Issuu on Google+

BACK MILIEU-ADVIES EN ONDERZOEK BV

Verkennend bodem- en asbestonderzoek op de locatie Noordeinde 4 in Monnickendam

Opdrachtgever :

Gemeente Waterland de heer S. Bakker

Postbus 1000 1140 BA Monnickendam Uitvoering Projectnummer Datum

: Back Milieu - advies en onderzoek B.V. : BM1117 : februari 2010

Back Milieu - advies en onderzoek B.V. Tussen de Bogen 44 1013 JB Amsterdam tel: 020-423 61 85 fax: 020-423 61 86 e-mail: info@backmilieu.nl


BM1117 / pagina 2

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Samenvatting 1.

2.

Locatie-aanduiding/rapportgegevens: Soort onderzoek

:

Verkennend bodem- en asbestonderzoek

Locatie

:

Noordeinde 4, Monnickendam

Kadastrale aanduiding

:

Gemeente Monnickendam, sectie A nrs 1690 (ged), 262, 263, 3043

Projectnummer

:

BM1117

Opdrachtgever

:

gemeente Waterland

Uitvoering veldwerk

:

dhr J. Hol (Linge Milieu BV), N. Coughlan

Opsteller rapport

:

drs. E.P. Back

Opp. onderzoekslocatie

:

ca 200 m2

Aanleiding voor het onderzoek Het bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de aanvraag om bouwvergunning voor nieuwbouw van op de locatie.

3.

Doel van het bodemonderzoek Het vaststellen van de grond- en grondwaterkwaliteit van de bouwlocatie.

4.

Uitslag van het bodemonderzoek Het analysemonster MM1 van de bovengrond (zand, puinhoudend) is licht verontreinigd met PAK en de metalen koper, kwik en zink. Het analysemonster is sterk verontreinigd met lood. In het analysemonster MM2 van de bovengrond (zand, geen bijzonderheden) zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het analysemonster MM3 van de ondergrond (klei, zwak puin) is licht verontreinigd met de metalen kobalt, koper, kwik en lood. In het grondwater uit peilbuis 1 zijn geen verontreinigingen aangetroffen. In de bodem zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen.

5.

Conclusie De puinhoudende bovengrond op de locatie is licht tot sterk verontreinigd met PAK en enkele metalen, met name met lood. De zintuiglijk schone bovengrond en de ondergrond zijn niet tot hooguit licht verontreinigd. Het grondwater is niet verontreinigd. Formeel dient naar aanleiding van de aangetroffen (sterke) verontreiniging met lood een nader onderzoek te worden uitgevoerd. Echter, gezien de veldwaarnemingen en de ligging van de locatie in het oude centrum van Monnickendam, mag worden verondersteld dat op de locatie sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging dat deel uit maakt van een omvangrijker geval van bodemverontreiniging. Nader onderzoek wordt dan ook niet zinvol geacht.


BM1117 / pagina 3

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

INHOUD 1

Inleiding

4

2

Vooronderzoek

5

2.1

Informatie over locatie en de directe omgeving

5

2.2

Geohydrologie

5

3

Hypothese en onderzoeksopzet

6

4

Onderzoeksmethode

7

4.1

Veldwerk

7

4.2

Chemisch laboratoriumonderzoek

8

5

Veldwaarnemingen

8

6

Resultaten laboratoriumonderzoek

9

6.1

Algemeen

9

6.2

Grond

10

6.3

Grondwater

10

7

Interpretatie

11

8

Conclusie

12

1 2 3 4 5 6 7

BIJLAGEN Omgevingskaart (1:12.500) Situatietekening met boorlocaties Methodiek van bemonsteren Beschrijving boorprofielen Laboratorium certificaten Toetsingstabellen achtergrond,-streef - en interventiewaarden Monsternemingsplan/-formulier tbv asbestonderzoek


BM1117 / pagina 4

1

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Inleiding

In opdracht van gemeente Waterland heeft Back Milieu-advies en onderzoek B.V. in januarifebruari 2010 een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd op de locatie Noordeinde 4 in Monnickendam. De aanleiding voor het onderzoek is de aanvraag om een bouwvergunning voor nieuwbouw op de locatie. Het doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de bodemkwaliteit (grond- en grondwater) van de bouwlocatie, teneinde inzicht te verkrijgen of er sprake is van eventuele bodemverontreiniging en zo ja, met welke parameters grond en grondwater zijn verontreinigd. De opzet en uitvoering van het verkennend bodemonderzoek is conform de NEN 5740, “Bodem, onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek’’, januari 2009. Eventuele afwijkingen op de richtlijnen zijn gemotiveerd weergegeven. In aansluiting op het verkennend bodemonderzoek is een verkennend asbestonderzoek conform NEN5707 uitgevoerd. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd volgens de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000: Veldwerk bij Milieuhygiënische Bodemonderzoek (SIKB, 3 maart 2005). De chemische analyses zijn volgens AS3000 uitgevoerd door Analytico Milieu BV in Barneveld. Interpretatie van de chemische analyses is volgens de Circulaire bodemsanering 2009. Het rapport is als volgt opgebouwd. Op basis van de locatiegegevens en een beschrijving van de geohydrologische opbouw van de bodem (H2), is een uitgangshypothese opgesteld met betrekking tot de verwachte bodemkwaliteit (H3). Vervolgens worden het uitgevoerde veldwerk en de laboratorium analyses beschreven (H4). De veldwaarnemingen en de resultaten van de laboratorium analyses worden besproken in H5 en H6. In H7 worden de resultaten geïnterpreteerd en tot slot worden in H8 de conclusies en eventuele aanbevelingen vermeld. Ondanks het feit dat er gestreefd is naar een zo groot mogelijke representativiteit van het onderzoek, kan niet worden uitgesloten dat lokale afwijkingen in de bodem voorkomen. Met nadruk wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Mede hierdoor hebben de onderzoeksresultaten een beperkte geldigheidsduur. Tussen Back Milieu-advies en onderzoek BV (Back) en de opdrachtgever is geen sprake van een relatie die de onafhankelijkheid en integriteit van Back zou kunnen beïnvloeden en/of haar werkzaamheden zou kunnen belemmeren.


BM1117 / pagina 5

2

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Vooronderzoek

2.1

Informatie over locatie en de directe omgeving

De onderzoekslocatie betreft het museum De Speeltoren aan het Noordeinde in Monnickendam. Het totale onderzochte oppervlak betreft circa 200 m2. De locatie ligt in het centrum van Monnickendam en bestaat uit een toren (speeltoren) met naastliggend museum. De toren was vroeger een deel van een kerk die direct achter de toren stond. Van de locatie zijn geen bodemrelevante gegevens bekend. Gezien de historie van het gebied (ophoging) is de bodem verdacht ten aanzien van verontreiniging met metalen, puin en mogelijk met asbest (bron: Milieudienst Waterland). In bijlage 2 is een tekening van de onderzoekslocatie opgenomen.

