Page 1

2 april 2019 • 3e jaargang - 16

De verborgen schatkamer van het museum

p 11

Touria Meliani,

Winterswijkse aan het roer in de hoofdstad

p4 De opmerkelijke carrière switch van Domien Esselink

p9 Zestig jaar geleden:

EN VERDER:

-

nozems, petticoats,

relletjes en rock ’n roll

p24 p19

www.devijftigpluskrant.nl

Hoe veilig is de scootmobiel? Er is nog hoop voor de weidevogels Bij TopArt bloeit talent op Wat weet ú nog van de oorlog?


r e m o z e d t a a L n e m o k r maa

â?

â?

Wij staan garant voor kwaliteit, advies en service!

Loop eens binnen in onze showroom en maak kennis met de veelzijdigheid aan mogelijkheden en producten die wij in huis hebben aan buitenzonwering, horren en raamdecoraties.


eerst nog even dit Een haven bij het centrum en een metro in Meddo Weet u het nog? Honderd jaar geleden strandden in Winterswijk de plannen voor de aanleg van een kanaal, een haven en een tramlijn, net ten noorden van het centrum. Een textielbaas zag zo’n aftakking van het Twentekanaal wel zitten, maar bij de gemeente en provincie was men wat sceptischer, vooral vanwege de rekening die dan op hun mat zou vallen. De vondst van olie bij Corle deed de hoop op een florerende mijnindustrie met tal van weg- en waterverbindingen nog enigszins opflakkeren, maar uiteindelijk ging het hele kanaalplan - door geldgebrek, crisis en wereldoorlogen - roemloos kopje onder. Het in een optimistische bui van horeca-man Maas geopende café Havenzicht aan de Waliënsestraat, heeft hierdoor nooit ook maar één binnenschipper of dorstige matroos aan de tap mogen verwelkomen.

straks allemaal betalen?’, horen we nu over de huidige plannen. Het is op zichzelf goed dat Winterswijkers nuchter en achterdochtig zijn tegenover grootse plannen en visionaire droombeelden. Want het behoedt plannenmakers en bestuurders voor een al te enthousiaste greep in onze portemonnee en voor megalomane, stadse ambities, die onze gemoedelijke gemeenschap en kleinschalige landschap geweld aan zouden doen. Wel hebben ambitieuze ondernemers als de Willinks en Meijerinks ons mooie spoorverbindingen en werkgelegenheid gebracht, zodat we ons goed onderwijs, een ziekenhuis en culturele voorzieningen kunnen permitteren, die op hun beurt ook weer werk opleveren. En pionierende winkeliers als Wiggers en Obelink verschaffen tot op de dag van vandaag duizenden mensen een boterham, terwijl campingbazen intussen hun accommodaties maar blijven verbeteren en uitbreiden, zodat steeds meer toeristen geld naar binnen brengen. Een eerlijke kans geven aan plannen van bestuurders en bedrijven blijft dus nodig om Winterswijk leefbaar en vitaal te houden, maar wel op een schaal die bij het dorp past en het kwetsbare buitengebied niet laat verrommelen. Dus liever geen nieuwe spoorlijnen, kanalen en snelwegen in ons Nationaal Landschap. Dan is die ondergrondse misschien nog niet zo’n gek idee.

Het is grappig om te zien dat het havenplan een eeuw na dato nog steeds tegengestelde reacties oproept op de site oudwinterswijk.nl. Waar de één er alleen maar ellende van had zien komen, spreken anderen juist van een gemiste kans. Eigenlijk dus precies hetzelfde als ook nu weer het geval is rond de plannen voor een cultuurkwartier, een grensoverschrijdend dienstencentrum, een geologie-museum, een gezondheidspark, een tunnel onder het spooremplacement, een treinverbinding naar Borken en zelfs een metrolijn naar Meddo, al vermoed ik dat dit laatste plan ooit begin deze maand van het jaar het licht zag. Maar ach, waarom ook niet? We hadden immers ook ooit een treinstation in Miste, dus wat is er mis met een eigen Noord-Zuidlijn, of een Circle Line met haltes bij SKB en de Pelkwijk? De AutoMaatjes die elkaar nu op die route boven de grond verdringen, kunnen dan rustig op stal blijven. Maar, ‘het grote geld uitgeven is begonnen’ en ‘wie gaat dat Jan Ruesink

jan@devijftigpluskrant.nl

Duitse boeken niet meer in trek bij de bieb Duitstalige boeken van grote schrijvers als Hesse, Goethe, Kafka en Grass; je vindt ze niet meer in de Winterswijkse bibliotheek. “Er is geen vraag meer naar en wordt een boek twee jaar niet meer uitgeleend, dan gaat hij uit de collectie”, zegt Lynn Karsijns, manager dienstverlening Bibliotheek Oost-Achterhoek. “Mogelijk wordt er op het Gerrit Komrij College door leerlingen nog wel in Duitse boeken gelezen, maar dat staat los van de bieb an sich, er staan er nog wel wat Duitstalige boeken gekregen van het GKC.”

Winterswijk is een gemeente die voor tweederde wordt omringd door Duitsland, waar zelfs op een basisschool al Duitse les wordt gegeven, waar de burgermeester het klooster in ging voor een cursus Duits en waar wekelijks tienduizenden gasten uit Duitsland het koopcentrum bezoeken. Des te opvallender is het dat bij de plaatselijke bibliotheek amper Duitstalige boeken in de schappen liggen. Maar het is misschien ook wel te verklaren: in de vorige eeuw keken we zeker in de grensstreek nog massaal naar de Duitse televisie, het enige alternatief naast Nederland 1 en 2. Wie keek er niet naar Der Alte, Derrick, Die Schwarzwaldklinik of de Rudi Carell Show, alles afgewisseld met die Maizelmännchen. Naast het feit dat volwassenen geen Duitstalige boeken meer lezen, wordt er dus ook een stuk minder naar de Duitse televisie gekregen, logisch omdat het zenderaanbod tegenwoordig enorm is.

“Bij ons worden de buitenlandse romans met name door leerlingen van het GKC geleend. Engelse romans worden veel geleend, maar Duits- en Franstalige boeken niet”, aldus Karsijns. Navraag leert dat er inderdaad door GKC-leerlingen nog wel Duitstalige boeken worden gelezen, zowel klassikaal als buiten lestijd. Bij boekhandel Kramer laat men weten dat er geen Duitstalige boeken worden verkocht. “Wij moeten ze dan importeren en dan zijn ze dus een stuk duurder en minder aantrekkelijk om te kopen voor onze Duitse klanten”, zegt Veronie Snijder van boekhandel Kramer.

3

Colofon De 50+ Krant is een uitgave van Te Loo Media, tweemaandelijkse huis-aan-huisuitgave op dinsdag. Oplage 14.300 in Winterswijk en buurtschappen en pickup-punten in Winterswijk Uitgever: Te Loo Media. Directeur/eigenaar Franz te Loo Algemene voorwaarden KvK 66118581 Verkoop advertenties voor 50+ krant en website: Franz te Loo 06-57549610 aanlevering advertentiemateriaal e-mail: mediacommunicatieprteloo@gmail.com Redactie: Jan Ruesink (eindredactie). Redactiemedewerkers/tekstschrijvers: Wim Ruesink, Bernhard Harfsterkamp, Daniëlle Carrière, Yvet Koskamp, Bart Iking, Domien Esselink, Erik Meinen, André Vis. Vormgeving krant: Sandra Kingma Grafische Vormgeving Aanlevering kopij, tips, persberichten: redactie@devijftigpluskrant.nl Webredactie: Jan Ruesink, Peter van der Wel Advertenties: Evert Braakhekke Kathy Wolterink-Mulder Foto’s: PR en redactie Evert Braakhekke Bezorgklachten/geen krant ontvangen: Direct verspreidingen info@directverspreidingen.nl of 055-5341825 Vermeld duidelijk uw klacht, postcode en huisnummer Auteursrecht Overname van artikelen (of delen ervan) uit deze uitgave is niet toegestaan zonder uitdrukkelijke, schriftelijke toestemming van de uitgever. Dat geldt ook voor vermenigvuldigen, kopiëren, publiceren op internet of opslaan in een databank Aansprakelijkheid De 50+ Krant wordt met grote zorgvuldigheid en naar beste weten samengesteld. Uitgever Te LooMedia en auteurs streven naar juistheid en volledigheid van informatie en beeld. Fouten blijven mogelijk. Uitgever en auteurs aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor schade die het gevolg is van handelingen, gebaseerd op onze informatie. Volgende editie verschijnt op 4 juni 2019.


Touria Meliani, van de Winterswijkse markt naar wethouderschap in Amsterdam

“Winterswijk is heel belangrijk voor mij geweest” Een van haar eerste baantjes was bij de viskraam op de zaterdagmarkt in Winterswijk. Nu is ze wethouder in onze hoofdstad Amsterdam, waar ze met haar man woont. Touria Meliani (50) groeide op in Winterswijk en vertelt aan de 50+Krant wat haar herinneringen aan Winterswijk zijn, maar ook hoe belangrijk dit dorp is geweest voor haar als persoon en voor haar carrière.

Door Wim Ruesink

andere cultuur waar wij uitkwamen, maar ik heb nooit enige weerstand of vijandigheid jegens ons gevoeld, integendeel. Iedereen was heel aardig en hartelijk. We waren een van de eerste Marokkaanse gezinnen in Winterswijk, mijn moeder was alleenstaand, fietste en heeft bijna altijd werk gehad.”

Touria Meliani werd in 1969 geboren in het Marokkaanse Debdou. Ze kwam eind 1975 als 6-jarige naar Winterswijk waar haar vader al woonde. “Toen we er kwamen was het koud en Sinterklaas kwam aan, ik wist totaal niet wat dat was.” Ze kwam samen met vier zussen en een broer. In 1978 keerde vader terug naar Marokko en moeder kwam er alleen voor te staan. “Ik heb ongelooflijk veel waardering voor haar, ze heeft ons opgevoed en ons direct in de Winterswijkse samenleving laten integreren. We kwamen eerst tijdelijk, maar kort aan de Morgenzonweg te wonen, vervolgens in de Tweede Gasthuisstraat en jaren later verhuisden we naar de Joost van den Vondelstraat. In de Tweede Gasthuisstraat hadden we gelijk goed contact met de buurt, wij als moslims gingen om met christenen en andere gelovigen. We hadden buren die er allemaal voor je waren. Ik ben eigenlijk heel veilig opgegroeid in de dorpse cultuur van Winterswijk. We hadden ook buurtvriendjes en vriendinnetjes, eigenlijk altijd wel. Sylvia, Tanja en ook Mireille waren goede vriendinnen van mij. Het was natuurlijk een

Touria Meliani:

“Wethouderschap is intensief,

maar ik ga ervoor.” “Ik ging naar de Hazelderschool, daar had ik een enorm fijne tijd, warme school. Daar was het meester Fred Bos die mij de liefde voor de natuur bijbracht. Ik leerde de namen van veel plantjes en vogeltjes, maar bovenal de liefde voor de natuur. Ik weet nog dat we tijdens Kamp Wenters op Vlieland over een duinpad liepen. Plots wees meester Bos ons op de prachtige lepelaars die er te zien waren. Ik heb nog steeds contact 4

met Fred Bos, hij gaf ook al eens een natuurlezing in Amsterdam. We kregen eigenlijk gelijk bij onze komst in Winterswijk bijles. Dit deed mevrouw Brouwer. Maar ook Hanneke Hanegraaf is enorm belangrijk voor ons geweest, ze gaf mijn moeder Nederlandse les in het kader van integratie, maar bovenal omdat er een klik was. Hanneke heeft mij altijd gevolgd in mijn jeugd en gezorgd dat we verder konden komen. Ik heb haar een tijd terug nog bezocht en ze is enorm trots dat ik nu wethouder ben. Na de lagere school heb ik op de RSG de mavo gedaan, toen mbo en hbo.“

“Winterswijk is in alle opzichten heel belangrijk voor mij geweest. Onze moeder ging heel veel met ons fietsen, de Bekendelle in of naar het Rommelgebergte, we waren veel buiten. We keken naar plantjes in de berm, keken wat er in de slootjes zat. Zo heb ik een relatie met de natuur gekregen. Mijn eerste kennismaking met kunst was bij galerij Koempoelan van Günther Buhck in de Wilhelminastraat, mijn zus exposeerde daar. Ben daar zelf ook vaker wezen kijken naar kunst.”


CV Touria Meliani

Geboren in 1969 in Debdou (Marokko) Opleiding • Hazelderschool, mavo RSG Winterswijk • Cultureel Maatschappelijke Vorming, Hogeschool van Amsterdam Loopbaan • Mei 2018- heden: wethouder (GroenLinks) in Amsterdam • September 2013 - 30 mei 2018: directeur Tolhuistuin • 2007 - 2012: diverse functies Nevenfuncties (o.a.) • Juni 2017 - heden: Bestuurslid Nationaal Comité 4 & 5 mei • November 2015 - 2017: Medeoprichter en bestuurslid Stichting leder1 • 2017 - mei 2018: Oprichter en bestuurder Stichting Laplas Ook qua karakter heeft Winterswijk haar gevormd. “Achterhoekers houden niet van aanstellerigheid, ‘doe nou maar gewoon’ is hier het motto. Ze houden niet van dat stadse gedoe. Weet je, ik hou eigenlijk helemaal niet van gewoon doen, maar ik merk dat die Achterhoekse opvatting van gewoon doen mij wel gevormd heeft. In de steden is het steeds maar praten, zich constant uiten, in de Achterhoek pakken ze dingen gewoon op.” “Als ik moe ben heb ik soms dat Achterhoekse accent weer, mensen horen dat dan gelijk. Mijn schoonzusje, Nadia Zerouali heeft nog veel meer dat Achterhoekse accent, zeker als ze weer in Winterswijk is geweest.”

