Issuu on Google+

Vlaamse Liga Paardensport

LUIK III

BELEIDSPLAN 2013-2016 MEDISCH EN ETHISCH VERANTWOORD SPORTEN


INHOUDSTAFEL Inhoudstafel

2

Colofon

2

LUIK III Medisch Verantwoord Sporten (MVS)

5

Ethisch Verantwoord Sporten (EVS)

13

Aanspreekpunt federatie

13

Situatieschets en visie over ethisch verantwoord sporten

13

Keuze thema en richtsnoeren

16

Uitwerking

16

COLOFON Vlaamse Liga Paardensport vzw Klossestraat 64 – 9052 Zwijnaarde T 09 245 70 11 – F 09 245 70 11 info@vlp.be www.vlp.be

2 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II

Vormgeving Caroline Op de Beeck

Foto’s Dirk Caremans/P-websolutions/ VLP/Jean Hendrix/Arjen van der Spek/Jan Deprez/Julie Lauwers


Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik II 3


4 Beleidskader Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik II


LUIK III 7. MEDISCH VERANTWOORD SPORTEN I.

De verplichtingen van de sportfederatie inzake de medisch verantwoorde sportbeoefening voor de sporter A. Het waarborgen van de medisch verantwoorde sportbeoefening voor de sporter

1.

Sportmedische geschiktheidcriteria • Aan welke absolute en relatieve sportmedische geschiktheidscriteria moeten de sporters beantwoorden? Geen • Welke criteria sluiten deelname aan de sporttak uit? Geen • Welke zijn de zware tegenindicaties? Niet van toepassing

ligt het accent vooral op het omgaan met de pony en minder op het rijtechnische.  Deelnemers aan een VLP erkend sportkamp moeten in het jaar van deelname de leeftijd van 6 jaar hebben bereikt. 5. Minimumnormen inzake medische, paramedische en psychologische begeleiding

2.

Sportmedische keuring • Wat zijn de inhoud en de frequentie van de sportmedische keuring? Niet van toepassing

• Welke minimumnormen inzake medische, paramedische en psychologische begeleiding zijn van toepassing? Dit is afhankelijk van de discipline. Voor de nationale eventingwedstrijden is een EHBO-post met minstens 1 ziekenwagen verplicht tijdens de cross. Voor de andere disciplines wordt een hulppost voorzien of een medisch verantwoordelijke. • Welke zijn de minimale opleidingsvoorwaarden waaraan sporters moeten voldoen om te mogen deelnemen aan sportmanifestaties?

3.

Preventieve gezondheidscontrole • Wat zijn de inhoud en de frequentie van de preventieve gezondheidscontrole waar sporters moeten aan voldoen voor de deelname aan sportmanifestaties? Geen • Welke gezondheidsparameters worden gehanteerd en wanneer worden ze als afwijkend beschouwd? Niet van toepassing

Er wordt een instapdrempel voorzien: - Jumping: B- brevet - Eventing: B- brevet - Dressuur: praktijk en theorie van B- brevet - Mennen: B- menbrevet - Reining: A- brevet western rijden - Horse-ball: A- brevet - Endurance: A- brevet - Voltige: geen brevet nodig - Para-equestrian: geen brevet nodig

4.

Leeftijdsgrenzen vastleggen • Welke leeftijdsgrenzen zijn van toepassing?  Pony’s: vanaf het jaar de leeftijd van 8 jaar wordt bereikt tot het einde van het jaar ze 16 geworden zijn.  Scholier: vanaf het jaar dat de leeftijd van 10 jaar wordt bereikt tot het einde van het jaar ze 14 jaar geworden zijn.  Junior: vanaf het jaar dat de leeftijd van 14 jaar wordt bereikt tot het einde van het jaar ze 18 jaar geworden zijn.  Young Rider: vanaf het jaar dat de leeftijd van 16 jaar wordt bereikt tot het einde van het jaar ze 21 jaar geworden zijn.  Senior: vanaf het jaar dat de leeftijd van 18 jaar wordt bereikt  Veteraan: vanaf het jaar de leeftijd van 40 jaar wordt bereikt voor de vrouwen en 45 jaar voor de mannen  Dit zijn de leeftijdscategorieën voor officiële wedstrijden.  In de clubwerking worden ook activiteiten uitgewerkt voor kleuters nl. ponygewenning. Hier

Opgelet! Het brevet hangt vast aan de discipline. Wie verandert van discipline moet dus ook van brevet veranderen.  Sportbeoefenaars die een nieuwe licentie aanvragen, dienen in het bezit te zijn van een brevet, dat afhankelijk is van de gevraagde licentie en leeftijd.  Alle sportbeoefenaars die in het verleden een brevet hebben behaald, gekoppeld aan hun leeftijd en licentie, dienen bij een hernieuwing geen volgend brevet (indien van toepassing) meer voor te leggen. • Aan welke kwalificaties moeten de opleiders voldoen? Minimaal een initiatorniveau wordt ten zeerste aangeraden. Is geen verplichting. Uiteraard wordt verwacht dat de opleiders, indien ze over geen diploma beschikken, de nodige sporttechnische kennis bezitten. • Wat is de minimale inhoud van de opleidingsprogramma’s?

Beleidsplan 2013 ▪- Luik 2016II 141 Beleidsplan 2013 - 2016 5


EINDTERMEN KLASSIEK RUITERBREVET A Toelatingsvoorwaarde voor dit niveau: minstens 11 jaar zijn (kalenderjaar). Theorie De ruiter kent: - De belangrijkste uitwendige delen van het paard; - De gangmaten van het paard; - Verschillende hoefslagfiguren; - De hulpgeving voor het rijden met contact; - De hulpgeving voor het aanrijden in stap; - De hulpgeving voor het maken van overgangen; - De hulpgeving voor de overgang van stap naar draf en terug; - De hulpgeving voor de overgang van draf naar galop en terug; - De hulpgeving voor de overgang van stap naar halthouden. De ruiter kent de verkeersreglementen en voorschriften i.v.m. ruiter en verkeer, optoming van het paard en uitrusting van de ruiter. Hij kent ook de voorschriften voor een respectvol gedrag in en tegenover de natuur. De ruiter is bekwaam om, al dan niet onder begeleiding (naargelang de leeftijd) op een veilige manier een buitenrit te maken.

6 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II

Praktijk De ruiter haalt zelfstandig een paard, bindt het vast en poetst het. De ruiter rijdt te paard en kan volgende opdrachten in een kleine groep behoorlijk uitvoeren: - Enkele hoefslagfiguren rijden in stap en draf; - Lichtrijden (op het buitenbeen); - In een wending aangalopperen; - Een overgang maken van galop achtereenvolgens naar de draf, de stap en halthouden; - Verlichte zit in draf; - Drie sprongen over 2 hindernissen (rechte en oxer met grondbalken) van minimaal 60 cm – maximaal 70 cm hoogte: o Een rechte vanuit draf o Twee sprongen in galop o Voor de ponyruiter gelden aangepaste afstanden en hoogtes, afhankelijk van de stokmaat van de pony. De ruiter stoort het paard zo weinig mogelijk in de rug en mond. De ruiter zadelt en toomt zelfstandig het paard af en doet de naverzorging. Het jurylid mag dit controleren.


EINDTERMEN MENBREVET A Toelatingsvoorwaarde voor dit niveau: minstens 16 jaar zijn (kalenderjaar) Theorie De menner kent: - Alle doelstellingen met betrekking tot enkelspan. Deze doelstellingen zijn terug te vinden in het menbrevettenboek. Praktijk De menner: - Draagt kledij die passend is bij het rijtuig; - Gebruikt tuig, rijtuig en materialen die veilig en aangepast zijn aan het paard aan (met hulp van groom) in de juiste volgorde: - Kan de aanspanning tijdens een rit in het verkeer onder controle houden; - Geeft duidelijke verkeerstekens, anticipeert goed op het overige verkeer en houdt zich aan de verkeersreglementen; - Heeft een diervriendelijke omgang en gebruik van paard of pony.

