Rechtuit - december '23

Page 1

Willemsfonds Magazine December 2023 jaargang 30 P602478 Afgiftekantoor Gent X

Rechtuit

Denkdag Cultuurparticipatie 16 maart 2024


COLOFON

IN DIT NUMMER | DECEMBER 2023

Hoofd- en eindredactie Cédric Ista Redactieraad Pascale Braeckman, Cédric Ista, Luc Govaert, Mieke De Groen Vormgeving Pascale Braeckman Druk NV Drukkerij Verbeke drukkerij.verbeke@skynet.be Werkten mee aan dit nummer Marc Vanrijckeghem, Stephanie D’Hose, Peter Hoet, Sonja De Craemer, Gent Leest, Jeanne Verhaegen, Hans Van Tania Menten, Bart D’hondt, Sebastien Baudart, Kris Huygen, Guido Margodt

© Shutterstock

1

Voorwoord

2

Dossier Cultuurparticipatie Interview Stephanie D’Hose Cultuurparticipatie binnen jouw afdeling Interactieve denkdag Mensen zijn solidaire wezens

Verantwoordelijke uitgever Marc Vanryckeghem Redactiesecretariaat Vrijdagmarkt 24-25, 9000 Gent Tel: 09 224 10 75 - fax 09 233 10 65 info@willemsfonds.be www.willemsfonds.be Lidmaatschap € 15,- voor een hoofdlid en € 3,- voor elk bijkomend gezinslid. Jongerenlidmaatschap -30j gratis. willemsfonds.be/lid-worden IBAN BE39 0010 2817 2819 BIC GEBA BE BB Coverbeeld Denkdag Cultuurparticipatie © D’Hosis Cultuur De artikels vallen onder de verantwoordelijkheid van de auteur. Willemsfonds vzw heeft haar uiterste best gedaan om de rechthebbenden van het gebruikte beeldmateriaal te achterhalen. Meen je rechthebbende te zijn van een of meer van de foto’s die wij hebben gebruikt in ons magazine, dan vragen we je vriendelijk contact op te nemen met de hoofdredacteur: cedric.ista@willemsfonds.be.

8

Leesfonds Niets is mooier dan de liefde voor het boek doorgeven aan kinderen

10

Ontdek de kunst van SamenLezen Kom op 16 december naar onze inspirerende introductiedag

12

Willems Boekavan Willems Boekavan maakt zijn opwachting in Keerbergen/Tremelo

13

Recensie Miss Guggenheim

14

Gent Leest Bekendmaking shortlist

18

Vloed Een tekst is nooit af

20

Inclusie Met weinig gelt?

22

De Naakte Willemsfondser

25

150 jaar Willemsfonds Brussel

27

Jeugddichter van Zwevegem

29

Vrijspraak 2024

30

Willemsfondsarchief Vossenstreken

32

Creatief Willemsfonds Regie Van Troost


WILLEMSFONDS VOORWOORD

Hoe dragen wij als vereniging bij aan het verrijken van levens door cultuur? Met warmte en genoegen begroet ik je bij de laatste editie van Rechtuit voor dit jaar. 2023 was voor ons, als socioculturele vereniging, geen gemakkelijk jaar. Niettemin hebben we de visitatiecommissie laten zien, dat het Willemsfonds een gemeenschap is, die gedreven wordt door kennis, taal, literatuur, cultuur en bovenal verbondenheid. Terwijl we de feestmaand betreden, een tijd van samenzijn en reflectie, wil ik jullie uitnodigen om samen stil te staan bij de toekomst van het Willemsfonds. Onze vereniging is gedurende het afgelopen jaar gevormd door de vrijwillige inzet van elk van jullie. Samen hebben we cultuurparticipatie gestimuleerd, via onder andere De Bronzen Uil, de liefde voor Nederlandstalige literatuur gevierd en bruggen gebouwd tussen diverse gemeenschappen. In dit decembernummer duiken we dieper in op cultuurparticipatie, een centraal thema dat de essentie vormt van onze maatschappelijke visie Hoe dragen wij als vereniging bij aan het verrijken van levens door cultuur? Hoe verbindt cultuur ons in tijden van verandering? Dit zijn vragen die we verkennen en waarop we proberen antwoorden te vinden.

Reserveer ook zondag 16 maart 2024 in jullie agenda voor onze jaarlijkse Algemene Ledenvergadering. De AV wordt ook gekoppeld aan een interactieve denknamiddag rond cultuurparticipatie. Deze dag is een cruciaal moment, waarop we als gemeenschap samenkomen om de koers van onze vereniging te bepalen. Jullie aanwezigheid en betrokkenheid zijn van onschatbare waarde. Tot slot is het met grote vreugde dat ik de indiensttreding aankondig van onze nieuwe directeur, Els De Geest. Zij start op dinsdag 2 januari. Met haar ervaring en passie voor cultuur zal zij ongetwijfeld een aanwinst zijn voor onze vereniging. Ik wens je fijne feestdagen toe, gevuld met culturele ontdekkingen en gedeelde momenten. Laten we samen vooruitkijken naar een nieuw jaar vol groei en bloei voor het Willemsfonds. Marc Vanryckeghem, voorzitter

Op zaterdag 16 december nodigen we jullie uit voor de introductiedag Samen Lezen, een bijzondere gelegenheid om de kracht van gezamenlijk lezen te ervaren. De Bronzen Uil, ons literaire prijsevenement, blijft ook een hoogtepunt waar we de schoonheid van literatuur vieren.

1


WILLEMSFONDS CULTUURPARTICIPATIE

Cultuur is niet het zout op de friet, maar de friet zelf. Stephanie D’Hose

Bij wie of wat vond je inspiratie voor D’Hosis Cultuur? Het idee groeide vanuit mijn eigen engagement om het draagvlak voor cultuur te verbreden. Dit begon direct na de verkiezingen in 2019, als reactie op de zware besparingen op individuele kunstenaars, de kleine zelfstandigen van de cultuursector. Aanvankelijk wilde ik de boer op met een soort TED Talk genaamd ‘10 redenen om niet te investeren in cultuur’. Tijdens de presentatie werden deze redenen uiteraard allemaal weerlegd om de enorme waarde van cultuur te benadrukken. De presentatie was gereed, maar toen sloeg corona toe. Helaas kon ik er dus niet mee op pad. Toen de covidcrisis ten einde liep, ontstond onder hetzelfde doel D’Hosis Cultuur’. Ik breng mensen persoonlijk in contact met cultuur, zoals bij de Gentse Opera, het MSK, SMAK, de Minardschouwburg, Kunstencentrum VIERNULVIER, Huis van Alijn, enz. We gaan samen naar een museum of kijken achter de schermen van een opera of theater, en ik betaal de gids. Alleen zouden mensen dat misschien nooit doen. Het bleek een schot in de roos, en het concept is nu zo populair dat we steeds volgeboekt zijn! Toch had ik het gevoel dat er meer moest gebeuren. Tijdens de lockdown leek iedereen het eindelijk te begrijpen: hoe hadden we dit doorstaan zonder cultuur? Maar na de crisis werd het allemaal weer vanzelfsprekend en was het weer business as usual. Daarom besloot ik de strijd voort te zetten en lanceerde ik mijn boek: ‘The Art of Giving a Fuck About Art’. Wat zijn uw persoonlijke overtuigingen over de impact van cultuur op het welzijn en de sociale cohesie van een samenleving? Heel belangrijk. Een adagio dat ik al heel lang uitdraag is ‘Cultuur is niet het zout op de friet, maar de friet zelf’. Ik besef ten volle dat we leven voor cultuur. Het geeft ons zin, invulling, houdt ons een spiegel voor; het is werkelijk alles voor ons. Als het culturele leven stilvalt, is er enkel een ondragelijke leegte en stilte. Wie zou willen leven in een stad of gemeente zonder cultuur, bibliotheek, bioscoop of cultuurhuis? Cultuur en mentaal welzijn zijn onlosmakelijk verbonden. Er speelt een sterk psychologisch effect: cultuur zorgt voor 2

verbondenheid, en wij mensen hebben dat nodig. Cultuur geeft ons een reden om samen te komen, iets te beleven en daarover te praten. En als we erover praten, doen we dat liefst ergens gezelligs, waar ook muziek speelt, waarvoor we ons kunnen opdirken, met een hapje en een drankje, maar vooral met elkaar. Ziet u specifieke uitdagingen of barrières die moeten worden aangepakt om cultuurparticipatie te bevorderen bij mensen die mogelijk minder toegang hebben tot culturele activiteiten? Absoluut. Cultuur heeft, zoals ik al zei, enorm potentieel, maar als de cultuurparticipatie op het huidige niveau blijft, bereiken we te weinig. De grootste uitdaging voor elke vorm van kunst, cultuur of evenement is het bestaande publiek verbreden. Ook al doet iedereen op de een of andere manier al aan cultuur, men vindt te weinig de weg naar de rest, naar iets anders, iets nieuws. De belangrijkste rol is die van het onderwijs. Dat is de meest doeltreffende omgeving om de eerste cultuurbelevingen op te doen, om culturele competenties te ontwikkelen. Door cultuureducatie ontwikkelen kinderen en jongeren een cultureel bewustzijn, waardoor de kans dat ze later participeren aan cultuur wordt vergroot. Dat is dus de oplossing waar we nu werk van moeten maken, om op lange termijn van onze samenleving de meest cultuurminnende ter wereld te maken. Laaghangend fruit op korte termijn is inzetten op een grotere nabijheid van cultuur, met name binnen de Amateurkunsten. Amateurkunsten bieden namelijk een makkelijke opstap naar het ‘reguliere’ kunst- en cultuuraanbod. Iedere dorps- of stadsuitbreiding moet op die manier cultuur in de nabijheid hebben, en ook aan de randvoorwaarden van


Ja, we moeten kijken naar good practices en vertrekken vanuit internationale voorbeelden binnen stedelijke contexten wereldwijd. Enkele steden doen het zeer goed op vlak van het bevorderen van culturele diversiteit en inclusie. Denk aan Toronto, Montreal, Melbourne of dichter bij huis: Amsterdam. Zij beschikken allemaal over programma’s en fondsen die blijken te werken en die we dus onder de loep moeten nemen. Er is vandaag ook momentum voor Gent: in 2024 is Gent de Europese Jongerenhoofdstad en we gaan voluit voor de titel van Culturele hoofdstad van Europa in 2030. Ik denk dat we een goede keuze hebben gemaakt om onze kandidatuur in het licht te zetten van ‘sense of belonging’. Iedereen hoort erbij, ‘#gijdoetertoe’.

de cultuurbeleving moet voldaan zijn. Het is een opdracht voor alle schepenen ruimtelijke ordening ten lande. Hoe kunnen lokale overheden en culturele organisaties zoals het Willemsfonds samenwerken om cultuur toegankelijker te maken voor iedereen, ongeacht hun achtergrond of sociale status? De lokale besturen en het veld kunnen elkaar versterken, maar moeten elkaar ook vinden. Een goede praktijk in de lokale context is het lokale kunstenoverleg, de zogenaamde ‘loko’s’, zoals in Gent. Lokale organisaties verenigen zich en versterken elkaar. Zo’n verband zou er in iedere stad of gemeente moeten zijn. Zo is er een duidelijk aanspreekpunt binnen de sector, iemand die als lokaal woordvoerder en belangenbehartiger kan optreden. Dat is een taak voor de sector, en daarna is het aan de politiek, via de cultuuradviesraden en de schepen van Cultuur, om met de input aan de slag te gaan. De lokaal verankerde verenigingen zoals het Willemsfonds moeten vanuit hun werking blijven doen wat ze goed doen. In het verleden waren ze al enorm belangrijk bij het emanciperen van de leden, bij het toeleiden naar cultuur, en bij het wegnemen van drempels voor nieuwe leden. Vandaag vervullen ze die rol nog steeds met verve. De lokale overheden moeten de werking van het veld faciliteren door, zoals reeds aangegeven, in te zetten op nabijheid. Zijn er specifieke beleidsmaatregelen of initiatieven die je in de toekomst zou willen zien om cultuurparticipatie nog inclusiever te maken in Gent?

Zo’n kandidatuur zorgt altijd voor investeringen in de stad. Brugge houdt er bijvoorbeeld haar Concertgebouw aan over. Het kan in deze dus ook de nodige katalysator zijn naar meer inclusie. Als je ziet welke transformaties de voorbije steden hebben doorgemaakt dankzij de Europese titel, moeten we dit zien als een enorme kans naar een inclusievere Gentse samenleving. Welke boodschap wil je overbrengen aan onze lezers over het belang van cultuurparticipatie en inclusiviteit in de cultuursector? Sociaal-cultureel werk krijgt niet altijd de directe aandacht die het verdient. Toch ben ik ervan overtuigd dat het een cruciale bijdrage levert aan de vorming van onze gemeenschappen en het bevorderen van culturele diversiteit. Sommige vormen van maatschappelijke investeringen lijken wellicht zichtbaarder op korte termijn, maar het is van vitaal belang dat we niet voorbijgaan aan het langetermijnpotentieel van sociaal-cultureel werk. Deze sector werkt immers in de diepte. Het bevordert sociale cohesie, cultureel begrip en persoonlijke ontwikkeling, wat uiteindelijk leidt tot veerkrachtigere en meer inclusieve samenlevingen. Kortom, laten we luider roepen dat investeringen in cultuur en gemeenschap uiteindelijk leiden tot een gezondere en meer veerkrachtige samenleving voor ons allemaal. Ik probeer mijn steentje bij te dragen door die boodschap te verkondigen vanuit de politiek. Cédric Ista, coach communicatie Stephanie D’Hose is één van onze sprekers op onze denkdag van zaterdag 16 maart. Lees meer op pagina 5.

3


Cultuurparticipatie binnen jouw afdeling Stap in het UiTPAS-verhaal Met het zicht op onze denknamiddag van zaterdag 16 maart vroegen we Sonja De Craemer, voorzitter WF Oostende, en Peter Hoet, voorzitter WF Sint-Truiden, naar hun inzichten en ervaringen over het bevorderen van cultuurparticipatie binnen hun afdeling. Van het koppelen van zware onderwerpen aan verrassende uitstappen tot het succesvol implementeren van de UiTPAS voor financiële toegankelijkheid, hun verhalen bieden waardevolle ideeën voor alle bestuursvrijwilligers die streven naar een inclusiever cultureel landschap. Wat zijn enkele succesverhalen of positieve resultaten die jullie hebben gezien als gevolg van uw inspanningen op het gebied van cultuurparticipatie? Peter: Opeenvolgend hebben we eerst een bezoek gebracht aan de Kazerne Dossin (2021) en het jaar daarop aan het Fort van Breendonk (2022). Om de deelname meer te stimuleren, koppelden we dat aan een bezoek aan de stad Mechelen en aan de brouwerij Duvel, na de lunch. Het betreffen immers zware en deprimerende onderwerpen, die wel herinnerd moeten blijven. Ook onze lezing “Waarom straffen we?” en het panelgesprek “recht in het oog” raakten een problematiek die niet evident is. Het is een uitdaging om voor dergelijke onderwerpen belangstelling te wekken, en toch is dat wel gelukt, onder meer door te voorzien in gelegenheid na een lezing tussen “pot en pint” van gedachten te kunnen wisselen. Sonja: Willemsfonds Oostende is een UITPAS-vereniging. Dat is de beste beslissing die we genomen hebben om minder kapitaalkrachtige mensen met culturele interesse te bereiken. Mensen uit die groep worden geen lid en bereik je dus niet via een ledentijdschrift. Je bereikt hen wel via flyers in de bib maar daarom nemen ze nog niet deel. De UiTPAS met het kansentarief lost dit probleem op. Mensen met een UiTPAS vinden het aanbod op de website UIT in Oostende en in de papieren versie van UIT in Oostende. Voor het Ensorjaar 2024 heeft het Willemsfonds Oostende een project uitgewerkt voor een vergeten groep: de ouderen in de woonzorgcentra. Het project is geselecteerd door Stad Oostende en betoelaagd. Welke uitdagingen hebben jullie in uw afdeling ervaren bij het betrekken van kwetsbare groepen in culturele activiteiten en evenementen? Peter: We hebben onze leden nog niet gescreend op kansarmoede. Ik denk niet dat bij onze leden en algemeen bij de Willemsfonds kansarmoede is. Het blijft moeilijk kwetsbare groepen te bereiken, ook al spreken we ze persoonlijk aan. Sonja: De uitdaging vroeger was “hoe die mensen bereiken?”. Dit is nu door de UiTPAS opgelost. Ook de financiële tussenkomst van de stad maakt het budgettair toch nog haalbaar. 4

