Page 1

juli 2016 nr. 26-1

Expeditie Ribbelroute


Inhoud Van de redactie 2 Van de voorzitter 3 Uitnodiging 27e Algemene Ledenvergadering V.O.V.Z.

4

Column: Een hoestbui

5

Expeditie Ribbelroute

6-7

An Englishman in New York

8 - 10

Limburgse gastvrijheid

10 - 11

Ontmoetingsavond polikliniek oogheelkunde en opticiĂŤns

11 - 12

Oogcontact Bestuur V.O.V.Z. voorzitter mw. T. van der Linden OZR, Rotterdam vice-voorzitter mw. J. Jonker-Rekko OZR, Rotterdam secretaris mw. A. Frankfoorder Mostert VUmc, Amsterdam penningmeester mw. M. Odekerken Vroemen MUMC Maastricht bestuursleden dhr. W. Hoekstra Erasmus MC, Rotterdam secretariaat V.O.V.Z. Postbus 380 2130 AJ Hoofddorp info@vovz.nl www.vovz.nl

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

Redactieraad mw. T. van der Linden dhr. W. Hoekstra mw. M. Odekerken-Vroemen mw. J. Jonker-Rekko mw. A. Frankfoorder-Mostert Redactieadres info@vovz.nl

1


Van de redactie

Van de redactie Aandacht voor de komende 27ste Algemene ledenvergadering op 12 september 2016 te Utrecht. U wordt van harte uitgenodigd om hierbij aanwezig te zijn. Wij kijken uit naar uw komst! Serge P. Vandemaele vertelt over ‘Een hoestbui ‘tijdens een operatie. Expeditie Ribbelroute ‘kijken met andere ogen’. Een expeditie met een virtuele bril en een app, waarin een vijftal oogziekten worden gesimuleerd. Laat je ervaren hoe blinden en slechtzienden zich een weg banen door het drukke stadsverkeer. An Englishman in New York. Een goedziende TOA op de landelijke slechtziendendag. U leest een ervaringsverhaal. Limburgse gastvrijheid in het MECC te Maastricht. Tijdens de jaarververgadering van het NOG heeft de VOVZ voor geïnteresseerden een rondleiding in de ‘Toren’ georganiseerd. Heeft u dit gemist? Geen nood! U kunt de ‘Toren’-route nalezen en herbeleven. Vooraankondiging 28ste VOVZ-symposium in de Doelen te Rotterdam Een gevarieerd programma, mis het niet! Dank aan de adverteerders Oculenti en de wandelcoach.

2

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


Het eerste blad van dit jaar valt pas voor de zomer bij u in de bus. Zoals afgesproken vorig jaar zal ‘Oogcontact’ dit jaar maar twee keer uitkomen in plaats van drie keer de afgelopen jaren. In het vorige blad heb ik een dringende oproep gedaan aan de leden om een bijdrage te leveren aan de vereniging. Gelukkig hebben er drie leden gereageerd. Zij willen meekijken als aspirant bestuurslid met de taken die er liggen en zullen later besluiten of ze toe willen treden tot het bestuur en welke taken ze gaan vervullen. Ondertussen zijn er al veranderingen in het bestuur. Willem Hoekstra werkt voor langere tijd in het buitenland en kan op dit moment geen taken vervullen in het bestuur. Hij zal dan ook aftreden in september. Verder was al eerder bekend dat Marion Odekerken en ikzelf af zullen treden bij de komende ledenvergadering. Er blijven dan nog twee bestuursleden over. Annelies Frankfoorder en JosĂŠ Jonker. Inmiddels hebben Esmeralde Scherpenisse, Wendy Weber en Anke van Gimst een bestuursvergadering bijgewoond. Zij vinden het alle drie nog te vroeg om nu al een besluit te nemen zich verkiesbaar te stellen voor het bestuur in september. Zij willen nog aspirant-bestuurslid blijven en later beslissen of ze zich verkiesbaar stellen voor een bestuursfunctie. Daarom zijn Marion Odekerken en ik bereid om nog een half jaar door te gaan als bestuurslid. Het bestuur zal in januari 2017 een extra ledenvergadering beleggen, waarin de aspirant-bestuursleden die besluiten toe te treden tot het bestuur, gekozen kunnen worden en Marion en ik kunnen aftreden. U hoort daar later meer over. Het beleidsdocument voor de komende jaren is inmiddels klaar en zal na de vakantie op de website van de vereniging worden gezet. In het blad vindt u een uitnodiging voor de ledenvergadering. We willen graag met u van gedachten wisselen over wat u belangrijk vindt in de vereniging.

Van de voorzitter

Van de voorzitter ...