2.2

Geohydrologie

Uit de gegevens van de grondwaterkaart van Nederland (nr. 24 Zandvoort/Amsterdam) van de dienst Grondwaterverkenning van TNO kan de bodemopbouw als volgt worden geschematiseerd:

tabel 1 - Regionale bodemopbouw diepte (m NAP)

samenstelling

geohydrologische eenheid

1 – -19

ophoogmateriaal, klei en veen

matig tot slecht doorlatende deklaag

-19 – -52

fijn tot grof, grindhoudend zand

1e watervoerend pakket

> -52

kleien en fijne, slibhoudende zanden

1e scheidende laag

Op basis van het verschil in stijghoogte tussen de deklaag en het eerste watervoerende pakket blijkt dat er sprake is van een neerwaarts gerichte grondwaterstroming (inzijging). De regionale stromingsrichting van het grondwater is hoofdzakelijk in westelijke richting. De locatie bevindt zich niet in een grondwater- of bodembeschermingsgebied.


BM1117 / pagina 6

3

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Hypothese en onderzoeksopzet

Op basis van de informatie uit het vooronderzoek is de uitgangshypothese voor het bodemonderzoek: “verdachte� locatie. Naar verwachting zal de bodem verontreinigd zijn, onder andere met zware metalen en/of PAK. Gezien de beperkte oppervlakte van de locatie en de verwachte verontreinigende stoffen is voor de opzet van het onderzoek de strategie voor een niet-verdachte locatie (ONV) uit de NEN 5740 gehanteerd. In aanvulling op het verkennend bodemonderzoek is in verband met vermoedelijke aanwezigheid van puinmaterialen in de bodem tevens een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd (NEN5707).


BM1117 / pagina 7

4

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Onderzoeksmethode

4.1

Veldwerk

Het veldwerk is uitgevoerd op 22 en 28 januari 2010 en bestond uit de volgende werkzaamheden: •

inspectie van de locatie,

het uitvoeren van 5 handboringen tot maximaal 2,5 m minus maaiveld (m- mv.), waarvan 1 boring (nr 1) is afgewerkt met een peilbuis voor grondwateronderzoek,

maaiveldinspectie van het onbebouwde deel van de locatie (tbv asbestonderzoek),

het graven en inspecteren van 5 gaten (0,3x0,3x0,5 m) tbv het asbestonderzoek),

het opgeboorde bodemmateriaal bemonsteren per bodemtype in maximale trajecten van 0,5 m,

het beschrijven en zintuiglijk beoordelen (geur, kleur, bijmenging / verstoringen) van het opgeboorde bodemmateriaal,

het peilen van het grondwaterniveau en bemonsteren van het grondwater.

De boringen zijn verricht met de Edelmanboor en steekguts. Een algemene beschrijving van de methode van bemonsteren en de gebruikte materialen staat weergegeven in bijlage 3. De boorlocaties staan weergegeven in bijlage 2. Een beschrijving van de boorprofielen met de zintuiglijke waarnemingen en monsterdiepten is weergegeven in bijlage 4. In bijlage 7 is het monsternemingsplan en- formulier met betrekking tot het asbestonderzoek opgenomen. De grond- en grondwatermonsters zijn afzonderlijk verpakt en naar het laboratorium gebracht. In het laboratorium zijn van de verzamelde grondmonsters drie analysemonsters samengesteld (MM1 t/m MM3). In de onderstaande tabel is de samenstelling van de analysemonsters weergegeven. tabel 2 - Samenstelling analysemonsters code

grondmonster(s) [ ] = bodemtraject in m –mv.

grondslag

MM1

1.1, 1.2, 2.1, 2.2, 3.1, 3.2, 4.1, 4.2 [0,1-1,1]

bovengrond*: zand, zwak tot matig puinhoudend

MM2

5.1, 5.2 [0,1-1,1]

bovengrond: zand, geen bijzonderheden

MM3

1.3, 1.4, 2.3, 2.4, 4.3, 4.4 [1,1-2,0]

ondergrond: klei, zwak puinhoudend

*) ivm de aangetroffen grondslag/bodemopbouw zijn iets afwijkende trajecten gehanteerd voor bovengrond en ondergrond


BM1117 / pagina 8

4.2

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Chemisch laboratoriumonderzoek

Grond De analysemonsters MM1 t/m MM3 zijn geanalyseerd op het standaard stoffenpakket A bij milieuhygiënisch (water)bodemonderzoek1 dat bestaat uit de parameters en stoffen: 

minerale olie (GC),

som-PAK’s,

som-PCB’s,

metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink,

lutum- en organische stofgehalte.

Grondwater Het grondwater uit peilbuis 1 is geanalyseerd op het standaard stoffenpakket B bij milieuhygiënisch (water)bodemonderzoek2 dat bestaat uit de volgende stoffen:

5

metalen arseen, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink,

minerale olie (GC),

vluchtige aromatische koolwaterstoffen,

vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen.

Veldwaarnemingen

De bodemopbouw tot de maximale boordiepte van 2,5 meter bestaat uit een zandlaag van ongeveer 1 meter dikte gevolgd door klei. Met uitzondering van boring 5 wordt in het zandpakket een zwakke tot matige bijmenging met puin- en stenenfragmenten aangetroffen. In het onderliggende kleipakket wordt overwegend een zwakke bijmenging met puinfragmenten aangetroffen. Bij zowel de maaiveldinspectie als bij de inspectie van het bodemmateriaal uit de graafgaten, maar ook in alle overige opgeboorde bodemmaterialen, zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Tijdens de grondwaterbemonstering is de zuurgraad (pH) en is het elektrisch geleidingsvermogen (Egv) van het grondwater uit peilbuis 1. De pH bedroeg 7,0 en het geleidingsvermogen bedroeg 1.608 (µS/cm (25oC)).

1 2

SIKB, NEN en Bodem+ d.d. 4 juni 2008 SIKB, NEN en Bodem+ d.d. 4 juni 2008


BM1117 / pagina 9

6

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Resultaten laboratoriumonderzoek

6.1

Algemeen

Voor de beoordeling van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters is gebruik gemaakt van de achtergrond-, streef- en interventiewaarden voor microverontreinigingen, zoals weergegeven in de Circulaire bodemsanering 2009.

De achtergrondwaarden voor grond en streefwaarden voor grondwater geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. Dit komt overeen met het niveau waarbij de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, dier of plant, zijn veiliggesteld. De achtergrondwaarden zijn gebaseerd op metingen van de bodemkwaliteit anno 2004 in onverdachte landbouw- en natuurgebieden in Nederland. Als de kwaliteit van grond of bagger voldoet aan de achtergrondwaarden is deze geschikt voor elke functie en mag deze overal worden toegepast.

De interventiewaarden bodemsanering geven het verontreinigingsniveau aan waarboven sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Hierbij is sprake van een zodanige bodemverontreiniging, dat de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier of plant, ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. De interventiewaarden zijn gebaseerd op een uitgebreide studie van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en MilieuhygiĂŤne (RIVM), naar zowel de humaan- als toxicologische effecten van bodemverontreinigende stoffen.

Om van een ernstig geval van bodemverontreiniging te kunnen spreken geldt als voorwaarde dat voor ten minste ĂŠĂŠn stof de gemiddelde grondconcentratie in 25 m3 bodemvolume of de gemiddelde grondwaterconcentratie in 100 m3 bodemvolume, hoger moet zijn dan de interventiewaarde.

