Skip to main content

WIJ 1 2026

Page 1


APRIL 2026 € 3,95

‘ Waarom moet ík hier altijd alles doen?’

Het belang van taal in de eerste 1000 dagen 2X KANS OP EEN

MODERN OUDERSCHAP

ALLE BALLEN IN DE LUCHT

Kies uit onze uitgebreide collectie of ontwerp zelf het perfecte kaartje op wijgeboortekaartjes.nl

met de code WIJPROEF GRATIS PROEFDRUK

IN DIT NUMMER

4 Zwangere Lys (43) verwacht haar derde kind

6 Positiemode

8 Het belang van taal in de eerste 1000 dagen

12 Kraamwerk: reportage over de kraamzorg

16 ‘Waarom moet ík hier altijd alles doen?’

19 Pasgeboren

20 Drie moeders over hun grootste uitdaging

25 Winactie: 2x kans op een Harvey NXT

27 Column verloskundige Djanifa

28 Drie generaties: hoteleigenaar Fleur

32 Pas op voor de parental burn-out

35 SpotOn

36 Newborn mode

38 Mom to Mom

39 Column prinses Laurentien

40 Gezond eten zonder strijd

44 Mijn verhaal: Emma heeft epilepsie

46 Mijn bevalling: Fleur over de geboorte van Lou

50 Column Charlotte

ZO DOEN WE DAT

Heel eerlijk: het ouderschap is niet altijd makkelijk. We proberen alle ballen in de lucht te houden, en dat is soms best een uitdaging. Werk stopt niet als je kind wordt geboren. En de zorg stopt niet als je weer gaat werken.

Ondertussen verdelen we onze aandacht en willen we een ‘goede’ moeder zijn. En onze partner, familie, vrienden niet uit het oog verliezen. In deze WIJ vertellen drie moeders eerlijk over slaaptekort en schuldgevoel. En over de vraag die onder alles ligt: hoe houd je dit vol? En ook: wat helpt?

Een fi y-fi y taakverdeling met je partner helpt zeker. Toch pakt het vaak anders uit. Veel stellen willen het gelijk verdelen, maar in de praktijk lukt dat maar bij 9 procent. Journalist Floor Bakhuys Roozenboom schreef er een boek over. En voor WIJ een artikel: hoe komt het dat gelijkwaardig ouderschap zo lastig is? En hoe lukt het wél?

Bovenal willen we het beste voor ons kind. En dan helpt het om veel tegen je baby te praten. En te zingen, te wijzen en dingen te benoemen. Korte gesprekjes heen en weer: jij zegt iets, je baby reageert en jij antwoordt weer. Juist in die kleine momenten gebeurt er iets groots. Hoogleraar taalverwering Paula Fikkert vertelt je alles over het belang van taal in de eerste 1000 dagen.

Mariska van der Kogel Hoofdredacteur WIJ

ZWANGER

Een baby stond niet in de planning toen Lys (43) afgelopen zomer naar Nederland verhuisde. Ze bouwde net een nieuw leven op met haar gezin: haar man, een tienerdochter thuis en een studerende zoon. Toch is ze nu zwanger van haar derde kind. “Ik dacht dat dit hoofdstuk afgesloten was, maar blijkbaar niet!”

“Ik ben nu bijna 31 weken zwanger. Soms voelt het onwerkelijk. Alsof dit niet mijn leven is, maar dat van iemand anders. Sinds kort woon ik in Haarlem; ik ben hierheen verhuisd voor de liefde. Alles in mijn leven is nieuw: een nieuw land, een nieuwe taal, een nieuw gezin én een nieuwe baby. Toen ik hoorde dat ik zwanger was, was ik eerst vooral verbaasd. Na de eerste schrik voelde ik dankbaarheid: dat ik dit nog een keer mag meemaken, dat ik nog een kans krijg om moeder te zijn. Ook de reactie van mijn man speelt daarin mee, hij kijkt er echt naar uit.”

Cultuurverschillen

“Mijn eerste twee kinderen kreeg ik in China. Als ik daar nu aan denk, voelt het als een ander leven. Ik was jong, ambitieus en altijd onderweg. In China is alles snel: je werkt veel, je reist veel, je organiseert je leven. Je krijgt daarnaast ook veel hulp. Family, nanny’s en speciale zorg. Sommige vrouwen verblijven zelfs in ‘geboortehotels’, waar ze herstellen en leren hoe ze voor de baby moeten zorgen. Na de geboorte van mijn kinderen woonde een nanny weken bij ons in huis. Het moederschap was voor mij iets wat je regelde. Soms schaam ik me een beetje als ik terugdenk aan die tijd. Ik was vaak weg: soms een maand op vakantie, soms op reis voor werk. Toen vond ik dat normaal, iedereen om me heen leefde zo. Nu vraag ik me weleens af: hoe was dat voor mijn kinderen? Ik heb het ze eigenlijk nooit gevraagd. Ik dacht: alles is goed, ze zijn gezond, veilig, en alles is geregeld. Ik was er wel, maar misschien niet echt ...”

Ouder, rustiger, zachter

“Deze zwangerschap voelt anders. Deze baby komt op een ander moment in mijn leven. Ik ben ouder, rustiger, minder ambitieus. Ik wil niet meer rennen, ik wil vooral blijven. Ik ben 43 en een zwangerschap op mijn leeftijd vormt een risico, maar gelukkig gaat alles goed. In het zwangerschapsclubje bij de verloskundige ben ik de oudste. De meeste vrouwen zijn zwanger van hun eerste kind. Je zou zeggen dat ik de ervaren in de groep ben, maar toch voelt dat niet zo. Mijn laatste zwangerschap is zo lang geleden ... En het was in een andere cultuur.”

Rol van partner

“Wat ik leuk vind aan mijn zwangerschap in Nederland, is de rol van de partner. Het wordt hier echt gestimuleerd om het samen te doen en de man wordt aangespoord om de vrouw te ontzorgen. De zorg ervaar ik ook als heel persoonlijk, de verloskundige kent mij, luistert naar me en dat maakt dat ik me zelfverzekerd voel. Er is ruimte voor mijn twijfels en emoties, zonder oordeel. In China voelde ik me vaak een nummer.”

Geen perfectie

“In Nederland zie ik dat kinderen minder gepusht worden. Dat vind ik fijn, je hoeft hier niet perfect te zijn. Vroeger wilde ik dat mijn kinderen de beste werden. Ik koos de beste scholen en had grote dromen voor hen. Ik dacht dat dat moederschap was. Succes stond voor mij gelijk aan liefde en toewijding. Nu denk ik daar anders over. Je hoeft je kind niet te vormen, je kunt ze laten worden wie ze zijn.”

Meertalige opvoeding

“Ik weet dat mijn baby opgroeit tussen verschillende culturen en in een meertalig gezin. Ik spreek Engels met mijn man, zelf spreek ik Chinees en mijn man spreekt Nederlands. Onze zoon zal ook drie talen gaan leren. Dat vind ik mooi, maar ook spannend. Soms denk ik: wordt het niet te moeilijk voor hem?

Toch wil ik graag dat hij mijn cultuur kent. Misschien reizen we later wel tussen Nederland en China.”

Minder energie, meer geduld

”Deze zwangerschap wil ik het anders doen. Minder druk. Minder verwachtingen. Ik wil alleen dat mijn baby gezond en gelukkig is. Soms denk ik aan mijn oudere kinderen. Zij hadden een ander type moeder. Ik was strenger, harder, ambitieuzer. Nu ben ik zachter. Ik heb minder energie, maar meer geduld. Als ik aan de toekomst denk, droom ik niet groot.

Ik wil rust in huis, samen zijn en dat we elkaar begrijpen.

Vroeger dacht ik dat een goede moeder zijn betekende dat je meer moest doen, nu denk ik dat het betekent dat je blijft.”

‘Deze zwangerschap wil ik anders doen. Minder druk. Minder verwachtingen’

TOP maat XS t/m XXL € 29,99

BROEK maat XS t/m XXL € 39,99

TOP maat 56 t/m 122 vanaf € 9,99

SHORT maat 56 t/m 122 vanaf € 10,99

SAMEN IN STIJL

Navy is jouw trendkleur deze zomer met deze collectie van Prénatal — prachtig uni of als print in je positiemode. Voor je oudste kies je lichtblauwe co-ord sets met zachte pastels voor girls, terwijl boys casual cool blijven in denim: een echte evergreen.

Het belang van taal in de eerste 1000 dagen

Een baby die kraait, lacht of met grote ogen naar je kijkt – daar begint taal al. Nog vóór het eerste woordje wordt uitgesproken, is het brein van je kind al druk bezig met luisteren, herkennen en verbinden. Onderzoekers van het Baby & Child Research Center bekijken hoe dat wonder precies werkt: hoe taal ontstaat, groeit, en wat jij als ouder kunt doen om dat natuurlijke proces te versterken.

Dit artikel is geschreven door Paula Fikkert, hoogleraar taalverwerving en onderzoeker bij het Baby & Child Research Center. Zij is lid van het kernteam van Taalschatten, een initiatief dat zich inzet om alle kinderen op het juiste taalniveau te krijgen als ze naar de basisschool gaan. WIJ werkt samen met Taalschatten om het belang van taal in de eerste levensjaren onder de aandacht te brengen.

De eerste lessen taal vinden al plaats vóór de geboorte. In de laatste drie maanden van de zwangerschap werken de oren van een baby al goed. In de buik klinkt alles anders – zachter, gedempt, maar de melodie van stemmen komt helder door. Zo hoort je baby het ritme en de toon van de taal die thuis wordt gesproken – de moedertaal. En zelfs of iemand blij, boos of verdrietig is.

Baby’s blijken een voorkeur te hebben voor de stem van hun moeder. En meer nog: voor de taal die zij het vaakst horen in de buik. Onderzoek laat zien dat pasgeborene baby’s meteen de stem van hun moeder herkennen. En zelfs liever luisteren naar hun eigen moedertaal dan naar een vreemde taal. Dat is het begin van taalverwerving, de eerste bouwstenen van het taalsysteem zijn gelegd – lang voordat er een enkel woordje wordt uitgesproken.

Kleine patroonzoekers

Taal leren lijkt misschien ingewikkeld, maar baby’s zijn er meesters in. Wat voor ons een stroom van geluiden is, klinkt voor baby’s als een puzzel vol patronen. Ze ontdekken zelf

waar woorden beginnen en eindigen. En leren welke klanken vaak samen voorkomen. Onderzoekers noemen dit ‘statistisch leren’: patronen herkennen in wat je hoort.

Wist je dat baby’s in de eerste zes maanden alle klanken van alle talen ter wereld kunnen onderscheiden? Daarna gaan ze zich steeds beter richten op de klanken van hun eigen moedertaal. Dat is geen beperking, maar juist een teken van groei: het brein leert focussen op wat relevant is voor de taal waarin het opgroeit.

‘Baby’s leren taal van oogcontact, een reactie of een glimlach’

Bouwen aan verbindingen

De eerste duizend dagen – van conceptie tot de tweede verjaardag – zijn cruciaal voor de ontwikkeling van het brein. In deze periode worden miljoenen verbindingen gelegd. Alles wat een kind hoort, ziet en voelt, draagt daaraan bij. Taal is één van de belangrijkste bouwstenen: het helpt het brein patronen herkennen, emoties begrijpen en contact leggen met anderen. Wanneer jij met je baby praat, zelfs als die nog niet terugpraat, help je dat groeiende netwerk in het brein. Elk woord, elke melodie, elke glimlach zorgt voor nieuwe verbindingen. En die verbindingen worden sterker naarmate ze vaker gebruikt worden – alsof er paadjes ontstaan die steeds makkelijker te volgen zijn.

‘Praten, zingen, wijzen, benoemen – het zijn allemaal kleine bouwstenen van iets groots’

De kracht van kindgerichte spraak

We doen het vaak vanzelf: we praten langzamer, met een hogere toon, korte zinnen en veel intonatie. ‘Kijk eens! Wat een mooie bal hè?’ Dat heet kindgerichte spraak en het is precies wat het babybrein nodig heeft in het eerste jaar. Het ritme en de melodie trekken de aandacht en helpen baby’s klanken beter herkennen. In ons onderzoek zien we dat baby’s van ouders die veel kindgerichte spraak gebruiken, niet alleen sneller woorden leren, maar ook eerder begrijpen wat ze betekenen. Hun brein lijkt zich zelfs aan te passen aan de stem van de ouder – taal en brein raken letterlijk op elkaar afgestemd. Kindgerichte spraak is dus niet gek of overdreven: het is precies afgestemd op hoe het babybrein leert. Langzamer spreken, zingen of herhalen helpt je kind om taal en ritme te ‘vangen’ in het brein.

Slimmer dan computers

Tegenwoordig hoor je vaak over computers die taal proberen te leren, zoals ChatGPT, die patronen in taal leren herkennen. Kinderen doen eigenlijk precies hetzelfde, maar dan veel slimmer. Ze hebben veel minder ‘data’ nodig dan een computer en leren op een diepere, sociale manier. Waar een computer vooral rekent, leert een kind óók door gevoel, blik en interactie. Taal gaat dus niet alleen over woorden herkennen, maar ook over betekenis delen.

Waarom schermen niet werken

We krijgen vaak de vraag: “Kan een baby ook leren van filmpjes of geluidjes?” Het antwoord is duidelijk: nee. Baby’s leren taal van mensen, niet van apparaten. Ze hebben interactie nodig –oogcontact, een reactie of een glimlach. Onderzoek toont aan dat baby’s die een nieuw woord horen via een scherm, dat niet onthouden. Maar als datzelfde woord wordt gezegd door iemand die naar hen kijkt, reageren ze wél.

Het verschil zit in die menselijke afstemming: in het samen kijken, luisteren, lachen. Het brein leert alleen in echte, levende situaties. Daarom is het belangrijk om tijdens contactmomenten even de telefoon te laten liggen. Baby’s kunnen hun aandacht nog maar kort vasthouden – als jij even afgeleid bent, is het leermoment voor je baby voorbij.

