Issuu on Google+

DOORBRAAK v r i j m o e d i g

m a a n d b l a d

november 2010 11

[binnenland]

Artikel 35: de toverformule

[brussel]

Juridische taalguerrilla

[economie]

Pleidooi voor minder Belgische afhankelijkheid

Vlaams en gekleurd Afgiftekantoor 8000 Brugge • V.U. Pieter Bauwens M. De Smetstraat 12 9308 Hofstade • Redactieadres: Passendalestraat 1A 2600 Berchem • www.doorbraak.org


advertentie

NIEUW bij Uitgeverij Pelckmans

Frits Bolkestein, Roger Scruton, Ludo Abicht en andere opiniemakers over de identiteit van Europa. Hét standaardwerk over de communautaire geschiedenis en verhoudingen in België. Verplichte lectuur voor elke burger en politicus!

Toekomstvisies voor de christendemocratie.

�   � �  ���

TE KOOP IN DE BOEKHANDEL OF BIJ UITGEVERIJ PELCKMANS

A_2010_Doorbraak_bis.indd 1

weekblad

www.pelckmans.be

15/10/10 09:57

advertentie

Vlamingen worden nog maar in 1 weekblad “au serieux” genomen : !t Pallieterke. Elke week opnieuw, brengen wij het nieuws waar anderen over zwijgen. En dat zal "t Pallieterke blijven doen : het politieke leven op de voet volgen en u informeren over het reilen en zeilen van onze politici, over akkoorden en verdragen, voor....en achter de schermen! Los van elke partij of drukkingsgroep. Nog geen vaste lezer?

advertentie

!t Pallieterke is te koop in de dagbladhandel, elke week vanaf dinsdag. Of neem een abonnement. Bel ons tijdens kantooruren : 03/232.14.17 of stuur een epost naar : redactie@pallieterke.info

-www.pallieterke.info


Zoek geen Plan B

[Redactioneel]

FRANS CROLS

Tien Vlaamse en Franstalige mannen en vrouwen zullen in een Brussels koffiehuis de stekker uit België trekken. In het Vlaams parlement zetelt een aangename meute koddebeiers van de categorie ‘zij dronken een glas, plasten een plas en alles bleef zoals het was’. Kris Peeters zal tot het einde van zijn dagen apetrots zijn dat hij het begrip Copernicaanse revolutie populair gemaakt heeft. Maar van die overbeschaafde middenstandsleider kan je iets wat op een Plan B gelijkt of een EVO nooit verwachten. Robert Houben zaliger van de CVP had het door en Carl Devos van de UGent volgt hem vandaag: België is in de nabije toekomst niet meer in staat een regering te vormen. Dat is de enige zekerheid die zal leiden naar de Vlaamse verzelfstandiging. Het niet kunnen vormen van een regering is ook het signaal naar het buitenland dat België door zijn wielen is gezakt en reparaties onmogelijk worden. Hier komt het, vooral door tegenstanders van de Vlaamse onafhankelijkheid verworpen, Tsjecho-Slovaakse voorbeeld op het voorplan. Hoe is de onafhankelijkheid van Tsjechië en Slovakije bereikt? Sla er onder meer The End of Czecshoslovakia (Central European University Press, 1997) op na. De politieke elite van de twee deelstaten constateerde dat er geen

november 2010

regeringsvorming, noch eensgezindheid over fundamentele keuzen meer mogelijk was. Alles was uitgekauwd: een mogelijke volksraadpleging, een confederatie, peilingen zonder einde naar de wensen van de bevolking (die tegen de onafhankelijkheid was, onder meer om economische redenen). Een handvol leiders _ geen supermannen noch vrouwen, geen Masaryks, geen Nelson Mandela’s, dus gewone mannen en vrouwen die niemand buiten Praag en Bratislava kende (zij waarvan men buiten de grenzen de namen kenden, bijvoorbeeld Vaclav Havel, waren aanvankelijk tegen) _ besloot: wij scheiden. Over de splitsing van Tsjechië en Slovakije is geen volksraadpleging gehouden; noch om een mandaat te vragen, noch om de scheiding te consacreren. En dat is verdedigbaar. Zo zal het ook in België gebeuren. Na verdere maanden hetzen, na het legen van de inktpotten door te veel commentatoren, na vuurtje stook met medeplichtigheid van officieel België op de financiële markten, na een duet van unitaire gezangen opgevoerd door Wilfried Martens, Miet Smet en nog wat generatiegenoten die in hun tijd de moed misten om af te wenden waar wij vandaag zijn beland, zullen tien Vlaamse en Franstalige mannen en vrouwen in een Brussels koffiehuis de stekker uit België trekken. Het buitenland zal dat onmiddellijk begrijpen en tegenstribbelend aanvaarden. Het Vlaamse binnenland zal de eerste maanden verward zijn, maar vrij snel acteren dat het de enige oplossing is om zich financieel, politiek en economisch van versmachting in een moeras te redden. En onze toekomstige ex-landgenoten? Moeten de Vlamingen een traan laten? Neen. Eén voorbeeld uit een lange rij. Paul Magnette wordt ietsje te veel opgevoerd in de kranten van Vlaanderen. De Nederlandstalige Karolingse PS’er is die minister die uit ‘linkserigheid’ en Vlamingenhaat jaren ageerde tegen Myrrha, een levensbelangrijk onderzoeksproject voor het SCK in Mol en voor Vlaanderen. Van deze soort kerels gezwam horen over de “fantasmes” van radicale Vlamingen is misselijk makend.

Doorbraak

[Foto © Reporters]

Handenwringend, zwetend, bibberend wordt opgeroepen voor een Plan B. Als Bart De Wever ’t niet zou halen met zijn rechte rug en flinke houding, wat dan? Plan B is romantiek en een Eenzijdige Verklaring van Onafhankelijkheid is evenzeer romantiek. Dat België aan een hoog tempo verdampt in de geesten is een feit. Veel meer is er nog niet gebeurd. Het enige dat men kan doen is rekening houden met de grondverschuiving naar een hele (scheiding) of een halve (confederale) Vlaamse onafhankelijkheid. Weinig voorbereiding is hierbij mogelijk. Men zou wensen dat een Eenzijdige Verklaring van Onafhankelijkheid (EVO) kan. We zijn echter Vlamingen en in Vlaanderen. Het ontbreekt voor een EVO aan het menselijke en politieke talent. De angsthazen die voor 95  % het Vlaams Parlement vullen, zijn noch karakterieel, noch principieel, noch technisch bekwaam om iets te bedenken dat in de verste verte raakt aan een EVO. Jan Peumans heeft noch het lef, noch de daadkracht, noch het mandaat van een Ian Smith in ZuidRhodesië en zijn Unilateral Declaration of Independence (UDI) of van de samizdat-politici in de Baltische republieken of de Balkan.

3


[Perswijs]

[Kortjes]

Paul-Henry Gendebien (RWF)

Luc Sels, decaan economie

in De Morgen, 25 september:

KU  Leuven in Trends, 7 ok-

‘Het hele plan B is vooral bluf. Ze (de PS – red.) willen de Vlamingen tonen dat ze niet bang zijn. Tegelijkertijd is het ook een manier om de eigen achterban voor te bereiden op nog meer toegevingen. Kijk eens hoe ernstig de toestand is, we kunnen niet anders dan plooien voor de Vlamingen.’

tober:

‘Precies de grote staatslieden van weleer hebben de machteloosheid van de federale staat georganiseerd. Doordat de heilzaamheid van het compromis altijd voorrang kreeg op de doelmatigheid en doeltreffendheid van onze staatsstructuur.’ Bart De Wever in Gazet van

Alain Gerlache in De Standaard, 28 september: ‘De Walen beseffen dat ze eerst op zichzelf moeten rekenen. De aanslepende Belgische crisis heeft misschien een echte culturele revolutie in Wallonië aan de gang gebracht.Responsabilisering heet dat.’

Antwerpen, 9 oktober:

‘In België is alles geïmmobiliseerd omdat we een federaal land zijn met niet één maar twee democratieën die over alles anders denken. We doen het echt héél slecht. Dát is dramatisch. En we geraken er niet uit. Grote staatsmannen vroeger niet, en wij nu niet.’

Jan Callebaut (marketingexpert) in Knack, 6 oktober:

Boudewijn Vanpeteghem in

‘Als Bart De Wever 35 % haalt en de gedoogsteun krijgt van het Vlaams Belang, kan hij helemaal alleen het woord voeren namens de meerderheid van de Vlamingen.’

Trends, 11 oktober: ‘Wat te denken van de beslissing van de Vlaamse nationalisten om tot volgende week niet achter het wetsvoorstel te gaan staan dat BHV splitst en dat de Kamer kan goedkeuren met de stemmen van de Vlamingen alleen? De N-VA bedoelde dit als een geste naar de Franstaligen, die meteen verbolgen reageerden op de nieuwe deadline. Kan het wederzijdse onbegrip nog groter?’

Paul Geudens in Gazet van Antwerpen, 6 oktober: ‘Robert

Houben, de laatste unitaire voorzitter van CVP-PSC, zei in de jaren 1970 al dat België niet zal verdwijnen door een afscheuring van een van de deelgebieden, maar door de onmogelijkheid om nog een Belgische regering te vormen. Het begint er stilaan op te lijken dat we zo ver zijn.’ Rik

Van

Cauwelaert

in

Knack, 6 oktober: ’De tijd is gekomen om duidelijke grenzen te trekken tussen de twee gemeenschappen en Franstaligen en Vlamingen te laten bepalen wat ze nog samen willen doen en hoe ze hun sociaal systeem, het laatste wat hen bindt, willen gaan beheren - samen of apart.’

4

Doorbraak TV

Groot nieuws! De Doorbraakfamilie is groter geworden. De nieuwe telg heet Doorbraak TV. Peter De Roover, de chef politiek van Doorbraak, geeft er een ‘verduidelijking’ bij de politieke situatie. Kijk, geniet en laat het ook gerust aan uw vrienden en kennissen weten! Bedoeling is het aanbod van Doorbraak TV regelmatig aan te vullen met nieuwe filmpjes en actualiteit. [ ]http://www.doorbraak. org/blogs/280

Verstrepen TV

De digitale zender GUNKtv gaat Zwart/wit opnieuw uitzenden. Het controversiële programma met Jurgen Verstrepen is terug van weggeweest nadat het al enkele keren elders was geweerd. Zwart/wit neemt op zondagochtend de plaats in van Verstrepen & Hermans, het praatprogramma waarmee Verstrepen samen met Margriet Hermans niet het verhoopte succes verwierf en dat na een half jaar door GUNKtv werd afgevoerd. Margriet Hermans zou opnieuw gaan zingen; Jurgen

Buitenland

De buitenlandse perscorrespondenten in Brussel vormen een elitaire groep die geen Nederlands spreekt, maar ook nauwelijks  Frans. Dat stelt studente Katrien Maerivoet in haar masterproef aan  de HU  Brussel. ‘Een krantenkop in het Frans lezen lukt nog net, maar een gesprek voeren is onmogelijk’, ontdekte de studente. Brussel telt wereldwijd de hoogste concentratie buitenlandse journalisten. Daar zijn EU en Navo uiteraard niet vreemd aan. Al deze buitenlanders volgen ook de Belgische politiek via de lokale media. En dat zorgt voor een gekleurde verslaggeving want hoewel, erg verrassend, velen nauwelijks Frans kunnen spreken, lezen ze toch voornamelijk de Franstalige pers.

88,7%

Prof. Hendrik Vuye in De Morgen, 21 september: ‘Wanneer een nieuwe staatshervorming in zich al de kiem bevat van een toekomstig communautair dispuut, dan is er geen meerwaarde. (...) Dit veronderstelt dat de onderhandelaars nagaan wat Vlamingen en Franstaligen nog samen kunnen en willen doen. En wat nog samen gebeurt, dient goed te gebeuren. Dan zal België een meerwaarde bieden aan eenieder, dan zal er sprake zijn van communautaire pacificatie.’

Verstrepen wil terug naar ‘het echte debat, de echte discussie’. Voor de eerste aflevering op zondag 17 oktober had Verstrepen Abu Imran van Sharia4Belgium en Filip Dewinter naar de studio uitgenodigd.

De Vlaamse ondernemers en kaderleden willen België zien evolueren naar een confederaal land, waar het economische en politieke zwaartepunt bij de regio’s ligt. Voor 54,7 % is dat noodzakelijk, voor 34 % wenselijk. Samen is dat 88,7 %. Overigens steunt 78 % de federalisering van de arbeidsmarkt, 75 % van de werkloosheidsuitkeringen, 59 % van de gezondheidszorg en 58 % is voorstander van de splitsing van de pensioenen. (Trends, 16 sept.)

Doorbraak

november 2010


[Kortjes] Brussel

Brusselaar Luckas Vander Taelen vindt dat we vandaag nog moeilijk kunnen beweren dat Brussel een Franstalige stad is. Deze stelling lichtte hij toe in De Standaard: ,Bij de Franstaligen ligt dat zeer gevoelig. Het Frans is wel nog de lingua franca, de omgangstaal, omdat je niet weet welke taal je buur spreekt. Maar thuis spreekt de helft van de inwoners een andere taal dan Frans of Nederlands. Positief is dat, hoewel het aantal Vlaamse gezinnen laag blijft, 30 % van de Brusselaars wel eens Nederlands spreekt.’

Beschaving

Franse filosoof Pierre Manent had het begin oktober op radio France Culture over het trekken van een scheidingslijn. Hij noemde het een exponent van onze beschaving. Marc Vanfraechem vertaalde de woorden van Manent: ‘En waarom zou het een vergrijp zijn tegen deze of gene bevolking, als er een grens getrokken wordt tussen een bevolking en een andere? De idee dat elkeen zijn boontjes dopt op zijn eigen manier, en het recht erkent van de andere, aan de overkant van de grens, om hetzelfde te doen, lijkt me net een van de grote verworvenheden van de beschaving. Een goede scheidslijn trekken, waarbij elk netjes aan zijn eigen kant blijft: dat lijkt mij een stap vooruit voor de beschaving.’

ken. Bij Wielerbond Vlaanderen heerste aanvankelijk ongeloof maar intussen is toch maar het logo aangepast. Omdat geen andere Vlaamse leeuw werd gevonden die grafisch voldeed aan de eisen, werd het een logo zonder.

Esperanto-Elsschot

Naar aanleiding van het overlijden van Willem Elsschot vijftig jaar geleden, publiceert De Vlaamse Esperantobond (VEB) de Esperantovertaling van Het Dwaallicht. In het Esperanto luidt de titel Kiel Vaglumo. De vertaling wordt op 12 november voorgesteld in het stadhuis van Tienen, woonplaats van vertaler Bert Boon. Drie jaar geleden zorgde de VEB ook al voor de vertaling van De lenige liefde van Herman de Coninck.

Media-aandacht

Het Elektronisch Nieuwsarchief (ENA, een samenwerkingsverband van de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Leuven) onderzocht hoe vaak Vlaamse politici en partijen aan bod kwamen op het televisienieuws van Eén en VTM in de periode 2003-2009. De traditionele partijen (CD&V, Open Vld, sp.a) krijgen met 83 procent het leeuwendeel van de aandacht. De andere partijen als Groen!, Vlaams Belang, N-VA en LDD krijgen veel minder aandacht gedurende deze periode. Guy Verhofstadt en Yves Leterme zijn de absolute winnaars als het aankomt op langste spreektijd: de federale premier krijgt met tien procent van de tijd bijna automatisch veel mediaaandacht. [] www.doorbraak.org

Kostprijs

>>Vanmol

Leeuwenlogo

De Wielerbond Vlaanderen heeft een nieuw logo en daar staat geen leeuw meer in. De gestileerde leeuw die de bond sinds 2002 gebruikte, bleek eigendom van de Vlaamse overheid. En gezien die leeuw gedeponeerd is, mag enkel de Vlaamse overheid die gebrui-

november 2010

Doorbraak

stemmen

De N-VA betaalde tijdens de jongste federale verkiezingen 70 eurocent per stem. Dat is een habbekrats in vergelijking met het gemiddelde van 1,74 euro per Vlaamse stem. De Open Vld deed financieel de slechtste zaak met een uitgave van 2,67 euro per stem. De berekening werd gemaakt door het Leuvense Centrum voor Politicologie in opdracht van De Tijd. De campagne van N-VA kostte bijna 1,69 miljoen euro, wat de partij voor de Kamer en de Senaat 2  404  397 stemmen opleverde. CD&V spendeerde het meest: ruim 3 miljoen euro, Open Vld deed het met net geen 3 miljoen euro. Daarna volgen sp.a (2,27 miljoen), Vlaams Belang (2,06 miljoen) en Groen! (1 miljoen). Lijst Dedecker (LDD) hield het bescheiden: 725 759 euro. [] www.doorbraak.org

5


[Interview]

Demir en Sminate brengen allochtonen een moeilijke boodschap

Vlaams-nationaal met kleurtje Ooit heetten ze Van Haegendoren of Baert, droegen ze een das en zagen ze er streng uit. Nu zitten Demir en Sminate voor een Vlaams-nationale partij in het federale parlement. Jong, frivool én van allochtone afkomst. Zelfs het vertrouwde zwart-geel krijgt een getaand gezicht. De eersten uit wat een lange reeks wordt of de uitzonderingen die de regel bevestigen? Peter De Roover Nadia Sminate (29) oogt erg jong en exotisch. Ooit in haar nog jongere jaren een fotosessie gewaagd voor P-Magazine en dat ontging de pers allerminst. Maar het etiket ‘babe’ zint haar allerminst. Zuhal Demir (30) kijkt door blauwe ogen naar de wereld. Typisch voor Koerden? Want daar komen haar ouders vandaan. In juni werden ze allebei verkozen als Kamerlid voor N-VA. Daags na de start van het parlementaire jaar bezochten we hen op hun werkplek om te praten over allochtonen en Vlaams-nationalisme. Gedoopt Vader Sminate verliet Marokko toen hij amper 18 was en kwam in Brussel terecht waar hij een Vlaams meisje leerde kennen. Het jonge koppel ging in het erg landelijke Londerzeel wonen en kreeg daar twee dochters. ‘Vader sprak altijd Nederlands thuis. Dat heeft erg geholpen bij de

integratie, maar als kind was ik er ook boos over omdat ik onvoldoende Arabisch sprak om echt met m’n neven en nichten te kunnen praten tijdens onze vakanties. Tja, elke keuze heeft z’n voor- en nadelen. Mijn jeugd bracht ik door in een totaal witte omgeving. Ik werd gedoopt en deed mijn plechtige communie. Voor mijn ouders was het een uitgemaakte zaak. Wij waren hier geboren en dus zouden de kinderen gewoon Vlamingen zijn’, weet Sminate, die afstudeerde als licentiate romaanse talen aan de VUB. Voelde ze zich vreemd in dat kleine Londerzeel? ‘Neen, als kind had ik nooit de indruk dat ik ‘anders’ zou zijn. Pas op de middelbare school ontdekte ik dat ik voor sommigen een speciaal geval was. Vreemd genoeg kreeg ik dat gevoel voor het eerst bij zeer geïnteresseerde leerkrachten, die mij erg ‘interessant’ vonden.’ Die leerkrachten vroegen haar vader om mee te werken met

[Foto © Reporters]

Demir: ‘Een sterke religieuze overtuiging maakt de integratie toch wel moeilijker.’

het oudercomité en dat deed hij prompt. ‘Want hij wilde echt deel uitmaken van zijn nieuwe gemeenschap.’ Demir vecht nog wat met jetlag, want is pas enkele uren terug van haar uitgestelde huwelijksreis in Bali. Haar ouders maakten eind van de jaren 1970 de lange tocht van het verre Oost-Turkse Koerdistan naar Genk. Haar jeugdverhaal klinkt anders dan dat van haar partijgenote. In het multiculturele Genk was een inwijkeling geen rariteit. Maar de geest thuis was dezelfde. ‘Mijn ouders wilden dat hun kinderen goed Nederlands spraken en vonden de school erg belangrijk. Hoewel vader zelf amper Nederlands sprak, nam hij ons mee naar de bibliotheek. Vier van hun vijf kinderen volgden universitaire studies.’ De ouders van Zuhal Demir lieten zich niet opsluiten. ‘We woonden in een buurt met allemaal Turken, maar mijn ouders verhuisden bewust naar een straat waar alleen maar Vlamingen woonden. De andere Turken reageerden verbaasd en zelfs kwaad. Ze begrepen mijn ouders niet dat ze uit het vertrouwde milieu stapten. Maar wij gingen met onze boekjes uit de bibliotheek naar onze buren Luc en Monique en die hielpen ons om te begrijpen wat er allemaal in stond. Van Luc, die Vlaamsvoelend was, kreeg ik een exemplaar van De Vlaamse Leeuw’, lacht Demir. Godsdienst als hinderpaal Onze twee gesprekspartners komen niet bepaald uit een typisch allochtoon milieu. Zijn ze moslim? Sminate is dus gedoopt. ‘In Marokko was mijn vader islamiet, maar hier schudde hij die traditie af.’ Demir: ‘Mijn familie komt van een alevitische achtergrond. De alevieten vormen een liberale stroming in Turkije. Bij ons geen

6

Doorbraak

november 2010


Vlaanderen heeft een inburgeringstraject en durft eisen stellen en dat is heel belangrijk. zijn in Antwerpen, waar ik sedert mijn huwelijk woon, bij de verkiezingen van 2011, maar door de val van de vorige regering kwam alles in een stroomversnelling. Als advocate had ik al langer vragen over het gebruik van ons belastinggeld. Ik betaal graag belastingen, als daar goede dingen mee worden gedaan, maar daar heb ik dus wel m’n twijfels over. N-VA bleek dat thema op

[Foto © Reporters]

hoofddoeken, geen ramadam. Zelf beschouw ik me als een vrijzinnige. Velen in de Turkse gemeenschap in Genk namen de liberale levenswijze van onze familie wel kwalijk, maar ik denk dat wij juist daarom beter en sneller integreerden. Alevitische gemeenschappen burgeren overal in de wereld veel sneller in. Ik denk dat een sterke religieuze overtuiging de integratie toch wel moeilijker maakt.’ Sminate spreekt haar niet tegen. Waar komt hun politiek engagement vandaan? Demir: ‘Als student rechten was ik actief in het Vlaams Rechtsgenootschap en bij de LVSV, de liberale studenten. Ik leerde daar wel Sarah Smeyers (nu N-VA-Kamerlid) en Karel Bourgeois (zoon van) kennen. Via mijn latere echtgenoot kwam ik in een Vlaamsgezind milieu terecht. Zijn moeder en de vrouw van Jan Jambon zijn zussen. Jan sprak me aan om kandidaat te

Sminate: ‘De N-VA durfde zeggen dat allochtonen rechten hebben, maar ook plichten. De specifieke taaltoestand in Vlaams-Brabant heeft mijn bewustwording uiteraard alleen maar versneld.’

een aantrekkelijke manier te behandelen.’ Demir noemt zich vandaag een pragmatische Vlaams-nationaliste. ‘Efficiënt besturen en de Waalse economie activeren, is voor mij erg belangrijk, als je weet dat 40 % van de beroepsbevolking daar inactief is. ‘ ‘Van moeders zijde kom ik uit een CVP-nest’, vertelt Sminate haar verhaal. ‘Maar mijn belangstelling voor de politiek kwam uit mezelf. Ik begon de partijprogramma’s te bestuderen en na te denken over afkomst en identiteit. De N-VA durfde zeggen dat allochtonen rechten hebben, maar ook plichten. Er was maar één andere partij die dat ook schreef, maar die kwam voor mij absoluut niet in aanmerking.’ Lees: het Vlaams Belang was voor Sminate geen optie. ‘De specifieke taaltoestand in Vlaams-Brabant heeft mijn

bewustwording uiteraard alleen maar versneld.’ Hoe kijkt hun familie aan tegen hun engagement? Sminate: ‘Mijn vader is mijn grootste fan. Hij woont in Jette (een van de 19 Brusselse gemeenten) en hing zijn ramen vol met affiches van mij. Dat leverde wel wat eieren tegen het venster op, maar de meest vijandige reacties kwamen toch eerder van Franstaligen dan van allochtonen. Zijn Brusselse allochtone vrienden vroegen wel uitleg, want er heerst veel onwetendheid over de N-VA. Maar dan reageerden ze positief.’ Demir komt lachend tussen: ‘Ik heb soms de indruk dat er meer vooroordelen bestaan tegen mij als N-VA’ster dan als allochtone. Toen mijn kandidatuur werd bekendgemaakt, kreeg ik veel telefoons van Vlaamse journalisten die

Excuustruzen? Bewijzen deze twee jongedames dat ook mensen van allochtone afkomst Vlaams-nationalist kunnen worden? We vroegen het aan Bart Laeremans, senator voor het Vlaams Belang. ‘Ja, dat zal moeten blijken’, klinkt het wat aarzelend. ‘Ik mag weinig zeggen over Zuhal Demir, want die ken ik niet. Nadia Sminate woont in Vlaams-Brabant en die volg ik al wel een tijdje. Ik heb de indruk dat de N-VA toch graag haar niet-Vlaamse familienaam uitspeelt om te bewijzen dat die partij ook doorstoot in allochtone kringen. Maar valt Sminate wel onder de klassieke definitie die wij aan allochtonen geven? Ze groeide op bij haar Vlaamse moeder en lijkt nog maar weinig op de tweede generatiemigrant die wij kennen. Of zij nu hét voorbeeld is voor een grote groep, durf ik betwijfelen.’ Een soort ‘excuustruus’ dus. Bart Laeremans is niet onder de indruk van Sminates Vlaamse inzet. ‘Ik

november 2010

heb nog niet veel duidelijke en krachtige Vlaamse inzet gezien van haar in de gemeenteraad van Londerzeel. Integendeel. Onze motie over de Brussels Metropolitan Region keurde ze niet goed. Vreemd toch.’ Is er bij het Vlaams Belang plaats voor mensen met een profiel als Sminate of Demir? ‘Ons gemeenteraadslid in Boortmeerbeek Patricia Malaise is van Afrikaanse afkomst. In de Kempen is iemand van Indonesische afkomst actief in onze partij. Bij ons speelt de kleur geen rol, wel de standpunten. Maar iemand die overtuigd moslim is, zou toch een probleem vormen. Wij zijn een islamkritische partij en dat lijkt dus moeilijk te verzoenen. Iemand als Hirsi Ali, met zwarte huidskleur en van Somalische moslimafkomst, zouden we helemaal aanvaarden, omdat ze de militante islam combattief van antwoord dient.’ (PDR)

Doorbraak

7


[Interview]  me vroegen of ik wel goed wist waar de N-VA Pamperbeleid Demir voerde campagne in de Antwerpse buitenwijken, waar veel Turken wonen. ‘Ik kreeg dikwijls de reactie dat het hoog tijd werd dat er werd gereageerd tegen het pamperbeleid. Ze lopen daar niet allemaal warm voor. Natuurlijk bestaat er discriminatie, maar veel jongeren van vreemde afkomst nemen toch te snel bij voorbaat de houding aan dat “ze” hen toch niet aanvaarden. Ik ben geen moslim en trouwde met een Vlaming. Voor velen vervul ik zeker geen voorbeeldfunctie, maar misschien zou het niet slecht zijn dat ze de weg zouden volgen die onze ouders kozen: uitbreken uit hun milieu en resoluut meedoen met de Vlaamse samenleving.’ Maar zo’n keuze is niet gemakkelijk. ‘Dat hun dochter met een Vlaming trouwde, begrepen vele Turken in Genk niet. Mijn ouders moeten zich steeds verantwoorden voor hun keuzes, terwijl zij toch de juiste weg kozen.’ Maar Demir kreeg op straat zeker niet de indruk dat de Turkse gemeenschap per definitie anti-Vlaams zou reageren. Sminate wijst op het verschil tussen Brussel en Antwerpen. ‘In Brussel heerst veel gelatenheid. Daar bestaat ook geen inburgeringstraject. Vlaanderen durft wel eisen stellen en dat is heel belangrijk. Brussel doet dat niet.’ Sminate geeft toe dat ze weinig contacten onderhoudt met de Marokkaanse gemeenschap als zodanig. ‘Maar op campagne kom je dan wel bij Marokkaanse gezinnen terecht en dat is zeer leerzaam. Soms spraken ze geen woord Nederlands, maar dat is niet altijd omdat ze dat weigeren. Om lessen te nemen, moesten ze naar Mechelen of Brussel en dat was te ver. Daarom heb ik er mee voor gezorgd dat er in onze gemeente Nederlandse lessen worden gegeven en die kennen erg veel succes.’ ‘Maar er komt veel weerstand van allochtone politici van andere partijen. Er werden affiches van mij opgehangen in een Turks café, maar een Turkse kandidate van de sp.a eiste dat die zouden worden verwijderd.’ Demir windt zich een beetje op als ze de anekdote vertelt. ‘De N-VA zou een racistische partij zijn en ik was een

8

[Foto © Reporters]

voor staat. En dan steeds dezelfde vraag uit die hoek: en jij als allochtoon kiest voor die partij?’

slecht voorbeeld, ik was te veel geïntegreerd. Ik krijg de indruk dat sommige allochtone politici de tegenstellingen helemaal niet willen wegwerken, maar juist het anders zijn graag beklemtonen. “Niet integreren” lijkt hun verhaal. Terwijl wij juist een positieve boodschap hebben, dat er plaats is voor mensen zoals wij in de Vlaamse samenleving.’ Sminate: ‘Maar daarmee brengen wij wel de moeilijke boodschap.’ Allochtoon van dienst Als de regeringsonderhandelingen toch weer vlot geraken, hoe belangrijk is het integratiethema dan voor de N-VA als er over het gewone regeerakkoord zal worden onderhandeld? Met de PS lijkt dat een zware dobber te worden. Sminate: ‘Ik denk dat het rechttrekken van het mislukte asielbeleid toch een speerpunt is voor

Doorbraak

onze partij. Ik hoop dat we op dat punt onze slag kunnen thuishalen.’ Geen van beiden wil zich profileren als ‘de allochtoon’ van dienst. Ze kozen beiden voor de commissie Sociale Zaken en bewust niet voor Binnenlandse Zaken. ‘Wij hebben sterke mensen die met het integratiethema bezig zijn, zoals Sarah Smeyers. Mij interesseert dat heel erg, maar ik wil daar niet op worden vastgepind’, vindt Sminate. ‘Dat is zo cliché, de allochtone die zich specialiseert op dat thema’, schudt Demir het hoofd. Sluit je ogen als je met deze twee kamerleden spreekt en je hoort Brabantse en Kempische klanken. De sprong naar de volledige integratie kan blijkbaar best in één generatie, maar niet zomaar, luidt de boodschap. ‘Dat veronderstelt de actieve wil om daar ook werk van te maken.’

november 2010


[Brussel]

Juridische taalguerilla

Taalwet ter discussie Enige tijd terug was er pleitzitting voor de Raad van State in de zaak Vlaams Komitee voor Brussel (VKB) tegen de stad Brussel. Het ging over de aanstelling van een mevrouw Lognard als hoofd van de Dienst Demografie van de stad. Die dienst telt ongeveer 700 personeelsleden. Maar mevrouw Lognard beschikt niet over het vereiste tweetaligheidsattest. Daarom vorderde het VKB de vernietiging van de benoeming. Bernard Daelemans Intussen ligt de taalwetgeving ter discussie bij de federale regeringsonderhandelingen. De Franstalige partijen sturen aan op een afzwakking van de taalwet. Maar de geschiedenis toont aan dat de taalwet nu al nauwelijks wordt toegepast. De zaak-Lognard wordt een belangrijke testcase. Als haar benoeming wordt vernietigd, zou het de eerste keer zijn dat een Vlaamse vereniging slaagt, waar generaties Vlaamse politici hebben gefaald, namelijk het afdwingen van de toepassing van de taalwetgeving. Over dat falen wordt jaarlijks omstandig gerapporteerd door de vicegouverneur van Brussel. In zijn overzichtsrapport van 2008 presenteert die het volledige overzicht van benoemingen en bevorderingen van personeel in de Brusselse gemeenten en ocmw’s van de laatste twaalf jaar. In die periode stelde de vicegouverneur niet minder dan 16 253 overtredingen vast. En het aantal overtredingen neemt van jaar tot jaar toe. De laatste jaren gebeuren zowat 90 % van de personeelsaanstellingen bij gemeenten en ocmw’s in strijd met de wet. Het is de Brusselse regering (en met name minister-president Charles Picqué) die gemachtigd is om tegen deze onregelmatigheden bij de gemeenten op te treden. Maar deze ‘gematigde’ Franstalige heeft nog nooit een benoeming ongedaan gemaakt. De Brusselse regering heeft echter wel pogingen ondernomen om haar nalatigheid in te dekken. In 1996, in 2000 en nog eens in 2002 werden in het raam van een zogenaamd ‘taalhoffelijkheidsakkoord’, omzendbrieven uitgevaardigd. Daarin werd de taalwetgeving ‘geïnterpreteerd’. De omzendbrieven stelden

november 2010

de lokale besturen in staat eentalige personeelsleden aan te werven, ‘in afwachting dat’ ze hun taalbrevet zouden behalen. Dit laatste gebeurde echter niet. In het jaar 2002 is het Vlaams Komitee voor Brussel (VKB) dan voor het eerst naar de Raad van State getrokken om deze wetsontduiking aan te klagen. In verschillende belangrijke principiële arresten heeft de Raad het VKB gelijk gegeven. De omzendbrieven werden vernietigd. De Raad stelde ondubbelzinnig dat ieder personeelslid in dienst van Brusselse lokale overheden dat met het publiek in contact komt, over een tweetaligheidsattest moet beschikken vóór zijn aanstelling.

‘Zowat 90 % van de personeelsaanstellingen bij Brusselse gemeenten en ocmw’s zijn in strijd met de wet.’ Deze uitspraken veranderden echter niets aan de praktijk. Toenmalig Brussels minister Guy Vanhengel verklaarde boudweg dat de regering geen rekening zou houden met de arresten van de Raad van State. In de schoot van het VKB werd dan door Joost Rampelberg een juridische werkgroep opgericht om via gerechtelijke weg paal en perk te stellen aan de onwettige situatie. Enerzijds werden stappen ondernomen om via de regels inzake ‘openbaarheid van bestuur’ inzage te krijgen in de concrete benoemingen van de Brusselse openbare besturen, en meer bepaald van de

Doorbraak

openbare ziekenhuizen. Anderzijds werden al enkele specifieke benoemingsbesluiten aangevochten, waaronder de zaak-Lognard. Wat het inzagerecht betreft, dit werd eveneens door de Raad van State toegezegd, nog maar eens een beslissing die de betrokken besturen naast zich neerlegden. De juridische guerilla gaat echter onverminderd voort. Wat de zaak-Lognard betreft, heeft de Auditeur van de Raad van State het VKB in het gelijk gesteld, en de vaststelling van de vernietiging van de benoeming aanbevolen. De zaak is echter nog niet uitgesproken, omdat ze inmiddels werd verwezen naar een tweetalige kamer. Terwijl het VKB via de rechtbank vooruitgang boekt, worden op politiek niveau inmiddels de spelregels gewijzigd. Zo heeft Steven Vanackere, tijdens zijn korte periode als minister van Ambtenarenzaken, een nieuw Koninklijk Besluit uitgevaardigd over de organisatie van de taalexamens. Bij het VKB leeft de vrees dat de taalexamens daardoor flink worden vergemakkelijkt, zodat de taalwetgeving in feite helemaal wordt uitgehold. Ook dit KB wordt door het VKB aangevochten bij de Raad van State. In de nota-Di Rupo, die als basis moest dienen voor een communautair akkoord, maar door de Vlaamse onderhandelaars werd afgewezen, lezen we een pleidooi voor een ‘wettelijke verankering’ van het KB-Vanackere. De vergemakkelijking van de taalexamens moest in de wet worden gebetonneerd, vreest het VKB. De vereniging startte onlangs een website waarin haar juridische strijd, met inbegrip van de relevante arresten, wordt ontsloten. [] www.vlaamskomiteebrussel.org

9


[Economie]

Pleidooi voor minder Belgische afhankelijkheid

Is Peter Leyman een valse profeet? Peter Leyman is voorzitter van Voka – bij velen nog steeds beter bekend, alhoewel de naam gedateerd is, als VEV – en maakte op 15 september van zijn hart geen moordkuil in het leidende blad van economisch Nederland Het Financieele Dagblad. Voor zijn kinderen zag hij geen toekomst meer in België, wel in het buitenland.

[Foto © Reporters]

Frans Crols

Peter Leyman: ‘Op Vlaanderen ben ik niet langer trots.’

10

Peter Leyman: ‘Op Vlaanderen ben ik niet langer trots. Wallonië begint stilaan het zelfgenoegzame Vlaanderen te overvleugelen en mij is bekend dat een farmaceutische onderneming in Vlaanderen, met 3000 werknemers, verhuisplannen naar Wallonië heeft’. Dat laatste moest Leyman meteen inslikken, want het zou fout zijn. Tja, een fout – of is de verklaring omwille van de lieve vrede en de tactiek herroepen? Peter Leyman is een praktijkman, werkte twintig jaar bij Volvo in Gent, waarvan de laatste zeven jaar als topman. Yves Leterme lokte Leyman in 2007 naar de nationale politiek door hem verkiesbaar te maken voor een mandaat in de federale Kamer (en mogelijk lekkers aan te bieden als minister in de Vlaamse regering, wat niet doorging). Leyman versleet zeven maanden zijn broek in het parlement en liep toen weg, want ‘de Kamer bleek nog veel incompetenter te zijn dan ik had gedacht’, vertelde hij aan de Nederlanders. Na het interview stak er een stormpje op waarbij het duidelijk was dat de Voka-leden de aanpak van de voorzitter niet diplomatisch vonden, alhoewel de inhoud van de boodschap hen wél beviel. Bij de partijen en de vakbonden had de loslippige Leyman het verkorven. Mag niet worden gezegd dat de keizer naakt is? Laten wij breed grazen in de weiden van de studiediensten en opiniemakers om in te schatten of Peter Leyman een valse profeet is of de waarheid spreekt. Erik Buyst, hoogleraar economische geschiedenis en regionale economie aan de KU Leuven en directeur van Vives, Vlaams Instituut voor Economie en Samenleving: ‘Vlaanderen is over het hoogte-

Doorbraak

punt. Het groeit minder snel. De auto-industrie verdwijnt en ook de chemie-industrie heeft het moeilijk. Voor nieuwe sectoren zoals biotechnologie, heeft Vlaanderen veel geld nodig. Dat is een extra reden om een punt te zetten achter de transfers van miljarden euro’s naar Wallonië ... Wallonië is er trouwens nog lang niet. Het heeft serieuze problemen en moet nog heel veel doen. Het gevoel voor urgentie moet in een hogere versnelling komen. Het resultaat tot nu toe is in ieder geval dat de economische voorsprong van Vlaanderen op Wallonië minder snel toeneemt.’ Tandvlees Een dag na het interview van Peter Leyman betoogden de vakbonden in Brussel tegen, ja tegen wat? Er is geen regering, er is geen beleidsplan, er zijn geen hervormingen. Marc De Vos, docent economie aan de UGent en directeur van de denktank Itinera: ‘Wat op 16 september gebeurde, was als betogen tegen slecht weer. Dat kan frustratie luchten en bekommernissen ventileren, maar het brengt ons geen millimeter dichter bij een oplossing. De fundamentele en onopgeloste vraag is, welke toekomst wij willen maken. Ons sociaaleconomisch model zit op het tandvlees. Van alle ontwikkelde landen hebben we de op twee na hoogste belastingdruk, de hoogste loonlasten en de op één na hoogste uitgaven voor sociale bescherming. Onze staatsschuld is bij de hoogste ter wereld, de gezondheidszorg kampt met chronisch geldtekort, de pensioenen zijn gemiddeld laag en de vergrijzing is totaal niet gefinancierd. Tegelijkertijd verliest

november 2010


[Economie] onze economie terrein en profiteren wij onvoldoende van de gigantische exportkansen die groeilanden als China en Brazilië bieden.’ De loonkosten liggen te hoog, en al klinkt dat afgezaagd, het is zo. An Goovaerts, hoofdredacteur van Trends, kijkt naar Limburg: ‘Wie stelt dat de loonkosten in dit land te hoog zijn, wordt te vaak versleten voor een oude zeur. Alsof over

cards (zoals in de VS waarbij het land van aankomst waarborgen heeft voor de bekwaamheid van de inwijkelingen) en 30 % van de ondernemers vraagt een hogere pensioenleeftijd. Mochten de politici er nog aan twijfelen, commentarieerde Trends, voor de Vlaamse ondernemers en kaderleden is het zonneklaar dat België moet evolueren naar een confederaal land, waar het