© Shutterstock

Hoe zien jullie de rol van het Willemsfonds bij het ondersteunen van lokale afdelingen in hun inspanningen om cultuurparticipatie bij kwetsbare groepen te bevorderen? Peter: In de berichten die via e-mail aan alle leden worden verspreid, vermelden we ook de activiteiten van de afdelingen en stellen we ze in de kijker. Sonja: Promotie van de UiTPAS naar lokale afdelingen toe. Welke aanbevelingen hebben jullie voor andere lokale bestuursvoorzitters die geïnteresseerd zijn in het verbeteren van cultuurparticipatie voor kwetsbare groepen in hun stad of gemeente? Peter: Het ernstige aan het plezierige koppelen, en veel persoonlijk en individueel contact. Ik stel het WF steeds voor als een socioculturele vereniging, en om het WF aantrekkelijk te maken, koppelen we steevast cultuur aan samenkomen met een natje en een droogje. Sonja: Stap in het UITPAS-verhaal en bedenk eventueel een project voor een doelgroep. Zijn er specifieke thema’s, evenementen of partnerschappen die jullie afdeling plant voor de toekomst met betrekking tot dit onderwerp? Peter: Wij plannen twee lezingen over historische onderwerpen, te weten over de dekolonisatie en over het verhaal van Limburg, dat niet spoort met het verhaal van Vlaanderen. Sonja: Wat absoluut niet werkt is het bereiken van de allochtone Oostendenaar. Noch thema’s, noch partnerschappen lukken voor het ogenblik. We denken erover na… Cédric Ista, coach communicatie


WILLEMSFONDS DENKDAG

Cultuur is er voor iedereen! Interactieve denkdag

Willemsfonds zet zich in om zoveel mogelijk mensen bij diverse vormen van cultuur te betrekken. Interactieve denkdag op zaterdag 16 maart 2024 om13u30 Geuzenhuis, Kantienberg 9 in Gent Jaarlijks organiseert het Willemsfonds een interactieve denkdag waarbij een select aantal sprekers debatteert over een belangrijk maatschappelijk vraagstuk. Op 16 maart 2024 buigen we het hoofd over cultuurparticipatie bij maatschappelijk kwetsbare groepen en onze leden. Kennisbevordering en betrokkenheid bij culturele activiteiten zijn essentieel voor persoonlijke groei en creativiteit, ongeacht huidskleur, status, nationaliteit, cultuur, religie of geslacht. Betrokkenheid omvat actieve deelname aan de maatschappij. Cultuurparticipatie betekent concreet deelnemen aan kunst en cultuur. Onderzoek heeft wetenschappelijk aangetoond dat dit op elke leeftijd van essentieel belang is voor persoonlijke ontwikkeling en creativiteit. De theoretische basis lijkt helder, nietwaar? Maar is het in de praktijk voor iedereen even vanzelfsprekend om deel te nemen aan welke vorm van cultuur dan ook? Mensen die geconfronteerd worden met armoede ervaren vaak uitsluiting, en dit fenomeen blijft niet beperkt tot een lokale cultuurgemeenschap. Daardoor streeft het Willemsfonds naar de opstart van een breed netwerk dat zich engageert voor inclusieve cultuurparticipatie. Om dit te kunnen realiseren, laten we ons inspireren door vier experts uit het maatschappelijk middenveld.

Stephanie D’Hose kennen we als jongste senaatsvoorzitter ooit, maar zij is ook het gezicht van D’Hosis Cultuur. Tijdens D’Hosis Cultuur krijgen bezoekers een professionele kijk achter de schermen van een erkend cultuurhuis. Verder deelt Kristel Driessens van UAntwerpen haar onderzoeksexpertise m.b.t. armoede en sociaal werk. Zonder communicatie geen beleving, daarom nodigen we ook Publiq vzw en Tom Kestens (medewerker cultuur studiedienst) uit. Publiq is specialist in vrijetijdscommunicatie en marketing van het gevarieerde vrijetijdsaanbod, terwijl Kestens, naast zelfstandig artiest de belangen behartigt voor de cultuursector. Daarnaast is hij consultant strategie en branding. In plaats van een klassiek debat bemannen zij elk een tafel waarbij deelnemers direct met hen en elkaar in dialoog kunnen gaan. Nadien worden alle ideeën verzameld en geëvalueerd bij het slotmoment dat wordt gemodereerd door Eline Vanduyver. Ook dit jaar koppelen we de denkdag aan onze algemene ledenvergadering. Plaats van afspraak is het Geuzenhuis (Kantienberg 9, 9000 Gent). Het tijdschema van de vergadering wordt meegedeeld in ‘Cultuur in jouw buurt’. We eindigen deze interactieve dag met een receptie en heffen dan het glas op een vruchtbaar samenwerkingsjaar. We hopen van harte dat u zich bij dit initiatief wil aansluiten en kijken uit naar een positieve reactie op onze uitnodiging. Indien u nog vragen hebt, aarzel dan niet om mij te contacteren per mail of telefonisch via 0497 58 54 93. Deelname interactieve tafelgesprekken Wij nodigen je van harte uit om deel te nemen aan een boeiend en interactief evenement waarbij jouw perspectief en input centraal staan. Tijdens deze

bijeenkomst bieden we diverse tafelrondes aan, elk gericht op een specifiek onderwerp. We geloven in de kracht van diverse inzichten en willen jou de kans geven om te kiezen welke tafelronde het beste aansluit bij jouw interesses en ervaringen. Programma 13u ontvangst met koffie 13u30 welkomstwoord 13u45 interactieve tafelgesprekken Tafelgesprekken opties: • Cultuurparticipatie en sociaal-cultureelwerk Kristel Driessens (Bind-Kracht) • Cultuurbeleid, Stephanie D’Hose • Vrijetijdscommunicatie en marketing van het gevarieerde vrijetijdsaanbod, Helene D’Haeseleer (UITPAS) • Hoe communiceer ik mijn cultuuraanbod?, Tom Kestens Elk onderwerp wordt geleid door een deskundige facilitator en biedt ruimte voor open discussies en het delen van ideeën. We kijken ernaar uit om jouw waardevolle bijdrage te verwelkomen en samen een inspirerende en informatieve bijeenkomst te creëren. Laat ons alsjeblieft vóór 8 maart 2024 weten of je aanwezig zult zijn, en geef je voorkeur voor het tafelgesprek aan. Slotdebat Hebben alle mensen in onze samenleving toegang tot cultuur? Hoe kan het Willemsfonds hier meer op inzetten? Debat gemodereerd door Eline Vanduyver, bestuurslid Willemsfonds vzw. Inschrijven Kan online via willemsfonds.be of via pascale.braeckman@willemsfonds.be of via 09-224 10 75. Om de tafelgesprekken vlot te laten verlopen vragen wij vooraf je voorkeur van spreker door te geven.

5


WILLEMSFONDS CULTUURPARTICIPATIE

Mensen zijn solidaire wezens Enchanté vzw

Hier gebeurt het! Enchanté gelooft dat een samenleving pas echt lééft als iedereen erbij hoort. Jong en oud, zij met minder en meer kansen, de stille en de luide roepers. Daarom helpt ze mensen met elkaar verbinden daar waar het goed voelt. Op de Werelddag van het Verzet tegen Armoede gingen we op de koffie bij Miguel De Meyer en Nele Roelens. Zij zijn allebei projectmedewerker voor Hartelijke Plekken.

Hoe is Enchanté begonnen? Miguel: Enchanté vzw is oorspronkelijk gestart met het verhaal van de uitgestelde koffie. In 2021 is Brooddoosnodig daarbij gekomen. Toen maakten we de keuze om Enchanté als naam van de vzw/organisatie te gebruiken. Brooddoosnodig en de Hartelijke Plekken vielen daar dan onder. Hartelijke Plekken is ons netwerk van lokale handelaars. Nele: Dat netwerk heeft als doel om mensen te verbinden op plekken die niet zo toegankelijk zijn. Wat verstaan jullie onder toegankelijkheid? Nele: Bij toegankelijkheid denken we aan plekken die via bepaalde drempels vaak een select publiek aantrekken. De prijzen kunnen bijvoorbeeld te duur zijn. Soms heb je ook handelaars die niet goed weten hoe ze moeten omgaan met mensen die zich buitengesloten voelen. In cultuurhuizen is dat dan nog een ander verhaal. Lichamelijke beperkingen vallen ook onder toegankelijkheid. We hadden onlangs bezoek van Astrid De Bruycker, Gents Schepen van Gelijke Kansen, Welzijn. Ze erkende dat het beschamend is hoe weinig Gentse winkels toegankelijk zijn voor rolstoelgebruikers. Lokale dienstencentra en ontmoetingshuizen investeren dan weer wel in toegankelijkheid voor kwetsbare groepen. Zoeken jullie zelf actief naar zulke locaties? Miguel: Wij werken per stad met lokale vrijwilligers die zoeken naar opportuniteiten voor onze werking. Dat kunnen zowel handelaars als culturele partners zijn. Onze vrijwilligers kennen hun regio beter dan wij vanuit Gent. Het is wel de bedoeling dat als we zelf een zaak betreden waar we ons thuis voelen, dat we die opnemen in ons netwerk. Brooddoosnodig is begonnen tijdens de pandemie. Heeft corona nog impact op jullie werking? Nele: Ja, want voor de Hartelijke Plekken proberen we ontmoeting te stimuleren. Corona draaide allesbehalve ontmoeting. Het

6

principe van eten of drinken afhalen of laten leveren strookt niet met onze werking. Het is niet de bedoeling dat mensen hun uitgestelde koffie gaan afhalen en dan weer vertrekken. Die uitgestelde koffie is juist het bindmiddel om mensen bij elkaar te krijgen op plekken waar ze anders niet zo snel komen. Miguel: Corona had op Brooddoosnodig daarentegen een ‘goed’ effect. Tijdens de pandemie werden de lege brooddozen op school zichtbaar. Vroeger zaten alle leerlingen in een refter en was er één toezichthouder. In een refter van pakweg honderdvijftig leerlingen ben je continu bezig met brandjes te blussen. Toen de lag de focus dus minder op wat de leerlingen aten. Door corona zaten de leerlingen in groepjes en kort op de leerkracht. Zo kwam dat project redelijk snel onder de aandacht. Na corona is de toestroom naar onze Hartelijke Plekken veel moeilijker geworden. Veel kwetsbare mensen bleven toen achter. De mensen die voordien eenzaam waren, zijn nadien nog meer vereenzaamd geworden. Het is dus moeilijker geworden om die uit hun isolement te halen. Hoe proberen jullie zulke problematieken in de belangstelling te krijgen? Nele: Enchanté staat niet per se op de barricades. Er moeten zeker dingen veranderen bij de zaken die de overheid doet. Wij focussen ons eerder op burgers en proberen zo een onderlinge solidariteit te creëren. Miguel: We werken voornamelijk aan beeldvorming rond kwetsbaarheid. We doen niet echt aan campagnevoering tegen iets. Het is niet de bedoeling dat we gaan protesteren in Brussel. Er zijn al genoeg organisaties die zich daarmee bezighouden. We steunen die ook. Nele: We hadden afgelopen zondag bijvoorbeeld een samenwerking met WensMens en Stad Gent. We deden samen een wandeling in het Prinsenhof. Het thema van de wandeling was armoede. Sommige mensen deelden toen getuigenissen mee en er


© Enchanté vzw

was ook muziek. Op die manier kregen de deelnemers een zicht op de armoedecijfers in Gent en wat er nog allemaal gaande is rond het armoedebeleid. Enchanté werkt zo aan een verbindende aanpak. Miguel: Er zijn doorheen het jaar ook altijd een aantal thema’s die steevast terugkeren. Vandaag is het bijvoorbeeld Werelddag van het Verzet tegen Armoede. Eind september is het de Week tegen Eenzaamheid. We kijken zo waar we op kunnen blijven inzetten. Nele: Het is wel niet zo dat we bijvoorbeeld op de dag tegen armoede enkel sociale partners benaderen die alleen werken op armoedebestrijding. We blijven streven naar een zo een breed mogelijke werking van partners en vrijwilligers. Het blijft een moeilijke opdracht om kwetsbare mensen naar de Hartelijke Plekken te krijgen. Hoe kunnen vrijwilligers zich bij jullie aanmelden? Miguel: Geïnteresseerden kunnen ons contacteren via onze website. We doen ook op lokaal niveau infosessies of online. Die infosessies gaan dan voornamelijk rond Hartelijke Plekken en Brooddoosnodig. We geven men-

sen dan de kans om vragen te stellen zodat ze zich bij een volgend moment kunnen opgeven voor vrijwilligerswerk. Op lokaal niveau is dat afhankelijk van de noden van de stad. Nele: Tijdens onze wandeling was er ook een vrouw die interesse toonde. Ik gaf haar onze contactgegevens en dan bekeken we één op één wat mogelijk is. We hebben vaste rollen, maar sommige vrijwilligers hebben specifieke talenten die elders inzetbaar zijn. Er is uiteindelijk voor iedereen wel iets te vinden. Wat zijn tot slot nog jullie toekomstplannen of het ideale eindpunt? Nele: Het klinkt raar, maar het zou fijn zijn als Enchanté niet meer hoeft te bestaan. Het is heel utopisch maar er zou tussen burgers een soort van solidariteit moeten zijn dat trakteren aan elkaar normaal is, dat iedereen aanvaard wordt in een handelszaak en niemand bang hoeft te zijn om pakweg een glas kraantjeswater te vragen aan iemand zijn/haar deur.

douche mag nemen. Nele: De solidariteit in corona was daar een goed voorbeeld van. Ik herinner mij toch dat de mensen in mijn straat meer naar elkaar keken om te zien dat iedereen in orde was. Er werden brieven in de bussen gestoken met de vraag om elkaars boodschappen te doen. In juni hadden we nog de campagne Klein Gebaar Fijn Moment. Toen wilden we burgers duidelijk maken dat je met een belachelijk klein gebaar iemand een fijn moment kan bezorgen. Dat kan al door gewoon ‘merci’ te zeggen aan de buschauffeur. Miguel: Mensen zijn solidaire wezens, hè. Op één of andere manier raakt dat ondergesneeuwd in de drukte van het leven, maar dat mogen we absoluut niet vergeten. Cédric Ista, coach communicatie Wil je er mee voor zorgen dat onze samenleving echt lééft? Neem dan met jouw afdeling een kijkje op https://enchantevzw.be/nl/deelnemen/.

