Issuu on Google+

Elektronische Nieuwsbrief voor leden

JULI 2013


INHOUD 3 V

an het bestuur Ulco de Boer

Colofon Oprichtingsdatum 26 februari 2004 Aantal leden 135 Lidmaatschap V&VN € 62,00 per jaar /Afdeling VZI € 25,- per jaar Nieuwsbrief Verschijnt exclusief voor leden Eindredactie Ulco de Boer (u.boer@venvn.nl) Bestuur Ulco de Boer, voorzitter Erna Vreeke, vice voorzitter Renée Verwey, secretaris Eef Peelen, penningmeester Paul Blankers Sonja Jutte Fa Yacoubi Nico Kok Ybranda Koster Contact E-mail: infovzi@venvn.nl Website: http://vzi.venvn.nl Twitter: @VenVN_VZI LinkedIn VZI: http://www.linkedin.com/e/vgh/2557980/ Netwerk Keep In Touch-Zorg E-mail: KITZ@Venvn.nl Subgroep KIT-Zorg: http://www.linkedin.com/e/vgh/3710442

JULI 2013

4 e

Overdracht: de inhoud Irene van Duijvendijk

8 e

Overdracht: de toepassing Carlijn Hoogvliet

11 E

enheid van taal

12 o

verdrachtsgegevens ziekenhuizen Helen de Graaf-Waar

16 V

ergelijking eOverdracht en Generieke Overdrachtsgegevens Erna Vreeke

18 A

genda


VAN HET BESTUUR Borging ICT binnen V&VN

Begin van dit jaar is er een einde gekomen aan de bestuurscommissie ICT. Deze commissie is door de VZI geĂŻnitieerd bij de fusie van de VVZI met V&VN. Deze commissie bestond uit zeven personen. Naast VZI bestuursleden zaten hier ook ICT georiĂŤnteerde personen uit andere afdelingen in. Deze commissie heeft een V&VN ICT visie geschreven en meerdere adviezen uitgebracht. Het bestuur van V&VN heeft hier weinig vervolg aangegeven. Na evaluatie van de verschillende bestuurscommissies door V&VN in 2012 is door het V&VN bestuur besloten om met de bestuurscommissie ICT te stoppen. Dit is voor de afdeling VZI teleurstellend omdat er naar de mening van de VZI nog onvoldoende borging van het onderwerp ICT binnen het bureau aanwezig was. Over borging van het onderwerp zijn met de directie van V&VN gesprekken gevoerd en het onderwerp krijgt continue aandacht van het VZI bestuur. Er is op dit moment weer een beleidsadviseur die ICT in haar portefeuille heeft. Ook heeft ICT een nadrukkelijke positie gekregen binnen het jaarplan.

Communicatie en sponsoring

Om aandacht te vragen voor ICT in de zorg is de afdeling nadrukkelijker bezig met communicatie naar de verschillende stakeholders (leden, V&VN bestuur, V&VN bureau, overige afdelingen en verpleegkundigen en verzorgenden aan het bed). Omdat het VZI bestuur bestaat uit vrijwilligers zijn wij actief op zoek naar sponsors om daarmee nieuwe communicatie-activiteiten te kunnen bekostigen. In deze nieuwsbrief is onze eerste sponsor zichtbaar. Techxx is een overeenkomst van een jaar met de VZI aangegaan om zijn activiteiten onder de aandacht te brengen bij de juiste doelgroep. De overeenkomst bestaat er uit dat in deze nieuwsbrief een inhoudelijke bijdrage wordt geleverd en er op de website en in de volgende paar nieuwsbrieven het logo vermeld zal worden. We zijn met verschillende andere sponsors ook in gesprek voor samenwerking. Het VZI bestuur heeft een sponsorcode waarin nadrukkelijk de onafhankelijkheid als vereniging wordt gewaarborgd. Elke sponsor zal getoetst worden aan deze code.

Het belang van ICT

Zowel de bestuurscommissie ICT als de afdeling V&VN verpleegkundige en zorginformatica hebben een brede visie ontwikkeld op het toenemende belang en de toepasbaarheid van ICT in de dagelijkse praktijk. Tijdens de verenigingsbijeenkomst van 26 juni 2012 heeft de afdeling er bij andere afdelingen op aangedrongen hier in hun activiteiten aandacht aan te besteden. In 2013 zal de afdeling er de aandacht op blijven vestigen, zodat het thema ICT een standaardthema wordt in alle geledingen van V&VN. De ontwikkelingen m.b.t. e-health en domotica krijgen hierin nadrukkelijk ook een plaats. Bron: Verpleegkundigen en Verzorgenden jaarplan 2013

Nieuwsbrief juni 2013

Deze nieuwsbrief staat in het teken van de eOverdracht. Verschillende artikelen belichten het onderwerp; wat houdt de kernset eOverdracht in en hoe verloopt de implementatie in de praktijk? Naast de kernset die mede ontwikkeld is door V&VN heeft ook de NFU een generieke gegevensoverdracht ontwikkeld. Wat houdt deze set precies in en wat zijn de overeenkomsten en verschillen. Daarnaast een terugblik op een paar evenementen waar de VZI bij betrokken is geweest en een vooruitblik in de agenda voor toekomstige activiteiten waar de VZI aan zal bijdragen.

Ulco de Boer Voorzitter V&VN VZI

3


eOverdracht: de inhoud

Tips voor implementatie in de praktijk

Jaarlijks vinden circa 300.000 verpleegkundige overdrachten plaats in Nederland. Tijdens de weg die een patiënt aflegt door de zorgketen zijn meerdere instellingen en disciplines bij de zorg betrokken. Uit onderzoek van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ, 2011) blijkt dat de grootste risico’s in de zorg ontstaan door knelpunten in de informatie-uitwisseling bij de overdracht. Dossiers zijn niet actueel, niet compleet en bevatten niet altijd de informatie die voor zorgverleners relevant is. Een goede overdracht is noodzakelijk om continuïteit en coördinatie van zorg te waarborgen. Irene van Duijvendijk MSc. projectadviseur bij Nictiz, het landelijke expertisecentrum dat ontwikkeling van ICT in de zorg faciliteert.

