliteitsverandering Leren, waarin zelfsturing de motor is, vraagt om een verandering van mentaliteit van consument naar ondernemer. Tijdens het doorlopen van het creatieve leerproces moet je steeds van houding/mentaliteit wisselen. De architectuur van een al dan niet virtueel gebouw speelt daarin een belangrijke rol. In een kerk gedraag je je spontaan anders dan in een kroeg. In veel scholen lijken alle ruimtes op elkaar en ze nodigen weinig uit tot ondernemen. blz.17 werkende principe 6: tijd. Een succesvolle leeromgeving (ruimte) heeft een ritme van activiteiten nodig (tijd) waarbinnen online en i.r.l. activiteiten, solo en samenwerkingsactiviteiten, begeleide en onbegeleide activiteiten op een effectieve wijze worden afgewisseld.

169  


blz.18 werkend principe 7 o.g.v. digitale didactiek: je kunt mensen en content matchen door ze te helpen bij het metadateren van zichzelf. Dit leidt ook tot meer compassie. blz.20 werkend principe 8 o.g.v. digitale didactiek: hulp bij het vinden van "woorden voor je gevoelens" op een speelse manier werkt. blz.31 werkend principe 9: ieder mens is meervoudig intelligent Een veelbelovende indeling is die van de Amerikaanse psycholoog Howard Gardner in zijn theorie van de Meervoudige Intelligentie uit 1983. De verschillende intelligenties volgens de theorie zijn: verbaal/linguĂŻstische intelligentie (woordslim) logisch/mathematische intelligentie (rekenslim) visueel/ruimtelijke intelligentie (beeldslim) muzikaal/ritmische intelligentie (muziekslim) lichamelijke/kinesthetische intelligentie (beweegslim) interpersoonlijke intelligentie (mensslim) intrapersoonlijke intelligentie (zelfslim) natuurgerichte intelligentie (natuurslim) Volgens Gardner heeft ieder mens meerdere van deze intelligenties als voorkeur, ieder eigen unieke patroon van intelligenties. blz.32 werkend principe 10: van narcisme naar compassie Ieder mens heeft het in zich om zich te ontwikkelen van narcisme naar compassie. Door begeleiding te bieden bij het schrijven van een levensverhaal, bijvoorbeeld door begeleiding te bieden bij het vinden van woorden, beelden en andere betekenisgevers en door begeleiding te bieden bij het delen van levensverhalen, vindt er een diepgaande reflectie plaats op drijfveren en ontstaat er een versnelling in de ontwikkeling van narcisme naar compassie.

170  


blz.37 werkend principe 11: zoals 10 maar dan op groepsniveau van narcisme naar compassie Door de sleutelervaringen in ieders leven ontstaan er waarden, kernwaarden, richtinggevende idealen. Datzelfde geldt op het niveau van bedrijven en instellingen. Ook gemeenschappen van mensen hebben levensverhalen, waarin de sleutelmomenten zorgen voor het ontstaan en voor het laden met betekenis van de "kernwaarden". Door op die verhalen, sleutelmomenten en de onderliggende waarden met elkaar te reflecteren door een regelmatig terugkerend ritueel waarin het op kunstzinnige wijze tot expressie brengen van die waarden centraal staat, ontstaat compassie, sociale cohesie, een groter geluksgevoel, meer motivatie. We voelen ons meer dan de som der delen, waardoor de arbeidsproductiviteit zal stijgen. blz.38 werkend principe 12: de kracht en de beperking van een visionair Het volgende principe is van toepassing op elke aanstekelijke visionair. Ik heb het talent om mensen mee te krijgen in mijn visie op veel niveaus: bestuurders, fondsen, sponsors, schoolleiders, leraren, leerlingen. Ik spreek tot hun verbeelding en verleidt ze me te volgen. Ze putten hoop uit mijn visie en laden zich op aan mijn energie. Dat is alleen het begin van een implementatietraject. Met fundamenteel eigenaarschap creĂŤren en -nog een stap verder- een systeemverandering bewerkstelligen heeft het wel te maken, maar daarvoor moet er heel wat meer gebeuren. Daar komt bij dat de aanstekelijke visionair ook altijd een tegen reactie oproept. Een groep mensen is allergisch voor alles wat naar goeroeschap ruikt. Er is ook een groep die zich snel bedreigt voelt. Men heeft belang bij een status quo en die wordt bedreigt door de visionair. Jaloezie of angst voor verandering spelen dan een rol. Ook is er groep mensen die zich dom gaan voelen in de aanwezigheid van een visionair. En of dat nu terecht is of niet, vaak wordt dan de boodschapper van dat "slechte" nieuws om zeep geholpen. Een visionair hoeft niet altijd alles te zeggen wat hij "ziet". werkend principe 13: systeemverandering Een systeemverandering bewerkstelligen vraagt interventies op alle niveaus tegelijkertijd. Alleen een pilot doen met early adopters zonder een goeie stakeholder-analyse te maken met een bijbehorend actieplan, zal doodbloeden. werkend principe 14: Practice what you teach. Werk vanuit gedeelde waarden, consequent en bewust op alle niveaus' in de organisatie. Je kunt niet biografisch werken met leerlingen en van daaruit hun ondernemerschap en creativiteit stimuleren, zonder als begeleider hetzelfde voor te leven. Begeleiders van programma's voor biografisch leren en creativiteit voelen zich niet veilig wanneer de vereiste cultuur die daar voor nodig is, niet ook in het personeelsbeleid aanwezig is en wordt voorgeleefd door de leider van de organisatie.