Miguel: Neem nu een douche nemen. Er is een gigantisch gebrek aan de mogelijkheid tot douchen. Het zou al veel helpen dat een dakloze bij iemand vreemd aanbelt en gewoon een 7


WILLEMSFONDS LEESFONDS

“Niets is mooier dan de liefde voor het boek doorgeven aan kinderen” Melissa Giardina, ambassadeur van het Leesfonds Dat lezen je leven kan bepalen, zal de flamboyante Melissa Giardina volmondig beamen. Al sinds haar kindertijd is ze gebeten door het leesvirus, en ook vandaag staat haar leven grotendeels in het teken van boeken. Ze werkte als vertaler-tolk, redacteur en boekhandelaar, maar is tegenwoordig vooral actief als interviewer en literair moderator via haar bedrijfje Vindetta! In die hoedanigheid zetelt ze ook in de jury van de Bronzen Uil. Sinds kort is ze bovendien ambassadeur van het Leesfonds – een ideale manier om haar levenslange boekenliefde te delen met duizenden kinderen in Vlaanderen en Brussel. Je noemt jezelf een ‘veellezer’. Ben je dat altijd al geweest? Eigenlijk wel. Ik herinner me dat ik als kind al mateloos gefascineerd was door boeken. Mijn ouders waren geen grote lezers, maar een paar leerkrachten zijn erin geslaagd mijn liefde voor lezen aan te wakkeren. Ik was een behoorlijk introvert kind, dat het liefst van al in een hoekje zat te lezen. Als mijn buurjongen of -meisje kwam vragen om samen te spelen, vroeg ik mijn mama soms om te zeggen dat ik niet thuis was, zodat ik verder kon lezen. Dus ja, je kunt wel stellen dat die leesmicrobe er al van jongs af aan in zit (lacht). Wat vind je zo geweldig aan boeken? Het mooiste aan een boek is dat het me toelaat mezelf te verplaatsen in een andere wereld – heerlijk om zo even te ontsnappen aan de realiteit. Bovendien vind ik een boek nog altijd een fantastisch product. De geur, het gevoel… ik betrap mezelf erop dat ik vaak aan boeken ruik of ze aanraak. Ik weet dat mensen steeds vaker e-books lezen, maar daar mis ik die extra dimensie toch. Ik blijf dus fysieke boeken kopen, ook al ben ik bang dat ik nooit voldoende tijd zal hebben om ze allemaal te lezen. Het is sterker dan mezelf, vrees ik. Je leest natuurlijk sowieso veel boeken voor je werk. Kan lezen jou dan nog tot rust brengen? Absoluut. Mijn vriend is schrijver en journalist, maar hij geeft ook les in een schrijfopleiding, waardoor ik soms een hele avond voor mezelf heb. Vaak moet ik dan nog interviews of panelgesprekken voorbereiden, maar op de zeldzame vrije momenten vind ik het echt ontspannend om me in de zetel te installeren met een zelfgekozen boek dat niets met mijn werk te maken heeft. Dan kom ik volledig tot rust. Wat niet wil zeggen dat ik er niet van kan genieten om de boeken te lezen van de auteurs die ik moet interviewen. Het klinkt misschien als een cliché, maar ik vind het fantastisch dat ik van mijn hobby mijn beroep heb kunnen maken en dat ik 8

iets kan betekenen in het boekenvak. En sinds kort doe ik dat dus ook via het Leesfonds. Wat doet dat Leesfonds precies? Het Leesfonds wil dat alle kinderen kunnen uitgroeien tot goede lezers. Daarom werven we fondsen voor meer dan 450 organisaties uit Vlaanderen en Brussel die op een structurele manier werken aan leesbevordering bij kinderen. Het Leesfonds geeft ze geen geld, maar keert de steun uit in de vorm van boekenbonnen. Die kunnen de leesbevorderende organisaties in hun lokale boekhandel inwisselen – met een bonus van de boekhandel erbovenop – om de boeken aan te kopen die ze nodig hebben voor hun werking. Het ontbreekt die lokale leesinitiatieven allesbehalve aan motivatie en visie, maar ze beschikken vaak niet over voldoende up-to-date boeken die aangepast zijn aan de noden van hun doelpubliek anno 2023. Daarmee bedoel ik inclusieve boeken, boeken met kindjes van kleur als hoofdpersonage, boeken met kindjes die twee mama’s of papa’s hebben of van wie een van de ouders gestorven is … Kortom, boeken waarin elk kind zich kan herkennen. Het was een bewuste keuze om met het Leesfonds geen nieuwe leesinitiatieven te lanceren, maar het bestaande aanbod te versterken, want in het werkveld gebeuren al fantastische dingen. Ons doel is om tegen april 2024 voldoende fondsen te werven voor 1000 boekenbonnen van 250 euro, enerzijds via bedrijven en serviceclubs, anderzijds via een crowdfundingcampagne bij het brede publiek. We hopen zo veel mogelijk lokale leesinitiatieven te kunnen ondersteunen met boekenbonnen, maar zijn dus volledig afhankelijk van donaties. Wie zijn die 450 organisaties die een beroep hebben gedaan op steun van het Leesfonds? De respons op onze projectoproep eind 2022 was overweldigend en heel divers. Zowel scholen, kinderopvanginitiatieven, organisaties die aan huiswerkbegeleiding doen, jeugd- en buurtwerkers, ziekenhuizen, leescoaches als


socioculturele vzw’s hebben het Leesfonds om geld en/ of inhoudelijk advies gevraagd. Veel mensen zijn verbaasd als ik vertel dat zelfs scholen niet genoeg geld hebben om boeken te kopen, maar dat is helaas de realiteit. Ze krijgen van de overheid wel subsidies voor andere aspecten van hun werking, maar niet om prentenboeken, romans en kwalitatieve non-fictie aan te kopen waar leescoaches mee aan de slag kunnen. En bij de niet-schoolse initiatieven is de boekennood zo mogelijk nog groter. Velen onder hen werken grotendeels met vrijwilligers en hebben geen reusachtige budgetten ter beschikking. Zo komt het dus dat meer dan 450 organisaties ons om hulp hebben gevraagd. We weten wat te doen (lacht). Waarom was zo’n Leesfonds nodig? Het Leesfonds is opgericht als een van de maatregelen om iets te doen aan de toenemende ontlezing in Vlaanderen en Brussel. We baseren ons voornamelijk op de resultaten van de internationale PISA- en PIRLS-onderzoeken, die onder meer de leesvaardigheid meten van 10- en 15-jarigen. Vlaanderen en Brussel bengelen behoorlijk onderaan die lijsten. Om je een idee te geven: 70 procent van onze kinderen haalt het basisniveau niet. Dat is natuurlijk heel zorgwekkend. Goed kunnen lezen is een absolute basisvaardigheid als je vandaag wilt meedraaien in de samenleving. Het gaat niet eens over graag boeken lezen, maar over rudimentaire zaken als bijsluiters correct kunnen interpreteren, dienstregelingen raadplegen, veiligheidsinstructies begrijpen op de werkvloer … Cru gesteld: wie niet voldoende kan lezen, valt uit de boot. Dat is niet alleen jammer voor de persoonlijke ontwikkeling van al die kinderen, de ontlezing vormt stilaan ook een enorm maatschappelijk probleem. Dus ja, zo’n Leesfonds is echt nodig. De meeste organisaties die een beroep hebben gedaan op het Leesfonds missen bovendien de slagkracht om zelf een crowdfundingcampagne op poten te zetten. Ze hebben daar noch de tijd, noch het netwerk voor. Wat trok jou over de streep om ambassadeur te worden van het Leesfonds? Ik vind het gewoon een prachtig initiatief. De liefde voor het boek doorgeven en mensen warm maken voor lezen… is er iets mooiers? Het voelt bovendien niet echt aan als werken, aangezien ik dat ook in mijn privéleven te pas en te onpas doe (lacht). Dat het Leesfonds onderdak kreeg in het prachtige stadspaleis van de Koninklijke Academie voor Taal en Letteren (KANTL) in Gent was een mooie extra. En ja, de leesvaardigheidscijfers zíjn dramatisch en er ís nog veel werk aan de winkel, maar tegelijk is het een heel positief verhaal. We weten dankzij voorbeelden uit het buitenland wat er moet gebeuren om het tij te keren, en een eerste belangrijke en relatief eenvoudige maatregel is ervoor te zorgen dat elk kind kan opgroeien in een omge-

© Saën Sunderland

ving vol boeken. Dat begint door al die scholen en andere organisaties van boeken te voorzien. Want zij leveren stuk voor stuk prachtig werk en maken elke dag opnieuw het verschil voor duizenden kinderen. Ik zet mij dus met veel enthousiasme in om hen daarbij te helpen door te zorgen voor een financieel duwtje in de rug. Cédric Ista, coach communicatie

Het Willemsfonds steunt het Leesfonds. Jij ook? Laten we samen het leesvirus verspreiden onder duizenden kinderen in Vlaanderen en Brussel! • Doe een gift op leesfonds.be. • Schrijf je in op de nieuwsbrief via diezelfde website. • Volg @leesfonds op Facebook en Instagram. 9


WILLEMSFONDS WILLEMS BOEKAVAN

Ontdek de kunst van SamenLezen Kom op 16 december naar onze inspirerende introductiedag! Op zaterdag 16 december 2023 nodigen Willemsfonds Mechelen en Willemsfonds vzw je van harte uit voor een inspirerende introductiedag over SamenLezen in het prachtige Predikheren in Mechelen. Samenlezen is veel meer dan slechts een methodiek; het is een betoverende manier om literatuur te delen en mensen samen te brengen. Iedereen is welkom, ongeacht je achtergrond, leeftijd of leeservaring. Zelfs als je zelden een boek oppakt, biedt Samenlezen jou een toegankelijke manier om de magie van taal en literatuur te ervaren. Voorkennis over literatuur, boeken of schrijvers is absoluut niet nodig.

Wat kun je verwachten op deze inspirerende dag?

• 10 – 10u30: ontvangst met koffie of thee. • 10u30 – 11u30: samenleessessie onder begeleiding van Ilona Plichart • 11u30 – 12u30: Magy De Bie vertelt meer over de methodiek • 12u30 – 14u: gezamenlijke lunch- en netwerkmoment Tijdens deze dag ervaar je in een intieme groep van vijf tot twaalf deelnemers de kunst van een samenleessessie. Ilona Plichart, een deskundige leesbegeleidster, zal een kort verhaal, een fragment uit een boek of een gedicht hardop lezen, terwijl je geniet van een heerlijke kop koffie of thee en een koekje. Jij en je mededeelnemers krijgen een exemplaar van het tekstfragment, zodat je de tekst kunt volgen of gewoon kunt luisteren naar het verhaal. Tijdens een korte pauze verkennen we samen de tekst en delen we wat deze voor ons betekende. Alle interpretaties, gevoelens en ideeën zijn even waardevol. Wat raakt jou het

meest? Welke beelden doemen op in je gedachten? Welke woorden en zinnen spreken je aan? De gedachten en emoties die de tekst oproept, leiden vaak tot persoonlijke reflecties en brengen herinneringen en ervaringen tot leven. Door deze gedachten en gevoelens met elkaar te delen, wordt de ervaring van het verhaal dieper en waardevoller.

Waarom SamenLezen?

Wat ons samenbrengt in SamenLezen is het verhaal, het boek, en vooral het plezier van lezen en luisteren. Een samenleesgroep is dan ook geen traditionele leesclub. Samenlezen creëert een band, stimuleert boeiende gesprekken en leidt tot waardevolle inzichten. Het is een kans om nieuwe perspectieven te ontdekken en unieke verhalen te delen. In een samenleesgroep leer je niet alleen jezelf beter kennen, maar ook je mededeelnemers. Je begrijpt en waardeert elkaar op een dieper niveau.

Hoe start je zo’n samenleesgroep op en welke doelgroepen kan je allemaal bereiken?

Magy De Bie van Antwerpen Leest zal na de samenleessessie meer vertellen over de aanpak van SamenLezen in Antwerpen, de diverse doelgroepen die met deze methode worden bereikt, en ze deelt getuigenissen van deelnemers en begeleiders. Met deze introductiedag willen we een uniek inzicht bieden over de impact van samenlezen en hoe samenlezen in de praktijk gaat.

Praktische info

• 16 december, van 10 uur tot 14 uur • Het Predikheren, Goswin de Stassartstraat 88, 2800 Mechelen • Reservaties: jeanne.verhaegen@willemsfonds.be

Save the date: Inspiratiedag 2024 Markeer 27 maart 2024 in je agenda, want dan is het tijd om weer volop inspiratie te tanken! Willemsfonds vzw, Actief vzw en Uilenspel vzw nodigen je van harte uit om deel te nemen aan onze inspirerende dag in De Krook. Verwacht een namiddag en avond vol boeiende keynotes en diepgaande discussies die je zullen meenemen in het thema van gelijke onderwijs- en prestatiekansen. Binnenkort onthullen we meer details.

©Isaac Ponseele 10


25% KORTING OP ONZE SELECTIE*

HOPE AND DESPAIR

JOUW MUZIKALE REIS BEGINT HIER !

ZO 21.01.24 HARTMUT HAENCHEN DIRIGEERT BRUCKNER

VR 23.02.24 SYMPHONIC HOUR SIBELIUS & KOBEKINA SPEELT ELGAR

VR 29.03.24

SCAN QR-CODE

KHACHATRYAN SPEELT BRUCH

ZA 20.04.24 TCHAIKOVSKY & FLORIAN NOACK SPEELT MEDTNER

OF GEBRUIK DE KORTINGSCODE :

2324BNO_RECHUITII

Bekijk het volledige programma op nationalorchestra.be *Het aantal plaatsen voor deze actie is beperkt, dus wees er snel bij!

11


WILLEMSFONDS WILLEMS BOEKAVAN

Willems Boekavan maakt zijn opwachting in Keerbergen|Tremelo! Vijf gedreven vrijwilligers uit Tremelo-Keerbergen (Chris, Vivianne, Mieke, Roger en Christine) bundelen hun krachten om de liefde voor (voor)lezen en verhalen te verspreiden met ons nieuwste initiatief, ‘Willems Boekavan’.

Waarom krijgt voorlezen zo’n centrale plaats in dit project?

Voorlezen is van onschatbare waarde en gaat verder dan een plezierige tijdsbesteding, zoals blijkt uit verschillende onderzoeken. De positieve effecten van voorlezen zijn merkbaar op diverse gebieden en zijn van toepassing op alle kinderen, ongeacht de achtergrond van hun ouders. Het voorlezen bevordert de ontwikkeling van een goed taalgevoel en begrip bij kinderen, en het verbetert niet alleen hun luistervaardigheden maar versterkt ook hun concentratievermogen. Bovendien draagt het bij aan zowel de emotionele als sociale ontwikkeling van kinderen. Door in contact te komen met verschillende verhalen leren kinderen zich in te leven in diverse situaties en bieden boeken inzicht in de soms ingewikkelde wereld om hen heen. Het is tevens een effectieve manier om onderwerpen aan te snijden die anders mogelijk niet zo snel besproken zouden worden. Ongeacht de taal is voorlezen een krachtig middel om leesplezier over te brengen aan kinderen. Als een kind goede herinneringen aan voorleesmomenten koppelt, is de kans groter dat het ook later plezier beleeft aan lezen en voorlezen. Verder ben je als voorlezer een rolmodel voor een kind: als ze zien dat jij van voorlezen en lezen geniet, is de kans groot dat ze dat enthousiasme overnemen. Om deze reden zetten vijf gedreven vrijwilligers uit Treme-

12

lo-Keerbergen zich in om deze voorbeeldfunctie op zich te nemen. Gedurende de Jeugdboekenmaand in maart, met als thema sport en spel, zullen deze vijf taalliefhebbers voorleesmomenten verzorgen in verschillende scholen in Keerbergen. De voorlezers brengen onze caravan, Willems Boekavan, mee naar verschillende scholen in Keerbergen. Deze caravan is gevuld met een schat aan boeken, een reusachtig Scrabblebord, een Kamishibai-verteltheater en nog veel meer. Dit alles staat volledig ter beschikking van de leerkrachten en leerlingen om de verbeelding te voeden en het plezier van lezen te bevorderen.

Maar dat is niet alles!

Op woensdag 28 februari 2024 strijkt onze caravan neer in de bibliotheek van Keerbergen om dit nieuwe project feestelijk in te luiden. Ter gelegenheid van deze start mogen we een bijzondere gast verwelkomen, wiens naam binnenkort samen met het uur wordt onthuld. Deze speciale gast zal samen met de vijf enthousiaste vrijwilligers voorlezen en de magie van verhalen tot leven brengen. Jeanne Verhaegen, vrijwilligerscoach

“Als ze zien dat jij van voorlezen en lezen geniet, is de kans groot dat ze dat enthousiasme overnemen

(Iedereen Leest, 2018)..”