Marc Devos: ‘Ons sociaaleconomisch model zit op het tandvlees.’ het probleem niet mag worden gepraat omdat er al te veel over gepraat is. Vraag in Limburg maar eens na hoe pijnlijk de situatie is. Als nabije buur van Duitsland verliest het elke dag tewerkstelling aan het land dat loonmatiging hoog in het vaandel voert. Het probleem verergert niet doordat er zoveel mensen over klagen, maar wel doordat enkelen de moed niet hebben om de situatie te veranderen.’ Een van de voorbeelden van vertraging en stilstand van de economie in Vlaanderen is onze biotechsector. Die heeft een dik weefsel, maar staat nu voor grote uitdagingen omdat producten testrijp zijn en dus kunnen mislukken wat een stevige kapitaalsbasis veronderstelt voor de continuïteit en een herstart. Net op dat moment krimpt het ondersteunende geld van het IWT, het Vlaamse overheidsagentschap voor innovatiebeleid. In 2009 ging er al tien procent af van het investeringsbudget van het IWT, goed voor enkele tientallen miljoen euro’s, en in 2010 klinkt hetzelfde melodietje. De sector is jong en het is niet het moment om hem naar adem te doen happen. Prioriteiten Knack, Trends en Voka ondervroegen begin september 460 personen, van wie 394 ondernemers, managers en kaderleden zijn. Trends bracht de antwoorden van die 394 respondenten. Hun prioriteitenlijstje: 70 % wil een activering van de arbeidsmarkt, 61 % de wegwerking van de loonkostenhandicap, 57 % herstructurering van de sociale zekerheid, 52 % minder ambtenaren, 35 % wil een migratiebeleid met green

november 2010

economische en politieke zwaartepunt bij de regio’s ligt. 54,7 % vindt dat een noodzaak, voor 34 % is het wenselijk. De ondervraagden steunen de volledige regionalisering van de arbeidsmarkt (78 %), de werkloosheidsuitkeringen (75 %), de gezondheidszorg (59 %), en – opmerkelijk – de pensioenen (58 %). Een van de problemen van België is dat de sociale zekerheid de staatskas leeglepelt. Daan Killemaes, hoofdeconoom van Trends: ‘De regeringsvorming mag nog zo lang duren als ze wil, het gat in de begroting gaat nergens heen. Vooral de sociale zekerheid slaat bij ongewijzigd

nationale gemeenschap ten aanzien van België verslechtert gestaag, vindt Gust Herrewijn van auditbedrijf Ernst & Young. België is voor Geert Noels, ceo van vermogensbeheerder Econopolis en polemist, van industriële macht een industriële dwerg geworden. En de dienstensector compenseert dat fundamentele verlies onvoldoende door zijn tewerkstelling en uitvoer van diensten. Geert Noels: ‘Geen enkel land in de eurozone verloor zo veel van zijn industriële tewerkstelling en toegevoegde waarde. Van alle landen in de eurozone kende België het grootste industriële verval in de afgelopen veertig jaar. Bij de Oesolanden steekt alleen het Verenigd Koninkrijk ons nipt voorbij. België verloor maar liefst de helft van zijn industriële tewerkstelling in die periode, tegenover slechts 20 procent in de VS, een land dat nochtans bekend is om zijn desindustrialisering. Die sterke achteruitgang wordt in België ondergaan met een grote dosis nonchalance. Men denkt verkeerdelijk dat het fenomeen zich in alle landen even sterk voordoet. Zwitserland en Denemarken, vergelijkbaar voor veel aspecten met België, versterkten hun maaksectoren.’ Marc Buelens doceert aan de Vlerick Leuven Gent Management School en ziet het zo: ‘We moeten in België vooruit met de entiteiten

Geert Noels: ‘België is van een industriële macht een dwerg geworden.’ beleid diepe putten in de staatskas. Het eigenlijke tekort bedraagt er 25 miljard euro, oplopend naar 34 miljard euro in 2014, maar dat wordt vakkundig onder het federale tapijt geveegd. Het is al zo ver gekomen dat de overheid geen enkele euro overhoudt van de btw die zij int.’ Dwerg De internationale financiële gemeenschap vindt landen als Mexico en Brazilië nu al kredietwaardiger dan België. Ons land raakt de aansluiting met sterke landen als Duitsland kwijt. De overheidsbesparingen die er moeten komen, kosten groei. De risico-inschatting van de inter-

Doorbraak

die zich dynamisch, toekomstgericht en onafhankelijk kunnen scharen achter projecten die de moeite waard zijn. De interdependentie, de onderlinge afhankelijkheid, moet radicaal worden verminderd. Niet elke beslissing over pensioenen, belastingen, activeren van werklozen, verkeersveiligheid mag nog worden genomen in een toestand van volkomen interdependentie, onder het motto ‘Ik mag maar vooruit, als jij opzij wil’. Het moet stoppen ...’ Tot daar Buelens. Als evenwichtige, nuchtere academici pleiten voor de snelle vermindering van de wederzijdse afhankelijkheid dan is het uur van de scheiding dichtbij.

11


[Politiek]

Artikel 35: de toverformule Nadat de N-VA de stekker had getrokken uit de lijdensweg die preformatie werd genoemd, stond iedereen met de mond vol tanden bij de vraag: wat nu? Of toch niet iedereen? Misschien kan artikel 35 van de grondwet een uitweg bieden. Een toverformule of een dwaalspoor? Peter De Roover Het Sint-Michielsakkoord van 1993 wordt beschouwd als een van de meer diepgaande staatshervormingen die we hebben gekend. De bevoegdheden van gewesten en gemeenschappen werden uitgebreid, onder meer met het recht om verdragen af te sluiten. Het akkoord maakte komaf met het dubbelmandaat, waarbij verkozenen van het Belgische parlement de deelstaatraden bevolkten. Vanaf dan stellen de kiezers rechtstreeks hun deelstaatparlementen samen. Artikel 35 werd weliswaar in de grondwet ingeschreven, maar tot vandaag werd het niet uitgevoerd. En dus blijven gemeenschappen en gewesten bevoegd voor de materies die werden toegewezen, terwijl het beginsel van ‘35’ de zaak omkeert. Professor Hendrik Vuye, de Vlaming die staatsrecht doceert aan de Universiteit van Namen, toont zich in een gesprek met Doorbraak een groot voorstander van de uitvoering van ‘35’. ‘Alleen zo stappen we af van de heilloze weg

om steeds opnieuw stukjes en brokjes over te hevelen. We bepalen wat we in België samen doen en de rest gaat naar de deelstaten. Zo komen we eindelijk tot een definitieve staatshervorming.’ In een vraaggesprek met Knack en La Libre Belgique in november 2007 bleek zowaar Maria Arena (PS), toen minister-president van de Franse Gemeenschap, pro. Maar met nuances. ‘Als artikel 35 van de grondwet wordt gebruikt om de staat doelmatiger te maken, kunnen we dat bespreken. Maar als de Vlamingen België door middel van dat artikel tot een confederale staat willen omvormen, is er geen gesprek mogelijk.’ ‘Het wordt tijd dat de wetgever de opdracht die de grondwet van 1994 geeft nu eens eindelijk uitvoert’, toonde professor Matthias Storme zich ook in 2007 voorstander. ‘Overigens is de demarche om artikel  35 uit te voeren eigenlijk een confederalistische gedachte’, spreekt Storme Arena tegen.

[Foto © Reporters]

Hugo Schiltz, vader van een idee dat al zeventien jaar op uitvoering wacht.

12

Doorbraak

In de verkiezingscampagne van juni 2010 was het woord confederalisme niet uit de lucht en volgens de Vlaamse interpretatie zet ‘35’ ons dus op die weg. Of toch niet helemaal, geeft ook Storme toe. De zogenaamde KompetenzKompetenz, de bevoegdheid om te bepalen

Hendrik Vuye: ‘ Concurrerende bevoegdheden en een hiërarchie der normen is geen copernicaanse omwenteling, maar net minder autonomie.’ wie welke aangelegenheden regelt, blijft bij de Belgische overheid. De deelstaten ontvangen slechts wat hen wordt aangeboden. Theoretisch kan de Belgische overheid ook dan de deelstaten gewoon afschaffen. Dat is de slag om de arm van Arena. CD&V vond in 2003 al dat ‘35’ best nog wat kon worden aangescherpt. In een persmededeling van 12 maart van dat jaar lezen we dat die partij ‘het wenselijk vindt artikel 35 te herschrijven in een bottom-up-benadering (...), waarbij aan de deelstaten het initiatief wordt gegeven om die normen uit te vaardigen, krachtens dewelke de federale overheid bepaalde bevoegdheden wordt toegekend.’ Eenvoudig uitgedrukt: waar het – nu nog niet in werking getreden – artikel 35 voorziet dat de federale staat zelf zal uitmaken welke bevoegdheden hem nog toekomen, zullen

november 2010


[Politiek] de deelstaten bepalen welke bevoegdheden aan de federale staat toekomen, waarbij de residuaire bevoegdheden naar de deelstaten gaan. Professor Vuye ziet dan wel een probleem. Wat als de deelstaten geen akkoord vinden? ‘Krijgt Vlaanderen dan bevoegdheden die voor de Franstaligen federaal blijven? Gaan wij die dan betalen?’ Belga verspreidde in oktober 2007 volgend bericht: ‘Om uit de verlammende communautaire impasse te geraken bepleit Roger Blanpain, emeritus KUL-hoogleraar arbeidsrecht, een ‘asymmetrisch België’. Voor een aantal bevoegdheden zouden de gewesten met name zelf kunnen bepalen of ze deze zelf willen uitoefenen of federaal houden. Het wordt met dit voorstel dus mogelijk dat Vlaanderen voor sommige materies bevoegd wordt, terwijl deze in Wallonië federaal geregeld blijven.’ Ook Matthias Storme ziet zo’n formule wel zitten. In Groot-Brittannië is het Schotse parlement in elk geval bevoegd voor aangelegenheden die voor de Engelsen op het Britse niveau worden geregeld. De ‘federale’ Schotse parlementsleden in Westminster stemmen dus mee over wetten die geen geldigheid hebben in hun eigen Schotland. Hoe dan ook, vandaag houdt ‘35’ de teugels dus in Belgische handen. ‘Geen probleem, meent Vuye, want daar kan niets worden beslist zonder medewerking van de Vlamingen.’ Herzieningsverklaring Maar ‘35’ is niet opgenomen in de artikels die herzienbaar werden verklaard en toch moet de uitvoering ervan gebeuren via diezelfde grondwet. Vuye heeft een oplossing. ‘Artikel 195, dat bepaalt hoe de grondwet moet worden gewijzigd, staat wel in de herzieningsverklaring. Via dat artikel kan de procedure worden veranderd en de weg vrijgemaakt, die nu nog geblokkeerd zit.’ Maar daarmee zijn de problemen niet van de baan. In Het Laatste Nieuws van 30 juni 2007 toonde Wilfried Martens zich ook een voorstander van de uitvoering van ‘35’. ‘Maar dat veronderstelt wel dat je een hiërarchie van normen invoert: dat federale wetten voorgaan op Vlaamse, Waalse of Brusselse decreten. Nu is dat niet het geval.’ Jean-Luc Dehaene verdedigde dat standpunt al in 1993. Onzin, meent

november 2010

Waarover gaat het? Het Sint-Michielsakkoord van 1993 maakte van België formeel een federale staat, zoals het ook in het eerste artikel van de aangepaste grondwet zou worden opgenomen. Op vraag van Hugo Schiltz werd artikel 35 in de grondwet gezet. Dat voorziet dat de federale (lees Belgische) overheid bevoegd is voor de aangelegenheden die nadrukkelijk worden toegewezen. Al de rest – de zogenaamde residuaire bevoegdheden – gaan dan naar de deelstaten. Letterlijk staat het sedertdien als volgt bepaald in de grondwet: ‘De federale overheid is slechts bevoegd voor de aangelegenheden die de Grondwet en de wetten, krachtens de Grondwet zelf uitgevaardigd, haar uitdrukkelijk toekennen. De gemeenschappen of de gewesten zijn, ieder wat hem betreft, bevoegd voor de overige aangelegenheden onder de voorwaarden en op de wijze bepaald door de wet. Deze wet moet worden aangenomen met de meerderheid bepaald in artikel 4, laatste lid. Overgangsbepaling De wet bedoeld in het tweede lid bepaalt de dag waarop dit artikel in werking treedt. Deze dag kan niet voorafgaan aan de dag waarop het nieuw in titel III van de Grondwet in te voegen artikel in werking treedt dat de exclusieve bevoegdheden van de federale overheid bepaalt.’

