Page 45

TEKST WIM VAN EEDEN BEELD HENK DE LEEUW EN FOKKO DAM

Op de grens van verstedelijking Steeds overtuigender worden de contouren van de fietsers die ‘buiten’ gaan overnachten. Schijnbaar te breed voor het fietspad rolt de gebundelde formatie naderbij. Bij de appelboomgaard van Lisserbroek sluit ik aan en vestig mij in de voorste posities. Vanaf een wandelpad omsloten door struikgewas duikt een laatste fietser op, als een hert dat zich bij zijn kudde voegt. De Huttentocht van 2013 laat nu eens het westen van Nederland zien. Burgemeester Jan Six van Amsterdam meerde in de zeventiende eeuw aan tussen snijdend riet, om tijdens weekendverlof te vertoeven in zijn ambtsheerlijkheid, het huidige gemeentehuis van Hillegom. Bij een knapperend haardvuur spoelde hij zijn jachttrofeeën uit de bosrijke duinen met een bourgondisch glas weg. Waterbouwkundige Leeghwater pleitte al in 1641, in de herfst van zijn leven, voor drooglegging van het Haarlemmermeer. Hiermee was hij medeverantwoordelijk voor de vruchten die braamstruiken er nu dragen, dat we vandaag de route fietsen die de burgervader voer, scherp overstag gaand bij donders weer, en dat we langs de Polderbaan de kuiten ontspannen en stapvoets fietsen. Hier is het rokende rubber van landende vliegtuigen de bakermat van De Wereldfietser. Sugar City is de naam van de nieuwe bestemming waarop ik mijn kompanen attendeer: “hé, deze kant op!”. Daar waar de bietenkokers hun Puch of Kreidler onder rond gebogen golfplaten stalden en ik tijdens de Huttentocht de heraldische wapens aan de geconserveerde gevel van de voormalige CSM-fabriek met een schuin oog observeer. Weer langs de ringvaart is Lijnden het tweede gemaal dat samen met Leeghwater de spil vormt waaromheen zich de Haarlemmermeer uitstrekt. Verderop vertellen molenstomp de Aker en molen Sloten het verhaal van de wind. Als broodnodige verbinding tussen

de Ringvaart en de Schinkel ontstond de Nieuwe Meer. Met jachthavens. Een reden om onze band met het fietsen verder te polijsten. Aan slechts één picknicktafel, bij stookplekken van barbecues in het gras en een uitnodigend strandje dat uitmondt tussen het riet. Zonovergoten, maar zonder barbecue, fietsen we over de oeverlanden. Omringd door vermoeide bomen en afgescheurde boomstompen, door mos overwoekerd, met soms de geur van moeraswater. Op een haar na ontwijk ik de uitwerpselen van een Schotse Hooglander. Daarna lijkt het alsof wíj door de Nieuwe Meersluis zijn geschut en op het niveau van Amsterdam fietsen. In de middagzon schittert de Olympische Bosbaan, waarop tientallen boten een zeeslag suggereren alsof we het Stedelijk Museum bezoeken. In de Middelpolder verliezen we opnieuw het evenwicht op de grens van verstedelijking. In Ouderkerk aan de Amstel is dat hersteld. Later wordt ons de keuze gelaten of we rechts- dan wel linksom de 1200 hectaren van polder de Rondehoep fietsen. Fietser Willem I doet uitspraak: eerst de Voetangelbrug en dan Stokkelaarsbrug… en over het fietspaadje! Ik schrik van mijn woorden. Maar de getoonde volgzaamheid over het tuitelige dijkje is om door een ringetje te halen. Omkijken of iedereen het op de pedalen wel lukt, is funest. Eufoor bereiken we een cluster woningen, Stokkelaarsbrug. Langs het riviertje de Waver liggen de stal, de hooibergen en de gereserveerde trekkershutten binnen handbereik. Ook de picknicktafel, als spil van het kampement, waarvan de bezetting door tentjes toeneemt naarmate de vurige schemering steeds verder overgaat in de duisternis van sterren. Als het afkoelt, wordt de beschutting van de stal een doel op zich. Ik pak mijn fietstassen op en sluit daarna de rits van ons tentje. Gestalten en gapende boerenschuren. Op het licht van de staldeur vind ik mijn weg. Op de voorgang, waar het veevoer werd opgediend, wordt geschoven met jeugdherbergmeubilair, de inhoud van fietstassen uitgestald. Een zwaluwnest kijkt toe. Waar fietsers het doorgaans met elkaar over hebben overtreft snel het F16 van benzinebranders. Om te beginnen over de mooie, zich plezierig voortkabbelende fietsdag, maar ook over ongunstig gezinde weergoden. Ik word wakker van het tentdoek. b tijdschrift voor fietsreizigers

45

Vf141  
Advertisement