Issuu on Google+

BÉNÉTEAU MONTE CARLO 37 HARD TOP

Onverstoorbaar op kwade Méditerranée Op de grote persreünie van Bénéteau in Monaco is de laatste boot die we testen, na diverse zeiljachten en een kleinere Antarès-motorboot, de Monte Carlo 37. Gelukkig hebben we tijdens een vorige test al van de gelegenheid gebruik gemaakt om actiefoto's te nemen van deze hardtop, want vandaag is het ruw en grijs weer. Allesbehalve fotogeniek. Er blaast een 6 Beaufort op de Middellandse Zee, die voor nijdige korte golven zorgt. Benieuwd hoe dit nieuwe motorjacht van de Franse constructeur zich op dit hobbelige zeetje zal gedragen. Zeer goed, zo belooft de reclamefolder, want Bénéteau heeft voor de Monte Carlo-reeks een nieuw rompconcept ontwikkeld dat onder andere de koersstabiliteit moet verbeteren (zie kaderstukje).

Naar goede - of eerder slechte, want ik vaar liever met weinig volk bij testen gewoonte tijdens zo'n internationale "press meet", gaan er een zestal journalisten en fotografen mee. Eén senior van het schrijversgild nestelt zich waar het zijn gevorderde leeftijd toekomt: op de passagiersbank. De andere stervelingen verdelen zich in de ruime kuip. Of "cockpit", zoals dat tegenwoordig heet. Ik sta in het midden, naast de stuurman, en vind alleen maar houvast aan de dakrand van het openschuivend dak. En houvast is nodig, want eens de Monegaskische jachthaven uit, is het bepaald woelig en met de wind en golven


bijna pal op kop, krijgt de Monte Carlo 37 Hard Top flink wat buiswater te verwerken. Dat stroomt mooi langs de voorruit weg, en de ruitenwissers doen hun werk, zodat het zicht goed blijft. We varen nog traag, maar toch ligt de boot tamelijk vlak, wat betekent dat je met de bestuurderszetel in zijn hoogste, opgeklapte positie nog een goed overzicht houdt. Dat is ook altijd goed om in havens traag te manoeuvreren.

Platte vinger De stuurman steekt een tandje bij en in een groen watergordijn stuiven we de zee op. We nemen de golven van ca. 1 m niet pal op de kop, maar volgens de regels van de kunst in een hoek van zo'n 30°. Ineens valt het me op dat de senior writer op de bank dezelfde kleur heeft als het water: even groen. De stuurman heeft het ook opgemerkt en wil wat frisse wind binnenlaten: de koers gaat wat ruimer en het dak gaat elektrisch open. Eén van mijn teergeliefde vingers wordt daarbij elektrisch geplet. Ik roep nog net op tijd alarm voor hij helemaal de vernieling in gaat. Het dak stopt zijn pletbeweging en na wat gesakker en gewrijf tuffen we terug de haven in om de zeezieke collega van boord te zetten. Eén tip kan ik de lezer al na een paar honderd meter varen uit eigen ervaring geven: de dakrand op de Monte Carlo is niet bedoeld om zich aan vast te houden. Toch niet als dat dak beweegt. Tenzij je blauwe, dikke vingers mooi vindt staan. Als beloning mag ik de boot uit de haven varen, deze tweede keer. Met één hand. Dat gaat wonderwel, want bij een koers scherp op de golven, blijft deze Bénéteau opmerkelijk stabiel. Dat is alvast één van de positieve gevolgen van de "Air Step", een patent van Bénéteau dat onder andere inhoudt dat er via een systeem van pijpen onder het achterste deel van de romp lucht wordt geblazen. De boot licht zich zo achteraan op en heeft veel minder last van het gestamp van de golven. Ook het verbruik zou met dit systeem moeten dalen én de snelheid zou hoger liggen. Dat laatste willen we zelf ondervinden, en dus verwittig ik iedereen aan boord dat we wat rapper gaan varen en duw de gashendels geleidelijk tot aan hun aanslag. In een hobbelig zeetje is dat niet echt een pretje, noch voor de boot, noch voor de inzittenden.

Mes door boter Maar bij deze Monte Carlo 37 Hard Top valt het heel goed mee: natuurlijk krijgen we wel eens een dreun van een freak wave, maar verder gaat het als een mes door de boter. De Air Step mag er zijn. Om uit te vinden wat die nieuwigheid echt waard is, maak ik het nog wat gortiger en stuur ik pal tegen de golven in. De snelheidsmeter op het dashboard geeft 18 knopen aan. Meer is niet verantwoord aan deze koers, we kiezen nu al regelmatig het luchtruim. Maar zolang we in het water blijven, is de boot heel bestuurbaar. We nemen nu een scherpe bocht zodat we ook het vaargedrag met achterop komende zee eens kunnen testen. Die bocht gaat heel soepel, de boot neemt een helling aan die nog comfortabel is en vooral: die constant blijft. Zo is de drift te verwaarlozen en lijkt het of we op rails de bocht door gaan. Weer vol gas, en met de golven in het gat lopen we al gauw 32 knopen. Dit is genieten, want de snelheid is hoog genoeg om van de deining weinig te merken en het rollen, dat meestal bij achteropkomende golven voor een onstabiele koers zorgt, blijft hier grotendeels achterwege. De ontwerpers van de


romp hebben hier echt een pareltje afgeleverd. Die relatief rustige gang geeft me wat tijd om de omgeving te bestuderen. Het dashboard is een buitenbeentje, met de meeste meters verticaal onder mekaar opgesteld in plaats van op de gebruikelijke horizontale rij. Alle noodzakelijke gegevens zijn zo in een oogopslag af te lezen. Alleen een roerstandmeter ontbreekt, maar dat is op de meeste boten met deze roeping en met Z-drives zo. De verticale opstelling van de meters is plaatsbesparend, zodat ook alle schakelaars nog een plaatsje hebben gevonden op het board.

Veel luikjes De passagiers in de cockpit hebben nog ruim plaats. Twee passen er op de passagierszetel, die ook een buitenbeentje is: hij staat niet tegen de zijwand zoals op de meeste motorboten, maar in het midden. De doorgang naar de salon is dus aan de linkerkant van deze zetel. Een beetje vreemd, maar dat went allicht. De andere opvarenden hebben zich tegen mekaar geschurkt op de ruime U-vormige bank achter de passagierszetel. Ze vinden ruim steun aan de grote tafel in het midden van de bank. Die tafel is in twee gelijke delen openklapbaar zodat ze van salontafeltje naar eettafel kan groeien. Opvallend: in de kuipwanden zijn veel luikjes die toegang geven tot slangen en bekabeling, en we zullen ook binnen op de boot nog veel van die handige luikjes ontdekken. Ideaal om overal snel en gemakkelijk aan te kunnen. Tegen de stuurboordwand staat de gebruikelijke buitenkeuken, met grill, wastafel en ijskast. Het meubel dwingt, mede door de vreemde positie van de passagierszetel, de passant in de cockpit tot enig slalommen. Het is een Italiaans fantasietje van ontwerper Pierangelo Adreanni, die toch massa's ervaring heeft in het tekenen van zeer leefbare bootinterieurs. Inmiddels ploegen we terug met de golven schuin op kop door de opgezweepte Méditerranée. Ik vraag onze fotografe vriendelijk of ze even binnen de geluidsniveaus wil gaan meten en steek daarbij ter vergoelijking mijn blauwe vinger op. Eén is genoeg. Ze zwalpt dus langs de vrij smalle inkomdeur, die naar boven toe openschuift - nog zo'n uitzondering - naar het onderdekse, de salon in. Inmiddels kies ik een wat bravere koers om de snelheid te testen en vaar achtereenvolgens aan regimes van 2.400, 3.100 en 3.200 toeren. Dat levert snelheden van respectievelijk 18, 28 en 32 knopen op, met de golfbeweging mee. Nu nog wat toerentallen om het geluid te meten: 1.000, 1.500 en 2.000. Na een tijdje komt ons metermeisje terug met de decibelmeter, en de volgende waarden: in de salon heeft ze 80 dB opgetekend bij 2.000 toeren, in de slaapkamer vooraan 72 dB bij 1.500 toeren en in de kuip en de slaapkamer achteraan respectievelijk 75 en 73 dB bij 1.000 toeren. Al bij al geen slechte waarden, want ook de wind en de golven spelen vandaag mee in het decibelorkest.