Talamini, de ijssalon waar ze zulk ongelooflijk lekker ijs hebben. Dan op de fiets de buurtschappen af en ze laten zien hoe prachtig het er is, de rust die er heerst, en al dat groen. Berenschot Watermolen en natuurlijk ook naar de Bekendelle, zo mooi daar.”

uit Winterswijk. Ik hoor dat GroenLinksburgemeester Joris Bengevoord het goed doet en geliefd is onder de inwoners. Ik zou hem wel eens willen ontmoeten. Ik heb een overvolle agenda maar lijkt mij leuk hem eens te ontmoeten. En GroenLinks heeft nu ook een wethouder in Winterswijk, gaat goed hè? Als het even kan kom ik ook naar Winterswijk, mijn moeder opzoeken en ga soms ook het centrum in.”

“Maar Amsterdam heeft ook veel mooie rustige plekken die het bezoeken waard zijn, vaak net buiten het centrum Het is hartstikke fijn om hier in Amsterdam te wonen, het is zeker niet overal druk of kommer en kwel. Ik voel me veilig, ik word ook niet herkend op straat. Er wonen ruim 800.000 mensen hier, maar in de stad zijn er natuurlijk enorm veel bezoekers. Er is ook heel veel te zien. Het is gewoon te druk, dat vinden de Amsterdammers zelf ook en we moeten dus kijken hoe we daar wat aan kunnen doen.”

Je bent in Amsterdam wethouder kunst& cultuur, digitale stad, personeel & organisatie, vastgoed, archeologie, monumenten en het stadsdeel Nieuw-West. Een drukke baan zeker?

“Zo’n twaalf uur per dag is gangbaar, soms wel veertien tot vijftien uur. De uren zijn niet zozeer het probleem, wel de intensiteit. Toen ik in 2018 begon als wethouder was het veel dingen uitvoeren van het vorige beleid, je moet er in komen. Nu wordt het steeds meer van jezelf, je kunt er vruchten van plukken en je leert enorm veel, daar word ik gewoon blij van, zeker ook als je positieve reacties krijgt van mensen waar je het voor doet. De druk is natuurlijk enorm in Amsterdam, alles ligt onder een vergrootglas, daar moet je mee leren

Volg je Winterswijk nog?

“Ik heb natuurlijk veel contact met mijn moeder en ook nog met wel wat anderen

“Als ik moe ben heb ik

soms dat Achterhoekse accent weer.”

Wat zou je B&W van Amsterdam willen laten zien van Winterswijk?

“Ha, als ik ze een dagje zou mogen meenemen, dan zou ik natuurlijk een visje eten op de gezellige markt of naar

omgaan, dat leer je niet in één keer. Ik had geen politieke ervaring en dan sta je ineens in de schijnwerpers. De mediaaandacht is groot, je moet je in de raad verantwoorden en mensen verwachten veel van je. Dit geeft veel druk. Nu alles wat ‘geland’ is geeft je dat wat lucht. Ik heb het wethouderschap aanvaard en ga er ook voor.”

“Een goudeerlijke meid” Joke Put staat elke week met een viskraam op de Winterswijkse markt. Bij Joke hielp Touria als zaterdaghulp en dat herinnert Joke zich nog goed. “Ze belde een keer op vrijdags op om zich voor de zaterdag af te melden. Ik vroeg of ze ziek was. Nee, antwoordde ze, ik heb geen zin. Ik vroeg het nog een keer maar Touria bleef erbij, geen zin. Normaliter melden hulpen zich ziek als ze geen zin hebben. Touria niet, die vertelde het gewoon eerlijk, een goudeerlijke meid. Ze heeft altijd goed bij ons gewerkt en deed het, op die ene keer na, altijd met veel plezier”. Touria: “Mijn voorliefde voor vis heb ik op de zaterdagmarkt opgedaan. Ik hielp in de kraam bij Van den Berg, haring schoonmaken, vis bakken, gewoon alle werkzaamheden. Daar heb ik ook de voorliefde voor vis gekregen, eet het nog steeds regelmatig. Ik heb ook nog bij de familiewinkel van Joke gewerkt, Puts Bazar aan de Vredensestraat, een knusse winkel waar ze van alles hadden.“

Touria Meliani (links vooraan) op een foto van klas 6 van de Hazelderschool uit het jaar 1982/1983, met meester Fred Bos.

“Anders dan anderen, ze koos haar eigen pad” Touria’s leraar van de Hazelderschool, Fred Bos, weet het nog goed: “Ik combineerde altijd gymnastiek met natuur. We gingen op de fiets naar het Rommelgebergte om daar op de trimbaan wat te doen en onderweg konden we dan allerlei plantjes bekijken. Touria had daar oog voor. Veel heeft ze ook aan haar moeder te danken, die onafhankelijke Marokkaanse vrouw liet bijvoorbeeld Touria meegaan naar Kamp Wenters op Vlieland. Dat was bijzonder in die tijd voor iemand uit die cultuur. Ze was anders dan anderen, onafhankelijk, koos haar eigen pad.” “Vorig jaar was ik voor een vergadering in de Hortus Botanicus in Amsterdam en we hebben daaraan voorafgaand samen nog weer even bijgepraat. Ze vertelde tegen mij: ‘Door jou zie ik nu overal in de stad bloemetjes staan.’ Dat doet mij wel wat.” 5


Foto Stichting Stoomwals Hendrik Jan

Oude brandweerwagen naar museum, nu de stoomwals nog over de wagen, die nog in originele staat is en goede onderhouden is. Wieskamp is blij dat de ladderwagen nu een goed onderkomen heeft gekregen.

Stoomwals

Een oude ladderwagen van de Winterswijkse brandweer heeft een plekje gekregen in het brandweermuseum in Hoogezand-Sappemeer. De eigenaar, Stichting Stoomwals Hendrik Jan uit Winterswijk heeft de Commer-ladderwagen uit 1954 voor één euro overgedaan aan het Groningse museum. De stoomwalsstichting gaat zichzelf namelijk opheffen wegens gebrek aan bestuursleden en vrijwilligers.

De ladderwagen was sinds 1961 in gebruik door de Winterswijkse brandweer en voor het laatst ingezet op 30 juli 1982, voor de brand bij Streek Mengvoeders aan de Wooldseweg. Daarbij is de wagen met uitgeschoven ladder gekanteld, waarbij een brandweerman die op de ladder stond gewond raakte. De wagen stond tot de laatste tijd in een boerenschuur in Meddo. Volgens voorzitter Wim Wieskamp van de Stichting Stoomwals Hendrik-Jan hadden ov-museum Transit Oost in Winterswijk en het Brandweermuseum in Borculo er geen plek voor. Het Groningse museum was wel enthousiast

De stichting is nog bezig een geïnteresseerde te vinden voor haar andere voertuig, de stoomwals Hendrik Jan van vlak na de oorlog, die in de jaren tachtig van de vorige eeuw door wegenbouwer Te Siepe was gekocht. Het groene ge-

vaarte was na restauratie de laatste jaren vaak in actie te zien tijdens de jaarlijkse paardenmarkt in Winterswijk. “We zijn in gesprek met mogelijke geïnteresseerden”, zegt Wieskamp. “Het is wel de bedoeling dat de wals naar een museum of stchting gaat, niet naar een particulier.”

Foto Marc Bakker, Stichting en Museum de Historische Brandweer Vrienden en Voertuigen


Door Wim Ruesink

Van journalist tot uitvaartspreker Opmerkelijke carrièreswitch Domien Esselink Bijna elke Winterswijker kent hem wel. Gewapend met pen en papier was hij kind aan huis bij politiek, bedrijven, organisaties en inwoners van Winterswijk. Domien Esselink was er als verslaggever van De Gelderlander altijd als de kippen bij om nieuws uit Winterswijk en omgeving te verslaan. Maar na bijna veertig jaar verlaat hij de journalistiek voor een opmerkelijke carrièreswitch. Een gesprek met de kleine man van de grote lach.

Als jonge twintiger kwam Domien Esselink begin jaren 80 aan de hand van Dolf Ruesink binnen bij het kantoor van Tubantia aan de Misterstraat te Winterswijk. Zijn achterbuurjongen had wel een wekelijks klusje voor hem in petto: op zondagmiddag achter de voetbaluitslagen aanjagen, liefst met een verslagje erbij. Domien was in die jaren een begenadigd voetballer die in het eerste van WVC speelde en zo doen wel wat met sport had. Domien volgde een drie maand durende thuis cursus bij de LOI. Dat laatste bleek, in combinatie met zijn talent, al genoeg om de Achterhoek jarenlang te voorzien van prachtige verhalen.

Het zou een opstap betekenen voor een decennialange carrière bij dagblad De Gelderlander. Nu is het welletjes geweest bij de krant, aldus de 59-jarige die zich nu stort op het spreken bij uitvaarten. De pen gaat niet aan de wilgen, want bij een begrafenis of crematie hoort ook een geschreven nagedachtenis.

knop omzetten, het vergt het nodige van jezelf, maar het lukt. Ik probeer ook zo min mogelijk van een briefje voor te lezen, kijk de mensen die bij de dienst in de zaal zitten het liefst aan, ook al zitten er veel bekenden bij. Ik sta nu ook ingeschreven bij diverse uitvaartorganisaties, ze bellen mij als ze een beroep op mij willen doen. Ik heb geen cursus of iets dergelijks gevolgd, spreken in het openbaar, dat kon ik al. Daarnaast heb ik mijn eigen netwerk en heb ik ook een eigen site. Nabestaanden krijgen na afloop ook altijd een column mee die gewijd is aan de overledene.”

Domien, waarom ging je weg bij de krant?

Domien: “Ik ging steeds vaker met tegenzin naar het werk, want ik kon niet meer die verhalen schrijven die ik het liefst wilde. De politiek, dat was mijn ding; primeurs, achtergrondverhalen; er was steeds minder ruimte en aandacht voor. Alles moet tegenwoordig snel, de druk wordt flink opgevoerd, er wordt flink bezuinigd bij de kranten. Ik kon geen nieuws laten liggen, dat brak mij op. Toen een volgende bezuinigingsronde zich aandiende, heb ik mij maar aangemeld.”

Geen schaterlach meer, maar een glimlach zeker wel?

“Inderdaad, mensen kennen mij veelal ook van de schaterlach. Bij de uitvaart schik ik mij geheel in een passende rol. Een glimlach mag daar best bij horen. Je vertelt immers ook leuke en mooie anekdotes van de overledenen. De tijd van zware preken licht achter ons, mensen willen een persoonlijk verhaal horen.”

bezig ben. Ik heb zeker meer met het leven, maar heb wel ervaren hoe dun die scheidslijn is.”

Naast spreker bij uitvaarten kan men de naam van Domien de komende jaren ook op andere terreinen tegenkomen. Zo is hij sinds februari columnist bij de 50+Krant, maar er zit nog meer ‘in de pen’. Domien: ”Ik zal zeker gebruik gaan maken van mijn journalistieke ervaring, in welke doen dan ook, zo werk ik nu op parttime basis voor Omroep Gelderland Ik volg, vooralsnog, voor dit jaar de politiek in Winterswijk, Aalten en Oost-Gelre en doe verslag hiervan op de website van Omroep Gelderland. Daarnaast ga ik nu met oud-profwielrenner Gert Jacobs de boer op. We geven lezingen/presentaties bij verenigingen en bedrijven door het hele land. Heerlijk om te doen, daar is mijn lach zeker nog te horen. Ik fiets zelf ook nog, bij FTC Wenters waar ik ook in het bestuur zit. Ik zit vol plannen, eentje daarvan is het schrijven van een kinderboek.”

Je bent 59, dan zijn De dood als een rode draad er toch wel leukere door je eigen leven? Info over Domien Esselink als uitbaantjes te beden- “Mijn vader overleed toen ik 4 jaar was, vaartspreker: domien@domienant.nl ken dan uitvaartmijn stiefzusje Desiree verongelukte www.domienant.nl toen ik 13 was. Daarnaast ben ik ook spreker?

