Page 1

België-Belgique PB Antwerpen X 8/2828

Maandblad van de Vlaamse Volksbeweging vzw

www.doorbraak.org

Afgiftekantoor Antwerpen X P508831 Passendalestraat 1A 2600 Berchem redactie@doorbraak.org

1 2008

De vreugde van Verhofstadt

De dode mus van Verhofstadt Open VLD zal snel ervaren dat Verhofstadt zijn partij geen cadeau heeft gedaan. Zijn terugkeer zal niet alleen de partij confronteren met het onoplosbaar probleem waar ook Leterme zijn tanden op brak. Met de terugkeer van de PS zal van liberale programmapunten niet veel overblijven. Nog maar eens een liberaal leugentje - ‘nooit een tripartite!’ - staat op de harde schijf van de kiezer geschreven. In de CD&V lijkt de oude belgicistische vleugel het onderspit te moeten delven. Het Kartel was er niet toe te verleiden het Vlaams programma uit te wissen. En dat zou wel eens hét politieke feit van 2007 kunnen zijn. De realisatie van het Vlaams programma - overigens dat van zowat de hele Vlaamse volksvertegenwoordiging - is ook nu niet meteen in zicht, maar de rechtlijnigheid kan de partij in 2009 een mooie bonus opleveren. Of ze al dan niet in een overgangsregering, noodregering of tripartite stapt, zal aan dit gegeven niet veel veranderen. De zwarte piet is nu Verhofstadt. Wie zich verkneukelde in de aftocht van Leterme juicht best niet te vroeg. Want de federale staat kan hooguit nog wat voorthobbelen op vierkante wielen. Een regering met zes of acht partijen, we zijn benieuwd... Guy Tegenbos noemt Paars III ‘een kartonnen scherm’ waarachter een octopusregering zou worden gevormd. Maar ook dat wordt staatkundig en politiek een draak. Een serieuze staatshervorming en een sterk sociaal-economisch beleid, vergeet het. Beide zijn trouwens aan mekaar gekoppeld. Etienne Vermeersch (DS, 6dec.) vindt dat alleen een crisisregering op brede basis tot 2009 (en daarna federale verkiezingen) met als hoofdopdracht de staatshervorming en BHV alsnog een uitweg kan bieden. ‘Zelfs dat is niet eens zeker, maar hoe meer men beseft dat een mislukking op termijn naar het einde van België leidt, hoe sterker de motivatie zal zijn om dat te vermijden’, aldus Vermeersch. Een respectabele wens, maar ook niet veel meer dan dat. Waarom zou een tripartite wél slagen wat met oranjeblauw niét lukte?

Uitstel is geen afstel. België zal hooguit nog wel wat voorthobbelen, maar in 2009 komt de volgende ontmanteling. De Vlaamse kiezer heeft een geheugen. De kaarten zullen nog eens worden herschud. Een Vlaamse radicalisering zal er niet alleen zijn binnen het Kartel, maar wellicht ook binnen een ontnuchterde VLD en een realistischer sp.a. Wie nu nog aangestoken blijft door een of andere vorm van belgicisme, zal dan de rekening betalen. De les van 10 juni was duidelijk. Het “non” van de Franstaligen ook. Vlamingen zijn geen revolutionairen, maar misschien vinden ze in 2009 wel de moed om inspiratie te putten uit wat Verhofstadt tien jaar geleden schreef: ‘Een aantal politici heeft naar aanleiding van de roep naar een grotere Vlaamse zelfstandigheid het idee geopperd een referendum te organiseren ... Hun vraag om een referendum is terecht. Dat referendum zou door het Vlaams Parlement onder de Vlamingen georganiseerd kunnen worden.’ (De Belgische Ziekte, p. 57). Tenzij dat parlement als een Russische Doema wil blijven functioneren, zal het ooit daar eerst moeten gebeuren. Het soevereine volk beslist. Vanzelfsprekend nadat de Vlaamse partijen in een breed overleg hun taart hebben gebakken. Of men er dan met slagroom “confederalisme” of “Vlaamse staat” op spuit, maakt niet veel uit, want samenwerken met de Waalse buren zal er zeker bijzijn. En vermoedelijk zal dat zelfs vlotter gaan dan in het kale landschap waar Verhofstadt nu in ronddwaalt met zijn dode mus. De kans is niet onbestaande dat hij nog enige tijd de show mag stelen, maar dan wel in een circus dat stilaan de deuren sluit.

■ JAN VAN DE CASTEELE

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

1


PERSWIJS Derk-Jan Eppink over ‘België: mislukte combiNATIE’ in Opinio, 30 november 2007: ‘Ik denk dat de huidige Belgische

federatie geen kans op overleven heeft. België is nooit een natie geweest. Het was een combiNATIE die intussen niet meer combineert.’

Derk-Jan Eppink over Verhofstadt als oorzaak van de crisis in Opinio, 30 november 2007: ‘Het wordt tijd dat de

demissionaire premier Guy Verhofstadt de Wetstraat 16 verlaat, omdat hij de afgelopen acht jaar de problemen tussen Vlamingen en Franstaligen onder het tapijt veegde. Hij is eigenlijk de oorzaak van de aanslepende crisis.’ Christian Dutoit in Meervoud, november 2007: ‘Een Raad

van Wijzen? Van een aantal van die ‘wijzen’ is genoegzaam bekend dat zij eerder staan te popelen voor een staatshervorming in de andere richting. Die “wijzen” zijn natuurlijk niet democratisch verkozen en hebben de politiek al lang niet meer nodig om op het einde van de maand de touwtjes aan elkaar te knopen, maar vaak hebben ze hun politieke “ervaring” gedelegeerd naar hun kroost. Zijn het trouwens niet die “wijzen” die er zo’n knoeiboel van gemaakt hebben?’

Luc Martens over staatshervorming en ACW-ACV in De Morgen, 28 november 2007: ‘Wat Jan Renders, Luc Cortebeeck of

Marc Justaert vertellen over de staatsinrichting, is niet meer ons verhaal.’

Didier Reynders over de Conventie in Dag Allemaal, 22 november 2007: ‘Het is goed om de oude garde zich nog eens te laten uitspre-

ken. Maar op het beslissend moment moet de nieuwe generatie politici de knopen doorhakken.’

Rik Van Cauwelaert over Manifestatie Red België in Knack, 21 november 2007: ‘Getroffen door tricolore staar telde de

Brusselse burgemeester Freddy Thielemans ineens dubbel bij de inschatting van het aantal deelnemers aan de mars voor Belgische eenheid. Waar de anders toch wel vaderlandslievende RTBf afgelopen zondag het aantal demonstranten aanvankelijk op hooguit 18 000 bracht, meende Thielemans 35 000 stappers te hebben gezien. Hoe dan ook, zelfs 35 000 stemmen volstaan niet eens om in Franstalig België een Kamerzetel te veroveren. Als de ondermaatse opkomst voor de patriottische wandeling al iets pijnlijk illustreerde, dan wel dat België allengs aan onverschilligheid kapotgaat.’

Pieter Aspe in Humo

Thrillerauteur Pieter Aspe: ‘lk erger mij vreselijk aan al die Vlamingen die beweren dat het de schuld van de Vlaamse onderhandelaars is dat we na bijna zes maanden nog altijd geen regering hebben. Al veertig jaar schuiven wij, Vlamingen, de problemen voor ons uit, en bij elke regeringsonderhandeling hebben we compromissen Pieter Aspe met de Walen gesloten. Dat moet maar eens gedaan zijn. De Vlamingen moeten voet bij stuk houden om tot een confederale staat te komen, zoals in Zwitserland. En als dat niet goedschiks lukt, mag België van mij ook gesplitst worden, net zoals Tsjechië en Slovakije ...’

Daar is B Plus nog eens

Twaalf politici van acht partijen uit het noorden en zuiden van het land hebben het Federaal Pact van de belgicistische organisatie B Plus ondertekend. Opvallend leper dan vroeger wil B Plus ‘een federaal België’ en ‘een “evenwichtige” staatshervorming’. Jaja, maar tegelijk moeten bevoegdheden kunnen worden geherfederaliseerd en moeten er ‘garanties komen rond interpersonele solidariteit’ (lees: behoud geldstromen). Dat is het betonneren van een staat die niet werkt en van een financieel lek richting Wallonië (en niet omgekeerd). B Plus wil ook dat Vlamingen en Walen ‘de taal van de andere gemeenschappen’ aanleren. Ze kunnen alvast beginnen in Wallonië en Brussel ...

Nieuw volk

Het B Plus Pact werd ondertekend door Wilfried Martens en Mark Eyskens (CD&V) Annemie Neyts (Open Vld), Freddy Willockx en Mia De Vits (sp.a) en Adelheid Byttebier (Groen! ). Hiermee is het Annemie Neyts belgicisme van Eyskens definitief bevestigd en treden Neyts en Byttebier toe tot de drukkingsgroep.

Emiel De Bolle

Werkzaamheidskloof groeit

Europa verplicht via de Lissabondoelstellingen zijn lidstaten de werkzaamheidsgraad (werkenden in de bevolking tussen de 15 en 64) te verhogen tot 70 procent in 2010. België (61,7 %) zal die doelstelling niet bereiken, Vlaanderen (65,8 %) misschien, maar Wallonië (56,6 %) en Brussel (53,9 %) in geen geval. De kloof tussen Vlaanderen en Wallonië enerzijds en Brussel anderzijds groeit

2

Doorbraak

nr. 1 januari 2008


nog. Sinds 2000 steeg de werkzaamheidsgraad in Vlaanderen met 3,5 %), in Wallonië amper met 1,9 procentpunt. Het Brusselse cijfer daalde nog met 0,2 procentpunt. (Bron: Steunpunt Werkgelegenheid en Sociale Economie van de KU Leuven)

Werkloosheidskloof groeit

In het Waals Gewest daalde het aantal werklozen (201 505 in oktober 2007) het jongste jaar met 13 497 eenheden (6,2 procent). In Vlaanderen daalde het aantal werklozen (141 929 in oktober 2007) met 15,9 %. Wallonië heeft dus maar matig geprofiteerd van de hoogconjunctuur. Dat de werkloosheidskloof, die al zeer groot is, blijft toenemen, is absoluut verontrustend. Dat betekent dat - in tegenstelling tot wat de Franstaligen vaak zeggen - er absoluut nog geen perspectief is op het verminderen van de geldstroom naar Wallonië. (Bron: RVA, okt. 07) Werkzaamheidsgraad EU-norm 2010: 70% Vlaanderen: 66% België: 62% Wallonië: 57% Brussel: 54%

Walen vinden de weg naar Vlaamse jobs nog niet

Voor de West-Vlaamse industrie is de komst van Waalse werknemers verre van voldoende. In de regio Kortrijk-Roeselare kijken werkgevers zowel naar Frankrijk als naar Wallonië om 7000 openstaande vacatures in te vullen. Unizo en Voka in het kader van de eerste Jobbeurs (12 december 2007) van de Eurometropool Lille-Kortrijk-Tournai blijven ongerust ‘omdat de Waalse arbeidskracht de weg naar de regio Kortrijk-Roeselare nog altijd niet vindt’.

