Page 1

viaVelo magazine voor de avontuurlijke fietser

O

E

D

F

FROA

DITIE

uitgave 3


Welkom

Foto Laurens van Raay


Offroad We gaan offroad! In het laatste nummer van 2015 sturen we van de verharde weg en duiken we de trails en onverharde wegen op. Vier verhalen met veel grote foto’s nemen je mee op avontuur in Europa en daarbuiten. Maar we stappen ook van de mountainbike af. Expert Tom Allen geeft tips hoe je overal ter wereld kunt kamperen zonder gepakt te worden. Illustrator Luc Kickken liet zich inspireren door het bikepacken en maakte deel twee van ‘The Freedom of Cycling’. En goed nieuws voor de liefhebber: we hebben prints van de illustraties toegevoegd aan onze shop!

Speciaal voor deze offroad-editie voelden we een rugtas en een short voor de mountainbiker aan de tand. De reviews vind je achterin dit magazine.

OA R F

D

Veel lees- en kijkplezier! Stephan van Raay

ED

E

OF

Daarnaast verwelkomen we Jeroen Dijkstra, alias Jerome. In zijn column schrijft hij over regen, onlosmakelijk verbonden met avontuurlijke fietstochten in deze tijd van het jaar.

IT

I

Deze uitgave zou niet compleet zijn zonder Tom Allen, Hanneke Bergsma, Gunther Desmedt, Jeroen Dijkstra, Luc Kickken, Willem Megens en Rudi Verhagen, Laurens van Raay, Jeroen Slee, Elfi Thoonen en Willem de Wilde.

viaVelo magazine

3


Inhoud

8 Arizona TraIl Race Gunther Desmedt nam afgelopen zomer deel aan de langste singletrackrace ter wereld. 750 mijl dwars door de Amerikaanse staat.

viaVelo magazine voor de avontuurlijke fietser

O

4

D

F

E

FROA

36 IJSLAND in vijf beelden Willem Megens en Rudi Verhagen fietsen over de onverharde wegen van het prachtige binnenland.

50 Project X Willem de Wilde en Bram Verbout fietsen Project X in Luxemburg. Willem doet verslag van deze zware offroad-tocht.

© 2015, ViaVelo Magazine

uitgave 3

Coverfoto Willem de Wilde

DITIE

viaVelo magazine

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.


66 Overal kamperen zonder gepakt te worden Expert Tom Allen fietst de hele wereld over en heeft op ontelbare plekken gekampeerd. Hier geeft hij tips.

78 Bikepacken door de

Poolse sudeten Jeroen Slee reist af naar Polen voor een familiebezoek ĂŠn om te bikepacken.

90 Reviews Osprey Escapist 25 Endura MT500 Short We testen een rugzak van Osprey en een MTB-short van Endura in het veld.

Jouw foto’s en verhaal ook in ViaVelo? Laat het ons weten: info@viavelo.nl www.viavelo.nl - facebook.com/viavelomagazine

viaVelo magazine

5


Column

Tekst en fotografie Jeroen Dijkstra

6

viaVelo magazine


Regen Lang bleef het KNMI regen voorspellen voor zondag. Stiekem begon ik uit te kijken naar een ouderwetse regenrit. Niet naar zo’n lullig piesbuitje onderweg, maar naar een rit van begin tot het eind in de stromende regen. De meeste wielertoeristen hebben een gruwelijke hekel aan fietsen in de regen, maar ik kan er enorm van genieten. Niet alleen koester ik mooie herinneringen aan ritten in de regen, ook behaalde ik de beste resultaten in wedstrijdjes die werden verreden in de stromende regen. Maar zaterdagavond wist de weerman mij tijdens het acht uur journaal te melden dat het overwegend droog zou blijven en dat het beperkt zou blijven tot enkele buien later op de dag. Ik hoopte nog dat hij ongelijk zou hebben. Dat ik morgen toch het ritmisch getik van regendruppels die tegen mijn helm uiteenspatten zou horen. Maar toen ik de volgende ochtend wakker werd bleek de weerman gelijk te hebben, het was kurkdroog. Mijn gewenste regenrit was in het water gevallen. Jerome

viaVelo magazine

7


De Arizona Trail Race, kortweg AZT750, is de langste singletrack-race en vormt samen met de Tour Divide en de Colorado Trail Race de Triple Crown of Bikepacking. Gunther Desmedt ging afgelopen zomer de uitdaging aan. Tekst en fotografie Gunther Desmedt

Border to Border: van Mexico tot aan de grens met Utah, 750 mijl singletrack door de staat Arizona, inclusief 24 mijl fiets-opde-rug door de Grand Canyon. Van verlaten woestijngebieden vol cactussen, door geurende sparrewouden, door de Grand Canyon. Fietsen, wandelen, bikepushen ...

De temperatuur schommelt van 35° overdag tot -5° ‘s nachts. De trail vraagt het uiterste van jezelf en je materiaal. Gedurende 1200 kilometer ben je midden in de natuur, sta je er helemaal alleen voor, val je van de ene verbazing in de andere, geniet je van de cactussen en de bergen. ‘This is singletrack heaven!’

viaVelo magazine

11


14

viaVelo magazine


Kinderkopjes, ‘babyheads’ genoemd door Amerikanen. Over onze kinderkopjes vlieg je met een koersfiets. Carrefour de l’Arbre is asfalt in vergelijking met de kinderkopjes van Arizona. Ze stellen je karakter en doorzettingsvermogen zwaar op de proef, 5 meter rijden, 8 meter wandelen, terug 10 meter rijden, nog wat bikepushen, en terug een poging. Constant van links naar rechts, proberen een lijn te vinden. Als je na 16 uren zwoegen en vloeken merkt dat je slechts 90 kilometer verder bent, dan zakt de moed tot ergens tegen je schoenplaatje ... Mormon Lake met pizza, hamburgers en snoep is nog 40 kilometer weg. Mijn Amerikaanse buddy Jens begrijpt niet wat ik allemaal uitkraam, maar na enkele pogingen spreekt hij perfect het woord ‘godverdomme’ uit.

viaVelo magazine

15


Duizenden poorten heb ik opengedaan en gesloten. Zo voelt het toch alleszins. Misschien waren het er slechts enkele honderden, maar het begint enkele kilometers na de start en het stopt enkele meters voor de finish. Tientallen systemen om te openen en te sluiten. Onderweg geen ĂŠnkele koe tegengekomen ... Toen we op een avond laat in Flagstaff kwamen was een dikke biefstuk onze manier om weerwraak te nemen.

