Page 85

Zou u een aantal voorbeelden kunnen geven van deze sociale en culturele verschillen? Martijn: Een voorbeeld is Zwitserland, waar op dit moment de rente op staatsleningen negatief is. Dit geldt niet alleen voor kortere looptijden, maar ook voor looptijden van een paar jaar. Toch is het minimale rendement op pensioenopbouw door de overheid vastgelegd op 1,5%, een rendement dat niet te garanderen valt. Waarom precies dit getal wordt gekozen is een weerspiegeling van de manier waarop de Zwitsers met pensioenen omgaan. Sociale, politieke en culturele omgevingsfactoren beïnvloeden de wijze van omgang met resultaten. Dat maakt ons vak zo leuk en uitdagend. Een ander voorbeeld is bijvoorbeeld het pensioenfonds van CERN in Genève (bekend van de deeltjesversneller), waar vijftien overheden aan meewerken. Die moeten allemaal pensioenen ontvangen en voor dit pensioen betalen, maar een deel zit in Frankrijk, een ander deel in Zwitserland. Om daarin een rechte lijn te trekken is extreem lastig, want iedereen hanteert zijn eigen omgangswijzen op basis van de regelgeving in de verschillende landen met betrekking tot pensioenen. Zou de toekomst van Europa dan één gestroomlijnde visie en regeling moeten zijn? Martijn: Zolang pensioenen nog een sociaal contract zijn, is dat niet eenvoudig. In dat geval moet je een Fransman uitleggen hoe een Engelsman naar zijn pensioen kijkt. Wanneer dit meer als een financieel contract wordt gezien, dan vergemakkelijkt dat de situatie al meteen.

Martijn: Het interessante aan deze collectieven is ook dat ze enorm aan het veranderen zijn. Een voorbeeld is dat het collectief van de metaalarbeiders enerzijds bestaat uit klein-metaal werkers en fietsenmakers, terwijl anderzijds een bedrijf als Siemens daar nu bijvoorbeeld ook in stapt. De meest fantastische collectieven komen vandaag de dag naar boven, zoals de collectieven bij een zorgverzekering die collectiviteitskorting krijgen, waarom zouden bij pensioenfondsen er ook geen nieuwe collectieven ontstaan? Daaruit blijkt dat er nog altijd een waarde zit in het behouden van collectieven; samen sta je uiteindelijk sterk. De format van de collectieven zal echter veranderen en daar komt creativiteit en een begrip van de cijfers bij kijken. Falco: Idealiter ondersteunen de vakbonden van vroeger middels hun kennis en ervaring het ontstaan van die nieuwe communities. De vakbonden zitten echter nog op een oud spoor en zijn daar nog niet mee bezig. Actuarissen moeten hier een rol in spelen. Hoe zien jullie de toekomst van het Europees continent vanuit actuarieel perspectief? Martijn: Dat is natuurlijk de grote vraag. Je kunt ontzettend veel invalshoeken kiezen bij de benadering van een dergelijk vraagstuk, maar laten we voorop stellen dat er een groot probleem is in Europa omdat veel pensioentoezeggingen nog niet zijn gefinancierd en dat daar weinig inzicht

85

IN TERVIEW

Falco: Daarnaast is er nog zeker een waarde die het sociale contract kan vertolken. Door een gedeelte van het pensioencontract gemeenschappelijk te houden worden risico’s gespreid en administratieve kosten laag gehouden. Wat we echter vandaag de dag inzien, is dat er een vermogensoverdracht plaats vindt tussen generaties en groepen. Solidariteit is goed zolang iedereen evenveel kans heeft en wanneer het niet al meteen vaststaat dat de een voor de ander gaat betalen. Er moet een goed onderscheid blijven tussen waardevolle collectiviteit en eerlijke solidariteit.

Profile for VSAE

Magazine definitief 25 2  

Magazine definitief 25 2  

Profile for vsae
Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded