Issuu on Google+

VERS Magazine 2013/2014

Out of your comfort zone


Ben jij regisseur van audiovisueel werk? Wordt je werk uit­gezonden op televisie of andere platforms? Dan heb je waarschijnlijk recht op een auteurs­ rechtelijke vergoeding.

VEVAM, Vereniging voor regisseurs, incasseert vergoedingen voor onder andere kabeldoorgifte, uitlening en thuiskopiëren van filmwerken en verdeelt deze onder de regisseurs. Word GRATIS lid en ontvang de vergoeding waar je recht op hebt! Meld je aan op www.vevam.org

Bezoekadres: Holland Office Center, gebouw 5 – Kruisweg 793-795 – 2132 NG Hoofddorp Postadres: Postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp T. +31 (0)23-8700211

E. info@vevam.org

W. www.vevam.org

Meer info? info@vevam.org of bel 023-8700211


EDITORIAL

Colofon Hoofdredactie: Mirjam Wiekenkamp en Meia Wippoo Redactie: Jesse van Amerongen, Lars J. Brouwer, Laura Kemp, Herman Verschuur, Marijke Vos Fotografie: Thomas van Asselt (NonStopCollective), Bas Losekoot, Marques Malacia (Monquichot), Lilian van Rooij, Sandder Vormgeving: Punt Grafisch Ontwerp, Sander Schilders, www.puntgo.nl Illustraties: Anna Denise Floor VERS-bestuur Voorzitter: Ivo Noorlander Vicevoorzitter: Meia Wippoo Secretaris: Digna van Nielen Secretariaat: Marijke van Leeuwen Penningmeester: Jorn Mooij Advertentie & Sponsoring: Mariëtte Faber VERS Awards: Anke Hellebrand VERS Avonden: Eveline Gillot VERS Communicatie: Mirjam Wiekenkamp VERS Website: Marieke van de Velde VERS Magazine (online): Robbert Vos FRESH (VERS internationaal): Emmanuel Tenenbaum VERS Magazine is tot stand gekomen­met steun van het Nederlands Filmfonds

VERS – toen nog NFTVM – werd in 1996 opgericht. Een tijd waarin jonge professionals in de film- en mediawereld sterk het gevoel hadden dat de heersende structuur moest worden doorbroken. Er moest meer ruimte komen voor nieuw talent met meer openheid. Men moest dus een zo groot mogelijk netwerk kunnen gebruiken en van elkaar leren en samenwerken. Nu, zeventien jaar later, staat de nieuwe generatie beeldmakers opnieuw voor een uitdaging. De financiële crisis woedt voor velen door, het publiek en de technieken veranderen en het werkveld verschuift steeds meer van offline naar online. Nieuwe makers zouden nieuwe makers niet zijn, als zij veranderende tijden niet zouden aangrijpen om hun creativiteit maximaal in te zetten. Niet gaan zitten kniezen in een hoekje, maar nieuwe manieren bedenken om boven te komen drijven. Er moeten weer experimenten­ worden aangegaan, nieuwe tactieken uitgeprobeerd om te maken, te financieren en te net­werken. Die gebaande paden mogen nieuwe uitlopers krijgen ook al lopen ze eerst nog niet echt comfortabel. Deze eerste editie van de nieuwe jaarlijkse printversie van het VERS Magazine staat in het teken van de (on)comfortabele posities van nieuwe makers. Het haalt de angsten, wensen en dromen van beeldmakers naar boven en legt de realiteit ernaast. Verfrissende visies op beeld maken met ongewone werkwijzen, nieuwe platformen, originele vorm en content en andere structuren.­ Tenslotte is het nog altijd de taak van VERS als vereniging én van ons als nieuwe makers structuren te doorbreken en elkaar een handje te helpen in de zoektocht naar vorm en betekenis. Hierbij dus een magazine, geheel gewijd aan het durven inslaan van een nieuwe weg en de gebaande paden links laten liggen. Stap uit je comfortzone en durf te maken!

Meia Wippoo (l) & Mirjam Wiekenkamp (r)

www.versfilmentv.nl www.versmagazine.nl

VERSMAGAZINE 2013/2014

5


INTERVIEW

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

SPECIALE GAST:

KATJA SCHUURMAN UIT WAGENINGEN 25-9 T/M 4-10 UTRECHT 6

VERSMAGAZINE 2013/2014


INHOUD

11 IDEALE LIEFDE 16 DOE-HET-ZELFDISTRIBUTIE

Bart Juttmann en Sia Hermanides over de succesvolle webserie

Hoe breng je een film op de markt zonder reguliere distributeur?

22 VECHTEN OM AANDACHT OP HET TWEEDE SCHERM

24 DIGITAAL VISUALISEREN Een nieuwe generatie digitale beeldmakers en hun virtuele wereld

42 THE NEXT BIG THING: MADE FOR WEB Creative content op het web

46 ZOEKEN NAAR DE JUISTE SAMENWERKINGEN Interview Matthijs ten Berge

50 PORNO VOOR MENSEN DIE VAN FILMS HOUDEN 54 FILMMAKEN: EEN GRENZELOZE AMBITIE OF GESTOORD GEDRAG?

Interview regisseuse Jennifer Lyon Bell

VERDER IN DIT NUMMER: 09 Anna Denise Floor 21 Soundscaping #VERSluistert

VERSMAGAZINE 2013/2014

29 Vijf fotografen over (on)comfortabel 59 De baas van het beeld

61 Eigen schuld! 65 FRESHGROUND

7


Waag de sprong en ga nĂş naar tentoo.nl

................................................................................


Anna Denise Floor is Digital Marketing Specialist bij Etsy.com - ‘s werelds grootste online marktplaats voor handmade en vintage - en freelance illustrator (www.annadenise.nl)

COLUMN

VERSMAGAZINE 2013/2014

9


Goed idee? Leg het vast! Voorzie je idee digitaal van een officiĂŤle datumstempel. Claim zo eenvoudig je copyright en maak gebruik van de CC Proof Notice. www.CCProof.nl I info@CCProof.nl I Herengracht 227 Amsterdam


Tekst: Marijke Vos

INTERVIEW

Ideale Liefde

Een team gepassioneerde filmmakers besloot niet meer te willen wachten op financiĂŤle ondersteuning van de fondsen. Sia Hermanides en Bart Juttmann wilden een verhaal vertellen over liefde, relaties en politiek.

VERSMAGAZINE 2013/2014

11


INTERVIEW

En dat is ze gelukt. Het werd Ideale Liefde, een internetserie over de relatie tussen een linkse jongen en een rechts meisje. De serie van zestien afleverin­ gen werd met een microbudget geproduceerd en de afgelopen­ maanden uitgezonden op ­internet en televisie, via de ­digitale kanalen UPC en ZIGGO. Een romantische komedie over politiek of een politieke komedie over roman­ tiek. Hoe dan ook een online serie over het vieren van liefde.

Ideale liefde bestaat Twee gedreven types ontmoetten elkaar bij de Proeftuin, het speeddate evenement van Scriptdesk (het bureau voor scriptontwikkeling) voor scenaristen en regisseurs. Bart Juttmann is afgestudeerd aan de filmacademie als scenarist en als creative producer. Na zijn afstuderen deed hij onder andere ervaring op bij het maken van een speelfilm in ZuidAfrika, enkele­kleine filmpjes, schrijfwerk voor web­redacties en met het schrijven van scenario’s voor enkele televisieseries. Ook zette hij zich in voor de Jonge Socialisten: de jongerenorganisatie van de PvdA. Hier deed hij inspiratie op voor een plan voor een politieke film die hij wilde indienen voor de One Night Stands. Sia Hermanides volgde de opleiding Audiovisuele Media aan de HKU richting scenario en regie fictie. Tijdens haar studie schreef en regisseerde zij de interactieve kinderserie Raaf Mixer voor VPRO’s Villa Achterwerk. Na haar afstuderen werkte ze voor­ namelijk aan commerciële klussen om inkomen te genereren. Maar de behoefte om eigen werk te regisseren bleef sterk aanwezig. En toen ze het script van Bart las, wilde ze niets liever dan het veroveren. ‘Als regisseur ben je heel veel plannen aan het bedenken en indienen, maar sta je vrij weinig op de set. Het maken van Ideale Liefde bracht hier verandering in: een ideale manier (met heus wel kanttekeningen) om veel ervaring op te doen.’

‘Ik zat een keer opgesloten in de trein van ­Leeuwarden naar Amsterdam en ik dacht: ik ga eens wat schrijven, dat zich afspeelt op één locatie. Ergens waar mensen niet weg kunnen: een bed. En dat werd het embryo van de eerste aflevering. Ik was een beetje geïnspireerd door een eigen ervaring. Ik heb eens met een stewardess gedatet, die was een stuk rechtser dan ik en dat leverde interessante gespreksstof op. Opposites attract, dat werd de basis,’ zegt Bart. Sia: ‘Ik was erg enthousiast over het idee en de personages. Het gegeven leende zich bovendien goed voor een serie. Aangezien we beide geen zin hadden om ons in een indieningproces te storten besloten we het heft in eigen handen te nemen. Door korte, simpele afleveringen te schrijven konden we de productie klein en betaalbaar houden. Binnen no-time stonden we audities te houden en was er een eerste draaidag gepland.’ Bart: ‘Niet meer afwachten! Geen bemoeienis van dramaturgen of instanties die je werk maar half gelezen hebben!’

Ideale liefde delen Sia werkte al enige tijd samen met het productiebedrijf Full-Frame. Ze liet het concept lezen aan producent Joris Vorselaars. Hij was enthousiast en besloot het project te financieren. Met Full-Frame aan hun zijde, werd alles naar een hoger niveau getild.

Ideale liefde groeit ‘Een goede chemie tussen regisseur en scenarist vindt je niet zomaar,’ vertelt Bart Juttmann. ‘Eerst twijfelde ik nog of Sia wel de geschikte persoon was voor deze film, maar ze wist me te overtuigen met haar gedrevenheid en haar goede ideeën. Het bleek een schot in de roos. Ik heb nog nooit zo goed met een regisseur samengewerkt. Ze is heel kritisch over wat ik schrijf, maar altijd op een manier die het beter maakt. Ze maakt de scripts levendiger, grappiger en voorkomt dat ze te navelstaarderig worden.’ Marijke Vos studeert aan de Schrijversvakschool Amsterdam en is sinds december 2012 redacteur van VERS. Dit doet ze naast haar freelance opdrachten binnen communicatie, PR en marketing.

12

Op dat moment was Ideale Liefde nog geen serie maar een film. Het plan werd niet geselecteerd voor de One Night Stand, maar Bart bleef doorschrijven. Op een gegeven moment ontstond het idee van een soort vignetachtige speelfilm over een stelletje waarbij het meisje heel erg rechts was en de jongen heel erg links.

Geen sketch, maar een serie met korte afleveringen waarin sprake is van karakters en ontwikkeling. Sia bracht qua script veel in op relationeel vlak, Bart meer op het politieke. Qua productie haalden ze iedereen erbij die maar wilde meewerken. Ook raakte EU1 erbij betrokken. Sia: ‘EU1 is een platvorm van en door professionele film- en televisiemakers. Je kan hier als maker je idee pitchen en laten crowdfunden. De content wordt uitgezonden via hun digitale kanaal op UPC en ZIGGO. Aangezien we al een klein budget hadden via Full-Frame hoefden we ons project niet meer te crowdfunden. EU1 bood ons de mogelijkheid de content uit te zenden via hun kanaal. Het was fijn om een platform te hebben, om tegen acteurs en iedereen die hielp bij het maken te kunnen zeggen dat het werkelijk werd uitgezonden. Ook konden we gebruik maken van hun pand VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

volgend seizoen. Een energiemerk bijvoorbeeld die zich kan verbinden aan een aflevering waarin Sem en Babette gaan samenwonen en moeten beslissen over groene energie. Of een reisbureau die de aflevering sponsort waarin Sem en Babette hun vakantieplannen bespreken: Sem wil niet al te duur op vakantie terwijl Babette een luxe resort in Ghana in haar digitale winkelmandje sleept. Ook kijken ze met EU1 naar wat de pilot eventueel kan gaan doen bij andere zenders. Humor TV van de VARA heeft het al gekocht. Wie weet wat er nog komt… Bart: ‘Over een jaar kan ik pas zeggen of de investering die we hebben gedaan zijn vruchten heeft af­geworpen. Of ik nu eindelijk een gewone boterham kan verdienen met dit leuke, maar ook moeilijke werk. Op dit moment kan ik zeggen dat ik er veel plezier aan heb gehad. En dat ik iets heb gemaakt waar ik erg trots op ben. Maar ik hoop natuurlijk dat het iets oplevert en dat ik straks iedereen kan aanraden het op deze manier te doen.’

‘Ideale Liefde ben ik gaan doen uit frustratie dat ik nooit door de selectie heen kwam bij de One Night Stands en KORT!, waar je binnen moet komen als je eigenzinnige, persoonlijke en artistieke films wil maken.’ (Bart Juttmann)

voor de audities en regelden ze acteurs voor leuke gastrollen (o.a. Waldemar Torenstra).’ ‘Onder de cast en crew was er buitengewoon veel gedrevenheid om het maximale te halen uit Ideale Liefde. De art-director is op haar vrije dag de set komen schilderen. In welke andere beroepsgroep zich je zoveel liefde voor het vak?’ Maar het is niet DE oplossing volgens Bart. ‘Die medaille heeft een keerzijde,’ zegt hij. ‘Iedereen werkt voor niets uit passie voor het vak en voor het project, maar je kunt niet voor eeuwig zo door blijven gaan. Mensen moeten wel betaald blijven worden. Op een gegeven moment moet er een lampje gaan branden bij de fondsen en investeerders.’

Liefdewerk kent grenzen Enthousiasme en goodwill kennen grenzen. Daarom spraken Sia en Bart met de crew en castleden af dat het eerste seizoen (vijf draaidagen) zonder enige vergoeding gemaakt zou worden. Maar dat ze daarna alleen door zouden gaan als de nodige financiering gevonden werd. EU1 en Full-Frame zijn momenteel op zoek naar interessante merken en investeerders voor een VERSMAGAZINE 2013/2014

Sia: ‘Ik heb veel setervaring opgedaan en geweldige­ acteurs en crewleden leren kennen. Met de art director heb ik bijvoorbeeld net een televisiecommercial gedraaid. In die zin levert het dus veel op. Maar je moet wel goed weten wat de grenzen zijn. Ik merkte op een gegeven moment dat het voor de producent heel zwaar was. Weinig geld hebben betekent nu eenmaal dat je gelimiteerd bent. Ik wilde van alles, maar ik kon niet alles aan onze crew en cast vragen. Doorslaan in perfectie is onmogelijk. Dus dat is een concessie in kwaliteit. En dat vond ik moeilijk maar leerzaam.’ Bart en Sia zitten vol ideeën voor volgende seizoenen. Maatschappelijke en relationele ontwikkelingen zijn ten overvloede te bedenken, en ook de actualiteiten leveren stof voor de aanwakkering van het debat, op een positieve manier. ‘In een volgend seizoen wil ik graag ingaan op de gemeenteraadsverkiezingen. Dat levert een goudmijn aan leuke scènes op,’ zegt Bart. <

Het eerste seizoen van Ideale Liefde is te zien op www.idealeliefde.nl. Met: Niels van der Laan & Hanneke Last, Dewi Reijs, Martine Dukker, Reinier Noordzij, Jelle Menges, Isis Cabolet, Xander van Vledder e.v.a.