Faillissementen: november op een na slechtste maand ooit

In november gingen er 659 bedrijven op de fles. Daarmee is dit op de één na zwartste maand ooit. Alleen in het rampjaar 2004 was het nog slechter. Dat meldt het onderzoeksbureau Graydon. Voor de vijfde maand op rij worden meer faillissementen uitgesproken dan verleden jaar. In het Waalse gewest werden een kwart meer faillissementen uitgesproken (211 tegenover 171 in november 2006). De ommekeer is het sterkst in Henegouwen (verdubbelding). In Vlaanderen gingen 10 % minder ondernemingen over de kop (308 tegenover 340 in november 2006). (Belga, 3 dec.) ➥

Commentaar There is no government like no government

D

e maanden zonder echte federale regering zijn een leerrijke periode voor ons land. En wel op twee vlakken. Natuurlijk omdat blijkt dat ook zonder federale regering de samenleving verder draait en Vlaanderen en Wallonië niet terugvallen in een positie van “failed state”. Gelukkig maar bepaalt de overheid nog niet alles in ons dagelijks leven. En voor de dagelijkse beslommeringen waarin de overheid wel een grote rol speelt, ligt de bevoegdheid vaak ofwel nu al bij de deelstaten, ofwel in handen van organen die in een rechtsstaat onafhankelijk werken zoals de rechterlijke macht, of bij structuren die in handen zijn van corporatieve organisaties zoals de sociale partners. Dit betekent niet dat dit alles maar de continuïteit is alvast verzekerd. En toch horen we wanhopige uitroepen van politici die het ontbreken van een echte federale regering een ramp noemen. Doordat we een regering van lopende zaken hebben, zouden de hoogst noodzakelijke beslissingen niet kunnen worden genomen. Volgens mij legt dit meer dan ooit de scheefgroei van onze parlementaire democratie bloot. Nemen we bijvoorbeeld het probleem van wetten die niet in werking treden omdat er geen Koninklijk Besluit komt dat ze in werking stelt. Dat is maar een probleem omdat het parlement de slechte gewoonte heeft wetten te stemmen die in een laatste artikel bepalen dat de koning (dus de regering) de datum van inwerkingtreding zal vastleggen. Maar in de meeste gevallen moet het parlement dan maar dat laatste artikel veranderen door een vaste datum en het probleem is opgelost. Moeten er nog regels voor uitvoering worden uitgevaardigd? Het parlement is bevoegd die regels te maken, maar is dat alleen verleerd. Het enige reële probleem rijst doordat het in ons grondwettelijke stelsel - om goede redenen - niet aan het parlement toekomt om individuele besluiten te nemen, zoals benoemingen. En omdat de regering nog in lopende zaken zou zijn, zou dat dus niet kunnen. Maar men vergeet dat de reden waarom een regering vanaf de ontbinding van het parlement in beginsel geen echte beslissingen kan nemen, het ontbreken van parlementaire controle is. Eenmaal het parlement terug is samengesteld, valt die reden grotendeels weg. Dat het parlement verdorie de uittredende regering aan het werk zet en controleert. Nu hebben we parlementsleden die al zes maanden betaald worden om nauwelijks iets te doen. Het is een kans om eindelijk eens de machtsverhoudingen terug wat rechter te trekken. Laat het parlement, zoals het hoort in een parlementaire democratie, de krijtlijnen uittekenen van het beleid. Dan is het ook veel minder relevant welke regering we hebben. In Zwitserland is het al heel lang zo dat ministers in beginsel niet kunnen ontslagen worden tijdens de legislatuur waarvoor ze zijn benoemd en dat de regering bovendien zowat proportioneel uit alle partijen wordt samengesteld. Maar die ministers zijn wel verplicht om de richtlijnen van - een meerderheid in - het parlement te volgen. Maar in zo’n situatie zou de Vlaamse meerderheid natuurlijk ook wel eens een en ander kunnen beslissen. En het is vooral om dat te vermijden dat het parlement in België geen echt parlement mag zijn. Met een echt parlement zou het land niet lang meer overleven. Net zoals het land ook een scheut directe democratie niet lang zou overleven. En dus wordt er gesmeekt om een regering die de democratie weer netjes opzij kan zetten en de Vlaamse verzuchtingen weer kan lamleggen. Laat ons toch nog maar even zonder blijven. ■ M ATTHIAS STORME

vervolg p. 11

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

3


T R A NSFERS

Transfers: het blijft dweilen met de kraan open Vlaanderen wil een dynamisch Wallonië zien

De geldstroom naar Wallonië mocht in de formatiegesprekken blijkbaar niet eens ter sprake komen. Vlaamse partijen hebben zich nog maar eens héél voorzichtig opgesteld. ‘Solidariteit’ was de naam van de doofpot. Veel heeft dat niet opgeleverd. Doorbraak sprak met Jef Vuchelen, een van de experts inzake het transfertendossier. Vuchelen is prof. aan de VUB, liberaal econoom en ondertekenaar van het Warandemanifest. Hij was een van de “wijzen” van een transfertencommissie die nog maar eens de studie van de Vlaamse overheid (Abafim) onderzocht. Vuchelen zwijgt niet. Het was voorpagina in Het Nieuwsblad, toen einde 2004 een Abafim-rapport uitlekte. Hierin stond te lezen dat er van een vermindering van de geldstroom naar Brussel en Wallonië geen sprake was. Het bleef nadien verbazend stil. De traditionele partijen hielden zich op enige afstand, vermoedelijk onder impuls van drukkingsgroepen die toen al een taboe over dat onderwerp hadden uitgesproken. ‘Daar praten we niet over, we zijn solidair’, was al eens de repliek. Yves Leterme, toenmalig minister-president, parkeerde het hele debat in een zogenaamde transfertencommissie. Als het dossier van de geldstromen weer in het nieuws kwam, is dat ten dele te danken aan enkele Waalse professoren die hun eigen interpretatie uitwerkten. Ze ontkenden de transfers niet, maar relativeerden ze. Onder meer de geldstroom via de federale schuld negeerden ze compleet. De transfers herleidden ze tot 2,5 euro per dag per Vlaming. ‘Een pintje per dag’, populariseerden de media in een poging de Vlaamse interpretatie te relativeren. Doorbraak: U was erbij, wat heeft die transfertencommissie geleerd? Vuchelen: De werkgroep heeft - louter academisch bekeken waardevol werk geleverd. Een belangrijk deel van de geldstromen (Vuchelen spreek liever van geldstromen dan van transfers - red.) heeft te maken met de staatsschuld. Maar dat onderwerp en de vraag wie er verantwoordelijk voor is, was voor de commissie meteen taboe. Wie zat daarin? Drie Franstaligen, twee baronnen en iemand die politieke carrière wil maken en ikzelf. Dan weet je genoeg zeker?1 De argumenten van de Franstaligen kloppen niet. Tachtig procent van de Belgische staatsschuld is opgebouwd na 1980... Dat één taalgemeenschap niet over de schuld wil spreken is bizar, want de federale overheid moet de intresten op die schuld wel betalen. Graag of niet graag. Daar niet over willen spreken is geen oplossing, want de rekening wordt toch gemaakt. Iedereen voelt wie verantwoordelijk is... Indien de Franstaligen hun gigantisch probleem bespreekbaar maken, zouden de Vlamingen zich misschien inschikkelijker opstellen. Nu proberen ze krampachtig de schone schijn op te houden. Nu ja, ze doen maar.

4

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

De schuld buiten beschouwing latend, hoe groot is het probleem? Vertrekken we van hun eigen Waalse cijfers: zij berekenen de transfers op 2,5 euro per Vlaming. Ze vertellen er niet bij dat dit 4,5 euro is voor iedere Waal. Geen onaardig bedrag. Kijk, ik wil ook wel vijf eurocent van iedere Vlaming (250 000 euro per jaar - red.). Als je dat vanuit het standpunt van de “gever” bekijkt, stelt dat bedrag niets voor. Maar je voelt toch dat die redenering mank loopt? Het is overigens de “gever” die moet beslissen over de gift, niet de ontvanger. Hoe lang kan Vlaanderen die geldstroom in stand houden? Voka-voorzitter Urbain Vandeurzen spreekt over tien jaar. Maar als je de ontwikkeling van de voorbije tien jaar bekijkt, dan is dat toch erg twijfelachtig. Nu, wat de meeste Vlamingen stoort, is niet dat de geldstromen bestaan, wel dat het in dit land dweilen met de kraan open is en blijft, zonder perspectief op beterschap. Vlamingen kunnen nog enige tijd blijven betalen voor Waalse werklozen en zieken, maar is dat de methode om de Waalse economie erbovenop te helpen? Hoe kun je nu de werkloosheid “nationaal” blijven organiseren met een regio met heel veel vacatures en een andere met heel veel werklozen? Vlaanderen moet eigen initiatieven kunnen nemen, maar wordt nu afgeremd. En Wallonië zou dat ook dringend moeten doen, maar doet het niet. Hoe los je dat op? Door eigen bevoegdheden te creëren en vanuit Vlaanderen te zeggen: dit is uw pakket geld - onze solidariteit - doé het daarmee. Wil je de werklozen meer betalen dan wij in Vlaanderen, dan doe je dat maar, het is uw verantwoordelijkheid! Maar stop de situatie van vandaag, die Walen en Franstaligen toelaat Vlaanderen te verplichten een beleid te voeren waar het zelf niet gelukkig mee is. Die situatie is op termijn onhoudbaar. Het kan niet dat zij beslissen wat zij moeten krijgen en wat de anderen moeten betalen. Als individu zijn we ook graag solidair voor “het goede doel”, voor een “goed werk”, een hulporganisatie. Maar hoe lang zullen ze solidair blijven als de hulp terechtkomt in een bodemloos vat? Vandaag is die situatie voor Vlaanderen misschien nog net verteerbaar, maar wat over vijf of tien jaar? U bedoelt de eigen problemen met de vergrijzing? Ja, als onze economie vlot blijft lopen - maar wie garandeert dat? - kunnen we die misschien nog net aan, maar als het anders is, wordt het rampzalig voor Vlaanderen en derhalve nog meer voor Wallonië. Stel dat Vlaanderen in de toekomst in nood geraakt, zou Wallonië dan solidair zijn? Keer de situatie eens om: hoe lang zou België dàn blijven bestaan? Waarom blijven ook sommige Vlaamse wetenschappers zoals Bea Cantillon gekant tegen een splitsing van (delen van) de sociale zekerheid?


