Page 1

‘Ik moet de andere Jan Bos nog leren kennen’ In maart kwam er een einde aan zijn legendarische carrière. En begon de zoektocht. Naar het zuivere goud, zoals hij het zelf noemt, en de man achter de schaatser. Victoria Koblenko zoekt met hem mee.

39 sport, sex & spelen tekst victoria koblenko

beeld Marcel Krijger


sport, sex & spelen

40

J

41

‘Ik ben nu alles in mijn leven aan het schudden. ga alles opnieuw beginnen’ e schaatsprestaties zijn onmiskenbaar, maar behalve

“Ja, Ingrid Paul gaf me de ruimte. Maar Telfort stopte ermee en de

En daar ga je vast een boek over schrijven?

ter de schaatser is een mysterie gebleven.

En op het moment dat een sponsor de ideale omstandigheden

bedrijf opzet. Eerst voor schaatsers, maar in feite voor iedereen.”

dat is er nauwelijks wat over je te vinden. De man ach-

“Dan hebben mensen misschien nooit de juiste vragen gesteld.” Pas op, want ik negeer die druk volledig! Wie is Jan Bos?

“Jan is een heel gevoelig type en moet aan zichzelf werken om gevoeligheid te behouden en te beschermen.” Je kwetsbaarheid zit je in de weg?

“Ik ga soms aan mezelf voorbij door snel met andere mensen mee

te gaan, heb moeite grenzen te stellen en aan te geven wat ik wil.” Is die onzekerheid de erfenis van een glorieuze topsportcarrière? “In mijn sport was ik super zeker. Ik wist precies hoe ik het wilde en zelfs dan ging het soms mis met een coach. Ik heb ongeveer

tien trainers gehad en bij de helft is het misgegaan. Er zijn weinig trainers die je de vraag stellen: ‘weet je zeker dat je het wil’.

Laat staan dat ze een sporter de ruimte laten om te doen hoe HIJ het werkelijk wil.”

Maar is dat wel de rol van een trainer?

“Een trainer hoort kennis aan te voeren en de sporter te prikkelen om zijn verantwoordelijkheid te nemen. Als sporter moet je dan het lef hebben om snel aan te geven hoe je het wil hebben.” En dat lef ontbrak?

“Ik ging de confrontatie vaak uit de weg. Maar uiteindelijk escaleerde het toch. Ik had veel breuken kunnen voorkomen, als ik

sterker had geroepen dat ik het op mijn manier wilde doen. Ik had meer aan mezelf moeten denken om betere prestaties te kunnen leveren.”

Hoe dan?

“Ik ging soms een bepaalde manier van trainen aan, waarvan ik

eigenlijk wist dat die niet bij me paste. Maar ik ging ervoor omdat de trainer overtuigd was dat het de juiste strategie was. Van die fouten heb ik geleerd.”

Door het laatste jaar alles zelf te doen?

“Ik ben blij dat ik in ploegen heb gezeten. Ik had mijn hele carrière niet alleen willen doen. Maar het gaf wel een grote voldoening om helemaal zelfstandig te zijn, trainingsschema’s te schrijven en alles zelf te doen. Ik heb alles uit mezelf weten te halen.”

Was er iemand die dicht in de buurt kwam van een volmaakte trainer?

ploeg knalde uit elkaar.”

voor je prestatie wegneemt, wat doe je dan?

“Dan ga je op zoek naar een nieuwe sponsor en naar ploeggeno-

ten. Allemaal zaken waar je je niet mee bezig hoort te houden als sporter. Ik had eigenlijk toen al moeten zeggen dat ik het alleen ging doen. Maar je geeft op dat moment toch een beetje verant-

woordelijkheid weg aan een trainer. Die overigens een beste vent is, maar niet alle kennis in huis heeft. En dat is een risico dat je neemt als sporter.”

Dan wordt je talent eigenlijk beheerd door iemand die minder in huis heeft dan jij?

“Een sporter moet het niet voor z’n coach willen doen, want hij is geen verlengstuk van de coach.”

Maar een goede coach motiveert toch?

“Nee, de motivatie is inherent aan de sporter. Dat zit de sporter in zijn ziel.”

Wanneer wist je dat het in je ziel zat?

