Issuu on Google+


I n d e x


The Treasures of the Rolling Share the Love Licht is Leven Jan Bosschaert Norma Chavez Raised by a Composer


5


6


In Treasures of the Rolling Stones wordt de geschiedenis van de bijna 50 jaar oude band op chronologische wijze onder de loep genomen. Wellicht denk je nu: “daar zijn al zoveel boeken over geschreven?” Klopt, maar wat dit boekwerk vooral erg bijzonder maakt zijn de uitneembare hebbedingetjes die aan het boek zijn toegevoegd. In het boek treffen we replica’s aan van allerlei memorabilia rondom de wereldberoemde groep uit Londen. Van posters uit de begintijd tot entreekaartjes en backstage passen, uit de collectie van Rolling Stones verzamelaar Matt Lee. Daarnaast staat Treasures Of The Rolling Stones vol met mooie foto’s waarvan vele bij de doorsnee fan niet erg bekend zijn. Glenn Crouch was jarenlang werkzaam bij Virgin Records en in die hoedanigheid ook bevriend met de Rolling Stones. In het boek belicht Crouch de tijd vanaf de eerste single ‘Come On’ in 1963 tot de heruitgave van Exile On Main Street in 2011. Ervan uitgaande dat Crouch zo’n 10 jaar met de band optrok, zou je verwachten dat er ook

wel nieuwe feiten over de groep in staan maar niets is minder waar. Echte diehard fans zullen ook weinig nieuwe foto’s kunnen ontdekken, maar het boek is vooral interessant als introductie voor nieuwe fans en voor mensen die wel eens wat meer willen weten over de groep, die jarenlang als de ‘Greatest rock ‘n’ roll band in the world’ bekend stond. Het boek is prachtig vormgegeven in een stevige kartonnen hoes. In het 61 pagina’s dikke boek zitten diverse enveloppen met allerlei replica’s van allerlei Rolling Stonessnuisterijen. Zo zit er in het eerste mapje een heruitgave van een poster voor een concert uit 1963 van de groep in Morecambe, samen met The Merseybeats en Dave Berry.

jaar 1972. In dit mapje vinden we een

Het tweede mapje treffen we aan bij het

ticket voor een concert in Bern, Zwitser-

jaar 1967. In dit mapje vinden we een flyer

land (1973), een uitnodiging van de groep

uit oktober 1963 met de Everly Brothers,

voor een plaatpresentatie bij WEA records,

een gesigneerd programmaboekje van de

een zeldzame promotieposter voor Some

Star Parade (1963), een gesigneerd pro-

Girls (1978) en een backstage gast pas

gramma van het Magdelane Collega Ball

voor de Europese tour uit 1976. Ook bij

(1964), een entreekaartje voor het National

het jaar 1982 komen we weer een mapje

Jazz Festival (1964), een ABC-Romford-

met fraaie bijlages tegen. Zo zit er een aan-

flyer (maart 1965), een gesigneerde brief

zichtkaart van Mick Jagger uit 1978 in, een

van Brian Jones aan een fan uit 1965, een

entreekaartje voor het concert in het Wem-

backstage pas en een entreekaartje voor het

bley stadion in Londen (1982), een rider

concert van the Rolling Stones in de RAI in

(een lijst met vereisten) voor een hotel in

Amsterdam (1970).

Belgrado en setlisten voor optredens in de

Het derde mapje komen we tegen bij het

Voodoo Lounge Tour (1994-1995) en hun optreden tijdens de Superbowl (2005). Als afsluiter treffen we achterin het boek nog een mapje aan met daarin item #22: een gesigneerde poster met een foto, gemaakt tijdens een persconferentie voor de Bridges To Babylon-tour. Treasures of the Rolling Stones is een mooi begin voor eenieder die meer over the Rolling Stones te weten wil komen maar eveneens een aanwinst voor de meer gelauwerde fans.