EINDTERMEN WESTERNBREVET A Toelatingsvoorwaarde voor dit niveau: minstens 11 jaar zijn (kalenderjaar). Theorie De theorie is de inhoud van het brevettenboek western rijden A-brevet. De ruiter kent: - De geschiedenis van de Amerikaanse Rijkunst; - Hippologie; - Wetgeving bij het buiten rijden; - Verzorging, uitrusting en onderhoud; - Afspraken en beleefdheid bij het paardrijden. Praktijk De praktijk bestaat uit 4 proeven, namelijk een ‘Showmanshipproef’ (leiden aan de hand), gevolgd door een ‘Trailproef’, vervolgens een ‘Horsemanshipproef’ en uiteindelijk een ‘Pleasureproef’. De ruiter beheerst: -

Het leiden van een paard; Het op- en afzadelen; Het op- en afstijgen; De zit van de western ruiter;

- De hulpen; - De gangen van het western paard; - De stap of “walk”;

- Het halt houden of de “whoa”; - De draf of “jog”; - Het aanspringen in galop of “lope”; - De “back up” of het achterwaarts gaan; - Cavalettiwerk; - De sprong met een western zadel; - De trailhindernissen.

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II 7


EINDTERMEN KLASSIEK RUITERBREVET B Toelatingsvoorwaarden voor dit niveau: in het bezit zijn van een ruiterbrevet A en minstens 12 jaar zijn (kalenderjaar). Theorie De ruiter kent: - De belangrijkste inwendige delen van het paard; - Het belang van de zintuigen van het paard; - Bijkomende onderdelen in de uitrusting van een paard; - De hoefslagfiguren; - De verschillende onderdelen van een sprong; - Verschillende hindernissen; - De belangrijkste reglementeringsbepalingen van een barema A; - De hulpgeving voor het in de hand stellen van een paard; - De hulpgeving voor het aanspringen in galop; - De hulpgeving voor het springen; - Het bandageren; - De hoefverzorging; - Het toiletteren. Praktijk De ruiter rijdt individueel op een behoorlijke wijze (minstens 50% als globale beoordeling) de opgelegde dressuurproef. De ruiter springt in een behoorlijke stijl, uit de rug van en uit de mond, een parcours van 4 hindernissen (5 sprongen), waarvan de hoogte minimaal 80cm en maximaal 90 cm – de breedte is maximaal 90 cm. Voor de ponyruiter gelden aangepaste afstanden en hoogtes, afhankelijk van de stokmaat van de pony.

Opmerking: Wedstrijdruiters vanaf 7 jaar en jonger dan 11 jaar dienen in het bezit te zijn van een bekwaamheidsattest om hun licentie te kunnen aanvragen bij VLP. Het attest bestaat uit de praktijk van het ruiterbrevet A waarbij men op beide onderdelen minstens 50% moet halen. Indien men niet geslaagd is, kan een vrijstelling alleen voor het onderdeel waar minstens 50% op behaald werd, indien in totaal meer dan 50% werd behaald. De ruiters ontvangen van het jurylid, op de dag van het examen, het formulier BEKWAAMHEIDSATTEST, bevestiging van de resultaten. Indien de ruiter later zijn ruiterbrevet A wil behalen, dient enkel de theorie nog te worden afgelegd.

EINDTERMEN MENBREVET B Toelatingsvoorwaarden voor dit niveau: minstens 16 jaar zijn (kalenderjaar) en in het bezit van het menbrevet A. Theorie De menner kent: - Alle doelstellingen met betrekking tot dubbelspan. Deze doelstellingen zijn terug te vinden in het menbrevettenboek. Praktijk De menner: - Draagt kledij die passend is bij het rijtuig; - Gebruikt tuig, rijtuig en materialen die veilig en aangepast zijn aan het (de) paard(en) en de

goed op het overige verkeer en houdt zich aan de verkeersreglementen. - Heeft een diervriendelijke omgang en gebruik van

geldende verkeerswetgeving; - Doet de voorbereidingen voor de rit;

paard(en) en pony(s); - Rijdt op een behoorlijke wijze een eenvoudige

- Tuigt het (de) paard(en) zelfstandig op in de juiste volgorde en spant het (de) paard(en) aan (met hulp van groom) in de juiste volgorde;

dressuurproef en behaalt minimaal 50%; - Rijdt op een behoorlijke wijze een eenvoudige vaardigheidsproef binnen toegestane tijd met een

- Geeft duidelijke verkeerstekens, anticipeert

maximum van 4 fouten.

