Page 1

De mensen bij Volksuniversiteit Baarn


Voorwoord Zeventig jaar Volksuniversiteit in Baarn. Dat heuglijke feit vieren we dit jaar. Ge誰nspireerd door de initiatieven van de Amsterdamse antropoloog en socioloog prof. S.R. Steinmetz stak in 1945 een groepje Baarnaars de koppen bijeen om een laagdrempelige onderwijsinstelling voor volwassenen op te zetten. De Volksuniversiteit Baarn was geboren. Een lokaal initiatief voor en door Baarnaars. Georganiseerd door enthousiaste vrijwilligers en uitgevoerd door gekwalificeerde docenten met passie voor volksuniversiteitswerk. Nu, zeventig jaar later, zijn we nog steeds die vrijwilligersorganisatie. Springlevend en vol ambitie. Mensen inspireren en stimuleren om hun kennis, inzichten en vaardigheden verder te ontwikkelen, te vergroten of te verrijken. Daar staan we voor! De viering van ons zeventigjarige bestaan delen wij met de Baarnse bevolking in de vorm van het Groot Baarns Dictee; een spellingwedstrijd waarvan de finale in de raadzaal van ons gemeentehuis plaatsvindt. Daarnaast willen we ook iets tastbaars aan dit jubileum verbinden. Wat is er dan mooier dan een jubileumboek! We kwamen in contact met tekstschrijver en journalist Hanneke Kiel, schrijver en publicist Frits Booy en grafisch ontwerper en fotograaf Johan Bosgra. Deze enthousiaste plaatsgenoten boden hun hulp aan. Het resultaat van hun gezamenlijke inspanning vindt u hierbij in de vorm van een eigentijds e-book. Aan de hand van geschreven portretten laten ze u kennismaken met een aantal cursisten, docenten en vrijwilligers en in een serie artikelen nemen zij u mee in de geschiedenis van de VU Baarn. Hoe is de volksuniversiteit begonnen? Wie namen het initiatief en wat was hun doelstelling? Hoe heeft de volksuniversiteit zich in Baarn ontwikkeld? Wie zijn de mensen bij de Volksuniversiteit Baarn? Wat beweegt hen? Wat zijn hun ervaringen? Op een boeiende wijze gaan de samenstellers op deze vragen in. Ik wens u veel leesplezier toe en ik hoop u op onze cursussen te mogen begroeten. Piet van Zanten Voorzitter Stichting Volksuniversiteit Baarn november 2015


2


Docent Jan Vermaas: “Kijken, kijken, kijken, kijken”

eerste die binnenkwam zei ik altijd; zoek maar een leuk plekje uit. De mensen die als laatste kwamen, moesten gaan zitten waar nog plek was. Ik zorgde altijd dat er van alle kanten iets leuks te zien was. Thuis ging ik al op de keukentafel het spul neerzetten en dan liep ik er omheen, want als die vaas daar staat, zie je die fles niet. Ik was altijd een half uur eerder aanwezig om het neer te zetten en te schikken. Elke kant moest een beetje leuk zijn. Het werd op den duur moeilijk om iedere keer iets nieuws te verzinnen. Ik heb spullen uit onze keuken meegenomen, kinderspeelgoed, gereedschap, van alles.

De leeftijden van de docenten bij de volksuniversiteit lopen uiteen, maar tekendocent Jan Vermaas is altijd één van de oudste docenten geweest. Nu is hij 95 en doet hij het rustig aan vanwege zijn hart. Hoe is hij ooit als docent begonnen? “Ik zat bij de schilderclub die in de jaren vijftig begonnen is in het atelier van Jaap de Ruig. Een van die leden kende de docent tekenen bij de volksuniversiteit en die vertrok plotseling naar het buitenland. Bij de schilderclub had ik ook weleens lessen gegeven, dus ze dachten dat ik dat wel kon. Dat was eind jaren ’90. Ik heb het zo’n 12 jaar gedaan. De laatste jaren kwam Ton Kooremans erbij. Ik deed dan de eerste helft van het seizoen, tot en met december, hij deed het van januari tot en met maart. Dat heb ik volgehouden tot mijn negentigste, toen kreeg ik een feestje van de Speeldoos. Daarna stopte die cursus, dat was niet de bedoeling, maar er waren geen aanmeldingen meer. Terwijl er daarvoor altijd genoeg mensen waren, er was altijd een vaste harde kern.

Corrigeren Het was altijd een gemêleerde groep; het merendeel was gepensioneerd, maar er waren ook altijd jongere mensen. Er waren er altijd een paar die het echt in de vingers hadden, daar kon ik dan kunstjes mee uithalen. Dat vond ik wel leuk. Maar bij het merendeel moest ik veel helpen, een beetje corrigeren. Zo schipperde ik een beetje rond. Kijken, kijken, kijken, zei ik dan. Ik heb er altijd plezier in gehad. Dat ik een paar mensen zag die vooruit gingen. Ik vond het fijn om dat wat ik kan, over te dragen.

Stilleventje Ik nam iedere week wat spullen mee, en daar maakte ik in het midden een stilleventje van, dat moesten de cursisten tekenen met potlood en schetsboek. De tafels stonden er in een vierkant omheen. Tegen de

Schilderclub Bij de schilderclub was ik al voordat ik trouwde, in 1952. Eerst op woensdagavond, naast mijn werk en 3


Gave Waarom teken ik? Het komt uit jezelf, laat ik het dan maar zo zeggen. Laatst vond ik een schetsboekje terug dat ik gekregen heb op mijn zestiende verjaardag. Daar heb ik een portret van mijn neef en twee ooms in gemaakt. Dus ik moet het toen al gehad hebben. Ik heb nooit les gehad, dus van verhoudingen wist ik niets af. Maar als ik het nu nakijk, klopt het wel precies. Ik heb toen dus al getekend door kijken, kijken, kijken, kijken. Het is… mag ik het een gave noemen? Dat is een mooi woord. Hoe kon ik op mijn zestiende een goed portret tekenen, waar ik nooit van verhoudingen geleerd had? Dat kan door kijken, kijken, kijken. Heeft niemand mij gezegd.

na mijn pensioen ook in de ochtenden. Ik heb altijd ernaast getekend, op vakantie had ik altijd een schetsboek bij me. En ik heb heel veel buiten getekend en geschilderd. Ik had in de ene fietstas een plankje met scharnierende pootjes en een jampotje water. En aan de andere kant verf en penselen. Dan ging ik zitten op een plekje dat ik eerder op de fiets ontdekt had. Bij Groeneveld, bij het sluisje van Eemnes en op de dijk bij Bunschoten. Bij Groeneveld heb ik zelfs ook in de winter zitten schilderen, met handschoenen aan. Bosch & Keuning Ik ben in de oorlog begonnen bij uitgeverij Bosch & Keuning, als grafisch ontwerper. Daarna ben ik een paar jaar in Indië geweest en na de oorlog ben ik er weer teruggekomen. Ik heb eerst bij de drukkerij gewerkt, daar maakte ik bijvoorbeeld reclamedingetjes die de vertegenwoordigers nodig hadden. Dat was tekenen met een pennetje en Oost-Indische inkt. Later kwam de offset, toen ben ik meegegaan met de uitgeverij en heb ik tijdschriften gemaakt. Dan kreeg je de tekst getypt en de foto’s of tekeningen erbij, of we moesten zelf tekeningen maken. Dat was allemaal knippen en plakken en aangeven hoe groot de letter van de kopjes moest zijn.

Oud Ik heb me nooit oud gevoeld. Ik rende de trap op, ik fietste en we gingen met vakantie naar Griekenland. Als we een zwembadje hadden, lag ik om zeven uur ‘s ochtends in het water. Tot ineens duidelijk werd dat ik ernstig hartfalen had. Nu doe ik het dus rustig aan, ik vind het goed zo. Ik heb een mooi leven gehad.”

4


“Het komt uit jezelf, laat ik het dan maar zo zeggen�

5


70 jaar Volksuniversiteit Baarn

Baarnsch Lyceum in Villa Waldheim

Allereerste initiatief Halverwege de 19e eeuw maakte een aantal Engelse wetenschappers zich zorgen over de verborgen tweedeling in de maatschappij, namelijk tussen hen die veel weten en hen die bijna niets weten. Men vond dat onjuist en wilde dat de kennis en de ervaring van de universiteit gedeeld werden met het gewone volk. Dat moest gebeuren in de vorm van een laagdrempelige onderwijsinstelling, maar dan zonder de druk van examens. Men noemde deze instelling Volksuniversiteit en startte deze in de tweede helft van de 19e eeuw. Al snel volgden BelgiĂŤ, Denemarken en Duitsland het Engelse voorbeeld. In Nederland gebeurde dat nog niet, maar de Maatschappij

Dit jaar is het feest bij de Volksuniversiteit Baarn, want zij werd opgericht in 1945 en bestaat nu dus 70 jaar. Dat wordt gevierd met een speciaal lustrummagazine met geschreven portretten van degenen die werkten als docent of vrijwilliger voor de VU Baarn en met als hoogtepunt Het Groot Baarns Dictee, dat in november wordt afgenomen. Hoe is de Volksuniversiteit begonnen? Wie namen het initiatief en wat was hun doelstelling? Hoe begon de VU in Nederland? En hoe heeft deze instelling zich in Baarn ontwikkeld? In een aantal bijdragen zal op deze vragen worden ingegaan.

6


tot Nut van ’t Algemeen probeerde in die tijd de gewone man een beter bestaan te bieden door middel van armenzorg, spaarbanken, leer- en leesboeken (ook voor de jeugd) en bibliotheken. België, Denemarken en Duitsland het Engelse voorbeeld. In Nederland gebeurde dat nog niet, maar de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen probeerde in die tijd de gewone man een beter bestaan te bieden door middel van armenzorg, spaarbanken, leer- en leesboeken (ook voor de jeugd) en bibliotheken. Nederlands initiatief in 1913 Prof. S.R. Steinmetz, volkskundige en socioloog, was in het begin van de 20e eeuw door zijn werk in aanraking gekomen met het armoedige en afgestompte leven van fabrieksarbeiders. Hierdoor was hij zo getroffen, dat hij wilde proberen om deze arbeiders en anderen met weinig of nauwelijks scholing – ongeacht hun politieke of religieuze achtergrond – te ontwikkelen. Een volksuniversiteit leek ook hem een goed middel om dat te bereiken. Hij richtte in 1913 in Amsterdam de eerste Volksuniversiteit in ons land op, waarbij het hem vooral ging om kennisoverdracht. Steinmetz stelde een programma met verschillende cursussen en lezingen van niveau samen, waarmee de deelnemers hun leven zouden kunnen verrijken. Het was ook niet zijn bedoeling om vakopleidingen met afsluitende examens aan te bieden. Het initiatief van Steinmetz was meteen een groot succes. Het eerste jaar waren in Amsterdam al 3000 cursisten die deelnamen aan 23 verschillende cursussen! Al snel daarna kwamen er afdelingen van de VU in Assen, Den Haag, Groningen, Rotterdam, Tilburg, Utrecht en Zwolle. Nu zijn er in heel Nederland ongeveer 90 vestigingen met duizenden cursisten.

