Issuu on Google+

VAANSTER (Y)our

Deze ‘Aansluitvoorwaarden Vaanster Energie 2008 zakelijke afnemers’ zijn te vinden op www.vaanster.nl en zijn op aanvraag kosteloos verkrijgbaar. De aansluitvoorwaarden zijn van toepassing op de levering van warmte, warm tapwater en koude door Vaanster Energie. Inhoudsopgave Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel Artikel

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13

Begripsomschrijvingen Algemene bepalingen Aansluiting en levering Ruimte ten behoeve van leidingen Voorschriften Aansluiting en regeling afgifeset Afgiftesysteem Warmtapwaterinstallatie Opstellingsruimte Controle van installaties Verplichtingen Contractant Wijziging van de voorwaarden, tarievenregelingen en tarieven Slotbepalingen

Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze aansluitvoorwaarden wordt verstaan onder: Aansluiting: de leiding van de Leverancier die de Installatie met de hoofdleiding verbindt met inbegrip van de Meetinrichting en alle andere door of vanwege de Leverancier in of aan die leiding aangebrachte apparatuur zoals aansluitkasten, beveiligingsinrichtingen, warmtewisselaars en hoofdkranen; Aansluitwaarde: het overeengekomen maximaal te leveren vermogen onder ontwerpcondities gebaseerd op het vermogen aan warmte dat nodig is om een object onder ontwerpcondities op ontwerptemperatuur te kunnen houden. De Aansluitwaarde wordt door Contractant opgegeven; Aanvoertemperatuur: de temperatuur waarmee het verwarmingswater ten behoeve van de warmtelevering door Leverancier ter beschikking wordt gesteld; Algemene voorwaarden: de van toepassing zijnde Algemene Voorwaarden Vaanster Energie 2008 voor levering van warmte, warm tapwater en koude aan zakelijke afnemers. Afgifteset: een toestel van de Leverancier op het leveringspunt van Contractant met als functie om aan de vraag van de Contractant naar warmte of koude of warmtapwater te voldoen; In de Afgifteset is de warmtemeting en regeling van de afgifteset opgenomen. In deze aansluitvoorwaarden zijn enkele gegevens van de Afgifteset indicatief weergegeven. De exacte specificaties zoals afmetingen, gewicht en aansluitdiameters, zijn in het specificatieblad Afgiftesysteem bij de Overeenkomst opgenomen. Afgiftesysteem: de in het Perceel aanwezige binnenleidingen, bestemd voor het betrekken van warmte met inbegrip van meet- en regelinstrumenten en andere voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de goede werking, te rekenen vanaf de Aansluiting aan de contractantzijde van de Afgifteset, dan wel vanaf de in het Perceel of vanwege de Leverancier geplaatste afsluiters c.q. Meetinrichting, dan wel vanaf een andere nader overeen te komen plaats. Leidingkokers en leidingschachten met hun toegangen worden eveneens tot de installatie gerekend. Het afgiftesysteem is ook geschikt voor het betrekken van koude ten behoeve van Koeling;

environmental

energie

responsibility

Contractant: degene die warmte, warm tapwater en koude van de leverancier betrekt en/of de beschikking heeft over een aansluiting en/of degene die een aanvraag voor de totstandbrenging, uitbreiding of wijziging van een aansluiting bij de leverancier heeft ingediend; Distributienet: een stelsel van leidingen bedoeld voor het transport van warmte en koude naar de Afgifteset op het Perceel; EOI – Energie Opwekking Installatie: de installatie van de Leverancier waarmee warmte (ten behoeve van Laagtemperatuur Warmte en eventueel Hoogtemperatuur Warmte) en koude (ten behoeve van Koeling) wordt opgewekt ten behoeve van levering daarvan aan Contractanten. Hoogtemperatuur Warmte: warmte van een hoge temperatuur geschikt voor productie van warm tapwater in de Afgifteset. De exacte temperatuur kan variëren per project en wordt vastgelegd in de Overeenkomst; Installateur: degene die bevoegd is tot het uitvoeren van werkzaamheden aan de Installatie; Installatie: de in het Perceel aanwezige binnenleidingen en de daarmee verbonden toestellen, bestemd voor het betrekken van warmte, warm tapwater en koude, met inbegrip van de regelinstrumenten en andere voorzieningen die noodzakelijk zijn voor de goede werking, te rekenen vanaf de Aansluitingen aan de contractantzijde van de warmtewisselaar(s), dan wel de in het Perceel door of vanwege de Leverancier geplaatste afsluiters, dan wel vanaf een andere nader overeen te komen plaats. Leidingkokers en leidingschachten met hun toegang worden eveneens tot de installatie gerekend; Koeling: koude van een temperatuur geschikt voor koeling. De temperatuur kan variëren per project en wordt vastgelegd in de Overeenkomst; Laagtemperatuur Warmte: warmte van een temperatuur geschikt voor laagtemperatuur verwarming; de temperatuur wordt aangepast afhankelijk van de buitentemperatuur conform de Stooklijn. De temperatuur kan variëren per project en wordt vastgelegd in de Overeenkomst; Leverancier: Vaanster BV statutair gevestigd te Amsterdam, dan wel een aan haar gelieerde onderneming, die deze algemene voorwaarden uitdrukkelijk van toepassing verklaart of heeft verklaard; Levering: de levering respectievelijk de terbeschikkingstelling van warmte (of koude) en/of warmtapwater; Leveringsgrens: de plaats van overgang tussen het de Afgifteset en Installatie van Contractant; Meetinrichting: de apparatuur van de Leverancier bestemd voor het vaststellen van de omvang van de Levering van warmte, koude en warm tapwater, van de voor de afrekening nodig geachte gegevens en voor de controle van het verbruik;