Bij concentraties aan verontreinigende stoffen tussen het niveau van de achtergrond- of streef- en interventiewaarde, geldt dat formeel een nader onderzoek noodzakelijk is als de gemeten concentraties de halve som van de achtergrond- of streef- en interventiewaarden overschrijden, de zogenaamde tussenwaarde.

De waarden zijn afhankelijk en berekend aan de hand van het lutum- en organisch stofgehalte van de diverse grond(meng)monsters (de bodemtypecorrectie). Voor organische verbindingen zoals minerale olie en polycyclische aromaten zijn de achtergrond- en interventiewaarden gerelateerd aan alleen het organische stofgehalte van de bodem.


BM1117 / pagina 10

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

De toetsingswaarden zijn geen 'harde' criteria. Rekening dient te worden gehouden met het feit dat de mobiliteit van de stoffen in de bodem en daardoor verspreiding in het milieu afhankelijk is van diverse bodemeigenschappen. Bovendien is van belang dat de mate van blootstelling aan de bevolking mede afhankelijk is van de bestemming van het terrein en het gebruik van de grond, in de huidige situatie en in de toekomst.

6.2

Grond

De grondanalyses zijn weergeven op het analyserapport 2010010506, dat is opgenomen in bijlage 5. In bijlage 6.1 is de gehele toetsing van de analyseresultaten aan de achtergrond- en interventiewaarden opgenomen. In de onderstaande tabel zijn de overschrijdingen van de toetsingswaarden opgenomen. Opgemerkt wordt dat barium niet in de tabel is opgenomen vanwege het ontbreken van een toetsingswaarde voor deze parameter Tabel 3 – Overschrijdingstabel grond parameter (mg/kg.ds.) monstercode Cd Co MM1 MM2 MM3

-

-

Cu

Hg

Mo

Ni

Pb

Zn

PAK

56+ 16+

0,68+ 63+

3,9+

-

390+++ 230+

110+ -

1,8+ -

PCB (som7) -

min.olie (GC) -

verklaring: getal + getal ++ getal +++

6.3

= onder streefwaarde of detectiegrens = overschrijding achtergrondwaarde = overschrijding tussenwaarde = overschrijding interventiewaarde

Grondwater

Het analyserapport (2010013957) van het milieulaboratorium is weergegeven in bijlage 5. De analyseresultaten zijn getoetst aan de streef- en interventiewaarden. Deze toetsing is opgenomen in bijlage 6.2. In de onderstaande tabel zijn de overschrijdingen van de toetsingswaarden opgenomen. Tabel 4 – Overschrijdingstabel grondwater code

parameter (Âľg/l) Ba Cd

PB1

-

-

Co

Cu

Hg

Mo

Ni

Pb

Zn

-

-

-

-

-

-

-

verklaring getal + getal ++ getal +++

= onder streefwaarde of detectiegrens = overschrijding streefwaarde = overschrijding tussenwaarde = overschrijding interventiewaarde

aromaten (BTEX) -

naftaleen

styreen

-

-

min.olie (GC) -

VOCL -


BM1117 / pagina 11

7

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Interpretatie

Om de mate van verontreiniging aan te geven het van de afzonderlijke grond- en grondwatermonsters wordt de volgende terminologie toegepast: • • • •

concentraties lager dan of gelijk aan de achtergrond- of streefwaarde: concentraties hoger dan de achtergrond- of streefwaarde, echter lager dan de tussenwaarde: concentraties gelijk aan of hoger dan de tussenwaarde maar lager dan de interventiewaarde: concentraties gelijk aan of boven de interventiewaarde:

niet verontreinigd licht verontreinigd matig verontreinigd sterk verontreinigd

Op basis van de analyseresultaten zijn de volgende verontreinigingen aangetroffen: Grond Het analysemonster MM1 van de bovengrond (zand, puinhoudend) is licht verontreinigd met PAK en de metalen koper, kwik en zink. Het analysemonster is sterk verontreinigd met lood. In het analysemonster MM2 van de bovengrond (zand, geen bijzonderheden) zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het analysemonster MM3 van de ondergrond (klei, zwak puin) is licht verontreinigd met de metalen kobalt, koper, kwik en lood. Grondwater In het grondwater uit peilbuis 1 zijn geen verontreinigingen aangetroffen.


BM1117 / pagina 12

8

Monnickendam, Noordeinde 4 verkennend bodem- en asbestonderzoek

Conclusie

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde bodemonderzoek wordt de gestelde hypothese “verdachte� locatie aangenomen. De puinhoudende bovengrond op de locatie is licht tot sterk verontreinigd met PAK en enkele metalen, met name met lood. De zintuiglijk schone bovengrond (geen bijmenging met bodemvreemd materiaal) en de ondergrond zijn niet tot hooguit licht verontreinigd. Het grondwater is niet verontreinigd. Formeel dient naar aanleiding van de aangetroffen (sterke) verontreiniging met lood een nader onderzoek te worden uitgevoerd. Echter, gezien de veldwaarnemingen en de ligging van de locatie in het oude centrum van Monnickendam, mag worden verondersteld dat op de locatie sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging dat deel uit maakt van een omvangrijker geval van bodemverontreiniging. Nader onderzoek wordt dan ook niet zinvol geacht.


Bijlage 3: bemonsteringstechnieken grond en grondwater Algemeen De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd volgens de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000: Veldwerk bij Milieuhygiënische Bodemonderzoek (SIKB, 3 maart 2005) De grond- en grondwatermonsters worden door een extern milieulaboratorium met STERLAB-erkenning geanalyseerd. Het verrichten van boringen Tot circa 7 m - mv. worden grondboringen handmatig verricht met behulp van een pulsboorset. Wanneer dieper moet worden geboord, dan gebeurt dit met behulp van een mechanische pulsboorinstallatie. Boringen tot aan de grondwaterspiegel Voor het verrichten van boringen tot aan de grondwaterspiegel, wordt in de meeste gevallen gebruik gemaakt van een Edelmanboor (zand-, klei- of combinatietype) met verschillende diameters (70, 100 en 150 mm). De Edelmanboor wordt gebruikt voor zowel sterk als weinig cohesieve gronden. Het doorboren van puinrijke lagen gebeurt met behulp van een riversideboor. Als de grond zeer harde lagen bevat, kan gebruik worden gemaakt van een ramgutsset. Met de gutsboor kunnen sterk cohesieve gronden snel worden bemonsterd. Boringen onder de grondwaterspiegel Boringen onder de grondwaterspiegel worden verricht met een Edelmanboor (in sterk cohesieve gronden waarbij het boorgat niet inzakt) of met een pulsboorset (in weinig of matig cohesieve gronden). De pulsset bestaat uit een roestvrij stalen puls met mantelbuizen; deze mantelbuizen voorkomen dat het boorgat inzakt. Ook bij het doorboren van een mogelijke drijflaag worden mantelbuizen toegepast. Hierbij bestaat de mogelijkheid om eenmaal te vertoeren (dat wil zeggen het veranderen van een grote diameter naar een kleinere diameter) om contaminatie naar dieper gelegen bodemlagen te voorkomen. Het nemen en bewaren van grondmonsters Van de bij de boringen vrijkomende grond worden in beginsel van specifieke bodemlagen of zintuiglijk waarneembare verontreinigingen representatieve monsters samengesteld. Bij het ontbreken van onderscheidende lagen, wordt iedere laag van een halve of hele meter dikte apart bemonsterd. In het veld worden glazen potten, die luchtdicht worden afgesloten, geheel gevuld met het monstermateriaal. De monsterpotten worden opgeslagen in een koele ruimte (temperatuur circa 4° Celsius). De te analyseren grondmonsters worden dezelfde of de volgende dag naar een laboratorium gebracht. De overige grondmonsters blijven één maand bewaard voor eventuele aanvullende analyses. Het plaatsen van peilbuizen Voor het nemen van grondwatermonsters worden kunststof peilbuizen in het boorgat geplaatst met een inwendige diameter van 36 mm (KIWA-gekeurd pvc) of 34,6 mm (hdpe). De bovenkant van de perforatie wordt - indien mogelijk - minimaal 1 m onder de grondwaterspiegel afgesteld. Een peilbuis bestaat uit een geperforeerd gedeelte van 1 m (peilfilter) en een blind bovenstuk (stijgbuis) tot aan het maaiveld. De sleufdiameter van het geperforeerde gedeelte is 0,3 mm. Om ervoor te zorgen dat het filter in het midden van het boorgat komt te staan, wordt de peilbuis gecentreerd. Daarna wordt in het boorgat tot een halve meter boven het geperforeerde gedeelte uitgegloeid filtergrind (1,2-1,7 mm) aangebracht. Bovenop het grind wordt met bentoniet een kleiprop aangebracht ter voorkoming van voorkeurstroming van grondwater en water van bovenaf (regenwater e.d.). De peilbuis wordt iets onder het maaiveld afgewerkt met een straatpot.