Jochem Beunk

Lyceum. Er werd bijna uitsluitend gewerkt met vrijwilligers en dat is nog steeds het geval. Van de activiteiten van de eerste twee jaren is helaas niets bekend. De programma’s vanaf het cursusjaar 1947-1948 laten echter duidelijk zien dat de VU Baarn elk jaar weer serieuze pogingen heeft gedaan om velen te ontwikkelen met lezingen, cursussen en muziek- en theateravonden, verzorgd door min of meer bekende deskundigen en artiesten. Uit de aangeboden programma’s blijkt ook, dat men niet alleen fabrieksarbeiders maar ook mensen met meer opleiding − zoals (meer) uitgebreid lager onderwijs − als doelgroep zag. Daarin zit een groot verschil met het initiatief uit 1913.

Oprichting VU in Baarn In Baarn werd pas in 1945 een afdeling van de Volksuniversiteit opgericht, Volksuniversiteit Baarn (V.U.B.) genoemd. De eerste voorzitter was J. Beunk, docent boekhouden en handelswetenschappen aan Het Baarnsch

7


8


Cursist Toos van Velsen: “Je doet altijd een beroep op je geheugen” den Berg woont, vond ze in Yvonne Signer en de Volksuniversiteit Baarn de ideale plek. “Een goede docent is belangrijk, iemand bij wie ik me veilig voel. Dat heb ik nodig, want ik ben heel onzeker. Op de open dag heb ik meteen besloten dat ik bij Yvonne wilde boetseren.” Dat was in 2007. Ze maakte daar haar eerste kop, een klassiek Grieks beeld dat ook veel van haarzelf weg heeft. “Waarom ik dat nou zo gedaan heb, ik weet het niet. Het komt nooit uit de lucht vallen, want je doet altijd een beroep op je geheugen.” Het werd de eerste in een hele reeks karakterkoppen, allemaal uit haar fantasie ontsproten. ”Ik weet niet waarom ik koppen maak, ik was altijd al met hoofden bezig. Ik teken ok altijd koppen. Ik heb ze allemaal verzonnen, dat zit gewoon in mijn hoofd. Ik verzamel wel altijd plaatjes met uitdrukkingen van mensen. Bijvoorbeeld van intense blijdschap of diep verdriet.“

“Als ik met de mond bezig ben, weet ik al hoe ik de rest ga doen, dan zie ik het helemaal voor me. Soms begin ik aan een jonge vrouw en wordt het een oud mannetje.” Toos van Velsen vertelt graag en veel over haar koppen, die bij gebrek aan een betere plek in haar woonkamer staan. Toch staat ze bij haar boetseerclub bekend als de stille; tijdens het werken moet ze zich concentreren. Ze heeft haar hele leven al geboetseerd, waarom weet ze zelf ook niet. Het zit wel in haar genen, van de artistieke familie Van Velsen uit Hilversum. De figuurtjes die ze op de mulo voor een tentoonstelling inleverde, werden geweigerd. Die kon ze gewoon niet zelf gemaakt hebben. Toos heeft sinds haar 21e gewerkt als psychologisch assistent en hield zich vooral bezig met het testen van basisschoolkinderen. “Dat is veel observeren, goed kijken en letten op iemands taal. Het leukste vond ik om uit een kind te halen wat erin zit. Er ontging me niet veel.”

Atelier Onlangs maakte ze de kop af die ze van een goede vriendin maakte. “Daar ben ik een jaar of zes geleden mee begonnen omdat ik die uitdaging aan wilde gaan. Het leek al vrij snel op haar, maar het was nog niet naar mijn zin. Als je een kop van een bestaand iemand maakt, doe je een beroep op andere vaardigheden. Ik heb hem nu afgemaakt. Ze is het echt, misschien iets jonger dan ze in werkelijkheid is, maar haar ziel zit erin.” Toos denkt er nu over om werk in opdracht te

Boetseercursus Toen ze nog getrouwd was, startte ze in de avonduren met de lerarenopleiding op de Academie voor Beeldende Vorming in Amsterdam, maar door omstandigheden heeft ze die in het voorlaatste jaar afgebroken. Haar creatieve ader opende zich weer op het moment dat ze op zoek ging naar een boetseercursus bij de volksuniversiteit. Hoewel ze in Nederhorst

9


afscheid genomen. “Ik heb alle vertrouwen in de nieuwe docente, maar we vinden het allemaal heel jammer dat Yvonne stopt. Ik heb heel veel aan de juf te danken. Zij voelt van iedereen heel goed aan hoe je in elkaar zit, of je een goede week hebt gehad. Ze zag bij mij altijd precies als ik vanuit mijn hoofd zat te werken en niet vanuit mijn gevoel. Ze weet iedereen in de groep op de juiste manier aan te sturen, dat vind ik heel knap. Yvonne is goud waard. Ze heeft mij in mijn persoon gedreven tot wat ik nu ben.”

gaan maken. Ze heeft al wat aanvragen gekregen en in haar huis heeft ze een atelier gemaakt, zodat ze ook thuis kan werken. Ze is nu bezig om samen met een bevriende fotograaf en een neef die ontwerper is, een portfolio van haar werk te maken. Haar droom is een expositie te organiseren. Groep

De cursistengroep van de woensdagmiddag is al jaren bijna ongewijzigd gebleven. De cursisten schrijven zich ieder jaar weer zo snel mogelijk in, maar soms komt er wel eens een nieuwe bij. Als de cursus stopt in april blijven ze elkaar ontmoeten. “Elke eerste woensdagmiddag van de maand drinken we koffie in De Generaal. We kijken wel wie er komen.” Toos is ook enthousiast over de Speeldoos, waar de cursus wordt georganiseerd. “Heel aardige behulpzame mensen en een leuke entourage. Op woensdagmiddag komen er vaak kinderen langs het lokaal, dan mogen ze weleens binnenkomen om te kijken. Kinderen vinden het heel mooi wat ik maak. Dat raakt me, dat ze oog voor schoonheid hebben.”

Portfolio

Toos van Velsen is nu bezig kunstenaar te worden, hoewel ze twijfelt over het antwoord op die vraag. Zoals haar neef het voor haar portfolio omschreef: “Het werk van Toos van Velsen is ‘uit de lucht gegrepen’. Niet een afspiegeling van wie of wat bestaat en werkelijkheid is. Zij kneedt aan een man of vrouw van klei en puur vanuit de intuïtie wordt zo een persoonlijkheid geschapen, als ware het een geboorte. Wat uit haar handen tevoorschijn komt zijn individuen, mensen die nooit bestonden maar toch tot leven komen.”

Juf

Toos spreekt over ‘de juf’ en ‘op school’ als ze het over de boetseercursus heeft. In september begint een nieuwe docente, want Yvonne Signer heeft net

10


“Elke eerste woensdagmiddag van de maand drinken we koffie in De Generaal”

11


12


Piet van Zanten: “Leren, Ontwikkelen, Ontmoeten en Beleven” “Ruim honderd jaar geleden is de eerste volksuniversiteit opgezet ‘ter verheffenis van het volk’. Als je gelijke kansen voor iedereen wil op het gebied van onderwijs, kun je daar als volksuniversiteit een belangrijke rol in spelen. In de loop der jaren is dat wel veranderd. We zitten nu in een heel belangrijke periode omdat we keuzes moeten maken over hoe we nu verder gaan.” Piet van Zanten volgde twee jaar geleden Jan Rutten op als voorzitter van Volksuniversiteit Baarn. Hij kwam er in 2005 voor het eerst mee in aanraking als cursist: “Ik werkte bij een bank, met een secretaresse hoef je zelf niet zoveel met computers te werken. Presentaties maken had ik nog nooit gedaan. Toen ik met pensioen ging, ben ik een cursus PowerPoint gaan doen.” In het bestuur van de Volksuniversiteit Baarn zitten nu, naast Van Zanten: Joris van Tets (penningmeester), Peter Broerse (secretaris), Anne Marie Bosman (pr-commissie) en Carla Boelen (programmacommissie). De organisatie bestaat in totaal uit 20 vrijwilligers, in het bestuur en in de twee commissies. Verder is er een medewerker kantoorondersteuning, naast bureaucoördinator Henriëtte van Zwieten die de enige betaalde (parttime) kracht is. “Het afgelopen jaar hebben we er veel nieuwe enthousiaste mensen bij gekregen.”

13

Pijlers Volksuniversiteit Baarn heeft sinds vorig jaar een nieuwe huisstijl en een actief pr-beleid. “We hebben een jaar geleden ook vier pijlers vastgesteld: Leren, ontwikkelen, ontmoeten en beleven. We hebben met elkaar gekeken in hoeverre alle lopende cursussen aan die vier pijlers voldoen. Vooral wat betreft beleving kan er nog wat verbeterd worden. Denk bijvoorbeeld aan een taalcursus waarbij je ook een film kijkt en een workshop koken krijgt. Daarmee maak je als volksuniversiteit het onderscheid met andere instituten.” Samenwerking Er zijn in deze regio veel volksuniversiteiten dicht bij elkaar; in Hilversum, Soest, Eemnes, Laren en Bussum. “Samenwerking was tien jaar geleden nog ondenkbaar, maar nu doen we dat wel. Als je in drie gemeenten dezelfde cursus organiseert en overal zijn maar twee aanmeldingen, kan je ze beter samenvoegen dan dat je al die cursisten teleur moet stellen, zeker als dezelfde docent die cursus geeft. De locatie is wel heel belangrijk bij de keuze voor een cursus. Mensen komen ook om andere mensen uit Baarn te ontmoeten. Maar voor mensen die echt inhoudelijk gemotiveerd zijn om een cursus te volgen, is de stap naar een andere gemeente niet zo groot. Wij bieden nu in ons programmaboekje een paar cursussen aan die ergens anders georganiseerd worden en omgekeerd ook.”


Na afloop van die periode kijken we of het goed verlopen is. Een product zou laaggeletterdheid kunnen zijn. De centrale overheid heeft dat bij de gemeente neergelegd maar die komt daar nauwelijks aan toe. Ik zou het een prachtige uitdaging vinden als we daar op zouden kunnen inhaken. Je zou daarbij ook heel goed met een paar volksuniversiteiten kunnen samenwerken. Op die manier kan je de missie van verheffenis van het volk van 70 jaar geleden vertalen naar nu. Voor andere cursussen, bijvoorbeeld kunstgeschiedenis, filosofie en creatieve cursussen zouden we dan misschien iets meer kunnen vragen, zodat die cursussen zichzelf kunnen bedruipen. Er is een grote sympathie bij de gemeente, dus misschien kunnen we deze kant op gaan.”

