Issuu on Google+

BelgiĂŤ - Belgique P.B. - P.P. Gent X 3/1751 Afgiftekantoor Gent X ISSN=1370-5814

Don Bosco Noord-Zuid

SAMEN OP WEG

TWEEDE KWARTAAL 2011

Driemaandelijks tijdschrift: Negentiende jaargang nr 2

P 602488

2

DMOS-COMIDE wordt VIA Don Bosco


MET PLEZIER NAAR SCHOOL... In deze Samen op Weg: ALGEMEEN

3 Onderwijs

Een verslag over de 11-jarige Bernard die in Nairobi, de hoofdstad van Kenia, naar school gaat.

ZUID 6 Meten is weten Elk jaar krijgen wij dankzij uw vrijgevigheid een heel wat donaties binnen. Graag berichten wij hierover op een transparante manier waar dit geld precies naartoe gaat.

8 Columbia Dit Latijns-Amerikaanse land wordt geteisterd door geweldproblemen en in 2010 ook door intense regenbuien. De salesiaanse aanwezigheid wil de armoede bestrijden door het ontwikkelen van projecten die kansarme jongeren een technische en beroepsopleiding aan te bieden.

NOORD

10 Bouwkamp Rwanda Jongeren van het centrum Petit Hornu van Don Bosco vertrekken samen met enkele begeleiders naar Rwanda om daar mee te werken aan bouwprojecten in Mugina en aan de rand van het Muhazimeer.

12 Vrijwilliger

Beste lezers, Aan de poort van de kleuterschool van een van mijn dochtertjes observeerde ik onlangs al die kleine kinderen die braafjes aan het puzzelen of tekenen waren of met de blokken speelden in afwachting van het begin van de klas. Bij het zien van deze heldere ruimte vol educatieve spelletjes om onze kinderen allerhande vaardigheden aan te leren die essentieel zijn voor hun ontwikkeling, zag ik beelden van al die klassen die ik bezocht heb in Afrika, Azië of Latijns-Amerika. Daar groeien kinderen van dezelfde leeftijd op in een - laten we zeggen - veel soberdere omgeving … Waar ook ter wereld, kinderen zijn allemaal gelijk: ze houden niet zo van “werken” en denken maar aan één ding: spelen. Om een kind met plezier naar school te doen gaan, moeten we het stimuleren en ons inleven in zijn wereld: in zijn dromen, verwachtingen, motiveringen. “Later als ik groot ben, wil ik brandweerman, politieagent, journalist, … worden.” Het is belangrijk kinderen alle zaken te leren die nodig zijn om een trotse brandweerman, politieagent of journalist te worden! Dat is nu net de kunst én de uitdaging van het onderwijs. Op dat punt is het niet de luxe van de educatieve omgeving die de kwaliteit van het onderwijs bepaalt, maar wel de kwaliteit van de menselijke en pedagogische aanpak. Natuurlijk is er nood aan goed uitgeruste scholen, maar het is ook belangrijk te zorgen voor kwaliteitsvol onderwijs dat wordt gegeven door goed opgeleide leerkrachten. Want naast het recht van kinderen op onderwijs is het ook belangrijk om na te denken over de middelen die nodig zijn om hen naar school te doen gaan … met plezier !

Françoise Léonard, Directrice

Sinds 2007 kunnen dankzij DMOS-COMIDE al zo’n vijftig mensen hun solidariteit concreet maakten in een engagement in het Zuiden. Wij willen de lezers van de Samen op Weg hun ervaringen en indrukken zeker niet onthouden. Jan Sas vertelt over zijn belevenissen in Congo.

14 Animatiecel Oostende 15 VIA Don Bosco 2

DMOS-COMIDE kiest ervoor zijn publicaties op milieuvriendelijk papier te drukken. FSC is een label of keurmerk op een hout- of papierproduct dat aangeeft dat een product afkomstig is uit een duurzaam beheerd bos (www.fsc.be).


ALGEMEEN

ONDERWIJS

Wie denkt aan zijn schooltijd, verzucht vaak over hoeveel verspilde tijd dat was. “Leerplicht” stond op de dwingende affiche aan de schoolpoorten. Er leek zoveel dat aantrekkelijker was dan de schoolbanken, het zwarte bord en de eindeloze huiswerken. Waarom moesten het vooral ouders, leerkrachten en ministers zijn die aandrongen op

SAMEN OP WEG

Het tekort aan middelen en goed opgeleide leerkrachten zorgen voor volle klassen.

2/2011

RECHT NAAR SCHOOL !

meer en beter onderwijs? Even horen in Kenia. HET ECHTE LEVEN Mijn schoolgaande jeugd in het Gentse speelde zich af op een boogscheut van de zandbak van de kleuterschool en op gehoorsafstand van de lagere school. In het middelbaar fietste ik naar de ‘moderne’ humaniora, al lag die dichterbij onze voordeur dan de voorgaande scholen. Die drie, zes en zeven (!) schooljaren bleven mij vooral bij omdat je van acht uur ’s morgens tot vier uur ‘s namiddags in de les zat. Te laat komen was niet mijn ding, omwegen en de verwondering om de dagelijkse verrassingen onderweg des te meer. Thuis hoorde ik wellicht daarom nu en dan aan de deur bij het vertrek ‘Recht naar school vandaag’. Maar tussen de keukendeur en de schoolpoort was voor mijn jongenshart zoveel meer te beleven dan de lange uren in altijd dezelfde klaslokalen. ”Yeah, that’s right,“ grinnikt de elfjarige Bernard erg begrijpend als ik het hem in Nairobi vertel. We leunen met onze ellebogen over een brugreling met zicht op de skyline van de Keniaanse hoofdstad.

Onder ons stromen de auto’s en knetteren de moto’s de stad uit. De avondzon gunt iedereen haar mooiste kleuren. Bernard Gitonga woont hier enkele zandwegen vandaan, in Kibera. Nergens is de afstand tussen leven en overleven, tussen rijk en arm zo zichtbaar als hier aan de rand van Nairobi. Het oogt even surrealistisch als de vliegtuigen opstijgen boven de koppen van de zebra’s, giraffes en leeuwen in het nationale park ten Zuiden van Nairobi, hier een tiental kilometer vandaan.

“Nergens is de afstand tussen leven en overleven, tussen rijk en arm zo zichtbaar als hier aan de rand van Nairobi.” “Het is bijna vakantie voor jou, volgende week ga je naar het dorp terug. Ben je blij?“ vraag ik hem. “Natuurlijk, wat een vraag. Ik ga naar mijn grootmoeder in Kaani.”

Geïnspireerd door het gedachtegoed van Don Bosco, bestrijdt DMOS-COMIDE armoede in het Zuiden door kansarme jongeren vorming en onderwijs aan te bieden. 3


ALGEMEEN

ONDERWIJS

De sociale achterstand van de zwakke doelgroepen is direct verbonden aan een gebrek aan kennis, vaardigheden en competenties.