8 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II


EINDTERMEN WESTERNBREVET B Toelatingsvoorwaarde voor dit niveau: minstens 12 jaar zijn (kalenderjaar) Theorie De theorie is de inhoud van het brevettenboek western rijden B-brevet. De ruiter kent: - Hippologie; - Verzorging, uitrusting en onderhoud (wedstrijd); - Gezondheid van het paard. Praktijk De praktijk bestaat uit 4 proeven, namelijk een ‘Showmanshipproef’ (leiden aan de hand), gevolgd door een ‘Reiningproef’, vervolgens een ‘Trailproef’ en uiteindelijk een ‘Pleasureproef’. De ruiter beheerst: - De beenhulpen; - Wijken voor druk: de 5 ‘checkpoints’; - De nageeflijkheid en verzameling; - De gewichtshulpen; - De teugelhulpen; - De galopwissels; - De “rollback” of keertwending over de achterhand; - De “spin”; - Wijken voor de kuit of “leg yield”; - Speed control; - De “back up” of het achterwaarts gaan; - De “sliding stop”; - De trailhindernissen.

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II 9


A. B.

Initiatieven en maatregelen om sportletsels, fysieke en

psychische overbelasting en dopingpraktijken te voorkomen en te bestrijden

D. Rapporteren over de maatregelen om medisch verantwoorde sportbeoefening te bevorderen 1.

1. Welke kadervorming inzake medisch verantwoorde sportbeoefening wordt uitgewerkt en gevolgd? Tijdens de opleidingen van de VTS worden dit thema afhankelijk van het niveau initiator, instructeur B, trainer B of trainer A in meer of mindere mate besproken. 2.

Welke informatie- en vormingsactiviteiten worden

georganiseerd? De VLP geeft infosessies rond bepaalde onderwerpen in het kader van het talentenplan. Onze sport heeft twee atleten en er wordt ook veel overleg gepleegd met de dierenartsen op welke manier de (top)paarden optimaal begeleidt kunnen

ingen geven concrete vorm en inhoud aan de verplichtingen van de sportvereniging op het vlak van medisch verantwoorde sportbeoefening? De statuten, het algemeen en huishoudelijk reglement en de sportieve reglementen. 2. Hoe evalueert u de initiatieven inzake medisch verantwoorde sportbeoefening? Inventarisatie van de ongevallen en dopinggevallen. 3.

worden wat betreft de veiligheidsaspecten. De ervaren lesgever moet ook steeds attent blijven gemaakt worden op de gevaren.

3. Welke statutaire reglementaire bepalingen worden uitgevaardigd ter voorkoming van sportletsels, overbelasting en dopingpraktijken? De sportieve reglementen zijn zodanig opgesteld dat een medisch verantwoorde sportbeoefening gegarandeerd wordt. Bijvoorbeeld de verplichte body-protector bij eventing en de ruiterhelm bij de verschillende disciplines. Het algemeen reglement verbiedt het gebruik van verboden middelen, zowel bij de sporters als bij de paarden/pony’s.

C. Samenwerking met de regering of met een overkoepelend orgaan van sportverenigingen

Wat zijn de leemten en de prioritaire behoeften? De leemten:  De beginnende lesgever moet heel gericht begeleid

worden. Dit is telkens persoonlijke begeleiding.

4. Hoe worden de aangesloten sporters in kennis gesteld van de statutaire, reglementaire of contractuele bepalingen inzake de bestrijding van dopingpraktijken in het bijzonder? Via de verschillende interne mediakanalen.

Welke statutaire, reglementaire en contractuele bepal-

 De competitieve sportbeoefenaar moet goed geïnformeerd worden over welke middelen mogen ingenomen worden of toegediend worden aan het paard/pony. Prioritaire behoeften:  acties rond veiligheid op clubniveau voor lesgevers/ clubbestuurder  acties rond informatie verboden middelen sportbeoefenaar/paard gericht naar de competitieve sportbeoefenaar

E. Mededeling van geplande sportmanifestaties, verblijfsgegevens en dopingcontroles buiten wedstrijdverband

Via de verschillende interne mediakanalen.

1. Welke werkwijze wordt gevolgd om de administratie op voorhand op de hoogte te brengen van alle geplande sportmanifestaties, georganiseerde voorbereidingen en van elke wijziging in die planning?

2.

doorgegeven aan de desbetreffende administratie.

1. Hoe worden de leden geïnformeerd over acties van de regering of andere instanties op het vlak van medisch verantwoorde sportbeoefening?

Hoe wordt gevolg gegevens aan de beslissingen en

aanbevelingen om sportletsels, overbelasting en dopingpraktijken te voorkomen en te bestrijden? Deze worden kenbaar gemaakt via de verschillende interne mediakanalen en opgevolgd door de administratie. Daar wij te maken hebben met twee atleten zijn heel wat zaken niet van toepassing op de sporter maar moet dit vertaald worden naar het paard/pony.

10 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II

De wedstrijdkalender en eventuele aanpassingen worden

2.

Welke werkwijze wordt gevolgd om de gegevens over

de elitesporters aan de administratie te bezorgen? Via ADAMS. F.

Disciplinaire maatregelen tegen sporters

1. Op welke manier wordt de verplichting nagekomen om specifieke disciplinaire maatregelen te doen naleven? Via de disciplinaire commissie of via minnelijke schikking.


I.

Contactpersonen van de federatie A. Algemeen aanspreekpunt voor MVS B. C.

D.

Evi Vereecke Aanspreekpunt voor de lijst van elitesporters Evi Vereecke Aanspreekpunt voor de interne tuchtregeling inzake dopingpraktijken Evi Vereecke Contactgegevens van de internationale federatie Fédération Equestre Internationale HM King Hussein I Building Cheming de la Joliette 8 1006 Lausanne Zwitserland www.fei.org

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik II 11


12 Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik III


LUIK III

ETHISCH VERANTWOORD SPORTEN (EVS) 8.1

Aanspreekpunt federatie Verantwoordelijke EVS:

Karen de Clercq

Functie: E-mailadres:

Coördinator recreatie/opleiding karen@vlp.be

8.2. Situatieschets en visie over ethisch verantwoord sporten 8.2.1.

Huidige situatie

In de periode voor 2011 heeft VLP enkele acties ondernomen om op een ethisch verantwoorde manier om te gaan met mens en dier in de sportclub. Deze waren eerder beperkt en voornamelijk gericht naar clubbestuurders. VLP was er zich van bewust dat ze meer doelgroepen moest aanspreken zodat deze boodschap in het ruime paardensportlandschap verspreid zou worden. De afgelopen 2 jaren heeft VLP dan ook het paard voor de kar gespannen om verschillende initiatieven te lanceren. Het hoogtepunt was de start van de campagne ‘Ik maak het verschil!’ in mei 2011. Sportbeoefenaars, lesgevers, ouders, clubbestuurders, sympathisanten, officials… Zoveel mogelijk doelgroepen werden betrokken bij deze promotiecampagne. Dit niet alleen binnen de clubs, maar ook in de VLP-sportkampen, tijdens wedstrijden en in algemene communicatie naar de buitenwereld werd ethiek in de kijker geplaatst. Samen met de lancering van dit project, tekenden ruim 40 VLP-clubs de Panathlonverklaring. De doelgroepen werden voornamelijk geconfronteerd met het thema ethiek in de sport en daarnaast werd kennis bijgebracht. De clubs werden en worden nog steeds aangespoord om ethiek in hun werking te integreren en uit te bouwen. VLP bezorgde de geïnteresseerde clubs promotiemateriaal en ook de lesgevers werden ‘ingekleed’ zodat de clubleden echt konden waarnemen dat hun club werkte aan ethiek. Dit wordt vandaag nog steeds door veel clubs verder gezet. Bij het begin van 2012 ontving iedere club, commissielid en bestuurslid een herinnering aan de hand van een EVS-kalender. Met de duidelijke vermelding om deze een centrale plaats te geven in hun club. Op deze manier werden alle doelgroepen nogmaals geconfronteerd met het thema. Daarnaast wou VLP ook een duidelijk signaal geven dat ethiek 12 maanden van het jaar doorheen de VLP- en clubwerking loopt. Later in 2012 werd aan de clubs, die reeds ingetekend hebben, gevraagd om een actieplan op te stellen om aan te tonen aan VLP op welke manier de club zich inzet als een ethisch verantwoorde sportclub. VLP is er van overtuigd dat er nog heel wat werkpunten zijn maar kijkt tevreden terug naar het afgelopen jaar waar EVS

toch een duidelijk gezicht heeft gekregen. Wanneer lesgevers belang hechten aan het T-shirt met “Ik maak het verschil” dan wijst het er toch op dat het thema leeft. Toch beseffen we dat we niet alle leden, clubs, lesgevers… bereiken met onze campagne. Hier ligt nog een grote uitdaging… De commissie clubwerking (die bevoegd is met het thema ethiek), blijft EVS op de agenda plaatsen. In 2012 worden clubs die werken aan ethiek in hun sportclub, in de kijker geplaatst. Hiermee hoopt VLP meer clubs aan te trekken die mee wensen te stappen in het project EVS. De lesgevers uit alle VLP clubs zullen een nieuwe brochure ontvangen, zodat we een grotere pool lesgever bereiken. De competitieve sportbeoefenaars werden begin dit jaar ook aangesproken met een “gedragscode in de paddock” (dressuur of jumping). VLP wil op deze manier de competitieve sportbeoefenaars herinneren aan bepaalde ethische regels van de paardensport. Voor ouders van sporters komt er in het najaar 2012 een brochure “Help, mijn kind rijdt paard” waar het thema ethiek ook opgenomen zal worden. Officials zullen ook dit jaar tijdens bijscholingen en recyclages herinnerd worden aan het belang van ethiek en hoe hun reglement hiertoe kan bijdragen. VLP heeft ook de nadruk gelegd op een “zesde thema” dat in de paardensport belangrijk is, namelijk ‘dierenwelzijn’. Paardensport is steeds een samenwerking tussen mens en dier, waardoor wij naar onze doelgroepen ook dit thema gecommuniceerd hebben. Voor VLP is het namelijk belangrijk dat sportbeoefenaars, verzorgers, clubverantwoordelijken… de dieren behandelen op een dusdanige manier dat de dieren geen opzettelijke schade wordt toegebracht. Chipcontroles, dopingcontroles, aanwezigheid van dierenartsen op wedstrijden… dit zijn voorbeelden van hoe VLP er op toeziet dat het welzijn van het paard centraal staat. Dierenwelzijn loopt als een rode draad door onze werking.

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III 13


VISIE 8.2.2.

Visie

Met de komst van het nieuwe beleidsplan, wil VLP opnieuw hard inzetten om EVS steeds meer te integreren in haar werking en deze van haar clubs. De keuze van VLP om fysieke en psychische integriteit van het individu te opteren als nieuwe richtsnoer voor de komende beleidsperiode komt er omdat VLP rond dit thema nog weinig heeft gewerkt. Pestgedrag tussen sportbeoefenaars, het gedrag van lesgevers tegenover kinderen, de aan/afwezigheid van vertrouwenspersonen… het zijn zaken waar VLP nog geen concrete acties voor heeft uitgebouwd. Maar VLP is zicht daarentegen wel heel erg bewust van deze problematiek en zeker ook in sportclubs en in relaties tussen lesgever en sportbeoefenaar. VLP organiseert heel wat sportkampen en ook voor deze doelgroep zal er extra aandacht zijn. VLP is er zich van bewust dat pestgedrag wel degelijk voorkomt in de paardensport. Is het niet tussen recreatieve sportbeoefenaars in clubs (bv. door het al dan niet hebben van een eigen paard), dan komt het zeker ook voor bij de competitieve sportbeoefening. Ook het positieve en enthousiaste gedrag, van lesgevers tegenover jonge sporters, stimuleren, is een actiepunt voor VLP. De lesgever is een zeer belangrijke schakel is het aanleerproces bij kinderen en jongeren. Jammer genoeg merken we dat niet iedereen even enthousiast en kindvriendelijk te werk gaat. Hier ligt oa. een prioriteit voor VLP. VLP wil in de toekomst ook werken aan een labeling voor onze clubs (wordt overkoepelend georganiseerd oa. door Vlaams Paardenloket). Momenteel draagt iedere club hetzelfde statuut, maar we merken veel onderlinge verschillen tussen onze sportclubs. Dit zowel op gebied van ethiek, maar ook op gebied van opleidingen, accommodatie, engagement… Momenteel neemt VLP deel aan de gesprekken op welke manier een labelsysteem zou kunnen uitgewerkt worden. Er zijn een aantal criteria die voor VLP zeker moeten opgenomen worden oa. ethiek in de sportclub. VLP wil haar clubs op deze manier aansporen om meer werk te maken van ethisch verantwoord sporten in de club, meer lesgevers een officieel diploma laten behalen, meer clubbestuurders en lesgevers/trainers te laten bijscholen, de sportbeoefenaars een betere opleiding bieden…

14 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III


Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik III 15


8.3.