De voorbereidingen voor het symposium van 11 november zijn in volle gang. We hebben ervoor gekozen om het symposium weer op vrijdag te organiseren. Dit jaar nog een keer in Rotterdam. Ik hoop velen van u te zien op de ledenvergadering en tijdens het symposium. Ik wens u allen een heel fijne zomer. Met vriendelijke groet: Tinie van der Linden, voorzitter V.O.V.Z.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

3


Uitnodiging voor de 27e Algemene Ledenvergadering V.O.V.Z. op 12 september 2016 Geacht lid van de V.O.V.Z., Hierbij nodigt het bestuur van de V.O.V.Z. u van harte uit om deel te nemen aan de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering (ALV). De notulen van de vorige ALV, het jaarverslag van de voorzitter en het financiële jaarverslag van de penningmeester zullen tijdens de vergadering worden uitgedeeld. Tijd Locatie Voorzitter

13.30 - 15.00 uur ECR de Keizershof, Van Vollenhovenlaan 451, Utrecht mw. T. van der Linden

Agenda 1. Opening 13.30 uur 2. Definitieve vaststelling van de agenda 3. Notulen Algemene Ledenvergadering 14 september 2015 4. Mededelingen 5. Algemeen jaarverslag Financieel jaarverslag met controle kascommissie 6. Begroting 2017 7. Toekomstplannen V.O.V.Z. 8. Bestuurlijke ontwikkelingen 9. Rondvraag 10. Sluiting van de vergadering Met vriendelijke groeten, het bestuur van de V.O.V.Z.

Graag zouden wij willen weten of u naar de vergadering komt. Aanmeldingen graag vóór 1 september sturen naar: info@VOVZ.nl

4

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


Column Een hoestbui door Serge P. Vandemaele De meeste mensen zijn aardig. Om niet te zeggen heel aardig. Of zo althans heb ik ze steeds ervaren toen ik nog spreekuren deed. Voor collega’s geldt overigens hetzelfde. Ik denk dat ik letterlijk met honderden artsen te maken moet hebben gehad in de loop der jaren. En meestal waren het prima mensen. Behulpzaam, en plezierig in de omgang. Toegegeven: er heeft weleens een praatjesmaker tussengezeten. Ook wel eens een blaaskaak. En soms was er sprake van een bepaalde preoccupatie met geld. Geeft op zich niks. Iedereen weet inmiddels hoe de wereld werkt. Zelfs middelbare scholieren snappen al dat je levenslang arm blijft na een studie Kunstgeschiedenis of Archeologie. Of dat is in ieder geval gebruikelijk, dus daar moet je dan ook op rekenen. Ik weet wel dat er uitzonderingen bestaan : iedere vooropleiding is in principe goed genoeg voor de politiek, of de journalistiek, of desnoods voor de Buitenlandse Dienst. En daar kun je eventueel rijk mee worden. Maar gebruikelijk is dat dus niet. Jonge kunsthistorici komen meestal niet goed terecht, als ze al ergens terechtkomen. Dus in het eindexamenjaar kiezen de meeste kinderen eieren voor hun geld en ze geven zich op voor een vervolgopleiding, waarmee je zo nodig de kost kunt verdienen. En nodig is het praktisch altijd. Wie ernaar verlangt om later in een vrijstaand huis te wonen of om ook nog ergens een tweede huis te hebben, bijvoorbeeld in Italië of om rond te rijden in een donkerblauwe Volvo V70, al dan niet met leren stoelen, en ieder jaar meerdere buitenlandse vakanties en dergelijke, die komt dus al gauw uit bij één van de studies Fiscaal Recht, of Accountancy, of Bedrijfseconomie, of Orthodontie. Of inderdaad Geneeskunde in het algemeen. Geld hebben we allemaal nodig, maar niet iedereen heeft er van nature evenveel belangstelling voor. Verder geeft het niks. Dus ook jonge mensen staan hier al bij stil, bij het bepalen van hun studiekeuze. Maar laten we vooral niet afdwalen. Want we hadden het eigenlijk over mijn collega, of liever gezegd één van mijn voormalige collega’s, die nu helaas ergens anders werkt. En die inderdaad erg aardig is en trouwens absoluut niet geïnteresseerd in geld. Maar wel met een brandende ambitie om uitsluitend heel goed werk af te leveren. Of ik wilde het in ieder geval over haar hebben, maar daar was ik nog niet helemaal aan toe gekomen. Het betreft dus een vrouwelijke collega, jong, of destijds tenminste wel, en ook mooi om te zien. Vreemd genoeg kan dit een handicap zijn, want sommige bejaarden op het spreekuur nemen je dan niet serieus. Ze denken dat je alleen maar het hulpje bent van de echte dokter en op een gegeven moment gaan ze zelfs vragen wanneer die nou eindelijk eens komt. Hoe dan ook, deze collega moest een keer een oude mevrouw opereren aan staar. Het was een heel gewone mevrouw, ongeveer 75 jaar oud, een beetje mager, bloeddruk wat hoog, wel eens een TIA gehad, ook een paar andere kleinigheden, ze rookte sigaretten, maar verder eigenlijk niks bijzonders. Wat de ogen betreft alleen staar en een paar kleine dingetjes die er gewoon bijhoren op deze leeftijd, maar verder dus niks bijzonders. Geen uitgesproken dichte staar of zo, de pupillen werden prachtig wijd, de cornea’s waren prima helder, voorste oogkamers ruim voldoende diep, kortom, geen verdere bijzonderheden. U voelt hem echter al aankomen, want tijdens de operatie gebeurde er natuurlijk wel wat bijzonders. Er gebeurde zelfs iets heel bijzonders, iets wat we gelukkig niet zo vaak meemaken. De mevrouw had namelijk aan het einde van de