13


S ch

oling

www.openstudio.nl

Ve

Producti

ur

e

u rh V e rk

o

op

Du

plic a t ie

Al 40 jaar alle diensten op het gebied van video & digitale media in Amsterdam

Open Studio organiseert diverse cursussen en opleidingen op het gebied van video en digitale media. Het volledige aanbod kun je vinden op www.openstudio.nl. Daarnaast verhuren en verkopen wij alle apparatuur om jouw productie tot een succes te maken. Open Studio kan ook de volledige productie produceren of het eind product dupliceren op bijvoorbeeld blu-ray, dvd, hdcam of digitale uitzendnorm.

AV opleidingen voor starters en specialisten Informatiebijeenkomst

Inloopuur

» Woensdag 2 okt. 2013 » Vrijdag 18 okt. 2013 » Woensdag 6 nov. 2013

» Woensdag 9 okt. 2013 » Vrijdag 25 okt. 2013 » Woensdag 13 nov. 2013

Johann Siegerstraat 16 / 1096 BH Amsterdam / 020 524 6060


Gear for Video Audio Lighting Music

WWW.DSTTL.COM

All equipment at one address


INTERVIEW Beeld: GAME

Doe-het-zelf足 distributie Gedreven filmprofessionals over de liefde voor hun films en nieuwe manieren van filmdistributie.

16

VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

Tekst: Mirjam Wiekenkamp

De limousine haalt je op van het hotel waar je door visagisten en kleedsters onder handen bent genomen. Je hebt een prachtige­designerjurk of strakke smoking aan; jij bent klaar voor de rode loper. Fotografen verdringen zich om jou op de foto te zetten en journalisten staan te springen om met je te praten over het succes van jouw film. Na deze avond zal jouw film in zalen door heel Nederland te zien zijn. De recensies zijn lovend, de verwachtingen van het publiek hooggespannen. Wekenlang volle zalen is het gevolg. Een droomscenario voor iedere filmmaker. Maar wat als de gesprekken met de distributeurs op niets uitlopen? Niet zozeer omdat ze de film inhoudelijk niet sterk genoeg vinden, maar omdat ze vermoeden dat er niet genoeg geld te verdienen valt aan deze film. Wat dan? Verdwijnt de film terug op de plank? Of is er leven na deze schijnbare dood?

Het gebeurt regelmatig: ondanks de inspanningen van regisseur én producent tonen distributeurs geen interesse in de film. Je kunt bij de pakken neer gaan zitten, maar je kunt ook de handen uit de mouwen steken en op zoek gaan naar nieuwe manieren van distributie. Charles Liburd (NMNC Films), scenarist en producent van de speelfilm GAME, vertelt: ‘Distributeurs zijn soms heel helder: het is een mooie film, maar hier kunnen we geen geld mee verdienen. Hard, maar duidelijk. Wat doe je dan? De film laten verstoffen is voor mijn geen optie, ik wil simpelweg dat mensen mijn film zien. Of dit nu in een bioscoop, op hun telefoon of wat mij betreft op een tube tandpasta is.’

Mirjam Wiekenkamp is samen met Noortje van de Sande eigenaar van Herrie, communicatiebureau voor de culturele en creatieve sector. Zij werken onder andere voor diverse publieke omroepen (NTR, VARA, VPRO, AVRO) en klanten in de Nederlandse filmindustrie (Amsterdam Film Week, IFFR, Movies that Matter, de One Night Stand-films en Filmmore).

VERSMAGAZINE 2013/2014

Regisseur Alex Pitstra koos er met zijn film Die Welt voor om zelf een theatrical release te verzorgen. Na een succesvolle festivalcarrière – de film werd onder andere op het IFFR en New Directors/ New Films in New York vertoond – werd de film vanaf 22 augustus 2013 in 7 theaters vertoond. Alex: ‘Die Welt wordt gekarakteriseerd door een DIY-mentaliteit. De film is buiten het systeem om gemaakt, zonder omroep of pre-distribution deals, geen bekende producent. Die Welt is geen commerciële film en het is crisis, dus kunnen distributeurs weinig risico’s nemen. Toch krijgt de film lovende recensies, draait hij op festivals van Brazilië tot Nieuw-Zeeland en komen mensen na afloop met enthousiaste reacties naar ons toe. Bovendien zijn diverse filmhuisprogrammeurs bereid de film een kans geven. Een bioscoop­ release heeft dan meerdere functies. Het vergroot

de naamsbekendheid van mij als regisseur en de mensen die er aan meewerkten, waarmee toekomstige projecten hopelijk beter te realiseren zijn. Maar belangrijker nog: het vergroot de awareness over de film, in aanloop naar de VoD-release dit najaar. De theatrical release wordt zo onderdeel van de marketingcampagne in plaats van andersom.’ Alex werd in het proces geholpen door foremostfilm. Anke van Diejen, een van de eigenaars van foremostfilm: ‘Wij helpen filmmakers met de sales en de marketing als er geen distributeur in het spel is. Het in de markt brengen van de film verloopt dan niet volgens de geijkte paden. Je valt overal net buiten. Omdat je geen lid bent van de NVF, komt de film niet op de releaselijst te staan en kost het dus iets meer tijd en moeite om mensen in de industrie, zoals programmeurs en journalisten, op de hoogte te brengen van jouw film.’ In tegenstelling tot Die Welt was voor Charles een theatrical release met GAME geen optie. ‘In het reguliere distributieproces rondom een theatrical­release zijn er twee obstakels: het is duur en de kans er veel geld mee te verdienen is klein. ­Kortom, het rendement is te laag en het risico te groot. Voor GAME was dit een risico dat ik niet kon en niet wilde lopen. Het zou voor ons geen slimme zet zijn. Dan is het slimmer om je geld anders in te zetten: stop het in marketing.’ Maar aan welke voorwaarden moet je voldoen om een film succesvol zelf te distribueren?

Wees realistisch Hoewel we als filmmakers allemaal graag véél publiek veel willen, is het soms beter om je te focussen op het juiste publiek. Eerlijk zijn – vooral tegenover jezelf – is echter verre van gemakkelijk. Groot durven denken. Toch?! En ondanks dat we ons allemaal stiekem voorbereiden op een kas­kraker, blijft het grote geld voor velen van ons uit. Anke: ‘Wees heel eerlijk tegen jezelf over de doelgroep van de film én de kosten en mogelijke opbrengsten van een release. Ben je als producent bereid dat risico te lopen? Welke investeringen ben je bereid om te doen? Stel dit van tevoren concreet vast, schep realistische verwachtingen en bepaal vervolgens pas welke manier van distributie het best bij jouw film en de doelgroep past.’ > 17


STATE OF THE ART

Alex: ‘Wij verzorgen nu samen een toegespitste, kleinschalige release die we voor een deel zelf bekostigen. Samen hebben we een marketingen distributieplan gemaakt en dat ingediend bij het Filmfonds. Het Fonds honoreerde onze aanvraag en prees ons realistische plan, vanwege de inter­nationale allure van de film en de gedegen ­strategie, waarbij we actief samenwerken met partner­organisaties en flink inzetten op social media en free publicity.’ Charles: ‘Maar als je film geen theatrical release krijgt, faal je echt niet als regisseur. In tegendeel. Het is uiteindelijk ook maar een vertoning op een groot scherm. Soms moet je afstappen van het idee dat een film altijd alleen maar in een bioscoop thuishoort – dat is soms een heel egoïstische keuze. Wat heeft het publiek eraan als je veel geld stopt in een release, maar niemand hoort ervan? Dan heb jij je film op een groot scherm en zitten er twee mensen in de zaal. Houd niet vast aan het grote scherm, maar wees ervan overtuigd dat je film gezien wordt. Dat is een grote omslag van denken, maar je moet daar niet bang voor zijn.’

Investeer in je doelgroepen In plaats van je film breed uit te zetten, kan het in sommige gevallen beter zijn om je te focussen op de doelgroep die direct aansluit bij de inhoud van jouw film. Zo creëer je een trouwe achterban waar de film echt binnenkomt. Leer deze doelgroep kennen en bouw een relatie met hen op.

WHO IS WHO? Alex Pitstra studeerde Audiovisuele Communicatie in Leeuwarden en volgde de master Kunsten, Cultuur en Media (richting film) aan de Rijksuniversiteit Groningen. Alex regisseerde korte films, was cameraman voor diverse Groningse speelfilms en maakte opdrachtfilms voor klanten als Rijkswaterstaat. Die Welt is zijn regiedebuut. Anke van Diejen is samen met Jorien Klomp eigenaar van foremostfilm, een filmbedrijf dat zich bezighoudt met sales, marketing, programmering en advies voor producenten, filmtheaters en distributeurs. Zij werkten o.a. voor Pieter van Huijstee Film & TV, NMNC Films, Alex Pitstra Media, Het Ketelhuis, Het Nederlands Film Festival en A-Film Benelux. Charles Liburd richtte No Money No Cry Films (NMNC Films) op met als doelstelling het maken van onafhankelijke films. Films waarbij gebruik gemaakt wordt van businessmodellen die passen in een nieuw digitaal filmlandschap. Charles is schrijver en scriptconsultant en heeft verschillende films geproduceerd in Afrika.

18

Charles: ‘Ik geloof dat er voor iedere film een publiek is. De vraag is alleen: wat is je doelgroep en waar bevindt deze zich? Bereik je deze wel door de film in de bioscoop uit te brengen en wat is je rendement dan?’ Anke: ‘Neem je doelgroep serieus. Niet iedere film is geschikt en bedoeld voor een massapubliek. Het gaat om een mentaliteitsverandering. Bij producenten én bij regisseurs. Zie het publiek als een belangrijke partner die je al in een vroeg stadium onderdeel laat zijn van het marketingproces.’ Alex: ‘Die Welt heeft zijn eigen doelgroep, ook al is dat een niche. Je moet met de juiste inspanningen die doelgroep zien te vinden. Je moet op tijd beginnen met het opbouwen van een fanbase, bijvoorbeeld via crowdfunding en social media, maar ook door actief je eigen netwerk up to date te houden.’

Zorg voor tijd en creativiteit Zowel Anke als Charles zijn het erover eens: alleen met tijd en creativiteit kan je een tekort aan geld overbruggen. Zorg er in het proces van zelfdistributie verder voor dat je bereid en in staat bent tijd te investeren. Het investeren in de doelgroep kost tijd en het vinden van de doelgroep roept om de nodige creativiteit. Want hoe kom je in contact met transseksuele Argentijnen of bekeerde Filipijnen? En hoe overtuig je ze van het belang van jouw film? Dat gaat niet over een nacht ijs, een relatie op­bouwen kost tijd. Alex voegt daaraan toe: ‘Je hebt echt een groep mensen nodig die je helpt en je moet er zelf veel (onbetaalde) tijd in stoppen. Ik ben nu al 2,5 jaar met deze film bezig en dat kon alleen doordat ik ernaast ook iets anders deed. Ik maak opdrachtfilms.’

Behandel marketing als onderdeel van het basisteam Marketing en publiciteit gaan hand in hand met de ontwikkeling van een film. Hoe eerder je begint, hoe meer kansen je hebt om de doelgroep op te zoeken. Behandel marketing daarom als een serieuze partner binnen het maakproces van een film en start je campagne al bij het schrijven van het script. Uiteraard neemt de intensiteit van je campagne toe als de film vordert, maar een goed begin is het halve werk. Geef daarbij de marketing de kans om een onderdeel te zijn van het basisteam en om met elkaar de juiste strategie uit te zetten. VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

Beeld: Die Welt

Charles: ‘Het is een nieuw proces! Maak de marketing echt onderdeel van je film. Dit is ook iets waar ik zelf nog veel meer over moet leren en waarvan ik de mogelijkheden wil onderzoeken. Met GAME zijn we al veel te laat begonnen, dat wil ik de volgende keer anders doen.’ Anke: ‘Stop net zoveel tijd en aandacht in je marketing als in je script. Veel filmmakers of producenten werken zo nog niet. Maar in het proces van de film en het uiteindelijke resultaat is het essentieel om op tijd te beginnen met de marketing. Dan kunnen wij er het maximale uit halen en alle kansen benutten. Het is een mentaliteitsverandering. Zorg er ook voor dat marketing onderdeel is van je totale financiering. Zonder marketingbudget is de financiering van de film niet rond. ‘

Deel de verantwoordelijkheid Als filmmaker is het jouw verantwoordelijkheid om marketing als een partner vroeg te betrekken­ bij het maakproces. Maar uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid voor het succes van de film bij de gehele crew. Zorg voor een plan waar iedereen zich in kan vinden, maar zorg er ook voor dat iedereen zich verantwoordelijk voelt. De achterban van alle betrokkenen zijn belangrijk in het laten slagen van een film. VERSMAGAZINE 2013/2014

Alex: ‘Ik heb met mijn productiepartners af­­gesproken dat we in dit proces allemaal ‘all the way’ gaan, omdat we dit project als een belangrijke leerervaring zien. We lopen met open vizier alle stappen door. Tot nu toe lukt dat goed.’ Anke: ‘De marketingafdeling kan niet in zijn eentje de film laten slagen. Stop dus niet bij het aanstellen van een bureau of medewerker, maar zie het als de verantwoordelijk van het hele team om tijdig plannen te maken, de strategie met elkaar af te stemmen en elkaar vervolgens regelmatig op de hoogte te houden, zoals dat met Die Welt gebeurt. Dan maakt de film een kans.’

Wil je meer weten over de mogelijkheden je film zelf te distribueren? Ellen Tolsma is eigenaar van SCREENpmd – producent van marketing en distributie – en schreef er een artikel over op het online VERS Magazine. Vol tips en trucs. Gebruik de QR-code om direct naar het artikel te gaan.

In het proces van doe-het-zelfdistributie lijkt het vooral belangrijk eerlijk te zijn. Naar jezelf, je team en naar je publiek. En als je het juiste publiek weet te enthousiasmeren en te raken, is dat de beste droom die uitkomt. Alex: ‘Maar het allerbelangrijkst is dat we allemaal willen leren van deze ervaring. De filmwereld is in verandering en wij vinden het niet erg om in dat krachtenveld onze eigen weg te vinden.’ <

19


COLUMN

Tekst: Lars J. Brouwer

Soundscaping #VERSluistert Waarom word je ontwerper, een maker? Om te kunnen creëren natuurlijk. Je zwengelt een discussie aan of brengt esthetiek onder de aandacht van een groter publiek. Dat gebeurt meestal door het genereren en bewerken van nieuw beeld, nieuw geluid, nieuwe vormen en materialen. Wanneer je werkt met geluid is het maken en bewerken van materiaal, in vergelijking met het maken van beeld, gemakkelijk. De processen verlopen bijzonder snel; met een kleine nootwisseling kan je een sfeer geheel omgooien. Je maakt iets, je reflecteert, bewerkt nog wat en klaar is Kees. Componeren is tegenwoordig slechts een hobby, maar ik ontwerp al enkele jaren in een bredere context. Daarin bespeur ik iets opvallends: ik maak minder, en vraag meer. Toen ik samenwerkte met een choreografe uit de VS benoemden we het stellen van vragen ‘the essentialist’s technique’. We stelden veel, en vooral functionele, vragen over onze ideeën of over schetsmateriaal. Met als uitkomst dat we alles schrapten dat onnodig was en daarna opnieuw de cyclus doorliepen. Daardoor kwamen we steeds verder bij de kern van het werk uit, met de nodige consequenties voor het uiteindelijke doen. ‘Veel vragen’ werd grotendeels het maken, zonder daadwerkelijk materiaal te genereren. Voor een specifieke show leverde dat uiteindelijk slechts negen sinustonen op waar we veertig minuten voorstelling mee vulden. Je beperkt zo de mogelijkheden om juist creatief te kunnen zijn, maar je (h)erkent eveneens wat er werkelijk nodig is om vorm te geven aan de uiting. Minder maken door meer te vragen mag dan wat onwennig zijn, met name voor personen met een muziekachtergrond. Echter: je wint aan helderheid en focus.

Het wordt pas echt oncomfortabel als je nauwelijks of zelfs helemaal niks maakt en enkel kader schept. En daarbij de controle nagenoeg opgeeft. Toen VERS Magazine geluid wilde betrekken bij het magazine, was het eerste idee om soundscapes toe te voegen. Hoe meer ik daar over dacht, hoe lastiger dat idee eigenlijk bleek te zijn. In gesprek met kennis en collega Hugo Verweij moesten we concluderen dat, om een soundscape tot zijn recht te kunnen laten komen, een bepaalde mate van controle aanwezig moet zijn bij de uitvoering. Via wat voor apparatuur luistert iemand, in wat voor ruimte? Voor welke duur is geluid beschikbaar en hoe krijg je toegang tot het materiaal? Allemaal zaken waar geen of minimale invloed op uit te oefenen is. Is het maken van nieuw geluidsmateriaal dan wel een juiste benadering? Waarom zou je een soundscape maken, als er al een soundscape is? Terwijl je dit leest is er geluid om je heen. Controle over wat je hoort, hoe je het hoort en waar je iets hoort heb ik niet. Wat ik wel kan doen is het juiste kader plaatsen waardoor we deze soundscapes kunnen vangen. Daarom lijkt dit mij een uitstekend moment om een vraag ‘te maken’.

rijf het. r je nu? Wat hoo wat je hoort, of besch ns op e via Neem ee undscap ens je so lg o s rv e v Deel ter strak en beluis , rt te is de #VERSlu agazine VERS M e n li n o t op he en. ervaring

Lars J. Brouwer (Groningen, 1984) is ontwerper en projectleider op het gebied van mediatechno­logie met audio als expertise.

VERSMAGAZINE 2013/2014

21


STATE OF THE ART

Tekst: Jesse van Amerongen

Vechten om aandacht op het tweede scherm Voor veel televisiekijkers is één scherm tegenwoordig niet meer genoeg. Verreweg de meeste bezitters van een smartphone, tablet of laptop gebruiken deze tijdens het tv-kijken. Uit onderzoek van Stichting KijkOnderzoek (SKO) blijkt dat onder jongeren tussen de 13 en 34 zelfs bijna 90% te zijn. Daar liggen enorme (commerciële) mogelijkheden voor programmamakers, maar tegelijk worstelen ze vaak ook met dit zogenoemde ‘tweede scherm’. De kijker op één scherm boeien was al moeilijk genoeg. 22

VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

Met het ‘tweede scherm’ (‘second screen’) worden apparaten bedoeld waarmee de tv-kijker interactie kan hebben met een tv-programma. Dat kan via apps en websites, maar ook via sociale media als Twitter en Facebook. Met de enorme toename van het aantal smartphones en tablets gaat er een wereld open voor televisiemakers. Maar wel een wereld waar ze vaak de weg nog in moeten vinden. In Nederland zet vooral RTL flink in op dat tweede scherm. Bijvoorbeeld in 2012 met de zomer-app ‘GTST: Wie is Tim?’. Hiermee konden fans van Goede tijden, slechte tijden tijdens de zomerstop spelletjes spelen, extra materiaal bekijken en nog veel belangrijker: ze konden zoeken naar hints over de afloop van de cliffhanger van het vorige seizoen. Met regelmatige updates en nieuwe hints bleef het de hele zomer spannend. Waar fans het vroeger moesten doen met gesprekken op het schoolplein of bij de kapper werden ze nu bediend met een app.

Ze blijken vooral te ‘multitasken’ achter de tv: ze zijn bezig met zaken als internet­ bankieren, games, surfen, sms’en en sociale media. Een kwart van de ondervraagden gaf aan wel eens een site, app of sociale media van een televisieprogramma te bezoeken, maar slechts 3% doet dit regelmatig. En als mensen tijdens het kijken al iets doen wat met televisie te maken heeft is het vooral de online tv-gids bekijken of achtergrondinformatie opzoeken. Oftewel, we zoeken tijdens Voetbal International eerder op of het echt waar is dat Johan Cruijff een seizoen bij Feyenoord gespeeld heeft, dan dat we vragen insturen of twitteren over het programma. Maar met het enorme gebruik van mobiele devices tijdens het tv-kijken zou je verwachten dat de connectie tussen het eerste en tweede scherm snel gemaakt is. Waar gaat het dan mis?

Binnen een week was het al de meest gedownloade app van Nederland, met uiteindelijk zo’n 215.000 actieve gebruikers. En de eerste uitzending van het nieuwe seizoen trok ook nog eens 14% meer kijkers dan het seizoen ervoor. Ook deze zomer was er voor de fans weer genoeg te doen op internet. Met de app ‘GTST: Spring Levend’, Facebook- en Twitteraccounts van karakters, prijsvragen en allerlei andere verrassingen waren de fans tijdens de zomerstop voorzien.

Volgens Mark Peerdeman, Marketing Director bij app-ontwikkelaar Service2Media, is het essentieel dat een app verder gaat dan alleen wat informatie en fragmenten van een programma tonen. ‘Wat veel interessanter is, is als je extra gegevens biedt, zodat je echt een tweede scherm hebt,’ zegt hij. ­Annemarieke Loderus van RTL bevestigt dit. Zij is als Development Manager Digital Media betrokken geweest bij de GTST-apps. Ook zij ziet het belang van interessante en exclusieve content voor dat tweede scherm. ‘De magie is dat je met deze app meer te weten komt dan wanneer je niet meedoet’.

Toch is de GTST-app een uitzondering te noemen, omdat televisiemakers vaak moeite hebben om een koppeling te maken met het tweede scherm. En dat is ook niet zo verbazingwekkend als je kijkt naar wat de gebruikers eigenlijk doen als ze met een tablet of laptop op schoot tv zitten te kijken. Uit een rapport van Stichting KijkOnderzoek uit 2012 blijkt dat weliswaar 70% van de mensen die een tablet, smartphone of laptop bezitten deze gebruiken als ze tv-kijken, maar dat ze daarmee weinig tot niets doen dat iets te maken heeft met het programma dat ze bekijken.

Op de vraag hoe een succesvolle app er precies uit moet zien is het moeilijk een eenduidig antwoord te geven. Secondscreencampagnes blijven maatwerk, en ook lang niet elk programma leent zich ervoor. Bij RTL zullen ze dan ook niet zomaar voor elk programma een grote secondscreencampagne beginnen. ‘Wij maken heel bewust de keuze bij welke formats we een tweede scherm gaan ontwikkelen. Wij kijken daarbij nauwgezet naar resultaten. We nemen dan vooral grote formats waarbij veel toewijding van de fans is,’ aldus Loderus.

VERSMAGAZINE 2013/2014

Want zelfs met een creatieve, boeiende app moet het programma nog wel een publiek hebben dat er voor open staat. Wat dat betreft past het tweede scherm nu nog een stuk beter bij de kijkers van RTL 4 dan bijvoorbeeld bij die van Omroep MAX. Maar smartphone- en tabletgebruik blijft toe­nemen (ook onder 65-plussers), waardoor televisiemakers er veel van verwachten voor de toekomst. Ze blijven dan ook flink inzetten op het tweede scherm. ‘Second screen is een term die je overal hoort,’ merkt Mark Peerde­man op. Dat het app-ontwikkelingsbedrijf waar hij werkt van 2005 tot 2010 een omzetgroei van 4762,55% heeft door­ gemaakt zegt natuurlijk wel wat. Kansen liggen er genoeg, maar makers moeten alleen leren om te gaan met alle vrijheid die het internet biedt. Second screen is een wereld op zich, en niet iets wat je er als programma even bij doet. ‘Endemol schrijft er een hele verhaallijn naartoe om 8 weken een app te hebben in de zomer,’ zegt Annemarieke Loderus. Dat laat wel zien hoeveel tijd, geld en moeite een goede second screen-campagne kan kosten. Een maker moet zijn kijkers goed kennen en een leuke, creatieve en relevante campagne voor die groep bedenken. Dat is zeker niet makkelijk, maar kan veel opleveren. Anders zou er ook niet zo veel in geïnvesteerd worden. Want wat dat betreft verschillen het eerste en tweede scherm niet zo veel; als iets niks oplevert verdwijnt het net zo snel als het gekomen is. <

Jesse van Amerongen verhuisde na omzwervingen in Azië naar Amsterdam, om daar Media en Cultuur te gaan studeren. Zijn interesse in mooie verhalen en politiek leidde tot een korte documentaire en redactiestages bij Man Bijt Hond en de NOS. Sindsdien schrijft en filmt hij voor VERS Magazine.

23


STATE OF THE ART

We leven in een tijd van oneindig dataverkeer. Niet bepaald een newsflash. Toch is het opvallend dat er in Nederland nog maar weinig beeldmakers zijn die hier op een creatieve manier mee omgaan. Het is ook moeilijk. De uitdagingen en de vragen over de betekenis van onze digitale identiteit zijn nauwelijks te bevatten, laat staan te verbeelden. Toch moeten nieuwe beeldmakers zich hier niet door laten afschrikken. De wereld is er klaar voor om vanuit een ander perspectief naar onze digitale levens te kijken. Nieuwe beeldmakers, die opgroeien in de tijd van de digitale revolutie, zijn als geen ander geschikt om deze virtuele wereld op schitterende manieren te interpreteren en visualiseren.

Nathalie Miebach: Boston Tides

24

VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

Tekst: Laura Kemp

Digitaal visualiseren Beeldmakers die de confrontatie aan gaan met het digitale, zullen blijvende sporen achterlaten.

Interactive Telecommunications Program ‘Let op, hier wordt de toekomst gemaakt,’ zegt kunst- en technologiejournalist Dylan Schenker uit New York, terwijl hij gretig aantekeningen maakt van wat hij ziet. Hij vond dat ik mee moest naar de afstudeershow van een nieuwe masteropleiding aan de New York University: het Interactive Telecommunications Program (ITP). De opleiding omschrijft zichzelf als een ‘centrum voor het recent mogelijke’ waarin de grenzen en de wisselwerking tussen beeldende kunst en technologie worden onderzocht. De kans om te worden aangenomen is klein. Je moet kunnen aantonen dat je zowel artistiek als technisch bent. Bovendien is de studie peperduur.

Jeremy Rotsztain: Action Painting; Gunfire

De uitverkoren studenten staan trots naast hun werken: knuffelbeesten met ingebouwde emotiesensoren en stoffen gordijnen die geluid maken en van kleur veranderen als je er aan zwaait. Lang vergapen we ons aan The Lonely Planet. Een bewegende 3D-projectie van de aarde op een groot canvas. Dit ‘digitale doek’ is zo geprogrammeerd dat het live in verbinding staat met Twitter. Telkens als iemand, ergens op aarde, het woordje ‘lonely’ twittert, brandt er een lampje op die plek. Liverpool. Lima. Jakarta. Lonely. Lonely. Lonely. Beeldende werken met de digitale wereld als uitgangspunt zijn niet onder één noemer te plaatsen. Voorbeelden lopen uiteen van tastbaar tot abstract en ook filmmakers en cameramannen worden geconfronteerd met de mogelijkheden van het integreren van software in hun producties. Wie zijn de avant garde? En wat wordt er op dit moment gemaakt?

Het web weven Kunstenares met natuurkundige achtergrond Nathalie Miebach transformeert digitaal dataverkeer door het naar de ‘echte’ wereld te halen. Haar installaties lijken op het eerste gezicht ‘traditionele’, tastbare kunstwerken. Het zijn kleurrijke, driedimensionale sculpturen van weefgetouw en gevlochten manden. Toch komt er een technologisch aspect bij kijken. De kunstwerken ontstaan namelijk door middel van code. Miebach programmeert van te voren een rekensysteem waarmee ze patronen verzamelt van natuurfenomenen zoals het weer of het tij. Vervolgens weeft ze deze gegevens, letterlijk, driedimensionaal aan elkaar. Van een afstand zijn het esthetisch ogende kunstwerken. Van dichtbij zie je kleine puntjes die de dataknooppunten voorstellen. Miebach vindt het belangrijk voor de digitale generatie om data in een andere context te kunnen bekijken. Ze probeert de traditionele manier van grafieken en diagrammen uit te dagen, en te laten zien dat datavisualisatie ook creatief kan zijn. www.nathaliemiebach.com

Programmeren als schildersambacht Het wordt nog futuristischer als de kunstenaar het programmeren zelf uit de context haalt. Steeds meer creatieve techies willen coderen en programmeren niet langer beschouwen als een manier om tot resultaten te komen of om problemen > VERSMAGAZINE 2013/2014

25


STATE OF THE ART

op te lossen, maar als expressievorm an sich. In vaktermen wordt dit creative coding of software art genoemd. Software art kan op ontelbaar veel manieren worden gemaakt en wordt een ware tak van sport. Videomaker en programmeur Jeremy Rotsztain springt in het oog. In zijn serie Action Painting integreert hij de klassieke, expressionistische schilderstijl Action Paintings (bekend van schilders als Jackson Pollock) met geluiden van tien iconische actiefilms uit Hollywood. De woeste spetters van de action painting en het ritme van de geluiden van de actiefilms passen zo mooi bij elkaar, dat het vreemd lijkt dat daar nooit eerder iemand op is gekomen. Voor deze ‘bewegende schilderijen’ heeft Rotsztain software ontworpen die de kunstwerken via een algoritme laat reageren op de geluiden van de meest gewelddadige scènes. We horen schoten uit Terminator 2, stompende vuisten uit Fight Club en gierende achtervolgingen uit The Bourne Identity. Door de woeste serie van bewegende schilderijen worden er, zo zegt Rotsztain, ‘nieuwe betekenislagen’ toegevoegd aan zowel het geweld waar wij zo van genieten als aan de expressionistische kunstvorm waarin de geluiden zijn geprogrammeerd. Wat deze betekenissen precies zijn laat hij aan de toeschouwer over, maar met de ondertitel Masculin Expressionism, geeft Rotsztain ons toch een subtiele hint. www.mantissa.ca

Creatief coderen met cameramannen Nu makers vaker op zoek zijn naar manieren om hun beeldende werken interactiever te maken, raken ook de domeinen van film en software art steeds meer in elkaar verstrengeld. Betekent dit dat cameramannen tegenwoordig ook moeten kunnen coderen? Op professionele sites zoals filmmakermagazine.com lopen de antwoorden uiteen. Sommige makers beargumenteren dat film en software art twee verschillende media zijn net zoals schilderkunst en fotografie. Anderen geloven in vervagende grenzen en beweren dat de film- en digitale wereld niet meer los van elkaar zijn te zien en dat een moderne cameraman minstens de basis van coderen moet snappen. Weer anderen zijn van mening dat software technologie binnen de filmwereld te vergelijken is met special effects waar speciale technologische experts voor kunnen worden ingehuurd. Wat voor rol coderen zal gaan spelen in de toekomst van het filmen moeten we afwachten, maar de resultaten zijn nu al fascinerend. Een voorbeeld van een groep makers die videotaal en computertaal door elkaar mixen, zijn de makers van de RGBD Toolkit. James George, de bedenker ervan, geeft ook les op het Interactive Telecommunications Program. De RGBD Toolkit is een programma waarin HD Video wordt gecombineerd

RGBD Toolkit

met een dieptesensor. Het resultaat is dat je de mensen die je filmt ziet als driedimensionale, bijna geschetste avatars. ‘Omdat wij in de digitale wereld eigenlijk al een soort avatars zijn, willen wij de mogelijkheid creëren om onze lichamen in filmtaal op avatars te laten lijken,’ zo zeggen de makers van het programma op hun website. Tot nu toe wordt de RGBD-manier van filmen goed opgepikt. Vooral in New York worden met deze methode indie videoclips en minidocu’s gedraaid. Voorbeelden van deze hippe producties zijn te vinden op http://rgbd.tumblr.com.

Digitale wereld overstijgt het functionele Door de steeds grotere rol die de digitale wereld in ons leven speelt, is het belangrijk om hier vanuit nieuwe perspectieven naar te kijken. Beeldmakers kunnen hier, met hun visuele talent, een belangrijke rol in spelen. Hun werken kunnen leiden tot nieuwe ideeën en nieuwe manieren van waarnemen die gaan over het hier en nu. Beeldmakers die onze digitale bestaanswereld als inspiratiebron, maar ook als werkmateriaal zelf durven te gebruiken, hebben de macht om er voor te zorgen dat de digitale wereld en het web meer worden dan ‘slechts’ een middel voor communicatie en het oplossen van problemen. Met hun blik en interpretaties kunnen ze mensen de ogen openen voor de schoonheid van eenzaamheid op internet, weven ze datapatronen aan elkaar, programmeren ze schilderijen op het ritme van actiefilms en leren ze misschien zelfs coderen om tot unieke manieren van filmen te komen. Als nieuwe beeldmakers creatief omgaan met de mogelijkheden van het heden, zullen ze de ideeën van de toekomst vormgeven. Wat een prachtig idee! <

Laura Kemp is journaliste en eindredacteur bij VERSMagazine.nl. Ze maakte verhalen in Amsterdam en Amerika en is altijd op zoek naar creatieve mensen die het anders doen. Met haar passie voor beeld is ze bij VERS op de goede plek. Haar missie: het online magazine tot de plek voor nieuw talent maken. 26

VERSMAGAZINE 2013/2014


6+7+8 NOVEMBER 2013

Digital Arts Festival

Amsterdam / Tilburg / Eindhoven

PLAYGROUNDS DIGITAL ARTS FESTIVAL

Amsterdam / Tilburg / Eindhoven

PLAYGROUNDS DIGITAL ARTS FEST 6 NOVEMBER 2013 - TILBURG 7 NOVEMBER 2013 - EINDHOVEN MOTION DESIGN FEST PLAYGROUNDS VS SUBMARINE 8 NOVEMBER 2013 - AMSTERDAM

VERSMAGAZINE 2013/2014

REX CROWLE (art-director Little Big Planet / Tearaway) JULIA POTT (animator /illustrator) NEAL SCANLAN & GUSTAV HOEGEN (animatronic-experts / previously Jim Henson Creature Shop ) PSYOP AND MUCH MORE

www.playgroundsfestival.nl

Image by Julia Pott

The brightest and most creative minds share their vision with you!

27


IN BEELD

In Beeld Voor deze editie van het VERS Magazine vroegen we vijf fotografen om werk aan te leveren in het thema (on)comfortabel.

Thomas van Asselt ‘Terwijl ik in mijn archieven dook, realiseerde ik mij dat ik meer discomfort dan comfort fotografeer. En het is juist de spanning tussen comfort en discomfort die mij interesseert. De foto van de man met de helm maakte ik tijdens mijn uitwisseling aan de kunstacademie in Gent. Gefascineerd door de cultuurverschillen en bewapend met camera fietste ik een half jaar door de Vlaamse stad. De man op de foto viel me op door de praktische­ ­opbergplek voor zijn helm, hierdoor lijkt hij zich te beschermen tegen al het onverwachte dat hij wantrouwt in het commerciële en onbetrouwbare landschap van de supermarkt. De billboards met modellen in bikini zorgen voor surrealistische contrasten in de nacht van Rotterdam. Verheven als voorbeeld stralen de dames over het plein. Voor mij toont deze foto de werking van advertising en de relatie tussen advertentie en doelgroep.’ Thomas van Asselt is vers afgestudeerd grafisch ontwerper van de Willem de Kooning Academie te Rotterdam. Samen met een klasgenoot startte hij het ontwerpbureau NonStopCollective, de dynamische basis van een groeiend samen­ werkingsplatform. www.nonstopcollective.com www.thomasvanasselt.nl

Bas Losekoot ‘In 2007 woonden er voor het eerst meer mensen in de stad dan op het platteland en de verwachting is dat in 2050 zelfs 75 procent van de bevolking in een stedelijke omgeving woont. Met dit in gedachte begon ik aan The Urban Millennium Project. Want welke invloed heeft deze urbanisatie­ VERSMAGAZINE 2013/2014

op de inwoners van de stad? En hoe verhoudt het individu zich tot de massa? Is de mens nog comfortabel in zijn leefomgeving? Het is een doorlopend project, waarvoor ik de drukste steden ter wereld fotografeer. Ik begon met New York en São Paulo en onlangs heb ik hier Seoul aan toegevoegd, waar de twee foto’s hier vandaan komen. Mumbai, Shanghai, Tokyo, Mexico Stad, Londen, Dubai en Lagos volgen nog.’ Bas Losekoot is geboren in Amsterdam in 1979. Hij heeft een achtergrond in grafische, fotografische en cinematografische vormgeving. Momenteel is hij werkzaam als portret- en autonoom documentairefotograaf. Zijn persoonlijke langetermijnprojecten uiten zich in foto-essays. Bas heeft zich vanaf zijn opleiding gespecialiseerd in studioverlichting, de afgelopen jaren richtte hij zich op pure straatfotografie. In The Urban Millennium Project heeft hij een manier gevonden om deze twee disciplines te combineren tot een interessante manier van verhalen vertellen. www.baslosekoot.com

Marques Malacia ‘Als ik iets schiet heb ik nooit echt een verhaal in mijn hoofd. Ik probeer vooral iets te vangen dat in mijn ogen een mooi beeld is. Eigenlijk schiet ik altijd op dezelfde manier: met één softbox en mijn camera. Dat is een beetje mijn regel - en mijn houvast. Die combinatie levert voor mij altijd een goed beeld op en dat voelt veilig, comfortabel. Maar soms zijn de omstandigheden zo dat ik het anders moet doen. Zo ook bij zowel ‘Jekyll’ als ‘Hyde’. Bij ‘Jekyll’ had ik mijn eigen licht niet bij me en bij ‘Hyde’ was het niet mijn enscenering. En dan blijkt dat ik het toch gewoon kan: een mooi beeld maken zonder mijn eigen voorwaarden.’ Marques Malacia groeide op in Amsterdam Zuidoost. Hoewel hij zijn opleiding volgde aan de fotoacademie, ziet hij zichzelf meer als auto­ didact. In zijn beginperiode ging het hem voornamelijk om ‘mooie plaatjes schieten’ wat al snel veranderde in conceptueel omgaan met beeld. Met zijn installaties legt de fotograaf de nadruk op de representatie van grootstedelijkheid. www.monquichot.com > pag. 41 29


©Thomas van Asselt

INTERVIEW

30

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

VERSMAGAZINE 2013/2014

31


Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

ŠBas Losekoot The Urban Millennium Project

INTERVIEW

32

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

VERSMAGAZINE 2013/2014

33


©Marques Malacia Jekyll (l), Hyde (r)

INTERVIEW

34

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

VERSMAGAZINE 2013/2014

35


©Lilian van Rooij REK – Diego Benito Guttiérez (l), Frank Waterberg (r)

INTERVIEW

36

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

VERSMAGAZINE 2013/2014

37


ŠSandder Tiny Adventures

INTERVIEW

38

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

VERSMAGAZINE 2013/2014

39


INTERVIEW

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

KONKAV MAAKT AV ZICHTBAAR De audiovisuele sector in Brabant is groot, creatief, sterk en bijzonder. Op KONKAV is deze sector zichtbaar. De ingrediënten? Een magazine met nieuws en achtergronden, achtergrondinformatie, agenda, vacatures, stages, pitches en als klap op de vuurpijl de profielen van vele makers, producenten, filmers en studenten en hun projecten. Van het veld, voor het veld.

WWW.KONKAV.NL 40

CHECK @konkavnl / #konkav / www.facebook.com/konkavnl VERSMAGAZINE 2013/2014


IN BEELD

> Vervolg pagina 29

Lilian van Rooij

Sandder

‘Door middel van deze portretten laat ik mijn visie zien op de wereld van de professionele dans. De titel REK verwijst naar het stretchen (oprekken) van het lichaam. Het is een symbool voor het harde werk dat dansers dagelijks verzetten om de grenzen van hun lichaam te verleggen. Dansers gaan hier soms zelf zo ver in, dat er een ‘martelwerktuig’ aan te pas komt. In vergelijking met de foto van Frank wordt de foto van Diego bijna comfortabel: bij hem kunnen we nog denken dat hij zo lenig is gebouwd. Bij de foto van Frank is die illusie doorbroken: het ideale lichaam is niet aangeboren, maar daar wordt keihard voor getraind, aan getrokken en geduwd met een ijzeren discipline. Door te kiezen voor backstagelocaties laat ik de kijker kennismaken met een wereld waarin nietdansers outsiders zijn.’

‘Deze beelden zijn onderdeel van de serie ‘Tiny Adventures’, die een tijdje geleden te zien was bij Red Light Radio. De serie was mijn poging om het proces van ‘gestolen momenten’, dat ik meestal volg door overal en nergens mijn camera mee naar toe te slepen, om te draaien door situaties in scène te zetten. Comfortabel en oncomfortabel gaan dus hand in hand. Enerzijds is het moment minder vluchtig en de elementen waaruit dat is opgebouwd meer beheersbaar, maar tegelijkertijd is er dan ineens de zeer oncomfortabele vraag: wat ben je eigenlijk aan het vertellen?’

Lilian werkt sinds 2007 als fulltime zelfstandig fotograaf. In opdracht maakt ze met name portretten en stills voor de (publieke) omroepen. Als vrij werk maakt zij documentaire portretseries over o.a. dansers, doorwerkende 65-plussers en landverhuizers. www.lilianvanrooij.nl

Sandder is fotograaf, filmmaker en grafisch ontwerper. In zijn fotografie streeft hij ernaar een beeld te creëren dat bestaat uit verschillende lagen en dat de potentie heeft om verhalen te creëren in de hoofden van mensen door de interactie met elkaar. Eigenlijk zoals het proces van lezen. Of dromen. Daarbij gebruikt hij bij voorkeur natuurlijk licht en een analoge lens. Dat betekent handmatig scherpstellen, waardoor opperste concentratie geboden is. www.sandder.com

Word lid van VERS en maak deel uit van het grootste netwerk nieuwe beeldmakers VERS is dé plek waar de nieuwe garde beeldmakers met elkaar en de gevestigde orde in contact komt. Het VERS-lidmaatschap geeft recht op vele kortingen en activiteiten waarmee je je lidmaatschapsgeld in no time hebt terugverdiend. Bovendien ontvang je als nieuw VERS-lid een maand lang gratis Ximon Plus.

Word nu lid via www.versfilmentv.nl

VERSMAGAZINE 2013/2014

41


Tekst: Meia Wippoo

The Next Big Thing: Made for WebP

42

VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

In de negentiende en twintigste eeuw werden grootse uitvindingen gedaan die onze huidige visuele media hebben bepaald: fotografie, film, televisie en op het eind internet. In de eenentwintigste eeuw werd dit alles in de mixer gegooid – en met name de laatste vijf jaar is geen medium verandering bespaard gebleven. Foto’s zijn geen exclusieve momentopnames meer en film laat zich niet meer beperken door het bioscoopscherm. Je kunt in een derde dimensie kijken of zelfs bepalen welk perspectief je inneemt. Televisie is niet meer alleen een zender maar steeds vaker een ontvanger. Het roept op tot interactie of tot actief gedrag bij de kijkers en deelt haar aandacht met een tweede scherm. Internet is niet alleen meer op je computer thuis te bereiken maar is 24 uur per dag beschikbaar en direct binnen handbereik op steeds meer mobiele devices. Kranten zijn digitaal, nieuws wordt gepusht. Alles wordt korter maar interactief, commercieel maar persoonlijk en eng maar slim.

Meia Wippoo is freelance (creative) director en concept developer bij o.a. Waag Society. Ze werkt op het snijvlak tussen film, kunst, technologie, wetenschap en onderwijs. Dit resulteert o.a. in films en installaties voor uiteenlopende opdracht­ gevers, maar ook in vrij werk. Samen met zus Jantien is ze eigenaar van tassenmerk PLAYBAG.

Het is niet nieuw om te zeggen dat vroeger alles beter was, dat de verloedering van cultuur is ingeslagen en dat alles veel te vluchtig wordt. Het is ook niet nieuw om dergelijke opmerkingen weg te wuiven en toe te bedelen aan zure oude mensen. Belangrijk is om te beseffen dat de media niet uit zichzelf veranderen. Het publiek bepaalt uiteindelijk de richting die de media moeten inslaan en welke technieken daarvoor gebruikt worden. En het publiek kiest nu voor snel, interactief en slim. De aandachtsspanne is korter, verwachtingen zijn hoger en het publiek is blasé. Maar… vooralsnog luisteren de Nederlandse makers slecht naar hun publiek en gaan te weinig mee in haar behoeftes. Terwijl het wachten tot er iets leuks voorbij komt op televisie voorbij is. Kijkers willen op elk gewenst moment, waar dan ook, op elk device, video’s op afroep kunnen kijken, ze kunnen delen en becommentariëren.