Taal leer je niet op school

Nog een misverstand: “Als mijn kind straks naar school gaat, leert het vanzelf praten.” De basis voor taal – en dus ook voor leren, lezen en denken – wordt gelegd in de eerste levensjaren. Natuurlijk leert een kind op school nieuwe woorden. Maar het vermogen om taal te begrijpen en te gebruiken, komt voort uit die vroege interactie met jou als ouder.

Kinderen die in de eerste jaren veel taal horen, vooral in echte gesprekjes met volwassenen, hebben later een grotere woordenschat. Ook doen ze het beter op school en krijgen ze meer zelfvertrouwen. En het mooie is: het hoeft allemaal niet ingewikkeld te zijn. Zeg wat je doet: “We doen je sokken aan.”

Of: “Kijk, een vogel!” Of als je in de keuken bezig bent: “Wat ruikt het lekker naar brood!’’ Zing een liedje, vertel wat je ziet, benoem wat je kind interessant vindt. Hoe vaker jij woorden koppelt aan wat je kind bekijkt of beleeft, hoe beter het brein die verbanden legt. Dus kijk altijd goed naar je kind om te zien wáár het naar kijkt en benoem dat.

De magie van kleine gesprekjes

Eén van de belangrijkste inzichten uit recent onderzoek is het belang van ‘beurtwisselingen’. Dat zijn korte gesprekjes heen en weer: jij zegt iets, je baby reageert met een geluid of blik, en jij antwoord daar weer op. Hoe meer van die heenen­weer ­momentjes, hoe beter het taalvermogen zich ontwikkelt. Zelfs bij kinderen die nog geen woorden gebruiken, zie je dat terug in het brein: hoe vaker er echte interactie is, hoe sterker het netwerk van verbindingen. ‘Beurtwisselingen’ zijn dus de motor van taalverwerving – veel belangrijker dan het simpelweg ‘aanbieden van woorden’. Dat is een belangrijk verschil met leren van een scherm.

Meertaligheid: twee talen, twee schatten

Nog steeds maken ouders zich soms zorgen over het grootbrengen van een kind in meerdere talen. “Raakt hij dan niet in de war?” Gelukkig niet! Baby’s zijn wonderlijk goed in staat om twee (of meer) talen uit elkaar te houden.

Ze luisteren even graag naar beide talen en bouwen voor

elke taal een eigen systeem van klanken. Belangrijk is dat ouders spreken in de taal waarin ze zich het meest comfortabel voelen – de taal van hun hart. Die taal is rijk aan emotie, nuance en natuurlijke expressie. Een kind dat een stevige basis heeft in de moedertaal, leert later juist gemakkelijker een tweede taal, zoals Nederlands op school.

Verhalen, liedjes en voorlezen

Taal groeit niet alleen door praten, maar ook door verhalen en liedjes. Voorlezen, zingen en vertellen brengen variatie in woordenschat en zinsbouw. In boeken horen kinderen woorden die in gewone gesprekken zelden voorkomen. En liedjes zorgen voor herhaling en melodie – precies de ingrediënten die baby’s helpen om klanken en woorden te leren. Voorlezen en zingen zijn dus méér dan gezellige momenten: ze helpen het brein patronen ontdekken, aandacht vasthouden en betekenis verbinden aan woorden. Bovendien zorgen ze voor nabijheid. Samen kijken, luisteren, lachen – dat is de brandstof voor taal én voor hechting.

Iedereen kan bijdragen

Elk kind heeft een aangeboren talent om taal te leren. Wat het nodig heeft, is een omgeving vol woorden, blikken en aandacht. Dat kan jij als ouder bieden, maar ook grootouders, leidsters op de opvang, buurvrouwen, vriendinnen. Elk moment telt: tijdens het verschonen, bij het boodschappen doen, onderweg naar de opvang. Praten, zingen, wijzen, benoemen – het zijn allemaal kleine bouwstenen van iets groots.

Een cadeau voor het leven

In de eerste duizend dagen leggen we samen het fundament voor alles wat een kind later zal leren. Wie taal krijgt, krijgt de wereld. En wie taal deelt, geeft veiligheid, begrip en liefde door. Wij blijven onderzoeken hoe dat wonder werkt, maar ouders maken het elke dag waar: met een blik, een woord, een glimlach. Taal begint niet met het eerste woord, maar met aandacht. En dat kunnen we allemaal geven.

Betrouwbaar advies van -9 maanden t/m 2 jaar door kinderartsen met jarenlange ervaring in praktijk én wetenschap. Speciaal voor jou op Instagram!

‘‘Mijn baby huilt erg veel!’’
‘‘Wat is het RS-virus?’’
“Mijn

kind heeft opeens rode huiduitslag, is dat normaal?”

“Wat

is reflux?”

“Wanneer moet ik beginnen met foliumzuur?”
“Mijn baby heeft hoge koorts, help!”

Tussen beschuit met muisjes en gebroken nachten

Kraamverzorgende
Chantal aan het werk bij kraamgezin Nikkie en Ricardo met baby Jazz.

KRAAMWERK

Als kraamverzorgende kom je over de vloer bij alle lagen van de bevolking. Je maakt even deel uit van kersverse gezinnen in misschien wel de mooiste week van hun leven. Drie kraamverzorgenden vertellen over hun bijzondere beroep, waarin momenteel grote tekorten zijn.

‘Je ziet ouders gedurende de kraamweek groeien in het ouderschap’

Chantal (53) “Wat ben ik blij dat ik drie jaar geleden de stap heb gezet om me te laten omscholen tot kraamverzorgende. Het is waardevol, bevredigend en ook ontzettend dankbaar werk. Je komt op misschien wel het mooiste moment van hun leven bij mensen binnen, en ziet ze gedurende de kraamweek groeien in het ouderschap. Dat vind ik iets heel moois. Voorlichting geven, lekker met die baby’s bezig zijn, ze voor het eerst in het badje doen; het is me allemaal even dierbaar. In de acht dagen dat ik bij ze ben, sluit ik mensen in mijn hart.

In mijn vorige baan ging ik iedere dag naar hetzelfde kantoor, op dezelfde plek, met dezelfde collega’s. Nu werk ik op rooster en weet ik van tevoren nooit hoe mijn week eruit gaat zien. Als kraamverzorgende zijn er verschillende roosters bespreekbaar van zeven tot acht dagen, maar ook een moederrooster of een duobaan met een collega-kraamverzorgende.

Het is enorm afwisselend en uitdagend. Naast mijn kraamwerk assisteer ik ook bij bevallingen, vanuit de Rondom partus-poule. Dat vind ik misschien wel het allerleukst om te doen. Je kunt dan ’s avonds of ’s nachts worden opgeroepen om bij mensen thuis of in het ziekenhuis de verloskundige te helpen bij niet-medische bevallingen. Soms pittig als je overdag al bij gezinnen hebt gewerkt. Maar er op zo’n speciaal moment bij mogen zijn, dat vind ik toch wel heel bijzonder.

Je komt ook bij allerlei verschillende culturen over de vloer. Zo was ik eens bij een alleenstaande moeder van Eritrese afkomst. Een onwijs lieve vrouw.

Haar tante zorgde voor haar. Ik was nog geen half uur binnen of die tante kwam met een schaal vol eten aan en het was de bedoeling dat ik die samen met de kraamvrouw zou leegeten. Ik had net ontbeten, maar zoiets weiger je natuurlijk niet. De ontvangst was heel warm. Na die week had ik moeite om haar los te laten. Sommige gezinnen blijven lang in je hoofd en je hart hangen.

In het begin, toen ik nog nieuw was, vroegen gezinnen me weleens om taken te doen die niet bij mijn werk horen, zoals het hele huis stofzuigen of bedden van andere kinderen verschonen. Ik vond het toen lastig om mijn grenzen aan te geven, dus deed ik het maar. Nu zou ik dat niet meer doen. Ik help graag en zit niet stil, maar er zijn grenzen.

Ik ben geen schoonmaakster.

Door het groeiende tekort aan kraamverzorgenden in Nederland, moeten we steeds vaker twee gezinnen op één dag draaien. Dan kun je mensen niet de volledige zorg bieden en heb je alleen maar tijd voor de belangrijkste dingen: de controles, voorlichting, het sanitair schoonmaken. Maar eten koken of uitgebreid praten zit er dan niet in, terwijl gezinnen daar misschien juist wel behoefte aan hebben. Dat is echt jammer.

Ik kan wel zeggen dat ik mijn roeping heb gevonden. De waardering die je van gezinnen krijgt, die is echt onbetaalbaar.”

‘Ik heb een adviserende rol, geen dwingende’

Jacqueline (48) “Op mijn 4de wist ik het al: ik wil met baby’s werken. Inmiddels werk ik al 29 jaar als kraamverzorgende, nog altijd met veel plezier. De geboorte van een kind is vaak het meest bijzondere moment in iemands leven. Om daar zo dichtbij te mogen zijn, en nieuwe ouders te zien groeien in hun rol, daar haal ik veel voldoening uit.

Je komt bij alle lagen van de bevolking over de vloer om te zorgen voor een goede start. Het is een prachtvak, heel divers en afwisselend. We zijn er natuurlijk niet alleen om luiers te verschonen, maar ook voor mentale ondersteuning, fysieke hulp en medische controles. Er zijn veel dingen die mis kunnen gaan en als je niet op tijd aan de bel trekt, kan dat desastreuze gevolgen hebben. We hebben ook een grote voorlichtende rol én een signalerende: als de verloskundige bijvoorbeeld zorgen uit over mogelijke mishandeling of verwaarlozing, is het aan ons om daar goed op te letten. Wij zitten er dicht op en mensen kunnen niet een week lang toneelspelen. Het is niet alleen maar rozengeur en maneschijn.

Ik heb bijvoorbeeld weleens meegemaakt dat een moeder thuiskwam zonder baby, omdat die haar al bij de geboorte was afgenomen. Dan ben ik er toch, want die moeder is wel kraamvrouw en heeft zorg nodig. Soms kom je bij gezinnen waarbij Veilig Thuis al is ingezet. Bij stilgeboren kleintjes ben je er ook. Het is dan ontzettend waardevol om zorg te kunnen geven en er te kunnen zijn voor de ouders.

Door de jaren heen is er veel veranderd in ons vak: vroeger had je als kraamverzorgende veel meer huishoudelijke taken. Nu ben je vooral een zorgprofessional. Ondanks de duidelijke intake die mijn collega’s doen, maak ik helaas nog weleens mee dat gezinnen me als een huishoudster zien. Vaak komt dat door cultuurverschillen. In andere landen kennen ze het concept kraamzorg helemaal niet.

Toen ik begon als kraamverzorgende werkte ik nog 64 uur – 8 keer 8 – bij gezinnen, nu is dat 49 uur bij borstvoeding en 45 uur bij kunstvoeding.

Maar soms, als er echt te weinig kraamverzorgenden beschikbaar zijn, kan dat niet worden geboden. Dan draai je twee gezinnen op een dag. Zo kunnen we niet altijd meer de zorg bieden die mensen nodig hebben. Een bevalling is en blijft een klus voor een vrouw, ook als alles voorspoedig gaat. Je moet er hoe dan ook van bijkomen. En bij een ingrijpender bevalling al helemaal. Vroeger bleven mensen na een keizersnede vier dagen in het ziekenhuis, nu worden ze na 24 uur al ontslagen. Wij krijgen die verantwoordelijkheid erbij. Je kunt mensen niet aan hun lot overlaten.

Door het grote tekort aan kraamverzorgenden, kunnen we bijvoorbeeld minder goed de borstvoeding begeleiden. Je hebt soms nog maar één of twee momenten waarop je kunt meekijken, terwijl mensen het best leren door herhaling. Juist in die eerste cruciale dagen wil je meer zorg kunnen inzetten dan het minimale. We zien dat ouders die minder zorg krijgen, sneller voor flesvoeding kiezen.

Ik merk dat moeders zich soms makkelijk laten beïnvloeden, zowel tijdens de zwangerschap als de kraamperiode. Ze zien dingen op social media en nemen dat voor waar aan. Sommige influencers zweren bijvoorbeeld bij billendoekjeswarmers, dus die zie ik steeds vaker bij gezinnen thuis. Dat zijn dingen waarvan ik denk: wat moet je ermee? Ik waarschuw ouders ook weleens voor verkeerde informatie op ChatGPT of internetfora: ieder antwoord dat je wil vinden is te vinden, het is maar net hoe je de vraag stelt. Wil je betrouwbare informatie, kijk dan op betrouwbare sites of stel je vragen aan een zorgprofessional. Tegelijkertijd blijft mijn rol een adviserende, geen dwingende. Het is hun kind en hun feestje – zolang het geen kwaad kan, moet je meebewegen.”

‘Juist nieuwe ouders ontlasten is zo waardevol’
‘Het is elke keer weer een verrassing wat je aantreft achter een voordeur’

Annemarie (54) “Ik had vroeger al wel eens een baan als kraamverzorgende overwogen, maar toen ik zelf kleine kinderen had vond ik de uren iets te onregelmatig. Ik zou dan vaak een oppas moeten inschakelen en dat zag ik niet zitten. Maar zes jaar geleden ben ik er toch voor gegaan. Ik was bijna 50 – als ik het nog eens wilde doen, was dit het moment. Ik kon op z’n minst gaan kijken of ik het leuk vond.

En of ik dat vond! Het is elke keer weer een verrassing wat je aantreft achter een voordeur. Ieder gezin is anders en je weet van tevoren nooit hoe het loopt. Ik doe ook ‘kraamzorg plus’ in het ziekenhuis. Door personeelstekorten zijn ziekenhuizen samenwerkingen aangegaan met een aantal kraambureaus. We doen daar vrijwel hetzelfde als bij gezinnen thuis, maar dan voor kraamvrouwen en baby’s die nog even in het ziekenhuis moeten blijven. Zo heeft de verpleging weer tijd voor andere patiënten. Daarnaast zit ik in de Rondom partus-poule. Dat maakt het werk heel divers.

Ik moet soms wel lachen om wat ouders allemaal hebben aangeschaft voor de baby. Flesvoedingsmachines waaruit je het water voor de flesjes op de juiste temperatuur kunt tappen, billendoekjesverwarmers … Die heb je echt niet nodig om een kind groot te brengen. Ik gebruik ze dan ook niet in die kraamweek. Maar wat de gezinnen daarna doen, moeten ze lekker zelf weten natuurlijk. Zolang het niet schadelijk is voor de baby, zal ik er niets van zeggen.