Inleiding

VZI Nieuwsbrief juli 2013

Er zijn vier oplossingen om de overdracht van verpleegkundige patiëntgegevens op een efficiënte wijze te realiseren. Dit artikel biedt handvatten voor het gebruik van een gestandaardiseerd overdrachtsbericht in de praktijk. Het artikel gaat alleen in op elektronische oplossingen voor de overdracht. Overige methodes zijn buiten beschouwing gelaten. Dit artikel is geschreven voor informatiemanagers, ICTmanagers, zorgverleners, transferverpleegkundigen en beleidsmedewerkers uit ziekenhuizen en VVTinstellingen (verpleging, verzorging en thuiszorg) die betrokken zijn bij het overdragen van verpleegkundige patiëntengegevens. Daarnaast is het artikel van toepassing voor ICT-leveranciers die zich richten op het transfer proces in de zorgketen.

Probleemanalyse

Uit onderzoek van de IGZ (IGZ, 2011) blijkt dat de grootste risico’s in de zorg ontstaan door knelpunten in de informatie-uitwisseling bij de overdracht. Dossiers zijn niet actueel, niet compleet en bevatten niet altijd de informatie die voor de zorgverleners relevant is. Bij het overdragen van verpleegkundige patiëntgegevens worden twee problemen gesignaleerd. Ten eerste is er gebrek aan standaardisatie. Het is vaak onduidelijk welke gegevens moeten worden overgedragen. Bovendien maken zorginstellingen veelal gebruik van een eigen overdrachtsformulier. Hierdoor wordt verschillende en onvolledige informatie aan elkaar overgedragen.

4

Ten tweede vindt de overdracht voornamelijk op papier of telefonisch plaats, in plaats van elektronisch. Dit kost veel tijd en geeft dubbele administratieve lasten. Door onvolledige, te late en onleesbare overdrachten worden fouten gemaakt. Dit blijkt uit een inventarisatieonderzoek dat door ActiZ, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN), Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN) en Nictiz is uitgevoerd (Verwey ea, 2010).

‘De output van de instelling die de patiënt overdraagt, moet de input zijn voor de instelling waar de patiënt naar wordt overgedragen. Dit vermindert de administratieve lasten’. Erna Vreeke, V&VN Hoe kan op de problemen worden ingespeeld?

Door verpleegkundige patiëntengegevens met behulp van een landelijk geaccepteerde standaard elektronisch over te dragen, kunnen de twee bovengenoemde problemen worden opgelost.


Om een gestandaa rdiseerde overdracht te realiseren is er op initiatief van ActiZ en V&VN en met verpleegkundige experts uit de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ), ziekenhuizen, revalidatiecentra, een Universitair Medisch Centrum en VVT-instellingen een landelijke standaard opgesteld. Met de standaard wordt bepaald

welke set van gegevens bij de overdracht uitgewisseld moeten worden. Deze set is door middel van veldraadpleging voorgelegd aan de beroepsgroep en geaccordeerd door V&VN. Aan de hand van de dataset is een verpleegkundig overdrachtsbericht (eOverdrachtsbericht) ontwikkeld.

Gebruik van elektronische uitwisseling

Er zijn verschillende mogelijkheden om het eOverdrachtsbericht elektronisch uit te wisselen. Afhankelijk van de fase waarin de zorginstelling zich bevindt, is een van de volgende methoden geschikt:

A.

Elektronisch formulier, op papier verzenden.

C.

Health Level 7 Clinical Document Architecture (HL7 CDA) bericht digitaal verzenden.

Een elektronisch formulier gebaseerd op het eOverdrachtsbericht. Het formulier wordt digitaal door de zorgverlener ingevuld, uitgeprint en meegegeven aan de patiënt of gefaxt naar de ‘ontvangende’ instelling. B. Elektronisch formulier, digitaal verzenden. Een elektronisch formulier gebaseerd op het eOverdrachtsbericht, dat digitaal wordt verzonden naar de ‘ontvangende’ instelling. Om dit formulier te verzenden wordt gebruik gemaakt van beveiligde e-mail (bijvoorbeeld zorgmail) of een VPN-verbinding. Het eOverdrachtsbericht wordt als HL7 CDA bericht uit het elektronisch patiëntendossier (EPD) van de zender geëxporteerd. Vervolgens wordt dit bericht rechtstreeks, via een netwerkverbinding (bijvoorbeeld via zorgmail of VPN) naar de ontvanger gestuurd die het direct in het EPD kan importeren. D. HL7 CDA bericht, verzenden via een regionaal transfersysteem. Het eOverdrachtsbericht wordt als een HL7 CDA bericht ingevuld in een transfersysteem in de regio. Een transfersysteem biedt logistieke ondersteuning aan zorgverleners wanneer een patiënt wordt overgeplaatst naar een andere zorgverlener. Via dit systeem wordt het bericht naar de ontvangende partij getransporteerd Wanneer dit technisch gezien (nog) niet mogelijk is bij de ontvangende partij, kan de ontvanger het bericht opvragen in het transfersysteem en in een HTML-pagina bekijken. Dit kan als bijlage in het EPD worden opgeslagen of worden uitgeprint en in het papieren dossier bewaard.

5


Oplossing, een groeimodel

Bij de implementatie van het elektronisch overdrachtsbericht in de praktijk is er sprake van een groeimodel. Het is de verantwoordelijkheid van de zorginstelling in samenwerking met de ICT-leverancier om eOverdracht, passend bij de communicatie in de regio, te implementeren. Dit kan oplossing A tot en met D zijn. Bij welke methode de zorginstelling begint, is geheel afhankelijk van de bestaande manier van gegevensuitwisseling in de regio. Wanneer een zorginstelling klaar is voor een volgende methode uit het groeimodel, kan dit in samenwerking met de ICT leverancier worden aangepast.