Domien met Daniël Sahuleka.

meerdere andere dierbaren verloren. Het zal ongetwijfeld hebben meegespeeld met mijn keuze voor uitvaartspreker, maar wel onbewust. Ik ben echtgenoot, vader en opa en hoop dat nog heel lang te blijven. Het is namelijk niet zo dat ik door de ervaringen altijd met de dood

“Het is ontzettend dankbaar werk. Ik heb bij de uitvaarten waarbij ik gesproken heb veel voldoening gehaald. Maar wat nog belangrijker is, ook de nabestaanden complimenteerden mij. De

9


Revalideren met biofeedback bij Fysiotherapie Beatrixpark Het opnemen van biofeedback signalen in een virtual reality omgeving is sterk in opkomst. Binnen Fysiotherapie Beatrixpark wordt hier op verschillende wijzen en steeds meer gebruik van gemaakt. Om dit toe te kunnen passen beschikken zij over een krachtplatform in samenwerking met 2 diepte camera’s die de bewegingen en belasting registreren en vastleggen. Zowel in het onderzoek als in het behandeltraject van neurologische als orthopedische klachten ervaren zij dit als een waardevolle aanvulling. Mede door deze technieken zijn zij in staat om de bewegingen nog beter te analyseren op functioneel niveau op kracht, snelheid, precisie en balans. Als fysiotherapeuten integreren zij deze techniek binnen de huidige behandelingen waarbij coördinatieverbetering, stabiliteitsverbetering of proprioceptieve re-educatie (het opnieuw aanleren van een correcte beweging) een belangrijk onderdeel vormen binnen het herstelproces. Coördinatie? Wat is dat eigenlijk? Coördinatie is naast kracht, lenigheid, uithoudingsvermogen en snelheid 1 van de 5 grondmotorische eigenschappen. Deze eigenschappen vormen samen het prestatievermogen van het lichaam. Training van de grondmotorische eigenschappen zijn voor een fysiotherapeut vaak een belangrijk aspect in het begeleiden of revalideren van (top)sporters of patiënten. Dit betekent: a) Coördinatie is optimaal gebruik van de onderlinge verbanden tussen verschillende delen van het lichaam, waardoor technisch moeilijke bewegingen makkelijk en expressief uitgevoerd kunnen worden. b) Coördinatie heeft betrekking op de activatie en onderlinge afstemming van de activiteit en ontspanning in spieren. c) Coördinatie is de besturing vanuit de hersenen van de spieren in het menselijk lichaam. Omdat het (opnieuw) aanleren of verbeteren van beweegpatronen een belangrijk onderdeel is binnen de fysiotherapie, is het verbeteren van coördinatie dit automatisch ook. Eigenlijk is een goede coördinatie een voorwaarde om te kunnen starten met krachttraining. Omdat coördinatie voor een groot deel met aansturing te maken heeft, ligt de focus ook op het trainen hiervan. Dat betekent dus dat bewegingspatronen geoefend moeten worden onder verschillende omstandigheden. Door de feedback die deze fysiotherapeuten ontvangen uit de metingen van het krachtplatform en de visuele feedback via de camera’s kunnen zij deze techniek zoals eerder benoemd toepassen bij verschillende aandoeningen. Zo kan de feedback via het krachtplatform ondersteunen bij de verbetering van de balans bij ouderen en zo de valincidentie verminderen. Ook de balans bij neurologische aandoeningen als CVA en Parkinson zijn hiermee positief te beïnvloeden. Tevens zijn er positieve effecten aangetoond bij het opbouwen en gelijkwaardig belasten na bijv. een totale heupoperatie. Daarnaast wordt het krachtplatform binnen Fysiotherapie Beatrixpark ingezet in de sportrevalidatie, mede door de nauwkeurige metingen in kracht, snelheid en acceleratie van bijv een sprong. Dit geeft een waardevol en objectief resultaat voor zowel de fysiotherapeut als de patiënt binnen het revalidatieproces.


Depot Museum Fabriek ware schatkamer van voorwerpen met een verhaal

De verborgen MU S EUM S CH ATT EN van Winterswijk

Voorzitter Hans van Lith van Vereniging Het Museum over het 90-jarig jubileum eind november dit jaar. “Wat zou het toch mooi zijn als we dan ons duizendste lid kunnen verwelkomen.”

Een schilderij van Marius van Dugteren, maar ook een paar doodgewone pumps, waterketels, carbidlampen en een AGFA-neonreclame. Duizenden voorwerpen, vaak met een eigen verhaal, liggen in het depot van de Museum Fabriek aan de Laan van Hilbelink. Veel Winterswijkers hebben het museum ongetwijfeld al eens bezocht, maar de 50+Krant ging een verdieping lager, het depot in. Dat blijkt een ware schatkamer vol waardevolle, curieuze, antieke, maar ook heel gewone spullen.

Door Wim Ruesink

We vervolgen onze weg langs een ruimte vol vaandels van plaatselijke verenigingen, een enorme collectie schoolplaten, voorraadblikken met heroïsche opschriften van plaatselijke bakkers, koffiebranders en wasserijen. In prachtige opbergkasten voorzien van een railsysteem zien we duizenden foto’s, papieren en documenten, alles gedocumenteerd; het moet een waar monnikenwerk zijn geweest om alles vast te leggen. We zien vervolgens schappen vol oude geneesmiddelen in prachtige verpakkingen, tabaksartikelen, koffie- en theewaren uit een rijk Winterswijks verleden. Schappen vol oude gereedschappen, potten en pannen maar ook een prachtige, zeker 100 jaar oude straatlantaarn waar een lantaarnopsteker aan te pas moest komen. Rijen vol met dikke gedenkstenen die gered zijn van de sloop uit Winterswijkse fabrieken, winkels en scholen. Oude Winterswijkse

Als we via een moderne lift het depot in komen, zitten we gelijk midden in de oudheid. We wanen ons in een ruimte vol verborgen schatten. Niks geen muffe geurtjes, stofhaarden of spinnenwebben, maar een opvallend frisse, volgepropte ruimte. De vrijwilligers Henk, Krijn,Ida, Tineke en Joop van Vereniging Het Museum vertellen vol enthousiasme over alle opgeslagen spullen op de plek die alleen op afspraak en onder begeleiding te bezoeken is. Alleen al de collectie textiel is immens: zo’n 2500 voorwerpen, allemaal netjes opgeborgen in dozen, vitrines of gewoon aan de waslijn hangend. Veel Tricot-kledingstukken maar ook Winterswijkse klederdracht, hoeden en petten en ja, ook dameskorsetten. Op de vraag wat nu het koningsstuk uit de textielcollectie is, laat Ida een zijdejurk uit 1850 zien. “Mooi hè, de oudste jurk die we hebben.”

Gedenkstenen

Een deel van de schilderijencollectie 11

namen komen weer tot leven op prachtige emaille reclameborden: Stalhouderij van Putten, Lindenhovius tabak, Stomerij Grimmelt; namen die bij veel oudere Winterswijkers nostalgische herinneringen oproepen. Maar ook: een paar doodgewone pumps, een schakelbord en een servies. “ Tja, ik weet het, niet alles is aan Winterswijk gerelateerd”, zegt Henk. “Dat schakelbord komt uit de MAS (Middelbare Agrarische School) en heeft eigenlijk geen plaatselijke waarde. Wat de inname betreft, hier mogen we nog wel wat kritischer in zijn, we nemen erg veel aan.”

Dankbord watersnoodramp

Ons oog valt op een bord dat achter een oude ketel verscholen staat. Het blijkt een geborduurd

lees verder op pag. 12...


Vip-tour in depot voor nieuwe leden museum

... vervolg van pag. 11

Vereniging Het Museum telt ruim 900 leden en wil dit jaar,bij het negentigjarige jubileum, de mijlpaal van duizend leden bereiken. Speciaal voor lezers van deze krant heeft Vereniging Het Museum nu een bijzondere actie voor nieuwe leden opgezet. Iedereen die vóór 1 mei lid wordt van de vereniging ontvangt een uitnodiging voor een exclusieve rondleiding door de Museumfabriek, inclusief het depot, voor twee personen. Hierbij krijgt u alle ins en outs over het depot te horen. Bovendien mag u met enkele topstukken uit het depot op de foto. Deze rondleiding wordt maandelijks gehouden op een dinsdag- of donderdagmiddag. De data daarvoor zijn 26 maart, 30 april, 28 mei, 27 juni , 24 september en 31 oktober, aanvang 14.00 uur. Bij de bevestiging van uw aanmelding wordt een uitnodiging meegestuurd die u op de datum naar keuze kunt inwisselen. U wordt verwelkomd met een kopje koffie of thee. Kijk op de website van Vereniging Het Museum hoe u lid kunt worden en wat dat aan voordelen biedt. Bellen kan ook, naar 0543-533533 of langskomen aan de Laan van Hilbelink 6.10, maandag, dinsdag en donderdag van 9-12 uur en van 13.30-16.30 uur. Info op www.vereniginghetmuseum.nl

De stoel van burgemeester Van Nispen

Oude gedenkstenen

bord te zijn van de gemeente Rhoon. Ook dat Zuid-Hollandse dorp werd getroffen door de watersnoodramp van 1953. Inwoners werden o.a. in Winterswijk opgevangen en als dank kreeg Winterswijk in 1954 dit bord met teksten en afbeeldingen vol dankbaarheid jegens de Winterswijkse bevolking. Het bord heeft geen financiële waarde, wel historische waarde en zeker belangrijk voor ons”, aldus Ida die nog weet te vertellen dat drie inwoners van Rhoon in Winterswijk de liefde van hun leven vonden en zich hier ook blijvend gevestigd hebben.

Burgemeestersstoel

Een verzameling oude kinderwagens.

Een deel van de nieuw verworven collectie schetsen van Piet te Lintum

Had Joris Bengevoord vorig jaar een zeer oude burgemeestersstoel uit Winterswijk bij een veiling op de kop getikt, in het depot staat een nog veel ouder exemplaar. Het is de zetel van burgemeester Van Nispen die er in zijn ambtsperiode van 1905-1928 op zat. “De stoel staat er gewoon, prachtig houtsnijwerk toch”, aldus Ida. Midden in het depot vinden we veel schilderijen. Statige textielbaronnen en burgervaders kijken je strak aan. Winterswijkse landschappen vol kabbelende beekjes en boerderijtjes, doffe schilderijen van oude plaatselijke gebouwen. Het marktplein, een van de bekendste werken van Marius van Dugteren (1899-1974). Ook hedendaagse kunst, zoals een afbeelding waarop de Tricot te zien is op een werk van Louis Nijhuis, die duidelijk laat zien dat het magisch realisme zijn voorkeur geniet. Tineke laat ons een prachtige reeks schilderijen zien van de Italiaanse schilder Pietro Armati die in de jaren 30 van de vorige eeuw in Winterswijk woonde. Stempelblok van Mondriaan? Ida laat vol enthousiasme een houten stempelblok zien. “Ze wilden hem eerst wegdoen, maar kijk eens goed, daar zie ik toch een afbeelding 12

van een bekend Mondriaanschilderij in, de appelboom met de Jacobskerk op de achtergrond. Mogelijk van Mondriaan geweest, niet wegdoen dus!”, al lijkt het er op dat ook Ida zelf erg twijfelt aan de echtheid.

Veel handjes nodig

Het museum heeft zo’n honderd vrijwilligers. Als we zien met hoeveel zorg de binnengekomen schenkingen worden behandeld, kunnen we ons goed voorstellen dat er veel handjes bij nodig zijn. Wekelijks komen er spullen binnen. Vrijwilliger Henk: “Als de goederen binnenkomen wordt allereerst gekeken of ze passen in de collectie. Dan is er een acceptatieformulier om de schenkingen vast te leggen. Vervolgens is er een commissie van wijze mannen/vrouwen die de binnengekomen spullen op waarde schat. Dan wordt alles gefotografeerd in een speciale fotostudio en vervolgens wordt alles digitaal ingeboekt in een speciaal computerprogramma, Adlib genaamd. Vervolgens gaat het naar de plaats van bestemming of een plek in het museum, maar bijna altijd eerst het depot in. Hier liggen duizenden spullen. Veel komt nog uit het oude Freriksmuseum en soms van daarvoor; immers, in 1929 was er al een plaatselijk museum. Van al die duizenden voorwerpen in ons depot is maar zo’n 10 procent aan Winterswijk gerelateerd. We zijn een Winterswijks museum, maar wel vrij algemeen en zonder een thema, dus voorwerpen die bijdragen aan een tijdsbeeld kunnen we vaak gebruiken. Zo hebben we reminiscentiekoffers met bijbehorende vitrines vol spullen uit een bepaald tijdvak met thema. Deze staan bij de verzorgingscentra en het ziekenhuis”, aldus Henk. Geldt bij de Museum Fabriek ‘eens in het depot


De oudste jurk uit het depot, uit 1850

Vrijwilligster Tineke Brouwer bij een vooroorlogs schilderij van textielfabriek De Batavier

Vrijwilliger Wim te Selle brengt heel wat uurtjes door in de speciale doka waar alles in kaart en beeld wordt gebracht. Zo nodig gaat het de diepvries is, zoals deze jurk. “Het blijft altijd weer spannend wat er binnen wordt gebracht.” altijd in het depot’? Henk: “In veel gevallen wel, maar we gebruiken ook spullen voor nieuwe thema’s en exposities in onze musea. Ook voor de museumkoffers halen we regelmatig wat uit het depot en schilderijen worden soms uitgeleend. Voor het bakkersmuseum in de Meddosestraat hebben we hier ook prachtige spullen uit het depot gehaald. Die verkassen dus.” Als we net het museum willen verlaten wordt er

een naar schatting 200 jaar oude brandkast binnengebracht. Het bijna anderhalf meter hoge gevaarte is van oorsprong van het Staatspostbedrijf en gebruikt door de belasting en douane in Winterswijk. Het wordt door vrijwilligers gelijk geïnspecteerd op inhoudelijke waarde, doch helaas. Ook deze brandkast zal in het depot een plekje vinden tussen al die bijzondere spullen, die wij voor u uit de brandkast uit de vergetelheid heb-

Met zorg bewaard

In het depot heerst een constante temperatuur van 17 graden. Er staan ook diverse ontvochtigers die zorgen voor een constante regulering van de luchtvochtigheid. Veel oude objecten zijn hier uiterst gevoelig voor. Kwetsbare voorwerpen liggen in zuurvrije dozen. Alle voorwerpen van textiel en hout gaan na ontvangst eerst veertien dagen de diepvriezer in. Dit om te voorkomen dat mot of houtworm de kans krijgt zich te verspreiden.