De cijfers Een 30-tal deelnemers verscheen aan de start van 750 mijl-versie van de Arizona Trail Race 2015. 17 deelnemers haalden de finish. 2 Belgen tussen Amerikanen: Gunther Desmedt en Tim Van den Daele. Na 10 dagen, 15 uur en 5 minuten was Gunther Desmedt binnen.

18

viaVelo magazine


De sunrises en sunsets in Arizona zijn adembenemend. De avond valt vroeg. Meestal reed ik door tot na zonsondergang. Dan de slaapzak in voor enkele uurtjes. Midden in de nacht weer starten onder de sterrenhemel. In de verste verte niemand te bespeuren. Na enkele uren slaat de vermoeidheid toe: slaapzak uit de saddlebag, nog een tukkie doen. Dan wakker worden met de zonsopgang en opwarmen in de slaapzak.


De plaatsen om eten en drinken te kopen zijn beperkt. Dat vraagt om een goede planning. ‘Gasstation food’ is de basis, aangevuld met hamburgers en pizza waar mogelijk. Calorieën zijn belangrijk, van waar ze komen niet, er is toch geen keuze. Voldoende drinkbaar water vraagt nog meer voorbereiding, enkele liters mee op de fiets, en als het echt niet anders kan, filteren uit de drinkpoelen. Maar soms, héél soms, kom je ‘trail magic’ tegen: locals die de hikers en bikers op de trail genegen zijn, plaatsen flessen water langs de trail. Schol!

viaVelo magazine

27


36 kilometers scheiden de zuidelijke en noordelijke bergrug zich van elkaar, 36 kilometers aan pad naar de rivier toe en weer naar boven. Verplicht: fiets op de rug! Grand Canyon is een nationaal park, fietsen worden getolereerd maar “wheels may not touch de ground�.

28

viaVelo magazine


In het eerste smalle deel van de afdaling komt een kolonne paarden en ezels traag naar boven met daarop toeristen die zich liever niet moe maken. De leidster vooraan maakt ostentatief een teken dat ik aan de kant moet om haar beesten niet op te jagen. Wanneer de kolonne traag passeert, zegt een Amerikaanse toeriste: “Hey sir, say something nice to my mule.” Ik zeg niks en denk bij mezelf. De Amerikaanse opnieuw, nu op een toontje zoals je tegen baby’s praat: “Please sir, say something nice to my mule!” Ik zeg: “Go bitch!”. Ik had echt geen zin om mijn vliegtuig in Las Vegas te missen. Gunther Desmedt is 41 jaar. In 2008 begon hij samen met Tim Van den Daele aan de Naturaid Bikepack Race in Marokko. Sindsdien hebben ze niet meer stilgezeten en namen ze deel aan veel bikepackinguitdagingen, waaronder Naturaid Sardinië, Trentino, Peleponessos, Tour Divide 2013 en Trancontinental Race 2014 en 2015. www.facebook.com/guntherds Gunther is onlangs een ervaringsplatform voor de laaglandbikepacker gestart. Meer hierover op www.bikepacking.be www.facebook.com/ bikepacking.be

viaVelo magazine

29


Paklijst

AZT 750 Kleding • • • • • • • •

2 shorts been- en armstukken 1 korte & 1 lange trui 1 kort & lang thermisch onderhemd windjas buffs handschoenen fiets-wandelschoenen (combinatie)

Slaa pgerief • • • • •

r u gtas m et waterreservo ir

slaapzak bivy bag slaapmatje rhermische broek down jacket

H erstelmateriaal

2 drin kbu shou ders

Laufvoo rvo rk


Revelate Designs Sad dlebag foo dba g Santos 4.29

Co ntine ntal- ba nd en 2,4 inch

cu sto m m a d e f ra m e ba g

Rohloff-naaf


Illustratie Luc Kickken | luckickken.nl


I J S L A N D in

v ij f

b e e ld e n

Foto Willem Megens


Rudi Verhagen en Willem Megens fietsen in 2013 voor de derde maal in IJsland. Het merendeel van de tocht gaat over onverharde wegen door de binnenlanden. Het ultieme doel is om het afgelegen Askja te bereiken. Ze leggen in drie weken tijd zo’n duizend kilometer af. Tekst Willem Megens Fotografie Willem Megens en Rudi Verhagen

We komen aan bij de brede vallei Launfit, wat ons betreft een van de mooiste plekken van IJsland. Om verder te komen moeten we de rivier Markarfljót over. Aan het eind van de middag blijkt de stroming echter veel te sterk. We zetten daarom de tent op en proberen het de volgende ochtend weer. En inderdaad: dan kunnen we wel veilig oversteken. De fietstassen moeten apart over, maar dat zijn we inmiddels gewend.

38

viaVelo magazine


Foto Willem Megens

viaVelo magazine

39


Na de markante heuvel Maelifell bereiken we een vlakte waarop lavazand en vele kleine stroompjes elkaar afwisselen. Een kudde paarden komt ons met grote snelheid tegemoet. Een gaaf gezicht om ze met hun aparte tred in actie te zien. Wel jammer dat ze de jeep track aan gort hebben gelopen; het fietst echt klote zo.


Foto Willem Megens


Vanaf de camping bij Skaelingar stijgen we meer dan 300 meter over een erg steile jeep track. Het is onmogelijk om hier zonder duwen boven te komen. Maar wat een ongelooflijk uitzicht heb je hier. Achter ons liggen de rivier Skaft谩 en de beroemde vulkaankegels bij Laki. Voor ons ligt het diepblauwe meer Blautul贸n.

Foto Rudi Verhagen


Bij Nyídalur begint de F910 – ook wel bekend als ‘the road to Askja’ of ‘Iceland’s worst road’. Deze afgelegen weg is dit jaar pas begin augustus opengesteld. Na een paar rivierdoorsteken vinden we een mooie kampeerplek aan de rivier Langadrag. In de tent is het maar net boven het vriespunt. ’s Nachts begint het zelfs lichtjes te sneeuwen.