Borstvoeding ondersteunen doe ik het liefst. Dat blijft iets wonderlijks. Een pasgeboren baby gaat er echt naar op zoek, maar het gaat niet altijd vanzelf.

Ik vind het een mooie uitdaging om dat op de rit te krijgen.

Je werkt vaak acht dagen achter elkaar. Dat is soms buffelen, maar de dankbaarheid van de gezinnen compenseert dat ruimschoots. Het mooie aan ons werk vind ik dat je vaak in korte tijd volledig in een gezin wordt opgenomen. Als je binnenkomt is het nog even aftasten en wennen, maar na een paar dagen valt het muurtje weg en hoor je er helemaal bij.

Laatst heb ik mogen kramen bij een baby die overleden was. Ik heb dat een keer eerder gedaan, maar toch aarzelde ik even: kan ik dat wel? Het is een heel andere manier van kramen. Je bent er dan vooral om een luisterend oor te bieden, om de ouders huishoudelijk te ontlasten en voor controles bij de kraamvrouw, die toch ook stuwing, bloedverlies en hechtingen kan hebben. Je kunt zo veel voor mensen betekenen.

Van de tekorten in de kraamzorg merk ik zelf gelukkig nog niet veel. Soms verzoeken mensen zelf om minder uren, en dan merk ik wel dat je echt tijd tekortkomt. Vooral bij eerste kinderen heb ik aan vier uur op een dag echt niet genoeg om de ondersteuning te kunnen bieden die ik wil bieden. Dan heb je alleen tijd voor de belangrijkste dingen, zoals het begeleiden van de borstvoeding en de voorlichting over de verzorging van de baby.

Maar juist die nieuwe ouders ontlasten is ook zo waardevol.”

‘ Waarom moet ík hier altijd alles doen?’

Floor en haar vriend wisten het zeker: dat ouderschap gingen ze gewoon fiftyfifty doen. Maar in no time groeide de taakverdeling toch scheef. Hoe komt het toch dat gelijkwaardig ouderschap vaak zo lastig is? En hoe lukt het wel?

Voordat ik aan het ouderschap begon, had ik vele verwachtingen. Zo wist ik zeker dat mijn kinderen zelden achter schermen zouden zitten (hmmm), alleen met verantwoorde houten speeltjes zouden spelen (tuurlijk!) en altijd gewoon braaf zouden opeten wat ik ze voorzette (bless my little heart).

Wat ik óók zeker wist, was dat mijn vriend en ik alle taken rondom werk, zorg en huishouden volledig eerlijk zouden verdelen. Fifty-fifty. Natuurlijk zou ik zwanger zijn, bevallen en voeden – dat kon hij nu eenmaal niet – maar verder zou alles perfect in balans zijn.

Pas op voor het Grote Scheefgroeien

Lang verhaal kort: viel dat even tegen. Nog geen zes maanden na de geboorte van onze zoon was onze taakverdeling al volkomen scheefgegroeid. Op papier leek alles gelijk: we werkten allebei vier dagen en hadden allebei een zorgdag. Mijn vriend had zelfs een maand vrij genomen na de bevalling, wat iedereen reuze vooruitstrevend vond (“Wat een lot uit de loterij!”). Maar toen we weer allebei werkten, bleek hoeveel verantwoordelijkheden ongemerkt mijn kant op waren gerold.

Erken de kenniskloof

Achteraf gezien, snap ik het heel goed. Vanaf mijn zwangerschap belandde ik in een mama-universum waarin ik zowel aanspreekpunt als eregast werd, terwijl mijn vriend niet eens werd uitgenodigd. Instanties en zorgverleners negeerden hem of spraken hem aan als een helpende bijfiguur. Zijn baas vroeg zich af of een hele maand verlof opnemen voor een vader niet een beetje veel was. Ondertussen werd ik overspoeld met informatie over bevalling, kraamtijd, borstvoeding, slaapritmes, luiers, hapjes en opvoeding. Zo ontstond een kenniskloof die steeds groter werd. Ik werd degene die wist, onthield

en vooruitdacht – en op een avond aan de keukentafel was ik er even he-le-maal klaar mee.

Maak het onzichtbare zichtbaar

Mijn vriend zag mijn frustratie en wilde echt iets veranderen. Daarom kocht ik het Fair Play-kaartspel van Eve Rodsky, met kaartjes van alle taken die horen bij een huishouden met kinderen – van schoonmaken tot gymtassen en verjaardagen. Je legt de kaartjes bij degene die de taak meestal doet. Wat onzichtbaar was, werd zichtbaar. Niet alleen deed ik meer, ook bijna al het plannen en vooruitdenken lag bij mij. Die onzichtbare verantwoordelijkheid heet de mental load. Onderzoek laat zien dat vrouwen daar gemiddeld ruim 70 procent van dragen. En hoewel veel stellen gelijk willen verdelen, lukt dat in de praktijk maar 9 procent.

Wees beducht op De Dynamiek

Over hoe dit komt zou ik een boek kunnen volschrijven (dat heb ik dan ook ook gedaan). Maar in het kort komt het hierop neer: onze idealen zijn gelijkwaardiger geworden, maar rolpatronen zitten nog altijd diep. In onze systemen, in ons beleid én in onszelf. Veel ouders zijn zelf opgegroeid met moeders die thuis alles regelden en vaders van wie weinig zorg werd verwacht. Dat zorgt voor een

hardnekkige dynamiek: vrouwen die soms moeilijk loslaten (maternal gatekeeping), mannen die soms blijven hangen in hun huishoudelijke onbeholpenheid (weaponized incompetence). Het gedrag van de één houdt zo het gedrag van de ander in stand. Dat speelde ook bij ons. Na het kaartspel verdeelden we de taken eerlijker, maar in de praktijk bleef ik stressen. Zou hij wel aan dat cadeautje denken? Vergeet hij de zwemspullen niet? Deze dynamiek ontstaat als wel de taken worden verdeeld, maar niet het gevoel van verantwoordelijkheid. Zolang alleen de uitvoerende taken verschuiven, blij de mentale belasting scheef.

Draai de rollen (tijdelijk) om Door de jaren heen probeerden mijn vriend en ik steeds opnieuw meer balans te vinden. Dat lukte gedeeltelijk, maar de dynamiek van ‘Ik doe meer dan jij’ versus ‘Jij laat ook niks aan mij over’ bleef terugkomen. De echte verschuiving kwam pas toen we de rollen tijdelijk omdraaiden. Onze zoon zat inmiddels op school, we hadden er een dochter bij gekregen ik ging af en toe weg om te werken aan mijn boek. Terwijl ik in een huisje zat te schrijven, nam mijn vriend thuis alles over. En dat bleek voor ons allebei een zegen. Mijn noodzaak om afstand te nemen dwong ons tot een tijdelijke omdraaiing van de rollen, maar daardoor verschoof er blijvend iets. Hoe vaker ik weg was, hoe makkelijker ik de deur achter me dich rok. Hoe vaker hij thuis alles regelde, hoe autonomer hij als vader werd. Hij kreeg de ruimte om het op zijn manier te doen. Ik kreeg eindelijk de brainspace om mijn werk goed te doen.

‘Koppels die de taakverdeling als eerlijk ervaren, zijn tevredener met hun relatie en hun seksleven’

‘Het gedrag van de één houdt het gedrag van de ander in stand’

FLOOR’S 10 TIPS voor een gelijkwaardige taakverdeling

1 Maak samen een lijst van alle taken. Neem daarbij ook mentale taken mee.

2 Verdeel de taken onderling, net zo lang tot alle taken verdeeld zijn.

3 Maak hierbij zoveel mogelijk gebruik van persoonlijke voorkeuren en capaciteiten.

4 De taken hoeven niet precies 50-50 verdeeld te zijn, als beide partners het maar eens zijn met de verdeling.

5 Kom samen per taak overeen wat je verstaat onder een goede uitvoering van de taak.

Omarm solo care

Onze ervaring sluit naadloos aan bij wat onderzoekers en pleitbezorgers al langer zeggen: gelijkwaardigheid groeit wanneer beide ouders zelfstandig zorgen. Door solocare vanaf het begin te faciliteren – bijvoorbeeld met nietoverdraagbaar en volledig betaald verlof voor vaders – help je hardnekkige rolpatronen te doorbreken en voorkom je misschien zelfs (deels) dat ze ontstaan. Dat is niet alleen goed voor moeders, maar ook voor vaders zelf. En juist dat laatste wordt nog wel eens vergeten.

Altijd als ik in een huisje ging zitten om te schrijven, kreeg ik te horen hoezeer ik wel niet geboft had met mijn vriend. Gelijkwaardig ouderschap wordt namelijk nog altijd vaak als een gunst aan vrouwen geframed. Maar dat gaat voorbij aan de voldoening en het plezier die vaders zelf ervaren wanneer zij meer tijd met hun kinderen doorbrengen. Uit onderzoek blijkt dat koppels die de taakverdeling thuis als eerlijk ervaren, tevredener zijn met hun relatie en hun seksleven. Dit geldt zowel voor mannen als voor vrouwen.

Taken verdelen én delen

Wat daarbij helpt, is taken niet alleen verdelen (jij doet dit, ik doe dat), maar ze ook delen. Bijvoorbeeld om de beurt de kinderen naar de opvang brengen. Wanneer je allebei weet hoe het is om bepaalde taken uit te voeren, brengt dat je als partners dichter bij elkaar. Dat kunnen wij inmiddels uit ervaring beamen. Toen mijn vriend in mijn afwezigheid alles deed wat ik normaal gesproken ook deed, zorgde dit voor meer saamhorigheid en wederzijds begrip. Ik hoefde hem niet langer uit te leggen hoeveel werk sommige dingen zijn, omdat hij het zelf ervaarde.

De communicatie over taken en verantwoordelijkheden verliep soepeler, doordat we allebei wisten waar we het over hadden. Het onbegrip verdween gaandeweg en maakte plaats voor het gevoel dat we twee spelers zijn in een sportwedstrijd. Spelers met verschillende posities en speelstijlen, maar met één gezamenlijk doel. En wees gerust: ook aan je medespelers kun je je af en toe nog ergeren. Maar één ding is bij ons nu in alles voelbaar: we spelen samen voor hetzelfde team.

6 Spreek af dat iedere partner die een taak op zich neemt ook echt verantwoordelijk is voor de hele taak (dus ‘sport’ is niet alleen langs de lijn staan, maar ook tenues wassen, snacks meenemen, plannen en communicatie met het team).

7 Neem verantwoordelijkheid voor je eigen taken en geef je partner de ruimte om diens taken op eigen wijze uit te voeren.

8 Geef elkaar de waardering die je zelf ook graag zou ontvangen.

9 Check af en toe bij elkaar of je allebei nog blij bent met hoe het gaat.

10 Accepteer dat het work-in-progress is en waarschijnlijk ook zal blijven.

5X WINNEN

WIJ mag vijf lezers blij maken met Floors boek Daar ben jij nou eenmaal beter in t.w.v. € 22,99. Stuur een mail naar redactie@wij.nl o.v.v. Boek Floor en laat weten waarom jij dit boek graag wilt lezen. Doe dit vóór 17 april 2026. Winnaars ontvangen een persoonlijk bericht.

Kersvers

Milou 06-10-25

Nowi Kropman 17-01-2026

Gayadhar 11-02-2026

Thijs de Man 27-01-2026

Maudi Caroline Roordink 24-11-2025

Aevy Lynn & Rosie Mae Heus 07-05-2025

Liv 04-02-2026

Jula Peerdeman 10-09-2025

Jari 24-12-2025

Gratis mutsje voor jouw baby?

Is jouw kleintje geboren? Laat het ons binnen 6 weken na de geboorte weten op wij.nl/gratismutsje. Je krijgt dan totdat je kind een jaar is het magazine WIJ thuis gestuurd en een gratis mutsje met de naam van je kind.

DE GROOTSTE UITDAGING

Over werken, zorgen en wakker liggen

De baby is er. Iedereen feliciteert je. Maar dan begint het pas. Uit de jaarlijkse peiling Staat van Gezinnen blijkt het keer op keer: ouderschap anno 2026 is intens. Werk stopt niet als je kind wordt geboren. De zorg ook niet als je weer gaat werken. Jonge ouders proberen alle ballen in de lucht te houden. En dat gaat zelden vanzelf.

WIJ sprak drie moeders die voor de tweede keer een baby hebben gekregen: pabo-student Arline, onderwijsassistent Esther en zelfstandig ondernemer Christel. Wat is nú hu grootste uitdaging? Hoe combineren zij gebroken nachten met ambities? Hoe verdelen ze aandacht tussen werk, peuter en (pasgeboren) baby? En wat doen ze als hun lijf nog herstelt, maar het leven alweer doordraait?

Drie eerlijke verhalen over slaaptekort en schuldgevoel, over steun, of het gemis daarvan. En over de vraag die onder alles ligt: hoe houd je dit vol? En ook: wat helpt?

‘Ik voel me intens gelukkig en compleet uitgeput’

Arline is moeder van zoon Tobin (3) en dochter Marin (1 maand).

“Hoe het met me gaat? Dat verschilt per seconde,” zegt Arline. “Ik voel me intens gelukkig en tegelijkertijd compleet uitgeput.” Ze is net bevallen van haar tweede en geeft borstvoeding. “Ik doe alle voedingen. Eén nacht heb ik doorgeslapen, maar dat vraagt dan weer kolven, plannen, voorbereiden. Het moederschap is in het begin zó fysiek en hormonaal. Dat is echt anders dan het vaderschap.”

Wat haar vooral bezighoudt, is de constante mentale druk. Arline merkt dat ze de lat hoog legt. “Mijn man heeft in feite dezelfde mental load, alleen gaat hij er anders mee om. Een gekochte traktatie voor de oudste in plaats van zelf gemaakt? Helemaal prima, vindt hij. Een keertje minder gezond eten? Moet kunnen. Ik voel me direct een slechte moeder.”