Matthias Storme en Vuye valt hem bij. ‘Bepalen dat de federale wet voorrang krijgt op die van de deelstaten, is maar nodig als er concurrerende bevoegdheden bestaan, waar zowel de federatie als de deelstaten wetgevend mogen optreden. Maar in ons systeem zijn die er niet en beschikt elk niveau over exclusieve bevoegdheden. Bij een botsing is er sprake van een bevoegdheidsconflict en daar moet het Grondwettelijk Hof dan beslissen wie wel en wie niet mag optreden.’ Vuye voegt er ove-

Doorbraak

rigens aan toe dat de Franstaligen eisten dat er geen hiërarchie zou worden ingevoerd, omdat ze vreesden dat de Vlaamse meerderheid via het Belgische parlement Waalse decreten zou tegenwerken. Vuye vindt concurrerende bevoegdheden invoeren en een hiërarchie der normen ‘een stap achteruit. Dit is geen copernicaanse omwenteling, maar net minder autonomie.’ Addertje De specifieke Belgische situatie verbergt nog een ander addertje onder het gras. In een ‘normale’ federale staat volstaat het de bevoegdheden van de bond te bepalen en de rest toe te wijzen aan de deelstaten. Maar België kent twee soorten deelstaten; gewesten en gemeenschappen. Naast de lijst van Belgische aangelegenheden, zouden dan ook die van de gewesten en gemeenschappen bij naam moeten worden aangeduid. Dat is in België geen detail, zoals de mislukte onderhandelingen van de voorbije maanden illustreerden. Na de afspraak om (delen van) de kinderbijslag en de gezondheidszorg te splitsen, kwamen de onderhandelaars klem te zitten bij de vraag of die naar de gewesten (mét Brussel) of de gemeenschappen (waarbij Brussel een gemengd Vlaams/ Franstalig gebied blijft) moeten. In 1996 stelde een aantal academici een Proeve van Grondwet voor Vlaanderen op. Zij maakten meerdere lijsten op en werkten een 2+2-systeem uit, waarbij alleen Vlaanderen en Wallonië volwaardige deelstaten zouden zijn en alleen deze twee de residuaire bevoegdheid krijgen. Een oplossing wellicht, maar haalbaar in een akkoord met de Franstaligen? Vuye geeft toe dat de discussies niet van inhoud veranderen en dus ook niet eenvoudiger op te lossen zijn, als we de weg van ‘35’ volgen. ‘Artikel 35 uitvoeren via de spiegelformule, waarbij we de huidige verdeling gewoon omgekeerd uitschrijven, werkt in elk geval niet. Men moet dan echt weer van nul beginnen en een nieuwe staatsvorm uitschrijven. Dat maakt het niet gemakkelijker, maar dan zorgen we wel voor een echte copernicaanse omwenteling en verandert het kader fundamenteel, wat bij de voorbije onderhandelingen bepaald niet het geval was.’

13


[Vrijspraak] Peter De Roover

20 + 40 = 60 Ze hebben nog eens gepeild, De Standaard en de VRT. Beetje pech voor de sfeer in het Belgische huishouden dat N-VA nog verder piekt. De redders des vaderlands hadden gehoopt op een duik van De Wever, in de hoop dat hij zich dan deemoedig zou aansluiten bij de gekende Vlaamse aanpak bij onderhandelingen: been stijf houden om dan door de knieën te gaan. Maar er rolden ook andere getallen uit de peilerstrommel. We ronden voor het gemak wat af (en vergeten degenen die het niet weten). Twintig procent (van de Vlamingen) wil Vlaanderen onafhankelijk, iets meer wenst meer of zelfs een unitair België, nog zowat 20 % vindt het goed zo en de overige 40 % wil niet echt van België af, maar wenst wel meer bevoegdheden voor Vlaanderen. De copernicanen, zeg maar. Laten we veronderstellen dat die cijfers brutaalweg in de buurt van de realiteit liggen. Waar leggen we de streep? Een meerderheid van ruim 60 % is voor een federaal België, telt De Standaard de middengroepen op. Klopt, maar er is een maar. Zoals de onderhandelingen nu lopen, lijkt de optie ‘behoud van België, maar wel met méér Vlaanderen’ alleen haalbaar in een light-versie. Als er geen oplossing uit de bus komt, blijft die 40 % dakloos achter. Hoe reageren de Vlamingen die moeten vaststellen dat een zelfstandig Vlaanderen binnen België geen realistische optie meer is? Behoren zij tot de categorie ‘wij willen dat België niet verdwijnt’ of tot het ‘wij willen niet dat België verdwijnt – maar als’t moet’-kamp. Die gaan dus nieuwe eieren voor hun geld moeten kiezen. Zij doen de balans overhellen. Laten ze de schouders zakken, geven ze hun doelstelling

van méér Vlaanderen op en vinden ze het voortbestaan van België toch prioritair? Dan wint de tricolore ploeg ruim, met 60 % voorzichtige federalisten die vrede hebben met een ter plaatse trappelend of zelfs terugboerend Vlaanderen. Blijven ze vasthouden aan de eis dat Vlaanderen verder ontvoogdt, dan wint de zwart-gele ploeg even ruim met 60 %. Nieuwe verkiezingen kunnen wellicht het antwoord geven, als dan aan de kiezer de juiste vraag wordt gesteld. Wie het pleit wil winnen, zal op die brede middengroep moeten mikken. Daar wordt het spel gespeeld en gewonnen, bij degenen die op zich niets tegen België hebben maar er misschien wel genoeg van krijgen als Vlaanderen daarvoor de ambities moet terugschroeven. Dat wordt dan meteen een strijd tussen hart en verstand, want het hart neemt ongaarne afscheid van het vertrouwde. En België is nu eenmaal vertrouwd. Zo weten we meteen hoe verstandige belgicisten het spel spelen. Hun aanbod omvat België én (een weliswaar schraal) Vlaanderen. Ze wekken de indruk dat we de kool én de geit kunnen sparen. Dat geeft die zijde een startvoordeel in het debat. Maar er zitten ook zwakke kaarten in hun hand. Dat het spel niet meer werkt, bijvoorbeeld. Hebben ze een verklaring voor. Dat noemen ze de schuld van de Vlaams-nationalisten en zo geven ze een schijn van logica aan hun verhaal. Leg deze mal op het debat dat loopt en je merkt dat het er perfect in past.

[Mediawatcher] Frank Thevissen

De bijbel van de vierde macht De Raad voor de Journalistiek publiceerde zopas een fonkelnieuwe journalistieke code voor het hele Vlaamse medialandschap. Die brengt de belangrijkste journalistieke oerprincipes netjes opgelijst samen in één document. Mediaminister Lieten hamerde bij de voorstelling ervan op de verantwoordelijkheid van de vierde macht, ook al bleef ze over de con-

14

crete dimensies van dat zwaarwichtige begrip erg in het vage. Of deze ‘deontologische bijbel’, dixit minister Ingrid Lieten, veel indruk zal maken en de dure woorden zullen overvonken naar alle Vlaamse journalistieke werkvloeren blijft maar de vraag. Mediadecreten verplichten zenders bijvoorbeeld al jaren om de redactionele onafhankelijkheid vast te leggen in een redactiestatuut.

Doorbraak

november 2010


[Sprekershoek] Ludo Abicht

Over solidariteit Bij het buitenkomen uit de Elisabethzaal, waar we met veel enthousiasme en terecht de oproep tot Vlaamse autonomie hadden beklemtoond, botste ik een paar jaar geleden op een stel Vlaams-nationalistische studenten die met veel lawaai een parodie opvoerden van de in het hele land aan de gang zijnde 11.11.11-acties. Ze droegen borden met daarop de woorden: ‘Zelf.zelf. zelf’. Indien ik fotograaf was geweest van een krant die de Vlaamse Beweging een kwaad hart toedraagt, zou ik dit beeld op de voorpagina hebben geplaatst. Meer was niet nodig geweest om de hele manifestatie te reduceren tot één grote uiting van collectief egoïsme: ‘in een onafhankelijk Vlaanderen is er geen plaats meer voor empathie met de armen en zwakken in de wereld. Wat we zelf doen, doen we voor onszelf en daarmee uit.’ Deze misplaatste studentengrap was zo raak dat ze evengoed door onze tegenstanders had kunnen georganiseerd zijn, want ze illustreerde één van de pijnpunten van onze strijd: het grote en wijdverspreide misverstand over solidariteit. Alle campagnes ‘voor solidariteit’ hebben een niet zo verborgen agenda: aantonen dat wat de flaminganten willen niets anders is dan het verbreken van de solidariteit die alleen in een federaal België kan worden gegarandeerd. Het baat niet daarop te antwoorden dat de meeste opvangcentra voor asielzoekers en vluchtelingen in Vlaanderen liggen, dat Vlamingen meer geld voor hen spenderen dan Franstaligen, dat het grootste gedeelte van de jonge mensen in de ontwikkelingssamenwerking Vlamingen zijn ... Willen jullie dan niet de solidariteit met de Walen en Franstaligen, die het over het algemeen sociaal moeilijker

hebben, verbreken? Is de Vlaamse Beweging dan niet asociaal? Ik zie maar twee manieren om deze kwalijke, want moreel efficiënte chantage te bestrijden. Ten eerste moeten we grapjassen als de hierboven vernoemde studenten zonder pardon uit onze rangen sluiten, net zoals we vroeger veel harder hadden moeten optreden tegen de internationale neonazi’s die aan de rand van de IJzerbedevaart de hele vredesmanifestatie discrediteerden. En ten tweede moeten we zwart op wit, dat wil zeggen ‘op papier’, blijven bewijzen dat een optie voor meer Vlaanderen in geen geval een keuze is voor minder solidariteit met Wallonië en de Franstaligen en anderstaligen in Brussel. Op voorwaarde dat die solidariteit op alle punten transparant is en het resultaat van eerlijke onderhandelingen tussen gelijkwaardige partners die ook in de toekomst als partners willen leven. Solidariteit mag niet de uitkomst zijn van een gedeeltelijk verborgen automatisme dat trouwens ook op termijn voor de problemen van Wallonië geen oplossing zal bieden. Vandaag gaapt er een gevaarlijke kloof tussen de realiteit van onze bereidheid tot solidariteit en de ‘perceptie van egoïsme’, ook in de geesten van veel goedmenende Vlaamse medeburgers. Zolang deze perceptie blijft bestaan, zullen we er in buiten- en binnenland niet in slagen ons streven naar emancipatie te doen erkennen voor wat het in werkelijkheid is: een beweging voor democratie, voor zelfrespect en respect voor de anderen, voor meer welvaart en een versterking van de sociale zekerheid, voor het behoud van onze waardevolle Nederlandse cultuur en, ja, voor authentieke solidariteit zonder taboes.

En al evenveel jaren lappen de commerciëlen die verplichting feestelijk aan hun laars. De wijze waarop Concentra de uitspraak in het proces tegen Els Clottemans van de assisenzaal omleidde naar een poll op de nieuwssite van Het Belang van Limburg (‘Heeft Els Clottemans de parachute gesaboteerd?) was alvast geen toonbeeld van journalistieke verantwoordelijkheid. Ook de schabouwelijke speculatieve en opgeblazen berichtgeving over de affaire-Geybels was weinig meer dan een aanfluiting de 25 artikelen tellende code. Of wat te denken van anonieme achterklap die La Libre Belgique recent over verschillende politieke onhandelaars verspreidde? Afkeurend maar tegelijkertijd enthousiast overgenomen door een rist andere media. En zou de minister zelf bij de voorstelling van de code hebben teruggedacht aan haar eigen rol toen ze als  Storyreporter voor één dag meewerkte aan een Volt-reportage of toen ze als Mezzo-presentatrice drie hoofdredacteuren ondervroeg over kwaliteitsjournalistiek? Een interview dat snel vergleed naar ondeskundig gekeuvel met een hoog Story-gehalte.

Ik moest hieraan terugdenken toen ik zopas met veel schroom een handvol BG’S (bekende Gentenaren) onder wie de politici Vera Dua, Mathias Declercq, Daniël Termont en Siegfried Bracke heupwiegend als rockmuzikanten zag figureren   in een clip van de Gentse rockgroep Arquettes, met Ivan De Vadder en  Marc Reynebeau in prominente gastrollen.  Ogenschijnlijk onschuldig vertier in rood-zwarte mantelcapes,  ter promotie van de Gentse rockscene. Onbegrijpelijk echter hoe weinig het besef daarbij blijkbaar doordringt hoezeer zulke frivoliteiten de journalistieke beroepsernst aantasten. Als Reynebeau straks als verantwoordelijke vierde macht – ik noem maar iemand – Daniël Termont aan de tand moet voelen, zadelen die elkaar en bij uitbreiding de hele branche – alvast in de perceptie – op met een niet te onderschatten geloofwaardigheidsprobleem. Misschien krijgt de journalistieke plichtenleer daarom best ook een verlengstuk in de vorm van een orgaan dat de beroepseer van politici en journalisten bewaakt, al was het enkel maar om sterjournalisten en sterpolitici in hun populariteitshonger tegen zichzelf te beschermen.

november 2010

Doorbraak

15


[Foto © Reporters]

Het is statistisch bewezen dat in onze regio de mensen gegroeid zijn. Ze hebben langere armen én zijn kritischer en mondiger geworden. Dat ontging blijkbaar de krant De Standaard (DS), die koos voor een tabloidformaat waarmee ze letterlijk en figuurlijk mikt op lezers met korte armpjes. Of is de ware reden dat het kleiner formaat in de krantenwinkels meer publiciteitsruimte krijgt, zoals blijkt uit de foto?

] V r i je T r i b u n e [

De Standaard, voor lezers met korte armpjes

Pierre Therie gewezen officier en defensie-attaché; publicist Bart Sturtewagen, die in Doorbraak (oktober) als de opvolger van Peter Vandermeersch werd geportretteerd, is dat slechts gedeeltelijk want zowel hij als cohoofdredacteur Karel Verhoeven dienen nu volgens dewereldmorgen.be te rapporteren aan Gert Ysebaert, marketeer en de belangrijkste opvolger van Vandermeersch. Op het einde van het portret in Doorbraak refereert Sturtewagen aan de tijd dat op de voorpagina nog AVV-VVK prijkte. ‘Dat het vroeger beter was, zul je uit onze mond nooit optekenen.’ Nochtans blijkt uit peilingen dat de geloofwaardigheid van de journalisten nog nooit zo laag is geweest. Het lijkt mij overigens moeilijk om steeds dikkere kranten te vullen met even kwaliteitsvolle bijdragen zonder dat het aantal journalisten evenredig is toegenomen. Het werd wel gemakkelijker dank zij de digitale ‘copy-paste’ mogelijkheden en door de inlassing van een exponentieel stijgend aantal foto’s. Vroeger was DS voorspelbaar, zegt Sturtewagen, maar nu gelukkig niet meer. Het klopt dat de redactie vandaag niet meer vanuit een herkenbare katholieke Vlaamsgezinde invalshoek schrijft. Peter Vandermeersch schreef hierover in 2003: ‘Media zijn al lang geen neutrale toeschouwer. Ze maken het spel moeilijker en ondoorzichtiger omdat ze, sedert de ontzuiling van de media, niet langer een herkenbaar shirt aan hebben.’ Een bekentenis dat men vandaag geen objectievere of een meer afstandelijke journalistiek bedrijft.