Als tijdens het boorwerk een slecht doorlatende bodemlaag is doorboord, wordt op de desbetreffende diepte het boorgat afgedicht met bentoniet. Ook als in een boorgat meerdere peilbuizen worden afgesteld, wordt tussen de verschillende filters een bentonietafdichting aangebracht. Nadat de peilbuis geplaatst is, wordt - indien mogelijk - het eventueel gebruikte werkwater en driemaal de natte stijgbuisinhoud afgepompt. Om te controleren of al het werkwater daadwerkelijk verdwenen is, wordt afgepompt tot de elektrische geleidbaarheid van het opgepompte water constant blijft. Tussen plaatsing van de peilbuis en de bemonstering van het grondwater wordt een minimale standtijd van een week in acht genomen. Het nemen en bewaren van grondwatermonsters Van alle peilbuizen worden de grondwaterstanden opgenomen. Vervolgens wordt (indien mogelijk) met behulp van een roestvrij stalen kogelklepje of een slangenpomp, of bij diep geplaatste peilfilters met een motorpomp, drie keer de natte stijgbuisinhoud afgepompt. Hierbij wordt erop gelet dat de grondwaterstand niet verder verlaagd wordt dan de bovenkant van het geperforeerde gedeelte. Indien dit wel gebeurt, bestaat de kans dat vluchtige verbindingen uit het grondwater verdwijnen (het zogenaamde "strippen"). Per peilbuis wordt een nieuwe monsterslang gebruikt om onderlinge contaminatie van de monsters te voorkomen. Voordat het watermonster wordt genomen, worden de glazen monsterfles en de dop gespoeld met het te bemonsteren water. Tevens wordt van het water uit de te bemonsteren peilbuizen de zuurgraad en de elektrische geleidbaarheid bepaald. Voor analyses op zware metalen wordt in het veld gefiltreerd. Dit gebeurt door het te bemonsteren grondwater met behulp van een slangenpomp te voeren over een filter (45 um), zodat een sedimentvrij grondwatermonster wordt verkregen. De monsterflessen worden geheel gevuld en koel opgeslagen (circa 4째 Celsius). De watermonsters worden dezelfde dag, of uiterlijk de volgende dag, naar een laboratorium gebracht.


Bijlage 4: Boorbeschrijvingen

Pagina 1 / 2

Boring 1 Datum

Boring 2

22-01-2010

0

0 -10

Datum

klinker klinkers

22-01-2010

0

0 -10

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak puinhoudend

klinker klinkers Zand, matig fijn, matig siltig, zwak puinhoudend

1-01

2-01

50

50 -60

-60

Zand, matig fijn, matig siltig, matig puinhoudend

Zand, matig fijn, matig siltig, matig puinhoudend

1-02

2-02

100

100 -110

-110

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend 2-03

1-03 150

-150

150

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend

-160

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend 2-04 1-04

-200

200

Klei, zwak zandig, matig humeus, slib

-200

200

-250

250

Boring 3 Datum

Boring 4

22-01-2010

0

0 -10

Datum

klinker klinkers

22-01-2010

0

0 -10

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak puinhoudend

klinker klinkers Zand, matig fijn, matig siltig, zwak puinhoudend

3-01

4-01

50

50 -60

-60

Zand, matig fijn, matig siltig, matig puinhoudend, gestaakt op hard grof baksteen

Zand, matig fijn, matig siltig, matig puinhoudend

3-02

4-02

100

100 -110

-110

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend 4-03

-150

150

Klei, zwak zandig, matig humeus, zwak puinhoudend 4-04

200

Projectcode

BM1117

Straat

Noordeinde 4

Plaats

Monnickendam

-200

getekend volgens NEN5104


Bijlage 4: Boorbeschrijvingen

Pagina 2 / 2

Boring 5 Datum

22-01-2010

0

0 -10

klinker klinkers Zand, matig fijn, matig siltig

5-01 50 -60

Zand, matig fijn, matig siltig

5-02 100 -110

Projectcode

BM1117

Straat

Noordeinde 4

Plaats

Monnickendam

getekend volgens NEN5104


Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, klei誰g

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak klei誰g

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk klei誰g

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand

bentoniet afdichting

filter


Back Milieu-advies, onderzoek T.a.v. Erwin Back Tussen de Bogen 44 1013 JB AMSTERDAM

Analysecertificaat Datum: 29-01-2010

Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen

2010010506 BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 25-01-2010

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Aanvullende informatie behorend bij dit analysecertificaat kunt U vinden in het overzicht "Specificaties Analysemethoden". Extra exemplaren zijn verkrijgbaar bij de afdeling Verkoop en Advies. De grondmonsters worden tot 6 weken na datum ontvangst gekoeld bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 week voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.

Bewaren tot: Datum:

Naam:

Handtekening:

Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.

Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.

