Page 1

Jaargang 2, nummer 1, juni 2008

Uitgave van TKP voor pensioenprofessionals

Punt van Aandacht De Kunst van het Beleggen

Voorwoord

Roelie van Wijk, Directeur Beleggingen

Vorig jaar regende het clusterbommen, nu zoekt iedereen ‘dekking’… Wie denkt dat het besturen van een pensioenfonds een rustig bestaan geeft, komt bedrogen uit. Regelgeving wordt aan­ gescherpt, verantwoordings­organen worden opgericht, beurzen en dekkingsgraden dalen en in de media maakt men overal een punt van. Dus wil TKP met deze editie van Punt van Aandacht vooral een rustpunt creëren. Stapsgewijs brengen we de modules van de fiduciaire dienst­ verlening in kaart. Zo leest u dat een multimanager aanpak een lager risico, maar een grotere kans op een stabiele performance geeft. Of het nu aandelen, obligaties of direct onroerend goed betreft. Vervolgens kunt u met behulp van een dashboard in één oogopslag zien of u nog voldoende dekking heeft. En of u de risico’s optimaal beheerst en beheert en de solvabiliteitstoets TKP: dé multimanagement specialist 2 Fiduciair Management: maatwerk voor pensioenfondsbestuur 3 ‘Fiduciair Management betekent: werk uit handen’ 4 Column Frans de Beaufort 6 Mercer’s proces voor risicomanagement van pensioenfondsen 6 TKP Dashboard: financiële positie in één oogopslag 8

goed zult doorstaan. Niets ingewikkeld, maar overzichtelijk en transparant. Ook de keuze voor een beperkt aantal modules en beleggings­ fondsen is denkbaar. Zowel in Nederland als daarbuiten. Pensioenfonds Aon wilde enkele managers en adviseurs behouden en koos voor een ‘semi-fiduciaire’ oplossing. Soms wilt u de oude schoenen pas wegdoen als u voldoende fiducie heeft in de nieuwe. Kortom: u mag veel, maar moet weinig van TKP en dat is in deze wereld van regels en turbulentie een rustgevende gedachte! Roelie van Wijk, Directeur Beleggingen AEGON Global Pensions: cross border asset pooling voor multinationals 9 Pensioenfondsen moeten 20 procent in vastgoed beleggen! 10 Onroerend Goed fund-of-funds TKP grootste in Europa 12 Trend: internationalisering pensioenvoorziening 13 Pensioenfonds UWV verlengt contract met TKP 14 Klanttevredenheidsonderzoek wijst uit 16


2

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

TKP: dé multimanagement specialist Voor het beheer van het vermogen van pensioenfondsen maakt TKP Investments gebruik van het multimanager concept. Een model waarbij een voorname rol is weggelegd voor externe vermogensbeheerders, en waar de klant in meerdere opzichten garen bij spint. TKP was een kleine 20 jaar geleden één van de eerste partijen in de Nederlandse markt die vermogen ging beheren volgens het multimanagement principe. Aanleiding vormde de verzelfstandiging van de PTT in 1989. Voor de medewerkers van ‘Tante Pos’ werd in dat jaar een nieuw pensioenfonds opgericht. “Uitgangspunt voor dit jonge fonds was dat de uitvoeringsorganisatie ‘lean and mean’ moest zijn,” zo licht hoofd Multimanager Beleggingen Coos Luning toe. “Tegelijkertijd werd de wens uitgesproken om wereld­wijd te beleggen, óók in de emerging markets, wat destijds voor een pensioenfonds nogal ongebruikelijk was. Om dat voor elkaar te krijgen is in de verschillende regio’s specialistische kennis ingekocht door een beroep te doen op externe vermogensbeheerders.”

Zorgvuldig selectieproces Het belegd vermogen bedroeg in die beginjaren 3 miljard gúlden. Inmiddels gaat het om 11 miljard euro. In totaal werken momen­teel wereldwijd circa 30 externe fondsmanagers voor TKP Investments. “Het is aan ons om die managers te selecteren, aan te stellen en vervolgens zorgvuldig te monitoren,” vertelt Coos. “Dat selectieproces gebeurt in eerste instantie op basis van desksearch, waarbij we gebruik maken van bronnen als Mercer, Evestment en Standard & Poor’s en natuurlijk ook van ons eigen netwerk. Daar volgt een shortlist van kandidaten uit. Tijdens een persoonlijk bezoek aan die kandidaten bepalen we vervolgens met welke partij we verder willen, waarna een traject van fee- en contractonderhandeling op gang komt.” Het feit dat externe vermogensbeheerders als het ware een extra laag binnen het totale beleggings­spectrum vormen is niet nadelig voor de klant, stelt Coos: “De beheerkosten die wij hun betalen bestaan uit een basis beheerfee én een performance­gerelateerde bonus. Die bonus wordt grotendeels op een no cure, no pay basis betaald. Dus in feite alleen als er sprake is van een outperformance. In de praktijk zie je dat de beheerkosten in de meeste gevallen ruimschoots worden gecompenseerd door de behaalde outperformance.”

Voorop blijven lopen Inmiddels hebben meerdere aanbieders het beleggen volgens het multimanagement principe ontdekt. “TKP blijft echter voorop lopen in de markt”, aldus Coos. De selectie en het monitoren van externe beheerders is een vak apart, een taak waarop TKP volledig ingericht is dankzij een jarenlange expertise. Ook als het gaat om de introductie van nieuwe producten is TKP een pionier. Coos: “Zo hebben we de laatste jaren bijvoorbeeld commodities en hedge funds in ons assortiment opgenomen en daarnaast als één van de eersten in de markt, al in 1999, de zogenoemde alpha- en bètascheiding toegepast.”

Multi­management

Multimanagement: de voordelen Multimanagement vermogensbeheer biedt de klant meerdere voordelen. We zetten de voornaamste voor u op een rijtje: Beste vermogensbeheerders wereldwijd; Eenvoudig – vaak per direct – kunnen ontslaan van vermogensbeheerders die het niet goed doen; Schaalvoordelen: doordat voor meerdere klanten tegelijkertijd wordt belegd, kunnen ook kleinere klanten profiteren van de kennis en professionaliteit die in de markt voorhanden is; Ook voor buitenlandse klanten mogelijk; Monitoring geschiedt volledig door de specialisten van TKP; Tailormade: grote differentiatie mogelijk binnen het uitgebreide productenpalet; En last but not least: met een gemiddelde outperformance en een risicofactor onder het gemiddelde (dankzij een uitgekiende spreiding) ‘scoort’ TKP met haar informatieratio bovengemiddeld.


