Issuu on Google+

‘Het bijbelverhaal bevrijdt je van je individuele leventje en plaatst je in ‘n relatie’ –Ruben van Zwieten

Geloofsvernieuwing op feestelijke Volzindag

Voel je vrij om andere t 12

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 12

18-11-12 16:37


reportage ✽ Tekst: Bert van der Kruk Beeld: Martine Sprangers

Tien jaar Volzin – hoogste tijd voor vernieuwing. Niet alleen in de kolommen is de veranderingsdrift bespeurbaar, ook tijdens de jaar­ lijkse Volzindag in de Dominicus­ kerk in Amsterdam klonk steeds de roep: Maak het nieuw! Maar hoe vernieuwend was de dag zelf eigenlijk? En hoe inspirerend? “Wat je zingt, leg ik later wel uit. Ga eerst maar eens zingen.”

‘‘O

ok zo’n zin om te zingen?” vraag ik aan mijn buurman op een van de achterste banken van de Dominicuskerk. Tijdens vorige edities van de Volzindag luisterden de bezoekers steevast naar een koor of een orkestje, dit keer moeten ze zelf aan de bak, onder leiding van ‘stembevrijder’ Jan Kortie. Ik ben benieuwd naar zijn aanpak en ben wel weer eens toe aan wat vocale uitdaging. Bovendien, er wordt al zoveel gekletst en gespeecht in dit land. “Zingen?” klinkt het ongelovig naast me. “Zingen interesseert me niet. Als ik zing, is het alsof er een alarm afgaat.” Nee, deze Volzinlezer uit Delft komt af op de lezingen. Hij is betrokken bij de voedsel­bank en de katholieke parochie in zijn woonplaats en laat zich graag verrassen door vernieuwende inzichten van de jeugdige predikant Ruben van Zwieten en de new age-schrijfster Annemarie Postma. Maar zingen, nee.

Gloeilampen draaien 500 deelnemers aan de Volzindag luisteren naar Ruben van Zwieten.

e tonen te zingen

Toch moet hij er een klein uurtje later aan geloven. Tussen de twee lezingen door gaan we onze stemmen bevrijden. Meteen al krijgen mijn buurman en andere sceptici te horen dat het er helemaal niet toe doet of ze kunnen zingen. “Bij dezen hef ik de scheiding tussen zangers en niet-zangers op”, decreteert Jan Kortie vanachter zijn piano. “Het is namelijk uitgesloten dat je niet kunt zingen. Het is het eerste wat we kunnen. Er moet nou eenmaal gezongen

13

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 13

18-11-12 16:37


✽ reportage worden, in een vol voetbalstadion, maar ook hier in de Dominicus.” En zo beginnen we ons op Korties verzoek met z’n allen uit te rekken, waarbij er al direct allerlei geluiden vrijkomen. “Zie je wel, dat opent hè. Laat de schouders maar vallen.” Even later rollen de oooh’s en aaah’s door de hoge kerk. Buiten is het herfst, binnen zingen we ons warm, woordloos vooralsnog: ai, ai, ai, ai. Mijn buurman kijkt nog wat tegenstribbelend naar de kerkvloer en lijkt te mompelen – of is het toch zingen? Verderop in de kerk zijn de remmen er inmiddels af, de blikken gericht op het hoge plafond. Ja, zelfs de handen gaan in de lucht, lichtjes zwaaiend, alsof de hele kerk tegelijk gloeilampen aan het draaien is. Ja, dit is vernieuwing, wie weet zelfs geloofsvernieuwing, want niet eerder vertoond op een Volzindag. Nooit zag ik zoveel Volzinlezers tegelijk zo uitbundig lachen en genieten. Jan Kortie vuurt ze aan. “Zing vrijuit! Als ik iets voorzing wat voor jou te hoog of te laag is, voeg er dan jouw eigen variant aan toe. Voel je vrij om andere tonen te zingen.” De aanstekelijke aansporingen hebben effect; mijn buurman is inmiddels over zijn schroom heen en doet dapper mee. “Prachtig, die tweede stem. En leuk hè, ik hoor ook tonen die niet passen, maar die passen toch. Jouw stem is precies de stem zoals die moet zijn.” Je kunt zingen vanuit twee gedachten, verduidelijkt de stembevrijder nog. “Je kunt denken: ik ben een beperkt en onvolmaakt mens en mijn zingen is dat ook. Je kunt ook denken: ik ben een wezen van overvloed, vol muzikaliteit en inspiratie.” Om die overvloed te onderstrepen, zet hij een mantra in, niente mi manca, die weldra menig bezoeker zachtjes doet heupwiegen. “Het helpt als je zingt met een glimlach”, roept Kortie boven het indrukwekkend gezang uit. “Laat zien dat je het meent, laat ze aan de overkant van de kerk zien dat je deelt in die overvloed.” Ook dat werkt; na afloop is er niet alleen luid applaus, maar zelfs gejoel in de kerk.

Reuring maken En hoe vernieuwend is wat Ruben van Zwieten te zeggen heeft? Gastheer Wilfred Kemp, presentator bij de KRO, kondigt

Ruben van Zwieten (links boven): “Bijbel gaat over de onmogelijke mens.” Jan Kortie (boven midden). Oooh’s en aaah’s vullen de ruimte. Wilfred Kemp (onder), gastheer.

Nooit zag ik zoveel Volzinlezers tegelijk zo uitbundig lachen en genieten. ‘Zing vrijuit’, vuurt Jan Kortie aan hem aan als “de succesvolle predikant” van de Amsterdamse Zuidas. Grappig, moeten tegenwoordig ook dominees succesvol zijn om een plekje bij Volzin te krijgen? En wanneer ben je als predikant succesvol? Als je reuring maakt met bijbelklassen voor managers en existentielunches voor bankiers van de Zuidas? Hoe dan ook, de 29-jarige predikant heeft ook de Dominicuskerk goed in zijn

greep. Met groot gemak, zwierig en gedreven, neemt hij zijn gehoor mee in een betoog over vernieuwing in bijbelse zin. Dat is een heel ander soort vernieuwing dan de makers van vernieuwde bakboter van Zeeuws Meisje of nog lekkerder Liptonice ons dagelijks voorhouden. De zucht naar vernieuwing is groot, aldus Van Zwieten, alles moet voortdurend anders. Kijk maar naar het Achtuurjournaal: de presentator moet tegenwoordig staan. In de Bijbel heeft vernieuwing met geloof te maken, en dat geloof gaat volgens Van Zwieten weer over vertrouwen. Zelf leerde hij het vertrouwen kennen in het ziekenhuis, waar hij als kind met astma vaak lag. “Ik had last van sterke heimwee. Ik wilde niet alleen zijn. Op wie vertrouw je dan? Toen leerde mijn moeder mij bidden. In die tijd is ergens het vertrou-

14

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 14

18-11-12 16:38


Volzin 10 jaardag

Annemarie Postma (boven): “Ik weet alles van opstand.” Juryvoorzitter Joep de Hart (boven rechts) maakt winnaars schrijfwedstrijd bekend. Publiek (onder) laat zich mee­ slepen door ‘stembevrijder’ Kortie.

wen gegroeid dat Ruben nooit alleen is. Daardoor heb ik vervolgens besloten geen piloot maar dominee te worden.” Als predikant tussen de internationale hoofdkantoren en bankgebouwen van de Zuidas laat hij zich ook leiden door vertrouwen. “Vertrouwen is een relationeel begrip. Er komt iemand op je af die jou zijn vertrouwen wil geven. In dat gesprek gaat het niet over de vraag wat je gelooft. Nee, in de relatie draait het om heel andere vragen. Wie ben jij? Hoe gaat het met je? Waar lig je ’s nachts wakker van? Dan wordt het spannend. Wat voor producten maak je eigenlijk? En welke daarvan zou je nooit aan je eigen dochter verkopen? Dan wordt het nog spannender.” Juist in een “tijd van algemeenheden” moet je het gesprek beginnen bij het levensverhaal van mensen, benadrukt

Van Zwieten. “Ik zet daar vervolgens iets tegenover, het bijbelverhaal. Ook dat verhaal gaat nooit over dé wereld of dé mensheid, het gaat altijd over de onmogelijke mens, de jaloerse, geliefde, rijke, zielige, arme of zieke mens. Het bijbelverhaal werpt altijd een ander licht op ons levensverhaal. Daardoor worden we bevrijd van ons individuele leventje. We worden bevrijd om voortaan in relatie met anderen te leven. Van individuele mensen worden we nieuwe mensen, verbondsmensen.” Vanuit die inspiratie werkt Van Zwieten samen met anderen aan de totstand­ koming van de Nieuwe Poort, een nieuw soort gemeenschapshuis midden op de Zuidas. Enthousiast – de blaadjes van zijn lezing vallen ervan op de grond – schetst hij haast hemelse vergezichten: “Temidden van de torens van Babel gaan wij een

vijgenboom neerzetten. En zoals Zacheüs uit zijn boom werd geroepen, zo gaan wij al die zakenmensen uit hun torens roepen. Ik zeg niet dat het geloofsvernieuwing is; het is een poging in de marge. Maar wat moet je anders doen in dit leven? Laten we, elke keer opnieuw, iets nieuws bouwen nadat iets anders is afgebroken.”

Vergankelijkheid omarmen Ontstaat bij Van Zwieten de vernieuwing in het contact met de ander, volgens schrijfster Annemarie Postma zet elke verandering in bij jezelf. En de grootste verandering ontstaat door acceptatie van de werkelijkheid. Net als het woord los­laten speelt het een grote rol in haar betoog. Sterker nog, ze schreef er naar eigen zeggen al haar achttien boeken over. “Hoeveel boeken moet ik nog schrijven voordat het een beetje doordringt?” Echt nieuw is haar verhaal dus niet, maar misschien wel op een Volzindag. Met een verwijzing naar de documentaire Buddha’s lost children schetst ze de belangrijkste boeddhistische les: “Het omarmen van de voortdurende voortgang, vernieuwing en dus vergankelijkheid van het leven. We ontnemen onszelf onze levens­ adem als we niet op goede voet staan met de vergankelijkheid van het aardse bestaan en de eindigheid van het stof. Het is onze zielsopdracht om ons in het aardse leven met deze realiteit te verzoenen.” Nee, dat is geen passieve of fatalistische levenshouding, benadrukt ze, nog voor-

15

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 15

18-11-12 16:38


✽ reportage dat een kritische Volzinlezer dat wellicht kan opwerpen. “Integendeel, het vereist moed om de weg naar binnen te gaan. En het vereist discipline om bij onrust, chaos, moeheid en gebrek aan levenslust telkens weer uit te zoeken waar jijzelf het leven tegenhoudt en niet in acceptatie bent. Dat is een heel ander soort discipline dan die voortkomt uit het new agedenken, namelijk dat we eerst heel hard aan onszelf moeten werken om gelukkig te kunnen zijn.” De grootste uitdaging is, vervolgt Postma, om telkens weer zonder oordelen open te staan voor het leven zoals het is. “Wij denken vaak dat de werkelijkheid op ons oordeel zit te wachten, maar dat is niet zo. Mijn moeder is jong overleden en zelf kwam ik op jonge leeftijd in een rolstoel terecht. Maar niemand heeft gevraagd: hé Postma, ben je het daar eigenlijk wel mee eens? Nee, natuurlijk wordt dat niet gevraagd – en dat is maar goed ook.” Pas gaandeweg heeft ze – van nature “een heel obstinaat mens” – vrede gevonden. “Als je van je tiende tot je zeventiende in een tehuis, een revalidatiekliniek, hebt gezeten, dan ontstaat er een enorme boosheid. Ik weet dus alles van opstand. Maar ik weet ook wat het je precies niet brengt.” Ze wijst op haar hartstreek. “Je zult toch echt eerst hier tot verzoening moeten komen met alles wat er is. Je zult eerst dood moeten gaan. Het leven is durven dood gaan, elke keer weer. Vandaaruit ontstaat een veel diepere kracht dan enkel verzet. En vandaaruit groeit ook vernieuwing.” Niet iedereen in de Dominicus deelt dat inzicht. Een vrouw staat op. “Ik ben pastor, ik ben niet van de acceptatie en het loslaten. Ik ben ook niet van Jezus aan het kruis; die lieverd had van mij het lijden bespaard mogen blijven. Mensen krijgen soms klap op klap te verwerken, genadeloos. Dat moeten we juist niet accepteren! We kunnen hooguit elkaars shit, bagger en alles wat we onder het karpet stoppen met elkaar delen, aan elkaar toevertrouwen.” Ook Ruben van Zwieten gaat niet mee in Postma’s denktrant. “Ik word altijd heel blij van mensen die zeggen: ik accepteer dit niet, ik leg me hier niet bij neer. Alles laten zoals het is, loslaten, staat in de Bijbel haaks op opstanding. Ik zie dat veel

“De werkelijkheid vraagt niet naar ons oordeel: hé Postma, ben je het ermee eens dat je in een rolstoel zit?”

mensen vastlopen, maar ik roep ze nooit op om dat te accepteren. Een moeder met kanker? Een zoon die suïcide pleegt? Nee, dat is Gods bedoeling niet; accepteer het niet. En als ik voorga bij de begrafenis, dan zingen we uit protest tegen de dood, want die heeft de relatie tussen mensen opgeheven, soms veel te vroeg.”

Door elkaar heen zingen Is het vernieuwend? Is het geloofsvernieuwing? Het klinkt toch eerder vertrouwd progressief- christelijk. Maar dat is een term die volgens hoofdredacteur Eduard van Holst Pellekaan niet meer past bij Volzin, net zo min als het woord oecumenisch. Dergelijke christelijke bloedgroepen zijn voor de hedendaagse zinzoeker niet meer relevant. “Volzin is tegenwoordig voor en van de christelijke vrijdenker.” Theoloog Erik Borgman, die het eer-

ste nummer van de geheel vernieuwde Volzin in ontvangst neemt, is blij met die ontwikkeling. Ooit hoopte hij dat Volzin zijn eigen gedroomde Religie Magazine zou worden. Helaas zag hij dat het blad “regelmatig halfwassen pogingen deed om een soort christelijke Happinez te worden”. Borgman ziet het tijdschrift nu zijn leven beteren. “Volzin wordt intellectueler