Ing. A. Veldhuizen Laboratoriummanager

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Analysecertificaat Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Datum monstername Monsternemer

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam

Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina

22-01-2010 John Hol

Analyse

Eenheid

1

2

3

Uitgevoerd

Uitgevoerd

Uitgevoerd

S

Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000

S

Bodemkundige analyses Droge stof

% (m/m)

87.9

86.3

54.3

S

Organische stof

% (m/m) ds

1.0

<0.5

14.7

S

Gloeirest

% (m/m) ds

98.4

99.7

84.1

S

Korrelgrootte < 2 Âľm (Lutum)

% (m/m) ds

7.8

1.5

17.7

S

Metalen Barium (Ba)

mg/kg ds

45

<15

71

S

Cadmium (Cd)

mg/kg ds

0.26

<0.17

<0.17

S

Kobalt (Co)

mg/kg ds

<4.0

<4.0

16

S

Koper (Cu)

mg/kg ds

56

<5.0

63

S

Kwik (Hg)

mg/kg ds

0.68

0.084

3.9

S

Molybdeen (Mo)

mg/kg ds

<1.5

<1.5

<1.5

S

Nikkel (Ni)

mg/kg ds

8.7

3.2

20

S

Lood (Pb)

mg/kg ds

390

18

230

S

Zink (Zn)

mg/kg ds

110

26

69

Minerale olie Minerale olie (C10-C12)

mg/kg ds

--

--

8.9

Minerale olie (C12-C16)

mg/kg ds

--

--

<5.0

Minerale olie (C16-C21)

mg/kg ds

--

--

<6.0

Minerale olie (C21-C30)

mg/kg ds

--

--

13

Minerale olie (C30-C35)

mg/kg ds

--

--

20

Minerale olie (C35-C40)

mg/kg ds

--

--

<6.0

Minerale olie totaal (C10-C40)

mg/kg ds

<38

<38

44

S

Chromatogram olie (GC)

2010010506 25-01-2010 29-01-2010/16:16 A,B,C 1/2

Zie bijl.

S

Polychloorbifenylen, PCB PCB 28

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 52

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 101

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 118

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 138

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 153

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB 180

mg/kg ds

<0.0010

<0.0010

<0.0010

S

PCB (som 7) (factor 0,7)

mg/kg ds

0.0049

Nr. 1 2 3

Monsteromschrijving MM1 MM2 MM3

1)

0.0049 1)

0.0049

1)

Analytico-nr. 5189359 5189360 5189361

Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).

TESTEN RvA L010


Analysecertificaat Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Datum monstername Monsternemer

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam

Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina

22-01-2010 John Hol

Analyse

Eenheid

1

2

3

S

Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen mg/kg ds

<0.050

<0.050

<0.050

S

Fenanthreen

mg/kg ds

0.25

<0.050

0.30

S

Anthraceen

mg/kg ds

<0.050

<0.050

<0.050

S

Fluorantheen

mg/kg ds

0.39

<0.050

0.14

S

Benzo(a)anthraceen

mg/kg ds

0.23

<0.050

<0.050

S

Chryseen

mg/kg ds

0.20

<0.050

0.055

S

Benzo(k)fluorantheen

mg/kg ds

0.11

2)

<0.050

<0.050

S

Benzo(a)pyreen

mg/kg ds

0.21

2)

<0.050

<0.050

S

Benzo(ghi)peryleen

mg/kg ds

0.17

<0.050

<0.050

S

Indeno(123-cd)pyreen

mg/kg ds

0.19

<0.050

0.11

S

PAK VROM (10) (factor 0,7)

mg/kg ds

1.8

0.35

0.82

Nr. 1 2 3

Monsteromschrijving MM1 MM2 MM3

2)

2)

2010010506 25-01-2010 29-01-2010/16:16 A,B,C 2/2

2)

2)

Analytico-nr. 5189359 5189360 5189361

Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting

FZ

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Akkoord Pr.coรถrd.

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).

TESTEN RvA L010


Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2010010506 Pagina 1/1 Analytico-n Boornr

Barcode

Monsteromschrijving

5189359 5189359 5189359 5189359 5189359 5189359 5189359 5189359

1 1 2 2 3 3 4 4

1-01 1-02 2-01 2-02 3-01 3-02 4-01 4-02

Deelmonster Omschrijving Van 1-01 1-02 2-01 2-02 3-01 3-02 4-01 4-02

10 60 10 60 10 60 10 60

Tot 60 110 60 110 60 110 60 110

0505139822 0505139907 0505138610 0505139912 0505139927 0505139925 0505139920 0505139887

MM1

5189360 5189360

5 5

5-01 5-02

5-01 5-02

10 60

60 110

0505139855 0505139910

MM2

5189361 5189361 5189361 5189361 5189361 5189361

1 1 2 2 4 4

1-03 1-04 2-03 2-04 4-03 4-04

1-03 1-04 2-03 2-04 4-03 4-04

110 160 110 150 110 150

160 200 150 200 150 200

0505139919 0505139923 0505139913 0505139926 0505139911 0505139780

MM3

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Bijlage (B) met opmerkingen behorende bij analysecertificaat 2010010506 Pagina 1/1 Opmerking 1) De toetswaarde van de som is gelijk aan de sommatie van 0,7*RG Opmerking 2) De confirmatie valt door matrix invloed niet binnen de kwaliteitseisen volgens NEN6977. De gerapporteerde gehaltes zijn op basis van een golflengte(combinatie) bepaald.

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2010010506

. Pagina 1/1

Analyse Methode Cryogeen malen AS3000 W0106 Droge stof W0104 Organische stof W0109 Korrelgrootte < 2 Âľm (Lutum) DMA rob W0171 AES/ICP Barium (Ba) W0417 AES/ICP Cadmium (Cd) W0417 AES/ICP Cobalt (Co) W0417 AES/ICP Koper (Cu) W0417 AES/ICP Kwik (Hg) W0417 AES/ICP Molybdeen (Mo) W0417 AES/ICP Nikkel (Ni) W0417 AES/ICP Lood (Pb) W0417 AES/ICP Zink (Zn) W0417 Minerale Olie (GC) W0202 Chromatogram MO (GC) W0202 Polychloorbifenylen (PCB) W0266 PAK (VROM) W0301 PAK som AS3000 W0301

Techniek Voorbehandeling Gravimetrie Gravimetrie Sedimentatie ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES ICP-AES GC-FID GC-FID GC-MS HPLC HPLC

Referentiemethode Cf. AS3000 Gw. NEN-ISO 11465 en CMA 2/II/A.1 Cf. NEN 5754 Gw. NEN 5753 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Eigen methode / Gelijkw. EN 1483: 1997 i.b. Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Cf. NEN 6966 en cf.CMA 2/I/B.1 Eigen methode Eigen methode Cf. pb 3010-8 en gw. NEN 6980 Cf. NEN 6977 Cf. NEN 6977

Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juli 2009.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Chromatogram TPH/Mineral Oil Sample id.: 5189361 Certificate no.: 2010010506

0.50

1.00

1.50

2.00

2.50

3.00

3.50

4.00

4.50

4.00

4.50

5.50

C40_Interne_standaard

C35 5.00

6.00

6.50

7.00

7.50

8.00

6.50

7.00

7.50

8.00

C10_Interne_standaard

0.00

C30

0.00

C21

500.00

C16

1000.00

C12

C10_Interne_standaard

Sample description.: MM3

200.00 180.00 160.00 140.00 120.00

80.00 60.00 40.00

0.00

0.50

1.00

1.50

2.00

2.50

3.00

3.50

C35

C30

C21

0.00

C16

C12

20.00

5.00

5.50

C40_Interne_standaard

100.00

6.00


Back Milieu-advies, onderzoek T.a.v. Erwin Back Tussen de Bogen 44 1013 JB AMSTERDAM

Analysecertificaat Datum: 03-02-2010

Hierbij ontvangt u de resultaten van het navolgende laboratoriumonderzoek. Certificaatnummer Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Monster(s) ontvangen

2010013957 BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 29-01-2010

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Aanvullende informatie behorend bij dit analysecertificaat kunt U vinden in het overzicht "Specificaties Analysemethoden". Extra exemplaren zijn verkrijgbaar bij de afdeling Verkoop en Advies. De grondmonsters worden tot 6 weken na datum ontvangst gekoeld bewaard en watermonsters tot 2 weken na datum ontvangst. Zonder tegenbericht worden de monsters nadien afgevoerd. Indien de monsters langer bewaard dienen te blijven verzoeken wij U dit exemplaar uiterlijk 1 week voor afloop van de standaardbewaarperiode ondertekend aan ons te retourneren. Voor de kosten van het langer bewaren van monsters verwijzen wij naar de prijslijst.