Daarbij komt een gigantisch slaaptekort. “Met een peuter erbij is dat extra pittig. Minder geduld, sneller emotioneel. In mijn relatie voel ik dat ook.”

Naast twee jonge kinderen en drie dagen werken als onderwijsassistent, rondt Arline haar pabo ­ opleiding af. “Ik wil al mijn hele leven leerkracht worden. Dat is mijn droom.” Toch voelt afstuderen als een berg. “Ik heb studievertraging gehad. Soms denk ik: hoe ga ik dit ooit afmaken?

>> OP PAGINA 24

‘Ik

voel dat ik langzaam weer mijn balans terugvind’

Esther (39), moeder van Dies (6) en Seth (10 maanden).

“Het gaat goed,” zegt Esther. Begin dit jaar begon ze weer met werken als onderwijsassistent. “Ik moest wel wennen aan alle prikkels: veel praten met kinderen, ouders, collega’s. Maar ik ben ook echt blij dat ik weer terug ben.” Thuis wachten haar twee zoons. “De eerste weken vond ik pittig. Twee dagen werken is fijn, maar daarna thuis alles oppakken, dat was zoeken. Ik vond het moeilijk de aandacht te verdelen, maar nu heb ik mijn balans weer gevonden. Dies begrijpt goed dat er soms met een baby dingen tussendoor moeten gebeuren.”

De weg naar kinderen was lang en intens. Na vroeggeboortes en het verlies van hun eerste kind. “Voordat ik zwanger werd van Seth, volgden wij drie jaar fertiliteitstrajecten, IUI en IVF. Uiteindelijk lukte het via een kliniek in België om opnieuw zwanger te worden. Seth is ons wonder.” De geplande keizersnede was spannend. “De eerste werd een spoedkeizersnede, daar kreeg ik weinig van mee. De tweede was een natuurlijke bevalling en nu bij de derde leefde ik naar een geplande keizersnede toe. Toen ze Seth lieten zien, stroomden de tranen over mijn wangen.”

Ondanks dit intens geluk, miste Esther haar moeder, die zes jaar geleden overleed. “Juist in die kraamtijd voelde dat gemis extra groot.”

Esthers grootste uitdaging was herstellen van de keizersnede. “Ik had acht weken nodig om op te knappen. Ik mocht weinig en dat vond ik moeilijk. Ik zag overal was >> OP PAGINA 24

‘Werken en kinderen? Ik wil het allebei.
En dat kan ook’

Christel (32), moeder van Eloïse (3) en Isabella (10 maanden).

“Het gaat goed,” zegt Christel. “Druk, maar goed.” Ze is naast moeder zelfstandig ondernemer, momfluencer en fotograaf.

“Ondernemen past bij mij. In loondienst was ik ongelukkig. Nu kan ik mijn werk zo inrichten dat het aansluit bij ons gezin.”

Haar week is een puzzel. “Maandag zijn de meiden op de opvang en van woensdagmiddag t/m donderdagmiddag is mijn moeder er om ons te ondersteunen.

Op die dagen plan ik afspraken. De rest van de week denk ik: wat overdag lukt, is mooi meegenomen. ’s Avonds werk ik vaak nog even.”

Ze leerde haar verwachtingen bijstellen.

“Bij mijn eerste dacht ik: zij gaat wel mee in mijn planning. Rond elf uur was ik mentaal uitgeput, want er was van alles niet gelukt. Nu weet ik: mijn to ­ do ­lijst komt nooit helemaal af.” Tegelijkertijd is ze dankbaar voor haar netwerk. Vriendinnen pasten op tijdens drukke periodes. “Ik was de eerste met kinderen, dus ze vonden het nog leuk,” lacht ze. De kosten van kinderopvang spelen mee in de keuzes. “Een extra dag opvang betekent meteen ook flink hogere kosten. Dat is soms frustrerend. Daarnaast wil ik zo min mogelijk missen van de meisjes nu ze nog klein zijn.” Haar grootste uitdaging zit vanbinnen. “Perfectionisme. Ik wil overal goed in zijn. Maar aan het einde van de dag voelt het soms juist alsof ik op alle fronten tekortschiet.” Zeker als ze moe is. “Met goede nachten kan ik relativeren, de meiden liggen tevreden in bed, ik heb gedaan wat ik kon. Met weinig slaap wordt alles zwaarder.”

>> OP PAGINA 24

Maar stoppen is geen optie. Het heeft me bloed, zweet, tranen en veel geld gekost. Ik word leerkracht!”

Wat haar nu helpt, is het kleiner maken. “Niet denken aan die hele berg, maar aan één stap.” Nu ze nog in haar verlof zit, is rust nemen haar grootste uitdaging. “Ik zou eigenlijk meer bedrust moeten houden. Maar ik wil ook met mijn kinderen naar buiten, het huishouden doen, mijn studie afronden.” Ze verlangt naar een pauzeknop. “Even alles stil. Dat het huis automatisch opgeruimd wordt en ik kan opladen.”

Toch relativeert ze ook. Door gesprekken met haar eigen moeder besefte ze dat haar jeugd in haar herinnering grootser was dan de werkelijkheid. “We haalden echt niet elke week patat op woensdagmiddag. Maar in mijn hoofd werd het een traditie. Het gewone leven was simpeler.

Tegenwoordig leggen we onszelf zoveel op, ook door social media.” Haar tip aan andere moeders? “Leer je kinderen genieten van het gewone. Ze herinneren zich later niet de perfecte traktatie, maar dat jij er was. We mogen echt wat liever zijn voor onszelf.”

‘Wat helpt in de dagelijkse praktijk?
Prioriteiten stellen’
‘Niet denken aan die hele berg, maar aan één stap’

liggen, wilde schoonmaken en Dies aandacht geven, maar het ging niet.” Haar man hielp veel in het gezin wat hij altijd al doet. Ook haar schoonmoeder, vader en andere familieleden passen geregeld op. “Dan heb ik een dag voor mezelf. Dat is goud waard.” Kraamvisite stelde ze uit. “Ik voelde me daar schuldig over, maar ik kon het vanwege mijn langzame herstel niet aan.”

Nu, tien maanden later, voelt haar gezin compleet. “We hebben twee kinderen bij ons en één bij de sterren.” Het opruimen van de babyspullen is best confronterend. “Ik heb zo lang gewacht op een derde kind. En nu wordt hij groter en ruim ik de babyspullen op.”

Wat haar helpt in de dagelijkse praktijk, is prioriteiten stellen. “Soms moet de was blijven liggen, of wat schoonmaakwerk in huis. Ik sport twee keer per week, slik supplementen en luister beter naar mijn lichaam.” Mijn man zegt dan ook: wat is nu echt belangrijk?” Ze zucht zachtjes. “Ik voel dat ik langzaam weer mijn balans terugvind. Tussen werk en thuis. Tussen verdriet en dankbaarheid. Het is een wonder dat Seth er is. En dat besef draag ik elke dag met me mee.” CHRISTEL

Ze ziet verschil in hoe zij en haar partner het ouderschap beleven. “Hij gaat ervan uit dat het goed komt. Als ik wegga, denk ik aan voeding, slaap, kleding. Die mentale checklist draait altijd.” Toch vormen ze een team. “Als hij thuis is, pakt hij het meteen over.”

In haar werk als fotograaf zoekt ze naar echtheid. “Ik wil echte momenten vast leggen: het verlangen naar de kleine, trotse boertjes en zusjes, liefdevolle blikken tussen ouders en hun pasgeboren baby.”

Dat past ook bij haar visie op moederschap. “Je hóeft niet van elk moment te genieten. In het begin legde ik mezelf die druk op. Dat gaf alleen maar extra schuldgevoel.”

Ze wil haar dochters meegeven dat werken leuk mag zijn. “Niet per se het gebaande pad volgen, maar doen wat bij je past.” Voor nu houdt ze haar ambities realistisch. “Zonder kinderen zou mijn bedrijf harder groeien. Maar dit is de fase waarin ik zit. Als mijn dochters blij in bed liggen en ik iets van mijn werk heb gedaan waar ik energie van krijg.

Dan denk ik: dit kan ik. En als er tien ballen vallen? Dan raap ik ze de volgende dag weer op.”

‘Als er tien ballen vallen? Dan raap ik ze morgen weer op’

VOLG WIJ OP INSTA

en maak 2x kans op een Harvey NXT

Volg ons en mis niets! Op 17 april verloten we op Insta onder alle volgers 2x een Easywalker Harvey NXT t.w.v. € 899,99. Plus een pakket accessoires t.w.v. € 119,99*.

De winnaar mag kiezen uit de kleuren Deep Blue, Moss Green, Mocha Brown of Eclipse Black. Hoe geweldig is dit!?

Vanaf dag één – en alle dagen daarna

De Harvey NXT van Easywalker groeit met je mee, vanaf die allereerste wandeling met de reiswieg tot peuteravonturen in het park. De zachte, coconvormige wieg met zacht biologisch katoen en de verbeterde ventilatie zorgen ervoor dat je baby comfortabel rust. En de zitting is met één hand in drie posities te verstellen. En jij?

Jij wandelt heerlijk ontspannen, van stadswandelingen tot offroad-avonturen. Deze compacte all-in-one kinderwagen rijdt stabiel, voelt licht in gebruik en past zich moeiteloos aan jullie ritme aan. Zo wordt elke wandeling een fijn moment samen. Ontdek meer op easywalker.com.

uitgelicht

BIJZONDER AANDENKEN

Leg jouw zwangerschapsbuik voor altijd vast in een uniek en persoonlijk 3D beeldje. Of laat een bijzonder placenta kunstwerk maken. Een aandenken voor altijd aan deze bijzondere periode. Ook leuk als babyshowercadeau!

Gebruik bij boeking de code #WIJSCAN26-1 en ontvang de digitale scan t.w.v. € 40 gratis (geldig t/m 31-05-2026). printjewonder.nl

SUPERHELD VOOR HUIDVERZORGING TIJDENS DE ZWANGERSCHAP

Voor elke vrouw die haar groeiende buik koestert: BioOil 100% Natuurlijk is een gespecialiseerde huidverzorgingsolie die klinisch bewezen de zichtbaarheid van huidstriemen vermindert en je huid intensief ondersteunt tijdens verandering. bio-oil.com/nl

004:17 uur – Mijn telefoon gaat. Ze zegt: “Ik denk dat het begonnen is.” Op de achtergrond hoor ik haar ademhaling. Nog rustig.

Ik trek mijn jas aan en in de auto denk ik niet aan centimeters ontsluiting. Ik denk na over hoe ik haar hier het beste doorheen kan begeleiden. De wervelstorm gaat beginnen.

Wanneer ik binnenkom, is mijn taak helder. Zorg dat ze door de golven van de pijn wordt gedragen, niet ertegenin. Een wee is als de zee. Als je tegen de stroom in zwemt, put je jezelf uit.

Als je je laat meenemen, brengt dezelfde kracht je terug naar land. Overgave is hierin de sleutel, blijf kalm en laat je dragen.

Ik help haar herinneren dat de golf altijd weer zakt. Door woorden die niet groter zijn dan nodig. Door haar blik vast te houden wanneer ze hem zoekt.

Door uitleg te geven wat er gebeurt in haar lijf.

En ik masseer en steun op de plekken waar het pijnlijk is. Ook bewaak ik de ruimte. Licht gedimd, stemmen laag. De partner dichtbij, niet als toeschouwer, maar als anker. Zodat ze zich veilig voelt, want veiligheid verandert alles.

Een lichaam dat zich veilig voelt, maakt oxytocine aan. Dat hormoon zorgt ervoor dat de baarmoeder samentrekt, ritmisch en effectief. Maar oxytocine doet meer. Het opent, het verzacht, het bevordert vertrouwen. En oxytocine nodigt endorfines uit. Endorfines zijn onze lichaamseigen pijnstillers en zorgen ervoor dat een vrouw in zichzelf kan keren. Soms bijna stil, soms oerkrachtig luid. Dat is geen magie, dat is neurobiologie.

Maar zodra er spanning in de kamer sluipt, verandert het landschap. Onzekerheid, twijfel, veel stemmen. Allerlei prikkels die spanning kunnen opvoeren. Het lichaam merkt het vaak eerder dan wij. Adrenaline stijgt, cortisol volgt. En adrenaline heeft een directe invloed op oxytocine: het remt het. Minder oxytocine betekent vaak minder efficiënte weeën. Meer spanning in het lichaam betekent meer weerstand tegen wat er gebeurt. En weerstand vergroot de pijnbeleving. De golf

voelt dan hoger, dreigender. En er is geen houvast om je te laten dragen. Dat is waarom mindfulness geen luxe is tijdens de zwangerschap. Het is training van het zenuwstelsel. Aandacht voor ademhaling en aanwezig blijven bij wat er nú gebeurt, vermindert de activiteit van het angstcentrum in de hersenen. Niet vooruitrennen naar de volgende wee. Niet blijven hangen in de vorige. Maar deze ene golf voelen. Niet omdat het de pijn wegneemt, maar omdat het de draagkracht vergroot. En draagkracht is het verschil tussen overspoeld worden of gedragen worden. En soms wordt die veiligheid onderbroken. Een overdracht. Een verplaatsing naar het ziekenhuis. Meer mensen in de kamer, meer stemmen. Dat gebeurt, maar zorg daarna eerst dat je je ankers weer terugplaatst. Vraag om een pauze om te landen, om stilte. Gun jezelf dat half uur/uur. Ook als er pijnstilling wordt geregeld. Ook als er infusen worden aangesloten. Wanneer alles staat, vraag dan opnieuw om ruimte. Zodat adrenaline weer daalt, oxytocine de regie terug kan nemen. Dit is geen gevoel alleen. Onderzoek laat zien dat vrouwen die zich angstig voelen tijdens de bevalling vaker medische interventies nodig hebben en hun geboorte negatiever ervaren. Angst activeert de stressrespons. De stressrespons beïnvloedt de hormonale balans die juist nodig is voor voortgang. Angst is dus niet alleen emotie, het is fysiologie. Misschien moeten we weeënpijn daarom niet alleen meten in centimeters of minuten. Maar ook in veiligheid. Want hoe veilig een vrouw zich voelt, is geen bijkomstigheid. Het is de kern.

