Issuu on Google+

stoomcursus breien Leren breien is makkelijker met een voorbeeld. Ken je iemand die al breit? Probeer die te strikken voor een stoomcursus. Wil je vast beginnen, volg dan deze instructies.

Tip:

wijsvingers Je wijsvingers zijn nog nooit zo handig geweest, gebruik ze om je steekjes vast en tegen te houden. Zo heb je nooit last van de zo bevreesde ‘gevallen steek’.

opzetten Pak het begin van het bolletje wol vast en maak een lus. Zo’n lus die je strakker en losser kan trekken weetjewel? Dat doe je zo: Je maakt een lus met de draad (leg maar op tafel, da’s handig) leg de bol wol links en de draad horizontaal, neem het uiteinde van de draad (maak het maar flink lang, een centimeter of 30 voor de zekerheid) en leg dat gekruist over de rest heen naar boven. Nu ligt er een soort ‘b’. Zorg dat de ‘stengel’ van de ‘b’ lang genoeg is om alle steken ermee te kunnen opzetten, in dit geval heb je aan ongeveer 30 cm meer dan genoeg. Nu pak je met je vingers onderlangs, door de opening van de lus heen, het stukje horizontale draad vast. Pak met je andere hand de twee uiteinden en trek aan. Het begin is gemaakt. Schuif de lus nu over een van je twee naalden en neem de naald in je rechterhand. De lange losse draad en de draad die naar de bol loopt hangen nu naar beneden. Doe je wijsvinger en duim van je linkerhand op elkaar en ga ermee tussen de twee draden. Blijf je vinger en duim op deze manier vasthouden en pak met de rest van je vingers (van de linkerhand) de hangende draden in je hand vast. Open nu je duim en wijsvinger (maar houd de draden nog steeds vast met je andere drie vingers) en beweeg de naald tussen de vingers door van je hand af iets naar beneden (1). Kantel je linkerhand zo dat je de binnenkant van je hand kunt zien (je houdt wel nog steeds de draden vast). Nu komt het moeilijke stukje, maar als je dit kunt, dan ben je een heel eind in de goede richting. Nu steek je de punt van de naald ónder de eerste draad (de dichtstbijzijnde) omhoog (2) en dan bovenlangs de derde draad haal je hem (3), tussen de eerste twee draden door (4), naar je toe. Nu de draad van de duim af laten glijden (5), aantrekken en opnieuw beginnen. Net zolang tot je genoeg steken hebt opgezet. 1

2

4

5

3


stoomcursus breien

Tip:

Uithalen Maak je een fout, dan moet je uithalen. Dat is niet erg, uithalen moet soms. Uithalen betekent dat je het de volgende keer nog beter doet! Breien is net fietsen. Als je het eenmaal kunt, verleer je het nooit meer.

Recht breien De rechte steek is de basis, het begin van het breien. Pak je naald met de net opgezette steken in je linkerhand en de andere naald in je rechter. Soms is het handig om de rechternaald onder je oksel te stoppen en de linkernaald los in de hand te houden (voor de vrije beweging). Nu gaan we beginnen: Insteken Omhalen Door laten piepen En af laten gaan Er zijn allerlei variaties van bekend, maar hier komt het zo’n beetje op neer. Houd de draad die van de bol komt in je rechterhand vast. Steek met je rechternaald links van de eerste steek door het midden. Onder de linkernaald door. Zorg dat je maar ÊÊn draadje aan de rechterkant van je rechternaald hebt zitten, je zit dus als het waren middenin de steek. Pak de draad die van de bol afkomt (6) en sla deze onder de rechternaald door (7) tussen de twee naalden naar rechts. Houd de draad met je rechterhand een beetje strak en trek hem met de rechternaald een beetje naar achteren en door de lus heen (8). Nu ligt de rechternaald gekruist en bovenop de linkernaald (9). Beweeg de rechternaald nu naar rechts (voorzichtig) (10) en laat de eerste steek nu van de linkernaald afglijden. Chapeau, je hebt je eerste steek gebreid! Je hebt nu een gebreide steek op je rechternaald staan en de rest van je steken staan nog op je linkernaald. Brei nu de volgende steek. Gewoon herhalen wat hierboven staat. Zo gat je alle steken af. Als alle steken gebreid zijn en op de rechternaald staan dan wissel je de naalden om, en begin je opnieuw. De naald met de gebreide steken houd je nu links. Dit houd je vol tot je breiwerk de gewenste lengte heeft bereikt. Je hebt nu een lapje vol ribbels als een strandje bij eb.