“En wonen jouw ouders daar ook?” “Neen, ik heb enkel mijn grootmoeder. Ik zorg voor haar. Tijdens de schoolweken woon ik bij een tante. Van daar ga ik naar Boscoboys.” “Hm, dan zal je oma blij zijn. En jouw vrienden evengoed.”

al enkele jaren met Bernard en twee kleine meisjes nadat haar man niet meer terugkeerde van een reis met zijn truck. Is het leven nu eenmaal zo in Afrika? Ook zij, tante Bello, schijnt juwelen te maken, kralen van visdraad en kleine schelpjes. De kleuren en de grappige vormen hebben iets charmants. ‘Of ik die dingen in België zou Bernard lacht alsof hij mij wil laten voelen dat ik na al die jaren nog kunnen verkopen?’ Ik zeg haar niets te kunnen beloven, maar dat ik steeds niet goed doorheb hoe het leven in Afrika echt is. Niet het het mooi vind. Ze trekt haar wenkbrauwen omhoog, kijkt naar de leven in Nairobi City en ook niet het leven binnen de schoolmuren. grond, klikt met haar tong, wat ik interpreteer als ‘OK, een andere “Als ik bij mijn grootmoeder ben, is het om te werken. Ik maak keer dan’. Dan stuurt ze Bernard om een fles frisdrank in de buurt en armbandjes om te verkopen op de luchthaven.” dekt de tafel. De geuren beloven een schotel die in heel Afrika het hoofdmenu is. Vissaus, brokjes vis en een brij van maniok. “Smaakt “Maar de luchthaven is toch ver van waar je woont?” “Jawel, maar zie het?”“Hm, really.” Ze weet niet goed of ze mij wil geloven. Wél als ze je, als ik die zwart-geel-rood-groene bandjes maak voor Kenianen nadien heet water aandraagt voor een kopje Nescafé. “En wat gaat krijg ik daar 60 Keniaanse Shilling (6 eurocent) voor. Op Jomo Bernard volgend jaar doen als hij zijn lagere school af heeft?” Kenyatta Airport zijn er altijd muzungu te vinden die denken dat ze “Mister, natúúrlijk gaat hij dan naar Don Bosco Boys’ Town. Twee jaar, een goed zaakje doen als ze mij 300 Shilling betalen (3 euro). En zo mij om het even welke richting, maar dan heeft hij iets in handen.” kan ik eten kopen voor mijn “Hey, Bernard, wat zou je dan graag grootmoeder en mijzelf.” doen?” daagt ze hem uit. Hij haalt “Mister, natuurlijk gaat hij dan naar Don Bosco Boys’ zijn schouders op. “Zelf ben ik verzot “Slim is dat. Jij koopt daarmee Town. Twee jaar, mij om het even welke richting, maar op de geur van hout, spaanders, het eten voor je grootmoeder? En schaven en zagen, ik zie hem graag dan heeft hij iets in handen.” wie koopt er dan eten voor schrijnwerker worden,” gaat Bello haar als je hier in Nairobi bij je verder, “maar zijn vader was een tante logeert?” kleermaker en ik denk dat hij daar wel zin zal voor hebben.” We “Dan zorgen de buren in Kaani voor haar en koken ze voor haar mee. kijken Bernards richting uit. Hij kijkt iets verveeld door de deur naar Maar als ik op vakantie ben, moet ik voor eten zorgen, koken.” de straat. De grote mensen hebben het weer over de school. Niet over voetbal, televisie, de meisjes uit de buurt, niet over het internetcafé waar de groteren van ’s morgens tot ’s avonds aan schermen BEZOEK AAN DE SLUM gekluisterd zitten. Tante Bello en die Belg hebben het over de school, terwijl het leven tussen de keukendeur en de schoolpoort duizend Drie dagen nadien zie ik na de voormiddaglessen Bernard aan de keer interessanter is. uitgang van de lagere school van Boscoboys staan. Hij had over mij verteld aan zijn tante die op haar beurt voorstelde om op bezoek te Als Bernard met mij terugslentert naar Langata Road, waar ik de bus komen. Zo komen wij rond één uur aan in het houten huis. Geen neem, is hij echter weer zijn gezellige zelf. “Ik zou graag reizen. Foto’s water, geen elektriciteit, het verbaasde mij niet echt na enkele ritten nemen zoals jij. Familiefoto’s of foto’s van toeristen in het nationale door de slum. Gelijkaardige “Wild West” beelden vis ik uit mijn park. Zou dat niet great zijn? Of nog beter. Journalist worden. Your geheugen enkel nog op van wijken in het Nigeriaanse Lagos waar ik correspondent in Nairobi.” “Moet je doen,” zeg ik hem lachend. Hij is meende ooit de hel, of toch minstens het vagevuur, te hebben gezien. niet gek of naïef, hij lacht weer. “Begin eerst met iets praktisch, bij De wegen in Kibera zijn het toneel van de rattenkuil waarin mensen Don Bosco bijvoorbeeld. Je vindt dan wel je weg, zeker weten.” teruggedrongen worden als ze nergens een rechtvaardige kans krijgen. “Je praat zoals onze president, mister Marc, of zoals die andere En dus zelf alles in het werk moeten stellen om te overleven, voor president: Yes, you can.” We duwen onze rechtervuisten tegen elkaar. zichzelf, voor hun kinderen. “Bernard, tot later.” “Afgesproken. Jambo.” Bernard vertaalt het Swahili van zijn tante. Ik dacht een beetje Swahili te begrijpen, maar dat volstaat helemaal niet om het gebabbel van deze vrouw van rond de dertig te volgen. Zij woont er

4

Marc VAN LAERE


ALGEMEEN

ONDERWIJS

DMOS-COMIDE IN KENIA Kenia heeft een bevolking van zo’n 39 miljoen inwoners, waarvan iets meer dan 40 % jonger is dan 15 jaar. De overheid leverde al allerlei inspanningen om het recht op onderwijs voor haar jonge bevolking te waarborgen. Er bestaat bijvoorbeeld leerplicht van 7 tot 15 jaar en in publieke lagere scholen werd het inschrijvingsgeld in 2003 afgeschaft. Privéaanbieders spelen ook een belangrijke rol. Meer dan 10 % van de kinderen tussen 6 en 11 gaat naar een privéschool, bijvoorbeeld. Privéscholen richten zich dus zeker niet enkel tot jongeren uit de kleine gegoede klasse van Kenia.

Zowel het garanderen van universeel lager onderwijs als het verzekeren van de overgang van lager naar algemeen secundair onderwijs blijven echter problematisch. Vele Keniaanse jongeren moeten zich daardoor al snel vragen stellen rond (voorbereiding op) tewerkstelling en het genereren van inkomsten. De partners van DMOS-COMIDE helpen hen op weg. Ze bieden aan jongeren beroeps- en technische opleidingen aan die zich vaak in heel moeilijke omstandigheden bevinden in sloppenwijken, vluchtelingenkampen, ...

Hoewel het land één van de grootste economieën van Sub-Sahara-Afrika heeft, is er nauwelijks sprake van “vaste jobs”. Zo’n drie kwart van de arbeidsmarkt wordt ingenomen door de niet-formele economie (jua kali). O.a. via opleidingen in ondernemerschap en microfinanciering voor zelftewerkstelling willen onze partners jongeren weerbaarder maken om met die realiteit om te gaan. Tegelijkertijd probeert het Don Bosco tewerkstellingsbureau in Nairobi via arbeidsbemiddeling en loopbaanbegeleiding het pad te effenen naar de formele economie. De hoofddoelstelling blijft immers om jongeren uit hun precaire levensomstandigheden te halen en te bouwen aan een zekerdere toekomst.

SAMEN OP WEG

2/2011

In het pedagogische gedachtegoed van Don Bosco staan ook sociale activiteiten, zoals samen muziek maken, centraal die het zelfbewustzijn van de jongeren helpen ontwikkelen.

DMOS-COMIDE wil kansarme jongeren in staat stellen hun onderbenut potentieel te ontwikkelen en hun sociale vaardigheden aan te scherpen. 5


ZUID

METEN IS WETEN

METEN IS WETEN Wij kunnen sinds 1999 jaarlijks een lijst uit onze boekhouding laten stromen van elk bedrag dat betaald werd aan het Zuiden. De cijfers die u per land ziet zijn, per land, de som van de bedragen die van onze bankrekeningen naar het Zuiden vertrokken tussen 1 januari en 31 december 2010. In onze algemene boekhouding wijzen wij gelden toe aan projecten die daarom nog niet betaald zijn op 31 december. Dit vormt de verklaring van het verschil tussen “betaald aan het Zuiden” en “projectfinanciering”.

Voor projecten zonder medefinanciering gaat 98 % van de binnengekomen giften naar het Zuiden. Bij Noodhulp zoals bij Haïti gaat 90 % naar het Zuiden. Voor projecten

met medefinanciering van Belgische of Europese overheid houden wij enkel de administratieve vergoeding die contractueel voorzien is.

OPBRENGSTEN: Financiële opbrengsten: 0,48 % Andere werkingsopbrengsten: 0,24 %

Onttrekking aan de reserves: 2,55 % Giften: 44,50 %

DMOS-COMIDE onderschrijft de Ethische Code van de Vereniging voor Ethiek in de Fondsenwerving. U beschikt over recht op informatie. Dit houdt in dat schenkers, medewerkers en personeelsleden tenminste jaarlijks op de hoogte gebracht worden van wat met de verworven fondsen gedaan wordt.

Subsidies DGD en EU: 51,23 %

Legaten: 0,83 % Subsidies gemeenten, provincies en regio's: 0,17 %

AFRIKA Centraal-Afrika Centraal-Afrikaanse Republiek Congo - Brazzaville Congo - Kinshasa Gabon Kameroen Oost-Afrika Burundi Ethiopië Kenia Rwanda Tanzania Uganda West-Afrika Benin Burkina Faso Ivoorkust Mali Senegal Togo Zuidelijk Afrika Swaziland Zambia Zuid-Afrika Indische Oceaan Madagascar Totaal Afrika

6

betaald bedrag 281.742,56 490,00 921.326,66 16.502,16 515.366,88 23.024,47 4.245,85 603.653,14 488.269,27 37.229,00 24.765,00 32.838,35 36.303,35 453.401,23 7.451,13 30.000,00 2.970,38

projecten met medefinanciering

projecten zonder medefinanciering

346.446,66

281.742,56 490,00 574.880,00 16.502,16 19.376,90

495.989,98

560.307,79 398.008,28

435.846,79

79.330,00 1.078,00 28.186,72

79.330,00

432.909,58 4.021.083,73

407.419,58 2.723.349,08

23.024,47 4.245,85 43.345,35 90.260,99 37.229,00 24.765,00 32.838,35 36.303,35 17.554,44 7.451,13 30.000,00 2.970,38

1.078,00 28.186,72 25.490,00 1.297.734,65


ZUID

METEN IS WETEN

projecten met medefinanciering

projecten zonder medefinanciering

AMERIKA Noord-Amerika Mexico Andeslanden Bolivië Chili Colombia Ecuador Peru Centraal-Amerika Guatemala Nicaragua Grote Antillen Dominikaanse Republiek Haïti Zuid-Amerika Brazilië Totaal Amerika

betaald bedrag

33.614,50 2.281.046,93

1.986.644,76

33.614,50 294.402,17

AZIË Midden-Oosten Libanon India en naburige landen Bangladesh India Nepal Pakistan Indochinees schiereiland Cambodja Vietnam Zuidoost Aziatische eilanden Filipijnen Oost-Timor Totaal Azië

betaald bedrag

projecten met medefinanciering

projecten zonder medefinanciering

22.829,00 338.132,98

16.214,10 33.766,72

784.613,46 436.719,39 389.034,07

19.830,05 10.000,00

19.830,05

18.314,81 143.884,86

18.314,81

11.548,27 22.544,72

10.000,00

143.884,86

2.912,36 1.945.177,09 5.114,50 18.529,50

Algemeen totaal

10.056,60

1.517.194,44

2.912,36 427.982,65 5.114,50 18.529,50

56.050,00 10.000,00

56.050,00 10.000,00

228.310,67 1.362,20 2.277.512,92

1.517.194,44

228.310,67 1.362,20 760.318,48

8.579.643,58

6.227.188,28

2.352.455,30

2/2011

10.056,60

SAMEN OP WEG

354.347,08 33.766,72 784.613,46 448.267,66 411.578,79

22.829,00

KOSTEN: Meer informatie vindt u op onze website www.dmos-comide.org onder de rubriek "Organisatie: Financiering". Daar vindt u gedetailleerde cijfers over onze algemene boekhouding. Onze cijfers zijn ook te vinden op www.donorinfo.be en binnenkort op www.ngo-openboek.be.

Afschrijvingen, waardeverminderingen, voorzieningen: 0,08 % Andere bedrijfskosten: 0,15 % Personeelskosten: 8,80 % Diensten en diverse goederen: 3,87 %

Financiële kosten: 0,02 % Uitzonderlijke kosten: 1,71 %

Wenst u meer informatie? Vraag het aan ondergetekenden. Wenst u een legaat of duo-legaat over te maken? Contacteer Omer Bossuyt, onze voorzitter. Voor uw steun aan het Zuiden: alvast bedankt!

Jan DE BROECK en Peter GOOSSENS

Projectfinanciering: 85,37 %

DMOS-COMIDE brengt graag transparante informatie over zijn middelen.