Niemand van de adel zal ooit durven zeggen voor de splitsing van België te zijn, maar een derde van de Vlamingen stemt wel voor partijen die daar op zijn minst geen bezwaar tegen hebben. Hier klopt iets niet. De adel heeft niets met representatieve democratie te maken.

Hoe moet het nu verder? We pompen geld in Wallonië en in de Walen, in plaats van in de Waalse economie (investeringen, infrastructuur, e.d.). We moeten dat niet van vandaag op morgen afschaffen. Het zijn de Walen zelf die moeten beslissen hoe ze het regelen. Ze mogen niet denken dat we tot in het oneindige gaan betalen.

T R A NSFERS

Cantillon is ook barones, hé! Ik moet nog de eerste van de mensen met zo’n unitaire reflex duidelijk horen verklaren: ik als academicus vind dat monarchie vandaag niét kan. Hoe kunnen mensen die met hun verstand werken, zich laten benoemen tot baron en waarom willen ze zich zo boven de medemens laten verheffen? Ik begrijp dat niet.

Zijn ze nu goed bezig, bijvoorbeeld met hun Marshallplan? De werkloosheidskloof blijft nog groeien. Je kan veel kanten op met statistieken en als Demotte verkondigt dat er “beterschap” is, zal hij wel een of andere definitie in de zak hebben die klopt. Maar met alle respect, die al bij al lichte stijging van het aantal jobs in Wallonië, dat zijn vooral overheidsjobs.

De informatie van de transfertencommissie is er nu. Wat gebeurt daar nu mee? Ons werk is af. Abafim zal nu wel Als de Walen toch massaal blijven weer de draad opnemen en op terkiezen voor een PS-recept van een Waalse proffen ramen de transfers op 2,5 e per mijn zal Europa dat cijferwerk wel overstaatsgeleide economie, dan is dat Vlaming per dag. ‘De prijs van ocharme één pintje’. nemen. Maar of onze politici daar iets hun goed recht, hun vrijheid, dat Maar 3500 e per Vlaams gezin per jaar, mee aanvangen, daar twijfel ik aan. Wie moeten ze dus zelf weten. Maar dan waarom en hoe lang nog? geeft advies over gewestvorming aan de moeten ze hun eigen economisch VLD? Dat is in essentie de Nationale model maar zelf beredderen. Sorry, Bank, met bovenaan figuren als gouverneur Quaden (PS-strekmaar op een bepaald moment is het “stop”. king) en vice-gouverneur Luc Coene (vroeger de rechterhand van Verhofstadt - red). Die hebben andere belangen. Als ze toch kiezen voor een ander efficiënt beleid, dan kunnen Maar zelfs in bredere politieke context wordt dat geldstroomwe spreken over een afbouw van de geldstroom in de tijd. Vlaverhaal in de doofpot gestopt. mingen hoeven niet jaloers te worden als het daar over de taalgrens goed begint te gaan. Dat moet dan maar een aansporing Maar gerust zullen ze er wel niet op zijn. Wat gebeurt er bij de zijn. Het is beter dat je buur het goed stelt dan dat hij op de verkiezingen in 2009? Ge ziet het overal. Separatisten waren sukkel is. We moeten applaudisseren als ze er in slagen toch een paar jaar geleden marginalen. Nu niet meer. Deze formaeen dynamiek te creëren. tiecrisis versterkt de overtuiging dat de Vlamingen het onder elkaar wél héél snel eens zouden zijn over een te voeren beZelfs als België zou splitsen zullen we solidair moeten zijn, van leid. staat tot staat in dat geval, om dezelfde reden. Als de buur de steun goed beheert, moeten we bereid zijn hen langer te helVlamingen en Walen verschillen over alles van mening, zelfs pen. over de kleinste punten en komma’s. De Franstaligen zijn aan het bewijzen dat België niet meer samen kàn. En dat verhaal Maar zoals het nu loopt? Wat is het resultaat van de transfers? van geldstromen keert altijd terug. Mijn oogkleppen vielen af Wat is er gebeurd met de steun aan de Waalse staalnijverheid sinds ik Francis Delperéé (senator cdH), schijnbaar ook advien steenkoolmijnen? ‘t Is niet aan ons om te zeggen dat het seur van het Hof, in Faire Le Point (RTBf) zie dat het altijd daar in Wallonië allemaal maffiosi zouden zijn. Moeten ze zelf “non” zal blijven als hervormingen de Franstaligen één centiem maar uitzoeken, dat is hun probleem, wij hebben genoeg eigen kosten. Ja, die gaat er dus van uit dat een status-quo winst is. problemen. Zij moeten hun eigen winkel opkuisen. Ze moeten wel weten dat steun aan voorwaarden gekoppeld is: wij willen Ze blijven ervan uitgaan dat de Vlamingen blijven plooien, op termijn een merkbare verbetering zien, omdat zij ook klanmaar die tijd is voorbij. Op zich was het een aangename verten zijn van ons. Wie een café uitbaat, heeft ook liever dat de rassing dat Leterme en Vandeurzen voet bij stek hielden... buren werk hebben, want dat biedt perspectief op een bloeiWat een onbezonnen uitstelgedrag vertonen die Franstaligen. ende zaak. Vlaanderen wil een dynamisch Wallonië zien, maar Maar zonder akkoord, forget it, dan ontploft de boel in 2011 hoe dat moet worden ingevuld, daar moeten de Walen zelf over (normaal volgende federale verkiezingen - red). beslissen. Men zou beter nu knopen doorhakken en daarna tijd en geld intelligent gebruiken om goeie oplossingen te zoeken voor het Waalse probleem. Maar neen, men begint nog een beetje te dreigen. Franstaligen laten uitschijnen dat ze wel eens de Vlamingen in Brussel extra zouden belasten (belasting heffen op werkplaats in plaats van woonplaats - red.) om hun Brusselse financiële problemen op te lossen. Maar ze spreken niet over de Walen die in Brussel werken. Hoe intellectueel oneerlijk kan men zijn?

■ JAN VAN DE CASTEELE

1 In de transfertenwerkgroep zitten drie Franstaligen, de baronnen Aloïs Vandevoorde en Paul Van Rompuy (KU Leuven, gedelegeerd bestuurder federale participatiemaatschappij opvolger ASLK-holding) en Rudi Vander Vennet (U Gent, ondervoorzitter Hoge Raad van Financiën, voormalig medewerker Freya Van den Bossche, sp.asignatuur) en Jef Vuchelen

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

5


WE TST R A AT

Wee wie premier wil worden Wie zal de staatsschuld betalen?

I

n heel de discussie die momenteel over België waart, blijft een aantal aspecten merkwaardigerwijze onvermeld. De staatsschuld bijvoorbeeld. En het feit dat geen enkele regering in het huidige België die ooit zal kunnen afbetalen. Guy Quaden van de Nationale Bank en Herman De Croo (tiens, waarom hij?) zijn blijkbaar de enigen die zich zorgen maken. Laat ons eerst even opfrissen waarover we spreken. De Belgische overheid heeft zo ongeveer 287 miljard schuld. Dat is ongeveer 87 % van het BBP. Nog net iets beter dan Giekenland en Italië. Eigenlijk niet slecht geboerd, want in 1993 was dat nog 133 %. Wallonië (6.8) en Brussel (1 miljard) gooien daar nog een schepje bovenop, terwijl Vlaanderen ondertussen quasi schuldenvrij is. Verhofstadt doet al jaren hard zijn best om die schuld naar beneden te krijgen. Omdat dat moet van Europa (de euro, weet u wel), maar natuurlijk ook omdat de rentelasten een permanente aderlating betekenen. En je kan de belastingen niet verlagen als je rente moet betalen. Maar ondanks de lage rente van de laatste jaren, slaagt hij daar niet in. De begrotingen van de laatste jaren zijn officieel “in evenwicht”, maar trek er de eindejaarstruken, de verkoop van gebouwen en de overname van pensioenfondsen van af en België bleef behoorlijk in het rood onder Verhofstadt. Spuug en plakband Al bij al was het voor paars nog een gigantische prestatie om de boel op papier nog met veel spuug en plakband bij elkaar te houden. Volg even mee. België haalt per jaar 95 miljard euro belastingen op. 55 % daarvan verdwijnt meteen richting deelgebieden en Europa. Blijft er zowat 40 miljard over om de kosten te betalen. De rente vergt 12 miljard, de gezondheidszorg 21, werkloosheid 6, de NMBS 2.5, defensie en justitie 4.5. En dan moet je nog pensioenen betalen. Knappe gast, die daaruit een overschot kan toveren. En dan nog hebben we al zowat de hoogste belastingen in Europa. En het wordt er echt niet beter op. Dankzij Lambermont krijgen de deelgebieden almaar meer geld. Die 55 % worden er binnenkort 57 %. Vlaanderen weet overigens nu al met al dat geld geen blijf. De rentekosten gaan ondertussen slechts in één enkele richting: omhoog. Net zoals de kosten van de gezondheidszorg en de pensioenen (1 miljard extra per jaar) overigens. De verkoop van gebouwen kan je ondertussen wel vergeten, want die heeft België niet meer. Alle eindejaarstruken van de vorige jaren hebben nu natuurlijk ook een jaarlijks prijskaartje. En wee diegene die het waagt aan minimumuitkeringen of de sociale zekerheid te raken. O ja, en over een paar jaar gaat de babyboomgeneratie met pensioen. Zonder fundamentele wijzigingen gaat de Belgische staatsschuld in de komende jaren weer pijlsnel naar omhoog.

6

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

Financieringshervorming Met zo een plaatje voor ogen, zou een mens verwachten dat de hele politieke wereld over elkaar struikelt om oplossingen te zoeken. Niet dus. Staatshervorming gaat over BHV en over bevoegdheden. En de Franstaligen zijn “geen vragende partij”. Dat hun geliefd België failliet gaat, is dus blijkbaar ook niet direct hun grootste bekommernis. Had Guy Mathot niet ooit gezegd dat de staatsschuld er vanzelf gekomen was en dus ook vanzelf zou verdwijnen? Een verstandig mens zou met een grote boog weglopen van zo een toestand. Wee de man die dit vehikel moet overnemen, want veel eer valt er niet mee te rapen. Waarom Leterme zo graag premier wil spelen van dit land, is dan ook een raadsel te noemen. Want in een kibbelend land met een staatskas zonder centen, doe je niks. Hij zal nog heimwee krijgen naar zijn tijd in de Vlaamse Regering. Vraag is dan natuurlijk waarom dat argument niet breed wordt uitgesmeerd door de Vlamingen. Niks veranderen betekent dat België financieel om zeep gaat. Is het dat wat de Franstaligen willen met al hun Belgisch vlaggengezwaai? Is het niet logisch dat je geen regeringschef wil worden als dat probleem niet eerst fundamenteel is geregeld? En toch gebruikt Leterme dat argument nauwelijks. Is het omdat zijn partij wat dat betreft ook boter op het hoofd heeft? Alleen De Croo lijkt nog bekommerd te zijn. Maar wat heeft zijn partij acht jaar lang met de staatshervorming gedaan om dat probleem op te lossen? Zachte heelmeesters Ook Guy Quaden - chef van de Nationale Bank - liet de wereld weten bekommerd te zijn. Geen regering, geen begrotingscontrole en dus vliegen de centen weer langs deuren en vensters naar buiten. Maar wél een (nood)regering betekent allicht dat er géén hervormingen komen en dus dat de hele Belgische schatkist de komende jaren de dieperik ingaat. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden. Maar zoiets mag Guy allicht niet te luid zeggen. Stel u voor dat zelfs hìj zou beweren dat er hervormingen nodig waren... Dat de staatsschuld niet kan worden verdeeld, is een oude dooddoener in het debat over een splitsing van België. Zoals het er naar uitziet, zal het veel gemakkelijker zijn om die schuld nu te verdelen over de deelgebieden dan binnen België onder controle te houden. ■ DIRK L AEREMANS

Weblink: http://www.debtagency.be


WE TST R A AT

De leugen heeft korte beentjes Blauw ... blauw ... blauw ... ‘In een authentieke federale staat moet elk niveau zijn eigen inkomsten kunnen innen en zijn deel van de schuld dragen’, schreef Guy Verhofstadt in zijn tweede Burgermanifest (1992). Het was de aanzet tot een periode van Vlaamse vurigheid in het leven van de in juni 2007 dik gebuisde Belgische premier. Vandaag wil die meneer plots weer een grote staatshervorming... In De Belgische ziekte (1997) was Verhofstadt nog duidelijker. ‘We worden meegesleurd door het Zuiden, door het immobilisme van het leidende establishment aldaar (FGTB, PS ...) ... We kunnen niet blijven wachten op ik weet niet welke ommekeer in het zuiden van het land. Het is de hoogste tijd dat ook uitgebreide bevoegdheden inzake sociale zekerheid en - nog belangrijker - fiscale autonomie aan de deelgebieden worden toegekend’ (p. 38, p.56). ‘Niet zozeer het samenleven van twee culturen schept problemen, maar het verzoenen van twee totaal verschillende visies op de aanpak van de sociale en economische uitdagingen’. (p. 45). ‘Een aantal politici heeft naar aanleiding van de roep naar een grotere Vlaamse zelfstandigheid het idee geopperd een referendum te organiseren ... Hun vraag om een referendum is terecht’ (p. 57). ‘Dat referendum zou door het Vlaams Parlement onder de Vlamingen georganiseerd kunnen worden’ (p. 58). ‘Nog enkele jaren immobilisme ten gevolge van de onwil van de PS is de beste voedingsbodem voor het separatisme’ (p. 59). Een gezel van de premier - Patrick Dewael - kon niet onderdoen, en ook hij baande zich op een Vlaams profiel een weg naar de post van Vlaams minister-president. Ook zijn overtuiging was een boekje waard: Het Vlaams Manifest. Ruimte voor regio’s (2002). ‘De voortschrijdende internationalisering brengt een grotere behoefte aan identiteit met zich mee’ (p. 17). ‘Volgens de Vlaamse visie, die ik deel en die gebaseerd is op het jus solis, is het Belgisch institutioneel bouwwerk gefundeerd op de afbakening van de afgegrensde deelgebieden (taalgebieden, de gemeenschappen, de gewesten)’ (p. 22). ‘De Franstaligen blijven zich verzetten tegen de logische consequentie van de grondwettelijke indeling van België volgens het territorialiteitsprincipe: de splitsing van het gerechtelijk arrondissement en het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde’ (p. 24). ‘De Vlamingen zien het systeem van de faciliteiten als restrictief, uitdovend en gericht op integratie’ (p. 25). ‘Het federale België is een ingewikkeld kluwen geworden, met tal van overlappende bevoegdheden die dit goede bestuur niet ten goede komen’ (p. 47). ‘Ik meen dat het subsidiariteitsprincipe de beste waarborg biedt

voor het democratisch karakter van het bestuur. Dit beginsel houdt in dat een centraal gezag zich niet met zaken mag bemoeien die beter op een lager niveau geregeld kunnen worden’ (p. 48). ‘België moet de mogelijkheid krijgen om zijn stemmenaantal in Europa op te splitsen. Dat zou Vlaanderen en Wallonië de mogelijkheid geven om rechtstreeks deel te nemen aan de beslissingen van de Raden van ministers voor de materies die hen aanbelangen’. De zogenaamde split-vote geeft een betere invulling aan het subsidiariteitsprincipe’ (p. 54). ‘Ik meen dat de bestaande transfers de zelfredzaamheid en verantwoordelijkheid bij de ontvangers eerder belemmeren dan prikkelen’ (p. 66). ‘De deelstaten moeten de gelegenheid krijgen hun eigen beleidsvisies te ontwikkelen, inzake werkgelegenheid, loonvorming en economisch beleid, inzake gezondheidszorg en gezinsbijslagen’ (p. 67). De derde blauwe Vlaamsgezinde deed niet onder voor zijn maten. In datzelfde jaar schreef hij De toekomst is vrij (2002). Wie zijn wij om hem tegen te spreken... ‘Het jeugdsanctierecht was lang niet voor het eerst een dossier dat op een communautaire blokkade stoot. Dat gaat van investeringen in de NMBS tot de hervorming van de ambtenarij... De historische achtergronden, de gevoeligheden en de politieke cultuur liggen anders in noord en zuid. Als er dan nog verschillende politieke krachtsverhoudingen zijn, een uiteenlopende economische structuur en een andere taal, is een federale staat met twee deelstaten geen evidentie’ (p. 146). Na al die staatshervormingen blijkt het Belgische staatsbestel nog steeds niet te werken. (p. 152) ... Ik krijg steeds meer de indruk dat België geen meerwaarde meer biedt, een gevoel dat zich overigens bij de bevolking ook steeds meer doorzet’ (p. 153). ‘De ziekteverzekering moet worden geregionaliseerd ... Hetzelfde patroon kan je perfect volgen voor het werkgelegenheidsbeleid... Conflicterende beleidskeuzes kan je vermijden door er een volledig regionale bevoegdheid van te maken’ (p. 155). ‘Het huidige systeem, waarbij de Franstaligen Vlaamse plannen tot belastingverlaging of voor een andere inrichting van de fiscaliteit kunnen afremmen en soms zelfs tegenhouden, is ronduit irritant’ (p. 156). ‘Wat het meest voor de hand ligt, is dat de Brusselaars de keuze krijgen tussen de Vlaamse en het Waalse sociale model’ (blz. 156). Tot daar deze bloemlezing. Verhofstadt, Dewael, De Gucht, ze komen vandaag terug in beeld, en preken de passie. Maar blauw, blauw, blauw ... wie gelooft die mensen nog? ■ JAN VAN DE CASTEELE

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

7


TA A L

Verminderd taalbesef Nederlands over and out Vlamingen klagen over de verengelsing, maar doen er zelf aan mee. De halfgeletterde volksklasse met wankel besef van taal en erfgoed geeft haar kroost Engelse namen, veelal die van pop- en filmsterren. Vaak komen daarbij onregelmatigheden in uitspraak of spelling die eveneens een gebrek aan Nederlands taalbesef verraden. Velen denken dat de bijbelse krachtpatser Samson het met Dilailah deed.

I

n de weergave van vreemde namen worden Nederlandse vormen op grote schaal door Engelse verdrongen, bijvoorbeeld Sudan voor Soedan, Gorbachov voor Gorbatsjov. Ooit verrieden luie studenten hun onoordeelkundige ontlening aan anderstalige bronnen door binnen één tekst (oeps, “paper”) de vormen Gorbachov, Gorbatchov Gorbatschow en Gorbatsjov te gebruiken. Vandaag lezen ze geen Frans of Duits meer en wordt de eenheid van spelling hersteld door alleen nog de Engelse vorm te gebruiken. Iedereen weet dat CEO’s en managers regelmatig brainstormen over hun return on investment. Maar de verengelsing is veel verder uitgedijd dan de op de VS georiënteerde businessklasse. In New-Age-kringen is het Engels in feite gepromoveerd tot een soort gewijde taal voor allerlei diepzinnigs. Let wel, er is niets op tegen dat technische termen van een be‘Aan het ene eind heb je de brontaal voor de deskundigen, aan het andere het Nederlands voor gewone mensen, en het Engels is noch vis noch vlees, willen en niet kunnen, louter snobisme.’ paalde discipline door alle beoefenaren wereldwijd worden gebruikt. In de Japanse gevechtskunsten heeft iedereen het over sensei (meester), dan (graad) of dojo (trainingzaal), en klassieke musici spelen ook in Korea andante of glissando. Normaal dus dat zoekers aller landen een exotische term gebruiken voor hun beoefening van zen (“meditatie”, Japanse vorm van Sanskrit dhyâna, “aandacht”) of vipassana (Pali, eveneens “aandacht”). Maar dat is hier juist niét het geval. De laatstgenoemde praktijk, vipassana, wordt momenteel geadverteerd als “mindfulness”. Waarom dat Engels? Allicht heeft iemand het onderwerp voor het eerst in die taal leren kennen en was hij te inert om te vertalen, dezelfde reden waarom Vlaamse dialecten fietsonderdelen guidon en frein noemden. Een toonaangevend boek over “mindfulness” geeft ter sfeerschepping wat citaten van mystici allerhande in het Engels. De auteur redeneerde blijkbaar: in het oorspronkelijke Perzisch of Chinees zouden die onverstaanbaar zijn en in het Nederlands te banaal voor mijn fijne zinnen, maar Engels is tegelijk verstaanbaar én exotisch. Ik zou dat anders beoordelen: aan het ene eind heb je de brontaal voor de deskundigen, aan het andere het Nederlands voor gewone mensen. Het Engels is noch vis noch vlees, willen en niet kunnen, louter snobisme.

8

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

De penetratie van het Engels gaat inmiddels al veel dieper dan de woordenschat, onder meer de letterlijk vertaalde uitdrukkingen: ‘U heeft wel een punt’, ‘ik heb mijn punt gemaakt’, ‘ga ervoor’. Niets nieuws, talloze Nederlandse uitdrukkingen zijn eigenlijk Frans of Latijn, en alleszins beter “in een notendop” dan “in a nutshell”. Taaleigen Storender wordt het wanneer elementen niet gewoon aan de taal worden toegevoegd maar het bestaande taaleigen verdringen of in de war sturen. Zo lezen we in recente persberichten: ‘De steun voor dissident X neemt enkel toe als hij de mond wordt gesnoerd’, of: ‘In Saoedi-Arabië worden dieven een hand afgezet’. Dat moet zijn: ‘als hem de mond wordt gesnoerd’, en: ‘dieven wordt een hand afgezet’. Het Nederlands maakt een correct onderscheid tussen onderwerp (de mond, een hand) en datiefvoorwerp (hem, dieven); het Engels minder en minder. Snobs, niet gehinderd door zelfrespect, vlijen zich echter bij de machtigste speler neer, hier dus het Engels. Het onvermogen om de rug recht te houden tegen de Engelse vloed heeft alles te maken met een verminderd taalbesef als gevolg van neerwaartse onderwijshervormingen en van de verdringing van lees- door beeldcultuur. Dat speelt ook zonder vreemde invloeden, zie bijvoorbeeld de oprukkende vervanging van “puberteit” door “pubertijd” (met foute klemtoon), of “uitdeinen” waar men “uitdijen” bedoelt. Zie ook de Noord-Nederlandse vervaging en herschikking van de woordgeslachten: ‘De tafel, hij heeft vier poten’, of zelfs: ‘De teef, hij heeft jonkies’. Het vrouwelijk geslacht verdwijnt maar wordt wederingevoerd voor woorden die instellingen aanduiden, bijvoorbeeld: Guy Verhofstadt aanvaardde de jongste koninklijke opdracht ‘in het belang van ons land en haar inwoners’. Gewone Vlamingen voelen het woordgeslacht nog steeds aan en passen spontaan de regel toe. Maar Vlaamse snobs, onder meer op de VRT-nieuwsredactie, scharen zich aan de zijde van de machtigste partij binnen ons taalgebied, dus ruilen ze de Vlaamse correctheid voor de Hollandse slordigheid. Hollanders verwaarlozen de regels, Vlamingen lopen de Hollanders achterna (is het niet aan de Walen, dan vinden kruipgrage Vlamingen wel iemand anders om zich aan te onderwerpen), beiden ontberen de taalfierheid die nodig is om zich tegen de Engelse overmacht staande te houden. Is dat erg? Taalnormen veranderen nu eenmaal. Wat de Romeinse leraar fout aanrekende, is in het Italiaans correct. Tel daarbij dat François Mitterrand het Nederlands een stervende taal noemde. Dus daaraan hoeven we geen taalzuivering meer te besteden. Wel zorgwekkend is de mentaliteit die deze overwoekering van het Nederlands in de hand werkt. Wie voor zoiets bloedeloos als taalcorruptie geen immuniteit heeft, zal die zich tegenover ernstiger bedreigingen weerbaarder tonen? ■ KOENRAAD ELST


Buffernatie, slagveld, asfaltstrook of ... pretpark? Bij een boedelscheiding hoeven wij Manneken Pis beslist niét

H

et is altijd een grote dada van de neoliberale denktanks in onze contreien geweest: België is het “logistieke centrum van Europa”. We danken onze welvaart aan het constante gedaver van tientonners die vanuit het oosten richting Zeebrugge bollen. Of aan stoere binken die tussen Duinkerken en Rotterdam hun boterhammen opeten, liefst de voeten op het dashboard. Al bij al een oubollig waanidee dat stamt uit het tijdperk van de industriële revolutie, en helemaal niet gericht op economische renovatie.

Het idee dat België een stuk autosnelweg is tussen Frankrijk en Nederland, zit diep in het collectief bewustzijn gebakken. Het maakt deel uit van een laag zelfbeeld, gekoesterd door een natie die zich vereenzelvigd heeft met de rol van transitzone. Daaraan ligt een historische conditionering ten grondslag die ouder is dan het Belgische feit zelf: we zijn, sinds de absorptie van het machtige graafschap Vlaanderen door de Habsburgers rond 1500, door de geostrategische berekeningen van de grootmachten gedegradeerd tot restgebied en “bufferzone”. Van zowat elke Europese oorlog werden we het slagveld en bij elk vredesverdrag kwam onze intermediaire bufferstatus weer op de proppen.

“Wereldburgers” als Karel De Gucht zijn grote gangmakers van het Belgische praline-imago Ook de Belgische natie van na 1830 was, ondanks alle patriottistische retoriek, internationaal uitdrukkelijk bestemd als neutrale, intermediaire staat om het status-quo in Europa te behouden. Wanneer in 1914 het Duitse leger, op weg naar de confrontatie met erfvijand Frankrijk, de vrije doortocht door deze “neutrale” zone wordt geweigerd, ondervinden we pas aan den lijve wat het betekent om de voetveeg van Europa te

zijn. Gedurende vier jaar wordt in een uithoek van West-Vlaanderen geschoten op alles wat beweegt, waarna men in Versailles de Europese grenzen hertekent, met weeral België in de rol van ... “bufferzone”. De kwestie is nu, dat het aloude “slagveld van Europa” zijn intermediaire status in toenemende mate heeft veredeld tot dat van internationaal knooppunt en wegrestaurant. Daartoe werd - wellicht bewust - een non-identiteit gecultiveerd, die vooral draait rond de amusant-onnozele reputatie van de “surrealistische” natie waar niets werkt en waar het er ook niet toe doet, het Manneken-Pis-gehalte, de chocola en het bier. “Wereldburgers” als Karel De Gucht zijn grote gangmakers van dit Belgische praline-imago. De constante opendeurpolitiek die door deze operettenatie verder op alle vlakken wordt beoefend (een chaotisch migratiebeleid, het herbergen van allerlei internationale instellingen, de Euro-Brusselcultus ...), lijkt er wel op gericht om deze non-identiteit consequent in stand te houden. Het gevaar is reëel dat dit “Belgische complex” geruisloos wordt overgedragen op een Vlaamse emancipatiegedachte die al te veel door een naïeve neoliberale entrepreneurslogica is ingegeven. De Vlaamse Beweging is immers meer dan een taalstrijd, meer dan een economische vuist, zelfs meer dan een revanchistische contestatie van de Belgische constructie. Ze is, in de breedste zin, een poging om de intermediaire, neutrale status, waarin we door de logica van de Europese geschiedenis werden gemanoeuvreerd, te doorbreken. Dat kan alleen via het rechtzetten van historische dwalingen maar daar mag het niet bij blijven. De institutionele discussie is ondergeschikt aan de vraag wie we zijn en welke collectieve grondrechten we als zelfstandige natie willen waarborgen aan de burger. Een preconstitutionele discussie dus. En daar hoort een essentieel luik bij rond levenskwaliteit, ecologie en mobiliteit een discussie die verder gaat dan boekhouderslogica en het zelfgenoegzame

geneuzel rond ‘goed bestuur’. Willen we echt de asfaltstrook aan de Noordzee blijven? Of toch maar liever gaan voor de kweek van “stille” hersencellen in de 21ste-eeuwse kenniseconomie, die ook aandacht heeft voor cultuurkwaliteit in de non-profitsfeer? Misschien mogen we Wallonië en Brussel dat achterhaalde imago van transitzone dan wel gunnen, inclusief de bijbehorende hilarische Manneken-Pisiconen, die letterlijk een dwergmentaliteit weerspiegelen. Het leidt ten slotte ook naar de vraag rond de Nederlandse perceptie van heel het Belgische ontbindingsproces. Uit een enquête van het Hollandse gratiskrantje DAG zou blijken dat zowat 45 % van onze noorderburen een annexatie met Vlaanderen wel ziet zitten. De reden is echter tamelijk ontluisterend: Vlamingen zijn “leuk”, “gezellig”, “zachtaardig”, “niet al te snugger” en ... je kan er lekker eten. De Bourgondische aard, weet u wel. Kijk, het vooruitzicht om met onze vrienden benoorden de Moerdijk te herenigen voor het hoge frituurgehalte en een Antwerpse kathedraal waar je aan de achterzijde kan urineren, beneemt me alle lust om deze denkpiste voort te zetten. Ik wil niet scheiden van het Belgische surrealisme om de aboriginal van een soort Nederlandse Cocagne-provincie te worden. Dat leidt gegarandeerd ooit weer tot frustraties en heisa. En dat hebben we al genoeg gehad.

■ JOHAN SANCTORUM

www.visionair-belgie.be

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

9


VRIJE TRIBUNE

Niet met de rug naar elkaar gekeerd, wel met een open blik

I

In de politiek is vandaag al meteen geschiedenis. De recente ontwikkelingen in de regeringsvorming volgen elkaar dermate snel op, dat elke uitspraak hierover kan achterhaald zijn op het ogenblik dat de tekst gedrukt en wel bij de lezer op de schoot ligt. Het heeft dan ook weinig zin om in deze bijdrage in te gaan op de huidige stand van zaken. Wel willen wij uitzoomen en het geheel in ogenschouw nemen.