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

3

Fiduciair Management

Maatwerk voor pensioen­ fondsbestuur Fiduciair is een ander woord voor vertrouwen. Fiduciair Management betekent dat er een speciale vertrouwensband bestaat tussen de klant en de Fiduciair Manager, een partnerschap. TKP heeft haar wortels binnen de pensioenwereld en is sinds 1989 de Fiduciair Manager van haar klanten. Met het complete aanbod van diensten is TKP onderscheidend van andere aanbieders. De toegevoegde waarde komt tot uitdrukking in de integrale aanpak en de kwaliteit van de strategische advisering.

Steeds vaker kiezen pensioenfondsen voor het totaalconcept van Fiduciair Management. Deze keuze komt onder andere voort uit de vele uitdagingen waar een pensioenfondsbestuur voor staat. Dit zijn bijvoorbeeld de steeds uitgebreidere wetgeving, de complexe financiële producten, maar ook de vraag naar transparantie en heldere communicatie. Door het uitbesteden van operationele taken krijgt het bestuur tijd voor haar kerntaak: het besturen van het pensioenfonds. TKP kan zich, door haar ervaring, goed in de positie van een pensioenfondsbestuur verplaatsen. Ook door­ grondt TKP de problematiek waarmee een bestuur geconfronteerd wordt en treedt als waardevolle adviseur op bij belangrijke vraagstukken. Binnen TKP ligt er daarom de specifieke focus op bestuurs­advisering. Een aparte afdeling met specialisten is continu bezig met activiteiten op het gebied van Asset Liability Management (ALM). Zij voeren voor verschillende klanten continuïteitsanalyses en ALM-studies uit. Een continuïteitsanalyse laat zien of het financieringsbeleid van het pensioenfonds op lange termijn robuust is. Een ALM-studie geeft inzicht in de verwachte toekomstige ontwikkeling van de premie, de indexatie, de dekkingsgraad en de risico’s die zijn verbonden aan een bepaald beleid. Op deze manier wordt bijvoorbeeld inzichtelijk wat de kans is op een reserve- of dekkingstekort en wat de kans is dat de indexatieambitie gerealiseerd kan worden. Op basis van de doelstellingen van het pensioenfondsbestuur en met behulp van de inzichten uit boven­ staande analyses over de verplichtingen, bepaalt het pensioenfonds uiteindelijk het beleggingsbeleid. Er vindt een verdeling van het vermogen plaats over de verschillende beleggingscategorieën en het valutaen rente­risicobeleid wordt bepaald. Met deze integrale aanpak van vermogensbeheer is Fiduciair Management bij TKP uniek en onderscheidend.

TKP heeft haar dienstverlening modulair vormgegeven. Dit betekent dat pensioenfondsen hun dienstenpakket flexibel kunnen invullen en zelf kunnen bepalen welke modules zij inzetten. Zij kunnen kiezen voor een totaal­oplossing of een combinatie van deel­oplossingen. Bijgaande figuur geeft het TKP model voor Fiduciair Manage­ ment weer. Advisering is een belangrijk onderdeel van het diensten­pakket. Het vermogensbeheer vindt bij TKP via fiscaal transparante beleggingsfondsen plaats. Het beheer wordt volgens het multi­management principe uitbesteed aan meerdere specialistische vermogens­beheerders (zie pagina 2 van deze nieuwsbrief).


4

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

“Fiduciair Management betekent: werk uit handen”

Een interview met Leo Langenberg van Pensioenfonds Aon Sinds begin 2007 is TKP Investments de Fiduciair Manager van Stichting Pensioen­­fonds Aon Groep Nederland. Hiermee is TKP Investments verantwoor­ delijk voor de verdeling van het vermogen over de verschillende beleggings­ categorieën, de selectie van vermogensbeheerders, het dagelijkse beheer, de integrale rapportage aan het bestuur en toezichthouders, het risicomanagement en de bestuursadvisering.

“Om duidelijk te maken waar onze zoektocht naar een Fiduciair Manager vandaan komt, is het zinvol om enige historie van Aon Groep Nederland te schetsen”, zegt Leo Langenberg, voorzitter van Stichting Pensioen­fonds Aon Groep Nederland. Aon is makelaar in assurantiën en is beursgenoteerd in de Verenigde Staten. Door acquisities werd het bedrijf een wereldwijde speler, maar met lokale dienstverlening. Deze acquisities betekenden voor de Aon Groep Neder­land dat veel bedrijven werden aangesloten bij het Pensioenfonds met destijds verschillende kapitaalcontracten. “Wij wilden de verschillende onderdelen, pensioenadministratie, vermogensbeheer en de verzekeringen, apart bekijken en apart onder­brengen bij specialisten”, vertelt Langenberg.

Fiduciair Management

Uitbesteden van taken “Ons pensioenfonds is te klein om zelf al deze taken professioneel uit te voeren”, geeft Langenberg aan. “Daarnaast wordt de wereld van vermogensbeheer steeds complexer. Kijk maar naar alle nieuwe financiële producten zoals hedgefondsen. Maar ook de ontwikkelingen vanuit de toezichthouder, zoals de invloed van de rente op de dekkingsgraad, maken de wereld van het vermogensbeheer gecompliceerd. Wij hadden duidelijk behoefte aan een geïntegreerde vorm van vermogensbeheer, waarbij een Fiduciair Manager verantwoordelijk is voor de selectie van vermogensbeheerders, de coördinatie en de aansturing.” “Natuurlijk blijft het bestuur van het pensioenfonds altijd eindverantwoordelijk voor alle beslissingen. Ons bestuur bestaat uit drie werknemersleden, drie werkgeversleden en één gepensioneerde. Daarnaast hebben wij een Beleggingscommissie. Een Fiduciair Manager betekent hierbij uiteindelijk: werk uit handen.”


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

5

Leo Langenberg, voorzitter Stichting Pensioenfonds Aon Groep Nederland

Keuze voor TKP Investments Langenberg blikt terug op het selectieproces. “Zoals gebruikelijk deden wij een ‘beauty parade’, waarbij verschillende partijen zich konden presenteren. Met TKP klikte het. Dat is noodzakelijk voor het aanstellen van een Fiduciair Manager. Zowel in de discussie als presentatie ging TKP voortvarend te werk. TKP handelde proactief en speelde direct in op onze behoeften, waarbij zij dienstverlening op maat konden bieden. Zo adviseerden zij ons over terug te vorderen dividendbelasting. Daarnaast heeft TKP ervaring die lang terugvoert met het Fiduciair Management voor de pensioenfondsen van KPN en TNT. Hierdoor weten zij wat er gedaan moet worden, zowel in goede als in slechte tijden.”