7


ZUID

COLOMBIA

HOE EEN ANTWOORD FORMULEREN OP GEWELD EN ARMOEDE IN COLOMBIA? Dat is samengevat de Colombiaanse context waarin de salesiaanse partners van onze ngo DMOS-COMIDE werken. Een van de redenen van onze aanwezigheid in Colombia is dat DMOS-COMIDE de armoede wilt bestrijden door het ontwikkelen van projecten met als doel de jongeren, die uitgesloten zijn van het formele onderwijssysteem en in extreme armoede leven, een technische of een beroepsopleiding aan te bieden.

In totaal zo’n 7.500 jongeren, zowel mannen als vrouwen, volgen een van de talrijke opleidingen die in de centra worden georganiseerd.

Colombia is met zijn 45 miljoen inwoners na Brazilië en Mexico het land met de grootste bevolking van Zuid-Amerika. Helaas is het land vooral gekend om zijn problemen, vaak veroorzaakt door geweld. Zeer vaak bereiken ons dramatische nieuwsberichten over drugshandel, gijzelingen en andere geweldplegingen. Enkele voorbeelden van begin april 2011: “5 personen met kogels doorzeefd in Medellín”; “De Colombiaanse president Juan Manuel Santos heeft 11 dagen om te beslissen over de uitlevering van Walid Makled die verdacht wordt van drugshandel”; “De inheemse burgerwacht PAECES bevrijdt een 20-jarige jongeman die sinds 8 maanden gegijzeld werd door de FARC”; “De Universidad Javeriana van Bogotá ontwikkelt een robot die in staat is antipersoonsmijnen op te sporen” (bron : www.elmundo.es). Maar Colombia heeft niet enkel te kampen met geweldproblemen: in 2010 werd het land geteisterd door intense regenbuien. Bij de daaropvolgende overstromingen vielen honderden doden en werden meer dan twee miljoen mensen getroffen.

8

Momenteel heeft DMOS-COMIDE in Colombia twee programma’s lopen die opleidingscentra in verschillende steden groeperen: Armenia, Barranquilla, Buenaventura, Condoto, Ibagué, Medellín, Bogotá, Cali, Bogotá, La Holanda en Valsálice. Het afgelopen jaar ondersteunde DMOS-COMIDE ook projecten in Medellín, Cartagena en Popayán. We hebben beslist om ons uit die centra terug te trekken omdat ze voldoende zelfstandig zijn geworden. Op die manier kunnen we ons meer concentreren op de capaciteitsversterking van de andere centra en hen begeleiden bij het verwerven van hun autonomie.

“Onze salesiaanse partners doen meer dan enkel een technische opleiding aanbieden. De centra hebben zich er ook toe verbonden om de afgestudeerde studenten aan een baan te helpen.”

Het zou te veel tijd vergen een stand van zaken te geven en de activiteiten te beschrijven die werden uitgevoerd in elk van de centra die door DMOS-COMIDE en de Belgische regering in Colombia worden medegefinancierd. De volgende cijfers geven een idee van de belangrijkste resultaten die we in 2010 hebben bereikt. In het kader van de twee programma’s samen volgden in totaal 7.500 jongeren, zowel mannen als vrouwen, een van de talrijke opleidingen die in de centra worden georganiseerd, zoals bakkerij, automechanica, elektriciteit, landbouw, secretariaat, informatica, lassen, textielconfectie, grafische kunsten en beheer van micro-ondernemingen. Het aanbod aan opleidingen is uitgebreid en gevarieerd: het is immers afgestemd op de scholingsgraad van de jongeren en op de arbeidsmarkt van elke stad en regio.


ZUID

Maar onze salesiaanse partners doen meer dan louter een technische opleiding aanbieden aan de jongeren. De verantwoordelijken van de centra hebben zich er eveneens toe verbonden de afgestudeerde studenten aan een baan te helpen. Zo werd in elk centrum een tewerkstellingsdienst opgestart. In 2010 hebben die diensten ervoor gezorgd dat minstens 2.000 jongeren in een bedrijf tewerkgesteld werden. De jongeren die afgestudeerd zijn in centra van Don Bosco en in een bedrijf gaan werken, worden bijzonder gewaardeerd door hun werkgevers. Ze beschikken immers niet enkel over een uitstekende beroepskennis, maar zijn daarnaast stipt, respectvol en eerlijk. Dit zijn essentiële waarden waar de salesianen veel aandacht aan besteden, zodat de begunstigden van de programma’s hun kansen zouden verhogen om te slagen in het leven, zowel op familiaal als op professioneel vlak.

COLOMBIA

In die context van armoede en ellende leven alle jongeren in onzekerheid en instabiliteit, zowel op economisch als op familiaal vlak. Velen worden verplicht de school te verlaten om werk te zoeken. Die jongeren, geconfronteerd met diefstal op straat, drugshandel, jongerenbendes, familiale problemen, alcoholisme van volwassenen en extreme armoede, hebben te kampen met tal van moeilijkheden om de goede keuze te kunnen maken. De salesiaanse centra van Don Bosco bieden die jongeren een hoopvol alternatief en helpen hen opnieuw zelfvertrouwen te hebben en een betere toekomst voorop te stellen. De educatieve gemeenschap van het vormingscentrum Juan Bosco Obrero biedt in Ciudad Bolívar een brede waaier aan opleidingsprogramma’s aan die afgestemd zijn op die jongeren.

“In een context van armoede en ellende leven de jongeren in onzekerheid en instabiliteit, zowel op economisch als op familiaal vlak.”

Minstens 2.000 jongeren hebben dankzij de tewerkstellingsdiensten van de centra een goede baan.

SAMEN OP WEG

Waar komen de jongeren die in de salesiaanse centra worden opgeleid, vandaan? Hieronder beschrijven we kort de gemiddelde leerling van het centrum Juan Bosco Obrero in Ciudad Bolívar, Bogotá. In deze voorstad, die officieel 630.000 inwoners telt, wonen vermoedelijk één miljoen mensen die tot de armste maatschappelijke klassen van het land behoren. De gezinnen bestaan grotendeels uit alleenstaande moeders of weduwen die de gewelddadige gevechten tussen het leger en gewapende groepen zoals de FARC ontvlucht zijn. Daarnaast zijn er ook de gezinnen die zich verplicht zagen de landelijke gebieden te verlaten om aan de armoede te ontsnappen. Het leeuwendeel van die mensen is onvoldoende geschoold om een job te vinden in de formele sector van het stedelijk gebied. Ze begeven zich dan ook op de informele arbeidsmarkt waar ze bijvoorbeeld het huishouden van anderen doen, allerhande zaken verkopen op de markten of diverse diensten aanbieden. Na enkele jaren hebben sommigen - zij die geluk hebben gehad - hun eigen bakkerij of kruidenierswinkel opgericht die hen echter amper in staat stelt te overleven. Hun inkomen bedraagt immers niet meer dan het minimumloon, dat in januari 2011 gestegen was tot 137 euro per maand.