7


8


9


10


11


12


13


14


15


SHARE THE LICHT IS LEVEN

16


E LOVE -

17


MOEDER NATUUR GEEFT ONS ELKE DAG GRATIS LICHT GEBRUIK HET

18


‘Licht is leven’

vrijwel alle organismen

hebben het nodig. We hebben licht nodig, niet alleen om goed te kunnen zien, maar ook voor onze gezondheid. Doordat wij veel binnen leven en dan nog meestal in een omgeving met voornamenlijk kunstlicht, hebben we een gebrek aan daglicht. Een oplossing voor dit probleem is onder andere het gebruik van glazen koepels en het concept van de organisatie “Isang Litrong Liwanag”. Letterlijk vertaald “ een liter van licht”. Het concept is om donkere ruimtes overdag te verlichten via de reflectie van water. Dit gebeurt via een simpele plastic fles, die in het dak van een huis wordt gemonteerd. Isang Litrong Liwanag verlicht via dit systeem verschillende huizen in de Fillipijnen en het is de bedoeling om in de loop van 2012 alle huizen daar zo te verlichten. Waarom dit concept niet in België toepas-

19


sen?! Onze energierekeningen blijven maar stijgen, we zitten te veel binnen en hebben een gebrek aan zonlicht. Ook is onze ecologische voetafdruk veel te hoog. Dit probleem kunnen we niet in een keer oplossen, echter licht van buiten naar binnen brengen zou al een stap in de goede richting zijn. Tegelijkertijd zou dit iets zeer moois kunnen zijn, want het hoeft niet zomaar een lelijke plastic fles te zijn of een gewone glazen ruit. Om dit aan te tonen hebben wij het concept omgevormd naar iets wat eigenlijk kunst kan worden genoemd. Wij zijn namelijk van plan om een reizende “gang” door heel België te laten toeren. Deze “gang” zal voor verschillende ingangen van bekende gebouwen geplaatst worden, zoals bijvoorbeeld aan de ingang van het Centraal-Station in Antwerpen. Op deze manier kunnen de bezoekers een wereld betreden, die niet enkel magisch is vanwege het prachtige licht, maar ook vanwege het idee dat je op zo’n simpele manier licht kan maken!

20


21


22


23


JN 24

C


CH

25


Jan Bosschaert werd geboren op 15 december 1957 in Borgerhout. Hij volgde een opleiding Vrije Grafiek aan het SintLucasinstituut in Brussel. Zijn jeugdwerk werd in 1996 gebundeld in het boek De rode draad. Bosschaert debuteerde in 1982 met het tekstloze album Icarus. De politieke satire Pest in het paleis, naar het scenario van Guido Van Meir, verscheen in 1983. Dankzij de voorpublicatie in het weekblad Humo realiseerde Bosschaert zijn doorbraak naar het grote publiek. Daarna volgde Omni 20.000 millirem onder zee, dat werd voorgepubliceerd in het stripweekblad Eppo en in 1987 werd uitgegeven bij Oberon. Dit verhaal over een ecologisch A-team werd geschreven door Wilbert Plijnaar en Jan Van Die. Met dank voor uw geboeide aandachtigheid kwam uit in 1988 bij uitgeverij Dedalus waarna Bosschaert samen met Marc Legendre in 1989 Walter & the King Kong Kooks maakte. Het gaat hier om een catalogus in stripvorm voor mode-ontwerper Walter Van Beirendonck. De samenwerking met Legendre was de aanzet voor de reeks Sam, over een meisje met een passie voor techniek en wagens, waarvan intussen reeds 7 albums verschenen bij Standaard Uitgeverij. Samen maakten ze ook nog eens 2 Sam-albums voor Fabrimetal, verhalen die erg enthousiast werden onthaald door leerkrachten en leerlingen. Red Neptunus, een verhaal over watervervuiling, volgde in 1994. Sinds 1996 werkt hij samen met PUG aan Zapman, een komische strip die wekelijks verschijnt in

TeVe-Blad. In 1998 verschijnt De geverniste vernepelingskes, een samenwerking met Urbanus, waarvan het volgende deel momenteel wordt voorgepubliceerd in het maandblad ‘Che’. In 2001 brachten zowel vzw Arcadia als de Standaard Uitgeverij een album uit van Zapman. De wraak van Kamerah verscheen bij Arcadia, terwijl de Standaard Uitgeverij een bundeling gags op de markt bracht van de zapper. Datzelfde jaar werden de Bosschaert-fans nog eens extra verwend met een derde album van de Antwerpse tekenaar. Jaguar, op scenario van Jean Dufaux, verscheen bij Casterman. Jan Bosschaert kreeg in 1991 de ‘Bronzen Adhemar’, de hoogste onderscheiding voor een striptekenaar in Vlaanderen. In 1997 werd hij bedacht met de ‘Prix Jeunesse’ op het stripfestival Bédécine te Illzach in Frankrijk. Naast zijn stripwerk doet Bosschaert ook heel wat illustratiewerk voor boekcovers (ondermeer voor jeugdschrijver Marc De Bel), tijdschriften (Humo, Playboy, Flair, P-Magazine, Teek), affiches (Saint-Amour), platenhoezen (Plastic Bertrand, The Paranoiacs, Pitti Polak), De Morgen, brochures enzovoort.