Het eerste wat opvalt, is het wantrouwen tussen de diverse partners. Wanneer partijen elkaar niet vertrouwen en vrezen dat de gemaakte afspraken niet zullen worden nageleefd, komt er geen akkoord. Het is het lot van elke onderhandeling. Dit is zo in handelstransacties en bij familiale geschillen. Waarom zouden politieke akkoorden hierop een uitzondering vormen? Het is dus begrijpelijk dat vanuit Franstalige hoek elk communautair akkoord met de nodige argwaan wordt bekeken. Wensten die Vlamingen in de jaren 1970 niet gewoon wat culturele autonomie om vervolgens het federalisme volop te propageren, terwijl ze vandaag - de separatisten uitgezonderd - voluit voor confederalisme gaan? Wat is de echte drijfveer van de Vlamingen? Waar ligt het eindpunt van al deze bevoegdheidsoverdrachten? Leidt stap A niet onvermijdelijk tot stap B? Het zorgt ervoor dat Franstalige politici amper nog het verschil (willen) zien tussen een confederaal België en het separatisme. Steeds luider klinkt de vraag: is er nog een gemeenschappelijk project? Het is inderdaad hoog tijd om daar duidelijkheid in te scheppen. Dat kan alleen maar door in een open dialoog van gemeenschap tot gemeenschap af te spreken wat we gezamenlijk doen en dus ook wat we beter apart kunnen regelen. Duidelijkheid ontstaat door te kiezen voor een confederaal model gebaseerd op rechtvaardigheid, verantwoordelijkheid en solidariteit. Een minimale sokkel van confederale bevoegdheden staat daarvoor garant. Het duidelijk poneren van

10

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

zo’n confederalisme kan naar de andere zijde van de taalgrens wel enig geruststellend signaal uitsturen: confederalisme is gericht op samenwerking vanuit eigenheid. Het betekent in alle geval dat er ook samen nog zaken kunnen worden geregeld. Bovenal vormt dit model het logische gevolg van onze eerdere staatshervormingen. Meer nog: er is al een grondwetsartikel dat de omvorming naar een confederatie legitimeert. Tijdens de grondwetswijziging van 1993 werd immers art. 35 ingevoegd waarbij expliciet werd bepaald dat er een nieuw artikel in titel III van de grondwet kan worden ingevoerd om de exclusieve federale bevoegdheden vast te leggen. Van dan af zullen de gemeenschappen en gewesten bevoegd zijn voor al het overige. Deze ‘residuaire bevoegdheden’ zijn cruciaal bij het totstandkomen van een confederatie. In zo’n staatsvorm spreekt men immers net af wat men wel gezamenlijk wil regelen, zodat de afspraken tot die punten beperkt blijven. Sinds voornoemde staatshervorming bleef het echter opmerkelijk stil rond deze bepaling. Buiten enkele juridisch-wetenschappelijke artikels en de proeve van Vlaamse Grondwet gebeurde er politiek zeer weinig. Enkele weken geleden nam Spirit daarom het initiatief om tot een invulling van artikel 35 te komen. In ons confederaal plan bestaat België uit twee grote deelstaten, Vlaanderen en Wallonië, een kleiner Duitstalig deelgebied en het tweetalig gebied BrusselHoofdstad. Daarbij behoudt de overkoepelende, confederale overheid nog de volgende bevoegdheden: 1. het toezicht op de gemeenschappelijke

hoofdstad Brussel en in het bijzonder de naleving van de taalwetten. 2. de confederale buitenlandse betrekkingen. 3. de landsverdediging. 4. het muntbeleid en de confederale belastingen. 5. de inkomensvervangende sociale zekerheid, zoals pensioenen en werkloosheidsuitkeringen. 6. de confederale transportassen: grote snelwegen maar ook gasbevoorrading en elektriciteitsvoorziening. 7. een aantal kleinere, praktische bevoegdheden zoals nationaliteitsverwerving en indexberekening. Het confederaal project van Spirit is geen verhaal van egoïsme of het zich afzetten tegen de ander. Het is een verhaal van samenwerking, dialoog en solidariteit. Zo kiezen wij er uitdrukkelijk voor om de financiering van de sociale zekerheid confederaal te houden en ook de bevoegdheid voor de inkomensvervangende sociale zekerheid samen in te vullen. Maar er moet ook ruimte blijven om eigen accenten te leggen. De kostencompenserende sociale zekerheid, zoals de ziektezorg, kan beter door de deelstaten worden beheerd. Zij moeten ook de ruimte krijgen om extra’s toe te voegen, waartegenover eigen bijdragen of belastingen zullen staan. Vlaanderen en Wallonië kunnen hier een voorbeeld geven van “eenheid in verscheidenheid”. De problematiek van ieder landsdeel vergt immers een eigen aanpak. De hogere werkloosheid in Wallonië enerzijds en de snellere vergrijzing in Vlaanderen anderzijds vereisen specifieke maatregelen. We herhalen dat een verdergaande staatshervorming geen sociale afbraak met zich mag meebrengen. De Vlaams-Waalse confederatie waar Spirit naar streeft, heeft alvast het voordeel van de duidelijkheid. Niet de splitsing van België is het einddoel. Niet het opzeggen van de solidariteit met Wallonië. Maar ook niet het huidig immobilisme en het vastklampen aan verouderde Belgische structuren. ■ BETTINA GEYSEN, voorzitter Spirit ■ BERT ANCIAUX, Vlaams minister

www.gemeenschapisleuk.be


Kloof gezondheidszorg blijft

Waarom hoeft gezondheidszorg nog altijd duurder te zijn in Wallonië? Recent onderzoek over de consumptie aan klinische biologie (= onderzoek afwijkingen in bloed of andere lichaamsvochten aan de hand van laboratoriumtechnieken, budget miljard euro) tijdens het eerste semester van 2007 toont aan dat de kloof Vlaanderen-Wallonië erg groot is. Bijna alle arrondissementen die veel geld uitgeven aan klinische biologie situeren zich in het zuiden van België en ook Brussel kost een pak geld. De goedkope arrondissementen zijn Vlaams. Concreet: Gent is het goedkoopst (per honderd verzekerden 1207 euro. Het nationale gemiddelde is 1474 euro. Aan Vlaamse kant zitten alleen Oostende (1487 euro) en Veurne (1511 euro) daarboven. In Franstalig België blijft alleen het arrondissement Verviers (1403 euro) onder het gemiddelde. Alle andere Franstalige arrondissementen geven meer uit. Het Riziv “start” een onderzoek. (Bron: De Huisarts, nov.)

VVB speelde haar rol

De Vlaamse Volksbeweging heeft zich lang rustig gehouden tijdens de formatiegesprekken, maar toen het nodig werd heeft ze de druk op het Kartel opgevoerd. ‘Wij zullen de partij niet laten vallen, maar dan zullen wij oneindig sterk demobiliseren naar die partij‚, zei Defoort (radio 27 nov. e.a., zie blz. 14). Hij herinnerde de partij aan haar programma en aan haar principes (Woord houden‚). ‘De vis begint te stinken’, waarschuwde Peter De Roover in De Morgen. De Vlaamse Volksbeweging riep ook CD&V op om geloofwaardig te blijven en noemde de laatste formateursnota van Yves Leterme absoluut ondermaats. Van de resoluties van het Vlaams Parlement niks gerealiseerd, de Vlaamse agenda werd bijna doorgeschoven naar een Conventie, een vergeetput zoals Guy Verhofstadt er al een paar creëerde (Costa en Forum). En op vraag van de Franstaligen en Open VLD lag een agenda voor inzake herfederalisering (meer België) Het Kartel werd overigens door de hele Vlaamse Beweging (OVV, IJzerbedevaartcomité e.a.) gewezen op de ondraaglijke lichtheid van wat voorlag. Wellicht niet zonder resultaat.

Vrijspraak Nieuwjaarswens voor Wallonië Wie over een ijzersterk geheugen beschikt, herinnert zich wellicht vaag dat we op 10 juni naar de stembus zijn getrokken. Historici kunnen uitleggen dat die twee uitslagen gaf. In Vlaanderen wonnen de partijen die meer bevoegdheden naar de deelstaten willen overhevelen. Franstalig België koos daar nadrukkelijk tegen. Al op 11 juni was het duidelijk: als de partijen een beetje vasthouden aan hun verkiezingsbeloften, dan kan er geen Belgische regering meer worden gevormd. De voorbije 176 dagen (wanneer we dit schrijven) hebben dat alleen maar bevestigd en dus staan we nog steeds nergens. De voornaamste les: Franstalig België is als de dood voor nieuwe eigen bevoegdheden. Reynders’ truuk om de impasse te doorbreken, was doorzichtig. De overwinning van zijn MR op de PS zou al een staatshervorming op zich zijn. Alsof de PS definitief zou zijn uitgeschakeld en alsof de Vlaamse zelfbestuurgedachte wortelt in ‘Voor de Franstaligen bestaat er antisocialisme. Hij vroeg er begrip één groot angstscenario: zelf de voor geen bevoegdheden te willen overhevelen naar een niveau waar eigen regio moeten besturen zijn politieke tegenstander nog zonder Vlaamse ondersteuning.’ altijd de plak zwaait. Als die redenering klopt, zou men verwachten dat de PS gedreven voorstander zou zijn van een grote staatshervorming. Maar blijkbaar heeft zelfs Di Rupo geen vertrouwen in de daadkracht van de Waalse regering, die nochtans door zijn partij wordt geleid. We leerden dat er voor de Franstaligen één groot angstscenario bestaat: zelf de eigen regio moeten besturen zonder Vlaamse ondersteuning. Franstalig België heeft geen afkeer van Vlaanderen. Het gaat er van uit niet zonder te kunnen. (Intussen vinden Franstaligen het wel een mensenrecht aan de grenzen te mogen knabbelen.) Hoe kan een regio zo wegzinken in een minderwaardigheidscomplex? Wie graag pleit voor de Belgische “solidariteit”, wekt de indruk dat de sterke regio medicijnen beschikbaar stelt aan de zwakkere. In feite vormen de transfers geen medicijnen, maar pijnstillers. Het is geweten dat langdurig gebruik van pijnstillers tot verslaving en lethargie leidt. De Belgische constructie heeft Wallonië blijkbaar elke vorm van zelfvertrouwen ontnomen. Dat gebrek aan geloof in eigen mogelijkheden maakt dat Wallonië zich vastklampt aan de meest voor de hand liggende bondgenoot: francofoon België. Waarom maakt Wallonië van de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde zo’n zaak? Waarom laat Wallonië zich leiden door politici als Milquet en Maingain, die de Belgische realiteit uitsluitend vanuit Bruxelles en de rand bekijken? En waar is ‘der oudern fierheid’ gebleven bij de PS? Wie merkt nog iets van de regionalistische stroming in die partij, ooit leidende kracht en nu vakkundig naar de marge verdreven door de erg belgicistische Di Rupo? Pas wanneer Wallonië zich bevrijdt van de Belgische francofonie, kan het zich bevrijden uit het Belgische carcan dat instaat voor nieuwe shots pijnstillers en bovendien alle kenmerken vertoont van de dealer. Een beetje Waal kan zich toch alleen maar ergeren aan de voortdurende belgicistische verwijten van fundamentele onbekwaamheid? Ik wens Wallonië voor 2008 een stevige scheut zelfvertrouwen.

■ PETER D E ROOVER

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

11


BU I T EN L A N D

EU: Hervormingsverdrag of verkapte Grondwet?

In Doorbraak van september 2005 betoogde ik dat de afwijzing van de Europese “Grondwet” door de Franse (54,7 %) en de Nederlandse (62 %) kiezer niet de crisis betekende waarin die, volgens vele politici en de eurocraten, de EU stortte, maar dat zij integendeel de Unie de kans bood haar huiswerk over te doen en te komen tot iets dat inderdaad op een grondwet gelijkt. Helaas is dit niet gebeurd.

Op 19 oktober 2007 ondertekenden de staatshoofden en regeringsleiders een tot Hervormingsverdrag omgedoopte tekst van 256 bladzijden die volgens de Ierse premier Bertie Ahern voor ruim 90 % dezelfde is als de verworpen zogenaamde grondwet. Het artikel met de symbolen van een superstaat is eruit verdwenen maar dat betekent niet veel. De titel van de Europese “Minister van Buitenlandse Zaken” is gewijzigd, maar daar blijft het ook bij. Het democratisch tekort wordt er niet kleiner op. De niet verkozen, zij

‘De verkapte grondwet dreigt van de EU voor zowat altijd de zandbak te maken waarin de uitvoerende macht zich kan uitleven zonder dat daar een democratische controle door een echt parlement tegenover staat.’ het ietwat afgeslankte Commissie die aan niemand verantwoording aflegt, blijft het enige orgaan met initiatiefrecht. Het Verdrag ademt een neoliberale visie uit waar op zich niets op tegen is, evenmin als tegen bijvoorbeeld een socialistische, maar die eventueel thuishoort in een regeringsverklaring van een vooralsnog onbestaande Europese regering doch zeker niet in iets dat in feite een verkapte EU-grondwet is. Geen referendum De Franse president heeft al verklaard geen referendum over het verdrag te zullen houden maar het door het parlement te laten goedkeuren. Toen de 12

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

Franse kiezer in 2005 de “Grondwet” verwierp verklaarden zich nochtans 93 % van de volksvertegenwoordigers voor. Over een kloof gesproken! Volgens een peiling van de Financial Times in oktober 2007 is een grote meerderheid in vijf van de grotere EUlanden voorstander van een referendum: Frankrijk 63 % en Duitsland 76 %. De meeste Britten, Italianen en Spanjaarden willen ook een referendum. Met uitzondering van Ierland, schijnen de lidstaten nochtans de confrontatie met de burger niet aan te durven en dit ondanks de gewilde ondoorzichtigheid van de tekst. Het is dan ook zo dat lidstaten tientallen vetorechten opgeven, dat het verdrag een Europese president invoert en dat het Europees Parlement iets meer bevoegdheden krijgt. Het verdrag bevat ook het Handvest van Grondrechten met een uitgebreide lijst van misplaatste goede bedoelingen en vermeende sociale rechten waarvan de interpretatie de rol van de rechters van het Europese Hof in Luxemburg als “Gouvernement des Juges” nog zal versterken. De Ierse premier vroeg zich onlangs terecht af waarom de kiezer zich in een referendum niet kan uitspreken over het Hervormingsverdrag, als het dan toch zo goed is. Jan met de pet is echt niet zo dwaas als sommige beroepspolitici hem willen afschilderen. Een “steelse” parlementaire goedkeuring van het Verdrag dreigt de Unie op termijn fataal te worden. Toch zit die er in omdat de meeste volksvertegenwoordigers uit de hand van uitvoerende macht eten in de hoop daar zelf ooit toe te behoren. Het ergste is dat de verkapte grondwet

de EU voor zowat altijd tot de zandbak maakt waarin de uitvoerende macht zich kan uitleven zonder dat daar een democratische controle door een echt parlement tegenover staat. Bij die uitvoerende macht hoort ook het enige orgaan van de EU met initiatiefrecht: de niet-verkozen Commissie, bijgestaan door vrijwel onaantastbare eurocraten die aan niemand verantwoording afleggen. Scheiding van machten? Onbestaande. Het Verdrag maakt de kleinere landen zowat de speelbal van de grotere zonder het correctief van de Amerikaanse senaat waarin elke deelstaat twee senatoren telt. Positief Enkele positieve punten zijn: een ietwat grotere rol voor het Europees Parlement op sommige gebieden en enige rol voor de nationale parlementen. De ervaring leert echter dat die weinig belangstelling hebben voor het Europese gebeuren. Nochtans legt de EU ruim 60 % van onze regelgeving op. Het blijft dus veeleer bij “borrelnootjes” om een modewoord te gebruiken. Democratische deficiëntie Het Hervormingsverdrag vermindert allesbehalve de democratische deficiëntie. Van een echte democratische controle op de uitvoerende macht is geen sprake. Uiteraard dienen vele kwesties continentaal en niet nationaal te worden opgelost, maar de EU zoals die nu reilt en zeilt, staat ver van de oorspronkelijke Europese droom. Precies wat tot de bevoegdheid van de EU zou moeten behoren blijft in wezen bij de lidstaten berusten en vooral dan bij de grotere: buitenlandse zaken, defensie, macroeconomie, milieu ... De uitbouw van de EU is een groots en moeilijk project maar de realisatie ervan gaat echt niet de goede weg op. Vlaanderen kan de EU daarvoor waarschuwen door een referendum te eisen. Professor Senelle heeft onlangs voorgesteld dat het Vlaams Parlement zich eens echt als parlement gedraagt en Vlaanderen als Belgische deelstaat uitroept. Dat zou de Vlaamse eis kracht bijzetten. ■ THEO L.R. LANSLOOT


BOEK E N

Macht Ivan De Vadder heeft in oktober heel wat VRT-zendtijd gekregen. Niet alleen omdat hij niet weg te branden was uit de coulissen van de regeringsvorming. Maar (ook) omdat hij een boek heeft geschreven. Zijn dochter leerde op de lagere school dat de koning de baas was in het belgenland. En dat was voldoende reden voor de jonge vader om in zijn pen te kruipen en Het dna van de macht te schrijven. Om nu eens uit te leggen hoe het er wérkelijk aan toe gaat. Wie hoopt een nuchtere analyse te krijgen van werking, organisatie en invloed van de macht in België, komt snel van een kale reis thuis. Wie hoopt uit de Belevenissen van een Wetstraatjournalist - zoals de ondertitel luidt - wat interessante verhalen of pittige anekdotes uit de Wetstraat te krijgen, is ook aan het verkeerde adres. Voor wie is dit boek dan bedoeld? Duidelijk niet voor de politiek doorwinterde Doorbraak-lezer. Maar misschien eerder voor dochter- of zoonlief in het secundair onderwijs, op zoek naar hapklare informatie over de

werking van de Belgische instellingen. Afgewisseld met nuttige infokadertjes met een wat meer historische invalshoek over de abortuscrisis, de laatste Franstalige premier, filibusteren, grendels, faciliteitengemeenten (waarbij die van en voor de Duitstaligen ontbreken) of Agustaproces... die het alleen maar interessanter maken voor wie niét vertrouwd is met de Wetstraat. De Vadder maakt al de cruciale fout door voorop te stellen dat hij de organen van de macht in België onder de loep wil nemen. Met een zeer leesbare analyse van monarchie, parlement, eerste minister, partijen en pers, levert hij zeker een bijdrage. Hij plaatst alle machtsinstellingen - op de pers na - in een klassiek en in inleidende cursussen tot de politieke wetenschap, vaak gebruikt beeld, namelijk rond het Warandepark in Brussel (waar De Vadder terecht ook de Vlaamse Club in de Warande plaatst, maar niét de Cercle Gaulois). Daarbij vergeet hij één zijde van het park: de Société Générale. Een instelling die in de hele geschiedenis van de Belgische politiek een niet mis te verstane vinger in

de pap had - wijlen Walter De Bock heeft er lang genoeg op gezweet. Ook lobbyisten van allerlei slag en het maatschappelijke middenveld - met mutualiteiten en vakbonden - komen niet aan bod in De Vadders caleidoscoop van de Belgische macht. Jammer. Jammer ook dat De Vadder niet eens onderzoekt in welke mate de pers - hij dus - ‘macht’ heeft. Is de pers ‘de vierde macht’? Ze maakt en kraakt toch politici? Maar de VRT-journalist maakt er zich gemakkelijk van af door te stellen dat ‘de vluchtigheid van de berichtgeving (hem) doet twijfelen aan de blijvende impact van de pers.’

Ivan De Vadder, Het dna van de macht. Belevenissen van een Wetstraatjournalist. Van Halewyck, 190 blz., € 16,00, isbn 978 90 5617 815 4.

Roeselare In 2006 was het 150 jaar geleden dat Albrecht Rodenbach - de haast mythische Vlaams-katholieke studentenleider - werd geboren. De stad Roeselare, met de steun van onder meer Roularta en - kan het anders? - het Rodenbach-bier, besteedde hier de nodige aandacht aan, onder meer met de gelegenheidsuitgave Omtrent Albrecht Rodenbach. Anders dan in 1956, toen heel katholiek Vlaamsgezind en Heelnederlands Vlaanderen storm liep voor de herdenkingen, werd Rodenbach zo goed als énkel in Roeselare herdacht.

Omtrent Rodenbach brengt een ruime variatie aan bijdragen, zoals de ondertitel zegt, haast alle van historisch-literaire inslag. In deze korte bijdrage willen we vooral de nadruk leggen op de synthetische bijdrage van prof. Lieve Gevers, die eerder al talrijke historische bijdragen schreef over de katholieke Vlaamse studentenbeweging, niet het minst in West-Vlaanderen. Ook de in VVB-kringen wel bekende Paul Cordy (‘Het ultramontaans klimaat binnen de Belgische katholieke kerk in de 19e eeuw’) en Peter van Windekens (‘Het Nachleben van Albrecht Rodenbach in de naoorlogse Vlaams-

nationale jeugd-, studenten- en militantenorganisaties: een overzicht’) verdienen aandacht. Van Windekens bewijst hier dat hij de naoorlogse geschiedenis van de radicale Vlaamse Beweging des te meer onder de knie krijgt. Ook de Leuvense VVB’er Dirk De Haes droeg een erg origineel steentje bij met ‘Enkele bedenkingen over Rodenbach van een links flamingant’.