Foto Rudi Verhagen


Op de derde en laatste dag op weg naar Askja hebben we uitzicht op de gigantische ijskap Vatnajรถkull, de lage vulkaankegel Trรถlladyngja, de hoge vulkaan Herdubreid en de machtige bergen van Askja. Op de Holuhraunvlakte ploeteren we 15โ€ฏkilometer lang door mul zand. Het is te zwaar om op de track te fietsen. Dan maar lopen...

Kijk voor het complete reisverslag op www.themeeg.nl.

46

viaVelo magazine


Foto Willem Megens

viaVelo magazine

47


ti e u l o s e r H o g e r leesbaa r

= bete o’s p e r e f ot r e h c s =


Even o ffline ? D e u itgaven zijn Ook te koo p in onze websho p! www.viavelo.nl/sho p


Half augustus vertrekken Willem de Wilde en Bram Verbout richting Luxemburg voor ProjectX. Wat voor offroad-tocht gaat er schuil achter deze mysterieuze naam? Tekst en fotografie Willem de Wilde

We zijn net langs Kasteel Bourscheid naar beneden komen suizen en steken de de rivier de SÛre over. Ik kijk op mijn GPS en zeg tegen Bram dat we de weg over moeten steken en dan meteen een pad omhoog moeten volgen. “Welk pad?”, vraagt Bram, “ik zie alleen een stenen trap”. We kijken elkaar aan en knikken berustend, natuurlijk is het de trap. We zijn nog geen twee dagen onderweg en we zijn al volledig geïndoctrineerd: bij twijfel neem je gewoon de meest steile en moeilijkste optie. Bram stapt af en begint zijn fiets omhoog te zeulen. Welkom bij ProjectX 2015.

ProjectX is een mountainbike-vierdaagse in NoordLuxemburg, georganiseerd door Stef Reynaerts en Elias van Hoeydonck onder de naam Solosride. Deelnemers krijgen van tevoren GPS-tracks van alle tochten opgestuurd inclusief tientallen varianten en afkortingen. Verder zijn er op een tweetal campings plaatsen georganiseerd voor overnachtingen. Alle deelnemers zijn volledig vrij om te kiezen welke route ze fietsen en wanneer ze willen vertrekken. In de praktijk betekende dit dat er een vijftal groepen van gelijke sterkte

viaVelo magazine

53


ontstonden die elkaar gedurende dag tegenkwamen. Tot zover klinkt alles redelijk normaal, maar helaas zit er een addertje onder het gras. De tracks zijn uitgestippeld door Elias van Hoeydonck en vallen onder zijn definitie ‘leuk en uitdagend mountainbiken’. Op voorhand werden we gewaarschuwd dat Elias deze tracks gebruikt om te trainen voor de Iron Bike en dat we bij onze planning rekening moesten houden met een realistische gemiddelde snelheid van 10 km/u. Bram en ik kwamen echter amper boven de 7 km/u. Daar waren we enorm trots op, want dit was een van de mooiste mountainbiketochten die ik gedaan heb. Vrijdagmorgen rijden Bram en ik naar Echternach. We verzamelen bij de Jeugdherberg en even later vertrekken we met een tiental bikers richting Berdorf. Het pad is loeistijl en ik moet meteen een gaatje laten. Ik wijt het aan de lange autorit en de snelle start en zoek naar een aangenaam tempo. Als ik echter even later de bocht omga en meteen van de fiets af mag, besef ik dat het een lange middag gaat worden. Voor me ligt de Wolfsslucht, een imposante zandsteenformatie in het wandelaarsparadijs rondom Echternach. Tussen de kliffen loopt een smal wandelpad en dat is onze route – perfect legaal, je mag hier overal fietsen. Kom daar maar om in Nederland! De komende uren zijn Bram en ik bezig met zeer technische singletracks die afwisselend steil omhoog en omlaag gaan. Op de goede stukken

54

viaVelo magazine


56

viaVelo magazine


kunnen we 50 procent rijden, op de slechte amper 20 procent. Maar mooi dat het is! Opperste concentratie is vereist, want de paadjes zijn smal. Bij een van de volgende rotsformaties passen onze fietsen zelfs niet meer door de kliffen. We demonteren het voorwiel, zetten het stuur overdwars en schuiven de fiets door de spleet. Twee keer heen en weer en we kunnen weer verder. Als beloning volgt een supersingletrack. Meer dan een uur komen we niemand tegen en zijn we alleen in de donkere bossen. Moe maar zeer tevreden komen we weer aan in Echternach. Snel naar de Duitse kant van het dorp, tent opzetten en naar de pizzeria.

Zaterdagmorgen is de groep groter geworden, maar eenmaal op de route spat deze al snel uit elkaar. Bram en ik hebben ongeveer hetzelfde tempo en blijven bij elkaar. Steile klimmen en technische afdalingen blijven elkaar snel opvolgen. Het gaat vandaag al een stuk beter. Bram rijdt met ware doodsverachting zijn enorme fatbike over de meest rotsige stukken. Je kunt duidelijk zien dat hij vroeger aan downhill gedaan heeft. Ik doe het zelf wat rustiger aan en kijk jaloers naar een paar Belgen die allemaal verstelbare zadelpennen op de fiets hebben. Op de GPS-track staat een rechte lijn naar een antennetoren bovenop een heuvelrug. “Dat zal wel meevallen�, denk ik nog, maar

viaVelo magazine

57


58

viaVelo magazine


viaVelo magazine

59


60

viaVelo magazine


helaas, even later sjouwen we de fietsen door de struiken. Ook nu is de beloning weer fantastisch. In plaats van tussen de zandstenen torens door te rijden gaat het pad precies langs de rand. Ik moet echt oppassen en niet te veel van het mooie uitzicht genieten, want de track vergt alle concentratie. Uiteindelijk komen we uit bij een oud en vervallen fort. Tijdens de lunch zie ik dat we worden ingehaald door een groep dames. Nadat we snel inpakken kunnen we aanhaken. Recht tegenover het Kasteel van Beaufort loopt een smal wandelpad langs en door een beekje. We slalommen langs verbaasde wandelaars naar beneden. Alles in goede verstandhouding en het is een prachtig gezicht om zo met een tiental fietsers op rij door het bos te suizen. Beneden aangekomen blijken de dames een kortere weg naar huis te willen. Bram en

stil. “Echt niet?”, vraagt hij. Nee, we gaan gewoon fietsen tot we erbij neervallen. We kijken niet naar de afstand, maar naar de klok. Rond vijf uur willen we weer terug zijn. Na een korte en en humoristische discussie met een Luxemburger die liever heeft dat we auto’s op de openbare weg ver van zijn huis parkeren, gaan we op pad. Vandaag staan weer de nodige hoogtemeters op het programma. We genieten van een zeer fraaie afdaling over een leistenen kam. Zeer technisch en met erg veel lucht tussen de wielen.

ik schakelen weer terug naar de granny en klimmen de vallei omhoog om weer op een zeer technische singletrack uit te komen. Na terugkomst in Echternach volgt een verplaatsing naar Esch-sur-Sûre.