Ondernemers “We hebben altijd al plaatselijke ondernemers betrokken zoals met een cursus bij bakker Kuiper of banketbakker Veldhuizen. Dat zetten we nu door, bijvoorbeeld met creatieve fotomontage van grafisch ontwerper Johan Bosgra. Vorig jaar hadden we de cursus boetseren met zilverklei die werd gegeven bij Nijhof. Daar zit ook weer de pijler beleven in, bovendien betrek je ondernemers en wij kunnen weer wat nieuws aanbieden.” Gemeente De volksuniversiteit is een landelijke naam maar geen landelijke organisatie. Er is wel een brancheorganisatie waarvan de helft van de volksuniversiteiten op vrijwillige basis lid is. De volksuniversiteiten in alle gemeenten staan op zichzelf en krijgen van de gemeente wel of geen subsidie. “De gemeente Baarn heeft besloten ons helemaal geen subsidie meer te geven. Wij hadden nog wat spaarpotjes die we eerst op moeten maken. Als we ons nog echt met onze oorspronkelijke taak bezig willen houden, moeten we op de een of andere manier aan geld komen, want je kan dat niet halen uit het cursusgeld. Dat is de uitdaging waar we nu voor staan. Wat ik echt mooi zou vinden, is als we aan de gemeente Baarn zouden vragen wat zij belangrijk vindt voor de gemeente. Dan maken wij daarvoor een programma, we sluiten een contract af voor drie of vier jaar en daar betaalt de gemeente ons voor.

Bedrijf “Wat is zo leuk vind aan de volksuniversiteit, is dat het echt een bedrijf is; met een product en klanten, een reclameafdeling, medewerkers en de politiek waar je mee te maken hebt. Ik heb in de afgelopen twee jaar veel meer Baarnaars leren kennen dan in de tijd dat ik nog bij de bank werkte. De volksuniversiteit is er echt voor en door de Baarnse bevolking.”

14


“De volksuniversiteit is er echt voor en door de Baarnse bevolking�

15


70 jaar Volksuniversiteit Baarn - vervolg In 1950 werd de V.U.B. een stichting met als bestuursleden: J. Beunk (voorzitter), mevr. C. van Nooten-Goedbloed (secretaris), J. Verbeek (penningmeester), A.J.M. van Breukelen, J. de Jonge, mevr. M. van Klaveren, mvr. J. Klijn-Best, H.J. Lijfering, dr. U. Schults, C.P.J. Simons en D. van der Stoep. Evenals Beunk waren Lijfering en Schults docenten aan Het Baarnsch Lyceum, die respectievelijk Frans en Nederlands en geschiedenis gaven. De administratie werd verzorgd door mej. A.J. van Dorp, Cantonlaan 7. Het bureau was gevestigd op Laanstraat 58 (Drukkerij Bakker, linkerdeur) en de bijeenkomsten werden ’s avonds gehouden in de aula van Het Baarnsch Lyceum (voorheen villa Waldheim), Stationsweg 39 (dankzij de bestuursleden

die daar lesgaven, natuurlijk) of in de Baarnsche Sociëteit, toen gevestigd op Leestraat 6. Eerste programma’s De activiteiten van de eerste twee jaren zijn niet bekend. Op 23 september 1947 werd het cursusjaar 1947-1948 geopend met een algemene vergadering in de aula van Het Baarnsch Lyceum, waarna een opvoering van Jan Weilands Marionettentheater plaatsvond. Gezien de programma’s van de volgende jaren werd een theatervoorstelling na de jaarvergadering een traditie. Er werden verder die winter − naast enkele cursussen − tien andersoortige avonden georganiseerd, namelijk acht lezingen, één muziekuitvoe-

Aula van het Baarnsch Lyceum in villa Waldheim

16


Wat de cursussen betreft, deze waren ook zeer divers: Dr. H.A. Haantjes gaf vier avonden lang een cursus over het toneelstuk Faust van de beroemde Duitse dichter, filosoof en staatsman Goethe. Voor beginners en gevorderden werden cursussen in Duits, Engels, Frans en Italiaans verzorgd en er was gelegenheid om een cursus over verbrandingsmotoren, voornamelijk van motorfietsen en auto’s, te volgen.

ring en één voordracht. De onderwerpen van de lezingen waren zeer verschillend: Helderziendheid door de bekende psycholoog dr. W.H.C. ten Haeff uit Utrecht; Oude en nieuwe beeldhouwkunst door graficus, kunstschilder en museumdirecteur Otto van Tussenbroek; Oude en nieuwe schilderkunst ook door Van Tussenbroek; De dichters Henriëtte en Adriaan Roland Holst door letterkundige dr. A. Saalborn uit Bussum; Diepzeeonderzoek door dr. H. Groot uit Laren; Het vliegwezen (spreker onbekend); Radar door ir. H.T. Hylkema uit Amsterdam en Walvisvaart door dr. E.J.Slijper uit Utrecht. Avonden van heel andere aard waren: Een optreden van het viool- en pianoduo Miep van Hall en Max van Doorn uit Amsterdam en een voordracht van een verhaal uit de Russische literatuur door acteur Max Croiset.

17


18


Docent Margo Hoeneveld: “Als je lacht wordt je hoofd leeg” ander probleem, dan hebben we het daar eerst over. Vertel je verhaal en vraag aan je collega’s welke tip zij kunnen geven, zeg ik dan. Het is dus ook een beetje een lotgenotenclub. Na afloop van de cursus raken ze vaak met elkaar in gesprek en maken ze afspraken om bijvoorbeeld samen naar Amsterdam te gaan. Er is nu ook een Facebookgroep voor au pairs in Baarn. Bij de laatste cursus kenden ze elkaar daar al van en ontmoetten ze elkaar in de klas voor het eerst in het echt. Ik probeer ze wat mondiger te maken als dat nodig is, maar ik ga niet zelf hun problemen oplossen.”

De volksuniversiteit bood jarenlang een cursus Dutch For Foreigners aan. De deelnemers varieerden van een Engelse mevrouw die een praatje wilde maken met haar buurman tot au pairs. Docente Margo Hoeneveld stelde voor om die doelgroepen te splitsen en een cursus aan te bieden speciaal voor au pairs. Dat bleek een enorm succes; de cursus zit al twaalf jaar vol. Volksuniversiteit Baarn is de enige volksuniversiteit die deze cursus geeft. Waarom is dat? “Hier in de regio Gooi en Eemland zijn relatief veel au pairs. Gastgezinnen zijn verplicht hun au pairs een cursus aan te bieden. Au pairs vinden het zelf ook leuk om collega’s uit de regio te ontmoeten. Ze komen uit Baarn, Soest, Bussum, Amersfoort en andere gemeenten. Sociaal contact is voor deze groep heel belangrijk. Je zal maar 18 zijn en als au pair in Baarn zitten!”

Humor Au pairs zijn jong en leren daardoor sneller een nieuwe taal. Bovendien zijn ze in hun gastgezin vanaf het begin ondergedompeld in het Nederlands. “Daar leren ze kindertaal, dan hebben ze het over hun neusje, of over hun voetjes. Dat moeten ze dan weer afleren, natuurlijk. Eén keer paar jaar, als u en jij aan de orde komt, vraag ik aan de cursisten die in het lokaal naast ons de schildercursus volgen, of ze dat één op één met hen mogen oefenen. Want de oma in het gastgezin mogen ze vaak ook met jij aanspreken. Naast Nederlands leer ik ze ook over Nederlandse tradities zoals Sinterklaas en de paashaas. Ik probeer altijd veel humor in mijn lessen te brengen, want als je lacht, wordt je hoofd leeg en kan er weer meer in.

Lotgenoten Margo Hoeneveld geeft de cursus Nederlands voor au pairs in tien tot twaalf lessen, in het najaar. Ze behandelt elke week een hoofdstuk uit Stap, een methode voor Nederlands als Tweede Taal (NT2). “Dus als ze een week niet kunnen, weten ze precies wat we behandeld hebben. Maar we bespreken natuurlijk ook de actualiteit. Als een au pair heimwee heeft of een

19


Hobby De cursus Nederlands voor au pairs hoopt ze nog jaren te kunnen geven. “Ik ben nu 63 maar ik wil graag nog jaren werken, mijn werk is mijn hobby. Ik vind dit een leuke groep, die jong volwassenen uit allerlei verschillende landen. Ik leer ook van ze, over hun land, de gebruiken, wat er speelt. Eén au pair die me speciaal is bijgebleven is Jayde, uit Zuid-Afrika. Zij vertelde dat ze daar als blanke zo gediscrimineerd wordt. Ik vond het interessant om daar meer over te horen, dat soort dingen lees je niet in de krant.”

De methode past wat dat betreft bij mij, daar zitten veel grapjes in. Ik doe ook veel met liedjes; ‘Wie ben jij, wat is je naam? Waar kom je vandaan?’. Als je dat een paar keer zingt, zit dat zo in je hoofd. Taalcursussen Margo lijkt de ideale cv te hebben voor deze cursus: Zelf was ze op haar 18e jaar een jaar au pair in Parijs. Ze studeerde pedagogiek en woonde als expatvrouw een paar jaar in Latijns-Amerika. Daar werd ze gevraagd of ze vluchtelingen Engels wilde leren. “Dat was weer wat anders dan alleen golfen, bridgen en zaniken dat er geen pindakaas te krijgen is.” Terug in Nederland ging ze zich bijscholen en lesgeven in NT2. Ze werkt nu twee dagen bij een basisschool in de Bijlmer waar ze de cursus Taal en Ouderbetrokkenheid geeft. “Aan de ouders van die scholieren geef ik Nederlands, maar ook bijvoorbeeld waarom je een kind niet mag slaan in Nederland, hoe je kan knutselen en hoe je met kinderen memory speelt; heel basale dingen. Ik ben op die school de enige met blauwe ogen, alle nationaliteiten zie je er.” In Baarn geeft ze op Wegwijs de cursus Taalontmoetingen met de computer. “Voor vrouwen die weinig Nederlands spreken, omdat ze bijvoorbeeld geen werk hebben en hun kinderen al van school zijn. Ze doen taaloefeningen op de computer en ze leren bijvoorbeeld hoe je op buienradar kijkt.”

Diepe Jayde heeft zelf ook goede herinneringen aan de cursus. Ze e-mailde: “Wat me het meest is bijgebleven, is wat we aan het begin van de les deden. Margo liet ons allemaal vertellen wat we die week hadden meegemaakt, in het Nederlands. Dat was best een spannende uitdaging. Het was wel leuk om in het diepe gegooid te worden, ik denk dat we daar allemaal veel aan gehad hebben. Margo was een leuke docent. Ze hielp ons echt als we ergens moeite mee hadden en ze hield de lol erin met grappen en verhaaltjes.”

20


Ik probeer ze wat mondiger te maken als dat nodig is, maar ik ga niet zelf hun problemen oplossen�

21


22


Henriette van Zwieten: “Ik beheer een hele winkel” Spijkers, Ton Fagel en Robert Kranenborg in de jury. Ze is ook nog als expatvrouw met haar man meegegaan naar Saudi-Arabië en Taiwan en gaf daar onder andere Nederlandse les aan Chinese basisschoolkinderen.

Henriette van Zwieten is de enige betaalde medewerker van de Volksuniversiteit Baarn. Ze startte als vrijwillige medewerker, als voorzitter van de pr-commissie. Toen haar voorgangster Karen Terberg twee jaar geleden verhuisde naar Mozambique en de functie van bureaucoördinator vrij kwam, dacht ze meteen: dat wil ik. “Je bent betrokken bij alle facetten van de VU en het is een echte baan, daar was ik ook weer aan toe.”

School Henriette vergelijkt haar werkzaamheden met die van een middelbare school. “We hebben 900 cursisten, verdeeld over 125 tot 150 cursussen per jaar, met 60 tot 70 docenten. Alleen zijn onze groepen kleiner, maar qua werkzaamheden is het vergelijkbaar. Ik moet de lokalen regelen, de afspraken met docenten en cursisten maken. Eerst natuurlijk het cursusprogramma bekend maken, dan de aanmeldingen verwerken, melden dat de cursus doorgaat en informatie verstrekken.”

Negen jaar geleden kwam Henriette in Baarn wonen, vanuit Weesp. Op dat moment had ze vier schoolgaande kinderen en zat ze midden in een verbouwing, dus het was fijn om geen betaalde baan te hebben. Het vrijwilligerswerk bij de Speeldoos waar ze mee begon, was een goede manier om mensen in Baarn te leren kennen. Nu zijn de kinderen 13, 15, 18 en 20. “Ik vind het hier voorlopig nog heel fijn. Omdat ik onder het onderwijs val, heb ik de schoolvakanties altijd vrij. Ik werk drie ochtenden op kantoor en één ochtend thuis. In Baarn werken en niet ’s ochtends in de file te moeten aansluiten, vind ik ook een voordeel aan deze baan.”

Pr-commissie Ze wordt in haar werk geholpen door de mensen in de pr- en de programmacommissie. “Zij hebben mij nodig en ik heb hen nodig. De programmacommissie heeft een piek in het voorjaar, maar de rest van het jaar zijn ze ook bezig. Voor de pr-commissie heb ik ook een signaalfunctie; als een cursus onvoldoende aanmeldingen heeft, geef ik dat aan ze door. Dan komen er extra flyers of een bericht in de krant.”

Werk Henriette werkte jarenlang in de pr van Nestlé. Ze organiseerde daar onder andere jaarlijks de Nestlé Zilveren Koksmutswedstrijden. Met onder andere Kas

23


gewend. Toen ik begon, was de inschrijving voor de helft op papieren formulieren en de rest digitaal, nu is dat 90 en 10 procent. De contante betalingen hebben plaatsgemaakt voor incasso, dat scheelt in werk. We zijn nu bezig met e-learning en vormen van blended learning, dus gedeeltelijk thuis achter de computer, gedeeltelijk in een lokaal met een docent. En we zijn op zoek naar nieuwe manieren van samenwerking met nieuwe partners. Er spelen genoeg dingen waardoor deze baan heel dynamisch is.”

Collega’s Het leukste aan haar werk vindt Henriette dat ze de spil is in alles. “Het is een komen en gaan hier op kantoor, het is echt een hele winkel die ik beheer. Het nadeel is dat ik de enige betaalde kracht ben met verder alleen vrijwilligers. De meeste daarvan zijn heel gemotiveerd en enthousiast. Maar het komt ook wel eens voor dat ze met vakantie gaan of andere prioriteiten hebben. Dat gebeurt met betaalde collega’s natuurlijk ook wel, maar met vrijwillige medewerkers kun je niet met je vuist op tafel slaan en zeggen: morgen moet ik het hebben. Voor mij is dit mijn baan, ik sta er anders in.”

Cursussen Henriette heeft zelf ook cursussen gevolgd, zoals Verbindend Communiceren, Meer Geheimen van de Nederlandse Taal en verschillende kookcursussen. Ze zou er wel meer willen volgen, ook omdat het voor medewerkers goed is om mee te maken hoe het is om cursussen te doen.

Cursisten Henriette heeft veel contact met de cursisten. “Dat is heel leuk, ik hoor vaak heel enthousiaste verhalen, ook omdat ik hier in de Speeldoos zit en de cursisten letterlijk langslopen. Voor veel cursisten is het echt een weekinvulling. Of ze zijn onderdeel van een vast groepje, dat zich altijd zo snel mogelijk weer inschrijft. Ik denk dat een instantie als de volksuniversiteit heel belangrijk is. Het is een manier voor volwassenen om zich in hun eigen dorp verder te ontwikkelen, dat is heel belangrijk.” Er is voor Henriette ook nog voldoende ontwikkeling bij de volksuniversiteit. “Ik heb meegemaakt dat het programmaboekje plaatsmaakte voor de flyer met een verwijzing naar de website. Dat was voor veel ouderen wel omschakelen, maar nu zijn ze eraan

Speeldoos Ze vindt het fijn dat ze in de Speeldoos haar werkplek heeft. “Het is voor de volksuniversiteit ook goed dat we zo centraal zitten. Vaak komen mensen als ze een kaartje hebben gehaald of voordat ze een voorstelling bezoeken, even om de hoek om iets te vragen. De cursisten vinden het ook fijn in de lokalen van de Speeldoos, met goede parkeermogelijkheden en koffie. Veel andere volksuniversiteiten zitten in een bibliotheek of een oud ROC-gebouw.”

24


“Ik hoor vaak heel enthousiaste verhalen, ook omdat ik in de Speeldoos zit en de cursisten letterlijk langslopen�

25


70 jaar Volksuniversiteit Baarn - vervolg

Hotel Zeiler aan het Stationsplein

Belangrijke wijzigingen in 1952 Voor het seizoen 1952-1953 werden er belangrijke wijzigingen in het programma aangebracht. De daverende begin- en slotbijeenkomsten en uiteraard de lezingenserie bleven gehandhaafd, maar de muziekavonden werden anders geprogrammeerd. Door het tegenvallende aantal belangstellenden leverden deze avonden namelijk telkens een verlies op. Door ze vanaf 1952 afzonderlijk te organiseren werd het mogelijk voor gegadigden om erop in te tekenen. Bij te weinig inschrijvingen zouden deze muziekavonden dan niet doorgaan. Ook voor de tot dan toe matig bezochte filmvoorstellingen ging men intekenlijsten invoeren.

gevaarlijk. Bovendien bood hotel Zeiler ook een ruime parterre. De muziekavonden waren niet meer in deze serie opgenomen, omdat het bestuur gebleken was, dat de bezoekers van de concerten voor een groot deel anderen waren dan die van de lezingen. “Hoewel het eerste concert nare financiële consequenties heeft gehad, gaat het bestuur onverdroten voort”. Het concert van het U.S.O. (Utrechtsch Stedelijk Orchest) was gelukkig een groot succes. Dit orkest zou daarna nog vaak bij de Volksuniversiteit Baarn te horen zijn, meestal in de Pauluskerk. Het optreden van pianist André Jurres en van het Nieuw Nederlands Strijkkwartet werd aangekondigd.

Voor het tweede trimester van 1952-1953 kondigde het bestuur ook wijzigingen aan. “Ditmaal geen dure voorstellingen, opdat het passe-partout goedkoper kan zijn, zodat nu werkelijk niemand om de kosten moet verzuimen!”. De avonden zouden vanaf dan gehouden worden in hotel Zeiler. Het gebouw Elim waar men eerst bijeenkwam, was door de trappen voor allen bezwaarlijk en voor velen

De lezingen Bij de lezingen, soms met lichtbeelden, van het seizoen 1952-1953 zaten weer – ook voor ons – bekende Nederlanders met soms nog steeds actuele onderwerpen zoals: “Of het met Europa gedaan is?” door prof.dr. J. Presser uit Amsterdam;

26


Belangrijke wijzigingen in 1956 Het eerste en het tweede trimester van het seizoen 19561957 begonnen met een cursus van drie avonden, gezien het vermoeden dat daarvoor veel belangstelling zou bestaan. Het ging om de cursus ‘Een kunsthistorische reis door Spanje‘ door mevrouw dr. H.E. ’s Jacobs en de cursus ‘Een reis naar Egypte’ door prof.dr. C.J. Bleeke.

“De scharlaken stad” door Hella Haasse uit Amsterdam; Het Nationale Park “De Hoge Veluwe” door A.B. Wigman uit Hoenderloo; “Van de Pharao’s tot Picasso” door Maarten Krabbé, kunstschilder uit Amsterdam (Maarten Krabbé was de vader van auteur Tim Krabbé en acteur, regisseur en schilder Jeroen Krabbé). Het programmablad eindigt nogal opvoedkundig: Wordt lid van de V.U.B. – Neemt passe-partouts, dan zijn alle avonden gewaarborgd ! En denkt u er aan op tijd aanwezig te zijn !

Een tweede wijziging was het bestuursbesluit om de leden het recht te geven om enige malen een huisgenoot of kennis (geen V.U.-lid) te introduceren tegen betaling van het ledentarief voor de betreffende avond.

27


28


Docent Bert Jansen: “Nederlands is mijn grootste passie” “Ik ben geen taalpurist, maar ik houd ervan verzorgd taalgebruik te bezigen. Ik kreeg het tij wat meer mee in 1990 met het eerste Nationaal Dictee; toen had ik een platform om aan mijn aberratie vrije teugel te geven. Ik heb tot nu toe alle dictees meegeschreven, niet in mijn eentje, maar in competitieverband, in een groepje, waarbij we elkaars dictees nakeken. De spellingbacterie heeft zich sinds 1990 uitgebreid; er werden in Nederland, maar ook in België, teeds meer spellingwedstrijden en taaltests georganiseerd. Ik ben ook dictees gaan schrijven, bijvoorbeeld sponsordictees georganiseerd door Rotaryclubs.”

goed heeft geleerd. Menige docent heeft geen idee van de regels; het interesseert ze niet. Ik vind dat kwalijk. De regels zijn goed leerbaar, vooral die van de werkwoordspelling, en een docent Nederlands mag in het Groot Dictee der Nederlandse Taal niet meer dan tien fouten maken. Mijn cursisten maakten op het instapdicteetje zomaar 25 tot 30 fouten. Op het uitstapdictee was dat veel minder.” Versnipperd Bert Jansen ademt taal. “Nederlands is mijn grootste passie, daar ben ik elke dag mee bezig. Het is bijna pathologisch; soms zit ik ’s nachts een paar uur lang de herkomst van een bepaald woord op te zoeken.” Hij heeft heel bewust geen televisie, omdat hij zijn tijd liever besteedt aan zijn lectuur. Zijn achtergrond is naar eigen zeggen versnipperd. Na zijn studie Nederlands in Amsterdam werkte hij kort als docent op een middelbare school. De angst dat tot zijn pensioen te moeten doen, bracht hem ertoe te gaan reizen. Zijn vrouw werkte als stewardess bij de KLM, zo kon hij meereizen. Hij hield door zijn invalbanen en bijles wel contact met het onderwijs. Zijn laatste werkzame jaren waren op een particuliere school: kleine groepen gemotiveerde leerlingen die in één jaar hun diploma moesten halen. Nu doet hij nog opdrachten vanuit zijn taalbureau, zoals cursusmateriaal corrigeren op spelling en opbouw. “Dat is ook goed voor mijn algemene ontwikkeling. Dan leer ik bijvoorbeeld weer wat over

Bert Jansen schrijft voor de Volksuniversiteit Baarn het dictee, ter ere van het 70-jarig jubileum. Bert Jansen ‘zit in het circuit’, zoals hij dat noemt: mensen die aan spellingwedstrijden meedoen, dictees schrijven, cursussen geven en woordenboeken verbeteren. “Wij worden dicteeprofessionals genoemd maar het is gewoon een hobby.” Regels In het voorjaar gaf hij voor de Volksuniversiteit Baarn de cursus Voorbereiding op het Groot Baarns Dictee. “Ik heb uit de evaluatie begrepen dat de cursisten tevreden waren. Er waren er een paar bij die professioneel schrijven, maar het is niet gezegd dat die alle regeltjes kennen en foutloos schrijven. Er is nu een generatie van leraren die zelf de spellingsregels niet

29


natuurkunde of honden trimmen. Ik ben elke dag een paar uurtjes aan het werk, maar alleen met dingen die ik leuk vind.” Kronkels Waar zijn taalgevoeligheid vandaan komt, weet hij niet. “Vroeger bij ons thuis waren er helemaal geen boeken, mijn vader was tramconducteur. De liefde voor taal werd gewekt door de Kronkels (de cursiefjes van Simon Carmiggelt, dagelijks in Het Parool) die hij van zijn buurman te lezen kreeg. Carmiggelt gebruikte zinnen als ‘zij had een stem waar mannen zich van alles bij voorstellen en vrouwen intuïtief de pest aan hebben’ (waarmee hij een vrouw met een hese stem bedoelde). Of ik las: ‘de mannen in de kroeg bogen zich conspiratief voorover’. Dat woord stond niet in mijn Prismawoordenboek, dus kocht ik van mijn gespaarde geld mijn eerste Van Dale, in 1964, toen nog in één dikke band.”

beeld wat ingewikkelder werkwoordsvervoegingen en woorden met of zonder een tussen-n, anderzijds uit een paar woorden die interessant zijn qua betekenis en een spellingprobleem bevatten. Mijn adagium is: lering ende vermaak. Er moet een przewalskipaard (het woord waar men in het eerste televisiedictee massaal over struikelde) in zitten, zoals we dat in het circuit noemen. De spelling is voor 98,5% goed geregeld, daar hebben we het Groene Boekje voor. Daarom leent het zich zo goed voor een spelletje.” Tijdens het dictee in november zal Bert Jansen de uitleg bij het nakijken verzorgen. Wellicht gaat hij in de toekomst nog meer cursussen geven voor de VU Baarn. “Ik vind niks zo leuk als een klas van tien die aan mijn lippen hangt. Voor mij zijn dat avondjes uit.”

Przewalskipaard Het dictee voor het jubileum van de Volksuniversiteit begint met een onderwerp, want Bert schrijft graag een verhaaltje, niet zomaar wat losse zinnen. “Eerst verzin ik wat woorden die ik met het onderwerp associeer. Dan zet ik een schema op en ga ik de woorden invullen. Een goed dictee bestaat in mijn optiek enerzijds uit het testen van de regels, bijvoor-

30


“Wij worden dicteeprofessionals genoemd maar het is gewoon een hobby” 31


32


Cursisten Tineke en Emmie: “We doen veel dingen samen”

Die foto’s moest je in de loop van de week aan de docent sturen. We bekeken ze dan bij de volgende les op een groot scherm in het lokaal en bespraken ze.” Emmie: “Er was ook een fotowedstrijd aan verbonden, over alle foto’s die de cursisten hadden ingestuurd. Voor de laatste les had de docent een selectie gemaakt en met elkaar hebben we de mooiste foto gekozen. De foto van Tineke kreeg de meeste stemmen. Ze kreeg een prachtig boek over macrofotografie.”

Tineke de Jong en Emmie Postma zijn op het oog duidelijk zussen. Ze wonen sinds een half jaar zelfs onder hetzelfde dak, als buren. Ze deden al eerder samen mee aan een cursus en afgelopen voorjaar volgden ze de cursus Digitale Fotografie. Tineke kwam op het idee. Ze hadden allebei een paar jaar geleden een mooie digitale camera gekocht en toen meteen een dagcursus bij Canon gedaan, maar dat was alweer een beetje weggezakt. Toen ze in de digitale nieuwsbrief deze cursus van de volksuniversiteit zag staan, leek haar dat wel iets voor haar en haar zus. Emmie: “Het was best een grote groep, allemaal vrouwen. In de eerste les zei de docent Bart Stornebrink dat hij meestal vrouwen in de cursus heeft die de camera van hun man willen leren gebruiken, of de camera die ze van hun vader hebben gekregen. Dat bleek ook echt bij de meesten zo te zijn.”

Doka Tineke en Emmie fotografeerden als tieners al, na een cursus op het Baarnsch Lyceum. Tineke: “We hadden in ons schuurtje een doka gemaakt, waar we onze fotorolletjes ontwikkelden en afdrukten. Zo is het begonnen. Sindsdien zijn we allebei veel foto’s blijven maken. Onze ouders fotografeerden niet zoveel, daar hebben we het niet van meegekregen.” Emmie: “In deze tijd is het ook heel makkelijk om foto’s te maken met je telefoon. Mijn digitale camera is zwaarder, die is lastiger mee te nemen. Maar doordat ik deze cursus heb gedaan, pak ik die toch weer vaker.” Tineke: “Ik sta nu meer stil bij compositie, dat je iets van verschillende kanten kan fotograferen. Ik kijk er nu op een andere manier naar.”

Wedstrijd De zussen vonden de cursus erg leuk. Tineke: “De docent had droge humor, we hebben veel gelachen. Elke week kregen we uitleg over een bepaald aspect van het fotograferen, zoals belichting en compositie. We kregen elke week een huiswerkopdracht mee.

33


Salsa Ze werken allebei fulltime, Tineke in de bedrijfscatering en Emmie in een reisbureau in Baarn. Geregeld gaan ze samen dagjes weg en ze dansen wekelijks salsa, samen met hun mannen. Bij de volksuniversiteit volgden ze allebei een cursus Spaans, maar niet tegelijkertijd. Samen deden ze een workshop Kies Je Kleur. Als kinderen waren de zussen niet zo hecht, dat kwam pas later. Emmie: “Toen jij het huis uitging eigenlijk. We zijn ook maar samen, dat scheelt ook wel, we hebben alleen elkaar.” Tineke: “We vinden dezelfde dingen leuk. Ik heb altijd gedacht dat we heel verschillend zijn, maar ik kan moeilijk benoemen waar dat precies in zit.” Samen een cursus doen kunnen ze zeker aanraden. Emmie: “Maar als je alleen gaat, leer je de anderen in een groep ook snel genoeg kennen.” Tineke: “Omdat je met dezelfde interesse komt, heb je altijd iets om over te praten. Het is leuk om een cursus in je eigen woonplaats te doen, je komt vaak mensen tegen die je ergens anders al van kent. Zo zat er bij de fotocursus iemand uit onze salsagroep en iemand die ik bij de hardloopcursus van de BAV had leren kennen.” Ze willen zeker nog wel een cursus volgen. Emmie: ”Ik vind het leuk om nieuwe dingen op te pakken, in beweging te blijven.”

34


“Omdat je met dezelfde interesse komt, heb je altijd iets om over te praten�

35


70 jaar Volksuniversiteit Baarn - vervolg

Musis Sacrum rond 1930

Aantallen bezoekers In het archief van de Volksuniversiteit Baarn zijn programmabladen van het seizoen 1954-1955 en het seizoen 19601961 te vinden, waarop de aantallen bezoekers bij bijna alle avonden geschreven zijn. Dat levert de volgende bijzondere informatie op: seizoen 1954-1955 blijspel Tartuffe door toneelgroep De Plankeniers in schouwburg Musis Sacrum: 368; een ander niet genoemd toneelstuk door zelfde groep: 273; 2 concerten van het U.S.O.; aantal niet vermeld; 1 concert van het U.S.O-trio: aantal niet vermeld; 10 lezingen in hotel Zeiler of Het Baarnsch Lyceum: gemiddeld 131; 3 filmavonden: gem. 172; 1 voordrachtsavond: 195 195 belangstellenden is heel veel voor een voordrachtsavond: het ging over het eerste gedeelte van

het Johannes-Evangelie, voorgedragen door W. Berkhemer uit Arnhem. De heer W. Berkhemer is voor onze V.U.-leden geen onbekende en velen hebben reeds genoten van zijn schitterende bijbelse voordrachten, aldus de toelichting in het programma. 1954-1955 lijkt een topseizoen, want vijf jaar later waren er aanmerkelijk minder belangstellenden: seizoen 1960-1961 twee concerten van het U.S.O in de Pauluskerk: 333; en 300; De figuur van Charles Dickens door Godfried Bomans in Het Baarnsch Lyceum: 125; acht lezingen: gemiddeld 48; (waarvan een over Amazonas, hel en paradijs: 70); kamermuziek: gem. 39; met de bus naar een toneelstuk van de Plankeniers in Bussum: 61.

36


Betreffende de lezingen Amazonas, hel en paradijs door dr. A. Melchior en Het Deltaplan door dr.ir. F.P. Mesu was een inlegvel aan de 500 gedrukte programmablaadjes toegevoegd. Landelijk bekende sprekers De Volksuniversiteit Baarn slaagde er vaak in om landelijk bekende deskundigen als spreker naar Baarn te halen. Een aantal klinkende namen: Psycholoog dr. W.H.C. ten Haeff; acteur Max Croiset; componist Willem Andriessen (1947); harpiste Rosa Spier; letterkundige dr. Garmt Stuiveling; pedagoge Wilhelmina J. Bladergroen (1949); graficus Maurits Escher (1951); historicus prof.dr. J. Presser; ballonvaardersechtpaar Boesman (1953); acteur Jan Musch (1954); schrijver Godfried Bomans (1960); schrijfster An Rutgers van der LoeffBasenau; kunstkenner Pierre Janssen (1963); hoogleraar Russische cultuur prof.dr. K. van het Reve (1971); literatuurciticus Kees Fens; zanger Jules de Corte (1973); uitgever Geert van Oorschot; filmregisseur en -producent Rob du MĂŠe (1975) en museumdirecteur Rudi Fuchs (1976). Ook waren er vaak sprekers en docenten die lesgaven aan Het Baarnsch Lyceum zoals dr. U. Schults, Nederlands; J. van Ingen, tekenen en kunstgeschiedenis (1950); rector dr. F.C. Driessen, Nederlands en Slavische talen (1955); F.J. Booy, Nederlands; fluitist Hans Linnartz, muziek; drs. H.A.J. Roos, Frans; H. de Valk, Duits (1973) en schilder Ed Nicolaas, tekenen en kunstgeschiedenis (1974).

37


38


Loes Gebuis: “Een goede docent is het allerbelangrijkste”

Na zes jaar als vrijwilliger bij de Volksuniversiteit Baarn, heeft Loes Gebuis in januari haar plek afgestaan aan nieuwe mensen. Al vrij snel na haar komst bij de volksuniversiteit werd Loes voorzitter van de programmacommissie en vicevoorzitter van het bestuur. “Het is goed dat er wisselingen zijn, in mijn tijd is het bestuur ook van samenstelling veranderd. Het is prima als anderen het nu doen.” De programmacommissie vergadert maandelijks en houdt zich bezig met de samenstelling van het programma en het contact met de docenten. Ieder lid van de programmacommissie is verantwoordelijk voor een van de categorieën waarin de cursussen, workshops en lezingen zijn ingedeeld. Loes was coördinator van de categorie Talen en Communicatie.

cv en andere gegevens op en gaat eventueel referenties na bij andere volksuniversiteiten. Daarna maak je een afspraak om elkaar te zien en te spreken. We krijgen ook ieder jaar veel open sollicitaties van docenten die cursussen aanbieden. Regelmatig zat daar ook een nieuw idee bij dat we dan programmeerden. Het is altijd de afweging of je zo’n nieuwe cursus in de ochtend of in de avond aanbiedt. Bijvoorbeeld Engels conversatie was op een avond en een ochtend. Jongere mensen kunnen meestal niet overdag, de ‘iets’ ouderen willen dat juist graag. Maar het allerbelangrijkste bij een cursus is dat de docent goed en leuk is. Dat is niet iedereen gegeven, maar dat probeer je in het kennismakingsgesprek aan te voelen: heeft iemand uitstraling?”

Nieuwe cursussen “Voor elk seizoen kijken we altijd eerst welke cursussen wel en welke niet zijn doorgegaan. Ik vroeg aan de talendocenten altijd of hun groep doorging naar de vervolgcursus. Meestal zijn er wel een paar afvallers, hoewel we ook een docent hadden die zo geliefd was, dat de hele groep doorging, jaren achtereen. Verder dachten we na over nieuwe cursussen. Zo hoorde ik een keer van volksuniversiteiten uit omliggende gemeenten dat Zweeds zo ‘in’ was. Dan ga je op zoek naar een docent die ook nog tijd heeft. Je vraagt het

Contact De programmacommissie houdt vervolgens contact met de docenten. “Een van de vrijwilligers opent de cursus altijd aan het begin van het seizoen. Die data verdelen we onderling. Ik probeerde altijd zoveel mogelijk data te kiezen waarop talencursussen geopend werden, zodat ik ‘mijn’ docenten zag. Na een paar dagen belde ik ze op om te vragen hoe het was gegaan en bijvoorbeeld op tweederde van de cursus nog een keer.”

39


Meerwaarde Loes kende de volksuniversiteit eigenlijk alleen van haar moeder die er in de vijftiger jaren cursussen deed met vriendinnen. Toch besloot ze zes jaar geleden vrijwilliger te worden, net als een aantal andere leden van De Baarnse Vrouwensociëteit. Ze heeft in de afgelopen jaren een cursus Schrijven gevolgd, Engels Conversatie en een workshop Visagie. “Je probeert af en toe wat mee te doen, dat is ook heel leuk. Als je het vergelijkt met een online cursus heeft dit zeker een meerwaarde. Anders blijf je maar achter je beeldscherm zitten. Als je geluk hebt, zit je bij een leuke groep en heb je een goede docent. Het is ook een soort van uitje, je kan lachen met elkaar en ervaringen uitwisselen. Dus ik denk zeker dat de volksuniversiteit nog bestaansrecht heeft. We maken geen winst en docenten worden er niet rijk van. Over het algemeen hebben we ofwel docenten die bij veel verschillende instituten lesgeven, ofwel mensen die het voor hun plezier doen.” Loes heeft het werk bij de volksuniversiteit altijd met veel plezier gedaan. “Ik heb me er meteen vanaf het begin thuis gevoeld, het zijn aardige mensen en de sfeer is prettig. Je spreekt dezelfde taal, ook al ben je karakterologisch verschillend. En ik vind de locatie in de Speeldoos ontzettend leuk. Er lopen altijd mensen rond, het heeft een warme uitstraling.”

40


“Het is een soort van uitje, je kan lachen met elkaar en ervaringen uitwisselen�

41


42


Docent Joreel Boon: “Door mijn cursisten is mijn Italiaans zo goed” overheen lopen, maar wel honderd keer. Ik zeg wel eens tegen mijn cursisten: ‘Mijn Italiaans is zo goed geworden door jullie’. Want ik herhaal en herhaal en daar leer ik zelf ook van. Dat is misschien wel de grootste uitdaging voor cursisten; dat je er regelmatig tijd aan besteedt en niet de dag voor de les je huiswerk snel doet, zoals de meesten in de praktijk doen. Ik heb daar wel begrip voor, want als volwassene moet je de cursus combineren met je werk en je gezin, er zijn zoveel andere dingen. Op de middelbare school heb je alleen maar school. Maar als volwassene leer je ook op een andere manier, je hebt een beter associatief vermogen, meer kennis van de wereld. Daarentegen heb je minder inprentingsvermogen, om de informatie te onthouden.”

Joreel Boon is al sinds 1991 docent Italiaans aan de Volksuniversiteit Baarn. Ze startte er met de cursus Italiaans op vakantie, vlak na haar afstuderen. Nu geeft ze zowel in Baarn als in Hilversum Italiaans op verschillende niveaus en conversatie voor ver gevorderden. De meeste van haar cursisten gaan Italiaans leren omdat ze veel in Italië op vakantie gaan. “Dan is het leuk als je de taal een beetje spreekt, want Italianen waarderen dat heel erg. Maar ik krijg ook grootouders die een Italiaanse schoonzoon of -dochter hebben en die met de schoonfamilie willen kunnen praten. Ik geef hiernaast ook privéles, bijvoorbeeld aan mensen die in Italië een huis hebben gekocht. Die willen dan in korte tijd de taal leren spreken met heel specifieke onderwerpen.”

Voorbereiding Vooral voor de conversatiecursus besteedt Joreel veel tijd aan de voorbereiding. “Ik ben er eigenlijk de hele tijd mee bezig; op zoek naar liedjes, artikelen en onderwerpen. Ook op vakantie in Italië ben ik eigenlijk aan het werk; dan zit ik op de camping krantenartikeltjes uit te knippen. Met een taal kun je altijd bezig blijven, maar op een leuke manier. Het is wel veel makkelijker geworden in de loop der tijd. Vroeger als ik een liedje wilde gebruiken in de les, moest ik een plaat opzetten en door heel goed te luisteren de tekst opschrijven. Of ik moest cassettebandjes eindeloos heen en weerspoelen. Nu kan ik liedjes op internet

Herhalen Wat er zo leuk is aan Italiaans, is volgens Joreel dat het zo’n vrolijke taal is. “En de spelling is heel duidelijk, je spreekt altijd uit wat er staat. Het lastigste aan Italiaans? De voorzetsels, die moet je gewoon uit je hoofd leren. Maar dat is net als in het Nederlands, want je zegt ‘ik ga met mijn vriendin naar de markt’ maar ook ‘ik ga met Kerstmis op vakantie’; ‘met’ heeft hier twee verschillende betekenissen. En verder zijn de Italiaanse werkwoordsvormen best lastig. Je moet het gewoon heel veel doen. Het is zoals een paadje dat in het gras slijt, daarvoor moet je er niet één keer

43


wel gesproken omdat het een Italiaanse kolonie is geweest.”

zoeken, ook de volledige tekst, desnoods door alleen de eerste regel te typen. Én ik kan nu losse liedjes bij ITunes kopen, dat is echt een zegen.”

Achtergrond Joreel vindt het goed dat er een volksuniversiteit is die deze cursussen aanbiedt: “Mensen hebben daarmee de mogelijkheid om met andere dingen in aanraking te komen zonder een te hoge drempel. Wat voor mij wel een uitdaging is, is dat mijn cursisten heel verschillende achtergronden hebben. Om een extreem voorbeeld te geven: ik heb wel eens een groep gehad waarin iemand zat met alleen lagere school en mensen met een universitaire achtergrond. Dat is best lastig. Natuurlijk is het voor mij als docent leuk als mensen het snel oppikken. Maar ik weet zelf hoe moeilijk het is, want ik was ook wat ouder toen ik de taal ging studeren en het is me niet komen aanwaaien. Ik heb veel bewondering voor de mensen die doorzetten ondanks de klippen waar ze tegenop lopen. ‘Kijk eens waar je nu bent en vergelijk dat met wat je kon toen je begon!’ zeg ik dan.”

Toelatingsexamen Ooit startte Joreel met de studie Italiaans omdat ze als kind vaak in Italië kwam, bij een oom die er een huis had. “Ik heb een omweg genomen want ik had middelbare meisjesschool gedaan en daarmee mocht je niet naar de universiteit. Ik ben maatschappelijk werkster geworden, maar daar was ik niet op mijn plaats. Dat werk was te zwaar voor mij, ik kon het niet loslaten. Toen heb ik toelatingsexamen gedaan voor de universiteit.” Half Baarn “Ik heb in de afgelopen bijna 25 jaar bij wijze van spreken half Baarn op cursus gehad,” zegt Joreel terwijl ze haar mapje met deelnemerslijsten doorbladert en herinneringen ophaalt. “Eén groep heb ik zes jaar achter elkaar gehad, daar hadden we laatst een heel gezellige reünie mee. Er was ook een cursist die een Sinterklaasgedicht voor me had gemaakt, half in het Nederlands, half in het Italiaans. Er was een gezin dat ging emigreren, een andere familie had een huis in Italië. Twee vrouwen uit Bunschoten kan ik me goed herinneren, die hadden zó veel taalgevoel. Er was een cursist die later uitgezonden werd naar Eritrea. Hij schreef me op een kaart dat hij daar zoveel aan zijn Italiaans bleek te hebben; dat wordt daar nog

44


“Als volwassene moet je de cursus combineren met je werk en je gezin, er zijn zoveel andere dingen�

45


70 jaar Volksuniversiteit Baarn - vervolg “Voor U ligt het programma 1973-1974. Door de groei van het ledenaantal gesterkt, heeft het bestuur wederom besloten het aantal aktiviteiten uit te breiden. Niet alleen door een grotere verscheidenheid in het cursusprogramma, maar ook door speciaal voor kinderen enige voorstellingen te sorganiseren.�

Programma van 1973-1974 Na circa 1970 nam het aantal lezingen sterk af, maar vanwege de stijgende belangstelling voor cursussen groeide het cursusaanbod flink en kwamen de cursussen centraal te staan in de programmering. Ook voor de jeugd werd meer en meer georganiseerd. De samenwerking met andere instellingen zoals de Nederlandse Vereniging voor Tuinbouw, de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen en het plaatselijk Nut werd geĂŻntensiveerd. Een greep uit het programma van 1973-1974:

46


Het aanbod 11 lezingen, nu ‘voordrachten’ genoemd, o.a. Gnosis en christendom door prof.dr. P. Hendrix, Acupunctuur door drs. H. van Praag en De ontwikkeling van het Nederlandse landschap door prof.ir. J.D. de Jong; 3 uitvoeringen kamermuziek, o.a. van het U.S.O.-harptrio; 4 kindervoostellingen, o.a. Poppentheater Toermalijn en twee kinderconcerten o.l.v. Henk Waardenburg; 5 filmvoorstellingen, o.a. Ballade van de hoge hoed van Max de Haas en Le Ballon Rouge van Albert Lamorisse; 2 excursies, namelijk naar de Gimborntuin in Doorn en het Naardermeer. 26 cursussen: 17 talencursussen (Frans; Russisch; Latijn; Italiaans; Spaans; Engels en Duits); muziek; kunstgeschiedenis; psychologie; Nederlandse literatuur; vrij tekenen; dammen en bloemsierkunst; wandkleden en creatieve expressie.

Creatieve cursussen: ruimtelijk weven en knopen; textiele werkvormen; wandkleden maken; antieke poppen; vrije expressie; karweitjes in huis; tekenen; knutselen voor 50+; spinnen met en zonder spinnewiel; bloemschikken; tuinleven; keramiek en edelsmeden (de laatste twee van de Kulturele Raad). Tejater voor kinderen: films, dansen en voorstellingen van poppentheaters en een clown. Cursussen voor de jeugd: creatief spel; timmeren voor jongens en meisjes en Engels. Een omslag Door de democratisering van het onderwijs, de uitbreiding van de vrije tijd en de opkomst van de televisie met (semi-) educatieve programma’s in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw gingen instellingen als de volksuniversiteit andere accenten in hun programma’s aanbrengen. De naadruk kwam steeds meer te liggen op cursussen betreffende creativiteit, persoonlijkheidsontplooiing en levensbeschouwing. Cursisten waren vanaf die tijd veel meer bezig met vaardigheden dan met het vergaren van kennis.

Nog meer cursussen in 1976

Het programma van voorjaar 1976 bood veel minder voordrachten, maar veel meer en heel diverse cursussen, vooral creatieve en voor de jeugd: Talencursussen: Frans; Engels; Duits; Spaans; Italiaans; Noors en Latijn. Algemene cursussen: binnenhuisarchitectuur; bridgen; kunstgeschiedenis; archeologie; psychologie; leeskring en wetenschap in beweging.

47


48


Cursist Jan Veltman: “Schrijven is een vorm van verwerken” Dat heeft mijn leven in de goede zin op z’n kop gezet. Ik kwam daar terug bij mijn wortels; een rooms-katholiek ondernemersgezin waar tevreden zijn met wat je hebt de kern was. Maar ook om iets te doen met wat op je pad komt en niet in de slachtofferrol te blijven zitten. Ik heb in dat eerste kloosterweekend mijn ervaringen op een creatieve wijze verwerkt door een weg te tekenen, waar je af en toe vanaf wijkt, maar die steeds leidt naar de stip op de horizon. Dat is een rode draad gebleven in mijn leven. Dat weekend was het begin van steeds meer bij mezelf komen. Door meditatie maar ook door de ontmoetingen en gesprekken met andere mensen.”

“Vanuit de binnenkant kennis maken met de buitenkant en terug komen in de binnenkant met grote en mooie gevolgen. De buitenkant is veelal een tijdelijk, dus een voorbijgaand proces, terwijl de binnenkant blijft groeien en niet verdwijnt.” Zo eindigt het verhaal ‘De Weg’ van Jan Veltman in het boekje ‘De andere kant’. Dit was het eindproduct van de cursus Creatief Schrijven, die Jan volgde in 2012. Wilco Kalbfleisch verzorgde deze cursus voor de Volksuniversiteit Baarn. Deze cursus was, zo zegt Jan zelf, de eerste stap op weg naar het boek dat hij aan het schrijven is. Jan Veltman was 50 jaar toen hij na een scheiding alleen met twee zoons van 12 en 16 jaar verder ging. “Ik ben toen ook begonnen mijn levensverhaal te schrijven. Dat schrijven was een soort verwerking van het verdriet dat ik had. Een andere uitlaatklep was het hardlopen, achteraf een soort manier om mezelf te pijnigen en de grenzen op te zoeken.”

Wandelen Het wandelen ontdekte Jan toen zijn broer en schoonzus hem meevroegen voor een rondje Naardermeer. Aanvankelijk vond hij wandelen niets, maar hij werd er steeds meer door gegrepen. “Ook dat wandelen brengt bezinning. Zoals het hardlopen bij de buitenkant hoort, met de prestatiedruk en de verslavende werking van steeds snellere tijden halen, zo hoort het wandelen bij de binnenkant. Je geniet van de rust, je komt mensen tegen die een verhaal hebben.” Dat gold zeker voor de pelgrimstochten die Jan maakte, vanuit het Pieterpad naar Santiago de Compostela in het teken van ‘dankbaarheid’ en later van Florence via Assisi naar Rome. “Bij met name die laatste reis, in het teken van ‘trouwen’, heb ik ervaren dat je onder-

Klooster Jan werkte in de financiële dienstverlening en woonde in het Gooi. “Het ging allemaal om de buitenkant met als kenmerken status, geld en macht; één grote poppenkast. Na mijn scheiding ging het zo goed met ons drieën, dat ik besefte dat er iets meer moest zijn tussen hemel en aarde. Ik ben toen naar een bezinningsweekend gegaan in een Franciscaans klooster in Velp.

49


draad door het verhaal loopt. Daarin verwerk ik de ontmoetingen die ik had tijdens mijn voettochten en mijn andere zingevende teksten. Het wordt niet een boek om uit te geven, maar vooral voor mijn familie en ook weer het nageslacht.”

steund wordt als je loslaat. Ik ben meerdere keren verdwaald, maar ben gewoon doorgegaan en het kwam allemaal goed.” Levensverhaal Toen Jan met pensioen ging in oktober 2011, dacht hij weer aan zijn verhaal. “Om daar meer structuur in aan te kunnen brengen, schreef ik me in voor de cursus Creatief Schrijven bij de Volksuniversiteit Baarn. In het begin had ik er wat moeite mee, om bij de opdrachten uit mijn creativiteit en fantasie te putten. Maar ik heb toch doorgezet. Ik ben sindsdien dat levensverhaal steeds meer gaan finetunen. Ik maak ook altijd reisverslagen van mijn voettochten en korte samenvattingen van cursussen en bijeenkomsten waar ik naartoe ga, zoals van de Thomaskring in de Paaskerk. Schrijven heeft veel raakvlakken met zingeving. Het is een manier om alle informatie van je af te schrijven en op een rijtje te zetten, maar het komt dan weer opnieuw en driedubbel binnen.”

Cursussen Jan volgde bij de Volksuniversiteit Baarn ook een cursus humanisme. “Ik ben zelf gelovig maar ik vind het heel interessant te horen hoe mensen die niet geloven in het leven staan. Inmiddels ben ik begonnen aan de cursus filosofie. Ik kijk ieder jaar wat er aangeboden wordt. De docent bij een cursus is altijd de basis, maar ook wat je hoort van andere cursisten is heel waardevol. Dat heeft ook weer raakvlakken met het wandelen en de ontmoetingen. Zo blijf ik me verder ontwikkelen en verdiepen, steeds maar doorgaan op de weg die ik ga naar die stip op de horizon.”

Boek Ook Jans vader schreef ooit zijn eigen levensverhaal. “In overleg met mijn broer Frans ben ik begonnen dat over te typen. Daarvan, samen met de vele foto’s en documenten over mijn vader, willen we een boek maken. Een waardevol boek met een bijzondere terugblik voor ons nageslacht. Zijn verhaal is ook mijn eigen achtergrond, je ontdekt altijd raakvlakken. Het boek dat ik zelf aan het schrijven ben, gaat over mijn levensweg, waarbij Franciscus van Assisi als een rode

50


“De docent bij een cursus is altijd de basis, maar ook wat je hoort van andere cursisten is heel waardevol�

51


70 jaar Volksuniversiteit Baarn - vervolg Het is heel boeiend om de programma’s van de Volksuniversiteit Baarn uit het begin van haar bestaan (de jaren veertig van de 20e eeuw) te vergelijken met die van dit jubileumjaar, dus 70 jaar later. De doelstellingen In 1945 wilde de Volksuniversiteit proberen om arbeiders en anderen met weinig of nauwelijks scholing – ongeacht hun politieke of religieuze achtergrond – door middel van lezingen en cursussen te ontwikkelen. In 2015-2016 staan naast leren en ontwikkelen en in veel hogere mate creatief bezig zijn op talloze gebieden, ontmoeten en beleven centraal. Het programmablad Wat meteen opvalt, is het glossyachtige karakter van het programmablad van 2015-2016: glanzend papier, kleurendruk en mooi geïllustreerd. Dat is wel wat anders dan het dunne, grauwe papieren vouwblaadje uit 1945 zonder kleur en afbeeldingen. Wel is daar op de laatste pagina een intekendeel waarmee men zich per post kan opgeven als lid. In 2015 moet men zich online opgeven. Theater en concerten Elk seizoen werd begonnen met een theatervoorstelling al dan niet in Baarn. Tijdens het seizoen waren er een à twee concerten van enkele musici tot een heel orkest. Dat gebeurt nu niet meer. Andere Baarnse organisaties hebben deze activiteiten allang overgenomen.

het drama Faust van Goethe en één over verbrandingsmotoren. Een groter verschil is er nauwelijks! De cursussen in 2015-2016 zijn legio en zeer verschillend; ze worden verdeeld in de volgende groepen (aantallen staan tussen haakjes): taal & communicatie (27); kunst & cultuur (7); creatief (28); gezondheid & vrije tijd (8); informatica & fotografie (9); koken & proeven (19); persoonlijke ontwikkeling & bewustwording (14).

De lezingen De lezingen gaan nog steeds meestal over kunst, literatuur en muziek, in de loop der jaren nogal wisselend van aantal. In 2015-2016 worden elf lezingen aangeboden; dat is relatief veel.