Wat daar gebeurt… De plek waar het dus moet gaan gebeuren is online. In de VS en Canada bestaan ze al lang en breed: series die specifiek en alleen voor op het web gemaakt zijn. Het begon met jonge, ambitieuze makers maar nu kiezen ook grote namen als scenarist Tim Kring, acteurs Lisa Kudrow en Tom Hanks en regisseur Bryan Singer het online domein als nadrukkelijk startpunt voor hun producties. De reeds ontwikkelde producties zijn veelal ‘short form’ webseries – hoewel daarin ook veel variatie vinden is. Fictie voert de boventoon, maar ook non-fictie vindt zijn weg op het web. Momenteel worden goed bekeken webseries in de VS zelfs beter bekeken dan de best bekeken kabelseries. Dat is een verschuiving die heel veel kan gaan betekenen, ook in Europa en Nederland. Ook hier is de opmars van mobiele en online video ingezet. De lijst met speciaal voor het web ontwikkelde series groeit met de dag. De onderwerpen die behandeld worden zijn net zo uiteenlopend als op de ‘gewone’ televisie, maar het is opvallend dat een aanzienlijk aantal van de series een sociaal of maatschappelijk thema aansnijden. Neem bijvoorbeeld de webserie Out with Dad, een populaire Canadese webserie die volledig via het crowdfundingplatform Kickstarter is gefinancierd. De serie is een ‘coming of age’-drama over een tienermeisje en haar vader. Wanneer het meisje haar vader vertelt dat ze lesbisch is, schrikt haar vader niet maar helpt hij haar juist om zo goed mogelijk uit de kast te komen. De serie ging in productie in 2010 met een vrijwillig meewerkende cast en crew: vooral makers die aan het begin van hun carrière stonden. Iedereen voelde dat ze met iets belangrijks bezig waren, maar niemand kon verwachten hoe groot de impact zou zijn. De serie richt zich op een relatief kleine, specifieke doelgroep, maar spreekt daarin zo erg aan dat de kijkers enorm loyaal en ondersteunend zijn. De distributie van de serie verloopt voornamelijk via de eigen site en via YouTube. Met meer dan 13 miljoen hits en een internationaal publiek is Out with Dad met recht een groot succes. De serie heeft inmiddels aardig wat prijzen in de wacht gesleept: van prijzen op festivals tot een Webby voor beste online serie. Deze serie heeft haar >

VERSMAGAZINE 2013/2014

43


STATE OF THE ART

bestaansrecht volledig te danken aan deze trouwe fans. Het derde seizoen is nu in de maak en wordt grotendeels gefinancierd door bijdragen van fans en loyale organisaties. www.outwithdad.com Tegenover dit soort sociale en maatschappelijke webseries, die voortkomen uit een behoefte van een subgroep, staan projecten die namens een merk geïnitieerd worden. Met de verschuiving van het publiek van televisie naar het web veranderen de manieren van reclame maken ook drastisch. Steeds vaker zijn merken op zoek naar ludieke acties in plaats van commercials. Hoe gekker het project, hoe meer media-aandacht, hoe beter de reclame. Hier liggen voor makers veel kansen, want je zou zomaar een groot budget kunnen krijgen voor een project dat slechts zijdelings met het merk te maken heeft. Daarbij zijn merken steeds vaker bereid een productie financieel te ondersteunen – mits zij enigszins zichtbaar in beeld zijn. Merken die het nu al slim aanpakken zijn Intel en Toshiba, met hulp van hun reclamebureau Pereira & O’Dell. Zij starten in 2011 de online film Inside. De film werd opgedeeld

in verschillende afleveringen en kijkers konden via de diverse sociale netwerken het hoofdpersonage ondersteunen. Het plot was eenvoudig: een jonge vrouw zit opgesloten in een kamer, ze weet niet waar en waarom, en heeft alleen toegang tot haar laptop. In de periodes dat ze toegang 44

1 http://www.fastcompany.com/1766296/inside-intel­-and-toshibas-social-film

heeft tot een wifi-signaal kan ze contact zoeken met haar sociale netwerken. Via deze kanalen probeert ze haar gevangenschap te reconstrueren. Het is niet per se subtiele marketing, maar een originele eerste stap, waarbij breed ingezet werd op het bouwen van een community via de sociale netwerken. Regisseur D.J. Caruso, die ingehuurd werd door zijn commercialagenten, vertelt dat hij bewonderenswaardig veel vrijheid van Toshiba en Intel kreeg op de set van de ‘social film’. ‘Er kwam niemand bij de monitor staan die zei ­ over het productshot: “Denk je dat er te veel backlight is?”. Ze huurden een filmmaker in omdat ze een film wilden.’1 Succesvoller nog was de opvolger The Beauty Inside – met de slimme dubbelzinnige marketing boodschap: ‘wat binnenin zit telt’. The Beauty Inside is een verhaal over een jongen, Alex, die altijd dezelfde persoon van binnen is, maar elke dag opstaat met een nieuw gezicht en lichaam. Wanneer hij Leah ontmoet en verliefd op haar wordt, staat de wereld voor hem op z’n kop. Hij zal haar

vaker zien, maar zij ziet hem nooit meer. Het is een romantische komedie waarin, door een online casting call via Facebook, iedereen, van over de hele wereld, de kans krijgt een rol te spelen. De casting bestaat uit een opname van jezelf, terwijl je het auditiescript leest, die je via een speciale

app op Facebook kunt uploaden. Hoe meer mensen de video ‘liken’, des te groter de kans dat je uitgekozen wordt om de rol van Alex te spelen. Alex gebruikt zijn Toshiba Portégé Ultrabook om zijn steeds veranderende uiterlijk en het effect ervan op zijn leven te documenteren. Winnaars van de castingcall nemen, als Alex, zijn web dagboek op en op Facebook verschijnen vervolgens deze afleveringen. Uiteraard had regisseur Drake Doremus hier een laatste stem in, maar de kracht van het collectief, het gevoel van eigenaarschap bij de kijkers, maakte dat deze serie enorm succesvol is geworden. Het is de ultieme manier om een community aan een project, en dus ook aan een merk, te binden – zelfs tussen afleveringen door. Het is niet verbazingwekkend dat de serie grote prijzen binnen wist te slepen in zowel de film- als reclamewereld. Inmiddels is ook dit project afgesloten en in augustus 2013 is de derde sociale film van Toshiba en Intel gestart: The Power Inside. De ‘film’ is wederom opgedeeld in korte episodes en ook hierbij krijgen kijkers de kans auditie te doen om in dit geval een rol naast een grote naam als Harvey Keitel te bemachtigen. www.insidefilms.com Een bijzonder populaire, en prijswinnende, non-fictie serie werd in 2010 ontwikkeld door Ben en Rafi Fine: The Fine Brothers. Op hun eigen kanaal TheFineBros lanceerden zij de ‘Kids React’-serie. Het concept is vrij simpel: de twee broers laten aan kinderen in de leeftijd 5 tot 14 verschillende viral video’s of populaire YouTube-filmpjes zien en filmen vervolgens de reactie van de kinderen. De eerste aflevering, die in oktober 2010 online ging, is op moment van schrijven zo’n 4,3 miljoen keer bekeken. De meest populaire uitzending, Kids React to Harlem Shake, is inmiddels bijna 22 miljoen keer bekeken. Het concept heeft weinig productiekosten, een hoog ‘cuteness’-gehalte en is immens populair. www.thefinebros.com Er zijn voldoende andere voorbeelden te noemen. Maar wat nu interessant is, is hoe VERSMAGAZINE 2013/2014


STATE OF THE ART

VERS, hebben daarom de handen begin 2013 ineen geslagen. Zij besloten die opleiding dan maar zelf vorm te geven. VERS heeft de gretige makers in haar gelederen, EU1 heeft het platform en de ervaring. Wanneer deze samen worden gebracht kunnen enorm mooie projecten online gaan groeien.

Made For Web Academy

in Europa, en specifiek in Nederland, mee kan worden gegaan in deze stroom.

Waarom het hier (nog) niet is… Nederland is relatief groot in het bedenken van succesvolle televisieconcepten die de wereld over gaan. Denk aan Big Brother en The Voice. Maar in Nederland zijn er nog maar weinig makers die kansen zien op het web. Het betekent namelijk dat de maker op een andere manier moeten gaan kijken naar de content die geproduceerd wordt en naar de wijze waarop het aan de man gebracht wordt. VERS brengt in haar netwerk een groot en divers aantal Nederlandse makers bij elkaar. Ze weet als vereniging dat er steeds meer beeldmakers bijkomen, die stuk voor stuk staan te springen om iets te maken. Nederland is maar een klein medialand dus kansen en interessante klussen zijn schaars. Dit is voor makers vaak frustrerend, want als het je lukt om een voet tussen de deur te krijgen is het toch vaak opdrachtwerk. En opdrachtwerk is niet persoonlijk. Webplatform EU1 heeft in Nederland als een van de eersten geprobeerd voor makers de stap richting ‘Made for Web’-formats mogelijk te maken. Ondanks de bijna overweldigende behoefte van makers om iets eigens te kunnen maken, zijn er echter relatief weinig die zich aan een webserie durven te wagen. Belangrijkste redenen? Het is onbekend en ongrijpbaar. Daarbij: internet is low culture. Iets voor het web maken staat bijna gelijk aan een commerciële knieval – en daar bedankt menig maker toch voor. Dit geeft aan dat VERSMAGAZINE 2013/2014

weinigen begrijpen waar het om gaat. Zoals bovengenoemde succesvolle Made for Webformats bewijzen, kunnen commercie en artistieke vrijheid best samen gaan.

Leren door te doen Maar waar moet je dan beginnen? Hoe weet je of iets gaat aanslaan? Hoe genereer je publiek en hoe vind je dan de juiste (commerciële) partij die bij jouw format past? Momenteel is er geen plek waar je dit kunt leren – de enige manier om hier achter te komen is door het gewoon te gaan doen. Dat gaat gepaard met risico’s. Veel makers zitten zo vast in de ‘oude’ manieren van film- of televisiemaken dat het niet eens in ze op komt om het anders te doen. Dat is deels te wijten aan de opleidingen – maar ook aan het subsidiesysteem dat jarenlang de Nederlandse cultuursector stuurde. Makers zijn zo gewend zich aan formats en regels te houden die een omroep, zender of fonds voorlegt, dat soms vergeten wordt dat je als maker ook zelf creatief kunt zijn en de vorm helemaal op z’n kop kunt gooien.

In september 2013 start de opleiding, Made for Web Academy gedoopt, met haar eerste opleidingsperiode. De opleiding heeft een looptijd van ongeveer een half jaar en belicht alle aspecten van het productieproces voor een ‘Made for Web’-format: conceptontwikkeling, samenstellen van een team, community opbouwen, sponsoring, marketing, en – natuurlijk – de productie zelf. Inschrijving staat open voor alle soorten beeldmakers, die gedurende de looptijd teams zullen vormen. Om zo veel mogelijk makers en kennis te bundelen hebben ook IFAN en Teach2Fish zich aangesloten bij (de ontwikkeling van) het traject dat talentvolle makers de kans moeten geven in een korte tijd een project te maken, financieren en vermarkten voor op het web. Makers die willen deelnemen aan de opleiding kunnen meer informatie over de aanmelding vinden op www.madeforwebacademy.com. Leden van VERS krijgen korting op de opleidingstoelage. De lancering van de Made For Web Academy vindt plaats op 30 september 2013 op het Nederlands Film Festival. <

Wat ontbreekt is informatie. Sturing om je op weg te helpen een bijzonder en origineel project neer te zetten. Maar ook de kennis over hoe je er op den duur geld aan zou kunnen verdienen, hoe je een publiek kunt bereiken en hoe je jouw artistieke integriteit kunt behouden, is nog onder te weinig mensen aanwezig. De film- en kunstopleidingen voorzien hier (nog) niet in. De kennis zit bij de mensen die het gewoon zijn gaan doen. De twee partijen die de ontwikkelingen in de sector richting web het meest in de smiezen hadden, EU1 en 45


INTERVIEW

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

Vrijwel zonder subsidie van de overheid lanceerde Amsterdam Film Week in 2011 het eerste internationale speelfilmfestival gericht op hoogwaardig kwaliteitsdrama in Amsterdam. Susan Sarandon was vorig jaar zelfs aanwezig als eregast. Na de eerste twee succesvolle edities wordt bij AFW 2013 voor de derde keer een unieke selectie van internationale prijswinnaars getoond.

46

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

Tekst: Marijke Vos

Innovator Matthijs ten Berge roept op tot het zoeken naar de juiste samenwerkingen Amsterdam Film Week groeide van niets uit tot een aantrekkelijk festival voor zowel het grote publiek als voor filmprofessionals en bijzondere merken. Een initiatief van oud-VERS-bestuurslid Matthijs ten Berge, samen met Fulko Kuindersma, Ferry van Zijderveld en Maria Lam.

Op de foto: Randy Berry (Consul General USA), actrice Susan

‘De enige reden waarom het lukte om het het eerste jaar op een goed en redelijk hoog niveau neer te zetten is dat we zelf ieder al minstens tien jaar in filmwereld zaten. Puur op het netwerk van Maria en Fulko konden we bepaalde films krijgen. En UPC werd onze founding partner, vanuit de gedeelde passie voor hoogwaardig internationaal drama. Het hebben en leggen van dat soort relaties is heel belangrijk en dat ontstaat niet uit het niets.’ (Matthijs ten Berge, voorzitter AFW)

Sarandon (gekleed door Tommy Hilfiger), AFW-directeur Fulko

Onderaan beginnen

Kuindersma en Matthijs ten Berge

Matthijs begon zo’n vijftien jaar geleden in de filmindustrie. Hij studeerde af als planoloog, maar wilde heel graag iets anders doen. Via via begon hij als productieassistent bij Lemming Film. Deze spoedopleiding filmproductie in de praktijk vulde hij aan met een workshop bij EAVE (European Audiovisual Entrepreneurs: een netwerk-, trainings- en projectonwikkelingsorganisatie voor audiovisuele producenten), gesteund door de VandenEnde Foundation. Na een aantal jaren werken produceerde Matthijs als zelfstandige onder andere de speelfilm Allerzielen (2005) naar aanleiding van de moord op Theo van Gogh (in opdracht van initiatiefnemers Robert Alberdingk Thijm, Ger Beukenkamp, Mieke de Jong en Marco van Geffen) en de voor competitie in Cannes geselecteerde korte film Het Zusje (2007). Bedrijfsmatig wilde Matthijs zich niet alleen op dramaproducties richten. En vanuit zijn studie bleef hij geïnteresseerd in alles wat met de stad te maken had. Dus toen hij voor zichzelf begon in 2004 zag hij al dat er op het gebied van het gebruik van beeldschermen, digitale media en architectuur grote ontwikkelingen gaande waren.

VERSMAGAZINE 2013/2014

‘Ik wist het een en ander af van het produceren van bewegend beeld en dacht: misschien kan ik dat mixen met mijn voorliefde voor de stad en voor hoe een stad (en dan specifiek Amsterdam) zich ontwikkelt. Dus ik ontwikkelde dramaproducties, maar wilde ook eens nadenken over manieren van integratie in architectuur. Ik wilde voor schermen het bewegende beeld produceren, maar daarvoor bleek de markt nog te jong. Ik moest dat soort projecten zelf gaan initiëren en daardoor belandde ik in het bedenken van concepten voor dat soort beeldschermen waar content voor gemaakt zou moeten worden.’ Dit was het begin. Matthijs was niet meer alleen producent, maar ook initiator. Hij praatte met mensen, zorgde dat er een verhaal ontstond waar men iets mee wilde doen en bracht mensen in beweging. Met zijn productiebedrijf creëerde hij eigenlijk zijn eigen werk. Maar nooit alleen: met onder andere architect Jasper Klinkhamer zette hij Urban Alliance op, een onderneming die uitgeroepen werd tot de meest innovatieve onderneming van Noord-Holland in 2007. Hun project Moodwall, een interactieve LED-muur op de Bijlmerdreef, won de Dutch Design Award in 2009.