Djanifa da Conceicao is verloskundige en oprichter van VerlosMoeder en MAYU vitamins. Vanuit haar ervaring in de geboortezorg zet zij zich in voor gelijke kansen voor alle vrouwen en hun kinderen.

‘Angst vergroot de kans op interventies en een

AL 14 GENERATIES IN DE FAMILIE

‘Je kunt als vrouw ondernemer én moeder zijn’

Fleur Zandhuis-Bergmans (29) werd in 2025 officieel eigenaar van Hotel Wesseling, dat al veertien generaties in haar familie is. Ze nam het stokje over van haar moeder Annemarie. Ook trouwde ze dat jaar én werd ze moeder van tweeling Fien en Boet. Best veel allemaal, maar Fleur vindt het helemaal niet erg. ‘Ik kan niet goed stilzitten.’

Opeens wist Fleur het zeker. Ze wilde het hotel overnemen dat al 350 jaar lang door haar familie wordt gerund. Fleur: “Na de hotelschool waren Koen en ik een tijd F&B-managers in een hotel op Curaçao. Daar concludeerden we: als we dan toch zo hard willen werken, kunnen we dat beter voor onszelf doen.” Er volgden vele gesprekken, er werd een coach ingeschakeld en anderhalf jaar lang draaiden ze mee op alle afdelingen. In april 2025 namen ze officieel het hotel over, drie maanden na hun huwelijk. En toen bleek Fleur ook nog eens zwanger.

Fleur Zandhuis-Bergmans (29) is hoteleigenaar. Ze runt samen met haar man Koen (32) Hotel & Restaurant Wesseling in Dwingeloo, het oudste familiehotel van Nederland. Haar ouders Mark (57) en Annemarie BergmansWesseling (56) droegen in 2025 het hotel en Grand Café De Brink aan hen over. Ze hebben drie dochters: Fleur, Claire en Sophie. Fleur groeide op in het familiebedrijf, waar inmiddels de veertiende generatie aan het roer staat.

Fleur en Koen wonen in Dwingeloo en kijken ernaar uit om de rijke Wesselingtraditie met nieuwe ideeën voort te zetten. hotelwesseling.nl

Moeder Annemarie lacht. “Mijn man en ik waren op vakantie toen Fleur belde: ‘Joh mam, zit je? Ik moet wat vertellen. Het zijn er twee.’ In eerste instantie dacht ik dat ze me voor de gek hield.” Toen het begon te dagen dat Fleur écht twee baby’s zou krijgen, spookte wel even door haar hoofd: “Mijn hemel, dat is wel echt next level.” Het blijkt inderdaad pittig, een tweeling, maar Annemarie vindt het vooral fantastisch. “Alle clichés zijn waar. Laat ik het daar maar op houden. Ik vind het zo ontzettend leuk om oma te zijn.”

Baby op de bar

Het is een mooi plaatje. Waar Annemarie vroeger haar eigen dochter in een wippertje op de bar zette, liggen Fien en Boet nu op een matje op de grond. Fleur: “De baby’s gaan drie dagen per week naar de opvang, voor de rest van de tijd zijn ze veel bij ons. Gelukkig is mijn moeder altijd bereid te helpen.”

Annemarie: “We waren dertig jaar lang met handen en voeten gebonden aan dit bedrijf. Het is fijn dat het stokje is overgedragen, want ik vind het heerlijk om nu op te kunnen passen. Ik heb de afgelopen drie weken niet hoeven inspringen en dat vond ik veel te lang duren”, zegt ze met een knipoog via Zoom.

‘ Doordat ik mijn hele zwangerschap bleef sporten, herstelde ik snel’

Zo moeder, zo dochter. Ze weten van aanpakken en zijn allebei praktisch en positief ingesteld. “En gelukkig kunnen Koen en ik allebei goed omgaan met weinig slaap”, grapt Fleur. Koen en zij verdelen de taken goed en overleggen veel met elkaar. “Soms moeten we er nog wel twee of drie keer uit ’s nachts. Dan maakt de één de flessen en verschoont de ander de luiers. Ik weet dat dat bijzonder is, want ik hoor genoeg verhalen dat zodra de man weer moet werken, hij apart gaat slapen omdat hij zijn slaap nodig hee . Omdat we samen een bedrijf hebben, kijken we wat nodig is en gunnen we elkaar alles,” legt Fleur uit. “Het is niet jouw werk of mijn werk. Het is óns werk.”

Daarnaast zorgen Fleur en Koen dat ze genoeg energie hebben om de lange dagen in het hotel te kunnen draaien. Fleur: “Als de baby’s om acht uur slapen, gaan wij ook naar bed en kijken we niet nog drie afleveringen van een serie. We weten nooit wat de nacht brengt. We hebben de baby’s en een telefoon naast ons voor als er in het hotel iets gebeurt.”

Gezelligheid

Het is hard werken, maar Fleur vindt het prille moederschap vooral een verrijking van haar leven. “Ik ben altijd met van alles druk geweest, ik kan niet goed stilzi en. Nu ik moeder ben, heb ik meer rust gevonden. Ik vind het heerlijk om thuis te koken en met zijn vieren op de bank te zi en. Fien is heel nieuwsgierig, Boet is altijd blij. Ik vind de komst van onze tweeling heel erg leuk en gezellig.”

Gezelligheid blijkt belangrijk in deze familie. Annemarie: “Als wij vroeger met het gezin aten, maakten we er iets leuks van. Dan begonnen we op maandagmiddag om vier uur met een chipje. Kleine momenten vieren, daar houden we van.”

Fleur: “Dat willen wij ook heel graag meegeven aan onze kinderen, medewerkers en gasten. Die komen niet alleen voor een hamburger, die kunnen ze overal wel eten. Ze komen voor ons, het team, en de sfeer.”

Spannende zwangerschap

Naast gezelligheid weten beide dames dat goede zelfzorg belangrijk is met zo’n veeleisende baan. Vooral tijdens haar zwangerschap le e Fleur daar extra goed op. “Boets hoofdje groeide niet goed. Tussen week 13 en 21 moesten we elke week naar het ziekenhuis voor controle en zaten we constant in spanning. Het was ook nog eens hoogseizoen en we hadden net het bedrijf overgenomen.” Het hotel bleek in die periode een welkome afleiding. Fleur: “Ik vond het heerlijk om met gasten en onze medewerkers bezig te zijn.” Ondertussen zorgde ze ervoor dat ze fit en sterk bleef. Pilates, yoga, sportschool, gezonde voeding, zwangerschapsmassages. Ze werkte door tot de laatste dag van haar zwangerschap en verstuurde zelfs nog wat mailtjes op de dag dat ze werd ingeleid. “De bevalling verliep soepel en duurde precies 24 uur. Dat vond ik lang, maar de gynaecoloog en verloskundige vonden het allebei een prachtige bevalling. Achteraf gezien ben ik blij dat ik mijn hele zwangerschap door heb gesport, want daardoor herstelde ik snel en kon ik na vier weken alweer aan de slag.”

Sport als fundament

Sport loopt als een rode draad door het leven van Annemarie en Fleur. Annemarie: “Ik ben begonnen

mini soft bal knorretje € 4,50 (Rubo Toys)

nijntje vensterboek, oogjes open, oogjes dicht € 14,95 (Mercis Publishing)

met sporten na de geboorte van mijn kinderen. Ik had last van mijn bekken, mijn voeten. Ik dacht: zo houd ik dit zware werk niet vol. Ik ben gaan hardlopen, pilates gaan doen, krachttraining. Dat doe ik nu al vijfentwintig jaar.” Haar man doet aan wielrennen. Jarenlang was het hotel het kloppende hart van de Ronde van Drenthe. Het hotel sponsort de volleybalvereniging en het mountainbiketeam KMC. Dat voelt heel vanzelfsprekend. “Sport verbindt,” vertelt Annemarie. “In een dorp, in een bedrijf. Onze kinderen volleybalden. We hadden een goede connectie met de vereniging. Daar zijn we op ingehaakt. En dat werkt gewoon, dan is het leuk.”

Fleur vult aan: “Voor ons is sporten niet alleen fysiek, maar ook mentaal belangrijk. Je werkt zeven dagen per week. Je hebt het thuis alleen maar over het bedrijf. Dan moet je iets hebben wat je hoofd leegmaakt.” Daarom stimuleren ze hun medewerkers te sporten en op hun leefstijl te letten.

Personeelsmaaltijden zijn gezond en als personeelsleden op zaterdag bijvoorbeeld een wedstrijd hebben, wordt daar rekening mee gehouden in het werkrooster.

Gezond leven

“Een dienblad tillen is zwaar,” legt Annemarie uit, “maar het is geen sport. Je moet je lijf bewust trainen, zorgen dat je sterk blijft. Zeker als vrouw. Ik merk, nu ik in de overgang zit, hoe belangrijk krachttraining is. Zwanger zijn, de overgang: het zijn hormonale fases waarbij sporten extra belangrijk is voor je lijf.” Fleur is het daarmee eens: “Mijn herstel na de tweelingzwangerschap ging goed doordat ik bleef trainen, dat weet ik zeker.” Gezond leven, sporten, positief blijven en niet klagen: het zijn de fundamenten waarop het familiebedrijf en de familie leunen. Iets wat Fleur de komende jaren vooral verder wil uitdragen. “Ik wil anderen inspireren. Laten zien dat je als vrouw kunt ondernemen én moeder kunt zijn.” Wat ons betreft is die missie nu al geslaagd.

BEWEGEN MET NIJNTJE

OUDERS ZIJN ZEER TEVREDEN

Nijntje wil de verbinding leggen tussen generaties en bewegen. Daarom in elke WIJ een interview met een bekende sporter en haar/zijn moeder of vader. Wist je dat nijntje in samenwerking met KNGU een nijntje beweegdiploma heeft? Dit speciaal ontwikkelde beweegprogramma voor kinderen van 2 t/m 5 jaar leert peuters en kleuters spelenderwijs de basisvormen van bewegen. Als beloning krijgen ze het nijntje beweegdiploma. Ouders waarderen zowel de kwaliteit van het programma als de variatie in het les- en beweegaanbod met het cijfer 8! dutchgymnastics.nl/beweegdiploma

ALS GENIETEN VAN JE KIND NIET MEER LUKT

PAS

VOOR DE PARENTAL

Het (nieuwe) ouderschap is prachtig, maar ook intens. Hoe zorg je goed voor jezelf als er 24/7 getroost, gevoed, verschoond en gespeeld moet worden – naast je werk en sociale leven? Balans is cruciaal, want bijna 40 procent van de ouders ervaart klachten van een parental burn-out. Hoe kan dat? En wat kun je eraan doen?

“In plaats van dat ik uitkeek naar mijn wekelijkse mamadag, merkte ik dat ik ertegenop begon te zien. Ik trok het niet om voor mijn dochter te zorgen, terwijl ik me zo ongelooflijk uitgeput voelde. Dan zat ik liever op kantoor achter mijn bureau. Ik heb daarom mijn dochter weleens stiekem op m’n vrije dag een keer extra naar het kinderdagverblijf gebracht, zonder het mijn partner te vertellen. Ik durfde niet toe te geven dat ik eigenlijk niet bij haar wilde zijn.”

Aan het woord is Eva (31). Als ze moeder wordt gaat het in de eerste maanden, tijdens haar verlof, nog oké met haar. “Tuurlijk, het ouderschap was nieuw en flink wennen. Maar ik kon tijdens mijn verlof nog rustig de tijd nemen om aan mijn baby en nieuwe rol als moeder te wennen.” Maar vanaf het moment dat Eva weer aan het werk gaat, blijkt het moederschap in combinatie met haar baan, lastig. “Je kind voor het werk bij de opvang brengen, op werk zo goed mogelijk presteren, toch weer op tijd naar huis om haar te halen, een maaltijd in elkaar draaien, een overprikkeld kind troosten, voeden en op bed leggen: ik vond het zó ongelooflijk zwaar. Vooral omdat onze dochter altijd een huiluurtje had op het moment dat wij thuis kwamen en er gekookt moest worden. In plaats van even bij te komen van mijn werkdag, moest ik nóg harder werken en stortte ik iedere avond om acht uur volledig in. Even tijd voor mij en mijn partner was er amper.”

Continu aanstaan

Bovendien vindt Eva een dag met haar dochter nog zwaarder dan een dag op kantoor. “Ik moest haar continu dragen en entertainen, anders zette ze het op een huilen. Ik was in eerste

OP

BURN-OUT

instantie heel blij dat ik een dag minder ging werken na haar geboorte. En die dag gaf dan ook wel rust, omdat ik dan geen drukke ochtend- en avondspits had. Maar de dag zelf voelde niet als vrije tijd – integendeel. Ik stond continu aan.” Als daar bovenop onverwacht Eva’s moeder overlijdt, blijkt dat de druppel. “Ik moest voor mijn dochter zorgen, terwijl ik ontzettend aan het rouwen was. Ik had helemaal geen ruimte voor haar. Ik genoot niet meer van het moeder-zijn en was doodop. Ik deed alles op de automatische piloot. Uiteindelijk moest ik me ziek melden en heb ik maandenlang thuisgezeten.”

Ouders onder druk

Het verhaal van Eva is niet uniek. Sterker nog, bijna 40 procent van de ouders ervaart klachten van een parental burn-out, oftewel: een ouderschapsburn-out. Dit blijkt uit recent onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam onder leiding van Maartje Luijk en Caro Lemmen. Wat is zo’n burn-out precies? “Dat is een situatie waarin je zo lang intens onder druk staat door alles wat met het ouderschap te maken heeft, dat je je overweldigd voelt door die rol”, legt onderzoeker Maartje Luijk uit. “Bij veel ouders, 39 procent van de onderzoeksgroep, gaat het om enkele symptomen. Zij zijn niet gevloerd, maar ervaren

‘Een dag met mijn dochter voelde zwaarder dan een

FEITEN & CIJFERS

• 39 procent van de ouders ervaart klachten van een ouderschapsburn-out.

• 5 procent heeft zorgwekkende klachten en 2 procent heeft ernstige burn-outklachten.

• Moeders hebben gemiddeld meer burn-outklachten dan vaders.