Meerwaarde van eOverdracht in de praktijk De zorgverlener

VZI Nieuwsbrief juli 2013

Het eOverdrachtsbericht heeft meerwaarde voor verpleegkundigen en verzorgenden: • De kans op fouten bij overdracht van gegevens vermindert. De gegevens zijn digitaal en worden niet steeds overgetypt of overgeschreven. • eOverdracht levert een besparing op van ongeveer 25 minuten per overdracht aan de zendende organisatie. Tegelijkertijd levert het ongeveer 20 minuten tijdsbesparing per overdracht bij de ontvangende organisatie. Dit blijkt uit inventariserende gesprekken van V&VN en Nictiz met VVT-instellingen en ziekenhuizen. • De administratieve lasten worden verlaagd door eenmalige registratie bij de bron. De zendende partij hoeft niet op zoek naar informatie om dit vervolgens over te typen. En de ontvangende partij krijgt de juiste en volledige informatie aangeleverd. • Er ontstaat eenduidig taalgebruik tussen zorgorganisaties en beroepsgroepen. Door het gebruik van een door de sector opgestelde standaard zijn er afspraken over de inhoud van de overdracht. Dit zorgt voor meer duidelijkheid en de overdracht is vollediger, toegankelijker en beter leesbaar.

De patiënt

Voor de patiënt heeft het gebruik van het eOverdrachtsbericht de volgende meerwaarde: • Het is voor de patiënt of diens naasten niet meer nodig om vragen herhaaldelijk te beantwoorden. De zorginhoudelijke informatie staat al vermeld in de overdracht, zo blijft er meer tijd over voor kennismaking en opstellen van een zorgplan voor vervolgzorg. • De patiënt ontvangt de juiste zorg. Er worden minder fouten gemaakt omdat de juiste informatie beschikbaar is.

6


De zorginstelling

Het gebruik van het eOverdrachtsbericht heeft onderstaande meerwaarde voor de zorginstelling: • Kwaliteit van zorg verbetert als zorgverlening wordt ondersteund met adequate gegevens van de patiënt. Elektronische gegevensverwerking leidt tot een betere beschikbaarheid van informatie. • Informatie kan worden hergebruikt voor kwaliteitsnormen van de IGZ. De kwaliteitsindicatoren voor de rapportages aan de IGZ staan elektronisch vermeld in de overdracht. Dit zorgt voor tijdswinst en betere registratie. • Er wordt tijd, en daarmee geld, bespaard. Het overtypen van gegevens kost veel tijd, dit is nu niet meer nodig.

Aan de slag

Zoals eerder in dit artikel is beschreven, is de implementatie van het eOverdrachtsbericht afhankelijk van de fase waarin de zorginstelling zich bevindt. Goede afstemming tussen verzendende partij, ontvangende partij en ICT-leverancier is noodzakelijk. Om na het lezen van dit artikel aan de slag te gaan, kan het beantwoorden van de vragen in onderstaand schema als ‘start’ worden gebruikt.

De ICT-leverancier

Het implementeren van eOverdracht in de praktijk heeft ook meerwaarde voor de ICT-leverancier. • ICT-leveranciers kunnen het eOverdrachtsbericht in een keer programmeren voor alle klanten. Er zijn geen klantspecifieke oplossingen meer nodig. Iedereen hanteert dezelfde standaard, waardoor er efficiënter wordt gewerkt. • Er is geen sprake meer van interoperabiliteitsproblemen met andere ICTleveranciers.

Implementatie

Het eOverdrachtsbericht is klaar voor implementatie. Het bericht is onafhankelijk van een ICT-leverancier en kan daarom door elke ICT-leverancier worden ingebouwd. Eind 2012 vinden de eerste implementaties plaats. Verschillende partijen in de keten zijn afhankelijk van elkaar om het eOverdrachtsbericht te implementeren. De zendende partij, de ontvangende partij en de ICTleverancier. Om tot implementatie te komen moet de ICT-omgeving van de zorginstellingen ingericht zijn om het bericht te verzenden of ontvangen. Daarnaast moet de ICT-leverancier het eOverdrachtsbericht hebben ingebouwd. In verschillende regio’s wordt gewerkt aan de voorbereidingen om eOverdracht te gebruiken. Dit zijn de regio’s Amsterdam en omstreken, Noord-Holland Noord, Oost-Brabant, Rotterdam en omstreken, Zwolle en omstreken en Noord Nederland.

Achtergrondinformatie

• I. van Duijvendijk, R. Verwey, E. Vreeke, R. Zondervan- eOverdracht in de care, een inventarisatie (2010, Nictiz) • G. van der Wal. Staat van de gezondheidszorg 2011, informatie-uitwisseling in de zorg: ICT lost knelpunten zonder standaardisatie van informatieuitwisseling niet op (2011, IG Z) Dit artikel is opgesteld in samenwerking met ActiZ en V&VN. Ruud Zondervan, ActiZ en Erna Vreeke, V&VN

Auteur Irene van Duijvendijk

Indien u vragen of opmerkingen heeft naar aanleiding van deze whitepaper, dan kunt u contact opnemen met Irene van Duijvendijk. U kunt Irene bereiken via e-mail (duijvendijk@nictiz.nl).

7


eOverdracht: de toepassing

Tips voor implementatie in de praktijk

Meerdere zorgregio’s zijn bezig met de implementatie van de eOverdracht of met de voorbereiding daarvan. Met eenduidigheid in de informatieoverdracht, digitale ondersteuning van het proces en automatische overname van gegevens uit verschillende systemen, wordt de kwaliteit van de overdracht verbeterd en dubbele (invoer)handelingen voorkomen. Voorbeeld van een digitale toepassing. Techxx, leverancier van POINT dat de eOverdracht heeft ingebouwd in haar applicatie.

Toepassing van eOverdracht

VZI Nieuwsbrief juli 2013

Meerdere zorgregio’s zijn bezig met de implementatie van de eOverdracht of met de voorbereiding daarvan. Het Groene Hart Ziekenhuis in Gouda en het Vlietland Ziekenhuis in Schiedam zijn één van de eerste instellingen die het standaard overdrachtsformulier als digitale applicatie toepassen. Dit als onderdeel van POINT, een digitaal transferdossier waarmee de gehele transferketen wordt ondersteund. Met eenduidigheid in de informatieoverdracht, digitale ondersteuning van het proces en automatische overname van gegevens uit verschillende systemen, wordt de kwaliteit van de overdracht verbeterd en dubbele (invoer) handelingen voorkomen. “Met de ondersteuning van de eOverdracht verhogen we de kwaliteit en de efficiency in de zorg. Dat is de reden waarom we deze innovatie als ICT-leverancier ondersteunen”, aldus Arthur Muller, Manager POINT bij Techxx.