Roman over het lezen van kunstverzamelaarster Peggt Guggenheim ‘Miss Guggenheim’ is een boek dat je onderdompelt in de New Yorkse kunstscène tijdens de Tweede Wereldoorlog. De schatrijke Marguerite (Peggy) Guggenheim (1898-1979), nicht van Solomon R. Guggenheim, vlucht in 1941 uit bezet Frankrijk naar New York City met haar nieuwe minnaar, de bekende surrealistische schilder van ‘entartete kunst’ Max Ernst (1891-1976). Die is met de hulp van het verzet via Marseille, Spanje en Portugal kunnen ontsnappen, nadat hij in Frankrijk werd opgesloten als ‘ongewenste Duitser’. Zijn ex, de Joodse kunsthis-torica Luise Strauss, heeft problemen om een visum te krijgen en blijft achter in Frankrijk. Hun zoon Jimmy is ondertussen naar de VS kunnen vluchten. Als Duitser krijgt Ernst nu ook last met de vreemdelingendienst in de VS, wat geregeld wordt door een huwelijk (niet echt wat hij wil) met de gegoede Amerikaanse Peggy. Zij zullen tot ‘43 samenwonen in Hale House, Manhattan en ondertussen richt Peggy met de hulp van interieurontwerper Frederick Kiesler haar beroemde Art of this Century galerij op. Peggy heeft een leven als vrijgevochten kunstliefhebber in Parijs en Londen achter de rug, en de originele opstelling van haar verzameling surrealistische, cubistische en abstracte werken maakt indruk in Manhattan. Voor de uitbouw van haar collectie kreeg ze in het verleden o.m. de steun van de Britse kunsthistoricus Herbert Read en Parijzenaar Marcel Duchamp, die in 1942 in Greenwich Village komt wonen. In haar galerij in Londen hield ze in ‘37 een soloten-toonstelling van Kandinsky en een jaar later van surrealist Max Ernst. In Londen had ze toen ook een korte affaire met de Brusselaar en galerijhouder E.L.T. Mesens, die samen met Read in ‘36 de London International Surrealist Exhibition had georganiseerd. (Voor de petite histoire: Mesens was begonnen als musicus en componist en het herkendeuntje in de boerderij van de Vlaamse abstracte schilder Felix De Boeck in Drogenbos is van zijn hand).

MoMa is het adres naar waar Ernst klandestien zijn doek L’Europe après la pluie (1933) uit Frankrijk heeft opzonden en ook waar Jimmy een laatste brief van zijn moeder ontvangt in ‘42. Zij zal Auschwitz niet overleven. In haar galerij zal Peggy ook een Expositie van 31 vrouwen houden en later een tentoonstelling van collages van jonge Amerikaanse kunstenaars, die ze via advertenties heeft geronseld. William Baziotes en Robert Motherwell worden geselecteerd, net als Jackson Pollock . Ze zullen naam maken als Abstract expressionists. In tegenstelling tot haar succes als kunsthandelaar en mecenas in deze periode, zal haar liefdesrelatie met Ernst maar van korte duur zijn, wanneer die in het kader van de ‘vrouwententoonstelling’ de jonge Amerikaanse kunstenares Dorothea Tanning (1910-2012) ontmoet. Dorothea is Ernsts soulmate, ze blijven van 1946 tot zijn dood in 1976 samen. Exit Peggy die in 1946 in haar autobiografie niet mals is voor Max. In 1954 worden ze wel opnieuw vrienden, wanneer hij de Grote Prijs van de Biënnale van Venetië krijgt. Leah Hayden schreef een boeiende roman in 66 korte hoofdstukjes (afgewisseld met een paar korte fragmenten over het bezoek van Frederick Kiesler aan Peggy in Venetië in 1958), die je meesleept in het kunstleven van de stad New York begin jaren veertig. Helaas niet geïllu-streerd, maar het geeft je echt zin om haar verzameling te gaan bezoeken. Die werd in 1949 ondergebracht in het Palazzo Venier dei Leoni in Venetië, en maakt sinds haar dood deel uit van de Solomon R Guggenheim Foundation. Behalve werken van Kandinsky, Picasso, Miro, Chagall, Dali, Arp, Duchamp, Mondriaan, Brancusi, Ernst en Klee, zijn er ook creaties te bewonderen van o.m. twee Belgische surrealisten Magritte en Delvaux en van haar dochter Pegeen.

In Hale House komen de Franse ‘bannelingen ‘onder leiding van paus André Breton vaak over de vloer. Verder heeft ze er goede kontakten met Piet Mondriaan en kent ze kunsthistoricus Alfred Barr, directeur van het MoMa. Het

Kris Huygen

een kleurrijk verbond van onafhankelijke boekhandels Goed voor 2,5 euro korting op ‘Miss Guggenheim’ van Leah Hayden. Korting enkel geldig in de Confituurboekhandels (zie www.confituurboekhandels.be ) van 10 december t.e.m. 31 maart 2024, zolang de voorraad strekt. Niet cumuleerbaar met andere voordelen. 13

WILLEMSFONDS RECENSIE

‘Miss Guggenheim’ – Leah Hayden


WILLEMSFONDS BOEKENTIPS

Boekentips Gentse stadslezers

Gent Leest is een digitaal platform voor iedereen in onze stad die houdt van boeken en van lezen. Voor lezers en voorlezers, bezoekers van de bibliotheek en van boekhandels, leden van boekenclubs, voorleesvrijwilligers, maar ook voor mensen die anders lezen - in een andere taal, met een beperking – of die van atypische genres houden… Kortom, voor de hele Gentse leescommunity.

Elke Huygens tipt ‘Carlota: de vrouw die rozen at’ - Kristien Dieltiens

In ‘Carlota, de vrouw die rozen at’ geeft Kristien Dieltiens een (fictieve) stem aan Charlotte van België, de dochter van koning Leopold I. En dat doet ze met verve! In het begin is het even wennen aan de vuilgebekte woordenrazernij van Carlota, die terugblikt op haar leven en daarbij de controverse niet schuwt. Opgegroeid met een ontbrekende moeder (jong gestorven) en een afwezige vader (te druk met regeren, weet je wel) in een gouden kooi zonder leeftijdsgenoten liep haar jeugd niet over rozen. Ze trouwt met Maximiliaan van Oostenrijk (schoonbroer van Sisi!) die ze aanvankelijk adoreert, maar die haar al snel bedriegt en verwaarloost. Het duo trekt naar Mexico, onder lichte dwang van Napoleon III en de paus, maar dat avontuur ontaardt in een fiasco. Op haar oude dag schrijft Carlota, met een pen doordrongen van haar eigen bloed, haar demonen van zich af. We kunnen maar gissen naar hoe Carlota met al deze miserie omging, maar Kristien Dieltiens kroop onder haar huid en laat ons een fascinerende vrouw zien, eentje die spartelt en probeert, daarbij zichzelf vaak verliest en tot waanzin gedreven wordt (hallucinaties en automutilatie incluis) maar toch halsstarrig probeert boven water te blijven. Eerherstel aan een vergeten vrouw, in een wervelende taal geschreven.

14

Klaartje Van der Bauwhede tipt ‘Schemerleven’ - Jaap Robben

Meer dan één leven ontdek je in ‘Schemerleven’ In Schemerleven ontmoeten we Frieda, een 81 jarige vrouw, die net haar man verloor, en sinds kort in een rusthuis woont. Daar komt een verzwegen verleden terug naar boven, samen met verdrukte gevoelen en verlangens. Alhoewel haar zoon denkt dat hij enig kind is, komt het langzaam aan het licht dat er nog een ander kind geweest is, lang voordat hij geboren werd. Tot ver in de 20ste eeuw werden kinderen die dood geboren werden, of kort na de geboorte, voor het doopsel, stierven, niet begraven of begraven in ontwijde grond. Moeders en hun omgeving werd de boodschap meegegeven dit zo snel mogelijk te vergeten en door te gaan met hun leven alsof er niets gebeurd was. Zo bleef deze ingrijpende gebeurtenis vaak een verzwegen gebeurtenis waar maar heel weinig mensen in de omgeving van de, vaak jonge, moeders op de hoogte waren. Het boek neemt je op een heel innemende wijze mee in de leefwereld van de oude Frieda, maar ook van haar jongere ik. Stapje per stapje, bladzijde per bladzijde, kom je meer en meer van haar verhaal te weten zodat op het einde alle puzzelstukjes in elkaar vallen. Het verhaal en de taal zijn zo rijk, dat ik er na het dichtslaan van het boek, nog lang over nagedacht heb. Een boek dat blijft hangen met

een zware thematiek, maar waar je doorheen het boek ook de hele ontwikkeling van de centrale personages meedraagt.

Katia Van Stalle tipt ‘Wat het hart verwoest’ - John Boyne

Schoppen tegen heilige huisjes met vakmanschap. Het gebeurt zelden dat ik een boek van zo’n 600 pagina’s op één dag uitlees, maar deze kon ik gewoon niet neerleggen. In het begin had ik nochtans behoorlijk gemengde gevoelens... was dit dezelfde auteur als van ‘De jongen in de gestreepte pyjama’? Het taalgebruik is bij momenten ronduit grof, maar past helemaal bij het verhaal. Toch even wennen. John Boyne schuwt geen heilige huisjes... ook letterlijk niet, want de kerk moet het ontgelden. Het verhaal speelt van 1945 tot 2015, maar is opgedeeld in tijdsvakken, wat het een zeer dynamisch verhaal maakt. Delicate thema’s zoals ongehuwd moederschap, kindermisbruik, homoseksualiteit, overspel, ... ik kan er nog wel zo’n paar opnoemen, maar de auteur weet ze allemaal in de boeiende levenskroniek van Cyril Avery te verwerken. Hij doet dat op zo’n manier dat ik er op het laatst van overtuigd was dat sommige personages (zoals zijn pleegmoeder Maud Avery) niet ontsproten waren aan zijn getalenteerde brein, maar echt op deze wereldbol hadden rondgelopen. Spoiler alert: niet dus. Bovendien is het boek doorspekt met fantastische sarcastische, ironische en zwarte humor. Zalig! Ik heb er een nieuwe favoriete auteur bij.


Geneviève @de_boeken_recensent tipt ‘De zeven’ - Rose Wilding

Zeven vrouwen zitten rond het hoofd van een man in een hotelkamer. Ieder van hen heeft een goede reden om Jamie Spellman te hebben vermoord, maar iedereen beweert onschuldig te zijn. Wie heeft het gedaan? Alle zeven vrouwen hebben ooit van hem gehouden, maar nu verachten ze hem. Iedereen heeft een motief. ‘De zeven’ is een verhaal over de moeilijkheid om gerechtigheid te vinden in een maatschappij die niet altijd luistert, dat schrijft Rose Wilding in het begin van haar boek. Al snel wordt duidelijk dat Jamie Spellman de zeven vrouwen onrecht heeft aangedaan, allemaal op een andere manier, maar er wordt niet naar hen geluisterd en ze moeten dat onrecht dan maar gewoon ondergaan. Het verhaal wordt in verschillende perspectieven verteld, een pluspunt! Alle zeven vrouwen komen aan het woord. In het begin moest ik daar wel even aan wennen. Er zijn veel personages, dus ook heel wat vertelperspectieven. Maar zodra je in het verhaal zit, is het makkelijk om te volgen. Daarenboven is de schrijfstijl van Wilding ook heel vlot. Dit boek lees je makkelijk weg! De vrouwen die aan het woord komen, hebben allemaal hun eigen ervaring met Jamie Spellman. Door het onrecht dat Jamie hen heeft aangedaan, leef je mee met ‘De Zeven’. Elke vrouw heeft haar eigen verhaal en die verhaallijnen zijn allemaal boeiend en goed uitgewerkt. De veelzijdigheid van dit verhaal is absoluut een sterkte! Je valt als lezer van de ene verbazing in de andere. De relazen van de vrouwen worden afgewisseld met de vraag: ‘Wie heeft het gedaan?’ Die vraag is vooral aanwezig in de hoofdstukken van rechercheur Nova. Als lezer weet je uiteraard dat één van de zeven het heeft gedaan. Ze hebben allemaal een duidelijk motief en het is heel moeilijk om te raden wie de dader is. Ik vind dit boek zeker een aanrader: het leest heel vlot, het is spannend en je bent als lezer voortdurend geboeid op zoek naar de dader. Dit boek laat je ook nadenken over gerechtigheid en toont de kracht van vrouwen die van alles hebben moeten doorstaan. Dit verhaal gaat over “samen staan we sterk”, maar dat draaide hier alleen een tikkeltje verkeerd uit…

Jan Mattys tipt ‘Voordat de koffie koud wordt’ - Toshikazu Kawaguchi

Bevreemdend en charmant als een Japanse theeceremonie En dat terwijl er vooral koffie gedronken wordt. Vier korte, herkenbare situaties van gemiste kansen. Een geliefde die vertrekt, een andere die het contact met de realiteit verliest, een moeder en haar kind die elkaar nooit zullen zien. En dan de gelegenheid, le temps d’un soupir, de tijd waarin een kopje koffie afkoelt, om nog éven iets recht te zetten middels een kortstondige tijdreis. De eerste paar pagina’s voelden wat vreemd aan, maar daarna was ik verkocht en heb ik het boek in één ruk uitgelezen.

Paul Degrande tipt ‘Honderd miljoen jaar en een dag’ - Jean-Baptiste Andrea

Op glad ijs! Wat een heerlijk boek is dit! Het verhaal start als een heuse wetenschappelijke expeditie. Nu ja, als je nog kan spreken van een wetenschappelijke expeditie wanneer blijkt dat de oorspronkelijke ware aanzet tot de barre ijstocht een drakenverhaal betreft van een jong meisje. Wat rest is een avonturenroman puur sang met heerlijke bespiegelingen over schattenjagers - dat blijken ze toch bovenal gebleven te zijn, after all, die paleontologen! - en hoe ze nog altijd trachten te fungeren als fantasten in hun nog altijd niet gerealiseerde kinderdromen. Blijft over: die onnoemelijke grot weten te lokaliseren in het hooggebergte ergens in de tot de verbeelding sprekende Italiaanse Dolomieten - gevormd door de aan weerszijden trekkende werelden - om vooralsnog te kunnen doorstoten naar de ware toedracht van het verhaal. De verborgen schat? Een verhaal dat de professor - paleontoloog Stan - verteller - terugbrengt naar zijn kindertijd. Een kindertijd die hij vooralsnog denkt te kunnen helen. Zo was er zijn Spaanse moeder, met ogen als van een actrice om in te verzinken, die haar adem zelf afsneed; zijn grote levensvriend de blauwe hond Pepijn die - te - pijnlijk verloren liep en de Commandant - vader - gedrapeerd als een donkere schaduw over hem heen. Adembenemend mooi!

Ief Stuyvaert tipt ‘Picknick bij maanlicht’ Margaret Kennedy

‘Picknick bij Maanlicht’ (The Feast) begint met het einde: een reusachtige klif komt bovenop een ietwat mistroostig, solitair 15


gelegen hotel aan zee terecht. Als bij wonder komen slechts zeven van de twintig bewoners - eigenaars, personeel en gasten - om het leven. Vraag is: wié van het wel erg bonte gezelschap overleeft de natuurramp (niet)? Voorwaar een cliffhanger die kan tellen! Na het intrigerende én geestige openingshoofdstuk - “de goedkope wekker op de schoorsteenmantel tikte haastig” - keert Kennedy gezwind een week terug in de tijd. Om vervolgens in korte, voortdurend van toon en stijl wisselende hoofdstukken een heerlijk kleurrijk patchwork van gebeurtenissen in en rond Pendizack Cove te weven. Als een volleerd manipulator schuift ze de pionnen over haar canvas, alsof The Durells een spelletje Cluedo spelen. Het is fris, eigentijds, intrigerend en speels tegelijk. En dan is het ook nog eens Wuthering Heights. Nauwelijks te bevatten dat dit ingenieuze literaire feestje in 1949 geschreven is.

Wouter De Raes tipt ‘Doe zelf normaal: menselijk recht in tijden van datasturing en natuurgeweld’ - Maxim Februari

De democratie geprangd tussen natuurgeweld en AI-technologie. Maxim Februari, de Nederlandse auteur, filosoof en PC-Hooft prijswinnaar voor essayistiek stelt in zijn laatste essay ‘Doe zelf normaal’ een onrustwekkende tendens vast. De opkomst van artificiële intelligentie en de noodzaak om drastisch op te treden tegen de klimaatverandering beperkt de mo16

gelijkheid voor de inwoners om zelf nog democratische keuzes te kunnen maken. Enerzijds zit onze leefomgeving vol digitale technologieën die zelf keuzes maken en die ons vertrouwde rechtssysteem om menselijke gedrag te reguleren vervangen: de technologie neemt de beslissing voor ons en stuurt ons. Anderzijds laten de natuur, het klimaat, virussen zich met groot geweld gelden en dwingen ons tot beleidskeuzes waar de burger de facto geen keuze en soms zelfs geen mogelijkheid tot verzet krijgt. Helder en systematisch, ondersteund door concrete, verontrustende, af en toe ook hilarische voorbeelden bouwt Februari zijn stijlvol betoog op, weliswaar met een flinke dosis laconieke humor en ironie wat de vrij hoge abstracte problematiek vlot verteerbaar maakt.