16

Krijgt de tabloid De Standaard meer publiciteitsruimte bij de krantenboer?

Blijft DS de Nederlandstalige Belgische krant van Peter Vandermeersch of zal er meer ruimte komen voor een Vlaamse invalshoek? Daarvoor verwijst Sturtewagen de lezers naar de rubriek ‘Opinie & analyse’, waarvoor de redactie verder elke inhoudelijke verantwoorde-

‘Blijft De Standaard de Nederlandstalige Belgische krant of zal er meer ruimte komen voor een Vlaamse invalshoek?’ lijkheid afwijst. Ze heeft er geen probleem mee dat zowel de vaste als gelegenheidscolumnisten overwegend vanuit een belgicistische invalshoek schrijven en Vlaamsgezinde reac-

Doorbraak

ties weinig plaats krijgen, laat staan het laatste woord. Zelfs het anti-Vlaamse scheldproza van sommige opiniemakers lijkt de redactie niet te storen. Gelukkig zal men in DS niet één Vlaamsgezinde bijdrage vinden waarin scheldwoorden worden gebruikt. Zorgen deze botsende eigen-gelijk-bijdragen voor betere informatie van de lezers? Neen, denken alvast twee prominente journalisten, Warna Oosterbaan en Hans Wansink die een boek schreven over kwaliteitsjournalistiek (De krant moet kiezen, Prometheus). Het helpt wel de verkoopscijfers op te krikken. Tegenover al dat Belgischgezind verbaal geweld vind je in DS toch nog een Guy Tegenbos, die als énige soms vanuit een Vlaamse invalshoek schrijft. En dan is er columnist Bart De Wever. Wie echter al zijn columns las, zal vaststellen dat hij die niet schrijft als N-VApoliticus maar veeleer als voorstander van een conservatief gedachtegoed, vandaar de titel ‘Het kostbaar weefsel’. Zelfs in volle verkiezingstijd (DS 8 juni) stond in zijn column slechts één woord dat kon verwijzen naar de verkiezingscampagne, namelijk ‘verandering’. In diezelfde periode mochten zowel Luc Cortebeeck (ACV) als Thomas Leysen, die zichzelf presenteerde als bezorgde Vlaming, in de krant een oproep doen om niet voor N-VA te stemmen. Bijna twee volle bladzijden voor een bezorgde Vlaming zou een unicum zijn, mocht Leysen niet tegelijk de grote baas zijn van de Coreliokrantengroep. Het is overigens niet de eerste keer dat hij op een cruciaal politiek moment zijn persoonlijke macht aanwendt om tussen te komen in het maatschappelijke debat. Dat deed hij eveneens in de krant van 12 juli 2008, net vóór het moment dat premier Leterme diende te kiezen tussen zijn woord houden of blijven zitten in de Zestien. Hoe onafhankelijk kan de redactie van De Standaard nog zijn?

november 2010


[Economie]

Het Vlaams Energiebedrijf: meer dan goede bedoelingen? De Belgische energieconsument wordt vandaag geconfronteerd met een duopolie van Electrabel en SPE. Beide bedrijven zijn in handen van Franse groepen, waarin de Franse overheid manifest aanwezig is. Electrabel valt onder de combinatie Gaz de France (GDF) - Suez. Een andere Franse energiereus, Electricité de France (EDF), heeft de meerderheid verworven in SPE (Luminus). De Franse dominantie is een doorn in het oog van veel politici. Dirk Degraaf

november 2010

regering verwijst ernaar. Meer bepaald voorziet de Vlaamse begroting 2011 in een bedrag van 200 miljoen euro voor het Vlaams energiebedrijf. Het zou om te beginnen een rollend fonds worden dat participaties kan nemen in groene energiebedrijven, om het geïnvesteerde geld te recupereren eenmaal die ondernemingen (beter) op eigen benen kunnen staan. Daarnaast zou de Vlaamse energiemaatschappij gaan optreden

Onder meer Unizo wil mee aan de kar trekken.

Foto © Reporters]

De N-VA maakte van de oprichting van een nieuwe Vlaamse energiemaatschappij een van de speerpunten van haar verkiezingsprogramma bij de regionale verkiezingen van vorig jaar, naast onder meer een eigen Vlaamse kinderbijslag en een Vlaamse hospitalisatieverzekering. In het regeerakkoord van Peeters  II (juli 2009) vertaalde zich dat in een aantal krachtlijnen. ‘Het Vlaams energiebedrijf zal onder meer de volgende taken op zich nemen: hernieuwbare energie in Vlaanderen stimuleren door het nemen van participaties, investeren in innovatieve energieefficiëntieprojecten, deelnemen aan internationale klimaatprojecten, en duurzame energieprojecten faciliteren en financieren in Vlaamse overheidsgebouwen.’ In de pers was er sprake van een portefeuille van zo’n 500 miljoen euro voor VL.Energie (de werknaam van de maatschappij). Enerzijds door de Vlaamse Milieuholding en participaties van de PMV (Portefeuillemaatschappij Vlaanderen) in groene energiebedrijven als Thenergo en Biofer in VL.Energie op te nemen. Anderzijds door inbreng van kapitaal in nieuwe projecten. Na juli 2009 verdween VL.Energie voor een tijd van de voorgrond. In de Beleidsnota van minister van Energie Freya Van den Bossche werd er niet onmiddellijk aandacht aan besteed. De nota Economisch Overheidsinstrumentarium van viceminister-president Ingrid Lieten stelde bondig: ‘Het energiebedrijf zal er naar streven om de concurrentie op de Vlaamse energiemarkt te optimaliseren. Na ruim overleg met alle betrokken stakeholders zal een plan van aanpak worden uitgewerkt.’ Dat plan komt nu langzaam van de grond. De recente Septemberverklaring van de Vlaamse

Doorbraak

als facilitator voor zogeheten esco’s (energy service companies), derde partijen die bereid zijn te investeren in een overheidsgebouw of -gebouwen en die hun investering terugwinnen via energiebesparingen die dan in de loop van de volgende jaren worden gerealiseerd. Het kan bijvoorbeeld om administratieve gebouwen gaan, maar ook om sportinfrastructuur, sociale huisvesting, theatergebouwen en dies meer. En VL.Energie zou ook als tussenpersoon kunnen optreden voor de groepsaankoop van groene stroom of de aankoop van aardgas voor bedrijven in het kader van systemen voor warmtekrachtkoppeling (wkk). Het denkspoor om de Vlaamse Milieuholding (Aquafin, Indaver) te incorporeren, lijkt verlaten. De inbreng van participaties van de Portefeuillemaatschappij Vlaanderen of de LRM (Limburgse Investeringsmaatschappij) blijft naar verluidt wel tot de mogelijkheden behoren, maar zou om technische redenen nog niet expliciet worden voorzien in het decreet over de Vlaamse begroting. Overigens verdient het aanbeveling de intenties binnen een juist perspectief te bekijken. Het investeringsprogramma van GDF-Suez bijvoorbeeld bedraagt 30 miljard euro voor de periode 2008-2010. De zes windmolens van C-Power op de Thorntonbank in de Noordzee hebben meer dan 150 miljoen euro gekost. Het Vlaamse energiebedrijf zal wellicht een nichespeler blijven, al zal het zeker een extra stimulans betekenen voor de productie van groene stroom. Onder meer Unizo heeft al aangegeven mee aan de kar te willen trekken, op voorwaarde dat het Vlaams energiebedrijf de projecten van nieuwe energie-kmo’s ondersteunt.

17


[Francofonië]

Wat u in de Vlaamse pers niet las

‘Ze’ zijn ziende blind Marc Platel ‘Ze’ – dat zijn dan vooral de Brusselse journalistieke vaandeldragers van de Belgische francofonie – waren nochtans goed op weg om hun lezers ervan te overtuigen dat ze zich op het ergste moesten voorbereiden. Maandag 13 september jl. bijvoorbeeld brengt de Brusselse krant Le Soir in grote opmaak op de eerste pagina ‘Le plan B’. Hoe zou na de Belgische vechtscheiding het nog overblijvende Belgique er kunnen uitzien? Dat dit een samengaan zou betekenen van Brussel en Wallonië is volgens de krant vanzelfsprekend. De inventaris is wel pijnlijk: een grondgebied van niet eens 20 000 km2 zonder toegang tot de zee met een jonge bevolking maar wel 17 % werklozen. Een zeer grote schuld, een duurdere telefoon en armere musea. Een (nieuw) volk op zoek naar een vlag, een hymne, een nationale feestdag, een paspoort! Diezelfde hoofdstedelijke krant moet in haar weekenduitgave van 25 september toegeven dat dit vooruitzicht niet bij elke Franstalige Belg in goede aarde valt. Van de 1804 ondervraagde Franstalige landgenoten zegt de meerderheid van de Franssprekende hoofdstedelingen dat ze die Waalse buren niet nodig hebben. In Wallonië wil 63 procent van de ondervraagden wel in een Waals-Brusselse federatie stappen. Goed 70 % van de ondervraagden zegt dan weer zich toch eerst en vooral Belg te voelen. Om een en ander nog eens te toetsen, trok de redactie vanuit Brussel richting Bastogne om onder meer in Jambes met de 39-jarige Olivier, in Andenne met de 84-jarige Irène of met student Jules in Petit-Rechain dezelfde vragen nog eens te bespreken. Goed voor nog eens vijf volle bladzijden. Op de redactie van Le Soir neemt men het einde van België duidelijk ernstig. In de krant van 7 september was men al bij enkele Franstalige

18

[Foto © Reporters]

Ze zien het onder hun ogen gebeuren, ze proberen met de woed der wanhoop die stoute Vlamingen te overtuigen van hun historisch Belgisch gelijk, ze bereiden hun lezers intussen voor op de Belgische vechtscheiding en toch blijven ze ziende blind.

In 2006 was het nog fictie: ‘La Belgique est morte’.

deskundigen gaan aankloppen op zoek naar een antwoord of Franstalig België zou overleven zonder Vlaanderen. Ook weer twee bladzijden om de lezers duidelijk te maken dat de scheiding juridisch best kan, maar dat het economisch bijzonder lastig zou worden. En in de Libre Een week later, in de krant van 13 september komt La Libre Belgique na een gesprek met drie Franstalige economisten tot eenzelfde conclusie. Een episode van twee volle bladzijden in een vijfdelige reeks. Een journalistieke oefening die op de eerste bladzijde van de krant wordt aangekondigd onder de titel ‘Bye bye Belgium’. Naar de gelijknamige ophefmakende RTBf-uitzending van december 2006. De reeks bracht onder meer ook een verhaal over Brussel, een stad die het bij een scheiding echt moeilijk zou krijgen. Aldus de Libre van 15 september. Via nog een peiling kon diezelfde krant op 2 september enkele cijfers geven die misschien voor wat communautaire rust konden zorgen. Zelfs in Vlaanderen vond meer dan de helft

Doorbraak

van de ondervraagden toen dat een scheiding niet mocht. Slechts 14 procent vond dat de scheiding de beste uitweg is als Di Rupo en De Wever in hun opzet mislukten. Net niet 60 procent van de ondervraagden vroeg een snelle regeringsvorming – voor de helft van de ondervraagden lag toen al meer dan voldoende op de onderhandelingstafel – maar voor meer dan de helft van de ondervraagden zou men nog maanden met een regering van lopende zaken opgezadeld blijven. Einde september kon La Libre Belgique nog ander prettig nieuws melden – tenminste voor de krant – want volgens een zoveelste peiling was slechts 12 procent van de Belgen voor een scheiding. Vreemd is dat in diezelfde peiling slechts vier op tien Belgen, dus geen meerderheid, blijven zweren bij het unitaire België. Peilingen zijn geen feiten. Het kunnen wel signalen zijn. Vreemd genoeg mag de lezer van een Nederlandstalige krant over die Franstalige signalen blijkbaar niets lezen. Zoals diezelfde Vlaamse lezer moet vaststellen dat Franstalige pers wel bezig is met het mogelijke einde van België. Een zoveelste bewezen verschil tussen Noord en Zuid.

november 2010


[Buitenland]

Zweden is niet langer politiek correct modelland

‘Wie van Zweden houdt, stemt niet voor de Zweden-Demokraten!’ Op de vooravond van de verkiezingen van 19 september probeerde de conservatieve minister-president Fredrik Reinfeldt de nachtmerrie te verdrijven die zijn ‘Alliantie voor Zweden’, een blok van vier centrumrechtse partijen, op zich zag afkomen. Namelijk dat ze toch naast de absolute meerderheid greep doordat de rechtspopulistische partij van de Zweden-Demokraten over de kiesdrempel van vier procent zou geraken. Dirk Rochtus

Vlaggenschip Zweden als het ‘vlaggenschip’ van de sociaaldemocratie is niet meer. Met de intocht van de Zweden-Democraten (SD) als partij met extreemrechtse wortels in de Riksdag, het Zweedse parlement, ligt ook het beeld aan diggelen dat Zweden graag van zichzelf koesterde als ‘het politiek correcte modelland in Scandinavië’ (Spiegel Online, 20 sept.). Zweden volgt nu de Scandinavische trend van groeiend rechtspopulisme. In Denemarken helpt de Dansk Folkeparti van Pia Kjaersgaard met haar 13,8 % de centrumrechtse minderheidsregering aan een parlementaire

november 2010

gepensioneerden, maar ook mensen in de middenklasse die vrezen van de sociale ladder af te vallen of die vraagtekens plaatsen bij de multiculturele maatschappij.

[Foto © Reporters]

Dat de ‘Alliantie’ uiteindelijk 49,3 % haalde, was op zich al nieuw in de parlementaire geschiedenis van Zweden. Nog nooit eerder was een ministerpresident uit het burgerlijke kamp, centrumrechts dus, herkozen. Sinds 1932 hadden de sociaaldemocraten (het Zweedse equivalent van sp.a) 65 van de 78 jaar geregeerd. Ze hadden Zweden uitgebouwd tot het model van de sociaaldemocratische verzorgingsstaat waar de burger bereid is zich blauw te betalen aan belastingen in ruil voor grote sociale voorzieningen. Nu leden ze met 30,9 % hun zwaarste nederlaag ooit. Reinfeldt had het politieke spel sluw gespeeld. Tijdens de verkiezingsstrijd van 2006 had hij amper over belastingverlagingen gerept, maar eenmaal premier voerde hij er wel viermaal door voor een bedrag van tien miljard euro. De burger vond het best leuk meer in het loonzakje over te houden en kreeg zo de smaak van meer liberalisme te pakken. Bovendien wist Reinfeldt Zweden goed door de financiële crisis van 2008 te loodsen. Het land had daarvoor sinds de crisis van de jaren 1990 wel enkele goede recepten achter de hand.

Jimmie Åkesson loodste de extreemrechtse Sverigedemokraterna in Zweedse parlement.

meerderheid (Doorbraak 8-9/2010), in Noorwegen komt de rechts-populistische Fremskrittspartiet of Vooruitgangspartij aan 23 %. De Zweden-Democraten waren in hun ontstaansgeschiedenis verbonden met extreemrechtse, zelfs neonazistische groepjes, maar hadden zich de laatste jaren in stijl en retoriek daarvan gedistantieerd. Ze waren ‘fatsoenlijker’ beginnen ogen en hadden zich ook al een tijd lang stevig verankerd in vele gemeenten in het zuiden van Zweden. Hun kopman, Jimmie Åkesson, waarschuwde in zijn campagne de burgers voor de ‘plundering van de welvaartsstaat door vreemdelingen’. Berucht werd de televisiespot van de Zweden-Demokraten die toont hoe een gepensioneerde Zweedse vrouw met een rollator wordt ingehaald door kinderwagens voortduwende vrouwen in boerka in een ‘stormloop’ op staatsfondsen. Op de achtergrond hoorde je een vrouwenstem zeggen: ‘Trek aan de noodrem voor de immigranten, niet voor de gepensioneerden.’ De Zweden-Demokraten spreken de verliezers van de modernisering aan, vooral werklozen en

Doorbraak

Signaal Dat een partij als de Zweden-Democraten bij parlementsverkiezingen eensklaps 5,9  % haalt in een stabiele welvaartsstaat als Zweden, geldt als een signaal dat er heel wat ongenoegen leeft over de multiculturele samenleving. De sociaaldemocraten krijgen de rekening ook gepresenteerd omdat ze de problemen ervan hebben geminimaliseerd. Hun verlies (- 17 zetels) gaat op in de winst van de Zweden-Democraten

Zweden volgt nu de Scandinavische trend van groeiend rechtspopulisme. (+ 20 zetels). De groenen daarentegen deden het wel goed (+ 6 zetels), maar wilden niet op de uitnodiging van Reinfeldt ingaan om mee te regeren. Ze blijven ‘trouw’ aan het rood-groene blok waarin ze met de sociaaldemocraten zitten, maar zijn wel bereid om de minderheidsregering van Reinfeldt in migratiekwesties te steunen. Reinfeldt zit gebeiteld: alleen een constructieve motie van wantrouwen (met een andere premier als alternatief dus) die tegelijk door het linkse blok en de Zweden-Democraten wordt ingediend, kan zijn regering ten val brengen. Maar op de Zweden-Democraten zit niemand in regering of oppositie te wachten.

19


[Cultuur]

Vlaming zijn onder de Taalunie De Taalunie viert haar dertigste verjaardag. Is dat van belang? Natuurlijk niet, maar de Taalunie zelf heeft wel een zeker belang. Vooral dan voor Vlaanderen en sedert 2005 ook Suriname, de buitengebieden ‘waar men nauwelijks Nederlands praat’ (aldus Raymond van het Groenewoud). Nederlanders doen in taalzaken gewoon hun zin en gaan zeker geen rekening houden met de mening, laat staan de eigen taalgebruiken, van de Vlamingen en Surinamers. Koenraad Elst Dat is dan meteen de fout in de hele Taalunieconstructie: haar asymmetrie tussen centrum en periferie. Nu ligt dat niet aan de Taalunie zelf, want ongeacht welke constructie je ervan maakt, de Vlamingen zullen toch altijd onderdoen door hun NoordBelgische mentaliteit – vele Vlamingen stellen zich te graag ondergeschikt op, ook tegenover Nederlanders. Inzake taal gaan zulke snobs zichzelf én het Nederlands geweld aandoen om toch maar het Hollandse taalgebruik na te bootsen. Jij of gij? Bijvoorbeeld, de Statenbijbel, de eerste echte norm voor het Nederlands, gebruikt voortdurend de ‘gij’-vorm, die toen in Brabant en Holland gebruikelijk was. Sommige oostelijke dialecten zoals het Limburgs gebruikten nog de ‘du’-vorm (waarvan ‘gij’ in oorsprong het meervoud was), terwijl het West-Vlaams de ‘gij’ als ‘jij’ uitsprak. Niemand die het hen kwalijk nam, maar de standaard werd wel ‘gij’. En dat bleef ook zo, zelfs toen de Hollandse dialecten naar de ‘jij’-uitspraak evolueerden. Totdat de Hollanders zo massaal de norm gingen negeren en ‘jij’ schrijven, dat niemand hen nog corrigeerde. Maar dan nog erkenden zij de ‘gij’-uitspraak als de enige juiste ‘in de kerk en op het paleis’. Normale bijbelvertalingen gebruiken die nog steeds, alleen in hippe ‘goed nieuws’-bijbels wordt ‘jij’ gebruikt, namelijk door ééndimensionale lieden die niet verdragen dat er nog een ander taalregister bestaat dan hun eigen spreektaal. In ieder geval verlangde geen enkele Hollander van de Vlamingen dat ze hun beschaafde en op traditie bogende ‘gij’-vorm zouden verzaken (net zoals de verdraagzame Vlamingen henzelf

20

hun plaatselijke variatie niet wilden ontzeggen). Zij hadden er geen enkel probleem mee dat de Vlaamse kranten en schoolboeken de norm handhaafden die zijzelf verwaarloosden. Een bepaalde Vlaamse elite zag hier haar kans om zich als superieur af te zetten tegen haar onpretentieuze volksgenoten. Vooral in de jaren 1960 werd het Nederlands in België door kijfdriftige regelneven tot een gedaanteverandering gedwongen. Geen Vlaamse Filmkens meer, maar Vlaamse Filmpjes. Leopold Vermeiren liet zijn Rode Ridder toen nog zeggen: ‘Gij zult uw

‘Brave mensen van zoiets intiems als hun moedertaal vervreemden, ik zou het niet op mijn geweten willen hebben.’ straf niet ontlopen, beurzensnijder’, maar de heruitgaven werden, tot zijn leedwezen, van die klassiek-Nederlandse vorm ‘gezuiverd’. Voor mensen die goed ter tale en veel met taal bezig zijn, is zo’n omschakeling betrekkelijk gemakkelijk. Voor volksmensen daarentegen stokt elke zin waarin ze hun best doen om de nieuwe regel te volgen. Een halve eeuw na datum blijkt uit de Vlaamse soaps dat de meeste Vlamingen nog steeds aan de eeuwenoude norm gehecht zijn en niet aan de opgelegde stoorvorm gewennen. Brave mensen van zoiets intiems als hun moedertaal vervreemden, ik zou het niet op mijn geweten willen hebben.

Doorbraak

Topberaad in Brugge De Taalunie viert haar dertigste verjaardag met een Top van het Nederlands op zaterdag 20 november in Brugge. Het motto van dit beraad is Nederlands, wereldtaal. De deelnemers komen uit Nederland, Vlaanderen, Suriname, Aruba, de Nederlandse Antillen en Zuid-Afrika. Indonesië zendt waarnemers. []http://taalunieversum.org/ taalunie/30_jaar_nederlandse_taalunie/ Taalvariatie Hoewel taalkundigen vandaag een veel ontspannener houding tegenover taalvariatie aanbevelen dan ‘zeg niet “gij”, zeg “jij”’, is vandaag een gelijkaardige operatie bezig als destijds met de ‘gij’-vorm. Snobs bij de zogenaamde kwaliteitskranten, de VRT en meer en meer ook de ernstige uitgevers imiteren de Hollandse verwaarlozing van het woordgeslacht: ‘de regering doet zijn plicht’, ‘het land en haar belangen’. Overeenkomstig de geëvolueerde tijdsgeest doet men het nu niet met schoolse beregeling van bovenaf maar met voldongen feiten vanuit de privésector. Zulke verschuivingen zijn in de taalgeschiedenis wellicht onvermijdelijk, maar in het Nederlandse taalgebied krijgen zij het karakter van een vernedering van de Vlamingen: zij worden voor hun ijver om de taalnormen te volgen beloond met de achteloze en eenzijdige verandering van die normen vanuit het Noorden. Op zich doen die taalkwesties er niet zoveel toe, maar zij illustreren wel de karakterfout waarvoor de Vlamingen in veel gewichtiger dossiers steeds opnieuw een hoge prijs betalen: hun gebrek aan zelfrespect.

november 2010


[Boeken]

Een straf folieke

Noord en zuid

Eeuweling Lannoo

Fernand Huts, baas van de Vlaams-internationale maritieme multinational Katoennatie, is de kwintessens van de grappige sinjoor. Wie met hem tafelt, heeft gegiecheld, geschaterd, gebruld. Ooit was hij Manager van het Jaar van Trends en zijn medekornuiten van de Vlerick School voor Management fronsten de wenkbrauwen bij het nieuws. Fernand? Dat kon toch niet, die bon vivant. Het was waar en hij had het dubbel en dik verdiend, bewijst hij tot vandaag. Waar welt de bron van Huts’ grapjasserij? In de genenpot die terug gaat tot een familietak die hofnar was van de Bourgondische hertogen. Aldus de fantasierijke inleiding van het fraaie Vertelsels van een nar van Jules Van Bochelt – pseudoniem van Fernand Huts. IJdelheidsboek is de houterige vertaling van ‘vanity book’, bekend in de Engelse uitgeverijwereld. Men is gefortuneerd, overtuigd van eigen ideeën, een broodschrijver verschijnt en een uitgever is te vinden. Cynisch zou je zo Vertelsels van een nar kunnen typeren, maar dat is ronduit fout. Fernand Huts schrijft veel zinnige dingen over de Vlamingen, hun tegenstellingen met de Walen, de verhouding met de Nederlanders, de toekomst van België (minstens een confederatie en hij heeft geen schrik van de grootste Vlaamse zelfstandigheid). De illustraties van Joris Snaet zijn op en top. Ondernemers met meer in hun hoofd dan centen, zijn een feest.(FCr)

1830. Bij een toevallige ontmoeting met prins Frederik in Mechelen wordt ene Junius aangesteld tot ‘heldeninspecteur’: hij moet de Nederlandse troepen van nabij volgen en daar verslag over uitbrengen. Een officierenuniform en een vrijgeleide bieden hem de kans om eersterangsgetuige van de actie te zijn. Zo kan Atte Jongstra zijn protagonist op een aannemelijke en persoonlijke manier het verloop van de revolutie laten schetsen. Op een aanstekelijke en smeuïge wijze tekent de auteur er de belevingswereld van een Nederlander die zich laat meedrijven in de campagne tegen de opstandige Belgen. In zijn tekst speelt Jongstra voortdurend met de bombastische heroïek en vaderlandslievende gevoelens van de revolutieliteratuur en citadelpoëzie. Die contrasteert hij met de ontnuchterende realiteit van een oorlog. Het levert een bijzonder amusant verhaal op, zij het met een tragisch einde. De vele eindnoten verstoren het lezen, ook al omdat ze ‘geheel buiten de waarheid, en te belachelijk en kleingeestig (zijn), om er de ongerijmdheid van aan te geven’. Jongstra houdt van een knipoog en een geintje. Op het einde volgt nog een ‘Heldengalerij’, een ‘beeldverhaal’ met eigentijdse illustraties. De heldeninspecteur is meer dan de moeite waard. Rijk gedocumenteerd, zeer vermakelijk en grappig uitdagend geschreven. Ook al omdat Belgische opstandelingen door het Noord-Nederlandse perspectief er niet bepaald fraai of heldhaftig in worden geportretteerd.(SVDP)

Lannoo bestaat honderd jaar. Reden genoeg voor een feestelijk boek dat helaas vooral een veredelde en geïllustreerde catalogus is geworden. Reynebeau heeft gelijk als hij in zijn intro stelt dat (de) uitgeverijgeschiedenis ook (een) mentaliteitsgeschiedenis van Vlaanderen is. Lannoo evolueerde immers van geëngageerd strijdend katholiek en radicaal-Vlaams tot een open christelijk-geïnspireerde en vooral commerciële succesuitgeverij, voor wie ‘Vlaams’ een geografisch adjectief is. De vele ‘belgicana’ zijn daar een mooi voorbeeld van. Toch behield Lannoo steevast een blik over de Nederlandse grens – blik die sinds kort ook bedrijfseconomisch is geconcretiseerd in de overname van ongeveer de helft van de ex-PMCuitgeverijen in het noorden. De toekomst is al begonnen is vooral een prachtig uitgegeven en handzame catalogus/ overzicht van de belangrijkste uitgaven van de afgelopen eeuw. Daarin wordt bij de evolutie en bij de verschillende titels maar kort stilgestaan. Dat kan ook niet anders, 100 jaar in 368 pagina’s bevatten, is geen koud kunstje. Maar het is jammer dat de persoon van Joris Lannoo niet duidelijker uit de verf kwam – en waarom hij zich liet verleiden om Het Jodenvraagstuk uit te geven, dat een promo-editie was van ... De Protocollen van de Wijzen van Sion. Ook co-auteur Marie-Anne Wilssens slaat even de bal mis als ze Onze Vlaamse Volksbeweging van pater Walgrave in de jaren 1960 situeert. Het boek is uitgegeven in 1949.(KVDH)