2/2011

Het is de moeite waard even stil te staan bij de aanpak die wordt gehanteerd in de centra. De Colombiaanse salesianen vatten hun aanpak samen in zes woorden: Saber Hacer, Saber Ser, Saber Saber (kunnen doen, kunnen zijn en kunnen weten). Het eerste concept Saber Hacer impliceert dat de opgeleide jongere zijn of haar vak goed moet kennen; het tweede concept Saber Ser verwijst naar de kwaliteit van de houding van de werknemer ten opzichte van anderen; Saber Saber, tot slot wijst erop dat de opgeleide jongeren blijk geven van creativiteit en dat ze geschikt zijn om bij te dragen tot de vooruitgang van hun bedrijf, de samenleving en hun familie.

Enkele voorbeelden zijn efficiënte inhaallessen voor vroegtijdige schoolverlaters, een grote kleutercrèche voor de kinderen van jonge alleenstaande moeders, opvoeders die achtergelaten straatkinderen heroriënteren, beurzen om de administratieve situatie van gezinnen te regulariseren, een centrum voor gratis gezondheidszorg dat toegankelijk is voor iedereen, gratis rechtsbijstand, re-integratieprogramma’s voor voormalige strijders, culturele en sportactiviteiten voor de gezinnen van de wijk en voor de leerlingen van het centrum, een tewerkstellingsdienst die contacten onderhoudt met tal van bedrijven om stageplaatsen en jobs aan te bieden aan afgestudeerde leerlingen. Dat alles is enkel mogelijk dankzij de solidariteit van zowel de internationale ngo’s als van Colombiaanse overheidsinstanties zoals de SENA (Servicio educativo nacional de aprendizaje - Colombiaanse nationale opleidingsdienst) of het Alcaldía de Bogotá (stadbestuur van Bogotá). Samen met de donateurs en de vrijwilligers in het Noorden en het Zuiden kunnen we een antwoord bieden op het geweld en de armoede.

Jorge PEÑARANDA

DMOS-COMIDE is de Belgische ngo van Don Bosco. Via vorming en beroeps- en technisch onderwijs stellen we kansarme jongeren in staat om zelf aan hun ontwikkeling en die van hun omgeving te werken. 9


NOORD

BOUWKAMP RWANDA

RWANDA: AAN DE OEVER VAN HET MEER EN OP DE TOP VAN DE HEUVEL Op 5 juli 2011 vertrekken de jongeren van het centrum van Petit Hornu samen met hun begeleiders naar Rwanda in het kader van twee bouwkampen van in totaal zes weken. Het partnerschap tussen het Jeugdcentrum Don Bosco en Rwanda kent al een lange geschiedenis. De samenwerking startte in 1988 naar aanleiding van de honderdste verjaardag van de dood van Don Bosco. Om de twee jaar wordt een reis naar Rwanda georganiseerd. Dit jaar is men aan de twaalfde editie toe. De uitgevoerde bouwprojecten zijn talrijk en gevarieerd: klaslokalen, een weg, bruggen, zalen, kerken, huizen … afhankelijk van de noden van de gemeenschappen die ons ontvangen. Tijdens die bouwkampen werden de relaties nóg intenser. Het is moeilijker om te uiten wat zich in de eerste plaats in de geest en in het hart situeert.

De al uitgevoerde bouwprojecten variëren van klaslokalen tot een weg, van zalen tot bruggen en huizen

André Lerusse en Jean Marie Dussart, twee Belgische priesters die door hun bisdom op missie werden gestuurd, zijn de initiatiefnemers van De personen die ons ontvangen zijn zelfverzekerde en gepassioneerde mensen “Onze contacten in Rwanda zijn gepassioneerde de bouwkampen in het bisdom Kabgayi. Gedurende vele jaren vormdie de duurzaamheid van de projecten mensen die de duurzaamheid van de projecten den de hoge heuvels in de streek van verzekeren, maar die vooral geloven in verzekeren, maar die vooral geloven in de Kanyansa en Ntarabana, waar de de jongeren en in de uitwisselingen, bruine Niabarongo-rivier doorheen ongeacht de verschillen. Pater Danko, jongeren zelf.” kronkelt, het decor van onze avonturen. een salesiaan van Kroatische afkomst en Wanneer André en Jean Marie – de provinciaal econoom, is een getrouwe “padri”, zoals ze daar worden genoemd – Rwanda hebben verlaten, van het eerste uur. Thérèse, een salesiaanse medewerkster, nam deel heeft padri Jean Bosco het roer overgenomen. In 1988 had aan het bouwkamp van 1995, vlak na de genocide. Nu is ze al tien laatstgenoemde, toen deze nog seminarist was, ons een kort bezoek jaar actief in Rwanda als fulltimevrijwilligster. Die twee personen vormen de spil van de “salesiaanse bouwprojecten” die al op gebracht op de werf van Nyagatovu. Vanaf 1995 is de samenwerking verschillende plaatsen werden uitgevoerd, maar zich momenteel steeds intenser geworden en is ze uitgegroeid tot een hechte situeren aan de rand van het Muhazimeer. Een eerste groep uit Hornu, vriendschap begonnen in Ntarabana. De tweede groep uit Hornu zal België zal daar ontvangen worden voor een vijfde opeenvolgende voor de vierde opeenvolgende keer naar Mugina reizen. kamp.

10


Doordat we meerdere keren teruggaan naar dezelfde plek, kunnen Toen we voor het eerst de parochie van Mugina bezochten, zagen we we een stukje geschiedenis beleven en onze relaties versterken. Toen op de top van de heuvel de wonden van de genocide, die zelfs na tien pater Danko en Thérèse ons voor de eerste keer uitnodigden aan de jaar nog niet waren geheeld. Meer dan veertigduizend mensen rand van het meer, waren ze net klaar met de renovatie van het werden toen afgeslacht in en rond de kerk. Na die slachtpartij bleef gebouw waarin wij zouden er een duistere angst hangen verblijven. Ten gevolge van de om het leven opnieuw op te “De pedagogische gedachte is dat ze door de genocide en de oorlog van 1994, bouwen op een plaats waar confrontatie met armoede in het Zuiden hun eigen was het gebouw, waar voorheen dood en extreme haat hadden de salesianen verbleven die nood geheerst. Rwanda sloeg toen de problemen leren te relativeren, maar bovenal dat de hadden aan een beetje kalmte weg in van de verzoening, onder nuttige dienstverlening een rijkdom is die hen doet en rust, bijna volledig herleid tot andere dankzij de Gaçaça-rechtgroeien.” een ruïne. De bewoners van die banken, en we zagen hoe het streek leefden in grote armoede. leven en de hoop terugkeerden Het was het einde van de weg, een vergeten uithoek, want het meer bij de bevolking. De gebouwen van de parochie werden heropgekon enkel met een kano worden overgestoken. Maar vervolgens hebbouwd, gerenoveerd en uitgebreid. Een gedenkteken met stoffelijke ben de mensen de handen uit de mouwen gestoken, de inwoners van overschotten van slachtoffers van de genocide werd opgericht en het plaatsje voelden zich herboren, gebouwen werden opgetrokken, roept de voorbijgangers op om ervoor te zorgen dat de geschiedenis er ontstond een ware gemeenschap. Het jongerencentrum van zich nooit meer zal herhalen. Gatenga, in de voorsteden van Kigali, was de drijvende kracht achter Elk jaar, wanneer we Rwanda verlaten, weten we niet of we er twee deze transformatie. Het huis, in eerste instantie een ware bouwwerf, jaar later nog zullen terugkomen. Maar pater Danko, Thérèse en padri werd omgevormd tot een centrum voor groepen op retraite of op Jean Bosco, die optreden als tussenpersoon voor de gemeenschappen vakantie; een school werd opgericht om jongeren uit de streek een die ons ontvangen, weten ons echter telkens te overtuigen. De vak aan te leren, zoals keukenhulp, naaister, metser of veehouder. aanwezigheid van de kinderen, vooral van de allerkleinsten, is voor Ook het alfabetiseringscentrum, de bibliotheek en de spelletjes en hen een teken van solidariteit waardoor mensen worden herboren, activiteiten voor kinderen vormen een vaste waarde in het centrum. groeien en zich ontplooien. Dit jaar is de allerkleinste vier jaar oud. Hij Een gemeenschap van de “kleine zusters van de armen” kwam er gaat samen met zijn drie broers, zeven andere jongeren en de acht geestelijke versterking bieden door de organisatie van de school op volwassenen een nieuw avontuur tegemoet. Hij zal ongetwijfeld zich te nemen. Wat leuk om deel te nemen aan het avontuur van het terugkeren met een andere kijk op de wereld, net als iedereen. Muhazi-tehuis! Want het feit dat die jonge Belgen op hun eigen manier “arm” zijn, maakt hen net zo bijzonder: ze worden voor een bepaalde periode weggehaald bij hun gezin en door de diensten van de jeugdbescherming toevertrouwd aan het opvoedingstehuis van Hornu, dat geleid De mensen uit de streek steken de handen uit de mouwen om hun wordt door de salesianen. De pedagogische gedachte is dat ze door gemeenschap terug op te bouwen. de confrontatie met armoede in het Zuiden hun eigen problemen leren te relativeren, maar bovenal dat de nuttige dienstverlening een rijkdom is die hen doet groeien.

2/2011

BOUWKAMP RWANDA

SAMEN OP WEG

NOORD

Pierre DESSY, salesiaan

DMOS-COMIDE steunt scholen en jeugdcentra in hun denkproces hoe leerlingen te kunnen opleiden tot verantwoordelijke wereldburgers, die zich bewust zijn van onze impact op het Zuiden. 11


NOORD

VRIJWILLIGERS

“IK WERD MUKUBWA YAN (GROTE BROER YAN) GENOEMD”

Sommige van deze meisjes worden gezien als sorciers en werden na de dood van een familielid uitgestoten.

Sinds 2007 kunnen dankzij DMOS-COMIDE al zo’n vijftig mensen hun solidariteit concreet maken in een engagement in het Zuiden. Wij willen de lezers van Samen op Weg hun ervaringen en indrukken zeker niet onthouden. Deze keer komt Jan Sas aan bod. Hij verbleef vijf maanden in Congo en werkte daar onder meer als verpleger in de polikliniek van Mokambo. Vijf maanden in Lubumbashi, Congo. Drie voorbereidingsweekends van Via Don Bosco gaven me een beeld, een richting en maakten me warm. Het echte proeven echter begint pas wanneer het vliegtuig hobbelend tot stilstand komt in Lubumbashi. Een vervallen kleine luchthaven trouwens waar een levensgroot portret van Kabila senior me aanstaart. Een beeld van welvaart, rijkdom, oorlog en armoede dat tijdens mijn verblijf hier regelmatig door mijn hoofd zal schieten ... Ik zou mijn hele reis bij Les filles de Marie Auxilliatrice, de zusters van Don Bosco, verblijven. Zuster Rosa wacht me op en loodst mij door de administratieve jungle. Dé plaats waar de stempels over de mensen heersen. Soms kosten die zelfs tien dollar. Het extra betalen, nog iets dat gedurende mijn verblijf zou terugkomen. Ik ben verpleger en initieel ging ik vier maanden werken in de polikliniek van Mokambo. In afwachting daarvan neemt zuster Rosa me mee naar maison Laura Vicuna, een opvanghuis voor straat- en weesmeisjes.

“Dat is wat ik nu mis. De gastvrijheid, de lach, het joie de vivre, …”

12

Uiteindelijk zou ik door omstandigheden daar zes weken blijven. Zalig om bij 30 kinderen te verblijven die vrolijk, enthousiast, muzikaal, ritmisch en vooral levendig zijn. Hun sterke en soms harde karakter was treffend. Zo zijn lijfstraffen nooit ver weg en moeten jongeren altijd luisteren naar de ouderen in rang. Ik heb geprobeerd om les te geven, maar hun aandacht werd steeds getrokken naar de dans- en andere filmpjes die ik op mijn laptop kon laten zien. Ik heb van de gelegenheid gebruikgemaakt om veel mee te dansen, en hen We are the children van USA for Africa aan te leren. Kippenvel als ik eraan terugdenk … Elk meisje heeft haar eigen verhaal. Sommige van hen zijn oorlogskinderen, anderen worden gezien als sorciers uitgestoten na de dood van een familielid, soms nog erger … Vaak ben ik kwaad geweest op een cultuur die ik daarom niet wou of kon begrijpen. Vooral niet omdat ik weet dat ze in die positie, als jonge vrouw en als verstotelinge (want zo worden ze bekeken) niet veel kans maken op veel geluk. Ik heb mezelf voorgenomen, dat als het aan mij ligt, ik er alles aan zou doen om dat te verhelpen. Een belofte waar ik me nog steeds aan houd.


NOORD

VRIJWILLIGERS

“Wanneer ik nu op de kaart kijk, heeft een klein deel van Congo een gezicht gekregen.” Jan Sas in Congo.

Na een maand ben ik even teruggekeerd naar Lubumbashi, om daar mijn 26ste verjaardag te vieren met de weeskinderen. De mooiste verjaardag tot nu toe. Enkele dagen later ben ik doorgereisd naar Kafubu, de laatste halte van mijn verblijf. Kafubu is gekend om zijn internaat waar plaats is voor 350 leerlingen. Ik zou daar alles in orde brengen voor het nieuwe schooljaar. Er is daar een grote polikliniek met als pronkstuk een nieuwe operatiezaal. Die zou tijdens mijn laatste dagen ingehuldigd worden. Daar zou ik ook tijdens de eerste operatie assisteren.

Mijn werk als verpleegkundige beperkte zich vooral tot het voorschrijven van medicatie en het geven van spuiten. Ze geloven dat ze sneller en beter genezen met een spuit. Mijn westerse kijk gaf weer problemen om de situatie te begrijpen. Medicatie is ginds immers vrij te verkrijgen, zelfs zware antibiotica. Als de kinderen ziek zijn, doen ze vaak aan zelfmedicatie. Iets wat meestal niet helpt en het soms veel erger maakt. De consultaties zijn niet veel beter, want ik heb vaak gezien dat een verpleger voor een bepaald ziektebeeld zowel antibiotica, antimalaria, ontwormingsmiddel als hoestsiroop voorschreef. En uiteraard de bijna standaard spuit vitamine C. En weer die sorciers. Voor de behandeling van aids, nog steeds een groot taboe, heeft bijna niemand geld, maar een duurdere fetisjeur betalen ze wel. De zieken willen weten wie hen zo ziek gemaakt heeft. Maar er is ook een keerzijde. Zo heb ik mijn eerste bevalling meegemaakt en geassisteerd. De moeder heeft haar zoontje naar mij genoemd, Yannick. Een onbeschrijfbaar gevoel. Ik heb ook een huwelijksaanzoek gekregen, omdat ik zo lief ben. Dit kwam van een meisje van veertien jaar, naar Congolese normen zeer normaal. In een dorp als Mokambo zijn sommige meisjes op die leeftijd al getrouwd en hebben ze een kind. Of een wandeling maken door hoog gras en savanne naar een grote rots tijdens een magische zonsondergang.

Ik werd Mukubwa Yan (grote broer Yan) genoemd, omdat ik het niet leuk vond om met muzungu (blanke) aangesproken te worden. Toen tijdens een koorrepetitie de dirigent de meisjes aanmaande om door te zingen en niet zo naar de muzungu te staren, werd er gereageerd met: “Dat is geen muzungu, maar Mukubwa Yan.” Meer was er niet nodig om een grote lach op mijn gezicht te toveren en haar nooit meer te vergeten. De meisjes wisten trouwens heel goed dat ze me daarmee charmeerden, in de hoop dat ik hen toch maar meenam. Dat raakte me soms echt. Wanneer ik tijdens de laatste dagen sprak over mijn vertrek, begon Hildegarde (15 jaar) te zingen: “Si tu t’en vas, je n’aimerai plus jamais … C’est ma plus belle histoire d’amour.” Ja, dan wil je natuurlijk nooit meer weg. En dat is wat ik nu mis. De gastvrijheid, de lach, het joi de vivre. De jonge zusters die me aanporren om voor te bidden en te zingen. De wegen en bochten, en het gevoel dat er na elke bocht weer een nieuw avontuur ligt.

2/2011

Die laatste twee maanden waren de meest gevarieerde van mijn verblijf in Congo. Naast mijn taak als verpleegkundige, heb ik mee speelpleinen georganiseerd. Ook werd ik ingeschakeld als secretaris, verver, onderwijzer, afwasser, entertainer, muzikant, sportman, raadgever, boekhouder en conciërge.

SAMEN OP WEG

Na anderhalve maand dans, zang, en levendige ruzies, kwam er abrupt een einde aan mijn verblijf. Ik werd opgehaald door de zusters van Mokambo. Een zwaar afscheid van “mijn” kinderen om aan mijn werk als verpleegkundige te beginnen. Een rit van vier uur, in een volgestouwde jeep, over iets dat vroeger een weg was. Vermoeid aangekomen en toch meteen doorgegaan naar een schoolfeest. Het zou niet het laatste zijn. Als er één ding is dat ze hier kunnen, is het wel feesten. Geen gelegenheid om te dansen gaat voorbij. Heerlijk. Ik moest tijdens al die feesten vaak opdraven als fotograaf van dienst, en geloof me vrij, iedereen wil zoveel mogelijk voor de lens. Ineens zijn het allemaal modellen, met de mooiste pose en de grootste glimlach.

Ik heb veel gezien, dingen bewonderd, gruwelijkere dingen aanschouwd. Ik weet niet of me dat wijzer maakt of dat mijn kijk veranderd is. Ik heb er wel mijn hart verloren. Ik ben er misschien niet sterker van geworden, maar wel rijker. Wanneer ik op de kaart kijk, heeft een klein deel van Congo een gezicht. Een klein deeltje waar ik mijn afdruk heb achtergelaten en waarvan ik hoop dat ik niet de zoveelste muzungu was. Dat ik, hoe klein ook, toch een verschil heb gemaakt en dat ik af en toe nog eens een lach op hun gezicht tover. Ik weet zeker dat het niet mijn laatste verblijf ginds was.

Jan SAS

Vrijwilligerswerk in het Zuiden Wie het voelt tintelen in de tenen om ook voor een periode van minstens een half jaar naar Afrika, India of Zuid-Amerika te trekken, kan altijd eens een kijkje nemen op www.dmos-comide.org. 13


NOORD

ANIMATIECEL OOSTENDE

TOUBA: AFGESLOTEN VAN DE WERELD Het is oktober 2010 en valavond in Touba, een godverlaten dorpje in de echte Malinese brousse. 1600 zielen telt het dorp verspreid over een grote oppervlakte. Het overgrote deel van de bewoners is landbouwer. Vanaf onze landingsplaats in Bamako tot daar ligt zo’n 490 km. Om Touba te bereiken moesten we 80 km “piste” doen. Dat is een roodzanderige voor een groot stuk onaangelegde weg. Het ging hotsebotsend van een termietenheuvel naar een baobabboom en het mag een wonder heten dat Zr. Geneviève hier haar weg vindt. In de missiepost is geen elektriciteit en geen netwerk . Ze omvat een klein gebouw voor de vier salesiaanse zusters met keuken, salon en enkele slaapkamers. Even verder de foyer, een schooltje voor alfabetisering en een snit-en-naad-opleiding. De lessen starten in december. Het is nu oogstseizoen en het hele gezin moet helpen. Ernaast staan het dispensarium en de materniteit. Een sponsoractie in 2008-2009 verzamelde 31.285,44 euro waarmee een watertoren, uitgerust met een zonnepaneel, ten behoeve van het moederhuis werd gebouwd. En ook de infrastructuur werd drastisch verbeterd. Afgezien van de honderden insecten die rond mij zwermen, is het hier zalig rustig. Zr. Geneviève ligt met malaria in bed. Zij is de enige chauffeur. Daarom valt het plan om met ons rond te rijden in het water. We houden ons bezig met leerboeken herstellen en kaften. Samen met Zr. Lucie hebben we heel het dorp uitgekamd en bezochten tal van gezinnen. De warme gastvrijheid valt op. Een ommuurde plaats met enkele hutten en centraal zitten vier generaties bewoners die ons verwelkomen, samen met de kippen, geiten en parelhoenen. Hilariteit alom als ik van Theodore een levende kip cadeau kreeg. Jean-Felix, onze kok wist meteen wat er op het menu stond. De dorpskinderen associeerden ons al vlug met snoep en petjes. Nu maken ze in Touba reclame voor Europese banken. Op zaterdag komen ze bij de zusters huishoudelijke klusjes opknappen in ruil voor het gekregen schoolgeld. Zr. Jacqueline is verantwoordelijk voor de foyer. Daar verblijven meisjes uit naburige dorpen die school lopen bij de salesianen. Samen met hen