Samenwerken ‘Middels evenementen wilde ik met mijn productie­ bedrijf in contact komen met nieuwe makers. Ik begon in 2004 met een paar mensen Open Screen in Kriterion. Een soort Open Bak zoals voorheen in de Engelenbak: een plek waar makers iets konden uitproberen op het grote doek. Mijn partners wilden meer de focus op internationale makers leggen, ik meer op jonge makers. Zo kwam ik in contact met de voorzitter van de NFTVM destijds. En via het Amsterdamse Fonds voor de Kunsten kreeg ik subsidie om Open Screen te financieren, waarop ik het bij de NFTVM onder bracht met een nieuwe naam en enkele sponsoren als Binger en Filmlab. Die avond noemden we VERS. Het was dan wel mijn initiatief, maar > 47


INTERVIEW

het werd doorontwikkeld door onder andere Marleen Slot en Lotte Gerding naar ten slotte de VERS Awards. Uiteindelijk nam de vereniging zelf de naam over: de NFTVM werd VERS.’ Het hart van Matthijs ligt bij het inzetten van het brein of de creatieve mogelijkheden van jonge professionals uit verschillende disciplines. Hij scout graag talent. ‘En dan het liefst voor vraagstukken en projecten die relevantie hebben voor de stad waarin ik woon: Amsterdam.’ Zo is hij tevens directeur van een nieuw initiatief op het gebied van onderwijs en ontwikkeling. Afgelopen juni lanceerden de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, de Hogeschool van Amsterdam en Hogeschool Inholland het Amsterdam Creative Industries Centre of Expertise. Een samenwerking waarbij de drie grootste opleiders op het gebied van creatieve industrie met elkaar in contact komen om vraagstukken praktijkgericht te onderzoeken in samenwerking met het bedrijfs­ leven en de overheid. ‘Dat onderzoeksprogramma bevat een samenwerkingsproject over New Cinema tussen het lectoraat Gaming van de Hogeschool van Amsterdam en de Filmacademie van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Wat kan er gebeuren als we games en film met digitale mediatechnieken naar de straat brengen en laten samenwerken? Dat is één van de onderzoeken die gaan starten binnen mijn centre vanaf september.’

Noodzaak Volgens Matthijs is het van deze tijd, om door het verbreden van je horizon en het aangaan van allianties toch dingen mogelijk te maken. ‘De budgetten zijn schaars maar expertise is er wel en de behoefte en noodzaak om nieuwe dingen te ontwikkelen of nieuwe oplossingen te zoeken voor vaak (maatschappelijke) vraagstukken is er ook. Dus er moet meer samengewerkt worden. Meer crossover gedacht worden. Dat levert hele mooie dingen op. Ook in de film.’ Amsterdam Film Week moet ook een platform bieden voor nieuwe samenwerkingen. Het versterkt het merk Amsterdam. ‘Het was mij en de andere initiatiefnemers een doorn in het oog dat Amsterdam nog geen internationaal filmfestival had, gericht op hoogwaardige arthousefilms. 48

Maar het moet ook wel relevantie hebben voor de industrie. We programmeren enerzijds winnaars van internationale filmfestivals (dat zijn winnaars van onder andere Cannes en Tribeca, films die soms al te zien zijn geweest), maar anderzijds ook een heel groot aanbod aan nieuwe films. AFW is dus aan de ene kant het festival waar je de schade van een jaar lang te weinig films kijken in één week kan inhalen met de beste films van het afgelopen jaar (waarbij ‘beste’ niet staat voor onze mening maar van die van de jury’s van de internationale top festivals). Aan de andere kant is het een previewfestival met de potentiële nieuwe winnaars op een presenteerblaadje. Natuurlijk moet dit groeien, maar we bewegen er steeds meer naar toe dat producenten en distributeurs op AFW hun nieuwe versies komen weergeven.’ Zonder de achterliggende carrière en het opgebouwde netwerk van de oprichters was AFW niet zo van de grond gekomen. Deze mensen hadden hun sporen verdiend en daardoor kwamen de juiste samenwerkingen tot stand. Het is een resultaat van jarenlange inspanning. Matthijs begon ooit met een onderzoek naar ‘de vraag’, door simpelweg om zich heen te kijken. Hij praatte met mensen en initieerde samenwerkingen. Hij zette dingen in werking. ‘De discussie over geld is van alle tijden alhoewel ik de laatste ben om te onderschatten hoe moeilijk het op dit moment is om aan financiering te komen. Maar je moet wat gaan doen!’ Matthijs is ook altijd maar gewoon initiatief blijven nemen. ‘Toen ik begon was het ook zoeken. Zoeken naar inhoud en creatieve manieren en de juiste mensen om middelen bij elkaar te brengen.­ En dan zorgen dat je je waar maakt. Dat is misschien oncomfortabel ja. Maar uiteindelijk val je als het goed is vanzelf op.’ <

De derde editie van Amsterdam Film Week vindt plaats van 28 oktober tot en met 3 november 2013. Voor meer informatie: www.amsterdamfilmweek.com Meer over het Centre of Expertise voor de creatieve industrie op www.amsterdamcreativeindustries.com VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

Tekst: Laura Kemp

‘Ik maak porno voor mensen die van film houden’ Interview met pornoregisseuse Jennifer Lyon Bell

‘Dames, jullie muntthee’. De ober van het café in de Amsterdamse binnenstad houdt zijn gezicht in de plooi wanneer hij onze glazen neerzet. Maar het is hem niet ontgaan: op de opengeklapte laptop zijn we harde porno aan het kijken. ‘I do this all the time,’ lacht Jennifer Lyon Bell zodra de arme jongen buiten gehoorsafstand is.

‘We doen onszelf tekort met mainstream porno’ Jennifer Lyon Bell is Amerikaans, in de dertig en heeft een zacht gezicht met kort, bruin haar. Ze is feministe en maakt films met echte seks. Porno dus. RedTube.com, de website die ik haar ongevraagd heb voorgeschoteld, vindt ze maar niets. ‘Dit is vooral heel veel presentatie,’ legt ze uit. Vrouwen die zichzelf letterlijk openen voor de camera. Maar weet je, mensen verlangen juist veel heviger naar de dingen die ze niet kunnen zien.’ ‘Het is wel ontzettend populair,’ zeg ik. ‘Of course, it does the job,’ maar daar is dan ook alles mee gezegd. Doen we onszelf daar niet ontzettend mee tekort? Willen we niet veel liever een mind blowing experience?’ Die mind blowing experience is wat Jennifer poogt te bereiken in haar eigen pornofilms die ze al bijna tien jaar maakt. Ze worstelt met hoe ze haar werken moet noemen. Alternatieve porno? Kunstzinnige sekscinema? Of het in Nederland bedachte woord porna. ‘Ik maak porno voor mensen die van film houden,’ concludeert ze. ‘En dat is DIT niet.’ Ze wijst naar een RedTube-clipje met de titel: ‘Newcomer Savannah Opens her Asshole’. Meer weten over Jennifer’s films en visie? blueartichokefilms.com 50

‘Born to do this’ Als Jennifer over seks praat doet ze dat met een haast kinderlijk enthousiasme. ‘Porno kijken vond

ik altijd al spannend, maar mijn eigen seksuele ontmoetingen en de verhalen van mijn vrienden vond ik nog veel spannender. In mijn achterhoofd was altijd al een stemmetje: ‘Wat jammer dat porno niet weergeeft hoe leuk seks eigenlijk is.’ Na haar studie psychologie aan Harvard werkte Jennifer eerst in de reclame. Tien jaar later keert het tij als Jennifer door de liefde in Amsterdam terechtkomt. Het is deze stad waarin ze zich eindelijk op haar plek voelt om films te gaan maken. ‘Amsterdam is zo accepterend en tolerant en ik dacht: hier kan ik eindelijk doen wat ik wil. Als ik op de set sta, komen al mijn passies samen: film, erotiek en activisme. I was born to do this.’

‘Ik houd wel van seks en ik houd ook wel van pijpen’ Toen ik Jennifer ontmoette na een debat­avond in de Rode Hoed in Amsterdam, haalde ze uit haar handtas drie van haar eigen DVD’s. Ik mocht ze mee naar huis nemen. ‘Begin maar met Headshot, die is lekker kort en super sexy.’ Ze spreekt de laatste twee woorden fluisterend uit. Headshot is geïnspireerd op de controversiële Andy Warholfilm Blowjob uit 1964. In beide films ziet de kijker alleen maar het gezicht van de jongen die wordt bevredigd. Blowjob was toentertijd een belangrijke homofilm. Warhol maakte er geen geheim van dat de pijpbeurt door een man werd verricht. In Jennifer Bell’s Headshot is de eer aan een dame. Bovendien voegt ze aan het scenario een verrassingselement toe. ‘De jongen heeft geen idee wie er binnen gaat komen…’ Het geluid van voetstappen. De jongen kijkt gespannen op. Even is het stil. ‘Waarom dacht je van eh.. nou, dat wil ik wel doen?,’ vraagt hij na een tijdje. ‘Waarom ik dat dacht? Nou, ik houd wel van seks, ik houd ook wel van pijpen, VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

dus voor mij was het zoiets van: ja, spannend.’ De jongen knikt, leunt achterover, trekt zijn shirt uit en gooit het op de grond. Hij ademt diep in, zijn oogleden beginnen te trillen en zijn gezicht wordt roder en roder. Af en toe zie je het blonde achterhoofd van de vrouw in beeld verschijnen. De jongen komt klaar met een kreet en een ‘oh my god’. De camera blijft nog even doorlopen. Hij bedankt haar en zegt dat zijn lichaam helemaal tintelt. Het opwindende aan Headshot is, vindt Jennifer, dat je een perspectief ziet dat in het echte leven onmogelijk is. Namelijk het gezicht van de man. Bovendien is Chris echt ‘ADORABLE’.

‘Pornotrucjes moeten eruit’ ‘Hoe kom je aan zo iemand als Chris?’ Jennifer lacht. ‘Hij was de haarstylist van mijn eerste film Matinee en stapte tijdens de releaseparty gewoon op me af. Mensen die meedoen zijn avontuurlijk en willen hun seksuele grenzen verkennen. Vaak komen ze uit de creatieve sector. Artiesten. Ook komen er professionele porno-acteurs op mijn films af die zich toch meer aangetrokken voelen tot het alternatieve circuit. Deze laatste categorie heeft als voordeel dat ze zich heel snel op hun gemak voelen, het nadeel kan zijn dat ze te snel in ‘typische pornotrucjes’ vervallen. Dat moet eruit. Een goede casting is een van de meest uitdagende processen. Ik wil mensen eerst persoonlijk leren kennen en er zeker van zijn dat ze hier heel bewust instappen.’

te richten, maar wel door het laten zien van bijvoorbeeld kippenvel op het lichaam. Verder is chronologie heel belangrijk voor de opbouw van de opwinding. In normale porno maar ook in seksscènes in speelfilms wordt veel te veel gemonteerd. Ik houd ook van zwakke belichting. Tijdens echte seks zie je ook niet altijd alles. En tijdens hele goede seks,’ Jennifer is even stil, ‘zie je misschien wel helemaal niets.’

‘We willen niet minder, maar meer porno’ Jennifer maakt deel uit van een kleine, opkomende vrouwenbeweging die hard probeert een voet tussen de deur te krijgen in de massale pornoindustrie. ‘We willen niet minder, maar juist meer porno. Veel pornokijkers kijken films die net goed genoeg zijn om van klaar te komen. We verdienen meer dan dat.’ Maar wat is dat meer dan precies? Misschien wordt deze vraag wel beantwoord in haar laatste film: SKIN.LIKE.SUN. Het zit hem niet zozeer in de belichting, chronologie of de manier waarop de seks in beeld is gebracht. De meest intieme scènes spelen zich af na de seks, als Jennifer Lyon Bell besluit gewoon door te filmen. De verliefde jongen wast de voeten van zijn vriendin onder de douche en daarna houden ze een gevecht met wc-papier. <

‘Goede seksscènes maak je met sympathie en empathie’ ‘Ik denk dat er heel veel behoefte is aan een breder aanbod van seksfilms. Vooral bij vrouwen maar ook bij mannen. In die zin ben ik geen feministe van de oude stempel. Klassieke feministische filmtheorie richt zich teveel op de verschillen tussen de sekses: vrouwen hebben daarin een gebrek dat gecompenseerd moet worden. Daar ben ik het niet mee eens, ik wil juist een raamwerk creëren waarin de sekses samensmelten en niet van elkaar afgezonderd raken. Mannen en vrouwen hebben veel meer gemeen dan ze denken. De belangrijkste aspecten bij het maken van een goede seksscène zijn sympathie en empathie. Je moet je kunnen verplaatsen in de personages en een emotionele connectie voelen, ook al is het maar een beetje. Dit bereik je niet door een shot vol op de openingen VERSMAGAZINE 2013/2014

51


Digital Film Making Digital Video Production 3D Graphics & Animation Cross media Production & Publishing

VIDEO L A T I G I Learn D CTION 650 PRODU er ths! as p

in 3 mon


Sedert xx maart 1999 nederlands recept

Nederlanse films gaan je aan het hart


Tekst: Marijke Vos

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

FILMMAKEN: EEN GRENZELOZE AMBITIE

OF GESTOORD GEDRAG? 54

VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

“De grootmoedige is altijd bereid zichzelf op te offeren voor datgene waartoe zijn instinct, zijn passie hem leidt.” (De Vrolijke Wetenschap, F. Nietzsche, 1882)

‘Hou ‘t stil jongens!’ roept opnameleider Philip de Iongh over zijn schouder. ‘Daar gaan we!’ Hij kijkt even rond. ‘…èèèn actie!’ ‘Opnameleiders zijn normaal gesproken niet zo aardig hoor,’ zegt Trent (NFI Producties), als hij naar Philip knikt. Het is bijna zomer, 2013. We zitten in een squashcentrum in Almere, achter de rug van de cameraman en schuin naast regisseur Jochem de Vries, op de set van de film CORNEA. Het is één van de laatste draai­ dagen. Gespannen stilte valt. Niemand verroert zich, alle ogen staren naar het beweegveld van de acteur of naar het beeld op de video assist. De sfeer maakt me wat nerveus. Zit ik in de weg? Staat mijn telefoon wel op stil? Iedereen zit erbij alsof de laatste penalty van een wereldkampioenschap genomen moet worden. Wanneer de scène is afgerond bespeur ik hoop bij de crew. Of is het opluchting? De eindstreep van een langzaam ontwikkelingstraject is namelijk eindelijk in zicht. Binnenkort wordt een alles behalve comfortabele geschiedenis geschreven. Zes jaar geleden al kwam het eerste idee voor deze film op tafel. Pijnlijke afwijzingen en tegenslagen volgden, maar Trent (NFI PRODUCTIES) wist het uiteindelijk toch financieel voor elkaar te krijgen: de film werd gemaakt. Een voorbeeld van een proces, gevoed door lef en doorzettingsvermogen, maar ook integriteit. Althans, moeten we hier wel van een voorbeeld spreken? Want over lef en doorzettingsvermogen gesproken: so what? Volledige overgave en inzet, maar ook het verleggen van grenzen en het buiten het aangename toe tot het uiterste gaan, zijn toch de minimale eigenschappen die nodig zijn om überhaupt over passie te kunnen spreken? Of is het zo, dat een (arthouse)film VERSMAGAZINE 2013/2014

ook zonder passie gemaakt kan worden? Nee. Want zonder passie was CORNEA na de eerste subsidieafwijzing in de prullenbak beland. Zonder passie had niemand er iets om gegeven. Daar komt bij dat dit de eerste speelfilm van Jochem is, daarmee voor hem de meest belangrijke tot nu toe. Bovendien heeft het verhaal autobiografische elementen, wat het nog meer persoonlijke lading geeft. En tot slot wordt alles ambachtelijk op celluloid opgenomen. Dit is cinema maken. Jochem (geselecteerd voor een Gouden Palm in Cannes voor zijn eerdere, korte film Missen) kan eigenlijk niets anders verzinnen om te doen. Het is nog net niet zijn roeping.