Bram is ondertussen in vorm en begint steeds behendiger en sneller af te dalen. Ik heb moeite om hem bij te houden. Bij een rotspassage in een scherpe bocht hoor ik hem roepen dat alles te rijden is. Dat blijkt even later helaas niet waar te zijn. Mijn voorwiel blijft staan en ik vlieg over het stuur naar beneden. Ik kom vol op mijn linkerarm neer en vrees het ergste. Maar gelukkig is er niets mis met mijn arm en gaan we snel door. Na een tiental minuten besef ik dat ik op mijn ribben ben gevallen in plaats van mijn arm en dat het voor vandaag afgelopen is. Gelukkig zijn we snel bij de auto. Bram deed ‘s middags nog 4 kilometer borstcrawl in de rivier als triathlontraining en ik was alweer optimistisch over morgen.

De stemming bij het ontbijt is heel anders dan gisteren. Elias vraagt wie er met hem de langste afstand gaat doen. Het blijft

De laatste dag word ik wakker met een enorme pijn in mijn ribbenkast. Het was dus geen onschuldige val: ik heb een paar

Ik moet echt oppassen want de track vergt alle concentratie

viaVelo magazine

61


ribben gekneusd. Bram gaat vandaag met dames op stap en met een paar Ibuprofen op zak ga ik de eerste stukken van de route wandelen. Te voet ga ik amper langzamer dan op de fiets, maar ik ben wel jaloers als ik al het geschreeuw en gejoel van de dames hoor als er een technische passage genomen moet worden. Langzaam wordt het rustig en wandel ik via de stuwdam terug naar de camping. ‘s Middags druppelen de fietsers een voor een binnen met grimassen van oor tot oor. Trots laat iemand me een foto zien van een fiets die in het stuwmeer ligt terwijl de berijder zich nog net aan een tak kon vasthouden. Sterke verhalen, we gaan de hele winter nog plezier hebben van deze tocht!

Willem de Wilde is 55 jaar, vader van vier kinderen en houdt van avontuurlijk fietsen.

viaVelo magazine

63


p o h s e z n o in w Nieu ts in r p n io it d e limited

g n i l c y C f o m o The Freed n e door Luc Kickk

hop s / l .n o l e v ia .v www


Overal kamperen zonder gepakt te worden

Tekst en fotografie Tom Allen Vertaling Hanneke Bergsma en Laurens van Raay


Tom Allen fietst de hele wereld over. Hij is een expert in het overleven met weinig of geen geld. Hij heeft boeken, gidsen en zelfs korte films op zijn naam staan. Op zijn blog Tom’s Bike Trip deelt hij zijn avonturen en geeft hij tips. In dit artikel geeft hij advies over wildkamperen.

In de vier maanden die ik heb gefietst van Engeland naar Turkije, door heel West- en Oost-Europa, heb ik vijf nachten in een betaald verblijf doorgebracht. Het was moeilijk en stressvol, in het begin. Maar al snel werd het besef dat het niet alleen mogelijk was, maar eigenlijk eenvoudig, een gevoel van vrijheid. Sindsdien ben ik in een vijftal jaren vertrouwd met wildkamperen voor overnachtingen gedurende mijn

68

viaVelo magazine

fietstochten op vier continenten. Het is ontstaan door mijn eigenwijsheid. Ik weigerde om maar te overwegen om betaald te overnachten. Ik dacht er niet aan, daarom bestond het niet (ik ben in een expert in eigenwijsheid). Uitgaande van een gemiddelde hostelprijs van zo’n 10 euro per nacht zouden mijn eerste vier maanden zo’n 1200 euro extra gekost hebben (bovenop


mijn voedselbudget van 4,70 euro per dag), ongeveer 20 procent van het bedrag waarvan ik dacht dat het mijn complete wereldreisbudget zou zijn voor enkele jaren! Vergelijk dat met een 150 tot 200 euro voor een lichtgewicht tent van goede kwaliteit en de getallen spreken voor zich. Oefening baart kunst, sindsdien is er geen enkele plaats waar ik geen gratis plek heb weten te vinden om te overnachten, wildkamperend of op een andere manier.

Praat met mensen Als je niet zeker bent van je omgeving, stop met fietsen en vraag rond. 99 procent van de mensen zullen je met veel plezier helpen om een goede plek voor je tent te

plek te zoeken om te kamperen; meer als je beginner bent. Nader je een stad, dan overweeg je of je iets nodig hebt en of je daarna nog genoeg tijd hebt om de andere kant van de stad te bereiken. Vergeet niet dat je ook nog tijd nodig hebt om de omgeving te verkennen en een bivak op te zetten voor zonsondergang. Het is een goed idee om een paar minuten de tijd te nemen om de sfeer in te laten werken. De hoeveelheid tijd die je nodig hebt is natuurlijk voor een groot deel afhankelijk van waar je bent. Soms word je bedolven onder keuzes, maar als je niet in een afgelegen gebied bent, is de kans groot dat je even moet doorgaan voordat je dat strand/bosje/weide/land gevonden hebt. Als je in een druk gebied bent, dan verken je even, dineer je en sluip je na zonsondergang van de weg af naar je kampeerplek in de duisternis. Dit is niet ideaal, maar je zult niet opvallen na zonsondergang, tenzij je veel met je zaklamp rondzwaait. Dit is niet de ideale situatie, maar soms moet je gewoon slapen.

Er is geen enkele plaats waar ik geen gratis plek heb weten te vinden zoeken. Bovendien is het altijd beter om de goedkeuring van de lokale bevolking te hebben. Wat is het ergste dat kan gebeuren? Je zult er vaak achterkomen dat dit zal leiden tot ontmoetingen die zeer welkom en verwelkomend zijn en dit is één van de ervaringen die weinig anderen dan de onafhankelijke reizigers meemaken. Is er niemand in de buurt? Mooi! Verborgen kamperen kan niet makkelijker!