Wat opvalt, is het feit dat er zoveel nieuwe lezingen en cursussen (67) bijgekomen zijn. Daarbij gaat het om de meest diverse onderwerpen met het meeste aanbod bij talen leren, creatief bezig zijn en koken. Een greep uit het grote aanbod:

De cursussen Er waren in 1947-1948 cursussen Engels, Frans, Duits en Italiaans voor beginners en gevorderden, één cursus over

52


Conclusie Bij de Volksuniversiteit Baarn (en uiteraard ook elders) gaat het al lang niet meer uitsluitend over kunst, literatuur, geschiedenis en muziek. De ontwikkeling van de arbeider en andere minder geschoolden staat niet meer centraal, voornamelijk vanwege de democratisering van het onderwijs en het aanbod van bepaalde televisieprogramma’s. Het gaat bij de volksuniversiteit nog steeds om kennisoverdracht, maar eveneens (en soms misschien wel meer) om creatieve vaardigheden en ontwikkeling en geestelijke informatie en vorming voor elke belangstellende.

levensverhaal schrijven; Bahasa Indonesia; de romans van Dostojevski; Levinas en de Talmoed; 12 eeuwen kerstmuziek; zilverkleien met UV-Resin; design kerstboom maken; raku stoken; Waarom zou ik een testament maken?; klein vaarbewijs; filmen met de smartphone; hartige taarten; Italiaanse wijnen; Wat vertellen uw handen?; voorbereidingen op een betekenisvolle uitvaart; de psychologie van de kleur en de kracht van hoogsensitiviteit. Sprekers en docenten In het programmaoverzicht van 2015-2016 worden geen sprekers en docenten genoemd. Dat was tot voor kort wel het geval. Dus kan de Volksuniversiteit Baarn op dit punt niet meer scoren met bekende namen en moeten eventuele deelnemers nader informeren naar gewilde docenten.

53


54


Anne Marie Bosman: “Het dictee verbindt partijen met elkaar” in Baarn zijn die ons niet weten te vinden, blijven we daar hard aan werken. Bij de Volksuniversiteit Baarn zijn we nu met allemaal vrijwilligers die heel enthousiast en gemotiveerd zijn en steeds nieuwe dingen willen ontwikkelen. Er zijn veel mensen bij die hun werkzame leven achter zich hebben, maar ook werkenden en steeds meer zzp’ers die het net als ik flexibel naast hun werk kunnen doen.

“Misschien dat 75 een meer voor de hand liggend jaartal was om het jubileum van de Volksuniversiteit Baarn te vieren, maar toen we daar twee jaar geleden over na begonnen te denken, was het maar de vraag of we dan nog zouden bestaan. Daarom hebben we besloten het 70-jarig bestaan te vieren.” Anne Marie Bosman is ongeveer vier jaar geleden als vrijwilliger in het bestuur van de volksuniversiteit begonnen, eerst als secretaris en sinds drie jaar is ze voorzitter van de pr-commissie. Ze is in het dagelijks leven werkzaam als zelfstandige ondernemer op het gebied van strategisch leren en ontwikkelen voor organisaties. Ze heeft een achtergrond in bedrijfskunde en marketing en vindt het prettig om haar kennis aan een non-profitorganisatie als deze te kunnen aanbieden.

Interesse Twee van onze pijlers zijn ontmoeten en beleven. Dat is juist in deze tijd van verarming door het computertijdperk heel belangrijk. Het is leuk om dingen samen te doen met mensen die dezelfde passie en interesse hebben. Een leuk voorbeeld zijn de virtuele wandelingen door New York. De docent Stef Pluijm kan dat op zo’n leuke manier brengen. We krijgen alleen maar enthousiaste reacties en hij trekt letterlijk volle zalen. Een goede docent is heel belangrijk. Het gaat niet alleen om de vakinhoudelijke kennis overdragen, maar vooral om het enthousiasme, de liefde voor het vak, een boeiende manier van overbrengen. Met humor.

Inhaalslag “Twee jaar geleden is de subsidie van de gemeente gestopt en moesten we als stichting zelf onze broek ophouden. Dat bleek eigenlijk heel goed te lukken, zoals het er nu uitziet bestaan we over vijf jaar wel degelijk nog. We hebben de afgelopen jaren een flinke inhaalslag gemaakt in de pr en communicatie, met een actuele website, de flyer in plaats van het programmaboekje, digitale inschrijvingen, advertenties in de krant en aanwezigheid bij lokale evenementen. Maar zolang er nog mensen uit onze doelgroep

Dictee We hebben besloten om het jubileum te vieren met een dictee, geënt op het Groot Nationaal Dictee. Dus ook met een digitale voorronde. Omdat veel ouderen

55


Zij hebben heel goed door dat goede spelling daarbij heel belangrijk is, dat het werkt als onderscheidend vermogen. De beste vijf leerlingen hebben we als extra categorie finalisten toegevoegd.

die drempel te hoog zouden vinden, hebben we ook een schriftelijke voorronde gehouden. De Leuning stond daar meteen voor open. Verbinding Wat heel leuk is aan het organiseren van zo’n dicteewedstrijd als deze, is dat het lokale partijen met elkaar verbindt. Bijvoorbeeld de gemeente, waar we de finale van het dictee houden. Maar ook heeft een aantal wethouders zich via de voorronde voor de finale gekwalificeerd. En uiteraard doet de burgemeester mee als een van de prominenten. Verder is er samenwerking met de bibliotheek, die het contact onderhouden heeft met de scholen en Liesbeth van Dongen doet ook mee in de finale. Verder ondersteunt Gerda Aukes van Boekhandel Den Boer ons met een aantal toepasselijke prijzen voor de winnaars. Antoinette Willems, een Baarnse beeldhouwer, maakte de bronzen wisseltrofee. De Baarnsche Courant heeft dit jaar naast de portrettenserie, geregeld berichten over het dictee geplaatst en RTV Baarn zendt het Groot Baarns Dictee live uit. Met heel concrete sponsoring van lokale partijen, in de vorm van pennen van een bepaalde bank en koekjes van een bepaalde bakker, kan je kostendekkend werken. Die contacten zijn tot stand gekomen op de Baarnse beursvloer. We wilden alleen met lokale partijen samenwerken en dat geeft een heel positieve flow. Wat ik ook heel bijzonder vind, is de deelname van een 4-havogroep van docent Karin den Uil van het Griftland. Dat is een businessclass, jongeren die het bedrijfsleven in willen.

Tijdsbeeld Voor het jubileum hebben we historicus Frits Booy gevraagd om archiefonderzoek te doen. Je ziet daarbij dat het tijdsbeeld vroeger anders was, maar dat de behoefte jezelf te ontwikkelen en mensen te ontmoeten, dat de onderwerpen die speelden van alle tijden zijn. Wat ik opvallend vond was dat in die beginjaren een keer een cursus niet doorging vanwege een gebrek aan kolen! Je ziet ook dat de Volksuniversiteit Baarn gestart is vanuit het onderwijs, met bestuursleden die ook aan het Baarnsch Lyceum doceerden. In het huidige bestuur is er nog maar één met een onderwijsachtergrond, de rest heeft een bedrijfsachtergrond. Als je kijkt naar onze cursisten zijn de vrouwen vanaf het begin een belangrijke doelgroep geweest, omdat die over het algemeen meer onderwijsachterstand hadden. Nu is het onderwijsstelsel veranderd, universiteiten zijn bereikbaar voor alle lagen van de bevolking. Maar laagdrempelig onderwijs met lokale kennis, toegankelijk voor iedereen, waarbij je dingen doet die je interesse hebben, die je de ogen openen voor andere dingen; dat staat nog steeds.”

56


“De behoefte jezelf te ontwikkelen en mensen te ontmoeten, is van alle tijden�

57


Colofon Tekst Portretten: Hanneke Kiel-de Raadt Historie: Frits Booy Beeldmateriaal: Foto’s van Jan Veltman, Bert Jansen, Joreel Boon, Loes Gebuis, Tineke en Emmie en Toos van Velsen: Johan Bosgra Foto’s van Henriette van Zwieten en Piet van Zanten: Rob Plink Foto’s van Jan Vermaas, Margo Hoeneveld en Anne Marie Bosman: privébezit Historische foto’s: Stichting Groenegraf Opmaak: Meewerken in Eemland In opdracht van Volksuniversiteit Baarn, December 2015

58


Hanneke Kiel-de Raadt

Johan Bosgra

Frits Booy

Hanneke Kiel-de Raadt Hanneke Kiel-de Raadt is tekstschrijver, gespecialiseerd in geschreven portretten. Ze houdt van de verhalen van mensen die in een interviewgesprek naar boven komen. Ze maakt onder andere Boekportretten, een bijzonder cadeau voor een held die in het zonnetje staat (jubileum, verjaardag). Ze interviewt personen die de held goed kennen en maakt hiervan een uniek en persoonlijk tijdschrift of boek. Ook schrijft ze levensverhalen in opdracht. Zelf was Hanneke in het verleden al cursist bij de Volksuniversiteit Baarn, maar sinds dit najaar ook docent, bij de cursus Levensverhalen Schrijven. Als nieuw lid van de pr-commissie houdt ze zich bezig met de nieuwsbrief. (www.boekportret.nl) Frits Booy Frederik Jacobus (Frits) Booy is neerlandicus, sinterklaasdeskundige en publicist. Hij was ruim dertig jaar (1970-2001) leraar Nederlands aan Het Baarnsch Lyceum. Booy publiceert artikelen en geeft lezingen over de geschiedenis van de Nederlandse kinder- en jeugdliteratuur en over Sinterklaas. Hij strijdt hevig voor het behoud van het sinterklaasfeest en publiceerde in 2004 de studie ‘Op zoek naar Zwarte Piet’. Booy is ook betrokken bij de stichting voor regionale geschiedenis Tussen Vecht en Eem. In 2014 was hij medeauteur en mede-eindredacteur van ‘Duizend jaar Baarn; geschiedenis van een Eemlands dorp’, dat verscheen ter gelegenheid van het robijnen jubileum van de Historische Kring Baerne. Johan Bosgra Geboren in Franeker, midden in het ‘open’ landschap van noordwest Fryslân. Was al jong aan het tekenen en fotograferen. Vanaf zijn elfde kreeg hij tekenles van Peter Vassilev en ontdekte later grafisch ontwerpen als fantasievolle combinatie van vorm en inhoud. Hij werkte vijf jaar bij de NCRV-gids in Hilversum en begon in 1999 Studio Bosgra in Baarn. Samen met studie- en echtgenoot Liesbeth van Nieuwkasteel geeft hij vorm aan o.a. huisstijlen, websites en fotografeert hij met aandacht en plezier.

59

70 jaar volksuniversiteit baarn  

De mensen bij Volksuniversiteit Baarn

70 jaar volksuniversiteit baarn  

De mensen bij Volksuniversiteit Baarn

Advertisement