“In groep acht hield ik mijn eerste spreekbeurt over schaatsen. De basis ligt bij kasteel De Essenburgh. Daar lag snel ijs en ik

schaatste vanaf m’n tiende altijd fanatiek rondjes. Ik kan me herinneren dat mijn vingers een keer zo bevroren waren dat ik de ve-

ters van mijn schaatsen niet meer kon losmaken. Toen ben ik met

schaatsen aan naar huis gefietst en ben voor de kachel gaan zitten om mijn vingers en veters te ontdooien.” Was het toen al een droom?

“Toen nog niet. Maar toen ik veertien of vijftien was, droomde ik letterlijk dat ik wedstrijden reed.”

Je bent in maart gestopt. Is er al een nieuwe droom?

“Ik wil de structuren tussen coach en sporter blootleggen.”

‘Jezus Jan, NU pas weet je hoe het schaatsen in elkaar zit’

“Klopt, B & O in Meppel helpt me met het meedenken hoe ik een Wat is de kern?

“Op dit moment spelen er grote belangen in de sport. Ik wil daar

vanaf. Ik wil de intuïtie terugbrengen bij sporters. En de emotie. Als je niet vanuit je gevoel sport, sta je bij de startstreep met een

hoop ballast. Onzekerheid en twijfel zijn ook een gevoel. De twij-

fel is weg als je alle keuzes zelf hebt genomen en er verantwoordelijk voor bent.”

Een sporter als ondernemer?

“Kijk, het ultieme is dat je het samen doet met de trainer, maar zonder dat hij je altijd bij de nek heeft.” Wie had jij in je nek? “Leen Pfrommer.”

En wat is zijn erfenis?

“Hij is wel bepalend geweest voor mijn carrière. Hij heeft me gevraagd voor Jong Oranje. Dat is gigantisch als je zeventien bent. Toen had ik iemand als hij echt nodig. Daar heb ik veel van ge-

“Het zuivere goud. Van alle berg met zooi en prut is dit het mooi-

Hij is bepalend geweest voor je carrière en toch voel je dat hij

wordt. Alles over materiaal, techniek, voeding. Dat je snapt dat

leerd.”

je bij je nek had?

“Om de absolute top te halen moet je het echt zelf kunnen. Maar dat besef kwam bij mij pas veel later.” Hoeveel later?

“Ik was 35. Ik reed de wereldbeker in Moskou en dacht: Jezus Jan,

NU pas weet je hoe het schaatsen in elkaar zit. Dat was een openbaring. Ik weet dat veel sporters nooit tot dit besef komen. Hun

carrière loopt af zonder dat ze de essentie ooit hebben geraakt. En dit stukje wil ik in mijn volgende carrière graag delen.”

Dat gevoel moet je bevrijd hebben van de angst om te stoppen?

“Ik vond alles prima na Vancouver. Ik kreeg geen ploeg meer,

maar wilde wel genieten van de sport. Dat is gelukt. Ik heb met Gianni Romme in Italië getraind. Het was supergaaf, al was ik eenling bij de ploeg. Ik kon altijd weglopen als ik wilde en dat

vond ik prachtig. Maar vorig jaar pas werd alles duidelijk. Het werd me duidelijk dat het maar om een klein stukje gaat.” Heb je het een naam gegeven?

ste wat er in sport is. Dat er een moment is waarop alles helder

het maar om een paar dingen gaat. Alles kristalliseert zich uit en de openbaring is helder. HIER gaat het om!”

Dit is dus wat ze noemen op het hoogtepunt stoppen. En nu? “Nu ga ik mezelf nuttig maken. Ik wil dit delen, iets toevoegen.” Als Jan Bos de schaatser, ja. Maar nu heb ik nog steeds geen hoogte van Jan Bos. Waar is die?

“Die is er ook wel, maar die moet nu naar boven kruipen.” Heeft ’ie al die tijd op de reservebank gezeten?

“Dat is het proces waar ik nu inzit. Ik ben afscheid aan het nemen van Jan Bos de schaatser.”

Ken je de andere Jan zelf al?

“Ik moet hem nog leren kennen. Die moet ik tot bloei laten komen, volwassen laten worden. Daar kijk ik naar uit.” Hoe vind je dat?

“Soms eng en soms erg mooi.” Is dit een identiteitscrisis?