Schilderij van Louis Nijhuis, met de tricotfabriek

Herman Sibbink kreeg deze gaslamp in 1935 van de gemeente Winterswijk voor zijn honderdste verjaardag. De lamp hing lange tijd aan de voorgevel van zijn huis aan de Leliestraat.

13


Het juiste boeket voor ieder moment

Kloetenseweg 47 7101 TW Winterswijk T 06.81.41.99.11

Monere

bloemdecoraties

“Aanschaf van bloemen is een beleving, geen bevlieging.” Zowel bij bloemenarrangementen als ook in de winkel hecht Monique Stevens van Monere Bloemendecoraties veel waarde aan kwaliteit en besteedt ze royaal de tijd aan de klant. “Dat betekent, dat je in de winkel soms even moet wachten, maar dat kan hier met een kopje koffie of thee.”

Rouwbloemenwerk is de drijfveer en specialisatie van Monique. “Ik ga altijd op bezoek bij de nabestaanden om de persoonlijke wensen te bespreken, bestel de bloemen altijd apart en maak een heel persoonlijk rouw-arrangement. Nooit standaard. Het kan en mag anders.” Ook voor trouwarrangementen, relatieboeketten voor bedrijven en opmaak van eigen vazen is Monere het juiste adres. “Menigeen heeft zelf al zo lang een mooie schaal of vaas staan. Daar maak ik graag mooie bloemwerken op. Dat kan eenmalig of met een aantrekkelijk bloemenabonnement.” Openingstijden: donderdag van 12 - 17 uur, vrijdag en zaterdag van 9 - 17 uur en maandag van 9 - 13 uur Email: info@monere.nu Op Facebook: Monerewinterswijk worden regelmatig aantrekkelijke like en deelacties geplaatst voor mooie boeketten.


Buiten met Bernhard

Er is nog hoop voor de weidevogels door Bernhard Harfsterkamp

Jonge kievit (links)

De eerste kievitseieren in het land zijn al weer gevonden. De scholekster laat zijn roep regelmatig horen boven de platte daken van de Gamma en het Streekziekenhuis, want daarop broedt hij tegenwoordig. Net over de grens in Meddo in het Ellewickerfeld kunnen al de uit het zuiden teruggekeerde grutto’s gehoord en gezien worden. Er kan weer van weidevogels genoten worden, hoewel menigeen zich ook zorgen over deze vogels van natte weilanden maakt. De achteruitgang van de weidevogels in Nederland is de laatste jaren regelmatig in het nieuws. De grutto is daarbij het symbool geworden van de teloorgang van het boerenland. Waar ooit ruimte was voor natte bloemrijke weilanden, kruidenrijke perceelranden, kleine landschapselementen met vele insecten en vogels, is een leeg landschap ontstaan. De contouren zijn er nog wel, maar het aantal verschillende soorten planten en dieren is er sterk afgenomen. Sommige mensen spreken ook wel over landschapspijn als ze naar boerenland met weinig natuurwaarden kijken. Ze herinneren zich weilanden, akkers en houtwallen, waar veel meer soorten waren te vinden. Weidevogels kunnen daardoor alleen nog terecht in natuurgebieden of graslanden, waarvoor boeren een beheerovereenkomst krijgen, waardoor de omstandigheden meer geschikt zijn. De meeste weidevogels kwamen en

komen voor in de van oorsprong natte weilandgebieden in het westen van het land en in Friesland. De omgeving van Winterswijk is nooit een gebied geweest waar heel veel weidevogels voor kwamen. De kievit was de laatste vijftig jaar de algemeenste. In de jaren 70 werden er tussen de 750 en 900 paren geteld tijdens de inventarisaties van de Vogelwerkgroep ZuidoostAchterhoek. Begin jaren 80 was er zelfs nog een toename, omdat de kievit zich aanpaste. Weilanden werden al minder geschikt, omdat ze door verbeterde drainage droger waren geworden en er steeds vroeger werd gemaaid. Daardoor week de kievit uit naar maïsakkers. Inmiddels is niet meer dan de helft van het aantal broedparen over.

Ernstig bedreigd

De kemphaan, de weidevogel waarvan het mannetje een mooie kraag heeft, was al voor 1950 uit Winterswijk verdwenen. De tureluur, met zijn kenmerkende rode poten, is nog slechts een enkele keer waargenomen. Het aantal paren grutto’s daalde in de jaren 70 al naar 19 en nu worden er alleen in het Meddose Veld nog enkele exemplaren waargenomen, zodat deze vogel in Winterswijk als ernstig bedreigd kan worden beschouwd. Ook de watersnip is hier bijna uitgestorven. De wulp, de vogel met de kromme snavel en de welluidende roep, was altijd al zeldzaam en broedde vooral in de randen van de hoogveengebieden of op natte heideterreinen. Ook deze soort is achteruitgegaan. Een nieuwkomer was in de jaren 80 de scholekster, een vogel uit het Waddengebied die het binnen-

Wulp (boven)

land introk. Na een toename tot zo’n 80 broedparen aan het einde van de jaren 80 is ook deze soort weer achteruitgegaan. Intussen is de scholekster een dorpsvogel geworden en broedt die op een aantal plekken op platte daken.

Ellewicker Feld

Wie al deze vogels toch eens wil zien hoeft niet ver te reizen. Die kan naar het Ellewicker Feld gaan, dat boven de buurtschap Meddo aan de andere kant van de grens naast het Zwillbrocker Venn ligt. Hier worden vanaf de jaren 80 weilanden extensief beheerd. Ook zijn ze vernat en zijn er vele poelen en andere kleine landschapselementen aangelegd. Verantwoordelijk voor het natuurgebied van 130 hectare is het Biologisch Station Zwillbrock. Het beheer wordt uitgevoerd samen met de boeren uit de omgeving. Hier zijn nog volop grutto’s, tureluurs, wulpen en kieviten te zien. De waterpartijen trekken ook allerlei watervogels aan. Het Ellerwicker Feld laat zien dat de aanleg van nieuwe natuur ten behoeve van weidevogels succesvol kan zijn. Er is daar een weidevogelgebied ontstaan op een plek, die er niet eens het meest geschikt voor is, want het ligt boven op een bult. Veel geschikter 17

is het lagere nabijgelegen Meddose Veld. Daar komen nog enkele weidevogels voor dankzij aangepast beheer langs de watergangen, maar het zijn er slechts enkele. Een grootschaligere vernatting en extensivering van de weilanden in het noorden van Winterswijk zou ook daar tot een aantrekkelijk weidevogelgebied kunnen leiden.

Watersnip Kievit


Door en door

DOMIEN

Levenswerk Zijn lichaamshouding is een voorbode. Uiterlijk onbewogen kijkt hij tijdens de raadsvergadering naar de installatie van Tineke Zomer als wethouder in Winterswijk. Ze steekt haar rechterhand op namens GroenLinks en dat is een unicum in de Winterswijkse politiek; GroenLinks maakte nooit deel uit van de coalitie, was altijd veroordeeld tot een rol in de oppositie. Hans van Lith zit op de publieke tribune, applaudisseert niet. Zonder een spoortje van triomf is hij getuige van een historisch moment in de politieke geschiedenis van Winterswijk, hoewel hij zonder overdrijven als de grondlegger van dat ‘groene’ succes kan worden beschouwd. Zo ziet hij dat zelf niet, hij voelt zich eigenlijk een beetje verraden door GroenLinks. Misschien iets te zwaar aangezet, maar op z’n minst voelt hij zich in de steek gelaten. Progressief Winterswijk is zijn levenswerk, waar hij zijn ziel en zaligheid in stopt. Hij is járenlang een luis in de politieke pels en als hij in 2010 het stokje overgeeft, moet de naam van ‘PéWé’ zo nodig veranderd worden in GroenLinks, naar de landelijke ‘moederpartij’. Dat steekt anno 2019 nog steeds. Hans van Lith. Ik weet nog goed dat hij als beginnend leraar in Winterswijk komt, om les te geven op de RSG. Hij wordt ‘onze’ klassenleraar en heeft aanvankelijk moeite de orde in de klas te handhaven, maar dat duurt niet lang! Hij dwingt op basis van argumenten natuurlijk gezag en respect af bij de leerlingen. Hij beperkt zich in Winterswijk niet tot louter en alleen lesgeven. Hij gaat op in de lokale samenleving en wordt politiek actief. Van Lith begint de nieuwe partij Progressief Winterswijk en ontpopt zich tot misschien wel het beste raadslid. Hij stelt de voor de coalitie vervelende vragen in de raadsvergaderingen, neemt geen genoegen met een vaag antwoord.

HOBBELINK & BUITINK NOTARISSEN: MAATWERK VOOR ELKE SITUATIE Notarissen Mediators Estate planners Echtscheidingsbemiddelaars

Van Lith wordt alom gewaardeerd, ook door de politieke tegenstanders. Maar ze smalen ook achter zijn rug, want het wordt toch nooit wat met dat kleine partijtje. Als dan ook nog eens Winterswijks Belang de macht overneemt ziet Van Lith in 2010 de zetel van PW in rook opgaan en stopt hij. Een viertal gaat verder bij PW en de naam wordt in 2012 veranderd in GroenLinks, dat als een sterkere merknaam voor de duurzaamheidspartij wordt beschouwd. Zeven jaar later zorgt GroenLinks voor een historische doorbraak in Winterswijk. Hans van Lith kijkt er met gemengde gevoelens naar. Maar het meedoen in de coalitie, met een wethouder duurzaamheid, is ook zijn succes.

D omien Es sel ink

Beatrixpark 10 • Postbus 402 • 7100 AK Winterswijk T 0543 548 888 • info@hobbelinkenbuitink.nl • www.hobbelinkenbuitink.nl

WINTERSWIJK


De komst van zovele Duitsers zorgt voor grote verkeersproblemen, zoals hier op het Weurden. Foto: Oud-Winterswijk

Nozems op buikschuivers, meisjes in petticoat, knokpartijen met de halbstarken

Alleen de oudste lezers van de 50+ Krant zullen het zich kunnen heugen. Op de kop af zestig jaar geleden werd ons dorp opgeschrikt door een fenomeen dat gemotoriseerd via grenspost Oeding ons land binnendenderde: de halbstarken. Of hoe relletjes tussen Hollandse en Duitse nozems het begin inluidden van popmuziek en jeugdcultuur in Winterswijk.

Door Erik Meinen

Jeugdcultuur wordt op allerlei manieren vormgegeven, denk aan taal, levensstijl, mode, haardracht, dans en film. Het belangrijkste identificatiemiddel voor de jeugd is echter de popmuziek. Pas in de jaren vijftig, met de opkomst van rock 'n roll, wordt er muziek gemaakt die zich speciaal richt op jongeren. Het begin van jeugdcultuur wordt dan ook vaak vastgesteld op 12 april 1954, de dag waarop Bill Haley met zijn Rock Around The Clock de studio induikt. Het lied wordt een daverend succes en is aanleiding voor een gelijknamige film met Bill Haley zelf in de hoofdrol. Op 1 september 1956 gaat Rock Around The Clock in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Leiden in première. Opschudding ontstaat een maand later als in verschillende provinciesteden zoals Enschede, Hengelo en Leeuwarden relletjes ontstaan, voor, na of tijdens vertoning van de film. De landelijke pers wakkert de boel flink aan en creëert een klimaat waarin de relletjes nog verder in omvang toenemen. Enkele lokale overheden reageren door de film zonder geluid (!!) te vertonen. In sommige steden wordt extra bewaking ingehuurd die dolenthousiaste dansende bezoekers terug

De klok op rock in Wenters

in de bioscoopstoeltjes moet krijgen. In Apeldoorn wordt de film zelfs helemaal verboden.

Nozems

Het duurt nog tot 21 december 1956 voordat “Rock Around The Clock” ook op het panoramadoek van het Winterswijkse Luxor Theater te zien is. De acht voorstellingen verlopen zonder noemenswaardige incidenten. Winterswijk heeft de jaren daaraan vooraf al via The Wild One, een film uit 1953, met Marlon Brando in de hoofdrol, en Rebel Without A Cause, uit 1955, met James Dean, kennisgemaakt met films specifiek gericht op jongeren en hun leefwereld. Ook al is in deze films nog geen noot rock 'n roll te horen, het gevoel dat erbij hoort komt al wel sterk naar voren: de jongere die zich steeds meer verzet tegen traditionele waarden, heersende moraal, ouderlijk gezag en kleinburgerlijkheid. Deze groep jongeren met hun vetkuiven, jeans, geblokte overhemden, leren jacks en puntschoenen krijgen al snel het etiket nozem opgeplakt. Aangenomen wordt dat het woord aan het Bargoense nootsum is ontleed, een scheldwoord dat zoveel als snotneus betekent.

Een bericht in de Nieuwe Winterswijkse Courant van 25 juli 1960. Foto: Poparchief Achterhoek en Liemers.

De Winterswijkse nozems ontmoeten elkaar, hangend over hun bromfiets, bij de ijssalon, de cafetaria's of de bioscoop. Ook in cafés en bars waar een jukebox geïnstalleerd is zijn de jongelui regelmatig te vinden. De uitbater met een goede collectie rock 'n roll in zijn muziekautomaat mag zich verheugen in een extra grote toeloop van de nozemjeugd. De platen van Elvis, Little Richard, Bill Haley en Buddy Holly zijn het populairst. Meisjes in petticoat en met suikerspinkapsel fladderen om de jongens heen. Favoriete buikschuiver is de Kreidler Florett. Plaatselijke motorrijwielzaken als Buunk, Beusink, Houwers en Kruizenga beleven gouden tijden. Nozems die hun tweewielers opvoeren of die voor wat extra decibellen gaten in de uitlaat boren, zorgen voor veel ergernis en bezorgen de politie handenvol werk.