171  


blz.40 werkend principe 15: The Creating Community Onderwijs innovatie komt alleen tot stand wanneer alle deelnemers met elkaar een lerende gemeenschap vormen. Dus niet alleen de leerlingen leren, maar ook de leraren, schoolleiders en bestuurders. Volgens principe 4 is leren een creatief proces dus moet je een creërende gemeenschap vormen, waarin iedereen leert van zijn eigen en elkaars ervaringen op alle niveaus. De ontdekte werkende principes vormen weer de input voor een nieuwe ontwerpcyclus. werkend principe 16: onwankelbaar geloof leidt tot synchroniciteit Een van mijn beste vrienden werkt als systeemarchitect bij Atos Origin. Hij noemt zichzelf breinprostitué. Hij is bovenmatig intelligent en creatief, maar hij doet alleen wat de klant hem vraagt. Om Chatrats, de WaardenRing en Mevolution heeft nooit iemand mij gevraagd. Het leek me goed dat het er zou zijn, zeker, persoonlijke eer en glorie speelde een rol, maar vooral mijn visie op de ontwikkeling van de mensheid. Voor een deel voel ik me verwant met Steve Jobs, die een hekel aan marktonderzoek had, omdat de klant helemaal niet weet wat er kan, laat staan wat hij wil. Als marktonderzoek leidend was geweest, was er nooit een Iphone geweest. Marktonderzoek doen is overigens heel wat anders dan gebruikersevaluaties houden om te komen tot verbeteringen. Er zijn wel steeds mensen op mijn pad gekomen, die durfden geloven in mijn plannen: bepaalde docenten, schoolbestuurders, beslissers bij particuliere of overheids fondsen. Ik zal nooit vergeten dat ik gebeld werd door een non uit een niet nader te noemen kloosterorde. Ze wilde mijn rekeningnummer hebben. Ik had alleen nog nooit een subsidieaanvraag ingediend. Ze had van ons project gehoord en het klooster had besloten om ons te ondersteunen. Geen papierwerk of groots en meeslepende presentaties waren er nodig, zelfs geen naamsvermelding. Ze geloofden in onze plannen en dat we die gingen waarmaken. Verder was het in Gods hand...Ze maakten een bedrag over met 4 nullen. Geloof is er nodig, onwankelbaar geloof.

172  


werkend principe 17: reflecteren op de laag van het ideaal en van de verantwoordelijkheid in het hier nu Ik heb geleerd, bij alles wat ik doe, om te reflecteren op twee niveaus. Reflecteer op je idealen. Dragen je handelingen in het hier en nu bij aan het realiseren van je idealen? Zijn je idealen zuiver? "Persoonlijke eer en glorie" als drijfveer, vind ik bijvoorbeeld niet zuiver. Reflecteer tegelijkertijd op je verantwoordelijkheid in het hier en nu. Wat is de juiste volgende stap om te zetten? Alleen reflecteren op beide niveaus veroorzaakt de juiste creatieve spanning. Wanneer je zoals ik behept bent met een grote visie en met een enorm aantal ideeën, is dit een hele grote uitdaging. In mijn geval vraagt het om veel gevoel van eigenwaarde, zelfliefde, geloof in jezelf en dat het leven je altijd zal voeden. Dat heb ik vaak het aller moeilijkst gevonden. Zelfhaat is voor mij vaak dichterbij. Altijd klaar voor de afwijzing. Maar dat is -in mijn geval- onverantwoordelijk gedrag. Er zijn maar weinig mensen visionair. Er zijn ook maar weinig mensen, die een visionair herkennen en er iets mee willen, anders dan zich laten entertainen door een mooi verhaal. De taak van de visionair is om mensen mee te nemen op avontuur. De meeste mensen zijn niet zo avontuurlijk, we zijn vooral gewoontedieren. Wanneer iemand wil vasthouden aan zijn gewoontes, moet ik dat niet zien als persoonlijke afwijzing. Dat vraagt dus een autonoom opereren, waar het erkenning betreft en tegelijkertijd mag dat niet leiden tot een bord voor mijn kop. Reflecteren op twee niveaus dus. Multidisciplinaire en multiculturele communicatie vanuit mijn visie is mijn grootste kracht gebleken naast omgaan met tegenslag. Mijn moeder noemt me om die reden een duikelaartje. Ik kom altijd weer overeind. blz.41 werkend principe 18: moskouwen In het kader van software ontwikkeling, leerden we van een projectmanager van Atos Origin de techniek "muscowen", spreek uit "moskouwen". Je labelt je plannen met Must have, Could have, Won't have this time. De musthaves maak je, de couldhaves als je tijd over hebt en rest spreekt voor zich. werkend principe 19: korte iteratieslagen i.s.m. de gebruikers Software ontwikkel je het beste door korte iteratieslagen te maken, waarbij je tussenproducten steeds met de gebruikers uittest. Zo voorkom je dat je vanuit te technisch of te idealistisch denken lostrilt van de werkelijkheid. Je creëert zo mede-eigenaarschap bij de gebruikers. Het is ook heel stimulerend om snel resultaat te boeken, al zijn het tussenresultaten: er valt wat te vieren. Het vraagt wel om een andere manier van plannen en budgetteren en om een ander verwachtingsmanagement. Het is complexer en vraagt om een betere projectleider/manager dan wanneer je de traditionele waterval-methodiek gebruikt. werkend principe 20: online heeft altijd verband met i.r.l. Bij software ontwikkeling moet je je realiseren dat wat je maakt, bijvoorbeeld een e.l.o. functioneert binnen een ritme van activiteiten dat zich online of In Real Life afspeelt. Je moet scherp in beeld krijgen welke processen tussen mensen zich afspelen gedurende alle samenhangende activiteiten.