De parlementaire democratie komt onder druk, parlementen worden systematisch buitenspel gezet, zoals volgens Februari bij de covidcrisis bleek. Apps en QR-codes dwingen de regels af. De auteur is verre van een klimaatontkenner, laat staan een covidcomplotdenker, integendeel zelfs, maar de consequentie van optreden is een grotere controledwang. Bovendien maken ook de antidemocratische krachten volop gebruik van technologie; de communicatie wordt door de technologie gekneed, digitale propaganda misvormt je eigen voorkeuren. Oude parlementaire en democratische instituties eroderen en nieuwe vormen van democratisch zelfbestuur via internet of netwerkdemocratie zijn nog verre van een alternatief. Zo ontstaat een grijze zone waarin autoritaire verhoudingen ontstaan. Maxim Februari vervalt nog niet in doemdenken en erkent dat hij zelf ook geen overkoepelende sluitende oplossing heeft voor de problemen die hij aanhaalt.

Februari plaatst grote vraagtekens bij het eco-modernistisch techno-optimisme en het droombeeld van besturen via data of zelfs nog maar door de burger via internet rechtstreeks in het politieke proces te laten participeren. De overheid verzwakt met haar controlezucht de democratie en besteed essentiële taken uit aan privébedrijven. Techbedrijven maken de regels en dwingen ze af, wetten komen verder van de burger af te staan. Digitalisering verandert het recht, als de wereld wordt bestuurd met data is er geen plaats meer voor het volk. Uit de steeds massalere analyses van dataverzamelingen worden immers dwingende normen afgeleid: wat statistisch “normaal” is wordt een morele norm. De titel van het boekje verwijst trouwens tongue in cheek naar een nu al legendarische dialoog tussen Geert Wilders en Mark Rutte in het Nederlands parlement.

Hij vindt dat de mens de touwtjes beter zelf in handen houdt en zelf blijft denken en normeren in plaats van dit uit te besteden aan machines. De bevolking moet als rechtsgemeenschap blijven functioneren en ook al zorgt dit voor conflicten het zal nog veel sociale onrust en existentiële onzekerheid voorkomen.

“Doe normaal” zei de eerste, “Doe zelf normaal” antwoordde de laatste.

Er is voor hem in elk geval een nieuwe ethische theorie nodig die rekening houdt met de computeriserende invloeden op de normering van gedrag.


Lebensborn, het naziprogramma voor het ‘veredelen’ van het Arische ras. Onder begeleiding van de SS vertrekt een konvooi van huilende kinderen richting Duitsland, omdat hun Germaanse bloed als te kostbaar wordt beschouwd om aan de oprukkende geallieerden over te laten. Eric Bauwens beschrijft dit pijnlijke tafereel in zijn nieuwe boek ‘De wiegjes van Lebensborn’ waarin hij onder meer ingaat op de verontrustende oorsprong van het project in de gedachten van SS-leider Heinrich Himmler en de verspreiding in Duitsland en de bezette landen.

Men zou kunnen opwerpen dat Februari een wat behoudsgezinde cultuurpessimist lijkt, weinig vertrouwen in de maakbaarheid van de samenleving heeft, de mogelijkheden om weerstand te bieden tegen de digitale normering wat overschat en de potentiële manieren om inspraak te krijgen wat onderschat . Maar desondanks lijkt er niet veel in te brengen tegen zijn redenering. Hij schreef zijn waarschuwing al eind 2022, nog net voor de hype rond chat-GPT losbarstte.

Dirk Bonte tipt ‘De vloek van de nootmuskaat: boodschap aan een planeet in crisis’ - Amitav Ghosh

Een terugkerend probleem Prachtig boek van deze Indiase schrijver. Hij neemt je mee in een wervelend verhaal hoe de mensheid omgaat met de natuurlijke bronnen die de aarde ons geeft. Hij begint hiermee in Indonesië. In de middeleeuwen kon men voor een handvol muskaat een schip kopen, zo duur was deze specerij. Het groeide alleen maar op één van de Indonesische eilanden, genaamd Banda. Wie deze gronden bezat kon een monopolie uitoefenen. De Hollanders roeiden in korte tijd bijna de ganse bevolking uit om deze zelf in handen te kunnen nemen. Een genocide avant la lettre. De schrijver trekt deze problematiek door naar de ganse geschiedenis van handel drijven om tevens maximale winsten te boeken doormiddel van meestal slavenarbeid. Een zwaar neveneffect is daarbij dat het milieu absoluut niet gespaard wordt door deze ontginningen en het exploiteren en exporteren van allerlei grondstoffen. Integendeel, onze planeet wordt extra belast met deze grootheidswaanzin en consumentendrang nog meer aangetast dan voorheen. Krachtmetingen tussen de huidige grootmachten brengen de aarde in acuut gevaar voor de mensheid van vandaag.

Tine Englebert tipt De wiegjes van Lebensborn : seksualiteit, voortplanting en kinderroof in het Derde Rijk Eric Bauwens

Een onderbelicht aspect van het naziregime. Op de ochtend van 1 september 1944 is er haast en opschudding in Heim Ardennen, het door de nazi’s ingenomen Kasteel van Wégimont. Tientallen baby’s en peuters worden snel geëvacueerd uit dit idyllische vakantiepark in de provincie Luik, dat fungeerde als de Belgische tak van

Bauwens werpt een scherp licht op het Lebensborn-programma, een sinister initiatief dat tot doel had de geboorte van ‘raciaal zuivere’ kinderen te stimuleren en kinderroof te rechtvaardigen. Het indrukwekkende boek graaft diep in de duistere geschiedenis van het Derde Rijk en de verborgen praktijken van het Lebensborn-programma. Het is buitengewoon goed gedocumenteerd en Bauwens weet de gruwelijkheden van het naziregime op een aangrijpende manier te belichten. Het beschrijft hoe Himmler, geobsedeerd door de idee van een ‘Nieuwe Mens’, SS’ers aanmoedigde om met ‘raszuivere’ Arische vrouwen veel kinderen te verwekken, terwijl elders kinderen met ziekten, beperkingen of andere huidskleur werden geëuthanaseerd. Hiervoor richtte Himmler Lebensborn op, een netwerk van kraamklinieken en crèches. Het boek onthult schokkende feiten en getuigenissen over het SS-programma om een zuiver Arisch ras te ‘kweken,’ en belicht de naziperspectieven op seksualiteit en voortplanting in het Derde Rijk. Himmler beval zelfs de ontvoering van duizenden kinderen uit veroverde gebieden voor ‘germanisatie’. Wat dit boek onderscheidt, is de combinatie van historische nauwkeurigheid en menselijke verhalen. Bauwens slaagt erin om het grotere plaatje te schetsen en tegelijkertijd meer persoonlijke verhalen tot leven te brengen. Het resultaat is een aangrijpende leeservaring die de gruwelijke realiteit van Lebensborn blootlegt. De schrijfstijl van Bauwens is toegankelijk en meeslepend, wat het boek geschikt maakt voor zowel liefhebbers van historische nonfictie als lezers die misschien minder bekend zijn met het onderwerp. Hij vermijdt sensatiezucht en blijft trouw aan de feiten. In ‘De wiegjes van Lebensborn’ levert Eric Bauwens een belangrijke bijdrage aan de historische kennis van een onderbelicht aspect van het naziregime. Het is een krachtig en onthullend werk dat lezers aanspoort om na te denken over de menselijke impact van ideologieën die de fundamenten van de beschaving tarten. Een must-read voor iedereen die geïnteresseerd is in de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en de morele vraagstukken die daarmee samenhangen. Wil je nog meer boeken- en leestips? Neem dan zeker een kijkje op gentleest. be. Deze site wordt dagelijks aangevuld met leestips en literaire evenementen in en rond Gent. 17


WILLEMSFONDS VLOED

Een tekst is nooit af Puk Bennie Delvaux en Sofie Verraest (winnaars VLOED #2)

Vandaag glipt waanzinnig veel literair werk tussen de mazen van de uitgeversnetten. Sommige auteurs vallen uit de boot van bestaande formats van schrijfresidenties, wegens ‘te oud’ of omdat hun werk niet past binnen een bepaald genre. VLOED speurt de kustlijn af naar vers talent en biedt groeikansen én een podium aan vernieuwende makers. Dit jaar wonnen Puk Bennie Delvaux en Sofie Verraest het ontwikkelingstraject met o.a. een schrijversresidentie van drie weken in De Letterie te Oostende. Het is daar dat we hen beide ontmoetten Puk Bennie Delvaux

Proficiat met jullie winst van de tweede editie van VLOED. Wat ging er door jullie heen toen jullie vernamen dat jullie de wedstrijd wonnen? Puk Bennie: Er was een beetje ongeloof. Het was voor mij de eerste keer dat ik naar buiten trad met mijn werk. Dat het dan meteen iets zou betekenen, was een leuke bevestiging. Ik schrijf wel al een tijdje. Er kwam alleen nooit een goed moment om te zeggen ‘Ik kom nu naar buiten met mijn werk.’. Het afgelopen jaar is er bij mezelf vanbinnen iets aanzienlijks veranderd. Dat heeft er deels voor gezorgd dat ik er nu klaar voor was. Toen dat we hier toekwamen, voelden we dat er veel overlap was met ons onderzoek. Ik ben opgegroeid in een arbeidersmilieu waar toegang tot literatuur niet vanzelfsprekend was. Ik heb zo mijn eigen weg moeten zoeken. Daarom dat een residentie zoals hier goed bij me past. Sofie: Ik was gewoon keiblij. Ik hoopte er keihard op en zat te wachten op een telefoontje. Toen was het daar. Er zat bij mijn vreugdegevoel ook een beetje ongeloof. Ik heb nog geen boek uit. Ik stel mezelf soms de vraag of ik dan wel het recht heb om te schrijven. Als je dan niet uit een achtergrond komt waar literatuur evident is, versterkt dat gevoel dat schrijven niet bedoeld is voor mensen zoals wij. Door te lezen over klasse, en te begrijpen dat dat gevoel ergens vandaan komt en het onwaar is dat je geen stem mag hebben, onderschep je vergelijkbare situaties waardoor zelf schrijven mogelijk wordt. VLOED beoogt vernieuwende makers een platform te bieden. Trok dat jullie aan om deel te nemen aan de wedstrijd? Sofie: Voor mij wel. Verder denk ik dat Puk Bennie de eerste persoon is die ik ontmoette in literaire kringen waarmee ik kon spreken over ervaringen met sociale klasse. Dat was voor mij een verademing. Ik zie ongetwijfeld mensen over het hoofd en er zijn ook mensen die daar niet bij stilstaan, zoals ik er zelf óók lang niet bij heb stilgestaan. Een ander belangrijk aspect om te willen deelnemen aan VLOED was 18

de leeftijdsgrens. Ik kwam door mijn leeftijd amper nog in aanmerking voor veel talentontwikkelingstrajecten. Ik begon pas de laatste jaren meer na te denken over klasse, waardoor ik begon te begrijpen dat ik tijd nodig had om toegang te vinden tot bepaalde plekken en durven dingen te doen. Het feit dat veel talentontwikkelingstrajecten bedoeld zijn voor jonge mensen, en dat VLOED dat niet was, of niet per se, maakte VLOED reeds uniek. Puk Bennie: VLOED was een stuk laagdrempeliger. We hoefden niet gewoon ons manuscript in te zenden en nadien te presenteren aan een uitgeverij. We hoeven hier ook niet alleen te schrijven. We krijgen begeleiding op maat en de jury zoekt actief naar mensen die ook passen bij het werk dat ze maken. Er is veel begrip en er wordt tijd vrijgemaakt om te praten. Zo ontstaan er nieuwe openingen in ons werk. Dat is heel waardevol. Hoe ziet zo’n residentiedag er bij jullie uit? Sofie: We zijn intussen huisgenoten geworden. Zo’n dag is voornamelijk achter de computer zitten. We kruisen elkaar een paar keer per dag en dan hebben we een kort gesprek. Puk Bennie: Tijdens de eerste week wilde ik eerst wat de stad verkennen. Na verloop van tijd wilde ik toch doorwerken. Daardoor zit ik vaak in het huis. Het is goed dat we hier niet helemaal alleen zitten. Het huis is groot genoeg om erin te verdwijnen, maar tijdens de momenten dat we nood hebben aan contact zoeken we elkaar op. Wat gaan jullie meenemen naar huis? Puk Bennie: Er is een bepaalde soort aandacht die ik hoop te bewaren. Als je slechts met één ding bezig bent, kom je terecht in een soort van schrijfbubbel die doorstroomt naar dagelijkse bezigheden zoals naar de supermarkt gaan. Dat wordt precies niet meer doorbroken. Ik zou het spijtig vinden als dat zou verdwijnen. Sofie: Dat is waar, ik ervaar dat ook. Door hier met jou te zitten,


kwam ik ook tot het besef dat ik op meerdere dingen ‘nee’ moet leren zeggen. Ik merk dat ik nood heb aan meer rust en minder afleiding. Het is belangrijk om die schrijfbubbel intact te houden. Iets dat ik zeker meeneem naar huis, is de combinatie van gesprekken met Puk en met Tülin (Erkan) mijn begeleidster. Daardoor begrijp ik beter wat voor soort boek ik aan het schrijven ben. Ik heb nu het gevoel dat de weg voor mij uitgestippeld is.

was. Het was daarvoor nog een beetje spannend. Voor mij was het erop of eronder.

Sofie Verraest

Welk doel hadden jullie voor ogen tijdens deze residentie? Sofie: Er hangt een publicatie vast aan de residentie. Dat is iets van een drieduizend woorden. Dat is voor mij het begin van een roman waar dat ik nu mee bezig ben, een comingof-ageverhaal over klasse-onzekerheid, taalonzekerheid en het geweld van grenzen, in allemaal korte fragmentjes verteld. Puk Bennie: Ik ben bezig aan een gedichtenbundel waarbij ik mijn gedichten in een langere vorm probeer te gieten. Lezen jullie tijdens het schrijven andere werken? Puk Bennie: Ik lees nog andere dingen, maar door de beperkte tijd ligt dat een beetje stil. Sofie: Ik merk dat ik nu alleen maar dingen kan lezen, die een plaats hebben in mijn bubbel. Los van tijdsgebrek lees ik ook meer fragmentair. Ik wil zo mijn bubbel in stand houden. Puk Bennie: We hebben net ons eerste feedbackmoment gehad en leerden onze begeleiders goed kennen. Ik vraag me af hoe de aanpak verschilt tussen gedichten en doorlopende teksten. Sofie: Wel, Tülin vroeg aan mij of het nodig was om bepaalde zaken mee te lezen over sociale klasse en meertaligheid. Ik vond dat wel straf qua tijdsinvestering. Tülin is zelf ook bezig met meertaligheid en heeft ook een meertalige achtergrond. Ze heeft genoeg kennis om een tekst over dat thema kritisch te beoordelen. Ik vond het juist goed dat ze niet dezelfde teksten zou lezen. Het is voor mij heel waardevol dat Tülin een goede lezer is met een scherpe blik en een vers paar ogen. Ondervonden jullie tijdens het schrijven ook obstakels? Sofie: Stress en de tijdsdruk van de teksten. Ik dacht dat de deadline veel later zou zijn en die kwam vroeger dan verwacht. Ik was opgelucht dat de eerste feedback positief

Puk Bennie: Tijdens het maken van een tekst vecht ik voortdurend tegen de schaamte, tegen de twijfel en het produceren van iets dat mezelf blootlegt. Ik heb een beeldende achtergrond. De afstand die ik daarin creëer, voelt veiliger dan die met taal. Taal is voor mij een stuk explicieter over de dingen die je dagelijks bezighouden. Ik neig nu meer naar schrijven omdat ik me daar genuanceerder mee in kan uitdrukken. Schrijven stroomt meer want voor mij is een tekst nooit af. In mijn verbeelding of ideale wereld is een tekst een bewegend iets terwijl een schilderij er op den duur ‘gewoon’ hangt. Ik vind het ook niet leuk dat een tekst wordt geprint. Heb je dan een angst om misbegrepen te worden? Puk Bennie: Nee, ik denk dat hetgeen wat je denkt veranderlijk is. Het voelt onnatuurlijk aan om iets dat continu beweegt, dat je dat plots gaat vastleggen. Tijdens een performance zou ik proberen om de taal open te trekken en te begeleiden. Met onze achtergrond is het goed om wat te rommelen met de algemene opinie of status quo. Sofie: Ik denk dat we daarom in de normale perceptie ‘laat’ begonnen zijn. We konden ons nooit helemaal herkennen in de traditionele schrijverswereld. Dat kan nu onze kracht zijn. Ik had dat ook bij het lesgeven. In het begin dat ik lesgaf, probeerde ik vooral te passen binnen de instelling waar ik lesgaf. Ik had het gevoel dat ik daar meer undercover was en dat probeerde ik zo goed mogelijk te verbergen. De laatste jaren heb ik meer aanvaard dat ik misschien die ene persoon ben die een student meer op zijn/haar gemak stelt. Wat is tot slot jullie advies voor de deelnemers van VLOED#3? Puk: Ik denk dat het belangrijk is dat je altijd probeert om jezelf te verrassen. De lezer mag ook nooit onderschat worden. Sofie: Durven vertrouwen op uw intuïtie en niet denken dat je het allemaal moet weten. Eén van mijn huisgenoten, zij is een kunstenares, zei onlangs dat je het spoor moet volgend zoals een blinde hond. Het heeft geen zin om een proces te proberen controleren. Nog een belangrijke tip is dat je uzelf laat omringen door mensen die op creatief vlak stimulerend zijn. Cédric Ista, coach communicatie 19


IN DIT NUMMERINCLUSIE WILLEMSFONDS

Met weinig geld? Facebookgroep van het Willemsfonds

In onze nieuwe facebookgroep “cultuur beleven met weinig geld” laten we maatschappijkritische stemmen horen, vooral deze die tot beweging en actie aanzetten. En dus geven we voorrang aan kunstvormen die de wereld zelf vormgeven en de realiteit bepalen.

