Page 1

Sofie in groep drie


Bij de productie van dit boek is gebruikgemaakt van papier dat het keurmerk Forest Stewardship Council (FSC) draagt. Bij dit papier is het zeker dat de productie niet tot bosvernietiging heeft geleid. Ook is het papier 100% chloor- en zwavelvrij gebleekt.

Illustraties omslag en binnenwerk Esther Leeuwrik Ontwerp omslag Geert de Koning Vormgeving binnenwerk Hans Boshuyer NUR 281 ISBN 978 90 239 9420 6 © 2013 Uitgeverij Mozaïek, Zoetermeer Mozaïek Junior is een imprint van Uitgeverij Mozaïek Meer informatie over dit boek en andere boeken van Mozaïek vindt u op www.uitgeverijmozaiek.nl Alle rechten voorbehouden


Annemarie ten Brinke & Willemijn de Weerd

Sofie in groep drie

Met tekeningen van Esther Leeuwrik

Moza誰ek Junior


Groep 3 6 Banjer 8 Zwemmen 10 Besmettelijk 12 Mees Mees 14 Rust 16 Een mug 18 Dierenbevrijder 20 Plakzoenen 22 Voorlezen 24 Pesten is stom 26 Juf Suus gaat weg 28 Duimen 30 Rare beestjes 32 In de pan (1) 34 In de pan (2) 36 Keelamandelen 38 Pepernoten 40 Sneeuw 42 Oud en Nieuw 44

Warme Truiendag 46 Een filmpje 48 Met de trein 50 Bidden helpt 52 Dubbelbelegdag 54 Vieze wc 56 Goedmaken 58 Kerk 60 Verliefd 62 Pepermunt 64 Ik mag eerst 66 Lente 68 Lenteontbijt 70 Parfum 72 Kleedjesmarkt 74 Onderduiken 76 Boodschappen 78 Kamperen 80 Kinderlokker 82 Schoolreis 84


Groep 3 ‘Mama, gaan we nu?’ Sofie staat al helemaal klaar. Haar jas en haar schoenen aan. Haar nieuwe tas in haar hand. Vandaag gaat ze eindelijk naar groep 3! ‘Je moet wel veel werken hoor,’ zegt mama als ze naar school lopen. ‘Je speelt niet meer zo veel buiten.’ ‘Maakt mij niets uit,’ zegt Sofie stoer. ‘Ik ben geen baby meer!’ Sofie geeft de juf een hand. ‘Ik ben Sofie.’ ‘Ik ben juf Suus,’ zegt de juf. ‘Welkom in groep 3!’ De juf wijst haar tafeltje aan. Een eigen tafeltje! Dat is leuk! In haar laatje ligt een potlood. Er liggen ook allemaal schriften. Met haar naam erop. ‘En dan zwaaien we nu de mama’s uit,’ zegt juf Suus. ‘Want we gaan aan het werk.’ Het is leuk om aan het werk te zijn. Ze leren al gelijk een nieuwe letter. De letter n. En ze mogen in hun eigen boekje werken. Overal de letter n opzoeken en er een kring omheen zetten. Makkie. Het is stil in de klas. Iedereen is bezig. Sofie heeft haar werkblad al af.

6


‘Juf, gaan we nu naar buiten?’ zegt Sofie. De juf lacht een beetje. ‘Nee, we gaan ook nog schrijven. We gaan pas naar buiten als de bel gaat.’ Ook nog schrijven. Sofie zucht ervan. Eindelijk gaat de bel. Sofie zit als eerste klaar. ‘Zullen we jongens-en-meidenpakkertje doen?’ roept Sofie als ze buiten zijn. Eerst worden de meisjes gepakt. Daarna gaan de meisjes de jongens pakken. Sofie rent het plein over. Lekker snel gaat ze. Maar waar zijn de jongens gebleven? Ze ziet hen nergens meer! Hé, waarom staat bijna iedereen in de rij? ‘Hoorde je het niet?’ vraagt de juf. ‘De bel is gegaan.’ ‘Nu al? Zo snel?’ zegt Sofie verbaasd. ‘Ja, zo kort is de pauze in groep 3.’ ‘Dan kunnen we net zo goed binnen blijven,’ moppert Sofie. ‘Hoe was het in groep 3?’ vraagt mama als ze thuis is. ‘Heel leuk! Maar mam, mag ik buiten spelen met Bram? Nu?’ Het mag. Gelukkig. Sofie drinkt snel haar beker leeg en rent naar buiten. Morgen gaat ze weer hard werken in groep 3. Maar nu gaat ze eerst heel, heel erg lang buiten spelen!