Het Groene Hart Ziekenhuis

Een kwalitatief hoogwaardige overdracht is één van de speerpunten van Monique Verdier, Voorzitter Raad van Bestuur van het Groene Hart Ziekenhuis. Het ziekenhuis draagt jaarlijks 3000 patiënten over naar diverse nazorginstellingen, met Vierstroom en Zorgpartners Midden Holland als grootste afnemers. Het ziekenhuis zet sinds 2010 het digitaal transferdossier POINT in voor een efficiënt transferproces. Sinds 1 mei 2013 gebruiken alle afdelingen in het ziekenhuis het eOverdrachtsformulier in POINT. “Een algemene constatering binnen het ziekenhuis was dat we op de kwaliteit en volledigheid van de overdracht winsten konden behalen,” vertelt José Jansen, Transferverpleegkundige in Het Groene Hart

8

Ziekenhuis. “Het initiatief van de eOverdracht werd daarom ook goed ontvangen. Tijdens de testfase en acceptatiefase van de eOverdracht in POINT, bleek snel dat de eOverdracht als eenvoudig werd ervaren door de verpleegkundigen. Omdat we geen problemen verwachtten met de overgang, hebben we besloten de bestaande overdrachtsformulieren in POINT ‘uit’ te zetten en alle afdelingen direct de eOverdracht te laten invoeren. En met groot succes.” “Het eOverdrachtsformulier kunnen we op drie manieren tonen: volgens het Gordon-model, Normen verantwoorde zorg (NVZ) en het standaardformulier. Het is een overdracht zoals elke overdracht werkt. De items zijn volgens een logisch systeem gerangschikt en de verpleegkundige bepaalt wat relevante informatie is over de desbetreffende patiënt. Vooralsnog zien wij alleen kwalitatieve verbeteringen met de eOverdracht. Er worden nog geen tijdswinsten ervaren, omdat de nieuwe werkwijze pas sinds kort is geïmplementeerd.”

Advies voor invoering door zorginstellingen

“Belangrijk is dat er draagvlak is voor de procesoptimalisatie binnen zowel de eigen organisatie als de zorgketen”, zegt José. “Wij hebben eerst een onderzoek gedaan naar de ervaringen van de keygebruikers met het eOverdrachtsformulier t.o.v. het oude formulier, via de POINT testomgeving. Daaruit kwam naar voren dat de impact als klein werd ervaren. Daarna hebben we via onze interne nieuwsbrief de invoering aangekondigd. Een ziekenhuis brede invoering werkte bij ons het beste, je moet het gewoon doen!”


Het Vlietland Ziekenhuis

Het Vlietland Ziekenhuis regelde de overdracht voorheen via een papieren overdracht of via een WORD-document. De behoefte om de eOverdracht in te zetten, kwam vanuit de verpleegafdelingen en Zorgverzekeraar DSW. Sinds april 2013 werken de afdelingen neurologie en chirurgie met de eOverdracht in POINT.

De volgende efficiëntieslag voor de Care

Het eOverdrachtsbericht kan direct in het Elektronisch Cliënten Dossier (ECD) worden geïmporteerd door gebruik te maken van het HL7 bericht. Dit voorkomt dubbele handelingen in de invoer van gegevens en voorkomt het maken van fouten. POINT kan dit faciliteren, waardoor de gegevens bij de care-instelling beschikbaar zijn. Stappen dienen nog te worden gemaakt in de functionaliteit van de ECD’s, om de gegevens daadwerkelijk in te kunnen lezen. “Met de eOverdracht kunnen we een belangrijke stap maken in de digitalisering van de gegevensoverdracht in de zorg. Binnen Vierstroom zijn wij in overleg met onze ECD leverancier om een koppeling te realiseren, zodat de eOverdracht direct wordt ingelezen in ons ECD”, vertelt Cornelis de Pee, Informatiemanager bij Vierstroom. Hiermee wordt een enorme sprong voorwaarts gezet in de optimalisatie van de overdracht.

De volgende efficiëntieslag voor de Cure

“De meerwaarde van de digitale overdracht wordt dagelijks ervaren op de afdelingen”, zegt Marcha Vonk, Coördinator Transferbureau bij het Vlietland Ziekenhuis. “De overdracht kan tussentijds worden opgeslagen en het kliksysteem van het formulier werkt erg makkelijk. De overdracht is een stuk uitgebreider en het bevat goede reminders dat sommige velden dienen te worden ingevuld. De verpleegkundigen zijn er allemaal erg positief over, ondanks dat van te voren werd verwacht dat het veel werk zou opleveren. We hebben besloten om na de zomer de eOverdracht binnen het ziekenhuis per afdeling verder uit te rollen.”

Ook vanuit de Cure kunnen optimalisatieslagen gemaakt worden. Een aantal gegevens die in de verpleegkundige overdracht moeten worden opgenomen, zijn al bekend in het EPD/EVD. Door middel van systeemintegratie worden dubbele handelingen verminderd en fouten voorkomen. De informatie uit een groot aantal velden wordt reeds automatisch ingevuld in de eOverdracht, waaronder de patiëntgegevens en anamnese. Ook andere gegevens zoals meetwaarden, kunnen door middel van een toekomstige koppeling vanuit het EVD direct in de eOverdracht worden opgenomen.

De eOverdracht bij de Care

De kwaliteitsslag die wordt gemaakt met de eOverdracht is voornamelijk voor de Care-instellingen direct merkbaar. “Sinds het Vlietland Ziekenhuis de eOverdracht inzet, krijgen wij terug dat zij zeer volledige informatie ontvangen in de overdracht. Voorheen ervoeren de Care-instellingen de overdracht als onvolledig en er miste informatie. Op het gebied van mobiliteit kregen ze bijvoorbeeld binnen “Mevrouw wordt geholpen met wassen en aankleden’ of ‘Mevrouw wordt geholpen bij persoonlijke verzorging’. Binnen het eOverdrachtsformulier wordt door de verpleegkundige aangeklikt waar de patiënt precies hulp bij nodig heeft, waardoor ze direct een verbetering van kwaliteit in de overdracht ervaren”, aldus Marcha.