opmerkelijk onopvallende, vlot verlopende ingreep een geweldige hoestbui gekregen, een hoestbui die in totaal wel enkele minuten duurde. En tijdens een operatie lijkt zoiets natuurlijk erg lang. Of het roken hiermee te maken heeft weten we uiteraard niet. Het kan zijn van wel, maar het kan even goed zijn van niet. Het is uitdrukkelijk ook niet mijn bedoeling om hier iemand voor het hoofd te stoten. Bovendien, sommige van mijn beste vrienden zijn rokers, dus dat zegt – dunkt me – wel genoeg. In ieder geval, toen mijn collega na verloop van een schijnbaar lange tijd opnieuw door de microscoop kon kijken moest zij uiteraard eerst centreren en scherp stellen, maar daarna zag zij een aantal dingen waar zij niet zo blij van werd. Er was namelijk een bloeding opgetreden in het inwendige van het oog, sommige anatomische structuren waren enigszins van hun plaats geraakt en er was eigenlijk nog wel het één en ander aan de hand, maar we gaan er maar niet al te diep op in. Mijn uitmuntende collega – die bij ons bekend stond als een voortreffelijk operateur – besteedde veel tijd en moeite aan het zo goed mogelijk fatsoeneren van de diverse onvolkomenheden. Dit is in het algemeen ook waar het om gaat bij operaties: iedereen kan een makkelijke standaardingreep uitvoeren. Maar de kunst is om er het best mogelijke resultaat uit te slepen, wanneer de omstandigheden echt tegen zitten. Je leert je vrienden ook het best kennen wanneer het slecht met je gaat. Hoe dan ook, zij maakte er nog wat van, gegeven de mogelijkheden van dat moment. Of dat is althans mijn stellige indruk. Maar het mooie is: de mevrouw was achteraf verre van tevreden. Het werd zelfs zo erg dat zij niet meer op het spreekuur wilde komen bij mijn collega. Er waren extra controles nodig, vanwege wat problemen met de druk en met het hoornvlies, en ook wel met het netvlies. Het zal – denk ik – niemand verbazen. In ieder geval, na een tijdje kreeg ik het verzoek of ik misschien de verdere behandeling wilde doen. Want ik was uiteraard een man en oud bovendien, dus dat is altijd beter. Ik vond het natuurlijk goed, al verheugde ik me er niet op en het geheel bleek ook precies even afschuwelijk te zijn als ik meteen al had verwacht. Het slot van het liedje was namelijk dat ik nog tegen de tien jaar aan haar vast heb gezeten. Elke paar maanden kwam zij langs om nog eens haar beklag te doen over de gang van zaken. Tevreden werd ze nooit. Iedere keer kwam haar schoondochter mee; een verhaal apart. En telkens die jeremiades dat het zo’n schandaal is dat vrouwen ook mogen opereren tegenwoordig. Nee, dan was het vroeger beter. Zij had overigens wel reden om niet zo heel happy te zijn: de kunstlens zat wat scheef en afgezakt, en ook iets gekanteld. Eigenlijk zat hij gewoon niet helemaal in het midden. Zoiets heeft natuurlijk optische gevolgen. We zijn gewend aan betere resultaten. Maar anderzijds had het heel wat erger gekund. En dat het uiteindelijk nog redelijk goed afliep heeft zij zonder meer te danken aan de alertheid en de kunde van mijn collega, die zo veel moeite voor haar deed. Ondank is uiteraard ’s werelds loon. De mevrouw heeft – bij mijn weten – nooit kunnen inzien dat alle problemen aan haar eigen hoestbui te wijten zijn geweest. En waarschijnlijk ook aan dat stomme roken. Op een gegeven moment ben ik gestopt met haar hierop te wijzen. Allemaal boter aan de galg. Ik heb wel eens gedacht: als mensen niet op eigen kracht kunnen begrijpen hoe het werkelijk zit en het lukt zelfs niet eens om het ze uit te leggen, wat schieten we dan op met die hele emancipatie? Dat zal misschien een onmaatschappelijke gedachte zijn. Maar gelukkig zijn de meeste mensen dus aardig en enigszins verstandig zijn ze vaak ook nog wel.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

5


Expeditie Ribbelroute Kijken met andere ogen

Op 15 oktober 2015 is in het MuZIEum in de Stadsschouwburg te Nijmegen de ‘Expeditie Ribbelroute’ geopend. De titel is ontleend aan het boek van Annemiek van Munster over de ervaringen van slechtzienden. De directeur, Heleen Vermeulen, vermeldt in haar openingswoord dat naast de Donkerbeleving, die begeleid wordt door blinden en slechtzienden, er nu ook een specifiekere taak weggelegd is voor de slechtziende mensen van het MuZIEum.

De opening wordt verricht door Hubert Bruls, de burgemeester van Nijmegen, in het bijzijn van staatssecretaris Jetta Klijnsma, door met de 3D-bril op, op standje MD (Macula Degeneratie), eerst een toast uit te brengen en daarna via de aangelegde ribbelroute op zoek te gaan naar het lint dat doorgeknipt moet worden. Het lukt wonderwel, waarna de aanwezigen de eerste ervaring op kunnen doen met de bril en de verschillende oogziektes.

De expeditie houdt in dat je met een Virtual Reality-bril op, waarin via een App een vijftal oogziekten gesimuleerd worden, buiten in de stad kunt ervaren hoe blinden en slechtzienden zich een weg moeten zien te banen door het drukke stadsverkeer.

Mijn vrouw en ik geven ons natuurlijk direct op om de expeditie mee te maken, maar we moeten tot 27 november wachten wegens de grote belangstelling en het slechte weer op onze eerste afspraak. We worden welkom geheten door Hetty, die als ziende onze groep van zes personen zal leiden met een rood hesje aan. Wij krijgen groene hesjes aan, waardoor we extra zullen opvallen en herkenbaar zijn voor de gidsen. In de hal van de schouwburg krijgen we de bril op en stellen we hem in op ‘blind’. Ook het witte stokje, de taststok, ontbreekt niet. Met de hand op de schouder van de voorganger schuifelen we naar buiten waar Henri, onze slechtziende gids, zich bij ons voegt en ons instrueert. Ik heb me nog nooit zo onzeker gevoeld. Maar met de stok is de ribbelroute redelijk te volgen. Maar de groep kruipt vooruit. Al vrij snel moeten we de busbaan en de weg oversteken.

... De opening wordt verricht door Hubert Bruls, de burgemeester van Nijmegen, in het bijzijn van staatssecretaris Jetta Klijnsma ...

6

Na een tiental minuten, schat ik, schakelen we over naar een andere oogziekte en komt er zowaar enig zicht. De ziekten in de bril zijn blind, retinitis pigmentosa, kokervisie, macula degeneratie en staar en die worden achtereenvolgens alle doorlopen in een steeds hoger tempo. Je raakt eraan gewend in de anderhalf uur dat de expeditie duurt dat je leert kijken met andere ogen.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


Onderweg krijgen we goede informatie over hoe een slechtziende zich redt in de stad bij het winkelen in de supermarkt, het kopen van kleding enz. Heel erg leerzaam. Zelf ben ik Nijmegenaar en ik heb steeds geprobeerd te achterhalen waar we ons precies bevonden in de stad. Eerlijk, dat valt niet mee, ook al rook je allerlei geurtjes. En wat ik me echt afvraag is hoe je de volgende ribbelroute kunt vinden als de route die je volgt ermee ophoudt. En hoe gaat dat in een vreemde stad? Ik was blij dat in het Kronenburgerpark de bril af mocht en we met ons normale zicht weer naar de schouwburg konden lopen. Een geweldige, maar toch ook angstige ervaring rijker. Alle lof voor Hetty en Henri dat ze ons veilig door de stad hebben geloodst.

Toch nog even wat opmerkingen. De VR-bril is vrij zwaar op de neus en zit niet echt prettig omdat het softwaregedeelte is opgeslagen in een smartphone die in de bril wordt gelegd. Voor mensen met een bril kan het lastig zijn om de tekst in de bril te lezen, aangezien je eigen bril achterblijft in de schouwburg. Dit geringe probleem is opgelost door de verschillende oogafwijkingen elk een andere kleur te geven in het instellingsmenu. Wil je zelf deze ervaring eens meemaken? Kijk dan op de site www.muzieum.nl

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

Auteur: Chris de Boer

7


An Englishman in New York (Een goedziende TOA op de landelijke slechtziendendag) Het is 8.00 uur: de dag is begonnen. Vandaag ga ik naar Zienderogen Innovatief, hét evenement over zien en minder goed zien. Wat zal ik aantrekken? Heb ik al mijn spullen? Is de OV-chipkaart voldoende opgeladen? Ik denk aan een artikel dat ik recent in de Happinez las. De titel luidde: “Wat ... over de levens die je niet leidt”. Het gaat over de droomlevens, fantasielevens of echte levens die je had geleid als je leven nét even anders was gelopen. Wat als? Wat als ík slechtziend zou zijn? Zou ik dan de energie en moed hebben om naar deze dag te gaan? Deze reis te ondernemen? Geconfronteerd te worden met andere slechtzienden? Hoe zouden mijn zelfde vragen dan uitpakken? Wat zal ik aantrekken? Hoe weet je eigenlijk wat bij elkaar past als je het zelf minder goed ziet? Ik weet dat er clips zijn om sokken als paartje in de was te doen, maar verder ... . Heb ik al mijn spullen? Zou ik mijn spullen die nu her-en-der in huis liggen, kunnen vinden als ik een gezichtsveldbeperking had? Is de OV-chipkaart voldoende opgeladen? Had ik het schermpje van het laadapparaat kunnen aflezen met een visus van 0.1? Heel simpele vragen die nu tot nadenken stemmen. Maar goed, ik ga naar Zienderogen. Ik ben er al eens eerder geweest en vond het een verrijkende ervaring. Ik besef dat ik de keus heb hoe ik naar Utrecht reis: met de auto of openbaar vervoer. Als slechtziende heb je die keus niet. Openbaar vervoer of een auto met chauffeur regelen. Uit de voorgaande alinea blijkt dat ik voor het openbaar vervoer heb gekozen. Ik ga niet vaak met het OV en kom door gebrek aan ervaring dan ook kleine uitdagingen tegen. Op het vertrekstation zijn ze aan het verbouwen, er is één en ander afgezet met rood-wit lint, er staan steigers en bouwplaten en niet alle incheckpoortjes werken. Pasje ervoor: geen toegang. “????”

8

Van de vijf poortjes zijn er vier buiten werking, maar dat moet je wél net even (kunnen) lezen. Op zich is het station voorzien van geleidelijnen en markeringen, maar door de verbouwing is dat niet meer volledig. Dat moet lastig zijn, als je daar op aangewezen bent. Tijdens het wachten op de trein zie ik een jonge vrouw vlot met taststok de trap afkomen die zij ingeklapt meeneemt als ze zelfverzekerd de trein instapt. “Zou ze ook naar Zienderogen gaan?” Door de lichte mist en laagstaande zon ziet het landschap er winters uit. Ik geniet van het uitzicht tot ik moet overstappen op een andere trein. De jonge vrouw met de taststok ben ik kwijt. “Zou je elkaar snel kwijtraken tussen de omringende mensen?” vraag ik me af. Misschien maar bewust een knalrood jack aantrekken als je met een slechtziende samen op stap gaat. Wat zal ik straks doen op Utrecht Centraal? De tramhalte zoeken of een kwartiertje lopen naar het congrescentrum? Ik besluit te lopen. Heerlijk in de buitenlucht. Ik gebruik Google Maps niet vaak op mijn mobiel, dus dat wordt weer een kleine uitdaging. Alvast maar intypen.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


Ook op Utrecht Centraal zijn ze flink aan het verbouwen, maar zo te zien hebben ze hun best gedaan om de geleidelijnen te behouden. Maar welke kant moet ik op? En, oh ja, ook nog uitchecken. Ik kijk om me heen, zie een groepje mensen en volg stiekem de witte stokken. De organisatie van Zienderogen is uitstekend. Hulpverleners van het Rode Kruis zijn al op het station aanwezig om de deelnemers op te vangen en de weg te wijzen. Ze zijn goed herkenbaar aan hun felgele hesjes. Maar de bouwvakkers en extra OV-medewerkers vanwege de verplaatste bushaltes dragen die ook ... . Ik kan me voorstellen dat je zomaar de verkeerde aanspreekt. Hoewel, die zullen vast ook wel zo vriendelijk zijn om je op weg te helpen. Mijn mobiele telefoon houdt het voor gezien en valt spontaan uit. Gelukkig krijg ik ‘m snel weer aan de praat, maar ik moet mijn bestemming wel opnieuw intypen. Ik draai wat onwennig met de mobiel in het rond, beland midden op een kruispunt waar de stoep ineens ophoudt en heb maar een half idee waar ik heen moet. En geen slechtzienden in de buurt die mij de weg kunnen wijzen ... . Ondertussen zie ik weinig van mijn omgeving, zo gefixeerd ben ik op mijn scherm. Ik zou nog ergens tegenaanlopen. Bovendien vind ik dat het er suf uitziet, zo met mijn mobiel voor mijn buik. Toch herken ik nu wat gebouwen van de vorige keer en zie ik bovendien de twee keurige oudere heren die ik eerder op het station zag (met stok en hond). Zij hebben het schijnbaar beter gedaan dan ik, want ze lopen op een logische plek. Daar is ook de tram. Gelukkig, ik kan weer aansluiten bij een rij kwispelende geleidehonden en kom netjes aan in het congrescentrum. Schijnbaar zie ik er toch zelfverzekerd uit, want ik ben nauwelijks binnen of iemand ziet mij voor personeel aan en vraagt waar het toilet is. Dat weet ik ook niet, maar loop behulpzaam even mee en wens de man dan een fijne dag. Op naar een kopje thee. “Welke thee wilt u?” “Gewone thee graag”. Blijkbaar klonk dit als “Groene thee graag”, want dat is het zakje dat

ik krijg. Dat zou een onaangename verrassing zijn geweest (sorry als je van groene thee houdt). Gelukkig zag ik het op tijd. Om 11.00 begint het plenaire deel en, zoals zovelen onder ons, ga ik nog even het toilet opzoeken. Maar hoe zou je weten welke vrij is als je slechtziend bent? Het ziet er echter allemaal moeiteloos uit. Dan snap ik het: het is druk – alles is bezet – je wacht gewoon op de deur die open gaat! Ik laveer soepel tussen de stoelen, stokken en honden door en besluit bescheiden achterin de zaal te gaan zitten. Jan Plak, voorzitter van het organisatiecomité Zienderogen, verwelkomt iedereen. Het thema van deze dag is ‘Innovatie’. En als er ergens de laatste 50-60 jaar veel innovatie is geweest, is het in de ruimtevaart. En daarover komt niemand minder dan André Kuipers een lezing geven. Nu ben ik toevallig naar de theatertour van André Kuipers geweest, maar ik zit toch weer geboeid te kijken en luisteren. Wat kan die man vertellen! In één ademloze tocht van anderhalf uur neemt hij ons mee op reis. Er staan twee schermen voorin de zaal en ook twee schermen halverwege, zodat de dia’s hopelijk voor zoveel mogelijk mensen te zien zijn. Ik zie mensen met kijkertjes, met loepbrillen en gekleurde glazen. Maar voor het merendeel zijn het gewoon mensen zoals jij en ik. Wie zou slechtziend zijn en wie niet? Eens te meer besef ik dat het zo’n onzichtbare handicap is. Ik zie ook de meneer die mij naar het toilet vroeg, maar zou hij mij herkennen? De honden kijken alleen even op als er gelachen of geapplaudisseerd wordt. Er hangt een goede sfeer en ik krijg de indruk dat het verhaal zeer gewaardeerd wordt. Bij de lunch sluit ik aan bij twee dames (waarschijnlijk moeder en dochter) en we raken wat aan de praat over de lezing en deze dag. Zij weten niet of mijn gezichtsvermogen goed is en ik weet dat niet van hen. Maar maakt dat eigenlijk uit? We hebben belangstelling voor elkaar en er ontstaat een gezellig gesprek.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

9


Zo ook later op de middag bij de workshops. Ik hoor en zie mensen om mij heen die geïnteresseerd zijn in de onderwerpen van de workshops, op zoek zijn naar informatie, maar ook informatie delen of gewoon lekker kletsen over algemene dingen. Er is veel humor en er wordt gelachen. En ik moet toch ook even lachen als we bij de workshop mobiliteit zelf met een scootmobiel mogen rijden om dit eens te ervaren. Een dame aan de overkant van het lokaal roept gelijk uit: “Ik doe niet mee hoor, want ik ben kippig!” Maar ze heeft het wel gedaan en best verdienstelijk ook. Oké, er moet een klein stukje muur opnieuw gestuct worden, maar de gang was niet zo breed ... . De man met een bijzondere vorm van Retinitis Pigmentosa, waarmee ik samen oefen, vertelt mij hoe hij zich dagelijks door het verkeer begeeft en laatst bijna op de motorkap van een auto was beland. Niet door zijn schuld, maar door een foute inschatting van de automobilist, die ook nog uitriep “Ik had u niet gezien!”. “Daar heb ik nog veel meer last

van” had hij, zwaaiend met zijn witte stok, gezegd. ”Maken dit soort ervaringen het niet moeilijk om weer naar buiten te gaan?” vroeg ik hem, maar daar had hij geen moeite mee. Je moet wel een flinke dosis incasserings- en doorzettingsvermogen hebben, denk ik zo. Na de tweede workshopronde is het 16.15 uur. De foyer zit vol met mensen die nog gezellig borrelen en zich dan opmaken voor de terugreis. Zo ook ik. Dat gaat trouwens een stuk makkelijker dan de heenweg. Eigenlijk is het heel simpel naar het station ... . Ik ben weer terug in mijn eigen stad. Vanuit mijn ooghoek zie ik een jongen met een stok. ”Taststok?” denk ik in een flits, maar dan zie ik dat het gewoon een bamboestok is waar hij mee speelt. De dag heeft zeker flinke indruk gemaakt. Thuisgekomen geeft ik onze hond een dikke knuffel en denk: “zal ik haar ook eens handige dingen leren ... ?”

Auteur: Wendy Nieuweboer

Limburgse gastvrijheid Limburg staat bekend om zijn gastvrijheid. Deze gastvrijheid hebben wij ook ervaren tijdens ons bezoek op donderdag 7 april 2016 aan de ‘Toren’ van het MECC te Maastricht. Tijdens de jaarvergadering van het Nederlands Oogheelkundig Gezelschap (NOG) in het MECC te Maastricht werd door de VOVZ voor de geïnteresseerde paramedici een rondleiding gegeven door het gebouw van de universiteitskliniek voor oogheelkunde. De geïnteresseerden werden onderverdeeld in twee groepen. Iedere bezoeker volgde een tour en werd begeleid door één van de medewerkers van het MECC. Op deze manier kon je een kijkje nemen in de keuken van het MECC. Na de rondleiding werden ervaringen met elkaar gedeeld en besproken. Dit leverde

10

inspiratie op wat resulteerde tot nieuwe inzichten die de kwaliteit van zorg verbeteren. De afdeling oogheelkunde is gevestigd in een toren die bestaat uit zeven verschillende niveaus. De rondleiding zag er als volgt uit: Niveau 1 Hier kunnen de patiënten via de meldzuil zich aanmelden voor hun afspraak bij de polikliniek voor oogheelkunde. Na aanmelding aan deze zuil ontvangt de patiënt een loopbrief van de poli. Op ditzelfde niveau vinden alle functieonderzoeken zoals de oct, pentacam, endotheelcelmeting, aslengtemeting, gezichtsvelden onderzoek, FAG etc. plaats. Deze functieonderzoeken worden uitgevoerd door de optometristen, TOA’s en ANIOS. Ook zijn hier twee behandelkamers waar de

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


doktersassistenten de patiënten voorbereiden voor de spreekuren van de oogartsen. (bijvoorbeeld AR/bril/druk meting, wijd druppelen, hechting verwijderen). Omdat alle vooronderzoeken op een niveau plaatsvinden, komt de patiënt volledig voorbereid op het spreekuur van de oogarts. Niveau 0 en 2 Hier vinden de spreekuren plaats van de artsassistenten en stafartsen. Niveau 3 Hier bevinden zich het planningsbureau en het dagcentrum. Bij het planningsbureau ontvangen de patiënten rechtstreeks afkomstig van de spreekuren hun datum en postoperatieve controles van hun operatie. Op het dagcentrum worden de patiënten opgenomen en voorbereid die die dag een ingreep ondergaan. Niveau 4 Het gebouw heeft een OK-complex (vier OK’s) en hier vanuit worden de patiënten van het dagcentrum in de OK-stoel naar de OK

gebracht. De operaties cataract, glaucoom, cornea, retina, macula, oogleden etc. kunnen onder lokale verdoving plaatsvinden in dit complex. Niveau 5 Hier hebben de co-assistenten hun eigen skills-lab en de technische ruimten van het OK-complex. Niveau 6 Hier bevinden zich de kantoorruimten. Tijdens de evaluatie waren de bezoekers het erover eens dat de rondleiding leerzaam en voor herhaling vatbaar is. Onze dank gaat uit naar alle betrokken medewerkers van het MECC die hebben bijgedragen tot het doen slagen van de rondleiding. Nieuwe ideeën, aanvullingen of feedback zijn van harte welkom. Deze kun je uiten via ons mailadres info@vovz.nl

Auteur: Marion Odekerken-Vroemen

Ontmoetingsavond polikliniek oogheelkunde en opticiëns De oogheelkundige zorg zal de komende jaren alleen maar toenemen en een goede samenwerking tussen de verschillende beroepsgroepen binnen die zorg is belangrijk. In dat kader organiseerde het LangeLand Ziekenhuis in juni 2016 voor de vierde keer een ontmoetingsavond voor professionals. Deze was bedoeld voor opticiëns en optometristen in de regio. De inloop was tussen 18.00 en18.30 uur in aansluiting op de openingstijden van de winkels. Iedereen werd verwelkomd en na een lichte maaltijd begon de avond.

In het inleidende praatje vertelde de oogarts een stukje over de geschiedenis van het LangeLand Ziekenhuis, de huidige stand van zaken en de toekomstplannen van de vakgroep oogheelkunde. En bij die toekomstplannen hoort uiteraard ook een goede samenwerking met andere professionals in de oogzorg. Daarna werd het woord overgenomen door één van de andere werkzame oogartsen. Zijn Powerpoint-presentatie ging over ‘Wat te verwijzen en hoe?’. Een belangrijk onderwerp, waar vanuit de optiekbranche vraag naar was. Sinds enige tijd mogen sommige optometristen zelfstandig verwijzen, net als de huisarts.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1

11


Bij welke klachten verwijs je door? In hoofdlijnen gaat het dan om de volgende zaken: • visusklachten, onder te verdelen in: – visusdaling – dubbelzien – metamorfopsie – gezichtsvelduitval • flitsen/vlekken • het rode oog • oogdruk Om de termijn van verwijzing goed in te kunnen schatten is het belangrijk om goed door te vragen. Hoe lang bestaan de klachten al? Is het aan één oog of aan beide ogen? Is er een familiaire belasting of andere comorbiditeit? In het kort werden de mogelijke oorzaken behandeld, wat het doorverwijzen inzichtelijker maakt. Aansluitend ging het over corneatopografie. De in het ziekenhuis werkende optometrist vertelde kort wat corneatopografie inhoudt (= het in kaart brengen van de vorm en dikte van de cornea) en hoe je de verschillende plaatjes kunt interpreteren. Daarbij werd ook de pachymetrie besproken (pachymetrie = het meten van de dikte van het hoornvlies). Bekend is dat er een relatie is tussen de dikte van de cornea en (het onder- of overschatten van) de oogdruk. De gemiddelde corneadikte is ongeveer 520 um – 550 um. Is de cornea dikker, dan zal de oogdruk lager zijn dan er gemeten is. Andersom: is de cornea dunner dan gemiddeld, dan is de werkelijke oogdruk waarschijnlijk hoger. Er bestaan verschillende formules om dit om te rekenen. Als laatste een voordracht over de kinderoogheelkunde in dit ziekenhuis. Kinderen worden gezien wanneer er sprake is van: • visusklachten • klachten van dubbelzien/scheelzien • ROP screening • atropinebehandeling bij myopie

12

Tot de leeftijd van 16 jaar wordt geadviseerd om bij visusklachten ook naar een oogarts te gaan. Niet alleen wordt dan de gezondheid van het oog goed nagekeken. Door het kijken in mydriasis en het uitschakelen van de accommodatie kan er nauwkeuriger een bril worden aangemeten. Bij klachten van scheelzien/dubbelzien kijken de orthoptiste en oogarts. In de Powerpointpresentatie liet de oogarts foto’s zien van verschillende strabismus operatietechnieken. ROP = Retinopathy of prematurity Het is een aandoening aan het netvlies, die kan ontstaan bij vroeggeboren kinderen. De normale vaatgroei kan verstoord zijn en tot problemen lijden. Om dit te beoordelen, vervolgen en eventueel behandelen wordt het netvlies onderzocht door middel van oogspiegelen. Behandeling vindt overigens niet in dit ziekenhuis plaats. Dat gebeurt in specialistische (academische) centra. Nieuw is de atropinebehandeling van kinderen bij (kans op hoge) myopie. Dit is een methode waarbij 3-5 jaar atropine gedruppeld wordt, aangevuld met leefadviezen en eventueel een multifocale bril, om daarmee de groei van het oog te remmen. Lichte tot milde myopie is geen bezwaar, maar hoge myopie kan op latere leeftijd voor problemen zorgen. Na de voordrachten werd een bezoek gebracht aan het OK-complex, waarbij uitleg werd gegeven over cataractoperaties. Een gezellige afsluiting met een hapje en een drankje op de polikliniek met ruimte om overen-weer ideeën uit te wisselen maakte het geheel compleet. Het was een waardevolle ontmoeting en wellicht is dit een inspiratie om in andere zorgcentra iets vergelijkbaars te organiseren.

V.O.V.Z. juli nr. 26-1


VRIJDAG 11 NOVEMBER 2016

VRIJDAG 11 NOVEMBER 2016

Op vrijdag 11 november 2016 van 09.00 tot 16.15 organiseert de Vereniging voor oogheelkundige verpleging en zorgverlening haar 28e congres in het Willem Burger Kwartier van concert- en congresgebouw De Doelen te Rotterdam. Wij hopen dat u in november wederom aanwezig kunt zijn tijdens dit inspirerende symposium.

ONDERWERPEN: • Hoornvliesaandoeningen vanuit ieders perspectief • Contactlenzen op medische indicatie • Macula degeneratie • Beeldvormende technieken bij macula degeneratie • Multidisciplinaire samenwerking bij auto-immuunziektes van het oog • Oogheelkunde in Afrika

NIEUW IN 2016 DE WORKSHOPS: • Informatiebeveiliging • Bejegening patiënten en klachtenbehandeling • Kwaliteit in de oogheelkunde

INSCHRIJVEN

Informatie over programma, aanmelding en betaling: www.vovz.nl vanaf 1 september 2016

ORGANISATIE Congresdienst JH, postbus 1491, 6501 BL Nijmegen

WEBSITE

www.vovz.nl VOVZ, Postbus 380, 2130 AJ Hoofddorp

Oogcontact 2016-12  
Oogcontact 2016-12  
Advertisement