Page 25

“De vrouw die zijn arm lieflijk vast heeft, ben ik, ”zei Mila. Hylas, in een moeras omringt door zeven nimfen, vlak voor de verleiding en zijn verdwijning. Alle vrouwen leken op een zelfde model van de schilder “Die teder met beide handen zijn arm vast heeft?” “Ja, dat ben ik die van je houd.” Het was alsof er geen Boze plannen in de wereld bestonden. Onder het raam stond een oud bed, met een kuil in de matras. Een bed kon je het niet noemen. Ik snoof de geur van haar parfum op. Dierfiguren zag ik in het lekkende plafond. Mila kleedde zich uit. Met een snelle ruk maakte ze haar haarband los. Haar blonde haar viel tot op haar heupen. Beneden werd gepraat. Schelle uitroepen verstoorde de stilte er werd gelachen. Ze zei: “Niets te zeggen is voldoende.” “Weet je nog hoe we op het plein speelden bij de grote oude eik. En hoe je vader ons redde uit de rivier?” “Ik weet het nog.” Druppeltjes liepen langs haar neus over de donzen haartjes boven haar mond. Ik kuste haar en proefde het zout van de zee. Ik keek naar de curve van haar rug en de vorm van haar billen. Mijn blik was blijven rusten op de hoogte van haar laarzen. Haar borsten prikten de lucht in tegenlicht uiteen. In de verte hoorde ik wagons rangeren, gerommel in de warme, geladen atmosfeer. Mijn gedachten worden als wagons aan elkaar gekoppeld voor een nieuwe bestemming. “Met je haar in krullen en naakt liep je vannacht door de bergen en dalen van mijn dromen en vormde je het epicentrum van een beving,” zei ik. “We zijn nog nooit zo ver geweest.” “Zonder elkaar komen we er niet meer.” Ze pakte zijn baret, zette die op haar hoofd. “Je bent als Che Guevara,” zei ze. “Revolutie, “ antwoordde ik.

Vermoeid ging ik naar de plaats van het feest, een gehuurde zaal aan Het Rokin. Aan een voorbijganger met een ontlastende hond vroeg ik de exacte locatie. Met een ontwijkende blik nam ik de informatie in ontvangst. Ik liep naar het donkere grachtenpand met de zwart uitgeslagen gevels. In de uiterst kleine entree kon ik kiezen uit een trap omhoog en een trap omlaag. De route was onduidelijk, de opslokkende donkerte in het souterrain lokte mij niet, ik koos voor de weg omhoog. Een deur stond open. Onder een scherp licht paste een man op de garderobe. In een slobberend pak en overhemd met losse boord hulde hij het vertrek in rook. Een gele vlek verkleurde zijn vingers waar hij zijn sigaret omklemde. “Weet u of hier een feest is van Mila uit Landsmeer?” “Nou, dat moet dan beneden zijn.” Tijdens zijn antwoord was de man schokkend opgestaan en weer gaan zitten In het lage benedengedeelte bevond zich een bar, daarachter een sober ingericht hogere zaal. Achterin was een podium. Twee negers waren aan het repeteren. Hun haar was zo geknipt dat enkel een smalle strook stekeltjes boven op de schedel was blijven staan. De glimlichten gaven een helmachtig effect. Samen met de musici voor het podium repeteerden ze het programma van die avond. Hun tweestemmige croonen bestond uit ritmische woorden waardoor iedereen bewoog. Ik was gaan zitten op een vrije stoel met om mij heen pauzerende muzikanten. De negers dansten nu voor in de zaal. Hun bruine, nauwsluitende tuinbroeken waren met sieraden versierd. De slangachtige synchrone dans prikkelde me. Regelmatig werden gedeelten herhaald. De drummer volgde exact de aanwijzingen van de zangers op. Met hun dynamische armbewegingen dirigeerden ze het geheel. Naast hem fotografeerde Mila. Haar fototoestel had een enorme zoomlens en was daarom op een schouderstatief geplaatst. Ze zag mij niet. “Alsof ze een bazooka afvuurt, ”dacht ik. De automatische flitsen fixeerden het schouwspel. Ik voelde me ellendig en besloot een cognac te drinken. Maar de pijn in mijn gewrichten verminderden niet. Anderhalf uur duurde het nog voor de show ‘Hot Pieces’ om middernacht begon.

26

Po-e-zine 6 Randstad  
Po-e-zine 6 Randstad  
Advertisement