9


Voordelen eOverdracht

Met de kernset van standaard gegevens voor de overdracht wordt het mogelijk om: • informatie tussen zorgverleners eenduidig uit te wisselen zodat de kwaliteit en continuïteit van zorg verbetert in het zorgproces; • dubbelregistratie te voorkomen en daardoor efficiency te realiseren, kosten te besparen en de kwaliteit van verslaglegging te verhogen; • een volledige overdracht te realiseren, wat de veiligheid vergroot door de beschikbaarheid van de juiste gegevens voor de zorgverlening aan de patiënt in de keten; • veelvuldig gebruik te maken van selectie van keuzewaarden in plaats van vrije tekst. Dit scheelt invoertijd, levert eenduidigheid op in de informatie uitwisseling en een grotere mate van digitale uitwisseling mogelijkheden; • de samenhang tussen velden in te zien. De verplicht gemaakte velden helpen ervoor te zorgen dat alle velden worden ingevuld. Dit ondersteunt de invoerder om de juiste informatie in te vullen en levert een kwalitatief betere overdracht op. Voorbeeld: Indien aangegeven is dat er sprake is van ondervoeding, dan dient verplicht aangegeven te worden welke SNAQ/MUST score van toepassing is; • de overdracht ook digitaal uit te wisselen, waarbij een gestructureerde gegevens set beschikbaar is. Nictiz heeft een berichtstandaard volgens de HL7v3 CDA standaard gedefinieerd. Hiermee kan * een import in het systeem van de ontvanger plaats vinden. Dat voorkomt fouten en dubbele handelingen. * Een import van al bestaande waarden/overdracht uit het ziekenhuis EPD/EVD naar POINT worden gefaciliteerd • in POINT is het mogelijk om de eOverdracht gegevens zowel volgens Gordon als volgens de Normen Verantwoorde Zorg in te zien. De NVZ wordt bij de meeste VVT instellingen toegepast en draagt daarmee bij aan de leesbaarheid en toepasbaarheid van de overdracht.

VZI Nieuwsbrief juli 2013

De toekomst van de eOverdracht

“De eOverdracht staat hoog op de agenda van Nictiz en V&VN. Naast het uitbrengen van diverse rapporten en publicaties, zijn we ook in gesprek met de zorgregio’s. Niet alleen om de eOverdracht te implementeren, maar ook om de overdracht nog beter te maken. Ook zijn we in gesprek met verschillende brancheorganisaties die de eOverdracht ondersteunen. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) heeft aangegeven vanaf 2014 versterkt toezicht te gaan houden op de overdracht tussen ziekenhuizen en VVT. Ondanks dat de eOverdracht niet verplicht wordt gesteld, kunnen ze er wel op controleren. Wij doen er alles aan om ervoor te zorgen dat de eOverdracht in steeds meer zorgregio’s geïmplementeerd wordt en de kwaliteit van de overdracht in Nederland omhoog gaat”, sluit Erna Vreeke af.

10

eOverdracht ook bij u toepassen?

Invoering van de eOverdracht bij zorginstellingen kan snel en makkelijk gerealiseerd worden. En het werk van de verpleegkundige kan zo aangenaam verlicht worden. U kunt hiervoor contact opnemen met Arthur Muller van Techxx op 023 5574400.

Auteur:

Carlijn Hoogvliet Manager Marketing en Communicatie choogvliet@techxx.nl


Eenheid van taal Geslaagde HL7 training

Op 16 april organiseerde de VZI in samenwerking met HL7 international een HL7 training voor verpleegkundigen. De training werd gegeven door William Goossen, Co-chair Health Level Seven International Work Group Patient Care. De 12 deelnemers kregen in hoog tempo de laatste stand van zaken te zien en te horen op het gebied van HL7 en standaardisatie en vele termen uitgelegd en verduidelijkt. Hierbij kwamen o.a. de afkortingen CDA, EHR, Snomed, OID’s, HL7rim, HL7v3, OSI, EHR-S FM, Iso 18104, Nanda en ICF langs. Naast de veelheid aan informatie, die gelukkig ook na te lezen was op de nagestuurde slides, was er ook tijd voor onderlinge discussie en het delen van ervaring. William Goossen en de VZI hebben de intentie om bij voldoende aanmeldingen opnieuw een training te organiseren. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden via infovzi@venvn.nl

Eenheid van taal

V&VN signaleert dat verschillende initiatieven in gang zijn gezet, zoals eOverdracht, het NANDA-I Netwerk, de International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF), Resident Assessment Instrument (RAIview) en Omaha systematiek. Het gebruik van terminologieën / begrippen met een eenduidige betekenis spelen hierbij een centrale rol. Om recht te doen aan de verschillende initiatieven én vanwege het gemeenschappelijk belang, wil V&VN een visie op ‘eenheid van taal’ ontwikkelen. Om deze reden wordt er in september een bijeenkomst georganiseerd. V&VN vindt het allereerst belangrijk om de initiatieven bij elkaar te brengen en te onderzoeken wat de onderlinge samenhang is.

“Een gestandaardiseerde taal maakt communicatie eenvoudiger en eenduidiger. Professionals uit de dagelijkse zorgpraktijk slaan de handen ineen om eenheid van taal in de verpleegkunde te bevorderen”

V&VN uitnodiging eenheid van taal

Bijeenkomst Nederlandstalig NANDA-I Netwerk (NNN)

Algemene doelstelling van het NNN is het uitdragen van de ideologie ter bevordering van het gemeenschappelijk taalgebruik in de verpleegkunde. Op 17 juni j.l. werd in Groningen de 4e bijeenkomst van het NNN georganiseerd. Er waren zo’n 45 deelnemers vanuit meerdere zorgvelden aanwezig. De hele dag werd de tijd genomen om te praten over o.a. de samenstelling en de werkgroepen van het NNN, de implementatie van standaarden in de zorg, de kwaliteitsbevordering van professionals en de integratie van landelijke standaarden. De volgende bijeenkomst is in oktober in het oosten van het land. Exacte datum, tijd en locatie volgt. Meer informatie is te vinden op: http://nandaNL.worldpress.com. Aanmelden kan via: NandaNederland@gmail.com