Stop op tijd Als je in een open gebied fietst, neem dan minimaal één uur de tijd om een geschikte

Begrijp jezelf beter Ja, er leeft vanalles daarbuiten, voornamelijk honden en mieren is mijn ervaring (en kleine konijntjes). Als een hond je aantreft in je polyethyleen cocon in de bossen zal hij je met rust laten (nadat hij je ontbijt heeft gestolen als je dat buiten had liggen). Er is geen dier dat naar je toe komt voor een gevecht, want willekeurige

viaVelo magazine

69


72

viaVelo magazine


aggressie is in het algemeen geen evolutionair stabiele strategie. (Als je een Amerikaan bent en je op het punt staat beer te noemen, dan heb je gelijk en weet je al hoe je moet kamperen in berengebied.) Mensen struinen ’s nachts niet de velden en bossen af, zwaaiend met wapens. Waarom niet? Omdat ze bang zijn voor mensen die ’s nachts de velden en bossen afstruinen zwaaiend met wapens. Zet je er overheen! Zodra je je zenuwen de baas bent, dan zul je overal potentiële kampeerplekken zien en je vrienden

zicht vanaf de weg en ik ben nooit iets anders tegengekomen dan een uitnodiging om op een warmere plek te komen slapen en/of een lokaal drankje te komen drinken (oh, en een zwarte beer in Washington. Stelt niks voor). En mijn ervaringen niet anders zijn dan die van andere fietsreizigers. Het zal je verbazen op hoeveel plekken je het voor elkaar kunt krijgen om een tent op te zetten of op een andere manier een slaapplek te creëren. In ‘noodgevallen’ is het soms zelfs leuk om te zien wat er mogelijk was in dit opzicht. Zo heb ik geslapen in bushokjes, stadsparken, bouwplaatsen, bermen, metrostations, lege garages, benzinestations, vissersboten, zwervershutjes, hoteltuinen, onder tafels, in schuurtjes, verlaten gebouwen – en zelfs vijf meter van een drukke weg, vol in het zicht van iedereen die stopte om te kijken! Dat laatste was trouwens niet ideaal (de grond was erg plakkerig), maar ik heb toch een paar uur ongestoord kunnen rusten. En als je in de Sahara bent of de Mongoolse steppe doorkruist, dan kun je je tent natuurlijk opzetten waar je maar wilt. De wereld is je camping – geniet ervan!

Mensen s truinen ’s nacht s niet de velden en bossen af, z waaiend met wapens vervelen door ze onophoudelijk aan te wijzen. Overleven ging in het verleden vaak samen met onze op hol slaande fantasie, waaruit de wildste gedachten ontsproten over wilde beesten en vijandige stammen achter iedere rots. Hierdoor zijn mensen er doorgaans niet zo happig op om na zonsondergang naar plekken te gaan waar ze niet bekend zijn. Tegenwoordig is het natuurlijk zo dat we de mensetende wilde beesten allemaal geslacht of gekooid hebben, en dat we er voor het grootste deel aan gewend zijn om in elkaars aanwezigheid te leven, dus we hoeven ons niet zo druk te maken. Ik heb maandenlang, op vier verschillende continenten mijn tent verstopt, net uit het

Camouflage Je belangrijkste slaapmogelijkheid is je tent. Probeer er één te vinden in een handige, onopvallende groentint – MSR en Vaude hebben prima kleuren. Hier heb je het meest aan in de vele verschillende omgevingen die je kunt tegenkomen tijdens een wereldreis, want als het ergens

viaVelo magazine

73


groen is, dan groeit er van alles, en als er van alles groeit, dan wonen er mensen, en mensen zien ’s nachts een groene tent niet staan in een groen veld. Andere kleuren kunnen natuurlijk ook, maar zijn minder onopvallend. Verwijder alle glimmende labels van de buitenkant van je tent. Je dacht vantevoren misschien dat die reflecterende randjes op je tassen en banden heel handig zouden zijn ’s nachts, maar nu zijn ze vooral handig voor voorbijgangers, aangezien ze precies laten zien waar jij je bevindt. Zorg er dus voor dat ze vanaf de weg niet zichtbaar zijn! Ik gebruik vaak een groene regenponcho tegen de regen of als picnicklaken, maar het is ook ideaal als camouflage voor m’n fiets, en om deze droog te houden ’s nachts.

Een tent is niet altijd nodig Soms reis ik met een bivakzak. Dit is een stuk onopvallender dan een tent en ik vind het gevoel van buiten slapen fijner dan ‘binnen’ zitten in een tent. Bivakkeren is vrij letterlijk gewoon buiten op de grond slapen. De bivakzak is een ademende beschermhoes voor je slaapzak en tevens een grondzeil, aangezien je er ook een matras in kunt schuiven. Voor wat extra bescherming tegen de elementen kun je een poncho gebruiken om een soort tent te creeëren (een basha in militaire termen) met wat touw of een paar bagage-elastieken die je wellicht gebruikt om tassen op je fiets te bevestigen. Schuif je bivakzak eronder, en je zult zien dat

viaVelo magazine

75


76

viaVelo magazine


je zelfs in een hoosbui droog blijft. Voor de volledige legerervaring kun je ook je laarzen nog aanhouden.

Relax, het komt goed! Ik denk eigenlijk dat de belangrijkste boodschap die ik hier probeer over te brengen is dat je je zo goed mogelijk moet voorbereiden en dat je, wanneer je eenmaal onderweg bent, er van overtuigd moet blijven dat er een geschikte plek voor je is die je alleen nog maar even hoeft te vinden. Dit is één van de meest motiverende instellingen die je kunt hebben! Als je het eenmaal te pakken hebt, dan heb je een betrouwbare methode in handen voor een goede nachtrust overal ter wereld – gratis! Stel je eens voor wat er dan allemaal mogelijk is ...