Halbstarken

Vanaf 1958 krijgt ons land steeds nadrukkelijker te maken met de Duitse tegenhanger van onze nozems, de halbstarken. Waar de nozems, zeker in Winterswijk, nog een tamelijk onschuldige groep vormen, zijn de halbstarken een stuk losbandiger. Het betreft de generatie Duitse jongeren, die geboren is vlak voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog, die in grote armoede opgroeit, in ontwrichte gezinnen, waarin vader de oorlog aan het front heeft doorgebracht en daar dikwijks niet van is terugkeerd. Voeg daarbij de weinig opwekkende naoorlogse aanblik van platgebombardeerde industriesteden als Essen of Dortmund en het mag geen verwondering wekken dat deze zogenaamde Nachkriegsjugend flink ontspoort. Nergens in Europa zijn de jeugdmisdaadcijfers zo hoog als in Duitsland. Zodra in 1958 de dagen langer worden en de nachten minder koud komen de jeugdige Duitsers in steeds grotere getale naar ons land, soms per fiets, soms met de auto, maar meestal op hun glimmende luidruchtige bromijzers. Vooral steden in de grensstreek, zoals En24

schede en Venlo, maar ook badplaatsen zoals Zandvoort hebben in de weekeindes veel te stellen met deze bendes die voor veel overlast zorgen. Het Duitse asfalt-eczeem, zoals ze door sommigen weinig vleiend genoemd worden, maakt zich schuldig aan diefstallen, ze valt de Hollandse meisjes lastig en zoekt de confrontatie met de nozems. Met maar weinig geld op zak en met een deken als enig kampeerattribuut brengen ze de nachten door op kampeerterreinen, in hooibergen, parken of portieken.

Butterfahrt

In 1959 bereikt de Butterfahrt, de invasie van kooplustige Duitsers, haar hoogtepunt. De lonen en prijzen zijn in Nederland een stuk lager dan in omringende landen. Als steeds meer grensposten opengaan, ontdekken de Duitsers al snel dat ze met hun marken goed inkopen kunnen doen in Nederland. Winterswijk krijgt een enorm aantal Duitse klanten te verwerken. Vooral koffie, boter en sigaretten zijn goedkoper. Kruideniers en tabakshandelaren profiteren het meest van de koopgekte, maar ook de benzinepomphouder doet goede zaken. De Duitse inkoopinvasie geeft aanleiding tot grote verkeersproblemen. Parkeergelegenheid is niet of nauwelijks aanwezig. Ondanks dat een boete nog maar f 1,10 bedraagt, int de politie kapitalen aan parkeerovertredingen. De prijsverschillen met Nederland zijn zo groot, dat het zelfs voor burgers uit het Ruhrgebied aantrekkelijk is om naar Winterswijk te komen, en dat ondanks de invoerbelasting die bij terugkomst in die Heimat over de ingeslagen waar betaald moet worden. Busondernemingen springen handig op de hausse in en organiseren “Einkaufsreisen nach das schöne Holland”. Tientallen bussen staan iedere zaterdag in en om Winterswijk.

Wirtschaftswunder

In hetzelfde jaar maakt Winterswijk ook steeds nadrukkelijker kennis met de schaduwzijde van het Duitse Wirt-


schaftswunder. Steeds meer baldadige halbstarken steken de grens over om hier hun vertier te zoeken. Uitdagend en met veel lawaai rijden ze door de straten, ze maken amok in de diverse dansgelegenheden...en ze vallen de Winterswijkse meisjes lastig! De lokale nozemjeugd ziet deze nieuwe concurrentie op de vrijersmarkt met argusogen aan. De Nieuwe Winterswijkse Courant waarschuwt: “De bravour van deze knapen ondersteund door het gedaver van hun bromfietsen, begint sommige plaatsgenoten reeds zodanig te vervelen, dat wrevel wel eens spoedig zou kunnen omslaan in handelingen die weliswaar bij de wet verboden zijn, maar die de zegen van vele inwoners zouden hebben.” Meester Pollmann van school C doet zelfs in het landelijke dagblad Het Parool zijn beklag: “Het gedrag van deze Duitse horden is mij een gruwel. Niet alleen gedragen zij zich uitermate brutaal en luidruchtig, ze presteren het om tijdens de lesuren de school binnen te dringen om van onze wc's gebruik te maken. Anderen gebruiken de buitenmuur van de school. Dit terwijl er binnen honderd meter ettelijke cafés en restaurants liggen, waar ze voor enkele van hun vele marken wel iets gebruiken kunnen en daar dan ook hun noodzakelijkheden kunnen plegen.”

Pinksterdagen

Toevallig of niet, het Luxor Theater vertoont in april 1959, als tegelijkertijd ook Elvis Presley's King Creole draait, de Duitse speelfilm Die Halbstarken. De film, met in de hoofdrollen Karin Baal en Horst Buchholz, vertelt het verhaal van een stelletje rebellerende jonge criminelen. De rolprent krijgt de ondertitel “hard - realistisch - actueel” mee. Dat laatste

is het zeker, want krap een maand later komt het tijdens de Pinksterdagen tot de reeds door de Nieuwe Winterswijke Courant voorspelde harde confrontatie. De krant bericht: “De ongeregeldheden begonnen op zondagavond op het Weurden. Er ontstond een gespannen verhouding tussen wat Winterswijkse en Duitse jongeren. Allengs groeide hun aantal uit tot zo'n zestig man. Ze verplaatsten zich via de Helderkampstraat naar de hoek Scheringstraat-Kleine Parallelweg. Daar werd korte tijd hevig gevochten. Er werd met messen gezwaaid en met een alarmpistool geschoten. Een Duitse jongen kreeg met een mes een jaap over de vingers, terwijl een ander aan de nek werd verwond. Later op de avond kwam het op de Misterweg en in de dorpskern weer tot vechtpartijen. Een overval op een kampeerterrein werd gevreesd, maar de politie wist dit te voorkomen. 's Maandags werden nieuwe vechtpartijen verwacht. Reeds vroeg in de middag trokken Winterswijkse jongeren door de straten. Er was echter geen Duitser te zien. Op de hoek Kottenseweg-Wooldseweg verzamelde zich een menigte, die door de politie weer werd verspreid. Duitse jongeren die Winterswijk binnenreden, werd aangeraden terug te gaan. Ze werden door de Koninklijke Marechaussee tot aan de grens begeleid. 's Avonds kwam het niet meer tot relletjes. Een grote menigte verzamelde zich in het centrum. Er was echter niets te doen. De politie had al zijn agenten in dienst geroepen en kreeg versterking van de Marechaussee.

Aankondiging van de film Rock Around The Clock in het Luxortheater. Foto Poparchief Achterhoek en Liemers

legen de zaak te sussen, om zo toch vooral de kooplustige Duitsers maar niet af te schrikken. Van Ingen maakt de Duitse reporter duidelijk dat de in Duitsland vermelde berichten over de kloppartijen schromelijk overdreven zijn. Vlam wijst er op dat het hier jeugdruzies betreft die met de goede verstandhouding tussen de ouderen aan weerszijden van de grens niets van doen heeft. Winterswijk neemt geen halve maatregelen om paal en perk te stellen aan de overlast. Besloten wordt de Personalausweise van jonge Duitsers, die zich ernstig hebben misdragen, te voorzien van een rood stempel. Knapen met zo'n stempel wordt in het vervolg de toegang tot ons land ontzegd.

Ze patrouilleerden niet door de straten maar stonden klaar om op het eerste sein uit te rukken. Alle dansgelegenheden werden gesloten, zodat ook daar geen gevechten plaats konden vinden. Even dreigden er nog onregelmatighe-

Rigoreuze Duitse invoerbeperkingen voor boter en suiker doen in het najaar van 1959 de toestroom van kooplustigen tijdelijk afnemen. Het besluit om de grenskantoren ook 's nachts open te stellen voor personenvervoer bezorgt de gezagshandhavers echter weer nieuwe hoofdbrekens.

Vosseveld

De bromfietsen van Winterswijkse nozems worden op de kruising WeurdenWooldseweg-Kottenseweg aan een controle onderworpen. Foto: Poparchief Achterhoek en Liemers.

In het najaar van 1959 krijgt Winterswijk te maken met een flinke aanwas van het inwonertal. Zo'n vijf- à zeshonderd Molukkers – in de volksmond Ambonezen genoemd - betrekken het nieuwe woonoord Vosseveld. Het jeugdige deel van deze gemeenschap is uiterst bedreven in vechtsporten als judo en karate en mengt zich al gauw in de strijd tussen nozems en halbstarken. De Pinksterdagen van 1960 verlopen evenals het jaar daarvoor onrustig. Op diverse plaatsen gaan nozems, Ambonezen en “kampers” (jeugdige bewoners van woonwagenkamp Dennenoord) met de Duitse

den toen op een parkeerterrein twee bussen met Duitse dagjesmensen stopten. Maar de Duitsers voorzagen het onheil, stapten snel weer in en vertrokken.”

Hoofdinspecteur Van Ingen en een Duitse politieman staan na de relletjes de pers te woord. Foto: Poparchief Achterhoek en Liemers.

Met name de Duitse televisie besteedt in de week daarop veel aandacht aan de Winterswijkse Krawallen. In het bekende programma Hier und Heute komen burgemeester Vlam, hoofdinspecteur Van Ingen en diverse ooggetuigen aan het woord. De autoriteiten is er alles aan ge-

25

jongeren op de vuist. Gelukkig is er ook een ander gebied waarop de Winterswijkse nieuwkomers excelleren: de muziek. Een goede gitaar is in menig Moluks gezin belangrijker dan een nieuw bankstel. De techniek van het bespelen wordt van jongs af aan op een volgende generatie overgebracht. Het betekent een enorme impuls voor de ontwikkeling van de Winterswijkse popmuziek. De relletjes hebben hun “beste tijd” gehad en popmuziek en de actieve beoefening daarvan wordt steeds meer een manier om de opstandige hormonen van de jeugd op een positieve manier te kanaliseren. Bandjes met fraaie namen als The Jolly Jokers, The Rockin' Red Wings, The Real Rollers en The White Waves geven het dorp een muzikaal gezicht. Midden jaren zestig doet het “beatgeweld” Winterswijk op zijn grondvesten trillen. Popmuziek en jeugdcultuur komen - hand in hand - verder tot bloei. Beatclubs en bands schieten als paddestoelen uit de grond. Gedurende een aantal jaren is Winterswijk het Achterhoekse epicentrum van de popmuziek.

Erik Meinen is medewerker van het Poparchief Achterhoek en Liemers (PAL). In 2009 was hij eindredacteur van het boek “Popmuziek in Winterswijk – Een greep uit vijftig jaar pophistorie”. Voor de Winterswijkse 50+ Krant duikt hij in de geschiedenis van de plaatselijke (pop)muziek- en jeugdcultuur. Foto op voorpagina: Duitse halbstarken zittend op hun motoren. Foto: Monte-Club Bocholt


WINT RSWIJK


GUV Uitvaartzorg

Waarom GUV? GUV garandeert: • persoonlijke begeleiding

GUV werkt zonder winstoogmerk. Daarom hebben we tijd en aandacht voor nabestaanden en de overledene. En hanteert GUV zeer lage tarieven.

• betrokken professionals • de laagste tarieven

Dela of Monuta verzekerd? GUV kan u ALTIJD helpen en ZONDER MEERKOSTEN. Dat garanderen wij u! Bel rechtstreeks GUV en wij regelen alles voor u. Dag en nacht bereikbaar: 0800

- 08 09 |

GUV Uitvaartzorg - waar u ook verzekerd bent Ook als u bij Monuta, Dela of Yarden verzekerd bent, kunt u GUV Uitvaartzorg de uitvaart laten begeleiden. GUV helpt iedereen, altijd en zonder extra kosten. U bent niet verplicht de verzekeraar te bellen. Bel eerst en rechtstreeks GUV! GUV neemt contact op met de verzekeraar en regelt alles voor de nabestaanden.

En de extra kosten dan? Daar waarschuwt de verzekeraar voor! - Daar zorgt GUV voor! Rechtstreeks GUV bellen, betekent voor nabestaanden GUV kwaliteit én (veel) lagere kosten!

Pakket verzekering van Dela, Monuta of Yarden? Geen probleem! GUV verzorgt alle diensten die in de polis staan, zonder dat u daarvoor betaalt! De uitkering die wij ontvangen van de verzekeraar dient als volledige betaling van alle diensten in het pakket. Heeft u wensen die niet in het pakket verzekerd zijn, dan betaalt u alleen daarvan de kosten. En bij GUV zijn die kosten gegarandeerd lager!

www.guv.nl

Yarden toeslag op crematorium van GUV? Krijgt u bij Yarden te horen dat u voor het crematorium GUV een toeslag moet betalen? Bel direct GUV. Wij zorgen dat u geen toeslag hoeft te betalen!

Kapitaalverzekering bij Monuta of elders? GUV is tot 1.500 euro goedkoper! GUV regelt en verzorgt de uitvaart zoals u die wenst met de GUV tarieven. Deze zijn zoveel lager dan die van anderen dat de rekening tot 1.500 euro lager is. Wilt u meer informatie? Wij komen graag bij u langs en rekenen samen met u de kosten van een uitvaart bij GUV uit. Zo hebt u niet alleen de kwaliteit van dienstverlening van GUV, maar kunnen wij ook garanderen dat u de laagste kosten heeft.