GGZ werkgroep Nederlandstalig Nanda -1 Netwerk

Tijdens de 4e bijeenkomst van het Nederlandstalige Nanda-1 Netwerk, op maandag 17 juni in het UMC Groningen, werd de GGZ werkgroep opgericht. De werkgroep stelt zich ten doel om de bestaande verpleegkundige beschreven diagnostische concepten te vergelijken met de huidige praktijk in de geestelijke gezondheidszorg. Bestaande concepten worden getoetst en ontbrekende worden toegevoegd. Daarmee wil de werkgroep een bijdrage leveren aan de ontwikkeling en verdere professionalisering van de verpleegkundige discipline in de GGZ. De werkgroep zal 6 keer per jaar bijeenkomen en tenminste één keer per jaar zal zij een Netwerkdag organiseren. De werkgroep bestaat nu uit 6 leden, maar wordt in de komende periode uitgebreid naar 10 leden. In september volgt de eerste officiële bijeenkomst. Wil je op de hoogte blijven van de verdere ontwikkelingen of deelnemen, mail dan naar Jos Oude Brunink j.j.t.oude.brunink@umcg.nl.

11


Generieke overdrachtsgegevens ziekenhuizen

Ook voor verpleegkundigen?

Het project ‘Generieke overdrachtsgegevens’ is in januari 2012 door de acht Universitair Medisch Centra (UMC’s) en Nictiz gestart. De scope van Generieke overdrachtsgegevens is om te komen tot een landelijk gedefinieerde, generieke set gegevens die bij de overdracht van een patiënt in een ziekenhuisomgeving (elektronisch) uitgewisseld kunnen worden. Helen de Graaf, verpleegkundige consultant EPD in het Erasmus MC

VZI Nieuwsbrief juli 2013

Project Generieke Overdrachtsgegevens

De Universitair Medische Centra (UMC’s) in Nederland hebben in NFU verband het initiatief genomen om samen te gaan werken op het gebied van standaardisatie van zorggegevens. Er is binnen veel UMC’s een drang tot modernisering van de ZorgICT. Deze wordt ingegeven door een groeiende samenwerking en integratie in de zorg, waardoor een hoge mate van ‘interoperabiliteit’ op het gebied van informatie-uitwisseling en standaardisatie van (zorg) processen nodig is. Het realiseren van interoperabiliteit wordt door uitspraken vanuit de overheid (Inspectie voor de Gezondheidszorg, ministerie van VWS, Nictiz) en de ontwikkelingen bij de Dutch Hospital Data (DHD) actueel. In 2011 heeft de IGZ een rapport uitgebracht waarin de noodzaak van standaardisatie van zorggegevens wordt benadrukt. Hetzelfde geldt

12

voor programma’s op het gebied van onderzoek (Parelsnoer, LifeLines, Mondriaan en CTMM). De nieuwe EPD ontwikkelingen richten zich op integrale dossiervoering in plaats van dossiers per beroepsgroep of specialisme. Hiervoor is het noodzakelijk meer gegevens te standaardiseren. Het uniformeren van klinische documentatie bespaart tijd en recources, omdat de gebruiker niet alles zelf hoeft uit te werken. Het uitwisselen van gegevens onderling en met de algemene ziekenhuizen wordt vele malen eenvoudiger als er consensus is over te gebruiken gegevensdefinities. Op het gebied van onderzoek en indicatoren is het wenselijk en efficiënt om gegevens zo veel mogelijk eenmalig en zo dicht mogelijk op het zorgproces goed vast te leggen. Deze gegevens zijn tevens te gebruiken voor rapportages.


Stand van zaken

In januari 2012 is het project ‘Generieke Overdrachtgegevens’ door de 8 UMC’s en Nictiz gestart, als eerste project in deze samenwerking. Doel van het project was om te komen tot een landelijk gedefinieerde, generieke set gegevens die bij de overdracht van een patiënt in een ziekenhuisomgeving (elektronisch) uitgewisseld kunnen worden. Met generiek wordt in dit verband bedoeld specialisme overstijgend, oftewel een set van gegevens die voor alle specialismen gelden, maar wel uit te breiden zijn. Begin 2013 is de set opgeleverd.

Uitwerking

Voor de uitwerking zijn per sectie werkgroepen geformeerd. In deze werkgroepen zaten medewerkers van Nictiz, klinisch informatici, klinisch deskundigen (artsen en of verpleegkundigen met ervaring in de ICT en informatieoverdracht) Voor de generieke overdracht is uitgegaan van de Continuity of Care Record (CCR). Deze CCR is ontwikkeld in de verenigde staten op inititatief van een aantal artsen met als doel fouten in informatie bij de overdracht van patienten te verkleinen. Het is een kernset met de meest relevante gegevens van een patiënt, ongeacht waar de patiënt zich in het zorgproces bevindt. Het bevat een samenvatting van de gezondheidstoestand van de patiënt en ook de persoons- en verzekeringsgegevens. CCR definieert een header voor administratieve gegevens en zeventien goed omschreven secties. Bij elk van deze rubrieken wordt aangegeven welke soort gegevens deze rubriek kan bevatten.

Uitgangspunt is dat de gegevens al in het EPD zitten en op het moment van overdracht een document gegenereert kan worden op basis van deze set. In de CCR standaard zijn maar enkele velden verplicht, veruit de meeste zijn optioneel. Dit biedt de gebruiker de mogelijkheid om vrijwel altijd een geldig CCR op te stellen, ook al heeft hij maar weinig gegevens vastgelegd. Anderzijds laat het toe zeer uitgebreide en complexe informatie over te brengen. Hoewel in beide gevallen de standaard wordt gevolgd, zullen deelnemende partijen afspraken moeten maken over de mate van detail waarmee de informatie wordt overgedragen om zinvolle en wederzijds begrepen overdrachten te realiseren. Een CCR kan op vele manieren worden gebruikt. Het kan worden getoond op een beeldscherm, worden verstuurd op papier of elektronisch worden uitgewisseld. In het laatste geval zal, om interoperabiliteit te verzekeren, een eenduidige representatie in XML worden gehanteerd. De CCR standaard geeft ook hiervoor een definitie in de vorm van een XML schema. Het voordeel van XML is dat het op redelijk eenvoudige wijze te transformeren is naar een leesbare webpagina. Het is belangrijk om op te merken dat CCR een vaste indeling in secties heeft en niet zonder me er relaties legt tussen de gegevens in de diverse secties. Daardoor is niet direct inzichtelijk welke medications bijvoorbeeld zijn verstrekt naar aanleiding van welke problems, etc. Anders gezegd: een deel van de context gaat verloren. Door verwijzingen naar andere secties op te nemen in de gegevens kunnen deze relaties enigszins hersteld worden.