Tom Allen schrijft over zijn fietsavonturen op zijn blog tomsbiketrip.com

viaVelo magazine

77


80

viaVelo magazine


“Op de website Gypsy by Trade kwam ik een lijst met Europese bikepacking-routes tegen, waaronder de Red Trail in Polen (Główny Szlak Sudecki im. Mieczysława Orłowicza). Deze route doorkruist de Poolse Sudeten vrijwel geheel en staat goed aangegeven. Mijn schoonfamilie is Pools, dus een combinatie van familiebezoek en een bikepacking-trip was snel gemaakt.” Tekst en fotografie Jeroen Slee

Met de trein kom ik aan in Szklarska Poreba, een toeristisch bergdorp aan de voet van de hogere Sudeten. De eerste klim gaat over kasseien die zo groot zijn en er zo slecht bij liggen dat ParijsRoubaix op een netjes geasfalteerde snelweg lijkt. Eenmaal boven blijkt het

pad van zulke grote rotsblokken gemaakt dat ook afdalen niet fietsend kan. In 3,5 uur heb ik minder dan 15 kilometer afgelegd! Door meerdere vriendelijke wandelaars word ik aangesproken en in gebrekkig Pools aangevuld met een beetje

viaVelo magazine

81


Duits, Engels en wat gebarentaal gaat ieder gesprek over mijn onmogelijke onderneming: fietsen richting Śnieżka, de hoogste berg van de Sudeten. Het is vanaf deze kant geen optie. Vanaf de andere helling bij Karpacz is het wel mogelijk. Daar is ieder jaar zelfs een MTB-sprintrace naar de top. Uiteindelijk vind ik op de kaart een fietspad. Inderdaad, het was ooit een mooi geasfalteerd fietspad, maar inmiddels is het vervallen tot een oude asfaltweg vol met kuilen en gaten. ’s Avonds in het hotel bestudeer ik de kaart goed. Voor de volgende dag zoek ik naar zo veel mogelijk omleidingen voor de trajecten waarvan ik vermoed dat ze te steil zouden zijn om te fietsen.

82

viaVelo magazine

Het blijkt een gouden greep. In Polen staan veel fietsroutes aangegeven op bordjes met daarop een normale (stads)fiets. Maar de meeste van deze routes zijn ook voor mountainbikers uitdagend genoeg. Ik kom dus toch aan de nodige singletrack en offroad kilometers en zeker ook aan voldoende hoogtemeters. Deze tweede dag is de langste fietsdag en na 74 kilometer en ruim 1800 hoogtemeters kom ik aan in de pitoreske berghut Andrzejówka. Het is een berghut met een klein beetje Nederlandse geschiedenis. In 1936 verbleven Koningin Wilhelmina en prinses Juliana hier twee weken om voor Juliana een geschikte huwelijkskandidaat te vinden.


De derde dag gaat door voor mij deels bekend gebied, want een jaar eerder reed ik hier al wat mountainbikeroutes. Die goede ervaringen zijn mede de reden om hier terug te keren voor deze bikepacking trip. Ook deze dag laat ik de rode langeafstandswandelroute links liggen om de meer begaanbare fietsroutes te nemen. Na een afdaling die zo technisch was (gemiddelde van 10 km/h) kom ik aan in Głuszyca. Deze plaats is het startpunt van meerdere uitdagende mountainbikeroutes. Dit gebied is recentelijk in het nieuws gekomen vanwege de mogelijke aanwezigheid van een Nazitrein vol goud. Vanuit Głuszyca gaat het omhoog het Uilgebergte in naar het hoogste punt,

Wielka Sowa (grote uil). Vanaf de top loopt het heel licht naar beneden, maar wel met zo veel losse stenen en grote wortels dat ook hier de snelheid niet boven de 15 km/u komt. Het einddoel is Srebrna Góra (Zilveren Berg). Vlak voor het eindpunt maak ik een navigatiefout waardoor ik aan de voet van de berg uitkom. En dus krijg ik als toetje van de dag nog een flinke klim omhoog. De volgende dag staat een iets minder zware etappe gepland - minder zwaar, maar zeker niet minder mooi. Slechts één klein stukje lopen blijkt onvermijdelijk. Vanuit het wat vlakkere gebied aan de voet van Srebrna Góra gaat het naar de

viaVelo magazine

83


84

viaVelo magazine


Góry Stołowe (Tafelgebergte). De naam zegt het al, bergen met afgevlakte toppen. Als overnachtingsplek kies ik een berghut bovenop de hoogste tafelberg, de Szczeliniec Wielki. Eén nadeel is de weg naar boven: of 665 traptreden lopen of een deel via een route vol grote rotsen en het laatste deel via de trap. De zware tocht omhoog werd snel vergeten door het geweldig uitzicht. Oorspronkelijk had ik een zesdaagse tocht gepland waarbij ik de oosthoek van de Sudeten nog zou aandoen. De weersvoorspellingen zijn echter dusdanig slecht dat ik besluit de route in te korten. Zeker in het gebied rondom Kłodzko kun je vanuit iedere hoek binnen ongeveer 30 kilometer in deze centrale stad zijn om vanuit daar de trein naar Wrocław (Breslau) of Tsjechië te nemen. De route gaat via mooie bospaden waar de bewegwijzering van de recent gereden Sudeten Challenge nog aanwezig is. Deze mountainbike-marathon staat te boek als een zeer technische etapperace die minimaal zo zwaar en technisch is als de welbekende Trans Alp marathon.

viaVelo magazine

85


88

viaVelo magazine


Fietsen in de Poolse bergen

Eten

De Sudeten, maar ook het hogere Tatra-gebergte lenen zich prima voor een sportieve fietsvakantie. Racefietsen is goed mogelijk en biedt voldoende uitdaging. Houd wel rekening met de soms minder goede staat van de Poolse wegen. Iets bredere banden en stevige velgen zijn een must.

De Poolse keuken serveert goed voedzaam eten voor een stevige fietstocht. In de berggebieden heb je voor 5 euro een basis maaltijd.

Mountainbiken Voor mountainbikers zijn de mogelijkheden uitgebreider. Mountainbiken is in sommige Nationale Parken verboden, maar in de rest van het land mag en kun je overal de natuur in. In Polen is wandelen en hiken zeer populair en goede wandelkaarten zijn voor ieder gebied te krijgen. Deze zijn ook goed bruikbaar als mountainbike-kaarten.

Fietsreparatie In grotere steden zijn wel fietsenwinkels en fietsenmakers die overweg kunnen met moderne onderdelen. Ga je van de gebaande paden, zorg dan voor de nodige specifieke reserveonderdelen zoals een derailleurpad en remblokken.