Iederéén zonder honger naar bed? Het kan!

Carnisme en speciëcisme op de schop Armoede is onrecht met vele gezichten. De omvang van de vleesindustrie is één van de elementen in de armoedeproblematiek. Willen we de honger in de wereld aanpakken, dan moeten we nagaan hoe deze kwalijke industrie standhoudt. We hebben het in dit artikel over speciëcisme en carnisme. Woorden zonder bestaansrecht Slechts enkelen gebruiken de woorden. In het beste geval heeft de rest van de samenleving ervan gehoord. Meestal leveren ze meewarig hoofdschudden op. In het slechtste geval wordt het bestaansrecht ervan ontkend: carnisme en speciëcisme tarten zelfs de spellingscontrole!

Moet cultuur dan méér doen dan de werkelijkheid weergeven? Ja zeker! Inzicht brengen dan? Inzicht is mooi, doch wat baat het? Er is méér nodig. Want bewonderen en mijmeren in musea levert niets op voor rebelse geesten. Actief van je laten horen, doe je niet met “l’art pour l‘art”. We delen lezingen, debatten, acties, rap challenges, poetry slams, … . Al die activiteiten hebben één ding gemeen: kunst als kracht. En dat betekent uitdagen van onrechtvaardigheden. Financiële uitsluiting is zo een onrechtvaardigheid. En daarom gaan we cultuur beleven met weinig geld en dus delen we enkel goedkope en gratis activiteiten. Heb jij het niet breed genoeg om aan het culturele leven deel te nemen? En ben je het beu om passief toe te kijken naar de malaise in het openbare en het eigen leven? Of word je kwaad of triest wanneer je ziet hoe het de mensen rondom jou vergaat? Kom, cultuur beleven met weinig geld! En neem in onze facebookgroep zeker deel aan de denkoefening: “Kansarmoede is… “. Aarzel niet, maak gebruik van je emoties en kom van je laten horen.

“The belief in a hierarchy of moral worth is deeply dysfunctional and a key driver of oppression” (Melanie Joy)”

20

De slachtoffers In speciëcisme –de ideologie die onderscheid maakt tussen soorten en de mens aan de top van de hiërarchie plaatst- ligt nochtans de oplossing voor vele hedendaagse problemen. Speciëcisme an sich is misschien niet de oorzaak voor de opwarming van de aarde en de uitbuiting van vruchtbare grond, zuivere lucht en water. Carnisme of het gedrag dat erdoor gestuurd wordt, namelijk het nuttigen en tot gebruiksvoorwerp maken van bepaalde diersoorten, is dat zeker wél. Wetenschappers zijn het inmiddels eens over de schade die de boskap ten behoeve van de veeteelt teweegbrengt. De grootste massa CO2 wordt uitgestoten door dieren die © Daria Seeger gekweekt zijn voor menselijke consumptie. Carnisme veroorzaakt maatschappelijk aanvaarde uitbuiting van de planeet en verkwisting van de energievoorraden. Met de vrij recente fenomenen grondstofschaarste en klimaatvluchtelingen tot gevolg. Dierlijke producten nuttigen en gebruiken heeft absoluut niet enkel gevolgen voor de rechtstreekse slachtoffers, de dieren. Er bestaat geen twijfel over dat de bevolking in de armste delen van de wereld nu reeds hard getroffen wordt. Tegen beter weten in Ondanks alle wetenschappelijke kennis over het onderwerp wordt er méér vlees geproduceerd en genuttigd dan ooit tevoren. De gedachten dat het allemaal zo erg niet is of dat je als mens niet veel kan veranderen, zijn moeilijk te doorbreken. Tegen beter weten in houden mensen vast aan hun gewoonten. Zelfs mensen die in klimaatmarsen staan te roepen dat er iets moet gedaan worden. De


VOORWOORD

meesten zien ook geen tegenstelling tussen hun oprechte liefde voor dieren en hun eetgewoonten. De hond die aan hun voeten meegeniet, benadrukt de discrepantie tussen woord en daad nochtans, met name houden van (de ene soort) en tegelijk opeten (van de andere soort). Mensen die zichzelf van achter een steak tartare of een kreeft belle vue pacifist of zelfs dierenvriend noemen, zien de absurditeit van wat ze zeggen vaak oprecht niet. Psychologische conditionering Deze tegenstrijdigheid tussen emotie en gedrag is maar mogelijk omdat we “psychologisch geconditioneerd” worden (vrij vertaald, Melanie Joy). Heel ons leven horen we niets anders dan dat dieren gebruiken normaal, natuurlijk en zelfs noodzakelijk is. Zo laat het systeem ons geloven dat discriminatie geen discriminatie is: “Dieren zijn er ten behoeve van de mens. Ze zijn gemaakt om op te eten. Zo is het altijd geweest en zo zal het altijd zijn”. Anders gezegd, we leren dat de mens boven de dieren staat en dat onderdrukking van dieren bijgevolg gerechtvaardigd is. Omdat het systeem de regels voorschrijft, lijkt het tevens alsof er niets te kiezen valt. En dus denken mensen er liefst niet bij na. Want wie wél durft kiezen, wordt niet als normaal beschouwd. Omwille van deze groepsnorm (“iedereen doet het”) schakelen mensen hun emoties uit en handelen ze compleet tegen hun moreel kompas in. Het opeten van wezens waar zij in se zielsveel van houden, gaan zij alzo als gewoon beschouwen. Innerlijk conflict Mensen die zich verzetten tegen de algemene (eet)cultuur, lokken verontwaardiging uit. In hun aanwezigheid wankelt het diervriendelijke beeld dat vele carnisten van zichzelf hebben en dat voelt ongemakkelijk. Dat zij hun eetgewoonten zo hevig verdedigen, bewijst dat zij diep vanbinnen geraakt worden. Het geweten laat zich immers niet misleiden door de irrationele logica van de meerderheid. Het hart beseft wat er speelt: handelen ten koste van anderen is machtsmisbruik. Er ontstaat een innerlijk conflict tussen de nood om bij de groep te horen enerzijds en de afkeer tegen onrecht anderzijds. Weerloze dieren (en mensen) degraderen tot product, is dat wel normaal? De kracht van woorden Zolang er geen woorden zijn om onrecht te benoemen, zolang is onrecht echter onbespreekbaar. De term speciëcisme begint gelukkig langzaam aan ingang te vinden in onze woordenschat. In Wikipedia lezen we: “Speciëcisme is de term voor het verschijnsel van discriminatie tussen wezens op basis van hun soort, doorgaans discriminatie van (gewervelde) diersoorten door de mens. (…). Het woord -een isme, met als eerste component het Latijnse woord species dat ‘soort’ betekent- is gevormd naar analogie met woorden als seksisme (discriminatie naar geslacht) en racisme (discriminatie naar ras)”. Méér en méér mensen worden zich bewust dat hun handelen ingaat tegen hun ethisch bewustzijn. Velen stellen zich

© Carla Dejonghe

vragen over datgene dat zij blindelings als waar hebben aangenomen. De relatie tussen eetcultuur en de impact op de leefomgeving en op andere mensen en dieren wordt hen duidelijker. Het woord speciëcisme krijgt collectieve betekenis. Eerst is er ridiculisering Alle zelfreflectie ten spijt, we hoeven ons geen illusie te maken: net als seksisme en racisme zal ook de term speciëcisme niet als vanzelf de strijd tegen onrecht winnen. Volgens Tom Regan gaat elke grote beweging in de geschiedenis door drie fases. De eerste is ridiculisering, daarna is er discussie en pas in de laatste fase is er de algemene adoptie. Deze drie fases zagen we in de periode die vooraf ging aan de afschaffing van de slavernij. Zonder deze drie fases zouden kruidenheksen nog steeds van torens gegooid worden. Apartheid zou nog als normaal beschouwd worden. Anders geaarde mensen zouden nog gestenigd worden. Het vrouwenstemrecht zou er nooit gekomen zijn. Ooit zullen we ons als samenleving afvragen hoe we het gebruiken van weerloze dieren zolang hebben gerechtvaardigd. De gevolgen van de vleesindustrie voor de minst bedeelde mensen, zullen ook niet meer ontkend worden. Tania Menten, coach inclusie

21


WILLEMSFONDS DE NAATKTE WILLEMSFONDSER

De Naakte Willemsfondser © Morgan Gielen

in Tania Menten


Ik herinner me nog die spreekbeurt van mijn klasgenootje Heidi. En hoe fier zij was toen de foto’s uit het slachthuis doorgegeven werden. Na afloop kregen we een knackworst. Ik heb die spreekwoordelijke kers op de taart beleefd geweigerd. Toen ik nadien thuis de bloedworst op tafel zag, drong de inhoud ervan pas goed tot me door.

Ik was acht en mijn vrienden werden opgegeten

Toen ik acht was, werd ik al als een rariteit beschouwd. Voor een kind dat zoekende was en de eigen identiteit nog niet gevonden had, was vegetarisch (later vegan) zijn niet evident. Vaak voelde ik me eenzaam en onbegrepen. Ik vond zelden aansluiting bij mijn leeftijdsgenootjes, zeker niet wanneer er gegeten werd. Vaak hoorde ik er niet bij puur omdat ik andere eetgewoonten had. Mensen voorzagen speciale arrangementen waardoor ze me onbewust en goedbedoeld vervreemdden van de rest van de groep. Aan tafel werden er opmerkingen over mij gemaakt. Ik had dan de neiging om mij te verontschuldigen of te verantwoorden. Waarna het anders zijn nog sterker leek. De niet-begrijpende blikken van de tafelgenoten wilde ik ontvluchten. Ik wilde net als alle andere kinderen normaal zijn en erbij horen.

Ik ben een sociaal dier

Vandaag is dat niet anders. Ook al ben ik de vijftig voorbij en moet ik niet meer op zoek naar mijn eigen identiteit, erbij horen blijft een sterk zielsverlangen. Tegen de stroom ingaan en eeuwenoude, collectieve gewoonten, waarden en normen trotseren, is voor iemand die plantaardig leeft echter onvermijdelijk. En zo bots ik al heel mijn leven op weerstanden. De pleaser en de peacekeeper in mij verdragen geen onenigheid. En om kritiek te vermijden en niet afgewezen te worden, probeer ik niet op te vallen. Mezelf onzichtbaar maken, voelt veilig.

Plantaardig leven voelt als niet genoeg…

Aan de andere kant voelen zwijgen en mezelf aanpassen, als mijn authenticiteit te grabbel gooien. En met de zelfverloochening neemt het knagende gevoel toe dat plantaardig leven slechts een beperkte bijdrage is, een druppel op een hete plaat. Het voelt als niet genoeg. Dieren worden er niet minder wreed om behandeld. Ze worden na 44 jaar veganisme nog altijd massaal opgegeten. Nog even machteloos sta ik in de woestijn te roepen.

… want de realiteit is waanzin

Biggen die zonder verdoving gecastreerd worden omdat ze dan beter smaken, uitgeputte en vertrappelde dieren die dagenlang onderweg zijn in hete vrachtwagens, kalfjes die vlak na hun geboorte bij hun krijsende moeder worden weggehaald, mannelijke kuikens die door een haksel gejaagd worden, kippen die niet meer op hun poten kunnen staan en in hun eigen vuil liggen omdat ze als plofkip goedkoper zijn, paarden die in paniek toekijken hoe hun voorganger doodbloedt, kreeften die gekneveld in een watertank liggen te wachten om levend gekookt te worden, … dit alles gaat vooraf aan élk niet-plantaardig bord.

© Morgan Gielen

Mijn maag keert om wanneer ik mensen vlees zie eten. Want ik hou van dieren, van alle dieren. Elk stuk vlees staat gelijk met een dode vriend. Dag in dag uit ben ik getuige van hun lijden en dood, en van het geweld en het onrecht dat mijn soortgenoten hen aandoen. Hoe kan iemand ooit gelukkig zijn in zo een immorele wereld, vraag ik me af. Onschuldige dieren doden voor een lekkere hap is wreed. Andere mensen het lastige werk laten doen achter de gesloten deuren van het slachthuis is hypocriet. Vlees eten is niet verdedigbaar, toch?

En dan krijg ik er genoeg van om me te beperken tot passief veganisme

In 2019 begin ik mijn facebookgroep wat vegans (w)eten en sindsdien geef ik mijn authentieke zelf alle ruimte. Niet veganisme maar “actief” veganisme is nu mijn way of life. Ik steek mezelf niet langer weg. In plaats van mijn boodschap klein te houden, zeg ik wat ik denk en waar ik naar verlang. Een warme en rechtvaardige wereld zonder -ismes. Want racisme, seksisme en speciëcisme, komen allemaal voort uit hetzelfde gedachtegoed, namelijk dat “sommigen wat meer gelijk zijn dan anderen” (vrij uit Animal Farm van George Orwell). Om een wereld zonder discriminatie mee werkelijk te maken, toon ik mezelf graag. In heel mijn kwetsbaarheid.

Verhalen delen is geschiedenis schrijven

Goedkeuring of begrip van anderen zijn nog steeds mooi, maar het bepaalt niet langer wat ik doe of zeg of nét niet doe of zeg. Het voelt goed om eindelijk voluit te praten. 23


Iemand van 82 jaar heeft ongeveer 2000 dieren (kleine dieren zoals insecten en garnalen niet meegerekend) gegeten! Dat staat gelijk aan 1.614.000.000.000 dieren die jaarlijks wereldwijd voor menselijke consumptie gedood worden. Tobias Leenaert

Waar naartoe? Drie keer per dag goed doen, gewoon door lekker te eten? Bezoek Tania’s gezellige facebookgroep wat vegans (w)eten of watvegansweten.be. Vegan of niet, iedereen is van harte welkom. En de recepten zijn om van te smullen. Vegans die hun draagkracht willen verhogen en hun impact vergroten, kunnen eveneens terecht op watvegansweten.be. Voor dit artikel ging Tania voor een fotoshoot naar Morgane Gielen. Hoe zij het geweld en de verwaarlozing van dieren emotioneel ervaart kan je lezen op de No Babes Instagram en Facebookpagina. Op 22 februari 2024 pm 11u spreekt Tania op het Ethiekrevolutie E-festival in een panel over veganisme. Details hierover volgen op Willemsfonds.be en in de digitale nieuwsbrieven. Tijdens onze feestelijke gratis online kookworkshop op 23 december 2023 doorbreken we eenzaamheid op een betaalbare manier. Iedereen welkom! Meer info op willemsfonds.be.