Figuur 1: CCR header en secties

13


Om de gegevens in hun context weer te geven is een IT systeem nodig. Dat is uiteraard een beperking, maar het volledig toevoegen van alle context zou de standaard veel complexer maken. In de belangrijkste toepassing van CCR/CCD in de Verenigde Staten is er dan ook voor gekozen geen verwijzingen op te nemen. Men is ervan uitgegaan dat de meeste uitwisseling middels een CCR plaatsvind tussen ITsystemen, oftewel. De data wordt uit het ene EPD geëxtraheerd en in het tweede EPD geïmporteerd. Binnen de werkgroepen is aan de hand van de beschrijving van de CCR standaard invulling gegeven aan de nederlandse situatie. Bij de uitwerking is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de aanwezige kennis en ervaring bij de werkgroepleden. Deze ervaring varieerde van ervaring met standaarden, modeleren van klinische bouwstenen, vakinhoudelijke kennis en ervaring met het ontwikkelen van informatieoverdrachten. Figuur 2 toont de CCR bouwstenen t.b.v. de overdracht.

VZI Nieuwsbrief juli 2013

Voor samenstellingen van inhoud is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande standaarden in Nederland zoals de diagnoses thesaurus van dutch Hospital Data. Snomed codes worden gebruikt omdat Snomed als referentieterminologiestelsel beschikbaar is. Dat wil zeggen dat standaarden gemapt zijn op Snomed waardoor vertaling plaats kan vinden. Per sectie van de CCR zijn klinische bouwstenen, ofwel, Detailed Clinical Models (DCM’s) opgeleverd. DCM’s zijn omschrijvingen van medische concepten, waarin medische vakkennis, een gedetailleerde gegevensspecificatie, de betekenis van deze gegevens en de gebruikte termen bij elkaar worden gebracht. DCM’s kunnen vervolgens met behulp van een nader te bepalen technologie of technische standaard worden ingebouwd in ICT-systemen, of worden uitgewisseld tussen ICT-systemen. Doordat de scope van een DCM beperkt is tot een enkel concept kan de implementatie stap-voor-stap en ook selectief geschieden.

CCR en verpleegkundige overdracht

Vooralsnog is voor de uitwerking van de CCR in de Nederlandse situatie een medische scope het uitgangspunt geweest. Wel hebben verpleegkundigen deelgenomen aan verschillende werkgroepen. Volgens het artikel van Collins et al (2010) kan 80 % van multidisciplinaire informatie die noodzakelijk is bij de overdracht in de rubrieken van de CCR worden weergegeven. De resterende 20 % is over het algemeen zeer specialistische informatie die aanvullend overgedragen wordt. Dit pleit voor een standaard die alle informatie bundelt. Kijkend naar de huidige uitwerking is verpleging het best terug te vinden in de secties functionele status, Problemen, Procedures en Plan of care.

14

Figuur 2: CCR Bouwstenen t.b.v. de overdracht


In de laatste worden in de huidge uitwerking alleen clinical reminders en bestaande geplande afspraken weergegeven. In deze sectie is de koppeling tussen problemen, interventies en (gewenste) resultaten mogelijk volgens de beschrijving van de ASTM. In de eerstvolgende fase van het samenwerkingstraject tussen de UMC’s en Nictiz zal de informatieoverdracht van ander bereoepsgroepen dan de medische bekeken worden. Onder andere de koppeling tussen de CCR en de bestaande verpleegkundige eOverdracht zal onder de loep genomen worden.

Bronnen

Collins, S. A., Stein, D. M., Vawdrey, D. K., Stetson, P. D., & Bakken, S. (2011). Content overlap in nurse and physician handoff artifacts and the potential role of electronic health records: a systematic review. Journal of Biomedical Informatics, 44(4), 704-712. Snow, V., Beck, D., Budnitz, T., Miller, D. C., Potter, J., Wears, R. L., et al. (2009). Transitions of Care Consensus policy statement: American College of Physicians, Society of General Internal Medicine, Society of Hospital Medicine, American Geriatrics Society, American College Of Emergency Physicians, and Society for Academic Emergency Medicine. Journal of Hospital Medicine : An Official Publication of the Society of Hospital Medicine, 4(6), 364-370. Nictiz pagina over generieke overdrachtsgegevens:

Communicatie V&VN VZI www.vzi.venvn.nl www.verpleging20.nl

www.linkedin.com/e/vgh/2557980

@VenVn_VZI

infovzi@venvn.nl

http://www.nictiz.nl/page/Nieuws?mod%5BNictiz_News_Module%5D%5Bn%5D=2487

• Begeleidend document Producten Generieke overdrachtgegevens • Volledige weergaves van klinische bouwstenen • Samenvattingen van de klinische bouwstenen Whitepaper “Alles wat je moet weten over CCR/CCD”:

http://www.nictiz.nl/module/360/705/Alles%20wat%20je%20wilt%20weten%20over%20CCR%20 CCD%20v1%200.pdf.

Auteur

Helen de Graaf-Waar vpk consultant EPD Erasmus MC Programma Digitaal op Koers participant WG Problemen, Sociale anamnese en Plan of Care h.i.degraaf@erasmusmc.nl Helen de Graaf nam als verpleegkundige consultant EPD in het Erasmus MC deel aan dit project.

15


Vergelijking eOverdracht en Generieke Overdrachtsgegevens

Ook voor verpleegkundigen?