Overnachten Overnachten kan vrij makkelijk en is niet duur. In berggebieden kan je zoeken naar de PTTKhutten. Voor 2,50 euro kun je je matras op de gang leggen en voor 10 euro lig je op een slaapzaal. Via websites als Booking.com wordt het aanbod steeds groter. Kamperen is mogelijk, maar niet zo populair als bij ons en onze omringende landen. Wildkamperen is officieel niet toegestaan.

Na een aantal mountainbiketrips door de Italiaanse en Franse Alpen is Jeroen Slee sinds kort aangestoken door het bikepacken. In Nederland vindt hij zijn sportieve en conditionele uitdagingen in mountainbiken, racefietsen en hardlopen.

viaVelo magazine

89


Reviews

Foto Stephan van Raay


Review

Osprey Escapist 25


Fietsrugtas voor meerdaagse tochten Tekst en fotografie Stephan van Raay

Het Amerikaanse merk Osprey heeft zijn Escapist-rugtas herzien. Het 2015-model is verkrijgbaar in rood, blauw en zwart in drie groottes: 18, 25 en 32 liter. Wij testen de 25 liter-versie. Osprey meldt dat het materiaal van de tas is verbeterd ten opzichte van de vorige modellen. De tas voelt inderdaad erg stevig aan en is heel netjes afgewerkt. Bij de naden kunnen we geen enkel stikfoutje ontdekken. Ook de kliksluitingen, gespen en ritsen voelen stevig aan, zonder dat ze overdreven groot of zwaar zijn. De eerste indruk is goed. Nu snel de fiets op!

Draagcomfort Als je lang offroad fietst, moet een rugtas als gegoten zitten. Osprey heeft daar bij het ontwerp van de Escapist duidelijk rekening mee gehouden. Allereerst is de tas verkrijgbaar in twee maten: S/M en M/L. Heb je de goede maat rugtas te pakken, dan kun je hem op je rug afstemmen. Dat gaat heel eenvoudig door de flap met klittenband in de tas los te trekken en hoger of lager vast te zetten. Het geheel wordt gezekerd door twee trekbandjes bovenop de schouderbanden. De heupgordel is aan de zijkanten voldoende breed en zorgt voor een prettige steun op je heupen. Aan beide zijdes zitten driehoekige mesh tussenstukken. Deze zitten er niet alleen

viaVelo magazine

93


1

voor het design van de tas, want tijdens de eerste testrit blijkt dat de tussenstukken de tas beter op zijn plek houden.

schouderbanden zowel aan de voorzijde als achterzijde van mesh zijn. Hierdoor kan de lucht vrij tussen de verstevigingen stromen.

De kleinere borstband is in hoogte verstelbaar aan een soort rail (2). Een kleine, maar erg belangrijke feature. De positie van de borstband bepaalt in grote mate het draagcomfort.

Water

Mesh-up! Mesh – daar is Osprey niet zuinig mee. Draai de achterzijde naar je toe en je ziet praktisch niets anders (1). Het hele rugpand is van mesh met daaronder vijf geribbelde vlakken: Ospreys ‘Airscape’-achterpand geeft steun én vormt zich naar je lichaam.Bijzonder is dat de

94

viaVelo magazine

In de Escapist kun je een waterreservoir kwijt (3). Niet als bij de meeste rugtassen in een binnenvak met een opening door de tas voor de waterslang, maar in een open apart compartiment tussen de schouderbanden en de tas zelf. Geen gedoe met slangen afkoppelen, want je schuift het reservoir met slang en al er van bovenaf in en uit. Dat maakt het bijvullen erg makkelijk. Het vak is ontworpen voor Ospreys eigen Hydraulics Reservoir, maar mijn Camelbak Reservoir van 2 liter past er ook met gemak in.


2

3

4

5

Bergruimte Bovenop, achter de rits voor het grote vak, zit een bovenvak van ‘scratchfree’ materiaal. Dit vak is bedoeld voor kwetsbare spullen. Denk aan je zonnebril en elektronica zoals je fotocamera. Een rits naar voren zit het hoofdvak. En dat is een gróót hoofdvak. Op de foto (4): links mijn slaapmatje, in het midden een lichtgewicht tent (Nordisk Telemark I) en rechts een 3-seizoenen-slaapzak. Prettig is dat je het grote vak tot halverwege de tas kunt openritsen voor een makkelijke toegang tot je spullen. Ga je met minder spullen op pad, dan kun je vier bandjes aantrekken om het hoofdvak te verkleinen.

Vóór het hoofdvak zit het voorvak. In dit compartiment stop je spullen die je snel bij de hand wilt hebben (5). Tussen de twee handige mesh-vakjes zitten twee elastische lussen voor je minipomp. Dat is erg handig, want op de een of andere manier weet dat ding zich altijd ver te verstoppen in mijn tas. Dat geldt ook voor de sleutels. Ook daar heeft Osprey aan gedacht met de handige sleutelclip – eenvoudig en doeltreffend. Het vak is redelijk diep, want onderin zit ook nog mijn regenjas (die ik toen gelukkig niet nodig had). Onderaan de Osprey Escapist zit het bodemvak (6). Dit compartiment is

viaVelo magazine

95


handig om je vieze kleding afzonderlijk van de rest op te bergen. Om een indruk van de grootte te geven: mijn spiegelreflexcamera met 50mm-lens past probleemloos in dit vak. Als je liever één groot binnenvak wilt hebben, dan kun je de scheiding tussen het hoofdvak en dit onderste vak wegritsen. Zowel links als rechts op de heupband zit een ritsvakje (7) voor kleine spullen die je snel bij de hand wilt hebben, zoals wat eten (reep of een energiegel). Belangrijk: de vakjes zijn makkelijk open te ritsen als je de tas om hebt. En ja, je ziet het goed: de binnenzijde is ook van mesh!

Op de linker schouderband zit een handig ritsvakje voor je smartphone (8). Mijn iPhone  4 past er in, zelfs met hoesje. Met de huidige, grotere smartphones wordt het waarschijnlijk wat krapper. Een hoesje is overigens niet per se nodig, want de voering van het vakje is ‘scratch-free’. Wil je bereikbaar zijn, dan is het vakje aan de voorkant een uitkomst. Je hoort je telefoon veel eerder dan wanneer hij is weggestopt in een achtervak.