24

Vragen als “wat eet je dan wel?” en “waarom eet je geen vlees? En geen kip? En ook geen vis?” slaan me niet meer uit het lood. Ik toon mijn ontreddering en de oorzaken ervan. Ik praat over mijn morele waarden en mijn levensstijl. Ik word zichtbaar en maak een verschil. En met mijn verhaal inspireer ik anderen. Ik kom in actie en dat loont. Ik kijk niet langer lijdzaam toe zonder in verweer te komen. Ik kies ervoor om nooit meer te zwijgen. Samen met vele anderen die opstaan, wordt carnisme zichtbaar voor wat het is, collectief aanvaard geweld. We praten erover. We schrijven erover. We delen onze verhalen. Voluit. Zonder gêne, zonder scrupules of bescheidenheid, zonder zelfcensuur. Samen bouwen we aan een nieuw ethisch kompas, een nieuw normaal. De groep mensen die het kind in zich laten spreken en die het gebruiken van dieren (terug) afwijzen, wordt groter. Jarenlang werden vegans bespot en geridiculiseerd. Vandaag is er discussie. Morgen is er adoptie. De vegans van gisteren waren voorvechters. De vegans van vandaag schrijven geschiedenis.

Koken als activisme voor een betere wereld

Ik heb altijd geweten dat voeding en rechtvaardigheid nauw verwant zijn met elkaar: je bord reflecteert of je wél of niet leeft volgens je ethische waarden. Nu ik me als coach inclusie verdiep in de armoedeproblematiek besef ik bovendien hoeveel impact voeding élke dag heeft op mensen die in armoede leven. Omdat de kookworkshop “plantaardig koken met weinig geld” in oktober een groot succes was, hebben we meteen een nieuwe kookworkshop op de agenda gezet. En wel midden in de wintervakantie. Want vele mensen brengen de feestdagen in eenzaamheid door. Feesten zijn immers kostelijk. Niet iedereen kan dat betalen. We maken er een gezellig feest van met betaalbare gerechten. En de kookworkshop is uiteraard weer gratis voor iedereen. Zodat mensen die in armoede en/of eenzaamheid leven zich geen buiten-

beentje voelen.

Joyful rebel en bezielster van wat vegans (w)eten

Als vegan door het leven gaan, voelt als een waardevolle bijdrage. Het is gemakkelijk, elke dag heb je drie keer de kans om goed te doen. Elk plantaardig bordje is een dierlijk bordje minder. Zelf ga ik een stukje verder omdat ik me dan niet hoef te beperken tot enkel mijn eigen bord. Van actief veganisme word ik bovendien positiever, blijer, milder en energieker. Ik ben nog steeds die vreemde eend van weleer. Alleen durf ik mijn zotte authentieke zelf nu als kracht inzetten. Ik ben een joyful rebel en de bezielster van wat vegans (w)eten. De vegan gemeenschap die mij volgt in mijn gelijknamige facebookgroep en op watvegansweten.be groeit snel. Ik vind het fijn om mensen nieuwe ingrediënten, producten en recepten te laten ontdekken. Dat is leuk. En het schept een band. Tegelijk vind ik het zalig om de emotionele draagkracht van vegans te vergroten. En de kookworkshops van het Willemsfonds lenen zich uitstekend om die draagkracht om te zetten in daadkracht. Armoede helpen bestrijden en mensen plantaardig leren koken, dat is voor mij een voor de handliggende combinatie. Een win-win voor mens, dier en planeet, alsook voor het Willemsfonds. Tania Menten, coach inclusie


Sinds oktober 1873

Exact 150 jaar, sinds oktober 1873, zo lang is het Willemsfonds al actief met een afdeling in de hoofdstad! In dit feestjaar organiseren we talrijke activiteiten om dit te vieren - zoals een concert met Raymond van het Groenewoud, een comedy-avond met Jade Mintjens – en we willen Manneken Pis aankleden met een Willemsfondskostuumpje. Op de site willemsfondsbrussel.be ontdek je steeds ons aanbod. Maar zo’n rijke geschiedenis, 150 jaar vol activiteiten en boeiende figuren, die wilden we ook wel graag reconstrueren. Hiervoor trokken we naar het archief Liberas en met veel dank aan wetenschappelijke onderzoekers Bart D’Hondt en Sebastien Baudart kunnen we nu trots dit verhaal voorstellen: het verhaal van Willemsfonds Brussel.

De zoektocht naar de wortels, naar ‘waar en hoe’ het allemaal begon, is een boeiende vraag in elke verenigingskroniek. En ook onze Brusselse Willemsfondsafdeling ontsnapt daar niet aan. Wat ging vooraf aan de plechtige stichtingsvergadering van 18 oktober 1873?

Gent

en intussen kunnen ze ook rekenen op een nieuwe lichting leden. In 1871 zijn reeds 74 Brusselaars lid van het Willemsfonds, waarvan 44 uit Brussel zelf en 30 uit de randgemeenten. Onder hen vallen enkele namen op: Hendrik Conscience (letterkundige en conservator van het Wiertzmuseum), Edmond Picard (advocaat en liberaal progressist), Alphons Vandenpeereboom (libe-

In 1851 richt een groep Vlaamsgezinden, voornamelijk actief in het Gentse, het Willemsfonds op. De naam refereert naar een boegbeeld van het toenmalige flamingantisme, Jan Frans Willems (1793-1846). De heel ruime doelstelling van het piepjonge cultuurfonds is de erkenning en verdediging van het Nederlands als cultuurtaal en als officiële voertaal in Vlaanderen. De ideologische tweespalt tussen katholieken en vrijzinnigen heeft de Vlaamse Beweging nog niet verdeeld. Kanunnik Jan Baptist David, naar wie in 1875 het Davidsfonds zal worden genoemd, is stichtend lid van het Willemsfonds. Pas in 1862 schakelt het Willemsfonds onder impuls van Julius Vuylsteke over op een liberaal-vrijzinnig flamingantisme.

Brusselse nieuwsgierigheid

Onder die tweeënzestig stichtende leden van het Willemsfonds bevinden zich ook zeven Brusselaars. Ze volgen vanuit de hoofdstad met veel aandacht het Gentse initiatief: de letterkundigen Johan Dautzenberg, Michiel Van der Voort en Jean Nolet de Brauwere van Steeland, de graficus Ph[illippe] Maillart, de magistraat Victor Delecourt, volksvertegenwoordiger baron Emile ’t Serclaes de Wommersom en Hippolyte Bauduin, directeur van het Brussels militair hospitaal. Deze laatste neemt het voortouw en wordt in 1855 toegevoegd bestuurslid van het algemeen bestuur. Gedurende twintig jaar nemen de Brusselse Willemsfondsers vanop afstand deel aan de initiatieven van het Willemsfonds en noteren de stichting van de eerste lokale afdelingen: Gent (1868), Antwerpen (1871) en Brugge (1872). Hun appetijt is gewekt

Verslag van de eerste activiteit van Willemsfonds Brussel op zondag 21 december 1873 (krant: Volksbelang, 27/12/1873) 25

WILLEMSFONDS 150 JAAR WILLEMSFONDS BRUSSEL

150 Jaar Willemsfonds Brussel


raal volksvertegenwoordiger en minister), Karel Buls (edelsmid en liberaal politicus), Albrecht en Juliaan De Vriendt (kunstschilders), Lucien Jottrand en zijn zoon Gustave (liberale politici), Eugène Van Bemmel (letterkundige en hoogleraar aan de ULB), Laurent Veydt (directeur van de Société Générale), Julius Hoste (uitgever), Emanuel Hiel (letterkundige), Leon Vanderkindere (liberaal politicus en hoogleraar geschiedenis aan de ULB), Felix Cogen (kunstschilder), Auguste Couvreur (liberaal volksvertegenwoordiger) en Edmond De Vigne (bouwkundige), een heel divers publiek.

De Veldbloem

Deze Willemsfondsers staan er in Brussel echter niet alleen voor, want in de hoofdstad is sinds 1852 de letterkundige vereniging de Veldbloem actief. Gesticht door Willemsfondslid van het eerste uur Michiel Van der Voort, stelt de Veldbloem zich “de bevordering der volksbeschaving bij middel der moedertaal” tot doel. De leden zetten zich in voor de verdediging van de taalrechten, organiseren prijskampen voor toneel- en letterkunde, geven voordrachten en zangfeesten en stichten een volksbibliotheek. Echt aanslaan doet de Veldbloem echter niet en de vereniging kwijnt weg. In april 1869 volgt een nieuwe start. Xavier Havermans wordt voorzitter en kan Julius Hoste overtuigen om de functie van secretaris op zich te nemen. Er komen opnieuw wekelijkse zittingen, met onder meer lezingen met aansluitend concert of zangstond. In 1871 vertrekt een eerste petitie met betrekking tot het taalgebruik in bestuurszaken, de erkenning van de gelijkwaardigheid van Nederlands en Frans als officiële taal en de organisatie in het Nederlands van de burgerwacht in Vlaanderen, richting parlement. De Brusselse Willemsfondsers wagen dan maar de stap en laten aan het hoofdbestuur in Gent weten

wel geïnteresseerd te zijn in een eigen afdeling, met de Veldbloem als een zusterorganisatie en een bevoorrechte partner.

Een eigen afdeling

Op 11 oktober 1873 sturen Hippolyte Bauduin en Emanuel Hiel een brief naar de inschrijvers uit het Brusselse bij het Gentse Willemfonds met het voorstel om een eigen afdeling op te richten. Een week later, op 18 oktober, komen 46 leden samen, richten een afdeling op en kiezen Emmanuel Van Driessche tot voorzitter. Op 31 oktober 1873 worden de statuten goedgekeurd en wordt een geografische afbakening vastgelegd. Elke Vlaamsgezinde vrijzinnige liberaal uit Brussel, Sint-Joost-ten-Noode, Schaarbeek, Elsene, Anderlecht, Sint-Gillis, Ukkel, Molenbeek, Koekelberg, Etterbeek en Laken wordt vriendelijk uitgenodigd om zich aan te sluiten. De plechtige openingszitting van de afdeling gaat door op 21 december 1873 in de grote zaal van de Concert Noble. Lodewijk De Rijcker spreekt de leden toe in naam van het Algemeen Bestuur, voorzitter Van Driessche heeft het in een academische lezing (kort) over het leven en de betekenis van Jan Frans Willems en dan volgt een obligaat uitgebreid diner. Tegen 31 december hebben zich 88 leden ingeschreven, waaronder ook de verenigingen De Veldbloem, de Morgenstar, Noordstar en De Vlijtige Buitenlieden, de afdeling Brussel is een feit. Bart D’Hondt en Sebastien Baudart (Liberas) en Hans Van Rompaey (Willemsfonds BHG)

Dit was hoofdstuk 1 van ons verhaal. Wilt u meer lezen over de succesvolle eerste jaren, de oprichting van de Nederlandstalige klassen, de moeilijkheden na de schoolstrijd, en over de bijzondere figuren die we tegenkomen in die periode? Neem een kijkje in ons Brusselse Willemsfondsmagazine Kortweg of op de website kortweg.brussels . Je vindt er ook een kaart met een 90-tal Brusselse straten, pleinen, lanen, enz. die vernoemd zijn naar leden van het Willemsfonds (namen als Karel Buls, Jules Anspach, Jef Lambeaux, Hendrik Conscience, Emanuel Hiel, Paul Janson en Antoine Dansaert zullen ongetwijfeld een belletje doen rinkelen, maar er zijn er vele meer). In de Kortweg van januari gaan we vervolgens verder met hoofdstukken vanaf de Eerste Wereldoorlog.

“De Brusselse Willemsfonds-boegbeelden Emmanuel Hiel (zittend links) en Julius Hoste sr. (zittend rechts), hier op een plechtigheid bij de aanvang van de werken aan de haven van Brussel (1900)” 26


WILLEMSFONDS JEUGDDICHTER

Jeugddichter van Zwevegem ‘Wie wordt de ‘Jeugddichter van Zwevegem 2024’?

“De jeugddichter wordt achteraf, samen met zijn ouders, klasleerkracht en directie uitgenodigd op het kabinet van de burgemeester. Hij of zij krijgt daar ook de eerste +opdrachten van de burgemeester of van de cultuurfunctionaris van de gemeente”.

Sinds 2013 organiseert het Willemsfonds Zwevegem elke twee jaar de wedstrijd “Wie wordt de jeugddichter van Zwevegem”. Deze wedstrijd wordt gehouden in samenwerking met de gemeente Zwevegem, waarbij ook de lokale pers nauw betrokken is. Alle jongeren die in het jaar van de wedstrijd in Zwevegem wonen en tussen twaalf en vijftien jaar oud zijn, kunnen deelnemen. Het doel van de wedstrijd is om jongeren enthousiast te maken voor de Nederlandse taal en hen creatief met taal te leren omgaan in verschillende vormen. Voor elke editie kiest het bestuur een thema waarvoor een gedicht moet worden geschreven. Voor deze editie is het thema ‘Vrede’, om diverse redenen, zeer toepasselijk. Om jongeren te stimuleren deel te nemen aan deze wedstrijd, bezoekt het Willemsfonds Zwevegem alle scholen in Zwevegem. In de afgelopen jaren hebben we veel leerkrachten kunnen overtuigen om dit op te nemen in het lessenpakket, met name rond de periode van de Week van de Poëzie, begin januari. Leerlingen uit het zesde leerjaar of de eerste twee graden van het secundair onderwijs krijgen daar de opdracht om een gedicht te schrijven binnen

ons thema. Daarnaast wordt er ook gecommuniceerd via flyers, affiches en sociale media om leerlingen te bereiken die buiten Zwevegem naar school gaan. Verschillende organisaties zoals de academie voor woord en beeld, de bibliotheek, de jeugddienst en het gemeentepunt dragen graag bij aan de bekendmaking van onze wedstrijd. Begin 2024 organiseren we de zesde editie van deze wedstrijd. Oplettende lezers zullen merken dat er iets niet klopt in de telling. Vanwege de coronapandemie hebben we besloten om de huidige jeugddichter een extra jaar te geven om te genieten van zijn mandaat. Door de beperkte activiteiten was het voor de jeugddichter van 2021 niet eenvoudig om zijn taken volledig uit te voeren. Een diverse jury leest, onafhankelijk van elkaar, alle ingezonden gedichten. De gedichten worden anoniem aan de juryleden verstrekt, zonder vermelding van naam, leeftijd, geslacht, enzovoort, zodat de beoordeling objectief kan plaatsvinden. Elk jurylid maakt zijn rangschikking, wat de basis vormt voor de uiteindelijke rangschikking. De top tien laureaten worden uitgenodigd 27


Vriendschap Je bent nieuw? Hoe heet je? Ken je al iemand? Of zeg :’ Kom je uit een ander land?’ Ben je bang, dat hoeft niet want wij kunnen samen spelen, uren lang. Wij kunnen samen spelen of zelfs geheimpjes delen. Zo leren we elkaar te vertrouwen, een sterke vriendschapsband opbouwen, desnoods kunnen we samen rouwen. We worden dikke maten, we kunnen over àlles praten, échte makkers, vrolijke rakkers. In moeilijke tijden kan ik je steunen, je mag altijd op mij leunen., Samen op het leven toosten, en als je wil, zelfs marshmallows roosteren. Ik ga op je wachten, tot jij er bent wandel ik in achten. Steeds elkaar helpen, af en toe stoeien we speels als leeuwenwelpen. We kunnen samen babbelen of met een nootje erbij wat knabbelen. Zo zie je maar weer vriendschap groeit.

om hun gedicht voor dezelfde jury voor te dragen. Na deze presentaties wordt een nieuwe rangschikking gemaakt en wordt de winnaar van het schrijven en voordragen van het gedicht benoemd tot jeugddichter van Zwevegem voor een periode van twee jaar. De resultaten worden bekendgemaakt tijdens een officiële proclamatie een week later. De jury bestaat uit de voorzitter en een bestuurslid van Willemsfonds Zwevegem, een journalist, een medewerker van de bibliotheek en de gepensioneerde cultuurfunctionaris. Naast de eer om jeugddichter van de gemeente te worden, zijn er ook enkele mooie prijzen verbonden aan deze wedstrijd. De laureaten van de vierde tot de tiende plaats ontvangen elk €20. De derde plaats ontvangt €75, de tweede plaats €125 en de winnaar €250. Daarnaast krijgt de winnaar ook een mok met daarop zijn gedicht gedrukt en wordt het gedicht tentoongesteld in een bushokje van De Lijn, waar het permanent zichtbaar blijft. De jeugddichter wordt achteraf, samen met zijn ouders, klasleerkracht en directeur, uitgenodigd op het kabinet van de burgemeester. Hij of zij ontvangt daar ook de eerste opdrachten van de burgemeester of van de cultuurfunctionaris van de gemeente. De jeugddichter kan worden gevraagd om een gedicht te schrijven rond nieuwjaar, kermis, huldigingen in de gemeente of andere actuele thema’s. Om de twee edities engageert het Willemsfonds Zwevegem zich ook om een dichtbundeltje uit te geven van de twee voorgaande jeugddichters. De laatste twee jeugddichters krijgen de kans om ongeveer tien gedichten aan te leveren. De afdeling neemt de drukkosten voor haar rekening, en de laureaten ontvangen een bundeltje dat ze tegen een democratische prijs kunnen kopen om te verkopen of te verspreiden in hun omgeving. Dit initiatief wordt sterk gewaardeerd door deelnemers en hun families. Een dergelijke activiteit brengt ook kosten met zich mee als organisator. Gelukkig kunnen we rekenen op een aantal sponsors, die speciaal worden aangesproken voor dergelijke grotere activiteiten en bereid zijn om hun steentje bij te dragen. Vooral bestuurslid Yvan Nys houdt zich hiermee bezig. We zitten niet stil binnen ons dynamische bestuur en proberen voortdurend nieuwe activiteiten te organiseren. In 2024 staat ook een groepstentoonstelling gepland op verschillende locaties in de gemeente, zoals de kerk, het woonzorgcentrum en het theatercentrum. We proberen zoveel mogelijk Zwevegemse kunstenaars te bereiken die willen exposeren. Guido Margodt, voorzitter Willemsfonds Zwevegem Voor meer informatie of reglement van onze prijskamp, kan u steeds terecht bij Guido Margodt via guido.margodt@telenet.be.