Bewaren tot: Datum:

Naam:

Handtekening:

Wij vertrouwen erop uw opdracht hiermee naar verwachting te hebben uitgevoerd, mocht U naar aanleiding van dit analysecertificaat nog vragen hebben verzoeken wij U contact op te nemen met de afdeling Verkoop en Advies.

Met vriendelijke groet, Eurofins Analytico B.V.

Ing. A. Veldhuizen Laboratoriummanager

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Analysecertificaat Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Datum monstername Monsternemer

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam

Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina

28-01-2010 Nigel Coughlan

Analyse

Eenheid

2010013957 29-01-2010 03-02-2010/09:54 A,C 1/2

1

S

Metalen Barium (Ba)

µg/L

<45

S

Cadmium (Cd)

µg/L

<0.80

S

Kobalt (Co)

µg/L

11

S

Koper (Cu)

µg/L

<15

S

Kwik (Hg)

µg/L

<0.050

S

Molybdeen (Mo)

µg/L

<3.6

S

Nikkel (Ni)

µg/L

<15

S

Lood (Pb)

µg/L

<15

S

Zink (Zn)

µg/L

<60

S

Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Benzeen

µg/L

<0.20

S

Tolueen

µg/L

<0.30

S

Ethylbenzeen

µg/L

<0.30

S

o-Xyleen

µg/L

<0.10

S

m,p-Xyleen

µg/L

<0.20

S

Xylenen (som) factor 0,7

µg/L

0.21

BTEX (som)

µg/L

<1.1

S

Naftaleen

µg/L

<0.050

S

Styreen

µg/L

<0.30

S

Vluchtige organische chloorkoolwaterstoffen Dichloormethaan µg/L

<0.20

S

Trichloormethaan

µg/L

<0.60

S

Tetrachloormethaan

µg/L

<0.10

S

Trichlooretheen

µg/L

<0.60

S

Tetrachlooretheen

µg/L

<0.10

S

1,1-Dichloorethaan

µg/L

<0.60

S

1,2-Dichloorethaan

µg/L

<0.60

S

1,1,1-Trichloorethaan

µg/L

<0.10

S

1,1,2-Trichloorethaan

µg/L

<0.10

S

cis 1,2-Dichlooretheen

µg/L

<0.10

S

trans 1,2-Dichlooretheen

µg/L

<0.10

CKW (som)

µg/L

<3.2

S

1,1-Dichlooretheen

µg/L

<0.10

S

Dichloorpropanen som factor 0.7

µg/L

0.52

Nr. Monsteromschrijving 1 PB1

Analytico-nr. 5201209

Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).

TESTEN RvA L010


Analysecertificaat Uw projectnummer Uw projectnaam Uw ordernummer Datum monstername Monsternemer

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam

Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum Bijlage Pagina

28-01-2010 Nigel Coughlan Eenheid

1

S

Analyse 1,2-Dichloorethenen (Som) factor 0,7

µg/L

0.14

S

Vinylchloride

µg/L

<0.10

S

1,1-Dichloorpropaan

µg/L

<0.25

S

1,2-Dichloorpropaan

µg/L

<0.25

S

1,3-Dichloorpropaan

µg/L

<0.25

S

Tribroommethaan

µg/L

<2.0

Minerale olie Minerale olie (C10-C12)

µg/L

--

Minerale olie (C12-C16)

µg/L

--

Minerale olie (C16-C21)

µg/L

--

Minerale olie (C21-C30)

µg/L

--

Minerale olie (C30-C35)

µg/L

--

Minerale olie (C35-C40)

µg/L

--

Minerale olie totaal (C10-C40)

µg/L

<100

S

2010013957 29-01-2010 03-02-2010/09:54 A,C 2/2

Nr. Monsteromschrijving 1 PB1

Analytico-nr. 5201209

Q: door RvA geaccrediteerde verrichting A: AP04 erkende verrichting S: AS 3000 erkende verrichting

FZ

Dit certificaat mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Akkoord Pr.coörd.

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).

TESTEN RvA L010


Bijlage (A) met deelmonsterinformatie behorende bij analysecertificaat 2010013957 Pagina 1/1 Analytico-n Boornr 5201209 5201209

Deelmonster Omschrijving Van

PB1 PB1

150 150

Tot 250 250

Barcode

Monsteromschrijving

0700519101 0690894788

PB1

Eurofins Analytico B.V. Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Bijlage (C) met methodeverwijzingen behorende bij analysecertificaat 2010013957

. Pagina 1/1

Analyse ICP-MS Barium ICP-MS Cadmium ICP-MS Kobalt (Co) ICP-MS Koper ICP-MS Kwik ICP-MS Molybdeen (Mo) ICP-MS Nikkel ICP-MS Lood ICP-MS Zink Aromaten (BTEXN) Xylenen som AS3000 Styreen VOCL (11) CKW : 1,1-Dichlooretheen DiChlprop. som AS300 DiClEtheen som AS3000 CKW : Vinylchloride 1,1-dichloorpropaan 1,2-Dichloorpropaan 1,3-dichloorpropaan tribroommethaan Minerale Olie (GC)

H

Methode W0420 W0420 W0420 W0420 W0420 W0420 W0420 W0420 W0420 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0254 W0215

Techniek ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS ICP-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS HS-GC-MS LVI-GC-FID

Referentiemethode Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. NEN-EN-ISO 17294-2 / cf. CMA2/I/B.1 Cf. ISO 11423-1 en cf. CMA 3/E Cf. pb 3130-1/2 en gw. NEN EN ISO 15680 Cf. ISO 11423-1 en cf. CMA 3/E Cf. NEN-EN-ISO 10301 en CMA 3/E Cf. NEN-EN-ISO 10301 en CMA 3/E Cf. pb 3130-1/2 en gw. NEN EN ISO 15680 Cf. pb 3130-1/2 en gw. NEN EN ISO 15680 Eigen methode en CMA3/E Cf. NEN-EN-ISO 10301 en CMA 3/E Cf. NEN-EN-ISO 10301 en CMA 3/E Cf. NEN-EN-ISO 10301 en CMA 3/E Eigen methode en CMA3/E Eigen methode

Nadere informatie over de toegepaste onderzoeksmethoden alsmede een classificatie van de meetonzekerheid staan vermeld in ons overzicht "Specificaties analysemethoden", versie juli 2009.

Eurofins Analytico B.V.

Gildeweg 44-46 3771 NB Barneveld P.O. Box 459 3770 AL Barneveld NL

Tel. +31 (0)34 242 63 00 Fax +31 (0)34 242 63 99 E-mail info@analytico.com Site www.analytico.com

ABN AMRO 54 85 74 456 VAT/BTW No. NL 8043.14.883.B01 KvK No. 09088623

Eurofins Analytico B.V. is ISO 9001: 2008 gecertificeerd door Lloyd's RQA en erkend door het Vlaamse Gewest (OVAM en Dep. LNE), het Brusselse Gewest (BIM), het Waalse Gewest (DGRNE-OWD) en door de overheden van Frankrijk en Luxemburg (MEV).


Toetsing: S en I 2009 Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 22‐01‐2010 John Hol 2010010506 25‐01‐2010 29‐01‐2010

Analyse

Eenheid

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof Organische stof Gloeirest Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn) Minerale olie Minerale olie (C10‐C12) Minerale olie (C12‐C16) Minerale olie (C16‐C21) Minerale olie (C21‐C30) Minerale olie (C30‐C35) Minerale olie (C35‐C40) Minerale olie totaal (C10‐C40) Polychloorbifenylen, PCB* PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 PCB (som 7) (factor 0,7) Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(k)fluorantheen Benzo(a)pyreen Benzo(ghi)peryleen Indeno(123‐cd)pyreen PAK VROM (10) (factor 0,7)

1

S/AW

T

I

0,38 7 23 0,11 1,5 18 35 76

4,3 48 67 14 96 35 200 230

8,2 88 110 27 190 51 370 390

1 7,8 Uitgevoerd % (m/m) % (m/m) ds % (m/m) ds % (m/m) ds

87,9 1 98,4 7,8

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

45 0,26 <4,0 56 0,68 <1,5 8,7 390 110

‐ ‐ * * ‐ ‐ *** *

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ <38

38

520

1000

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

*

0,004

0,1

0,2

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,050 0,25 <0,050 0,39 0,23 0,2 0,11 0,21 0,17 0,19 1,8

*

1,5

21

40

Legenda Nr. 1

MonsteromschrijvingAnalytico‐nr MM1 5189359

> streefwaarde/aw2000 > tussenwaarde > interventiewaarde Niet getoetst <= Streefwaarde/AW2000

* ** *** ‐

5 0 1 29 5


Toetsing: S en I 2009 Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 22‐01‐2010 John Hol 2010010506 25‐01‐2010 29‐01‐2010

Analyse

Eenheid

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof Organische stof Gloeirest Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper��(Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn) Minerale olie Minerale olie (C10‐C12) Minerale olie (C12‐C16) Minerale olie (C16‐C21) Minerale olie (C21‐C30) Minerale olie (C30‐C35) Minerale olie (C35‐C40) Minerale olie totaal (C10‐C40) Polychloorbifenylen, PCB* PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 PCB (som 7) (factor 0,7) Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(k)fluorantheen Benzo(a)pyreen Benzo(ghi)peryleen Indeno(123‐cd)pyreen PAK VROM (10) (factor 0,7)

2

S/AW

T

I

0,5 1,5 Uitgevoerd % (m/m) % (m/m) ds % (m/m) ds % (m/m) ds

86,3 <0,5 99,7 1,5

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<15 <0,17 <4,0 <5,0 0,084 <1,5 3,2 18 26

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

0,35 4,3 19 0,1 1,5 12 32 59

4 29 56 13 96 23 190 180

7,6 54 92 25 190 34 340 300

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ <38

38

520

1000

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

*

0,004

0,1

0,2

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 <0,050 0,35

1,5

21

40

Legenda Nr. 2

MonsteromschrijvingAnalytico‐nr MM2 5189360

> streefwaarde/aw2000 > tussenwaarde > interventiewaarde Niet getoetst <= Streefwaarde/AW2000

* ** *** ‐

1 0 0 29 10


Toetsing: S en I 2009 Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 22‐01‐2010 John Hol 2010010506 25‐01‐2010 29 01 2010 29‐01‐2010

Analyse

Eenheid

Bodemtype correctie Organische stof Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Voorbehandeling Cryogeen malen AS3000 Bodemkundige analyses Droge stof Organische stof Gloeirest Korrelgrootte < 2 µm (Lutum) Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Koper (Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn) Minerale olie Minerale olie (C10‐C12) Minerale olie (C12‐C16) Minerale olie (C16 C21) Minerale olie (C16‐C21) Minerale olie (C21‐C30) Minerale olie (C30‐C35) Minerale olie (C35‐C40) Minerale olie totaal (C10‐C40) Chromatogram olie (GC) Polychloorbifenylen, PCB* PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 PCB (som 7) (factor 0,7) Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen Fenanthreen Anthraceen Fluorantheen Benzo(a)anthraceen Chryseen Benzo(k)fluorantheen Benzo(a)pyreen Benzo(ghi)peryleen Indeno(123‐cd)pyreen PAK VROM (10) (factor 0,7)

3

S/AW

T

I

‐ * * * ‐ ‐ * ‐

0,64 12 38 0,14 1,5 28 48 130

7,3 81 110 17 96 54 280 390

14 150 180 34 190 79 510 640

280

3800

7400

14,7 17,7 Uitgevoerd % (m/m) % (m/m) ds % (m/m) ds % (m/m) ds

54,3 14,7 84,1 17,7

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

71 <0,17 16 63 3,9 <1,5 20 230 69

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

8,9 <5,0 <6,0 <6 0 13 20 <6,0 44 Zie bijl.

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds /k d mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,0010 <0,0010 <0,0010 0 0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 <0,0010 0,0049

0,029

0,76

1,5

mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds / mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds mg/kg ds

<0,050 0,3 <0,050 0,14 <0,050 0,055 <0,050 <0,050 <0,050 0,11 0,82

2,2

31

59

Legenda Nr. 3

MonsteromschrijvingAnalytico‐nr MM3 5189361

> streefwaarde/aw2000 > tussenwaarde > interventiewaarde Niet getoetst <= Streefwaarde/AW2000

* ** *** ‐

4 0 0 30 7


*) toelichting “De normen uit de Regeling bodemkwaliteit kunnen lager zijn dan de vereiste rapportagegrens in AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens in AP04. Dit betekent dat deze waarden strenger zijn dan het niveau waarop betrouwbaar (routinematig) kan worden gemeten. De laboratoria moeten minimaal voldoen aan de vereiste rapportagegrens in AS3000 dan wel de aantoonbaarheidsgrens in AP04. Het hanteren van een strengere rapportagegrens respectievelijk aantoonbaarheidsgrens mag ook, mits deze is vastgesteld conform AS3000 respectievelijk AP04. Bij een resultaat “< vereiste rapportagegrens AS3000” dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04”, mag de beoordelaar ervan uit gaan dat de kwaliteit van de grond, baggerspecie, bodem of bodem onder oppervlaktewater voldoet aan de van toepassing zijnde normen. Indien het laboratorium een waarde “< een verhoogde rapportagegrens” aangeeft (dit is hoger dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04), dan dient de desbetreffende verhoogde rapportagegrens te worden vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen waarde wordt getoetst aan de van toepassing zijnde normen. Een dergelijke verhoogde rapportagegrens kan optreden bij de analyse van een zeer sterk verontreinigd monster of een monster met een afwijkende samenstelling. Indien het laboratorium een gemeten gehalte rapporteert (zonder < teken), moet dit gehalte aan de van toepassing zijnde norm worden getoetst, ook als dit gehalte lager is dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04. Bij het berekenen van een somwaarde, het rekenkundig gemiddelde en een percentielwaarde worden voor de individuele componenten de resultaten “< vereiste rapportagegrens AS3000” dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04” vermenigvuldigd met 0,7. Indien alle individuele waarden als onderdeel van de berekende waarde het resultaat “< < vereiste rapportagegrens AS3000” AS3000 dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04” hebben, mag de beoordelaar ervan uit gaan dat de kwaliteit van de grond, baggerspecie, bodem of bodem onder oppervlaktewater voldoet aan de van toepassing zijnde normen uit de Regeling bodemkwaliteit. Indien een of meer individuele componenten het resultaat hebben “< dan een verhoogde rapportagegrens”, of er een of meer gemeten gehalten (zonder < teken) zijn, dan dient de berekende waarde te worden getoetst aan de van toepassing zijnde normen uit de Regeling bodemkwaliteit. Deze regel geldt ook als gemeten gehalten lager zijn dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04”.


Toetsing: S en I 2009 Projectnummer Projectnaam Datum monstername Monsternemer Certificaatnummer Startdatum Rapportagedatum

BM1117 Noordeinde 4, Monnickendam 28‐01‐2010 Nigel Coughlan 2010013957 29‐01‐2010 02 02 2010 02‐02‐2010

Analyse

Eenheid

Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn) Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen* Benzeen Tolueen Ethylbenzeen o‐Xyleen m,p‐Xyleen Xylenen (som) factor 0,7 BTEX (som) Naftaleen Styreen Vluchtige organische chloorkoolwaterstoffen* Dichloormethaan Trichloormethaan Tetrachloormethaan Trichlooretheen Tetrachlooretheen 1,1‐Dichloorethaan 1,2‐Dichloorethaan 1,1,1‐Trichloorethaan 1,1,2‐Trichloorethaan cis 1,2‐Dichlooretheen trans 1,2‐Dichlooretheen CKW ( CKW (som) ) 1,1‐Dichlooretheen 1,2‐Dichloorethenen (Som) factor 0,7 Dichloorpropanen som factor 0.7 Vinylchloride 1,1‐Dichloorpropaan 1,2‐Dichloorpropaan 1,3‐Dichloorpropaan Tribroommethaan Mi Minerale l olie li Minerale olie (C10‐C12) Minerale olie (C12‐C16) Minerale olie (C16‐C21) Minerale olie (C21‐C30) Minerale olie (C30‐C35) Minerale olie (C35‐C40) Minerale olie totaal (C10‐C40)

1

S/AW

T

I

µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L

<45 <0,80 11 <15 <0,050 <3,6 <15 <15 <60

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

50 0,4 20 15 0,05 5 15 15 65

340 3,2 60 45 0,17 150 45 45 430

630 6 100 75 0,3 300 75 75 800

µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L

<0,20 <0,30 <0,30 <0 10 <0,10 <0,20 0,21 <1,1 <0,050 <0,30

‐ ‐ ‐

0,2 7 4

15 500 77

30 1000 150

*

0,2

35

70

‐ ‐

0,01 6

35 150

70 300

µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L /L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L

<0,20 <0,60 <0 10 <0,10 <0,60 <0,10 <0,60 <0,60 <0,10 <0,10 <0,10 <0,10 <3,2 32 <0,10 0,14 0,52 <0,10 <0,25 <0,25 <0,25 <2,0

‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

0,01 6 0 01 0,01 24 0,01 7 7 0,01 0,01

500 200 5 260 20 450 200 150 65

1000 400 10 500 40 900 400 300 130

‐ * ‐ ‐

0,01 0,01 0,8 0,01

5 10 40 2,5

10 20 80 5

µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L µg/L

‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ ‐‐ <100

Legenda Nr. 1

MonsteromschrijvingAnalytico‐nr PB1 5201209

> streefwaarde/aw2000 > tussenwaarde > interventiewaarde g Niet getoetst <= Streefwaarde/AW2000

* ** *** ‐

2 0 0 15 28

630

50

330

600


*) toelichting “De normen uit de Regeling bodemkwaliteit kunnen lager zijn dan de vereiste rapportagegrens in AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens in AP04. Dit betekent dat deze waarden strenger zijn dan het niveau waarop betrouwbaar (routinematig) kan worden gemeten. De laboratoria moeten minimaal voldoen aan de vereiste rapportagegrens in AS3000 dan wel de aantoonbaarheidsgrens in AP04. Het hanteren van een strengere rapportagegrens respectievelijk aantoonbaarheidsgrens mag ook, mits deze is vastgesteld conform AS3000 respectievelijk AP04. Bij een resultaat “< vereiste rapportagegrens AS3000” dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04”, mag de beoordelaar ervan uit gaan dat de kwaliteit van de grond, baggerspecie, bodem of bodem onder oppervlaktewater voldoet aan de van toepassing zijnde normen. Indien het laboratorium een waarde “< een verhoogde rapportagegrens” aangeeft (dit is hoger dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04), dan dient de desbetreffende verhoogde rapportagegrens te worden vermenigvuldigd met 0,7. De zo verkregen waarde wordt getoetst aan de van toepassing zijnde normen. Een dergelijke verhoogde rapportagegrens kan optreden bij de analyse van een zeer sterk verontreinigd monster of een monster met een afwijkende samenstelling. Indien het laboratorium een gemeten gehalte rapporteert (zonder < teken), moet dit gehalte aan de van toepassing zijnde norm worden getoetst, ook als dit gehalte lager is dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04. Bij het berekenen van een somwaarde, het rekenkundig gemiddelde en een percentielwaarde worden voor de individuele componenten de resultaten “< vereiste rapportagegrens AS3000” dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04” vermenigvuldigd met 0,7. Indien alle individuele waarden als onderdeel van de berekende waarde het resultaat “< < vereiste rapportagegrens AS3000” AS3000 dan wel “< vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04” hebben, mag de beoordelaar ervan uit gaan dat de kwaliteit van de grond, baggerspecie, bodem of bodem onder oppervlaktewater voldoet aan de van toepassing zijnde normen uit de Regeling bodemkwaliteit. Indien een of meer individuele componenten het resultaat hebben “< dan een verhoogde rapportagegrens”, of er een of meer gemeten gehalten (zonder < teken) zijn, dan dient de berekende waarde te worden getoetst aan de van toepassing zijnde normen uit de Regeling bodemkwaliteit. Deze regel geldt ook als gemeten gehalten lager zijn dan de vereiste rapportagegrens AS3000 dan wel de vereiste aantoonbaarheidsgrens AP04”.



Bodemonderzoek Noordeinde 4 Monnickendam