Hoe kan GUV dat doen? Omdat GUV eigendom is van een stichting, werkt GUV anders dan anderen. Dat merken onze verzekerden maar zeker ook de nabestaanden die we ten dienste staan. GUV werkt zonder winstoogmerk. Persoonlijk, betrokken en dichtbij en gegarandeerd de laagste tarieven.

GRATIS prothese check

maak snel een afspraak Draagt u een prothese? Dan nodigen wij u hierbij uit voor een korte en vrijblijvende prothese check. U gaat toch ook onbezorgd de vakantie tegemoet? Een reparatie of aanpassing wordt grotendeels vergoed vanuit uw basisverzekering en is klaar terwijl u wacht!

Klinische Prothese Techniek

wij maken kunst van uw gebit! Steenhouwerspad 8 Winterswijk T 0543 842541 WWW.KPTLING.NL

Landstraat 32 Aalten T 0543 750333 INFO@KPTLING.NL


Door Jan Ruesink

Iris Oldenmenger achter de naaimachine, een vaardigheid die ze bij TopArt heeft opgedaan. Juventa Gerrits toont trots een door haar gemaakte kip.

TopArt helpt cliënten dagbesteding met meedoen en persoonlijke ontwikkeling

Een atelier waar talent opbloeit Het heet dagbesteding, maar wat de 25 cliënten van TopArt in Winterswijk doen is veel meer dan dat. Het maken en verkopen van decoratie- en kunstproducten helpt ze hun talenten te ontwikkelen en brengt ze midden in de samenleving.

Iris is een van ongeveer 25 cliënten die meerdere dagdelen in de week werken in het atelier en aangrenzende winkel van TopArt. Met hulp van begeleiders, vrijwilligers en stagiaires kunnen ze zich helemaal uitleven in het maken van handbeschilderd aardewerk, schilderijen, decoratie-artikelen, vogelhuisjes, fakkelhouders en ontelbaar andere artikelen. Veel daarvan wordt in de eigen winkel verkocht of – zoals soms bij schilderijen – verhuurd. Andere producten gaan op bestelling naar bijvoorbeeld bedrijven of andere vestigingen van TopArt, in Eibergen en Enschede.

“Het werk hoeft niet per se aan het eind van de dag af te zijn. Ik wil het ook niet afraffelen, want het moet gewoon goed zijn. Gelukkig kan iedereen hier op zijn eigen tempo werken.” Iris Oldenmenger (44) uit Huppel gaat nooit met tegenzin naar TopArt in de Meddosestraat, een dagbestedingsactiviteit van zorginstelling Estinea. Ze is druk bezig om van oud zeildoek een boodschappentas te naaien en daar heeft ze zich behoorlijk in bekwaamd. “Kijk maar”, zegt haar begeleidster Willy Meerdink, “dit heeft ze zelf bedacht: even een tape over de lengte plakken, zodat je er mooi in een rechte lijn langs kunt stikken.”

Tassen van oude banners zijn verkoophit

Gebreide pannenlappen, felicitatiekaartjes met decoraties op oude lakens, houten vogelhuisjes; het zijn maar een paar van de verkoopsuccessen in de winkel van TopArt aan de Meddosestraat. Van al die zelf ontwikkelde en vervaardigde producten, is er eentje die er momenteel echt uitspringt: de boodschappentassen van zeildoek. De tassen zijn gemaakt van oude banners van de Marathon Nationaal Landschap Winterswijk. De marathon had TopArt afgelopen najaar benaderd met de vraag of ze iets konden met de afgeschreven reclamedoeken. Daarop heeft TopArt deze bijzondere shopperbag ontwikkeld. Uit de oude banners worden lappen doek gesneden en die worden aan elkaar genaaid tot een tas. De metalen ringen voor de hengsels worden bij Dekalu aangebracht. Op die manier ontstaat telkens een unieke tas, met steeds een andere opdruk en kleuren. Op tassen met een effen patroon worden dan nog biesjes in een afwijkende kleur aangebracht, zodat het geheel toch kleurrijk oogt. De tassen worden genaaid op vier nieuwe naaimachines, die aan TopArt zijn geschonken door Te Loo Media, uitgever van de 50+Krant.

In een paar maanden tijd zijn er nu al ruim vijftig tassen verkocht, tegen een prijs van 5,95 euro, wat voor de enkele uren werk en materialen die erin zitten, een schappelijke prijs genoemd mag worden. Het hergebruik van het zeildoek is ook dubbele winst voor het milieu, want anders zou het doek bij het afval belanden en zouden er meer plastic tassen gekocht worden bij het shoppen.

Keerzijde van het verkoopsucces: TopArt raakt nu snel door de voorraad heen en is op zoek naar extra bannerdoek. Want de vraag ernaar is groot en er worden ook vlaggetjes en placemats van gemaakt. Al was het maar om zoveel mogelijk materiaal te gebruiken, “want wij houden niet van verspilling. Voor allerlei reststukjes kun je heel leuke dingen bedenken”, zegt Willy. Bedrijven die nog doek over hebben, kunnen zich melden bij TopArt. Zodat ze straks hun reclame en logo’s weer gratis tussen het winkelend publiek kunnen laten showen. 29

Bij TopArt werken mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking. Dat laatste geldt bijvoorbeeld voor Rudy Wamelink (52) uit Winterswijk: “Ik werkte vroeger bij een oudpapierhandel, maar na een ongeluk kreeg ik problemen met mijn rug. Werken in een hoog tempo gaat daarom niet meer, maar hier kan ik dat helemaal zelf bepalen. Het is goed voor de sociale contacten en de hele dag thuis zitten, is ook maar niks.” Daar kan ook Juventa Gerrits (25) van meepraten. Ze onderbreekt haar creatieve werk – vijf paashaasjes-poppen maken op bestelling - graag even voor

lees verder op pag. 31...

Rudy Wamelink met de bestseller-tas van oude reclamebanners.


...vervolg van pag. 29

een praatje, maar gaat naar een tijdje op eigen initiatief de toiletruimte schoonmaken. “Ik maak het liefst schilderijen, maar ook kaartjes en decoratie-artikelen als kippen en paashaasjes. Het helpen van klanten in de winkel is ook leuk werk.” Juventa is een veelzijdig talent en helpt ook nog wekelijks ouderen in De Pelkwijk. Andere cliënten doen weer schoonmaakwerk bij de Winterswijkse Uitdaging, de was bij FC

Trias of bezorgen maaltijden van Harm Kookt bij ouderen.

TopArt ligt in een winkelstraat zonder grote ketens, maar wel met veel bijzondere speciaalzaken. “We hebben veel aanloop van Duitse klanten”, vertelt Willy Meerdink. “Ze kopen graag handgemaakte producten bij ons. Zij kennen dat volgens mij daar ook niet, een winkel waar mensen met een beperking eigen producten verkopen.” Waarbij ze eraan toevoegt dat niet alles in de winkel zelfgemaakt is. Er staat bijvoorbeeld ook ingekocht houten speelgoed en er liggen interieurproducten die elders door Esti-

31

nea-cliënten is gemaakt, zoals houten uithangborden die op Landgoed Hesselink in Ratum gemaakt zijn.

De winkelprijzen zijn soms moeilijk te bepalen, want ja, wat moet een geschilderde ansichtkaart of een kaarsenhouder kosten en wat is een schilderij waard? Die doeken worden daarom per vierkante meter verkocht, variërend van 70 tot 170 euro. Geen prijs zo’n origineel stuk top-art.


Fit en gezond

“Het valt niet mee”, valproblemen bij ouderen Het aantal Nederlanders met een gebroken heup is in de afgelopen vijf jaar toegenomen. Dat bericht bereikt ons al langere tijd. Vooral mensen tussen de 65 en 74 jaar breken nu relatief vaker de heup dan voorheen. Onder de 85-plussers is het juist wat afgenomen. Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid werd het aantal valpartijen in Nederland onderzocht. Een valpartij heeft voor een oudere vaak verregaande gevolgen. Kneuzingen, breuken of zelfs hersenletsel zorgen vaak voor een lange revalidatie. Gelukkig zijn er wel mogelijkheden om deze negatieve trend tegen te gaan. Tot op zeer hoge leeftijd is het mogelijk uw fitheid en evenwicht/balans te verbeteren door training en bewegen. Binnen onze praktijk richten wij ons ook op valpreventie. Maar het uitvoeren van succesvolle valpreventie is complex. Er zijn veel factoren van invloed op de effectiviteit. VeiligheidNL heeft in kaart gebracht wat werkt binnen de valpreventie en heeft deze interventies beschreven. Professionals kunnen dit

Yv e t K osk amp fysio- en manueel therapeut bij Fysiotherapie Beatrixpark

gebruiken als bouwstenen bij het opzetten en uitvoeren van een valpreventietraject. Omdat bij valongevallen vaak meerdere factoren een rol spelen, heeft een multifactoriële interventie vaak het meeste kans van slagen. De interventies sluiten aan op de risicofactoren die bij de screening in kaart zijn gebracht. Interventies waarvan is aangetoond dat ze apart, maar meestal in combinatie met andere interventies, de kans op valongevallen verkleinen zijn: beweegprogramma’s, aanpassingen in huis/woonomgeving, medicatiebewaking, verbeteren visus en vitamine D suppletie. Vanuit het principe van VeiligheidNL verzorgen wij trainingen die u een verbetering opleveren in uw evenwicht, spierkracht, mobiliteit en conditie. Het leren vallen vormt geen onderdeel van de training, het steviger op uw benen staan wel!


De cover van het boek De Schulplaats van Johanna Reiss

Door André Vis

Hoe een prima plan leidt tot een kleine zoektocht naar een valse mythe

Wat weet ú van Winterswijk in de oorlog? Als het gaat om de Tweede Wereldoorlog kunnen we niet genoeg met de neus op de feiten worden gedrukt. Ofwel, waarom een monument voor de onbekende Winterswijkse slachtoffers van de oorlog een prima idee is maar bovenal; hoe een mooi initiatief leidt tot een kleine geschiedenisles. Daar sta je dan, 1 augustus 1977, 18 jaar oud en bescheiden Winterswijker, op de drempel van de redactievloer van Dagblad Tubantia in Enschede. De man tegenover me had een stevige baard, keek me doordringend aan en zei: ‘Zo dus jij bent een van die nieuwe jongens die vandaag binnenkomen’. Ik: ‘Dat klopt. Ik ben leerling-journalist’. De man met de baard: ‘En jij komt uit Winterswijk’. Ik: ‘Ja meneer’. De man met de baard weer: ‘Je weet dat dat een NSB-dorp is?’ Ik: ‘Dat wordt gezegd, ja’. Hij weer: ‘En je vader, was die ook fout in de oorlog?’ Ik: ‘Hij komt niet uit Winterswijk. Hij is pas in 1950 in Winterswijk komen wonen’. De man met de baard knikte en zei: ‘Oké, dan mag je doorlopen’. Die anekdote schoot me te binnen toen ik onlangs in De Gelderlander las dat Hans Tenbergen ijvert voor een monument voor de circa honderd vergeten oorlogsslachtoffers in Winterswijk. We hebben natuurlijk Tante Riek, we hebben een plek waar de omgekomen joodse mensen worden herdacht alsmede de gevallen militairen. Maar zij die bij toeval sneuvelden omdat ze brood gingen halen bij de bakker, op het verkeerde moment op de verkeerde plek waren, zo’n 110 in getal volgens Tenbergen, zij zijn uit ons collectieve geheugen verbannen.

Rehabilitatie

De rehabilitatie die Tenbergen voorstaat, is prachtig en verdient ons aller steun. Tegelijk deed het me afvragen wat ik eigenlijkzelf weet van het oorlogsverleden van mijn geboorteplaats, waar ik in twee fases iets meer dan twintig jaar verbleef en dat ik 35 jaar geleden definitief achter me liet. Het dorp dat lijfelijk niet meer bij me hoort, maar me met de dag dierbaarder wordt. Met het klimmen der jaren neemt het jeugdsentiment almaar toe zullen we

De monumenten voor de gevallen militairen uit Winterswijk en de weggevoerde en vermoorde joodse medeburgers.

maar denken. Ik maakte de herdenking van 1970 mee, toen ons land uitgebreid vierde dat we 25 jaar eerder waren bevrijd. Op De Olm het eerste jaar dat de school bestond hadden wij, vijfde klassers, een themaweek over de oorlog maar dat werd nationaal aangevlogen. We kregen net als alle andere scholieren in het land die de hoogste klassen bevolkten, een dun boekje dat tot op de dag van vandaag in een van mijn boekenkasten is terug te vinden. In mijn herinnering ging het die meidagen over het bombardement op Rotterdam, over Anne Frank, over de jodenvervolging, over de geallieerden, maar niet over Winterswijk in de oorlog.

stad ging en de man met de baard me streng toesprak. De werkelijkheid blijkt compleet anders. Ook dit heeft Hans Tenbergen uitgezocht en overtuigend bewezen. Op de onvolprezen site oudwinterswijk.nl staat onder het onderwerp De Tweede Wereldoorlog een subonderwerp De NSB in Winterswijk. Uit de stukken die daar staan, kunnen we constateren dat verdichting en werkelijkheid soms op onaangename wijze door elkaar lopen. Niet alleen had de NSB in Winterswijk veel minder leden en trok zij veel minder kiezers dan op grond van de verhalen mocht worden verondersteld, ook was zij opgehangen aan maar één man: de dierenarts Wim Bos. Dat laatste wist ik dan weer wel, ook al in 1977; dat de burgemeester in oorlogstijd een NSB-er was die luisterde naar de naam Wim Bos en eigenlijk dierenarts was. Maar dat hij in zijn eentje zo ongeveer de enige reden was waarom mensen zich aan de nationaalsocialisten verbonden en tegelijkertijd een gematigde NSB’er was; dat wist ik weer niet.