Resultaat en toekomst Uiteindelijk is TKP Investments begin 2007 aangesteld als de Fiduciair Manager van Stichting Pensioenfonds Aon Groep Nederland. TKP adviseert, consolideert en analyseert. Vanuit de ALM-studie adviseert TKP over de Strategische Allocatie over de verschillende beleggingscategorieën. Daarnaast beheert TKP Investments een deel van de beleggingen, waaronder een beleggingsfonds voor de tactische allocatie. Hiermee kan worden ingespeeld op ontwikkelingen op de kortere termijn in de financiële markten. Leo Langenberg vertelt ook over het dashboard. Het dasboard is een model waarmee het mogelijk is om in één oogopslag inzicht te krijgen in wat er speelt. Zo is de invloed van het afdekken van het renterisico te zien, of het effect van het afdekken van valutarisico. Met deze manier van presenteren kan het bestuur

de materie eenvoudig duidelijk maken aan de verschillende partijen, bijvoorbeeld de deelnemers en de directie van het bedrijf. Leo Langenberg besluit: “Met TKP Investments hebben wij nu de mogelijk­heid om goed beleid neer te zetten voor de langere termijn. Zo kunnen wij inspelen op marktontwikkelingen, waarbij wij gebruikmaken van de expertise van specialisten op het gebied van vermogensbeheer voor pensioenfondsen. Hiermee zijn wij in staat het vermogens­beheerproces te verbeteren. De uitdagingen voor de toekomst blijven natuurlijk het op peil houden van de dekkingsgraad en het bieden van de (voorwaardelijke) indexatie.”

“Er was een klik met TKP Investments door de proactiviteit en voortvarendheid van advisering.”


Veel mensen hebben hun mond vol van strategie. Als het henzelf betreft is een uitgezette strategie natuurlijk meesterlijk, als het anderen aangaat is men eerder geneigd om strategische keuzes in twijfel te trekken. Zelf heb ik altijd geleerd dat het formuleren van een strategie buitengewoon belangrijk is. Maar strategie alleen brengt vrij weinig. Het gaat uiteindelijk om het beleid en tenuitvoerlegging -daadkracht- die moet leiden tot een solide verdiencapaciteit. In onze tak van sport moeten in de toekomst uiteindelijk veel mensen eten van een goed doordachte en ten uitvoer gelegde (beleggings)strategie. Een belangrijk vertrek­punt bij het besturen van een pensioenfonds. Tegelijkertijd ook lastig en soms ongrijpbaar omdat een strategie voor een pensioen­fonds zo’n lange horizon kent. Dat lijdt in turbulente tijden, zoals wij die nu ervaren, wel eens tot de neiging om mee te gaan met de waan van de dag. Dat is echter een riskante exercitie en kan leiden tot een deuk in vermogen en vertrouwen. Deze nieuwsbrief van TKP geeft veel informatie over de strategische advisering en maatwerk op het terrein van vermogensbeheer in de brede zin van het woord. Ondersteuning bij het formuleren van een passende strategie en het daaraan gekoppeld beleid, waarvan velen zullen kunnen eten, nu en in de toekomst. Frans de Beaufort Algemeen directeur TKP

Paul Duijsens (drs P.P.M. Duijsens AAG) is als Principal verantwoordelijk voor de ALM unit van Mercer

Mercer’s Beleggingsproces

Strategie, beleid en verdiencapaciteit

Mercer’s proces voor risicomanagement van pensioenfondsen Het Financieel Toetsingskader (FTK) binnen de nieuwe Pensioenwet dwingt pensioenfondsen anders tegen hun risico’s aan te kijken: De vertrouwde vaste rekenrente van 4% is vervangen door een actuele marktrente termijnstructuur; Er gelden expliciete vermogenseisen, gerelateerd aan diverse markt- en verzekeringsrisico’s; Pensioenfondsen moeten duidelijk aantonen dat hun financiering en realisatie consistent is met hun (indexatie-)ambitie en de communicatie hierover. Turbulente markten maken de complexiteit van adequaat risicomanagement voor pensioenfondsbesturen compleet. De uitdaging is om in deze omgeving robuust beleid te bepalen en te voeren met voldoende ruimte voor flexibiliteit.

Een integraal beleggingsproces Stap 1. Management Stap 2. Mandaat Stap 3. Monitoring


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

Stap 1. Management Startpunt is het beleidskader van het pensioenfonds. Dit kader beschrijft het premie-, indexatie- en beleggingsbeleid voor alle mogelijke financiële posities van het pensioenfonds. Bij de opzet van dit beleidskader wordt zowel rekening gehouden met de FTK-eisen1) als met de specifieke fonds­doelstellingen2) en sturingsmogelijkheden. Hierdoor bevat het beleidskader impliciet ook een herstelplan voor de lange termijn bij reservetekort. Voor elke mogelijke financiële positie resulteren behalve een indexatie- en premie­niveau ook het benodigde beleggings­ rendement en het toegestane beleggingsrisico. Het benodigde rendement en het toegestane risico moeten consistent zijn, anders is het totale beleidskader niet realistisch. Het benodigde rendement wordt hier uitgedrukt als meerrendement ten opzichte van de verplichtingen. Het toegestane risico is de standaard­ deviatie van het beleggingsrendement ten opzichte van de verplichtingen. De combinatie van het benodigde rendement en het toegestane risico noemen wij het risicobudget.

7

Mercer’s integraal beleggingsproces

bestuur voor de implementatie van het beleggingsbeleid naast het risicobudget randvoorwaarden meegeven voor de soort beleggingscategorieën waarin wel of niet belegd mag worden.

Een ALM beleidskader kan er als volgt uitzien: Dekkingsgraad

Premie (% salaris)

Indexatie

Beleggingen (rendement / risico)

> 140%

16%

100% + inhaalindexatie

2,1% / 10%

125% - 140%

20%

100%

1,5% / 7%

110% - 125%

22%

pro rata

1,0% / 4%

105% - 110%

25%

0%

0,5% / 2%

< 105%

25% + bijstorting

0%

0,5% / 2%

Het pensioenfondsbestuur stelt het beleidskader normaliter eens in de 3 jaar vast aan de hand van een ALM (Asset Liability Management) studie.

Stap 3. Monitoring Om de mandaten voor de vermogensbeheerders goed te volgen en het risicobudget te bewaken is monitoring van het beleggingsbeleid essentieel. Dit is na 1. Management (beleidskader) en 2. Mandaat (allocatie risicobudget) de derde stap in het beleggingsproces. Het hierboven beschreven proces stelt pensioenfondsen in staat hun risicobudget vanuit een robuust beleidskader dynamisch en met ruimte voor wisselende toekomstvisies in te vullen. Hierbij worden beleggingscategorieën beoordeeld vanuit Rendementsperspectief (levert de belegging gegeven zijn risico voldoende rendement op ten opzichte van de pensioenverplichtingen?) of vanuit Diversificatieperspectief (levert de belegging voldoende spreiding op ten opzichte van de overige beleggingen en de pensioen­verplichtingen?).

Stap 2. Mandaat Het risicobudget is vervolgens het uitgangspunt voor nadere invulling van het beleggingsbeleid. Bij de vaststelling van het beleidskader en het risicobudget wordt geen onderscheid gemaakt in soorten risico’s inzake de pensioenverplichtingen, maar wordt slechts de totale omvang van het risico in het kader benoemd. Belangrijk voordeel hiervan is dat het beleidskader robuust is en onafhankelijk van de uiteindelijke keuze voor de diverse beleggingscategorieën. De verdeling van het totale risico over de mogelijke beleggingscategorieën (asset allocatie) wordt in een tweede stadium bepaald. De verdeling kan aan een beleggingscommissie worden gedelegeerd. Bij de implementatie kan een deel van het risicobudget in marktrisico (β) plus eventueel in actief beheer (α) gealloceerd worden (risico allocatie). Door de marktwaardering van de pensioenverplichtingen is renterisico een belangrijk element geworden van het totale risico voor een pensioenfonds. Het bestuur kan een uitspraak doen over de mate van afdekking van dit renterisico. Tevens kan het 1) 2)

bijvoorbeeld opheffing reservetekort in 15 jaar bijvoorbeeld kans op dekkingsgraad < 110% bedraagt maximaal 10%

In het beleidskader is het risicobudget direct afhankelijk van de doel­stellingen, ambities, sturingsmogelijkheden en het risico­ profiel van het pensioenfonds. In een tweede separate stap wordt dit risicobudget ingevuld, gezien de karakteristieken van de diverse beleggingscategorieën in de huidige en/of op korte termijn verwachte economische omgeving. Dit proces combineert robuust beleid met een dynamische invulling van het beleggings­ beleid, wat goed aansluit bij pensioenfondsen met hun lange termijn doelstellingen maar korte termijn risicokaders.

Het benodigde rendement en het toegestane risico moeten consistent zijn, anders is het totale beleids­ kader niet realistisch


8

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

TKP Dashboard: financiële positie in één oogopslag TKP Investments adviseert pensioenfondsklanten een geïntegreerde aanpak voor het beheer van de pensioenfonds­balans. Zowel het vermogen (assets) als de verplichtingen (liabilities) vormen de basis. Arjen Tebbenhof, werkzaam op de afdeling Fiduciair Management, vertelt dat hierdoor in de afgelopen jaren ook de stijl van rapporteren is veranderd. “Waar een paar jaar geleden nog vooral werd gekeken naar de rendementen van de beleggingen, wordt nu gekeken naar de dekkingsgraad van het pensioenfonds.”

Verschillende factoren bepalen de ontwikkeling van de dekkings­ graad. Zo is, met de invoering van het Financieel Toetsings­ kader, het belang van het renterisico toegenomen. Een lagere rente verhoogt de marktwaarde van de verplichtingen en verlaagt hiermee de dekkingsgraad. Om het risico van een lagere dekkingsgraad als gevolg van een rentedaling te verminderen, kan het renterisico met derivaten (renteswaps) worden afgedekt. Ook factoren als indexatie kunnen belangrijke veranderingen van de verplichtingen veroorzaken, en daarmee de dekkingsgraad beïnvloeden. Daarnaast is het behaalde beleggingsresultaat van belang.

Dashboard

“Het is voor pensioenfondsbesturen niet eenvoudig om inzicht te krijgen in alle risico’s en ontwikkelingen”, vervolgt Arjen. “Om het geheel helder te presenteren en eenvoudig de verschillende componenten zichtbaar te maken die van invloed zijn op de dekkingsgraad, ontwikkelde onze afdeling een dashboard. Met dit dashboard laten wij in één oogopslag de ontwikkeling van de dekkingsgraad zien. Ook wordt bijvoorbeeld de relevantie van het afdekken van het renterisico zichtbaar.” Daarnaast geeft het dashboard de risico’s van de dekkingsgraad weer als zich een schok zou voordoen. Een schok is bijvoorbeeld een sterke daling van de aandelenkoersen of een sterke daling van de rente. Ook kunnen met behulp van een dynamisch model de gevolgen voor de dekkingsgraad van meer of minder afdekken van het renterisico en het meer of minder beleggen in bijvoor­ beeld aandelen worden gepresenteerd. “De grafische vorm van presenteren werkt positief”, volgens Arjen. “Het heeft er toe bijgedragen dat het principe van een geïntegreerde benadering bij het beheren van de pensioen­ fondsbalans in brede kring een beter begrip heeft verworven.”


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

9

AEGON Global Pensions:

Global Pensions

Cross border asset pooling voor multinationals Het pensioendossier is er de laatste jaren voor een Financieel Directeur (CFO) van een multinational niet eenvoudiger op geworden. Niet alleen in Nederland, maar ook internationaal is regelgeving geïntroduceerd. Dat leidt voor multinationals en de daaraan gelieerde pensioenfondsen en/of regelingen in de diverse landen, tot grote administratieve en communicatieve inspanningen.

De nieuwe regelgeving, zoals in Neder­ land bijvoorbeeld nFTK en internationaal SOX en de accountingstandaarden IFRS, heeft daarnaast veel impact op de balans van de onderneming. Dit komt onder meer door marktwaardering van pensioen­ aanspraken die uit de regelingen voort­ vloeien. Rentebewegingen en inflatie hebben dan via de pensioenen een directe impact op het risicoprofiel van de balans. Maar de omvang van dit risico is onbekend en dat is een grote zorg voor de CFO. Het verhoogde risico beïnvloedt de mate waarin de onderneming kan opereren op de kapitaalmarkten. Niet voor niets wordt gekscherend gesteld dat General Motors (GM) niet meer dan een pensioenfonds is met een kleine auto­ fabriek. De pensioenverplichtingen van GM waren een reden voor de down grades in credit rating. U staat als CFO niet alleen met deze zorgen. Een onderzoek uitgevoerd door LIMRA Inter­national en AEGON Global Pensions, bevestigde dat Europese CFO’s zich meer en meer bezorgd maken over het complexe geheel aan pensioen­ regelingen in Europa, en de daaraan verbonden kosten en risico’s. Ook is de CFO op zoek naar alternatieven om beter zicht op de risico’s te krijgen en deze te beheersen. In ditzelfde onder­zoek komt asset pooling als favoriet naar voren om meer grip te krijgen op de risico’s en de kosten van pensioenen.

Complexiteit cross border asset pooling Het internationaal poolen van assets van

DB en/of DC regelingen is op het eerste gezicht niet complex. De pensioenfondsen en regelingen kunnen in vaste range van beleggingsfondsen van één of meerdere vermogensbeheerders beleggen. Hierdoor zijn schaalvoordelen met vermogensbeheerders, administrateurs, brokers en custodians te behalen. De belangrijkste winst voor de CFO is een beter overzicht en dus een beter inzicht in de risico’s. Niet alleen vanuit het oogpunt van financieel risico maar ook vanuit operationeel risico. De reden dat niet massaal voor crossborder asset pooling wordt gekozen, is de suboptimale positie van een dergelijk fondsvehikel uit het oogpunt van bron­ belasting. Door te beleggen in een fonds zijn de individuele deelnemende pensioen­fondsen en/of DC regelingen niet meer als zodanig herkenbaar voor de belastingdiensten van de landen waarin belegd wordt. Het fonds valt daarom in hogere bronbelastingtarieven voor dividenden dan pensioenfondsen en verzekerings­maatschappijen, die vaak zelfs in het nultarief vallen. Hierdoor wordt het rendement gedrukt. Deze oplossing is daarom vaak niet acceptabel voor lokale pensioenfondsbestuurders. Een oplossing hiervoor is het gebruik van inter­­nationaal erkende fiscaal trans­ parante fondsen, zoals in Nederland het Fonds voor Gemene Rekening (FGR). Indien echter verschillende fiscale entiteiten uit meerdere landen beleggen in hetzelfde fiscaal transparante fonds, is de complexiteit op het gebied van

administratie, verslaggeving en belas­ tingen zeer groot. Dat is ook de reden dat tot voor kort alleen hele grote pensioen­ fondsen, zoals Unilever, een eigen cross-border asset pooling platform ontwikkeld hebben.

Leidend in Europa: Cross-border asset pooling oplossing voor derden AEGON Global Pensions en TKP hebben in samenwerking met Citibank een cross-border asset pooling platform ontwikkeld. De AEGON Global Multi Manager fondsen op dit platform kunnen, door de UCITS status, in heel Europa worden aangeboden. De fondsen zijn door buitenlandse belastingdiensten als fiscaal transparant erkend. Het is daarmee de eerste kant-en-klare crossborder asset pooling oplossing die toegankelijk is voor derden. Ook de minder grote multinationals en hun pensioenfondsen en regelingen kunnen hierdoor profiteren van de voordelen van asset pooling. En daarmee is een belangrijke stap gezet naar een minder complex pensioendossier.

Informatie Wilt u meer weten over cross-border asset pooling, neem dan contact op met: AEGON Global Pensions Johan van Egmond, regional Sales Director Benelux-Frankrijk-Spanje T 06 11 33 36 07 E johan.vanegmond@aegon.com


10

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

Pensioenfondsen moeten 20 procent in vastgoed beleggen! Dit is de mening van Dick Wenting, zelfstandig adviseur bij pensioenfondsen, zowel op beleggingsgebied als in algemene zin. Bovendien opereert hij als bestuurslid van pensioenfondsen en is hij lid van beleggings­ commissies. Daarnaast oefent Dick intern toezicht uit bij pensioenfondsen via participatie in visitatiecommissies en is hij actief binnen de Vereniging van Beleggingsprofessionals.

Dick Wenting, zelfstandig adviseur

In het hier volgende vraaggesprek gaan we in op de rol van vastgoed binnen een pensioen­ fonds en de visie van Dick Wenting hierop.

Je geeft aan dat je op velerlei terreinen werkzaam bent binnen de pensioen- en beleggingswereld, hoe komt dat zo? Tot ongeveer twee jaar terug was ik directeur van een middel­ groot bedrijfs­takpensioenfonds, te weten het Pensioenfonds voor Medewerkers in Apotheken. Na vervroegde pensionering, bleek ik het vak toch te missen. Daarom ben ik doorgegaan in het vak, als ZZP-er (zelfstandige zonder personeel).

Op welk terrein ben je specifiek deskundig?

Vastgoed

Eigenlijk ben ik generalist, maar heb met de opleiding tot actuaris en beleggingsanalist toch wel een extra focus op risicomanagement en strategisch beleggingsbeleid. Asset & Liability Management zou je bijna een hobby kunnen noemen!

Wat is je mening over beleggen in vastgoed door pensioenfondsen? Over het algemeen worden aandelen en obligaties als basis­ instrumenten gezien bij het beleggingsbeleid. Maar vastgoed


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

hoort hier zeker bij. Hiervoor zijn rationele argumenten aan te voeren, zoals een gunstige risico/rendementverhouding en lage correlatie met de andere beleggings­categorieën. Maar er zijn ook subjectieve argumenten. In veel landen is namelijk het bezit van een eigen woning een garantie voor de oudedags­voorziening, naast uiteraard de verzorging die door ouderen van de eigen kinderen wordt verwacht. Ook in Europa speelt dit laatste: de vergrijzing tast de mogelijkheden tot financiering van de oude dag behoorlijk aan!

11

Uit de tabel blijkt dat het toevoegen van vastgoed ten laste van obligaties in alle gevallen de rendementsverwachting laat stijgen terwijl het portefeuillerisico eerst daalt en daarna pas gaat stijgen. Toevoegen van de eerste 20% vastgoed verlaagt dus het risico. Dit is conform een algemene statistische regel en geldt bijvoorbeeld ook voor aandelen: de eerste 10 tot 20% in aandelen verlaagt theoretisch het risico!

Dus vastgoed moet als een basisingrediënt voor een institutionele portefeuille worden gezien?

Dus uitbreiding met vastgoed verhoogt het rendement en verlaagt het risico, maar wat betekent dit voor het korte termijn risico en hoe past dit in het Financieel Toetsingskader (FTK)?

Ja. Vaak wordt vastgoed gezien als een onderdeel van de alternatieve beleggingen, zoals hedge funds, private equity en commodities. Maar vastgoed verdient een eigen plaats vanwege de specifieke eigenschappen, zoals een zekere mate van inflatie­bestendigheid. Interessant is dat WM Performance Services in haar onderzoek en publicaties de beleggingen in vastgoed ook een eigen plaats geeft.

Uiteraard is het risico dat je kan en mag lopen afhankelijk van de financiële situatie van het specifieke pensioenfonds: hoe hoger de dekkingsgraad, hoe meer mogelijkheden. Een casestudie wijst echter uit dat toevoegen van bijvoorbeeld 20% vastgoed ten laste van obligaties de vereiste FTK buffers niet laat stijgen als tegelijkertijd een risicobudget wordt gecreëerd door het afdekken van het renterisico.

Hoeveel beleggen pensioenfondsen gemiddeld in vastgoed?

Tot slot een niet onbelangrijke vraag, waarom zou een pensioenfonds voor het TKP Pensioen Real Estate Fonds (TREF) kiezen?

Volgens hierboven vermelde WM publicatie wordt gemiddeld circa 11% in vastgoed belegd, tegenover 39% in aandelen, 43% in vastrentende waarden en 7% in overige beleggingen.

Hoe kun je het belang van vastgoed onderbouwen? Om te beginnen kent vastgoed enige positieve relatie met inflatie (geïndexeerde huuropbrengsten) wat uiteraard voor een pensioenfonds van groot belang is gezien de indexatie­ doelstelling. De rendementsverwachting ligt tussen die voor obligaties en aandelen in, hetgeen ook geldt voor het risico. De correlatie met aandelen is positief terwijl de correlatie met obligaties momenteel neutraal tot licht negatief wordt ingeschat. Het toevoegen van vastgoed draagt dus bij aan verbetering van risicospreiding. Als vastgoed wordt toegevoegd ten laste van aandelen zal dat naar verwachting niet veel rendement toevoegen, maar vervanging van obligaties door vastgoed doet de rendementsverwachting wel stijgen.

Asset-mix

Rendement Risico

Als we spreken over een lage correlatie met andere categorieën, en een risico dat tussen aandelen en obligaties in ligt, dan hebben we het over niet-beursgenoteerde participaties in vast­goed, zoals bij TREF het geval is. Beleggen in vastgoed is een belegging voor de lange termijn. Dat geldt voor direct vastgoed, maar ook voor participaties in niet-beursgenoteerd vastgoed. Dit betekent dat het vastgoed de conjunctuurcycli moet kunnen doorstaan en dus naar verwachting bij verschil­ lende economische scenario’s nog goed moet kunnen renderen en een zekere ongevoeligheid voor verandering in economische omstandigheden moet tonen. Dit vereist een goede spreiding naar categorieën (kantoren, woningen, winkels, bedrijfs­ onroerend goed, etc.) wat bij TREF het geval is. Verder wordt binnen TREF actief gestuurd op risico/rendement karakteristieken: long lease, value en growth. Binnen deze deelportefeuilles is goed gespreid naar diverse investeringen. Tenslotte: nieuwe participanten delen direct al mee in de aanwezige spreiding zodat in de aanvangsfase van de belegging geen specifiek risico wordt gelopen.

Aandelen Obligaties Vastgoed 25%

75%

0%

5,3%

5,2%

25%

70%

5%

5,4%

5,1%

25%

65%

10%

5,5%

5,0%

25%

60%

15%

5,6%

5,0%

25%

55%

20%

5,7%

5,0%

25%

50%

25%

5,8%

5,1%

25%

45%

30%

5,9%

5,2%

25%

40%

35%

6,0%

5,3%

25%

35%

40%

6,1%

5,5%

25%

30%

45%

6,2%

5,7%

Vastgoed verdient een eigen plaats vanwege de specifieke eigenschappen.


12

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

Onroerend Goed fund-of-funds TKP grootste in Europa TKP Pensioen Real Estate Fonds (“TREF”) bereikte onlangs een omvang van 1 miljard euro belegd vermogen. Daarmee is TREF het grootste Europese Fund-of-Funds in onroerend goed voor institutionele beleggers. TREF wordt beheerd door de beleggers van TKP. Spreiding en expertise TREF heeft een ruime geografische spreiding in Europa. De portefeuille telt momenteel 39 onroerend goed fondsen en joint ventures die TREF een exposure geven naar de directe markten van kantoren, winkels, woningen, bedrijfs­ onroerend goed, hotels en parkeer­ garages. Het laatste jaar zijn beleggingen in de onder­gewaardeerde en opkomende markten van Scandinavië en Centraal en Oost-Europa flink verhoogd. Door de spreiding van de beleggingen heeft het fonds een gebalanceerd risicoprofiel. Robert-Jan Tel, Hoofd Onroerend Goed TKP Investments: “De omvang van het fonds maakt het mogelijk een uitstekende spreiding in de onroerend goed porte­ feuille te realiseren. De markt voor Europees onroerend goed biedt goede

vooruitzichten en ik verwacht dat meer Nederlandse institutionele beleggers actiever naar de Europese onroerend goed markt zullen kijken. Ons fonds is goed gepositioneerd om op deze ontwikkelingen in te spelen. Het rendement dat we sinds de oprichting hebben gerealiseerd is aan de bovenkant van de range en dat is in de institutionele markt niet onopgemerkt gebleven. In het afgelopen jaar zijn 8 institutionele beleggers klant van TKP geworden.”

Slagkracht en flexibiliteit Pensioenfondsen kunnen op eenvoudige wijze deelnemen aan het fonds. De belegger profiteert direct van de verschillende ontwikkelingen op de Europese vastgoedmarkt zonder de noodzakelijke administratieve lasten die bij vastgoedbeleggingen horen, zoals

contracten en inspraakprocedures. Door de spreiding over verschillende stadia van vastgoedbeleggingen en de gecon­ tracteerde pijplijn aan inves­teringen, kan voor nieuwe participanten op korte termijn worden belegd. TREF is dan ook een aantrekkelijke, rendabele portefeuille voor middelgrote institutionele beleggers die snel belegd willen zijn en mee willen profiteren van de slagkracht en spreiding van een groot fonds.

Goede vooruitzichten De rendementsdoelstelling van TREF is beleggers een langjarig rendement van 8%-10% gemiddeld per jaar te bieden. Het rendement sinds de oprichting van het fonds in december 2000, is 9,7% per jaar. Over 2007 is die doelstelling ruim­ schoots overtroffen met een rendement van 12,8%.

Q-park en NIAM Eén van de grootste en langstdurende beleggingen in TREF is Q-park. TKP is sinds 1998 overtuigd van de potentie van parkeer­garages als onroerend goed belegging. Met Q-park heeft TREF één van de grootste en beste beheerders van commerciële parkeer­garages in Europa gevonden. Q-park heeft als belegging jaar op jaar ‘double-digit’ rendementen gebracht. Het grootste deel van de onroerend goed beleggingen liggen in West- en Zuid-Europa. Daarnaast is TKP altijd op zoek naar groeimarkten. In de jaren na 2001 kende Scandinavië een flinke correctie in de huurmarkt van kantoren en winkels. De economische groeiverwachtingen van Zweden en Finland lagen in die tijd daarentegen substantieel boven die van het Europees gemiddelde. De markt werd tot dan toe gedomineerd door lokale beleggers. Met NIAM, een vastgoed­ bedrijf met een uitstekend track record, was TREF één van de eerste West-Europese toetreders tot deze markt. Scandinavië vormt inmiddels een belangrijke allocatie binnen de portefeuille.


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

13

Trend: internationalisering pensioenvoorziening

Uitgekiende administratie biedt multinationals uitkomst In pensioenland is sprake van een nieuwe trend: de internationalisering van de pensioenvoorziening. Daarop inspelend is AEGON Global Pensions (AGP) opgericht. “Vooral multinationals hebben baat bij de mogelijkheden die AGP hen biedt,” stelt Anne Laning, financieel directeur bij TKP. Met haar inter­nationale beleggingsfondsen speelt TKP een belangrijke rol binnen AGP. Als projectmanager vanuit TKP Invest­ ments, de vermogensbeheerder van TKP, was Anne nauw betrokken bij de totstand­ koming van het juiste platform waarmee oplossingen voor inter­nationale pensioen­ vraagstukken kunnen worden gegene­ reerd. Anne: “In de verschillende landen waar ze gevestigd zijn, zien multinationals zich geconfronteerd met een grote verscheidenheid aan regelgeving rond de beleggingen die verbonden zijn aan pensioenregelingen. Zo is een internationaal opererende onderneming onderhevig aan verschil­ lende belastingregimes. Dat geldt dus ook voor het pensioenvermogen van het bedrijf. Om een voorbeeld te geven: een Frans pensioenfonds krijgt 85% van de bronbelasting in de Verenigde Staten vergoed; een Nederlands pensioenfonds van dezelfde onderneming krijgt in de Verenigde Staten 100% vergoed.”

vermogens in zo’n pool op dagbasis moeten worden ‘gewogen’.”

Samenwerking met Citibank Op zoek naar een partij die in staat is om een dergelijk complex administratief proces af te handelen, is een partner­ schap aangegaan met Citibank. Tegelijkertijd heeft TKP Investments van toezichthouder AFM (Autoriteit Financiële Markten) een uitbreiding op haar vergunning verkregen om zogeheten UCITS fondsen te kunnen beheren. UCITS is een Europese richtlijn waaraan

beleggingsfondsen moeten voldoen om aangeboden te mogen worden in alle EU-landen. De UCITS richtlijn, ook wel Europees Paspoort genoemd, heeft als doel beleggingsrichtlijnen in Europa te vereenvoudigen en beleggers meer bescherming te bieden. De afgelopen periode heeft in het teken gestaan van het op een zorgvuldige wijze overbrengen van de beleggings­ administratie van de betreffende beleg­ gingsfondsen van TKP Investments naar Citibank.

“Het gevolg van die uiteenlopende fiscale regelgeving is dat het pensioenvermogen van multinationals versplinterd blijft,” zo licht Anne toe. “Internationale bedrijven zouden er baat bij hebben als het totale pensioenvermogen tóch in één pool ondergebracht kan worden. Daar zijn veel voordelen mee te behalen, onder meer op het gebied van beheerkosten. De grootste uitdaging om zo’n inter­ nationale assetpool gestalte te geven, lag in de wetenschap dat je daar een zeer geavanceerde administratie en fiscale ondersteuning voor nodig hebt. De wetgever van elk vestigingsland eist een juiste fiscale afhandeling. Daarom zullen de afzonderlijke pensioen­

Anne Laning, financieel directeur TKP

Internationalisering

Internationale assetpool


14

Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

Pensioenfonds UWV verlengt contract met TKP

‘Vertrouwen speelt belangrijke rol’ Het 50.000 deelnemers tellende pensioenfonds UWV heeft onlangs haar contract met TKP voor de duur van vijf jaar verlengd. Het nieuwe contract gaat in per 1 januari 2009. TKP voert de deelnemersadministratie voor het UWVpensioenfonds. Daarnaast tekent TKP voor de communicatie met de deelnemers, de beleids­ advisering, de financiële administratie en de uitvoering van aanvullende regelingen.

“We hebben jaarlijks de dienstverlening van TKP geëvalueerd. Die evaluaties hadden steeds een positieve uitkomst. Op basis daarvan én gegeven het feit dat de dienstverlening geschiedt tegen een acceptabel kostenniveau, is besloten het contract te verlengen. Bovendien: het veranderen van administrateur is een majeure operatie. Daar moet je goede argumenten voor hebben en die waren er niet.” Aan het woord is Cor van der Sluis, directeur van het Bestuurs­ bureau van het pensioenfonds. Kijkend naar de wijze waarop TKP zich van haar taken kwijt, constateert Cor dat daar in algemene zin volle tevredenheid over bestaat bij het pensioen­ Cor van der Sluis, directeur Bestuursbureau Pensoenfonds UWV fonds UWV. Als voorbeeld noemt hij de beleid­sadvisering: “Beleidsadvisering vraagt een nauwe samenwerking en afstemming, want het is iets wat het bestuur direct raakt. Onze gemeen­schappelijke doelstelling is dat het bestuur tijdig de juiste besluiten kan nemen. Pro-actief handelen is hier een must. Daarbij zijn goede contacten met de directie en de relatiebeheerder van TKP van belang, en dat werkt naar tevredenheid. De communicatie is open, vertrouwen speelt een belangrijke rol. Je moet elkaar tijdig kunnen aangeven wat wel en niet haalbaar is en om welke reden. Op die manier kun je bepalen welke maatregelen genomen moeten worden om een bepaalde planning bij te sturen.” “In een veranderende wereld zijn er natuurlijk altijd punten die nog verder verbeterd kunnen worden,” vervolgt Cor. “Zo zullen we dit jaar goede vooruitgang moeten boeken op het gebied van communicatie. Kern in dat verhaal is dat we de communicatie meer gaan toespitsen op een aantal onderscheiden deelnemersdoel­ groepen. TKP gaat daar een belangrijke rol in vervullen.”


Punt van Aandacht Nummer 1, juni 2008

15

Bestuursbureau: veelzijdig takenpakket

Speerpunten Gevraagd naar de belangrijkste speerpunten voor het pensioenfonds voor dit moment, wijst Cor op de implementatie van het nieuw vastgestelde communicatiebeleid, met in het verlengde daarvan het vergroten van de betrokkenheid van de deelnemers bij het fonds. “Maar er speelt veel meer. Je kunt daarbij denken aan de implementatie van een beleid voor maatschappelijk verant­woord beleggen, de inregeling van de governance structuur, de organisatie van de bestuursverkiezing volgend jaar, de versterking van het bestuursbureau op het gebied van vermogensbeheer én de naderende fusie met het CWI (Centrum voor Werk en Inkomen, red.).” Ook voor de middellange termijn zijn er voldoende uitdagingen, stelt de directeur van het Bestuursbureau vast. Als thema’s noemt hij het financieringsbeleid en de inpassing daarin van de waardering van de pensioenverplichtingen op marktrente en het inflatie- en langlevenrisico. Ook de toegevoegde waarde van het pensioenfonds voor het HRM/arbeidsvoorwaardenbeleid van de werkgever en daarmee voor de werk­nemers vraagt de aandacht. “Tenslotte beslaat de pensioenlast een groot deel van de totale salarislasten van ons bedrijf,” aldus Cor.

Het fonds heeft ervoor gekozen alle processen zoals beleids­ voorbereiding, administratie en vermogensbeheer uit te besteden. De regie op al die uitbestede processen en activiteiten, inclusief de daarbij behorende monitoring en control, wordt uitgevoerd door het Bestuursbureau. Directeur Cor van der Sluis: “De complexiteit van de pensioenwereld, de aan te sturen processen en externe contractpartijen én de toenemende eisen van toezicht en deskundigheid maken het voor een bestuur bijna onmogelijk om dit allemaal zelf rechtstreeks aan te sturen. Daarom heeft het bestuur gekozen zich door een Bestuurs­bureau te laten ondersteunen.” Cor geeft aan dat de uitbesteding van activiteiten vele contacten met zich meebrengt. Als voor­beelden noemt hij de contacten met uitvoerder TKP, 12 externe vermogensbeheerders, de custodian en de investment consultant. Daarnaast ondersteunt het Bestuursbureau de Beleggings­ commissie, het Verantwoordingsorgaan en (op termijn) de Visitatiecommissie. En die lijst is nog veel langer: zo is er op regelmatige basis contact met DNB, AFM, de externe accountant, de externe actuaris, de Stichting Opf en speelt het bureau een regierol in de relatie van het bestuur met de Deelnemersraad. “Daarnaast zit ik zelf in verschillende externe organisaties als KPS en de Vereniging van Pensioen­ juristen en participeer ik in overleggroepen van collegadirecteuren van andere fondsen,” aldus Cor. “Het Bestuurs­ bureau functioneert in feite als ‘counter vailing power’ ten opzichte van de gecontracteerde partijen waaraan de uitvoerende of adviserende taken zijn uitbesteed. Juist de veelzijdigheid en de grote dynamiek maakt het werk voor het Bestuursbureau zo boeiend.”

“Daarnaast heeft het fonds, ondanks het feit dat het een groot Ondernemingspensioenfonds is, toch een kleine personele bezetting. De kwetsbaarheid en personele continuïteit blijft een punt van aandacht. Daarom blijven wij alert op initiatieven tot samenwerking die zich aandienen.” Tot slot wijst Cor op het belang van een permanente inspanning met betrekking tot een verdere professionalisering van het pensioenfondsbestuur: “De complexiteit van de te maken keuzes, de vereiste transparantie, het toenemend toezicht én het aantal organen waar het fonds mee te maken heeft, vereisen dat.”

“De kwetsbaarheid en personele continuïteit blijft een punt van aandacht. Daarom blijven wij alert op initiatieven tot samen­werking die zich aandienen.”


Colofon

www.tkppensioen.nl www.tkpi.nl

TKP 10009 juni 2008

Redactie: Anouschka van den Ban, Nanda van Dijk, Marjolein Hoevers, Erik Hof en Frank de Olde Druk: Publication Manager Ontwerp: Vormplan design bno, Amsterdam

Klanttevredenheidsonderzoek wijst uit:

Waardering voor dienstverlening TKP blijft groot TKP blijft hoog scoren met het niveau van haar dienstverlening, zo blijkt uit een klanttevredenheids­ onderzoek. Met een 7,3 als ‘overall’ rapportcijfer, scoort de pensioenuitvoerder vrijwel net zo hoog als in 2005, toen een vergelijkbaar onderzoek plaatsvond.

Een representatieve groep van 1.800 medewerkers en oudmedewerkers van KPN, TNT, UWV, SNT en SABIC heeft onlangs meegewerkt aan een telefonische enquête, uitgevoerd door een onafhankelijk onderzoeksbureau. De ondervraagden konden hun mening geven over onderwerpen als de telefonische bereikbaar­ heid, deskundigheid, communicatie en betrouwbaarheid van TKP.

Inactieven versus actieven In het algemeen kan worden gesteld dat 8 op de 10 geën­ quêteerden tevreden tot zeer tevreden is over de dienstverlening van TKP. Wat daarbij opvalt is dat de mate van tevredenheid bij inactieven (gepensioneerden) hoger ligt dan bij diegenen die actief deelnemen aan een door TKP uitgevoerde pensioen­ regeling, wat tot uitdrukking komt in het gemiddelde rapport­cijfer van beide groepen: een 7,5 versus een 7,1.

Kritische signalen Met de telefonische bereikbaarheid zit het wel goed bij TKP, vindt 84% van de deelnemers aan het onderzoek. Ook de deskundigheid en de klantvriendelijke opstelling van TKP worden gewaardeerd: ruim driekwart van de ondervraagden geeft aan hier (zeer) tevreden over te zijn. Over de betrouwbaar­ heid, gedefinieerd als het nakomen van afspraken en het herstellen van fouten, is het beeld eveneens overwegend positief. Toch werden vooral ten aanzien van dit aspect van de dienstverlening echter ook enkele kritische signalen afgegeven,

met name over de snelheid waarmee fouten worden hersteld en over de tijdige beantwoording van schriftelijke vragen.

Pensioenfondsbestuurders Namens de zeven deelnemende pensioenfondsen konden 14 bestuursleden tijdens een diepte-interview aangeven hoe men tegen de dienstverlening van TKP aankeek. Aan de orde kwamen werkzaamheden als de voorbereiding en organisatie van bestuursvergaderingen, de kwaliteit en het aanbod van scholingsactiviteiten, de administratieve processen en de individuele en collectieve communicatie die door TKP worden verzorgd. Ook de bestuurders oordeelden positief over TKP, resulterend in het mooie gemiddelde rapportcijfer 7,5. Wel werden enkele verbeterpunten geopperd. Zo werd als aandachtspunt gewezen op de begrijpelijkheid van teksten in communicatieuitingen én werd de pensioenuitvoerder gevraagd om de flexibiliteit ten aanzien van de uitleg en interpretaties van de nieuwe Pensioenwet hoog in het vaandel te blijven dragen.

Voordeel mee doen In een reactie op de uitkomsten van de enquête stelt algemeen directeur van TKP Frans de Beaufort: “In algemene zin zijn we natuurlijk tevreden met het beeld dat uit het onderzoek naar voren komt. En met de genoemde aandachtspunten zullen we ons voordeel moeten doen!”

Punt van Aandacht, jrg 2 nr 1  

Nieuwsbrief voor TKP

Advertisement