26


27


28


29


30


31


Norma Ch 32


havez

33


34


1) Wat heb jij in Mexico gestudeerd? Ik studeerde 5 jaar in de universiteit, grotendeels waren het theoretische lessen, en de laatste 2 a 3 jaar van mijn studies kregen wij pas computers. Dit was rond 1988. Ik vindt dat goed dat ik nog praktijk heb geleerd zonder de computer, want zo begrijp ik heel gemakkelijk de logica van bv: Photoshop (layers, masks,...). Het is dus allemaal hetzelfde, alleen win je ongeloofelijk veel tijd door op de computer te werken! 2) Waarom ben je naar België gekomen? Liefde (lacht)! Ik leerde mijn man 10 jaar geleden kennen op een reis in Italië. Mijn man woonde in België, en aangezien wij samen waren verhuisde ik ook naar hier. te zetten aangezien onze lezers grotendeels aan de ouder zijn, en nog steeds 3) Waar werk jij nu? trouw zijn aan papier en nog niet klaar Ik werk bij uitgeverij Cascade, wij zijn zijn om het (volledig) te vervangen met met 5 lay-outers, vroeger bestond wij een scherm. uit 2 ploegen; de wetenschappelijkeen rode ploeg. Wij maken verschillende 4) Wat is uw job voor deze magazines? magazines zoals Primo dat zo’n 10jaar Ik ben nu verantwoordelijk geworden bestaat. Toen ik begon te werken bij voor Primo, in tegenstelling tot vroeger, Cascade was het boekje vroeger klein, waar iedereen verantwoordelijk was. zo’n A5-formaat, omdat het echt als Dit betekende dat de ene week voor tv-boekje werd beschouwd. En over de die persoon was om de magazine na te jaren heen is het boekje gegroeid naar kijken, en de andere week een andere een grotere formaat zoals andere mag- persoon. Dat was een ramp omdat azine (Dag Allemaal, Story,...). iedereen een andere smaak heeft, een De wetenschappelijk ploeg maakt de andere opinie. Er was wel een vaste magazines van Eos Science en Psych huisstijl waar iedereen zich op richte, & Brein. Eos Science gaat stoppen met maar het was toch te veel werk om printen, en gaat enkel te lezen zijn op iedereen elke week na te moeten kiiPad. jken. Dus nu maak ik het zelf met nog Primo is nog niet klaar voor deze stap iemand anders. 5) Hoe vaak wissel jij van stijlen af in uw magazines? Duurt het bijvoorbeeld een maand voor dat wij een stijl op een blad terug zien op een andere blad? Dat hangt allemaal van de thema af, van de tekst. Soms is het een saaie

35


doorlopende tekst, soms is dat een opsomming van een tekst... Ik kan kiezen tussen die sjabloon, en die (duid verschillende pagina’s in magazine aan als voorbeeld voor sjablonen). 6) Over hoeveel sjablonen hebben wij het nu? Oei oei oei (lacht)... Ik heb de sjablonen zelf gemaakt, waar ik eigenlijk heel trots op ben, en omdat alles op de computer in lagen opgeslagen is hoef ik enkel 1 keer te klikken en alles verandert van sjabloon. Als dat er niet bij past, moet ik gewoon nog eens klikken!

ex-collega’s die dat wel doen en veel verschil is er niet.

7) Jij zegt dat het elke week een nieuwe magazine is, maar hoeveel tijd heb jij zelf om die magazine te maken? Heb jij 5 dagen de tijd? Nee, toch wel exact een week. Wij beginnen op maandag met de vaste rubrieken zoals horoscoop, gezondheid, seks & relaties,... En dan beginnen de nieuwe artikels te komen tijdens de andere dagen.

11) Hoe lang ben jij bezig om al die sjablonen te hebben? Goh, de eerste keren dat je een sjabloon maakt is nooit goed. Maar je moet die wel bijhouden op andere layers en beginnen aan een nieuwe of verbeterde van een al bestaand sjabloon.

8) Heb jij hetzelfde werk gedaan in Mexico? Nee, ik had heel weinig praktijk en ervaring na de universiteit. Ik had wel een paar masters gedaan, en ik ben zelf docent geworden op de universiteit voor typografie en graphic design. 9) Is er een grote verschil in het manier van werken in de magazines van België en die van Mexico? Ik heb nooit voor magazines gewerkt in Mexico, maar ik heb wel vrienden/

36

10) Heb jij een favoriete font? Eigenlijk niet, ik vind het beter om te lettertypes te ontdekken en uit te proberen. Maar in de magazines is dat natuurlijk niet (altijd) mogelijk omdat er nog steeds een soort van vaste sjabloon is, zelf qua font.

12) Is het makkelijk uw werk te combineren met uw job als moeder? Want het is gekend in deze industrie dat je echt hard en vooral lang moet werken, een echte 9 to 5 job? Moeilijk he, maar dankzij mijn lieve man is het allemaal niet onmogelijk. Maar het is volgens mij moeilijk voor alle werkende moeders. Ik begin normaal rond 8u tot 17u, maar het is zeker niet ongewoon dat ik vroeger moet starten of langer moet werken! 13) Lees je zelf al die teksten die jij in de magazines moet plaatsen? Meestal wel, maar zelfs als ik ze niet lees word mij wel kort uitgelegd waarover het gaat. Want soms komen er woorden in voor, of is er zelf een onderwerp waar ik volledig niks van snap. En het is natuurlijk belangrijk om te weten waarover de teksten gaan als je een design wil creëeren in de stijl van

het onderwerp. En ik weet ook vaak waarover iets gaat of wat de stijl is dat er verwacht word door naar dezelfde artikels te kijken van bv: Eos, maar vanuit een andere land/taal. Door hun aanpak te bekijken en bestuderen is het aan mij om de artikel opnieuw in onze magazine te maken in dezelfde stijl of zelfs (in mijn ogen) een betere stijl. 14) Ik heb tijdens mijn bezoeken bij reclame-bureaus gemerkt dat er vaak mensen zijn die beelden liever maken m.b.v. Photoshop, en andere mensen die liever in de studio echte beelden na te bootsen of te creëeren. Ben jij eerder een “Shopper”, of heb jij liever de natuurlijk aanpak van beelden? Goh, dat hangt allemaal af van het resultaat he. Hoe jij uw doel wil bereiken hangt allemaal van jou af, als er maar een goede resultaat is. Dus een echte voorkeur heb ik niet. 15) Werk jij dan constant in Nederland aangezien Cascade van Nederland is? Ik werk voornamelijk in België, maar omdat het hoofdbedrijf in Nederland is moet ik soms ook naar daar.


37


38


39


R A I S E D RAISED B Y A BY A C O M P O COMPOS

40


D

O S E R SER

41


Laten we beginnen met waarom ik in Orange County, Los Angeles ben geboren. Mijn vader is geboren te Antwerpen op 22 maart 1962 als Dirk Thyssens, geadopteerd als Dirk Pilaet, om achter de ‘artiestennaam uit een ivoren toren’ Brian Clifton eigen muziek te beginnen creëren. Desalniettemin, Antwerpenaar in hart en ... taal. Adoptievader en boezemvriend was namelijk ooit 4x zwaargewicht Belgisch bokskampioen Stan Clifton. Zijn gebruik van de naam Clifton komt van zijn ouders die in de jaren 1920 nog lid waren geweest van de beroemde ‘The Five Cliftons’, een vaudeville act die samen nog affiches heeft gedeeld met Charlie Chaplin, Sophie Tucker en The Mills Brothers. Brian zocht, zoals de meeste zonen, zijn eerste schouderklopje bij z’n vader en dacht dit te bereiken door de naam Clifton opnieuw leven in te blazen. Verveeld door de Engelse klank van de naam Dirk (“sounds too much like jerk”) en als jonge drummer steeds geïnspireerd door de drumsolo ‘Little B’ van Brian Bennett van The Shadows, werd de naam Brian Clifton geboren. Brian zette zijn eerste professionele stappen niet in de richting van de toenmalige BRT, maar in Londen. Daar zou zijn contact met legendarisch oscarwinnend filmproducent en Columbia Pictures CEO, David Puttnam (Midnight Express, Chariots Of Fire, The Killing Fields), be-

42

palend worden voor de volgende koers in zijn carrière, richting Los Angeles, Hollywood. Van Puttnam kregen Brian en zijn toenmalige partner/arrangeur Steve Willaert de kans om samen te werken met Beatles producent/arrangeur George Martin aan ‘The Mission’. Een labiele situatie bij The Mission’s productiefirma, Goldcrest, bracht de opdracht echter bij Brian’s mentor, maestro Ennio Morricone. De hele ‘Mission’ervaring alsook Puttnam’s aanmoediging - als toenmalig CEO l filmmaker Buyens was in die mate onder de indruk van Brian’s demo - waarin het voor Buyens vooral te doen was om een “klimaat” i.p.v. emotionele ondersteuning - dat hij Brian vroeg om een unieke regisseur-componist afspraak: hij zou Brian overvliegen naar de editing-room in Brussel om de film slechts éénmaal met hem te bekijken, om Brian daarna alle vrijheid te geven om zijn impressies om te zetten in een soort van symfonie. Daar tegenover wou Buyens alle vrijheid van Clifton om deze symfonie onder de film te plaatsen. Het resultaat werd een aangrijpende en unieke film met Senne Rouffaer, Dora van der Groen en Koen De Bouw in de hoofdrollen. De soundtrack zelf heeft Brian uitgebracht op zijn eerste cd ‘La Chapelle De Bois’. Het begin in Los Angeles was moeilijk: Vooreerst werd David Puttnam’s carrière als CEO de kortste in de geschiedenis van de 5 grote Hollywoodstudio’s. Verder was de periode van Brian’s aankomst in Los Angeles deze waarin filmmuziek-agents zich begonnen af te scheiden van de grote agencies om hun eigen onafhankelijke firma’s op te richten, wat voor een filmcomponist het noodzakelijke vinden van de juiste agent op dat moment vertraagde. Gelukkig waren er


P l ease don ‘ t spo i l my day I ‘m mi l es awa y And af ter al l I ‘m on l y s l eep i ng

43


44


45


toen nog succesvolle produkties zoals ‘Alfa Papa Tango’ en het long-distance vertrouwen van regisseur Vincent Rouffaer, alsook Jan Keymeulen met ‘Sarah! Sarah?’, om Brian toch de muziek te laten componeren voor hun films. Een paar agents later, alsook enkele obscure opdrachten zoals erotic-art dance video’s musicscores voor Playboy, en wat opdrachten als ghost-writer, en met een green-card op zak, kon Brian voor zijn eerste Hollywood langspeelfilm tekenen, ‘Bird Of Prey’ met Jennifer Tilly, Richard Chamberlain & Lesley Ann Warren. Met de “oefening baart kunst”regel voor ogen hield Brian zich

46

gedurende 11 jaar in Los Angeles met niets anders bezig dan het maken van muziek onder beeld, “want elke filmcomponist begint eerst met filmmuziek te schrijven i.p.v. muziek voor de film”, en van die fout wilde hij af. Zich goed bewust van het kleinere aanbod in de Vlaamse filmindustrie voor een filmcomponist, kwam Brian via vriend en Blinker-producent Rudi van den Bossche in contact met jeugdauteur Marc de Bel. Eensgezindheid tussen Marc en Brian o.a. over de mogelijkheden om fantasierijke verhalen met dramamuziek te brengen, zette de twee op een pad van exploratie. Het muzikale sprookje ‘Malus’, ge-

bracht door het wereldbefaamde Flanders Recorder Quartet in een regie van Lulu Aertgeerts werd een succesvolle eerste stap. Via Lulu Aertgeerts - als auteur en regisseur - werd Brian geïntroduceerd in de wereld van musicals. Ook hier kwam zijn ervaring en talent voor drama van pas. Ondertussen bleef de pen voor filmmuziek niet stil liggen: ‘Suske & Wiske: De Duistere Diamant’ van Rudi van den Bossche, evenals het in New York Best Filmmusic genomineerde ‘eLLektra’, in samenwerking met Axelle Red en pianiste Claire Chevallier, getuigen van zijn on-going passie en interesse om drama en fantasie klank bij te zetten.


47


48


49


50


51


52


Vibes-Magazine