Oorlog geen thema

Een kleine check bij (semi-)generatiegenoten leert dat ik niet alleen sta. De kinderen die na de eeuwwisseling opgroeien, worden geconfronteerd met het boek De Schuilplaats van Johanna Reiss. Ze interviewen hun opa of oma die nog eens vertellen over de oorlog. Ze bezoeken de synagoge of onderhouden de graven der geallieerde gesneuvelden. Maar in de jaren zestig, begin zeventig was dat in mijn jeugdig bestaan geen thema. De oorlog begon weer te leven toen Dr. L. de Jong zijn standaardwerk Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog voltooide, heb ik wel eens het idee. En vooral toen later geschiedenisprogramma’s als Andere Tijden de juiste snaar raakten.

Groeispurt

In totaal heeft de Winterswijkse NSB in de jaren waarin de ledenregistratie plaats had (1933-1942) 572 leden gekend maar daar past al meteen een nuance bij. De hausse had plaats na de Duitse inval en werd gecreëerd uit de import. De Duitsers plaatsten veel NSB’ers in het dorp waardoor het ledental tussen mei 1940 (189) en april 1941 een enorme groeispurt doormaakte (499). Uiteindelijk zijn er in de meetperiode slechts 291 ‘autochtone’ Winterswijkers lid van de NSB geweest. En dat op een bevolking van een kleine 20.000 inwoners.

Zo ben ik een onwetende als het gaat om mijn geboortedorp en de oorlog. En zo heb ik inderdaad altijd aangenomen dat het epicentrum van de Nationaal Socialistische Beweging, de NSB, zo ongeveer in Winterswijk lag. Zoals het communisme vooral was geconcentreerd in Oost-Groningen, te midden van het strokarton. Illustere plaatsnamen als Finsterwolde en Scheemda, mannen als Fré Meis; dat werk. Zoals Oost-Groningen model stond voor het communisme, zo was Winterswijk zo bruin als bruin maar kon zijn. Dacht ik. Niet dat het me belastte, maar het was wel mijn idee – ook toen ik op 1 augustus 1977 van het dorp naar de grote

Ook de verkiezingen rechtvaardigen niet het beeld van een ‘massale steun voor het nationaalsocialistisch gedachtegoed’. Ten eerste de persoon van Willem Bos. Hij ging, als bestrijder van de klassieke christelijke en socialistische dogma’s, voor de Vrijzinnig Democraten de gemeentepolitiek in en switchte in 1933 naar de NSB. Hij nam zijn populariteit als dierenarts mee en dat werd bewezen bij de Provinciale Statenverkiezingen in 1935

37

toen de NSB landelijk doorbraak met 8 procent. Winterswijk was de kroon op Musserts werk: 20 procent van de stem men haalde de NSB in ons dorp (vooral dankzij de buurtschappen maar toch). Hier ligt zoals Tenbergen stelt waarschijnlijk de bron van de gedachte: Winterswijk is een NSB-dorp. Wie echter inzoomt op de cijfers ziet dat Winterswijk een Bosdorp was. De man die eerder al van de Vrijzinnig Democraten de grootste partij van Winterswijk maakte, haalde 1207 stemmen op 8830 uitgebrachte stemmen. Hij stond nummer zes op de lijst van de NSB, de NSB an sich haalde nog 592 stemmen erbij wat de partij op 20,3 procent bracht. Daarmee was zij overigens niet de grootste want de SDAP haalde 24 procent. Vier jaar later stond Bos niet op de lijst en zakte de NSB terug tot onder de 10 procent. Je zag het later ook bij Fortuyn en de LPF; de anti-stem verdwijnt weer als de charismatische leider er niet meer is. Al speelden in dit geval ook de oplevende economie en de almaar harder wordende politiek van de nazi's een rol in de slinkende aanhang van de NSB.

Monument

De dank aan Tenbergen is groot. Hij heeft een leemte in mijn bestaan gevuld. Bij toeval maar daarom niet minder waardevol, omdat ik nu meer weet over de werkelijke rol van de NSB in mijn geboortedorp. Dat monument voor de onbekende, gevallen burger; dat moet er natuurlijk komen. Niet om het NSB-verleden uit te wissen, wel om recht te doen aan de gevallenen. Opdat wij allemaal weten dat het gaat om de slachtoffers, met in ons achterhoofd de wetenschap dat het met ons bruine Winterswijkse verleden wel meeviel.

Het monument voor Tante Riek op het mevr. Kuipers-Rietbergplein


EEN ASPERGEMENU

door Bernhard Harfsterkamp Foto: Nederlands Asperge Centrum

Wat hebben we nodig voor vier personen? • Acht dikke asperges, geschild; • Acht coquilles; • Acht kleine plakjes bloedworst; • Vier rode uien, fijngesneden; • 100 gram zeekraal, goed schoongemaakt; • Half pakje roomboter; • Fijngesneden peterselie en bieslook; • Rode balsamicoazijn • Olijfolie; • Twee teentjes knoflook, fijngesneden. Hoe bereiden we het? • Smelt boter en fruit de rode uien even op hoog vuur. Zet daarna zacht en laat de uien zeker een uur smoren. Langer mag ook. U zult merken, dat de uien steeds zoeter worden, vandaar dat van uienjam wordt gesproken. Doe er op het laatst een scheutje balsamicoazijn doorheen; • Kook de asperges met een beetje suiker beetgaar. Doe de asperges op een bord en zet op een warmhoudplaatje; • Bak de plakjes bloedworst in een beetje boter krokant en zet dan vuur zacht; • Smelt de roomboter met knoflook, peterselie en bieslook op laag vuur; • Bak de coquilles in een grilpan met een beetje olijfolie. Keer ze regelmatig. Als ze mooie goudbruine strepen hebben zijn ze klaar; • Maak dan vier borden op. Schep de rode uienjam op de borden en verspreid die over het bord. Leg daar telkens twee asperges op met ernaast twee plakjes bloedworst en de twee coquilles. Garneer met zeekraal en schep de gesmolten boter met kruiden over de asperges. Eventueel zou je er nog een paar gebakken aardappeltjes bij kunnen eten.

Koken met Bernhard De binding met de seizoenen zijn we voor veel groenten kwijtgeraakt. Het merendeel is het hele jaar verkrijgbaar. Of ze van de koude grond, buiten, van de warme grond, in kassen, of uit het buitenland komen weten we niet meer. Toch zijn er nog steeds groenten, die de meesten van ons niet het gehele jaar door eten. De asperge is zeker nog een echte lentegroente. Wanneer het voorjaar zacht en redelijk warm is, zijn ze er al eind maart. Na Sint Jan op 24 juni, de dag die gewijd is aan Johannes de Doper, is de aspergetijd voorbij. Ze worden dan te houtig. Later in het jaar duiken ze vers weer op de groenteafdelingen van de supermarkt. Ze zijn dan afkomstig uit Peru. In pot of blik zijn ze het hele jaar verkrijgbaar, maar wie liefhebber is geworden van verse asperges zal die niet meer eten. Er wordt geprobeerd het aspergeseizoen in ons land te verlengen. In de praktijk betekent dat eerder oogsten. Hoe zorg je daarvoor? Door de rijen met asperges te overdekken met van die tunnels met wit plastic en daar hete lucht door heen te blazen. Of door ze in kassen te kweken, wat op beperkte schaal gebeurt.

De komende weken zal het geen straf zijn om regelmatig asperges te eten. Dat het na Sint Jan weer voorbij is, is niet erg. Ik heb dan in ieder geval een kleine drie maanden genoten van allerlei gerechten met het witte goud, zoals ze het in Limburg nog steeds aanduiden. Saai is asperges eten niet, want er zijn vele mogelijkheden om ze te eten. Er bestaan meer dan honderd verschillende recepten. Het kost geen enkele moeite om een buffet te presenteren met tientallen aspergerecepten of een menu met in elke gang een aspergerecept, zonder dat het verveelt.

Zo’n aspergemenu beginnen we met een voorgerecht met asperges, coquilles en bloedworst. Daarna een lichte aspergesoep. Als tussengerecht eten we enkele asperges met een forelfilet en Hollandaisesaus. Als hoofdgerecht is er een aspergerisotto met een salade met rivierkreeftjes en groene asperge. We eindigen met een dessert met asperges in zoet bierbeslag met een mascarponecrème. Probeer het eens, maar gebruik per gang niet te veel asperges.

Als je het tot één aspergerecept wilt beperken dan beveel ik de asperges met rode uienjam, gebakken bloedworst en coquilles, zeekraal en een beetje gesmolten knoflookboter aan.


Schoenatelier Gelria • Beatrixpark 24 • 7101 BN Winterswijk • Tel: 0544-371406 • Mail: schoenateliergelria@gmail.com


Voor รกl uw en lekkerste geschenk n! se Pa tijdens

Weurden 13, 7101 NG Winterswijk โ€ข www.smaaklokaalsimone.nl


Pronsweide-ergotherapeut Marloes Spijker geeft scootmobielles.

Veilig rijden met scootmobiel moet je leren

Door Wim Ruesink Nu het mooie weer zich aankondigt en de dagen langer worden, zien we weer volop scootmobielrijders in ons dorp. Hun aantal neemt toe en ze zijn inmiddels en vertrouwd straatbeeld. Maar de veiligheid staat ter discussie. Tijd om eens uitgebreid in te gaan op de scootmobiel. Hoe kom je aan zo’n voertuig, moet die verzekerd worden, is er rijles nodig en wat zijn de gevaarlijkste punten in Winterswijk? De gemeente Winterswijk heeft ongeveer 250 scootmobiels verstrekt aan haar inwoners, allemaal via de WMO regeling, vertelt Gea Rauwerdink beleidsmedewerker WMO van de gemeente Winterswijk. “Dit zijn allemaal driewielscootmobiels. Deze is veilig en wendbaar en alle 250 scootmobiels worden jaarlijks door de leverancier nagekeken.

Mochten we signalen opvangen dat een voertuig niet of nauwelijks meer gebruikt wordt, dan gaan we in gesprek met de gebruiker. De gemeente blijft namelijk te allen tijde eigenaar van de scootmobiel en deze moet dus zonodig weer worden ingeleverd. Een scootmobiel kost gauw een paar duizend euro en dit gemeenschapsgeld moet dus goed gebruikt worden. Er zijn ook gemeenten in ons land die in de winterperiode de scootmobiel invorderen. Dit willen wij niet, mensen moeten ten alle tijden mobiel blijven. Daarnaast zijn er steeds meer scootmobielrijders die er zelf eentje hebben aangeschaft.

Is rijden op vier wielen niet veel veiliger dan op drie wielen?

“Het is aan de leverancier om te kiezen voor een driewielige of vierwielige

variant. Om de scootmobiels zo veel mogelijk opnieuw in te kunnen zetten zal de leverancier vaak kiezen voor driewielig. Daarnaast heeft een driewielige scootmobiel een veel kleinere draaicirkel, wat in bijvoorbeeld winkels handiger is. Maar er zullen altijd uitzonderingen blijven om voor een vierwielige te kiezen, bijvoorbeeld voor mensen die aan een zandpad wonen. Over meer ongelukken met driewielige dan vierwielige voertuigen is niets bekend. Belangrijk blijft een goede instructie en

Hoe kom je aan een scootmobiel?

“Als iemand een scootmobiel wil hebben dan kan hij deze zelf kopen, huren of bij de gemeente aanvragen. Men moet dan bij De Post aan de Balinkes zijn. De gemeente kan een scootmobiel verstrekken vanuit de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning). Hierna wordt een afspraak gemaakt voor een huisbezoek door een WMO-consulent van de gemeente. Tijdens het huisbezoek wordt besproken wat iemands beperkingen zijn, welke verNederland telt zo’n voersmogelijkheden 250.000 scootmobielen. iemand heeft en waarvoor De scootmobiels kunnen, men de scootmobiel wil gaan gebruiken. Als de gemeente afhankelijk van het type, besluit een scootmobiel te een snelheid bereiken verstrekken wordt daarvoor van 6 tot maximaal 20 een eigen bijdrage gevraagd en men ontvangt dan iedere kilometer per uur vier weken een rekening. De scootmobiel blijft eigendom van de gemeente.”

.

Is rijles nodig?

Marloes Spijker (28) is als ergotherapeute werkzaam voor Marga Klompé en geeft in die hoedanigheid les in het omgaan met en rijden van een scootmobiel in Winterswijk. Marloes: “Rijles is niet verplicht maar wanneer je een aanvraag indient bij de WMO, kan men het advies geven om rijles te nemen. De gemeente neemt dan contact met ons op. Ergotherapie wordt vergoed vanuit de basisverzekering , iedereen heeft recht op 10 uur per jaar. Deze tijd kan aan het rijden besteed worden, maar is vaak niet nodig. Hoe vaak een les nodig is wordt bepaald door de vorderingen die de bestuurder ervan maakt. Er wordt geoefend met de basisvaardigheden van het rijden, o.a.

Gebeuren er veel ongevallen mee?

