Page 13

Karin: “We hebben nog een aantal landen en continenten op ons lijstje staan: Zuid- en Midden-Amerika, Japan, Indonesië, Australië, Nieuw-Zeeland.” Peter: “En de Filipijnen en Paaseiland. We wonen zo mooi, dat de behoefte aan het maken van lange reizen een stuk minder is geworden. Wel gaan we weekendjes weg en elk jaar lekker op vakantie. Met de auto welteverstaan. Racefiets en ATB mee voor mij en een stapel boeken voor Karin. We lijken weer gewone Nederlanders... hoewel er soms toch iets knaagt als we een mooie natuurserie over Afrika zien.” Over Afrika gesproken, jullie doorkruisten daar op fiets meerdere wildparken. Ervoeren jullie dat als een risico? Peter: “De eerste keer dat we door een wildpark fietsten, was op een gewone doorgaande weg, waar ook de Afrikanen zelf rijden, lopen en fietsen. We zijn ons daarna gaan verdiepen in de werkelijke risico’s, het gedrag van wilde dieren en mensen, en de gevolgen van dat gedrag. We leerden, dat de kans aangevallen te worden zeer klein is, op voorwaarde dat je je aan een aantal regels houdt. Respect voor de dieren, afstand houden, ze niet benaderen of in het nauw brengen, geen onverwachte, wilde bewegingen maken, et cetera. “Daar komt bij: een hongerige leeuw gaat niet naar een asfaltweg op zoek naar een overmoedige Hollandse fietser, maar naar een groep impala’s of een kudde zebra’s. Een olifant valt jou niet zomaar aan, tenzij je daar door je gedrag zelf om vraagt. We hebben tientallen olifanten gezien terwijl we fietsten, hielden altijd voldoende afstand of stopten, en we hoefden nooit bang te zijn. Onze fietsen waren voor wilde dieren afschrikwekkender dan die vrachtwagens die in Afrika over de weg denderen. “Wat niet wegneemt dat het tegelijk toch spannend is, omdat je weet dat zo de kans groot wild te zien alleen maar groeit. Het enige waar we bang voor hadden kunnen zijn, is bijvoorbeeld een zieke, verzwakte leeuw, die te zwak is om een antilope te vangen maar nog wel een stukje sneller kan rennen dan wij kunnen fietsen. Dit risico hebben we genomen en overleefd.” Zijn jullie niet bang dat jullie verhaal anderen aanzet tot het nemen van ondoordachte beslissingen: ‘als Karin en Peter het kunnen, dan kunnen wij het ook’? “Iedereen is anders. Mensen die bang zijn om door een wildpark te fietsen, moeten dat gewoon niet doen. Wij konden er enorm van genieten, dankzij ons vertrouwen in het leven, dankzij de kennis van het wild en omdat we niet snel bang zijn. Als je anders in elkaar steekt, wat helemaal geen schande is, kun je beter andere keuzes maken, zodat je, weliswaar op een andere manier, wel geniet van je reis.” Hoe staat dit risico in verhouding tot andere ‘algemenere’ risico’s die fietsers onderweg lopen? Peter: “Het grootste risico dat je als fietser loopt is hoe dan ook het overige verkeer. De meest beschaafde verkeersdeelnemers zijn Duitsers, de minst beschaafde Indiërs. Daar zit de rest ergens tussenin.” Karin en Peter hadden allebei spiegeltjes op de fiets om achteropkomend verkeer te kunnen zien aankomen. “Dat heeft ons enkele malen het leven gered”, zegt Peter. “Ook fietsten we bijna nooit

‘Een hongerige leeuw gaat niet op zoek naar een overmoedige Hollandse fietser’ naast elkaar, om zoveel mogelijk ruimte te houden tussen anderen en onszelf. Uitzondering hierop waren grotere steden, met meerdere rijbanen, dan gedroegen we ons als een auto en namen naast elkaar een baan in beslag, zodat we niet rakelings gepasseerd konden worden.” Buiten die voorzorgsmaatregelen waren Karin en Peter vooral oplettend en hielden ze rekening met alle mogelijke scenario’s. Peter: “Als fietser moet je alert zijn op vreemd gedrag van automobilisten en vooral minibusjes en autobussen. Er is altijd de kans, dat je niet of te laat gezien wordt.” Bovendien, zo menen de twee wereldfietsers, bungel je als fietser onderaan in de hiërarchie en ben je gewoonweg kwetsbaar. Peter: “Dat zijn allemaal geen redenen om bang te zijn en toch maar niet een fietsreis te maken, maar het is wel iets om goed rekening mee te houden.” Geldt dat ook voor de zoektocht in het donker door de buitenwijken van Johannesburg? Waren de waarschuwingen wat betreft onveiligheid die jullie van tevoren kregen terecht? Karin: “Mede omdat we al uren zochten, de weg kwijt waren, vermoeid raakten en geïrriteerd op elkaar begonnen te reageren, was het een vervelende situatie. Achteraf is er niets gebeurd en zijn we zelfs vriendelijk geholpen door de plaatselijke bevolking, maar dat is van tevoren natuurlijk niet in te schatten.” Peter: “In bijna zeven jaar reizen door 38 landen hebben we vrijwel alleen vriendelijke, gastvrije en behulpzame mensen ontmoet. De vervelende mensen met verkeerde bedoelingen zijn op de vingers van één hand te tellen. We moeten niet vergeten dat de grootste verhalen vaak negatieve verhalen zijn. Goed nieuws is geen nieuws. De meeste kranten, journaals en documentaires danken hun b daar gaat het om, het liefst zo dramabestaan hieraan. Sensatie, tisch mogelijk. Helaas.” Meer informatie over de boeken die Peter over zijn fietsreizen met Karin schreef, is te vinden op: www.peter-mak.nl

Peter en Karin in Tibet tijdschrift voor fietsreizigers

13

Vf141  
Advertisement