Door het Project Generieke Overdrachtsgegevens van de NFU zijn er twee verschillende overdrachten ontwikkeld en geaccepteerd door de zorg. Wat zijn nu de verschillen en overeenkomsten tussen beide overdrachten? Erna Vreeke zocht het uit. Erna Vreeke, adviseur eOverdracht V&VN

el Do

VZI Nieuwsbrief juli 2013

eOverdracht

Generieke overdrachtsgegevens

16

p oe r elg o D

t On

g lin e kk wi

rs le aa uw t bo e se ikk p w O nd t On va

Informatie uitwisseling in zorgketen. (ziekenhuizen, VVT, revalidatie, gehandicaptenzorg en GGZ)

Verpleegkundige Informatiemodellen + V&VN, en verzorgende HL7 CDA document. Actiz, in alle Nictiz. verschillende domeinen van de zorg.

Structuur van de set is opgebouwd per onderwerp, zoals mobiliteit en voeding. Daarbij staat alle relevantie informatie.

Informatie uitwisseling tussen ziekenhuizen.

Medisch specialisten van ziekenhuizen.

Basis van structuur zijn de 17 CCR secties, zoals Problems, Procedures, Medications, Alerts, etc.

Informatiemodellen, later in het jaar volgt uitwerking in CCD (CDA) document.

NFU, Nictiz.


Overdracht: het verschil

Overdracht: het vervolg.

Belangrijke conclusie is dat de twee sets vooral aanvullend zijn. De informatie die overlapt betreft vooral meetgegevens en deze zijn in de Generieke Overdrachtsgegevens uitgebreider. Het caregedeelte van de eOverdracht (dit is driekwart van de eOverdracht) komt in de Generieke Overdrachtsgegevens nagenoeg niet voor. Een ander belangrijk punt is dat de eOverdracht al implementeerbaar is en de Generieke Overdrachtsgegevens alleen nog uit informatiemodellen bestaan.

Vanuit het NFU project ‘Generieke Overdrachtsgegevens’ is (via Nictiz, Fred Smeele) een projectvoorstel geschreven om te onderzoeken hoe de verpleegkundige gegevens kunnen worden toegevoegd aan generieke overdachtsgegegevens. V&VN VZI is nauw betrokken bij deze ontwikkelingen.

Grootste verschil is de visie en het doel van de overdracht; eOverdracht is specifiek gericht op uit uitwisselen van gegevens tussen care instellingen door verpleegkundigen en verzorgenden. De Generieke Overdrachtsgegevens is nu gericht op medisch specialist en ontwikkeld voor uitwisseling van gegevens tussen ziekenhuizen.

ele u t Ac

en m le ob r p

rs Pe

oo

ge ge s n

v

s en

e sch i ed M

Op dit moment worden de eerste praktijkervaringen opgedaan met eOverdracht. In meerdere regio’s is men bezig met voorbereidingen voor implementatie van de eOverdracht. Aan de eOverdracht wordt verder ontwikkeld nu de afdelingen V&VN kinderverpleegkundige en V&VN jeugdgezondheidszorg samen met Nictiz in gesprek zijn om een overdracht te ontwikkelen gericht op kinderen.

ns

g ge

e ev

g tge e e M

In samenvatting Identiek. zorg kunnen actuele verpleegkundige diagnoses worden opgenomen in een vrije tekstveld

Kort opgenomen in set, belangrijke verschillen: geen medicatie voorschrift, maar hulp bij medicatievraag, geen behandelaanwijzing, alleen vraag of deze aanwezig is.

Komen grotendeels overeen met CCR/CCD.

In Problems kunnen actuele problemen gestructureerd worden uitgewerkt

Uitgebreid aan de orde, ook medicatievoorschrift, behandelaanwijzing, vaccinatie etc.

Meer gespecificeerd, bijv. onderscheid tussen hartfrequentie en polsfrequentie.

Identiek.

ns

e ev

n ele d id m p l Hu

Gebruikte hulpmiddelen zijn opgenomen bij het betreffende onderwerp, zoals gebruik van rollator bij mobiliteit, gehoorapparaat bij stoornis bij horen. Hulpmiddelen is een apart onderdeel in CCR/CCD structuur en zijn allen bij elkaar gevoegd.

ter In

s tie n e

v

Verpleegkundige interventies zijn gekoppeld aan betreffende onderwerp, alleen in samenvatting zorg is ruimte voor problemen, doelen en interventies. Interventies zijn gekoppeld aan plan of care.

17

re Ca

Belangrijkste onderdeel van eOverdracht zijn onderwerpen gericht op care (mobiliteit, wassen, voeding, communicatie, participatie etc….) Onderwerpen gericht op care komen nagenoeg niet voor.


Agenda vierde iCare platformbijeenkomst Datum: 26 september 2013 van 9.30 – 13.00 uur Waar: Utrecht info: Irene Duijvendijk: duijvendijk@nictiz.nl

Tijdens de bijeenkomst wordt onder andere ingegaan op de mogelijkheden van de verdere ontwikkeling van het Referentiedomeinenmodel care (RDC) en informatiebeveiliging in de care. Verdere informatie en het programma volgt via LinkedIn: http://linkd.in/172weuV

Alumnidag opleiding Health informatics

Datum: 5 november 2013 Waar: Utrecht Info : www.zorginformatica.nl

Op 5 november wordt er na jaren weer een alumnibijeenkomst van de HOVIf en HOHI opleiding georganiseerd door InHolland en de VZI. Deze alumnibijeenkomst staat open voor oud studenten en VZI leden. Registreer je op www.zorginformatica.nl alvast als Alumni zodat je kunt zien wie er nog meer geregistreerd staan. Deze registratie geeft geen verplichting voor de alumnibijeenkomst. Ook is het mogelijk om op de site je oud klasgenoten te attenderen op de alumniregistratie. Op de alumnibijeenkomst zal er een klein programma zijn en volop tijd om je oud klasgenoten te ontmoeten. Verdere informatie volgt in korte tijd.

MIC2013

VZI Nieuwsbrief juli 2012

Datum: 21-22 november 2013 Waar: Koningshof te Veldhoven info : http://www.mic2013.nl Het thema voor dit jaar is: Betere zorg met minder. De VZI is één van de organiserende verenigingen en zorgt dat het programma ook interessant is voor verpleegkundigen. VZI leden krijgen korting op het congres. Het programma en meer informatie is te vinden op de website.

18


V&vn vzi nieuwsbrief juli 2013