28


Duikt in de wereld van geestelijk welzijn

Psychedelica, hulpverlening & media

Bezoekers mogen zich voorbereiden op een reeks intrigerende gesprekken. Ann Ceurvels en Stijn Van Heule gaan de mysterieuze wereld van labels ontrafelen: wat betekenen ze echt voor ons? Frieda Matthijs & Michiel van Elk duiken in de geestverruimende domeinen van psychofarmaca en psychedelica, en hun impact op ons geestelijk en mentaal welzijn. Paul Verhaeghe en Ulrike Dausel gaan een stap verder en onderzoeken de rol van zingeving en levensbeschouwelijke zorg in onze mentale en geestelijke gezondheid. Xavier Taveirne en Koen De Bouw leiden ons langs de spiegels van media Op 9 maart 2024 zal de derde editie van en samenleving. Ze onthullen de impact VrijSpraak plaatsvinden in het Zuiderop ons geestelijk welzijn. pershuis in Antwerpen. VrijSpraak is een levendig en multidimensionaal sprekers-, Onder de bezielende leiding van Kurt debat- en ontmoetingsevent. Het event Van Eeghem zullen sprekers uit diverse staat symbool voor het vieren van het vrije hoeken - acteurs, schrijvers, psychologen woord en kritisch denken, waarbij veren dichters - hun inzichten en ervaringen schillende gastsprekers vanuit hun unieke delen. Cleo Klapholz en Yves Kibi Puati achtergrond en expertise een licht werpen Nelen zullen de dag verrijken met krachop een centraal gekozen thema. tige en roerende poëzie. Gedurende de Dit jaar staat het event volledig in het avond zal het publiek de kans krijgen om teken van geestelijk welzijn. Door midvragen te stellen en eigen ideeën of medel van boeiende gesprekken, ideeën en ningen te delen, wat bijdraagt aan de rijke debatten zullen verschillende gasten hun dialoog en het vrije debat. De hoofdacts inzicht en ervaring delen, en uitdiepen wat worden afgewisseld met ‘babbelbreaks’ we bedoelen met ‘geestelijk welzijn’. Hoe en live acts. Bezoekers kunnen ook doordefiniëren we geestelijk welzijn, en welke lopend genieten van heerlijke hapjes en factoren dragen bij aan het bereiken erdrankjes. van? Hoe beïnvloeden biologie, levensbeschouwing, gemeenschap en politiek ons geestelijk welzijn?

Line-up

• Ann Ceurvels - Auteur, actrice, kindercoach • Stijn Van Heule - Psycholoog, hoogleraar UGent • Frieda Matthijs - Psycholoog • Michiel van Elk - Psycholoog • Paul Verhaeghe - Psycholoog, Em. hoogleraar • Ulrike Dausel - Moreel consulent huisvandeMens • Xavier Taveirne - Journalist, presentator • Koen De Bouw - Acteur • Cleo Klapholz - Stadsdichter, Proza-K • Yves Kibi Puati Nelen - Stadsdichter, Proza-K • Kurt Van Eeghem - Presentator, acteur, auteur

Praktisch

VrijSpraak vindt plaats op zaterdag 9 maart 2024. Deuren openen om 16u, einde voorzien om 22u. Tickets zijn vanaf nu te koop, met een gelimiteerd aantal earlybird-tickets beschikbaar tegen een voordelige prijs. Daarnaast zijn er speciale tickets beschikbaar die ook toegang bieden tot FOMU en het M_HKA. Met een ticket van VrijSpraak 2024 kan je van 9 tot en met 31 maart 2024 gratis het M_HKA bezoeken. Op zaterdag 9 maart 2024 om 14:00 is er een geleid bezoek (90’) (in het algemeen ticket inbegrepen maar extra reservatie verplicht) doorheen de overzichtstentoonstelling rond de kunstenaar Jim Shaw. In groepen van maximum vijftien personen, leidt een gids ons doorheen de expo waarin op drie à vier punten een bijzonder verhaal verteld wordt door één van de sprekers van de avond, één van de dichters van de avond én een deskundige die vanuit de museumwerking ervaring heeft met het werken rond mentale gezondheid.

Organisatie VrijSpraak is een initiatief van deMens. nu, provincie Antwerpen, Hujo, Humanistisch Verbond, Vermeylenfonds en het Willemsfonds

WILLEMSFONDS VRIJSPRAAK

VrijSpraak 2024


WILLEMSFONDS WILLEMSFONDSARCHIEF

Vossenstreken Vossenstreken

Bas-relief op het monument voor Jan Frans Willems te Gent (1899).

Wanneer we in Vlaanderen spreken over middeleeuwse maatschappijkritische literatuur, verpakt in een schelmenverhaal dat vlot leest en een internationale uitstraling heeft, doelen we uiteraard op “Van den vos Reynaerde”. Geschreven in de 13e eeuw door “Willem die Madoc maakte [schreef]”, heeft dit dierenepos al sinds jaar en dag nog voor er sprake was van een officiële versie - een vaste plaats in de Vlaamse canon. Door de eeuwen heen duikt Reinaert/ Reynaert op in de literatuur, de beeldende kunsten en de podiumkunsten. De vos en zijn streken, die de heersende adel en geestelijkheid met veel succes belachelijk maakt en zelf de rebelse burger of volksfiguur symboliseert, vinden hun weg naar de werken van Goethe, Shakespeare en Chaucer, maar vervagen in de 18e eeuw met de opkomst van de Verlichting, die zijn eigen symbolen en archetypen zoekt.

Jan Frans Willems

De stilte blijft niet lang hangen. Dé sleutelfiguur in de 19e-eeuwse revival van dit verhaal is de geestelijke vader van het Willemsfonds, Jan Frans Willems (1793-1846). Dit boegbeeld van de Vlaamse beweging publiceert in 1834 “Reinaert de vos. Naer de oudste beryming”, de allereerste hertaling van deze allegorie van het Middelnederlands naar het toenmalige Nederlands. Willems’ Reinaert kent nog tijdens zijn leven een eerste herdruk (1839) en na zijn overlijden in 1846 geeft zijn vriend Frans Ferdinand Snellaert een derde herdruk uit (1850). Jan Frans Willems wordt begraven op het kerkhof van de Gentse SintJacobsparochie aan de Dampoort, maar in 1848 verhuizen zijn stoffelijke resten naar een praalgraf op de top van de Kapelleberg op Campo Santo (Sint-Amandsberg), een heuvel die vroeger bekendstond als de Reynaertberg. Vanaf dat moment krijgt het verhaal een tweede leven. Het wekt enthousiasme, wordt graag gelezen en becommentarieerd, zelfs tot aan het koninklijk hof, met Leopold I als verraste fan van Reinaert. Op 30

deze manier lanceert Willems niet alleen een allegorisch verhaal over samenleving en macht, maar legt hij ook de fundamenten voor een voor hem veel belangrijker streven: de erkenning van het Nederlands als cultuurtaal, als officiële voertaal in Vlaanderen. Dit vertaalt zich snel ook in uitgaven voor het onderwijs in Vlaanderen, waardoor generaties Vlaamse scholieren met een wel (een Prudens van Duysse onder druk bijvoorbeeld) dan niet (met dank aan vooral Julius De Geyter) gecensureerde versie kennismaken. Begin 20ste eeuw neemt onder meer Stijn Streuvels de fakkel over, en hij houdt het epos levend voor een breed publiek, van jong tot oud.

Met vossenstreken naar de 21ste eeuw

Achthonderd jaar na dato is Reinaert nog steeds prominent aanwezig. In de tweede helft van de 20e eeuw duikt Reinaert op bij Disney, die weigert kinderen met het oorspronkelijk naar zijn mening te scabreuze verhaal te confronteren, maar wel bereid is om in 1973 de Engelse schelm bij uitstek, Robin Hood, door die vos te laten spelen. Gerespecteerde Vlaamse theatermakers, van Tine Ruysschaert (jaren 1980-1990) en Karel Gevaert (2010) tot Sien Eggers in Theater Malpertuis (2023), brengen Reinaert in een gedreven monoloog voor een volwassen publiek. Eddy Levis kiest met “Reinoart de vos” (2007) voor een heruitgave in het Gentse dialect. Suske en Wiske in “De Rebelse Reinaert” van Studio Vandersteen (2008) en Warre Bormans met “Heerlijk HoorspelReinaert de vos” van het Geluidhuis (2018) mikken dan weer op een jeugdig publiek, maar bieden een boeiende tweede laag die zich richt op volwassenen. Voor de echte, gedreven liefhebber van Reinaert binnen zijn maatschappelijke context is er de uitgebreid becommentarieerde heruitgave van Frits Van Oostrom (2023). Het spreekt tenslotte voor zich dat Reinaert ook is opgenomen in de Canon van Vlaanderen (2023).

Reinaert en het Willemsfonds

De vos is echter niet prominent aanwezig


Affiche met tekening van Oscar Bonnevalle tgv de inhuldiging van het gerestaureerde Lakenmetershuis (1983).

in het Willemsfonds zelf. Pas in 1873 neemt het Willemsfonds de vijfde uitgave van “Reinaert de Vos” van Willems op in zijn boekenfonds. Kort daarna duikt het thema links en rechts al eens op als onderwerp voor een volksvoordracht, maar dit veroorzaakt niet veel ophef. De keuze in 1929 voor de ‘wijze uil’ als logo voor het Willemsfonds, al dan niet gekoppeld aan de figuur van een guitige Uilenspiegel, en niet voor de ‘rebelse vos’, ligt misschien in dezelfde lijn. De doorsnee Willemsfondslid van die tijd is immers geen rebel, geen passionele vrijheidsstrijder zoals Willems zijn vos portretteerde. Hij kijkt wel met pretoogjes naar Reinaert, maar is, als puntje bij paaltje komt, eerder een voorzichtige hervormer dan een hemelbestormer.

Tine Ruysschaert over Reinaert in de Willemsfondsafdeling Schaarbeek (1993).

Reinaert van Bonnevalle de affiche. De afdelingen in het Waasland, waar het verhaal van Reinaert grosso modo wordt gesitueerd, pikken het thema ook op. De afdeling Lochristi neemt het voortouw en organiseert vanaf 1981 een jaarlijkse Reinaerttentoonstelling met bijhorende Reinaertprijs voor beeldende kunst. Bart D’hondt, wetenschappelijk medewerker Liberas

Graficus en Willemsfondslid Oscar Bonnevalle haalt Reinaert kort na de Tweede Wereldoorlog terug, dit keer niet tekstueel maar via de traditionele houtsneden die de vele herdrukken van het verhaal illustreren. Naast een reeks van 200 illustraties voor een heruitgave van “Le roman de Renard” produceert Bonnevalle een aantal losse tekeningen die bij de Gentse Willemsfondsafdeling terechtkomen. En als in 1983 het gerestaureerde Lakenmeterhuis op de Vrijdagmarkt opnieuw in gebruik wordt genomen, siert een

31


WILLEMSFONDS CREATIEF WILLEMSFONDS

Redgie Van Troost ° 01/03/1943 in Oostende Willemsfondslid Oostende

De gekooide koning (potlood)

Redgie Van Troost is een gerenommeerde kunstenaar met een carrière gewijd aan zijn kenmerkende maritieme stijl, gebruikmakend van acryl- en pasteltechnieken. Zijn voortdurende zoektocht naar nieuwe technieken en artistieke uitdagingen onderscheidt hem, en zijn ongebreidelde creativiteit kenmerkt zijn werk. In 2019 werd Redgie erkend als “Stadsfiguur van Oostende”, een prestigieuze titel die zijn geliefde positie in de artistieke gemeenschap bevestigt. Een hoogtepunt in zijn carrière was in 1984, toen hij een kunstwerk creëerde ter herdenking van het zilveren huwelijksjubileum van Koning Albert en Koningin Paola.

Internationale erkenning volgde in 1983 met een tentoonstelling in Dallas, Texas, waar Redgie werd onderscheiden met de prestigieuze ‘Le Diplome de Médaille d’Argent’. Zijn artistieke reis wordt gedetailleerd beschreven in zijn boek “KIND VAN DE KUST”. Op zijn tachtigste blijft Redgie actief en energiek, dagelijks werkend in zijn atelier in Oostende. Zijn voorliefde voor maritieme scènes, aangevuld met recente experimenten zoals pastel op doek, getuigt van zijn voortdurende creatieve exploratie. Hij droomt van een retrospectieve tentoonstelling en verwelkomt bezoekers in zijn atelier na voorafgaande afspraak via telefoon 0495 50 22 32 of e-mail vantroostredgie@gmail.com.


Versterk jij mee het vrijzinnig humanistische netwerk? Je bent bij ons meer dan welkom, jong of oud. Steek je graag een plechtigheid in elkaar of verricht je liever administratief werk? Als vrijwilliger word je deskundig gecoacht en neem je deel aan vormingen. Jouw werk toont zichtbare resultaten.

Interesse? www.demens.nu/vrijwilligers


WILLEMSFONDSER, 3 BOEKENTIPS VOOR JOU!

Het leven dat jou past Oprah Winfrey & Arthur C. Brooks

Treurwil Rik Van Puymbroeck € 21,99

In Treurwil zoekt Rik Van Puymbroeck naar verdriet van vroeger en hoe je dat niet kan loslaten, maar juist wilt vasthouden en vorm wilt geven. Hoe de rouw minder rauw wordt, al verwoordt de tweeklank treffend de toch onmiskenbaar blijvende pijn.

€ 22,99

James Ensor. Een biografie Eric Min € 29,99

Oprah Winfrey en Arthur Brooks zijn jouw gidsen op de mooiste en meest bijzondere reis die je in je leven gaat maken. Een praktisch en toepasbaar boek zodat je meteen aan de slag kunt.

Een rebelse belhamel? Een geniale kankeraar? Een mens met een handleiding? Lees het nu in de nieuwe editie voor de definitieve biografie van James Ensor bij het begin van het Ensorjaar 2024.

In samenwerking met Standaard Uitgeverij mag Willemsfonds vzw van elk boek 5 exemplaren weggeven. Stuur een e-mail naar info@willemsfonds.be en vermeld in het onderwerp de titel waar je graag kans op maakt. Doe dit vóór vóór 15 januari 2024. Enkel winnaars worden op de hoogte gebracht.


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.