• Ouders van wie het jongste kind jonger is dan 4 jaar, hebben gemiddeld meer klachten dan ouders met oudere kinderen.

• Ouders van kinderen met extra zorgbehoeften ervaren gemiddeld meer burn-outklachten dan andere ouders.

Opvallend: alleenstaande ouders hebben gemiddeld net zoveel klachten als ouders die samen een kind opvoeden.

‘Het

ouderschap anno nu wordt als zwaarder ervaren dan een aantal decennia geleden’

wel klachten. Denk hierbij aan overweldigende fysieke en emotionele uitputting, je minder verbonden voelen met je kinderen en een verlies van plezier in het ouderschap. Ook voelen ouders zich niet meer de ouders die ze wíllen zijn. Tegelijkertijd lukt het deze ouders (nog) wel om balans te houden, maar die balans is heel kwetsbaar. Zo’n 5 procent heeft echt zorgwekkende klachten en 2 procent heeft ernstige burn-outklachten. Sommige ouders hebben zelfs het gevoel dat ze hun gezin moeten verlaten.”

Draagkracht en draaglast

Hoe kan het dan dat de één ogenschijnlijk moeiteloos vier kinderen grootbrengt en de ander na de geboorte van het eerste kind bezwijkt? Maartje: “Het draait om de balans tussen draagkracht en draaglast. Ouders, kinderen en gezinnen verschillen in hoeveel ze kunnen ‘dragen’ in het dagelijks leven. Dit hangt samen met beschermende factoren: een steunende partner, een veilige buurt of zelf weinig last hebben van perfectionisme. Hoe zwaarder de lasten of risico’s zijn – zoals geldzorgen, drukte op werk, onenigheid over de taakverdeling of een baby die veel huilt – hoe meer steun en hulp je nodig hebt om alles te kunnen dragen.” Zo nekte Eva uiteindelijk de combinatie tussen een lastige baby, een drukke baan én het verdriet om haar overleden moeder. Maartje: “Het probleem is vaak dat de steun ontbreekt. 75 procent van de ouders kreeg het afgelopen jaar geen hulp bij de opvoeding. En als er dan bovenop het ouderschap en het werk nóg iets komt, kan dat de druppel zijn die de emmer doet overlopen. Ook als de stress langdurig aanhoudt, kan dit leiden tot burn-out.”

Naast persoonlijke factoren, speelt de inrichting van onze maatschappij een belangrijke rol in het welzijn van ouders. “Als je terugkijkt op afgelopen decennia zijn kinderen niet moeilijker geworden of slechter gaan slapen. Ouders zijn ook niet echt veranderd. Wat wél is veranderd, is de maatschappij waarin we opvoeden. Ouders zijn door de individualisering meer tijd gaan doorbrengen met hun eigen kinderen, maar zijn ook meer gaan werken. En we vergelijken ons op sociale media met

andere ouders. Dat maakt dat het ouderschap anno nu als zwaarder wordt ervaren dan een aantal decennia geleden.”

Voorkomen en genezen

De grote vraag is natuurlijk: is een ouderschapsburn-out te voorkomen? “Dat hebben we niet onderzocht. Maar als je je bedenkt dat het gaat om de balans tussen wat je moet en wat je kúnt dragen, dan zul je dat als aanstaande ouders samen goed moeten bespreken”, legt Maartje uit. “Bedenk voor jezelf of je een netwerk om je heen hebt waar je op kunt leunen. Vraag je makkelijk hulp of vind je dat lastig? Hoe perfectionistisch ben je? Hoe kan je hiermee omgaan? Hoe gaan jullie zorgen dat jullie af en toe kunnen ontspannen en bijtanken?”

Daarnaast ziet de onderzoeker kansen op het gebied van overheidsbeleid. “De overheid kan onder meer investeren in lokale programma’s en plekken waar ouders samen met bijvoorbeeld buren en verenigingen het opvoeden kunnen delen. Zorg voor steun voor ouders in de buurt, ontwikkel ouderschaps vriendelijk werkgeversbeleid en benoem een Minister voor Toekomstige Generaties. Ouderschap raakt aan zorg, werk, wonen, inkomen, onderwijs en de economie. Er is regie nodig over ministeries heen om het belang van kinderen en ouders te bewaken.”

Hulp vragen

Gelukkig is Eva inmiddels weer goed hersteld van haar parental burn-out. “Onze dochter is nu twee jaar en ben ik alweer een halfjaar aan het werk. Uiteindelijk heeft een periode van rust en therapie me goed geholpen. Mijn partner en ik hebben ook regelmatig besproken hoe we de taken in huis het beste kunnen verdelen en wie we (vaker) om hulp kunnen vragen als het ons teveel wordt. Inmiddels hebben we een poule van oppassen waar we regelmatig gebruik van maken en ik ben een halve dag minder gaan werken, terwijl onze dochter die middag gewoon op het kinderdagverblijf zit. Zo heb ik de rust om wat dingen in huis te doen en kan ik op de dag dat ik met haar ben, ook écht samen zijn – in plaats van het huishouden doen. Inmiddels voel ik me zo goed, dat een tweede kind welkom is.”

Voelt als mama

De Difrax LOVI Mammafeel fles voelt heerlijk vertrouwd voor je baby. Ontworpen om de borst na te bootsen. Zo wordt de stap naar de fles een stuk makkelijker. difrax.com € 13,99

I (S)LOF YOU

Of het nu gaat om kruipen, staan of die allereerste stapjes. supercute.nl € 34

Lieve Dotti

Een zacht knuffeldoekje voor elke dag. donebydeer.com € 25,40

SO CUTE & SHINY

Deze kussenset is een échte (en vooral zachte) upgrade voor de Tripp Trapp-stoel. ukje.nl € 59,95

Niet zomaar een armbandje van verguld zilver: met de naam van je baby gegraveerd en een fonkelende geboortesteen. kayasieraden.nl € 54,90

Met deze koekstempel druk je het babynieuws zó in de fondant. koekatelier.nl € 12,50

Kijk voor meer babykleding prenatal.nl/ newborn

1. BOXPAKJE maat
€ 24,99
SHIRT maat
SHIRT maat
BOXPAKJE maat

Framboos verovert de newborn girlscollectie van Prénatal in knitwear en prints, diepblauw geeft boys een stijlvolle boost. Met stoere dino’s en lieve bloemetjes met konijntje als blijvende favorits.

SEIZOEN TOPPERS

WIJ.Insta WIJ

WIJ_Pinterest

@WIJ.tiktok

Go with the fl ow en laat je niet gek maken door social media Saar

HULP VRAGEN IS DAPPER EN HET

STERKSTE WAT

Janine

JE KAN DOEN

Tijdens mijn zwangerschap kon

ik de geur van de poepluiers van m’n peuter echt niet uitstaan

Renske

Mijn advies: ga zitten en bewust knuffelen

Cheryl

Doe een

newbornshoot –ook al denk je dat je er niet goed uitziet, dat doe je wel!

Cathy

1e trimester?

We doen allemaal maar wat, ook al lijkt het soms niet zo Jose

Ik riep tijdens mijn bevalling: ik wil nooit meer Ring of Fire van Johnny Cash horen

Zwangerschap bekend maken? Misselijk & moe Meteen! 55% 14% Mijn moeder mocht tijdens de bevalling echt niet praten, ik had alleen haar hand nodig Rosalinda

OOuderschap is eigenlijk topsport. Niet omdat ouders dat zo willen, maar omdat het zo voelt. We willen alles tegelijk zijn: een liefdevolle ouder, een fijne partner, een goede werknemer. Je wil ook nog sporten, je vrienden zien, de was doen en onthouden wanneer de tandartsafspraak is. En ergens tussendoor probeer je ook nog jezelf niet kwijt te raken. Veel ouders die ik spreek zeggen hetzelfde: ‘Ik kom nergens meer aan toe. Niet aan mezelf. Niet aan mijn relatie. En soms, pijnlijk genoeg, ook niet aan echte rust met mijn kind.’

Als je zwanger bent of net een kind hebt, voel je nog een extra druk: dat stemmetje dat zegt dat je het ook nog ‘góed’ moet doen voor de ontwikkeling van je kind. Taalrijk opvoeden. Voorlezen. Praten. Benoemen. Alsof het weer iets is dat móet. Dat gevoel herken ik. Want als alles moet, mag niets meer vanzelf. Terwijl ouderschap juist bestaat bij de gratie van het alledaagse. Van het rommelige. Van het samen doen en onderzoeken, en kijken wat werkt in de praktijk.

Wat we soms vergeten, is dat taal niet ontstaat uit perfecte omstandigheden. Juist niet. Taal groeit niet in schema’s of methodes. Taal ontstaat tijdens het praten, als je samen bent, elkaar aandacht geeft of naar elkaar kijkt. In die paar minuten voordat het licht uitgaat. Wanneer de dag voorbij is. Wanneer je kind tegen je aan kruipt en de wereld even klein wordt.

Gewoon samen praten, voorlezen of een verhaal vertellen zijn geen opvoedkundige prestaties. Geen investeringen met zichtbaar rendement. Het is een rustmoment. Een moment waarop jij niets hoeft te doen, behalve er met volle aandacht

te zijn en de verbinding op te zoeken. Je hoeft het verhaal niet perfect te vertellen of voor te lezen. Het mag ook kort zijn. Het gaat om het samen zijn.

Juist in die rustige momenten gebeurt er iets bijzonders. Je kind luistert niet naar wat je zegt maar juist ook naar hóe je het zegt, welk gezicht je erbij trekt. Naar het ritme. Naar de veiligheid die daarin zit. En misschien voel jij dat zelf ook. Dat je schouders iets zakken. Dat de dag van je afglijdt. Dat je even niet hoeft te presteren. Dat is taalrijk opvoeden. Niet als extra taak, maar als bijvangst en verbinding.

Veel ouders denken dat ze tekortschieten omdat ze moe zijn, geen energie meer hebben. En omdat ze denken dat ze méér zouden moeten doen. Maar nabijheid vraagt geen energie, het gééft energie. Juist omdat het klein mag zijn en het niet perfect hoeft. Dus als je vandaag het gevoel hebt dat alles te veel is: laat iets los. Niet je kind. Niet jezelf. Maar het idee dat het allemaal beter, slimmer of intensiever moet. Een verhaal. Een stem. Een paar minuten samen. Dat is genoeg. Vandaag. En morgen weer.

En soms is dát precies wat ouderschap nodig heeft: dat er even niets hoeft — behalve samen zijn.

Prinses Laurentien van Oranje zet zich intensief in voor Taalschatten, dat als doel heeft alle kinderen in Nederland op het juiste taalniveau aan de basisschool te laten beginnen. Daarbij is taalverwerving in de eerste 1.000 dagen van een kind van cruciaal belang. Ze is getrouwd met prins Constantijn, de jongste broer van koning Willem-Alexander, en samen hebben ze drie kinderen: Eloise, ClausCasimir en Leonore.

‘ Het hoeft niet perfect te zijn. Het gaat om aandacht en verbinding’

GEZOND ETEN ZONDER STRIJD

Voedings- en gedragsdeskundige Sanne Smeets (39) heeft een missie: kinderen gezond laten eten, zonder gezeur aan tafel. Want ja, dat kán. Als je het maar op de juiste manier aanpakt, gelooft ze. En daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen.

Kinderen en gezond eten: ze gaan niet altijd even lekker samen. Voor fruit zijn ze vaak nog wel te porren, maar de smaak van groente kan doorgaans op minder enthousiasme rekenen. Hoe leer je je kind gezond eten zonder dat het een dagelijks terugkerende strijd wordt? Volgens voedings- en gedragsdeskundige Sanne Smeets ligt het antwoord niet in streng zijn of doordrukken, maar in veiligheid en verbinding. “Een kind dat zegt dat het iets niet lust, zegt eigenlijk: ik ken het niet, ik durf het niet.”

Eetgewoontes

Voeding heeft Sanne altijd gefascineerd. Haar zus was professioneel voetbalster en liet zien wat goede voeding met je lichaam kan doen. Op de middelbare school in Amsterdam-Noord waar ze nu werkt als zorgcoördinator, zag ze juist de andere kant: kinderen die slecht sliepen, overgewicht hadden of zich nauwelijks konden concentreren omdat ze bijvoorbeeld niet ontbeten en dan in de

kantine dingen gingen halen waardoor ze in een suikerdip belandden. Ze zag op de school ook welke rol opvoeding speelt in de eetgewoontes van kinderen. “Als je van huis uit geen gezonde basis meekrijgt, maak je in je puberteit vaak impulsieve keuzes. Ik zie iets, ik wil het en ik doe het. Dat is deels puber-eigen, maar ik zie echt een verschil tussen jongeren die weten wat gezonde voeding is en jongeren die dat nooit hebben geleerd.”

Vertrouwen

Toen ze zelf moeder werd, wist ze daarom wat haar te doen stond. Na de geboorte van haar zoon Jack, vier jaar geleden, verdiepte Sanne zich nog meer in de relatie tussen voeding en het kinderbrein. Haar uitgangspunt: de eerste vier levensjaren zijn cruciaal. “Er zit opvallend veel overlap tussen hoe een kind zich gedraagt tussen 0 en 4 jaar en in de puberteit. Als je die eerste jaren veilig en stabiel neerzet, geeft dat later enorm veel winst.”

Volgens haar draait gezond leren eten daarom niet alleen om wat er op het bord ligt, maar vooral om hoe een kind zich voelt. “Voor een volwassene is eten voorspelbaar. Je weet hoe iets smaakt. Voor een kind is het onbekend terrein. Het vraagt vertrouwen om iets nieuws van je bord naar je mond te brengen. Als je begrijpt hoe het aanleren van gezond eetgedrag bij een jong kind werkt, kun je die verplichte happen veel meer loslaten.”