Slecht weer? Geen probleem! In een afzonderlijk vakje helemaal onderaan zit de regenhoes. Deze is felgeel en heeft reflecterende bedrukking voor je veiligheid.

6

7

8

9

96

viaVelo magazine


Handig is dat je de regenhoes los kunt koppelen van de tas (9), bijvoorbeeld om de hoes los van de tas even schoon te spoelen.

Meer handige features De ‘LidLock’ is Ospreys bijzondere helmhouder (10). Je haalt de kunststof clip door een van de luchtgaten van de helm en een bungeetouw aan de clip houdt de helm op zijn plaats. Eenvoudig, slim en effectief. Ik fiets altijd met mijn helm op mijn hoofd (en jij hopelijk ook), maar omdat de tas ook prima voor woon-werk-verkeer geschikt is, kan ik me situaties voorstellen waarbij dat handig is. Bijvoorbeeld als je in je driedelig pak met je haren netjes in de

10 11

plooi naar je werk fietst en op de terugweg een paar mooie trails wilt pakken. Ook aan veiligheid is gedacht want verder naar onder zit een lusje waar je een achterlicht aan kunt bevestigen. Verder zijn er veel reflecterende elementen op zowel de tas als de regenhoes aangebracht. Maar het gaat verder. Wat denk je van deze slimme feature: het grijze deel van de sluiting van de borstband is ook een fluitje! Handig voor noodgevallen (11).

Minder dan een kilo Met al die extra features is het knap dat Osprey het gewicht van de Escapist 25, inclusief regenhoes, onder de kilo (995 gram, nagewogen) heeft weten te houden.

Conclusie De Osprey Escapist 25 is een veelzijdige rugtas waar je erg veel spullen in kwijt kunt voor een meerdaagse offroad-tocht. Hij is goed instelbaar wat erg belangrijk is voor een goed draagcomfort. De tas is perfect afgewerkt en het materiaal is erg stevig. Ik heb een zwak voor slimme extra features. Deze Osprey-rugtas voorziet daar ruim in! De kleur ‘Cayenne Red’ kan ik van harte aanbevelen. Het is een opvallende kleur en dus veilig in het verkeer, zonder al te schreeuwerig te zijn. De Osprey Escapist 25 heeft een adviesprijs van € 100,00. Bij verschillende (web)shops wordt hij voor minder aangeboden. Voor meer informatie kijk je op de website van Osprey: www.ospreyeurope.com

viaVelo magazine

97


Review

Endura MT500 Spray Baggy Short


Spatwaterdichte short voor de mountainbiker Tekst Laurens van Raay fotografie Stephan van Raay

Het Schotse bedrijf Endura is ontstaan door het gebrekkige aanbod van fietskleding, naar de mening van de oprichter dan. Doordat zijn fietskleding tijdens een triathlon-evenement was gestolen, werd hij gedwongen om vervanging te zoeken. De teleurstelling van het aanbod op dat moment is de directe aanleiding van het oprichten van een eigen fietskledingbedrijf. Wij kregen de kans om ĂŠĂŠn van de eerste ontworpen modellen te proberen, de short uit de MT500-serie.

Baggy, maar niet te baggy Hoewel het om de MT500 Spray Baggy Short gaat, voelt het niet aan als de wijde jeansvariant. De broek is uiteraard niet zo strak als een bibshort, maar heeft wel een verrassend strakke pasvorm. Het kruis is hoog genoeg zodat je geen rekening hoeft te houden met opstappen. In de foto hiernaast is ook de klittenband sluiting aan de onderzijde te zien, waarmee de broekspijpen naar wens strakker kunt stellen.

viaVelo magazine

99


1

2

3

Waterdicht

Aansnoeren

De stof die wordt gebruikt voor het kruis is het waterdichte materiaal Cordura (1). Dit materiaal maakt het kruis slijtvast en het houdt opspattend water tegen. Wel zo prettig in de natte seizoenen!

Als riem wordt een band toegepast (2). Deze band loopt niet volledig rond maar is ter hoogte van de heupen vastgemaakt aan de broek zelf. Aan de achterzijde zit een stretchband (3). Op deze slimme manier kun

100

viaVelo magazine


4

6

5

je de broek dus wel aantrekken tot hij fijn zit, maar geeft hij ook een beetje mee, zoals een sportbroek. De gesp is een kunststof sluiting van slechts 5 millimeter dik, zodat je er geen last van hebt tijdens het fietsen.

Losse binnenbroek kan vast De broek is compatibel met alle ‘Clickfast’-binnenbroeken van Endura (los verkrijgbaar). Je sluit ze op elkaar aan met behulp van twaalf drukknopen (4). De kunststof drukkers zijn in groepen van drie verdeeld over je middel, zodat de binnenbroek goed op zijn plaats blijft zitten tijdens het fietsen.

Weggewerkte ritsen De broekzakken zijn afgesloten met

ritssluitingen (5). Deze zijn weggewerkt achter stof om vervuiling van de ritsen te voorkomen, zodat je thuis niet met een tandenborstel aan de slag hoeft om je telefoon te bevrijden. Aan de binnenkant zijn de zakken dubbel gestikt voor extra stevigheid. Achter de ritssluitingen op de broekspijpen zitten geen zakken, maar openingen met mesh-stof voor ventilatie tijdens hete zomerdagen (6). Slim! De adviesprijs van de Endura MT500 Spray Baggy Short bedraagt € 94,99. Kijk voor meer informatie op de website van Endura: www.endurasport.com

viaVelo magazine

101


102

viaVelo magazine


Kijk voor meer uitgebreide reviews op www.viavelo.nl

viaVelo magazine

103


Jouw verhaal

in ViaVelo? Neem contact op

info@viavelo.nl www.viavelo.nl facebook.com/viavelomagazine

104

viaVelo magazine

ViaVelo Magazine 3  

Magazine voor de avontuurlijke fietser. Met: • Arizona Trail Race (750 mijl) • IJsland in vijf beelden • Project X • Overal kamperen zonder...

ViaVelo Magazine 3  

Magazine voor de avontuurlijke fietser. Met: • Arizona Trail Race (750 mijl) • IJsland in vijf beelden • Project X • Overal kamperen zonder...

Advertisement