pagina 1/7


VAANSTER (Y)our

Meterkast: de bouwkundige ruimte waarin door of vanwege de Leverancier apparatuur met toebehoren is aangebracht ten behoeve van de Levering van warmte en warm tapwater vanuit het Distributienet; Opstellingsruimte: ruimte in het gebouw ten behoeve van de plaatsing van de Afgifteset; Overeenkomst: de afspraken tussen de Leverancier en de Contractant betreffende de Levering van warmte, koude en/of warmte t.b.v. de warmtapwater bereiding; Perceel: iedere roerende of onroerende zaak, gedeelte of samenstel daarvan ten behoeve waarvan een Aansluiting tot stand is gekomen of zal komen, dan wel Levering van warmte, warm tapwater en koude geschiedt of zal geschieden, een en ander ter beoordeling van de Leverancier; Retourtemperatuur: de temperatuur waarmee het afgekoelde verwarmingswater van de Installatie in de Aansluiting terugkeert; Stooklijn: de stooklijn beschrijft de door het Distributienet geleverde aanvoertemperatuur en retourtemperatuur afhankelijk van de buitentemperatuur en wordt in de Overeenkomst opgenomen; Warmtapwaterinstallatie: de in het Perceel aanwezige binnenleidingen van de Afgifteset tot en met de tappunten ten behoeve van warmtapwater; Artikel 2 Algemene bepalingen 2.1 De warmte voor verwarming en voor de productie van warmtapwater wordt bij Aansluiting op het Distributienet geleverd door middel van warm water. Artikelen in deze aansluitvoorwaarden die betrekking hebben op warmtapwater zijn uitsluitend van toepassing op Contractanten met een Warmtapwaterinstallatie en een Leveringsovereenkomst die is afgesloten voor warmtapwater. 2.2 De warmte wordt gewonnen uit de bodem of buitenlucht en in temperatuur verhoogd met een warmtepomp. Het warme water wordt via een buizenstelsel naar de Contractanten gebracht. In de Afgifteset wordt warmte en koude overgedragen aan de Installatie van Contractant. Het tapwater wordt door middel van een warmtewisselaar op temperatuur gebracht. Voor het goed en veilig functioneren van de Installaties is het noodzakelijk dat het ontwerp van deze Installaties is afgestemd op de drukken, de temperaturen en andere eigenschappen van het Distributienet en de opwekking. Ook is het noodzakelijk dat bouwkundige voorzieningen worden aangebracht die de Aansluiting op het warmtenet mogelijk maken. In de aansluitvoorwaarden zijn deze afstemming en de benodigde voorzieningen uitgewerkt. 2.3 De in deze voorwaarden aangehaalde voorschriften, publicaties, normen en richtlijnen zoals NEN en ISSO zijn steeds van toepassing en/of de hiervoor in de plaats tredende publicaties, voorschriften en normen, voor zover hier in deze voorwaarden niet van wordt afgeweken.

environmental

energie

responsibility

Artikel 3 Aansluiting en Levering 3.1 Het voor het tot stand brengen van de Aansluiting op het Distributienet vereiste hak -, breek -, metsel -, timmer -, schilder - en ander bijkomstig werk moet door of vanwege de Contractant en voor zijn rekening worden verricht, een en ander ter beoordeling van de Leverancier. 3.2 De Leverancier behoudt zich het recht voor een nieuwe Installatie slechts aan te sluiten en bij uitbreiding, wijziging of vernieuwing van een bestaande Installatie de Levering slechts dan te handhaven, indien de aanleg, uitbreiding, wijziging of vernieuwing tot stand is gebracht door een Installateur en op vakkundige wijze is geschied en op aanwijzing van de Leverancier. 3.3 De Leverancier behoudt zich het recht voor het aansluiten of heraansluiten van een Installatie te weigeren of de Aansluiting van een Installatie te verbreken, indien niet wordt voldaan aan het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden. 3.4 Indien een controle als bedoeld in artikel 3 van deze aansluitvoorwaarden niet of onvoldoende kan worden uitgevoerd, heeft de Leverancier het recht de Levering te weigeren of te beëindigen. 3.5 Werkzaamheden aan de Aansluiting vinden alleen plaats door of vanwege de Leverancier. 3.6 Verzegelingen die door of vanwege de Leverancier zijn aangebracht op de Meetinrichting, Afgifteset of op andere toestellen die deel uitmaken van de Aansluitingen mogen niet zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de Leverancier worden geschonden of verbroken. 3.7 Indien de Aansluiting ingevolge het bepaalde onder 3.3 wordt onderbroken of de Levering ingevolge van 3.4 wordt beëindigd, behoudt de Leverancier zich het recht voor niet eerder tot heraansluiting c.q. hervatting over te gaan dan nadat is gebleken, dat aan het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden is voldaan. Artikel 4 Ruimte ten behoeve van leidingen 4.1 Ten behoeve van de aanleg van hoofdleidingen en de leidingen die deel uit maken van de aansluiting, moeten, volgens de voorschriften van de Leverancier, sparingen in de fundering, muren en/of vloeren, leidingkokers en/of mantelbuizen door de Contractant ter beschikking worden gesteld. Deze voorschriften worden desgewenst kosteloos door de Leverancier beschikbaar gesteld. 4.2 De door de Leverancier, ten behoeve van de Levering, op het Perceel aangebrachte (hoofd-) leidingen zijn en blijven eigendom van de Leverancier. De Contractant of de eigenaar van het Perceel moet de nodige maatregelen nemen voor en/of medewerking verlenen aan het waarborgen van het eigendomsrecht van de Leverancier ten aanzien van de (hoofd-) leiding.