In de opvoeding van Jack – en later ook van dochter Charlize, nu 1,5 – had Sanne

‘Het vraagt vertrouwen om iets nieuws van je bord naar je mond te brengen’

een aantal doelen voor ogen. “Bovenaan stond dat ze genoeg groente en fruit binnenkregen. Groente is voor vrijwel ieder kind een uitdaging, met name tussen 1,5 en 6 jaar.” Haar tweede doel? Er zelf geen stress van hebben. “Na een lange dag wil je niet aan tafel nog een strijd moeten voeren om eten naar binnen te krijgen. Ik wilde het mezelf niet te moeilijk maken.” Ze kookt daarom veel vooruit en zorgt dat er altijd iets gezonds in de vriezer ligt. “Zo wordt het voor mij een heel werkbaar, makkelijk iets.” Doel nummer drie: de kinderen geen stukken groente opdringen. Geen verplichte happen, geen machtsstrijd bij het avondeten. “Het kan ook op andere manieren en momenten, verdeeld over de dag.”

Speelse manier

Sanne gebruikte haar creativiteit. “Ik ging groente verstoppen in lekkere muffins of pannenkoeken, maakte overal een feestje van. Dan lazen we bijvoorbeeld het boek Kom mee Kees, over een kikker, en dan maakte ik Kikker Kees Burgers, vol groene groenten. Jack vond dat fantastisch. Ik zette op mijn vrije dag een krat boodschappen voor de deur en deed alsof Kikker Kees aanbelde en de boodschappen voor de burgers voor de deur had gezet. Vervolgens gingen we samen de keuken in en maakten we die burgers.”

Dat laatste aspect is volgens haar ook belangrijk: “Als je een kind van kleins af aan mee de keuken in neemt, wordt eten iets veiligs en vertrouwds.”

Bij zoon Jack werkt het als een tierelier. “Hij gaat onwijs goed op mijn aanpak en krijgt elke dag de aanbevolen porties groente en fruit binnen, op een speelse manier.” Dat scheelt een hoop gedoe aan tafel. “Als ik weet dat hij zijn groenten al binnen heeft via muffins of haverkoeken, kunnen we ’s avonds veel relaxter aan tafel zitten. Veel ouders proberen de groenten er allemaal ’s avonds in te proppen, maar dat werkt niet. Een kind komt bijvoorbeeld overprikkeld terug van de opvang en dan moet hij aan tafel ook nog drie spruiten naar binnen werken ‘want dat eten wij op’. De sfeer is opgejaagd, iedereen is moe. Het is voor het hele gezin fijner als je de dag relaxed kunt afsluiten met elkaar. Dat draagt bij aan de relatie, de hechting, aan rust en vertrouwen.”

Bij dochter Charlize volgt ze dezelfde aanpak. Al sinds ze een baby was, want wennen aan gezonde voeding, daar kun je niet vroeg genoeg mee beginnen. “Al bij de eerste vaste hapjes heb ik

‘Als je het moment aan tafel leuk maakt, is er veel minder weerstand’

gezonde voeding aangeboden. Zelfgemaakt. Een potje is misschien makkelijker, maar bloemkool uit een potje smaakt niet hetzelfde als echte bloemkool en dan is de kans groter dat een kind vanaf één jaar vast voedsel gaat weigeren omdat het die ‘echte’ smaak niet kent. Wat jij als ouder aanbiedt, is wat kinderen zich eigen maken. Daarom vind ik het belangrijk dat dat pure, gezonde producten zijn.”

Chef mama

Hoe meer Sanne over haar methode deelde met vriendinnen en op social media, hoe meer vragen ze erover kreeg. Dat bracht haar op het idee om haar methode te bundelen in een e-book. Dat is er nu: Chef Mama! Gezond en zonder gezeur aan tafel. “In het boek probeer ik ouders via de ontwikkeling van het kind op een simpele manier uit te leggen hoe je je kinderen aanleert om gezond te eten en deel ik ook concrete recepten.”

Kikkerburgers, groentemuffins, speciale pannenkoeken: het klinkt misschien ingewikkeld, maar dat hoeft het volgens Sanne helemaal niet te zijn. “Op die leeftijd zijn ze snel tevreden. Laatst heb ik nog een ‘dinobrood’ gemaakt. Vier ingrediënten, meer was het niet. En dan ga ik echt niet verkleed als dino hobbelend door mijn huis. Het gaat om de taal die je spreekt. Je maakt er iets speciaals van. Het is leuk, gezellig en zorgt voor een leuke connectie met je kind. En het werkt: Jack had met drie happen meer groenten binnen dan eigenlijk nodig is. Daarvan krijg ik zo’n kick.”

Gezellig aan tafel

Sanne wil anderen helpen het weer gezellig te maken aan tafel. “Ik vind het fijn als kinderen het fijn hebben. Een kind is niet bezig met het leren van groente eten. Zeker van 0 tot 4 jaar is een kind veel meer bezig met de connectie met jou als papa of mama. Ga die kleine wezentjes maar wat rustiger grootbrengen, de maatschappij is al hard genoeg. Ik geloof heel sterk dat hechting en veiligheid vanuit het thuisfront de allerbelangrijkste basis zijn die je een kind kunt meegeven. En met elkaar aan tafel, daar gebeurt het gewoon. Het gesprek, het verdriet, de liefde, het lachen. Het draait om samenzijn. Als je het moment aan tafel leuk maakt, is er veel minder weerstand. Dan staan ze er veel meer voor open om dingen te proberen.”

Kikker Kees pannenkoeken

INGREDIËNTEN VOOR 8 MEDIUM PANNENKOEKEN

• 200 gram biologische verse bladspinazie

• 250 gram speltbloem

• 0,5 liter halfvolle melk

• 6 verse (!) dadels

• 1 ei

• 5 gram bakpoeder

• avocado-olie (om te bakken)

Zo maak je het

1. Doe de verse spinazie in een kom en voeg de melk, het ei en de (ontpitte) verse dadels toe.

2. Pureer dit met je staafmixer of blender tot een glad geheel.

3. Voeg de meel en de bakpoeder toe en meng dit er met een spatel goed doorheen.

SPECIAAL VOOR JOU: € 5 korting

Het e-book Chef Mama! van Sanne

Smeets is tot 17 april speciaal voor lezers van WIJ te bestellen met € 5 korting. Je betaalt in plaats van € 17,50 nu maar € € 12,50. Scan de QR-code en veel leesplezier!

4. Pureer het beslag nog zo’n 2 minuutjes voor extra luchtige pannenkoeken.

5. Scheutje avocado-olie in de pan en bakken maar!

TIP

Gebruik een pan met een goed werkende antiaanbaklaag, dan krijg je echt de lekkerste (groene) pannenkoeken!

Raak geen spullen meer kwijt!

Zeg dag tegen kwijtgeraakte drinkbekers, broodtrommels en jassen. Met de naamlabels van Goedgemerkt komt alles weer thuis. Profiteer nu van 15% korting op het complete assortiment met code: GG-UIT2601 (geldig t/m 30-09-2026). goedgemerkt.nl

MEER

VRIJHEID

uitgelicht

Medela Motion InBra™ geeft moeders vrijheid: licht, stil, betrouwbaar én volledig draagbaar. Geen snoertjes, wel comfort.

Jij gaat door met je dag, terwijl je kleintje blijft krijgen wat het nodig heeft. medela.nl

Losse zoogcompressen?

Die tijd is eindelijk voorbij. Dankzij de geïntegreerde lekvrije lagen in de Mominti voedingsbeha blijf je dag en nacht droog, waar je ook bent. Superzacht, vrouwelijk en duurzaam geproduceerd. mominti.com

Samen op ontdekking

Samen op de fiets, samen de wereld ontdekken. Met Bobike neem je je kind veilig en comfortabel mee. Duurzaam ontworpen voor kleine momenten die uitgroeien tot grote herinneringen. bobike.com

Moeder worden met epilepsie

‘Ik moest mijn lichaam leren vertrouwen’

Epilepsie heb je niet alleen tijdens een aanval. Het is er altijd, sluimerend op de achtergrond. Wat betekent dat als je moeder wilt worden? Emma (33) dacht dat het niet voor haar was weggelegd. Toch werd ze moeder. “Ik was bang dat de vader straks ook mijn verzorger zou zijn.”

“Ik was elf toen ik de diagnose epilepsie kreeg. Ik begreep niet goed wat het betekende. Aanvallen had ik, ja. Onderzoeken in het ziekenhuis, ook. Maar de impact op de rest van mijn leven? Die overzag ik niet. Mijn ouders wel. Zij hadden zorgen, vragen, misschien zelfs schuldgevoel. Ze vertrouwden op de artsen, want zelf hadden ze geen referentiekader. Epilepsie kwam in onze familie niet voor.”

Overschaduwen

“Ik groeide op met het idee dat mijn lichaam onvoorspelbaar was. Dat het me kon verrassen op de meest ongelegen momenten. Op school, op straat, in bed. Het maakte me voorzichtig. En toen ik ouder werd en het gesprek over de toekomst serieuzer werd – samenwonen, trouwen, kinderen – was het moederschap niet iets wat vanzelfsprekend in dat plaatje paste. Sterker nog: ik wilde geen kinderen. Niet echt. Of misschien wilde ik ze wel, maar liet ik me leiden door angst. Ik was alleen maar bezig met wat fout kon gaan. Wat als mijn aanvallen zouden verergeren? Wat als de medicatie schadelijk zou zijn voor de baby? Wat als mijn partner niet alleen vader, maar ook mantelzorger zou worden? Ik was bang dat epilepsie alles zou overschaduwen. Dat het ons geluk zou aantasten.”

Medisch traject

“We hebben jarenlang getwijfeld. Tot er iets gebeurde wat ik moeilijk kan uitleggen. Ik voelde dat er een kind voor ons was, dat wij bedoeld waren om ouders te worden. Vanaf dat moment viel de twijfel weg. Alsof er een knop omging. De angst was er nog, maar hij bepaalde niet langer de richting.

Voordat ik zwanger mocht worden, moest mijn medicatie worden aangepast. Veel anti-epileptica zijn schadelijk voor een ongeboren kind. Dat traject vond ik misschien nog wel spannender dan de zwangerschap zelf. Je weet nooit hoe je lichaam reageert op nieuwe medicatie. Ik was bang voor meer en zwaardere aanvallen. Bang dat ik terug zou gaan naar hoe het vroeger was. En tegelijk voelde ik schuld. Omdat ik überhaupt medicatie nodig had. Omdat ik zwanger zou zijn en pillen zou slikken. Alsof ik al tekortschoot voordat de baby er was.

Tot onze verbazing reageerde ik heel goed op de nieuwe medicijnen. Mijn aanvallen werden minder en minder heftig. Het voelde als een zegen. Alsof mijn lichaam eindelijk meewerkte. Dat gaf hoop. Hoop dat dit misschien wél kon.

Tijdens mijn zwangerschap stond ik onder begeleiding van een verpleegkundig specialist en een gynaecoloog. Regelmatig moest ik bloed laten prikken om de medicatiespiegel te controleren. Een zwanger lichaam verandert continu; wat vandaag voldoende is, kan volgende maand te weinig zijn. Mijn dosering werd meerdere keren aangepast. Alles werd nauwkeurig gemonitord. Ik zat meteen in een medisch traject. Extra controles, extra afspraken. Het gaf veiligheid, maar het maakte ook duidelijk dat mijn zwangerschap niet ‘gewoon’ was. Nog vóór ik zwanger was, waren we al bezig met scenario’s. Hoe gaan we dit doen? Wat als ik een aanval krijg terwijl ik de baby vasthoud? Wat als ik alleen thuis ben? Er waren veel vragen, en weinig concrete antwoorden. Niemand kon ons vertellen hoe het zou zijn. Dat voelde soms eenzaam.”

Veiligheid boven alles

“Toen onze dochter werd geboren, begon het echte aanpassen. Hoe kunnen we de situatie zo veilig mogelijk maken? Dat waren confronterende gesprekken. Ik moest onder ogen zien dat ik het bewustzijn kan verliezen en mijn baby kan laten vallen. Het voelde alsof ik weer dat stempel op mijn voorhoofd kreeg: chronisch ziek.

We kozen ervoor om haar zoveel mogelijk op de grond te verzorgen. Verschonen op een mat in plaats van op een commode. Voeden zittend in het midden van het bed, met matten eromheen.

Rond het bed legden we zachte ondergronden.

Voor de bank kwam een groot, dik hondenkussen.

We vervingen onze salontafel. Geen harde hoeken meer, geen stalen frame.

Als ik de trap op of af moest met haar, deed ik dat niet alleen. En als het toch nodig was, dan zat ze in de Maxi-Cosi. Dat klinkt misschien overdreven, maar je doet alles om risico’s te verkleinen.

Wanneer ik haar wiegde, deed ik dat vaak terwijl zij in de kinderwagen lag. Zo kon ik mobiel zijn in huis zonder haar in mijn armen te dragen. De stukken dat ik haar wél droeg, hield ik zo kort mogelijk. En als ik moe was, legde ik haar in de box. We dachten ook na over valdetectie. Er bestaan speciale systemen voor mensen met epilepsie, maar die zijn vaak duur en worden niet vergoed. Dat maakte me boos. Er is technologie die levens kan redden, maar niet iedereen kan het betalen. Ik draag nu een eenvoudig horloge met valdetectie.

Zodra het een val registreert, wordt automatisch een contactpersoon gebeld. Het wordt vaak aangeprezen voor ouderen, maar dat maakt mij niets uit. Als het werkt, werkt het. Tijdens mijn zwangerschap droeg ik het al. Het geeft geen garantie, maar wel een beetje rust.”

Alleen thuis

“In de eerste drie maanden vond ik het spannend om alleen met haar te zijn. Ze was zo klein, zo kwetsbaar. En slaapgebrek is een grote trigger voor

aanvallen. Vooral mijn partner vond het moeilijk om ons alleen te laten. Hij voelde zich enorm verantwoordelijk. De eerste maand bleef hij volledig thuis. Dat kon, omdat hij een eigen onderneming heeft. Ik probeer de angst niet de regie te laten nemen. Continu gespannen zijn is ook niet gezond. Maar alert zijn we altijd. Als ik extreem moe ben, voelt het kwetsbaar. Mijn epilepsie is nooit volledig onder controle geweest. Aanvallen zijn onvoorspelbaar en ik voel ze niet aankomen. Dat maakt het eng. Bij elke nieuwe levensfase passen we dingen aan. Als ze gaat kruipen, als ze leert lopen, als ze klimt. Het vraagt creativiteit. Je wordt gedwongen om buiten de standaardoplossingen te denken. Ik heb tien maanden borstvoeding gegeven. Dat is intensief, zeker in combinatie met epilepsie. Het kost energie, en energie is voor mij kostbaar. Maar het is goed gegaan. Ik ben trots op mijn lichaam. Trots dat het dit kon.”