Blikken vullen ‘Maar de wens om film te maken blijft altijd,’ zegt hij als we in de auto naar de volgende locatie zitten. ‘Al wordt het wel steeds moeilijker. Als student ben je naïef en ambitieus. Dan lukt het om veel gratis voor elkaar te krijgen. Maar als je ouder wordt, gaan je lasten omhoog. Ook worden de projecten groter. Dat kost meer geld en daar moet je dus goed over nadenken. Voor mijn eindexamenfilm zette ik een actie op: de VulDe-Blikken-actie. Ik verkocht filmblikken van tweehonderd euro per stuk met daarin alleen een toegangskaartje voor de première, aan producenten. Bijna iedere producent in Nederland heeft toen zo’n blik gekocht en met nog een beetje geld van een fonds had ik uiteindelijk twintigduizend euro bij elkaar. De blikken bracht ik rond op de fiets. Later sliep ik in auto’s om locaties te scouten, omdat ik geen geld had voor hotels.’ Jochem zegt dat hij net zo lang door zou zoeken tot het geld er zou zijn om de film te gaan maken. ‘Of je probeert met een lager budget te werken. Al wil ik liever geen concessies doen. Dat maakt dat ik wel eens

bang ben dat het niet gaat lukken. Maar ach, het is net als bij levensonderhoud. Dan vraag je je ook wel eens af of je wel rond komt. Dus ik leef heel minimaal, maar als ik dat vergelijk met andere landen of werelddelen, dan is dat weer niet zo.’ Het heeft dus allemaal met geld te maken. Dit middel bepaalt de scheppingsfactor. Dit middel bepaalt de mogelijkheden om buiten het comfortabele te gaan. Dit middel bepaalt in hoeverre je je passie na kan streven. Hoe oncomfortabel is dat? Georges Méliès (Parijs, 1861), maker van de film La Voyage dans la Lune (1902), wordt de ‘vader van de special effects’ genoemd. Hij was een pionier in het experimenteren met de mogelijkheden van film. Maar zonder zijn rijke (schoon)familie had hij niet de kans kunnen grijpen om zijn eerste camera te laten ontwikkelen en een eigen productie­ maatschappij en filmstudio (de eerste van Europa) op te zetten. Daardoor kon hij tussen 1896 en 1912 meer dan 520 filmpjes uitbrengen en experimenteren met de effecten van montage, kleur, decor, regie en acteerwerk. Zo kon hij door de aanwezigheid van geld in de basis een historische bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een internationale markt voor film, waarin Franse cinema domineerde in de pre-1914-jaren. Maar uiteindelijk zorgde dit succes ook voor zijn ondergang. Als slachtoffer van plagiaat, concurrentie en een voor hem te snel evoluerende industrie, moest hij zijn onafhankelijkheid aan Charles Pathé verkopen, die zijn films ging distribueren. In 1914 raakte Méliès failliet, in 1923 zat hij financieel aan de grond. Uit pure woede en onmacht vernietigde hij alle negatieven die hij had. Hij stierf arm in 1938. ‘A true martyrdom,’ noemde hij deze laatste periode van zijn leven. > 55


INTERVIEW

CORNEA zal in de eerste helft van 2014 in première gaan. Zie ook www.nfi.nu

Zonder financiële steun van familie of andere derden ben je in Nederland van oudsher aangewezen op de fondsen. Jochem: ‘We hebben ruim een miljoen euro steun gekregen voor CORNEA. Daar ben ik zeer dankbaar voor, maar vergeet niet dat de realisatie van een film ook werkgelegenheid biedt. Overigens, dat is met alle kunst zo. Van de subsidies die naar kunstprojecten gaan, gaat het meeste op aan materialen. Er worden mensen van betaald. En vergeet ook niet dat kunstenaars eigenlijk altijd met hun kunst bezig zijn. Als je dat in werkuren zou omrekenen, verdienen we nóg minder.’ ‘Bovendien, dat geld krijg je niet zomaar, natuurlijk,’ vult Trent aan. We zitten te wachten bij een wegrestaurant. Hier wordt de laatste scene van de dag opgenomen. De set wordt nog opgebouwd, Philip is druk heen en weer aan het lopen. ‘Voor de financiering van CORNEA hebben we een aantal jaren flinke discussies gevoerd met het fonds,’ gaat hij verder. Hierin ging hij tot het uiterste, waardoor de relatie onder spanning kwam te staan. Waarschijnlijk zou menig producent al zijn afgehaakt, uit angst om de goede vrede te verliezen. ‘Comfortabel was het niet nee, om het op de spits te moeten drijven. Maar we hebben doorgezet omdat we geloofden dat professionele harmonie bewaard moest kunnen blijven, ondanks dat er een hoogoplopende discussie gaande was. En dat is gelukt. Want we hebben de kwestie met een positief gevoel afgesloten en uiteindelijk is iedereen blij dat de film er komt.’ Elders dan in Nederland kan het heel anders lopen. Neem een land als Iran. Daar gaan discussie en harmonie dikwijls niet samen. 56

Jafar Panahi (1960), Iraanse filmregisseur,­ won diverse internationale prijzen op filmfestivals. In zijn films beschrijft hij naar eigen zeggen ‘menselijke gebeurtenissen op poëtische wijze’. In zijn film De cirkel (die een Gouden Leeuw in Venetië in 2000 won) bekritiseert hij de positie van vrouwen in Iran en zijn film Offside (die een Zilveren Beer in Berlijn in 2006 won) laat zien hoe enkele jonge vrouwen zich verkleden als man om in die gestalte toch toe te worden gelaten tot een voetbalwedstrijd. Beide films werden in Iran verboden maar Offside drong door tot het illegale­circuit, waardoor het in Iran de meest geziene­film uit dat jaar werd. Panahi werd twee maal gearresteerd. Eerst voor het draaien van een film tegen het Iraanse regime en later omdat hij zou hebben deelgenomen aan een illegale bijeenkomst en hij propaganda tegen het islamitische bewind in Iran zou hebben verspreid. Sinds 2010 zit hij een gevangenschap van zes jaar uit en is een verbod van twintig jaar op films maken, interviews geven en het land verlaten van kracht. Panahi joeg zijn ambities na, waarop zijn mond werd gesnoerd. Maar het lukte hem wel om in het buitenland erkenning te krijgen: in 2012 won hij De Sacharovprijs voor de vrijheid van denken, uitgereikt door het Europees Parlement en dit jaar won hij in Berlijn wederom een Zilveren Beer. Nu voor de film Closed Curtain, die hij in het geheim over zijn huisarrest maakte.

nou helemaal, als we naar hartstocht handelen? Toch brengt CORNEA wel een inhoud die je gewaagd zou kunnen noemen. Hoofdpersoon Thomas kan zijn ex-vrouw Marie niet loslaten en in het geheim blijft hij dagelijks bij haar leven betrokken. Hij stalkt haar zonder dat ze het weet of zonder haar pijn te doen. Jochem stelt hiermee een ethisch vraagstuk aan de kaak: wat als je iets verkeerd doet en ervoor wordt beloond? ‘Het is een Dostojevski-achtige crime and punish. Het gaat heel erg over schuld,’ vertelt Jochem. ‘Iets waar iedereen denk ik wel eens mee te maken heeft.’ En daar zit het schurende. Want in ons allen schuilt een ‘luis als alle anderen’ (Raskolnikov, de hoofdpersoon van Dostojevski in diens roman Schuld en boete). Met CORNEA doet Jochem een soortgelijke, oncomfortabele bekentenis. ‘Uiteindelijk verandert Thomas niet zozeer, daar blijkt hij niet toe in staat. Maar misschien het oordeel van de kijker over Thomas en de kwestie van schuld en boete wel.’ Jochem koos er bewust voor om de motivaties van de karakters niet concreet te maken. ‘Deze suggestieve vertelvorm geeft het publiek de ruimte om zelf conclusies te trekken.’ Jochem wil niet zeggen in hoeverre het verhaal autobiografisch is. ‘Thomas blijft een fictief persoon natuurlijk,’ zegt hij onbewogen. En hij heeft gelijk. Waarom zou hij zichzelf ook zo bloot geven? Antwoord op de vraag hoe het echt met Thomas afloopt geeft hij ook niet. ‘Ga de film maar kijken,’ lacht hij.

Oncomfortabele bekentenis Ja, als het om iets inhoudelijks willen vertellen gaat mogen we in Nederland wel trots zijn op de heersende speelruimte. Want wat is hier nou nog taboe? Welk gevaar lopen wij

Ondertussen komt Philip zeggen dat ze klaar zijn voor opname. Vanaf de zijlijn kan ik meekijken. Juda Goslinga (in de hoofdrol van Thomas) zit aan een tafel voor het raam VERSMAGAZINE 2013/2014


INTERVIEW

en zijn ogen staan zo triest als de grijze lucht die we achter hem buiten zien. Hij kijkt op het scherm van een mobiele telefoon, zucht en gooit hem dan enigszins bruusk in het glas met cola voor hem op tafel. Het is niet te vaak gerepeteerd, want de telefoon kan niet al te veel cola hebben. Weer die stilte. Geen geluid, geen beweging. Maar dan staat het er ineens op. ‘It’s a wrap!’ roept Philip. Iedereen klapt. Mensen glimlachen. Alleen aan Jochem is niet te zien of hij tevreden is of niet. ‘Typisch Jochem,’ zegt Trent. ‘Een man van goud, maar als hij diep gefocust is, krijg je hem af en toe moeilijk enthousiast. Voor mensen op de set kan dit wat star overkomen. Dan is iemand als Philip echt welkom. De meeste opnameleiders willen de baas spelen, Philip niet. Maar zo hoort het ook. Het is de taak van de hele crew (óók van mij als producent) om de regisseur te helpen zijn werk nóg beter te maken. Hoe moeilijk dat soms ook is.’

Ook zocht hij in zijn verhalen altijd tot in het extreme controversiële kwesties op als grof geweld, seks, drugs of racisme. Dit leidde tot discussies, boycotten en bedreigingen, waardoor Kubrick zelfs eigenhandig eens een film uit de roulatie haalde (A Clockwork Orange, 1971). En dit allemaal vanuit artistieke integriteit. Wat voor Kubrick zelf wellicht niet zo ongewoon was, maar voor de buitenwereld wel. Nietzsche zei hierover:

Grootmoedig

(Uit: De vrolijke wetenschap)

Stanley Kubrick (New York, 1928) zou het met Trent eens kunnen zijn geweest. Bekend als één van de meest innovatieve en vooraanstaande, maar zeker ook excentrieke filmmakers van alle tijden, was hij ervan overtuigd dat de regisseur alle macht bij het maken van zijn film moet hebben. Dat alleen hij mag bepalen of iets goed genoeg is afgewerkt en voltooid. Hij onttrok zich van Hollywood om vrij te zijn van alle grote studiobazen en vestigde zich in Engeland. Met abnormaal perfectionisme dreef hij zijn mensen tot het uiterste. Hij kon scènes honderd keer over laten doen en met groot gemak gaf hij enorme sommen geld uit. Hij verdween uit de publiciteit en weigerde steevast interviews. VERSMAGAZINE 2013/2014

De gewone mens is niet in staat te begrijpen waarom de grootmoedige met plezier zichzelf wegcijfert. De gedachte naar doel en eigen voordeel overtreft bij de gewone mens zijn instincten. Daaren­tegen is de grootmoedige altijd bereid zichzelf op te offeren voor datgene waartoe zijn instinct, zijn passie hem leidt. De eeuwige onrechtvaardigheid hierin is dat de grootmoedige niet in staat is in te zien dat zijn passie niet door de gewone mens wordt gedeeld en dat hij zelf een uitzondering is. Hierdoor begrijpt hij de gewone mens en diens rede niet en is hij verbaasd over de koers van de wereld die niet overeenkomt met wat naar zijn eigen inzicht nodig is.

Dit zou dan dus kunnen zeggen dat een samenwerking met Stanley Kubrick door hemzelf anders oncomfortabel werd ervaren dan door de ‘gewone mens’ waar hij mee samenwerkte.

Van de aardbodem verdwijnen Ik vraag aan Philip hoe ver hij zou gaan. Hoe ver hij zichzelf zou pushen, om de regisseur­ goed zijn werk te kunnen laten doen. Inmiddels zitten we op een stoel bij het weg­restaurant, op de parkeerplaats. Er staat een tafel met broodjes, wat bier, wijn en fris. De productieassistent wil me zo wel een lift geven, terug naar Amsterdam. Die jongen

rijdt toch al ‘de hele dag heen en weer’. ‘Nou, ik ben als lowest of de lowest begonnen hoor! Ik verwisselde vuilniszakken, ruimde etensresten voor de voeten van producenten weg, deed alle rotklussen. Ik pakte alles aan, kwam mijn afspraken na, versliep me nooit, deed keihard mijn best, om er maar tussen te komen. Toen dat op begon te vallen klom ik al snel omhoog. Nu sta ik tussen regie, productie, camera en acteurs in. Dat levert wel eens gezeik op ja. Als alles uitloopt bijvoorbeeld en er ineens dertig man onbetaald extra uren staat te maken. En het blijft hard werken. Soms wel 16 à 17 uur per dag, om daarna bij thuiskomst nog weer dingen voor te moeten bereiden. Maar dat weet je. Als je in de film zit, kan je van de aardbodem moeten verdwijnen.’ ‘Maar waarom zou voor je zoiets oncomfortabels kiezen?’ vraag ik hem. ‘Het is het eindproduct. Dat geeft voldoening,’ zegt Philip. Maar Jochem schudt kauwend zijn hoofd. Hij wacht ook op een lift. ‘Voor mij zit het ultieme geluksmoment eigenlijk bij het idee. Als dat tot stand komt, dan kan ik echt euforie voelen. En dat groeit, als anderen mijn idee ook goed vinden.’ ‘Oh?’ vraag ik. ‘Wordt het maken van de film dan eigenlijk niet overbodig?’ ‘Nee! We moeten stoppen met lullen. En niet klagen! Maar films beter maken. Méér films maken!’ Philip lacht en klopt Jochem beamend op zijn schouder als hij wegloopt. De dag is afgelopen. Hier op de parkeerplaats, naast het wegrestaurant, is dit nog geen echte wrap party. Er zijn nog zeven draaidagen te gaan. <

57


INTERVIEW

58

Tekst: Naam Achternaam Beeld: Naam Achternaam

VERSMAGAZINE 2013/2014


COLUMN

Tekst: Herman Verschuur

De baas van het beeld Het maken van vrijwel iedere film is een teamprestatie en elk team heeft een aan­voerder nodig. Iemand die richting of visie geeft om een coherent geheel te krijgen. Bij een film is de regisseur in de eerste plaats de aanvoerder; hij of zij geeft de richting aan, gesteund door onder andere de productie, schrijvers en de DoP (Director of Photography). Vooral wat betreft het beeld is de DoP van groot belang. In de voorbereiding worden er shots bedacht en wordt er getest met artdirection, kleding en make-up. Lokaties worden in overleg gekozen en veel van de sfeer van de film wordt hier in de voorbereiding in gang gezet. De camera en lenzen worden besteld, lichtlijsten en crew samengesteld om de juiste voorwaarden te scheppen om het verhaal te kunnen vertellen. Tijdens het draaien is het aan de DoP om leiding te geven aan de crew en om het idee dat aan een bureau is ontstaan in beelden om te zetten. Door weer en wind, dag en nacht krijgt de film langzaam vorm.

Vandaag leven we in een 4K-wereld, geen film wordt gemaakt zonder CGI (Computer Generated Images), re-framing, maskers en beeldcorrecties. Met een latitude van 15 stops zit alle detail nog in het materiaal, ook al willen we dat helemaal niet zien. Met hogeresolutiemonitoren op de set, kan ineens iedereen zien wat er gebeurt tijdens de opname. Alleen gaan al deze beelden door een filter die van tevoren is vastgesteld, een zogenoemde LUT (look up table). Zonder de juiste instellingen kun je ineens naar een volledig ander beeld kijken. Waar atmosfeer, kleur en dekking belangrijk zijn om het gezicht van de film te bepalen, gaat het door het doolhof van nieuwe technieken nu meer over de techniek dan over de artistieke input die de DoP wil geven.

Althans zo was het altijd. De DoP draaide af en toe een grijskaart om de lichtnummers van het lab te testen en aan het eind kon alles met een paar sessies kleurcorrectie naar elkaar toe worden getrokken. De manier van vertellen en artistieke keuzes werden in voorbereiding of op de set gemaakt.

Je zou zeggen dat het belang van super­ visie over het beeld enorm is toegenomen – vreemd genoeg is dat niet het geval. Nog steeds geeft de DoP het materiaal uit handen terwijl het werk op tweederde is in plaats van vrijwel klaar. De rol van de DoP zal moeten veranderen: van alleen werken op de set en

VERSMAGAZINE 2013/2014

de voorbereiding hiervan, naar een volledige aanvoerder van het beeld. De situatie waarin op tweederde van een produktie het schip ineens een andere kapitein krijgt die zijn eigen koers gaat varen, is niet goed voor de continuiteit van de beeldvertelling. Met voldoende kennis over de verschillende postfaciliteiten, kan de DoP ook het beste formaat of de beste camera kiezen voor de film. Niet alleen qua opnametechniek maar ook wat betreft het gemak tijdens het draaien. Dit alles heeft consequenties voor de hoeveelheid tijd die een DoP beschikbaar moet zijn voor een film. De DoP zal uit de comfortzone moeten komen om plaats te nemen in een stoel tijdens de postproductie. <

Kijk voor meer infor­matie over het werk van Herman Verschuur op www.camrock.nl. 59


COLUMN

Tekst: Meia Wippoo

Eigen schuld Niemand is in de film of televisie gegaan om er te falen. We streven allemaal succes na en willen het liefst dat onze beste kant gezien wordt. Maar de realiteit is dat de zucht naar succes hand in hand gaat met de angst voor het falen. Hoe zorg je er voor dat die angst je niet lam legt en je belet te doen wat je het liefst zou willen doen?

Ik heb veel ambitieuze en gepassioneerde makers ontmoet. Allemaal mensen met belofte – door henzelf of door anderen uitgesproken – en in volle vaart op weg naar succes. En toch blijft het wel eens uit. Ja, dat kan pech zijn. Er zijn legio factoren die er voor zorgen dat succes uitblijft: geld, tijd, mankracht, timing. Maar in alle eerlijkheid: is de grootste beperkende factor niet de maker zelf? Boele Weemhoff is ervaringsdeskundige. Zijn eindexamenfilm ‘Blanche en Marie’ werd in 1998 meteen na uitkomst de hemel in geprezen en won de Grand Jury Prize bij het NYU Short Film Festival. De toen krap 23-jarige Boele was overrompeld. ‘Dat directe succes heeft me niet echt geholpen. Natuurlijk wordt je ego enorm gestreeld. Je bent heel erg blij, maar het is ook verschrikkelijk. Je ego raakt in paniek.’ Na de succesronde langs de verschillende media, met onder andere een bezoekje aan Paul de Leeuw, vroegen mensen namelijk meteen wat het volgende project zou zijn.

VERSMAGAZINE 2013/2014

geen onderwerp zijn aandacht lang genoeg vast en had hij last van ‘vernietigingsdrang’ op zijn eigen ideeën. Toen hij de kans kreeg om bij Goede tijden, slechte tijden als regisseur aan de gang te gaan – en daar veel vlieguren kon maken - sloeg hij dit dus af. Enerzijds omdat hij wist dat hij die vonk daar niet zou vinden, anderzijds omdat hij vond dat zijn eigenheid nog niet sterk genoeg was. Ondertussen zocht hij zijn heil in de muziek – een comfortabele route, omdat ‘muziek er altijd is’. En onder­ tussen kon hij broeden. Scenarist Willem Bosch maakte een vergelijkbare vliegende start mee. Willem verkeerde kort na het afronden van zijn studie in de gelukkige omstandigheid een mentor te hebben die hem, en schrijfbuddy Michael Leendertse, een grote kans gunde: het schrijven van het scenario van de BNN-serie Feuten. Willem was zich er goed van bewust dat dit geen hoogstaand artistiek werk zou opleveren, en dat concessies gedaan moesten worden. Maar het was een grote kans die de mannen, na maanden pilots schrijven die niet werden gemaakt, met beide handen aangrepen. En met succes, want de serie werd opgepikt voor een tweede seizoen en inmiddels heeft Willem ook het scenario voor de film op zijn naam staan. Slechts twee maanden nadat Willem na eigen zeggen zo blut was dat hij niet eens een winterjas kon kopen, en het werk nog maar een half jaar de kans wilde geven, kwam zijn grote doorbraak.

‘Dat was heel erg moeilijk omdat ik niet iets wilde maken dat visieloos was en waarbij ik geen vonk voelde. Die vonken zijn schaars.’

Geluk speelt natuurlijk een rol in dit succes. Maar het is te makkelijk om het alleen daar op af te schuiven. Deze bewuste mentor gunde deze twee jonge honden niet zomaar zo’n kans. Willem is daar heel duidelijk in:

Om een film te ontwikkelen moet je je lang met hetzelfde onderwerp bezig willen houden. Maar door alle indrukken om hem heen hield

‘Je moet veel meters maken, en ook mensen informeren over wat je maakt. Wij stuurden onze scripts altijd naar onze oude mentoren. Voor feedback. Je kunt heel

61


COLUMN

goed zijn, maar als je niet zichtbaar bent, en mensen niet weten wat je doet, dan heb je daar niets aan.’ Willem blijft trouw aan dit statement. Hij twittert er naar hartenlust op los, laat zijn kop op televisie zien en borrelt graag met de Martin Koolhovens en Robert Alberdingk Thijms, die hij als zijn voorbeelden, maar nu vooral als goede collega’s beschouwt. Er zijn nergens zo veel verschillende mensen als in de creatieve sector, dus er zijn heel veel manieren om met onzekerheden om te gaan. Zelf het grootste talent denkt wel eens ‘ik kan er niets van’. Uiteindelijk is veel terug te voeren op karakter. Willem bewandelt het pad met veel bravoure, durft op zijn bek te gaan en is bereid concessies te doen in het proces. ‘Ik zal Feuten nooit niet gemaakt hebben. Misschien dat ik daar ooit last van ga krijgen, maar tot nu toe heeft het me alleen maar veel opgeleverd. Ik kan nu een scenario schrijven zoals ik dat zelf wil – die credits heb ik opgebouwd. Maar daarbij: in Nederland wordt een flop je ook gewoon vergeven, dat is niet erg. Succes is natuurlijk wel goed voor je carrière.’ Boele is van nature veel meer een observator en naar eigen zeggen hooggevoelig. Hij weet dat dit zijn kracht en zijn valkuil is. Ondanks dat hij niet weet wat hij wel wil maken, omdat hij die zeldzame vonk daarvoor nodig heeft, weet hij wel heel goed wat hij niet wil maken. En hij kan zijn moment afwachten omdat hij ondertussen al jaren succesvol is in de muziek. Film blijft trouw op de horizon, als machtiger ultiem medium waarin alles samen moet komen.

62

Het is dus niet zo’n eenvoudig vraagstuk, en ik pretendeer ook niet met een oplossing te komen. Elke maker gaat er anders mee om. Ik snap waarom Boele wil wachten op ‘de vonk’ maar ik begrijp ook goed waarom Willem er voor kiest veel aan te grijpen. Ikzelf ben ook nog niet waar ik wil zijn, maar ik vind mezelf niet onsuccesvol. Ik heb toevallig die ene film nog niet gemaakt, maar ik heb al zo veel meer dingen wel gedaan waarvan ik nooit had kunnen bedenken dat ik ze kon doen. Uiteindelijk denk ik dat het gaat om realistische doelen voor jezelf te stellen. Het grootste talent, met alle wind mee, kan falen in het maken van DIE film of DAT televisieprogramma simpelweg omdat hij zijn eigen verwachtingen niet kan waarmaken. Andere mensen kunnen jouw werk waarderen of bekritiseren, maar je bepaalt toch echt zelf wat succes is. Willem: ‘Ik denk vaak genoeg dat ik er niets van kan. Maar mijn motivatie is dat ik het gewoon heel leuk vind om een goed verhaal te maken. Je moet het succes op zichzelf niet leuk gaan vinden. Dan ga je onderuit.’ Hoewel Willem en Boele heel verschillende keuzes maken, hebben ze wel duidelijk voor ogen wat voor hen succes is – en ze weten waar hun kracht ligt. Als je dat weet ben je al heel ver. Als je daarbij je ogen openhoudt voor onverwachte kansen, niet je kop in het zand steekt, en eerlijk bent naar jezelf over wat haalbaar is, is succes binnen handbereik. Dan is het geheel je eigen schuld.

VERSMAGAZINE 2013/2014


VERS TALENT! MAAK KENNIS MET NEW SCREEN NL KORT! • ONE NIGHT STAND • DE OVERSTEEK • DE VERBEELDING • VRIJPLAATS BEGINNENDE SCHRIJVERS •WILDCARD • FILMISCH EXPERIMENT • ULTRAKORT • KORTE ANIMATIE • AFWERKING


FRESHGROUND

Van links naar rechts en van boven naar onder: Ivo Noorlander (voorzitter) - Meia Wippoo (vicevoorzitter) - Digna van Nielen (secretaris) - Marijke van Leeuwen (secretariaat) - Jorn Mooij (penning足 meester) - Mariette Faber (advertentie & sponsoring) - Anke Hellebrand (VERS Awards) - Eveline Gillot (VERS Avonden) - Mirjam Wiekenkamp (VERS Communicatie) - Marieke van de Velde (VERS Website) - Robbert Vos (VERSMagazine.nl) - 足Emmanuel Tenenbaum (FRESH/VERS inter足nationaal) - Laura Kemp (VERS Magazine) - Marijke Vos (VERS Magazine) - Jesse van Amerongen (VERS Magazine) - Dirk Krijgsman (VERSMagazine.nl) Sofie Rouw (VERSMagazine.nl) - Irene de Gussem (VERS Avonden)

VERSMAGAZINE 2013/2014

65


TEASER

6pack revisited In 2003 startte 6pack: een televisieprogramma naar idee van productiehuis CCCP en Heineken, dat aanvankelijk in de nacht vertoond werd op SBS6 en later MTV. Het programma had een hoog guerilla-gehalte en had een geheel eigen aanpak. Een collectief van jonge makers zocht de grenzen van televisiemaken op, wat destijds als zeer vernieuwend werd beschouwd. Het liet zien dat je ook op een andere manier echte, concessieloze televisie kon maken. Het programma bracht veel presentatietalent voort, en ook veel mensen achter de schermen zijn goed in de film- en televisiesector terechtgekomen. Maarâ&#x20AC;Ś veel van hen zijn inmiddels ook gewoon meegegaan in de mainstream. Wisten zij eigenlijk wel dat ze toen vernieuwend waren? Voelen de makers zelf nu ook dat ze met de stroom mee gaan? Kriebelt het nog? Redacteur Laura Kemp brengt de 6packers van toen, van voor en achter de camera, weer eens bij elkaar en voelt ze stevig aan de tand. Lees het interview vanaf november 2013 op het online VERS Magazine via www.versmagazine.nl

66

VERSMAGAZINE 2013/2014


Specialistische verzekeringen voor Media, Entertainment & Audiovisuele branche.

www.mediapolis.nl 035 677 31 03 | â&#x20AC;&#x2DC;s-Gravelandseweg 69 | 1217 EJ HILVERSUM


STETZ FILM STETZ FILM wordt wordt

STETZ FILM wordt

Met BIND vertellen we verhalen over de nu enwe straks. Overover de Metwereld BIND van vertellen verhalen zoektocht van mensen naar hun de wereld nu en straks. Over de identiteit deze steeds sneller zoektochtinvan mensen naar hun veranderende wereld. Intieme, persoonlijke identiteit deze steeds sneller veranMet BINDinvertellen we verhalen over verhalen en maatschappelijke thema’s. derende persoonlijke de wereldwereld. van nuIntieme, en straks. Over de Grappig, verhalen ontroerend, envan maatschappelijke thema’s. zoektocht mensenverbindend, naar hun ontnuchterend, ofveranjuist Grappig, ontroerend, verbindend, identiteit in dezeverhelderend steeds sneller verwarrend maar altijd uitgesproken ontnuchterend, of juist derende wereld.verhelderend Intieme, persoonlijke en relevant. verwarrend altijd uitgesproken verhalen en maar maatschappelijke thema’s. en relevant. Grappig, ontroerend, verbindend, Joram Willink & Piet-Harm Sterkof juist ontnuchterend, verhelderend Joram Willinkmaar & Piet-Harm Sterk verwarrend altijd uitgesproken en relevant. Joram Willink & Piet-Harm Sterk

concepten en films voor interne en externe en communicatie concepten films voor interne en externe communicatie www.bindensterk.nl 020 364 00en23films voor interne www.bindensterk.nl concepten Stadhouderskade 020externe 364 00communicatie 23 152 en 1074 BC Amsterdam Stadhouderskade 152 1074 BC Amsterdam www.bindensterk.nl

speelfilms, korte films, documentaires, speelfilms, kortetv-drama films, documentaires, tv-drama www.bindenwillink.nl 020 364 00korte 30 films, www.bindenwillink.nl speelfilms, Stadhouderskade 152 020 364 00 30 tv-drama documentaires, 1074 BC Amsterdam Stadhouderskade 152 1074 BC Amsterdam www.bindenwillink.nl

020 364 00 23 Stadhouderskade 152 1074 BC Amsterdam

020 364 00 30 Stadhouderskade 152 1074 BC Amsterdam


VERS Magazine 2013/2014