“Nee, dit is een identiteitsswitch. Ik moet eerst mezelf leren kennen en dat is ook nodig voor een goede relatie. Ik ben nu alles in


42

sport, sex & spelen

43

‘Ik wil de intuïtie terugbrengen bij sporters. En de emotie’


44

sport, sex & spelen

Je was achtentwintig toen je haar leerde kennen. Daarvoor

was je al ruim tien jaar een schaatsgod. Heb je een vergelijkbaar imago als Rintje Ritsma op dat vlak? “Ik ga nergens over opscheppen.”

Wacht, ik ga de vraag over de aantallen langzaam opbouwen. Hoeveel schaatssters zaten daartussen? “Geen.”

Wat?! En die verhalen over de trainingskampen dan? “Er zijn gewoon geen mooie schaatssters!”

Hoeveel ‘gewone’ stervelingen hebben dit schaatslijf in hun armen mogen sluiten?

“Ik ga nergens over opscheppen.” Je mag ook bescheiden doen. “Off the record?”

Fluister maar in m’n oor.

‘Ik wil best een mooi pak dragen, maar niet naast een bruid’ mijn leven aan het schudden. Het proces van bezinken is nog maar net begonnen. Ik ga alles opnieuw beginnen.” Maar voorlopig niet voor het altaar?

“Ik heb een hekel aan trouwerijen. Ik wil best een mooi pak dragen, maar niet naast een bruid.”

Hoeveel potentiële bruiden zijn er geweest? “Ik heb maar een vrouw gehad.” Hoe bedoel je?

“Er is er een waar ik echt verliefd op ben geweest.”

En daar heb je negen jaar een relatie mee gehad. “Ja.”

Monogaam? “Ja!”

Was dat een prestatie?

“Nee. Als je elkaar leuk vindt, geef je je over aan dat gevoel. Er is

geen wet nodig om die verbintenis vorm te geven. Mensen hebben

Ok. Dat is verre van bescheiden. Als Rintje erachter komt dat je hem van z’n troon hebt gestoten…! “Kan ik me niet voorstellen.”

Je onderschat jezelf! En toen dus negen jaar monogaam. Je bent een held!

“Als je zo’n bijzondere band met iemand hebt, dan is dat gewoon respect. Daar heb ik een hoge prijs voor overgehad.” Waar heb je die hoge prijs nog voor over?

“Voor het zuivere inzicht in mezelf. Dat ik niet meer op iemand hoef te leunen, maar dat ik mijn eigen kar ga trekken.”

Dat is best een stijlbreuk met waar je vandaan komt.

“Op het platteland was het vroeger al een stijlbreuk om op zondag te schaatsen. Dat was voor mijn grootouders ongehoord. Mijn ouders stonden het stiekem toe. Wat betreft relaties ben ik ook een

vreemde eend in de bijt. Meestal trouwt men jong. Niemand gaat op zoek naar zichzelf.”

Is er dan nog wel een intense band tussen jou en het platteland?

“Ik houd van de natuur, de beesten. Ik wil later graag mijn eigen koeien in plaats van die troep uit de supermarkt. Mijn oom was slager en ik heb het als kind al leuk gevonden.”

En hoe heb je je vlees graag? Gehoorzaam en gewillig? “Dat wordt al snel saai. Ik heb het liever rauw en puur!”

debiele dingen bedacht om een verbinding met elkaar aan te gaan.”

Waarom heb je geen kinderen?

“Tijdens een sportcarrière is de relatie altijd een bijzaak. Dat wist ze en dat accepteerde ze, maar ze wilde niet in haar eentje kinderen.”

Waarom in haar eentje?

“Omdat je als sporter vaak weg bent.”

Dat zijn diplomaten en vrachtwagenchauffeurs ook. Wat je be-

doelt, is dat ALS je er was, dat je er nooit honderd procent was.

Jan Bos (29 maart 1975) • Reed afgelopen maart in een bijna uitverkocht Thialf tijdens de World Cup finale zijn laatste wedstrijd • Werd in 1998 de eerste Nederlandse wereldkampioen sprint ooit

“Dat moet niet eenvoudig voor haar zijn geweest.”

• Eindigde bij de Winterspelen van Nagano dat jaar als

“Liefde is dat je jezelf accepteert zoals je bent en elkaar de ruimte

• Behaalde vier jaar later weer zilver op dezelfde afstand

Evenmin als je zoektocht naar de Jan Bos achter de schaatser? geeft om jezelf te zijn.”

tweede op de 1000 meter tijdens de Spelen in Salt Lake City

Helden Magazine Victoria Koblenko & Jan Bos  

interiew Jan Bos door Victoria Koblenko