6

7

9

10

8


stoomcursus breien Averecht breien Averecht breien is je B diploma. Met de averechte steek gaat de wereld van het breien een stuk verder voor je open. Als je rechte en averechte steken kunt breien, dan heb je de basis onder de knie en kun je eindeloos gaan varieren.

Tip:

ontspan Probeer je te ontspannen en niet te strak te breien, los is makkelijker. En gebruik je wijsvingers om de steken tegen te houden, laat ze niet ontglippen.

Neem de basispositie in: naald zonder steken in de rechterhand, naald met steken in de linkerhand. Begin nu aan de rechterkant van de steek en niet aan de linkerkant zoals bij rechts breien. Houd de draad boven de twee naalden. Steek je rechternaald door de eerste steek naar boven (11). De rechternaald zit nu boven de linkernaald. Nu haal je de draad onderlangs de rechternaald en naar je toe (maar niet onder de linkernaald door!) (12). Trek de draad een beetje aan en houd hem met je rechterhand vast (13). Laat de steek naar het einde van de rechternaald glijden en duw met de naald de omgeslagen steek naar beneden (14). Laat nu de gebreide steek van de linkernaald afglijden (houd de rest vast!) (15) en begin aan de volgende steek. Het lijkt heel moeilijk in het begin, maar oefening baart kunst. Na een steekje of 100 doe je dit alsof je nooit anders gedaan hebt.

11

12

14

15

13

Afkanten Afkanten is nodig om je breiwerk af te maken. Het is eigenlijk heel leuk, je komt per steek een stukje dichterbij het einde. Brei de eerste twee steken in het soort steek waar je mee bezig was. Nu heb je twee steken op je rechternaald staan en de rest op je linkernaald. Steek nu met je linkernaald van links naar rechts door de eerstgebreide steek heen (da’s dus de meest rechtse steek) trek hem iets naar je toe zodat de lus wat groter wordt (16). Haal nu deze steek over (17)


stoomcursus breien de tweede en over de punt van de naald heen (18). Brei nu nog een steek erbij (19) en haal de eerste er weer overheen (20). Ga zo door totdat je alle steken hebt afgekant. Je houdt nu een steek op de naald over. Laat hem van de naald afglijden, maak de lus wat groter, knip de draad af (houd hem maar een beetje lang) en haal de draad door de lus heen. Aantrekken en... je breiwerk is klaar! 16

17

18

19

20

Tip:

Wees consequent Wees altijd consequent. Een consequent ‘verkeerd’ uitgevoerde steek is ook netjes, het wordt pas een rommeltje als je van alles door elkaar gaat doen.

Afwerken Wanneer je twee zijden van een breiwerk aan elkaar vast wilt maken zijn daar verschillende technieken voor, van simpel tot gevorderd en frivool. Laten we het voor nu bij simpel houden. Kijk allereerst goed naar de randen van je breiwerk. Deze bestaan uit steken en verbindingsdraadjes. Rijg een van de uiteinden door een maasnaald. Leg de verkeerde kanten van je breiwerk op elkaar en naai de draad elke keer door de dwarssteekjes heen. Trek de draad stevig aan. Als je alle delen aan elkaar hebt gezet, heb je een breiwerk over met losse draadjes. Deze losse draadjes rijg je aan de achterkant of binnenkant van je breiwerk door de lussen door. Wees ook hier consequent. Neem bijvoorbeeld steeds de bovenste boogjes van de ribbel. Doe dit een aantal steken lang en doe het dan nog een keer de andere kant op. Knip de draad kort af en je bent klaar! Misschien heb je nu nog knoopjes, kwastjes, pompoms of ander lekkers waarmee je je breiwerk gaat versieren, maar de basis is er!

Meer weten of breilessen volgen? sasknitsitagain@hotmail.com, www.sasknitsitagain.blogspot.com


Zeeman