173  


blz.42 werkend principe 21: weerstand bij software ontwikkeling. Meewerken aan de ontwikkeling van nieuwe media vraagt van een gebruikerspanel dat men bewustzijn kan en wil maken over de eigen werkprocessen. In het begin is men zich daar vaak niet van bewust. Hoe doe je je werk? "Nou gewoon...". Meta cognitie is niet aan iedereen gegeven. Meewerken aan de ontwikkeling van nieuwe software is heel wat anders dan de software uiteindelijk gaan gebruiken. Weerstand kan ontstaan op meer niveaus: tijdens de software ontwikkeling: Niet kunnen omgaan met de onzekerheden en het continue veranderingsproces. tijdens de implementatie: Niet kunnen omgaan met het moeten veranderen van je eigen routines. "Die nieuwe software is kut omdat ik mijn werk nu op een andere manier moet gaan doen en het niet werkt zoals ik gewend ben..." of "Die nieuwe software is kut omdat ik fundamenteel op een andere manier moet gaan werken", wat op zich niets te maken heeft met de software, die is dan alleen maar de boodschapper van het slechte nieuws. tijdens het debuggen van versie 1.0 naar 1.1.: Niet kunnen omgaan met de technische onvolmaaktheid van software en nieuwe media in het algemeen...

werkend principe 22: kijk naar nieuwe media als icct: Informatie, Communicatie en Creatie Technologie. Het samen kunnen creëren is een heel fundamenteel aspect van het web 2.0 of 3.0 of hoe je dat ook noemen wilt. In de biografie van Steve Jobs las ik dat hij die laatste C vergeten was te betrekken bij de ontwikkeling van eerste versie van de Ipad. Gebruikers konden er niks op maken. Dat heeft hij snel aangepast! blz.50 werkend principe 23 (hoort bij 10 en 11): veroorzaak een creatieve spanning tussen leren in de beroepspraktijk en reflectie op metacognitief niveau Levens lang leren betekent dat je leert leren. Leren leren is leren op een metacognitief niveau. Niet alleen het resultaat telt maar ook het proces er naar toe. Word je beter in het proces van leren, dan boek je ook betere leerresultaten. Om de transfer problematiek zo klein mogelijk te houden, leer je het beste in de context waarin je het geleerde direct kunt toepassen in de geïntegreerde vorm van vaardigheid, kennis en beroepshouding. Het werkende principe gaat over het veroorzaken van een creatieve spanning tussen beide aspecten. Werk niet alleen, creëer voldoende "vertraagde tijd" om op je werk te reflecteren. Werkresultaten zullen beter zijn dan wanneer je gedurende die totale tijdsinvestering alleen maar zou werken. Het is zoiets wat de Fransen zeggen: retirer pour mieux sauter: eerst achteruit lopen om vervolgens verder te kunnen springen.

174  


blz.102 werkend principe 24 (hoort bij 5): begin altijd in "de lege ruimte" blz.148 werkend principe 25: eerst het ei dan de kip met leren reflecteren op het proces begin je het beste achteraf. Eerst het ei dan de kip...  

175  


120928 14 jaar onderwijsontwerpen deel 2