Schaatsen Ik por de twee Volvo D4's van ieder 300 pk met hun duopropschroeven terug aan, want tegen 1.000 toeren ronddobberen in deze heksenketel is vragen om zeezieken. Dus gaat de neus weer even de hoogte in en in no-time schaatsen we weer over de golftoppen. Bij 2.000 toeren horen we het typische hoge gezoem van de turbo's die invallen, maar dat vermindert terug als we nog gas bijgeven. Op een zware zee als deze is de gashendel een element van veiligheid: gas


bijgeven of terugnemen op het juiste moment is essentieel om ervoor te zorgen dat de boot zijn neus niet in de golven graaft. De toerentalwissels zijn dus veelvuldig en dan stoort het op- en neergaand gegier van de turbo's wel wat. Ik herinner me tijdens dit spelen met de hendels iets wat ik al lang eens aan Volvo wil voorstellen: twee frictiestanden voor de gashendels. Een stand "stug" voor bij zwaar weer zoals nu - en een stand "soepel" - voor bij manoeuvres. Nu, bij dit woelig gedoe, is de bediening té soepel en dat kan er bij een golfstoot voor zorgen dat je niet precies genoeg het gas kunt doseren. Dat kan ernstige gevolgen hebben; je zult maar net per ongeluk de gashendel vooruitstoten als je gas wou terugnemen… Voor een bedrijf als Volvo, dat zo begaan is met veiligheid, kan het niet onoverkomelijk zijn om zo'n frictie-keuzeschakelaar te voorzien. Desnoods mechanisch. We nemen tegen hoge snelheid nog wat bochten om de fotoboot, die inmiddels in onze buurt is beland, te plezieren. Ook dat verloopt heel soepel, en de fotografen in de andere boot klikken er op los, vooral als we loskomen en met schroeven en al uit het water schieten. Ook dan is snel gas minderen een must. Maar genoeg rondgeraasd, deze boot heeft al heel wat moeten doorstaan en dus varen we terug de relatief rustige haven binnen. Tijd om een rondgang binnen te ondernemen.

Plat licht In de salon is alles, volgens de geldende modetrends, heel strak en rechtlijnig gehouden. De houttinten zijn licht, en het plafond en de zetels nog een tint bleker. Dat geeft een ruime, open indruk, maar het oogt ook wat koel in vergelijking met het warme hout van weleer. Er valt veel licht binnen langs boven: vlak achter de inkom prijkt een enorm, vreemd gevormd plat licht, dat niet open kan. Aan bakboord is een grote L-vormige zetel, met daarboven een valse wand en kastjes. Achter de wand zit één patrijspoort(je) met daarvoor een overbemeten gordijn. In de zoldering zorgen zowel ingebouwde halogeenlampjes als indirecte verlichting in de dakranden voor stemmig licht. De inkomdeur staat vrij dicht tegen de salontafel, die speciaal aan één kant asymmetrisch is afgerond om toch de nodige doorgangsruimte te creëren. De kastjes in de wand lopen er door en zijn dus diep. Ze zijn ook stevig en goed afgewerkt. Op één van de kastdeurtjes is een flatscreen tv gemonteerd. Een oplossing die mooi en plaatsbesparend is. Minder mooi is de aansluiting van de wanden aan het dak: daar is nogal kwistig van de siliconenspuit gebruik gemaakt en dat geeft toch altijd een wat slordige indruk. Maar het is standaard bij boten van deze prijsklasse: ook bij de grote Duitse concurrent zijn veel siliconenvoegen duidelijk zichtbaar (zie de vorige Varen). Beide merken bieden dan ook heel veel boot voor relatief weinig geld en vermits er op veiligheid en comfort niet wordt bespaard, zijn het de cosmetische details die de winstmarge moeten gezond houden. Zo vinden we ook op deze Bénéteau hier en daar plaatsen uit het directe zicht, waar aan afwerking geen overbodige aandacht is besteed. Dat stoort ook de meeste kopers niet. Belangrijk is dat aan essentiële veiligheidselementen, zoals de elektrische schakelkast, pompen, slangen e.d. wél alle nodige aandacht is besteed.

