Issuu on Google+


Introductie | uit “What the Hell is Documentary?” door Michiel van Opstal De reflexievisten onderzoeken met hun fotografie en film niet alleen de werkelijkheid maar ook de manier waarop deze in verschillende media ‘onderhandeld’ wordt. Ze gaan ervan uit dat datgene wat wij werkelijkheid noemen pas in een botsing tussen buitenwereld en medium tot stand komt. Ze zeggen niet dat de werkelijkheid niet bestaat of dat deze alleen in ons hoofd ‘plaatsvindt’. Ze stellen dat de werkelijkheid betekenisloos is zolang deze niet door een medium wordt geactiveerd (onze ogen, een fotocamera, een satelliet, etc). Vergelijk het met een helikopter die met een grote schijnwerper door een pikzwarte nacht vliegt: de werkelijkheid licht pas op op het moment dat de bundel uit de schijnwerper contact maakt met datgene wat in de nacht verscholen ligt. Zo gaat het er volgens de reflexievisten ook in de echte wereld aan toe. Pas in een gefocuste blik op de werkelijkheid ontstaat paradoxaal genoeg realiteit. Dit ingewikkelde proces van betekenisproductie is het werkterrein van de reflexievisten: zij onderzoeken met fotografische en filmische strategieën hoe in fotografie en film verschillende werkelijkheidseffecten- en ervaringen worden geconstrueerd. Hun foto’s en films doen niet alleen een uitspraak over de realiteit maar bestuderen ook de betekenis en de werking van fotografie en film.


De gebeurtenis die ik voor dit project nam, was de Arabische Lente. Vanwege het familie archief van Gaddafi wat in de krant stond op de dag dat we deze opdracht kregen, kwam ik tot parallellen gedurende het jaar tussen de revolutie in LibiĂŤ en mijn grootmoeder. Er ontstonden overeenkomsten in tijd, maar ook in het verlaten en achterlaten van herinneringen.


De parallellen die ik maakte tussen de Arabische Lente en de gebeurtenissen rondom mijn grootmoeder.


Ik besloot mijn eigen familie album erbij te pakken, en terug te gaan naar het huis wat mijn groot moeder achter heeft gelaten. Het huis, nooit veranderd in de tussentijd, zou het middelpunt worden van het hele project. Via Gaddafi´s album, de herinneringen in Libië die achterbleven tussen al het geweld en verdriet in. Ze dreven mijn project via de parallellen die ik maakte tussen belangrijke data voor zowel de Arabische Lente en mijn grootmoeder, naar mijn eigen album. Terug naar het huis, terug naar mijn eigen herinneringen. Onderzoek deed ik naar, wat er over blijft van herinneringen, of ik deze kon vangen in beeld. Of alleen de leegte kon fotograferen die achter is gebleven. Wat doet eigenlijk een gebeurtenis met een herinnering. Mijn onderzoeksvraag luidt dan ook: Kun je een herinnering vangen in beeld. Of alleen de leegte die door de herinnering op een foto is gecreëerd? Daarop volgden de vragen: In hoeverre is een herinnering die je hebt van een moment op jonge leeftijd, een herinnering. Of is het iets wat je in je hoofd hebt geprent (na het zien van foto’s of na het te hebben gehoord) en aanneemt als een herinnering?


Ik besloot het huis van mijn grootmoeder te herfotograferen en zo dichterbij de leegte die onstaan is en mijn eigen herinneringen te komen. Werkende met een Mamiya fotografeerde ik enigszins precies de plekken die op de door mijn acht geselecteerde archieffoto’s stonden afgebeeld. Eerst zwart-wit, insgescand 120 mm negatief, maar dit maakte het juist té nostalgisch ten opzichte van de archieffoto’s. Opnieuw fotograferen dus, alleen dan nu op kleurendia. En tegelijk op 120 mm negatief.


Tevens maakte ik foto’s binnen een bepaald tijdsbestek, echter hiermee heb ik niets meer gedaan, omdat ik ze niet meer in de context kon toevoegen.


Op de volgende pagina staan dezelfde opnames, echter nu op kleurendia.


Ik wilde de foto’s niet presenteren als ‘toen - nu’. Ik wilde het nog een laag geven, en geluid ging me daarbij helpen. Ik had al een tekst geschreven om de context van het project duidelijk te maken. Deze heb ik ingesproken, en ik besloot deze al herhalend af te spelen bij een beamerpresentatie.


De tekst die al herhalende wordt afgespeeld tijdens de beamerpresentatie.

De foto’s worden in twee delen gebeamd: aan de linkerkant de archieffoto’s, twee keer zo klein dan het rechterbeeld met de hergefotografeerde beelden. De archieffoto’s gaan tevens twee keer zo snel, als herinneringen die snel voorbij komen. Deze presentatie haalt op den duur de rechter presentatie in wat er voor zorgt dat de beelden het ene moment wél bij elkaar horen, en het andere moment niet. Als toeschouwer weet je dus eerst niet precies wat er aan de hand is, maar omdat de beelden op een gegeven moment bijeen komen, valt het kwartje. Het geluid zal continu blijven gaan, evenals de presentaties. Na de eerste vertoning van het beeld, is er besloten om ook oud videobeeld te tonen, op twee tv’s links en rechts van de gebeamde beelden. Op de tv’s zullen twee stukken video te zien zijn, die de tijd omvatten van twee momenten die ook op de foto’s te zien zijn. De momenten voor en na komen zo deels aan de oppervlakte. Op de volgende pagina is de presentatieschets uitvergroot en heb ik twee beelden geplaatst, een schets hoe het komende dinsdag, 18 oktober 2011 in het lokaal bij tel aviv uit gaat zien. Vervolgens een aantal beelden van de presentatie hoe deze afgelopen week was. Deze is gefilmd, op een niet zo bijster goede kwaliteit, maar het idee is zichtbaar. Met de beoordeling zullen er dus ook nog twee tv’s met bewegend beeld aanwezig zijn.


De beelden links draaien per dia 5 seconden. De beelden rechts 10 seconden. De beelden links halen de beelden rechts op een gegeven moment in. De presentaties beginnen niet tegelijk. De toeschouwer wordt dus eerst in spanning gehouden, totdat de beelden die bijeen horen ook daadwerkelijk bijeen komen.

op de tv’s zijn dus oude videobeelden te zien


Via het nieuws, ben ik uitgekomen op iets persoonlijks, doch universeels. Het vermelden van de gebeurtenis waar ik dit onderzoek mee gestart ben, vond ik niet nodig. Ik heb zoveel stappen gemaakt, naar iets nieuws, dat de gebeurtenis en het familie album van Gadaffi puur een aanleiding zijn geweest van dit project. Daarvoor ben ik ze dankbaar, want deze gegevens die ik heb onderzocht en gemaakt heb tijdens deze periode geven me stof tot verder nadenken, en wellicht nog een vervolg.

Vera Mennens FO-3, 2011



Vera Mennens - Reflexievisten