• Jules Van Bochelt, Vertelsels van een nar. Over Vlamingen en Vlaanderen. Lannoo, 316 blz., €24,95, isbn 978 90 209 9216 8

• Atte Jongstra, De heldeninspecteur. Arbeiderspers, 424 blz., € 24,95, isbn 978 90 2957221 7

• M-A Wilssens, R. Vanlandschoot en M. Reynebeau, De toekomst is al begonnen. 100 jaar Uitgeverij Lannoo. Het verhaal van een voorzichtige durver. Lannoo, 367 blz., € 24,95, isbn 978 90 209 8637 2







november 2010

Doorbraak

21


[Portret]

[C OL O FO N]

Frans-Jos Verdoodt:

spreidstand tussen Vlaamse Beweging en geschiedeniswetenschap Karl Drabbe

Historicus en oud-directeur van het ADVN Frans-Jos Verdoodt is sinds 1994 de drijvende kracht achter het driemaandelijkse blad Wetenschappelijke Tijdingen (Wt). Volgens het colofon wil het blad ‘de geschiedenis van de Vlaamse en Groot-Nederlandse beweging behandelen, op wetenschappelijke wijze en in de breedste zin van het woord’. Op de voorstelling van de Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging in 1998 werd zelfs vooropgesteld dat Wt voor actualisering kon zorgen. 75 jaar geleden ontstond het blad als orgaan – zoals dat toen heette – van de Vereniging voor Wetenschap. In 1935 – toen het Nederlands door het episcopaat nog als een taal werd beschouwd die niet diende om aan wetenschap of onderzoek te doen – betrachtte die Vereniging voor Wetenschap voor het eerst in het Nederlands de vinger aan de pols te houden van de vorderingen in alle mogelijke wetenschappen. Vanaf 1980 kwam de nadruk echter steeds meer te liggen op de studie van de Vlaamse Beweging. Op 21 oktober vierde Wt zijn 75ste verjaardag met een colloquium waarin werd gezocht naar de specifieke plaats van historisch-weten-

22

schappelijke tijdschriften vandaag. Maar wat is de plaats van Wt in de Vlaamse Beweging? Verdoodt: ‘De brede verwetenschappelijking van de Vlaamse beweging is grotendeels het werk van historiografen die hun wortels hadden of hebben in de geëngageerde Vlaamse beweging maar systematisch vragen stelden en stellen over het verleden, ook dat waarmee zijzelf rechtstreeks of onrechtstreeks worden geconfronteerd. Zij laveerden vaak doorheen de Vlaamsgezindbetrokken geschriften maar zochten en zoeken inmiddels steeds verder hun weg, systematisch en kritisch, zoals het historiografisch metier dat vereist. Men mag dat terecht een spreidstand noemen. Voor mijzelf is dat vaak zelfs een erg lastige spreidstand. Maar die loont wel; die inspanning wordt breed gewaardeerd. Het ADVN en Wt zijn daar de exponenten van.’ Verdoodt, geboren in 1939, stamt uit het Land van Aalst, waar de oude fabrieken nog herinneren aan Daens, zijn eerste en grootste studieobject. Tegen de gekende verhalen van de ‘priester-martelaar’ Daens en ‘zijn’ daensisme, lanceerde de historicus de term ‘daensistische beweging’. ‘Die beweging was, zo bleek, een beweging van opstandige, sociaalbewuste flaminganten uit de middenklasse. Leken, die “christenen” wilden zijn en niet langer “katholiek”. Adolf Daens paste daar eigenlijk niet in als katholiek priester. Hij werd overigens platgewalst door de klerikale tegenstand tegen die beweging.’

Frans-Jos Verdoodt raakte algemeen bekend met Voorwaarts maar niet vergeten. Samen met de gewezen communist Jan Debrouwere lanceerde hij een ‘oproep voor een eerlijk en rechtvaardig oordeel over collaboratie en repressie in Vlaanderen’. Op de IJzerbedevaart van 2000 bekent hij zich als vertegenwoordiger van de Vlaamse Beweging schuldig aan collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Dat Historisch pardon is een publieke schuldbekentenis in naam van die Vlaamse Beweging die tijdens WO II te makkelijk en te snel door de bocht fout had gekozen. Die fout erkende hij. Nochtans niet makkelijk, want zelf de zoon van een foute vader. Een héél foute vader, die voor de meest extreme politieke collaboratie van de groot-Germaanse DeVlag had gekozen. Na de oorlog vluchtte hij naar Argentinië om aan zijn straf in België te ontkomen. Hij werd er vaderlandloos gruwelijk vermoord – Frans-Jos bleef als jonge knaap in Vlaanderen achter – vaderloos. Hierover publiceerde hij voor het eerst in het recente boek Leven in twee werelden (Davidsfonds).Verdoodt: ‘Het tragische lot van mijn familie laat mij niet los. Ik denk er nog elke dag aan. Er schuilt wellicht een taaie paradox in mij: die van de fatalist die koppig gelooft dat hij een positieve taak moet vervullen. Onophoudelijk. En voorts heeft dat verleden mij geleerd niet te snel te oordelen over feiten en mensen. En vooral deemoedig te zijn tegenover het verleden.’

Doorbraak

Doorbraak is een uitgave van de Vlaamse Uitgeversgroep (VLUG). Doorbraak is lid van de Unie van de Uitgevers van de Periodieke Pers. Redactie Passendalestraat 1A, 2600 Berchem redactie@doorbraak.org www.doorbraak.org T 03 320 06 30 - F 03 366 60 45 ISSN 0012-5474 Abonnementen Jaarabonnement 11 nummers (verschijnt niet in augustus) Abonnement € 25 Internetabonnement € 15 (mits opgave van elektronisch adres) Studentenabonnement € 10 (mits opgave van elektronisch adres) www.doorbraak.org/abonneren administratie@doorbraak.org IBAN BE 91 736001271976 BIC KREDBEBB Tussendoor Gratis tweewekelijkse e-zine met actualiteit en commentaar www.doorbraak.org/tussendoor Hoofdredacteur Pieter Bauwens Eindredactie Karl Drabbe, Marc Van de Woestyne Kernredactie Pieter Bauwens, Frans Crols, Bernard Daelemans, Mathias Danneels, Peter De Roover, Karl Drabbe, Dirk Rochtus, Jean-Pierre Rondas, Marc Van de Woestyne, Roger Van Houtte Voorzitter Redactie-adviesraad Frans Crols Vormgeving Lut Lambert (Foar Dy) Medewerkers Ludo Abicht, Jacques Claes, Dirk Degraaf, Frederik Dekeyser, An De Moor, Vincent De Roeck, Herman Deweerdt, Koenraad Elst, Bart Maddens, Theo Lansloot, Barry Maertens, Marc Platel, Eric Ponette, Matthias E. Storme, Frank Thevissen, Luc Van Braekel, Jan Van de Casteele, Katleen Van den Heuvel, Jan Van Doren, Wart Van Schel, Pieter-Jan Verstraete Cartoons Erwin Vanmol Foto’s Wim Van Capellen (Reporters) Doorbraak Verantwoordelijk uitgever Pieter Bauwens Maurits De Smetstraat 12 9308 Hofstade

november 2010


advertentie

Ideeequ!es

Ecoch inleveren

Eurotuin Merelbeke: Fraterstraat 111 – T: 09/232.13.31 Eurotuin Deinze: Gaversesteenweg 222 – T: 09/387.09.90 Open maandag t.e.m. zondag van 9 tot 18.30 uur Dinsdag gesloten – www.eurotuin.be

0097612_Doorbraak_H125xB197_121010.indd 1

De Ordelijke Opdeling van België Zuurstof Voor Vlaanderen Gerolf Annemans Steven Utsi

België is vastgelopen. Er is nood aan een realistisch Vlaams ‘Plan B’. De auteurs besteedden veel aandacht aan de internationale aspecten van staatsvorming. Ze tonen aan dat het einde van België en de start van een Vlaamse staat geen grote problemen zullen opleveren en dat ook de opdeling in ordelijke omstandigheden zal kunnen verlopen. Vlaanderen moet nu starten met de actieve voorbereiding van de onafhankelijkheid, rekening houdend met de principes van Ordelijke Opdeling. Het boek wordt voorgesteld op 30 oktober 2010 om 10.30 uur in het Vlaams Parlement, zaal de Schelp. Tijdig inschrijven verplicht op tel. 0472 603 552 of via info@uitgeverijegmont.be. 352 blz. 978-90-78898-21-4

€ 15

UITGEVERIJ EGMONT advertentie

Madouplein 8 bus 2, 1210 Brussel Rekeningnummer: 320-0048227-88

0472 603 552 . www.uitgeverijegmont.be bestellen@uitgeverijegmont.be

12-10-2010 16:16:02


1

2

4

8

5

10

9

11

7 12

13

    

14

16

15

Hoofdzetel: Hoogstratenplein 1 - 2800 Mechelen - info@vnz.be - 015-28 90 90

Veranderen van ziekenfonds is heel eenvoudig. Bel gratis 0800-179 75 of surf naar www.vnz.be en wij doen de rest!

          

19

25

21

20

56

37

24

40 42

26

44

22

23

41

33

57 58

35 36

38

39

27

28

46

45

43 50

31

53

52

51

30

32

55

               

34

www.vnz.be mĂŠt online kantoor advertentie

 ttHasselt t #VSH#PMMFOTUSBBU

ttZandhoven t0VEF#BBOB ttLier t"OUXFSQTFTUSBBU ttNijlen t8PFSJOHFOTUSBBUC ttBerlaar t%PSQTTUSBBU ttHeist-op-den-Berg t,BUUFTUSBBU ttHeist (Wiekevorst) t%PSQ ttHerenthout t#PVXFMTFTUFFOXFH ttHerentals t.PMFOWFTU ttOlen t%PSQ ttWesterlo t#PFSFOLSJKHMBBOB ttHerselt (Ramsel) t(7BOEFOIFVWFMTUSBBU ttTurnhout t,BTUFFMQMFJO ttMol t4JOU1BVMVTTUSBBU ttWillebroek t0WFSXJOOJOHTTUSBBU ttMechelen t)PPHTUSBUFOQMFJO ttMechelen t7BO#FOFEFOMBBO

ttLeuven* t7BBSUTUSBBU ttTienen t8PMNBSLU ttAarschot t4DIBMVJO ttDiest (Molenstede) t%PSQTTUSBBUh)FU.PMFOIVJTh ttKraainem t%F[BOHSĂ?MBBO

48

    

29

47

49

54

ttAntwerpen t5SPPOQMBBUT ttDeurne t5VSOIPVUTFCBBO ttHoboken t4UFZOTUSBBU ttMerksem t1JOHVJOTUSBBU ttKapellen t"OUXFSQTFTUFFOXFH ttWommelgem t,FSLQMBBUT ttBoechout t+'8JMMFNTTUSBBU ttRanst (Broechem) t"OUXFSQTFTUFFOXFHBC

ttGooik t(SPFOJOHFOWFME ttAsse t(FNFFOUFQMFJO ttBrussel t%SVLQFSTTUSBBU ttSint-Genesius-Rode t,FSLTUSBBUB ttOverijse t%VJTCVSHTFTUFFOXFH ttTervuren t%PSQTTUSBBUB ttVilvoorde t4DIBBSCFFLMFJ ttKapelle-op-den-Bos t.FDIFMTFXFH ttKortenberg t-FVWFOTFTUFFOXFH ttHerent* t4DIPPMTUSBBU ttHaacht t8FTQFMBBSTFTUFFOXFHC

18

17

ttAalter t#SVHTUSBBU ttGent t*K[FSMBBO ttMerelbeke t1PFMTUSBBU ttBrakel t.FFSCFFLTUSBBU ttSint-Niklaas t))FZNBOQMFJO JO(BVEJ$FOUFS

Vlaanderen is groot genoeg voor een eigen sociale zekerheid. Het tegenovergestelde beweren is larie en apekool. Solidariteit is belangrijk maar kent zijn grenzen ... die van Vlaanderen. Door lid te worden van het Vlaams & Neutraal Ziekenfonds geeft u dat signaal en geniet u van al onze voordelen en diensten.

6

3

ttPoperinge (Watou) t0VEF1SPWFOTUSBBU ttIeper t+$BQSPOTUSBBU ttBrugge t(JTUFMTFTUFFOXFHB ttTorhout t&MJTBCFUIMBBO ttRoeselare t-FFOTUSBBU ttIzegem t,FSLQMFJO ttIngelmunster t8FTUTUSBBU ttMenen t#SVHHFTUSBBU ttKortrijk t(SBBG(XJKEFWBO/BNFOTUSBBU ttHeule t4JOU+PCMBBO ttKuurne t#FVLFOMBBO ttWaregem t4UPSNFTUSBBU

geel: kantoren grijs: brievenbussen * : kantoor van een ander Vlaams Neutraal Ziekenfonds

           

       

Zet Vlaanderen op de kaart ... word lid van het Vlaams & Neutraal Ziekenfonds !


2010.11_doorbraak