Gea: “We mogen ons gelukkig prijzen dat er in onze gemeente nauwelijks ongevallen van enige betekenis zijn geweest. De veiligheid van de scootmobiel staat echter hevig ter discussie sinds het dramatische ongeluk met de Stint. Deze remt als je de handvaten loslaat, hetzelfde systeem als bij de scootmobiel. We moeten nu afwachten met welke conclusies en aanbevelingen de onderzoekers komen.”

extra rijlessen.“

Scootmobielrijder Gerrit Veldboom: "Als je niet oppast, rijden ze je zo van de sokken en in het winkelgebied moet je zelf ook je snelheid aanpassen

lees verder op pag. 45...


...vervolg van pag. 43

Aantal scootmobielrijders neemt ook in Winterswijk toe hoe werkt het bedieningspaneel, wegrijden/stoppen, slalommen etc. Verder wordt er geoefend met het rijden in rustige en drukke woonwijken. Ook kunnen er routes gereden worden die men later graag zelf wil rijden. Ik vind het belangrijk dat mensen veilig de weg op kunnen en dat de scootmobiel mensen meer zelfstandigheid en plezier geeft.”

Voor mensen met welk ziektebeeld is scootmobielrijden het moeilijkst?

“Ik denk dat dat verschilt per persoon, de één heeft het rijden sneller onder de knie dan de ander. Wat het rijden lastig maakt, is als mensen angst hebben om te rijden. Hierdoor duurt het vaak langer om plezier te krijgen in het rijden. Daarnaast kan een lichamelijke beperking, bijvoorbeeld met maar één hand de scootmobiel kunnen bedienen, het rijden moeilijker maken. Van belang is natuurlijk dat iemand de scootmobiel goed onder controle heeft, het verkeer goed kan inschatten en op het juiste moment een goede beslissing neemt,” aldus de Winterswijkse ergotherapeute.

“Ach ik heb altijd auto gereden, dan heb ik geen rijles nodig toch?”

Marloes: “Dat is een veel gehoorde opmerking. Mensen die auto hebben gereden kennen de verkeersregels en zijn gewend deel te nemen aan het verkeer. Dit is wel afhankelijk van de tijd dat het geleden is dat iemand auto heeft gereden. Een scootmobiel besturen is alleen niet te vergelijken met een auto. Het is een nieuwe vaardigheid die mensen moeten leren. Mijn advies is om samen met een ergotherapeut te bekijken of rijlessen nodig zijn.”

Hoe remt een scootmobiel?

“Een valkuil die ik wel eens zie is dat mensen de gashendel inknijpen wan-

Het blijft oppassen met de scootmobiel krijgt. Verder zijn plekken waar een grote weg moet worden overgestoken gevaarlijk. Dit zijn o.a. de Groenloseweg en de Kottenseweg richting Motomarkt/Prijshamer.”

neer ze eigenlijk zouden willen remmen. Op een scootmobiel zit geen rem. Om stil te gaan staan moet je de gashendel loslaten. Veel mensen zijn gewend om bij het fietsen in de handrem te knijpen om te stilstand te komen.”

We zien vaak scootmobielrijders in de winkelstraten, wat zijn daar de snelheden?

Wat zijn in Winterswijk gevaarlijke verkeerspunten voor scootmobielrijders?

Marloes: ”Als bestuurder van een scootmobiel mag je op de stoep en op het fietspad rijden. Maar daarnaast mag je inderdaad ook de winkelstraten in met de scootmobiel. Wanneer je op de stoep of in een winkelstraat rijdt hoor je de snelheid aan te passen aan die van de wandelaar.”

“In Winterswijk zijn veel goede fietspaden waar je goed kan rijden met de scootmobiel. Punten van aandacht in Winterswijk zijn de rotondes bij De Peperbus en de Lidil. Je hebt net als de fietser hier voorrang, maar het is van belang om goed te kijken of je het ook

Nederland telt zo’n 250.000 scootmobielen. De scootmobiels kunnen, afhankelijk van het type, een snelheid bereiken van 6 tot maximaal 20 kilometer per uur. Scootmobieltips: • Neem altijd een telefoon mee als je op pad gaat • Om beter zichtbaar te zijn kun je een veiligheidshesje over de rugleuning hangen

De 50+krant is te volgen op Facebook voor extra artikelen en nieuws: facebook.com/de50pluskrant

Volgende nummer 4 juni 2019

Ook vindt u ons op Twitter: twitter.com/dekrant50plus

Heeft u tips voor verhalen, suggesties, aankondigingen en ander nieuws? Mail dat dan zo spoedig mogelijk naar: redactie@devijftigpluskrant.nl. 45


Fietsgroep:

Elke donderdag verwelkomt de WUh zowel creatievelingen als sportievelingen. Om 13.30 uur vertrekt een groep voor een mooie fietstocht in en om Winterswijk. Het start- en eindpunt is altijd de WUh, waar zij na afloop een lekker kopje koffie of thee met elkaar drinken.

Handwerkgroep:

Bart lucht zijn hart

Ontgassen

Op dezelfde donderdagmiddag (14.00 uur) is er een handwerkgroep actief in de WUh. Zij bepalen met elkaar wat zij gaan maken, maar als men aan eigen werk wil werken dan kan dat uiteraard ook. De middag is vooral erg gezellig en er In de WUh zijn niet alleen allerlei maatschappelijke orga- worden allerlei tips en ervaringen met elkaar uitgewisseld. nisaties, zoals Humanitas, Perron8, het Vrijwilligerspunt, de Speelgoedbank en Stichting Present actief, maar Spelletjesgroep: worden ook wekelijks activiteiten georganiseerd. Bij deze Tegelijkertijd met de handwerkgroep is er ook een spelletjesactiviteiten is iedereen welkom, in het bijzonder mensen groep die vanaf 14.00 uur bij elkaar komt. De spelletjesgroep met een kleine beurs. is voor iedereen die van spelletjes spelen houdt, maar niet Toen de Club van Rome begin jaren zeventig met haar rapport kwam, waarin op basis van wereldaltijd iemand heeft om mee te spelen.

Schildersgroep:

Elke maandagmiddag om 14.00 uur komt een clubje mensen bij elkaar om te gaan schilderen. Er wordt geen les gegeven, maar uiteraard worden met elkaar wel ervaringen en tips uitgewisseld. De leden van de schildergroep nemen zelf hun spullen mee.

Fotogroep:

Op dinsdag (ook om 14.00 uur) gaat een andere groep creatievelingen aan de slag, namelijk fotografen. Onder leiding van een gerenommeerde fotograaf worden allerlei soorten foto’s gemaakt. De fotoclub gaat ook regelmatig op pad, zo zijn ze bijvoorbeeld al twee maal naar de dierentuin geweest om plaatjes te schieten. Tijdens de fotoclubmiddagen komen allerlei technieken aan bod.

Interculturele vrouwengroep:

Tot slot is er in de even weken op vrijdagochtend een samenkomst van vrouwen met verschillende culturele achtergronden. De bedoeling is om van elkaar en elkaars culturen te leren. Het is vooral bedoelt om gezellig met elkaar te kletsen en ervaringen uit te wisselen met andere vrouwen. Gezelligheid staat bij alle activiteiten voorop. Lijkt het u wel wat om een keer aan een van de activiteiten deel te nemen, kom dan gerust langs. U hoeft zich van te voren niet aan te melden, u kunt gewoon op het genoemde tijdstip binnen komen lopen bij de WUh, Torenstraat 9. Voor elke activiteit wordt een kleine bijdrage van 2 euro gevraagd.

Stoelyoga nu ook op woensdagochtend

In januari is Stoa (Stichting Ouderen Actief) Winterswijk gestart met stoelyoga voor senioren boven 55 jaar. Dit is volgens Stoa een groot succes. Daarom worden er sinds 19 maart vervolglessen gegeven op dinsdagmiddag om 14.00 en 15.00 uur in het Budocentrum, Huininkmaat 1A. Naast die twee groepen wil Stoa een derde groep beginnen op woensdagochtend om 11.00 uur. Het zijn lessen van 50 minuten onder deskundige leiding van Marlijn Verplanken. Na de les kan er een gratis kop koffie of thee gedronken worden in de kantine van het Budocentrum. Stoelyoga is laagdrempelig en heeft een positief effect op lichaam en geest. Yoga maakt spieren en gewrichten soepeler, bevordert de motoriek en de concentratie, en neemt spanningen weg. Maar niet iedereen kan yoga op de mat beoefenen. Voor die mensen is er yoga op een stoel. Het is door iedereen te beoefenen, overal en altijd. En al zijn de bewegingen maar klein, de positieve effecten zijn groot.

Voor meer informatie kunt u kijken op www.marlijn-mindbody.nl Voor informatie over andere activiteiten van Stoa kunt u terecht op www.stoawinterswijk.nl. Voor de tien stoelyogalessen betaalt u € 50,Aanmelden kan bij J. Beijers, tel 0543-517887 of T. Jansen tel 0543-516274

Agenda Wenters Plus Seniorenvereniging Wenters Plus heeft voor de komende periode weer een grote variatie van activiteiten op het programma. 2-4 9-4 16-4 23-4 30-4 7-5 14-5 4-62-7 6-8

Bingo Bezoek aan de Museum Fabriek te Enschede Spelmiddag en paasstukjes maken Deja Vu Duo Weerkommen Bingo Dagtocht Ooypolder Bingo Bingo Dagtocht het Groene Hart

Deja Vu neemt u mee terug naar de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw en laat u de vrolijke klanken van o.a. The Andrew Sisters herbeleven.

Inspiratiedag Op Eigen Wijze Ouder Worden De ouderenbonden in Winterswijk, het Sociaal Team Winterswijk en de werkgroep Identiteit en Zingeving van KBO-PCOB in Gelderland houden op donderdag 9 mei de bijeenkomst ‘Op Eigen Wijze Ouder Worden’ in het Zonnebrinkcentrum aan de Zonnebrink 61 in Winterswijk. We worden steeds ouder, maar hoe leven we plezierig? Hoe regelen we de zorg? Hoe gaan we om met de dood? En hoe kunnen we vrede hebben met onze beperkingen en wat betekenen we voor elkaar en voor de samenleving? Genoeg om over na te denken en met elkaar in gesprek te gaan. Journalist, schrijver en theoloog Arjan Broers houdt een inleiding. Daarna gaan de bezoekers op speelse manieren in kleine groepen met elkaar in gesprek. De inspiratiedag duurt van 10.00 uur tot ongeveer 14.45 uur en is inclusief koffie, thee en een lunch. Aan deze dag zijn geen kosten verbonden. De dag is bedoeld voor iedereen die dit thema belangrijk vindt. Het is niet nodig om lid te zijn van een ouderenbond. Aanmelden kan via pcobwinterswijk@gmail.com of (06) 25 15 17 65. Inschrijving vindt plaats op volgorde van aanmelding. Wie een vervoersvraag of dieetwensen heeft kan dat bij aanmelding aangeven. 47

Wanneer mijn vader ’s morgens beneden kwam en zag dat de (kolen)kachel niet meer brandde begon hij steevast te foeteren. Het bepaalde zijn humeur in hoge mate, en dat was begrijpelijk: het kostte veel tijd om de briketten weer vrolijk te laten branden. Het ‘goud’ van Slochteren kwam als een geschenk uit de aarde. Lachend ging Nederland over op de nieuwe energie: schoon en goedkoop.

wijd wetenschappelijk onderzoek schokkende conclusies werden getrokken over de bevolkingstoename, de dreigende schaarste aan energie, het milieu en de opwarming van de aarde, was de wereld zeer onder de indruk; er werd veel gesproken over het doemscenario. Diverse actiegroepen werden opgericht om vervuilers te bestrijden en ons te waarschuwen voor het dreigend onheil; vredelievende, sympathieke, vaak langharige wereldverbeteraars, gehuld in rafelige kleding, zelfgebreide truien tot op de knieën, en hiep-hiep-hoera sandalen aan hun voeten, leverden individueel of in groepsverband hun bijdrage. Maar behalve lokale succesjes veranderde er eigenlijk niet veel, en na verloop van tijd ging de wereld over tot de orde van de dag: produceren en consumeren, economische belangen wogen altijd zwaarder. Maar nu is het klimaat ‘hot’. Het staffeltje van de ouderen is overgenomen door scholieren die massaal de straat op gaan om hun zorgen te uiten. Ook al is de motivatie niet voor allen even zuiver (klimaatspijbelaars, alles beter dan les), ze verdienen niettemin waardering. Zoals te verwachten leverde hun gesprek met de minister-president niets op: onze Mark heeft hen vermoedelijk vakkundig, op de welbekende joviale wijze afgepoeierd.

Toch is er een ambitieus klimaatakkoord. Iedereen blij zou je denken, maar niets is minder waar. Want wie moet dat allemaal gaan betalen? Het zou natuurlijk mooi zijn als de grootste vervuilers (het bedrijfsleven) de zwaarste lasten op zich nemen, maar dat lijkt me een utopische gedachte. De discussies hierover zullen nog lang en heftig zijn: economisch gewin versus bewaking van ons kwetsbare milieu. Roerganger Mark Rutte en de zijnen proberen Nederland naar een nieuw energie-tijdperk te loodsen, met subsidies willen ze de eenvoudige sterveling overhalen snel te ontgassen. Mijn lief en ik hebben recentelijk een energieneutraal huis laten bouwen met veel zonnepanelen en warmtepomp. Kost bakken met geld; de subsidie is welkom, maar stelt relatief heel weinig voor. Gezien de forse verhoging van de energieprijzen hoeven we van de Haagse rakkers voor de transitie niet te rekenen op extra financiële ondersteuning. U en ik weten natuurlijk al lang wie uiteindelijk de rekening gaat betalen.

Bar t Ik ing


Profile for vijftigpluskrant

50+ krant  

50+ krant  

Advertisement