Keuze thema en richtsnoeren

8.3.1. Thema 1 Fysieke en psychische integriteit van het individu. 8.3.2. Richtsnoer 1 De VLP levert inspanningen om de persoonlijke integriteit van haar leden te beschermen en stimuleert het integere handelen van haar begeleiders en bestuurders. 8.3.3. Richtsnoer 2 De VLP beseft dat sport negatieve effecten kan genereren en neemt (structurele) preventieve en curatieve maatregelen om haar leden en belanghebbenden te beschermen. 8.4.

Uitwerking

8.4.1.

Thema 1

8.4.1.1. Richtsnoer 1 De VLP levert inspanningen om de persoonlijke integriteit van haar leden te beschermen en stimuleert het integere handelen van haar begeleiders en bestuurders. •

DOELSTELLING

De VLP wil pestgedrag, seksueel grensoverschrijdend gedrag, negatieve communicatie van lesgevers en andere gedragingen met negatieve gevolgen voor haar leden bespreekbaar maken binnen haar clubs. VLP wil hiervoor acties ondernemen om deze negatieve gedragingen, bij verschillende doelgroepen, te minimaliseren en uit te sluiten.

ACTIES Actie 1: De VLP verstrekt informatie aan haar leden, aangaande de fysieke en psychische integriteit van het individu. Timing: (opgedeeld per doelgroep) Recreatieve sportbeoefenaars: mei/juni 2013 Competitieve sportbeoefenaars: maart/april 2013 Lesgevers/Trainers: mei/juni 2013 Officials: maart/april 2013 Clubverantwoordelijken: februari/maart 2013 Ouders: mei/juni 2013 Te verwachten resultaat: VLP wil dat al haar leden (sportbeoefenaars, lesgevers, officials, clubverantwoordelijken, ouders en sympathisanten) op de hoogte zijn van wat de ‘fysieke en psychische integriteit van het individu’ inhoudt. Actie 2: De VLP zal haar website www.ikmaakhetverschil.be aanpassen aan het nieuwe thema. Timing: Voorjaar 2013 Te verwachten resultaat: De website www.ikmaakhetverschil.be wordt in een nieuw kleedje gestoken. Actie 3: VLP voorziet promotiemateriaal voor haar clubs om fysieke en psychische integriteit in de clubs te benadrukken. Timing: Najaar 2013 Te verwachten resultaat: Het thema van EVS zal zichtbaar bekend gemaakt worden aan verschillende doelgroepen (sportbeoefenaars, ouders, lesgevers, clubverantwoordelijken, sympathisanten). Actie 4: VLP organiseert een wedstrijd over Ethisch Verantwoord Sporten binnen het kader van de integriteit van het individu. Timing: Voorjaar 2014 Te verwachten resultaat: Minstens 500 sportbeoefenaars en 50 clubs nemen deel aan de wedstrijd.

16 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III


COMMUNICATIE

Doelgroep

Communicatiekanaal

Timing

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be),

Communicatie via digitale weg: op regelmatige tijdstippen.

nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, promotiemateriaal, Facebook

Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal: timing afhankelijk van de bijhorende actie.

Websites (algemene website van

Communicatie via digitale weg: op regelmatige

VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches,

tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal:

Facebook, reglementen VLP.

timing afhankelijk van de bijhorende actie.

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches,

Communicatie via digitale weg: op regelmatige tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal:

promotiemateriaal, Facebook.

timing afhankelijk van de bijhorende actie.

Websites (algemene website van VLP en

Communicatie via digitale weg: op regelmatige

www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, promotiemateriaal, Facebook, lesgeversbrochure.

tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal: timing afhankelijk van de bijhorende actie.

Ouders

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, affiches, promotiemateriaal, Facebook.

Communicatie via digitale weg: op regelmatige tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal: timing afhankelijk van de bijhorende actie.

Officials

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, promotiemateriaal, Facebook, bijscholingen en/of recyclages, reglementen VLP.

Communicatie via digitale weg: op regelmatige tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal: timing afhankelijk van de bijhorende actie. Communicatie via bijscholing/recyclage: afhankelijk van de georganiseerde opleiding.

Sympathisanten van de paardensport

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), affiches, promotiemateriaal, Facebook.