In Touba, een dorpje in Mali, is er een schooltje voor alfabetisering. Ook kan er de opleiding snit en naad gevolgd worden.

hebben we gezongen, waren we getuige van het creëren van stijlvolle kapsels en moesten we graangewassen stampen. Uren zijn ze daarmee bezig: eerst de velletjes eraf, overvloedig spoelen en dan het restant tot meel verwerken. De jongeren toonden hun handpalmen vol grote eeltplekken. Op één november woonden we samen met de dorpsgenoten de dankmis bij voor de goede oogst. Allerhande graangewassen werden geofferd. Met Allerzielen begaven we ons naar het kerkhof: een groot plein met her en der een grote platte steen op de grond. Temidden van de overledenen werd een dienst opgedragen. We waren er ook bij toen de congregatie van Les Soeurs de Charité de Jésus et Marie hun 125-jarig jubileum vierden. Tijdens de receptie in een snikhete zaal kregen we pindanoten en kroepoek. Zr. Damiana leerde ons ontdooiend mangosap uit een hoekje van een plastiek zakje slurpen. Een groot respect voor die zusters die, afgesloten van de wereld, elke dag in de bres springen voor de bewoners van één van de armste landen van de wereld. Thuis heb ik een prachtig gekleurde doek op de salontafel liggen, gemaakt door de plaatselijke wever, staat de “brosse africaine” aan de deur en hangen de beschilderde kallebassen aan de muur. Een klein stukje Mali in mijn huis, het overgrote deel zit echter in mijn geheugen èn in mijn hart gegrift.

De leden van de Animatiecel Oostende met enkele zusters in Touba. 14

Miet PROVOOST


VIA Don Bosco

DMOS-COMIDE WORDT ‌

De naam mag dan veranderen, onze werking doet dat niet. Daarom wordt onze baseline Let’s develop our future. De jongeren zijn onze toekomst, en daarvoor zijn we samen verantwoordelijk. VIA Don Bosco wil hier aan meewerken, zowel in het Noorden als in het Zuiden. We blijven ons inzetten voor de ontwikkeling van kwetsbare en uitgesloten

jongeren en hun omgeving. Zelfontwikkeling van kwetsbare en uitgesloten jongeren en de ontwikkeling van hun directe omgeving. Tegelijkertijd wil VIA Don Bosco een brug bouwen tussen jongeren in het Zuiden en het Noorden. Kruis alvast 26 november aan in jouw agenda, want dan wordt onze naamsverandering officieel aangekondigd tijdens onze ontmoetingsdag.

2/2011

Een nieuwe naam komt er niet zomaar, maar is het resultaat van een lang denkproces. De uitdagingen waren immers niet min. Zo moesten we op zoek naar een naam die niet alleen in het Nederlands klinkt, maar ook voor onze partners in het Zuiden duidelijk is. Een

naam die de verbondenheid uitdrukt tussen het Noorden en het Zuiden, en de band met de grote Don Bosco Familie bevestigt. Het pedagogische project van Don Bosco is nog steeds de hoeksteen van onze werking, zijn visie en waarden blijven de drijvende kracht van onze ngo.

SAMEN OP WEG

2011 wordt een bijzonder jaar voor DMOSCOMIDE: we krijgen een nieuwe naam. Na een bestaan van meer dan 40 als DMOSCOMIDE, heten we vanaf november 2011 VIA Don Bosco. De tijd staat immers niet stil, ook niet in de ontwikkelingssamenwerking. Met deze nieuwe naam willen we aan de evoluties binnen en buiten onze werking een eigen kleur geven.

15


Driemaandelijks tijdschrift Verantwoordelijke uitgever:

negentiende jaargang nr 2 Omer Bossuyt Leopold II-laan 195 B 1080 Brussel Tel.: 02/427 47 20 Fax: 02/425 90 31 E-mail: info@dmos-comide.org Internet: www.dmos-comide.org Reknr: 435-8034101-59 IBAN: BE84 4358 0341 0159 BIC: KREDBEBB

SAMEN OP WEG België - Belgique P.B. - P.P. Gent X 3/1751 Afgiftekantoor Gent X ISSN=1370-5814

HOOFDREDACTIE: Luk Delft / EINDREDACTIE: Yannick Guldentops / REDACTIE: Françoise Léonard, Marc Van Laere, Jorge Peñaranda, Jan Sas, Maud Seghers, Luk Delft, Jan De Broeck, Peter Goossens, Frits Vandecasteele en Miet Provoost / ADRESSENADMINISTRATIE: Jan De Broeck en Peter Goossens / LAY-OUT: Anderz, Evergem / DRUK: Geers Offset, Oostakker / FRANSTALIGE EDITIE: ‘Faire Route Ensemble’ / VOLGENDE UITGAVE: derde kwartaal 2011 / Ken je mensen die Samen op Weg willen ontvangen, is je adres onjuist of ben je verhuisd, gelieve dit te melden aan DMOS-COMIDE, Leopold II-laan 195 te 1080 Brussel, tel. (02) 427 47 20, of per e-mail dmos.comide@skynet.be

Don Bosco Noord-Zuid

SAMEN OP WEG

P 602488

2

Overeenkomstig de wet van 8 december 1992, die de bescherming van de persoonlijke levenssfeer regelt, werd uw naam opgenomen in ons adressenbestand. We gebruiken deze gegevens alleen voor de verspreiding van informatie inzake onze activiteiten. U heeft onbeperkt toegangs- en correctierecht van de door ons over u bewaarde informatie. TWEEDE KWARTAAL 2011

vamac z.i. mandeldal I. de raetlaan b-8870 izegem

Driemaandelijks tijdschrift: Negentiende jaargang nr 2

DMOS-COMIDE wordt VIA Don Bosco

nv

Tel. 051 31.06.72 - 3 Fax 051 31.21.69

een blad als geen ander

DE BACKER & Co BVBA DUBA Pompen voor ontwikkelingsprojecten Kasteeldreef 1 B-9230 Wetteren Tel. (09) 369.34.96 / Fax (09) 369.57.52

16

Vereniging voor Ethiek in de Fondsenwerving


Samen op Weg 2011 n°2