Issuu on Google+

Waarom is er iets en niet niets?


Leszek Kolakowski

Waarom is er iets en niet niets? Kernvragen van de westerse filosofie in 30 filosofenportretten

K vertaald door Sabine Gilleman

Tweede druk

Klement | Pelckmans


Tweede druk 2010 Oorspronkelijke titel: O co nas pytaja wielcy filozofowie © by Leszek Kolakowski Oorpronkelijke uitgave verschenen bij Znak, Kraków, 2004, 2005, 2006 Engelse uitgave bij Allen Lane / Penguin Books, Londen 2007 Vertaald uit het Engels door Sabine Gilleman, naar de vertaling uit het Pools van Agnieszka Kolakowski © Nederlandse uitgave, 2009, Uitgeverij Klement, Kampen Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Omslagontwerp Rob Lucas isbn 978-90-8687-039-4 (Nederland) isbn 978-90-289-5297-3 (België) d/2009/0055/154


Inhoud

Inleiding: waartoe deze essays?

9

Waarheid en het Goede: waarom doen we kwaad?

Socrates

11

Het zijn en het niet-zijn: wat is werkelijk?

Parmenides van Elea

17

Verandering, conflict en harmonie: hoe werkt de kosmos?

Heraclitus van Ephese

24

Het Goede en het Rechtvaardige: waar ligt de bron van de waarheid?

Plato

29

Deugd en rationaliteit: wat is geluk?

Aristoteles

36

Het leven in overeenstemming met de Natuur: kan dit ons gelukkig maken?

Epictetus van HiĂŤrapolis

42

Kennis en geloof: kunnen we iets weten?

Sextus Empiricus

49

5


God en de mens: wat is het kwaad?

Augustinus

56

De noodzakelijkheid van Gods bestaan: kan God niet bestaan?

Anselmus van Canterbury

63

Mystiek en deugd: waarom niet zondigen?

Meister Eckhart

70

Kennis, geloof en de ziel: is de wereld goed?

Thomas van Aquino

77

Wat er is: bestaan ideeĂŤn?

Willem van Ockham

85

Het absolute en de wereld: heeft God zijn schepselen nodig?

Nicolaas van Cusa

93

God, de wereld en onze geest: hoe kunnen we zekerheid verwerven?

RenĂŠ Descartes

100

Gods natuur: hebben we een vrije wil?

Baruch Spinoza

107

God en de wereld: waarom is er iets in plaats van niets?

Gottfried Wilhelm Leibniz

114

Het geloof: waarom moeten we gelovig zijn?

Blaise Pascal

121

Rede, vrijheid en gelijkheid: wat schonk ons God?

John Locke

129 6


Angst en religie: wat is de beste staatsvorm?

Thomas Hobbes

137

Waarneming en oorzakelijkheid: wat kunnen we weten?

David Hume

144

Rede, noodzakelijkheid en moraal: hoe is kennis mogelijk?

Immanuel Kant

152

De geschiedenis en het Absolute: vooruitgang zonder goed en kwaad?

Georg Wilhelm Friedrich Hegel

159

De wereld, de wil en seks: moeten we zelfmoord plegen?

Arthur Schopenhauer

166

God en het geloof: hebben we de kerk nodig?

Søren Aabye Kierkegaard

172

De wil tot macht: bestaan goed en kwaad?

Friedrich Nietzsche

179

Bewustzijn en evolutie: wat is de menselijke geest?

Henri Bergson

187

De funderingen van de zekerheid: wat kunnen we kennen en op welke manier?

Edmund Husserl

195

De waarheid, het Zijn en het niets: wat is het menselijk bestaan?

Martin Heidegger

203

7


De existentie en de transcendentie: verrijkt het lijden ons?

Karl Jaspers

211

Het Ene en de schepping: is materie het kwaad?

Plotinus

219

Werk van Leszek Kolakowski in het Nederlands

226

Namenregister

227

Naschrift van Jacques De Visscher

231

8


Inleiding: Waartoe deze essays?

In mijn inleiding bij deze korte essays over grote filosofen, die voor de volgende generaties nieuwe denkpistes openden, moet ik met een caveat beginnen: het is niet mijn bedoeling een filosofiegeschiedenis in pilvorm aan te bieden. Dit kleine boek is niet bedoeld als een soort supercompact handboek, encyclopedie of woordenboek. Mocht een student een examen proberen af te leggen op basis van deze essays, dan was hij ontgoocheld: hij zou zakken. Er bestaan tal van goede handboeken, encyclopedieën en filosofische woordenboeken, en ik ben niet van plan Plato, Descartes of Husserl ‘samen te vatten’. Dat zou een absurde ambitie zijn. Ik wens die grote filosofen eerder te benaderen door me op één idee in het denken van elk te concentreren – een belangrijke idee, die fundamenteel is voor het werk van die filosoof, maar tegelijk ook een idee die we vandaag nog kunnen begrijpen. Een idee die in ons iets beroert, veeleer dan dat ze gewoonweg een stuk historische informatie verschaft. Ik zal elk essay trachten af te sluiten met vragen die aan de lezer zijn gericht: vragen die oprijzen uit het denken van die filosoof, vragen die nog steeds belangrijk zijn en nog geen duidelijk antwoord kregen. De volgorde van deze essays is chronologisch, op een of twee uitzonderingen na, maar dit heeft geen belang. Ik wil het over het denken van grote filosofen hebben, niet over hun leven, hun intellectuele voorgangers, hun invloed of hun plaats in de geschiedenis (tenzij die gegevens belangrijk zijn voor het begrijpen van

9


hun denken). Wat betreft de vraag wie we als een groot filosoof moeten beschouwen en hoe we daarover moeten oordelen – wel, diegenen die daarover willen redetwisten zullen dit blijven doen, maar ik geloof dat er voor het grootste deel een overeenstemming is bereikt. Ik hou het dus bij mijn keuze – het is wat het is, en ik ga hierover niet discussiëren.

10


Waarom is er iets en niet niets?