Patrijspoortjes Zo is er een heel compact, maar overzichtelijk elektra-schakelbord, een goed afgeschermde zekeringkast voor de 220 volts- walstroom en een


oliescheidingsfilter. Veiligheid eerst. Ook qua comfort moet deze Monte Carlo niet onderdoen voor veel duurdere boten. De keuken is heel compleet, met een - zij het eerder kleine - ijskast, veel bergruimte, een kast met ingebouwde pedaalemmer, een Sharp-microgolfoven en een elektrisch tweepitsvuur. Vooraan is er een grote slaapkamer die bepaald luxueus mag worden genoemd. Mooi bekleed, tot en met het plafond. Hier geen siliconenvoegen te bespeuren, maar wel een knusse dakrand met ingebouwde halogeen-leeslampjes. Drie ramen zorgen voor daglicht: één halfrond luikje bovenaan en twee patrijspoortjes in de wanden. Ik gebruik opzettelijk de verkleinterm, want ze zijn inderdaad niet bepaald uit de kluiten gewassen, de ramen op deze boot. Dat heeft vanzelfsprekend voordelen voor de zeewaardigheid, maar zulke minuscule patrijspoortjes (van Lewmar, overigens) beperken tegelijkertijd natuurlijk de lichtinval. Alles is compromis op een boot. Onder het brede bed vinden we de gebruikelijke schuiven, en aan beide wanden zijn er kasten met hang- en legruimte. We lopen terug de salon door, naar achteren. Daar bevinden zich nog een tweede slaapkamer en - aan stuurboord, naast de keuken - de badkamer. Die oogt heel trendy, met een wasbak die in de hoek aan de wand is bevestigd en zo boven de wastafel lijkt te zweven. Origineel. Ook hier veel bergruimte, en weer een mini-patrijspoortje in de wand boven het toilet. De wc-rolhouder zit discreet uit het zicht in het wastafelkastje. In een andere hoek is de douchekop gemonteerd, met zijn kraan. Ook hier is voor een eenvoudige, maar toch smaakvolle inrichting gekozen. Geen ingewikkelde - en dus in productie dure toestanden, maar bijvoorbeeld een sobere rechthoekige spiegel die meer dan voldoet. Dat geldt ook voor de achterste slaapkamer, die gedeeltelijk onder het dashboard en de cockpit loopt, en de hele breedte van de boot beslaat. Ze is dan ook echt ruim, met twee aparte bedden in onze testboot, en nog veel ruimte daartussen. Op de vloer van die tussenruimte staat wat water: blijkbaar zijn de golven toch iets te wild te keer gegaan, en is er hier of daar wat buiswater binnengeraakt. Dit is dan ook een vroeg productienummer en dan zijn kleine pasfoutjes altijd mogelijk. We weten dat ze bij Bénéteau soepel genoeg zijn om dat tegen de volgende reeks te corrigeren. Ook deze slaapkamer biedt veel bergruimte én kleine raampjes. Voor een slaapkamer stoort dat hoegenaamd niet: het maakt ze extra gezellig.

Clean Inmiddels zijn we in de haven aanbeland en manoeuvreert onze gastheer van Bénéteau de boot terug in zijn krappe ligplaats. Die zijn namelijk niet van de goedkoopste in Monaco, of wat had u gedacht? Dat "parkeren" gaat, zelfs bij de onstuimige wind die er blaast, heel vlot. De Z-drives met duoprops en de standaard boegschroef maken zulke klusjes, die op sommige ander boten bloed, zweet en tranen kosten, tot een plezier. We maken nog een korte rondgang buiten rondom en noteren het grote zwemplatform, het immense zonnedek vooraan, het dak dat over heel de breedte openschuift - als er geen journalistenvingers in de weg zitten - en de onderdeks opgestelde elektrische ankerlier. Nog even het luik van het motorruim oplichten om de twee krachtbronnen van Volvo Penta te zien die de boot met zoveel zwier door de golven hebben gedreven. Het zit hier, zoals te verwachten was, goed vol, maar toch is er nog plaats voor een kippenladder om af te dalen en voor de verschillende groepen van water- en verwarmingsaggregaten. Alles is heel clean gemonteerd én gelabeld. Alleen als we echt in het ruim duiken en naar boven kijken, zien we


hier en daar blote polyester. Maar dat schreven we al: uit het zicht is uit het hart in deze prijsklasse. Al bij al heeft Bénéteau met deze boot een zeer begerenswaardig product afgeleverd, dat sportieve families in alle veiligheid naar zee en weer thuis brengt. Ook als die zee wat tegenwringt, zoals vandaag. Tekst: Frank Maes Foto's: Concertpix

Technische gegevens - Lengte over alles: 12,10 m - Breedte: 3,77 m - Diepgang: 0,90/1,10 m - Gewicht: 7.470 kg - Motor: 2 x 300 pk Volvo Penta D4 Duoprop EVC C - Brandstoftank: 650 l - Drinkwatertank: 200 l - Prijs: vanaf 241.879 EUR incl. btw (2 x 260 pk), testboot 252.754 EUR incl. btw (2 x 300 pk)

Romp met Air Step-design De koersstabiliteit, hoge snelheid en zeewaardigheid van deze Monte Carlo Hard Top heeft veel, zo niet alles, te maken met het door Bénéteau gepatenteerde Air Step-systeem. Kern van het systeem is een uitstekende V-vorm onderaan de romp. Die V begint vér naar achteren, voorbij de helft van de boot. Het doel: de waterstroom onder de boot van de romp scheiden en die gescheiden houden tot de hele boot "voorbij" is. Tegelijkertijd wordt er via uitlaten onder de romp lucht geblazen, waardoor het achterste gedeelte van de boot als het ware op een luchtkussen zweeft. De gevolgen van deze geringere wrijving met het wateroppervlak zijn legio: lager verbruik, hogere snelheid, minder hobbelig varen, sneller planeren. Langsbalken op de plaats van het "luchtkussen" zorgen voor de zijdelingse stabiliteit, zodat de boot niet van zijn "kussen" afschuift. Dit verklaart ook het zeer stabiele, voorspelbare gedrag in bochten. Het luchtkussen wordt door die zijdelingse langsprofielen bovendien bijeengedrukt, zodat ook bij hoge snelheid nog voldoende lucht onder de boot blijft. De luchtinlaten staan, naargelang het model, vlak onder de voorruit of elders vooraan in de opbouw. Bij de ruwe zee tijdens onze test zorgde het Air Step-systeem voor een veel comfortabeler vaargedrag, dat nooit vicieus werd. Naast voordelen voor verbruik en snelheid levert dit systeem dus duidelijk ook winst op qua veiligheid.

Gaseauline in Gent Er is goed nieuws voor motorbootfanaten in ons land die deze Monte Carlo en veel andere Bénéteau's in het echt willen zien en voelen. Importeur Ship Shop uit Nieuwpoort opent namelijk met zijn nieuwe zaak "Gaseauline" in Gent een


heel exclusief verdeelpunt. Gedelegeerd bestuurder Jean Englebert: "Het is een permanente showroom en servicecenter op een uitzonderlijke locatie en in het verrassend jaren zestig-decor van een omgebouwd tankstation. En dat in hartje Gent, op een boogscheut van de plezierhaven Portus Ganda. Het is de bedoeling van Bénéteau, nu al wereldleider op het gebied van zeiljachten, om eenzelfde dominante positie te verwerven in de wereld van de motorjachten. België wordt hierin een speerpunt." De officiële opening valt ongeveer samen met het verschijnen van deze Varen: in oktober wordt de vestiging van Gaseauline feestelijk ingehuldigd. U kunt er exclusief de motorjachten van Bénéteau - Monte Carlo, Antarès, Swift Trawler en Flyer - bewonderen. Info: Gaseauline, Bisdomkaai 15, 9000 Gent, tel. 09/224.40.66, e-mail info@gaseauline.be , www.gaseauline.be , www.beneteau.com . Verschenen in: Varen oktober 2008


BÉNÉTEAU MONTE CARLO 37 HARD TOP