‘Mensen krijgen soms klap op klap, genadeloos. Dat moeten we juist níet accepteren’

16

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 16

18-11-12 16:38


Tekst: Bert van der Kruk Beeld: Martine Sprangers

Marjoleine de Vos Column

Paradijs in mijn tuin bladeren harkend, dacht ik nog weer eens na over het paradijs. Niet dat ik denk dat mijn tuin het paradijs is, maar in zekere zin, als je op een mooie herfstochtend blad staat te harken, en de verten zijn lichtblauw en wazig, en het ruikt naar eikeltjes, en de vogeltjes, en de kleuren, en enzovoort, nu ja, dan denk je wel eens: ik heb het toch enorm getroffen. Geen wonder dat ik hier graag wilde wonen. Waarom besef ik dat toch niet elke dag? Maar tegelijkertijd denk ik: was het niet beter, of paradijselijker, toen ik hier nog niet woonde, maar nog gedeeltelijk elders, en hier dus geregeld weg moest? Ik dacht aan een vakantie ooit, op Kreta, waarin we elke dag met een bootje langs de kust naar een volgend dorpje voeren, waar we wandelden, aan een volmaakt strand lagen, een glaasje dronken, en dan moesten we weer terug met het bootje naar het plaatsje waar we logeerden. Het slechts per boot te bereiken dorpje met zijn baai, zijn strand, zijn terrasje was een paradijs waar we elke dag weer tot onze spijt uit weg moesten.

Aandachtig luisterend naar toespraak.

Hoofdredacteur presenteert vernieuwde Volzin.

en wil een plaats worden waar christelijke vrijdenkers elkaar in verbeeldingskracht en creativiteit tot grote hoogten opstuwen.” Of de 182 essays voor de Volzin-opinieprijs 2012 in die categorie vielen, mocht een jury onder leiding van Joep de Hart bepalen (lees tweede prijswinnaar op pagina24, red.). De socioloog noemt het lezen van al die stukken een uitermate leerzame ervaring. “Maak het nieuw!, zo luidde het thema van de wedstrijd. En wat blijkt? Als je Nederlanders daarop laat reageren, beginnen ze over zichzelf. Niet over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, niet over Hollandse nieuwe, het laatste nieuws of het Nieuwe Testament, evenmin over Nieuw-

Lekkerland, New York of zelfs maar de jonge slablaadjes in september van Rutger Kopland – nee: over zichzelf.” Het is waar, ook de Volzinsprekers putten geregeld uit hun biografie. Maar na zoveel gepraat snakt een mens naar iets anders. Hij kan het woord vernieuwing niet meer horen, hij wil het zingen. Gelukkig, daar is Jan Kortie weer, nu met een mantra in het Zuidfrikaans: noyana, nithini, phezulu. “Wat je zingt, leg ik later wel uit. Ga eerst maar eens zingen. En zing maar door elkaar heen. Zet je over een bepaalde mate van beleefdheid heen. Laat alle voorzichtigheid varen.”

.

toen maakten we een fout. We verhuisden helemaal naar het paradijsdorpje. De boottochtjes vervielen, het verplichte en betreurde vertrek verviel. En het paradijs werd een stuk minder betoverend. Veel gewoner. Zelfs wel eens een beetje saai, die lange dagen in dat kleine dorpje. Menigeen brengt vakanties door in het paradijs, maar wie er gaat wonen en ineens de winter op het Franse platteland in een uitgestorven gehucht zit, of op een winderig, verlaten Grieks eiland, verliest nogal eens zijn aanvankelijke enthousiasme. Mensen wonen meestal niet in het paradijs. Ze komen er soms even terecht, ze zijn er ooit geweest. Zo ook moesten adam en eva het paradijs uit om te kunnen zien dat het een paradijs was. Toen ze erin leefden, konden ze niet beseffen dat ze het buitengemeen goed getroffen hadden. Het paradijs bestaat bij de gratie van het verlies, van het vertrek, van de tegenstelling. Maar misschien, dacht ik al harkend, hoeft de tegenstelling nu ook weer niet zo gróót te zijn. Misschien is een dag zon na een grauwe dag, herfst na zomer, buiten zijn na binnen zitten, al wel tegenstelling genoeg. Of is het juist dankzij het verlangen naar tegenstellingen - in feite een vorm van onvrede - dat je af en toe een paradijs tegenkomt? Waar is die boom der kennis? Marjoleine de Vos is dichter en redacteur van NRC Handelsblad.

17

12-17_Volzindag_Volzin23.indd 17

18-11-12 16:38


Volzin 10 jaardag