Recreatieve sportbeoefenaars

Competitieve sportbeoefenaars

Clubverantwoordelijken

Lesgevers/Trainers

Communicatie via digitale weg: op regelmatige tijdstippen. Communicatie via nieuwsbrieven en promotiemateriaal: timing afhankelijk van de bijhorende actie.

SAMENWERKING

De VLP, zal indien nodig, samenwerken met andere organisaties om haar doelstelling te bereiken. Momenteel zijn nog geen samenwerkingsverbanden gepland, maar VLP staat hiervoor open als deze een meerwaarde bieden voor Ethisch Verantwoord Sporten in de paardensport. We denken hierbij aan een samenwerking met de Landelijke Rijvereniging, verenigingen die ethiek in de sport belangen…

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III 17


18 Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik III


8.4.1.2. Richtsnoer 2 De VLP beseft dat sport negatieve effecten kan genereren en neemt (structurele) preventieve en curatieve maatregelen om haar leden en belanghebbenden te beschermen. •

DOELSTELLING

De VLP wil de negatieve effecten, die veroorzaakt kunnen worden door sport, in de paardensport minimaliseren. Dit willen we bereiken door competitieve sportbeoefenaars, officials, clubverantwoordelijken en lesgevers/trainers, te informeren, te sensibiliseren en een campagne te lanceren om zoveel mogelijk leden aan te zetten hun steentje bij te dragen. •

ACTIES

Actie 1: De VLP informeert competitieve sportbeoefenaars en officials over de negatieve effecten van de paardensport. Timing: februari/maart 2014 Te verwachten resultaat: De competitieve sportbeoefenaars en officials zijn om de hoogte van de negatieve effecten van de paardensport.

Actie 2: De VLP zal competitieve sportbeoefenaars en officials aansporen om bepaalde maatregelen te volgen die de negatieve effecten van de paardensport minimaliseren. Timing: vanaf april 2014 Te verwachten resultaat: Meer competitieve sportbeoefenaars en officials zullen bepaalde maatregelen volgen die de negatieve effecten van de paardensport minimaliseren. Deze maatregelen raken ook ingeburgerd in de competitieve paardensport.

Actie 3: De VLP biedt haar clubs tools aan die de negatieve gevolgen van de paardensport in de clubs minimaliseren. Timing: vanaf juni 2014 Te verwachten resultaat: de clubverantwoordelijken en clublesgevers/trainers maken gebruik van deze tools om de negatieve gevolgen van de paardensport in de clubs te minimaliseren.

Actie 4: De VLP lanceert een campagne over pestgedrag in de sportclub. Deze campagne zal enerzijds haar leden informeren, maar anderzijds ook aansporen om het taboe rond pestgedrag in de club te doorbreken. Timing: vanaf juni 2014 Te verwachten resultaat: De campagne over pestgedrag in de sportclub doorbreekt het taboe rond pestgedrag.

Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III 19


COMMUNICATIE

Doelgroep

Communicatiekanaal

Timing

Competitieve sportbeoefenaars

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, Facebook, reglementen VLP.

Februari/maart 2014

Officials

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, Facebook, reglementen VLP.

Februari/maart 2012

Clubverantwoordelijken

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, Facebook, aangeboden tools.

Vanaf maart 2014

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), Lesgevers/ trainers

nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, Facebook, bijscholingen, aangeboden tools.

Vanaf maart 2014

Recreatieve sportbeoefenaars

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, nieuwsbrieven, affiches, Facebook, aangeboden tools.

Vanaf mei 2014

Ouders

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, affiches, Facebook, aangeboden tools.

Vanaf mei 2014

Sympathisanten

Websites (algemene website van VLP en www.ikmaakhetverschil.be), nieuwsberichten, affiches, Facebook, aangeboden tools.

Vanaf mei 2014

SAMENWERKING

De VLP, zal indien nodig, samenwerken met andere organisaties om haar doelstelling te bereiken. Momenteel zijn nog geen samenwerkingsverbanden gepland, maar VLP staat hiervoor open als deze een meerwaarde bieden voor Ethisch Verantwoord Sporten in de paardensport. We denken hierbij aan een samenwerking met de Landelijke Rijvereniging, verenigingen die ethiek in de sport belangen…

20 Beleidsplan 2013 - 2016 ▪ Luik III


Beleidsplan 2013 - 2016 â–Ş Luik III 21


174 Beleidsplan 2013 - 2016


VLP-beleidsplan 2013-2016 LUIK III