Omtrent Albrecht Rodenbach is een mooie uitgave, met heel wat illustraties. Dat er geen register is, daar kunnen we nog mee leven (hoe jammer ook). Maar dat het boek zelfs geen inhoudstafel omvat, is wraakroepend.

In het boek wordt vaak verwezen naar het katholieke college ‘Klein Seminarie van Roeselare’ - ‘het Oxford van Vlaanderen’, volgens Gezelle - waar Rodenbach school heeft gelopen, maar evenzeer Guido Gezelle en Hugo Verriest hebben les gegeven. Dat college vierde eveneens in 2006 zijn tweehonderdjarige bestaan, wat bij Lannoo leidde tot 200 jaar dichters, denkers en

durvers. Het Klein Seminarie - waar scholieren werden opgevoed in de beste intransigente Roomse traditie wordt in de Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging maar liefst 120 keer (!) vermeld. Geen wonder dat je op haast elke pagina wel struikelt over een voorman van de (West-)Vlaamse Beweging. Brecht Vermeulen, Omtrent Albrecht Rodenbach. Historisch-literaire schetsen en essays. vzw Albrecht Rodenbach Roeselare, 216 blz., € 22 op rek. 738-0096358-59.

Johan Strobbe, 200 jaar dichters, denkers en durvers. Het Klein Seminarie van Roeselare. Biografie van een college. Lannoo, 466 blz., isbn 978 90 209 6763 0

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

13


KAMIKAZE

Conventie

Z

iedaar het nieuwe toverwoord van de Belgische politiek! En let op, het gaat niet over zomaar een conventie. Maar over een Conventie van Wijzen (met hoofdletters) nog wel. Niet te verwonderen dus, dat zelfs Albert van Laken er helemaal weg van was en meteen akkoord ging. Herman ET Van Rompuy en Armand De Dekkeir zouden er naar verluidt de geestelijke vaders van zijn. En dat geloof ik nu net niet, want daarvoor gaat er achter deze term te veel strategisch vernuft schuil. Vooral Belgisch vernuft. En daar acht ik de beide heren zelfs samen niet toe in staat.

zeer gevoelig man is, maar bovendien historicus van opleiding en dus per definitie “hypergevoelig” voor zo’n historisch geladen begrip. Hem kennende heeft vermoedelijk alleen al het vooruitzicht dat hij mee aan de wieg heeft mogen staan van een Belgische Conventie hem murw geslagen. Geef toe, dat moet toch zowat de natte droom zijn van elke historicus met ambitie. Veroordeel hem dus niet en kruip even in zijn vel en stel u voor dat gij de kans Van Rompuy en De Decker, krijgt om zoiets later aan uw kleinkinderen te bijna onherkernbaar vertellen. Reden te over om te gaan zweven en voor ge het goed en wel beseft, hebt ge de facto de idee van een Conventie (zelfs een Belgische) doorgeslikt. Ja toch? Gewoon zeer Er zijn medeplichtigen. Zoveel is duidelijk. Maar laten we eerst menselijk, maar daarom niet minder dom. de Dikke van Dale consulteren zodat u begrijpt waar ik naartoe wil. En blijf maar gerust in uw luie zetel zitten, want ik heb dat al Want wie ‘conventie’ zegt, zegt ook ‘conventioneel’. En daar laat eerder voor u gedaan. En daar lees ik onder meer dat een Van Dale geen ruimte voor twijfel en zegt woordelijk: ‘op gewoonte “conventie” eenvoudigweg een “vergadering” is, maar dan of overeenkomst berustend’ (en nu komt het), ‘voornamelijk meestal gezien als een historisch begrip, zoals bijvoorbeeld de zonder oorspronkelijk karakter en dus geesteloos’. En Nationale Conventie in Frankrijk na 1792. En dit zou mijns inziens met die woorden voor ogen, beste Bartje, wil zelfs ik de Belgische kunnen wijzen in de richting van een subtiele verleidingspoging, geschiedenis niet ingaan. En dat is toch niet zonder betekenis, opgezet om N-VA-visboer Bart De Wever over de tricolore streep zeker voor een ... te trekken. ■ K AMIKAZE

Want het Hof weet beter dan wie ook dat Bart niet alleen een

M E G A F OO N

D

e Vlaamse Volksbeweging (VVB) was de voorbije weken bij monde van kersvers voorzitter Eric Defoort en politiek secretaris Peter De Roover nadrukkelijk aanwezig in de Vlaamse radio, tv en kranten. Een overzicht. Eric Defoort was te zien op alle tvzenders en te horen op VRT-radio als woordvoerder van de Vlaamse Beweging in het algemeen en de VVB in het bijzonder toen oranjeblauw op een zucht stond van een akkoord ‘zonder vis’, dat uiteindelijk na verzet van N-VA en uiteindelijk ook CD&V werd afgeblazen. Defoort was ook te horen in De Ochtend (‘Een signaal aan Wallonië? We geven voortdurend gulle financiële signalen’, 10 nov.) met een reactie op de vraag naar nog maar eens Vlaamse toegeeflijkheid. Tribunestukken van Defoort waren er na zijn verkiezing als VVB-voorzitter in De Standaard (‘Voor onafhankelijkheid en samenwerking’, 19 nov.), in De Morgen (‘Vlaamse Beweging waarschuwt zelf voor radicalisering’, 7 nov.) en in Gazet van Antwerpen (‘Belgen zijn chaos 14

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

VVB weer mee gewoon’, 2 nov.). Een uitgebreid interview verscheen onder de titel ‘Wetstraat 16” is verkrot verhaal!’ in ‘t Pallieterke (21nov.). Peter De Roover schreef ‘Na (of voor?) de crash’ (DS, 3 dec.), ‘De vis begint te stinken’ (DM, 23 nov.), ‘Liefde is… elkaar vrijheid gunnen’ (DM, 21 nov.), een oproep om deel te nemen aan de knuffelactie van (vooral Franstalige) studenten in Leuven. Dit “gebaar” kreeg weerklank in zowat alle Vlaamse kranten. De Roover kwam ook in interviews aan bod (DM, 9 nov.) en op Belga TV, Kanaal Z en de Deense televisie. We verwijzen voorts naar opiniestukken van en interviews met Doorbraakmedewerker Bart Maddens: ‘Noodregering of paars plan B’ (DM, 4 dec.), ‘Gebrek aan eerbied’ over de raad van wijzen (HN, 17 nov.), ‘De koning is meer splijtzwam dan bindteken’ (DM, 13 nov.), ‘The empire strikes back’ (DM, 9 nov.) en ‘Franstaligen mikken op tripartite’ (over verborgen agenda om Didier Reynders tot premier te benoemen) in De Tijd, van8 november. Maddens wordt de jongste tijd ook almaar vaker gevraagd als politiek commentator voor radio en tv.

Doorbraak-medewerker Matthias Storme was te horen in Feyten of Fillet (Radio 1) (opnieuw te beluisteren op http://od.mp3.streampower.be/vrt/ radio1/11_11fefi-med.mp3) en maakte in het opiniestuk ‘Dewaels bedrieglijke vergelijking’ brandhout van Dewaels pleidooi voor samenvallende verkiezingen (DS, 6 nov.). Ten slotte was er ook aandacht voor lokale VVB-initiatieven. Dat was onder meer het geval in ‘Mogelijkheid Vlaams ziekenhuis onderzocht’ (VVB Brussel in HN/HV, 23 nov. ), voor acties in de faciliteitengemeenten (‘Gemeenteraad Wemmel vraagt benoeming Franstalige burgemeesters’, HLN, 17 nov.), vlaggenacties in Limburg (DM, 5 nov.), en de processen rond BHVdienstweigeraars (alle Corelio-kranten, 3 nov.). De meeste opiniestukken en interviews zijn te raadplegen in de rubrieken Actueel en Kort op de VVB-webstek www.vvb.org ■ JVDC


T Colofon

Energiebesparing Milieutechnologie: afvalverbranding, deNOx. Explosieve gasmengels: verwerking in overeenstemming met ATEX. Gespecialiseerd studiewerk en sleutel-op-de-deur levering Mallekotstraat 65, 2500 Lier Tel.: +(03) 491 98 78 – Fax: +(03) 491 98 77 E-mail: info@euro-pem.com

Doorbraak is een uitgave van de Vlaamse Volksbeweging vzw. ■ Verschijnt maandelijks (niet in augustus). ■ Doorbraak is lid van de Unie van de Uitgevers van de Periodieke Pers. ■ H OOFDREDAC TEUR : Jan Van de Casteele ■ K ERNREDAC TIE : Karl Drabbe, Dirk Laeremans, Peter De Roover ■ M EDE WERKERS : Jacques Claes, Frans Crols, Katleen Van den Heuvel, Bart Maddens, Guido Naets, Marc Platel, Dirk Rochtus, Matthias E. Storme ■ R E D A C T I E - A D R E S : P a s s e n d a l e s t r a a t 1 A , 2 6 0 0 B e r c h e m . Te l 0 3 3 6 6 1 8 5 0 – Fax 03 366 60 45 ■ redactie@doorbraak.org ■ www.doorbraak.org – abonnementen: secretariaat@doorbraak.org ■ A BONNE MEN T : € 18 voor een abonnement van 12 maanden (buitenland: € 30) ■ STUDENTENABONNEMENT: € 10 voor een abonnement van 12 maanden, met opgave van leeftijd en onderwijsinstelling ■ I NTERNE TABONNE MENT : € 10 voor 12 maand toezending van Doorbraak (pdf-bestanden) via internet. Het (studenten)abonnement geeft recht op een gratis internet-abonnement. ■ Abonnering door storting op rekening 736-0012719-76 van VVB Doorbraak, Passendalestraat 1A, 2600 Berchem met vermelding van het type abonnement. ■ Doorbraak wordt ook gratis toegestuurd – met ledenblad Binnendoor – naar de leden van de Vlaamse Volksbeweging vzw (VVB). U kunt ook lid worden van de VVB door overschrijving van € 18 op rekening 409-9521741-71 van VVB-leden-administratie. ■ Betaling van het abonnementsgeld vanuit het buitenland: gebruik IBAN BE91 7360 0127 1976 en BIC KREDBEBB ■ VERANTWOORDELIJKE UITGEVER: Pieter Bauwens, Passendalestraat 1a 2600 Berchem ■ ISSN 00125474

januari 2008 nr. 1

Doorbraak

15


16

Doorbraak

nr. 1 januari 2008

2008_01_doorbraak  

Afgiftekantoor Antwerpen X P508831 Passendalestraat 1A 2600 Berchem redactie@doorbraak.org Wie zich verkneukelde in de aftocht van Leterme j...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you