Page 122

122 Semarang en internering (1938-1945)

die keer op 17 december in Lampersari. Twee vrouwen zijn het kamp ontvlucht. Iedereen moet op appèl en er moet geteld worden. Al het werk staat intussen stil. Pas om half vier die dag kan er gegeten worden en ‘s avonds is er maar een halve portie pap. Twee dagen later zijn de vrouwen terug en worden ze direct opgesloten. De Jap is onverbiddelijk en straft het hele kamp: voorlopig wordt er geen suiker uitgedeeld. De vindingrijkheid en ondoorgrondelijkheid van de Jap kennen geen grenzen. Kort voor Kerst komt het bevel dat er kleding moet worden ingeleverd: alle mannenkleding, maar ook kleding van de vrouwen zelf. Ze mogen van alles maar drie stel houden. Kort daarna volgt het bevel om al het overbodige in te leveren, zoals wandversiering, boeken, teveel aan glaswerk, servies en ga zo maar door. Alle koffers en dozen moeten naar ‘boven’ worden gesleept. Om deze opdracht kracht bij te zetten, dreigt de Jap dat er geen eten zal zijn wanneer deze klus niet wordt uitgevoerd. Daarna volgen de kerstdagen. De Jap laat iedereen met rust en sinds drie weken wordt er weer suiker uitgedeeld. Iedereen probeert van deze dagen iets gezelligs te maken.

Achter de tralies

***

Changi Jail is meer dan alleen een gevangenis, zo merkt Albert. Op open plekken tussen de gebouwen van het complex zijn barakken gebouwd. Die worden onder meer gebruikt door de officieren en hun keuken- en bedienend personeel. Om het hele terrein worden grachten gegraven. Hier omheen komt het gebruikelijke prikkeldraad met de Japanse wachtposten. In het gevangenisgebouw is veel te weinig plek om alle krijgsgevangenen te kunnen bergen. Oorspronkelijk ontworpen voor 800 gedetineerden worden hier langzaamaan 5.000 gevangenen bijeengebracht. In de barakken eromheen vinden nog eens 12.000 man een plek. Uiteindelijk zou dat tweede aantal rond de bevrijding in augustus 1945 17.000 bedragen. Binnenin de gevangenis is het dan ook voortdurend krap: met drie man in een cel die voor één is bestemd. Vanwege de vier etages in het gebouw moeten een groot aantal van hen steeds de trap op en neer. De latrines, was- en badplaatsen liggen buiten aan de rand van het kamp, waar ook de appèls worden gehouden. Op 1 december 1944 ontvangt Albert een kaart van Marchien. Het blijkt dat de kaart al eind september is gepost. Marchien schrijft

Profile for Wilbert Scheer

De stilte voorbij  

Het verhaal van Albert Scheer, KNIL-militair van 1922 - 1949.

De stilte voorbij  

Het verhaal van Albert Scheer, KNIL-militair van 1922 - 1949.

Advertisement