‘Wat als ik een aanval
krijg terwijl ik de baby vasthoud?’

Veerkrachtig

“Epilepsie doet mentaal veel met mij in het moederschap. Er is schuldgevoel over medicatie en borstvoeding. De vraag: ben ik wel de moeder die zij nodig heeft? Soms voelt het alsof ik niet altijd de moeder kan zijn die ik zou willen zijn. Er is ook rouw om dingen die niet vanzelfsprekend zijn. Ik leef al lang met epilepsie, mijn lichaam heeft me vaak in de steek gelaten. Dus vertrouwen was niet vanzelfsprekend. Ik ging altijd uit van het worst case-scenario. Maar mijn zwangerschap verliep boven verwachting goed. Ik voelde me krachtig. Alsof mijn lichaam eindelijk liet zien wat het ook kan, in plaats van wat het niet kan. Dat heeft mijn zelfbeeld veranderd. Het heeft me geleerd dat mijn lichaam niet alleen kwetsbaar is, maar ook veerkrachtig. Tegen andere ouders met epilepsie of een chronische aandoening zou ik willen zeggen: het kan. Het zal misschien anders zijn dan je had gedacht. Je moet aanpassen, plannen, creatief zijn. Maar anders betekent niet minder. Praat met elkaar. Wees open over angsten en twijfels. Kijk naar wat wél kan. Laat je niet leiden door angst, maar wees ook realistisch. En bovenal: geloof in jezelf en in je partner. Je bent sterker en veerkrachtiger dan je denkt. Dat heb ik zelf moeten leren. Mijn lichaam laat me soms vallen. Maar het heeft me ook gedragen. En samen dragen we nu haar.”

Mijn zwangerschap

‘Ik voelde me prachtig en goed, ik heb intens genoten. Die 39 weken en 6 dagen duurden mij te kort.’

Mijn bevalling

‘Bevallen is het mooiste en gaafste wat ik ooit heb gedaan.’

Mijn kind

Zoon Lou, 52 cm, 3780 gram.

‘Bevallen

is het gaafste wat ik ooit heb gedaan’

Het duurde even voordat verloskundige Fleur Balendonck (35) en haar Ramon (41) hun eerste kind mochten verwelkomen. Maar zoon Lou was het moeizame voortraject meer dan waard.

ZELF VERLOSKUNDIGE

“Ik werk al bijna dertien jaar als verloskundige. We keken vroeger thuis naar De verloskundige op SBS 6 en dat vond ik altijd magisch. Ik wist al jong dat ik dit werk wilde gaan doen. Met mensen bezig zijn, in het bijzonder de vrouw, de aanstaande ouder(s) en het kersverse gezin. Je bent erbij vanaf het prille begin mét alle hoogtepunten. Maar als het onverhoopt niet goed gaat, kun je er ook voor hen zijn. En het mooie is dat je ’s ochtends nooit weet hoe je dag gaat verlopen.”

WAT VOORAFGING

“Na een jaar proberen werd ik voor het eerst zwanger, maar dat bleek een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Mijn linker eileider is toen verwijderd. Daarna kreeg ik vier miskramen en vervolgens nog een buitenbaarmoederlijke zwangerschap in mijn rechter eileider. Ook die moest weggehaald worden, waardoor ik onvruchtbaar ben. Drie ivf-trajecten in Nederland en eentje in Brussel verder, was het eindelijk goed raak. Ja, het was een pittig traject dat zes jaar en veel energie heeft gekost. Maar als ik iets niet wil, is dat mensen me zielig vinden. Zo heb ik me nooit gevoeld. Ik voelde me juist enorm gedragen door iedereen om me heen. En als verloskundige weet ik als geen ander dat wonderen bestaan. Ik bleef hoop houden – en terecht dus.”

POSITIEVE TEST

“Toen de test aangaf dat ik ruim drie weken zwanger was, dacht ik: o, leuk. Ik heb natuurlijk al vrij vaak een positieve test gehad en eerder liep het niet goed af. Pas toen ik op de eerste echo alles zag wat ik daarop moest zien, had ik er vertrouwen in dat het deze keer wel goed zat.”

ZWANGERSCHAP

“Tijdens de rest van mijn zwangerschap heb ik me geen seconde zorgen gemaakt. Ik heb intens van mijn zwangerschap genoten. Ik vond het fantastisch en heb me nog nooit zo mooi en goed gevoeld. Ik vond het zo magisch en gezellig, zo’n mensje in mijn buik. Van mij had het wel langer mogen duren. Kwaaltjes had ik ook nauwelijks, alleen heel veel maagzuur. Ze zeggen dat je dan kinderen krijgt met veel haar. Nou, dat klopte wel: Lou had een hele bos.”

GELUKKIG NIEUWJAAR

“Op 1 januari, om 22.40 uur, braken mijn vliezen. Ik wist: dan heb ik medisch gezien 24 uur om thuis te bevallen. Ik was van plan om nog wat te gaan slapen, maar een kwartier later begon het feest al. Vrij snel had ik een weeënstorm, die ik ben gaan opvangen onder de douche. Ik had ook een bevalbad geregeld, dat hebben we tussen de weeën door staan opzetten. Toen mijn vriendin en collega Tara

‘Pas op het moment

suprême

zagen we dat we een jongetje hebben gekregen’

om 01.30 uur bij ons kwam, bleek ik 3 cm ontsluiting te hebben.”

VOLLEDIGE ONTSLUITING

“Een uur later vroeg ik haar het opnieuw te checken, want als het dan pas 4 cm zou zijn met deze weeënstorm, had ik het niet meer getrokken. Dan zou ik naar het ziekenhuis willen voor pijnstilling. Maar die intense pijn bleek niet voor niets: op dat moment had ik volledige ontsluiting. Daarop heb ik mijn andere vriendin en collega Nicky gebeld en fotograaf Mirjam. Om 02.45 waren ze er, om 3 uur ben ik begonnen met persen in het bad. Maar we merkten al snel dat de weeën afnamen. Uit bad gaan hielp te weinig. Om half 5 zijn we daarom alsnog naar het ziekenhuis gegaan voor weeënstimulatie. Ik had graag thuis willen bevallen, maar hier was ik ook helemaal oké mee.”

COLLEGA’S AAN JE BED

“Met mijn collega’s aan mijn bevalbed kwamen twee werelden samen. Het voelde meteen vertrouwd. Tara is een collega van mijn eigen praktijk, Nikki van een andere. We zijn naast het werk ook bevriend met elkaar. Bij mijn bevalling hadden ze ieder een eigen rol. Mijn man Ramon en Tara waren mijn rustpunten, ik wist met mijn ogen dicht precies waar ze rondhingen. Nicky was er voor een stukje empowerment. Ze zijn ieder op hun eigen manier heel waardevol geweest. Een droomteam was het. Deze ervaring heeft onze vriendschap ook naar een hoger niveau getild.”

GOED BEVALLEN

“Ik heb mijn bevalling als heel fijn, liefdevol en rustig ervaren. Vooral thuis was het knus, met iedereen die ik erbij wilde. In het ziekenhuis ben

ik maar kort geweest. Om 5 uur kreeg ik oxytocine en om half 6 ben ik weer gaan persen. Op een gegeven moment was ik uitgeput en heb ik om een vacuümverlossing gevraagd. Met twee tracties was Lou er, om 5.57 uur. Hij had op de valreep nog wel even in het vruchtwater gepoept, maar hij deed het gelukkig meteen goed. Bevallen is het mooiste en gaafste wat ik ooit heb gedaan.”

VERRASSING, EEN JONGETJE

“Pas op het moment suprême zagen we dat we een jongetje hebben kregen. We vonden het leuk om het niet eerder te weten, het maakte ons toch niet uit wat het werd. We hadden dus ook twee geboortekaartjes gemaakt en twee namen gekozen.”

SNEEUW ALS CONFETTI

“Aan het begin van de middag mochten we naar huis. Het was toen nog stralend blauw, maar in de avond begon het keihard te sneeuwen. Vanuit mijn kraambed keek ik de hele week uit op een winters landschap. Geweldig, dat vergeet je nooit meer. Ik ben normaal geen stilzitter, maar ik had mezelf voorgenomen om tien dagen niet uit bed te komen. Ik ben heel blij dat dat is gelukt. De eerste week heb ik daardoor heerlijk in een bubbel gezeten. De week erna was wat pittiger; ik merkte dat het ivf-traject eigenlijk toen pas begon te landen. Tot dat moment waren we maar doorgegaan, terwijl het toch best heftig is geweest allemaal.”

ALSOF HIJ ER ALTIJD IS GEWEEST

“Maar het is allemaal niet voor niets geweest, want Lou is bij ons. Hij is een hele tevreden, rustige baby die alleen huilt als hij honger of een vieze luier heeft. Het is alsof hij er altijd is geweest. We kunnen ons geen leven zonder hem meer voorstellen.”

CHARLOTTE W COLUMN

Charlotte Jansen (31) is journalist en docent in het mbo. Ze woont in Zwolle met haar vriend en heeft twee dochters.

We zitten aan tafel. Sofie (vijf maanden) kijkt eerst naar papa, dan naar zus Rosa (bijna vier), en dan naar mij. Ik wil lekker in Sofie’s wangetjes knijpen, maar ik doe niks, zodat Rosa haar bami eet zonder op te springen voor Sofie.

De laatste tijd lijkt het alsof ik constant keuzes maak waarbij Sofie tekort komt, alleen om een hyperactieve peuter rustig te houden. Dat is het leven met een tweede.

Vanaf dag één dat Sofie haar oogjes open deed, is Rosa niet bij haar weg te slaan. Ik zie nog hoe de deur van de ziekenhuiskamer openging, een paar uur na mijn bevalling. Rosa stond in de deuropening, papa naast haar. Ze keek me aan en vroeg blij maar resoluut: ‘Waar is Sofie?’ Nog voordat ik iets kon zeggen, had ze het bedje gespot en stormde ze er als een wervelwind op af. Sindsdien is Rosa niet meer bij Sofie weg te slaan.

En dat zet me aan het denken. Wie geef ik wanneer aandacht en is het een beetje eerlijk verdeeld? Het liefst loop ik de hele dag met Sofie op mijn arm, maar ik leg haar vaker in de box en speel met Rosa. Meerdere keren per dag vraag ik me af of ik het wel goed doe. Ik ben een control freak en deze gedachte loslaten is zó lastig.

Tot die zaterdagochtend. Rosa zit bij mij achterop de fiets, op weg naar de markt. Iets wat we voor Sofie echt elke week samen deden. Ik riep naar achteren: ‘Wat lekker dat we even samen zijn, hé?!’ Ze antwoordde: ‘Wat zeg je?’ Dat zegt ze altijd als ze iets niet begrijpt. Ik legde uit dat Sofie bij papa was. ‘Maar ik wil ook naar Sofie.’

Ik verslikte me bijna. Ik doe enorm mijn best om weg te gaan bij mijn pasgeboren baby, omdat ik denk dat mijn peuter het nodig heeft. Blijkt mijn peuter hier totaal niet van onder de indruk. Onze peuter denkt niet in mama-tijd. Wat een onverwachte, maar welkome les!

Die zaterdag erna stuurde ik Rosa met papa naar een indoor-speeltuin, zodat ik twee uur ongestoord met Sofie kon knuffelen. Zonder een hangende snottebel van onze peuter boven haar hoofd. Ik hoef het niet strak te verdelen, deze twee zussen kiezen vanzelf voor elkaar en daar kom ik helemaal niet tussen. Het is mooier dan ik ooit had durven dromen.

COLOFON

Hoofdredactie Mariska van der Kogel

Art direction & vormgeving Gabriëlle de Vries

Directeur/uitgever Marcel Bakker

Aan dit nummer werkten mee

Floor Bakhuys Roozeboom | Karin Broeren

Djanifa da Conceicao | Irene van Engen

Lisette Gerbrands | Francien Griffioen

Franke van Hoeven | Anouk De Kleermaecker

Djolien De Kreij | Laurentien van Oranje

Pure Life Geboortefotografie | Renate Tromp Roxanne Vis

Drukwerk

Senefelder Misset Doetinchem B.V.

Advertenties

Laura Beemsterboer | Nicôle Eggenhuizen contact@wij.nl

• ISSN: 2589-0964

• Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. Druk- en zetfouten voorbehouden.

Cadeaupakket WIJ

WIJ verschijnt 4x per jaar via controlled circulation aan zwangere vrouwen en moeders met een kind tot één jaar. Als je je hebt aangemeld voor de blije doos ontvang je tijdens je zwangerschap en totdat je kind één jaar oud is 4x per jaar het magazine WIJ. Heb je vragen? Stuur dan een e-mail naar consumentenservice@wij.nl.

Veranderingen in je woon- of gezinssituatie kun je wijzigen op Mijn.WIJ.nl.

Redactie

WIJ Special Media bv Lageweg 17a 1695 GL Blokker Graag ontvangen wij reacties op redactionele artikelen: redactie@wij.nl.

Het magazine WIJ is een uitgave van WIJ Special Media bv. Persoonsgegevens worden vastgelegd voor de toezending van het magazine WIJ. Je kunt je gegevens beheren op Mijn.WIJ.nl. Zie verder het privacystatement op WIJ.nl.

Op de cover

Christel met Isabella Fotografie

Anouk De Kleermaecker

KORTING %

De leukste all-in vakantie!

Beleef een fantastische tijd bij Preston Palace! Jouw verblijf is altijd all-inclusive met te gekke faciliteiten. Jullie wens staat centraal!

Onbeperkt genieten van onze all-inclusive service terwijl de kids plezier maken bij het vrolijke animatieteam. Test de attracties van Boardwalk indoor kermis, plons in Riviera subtropisch zwemparadijs of laat je verbazen door onze fantastische familieshows. Volop entertainment voor het hele gezin.

Kom samen onvergetelijke herinneringen maken!

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook