__MAIN_TEXT__

Page 1

Een maandelijkse uitgave van Voka vzw | Verschijnt niet in juli en augustus | Jaargang 3 - januari 2019 Koningsstraat 154-158, 1000 Brussel P912687

VOKA MEMORANDUM JANUARI 2019

U E

NAAR EEN VERNIEUWDE EU

PRIORITEITEN VOOR DE EUROPESE VERKIEZINGEN 2019


U E NAAR EEN VERNIEUWDE EU INHOUD

Naar een vernieuwde EU Prioriteiten voor de Europese verkiezingen 2019 De essentie

..................................................

4

De eenheidsmarkt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 De schengenzone

.....................................

11

Eurozone . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15 Handel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19 Brexit

..........................................................

24

www.durfkiezen.be

colofon Voka-kenniscentrum Niko Demeester | Secretaris-generaal Bart Van Craeynest | Hoofdeconoom Sonja Teughels | Arbeidsmarkt Veronique Leroy | Arbeidsmarkt en arbeidsverhouding Vincent Thoen | Innovatie en economie Jonas De Raeve | Onderwijs Goedele Sannen | Mobiliteit en logistiek Ellen Vanassche | Milieu en klimaat Klaas Nijs | Energie en klimaat Steven Betz | Ruimtelijke ordening en milieu Karl Collaerts | Fiscaliteit en begroting Pieter Van Herck | Welzijns- en gezondheidsbeleid Gilles Suply | EU en internationaal ondernemen

2 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Eindredactie Sandy Panis, Katrien Stragier, Zoë Vandekerckhove Foto’s Dann en Shutterstock Vormgeving Martinique Salomons Druk INNI Group, Heule

‘Naar een vernieuwde EU’ is een brochure van Voka – Vlaams netwerk van ondernemingen. De overname of het citeren van tekst uit deze Voka Paper wordt aangemoedigd, mits bronvermelding. Verantwoordelijke uitgever Hans Maertens i.o.v. Voka vzw Burgemeester Callewaertlaan 6 - 8810 Lichtervelde info@voka.be - www.voka.be

Structurele partner:


VOKA.BE

Naar een vernieuwde EU met verantwoordelijke lidstaten Op 26 mei 2019 zijn er Europese verkiezingen. Vlaanderen staat voor heel wat uitdagingen die enkel op Europees niveau ten gronde aangepakt kunnen worden. Een goed functionerende EU is dan ook van cruciaal belang voor een welvarend Vlaanderen in de toekomst.

D

e EU heeft er enkele zeer turbulente jaren op zitten. Eerst was er de financiële crisis die de eurozone op haar grondvesten deed daveren. Tegelijkertijd zetten de migratiestromen vanuit Noord-Afrika en het Midden-Oosten de Schengenzone onder druk. Ten slotte was er de noodlottige beslissing van de Britten om de Europese Unie te verlaten.

en strategisch optreedt, met verantwoordelijke lidstaten als fundament voor een slagvaardige EU. Met dit Europees memorandum leggen wij vijftien strategische aanbevelingen voor om deze visie te realiseren!

De EU heeft in deze crisissen telkens veerkracht bewezen en heeft uiteindelijk gepaste antwoorden kunnen formuleren. De euro blijft overeind, illegale migratie naar de EU is sterk afgenomen en de brexit werd niet gevolgd door andere lidstaten.

Gedelegeerd bestuurder Voka

WOUTER DE GEEST Voorzitter Voka

HANS MAERTENS

“De lidstaten hebben de verantwoordelijkheid om het draagvlak voor de EU te vergroten bij hun burgers.” Maar de EU is toch ook gehavend uit deze crisissen gekomen: de jarenlange consensus dat Europa een project is waar we onvoorwaardelijk beter van worden wordt steeds meer in twijfel getrokken. De EU moet deze kritiek aangrijpen om een interne vernieuwing op poten te zetten en de EU in de juiste richting te gidsen. De EU zal daarbij minder technocratisch en meer politiek moeten worden. Daardoor hebben de lidstaten de verantwoordelijkheid om het draagvlak voor de EU te vergroten bij hun burgers. Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen wenst zijn steentje hiertoe bij te dragen. In dit memorandum wijzen we op het belang van de EU voor de Vlaamse burgers en bedrijven. We kijken ook naar de toekomst en pleiten voor een efficiënte EU die internationaal gericht is JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 3


NAAR EEN VERNIEUWDE EU DE ESSENTIE

De essentie

U E

De Europese Unie heeft sinds haar oprichting enorm bijgedragen aan de economische ontwikkeling van Vlaanderen. Om onze welvaart te vrijwaren en verder te versterken in de geglobaliseerde wereld van vandaag heeft de EU echter nood aan interne vernieuwing. Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen roept in dit memorandum op tot een efficiënte EU die internationaal gericht is en strategisch nadenkt om de uitdagingen van de 21ste eeuw aan te gaan.

D

e EU heeft er enkele zeer turbulente jaren opzitten. Eerst was er de financiële crisis die de eurozone op haar grondvesten deed daveren. Tegelijkertijd ontstonden er migratiestromen naar de EU uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten die druk zetten op de Schengenzone. De Britten beslisten om de Europese Unie te verlaten en de Verenigde Staten varen een uitgesproken protectionistische koers. De EU heeft echter veerkracht bewezen en heeft telkens gepaste antwoorden kunnen formuleren om deze verschillende crisissen te ontmijnen. Desalniettemin staat de traditionele rol van de EU als bewaker van de internationale vrijhandel steeds meer onder druk. De brexit zal het moeilijker maken voor Vlaamse ondernemers om zaken te doen met het VK. De huidige migratieproblematiek leidde meer dan 30 jaar na het Schengenverdrag tot de herintroductie van grenscontroles. Het toegenomen protectionis4 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

“Er moet sterk ingezet worden op een efficiënte EU die internationaal gericht is en strategisch nadenkt.” me maakt het moeilijker om handelsverdragen af te sluiten. En binnen de eenheidsmarkt worden bedrijven nog veel te vaak geconfronteerd met sterk verschillende wetgevende kaders. Voor zowel de Vlaamse bedrijven als burgers is het cruciaal dat de EU vrijhandel blijft vrijwaren en versterken en dat zowel op interne als externe schaal. Om die reden moet er sterk ingezet worden op een efficiënte EU die internationaal gericht is en strategisch nadenkt.


U

Een efficiënte EU Een efficiënte werking van de EU blijft een belangrijke uitdaging die helaas wat ondergesneeuwd is geraakt. Er moeten nog steeds heel wat stappen gezet worden om een ware eenheidsmarkt te bekomen vergelijkbaar met de VS of China. Dit is overigens niet enkel een ‘nice to have’ voor onze bedrijven: het is noodzakelijk om onze competitiviteit te vrijwaren, die steeds meer bepaald wordt op internationaal niveau. Het bekomen van een efficiënte EU zal echter bijkomende inspanningen vergen aangezien het laaghangende fruit van de Europese economische integratie reeds is geplukt.

VOKA.BE

MEER INFORMATIE? Surf ook naar www.durfkiezen.be

Een internationale EU In 2020 zal maar liefst 90% van de economische groei in de wereld plaatsvinden buiten de EU. De EU moet dan ook inzetten op een ambitieus handelsbeleid dat veelbelovende markten buiten de EU openstelt aan de Vlaamse ondernemingen. De verhoogde geopolitieke instabiliteit in de Europese grensregio vormt dan weer een externe bedreiging. De EU moet dan ook een strategie ontwikkelen om een stabiele grensregio te verankeren. Op deze manier wordt de illegale migratiedruk structureel aangepakt en kan er een omschakeling bewerkstelligd worden naar een slim en gericht migratiebeleid.

“Lidstaten moeten veel meer verantwoordelijkheidszin en zelfdiscipline opnemen in het Europese project.” Een strategische EU De EU moet overschakelen van een reactief beleid naar een proactief beleid om zich te wapenen tegen de uitdagingen van de toekomst. Zo moet de EU meer zel�ewustzijn aan de dag leggen inzake haar strategische belangen en een omvattende strategie en instrumentarium uitbouwen om zelfstandig en autonoom op te treden naast de andere internationale grootmachten, in het bijzonder de Verenigde Staten en China. Dit moet aangevuld worden met een instrumentarium om de Vlaamse bedrijfswereld te beschermen tegen oneerlijke internationale concurrentie op zowel de eigen als de internationale markt.

de Europese instellingen. Het ‘meer Europa’ ligt in de eerste plaats bij de lidstaten die collectief meer verantwoordelijkheidszin en zelfdiscipline aan de dag moeten leggen binnen het Europese project.

15 aanbevelingen Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen wenst 15 aanbevelingen voor te leggen aan de Europese, federale en Vlaamse beleidsmakers op vijf verschillende domeinen om deze efficiënte EU die internationaal gericht is en strategisch nadenkt te realiseren. EENHEIDSMARKT Bewaak systematisch de eenheid en het gelijk 1. speelveld van de eenheidsmarkt. 2. Maak Europese regelgeving die eenvoudig en eenduidig is voor bedrijven. 3. Verdiep de eenheidsmarkt. 4. Versterk de EU als innovatiehub. SCHENGENZONE 5. Werk een omvattend stabiliserend beleid uit in de Europese grensregio. 6. Optimaliseer het beheer van de buitengrenzen. 7. Neem de nodige interne maatregelen om een goede werking van de Schengenzone te vrijwaren. EUROZONE 8. De eurolanden dienen financiële verantwoordelijkheid en zelfdiscipline aan de dag te leggen. 9. De eurozone dient een instrumentarium uit te bouwen om zichzelf crisisbestendig te maken. HANDEL 10. De EU moet een voortrekker zijn in het vrijwaren en versterken van het openhandelssysteem. 11. Verzeker voldoende investeringsbescherming voor Vlaamse bedrijven binnen en buiten de EU. 12. Verzeker een gelijk speelveld voor de eigen ondernemingen op de eigen markt. 13. Ver s ter k de posi t ie van Vlaanderen als Europese exportkoploper. BREXIT 14. België dient op Europees niveau te pleiten voor een handelsvriendelijke brexit. 15. Vlaanderen dient zich te positioneren als een spil voor Anglo-Europese handel.

De EU is meer dan ‘Brussel’ De lidstaten vormen het sluitstuk voor het realiseren van een efficiënte EU die internationaal gericht is en strategisch nadenkt. Zo betekent het ‘meer Europa’ waar er nood aan is niet meer macht voor JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 5


U

NAAR EEN VERNIEUWDE EU EENHEIDSMARKT

1. De eenheidsmarkt

D

e Europese eenheidsmarkt is de grootste economische verwezenlijking van de EU, die zeer tastbaar te voelen is in de portefeuille van elke Vlaamse burger. Zo kende ons land tussen 1990 en 2015 een toename van 2,5% van het bbp/capita, wat neerkomt op 1.060 euro op jaarbasis, ten gevolge van verdere Europese economische integratie. Dit hoeft ook niet te verbazen: via het vrij verkeer van goederen, diensten, personen en kapitaal, kunnen Vlaamse ondernemers een markt aanboren van 500 miljoen Europeanen in plaats van 11,5 miljoen Belgen, wat tot enorme efficiëntiewinsten en dus lagere prijzen leidt waar alle Vlamingen van profiteren. De handel tussen Vlaanderen en de rest van de EU oogt indrukwekkend: goed voor 70% van de Vlaamse export oftewel 222 miljard euro en 60% van de Vlaamse import ofwel 182 miljard euro. Een goed functionerende eenheidsmarkt is dan ook van cruciaal belang voor de Vlaamse economie. Een goed functionerende eenheidsmarkt leidt overigens niet enkel tot welvaartscreatie voor de Vlaamse burgers. Ze is ook van belang om de internationale competitiviteit van onze ondernemingen te vrijwaren. Zo geldt de eenheidsmarkt als een enorme binnenlandse markt die toelaat om schaalvoordelen te creëren. 6 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

België is sterk geïntegreerd in de eenheidsmarkt Goederenhandel in de EU (% van bbp)

Dienstenhandel in de EU (% van bbp)

Buitenlandse investeringen in de EU (% van bbp)

0

10 België

20

30

40

50

EU gemiddelde

Bron: The EU Single Market: Impact on Member States, LE Europe, 2017

“De efficiëntiewinsten van een ware eenheidsmarkt worden geschat op 1,75 biljoen euro oftewel vier keer het bbp van België.” Dergelijke schaalvoordelen zijn steeds meer noodzakelijk om internationaal competitief te blijven. Helaas is het belang van de eenheidsmarkt de afgelopen jaren ondergesneeuwd


VOKA.BE

geraakt. Op verschillende domeinen moeten er nog steeds enorme stappen vooruit gezet worden om een werkelijke eenheidsmarkt uit te bouwen. Zo schatten studies de mogelijke efficiëntiewinsten van een ware eenheidsmarkt op 1,75 biljoen euro wat neerkomt op 4 keer het bbp van België.

“Lidstaten dienen een Europese reflex te kweken bij de nationale, regionale en zelfs lokale beleidsagenda’s.”

Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen pleit voor het opnieuw prominent opnemen van de eenheidsmarkt op de politieke agenda en wenst hiervoor specifiek vier aanbevelingen naar voren te schuiven die gericht zijn op het efficiënter, innovatiever en bedrijfsvriendelijker maken van de eenheidsmarkt. Een sterk engagement van de lidstaten zal overigens essentieel zijn bij het realiseren van deze aanbevelingen.

grote omvang. Territoriale leveringsbeperkingen in de detailhandel in de Benelux is hier een prominent voorbeeld van.

E

Ten slotte wordt er nog te vaak regelgeving ingevoerd door een lidstaat – hetzij op federaal niveau, hetzij op regionaal of zelfs lokaal niveau – die een negatieve impact heeft op de eenheidsmarkt zonder dat er hier enige rekening mee wordt gehouden.

AANBEVELING 1: Bewaak systematisch de eenheid en het gelijk speelveld van de eenheidsmarkt Vlaamse ondernemingen worden nog te vaak geconfronteerd met sterk verschillende regelgeving per lidstaat waardoor de centrale idee van een ‘eenheidsmarkt’ verloren gaat.

De regelgevingsgraad verschilt sterk van lidstaat tot lidstaat OESO productregelgeving index (0 minst restrictief – 2 meest restrictief)

Het volle potentieel van de eenheidsmarkt kan enkel gerealiseerd worden als de eenheidsmarkt door de lidstaten beschouwd wordt als een gemeenschappelijk goed. Lidstaten moeten dus veel meer collectief verantwoordelijkheidszin aan de dag leggen om een efficiënte eenheidsmarkt te bewerkstelligen. Er moet hierbij aandacht besteed worden aan drie algemene doelstellingen: • Een goede afstemming tussen nationale en Europese wetgeving. • Een zel fde om zet t i ng va n Eu ropese wetgeving. • Een gelijkaardig en volwaardig niveau van handhaving van Europese regelgeving.

2,0

1,5

1,0

Het probleem ligt hierbij vaak bij de lidstaten zelf. Zo wordt Europese regelgeving soms op verschillende manieren omgezet alsook gehandhaafd door de lidstaten.

Dit kan door de introductie van een eenheidsmarkttoetsing. Nationale en regionale beleidsmakers dienen daarbij een eenvoudige en gefocuste evaluatie uit te voeren die de effecten op de eenheidsmarkt van nieuwe wetgevende initiatieven in kaart brengt. Een dergelijke toetsing dient uitgevoerd te worden bij zowel de omzetting van Europese regelgeving als bij de uitvoering van exclusieve federale en Vlaamse regelgeving indien deze laatste een impact kan hebben op het vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen in de EU.

Daarnaast bestaat ook nog de kwalijke praktijk waarbij lidstaten verdoken protectionistische nationale regelgeving doorvoeren om de eigen bedrijven op een oneerlijke manier te bevoordelen. Een correcte handhaving van bestaande regelgeving blijft ook op verschillende domeinen een pijnpunt. Het mededingingsbeleid wordt bijvoorbeeld vaak niet correct gehandhaafd, in het bijzonder als het gaat om inbreuken van minder

Inzake Europese regelgeving dient de toetsing eenzelfde uitvoering te bewerkstelligen, in de eerste plaats ten opzichte van de buurlanden en in de tweede plaats ten opzichte van de volledige EU. Voor België is het overigens van belang dat er ook een intra-Belgische afstemming is om ook binnen België een zo hoog mogelijke geharmoniseerde uitvoering te bewerkstelligen. Inzake exclusieve federale en Vlaamse regelge-

0,5

0,0

Griekenland

Frankrijk

Luxemburg

België

Duitsland Denemarken Oostenrijk

Bron: OESO product markt regelgeving indicator

Nederland

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 7


NAAR EEN VERNIEUWDE EU EENHEIDSMARKT

ving dient de toetsing vooral te verzekeren dat de uitvoering geen negatieve impact heeft op het vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen. Het is wel telkens van belang dat de toetsing niet leidt tot een vertraging van het wetgevend proces. Naast een ex ante toetsing is een wederkerende evaluatie van reeds uitgevoerde regelgeving uiteraard ook wenselijk.

De grote technologiebedrijven van vandaag komen niet uit Europa

Meest waardevolle technologiebedrijven volgens marktkapitalisatie (in miljard dollar) 1000

800

Op langere termijn zal een gecoördineerde Europese aanpak noodzakelijk zijn om te verzekeren dat alle lidstaten dezelfde methodologie hanteren met betrekking tot de ontwikkeling en uitvoering van een dergelijke eenheidsmarkttoetsing om een gelijk speelveld te verzekeren. Naast de eenheidsmarkttoetsing kan er ook in het Europese Semester een apart luik toegewijd worden aan de eenheidsmarkt, met een impactanalyse van nationale en regionale regelgeving op de werking van de eenheidsmarkt en de handhavingsanalyse van Europese regelgeving.

600

400

200

0

Apple (V.S.)

Alphabet (V.S.)

Microsoft (V.S.)

Amazon (V.S.)

Te ncent (China)

Alibaba (China)

Facebook Samsung (V.S.) (Zuid-Korea)

Bron: PwC – maart 2018

Digitale eenheidsmarkt Wie moet handelen? Federale regering, Vlaamse regering:

1.

Een eenheidsmarkttoetsing uitwerken en toepassen in nauwe samenwerking met de buurlanden.

Europese Commissie, Europees Parlement:

1.

2.

Een Europese eenheidsmarkttoetsing ontwikkelen. Een eenheidsmarktluik opnemen in het Europees Semester.

AANBEVELING 2: Verdiep de eenheidsmarkt Op verschillende economische domeinen is er nog steeds geen of te weinig sprake van een eenheidsmarkt. Deze domeinen beslaan daarenboven vaak nieuwe, innovatieve sectoren die een steeds grotere rol zullen spelen in de economische groei in de EU. Zo is de huidige eenheidsmarkt nog steeds te veel een eenheidsmarkt van de 20ste eeuw en niet van de 21ste eeuw. Het is bijvoorbeeld verontrustend dat er geen enkel Europees bedrijf tot de top 10 van meest waardevolle technologiebedrijven in de wereld behoort. De EU moet daarom blijvend werk maken van een verdere verdieping van de eenheidsmarkt, waarbij ze wel systematisch vooraf een grondig impact assessment naar kosten en opbrengsten moet doorvoeren. Bij deze verdere verdieping moet er specifiek aandacht geschonken worden aan vier grote domeinen.

8 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Op het vlak van digitalisering staat de EU voor een dubbele uitdaging. Enerzijds kan men er vandaag niet omheen dat het leeuwendeel van de grote digitale spelers van Amerikaanse en Chinese oorsprong zijn. Anderzijds is er dan weer een gebrek aan digitalisering in de meer conventionele sectoren. De EU kan nog heel wat economische groei boeken door verder in te zetten op digitalisering: studies wijzen uit dat een volledig uitgewerkte digitale eenheidsmarkt een bijkomende economische winst van 415 miljard EUR per jaar kan genereren.

“De huidige eenheidsmarkt is nog te veel een eenheidsmarkt van de 20ste eeuw en niet van de 21ste eeuw.” Eenheidsmarkt in diensten

Op het vlak van diensten kunnen we helaas tot op vandaag nog steeds niet spreken van een echte eenheidsmarkt. Zo bedroeg de totale intra-EU-handel in diensten slechts 6,1% van het EU-bbp in 2013. Dit staat in schril contrast met de intra-Europese handel in goederen die in 2015 opliep tot 20,8% van het EU-bbp. Hoewel de cijfers voor België telkens hoger liggen dan het Europees gemiddelde, mag het duidelijk zijn dat verdere integratie in de intra-Europese handel van diensten, dringend ten gronde aangepakt moet worden.


U E VOKA.BE

“Elke euro die geïnvesteerd wordt in defensie heeft een terugverdieneffect van x1,6.” Energie-unie

De EU heeft nood aan een omvattend wetgevend raamwerk om een trans-Europees geïntegreerd, competitief, flexibel en leveringszeker energiesysteem uit te bouwen dat gebaseerd is op een kostenefficiënt en duurzaam gebruik van energiebronnen. De uitbouw van een energie-unie speelt hierbij een centrale rol. Binnen deze energie-unie moet er gewaakt worden over een gelijk speelveld voor ondernemingen. Dit door: via marktkoppeling en afgestemd beleid te streven naar gelijkwaardige prijzen; via de energienorm te streven naar gelijkwaardige kosten binnen de EU; en door hernieuwbare energie te integreren in de markt. Nationale beleidsmakers moeten daarnaast hun energiebeleid altijd zo goed mogelijk afstemmen op het Europese kader. Er dient ook een bindend pad uitgetekend te worden om marktverstorende maatregelen zoveel mogelijk uit te faseren. Initiatieven met als doel een verdere uitbreiding van het netwerk voor elektriciteitstransport zijn wenselijk, aangezien dit aanleiding kan geven tot een hogere mate van intra-EU prijsharmonisering en een verhoogde mate aan leveringszekerheid. Een stevig Europees elektriciteitsnetwerk

is bovendien noodzakelijk om duurzame energie te integreren in het energiebevoorradingsysteem. Er dient hierbij zowel aandacht besteed te worden aan een verhoging van als toegang tot interconnectiecapaciteit. Defensie-unie

De defensie-industrie in de EU is vandaag nog steeds sterk gefragmenteerd. Een Europese aanpak op het vlak van defensie zou naar schatting 25 miljard euro efficiëntiewinsten opleveren. Bovendien creëert de defensie-industrie heel wat positieve spill-overeffecten naar de rest van de Europese economie. Zo blijkt dat elke euro die geïnvesteerd wordt in defensie een terugverdieneffect van x1,6 bewerkstelligt. Europa heeft daarnaast nood aan een goed functionerende defensie-industrie om op een zelfstandigere manier veiligheid te garanderen in de EU. Wie moet handelen? Europese Commissie, Europees Parlement, Federale regering, Vlaamse regering:

1.

De eenheidsmarkt verder verdiepen in de domeinen digitaal, diensten, energie en defensie.

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 9


NAAR EEN VERNIEUWDE EU EENHEIDSMARKT

AANBEVELING 3: Maak Europese regelgeving die eenvoudig en eenduidig is voor bedrijven Er heerst nog te vaak onduidelijkheid over de juiste interpretatie van Europese verordeningen voor bedrijven. De ingrijpende Algemene Verordening Gegevensbescherming (GDPR), die bol stond met vage begrippen, was hier een schoolvoorbeeld van. Om dit te verhelpen dient de Europese Commissie – in samenwerking met nationale autoriteiten – eenduidige interpretatieve richtlijnen te publiceren voor nieuwe Europese verordeningen. Dergelijke richtlijnen moeten voldoende lang op voorhand gepubliceerd worden alvorens de nieuwe verordening in werking treedt. Dit opdat bedrijven voldoende tijd hebben om hun bedrijfsprocessen aan te passen aan de nieuwe verordeningen. De EU moet daarnaast nog verdere inspanningen leveren om werkelijk rekening te houden met de noden voor kmo’s bij het ontwerpen van nieuwe Europese regelgeving. Zo is volgens de ‘SME Test Benchmark 2017’, een studie van de Eurochambres, de algemene kwaliteit van de kmo-test nog steeds ondermaats. Wie moet handelen? Europese Commissie, Federale regering, Vlaamse regering:

1. Tijdig interpretatieve richtlijnen van nieuwe Europese regelgeving publiceren. Europese Commissie:

1.

De kmo-test rigoureuzer toepassen.

AANBEVELING 4: Maak van de EU een innovatiehub Het is van groot belang dat binnen de eenheidsmarkt bedrijven actief gestimuleerd worden om te blijven innoveren. Dit is niet enkel belangrijk om duurzame economische groei te realiseren: indien de EU relatief minder innoveert dan de rest van de wereld, zullen wij aan competitiviteit inboeten. Om die reden is het van belang dat het Europese mededingingsbeleid meer innovatiegericht wordt toegepast. Ook belangrijk is dat de toepassing van het voorzorgsprincipe innovatie niet mag verbieden.

VS, Zuid-Korea, China en Japan. Een belangrijk element in de omschakeling naar een innovatievriendelijker mededingingsbeleid is dat eerst en vooral de evaluatie of innovatiesteun al dan niet beschouwd kan worden als staatssteun, gebeurt op basis van een marktaandeelanalyse en minder op basis van geplafonneerde maximumbedragen. Daarnaast dient de marktaandeelanalyse meer op een internationale schaal te verlopen in plaats van op Europees niveau. Een dergelijke verschuiving in het Europese mededingingsbeleid zou erkennen dat competitiviteit vandaag veel meer bepaald wordt op basis van innovatie en internationale concurrentie. Hiermee zou de EU een mededingingsbeleid met betrekking tot innovatie bewerkstelligen dat veel meer in lijn ligt met onze voornaamste internationale concurrenten. Bovendien zou een dergelijke aanpak op de lange termijn veel beter de belangen behartigen van de Europese consument, die sterk zou profiteren van een innovatievere EU. Wie moet handelen? Europese Commissie:

1. Een prominent pijnpunt op dat vlak is dat publieke innovatiesteun veel sneller gelabeld wordt als illegale staatssteun in de EU dan in landen als de 10 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Het mededingingsbeleid innovatievriendelijker toepassen.


VOKA.BE

2. De Schengenzone De Schengenzone belichaamt een van de basisprincipes van de eenheidsmarkt, met name het vrij verkeer van personen. Binnen de Schengenzone is personencontrole aan de landsgrenzen afgeschaft. Hierdoor moeten truckchauffeurs bijvoorbeeld niet langer uren aanschuiven aan grenzen voor paspoortcontroles. Voor België is de Schengenzone enorm belangrijk, maar die komt meer en meer onder druk. De Schengenzone staat onder druk Grensmuren en interne grenscontroles in Schengenzone 2015-2017 Schengenzone Grenscontroles Grensmuur

Norway

Sweden

Latvia Denmark

Russian Federation

Lithuania

Ireland

Belarus

United Kingdom

nds

Poland

herla

Net

Belgi

um

Ca

Germany

lais

Czech c Republi

Ukraine

Slovakia Mo

Austria

ary

Hung

Switzerland

va ldo

France

ia Sloven

ia Roman

Croatia

and Bosnia ovina Herzeg

Italy

Serbia

ria

Bulga

Mo

nte

ne

gro

oslav er yug nia The form of macedo republic

Portugal

Albania

Spain Greece

Turkije

Bron: Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen – Verenigde Naties – maart 2017

H

et staat buiten kijf dat de Schengenzone een enorme economische meerwaarde betekent voor Vlaanderen. Het sluiten van de Belgisch-Franse grens gedurende één maand kost bijvoorbeeld naar schatting 17 miljoen euro. Het volledig uit elkaar vallen van de Schengenzone zou dan weer 230 miljard euro kosten, waarbij België naast Frankrijk en Duitsland het zwaarst getroffen zou zijn. Het is dan ook verontrustend dat de Schengenzone de afgelopen jaren steeds meer onder druk kwam te staan. Zo hebben tussen 2015 en 2017 in totaal tien lidstaten tijdelijke interne grenscontroles opgezet die bijna vijftig keer heringevoerd of verlengd werden. Dit staat in schril contrast met de slechts zesendertig gevallen van tijdelijke grenscontroles in de periode 2006-2015.

“Het staat buiten kijf dat de Schengenzone een enorme economische meerwaarde betekent voor Vlaanderen.” Hoewel de crisisperiode van 2015 reeds achter ons ligt en de druk op de buitengrenzen sterk is afgenomen, kan een toename in illegale migratie naar de EU een structurele trend worden ten gevolge van de demografische boom in Afrika. Het huidige gemiddelde economische groeipeil van 4 à 5 procent op het Afrikaanse continent zal immers niet volstaan om een welvarend leven te verzekeren voor iedereen. JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 11


NAAR EEN VERNIEUWDE EU SCHENGENZONE

De Europese bevolking krimpt, de Afrikaanse bevolking boomt. Bevolkingsgroei raming Afrika vs. Europa

2015

Europa

2050

Europa

Bevolking 738 miljoen

Afrika

Bevolking 1,186 miljard

Bevolking 706 miljoen

Afrika

Bevolking 2,477 miljard

Jaarlijkse bevolkingsgroei

0%

1%

2%

3%

Bron: Populationpyramid.net

Het Europees beleid omtrent migratie moet daarom verschuiven van crisisbeheersing naar crisispreventie. Enkel op deze manier kan een goed functionerende Schengenzone op de lange termijn verzekerd worden, wat cruciaal is voor de Vlaamse economie. Intra-Europese migratie heeft daarnaast ook tot verhitte discussies geleid de afgelopen jaren. Dat ook voor deze problematiek gepaste antwoorden gevonden moeten worden mag alvast blijken uit de brexit, waar dit als een van de grote oorzaken wordt beschouwd van de Britse keuze om de EU te verlaten. Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen wenst drie aanbevelingen naar voren te schuiven om een goed functionerende Schengenzone op de lange termijn te verzekeren. AANBEVELING 5: Werk een omvattend stabiliserend beleid uit in de Europese grensregio.

De diepere oorzaak van de toenemende druk op de goeie werking van de Schengenzone ligt niet in de EU. Een puur reactief beleid dat stopt aan de grenzen van de EU volstaat daarom niet langer om het probleem ten gronde op te lossen. 12 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

“Een puur reactief beleid dat stopt aan de grenzen van de EU volstaat niet om de Schengenzone te vrijwaren.” Eerst en vooral dient de EU haar handels- en investeringsbeleid slim in te zetten om economische groei te stimuleren in de grensregio. Zo moet de EU de reeds bestaande associatieverdragen met de buurlanden verder verfijnen, verbeteren en uitbreiden om wederzijds voordelige economische relaties te versterken. Een verdere uitrol van het Europees extern investeringsplan, waarbij de EU gebruik maakt van voordelige leningen en schuldgaranties om private investeringen te stimuleren, is ook wenselijk. Dit economisch luik dient ingebed te worden in een omvattend geostrategisch beleid met als centrale doelstelling het garanderen van een welvarend en veilig leven in de Europese grensregio. Concreet betekent dit dat er meer en intensievere samenwerking op het vlak van veiligheid nodig zal zijn opdat de EU in de toekomst een stabilise-


VOKA.BE

rende rol kan waarnemen in de grensregio. Enkel op deze manier kan de EU de diepere oorzaken van migratie op een waardige en doortastende manier afremmen. Wie moet handelen? Europese Commissie, Europees Parlement:

1. Het handels- en investeringsbeleid slim inzetten om economische groei in de grensregio te stimuleren. Europese Commissie, Federale regering, Vlaamse regering:

1. Een omvattend Europees geostrategisch beleid ondersteunen en uitwerken opdat de EU een stabiliserende rol kan waarnemen in de grensregio. AANBEVELING 6: Optimaliseer het beheer van de buitengrenzen Het Verdrag van Lissabon stelt dat de EU moet streven naar de invoering van een geïntegreerd systeem van beheer van de buitengrenzen. Toch ligt binnen het huidige Europees grens- en kustwachtsysteem vandaag nog steeds de eindverantwoordelijkheid vooral bij de lidstaten zelf. De EU moet verder inzetten op een omschakeling naar een model waarbij de lidstaten meer gezamenlijk het beleid rond de buitengrenzen beheren. Deze omschakeling moet gepaard gaan met een grotere toewijzing van Europese middelen aan het bewaken van de buitengrenzen, hoewel deze oefening in haar totaliteit budgetneutraal dient te zijn. Wie moet handelen? Europese Commissie, Federale regering:

1. Een geïntegreerd systeem van buitengrenzenbeheer op EU-niveau bewerkstelligen. Europese Commissie, Europees Parlement, Federale regering, Vlaamse regering:

1. Meer Europese middelen toewijzen aan het bewaken van de EU-buitengrenzen. AANBEVELING 7: Neem de nodige interne maatregelen om een goeie werking van de Schengenzone te vrijwaren Extra-Europese migratie

Om te vermijden dat lidstaten te snel teruggrijpen naar grenscontroles dient de Europese Commissie de noodzaak en proportionaliteit van grenscontroles telkens snel en efficiënt af te JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 13


NAAR EEN VERNIEUWDE EU SCHENGENZONE

toetsen. In het geval van een negatieve evaluatie dient de grenscontrole afgeschaft te worden binnen een zeer korte termijn. De problematiek rond transmigratie vereist wel in sommige gevallen meer controles op bepaalde hotspots zoals in havengebieden. Dergelijke controles dienen zoveel mogelijk geconcentreerd plaats te vinden, weg van interne landsgrenzen. De EU heeft daarnaast vandaag nog steeds geen stok achter de deur om lidstaten op een dwingendere manier aan te manen hun verantwoordelijkheden op te nemen binnen het Europese migratiebeleid. Daarom moet de opvang van asielzoekers gekoppeld worden aan Europese subsidies voor regionale ontwikkeling. Hierdoor wordt de link tussen de rechten en de plichten van EU-lidmaatschap explicieter gelegd. Ten slotte zijn legale kanalen voor economische migratie ook zeer wenselijk en zelfs noodzakelijk om zowel arbeidskrapte aan te pakken als de positie van de EU op het vlak van innovatie en kennis te vrijwaren. Actieve migratie van zowel werknemers als studenten moet dan ook de kern vormen van een toekomstig migratiebeleid. Daarbij moeten hooggeschoolden aangetrokken worden maar ook laag- en middengeschoolde profielen indien deze ingezet kunnen worden om knelpuntvacatures in te vullen.

sectorspecifiek van aard is. Sociale dumping vindt bovendien bijna uitsluitend plaats in de laaggeschoolde arbeid. Hooggeschoolde werknemers die tijdelijke opdrachten uitvoeren doorheen de EU kunnen echter ook gevolgen ondervinden van de herziende detacheringsrichtlijn. Om deze reden dient de federale regering de detacheringsrichtlijn op een slimme manier om te zetten, waarbij er ten volle gebruik gemaakt wordt van de uitzonderingen voorzien in de richtlijn om de mobiliteit van kaderleden en kennismedewerkers niet te beknotten. Daarnaast dient de impact van de herziende detacheringsrichtlijn gemonitord te worden opdat een gegronde ex post evaluatie kan uitgevoerd worden. Op basis van deze analyse dient er dan gekozen te worden om al dan niet over te schakelen naar meer sectorspecifieke maatregelen. Ten slotte moet er ingezet worden op het faciliteren van de samenwerking tussen de sociale inspectiediensten van de lidstaten. Wie moet handelen? Europese Commissie:

1. Interne grenscontroles onderwerpen aan een juridisch bindende noodzakelijkheidsen proportionaliteitstest. 2. De opvang van asielzoekers koppelen aan Europese middelen. Vlaamse regering:

Intra-Europese migratie

Om het draagvlak te behouden voor intra-Europese migratie is het van belang dat deze op een eerlijke manier verloopt. Het uitgangspunt ‘gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plaats’ is alvast een belangrijk leidend principe om dit te bewerkstelligen. Desalniettemin is de transversale aanpak die naar voren wordt geschoven in de herziening van de detacheringsrichtlijn een twijfelachtige oplossing voor een problematiek die zeer 14 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

1. Een economisch migratiebeleid verder uitwerken. Federale regering:

1. De detacheringsrichtlijn op een slimme manier omzetten. Europese Commissie, Federale regering:

1. De impact van de herziene detacheringsrichtlijn monitoren en evalueren. 2. De samenwerking met de sociale inspectiediensten van de andere lidstaten versterken.


U E VOKA.BE

3. De eurozone Om tot een optimaal efficiënte EU te komen dient ook de werking van de eurozone nog verder verbeterd te worden. De afgelopen 4 jaar klom de eurozone alvast na de schuldencrisis uit een diep dal. Dit was deels te danken aan de tussenkomst van de Europese Centrale Bank (ECB) die voor ettelijke miljarden staatsleningen opkocht en aan het gunstige internationale economische klimaat. Daarnaast werd er ook een reeks nuttige extra maatregelen doorgevoerd zoals het Europees toezicht op de grootbanken en de zogenaamde ‘two pack’ en ‘six pack’. Maar die zijn eindig in de tijd.

ECB Quantitative Easing (QE) tijdslijn 80 70 60 50 40 30 20

Jan-19

Nov-18

Jul-18

Sep-18

Mar-18

May-18

Nov-17

Jan-18

Jul-17

Sep-17

Mar-17

May-17

Jan-17

Nov-16

Jul-16

Sep-16

Mar-16

Nov-15

Jan-16

Jul-15

0

Sep-15

10

Mar-15

De eurocrisis ontstond in hoofdzaak omdat de eurozone niet voldeed aan de criteria voor een optimale muntzone. De conjunctuurcycli lopen in de eurozone vaak te ver uiteen en er zijn geen goede mechanismen om een asymmetrische economische schok in één deel van de zone op te vangen via arbeidsmigratie of transfers. Gezien de culturele en politieke verschillen in de eurozone is het utopisch om de eurozone op korte termijn tot een optimale muntzone om te vormen zoals de Verenigde Staten. Het remediëren van de eurozone zal dus moeten uitgaan van maatregelen die zowel in de noordelijke als zuidelijke lidstaten aanvaardbaar zijn.

De ECB koopt niet langer massaal obligaties op

May-15

D

e ECB kan niet de grootste koper blijven op de markt van staatsobligaties en de hoogconjunctuur is per definitie eindig. Het is daarenboven twijfelachtig of de doorgevoerde maatregelen voldoende zullen zijn om een nieuwe crisis af te wenden.

Bron: ECB; vereenvoudigde voorstelling

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 15


NAAR EEN VERNIEUWDE EU EUROZONE

AANBEVELING 8: De eurolanden dienen meer financiële verantwoordelijkheid en zelfdiscipline aan de dag te leggen Een belangrijke oorzaak van de eurocrisis was dat de lidstaten enkel werden afgerekend op de Maastrichtcriteria, die enkel voorzagen in een begrotingstekort onder de 3% van het bbp en een overheidsschuld onder de 60%. Zo ontstond de situatie dat landen als Spanje en Ierland, die voor de crisis een laag overheidstekort en overheidsschuld kenden, zowat de grootste slachtoffers werden van de eurocrisis. Dit omdat ze voor de crisis een groot tekort op de lopende rekening hadden, wat het gevolg was van een via buitenlands geld gefinancierde vastgoedboom. De two pack en six pack zijn een belangrijke aanvulling op de Maastrichtcriteria. Zo wordt er nu ook gekeken naar zaken als de economische slagkracht, de lopende rekening en de loonmechanismen. Die criteria vertalen zich in het Europees Semester, een jaarlijks weerkerende evaluatie waarbij experts binnen de Europese Commissie onderzoek voeren en een landenrapport maken van elke lidstaat. Het probleem is dat het rapport nog altijd te vrijblijvend is. Er is dan ook nood aan meer sanctie- en stimulimechanismen om landen ertoe aan te zetten de aanbevelingen in de landenrapporten beter na te leven.

O

Daarnaast hanteert de Europese Commissie volgens het Stabiliteits- en Groeipact het struc-

België voert de aanbevelingen uit het jaarlijkse landenrapport van de Commissie te beperkt uit Belgische omzetting van de landenspecifieke aanbevelingen periode 2011-2017 van België

Bron: Europese Commissie

16 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Volledige omzetting: 4

Geen vooruitgang Beperkte vooruitgang Enige vooruitgang Aanzienlijke vooruitgang Volledige omzetting

tureel tekort als belangrijkste maatstaf om de overheidsfinanciën van de lidstaten te beoordelen. Die parameter vertoont gebreken. Vooreerst is het moeilijk om het ‘structurele’ karakter van een tekort te bepalen. Het tweede probleem is dat het te veel de nadruk op de inkomstenkant legt. Hierdoor zijn landen te veel geneigd om een contracyclisch beleid te voeren met belastingsverhogingen en besparingen wanneer het economisch slecht gaat en belastingsverlagingen en extra uitgaven in hoogconjunctuur. Met het hanteren van een uitgavennorm richt je je vooral op het deel van een begroting waar een overheid het meest vat op heeft; de uitgaven. Die mogen jaarlijks maar met een bepaald percentage stijgen. Dat percentage hangt af van de grootte van de overheidsschuld: hoe hoger, hoe lager het stijgingspercentage. In crisisjaren speelt de inkomstenkant – die in een recessie via minder belastingen harder getroffen wordt – een minder grote rol, waardoor conjunctuurcycli via het begrotingskanaal worden afgevlakt in plaats van versterkt.


VOKA.BE

De Europese Commissie hanteert in haar rapporten weliswaar deels de uitgavennorm maar die komt pas in tweede instantie, na het structureel tekort. De Commissie zou beter de landen volledig beoordelen in functie van de uitgavennorm. Wie moet handelen? Federale regering, Vlaamse regering:

1. Een verantwoord begrotingsbeleid voeren in lijn met de aanbevelingen van het landenrapport. Europese Commissie:

1. Bestaande sanctie- en stimulimechanismen beter hanteren en nieuwe mechanismen uitwerken om lidstaten ertoe aan te zetten de aanbevelingen uit de landenrapporten beter na te leven. 2. De uitgavennorm in plaats van het structureel tekort hanteren in de landenrapporten.

“Het remediëren van de eurozone zal moeten uitgaan van maatregelen die zowel voor de noordelijke als de zuidelijke lidstaten aanvaardbaar zijn.” AANBEVELING 9: De eurozone dient een instrumentarium verder uit te bouwen om zichzelf crisisbestendig te maken Het is belangrijk dat zowel financiële partijen als lidstaten weten dat er geen automatisch mechanisme in werking treedt dat ervoor zorgt dat er noodleningen komen wanneer de schuld van een land volledig ontspoort. Dit moet vermijden dat financiële spelers en overheden te veel risico nemen omdat ze weten dat een derde partij fi naal toch gaat helpen. Wanneer een land zijn leningen niet meer kan betalen, dan zal het land een JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 17


NAAR EEN VERNIEUWDE EU EUROZONE

gedeeltelijke schuldkwijtschelding moeten opleggen aan haar obligatiehouders. Er kan wel tijdelijk geld geleend worden bij het IMF of een Europese equivalent, die aan speciale tarieven en strenge economische voorwaarden geld lenen aan een noodlijdend land en qua terugbetaling voor de andere schuldeisers komen te staan. Bij een algemene economische crisis die Europa treft en de groei en infl atie omlaag duwt, kan de Europese Centrale Bank via kwantitatieve versoepeling staatspapier opkopen, zodat de rente gedrukt wordt. Er moeten wel procedures voorzien worden om een land te helpen dat een plotse individuele negatieve schok ervaart – zoals bij een grote natuurramp – via een noodfonds. Die solidariteit is wel tijdelijk en er dienen duidelijke criteria afgesproken te worden wanneer die solidariteit geactiveerd kan worden. Daarnaast moet er verder aandacht besteed worden aan een goed wetgevend kader voor de banken. Zij waren immers de brandversterker tijdens de Europese schuldencrisis. De lokale banken zijn vaak de grootste aandeelhouders van overheidspapier, waardoor de binnenlandse banken, wanneer de rente op het binnen-

“Een automatisch mechanisme van noodleningen zal enkel leiden tot ‘moral hazard’.” lands staatspapier fors oploopt, in de problemen komen. Omgekeerd voelden lidstaten zich gedwongen om hun lokale probleembanken financieel te ondersteunen, om te vermijden dat hun burgers en bedrijven hun spaargeld verliezen of geen leningen meer kunnen krijgen. In echte crisissituaties ontstaat er bovendien ook een ‘run on the bank’ en probeert iedereen zijn geld van de lokale bank over te zetten naar een bank in een veiliger land. Een Europees toezicht op de banken is een eerste belangrijke remedie tegen deze vicieuze cirkel. De banken moeten onder het toezicht van een Europese instantie vallen die dwingende eisen kan stellen over de kwaliteit van de bankbalans, zoals het aandeel eigen vermogen en het afschrijven van slechte kredieten. Wanneer dit toezicht volledig op punt staat en alle (groot)banken voldoende gekapitaliseerd 18 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

zijn - tegenover de reële waarde van de kredietportefeuille - moet er een Europees garantiestelsel komen dat collectief door de Europese banken wordt gefi nancierd. Zo’n bescherming bestaat in de meeste lidstaten al op nationaal niveau. Dit Europees mechanisme moet vermijden dat depositohouders in één land bij een crisis hun deposito’s opvragen en transfereren naar een buitenlandse bank. Hierdoor wordt een bankrun vermeden op de binnenlandse banken in probleemsituaties en gaan overheden en banken elkaar niet langer automatisch besmetten. De uitbouw van een kapitaalmarktunie waarbij kapitaal vrijer en effectiever binnen de eurozone kan stromen zou daarnaast een welkom versterkend effect hebben op de bankenunie. Wie moet handelen? Europese Commissie, Federale Regering, Vlaamse Regering:

1. Uitbouwen van tijdelijke solidariteitsmechanismen met duidelijke en strikte activatievoorwaarden om plotse schokken op te vangen in lidstaten. 2. De Europese depositogarantie finaliseren. 3. Een Europese kapitaalmarktunie uitbouwen.


VOKA.BE

4. Handel De EU is niet enkel cruciaal in het faciliteren van de handel over de grenzen heen van de verschillende lidstaten via de uitbouw van de Europese eenheidsmarkt. De EU verzekert ook verregaande markttoegang in landen ver daarbuiten via het gemeenschappelijk Europees handelsbeleid. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat de EU de leiding neemt over het handelsbeleid: apart zouden de lidstaten – laat staan Vlaanderen – nooit dezelfde markttoegang kunnen bedingen aangezien ze de schaalgrootte missen die vereist is om te wegen op wereldniveau. Het handelsbeleid van de EU opent deuren voor Vlaamse ondernemers Stand van zaken EU-handelsbeleid 2017

Bron: Europese Commissie

A

angezien 90% van de economische groei in de wereld vanaf 2020 zal plaatsvinden buiten de EU, wordt een slim en efficiënt handelsbeleid nog belangrijker om de Europese welvaart te vrijwaren. Voor Vlaanderen, een van de meest open economieën ter wereld, is deze vaststelling nog een stuk relevanter. Zo exporteerde Vlaanderen in 2017 voor een recordbedrag van 95 miljard euro buiten de EU, een stijging van meer dan 5% in vergelijking met 2016.1 De Vlaamse import van buiten de EU bedroeg overigens ook 117 miljard euro, wat neerkomt op 40% van de totale Vlaamse import. Maatregelen die zowel de export als de import verder faciliteren, dragen dan ook bij tot een gezonde Vlaamse economie.

Eenheidsmarkt en douane-unie Europese Economische Ruimte In werking getreden handelsverdragen Nog niet in werking getreden afgesloten handelsverdragen Handelsverdragen in onderhandeling Investeringsverdragen in onderhandeling Handelsverdragen in moderniseringsproces

“Vlaanderen exporteerde in 2017 voor een recordbedrag van 95 miljard euro buiten de EU, een stijging van meer dan 5% ten opzichte van 2016.” Het Europese handelsbeleid doet net dat. Zo heeft de EU reeds een enorm netwerk van handelsverdragen uitgebouwd met landen over de hele wereld waardoor Vlaamse bedrijven kunnen genieten van verlaagde of afgeschafte invoertarieven alsook minder geconfronteerd worden met praktische handelsbelemmeringen. JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 19


U E

NAAR EEN VERNIEUWDE EU HANDEL

CETA draagt bij aan de Vlaamse welvaart

1.676

Belgische bedrijven exporteren naar Canada.

23.000

72%

jobs in België zijn mede a�ankelijk van export naar Canada.

865.000

van de bedrijven die exporteren naar Canada zijn kmo’s.

jobs in de EU zijn mede a�ankelijk van export naar Canada.

Het draagvlak voor internationale handel en globalisering staat echter steeds meer onder druk. Symptomatisch hiervoor waren de keuze van de Britten om de EU te verlaten, het hevige verzet tegen het EU-Canada handelsverdrag `CETA’ en het gevaar op handelsoorlogen die de kop op steken. Dit is bijzonder nefast voor de Vlaamse economie, die sterk a�ankelijk is van een openwereldhandelssysteem.

Dienstenexport wordt steeds belangrijker Evolutie van de wereldwijde export (2005 = 100) 200

150

Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen wenst vier aanbevelingen naar voren te schuiven die mikken op een slagkrachtig handels- en investeringsbeleid, gekoppeld aan sterke exportbegeleiding, om de positie van Vlaanderen als Europese exportkoploper te vrijwaren. AANBEVELING 10: De EU moet een prominente rol innemen in het vrijwaren en versterken van een open vrijhandelssysteem Het multilateraal handelssysteem is de afgelopen jaren beginnen haperen. Zo is de laatste multilaterale liberaliseringsronde in de Wereldhandelsorganisatie (WHO) reeds 18 jaar aan de gang en ligt er niet onmiddellijk een doorbraak in het verschiet. Bovendien vaart de V.S., traditionele beschermheer van het internationale vrijhandelssysteem, een steeds prominentere protectionistische koers. De EU moet een voortrekkersrol nemen in het hervormen van de WHO om deze impasse te doorbreken. Deze hervormingen dienen zich toe te spitsen op: • •

het toelaten van meer flexibiliteit in de onderhandelingen om de multilaterale impasse te doorbreken; het vernieuwen van regels om een internationaal gelijk speelveld te verzekeren, in het

20 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

100

2005

2006

2007

2008

Goederen

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Diensten

Bron: eigen analyse o.b.v gegevens IMF

• •

bijzonder met betrekking tot het illegitiem gebruik van industriële subsidies en de schending van intellectuele eigendomsrechten; het ontwikkelen van nieuwe regels in economische domeinen die steeds belangrijker worden zoals e-commerce; een doeltreffendere en efficiëntere dispuutarbitrage om overtredingen af te schrikken.

Bij het uitblijven van een ‘multilaterale’ doorbraak – oftewel een akkoord dat de goedkeuring geniet van alle WHO-lidstaten – dient de EU in te zetten op ‘plurilaterale’ akkoorden tussen een groep lidstaten van de WHO. Zo moet de EU zich inzetten voor het afsluiten van het Handel in Diensten Akkoord (HDA). Diensten spelen immers een steeds grotere rol in de wereldeconomie en dit des te meer in de Europese economie, waar ze instaan voor 70% van zowel het bbp als de werkgelegenheid.2 Het reduce-


VOKA.BE

ren van de vele bestaande non-tarifaire barrières op het vlak van diensten via een HDA zou dan ook een extra boost zijn voor de Vlaamse dienstenexport. Het uitbreiden van reeds bestaande plurilaterale akkoorden is overigens ook van belang. Zo moet de EU pleiten voor het verder uitbreiden van de WHO-overeenkomst inzake overheidsopdrachten, waar nu slechts 15 landen aan deelnemen. Hierbij zou de toetreding van grote opkomende landen zoals China, India en Brazilië de prioriteit moeten genieten om een betere markttoegang voor onze bedrijven te verzekeren in deze landen. Naast een uitgebreide WHO-agenda, moet de EU blijven inzetten op de uitbouw van diepe en omvattende handelsverdragen. Deze verdragen moeten trachten te streven naar harmonisatie met bestaande multilaterale regels en anderzijds vooruit te lopen met het scheppen van regels en standaarden in domeinen waar er nog geen multilaterale precedenten bestaan. Op deze manier kan het Europees handelsbeleid bijdragen tot een meer geharmoniseerd regelgevend handelskader dat in de eerste plaats multilaterale regels verankert. Daarnaast kan de EU de bilaterale handelsagenda ook gebruiken om Europees geïnspireerde regels te verspreiden waar het multilaterale niveau nog geen stappen in heeft ondernomen. Om het Europese handelsbeleid daadkrachtiger te maken zullen er ook maatregelen doorgevoerd moeten worden om het bijzonder complex en tijdrovend ratificatiesysteem van Europese handelsverdragen aan te pakken. Dit zorgt immers voor een bijzonder onzeker handelsbeleid,

“Het bijzonder complex en tijdrovend ratificatiesysteem van Europese handelsverdragen leidt tot heel wat onzekerheid voor ondernemers.” wat niet enkel nadelig is voor de eigen bedrijven maar ook de geloofwaardigheid van de EU in haar engagement voor een open vrijhandelssysteem aantast. Zo dient de EU tijdens het ratificatieproces twee verschillende verdragen voor te leggen, waarbij één verdrag enkel de handelsdomeinen omvat waarover de EU exclusieve bevoegdheid heeft en een tweede verdrag de investeringsdomeinen omvat waarover de EU de bevoegdheid deelt met de lidstaten. Wie moet handelen? Europese Commissie:

1. Pleiten voor hervormingen op WHOniveau. 2. Omvattende handelsverdragen afsluiten met economisch aantrekkelijke derde landen. 3. Handelsverdragen opsplitsen in een investeringsbeschermingsluik en een handelsluik, die apart geratificeerd kunnen worden.

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 21


U E

EUROPESE VERKIEZINGEN 2019 HANDEL

AANBEVELING 11:

Verzeker voldoende investeringsbescherming voor Vlaamse bedrijven zowel binnen als buiten de EU

Investeringsbescherming biedt meer rechtszekerheid aan ondernemers. Die zullen als gevolg sneller overwegen om te investeren, wat ten goede komt aan de algemene welvaart van het ontvangende land. Om deze reden dient de EU te blijven ijveren voor de opname van investeringsbescherming in haar handelsverdragen, die vervolgens onderworpen moeten worden aan een apart ratificatieproces. Daarnaast moet ook België blijven inzetten op het sluiten van bilaterale investeringsakkoorden met derde landen waarmee de EU nog geen onderhandelingen heeft aangeknoopt. Indien er overigens intra-Belgisch een ratificatieprobleem optreedt, dan mag de afkeuring van één regio niet de omzetting van het investeringsverdrag verhinderen in de andere regio’s indien het derde land het investeringsverdrag al geratificeerd heeft. Ten laatste moet de EU ook werk maken van een verordening omtrent investeringsbescherming om het wegvallen van de intra-EU bilaterale investeringsverdragen ten gevolge een recente uitspraak van het Europees hooggerechtshof op te vangen. Deze verordening dient aangevuld te worden met een beter toezicht op de werking van de rechtsstaat. Naast het reeds bestaande EU-scorebord voor justitie, kan er werk gemaakt worden van een ‘peer review’-mechanisme waarbij elke lidstaat onderworpen wordt aan een evaluatie over het functioneren van de rechtsstaat in eigen land. Dit kan leiden tot het uitwerken van ‘best practices’ die verder convergentie van een EU-wijde goed functionerende rechtsstaat bewerkstelligen. Wie moet handelen? Europese Commissie:

1.

2.

Investeringsbescherming blijven opnemen in handelsverdragen. Maatregelen treffen om de rechtszekerheid in de EU te verzekeren.

Federale regering, Vlaamse regering:

1.

Investeringsverdragen afsluiten met landen waar Vlaamse ondernemingen belangrijke investeringen hebben gedaan.

AANBEVELING 12: Verzeker een gelijk speelveld voor de eigen ondernemingen op de eigen markt Het uitgesproken open karakter van de EU biedt talloze voordelen maar kan ook leiden tot oneerlijke concurrentie indien er geen beschermingsmaat22 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

regelen ingebouwd worden. Een noodzakelijke voorwaarde om de voordelen te verzilveren van het Europese open karakter is dan ook beleid dat de eigen bedrijfswereld voldoende beschermt tegen oneerlijke praktijken. Zo is het slim en doeltreffend gebruik van de vernieuwde handelsdefensie-instrumenten van belang om dumping op de Europese markt uit te sluiten. De EU dient daarom nauwgezet te monitoren of er al dan niet sprake is van dumpingpraktijken om vervolgens – indien dit het geval zou zijn – antidumpingmaatregelen te treffen op basis van de handelsdefensie-instrumenten die ze ter beschikking heeft. Het monitoringproces moet overigens op een dergelijke manier gebeuren dat de impact op de dagelijkse werking van onze eigen bedrijfswereld zo beperkt mogelijk blijft. Daarnaast is het van belang dat de goederen die binnenkomen in de EU aan dezelfde standaarden en normen voldoen als de goederen die geproduceerd worden door onze eigen bedrijven. Op dit vlak is er echter nog werk aan de winkel. In een publieke consultatie van bedrijven georganiseerd in 2017 door de Europese Commissie gaf bijvoorbeeld 89% van de respondenten aan dat hun sector geconfronteerd wordt met de problematiek van non-conformiteit. 3 Om dit probleem op te lossen, dient de EU in te zetten op het versterken van (1) markttoezichtsamenwerkingsprocedures tussen de lidstaten, (2) de operationele handhavingscapaciteit en (3) het handhavingsinstrumentarium voor markttoezichthouders. Hierbij is het van belang dat douanecontroles om de conformiteit van goederen te controleren snel, efficiënt en gericht verlopen om te verzekeren dat doorlooptijden niet onnodig lang duren. Het is daarnaast belangrijk dat de Europese middelen die aan de lidstaten worden toegewezen voor douanecontroles behouden blijven. Dit is des te relevanter in het kader van de brexit, die de werklast van de douaneautoriteiten nog een pak zal verhogen. Wie moet handelen? Europese Commissie:

1. Initiatieven lanceren teneinde de samenwerking tussen markttoezichthouders te versterken alsook hun handhavingsinstrumentarium te verfijnen. 2. De financiële middelen toegekend aan de lidstaten voor douanecontroles op zijn minst behouden.


VOKA.BE

Europese bedrijven gebruiken te weinig voordelen van handelsverdragen

Verschil in gebruik van importtariefverlagingen tussen ondernemingen van EU en handelspartners (in %) 120

100

80

60

40

20

0

Zuid-Korea FTA

EU

Colombia FTA

Zwitserland FTA

Chili FTA

handelspartner

Bron: Europese Commissie

De Belgische dienstenexport groeit exponentieel maar is qua samenstelling nog te weinig in kaart gebracht België : Evolutie exportgroei 2005-2017 250

200

150

100

50

0

overige zakelijke diensten

constructie

persoonlijke, culturele en recreatieve diensten

van de derde landen waarmee nieuwe handelsverdragen worden afgesloten.4 De Vlaamse en Belgische overheden moeten dan ook inzetten op het beter monitoren van het gebruik van handelsverdragen en flankerende maatregelen uitwerken om enerzijds een hoger bewustzijn te creëren inzake de voordelen van handelsverdragen en anderzijds te voorzien in betere begeleiding bij het aanwenden van die voordelen. Daarnaast dient de Vlaamse overheid in te zetten op een gericht actieplan om de dienstenexport te stimuleren. De wereldwijde export van diensten groeit de laatste jaren een stuk sneller dan die van goederen. Ook in België neemt het aandeel van de export in diensten sneller toe dan in de goederen. De verwachting is ook dat in de toekomst het aandeel van diensten in het bbp en de export nog verder zal stijgen. Daarom moet het beleid meer inzetten op exporteerbare diensten. Er is echter momenteel te weinig kennis voorhanden inzake de export van diensten omdat de data veel minder beschikbaar zijn dan bij de maakindustrie. Dit vormt zowel een probleem inzake de sectorale categorisering alsook de regionale verdeling binnen België. Daarnaast zijn we ook minder vertrouwd met de zorgen van die bedrijven en hoe het beleid die bedrijven kan helpen om hun exportpotentieel verder aan te boren. Een dienstenexportactieplan moet trachten een goede afstemming te bewerkstelligen tussen de Vlaamse exportpromotieactiviteiten en de noden en wensen van de Vlaamse dienstenexporteurs. Daarnaast dient het actieplan ook te voorzien in het identificeren van eventuele knelpunten in het huidige Europese handelsbeleid op het vlak van diensten voor Vlaamse economische operatoren. Wie moet handelen? Vlaamse regering:

algemene goederenhandel

1.

Bron: eigen analyse o.b.v gegevens Nationale Bank van België

2.

“Het beleid moet meer inzetten op exporteerbare diensten.”

Federale regering:

1. AANBEVELING 13: Versterk de positie van Vlaanderen als Europese exportkoploper Eenmaal een handelsverdrag in werking treedt, is het uiteraard van groot belang dat Vlaamse ondernemingen gebruik maken van de vele voordelen die een dergelijk verdrag biedt. Uit een studie van de Europese Commissie blijkt echter dat het gebruik van handelsverdragen beduidend lager ligt bij Europese ondernemingen dan bij de ondernemingen

Een operationele strategie uitwerken om bedrijven beter te ondersteunen in het aanwenden van handelsverdragen. Een dienstenexportactieplan uitwerken om de noden van de dienstenexporteurs beter te identificeren en vervolgens aan te pakken.

1.

De Nationale Bank belasten met het beter in kaart brengen van de Belgische dienstenexport op het vlak van sectorale onderverdeling alsook regionale opsplitsing.

Marktstudie Vlaamse export piekt (alweer) in 2017 – Flanders Investment and Trade

2. http://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2016/september/tradoc_154971.doc.pdf 3. European Commission Staff working document – Impact assessment accompanying the document Proposal for a Regulation of the European Parliament and of the Council laying down rules and procedures for compliance with and enforcement of Union harmonisation legislation on products and amending Regulations 4. Report from the Commission to the European Parliament, the Council, the European Economic and Social Committee and the Committee of the Regions on Implementation of Free Trade Agreements 1 January 2016 – 31 December 2016

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 23


NAAR EEN VERNIEUWDE EU BREXIT

5. Brexit

De afgelopen twee jaar stond de brexit prominent op de politieke agenda van de EU. Voor Vlaanderen is een goede afwikkeling van de brexitonderhandelingen cruciaal. Zo is Vlaanderen na Ierland het meest blootgesteld aan de brexit in de EU. 27,5 miljard euro ofwel 8,8% van de totale Vlaamse export is bestemd voor de Britse markt. Vlaanderen importeert dan weer 15,2 miljard euro, wat neerkomt op een goeie 5% van de totale Vlaamse import. Hiermee is het Verenigd Koninkrijk de vierde grootste afnemer van Vlaamse producten en de vijfde grootste leverancier van de Vlaamse economie. De brexit zal dan ook een niet te onderschatten impact hebben op de Vlaamse economie.

E

en handelsvriendelijke brexit is dan ook belangrijk om onze ondernemingen zoveel mogelijk te ontzien van al te zware disruptie in hun handelsstromen met het VK. Zelfs in het geval van een ‘handelsvriendelijke brexit’ zal het echter nog steeds een stuk moeilijker zijn om handel te drijven met het VK. Het is daarom ook belangrijk dat ons land de nodige maatregelen treft ter voorbereiding op de brexit en als dusdanig een competitief voordeel tracht te verkrijgen tegenover de buurlanden in het handel drijven met het VK. Er moet hier ook zo snel mogelijk werk van gemaakt worden. Zo zijn we reeds meer dan twee jaar aan het onderhandelen en is er nog steeds algemene onduidelijkheid over welke richting er gekozen wordt met betrekking tot de toekomstige relatie. 24 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Vlaanderen is sterk blootgesteld aan de brexit zachte brexit

Verlies aan jobs Verlies aan toegevoegde waarde

Bron: Vives Beleidspaper, november 2017

harde brexit

6.505

27.991

1,8 miljard euro

7,4 miljard euro


VOKA.BE

Na meer dan twee jaar onderhandelen is er nog steeds algemene onduidelijkheid 29/03/19 Uittreding van het VK uit de EU

23/06/16 Brexitreferendum

26/06/17 Officiële aanvang onderhandelingen

29/03/17 Het VK start formeel de uittredingsprocedure

14/11/18 Akkoord terugtrekkingsakkoord

15/12/17 Akkoord over financiële rekening en rechten van burgers

Binnen dit kader wenst Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen, twee algemene aanbevelingen naar voren te schuiven, enerzijds over de relatie tussen de EU en het VK en anderzijds over de relatie tussen België en het VK. AANBEVELING 14: België dient op Europees niveau te pleiten voor een handelsvriendelijke brexit Eerst en vooral betekent dit dat een transitieperiode veiliggesteld moet worden. Deze is van cruciaal belang voor de Vlaamse ondernemers om zich te kunnen voorbereiden op een nieuwe toekomstige EU-VK-relatie. Tijdens deze transitieperiode dient het VK in zowel de Europese douane-unie als de eenheidsmarkt te blijven. Deze transitieperiode dient overigens van toepassing te blijven tot de nieuwe toekomstige EUVK-handelsrelatie van kracht wordt. Naast het veiligstellen van de transitieperiode dienen het VK en de EU zich te engageren om op relatief korte termijn duidelijkheid te verschaffen omtrent de toekomstige relatie. Ondernemers hebben immers langetermijnzekerheid nodig om de juiste beslissingen te nemen. Inhoudelijk dient deze toekomstige relatie te voldoen aan enkele algemene basisvoorwaarden. Eerst en vooral is het behouden van tariefvrije handel een absolute minimumvereiste. Het wederzijds toekennen van nultarieven is een vrij gemakkelijk te implementeren maatregel die het hardste scenario zou vermijden.

Ratificatie Brits Parlement?

25/11/18 Ratificatie Europese Raad

Ratificatie Europees Parlement?

Een ‘no deal’-scenario met importheffingen zou zeer disruptief zijn voor de handel tussen het VK en België Wereldhandelsorganisatie importheffingen selectie van producten

10%

3,25-6,5%

Personenwagens

Chemische producten

16%

16%

Bevroren aardappelproducten

Vrachtwagens

13,50%

33,5%

Goederenvervoer

Zuivelproducten

4% 0%

8,30%

Auto-onderdelen

Chocolade

8%

Farmaproducten

Tapijt

Als het VK de Europese eenheidsmarkt en de douane-unie verlaat, zullen er opnieuw douanecontroles optreden. In een dergelijk scenario moeten de EU en het VK ernaar streven om een verregaande samenwerking op poten te zetten waarbij dubbele controles zoveel mogelijk worden vermeden en vereenvoudigde procedures voorhanden zijn. Om te verzekeren dat de handel tussen Vlaanderen en het VK vlot kan blijven verlopen is het ook van belang dat professionele migratie – zowel tijdelijke als permanente – niet onderworpen wordt aan complexe toelatingsvoorwaarden. JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 25


NAAR EEN VERNIEUWDE EU BREXIT

Op de lange termijn blijft de grootste bezorgdheid het risico op divergentie van de Europese en Britse wetgeving. De disruptie die teweeg gebracht kan worden ten gevolge van verregaande divergentie is niet te overzien. Dit kan – in tegenstelling tot importtarieven – in het ergste geval immers de Britse markt volledig afsluiten voor bepaalde Vlaamse ondernemingen. Associatief Brits lidmaatschap van Europese agentschappen is een eerste stap om wetgevende samenwerking te verankeren in een toekomstige EU-VK-handelsrelatie. Dit houdt desalniettemin in dat het VK niet langer stemgerechtigd is in dergelijke agentschappen. Wederzijdse erkenningsakkoorden inzake procedures voor de conformiteitsbeoordeling van verscheidene types goederen zijn een verder instrument dat ingezet moet worden om duplicatie tot een minimum te beperken.

“De brexitdeal mag de goede werking van de eenheidsmarkt niet aantasten aangezien de EU nog steeds een veel belangrijkere afzetmarkt is dan het VK voor Vlaanderen.” Ten laatste mag de toekomstige relatie tussen de EU en het VK geen negatieve impact hebben op het goed functioneren van de eenheidsmarkt. De Europese Unie zonder het VK staat nog steeds in voor meer dan 60% van onze export en meer dan 50% van onze import, het VK voor respectievelijk 8,8% en 5,1%. De eenheidsmarkt zal dan ook na de brexit nog steeds een veel belangrijkere afzetmarkt zijn dan het VK. Bovendien moet erover gewaakt worden dat Vlaamse ondernemers niet geconfronteerd worden met oneerlijke concurrentie. De combinatie van geen controles enerzijds en divergerende wetgeving anderzijds, kan ertoe leiden dat in het bijzonder de Ierse grens zich ontpopt tot een ‘scheur’ in de eenheidsmarkt, wat nadelig kan zijn voor onze bedrijven en onze havens. Voor deze zeer gevoelige problematiek dient er dan ook een creatieve doch billijke oplossing gevonden te worden. Wie moet handelen? Europese Commissie, Europees Parlement, Federale regering, Vlaamse regering:

1. De transitieperiode veiligstellen en werk maken van een handelsvriendelijke toekomstige EU-VK-handelsrelatie.

26 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019


U E VOKA.BE

AANBEVELING 15: Vlaanderen dient zich te positioneren als een spil voor Anglo-Europese handel

intensieve samenwerking met zowel de private spelers als de Belgische havens van belang om de voorgenoemde holistische aanpak te bewerkstelligen.

Vlaanderen moet een omvattende strategie ontwikkelen om uit te groeien tot de draaischijf bij uitstek voor de Anglo-Europese handel na de brexit. Een dergelijke strategie dient een tweeledig doel, waarbij enerzijds onze eigen bedrijven verzekerd worden van een zo vlot mogelijke doorstroming van hun goederen naar het VK en anderzijds andere, niet-Belgische bedrijven Vlaanderen zullen kiezen om de transit van hun goederen te faciliteren van de EU naar het VK en vice versa.

Om een vlotte afstemming te verzekeren tussen Vlaanderen en het VK, dienen er nu ook reeds contacten opgezet te worden tussen de Britse en Vlaamse/Belgische controle-instanties, binnen wat toelaatbaar wordt geacht door de EU. Door een dergelijk contact zal Vlaanderen beter in staat zijn om snel te schakelen wanneer er duidelijkheid komt inzake de toekomstige EUVK handelsrelatie.

Een belangrijke spil in het welslagen van dit initiatief zullen onze zee- en luchthavens zijn. Vlaanderen dient samen met deze spelers een uitgekiende strategie uit te werken en vervolgens de havens bij te staan in het opbouwen van de benodigde capaciteit – zowel fysiek als kennisgerelateerd – om van Vlaanderen een draaischijf in de Anglo-Europese handel te maken.

De ambitie om van Vlaanderen een spil in de Anglo-Europese handel te maken, moet ook actief in de markt gepromoot worden via een uitgekiende campagne. Zo moeten Britse bedrijven die toegang tot de Europese eenheidsmarkt willen behouden, overtuigd worden om een vestiging te openen in Vlaanderen. Omgekeerd moeten EUbedrijven ook gestimuleerd worden om Vlaanderen te kiezen als overslagpunt voor de transit van hun goederen naar het VK.

Alle publieke organen die van belang zijn voor de handel tussen Vlaanderen en het VK moeten nu reeds volop intern de oefening maken waar er bijkomende maatregelen getroffen moeten worden. De autoriteiten die in het bijzonder inspanningen zullen moeten leveren zijn de Algemene Administratie der Douane & Accijnzen (AAD&A) en het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV). Hierbij is overigens een

Wie moet handelen? Federale regering, Vlaamse regering:

1. Ontwikkel een omvattende strategie om Vlaanderen te laten uitgroeien tot een draaischijf voor de Anglo-Europese handel na de brexit.

JANUARI 2019 VOKA EU-MEMORANDUM 27


NAAR EEN VERNIEUWDE EU

PRIORITEITEN VOOR DE EUROPESE VERKIEZINGEN 2019 www.durfkiezen.be

28 VOKA EU-MEMORANDUM JANUARI 2019

Profile for Voka - Vlaams netwerk van ondernemingen

2019-02-VL-Europees Memorandum  

2019-02-VL-Europees Memorandum  

Profile for vokavzw