2.4 Voor elke Aansluiting gelden deze ”Aansluitvoorwaarden Vaanster Energie 2008 zakelijke afnemers”.

pagina 2/7


VAANSTER (Y)our

4.3 Indien hoofdleidingen en de leidingen die deel uit maken van de Aansluiting zich in de kruipruimte(n) van het Perceel bevinden, dan moeten afdoende maatregelen zijn getroffen om ervoor te zorgen dat in deze kruipruimte(n) het (grond-) waterniveau zodanig is dat de leidingen droog blijven. De Contractant moet de hiertoe noodzakelijke maatregelen nemen en/of instandhouden. De kruipruimte heeft een hoogte van tenminste 500 mm, tenzij anders is overeengekomen. Alle delen van de genoemde leidingen moeten, via kruipluiken met een afmeting van ten minste 600 x 400 mm, bereikbaar blijven. 4.4 Indien hoofdleidingen en van de Aansluiting deel uitmakende leidingen zich in leidingkokers of –schachten bevinden, moeten deze leidingen middels afneembare panelen voor inspectie, onderhoud en vervanging bereikbaar zijn en blijven. Artikel 5 Voorschriften voor Installatie van Contractant 5.1 De Warmtapwaterinstallatie dient te voldoen aan de Waterleidingenwet en de voorschriften c.q. richtlijnen zoals vermeld in de NEN 1006 “Algemene voorwaarden voor drinkwaterinstallaties” en de bijbehorende “VEWIN werkbladen”. 5.2 Het ontwerp van de verwarmingsinstallatie, alsmede uitbreidingen en wijzigingen van een Installatie dienen te voldoen aan de ontwerpeisen zoals gesteld in de ISSO publicatie 51 ”Bepaling van het benodigde vermogen van verwarmingsinstallaties” en/of de hiervoor in de plaats tredende publicaties, voorschriften en normen, voor zover hier in deze voorwaarden niet van wordt afgeweken. 5.3 De toegepaste materialen en de montage van de Installatie moeten voldoen aan de eisen zoals gesteld in de ISSO-publicatie 5 Montageen materiaal- en technische kwaliteitseisen voor warm water verwarmingsinstallaties en/of de hier voor in de plaats treden de publicaties, voorschriften en normen, voor zover hier in de volgende voorwaarden niet van wordt afgeweken. In verband met de kwaliteit van het verwarmingswater is toepassing van de volgende materialen, indien die in aanraking kunnen komen met dit water, niet toegestaan: fiber, aluminium en aluminium legeringen. Indien leidingonderdelen van bepaalde rubbersoorten worden toegepast dient aangetoond te worden dat deze bestand zijn tegen de temperatuur, druk en waterkwaliteit in het warmtenet. Indien appendages van messing worden toegepast dienen deze vervaardigd te zijn van ontzinkingsbestendig messing. 5.4 Installaties moeten onverminderd het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden voldoen aan de daarvoor vastgestelde of vast te stellen en op het moment van aanvraag meest recente wettelijke voorschriften, alsmede aan in normbladen vastgelegde veiligheidsvoorschriften of veiligheidseisen. Artikel 6 Aansluiting en regeling Afgifteset 6.1 Wijze van aansluiten: De Afgifteset wordt in de Opstellingsruimte aangesloten op het Afgiftesysteem en de warm tapwaterinstallatie. De Aansluiting voor warmte en koude vindt plaats middels een gesloten of open Aansluiting. Bij een gesloten systeem is een hydraulische scheiding geplaatst in de vorm van een warmtewisselaar. Bij een open systeem is een directe verbinding tussen de Installatie en Distributiesysteem aanwezig.

environmental

energie

responsibility

6.2 Omvang van de Aansluiting: Op basis van de door de Installateur uitgevoerde warmteverlies- en drukverliesberekening, wordt door de Leverancier een Afgifteset geadviseerd. Het door de Afgifteset te leveren vermogen wordt bepaald volgens ISSO-publicatie 51. 6.3 Regeling: De voorregeling van het Distributienet is een eenmalige instelling van de stooklijn op basis van de buitentemperatuur en retourtemperatuur van het Distributienet. De naregeling bij de Afgifteset vindt plaats middels een regeling zoals aangegeven in de Overeenkomst. Nachtverlaging wordt niet toegepast. 6.5 Koelen: In verband met koeling kan op leidingen die niet in vloeren of wanden zijn weggewerkt condens ontstaan. Om corrosie van metalen leidingen en overlast door condensvorming te voorkomen wordt geadviseerd om leidingen, verdelers en verzamelaars dampdicht te isoleren. De goede werking van het Afgiftesysteem blijft de verantwoordelijkheid van de Contractant en zijn Installateur. 6.6 Materialen: Het Afgiftesysteem dient van een eigen aftap en op iedere verdiepingsvloer van een hand ontluchting te zijn voorzien. Leidingen dienen zuurstofdiffusie dicht te zijn conform DIN 4726. De leidingen dienen gecertificeerd te zijn door een bevoegd keuringsinstituut en voorzien te zijn van een opdruk waaruit dit blijkt. 6.7 Installateur: De Installateur verzorgt de volgende zaken: de Aansluiting inclusief filters voor Afgiftesysteem en Warmtapwaterinstallatie op de Afgifteset. 6.8 Beproeving en ingebruikname: Voor de ingebruikname van het Afgiftesysteem dient deze hydraulisch te zijn beproefd op de proefdruk en te zijn gespoeld met drinkwater. De filters moeten daarna worden gereinigd of vervangen door Contractant of door Leverancier op kosten van Contractant. 6.9 Onderhouden: Contractant is verantwoordelijk voor een schoon Afgiftesysteem, vrij van bouwstof en ander vuil. De Installatie dient, gedurende de bouw en gebruik van de Installatie, door de Installateur hydraulisch ingeregeld te worden overeenkomstig de door hem opgestelde inregelstaten. De Installateur dient op overtuigende wijze aan te tonen dat de hydraulische inregeling goed is uitgevoerd. De regelinstallatie van de centrale verwarmingsinstallatie en de Warmtapwaterinstallatie dienen ingesteld te worden conform de uitgangspunten van het installatieontwerp. Door de Installateur moet een bediening- en onderhoudsvoorschrift worden gemaakt ten behoeve van de Contractant van de Installatie.

pagina 3/7


VAANSTER (Y)our

Artikel 7 Afgiftesysteem 7.1 Ontwerpeisen Afgiftesysteem: Het ontwerp van het Afgiftesysteem en de uitbreidingen en wijzigingen van een installatie dienen te voldoen aan de ontwerpeisen zoals gesteld in de NEN 5066 ‘Warmteverliesberekening voor gebouwen’ en de ISSO publicatie 51 ‘Bepaling van het benodigde vermogen van verwarmingsinstallaties’ en/of de hiervoor in de plaats tredende publicaties, voorschriften en normen. Het Afgiftesysteem dient zodanig te zijn ontworpen, ingeregeld en in stand worden gehouden dat de vereiste binnentemperaturen gerealiseerd kunnen worden. Het dimensioneren van de verwarmingslichamen dient gebaseerd te zijn op een Afgiftesysteem met temperaturen zoals beschreven in de Overeenkomst en conform ISSO 51. De Installatie dient zodanig te worden ontworpen en geregeld, dat een minimale retourtemperatuur, ten hoogste overeenkomstig de Stooklijn in de Overeenkomst ontstaat. De Installatie dient uitgevoerd te worden als een tweepijpssysteem en kortsluitleidingen zijn niet toegestaan. Expansievat met voldoende inhoud, vul- en aftapinrichtingen en overstortbeveiliging en manometer moeten op een goed bereikbare plaats aanwezig zijn. 7.2 De Installatie moet dusdanig worden ontworpen, gebouwd en in stand worden gehouden dat de Aanvoertemperatuur, de Retourtemperatuur en de Stooklijn bij de Aansluitwaarde gelijk zijn aan de overeengekomen ontwerpwaarde. 7.3 De Installatie moet dusdanig worden ontworpen, gebouwd en in stand worden gehouden dat het drukverschil maximaal gelijk is aan de overeengekomen ontwerpwaarde. 7.4 De Installatie dient zodanig te zijn ontworpen, gebouwd en in stand worden gehouden dat: a. deze voldoet aan de eisen volgens ISSO publicatie 5, voor zover er in deze voorwaarden niet van wordt afgeweken; b. deze bestand is tegen de maximale waterdruk en de watertemperaturen welke zijn overeengekomen; c. de regelorganen en/of regelafsluiters nog kunnen sluiten bij een drukverschil ter grootte van de maximale verwarmingswaterdruk; d. deze bestand is tegen verwarmingswater met een PH tussen de 7 en 10,5. In verband hiermee is het gebruik van aluminium en/of aluminiumlegeringen, op een zodanige manier dat deze in contact kan komen met het verwarmingswater, niet toegestaan; e. deze bestand is tegen verwarmingswater waarin zwevende vuildeeltjes met een diameter van ten hoogste 500 mm kunnen voorkomen; f. bij een aansluitvermogen van meer dan 50 kW, het uit de verwarmingsinstallatie in de Aansluiting terugkerende water in de verwarmingsinstallatie wordt gefilterd met een maaswijdte van ten hoogste 500 mm en dienen direct na de aansluiting in de aanvoer- en retourleiding van de verwarmingsinstallatie afsluiters geplaatst te worden; g. indien in de verwarmingsinstallatie kunststof wordt toegepast, bijvoorbeeld ten behoeve van radiator aansluitslangen of vloerverwarming, dit kunststof een KOMO-attest met productcertificaat (KOMO-keur) heeft volgens de beoordelingsrichtlijnen BRL 5602, BRL 5603, BRL 5604, BRL 5605 of BRL 5606.

environmental

energie

responsibility

7.5 In verband met het bepaalde in dit artikel moet de Installatie ontworpen, gebouwd en in stand gehouden worden volgens de volgende specifieke eisen: a. een open verdelen, waardoor het water uit de aanvoerverdeler rechtstreeks, zonder door een verwarmingslichaam te stromen, in de retourverdeler terecht kan komen, zijn niet toegestaan; b. De Installatie moet, middels daartoe bestemde inregelappendages, per verwarmingslichaam zodanig ingeregeld worden en blijven dat de volumestroom van elke deelstroom van het verwarmingswater evenredig is aan het af te geven thermische vermogen van die deelstroom; c. De Installatie moet hydraulisch passief zijn. Dit betekent dat er geen pompen in serie met de aanvoer- en/of retourleiding van de Aansluiting mogen worden opgenomen zonder dat deze met een omloopleiding met een juist gerichte terugslagklep hydraulisch passief worden gemaakt; 7.6 De navolgende regelingen en schakelingen zijn niet toegestaan: - doorverbonden verdeler-verzamelaar; - bypass regeling; - kortsluitleidingen; - verdeelleidingen; - meng-injectie regelingen (waarbij) aanvoerwater in retour water wordt bijgemengd); - shuntpomp; - thermische kortsluitingen. 7.7 Indien de Installatie of delen van deze Installatie niet zijn bedoeld voor ruimteverwarming, maar voor overige verwarmingsdoeleinden, dan moet Contractant deze toepassing ter beoordeling aan Leverancier voorleggen. Ten minste moet worden aangetoond dat deze Installatie voldoet aan alle bepalingen van dit artikel. Bovendien kan Leverancier naar aanleiding van de aanvraag aanvullende eisen stellen aan de constructie van de Installatie. 7.8 Alle verwarmingsgroepen moeten zijn voorzien van instelbare ventielen, ten behoeve van het inregelen van het Afgiftesysteem. 7.9 Het Afgiftesysteem is eigendom van Contractant maar staat in direct contact met het Distributienet van de Leverancier. Het water dat door het Afgiftesysteem circuleert, circuleert ook in het Distributienet. Contractant dient te voorkomen dat water uit het Afgiftesysteem geraakt. 7.10 Aanpassingen in het Afgiftesysteem: Aanpassingen in het Afgiftesysteem van Contractant mogen slechts worden uitgevoerd onder de volgende voorwaarden: • Aanpassingen mogen slechts worden uitgevoerd na schriftelijke toestemming van de Leverancier; • De aanvraag voor aanpassingen dient naar de Leverancier te worden gezonden voorzien van principe tekeningen van de te maken aanpassingen inclusief opgave van de te gebruiken materialen; • Aanpassingen dienen te worden uitgevoerd door een erkende Installateur. • Aanpassingen dienen te worden uitgevoerd conform de in artikel 4 genoemde voorschriften; • Bij aanpassingen dient Contractant te zorgen dat geen vuil in het Afgiftesysteem komt of achterblijft; • Contractant dient drie weken na de aanpassingen het filter in de Afgifteset te controleren en zonodig schoon te maken of te vervangen; • Aanpassingen in het Afgiftesysteem mogen pas worden uitgevoerd na afsluiten van de aanvoer en retour afsluiters bij de Afgifteset. pagina 4/7


VAANSTER (Y)our

7.11 Het aftappen van water uit de installatie anders dan voor werkzaamheden aan de installatie is niet toegestaan. Indien ten behoeve van werkzaamheden aan de installatie moet worden afgetapt, dient dit tijdig te worden gemeld bij de Leverancier. Artikel 8 Warmtapwaterinstallatie 8.1 Drukverlies: Het dynamisch drukverlies in de warm tapwaterinstallatie mag ten hoogste 30 kPa bedragen. De minimaal benodigde voordruk van koud tapwater is 150 kPa. 8.2 Leveringscondities warm tapwater voorziening: Bij warm tapwater is het uitgangspunt levering van voldoende temperatuur conform geldende regelgeving en normen (ca. 58°C) aan de uittrede van de Afgifteset. De Warmtapwaterinstallatie dient zodanig ontworpen te zijn, dat de temperatuur aan het tappunt niet meer dan 3 °C lager is dan de temperatuur aan de uittrede van de Afgifteset. In de Afgifteset is voor tapwater een dubbelwandige warmtewisselaar opgenomen. Hiermee wordt voldaan aan ISSO 30-5 ‘Legionella Code’. In de Afgifteset wordt koud water opgewarmd volgens het doorstroomprincipe. 8.3 Aansluiting op binneninstallatie: De Installateur sluit warm en koud water aan op de Afgifteset en levert en plaatst een inlaatcombinatie en bijbehorende lekwatervoorziening. 8.4 Beproeving en ingebruikname: Voor de ingebruikname van de Warmtapwaterinstallatie dient deze hydraulisch te zijn beproefd op de proefdruk behorende bij de druktrap van de installatie en te zijn gespoeld met drinkwater. 8.5 Aansluiting van een warmtewisselaar: Indien het warm tapwater in een warmtewisselaar bij de aansluiting wordt bereid, dan moet de Contractant zorgdragen voor de aansluiting van de drinkwaterleiding op en de Levering van drinkwater aan de door de Leverancier ter beschikking gestelde warmtewisselaar. Hierbij moet Contractant zorgen voor de montage en de blijvend goede werking van een deugdelijke, op een afvoer aangesloten, inlaatcombinatie. Artikel 9 Opstellingsruimte 9.1 De Contractant stelt een bouwkundige ruimte of Meterkast voor de Afgifteset om niet ter beschikking van de Leverancier. De locatie van de bouwkundige ruimte wordt, met in acht name van de overige bepalingen in dit artikel, in overleg vastgesteld. De voor de regeling en bemetering beperkte benodigde hoeveelheid elektriciteit komt voor rekening van de Contractant. De exacte specificaties zoals afmetingen, gewicht en aansluitdiameters, zijn in het specificatieblad Afgiftesysteem bij de Overeenkomst opgenomen en kunnen in beperkte mate afwijken van hetgeen in dit artikel is opgenomen. 9.2 De ruimte moet voldoen aan de eisen welke door Leverancier daaraan worden gesteld en moet daartoe ondermeer wind- en regendicht zijn en vorstvrij gehouden worden. De ruimte dient tevens te worden voorzien van goede toegang, verlichting en elektriciteitsaansluiting. Het bouwkundig onderhoud aan de ruimte voor de Aansluiting geschied door Contractant of voor rekening van Contractant door Leverancier.

environmental

energie

responsibility

• Afmetingen: De afmetingen van het aflever- of onderstation zijn o.a. afhankelijk van de aansluitwaarde van het Perceel, van de soort Aansluiting en het al dan niet aanwezig zijn van een warmtapwatervoorziening. De Contractant dient hieromtrent contact op te nemen met Leverancier. De inwendige hoogtemaat dient echter altijd minimaal 2400 mm te bedragen. • Indeling: De indeling van het aflever- of onderstation geschiedt in overleg tussen de Leverancier en de Contractant. • Uitvoering en toegang: Het aflever/onderstation moet uit tenminste halfsteensmuur zijn opgebouwd. In het aflever/onderstation mogen geen ramen worden opgenomen. Het dak mag van hout zijn en moet waterdichte afdekking hebben. Het aflever/onderstation dient toegankelijk te zijn door middel van een naar buiten draaiende deur (hoogte 2115 mm, breedte 930 mm) welke uitkomt aan de buitengevel dan wel op een andere wijze gemakkelijk en snel toegankelijk is voor meteropname, opheffen van storingen, onderhoud en vervanging van grote componenten. • Vloerbelasting: De vloerbelasting van het aflever- of onderstation bedraagt 5 kN/m2. Bij installaties met een aansluitwaarde groter dan 1000 kW kan de vloerbelasting plaatselijk hoger zijn. • Buitentemperatuurvoeler: Vanuit het aflever- of onderstation dient op aanwijzing van Leverancier een buisleiding (16 mm PVC) met bedrading (2 x 1,5 mm2) te worden aangebracht, die op de noord- of noordwestgevel, op minimaal 3 m boven het maaiveld, uitkomt (ten behoeve van de buitentemperatuurvoeler van de weersafhankelijke regeling). • Aarding: Ten behoeve van de veiligheid en de aarding van apparatuur dient in het aflever- of onderstation een veiligheidsaarding volgens NEN 1010 aanwezig te zijn. • Verlichting: Er dient voldoende verlichting in het aflever- of onderstation aanwezig te zijn, minmaal 500 lux. In het geval dat de Contractant de bouwkundige ruimte levert, wordt de verlichtingsinstallatie in opdracht van en voor rekening van Contractant gerealiseerd. • Elektrische voeding: Voor de elektrische voeding voor meet- en regelapparatuur van de installatie in het afleverstation stelt de Contractant één afzonderlijke eindgroep (230V/16A en aarde) en tenminste één wandcontactdoos met randaarde om niet ter beschikking. Voor elektrische voeding voor meet en regelapparatuur van de installatie in het onderstation installeert de Leverancier één afzonderlijke eindgroep (230V/16A en aarde) en tenminste één wandcontactdoos met randaarde. Voor de secundaire circulatiepompen wordt door de Leverancier tevens een aparte eindgroep geïnstalleerd. Afhankelijk van de grootte van de Installatie bepaalt de Leverancier de benodigde spanning (230V of 380V). Contractant stelt in overleg met de Leverancier kabeltrace’s, ruimte voor meetapparatuur en/of sparingen om niet ter beschikking voor de aanleg van genoemde elektrische installatie. Op verzoek van de Leverancier stelt Contractant loze PVC-mantelbuizen tussen exploitatieaansluitingen en onderstation om niet ter beschikking. • Ventilatie: Ten behoeve van de ventilatie moet de ruimte door Contractant voorzien zijn van voldoende ventilatiemogelijkheden. Uitgangspunt moet zijn dat de temperatuur in het onderstation niet onder 50C en boven de 400C mag komen.

• Oplevering: De Opstellingruimte dient schoon opgeleverd te worden.

pagina 5/7


VAANSTER (Y)our

• Geluidsisolatie: De wanden en leidingdoorvoeringen van het aflever- of onderstation dienen zodanig te worden uitgevoerd dat geluidsoverdracht minimaal is. De geluidsisolatie dient minimaal te zijn afgestemd op een geluidsniveau van 60 dB(A) in het station. • Uitsluiting: De opslagruimte mag niet gebruikt worden voor opslag van goederen, dit om ongestoorde ventilatie en bereikbaarheid voor het uitvoeren van werkzaamheden mogelijk te maken. Artikel 10 Controle van installaties 10.1 De Leverancier is te allen tijde bevoegd, doch niet verplicht, te controleren of de Installatie of een gedeelte daarvan, voldoet aan het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden. Contractant dient op overtuigende wijze aan te kunnen tonen dat de Installatie is ingeregeld (inregelstaten). 10.2 Bij een controle van nieuwe Installaties en van uitbreiding, wijziging of vernieuwing van bestaande Installaties, brengt de Leverancier aan Contractant geen kosten in rekening. 10.3 Indien bij de controle blijkt dat een Installatie of een gedeelte daarvan niet voldoet aan het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden, bestaat de mogelijkheid dat de Installateur c.q. Contractant schriftelijk wordt geïnformeerd omtrent de geconstateerde gebreken. 10.4 Indien Contractant bezwaren heeft tegen de, op grond van een controle, verlangde wijzigingen kan hij deze bezwaren, binnen acht dagen nadat hij van de verlangde wijzigingen in kennis is gesteld, schriftelijk bij de Leverancier ter kennis brengen. Indien de Contractant van deze mogelijkheid geen gebruik maakt binnen deze gestelde termijn, wordt hij geacht geen bezwaren te hebben. 10.5 De Contractant dient aan de Leverancier te melden dat de vereiste wijzigingen zijn doorgevoerd. 10.6 De Installateur of diens gemachtigde, die ter zake deskundig moet zijn, is indien de Leverancier zulks verlangt, verplicht bij een controle of hercontrole aanwezig te zijn. 10.7 De Installateur moet kosteloos aan de Leverancier de door de Leverancier verlangde hulp verlenen, opdat een goede controle of hercontrole van de Installatie of een gedeelte daarvan, mogelijk is. Deze hulp kan bestaan uit het ter beschikking stellen van personen of goederen, zoals gereedschappen en instrumenten, nodig voor een beproeving van de installatie. 10.8 Indien een controle of hercontrole niet of onvoldoende kan worden uitgevoerd omdat de Installateur niet heeft voldaan aan zijn verplichtingen ingevolge het bepaalde in voorgaande leden van dit artikel, behoudt de Leverancier zich het recht voor de kosten voor een hercontrole bij de Installateur in rekening te brengen.

environmental

energie

responsibility

10.9 Vóór het in bedrijf nemen van de Installatie moeten de montagewerkzaamheden gereed zijn en moet de Installatie worden afgeperst met leidingwater. Het afpersen van de Installatie moet onder toezicht van een medewerker van of namens de Leverancier plaatsvinden. Na het afpersen moet de Installatie worden afgetapt. Het afpersen geschiedt onder verantwoordelijkheid en voor risico van de Contractant. 10.10 Het vullen van de Installatie met verwarmingswater uit de aansluiting na de werkzaamheden als bedoeld in artikel 10.9 en vóór het in bedrijf nemen van de Installatie, mag slechts plaatsvinden onder toezicht van een medewerker van of namens de Leverancier. Dit geldt tevens voor het in bedrijf nemen van iedere aftapping van de Installatie. Na het vullen moet de Installatie met verwarmingswater worden gespoeld door de Contractant. 10.11 De Warmtapwaterinstallatie moet conform de voorschriften van het lokale waterleidingbedrijf voor drinkwaterinstallaties in bedrijf worden genomen. Artikel 11 Verplichtingen Contractant 11.1 De Contractant is verplicht door hem waargenomen of vermoede schade, gebreken of onregelmatigheden in het in het Perceel aanwezige gedeelte van de Aansluiting, inclusief de eventuele Meetinrichting, verbreking van de verzegeling daaronder begrepen, zo spoedig mogelijk aan de Leverancier te melden. 11.2 De Contractant is verplicht adres- c.q. naamswijzigingen door te geven aan de Leverancier, voor zover van toepassing e-mail adreswijzigingen daaronder begrepen. 11.3 De Contractant is verplicht wijzigingen van banknummer en rekeningadres door te geven aan de Leverancier. 11.4 De Contractant is verplicht het redelijkerwijs mogelijke te doen om schade aan het in het Perceel aanwezige gedeelte van de Aansluiting te voorkomen. 11.5 Indien de Contractant geen eigenaar is van het Perceel, staat hij er voor in, dat de eigenaar akkoord gaat met het verrichten van alle handelingen die door de Leverancier voor het tot stand brengen, vervangen, verplaatsen, uitbreiden, wijzigen of wegnemen van een Aansluiting of voor de Levering noodzakelijk worden geacht, zowel ten behoeve van hemzelf als ten behoeve van derden. De Leverancier kan verlangen dat de Contractant een schriftelijke verklaring van de eigenaar overlegt. 11.6 Indien de Contractant toerekenbaar in strijd heeft gehandeld met een in dit artikel bedoelde verplichting, kan de Leverancier hem, indien er (mede) sprake is van niet door de Meetinrichting geregistreerde bronwarmte, een boete opleggen van ten hoogste € 135,(honderdvijfendertig euro) per strijdige handeling. In plaats van een boete kan de Leverancier betaling van de kosten van feitelijke Levering in rekening brengen en/of schadevergoeding verlangen. Het voorgaande laat het recht van de Leverancier op het geheel of gedeeltelijk wegnemen van de Aansluiting en/of het deactiveren van de Aansluiting onverlet.

pagina 6/7


VAANSTER (Y)our

11.7 Bij de nakoming van zijn verplichtingen en de uitoefening van zijn rechten, mag de Leverancier zich laten vertegenwoordigen door derden. De in deze algemene voorwaarden opgenomen bedingen inzake de rechten van de Leverancier zijn derdebedingen als bedoeld in artikel 6:253 Burgerlijk Wetboek en kunnen door de Contractant niet worden herroepen. 11.8 De Contractant dient er zorg voor te dragen dat de onderstaande gegevens per Perceel volledig en tijdig aan de Leverancier worden toegezonden, ten einde zijn voorbereidingen op het plaatsen van de Afgifteset te kunnen afstemmen. Installatiegegevens: a. warmteverliesberekening voor het bepalen van de grootte van de Afgifteset; • ontwerp uitgangspunten, • opgave van transmissie warmteverlies, • ventilatiewarmteverlies en benodigd aanwarmvermogen; b. drukverlies berekeningen van het Afgiftesysteem; c. opgave van de inhoud van het Afgiftesysteem; d. waterzijdig principe schema: • projectietekening met leidingverloop vloerverwarmingsleidingen, • toegepaste naregeling, • staat van vloerverwarmingsleidingen met vermelding van fabricaat en ingeregeld vermogen, • overzicht met toegepaste materialen; e. aantal tapeenheden; f. isometrisch overzicht van de Warmtapwaterinstallatie, alsmede een opgave van het drukverlies; g. opstellingstekening van de Afgifteset; h. gegevens contactpersoon m.b.t. berekeningen, legplan en coördinatie op de bouwplaats (naam, bedrijfsnaam, adres, e-mail, telefoonnummer). i. de informatie 1 x digitaal en 1 x normale afdruk aanleveren. Alle tekeningen dienen te zijn voorzien van relevante maatvoering. 11.9 De Contractant dient toegang te verlenen tot de Afgifteset voor controle en werkzaamheden. De Afgifteset dient te allen tijde bereikbaar te blijven voor het uitvoeren van werkzaamheden. 11.10 De Contractant dient in geval van storingen en/of vermoede schade aan de Afgifteset dit zo spoedig mogelijk te melden aan de Leverancier. 11.11 De Contractant dient zorg te dragen voor het bijvullen van de waterinhoud en het ontluchten van de verwarmingsinstallatie.

environmental

energie

responsibility

Artikel 12 Wijziging van de voorwaarden, tarievenregelingen en tarieven 12.1 Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen kunnen de algemene voorwaarden, aansluitvoorwaarden, tarievenregelingen en tarieven door de Leverancier worden gewijzigd. Wijzigingen van de voorwaarden worden tenminste tien kalenderdagen vóór inwerkingtreding bekend gemaakt. Tariefswijzigingen worden uiterlijk op de dag van inwerkingtreding bekend gemaakt. Wijzigingen treden in werking op de in de bekendmaking vermelde datum. 12.2 Bekendmaking vindt plaats door middel van een persoonlijke kennisgeving of door middel van een algemene kennisgeving op de internetsite van de Leverancier of in één of meer binnen Nederland verspreide dag- of weekbladen, met dien verstande dat ingeval van een tariefstijging altijd uiterlijk binnen één maand na inwerkingtreding van de stijging een persoonlijke kennisgeving plaatsvindt. 12.3 Wijzigingen gelden ook ten aanzien van reeds bestaande Overeenkomsten, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen. Artikel 13 Slotbepalingen 13.1 De Leverancier kan door middel van een gemotiveerd verzoek verlangen dat Contractant aantoont dat aan het gestelde in deze aansluitvoorwaarden is voldaan. 13.2 In bijzondere gevallen kunnen door de Leverancier afwijkingen van het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden worden toegestaan. Deze afwijkingen, bijvoorbeeld tijdelijke Aansluitingen, worden schriftelijk vastgelegd. 13.3 Voor Installaties die op het tijdstip waarop deze aansluitvoorwaarden in werking treden, reeds op het bronwarmte Distributienet zijn aangesloten, kan de Leverancier onder door de Leverancier vast te stellen voorwaarden en voor een door de Leverancier vast te stellen termijn geheel of gedeeltelijk ontheffing verlenen van het bepaalde in of krachtens deze aansluitvoorwaarden. 13.4 Deze aansluitvoorwaarden kunnen worden aangehaald onder de titel “Aansluitvoorwaarden Vaanster Energie 2008 zakelijke afnemers”. 13.5 Deze aansluitvoorwaarden treden in werking met ingang van 1 januari 2008 en zijn van toepassing op de Aansluiting en op het door de Leverancier geëxploiteerde/beheerde en te exploiteren/te beheren Installaties in Nederland. 13.6 Deze “Aansluitvoorwaarden Vaanster Energie 2008 zakelijke afnemers” zijn te vinden op www.vaanster.nl en zijn op aanvraag kosteloos verkrijgbaar.

pagina 7/7


Aansluitvoorwaarden Zakelijke Afnemers