7


Banjer ‘Wat een groot konijn!’ roept Bram. Hij tilt Banjer uit zijn hok. Het konijn heeft een witte vacht en bruine plekken op zijn kop. En hij is superzacht. ‘Het is een Vlaamse reus,’ vertelt Sofie trots. ‘Die zijn altijd zo groot. Hij is net zo groot als een hondje.’ Bram gaat met Banjer op het gras zitten. ‘Kan hij dan ook hondenkunstjes?’ ‘Natuurlijk!’ zegt Sofie. Ze zet Banjer op het gras en houdt een stok voor zijn neus. ‘Zoek stok!’ roept Sofie. Daar gaat Banjer, hij begint te rennen. ‘Wauw, hij luistert!’ roept Bram. ‘Jouw konijn kan hondenkunstjes.’ Maar wat is dat? Banjer rent het stokje voorbij. Hij huppelt zomaar door de tuin. ‘Zoek stok!’ schreeuwen Bram en Sofie. Maar Banjer luistert niet. Hij knabbelt lekker aan een plantje. Nu is Sofie boos. Heel boos. Ze gaat Banjer voor straf in zijn hok zetten. ‘Vang hem,’ roept Sofie. Bram rent achter het konijn aan. Maar elke keer als hij Banjer wil pakken, huppelt het beest weer verder. ‘Wat een dom konijn,’ roept Bram. ‘Denkt hij soms dat we pakkertje spelen of zo?’

8


Sofie helpt nu ook mee. Ze rennen met z’n drieën door de tuin. Eindelijk, daar hebben ze hem te pakken. ‘Je bent geen braaf konijn, Banjer!’ zegt Sofie boos. ‘Hup, in je hok, jij.’ Sofie en Bram gaan er maar naast zitten. Wat zijn ze moe! ‘Waarom heb je eigenlijk geen hond gekozen?’ vraagt Bram. ‘Dat wilde ik ook heel graag,’ zucht Sofie. ‘Maar het mocht niet van papa.’ ‘Honden zijn leuker dan konijnen,’ zegt Bram. Sofie knikt. Veel leuker, denkt ze. De deur van de schutting gaat open. ‘Oma!’ roept Sofie. ‘Ik kom eens even naar je konijn kijken,’ zegt oma. ‘En ik heb ook een cadeautje voor hem.’ Oma bekijkt het konijn. En Sofie maakt het pakje open. ‘Een konijnenriem!’ roept ze blij. Oma laat zien hoe je de riem om moet doen. Daar gaan ze: Bram, Sofie en Banjer. ‘Handig hoor, zo’n riem,’ zegt Bram. ‘Nou kan hij tenminste niet meer wegrennen.’ Sofie knikt. Ze lopen de hele straat uit. En het is net... of ze een hondje uitlaten.

9


Zwemmen ‘Zullen we langs de sloot wandelen?’ vraagt Bram. Daar heeft Sofie wel zin in. Bram, Sofie en Banjer zijn met z’n drieën op stap. Kijk, daar heb je Mark. Zijn hond springt net de sloot in. Je ziet een hondenkopje en trappelende pootjes. Wat ziet dat er grappig uit. ‘Kan jouw hond zwemmen?’ vraagt Sofie. Mark knikt. ‘Alle honden kunnen zwemmen.’ Bram en Sofie lopen verder. ‘Zouden konijnen ook kunnen zwemmen?’ vraagt Bram. ‘Ik weet het niet,’ zegt Sofie. ‘Maar we kunnen het wel uitproberen, wij hebben een bad.’ Dat is een goed idee. Ze gaan direct naar het huis van Sofie. ‘Zet hem er maar in.’ Bram pakt Banjer en laat hem in het bad zakken. Zou hij gaan zwemmen? Banjer begint wel te spartelen. ‘Volgens mij kan hij het wel,’ zegt Bram, ‘maar er zit te weinig water in het bad.’ Hij zet de kraan weer aan. Daar gaat Banjer nog harder van spartelen. ‘Zie je,’ zegt Bram tevreden, ‘hij begint al bijna te zwemmen.’ Sofie kijkt naar Banjers kopje. Hij ziet er bang uit.

10


‘Hij zwemt helemaal niet,’ zegt ze tegen Bram. ‘Hij wil uit het bad klimmen omdat hij het helemaal niet fijn vindt.’ Ze pakt de kletsnatte Banjer en droogt hem af. Wat ziet hij er zielig uit. ‘We gaan met hem wandelen. Dat vindt hij leuker,’ zegt Sofie. ‘Goed,’ zegt Bram, ‘maar als we terug zijn gaan we weer oefenen. Leren zwemmen is heel belangrijk.’ Dat is waar. Dat zegt mama ook altijd. ‘We moeten hem elke dag zwemles geven,’ gaat Bram enthousiast verder. ‘Anders leert hij het nooit.’ Arme Banjer. Sofie heeft nu al medelijden met hem. Is het niet gemeen om een konijn elke dag te laten zwemmen? ‘Ha Bram, ha Sofie!’ roept Mark. ‘Zijn jullie dat beest nou alweer aan het uitlaten?’ Sofie knikt. Zou Mark meer weten over zwemmende konijnen? Eerst maar eens vragen of hij een konijn heeft. ‘Mark, heb jij thuis ook een konijn?’ ‘Nee,’ zegt hij. ‘Een hond, een poes en een cavia.’ ‘Kunnen die poes en cavia ook zwemmen?’ vraagt Sofie. Mark begint te lachen. Hij lacht heel erg hard. ‘Nee, natuurlijk niet,’ zegt hij dan. ‘Poezen en cavia’s kunnen niet zwemmen. Alleen honden. Of kan jouw konijn soms wel zwemmen?’ vraagt Mark lachend. Sofie tilt Banjer op. ‘Natuurlijk niet,’ zegt ze dan. ‘Konijnen kunnen niet zwemmen, dat weet toch iedereen.’

11

Sofie in groep drie  

Een inkijkexemplaar

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you