Issuu on Google+

Feiten en Understanding Society

cijfers Jaarverslag 2009

12.493 studenten totaal

asteropleidingen

5711 masterstuden

1851 wetenschappelijke publicaties


in-

houdsopgave 4 6 8 10 21 24 37 49 59 69 75 84

Verslag van het stichtingsbestuur

118

Bijlagen

Voorwoord van het College van Bestuur Organisatie Bestuursagenda 2009 Ranking UvT Onderzoeksinstituten Onderzoek Onderwijs Studenten Internationalisering Personeel Jaarrekening 2009

- Uitgaande en inkomende studenten per bilaterale overeenkomst - Lijst van afkortingen 2

3


Verslag van het Stichtingsbestuur Het Stichtingsbestuur vervult aan de universiteit twee hoofdtaken. Het bestuur oefent de wettelijke taken en bevoegdheden uit van een raad van toezicht bij openbare universiteiten. Daarnaast heeft het bestuur een speciale verantwoordelijkheid voor de bewaking van de bijzondere signatuur van de instelling. Voor de uitoefening van die taken en bevoegdheden onderhouden de leden van het Stichtingsbestuur nauwe banden met de universiteit, onder meer tot uitdrukking komend in een veelvuldig aantal contacten met het College van Bestuur en het bijwonen van academische zittingen en belangrijke evenementen. In 2009 vergaderde het Stichtingsbestuur vijf keer in aanwezigheid van het College van Bestuur. Afhankelijk van de aard van het onderwerp adviseert het Stichtingsbestuur het College van Bestuur, neemt besluiten of verleent goedkeuring aan Collegebesluiten. Onderwerpen van bespreking tijdens de reguliere vergaderingen zijn strategische beleidsthema’s, de daaruit voortvloeiende financiële consequenties en het toezicht op de realisering daarvan, evenals de relatie met de kerk en relevante wet- en regelgeving.

In 2009 heeft het Stichtingsbestuur na een zittingstermijn van acht jaar afscheid genomen van mw. mr. M.E.C.Pernot. Haar functie als vice-voorzitter is overgenomen door de heer drs. M. Leers. Het Stichtingsbestuur heeft mw. drs. R.I. Doerga RA, directeur interne auditdienst Pensioenfonds ABP, verwelkomd als nieuw lid. De vice-voorzitter van het Stichtingsbestuur neemt deel aan de landelijke bijeenkomsten van de voorzitters van de Raden van Toezicht van de universiteiten. Tilburg, 27 mei 2010 Stichting Katholieke Universiteit Brabant

Belangrijke onderwerpen die in 2009 in het Stichtingsbestuur zijn besproken betreffen het strategisch plan 2010-2013, stimulering van uitgaande studentenmobiliteit en het diversiteitsbeleid. Het Stichtingsbestuur heeft het Strategisch Plan 2010-2013 uitgebreid met het College van Bestuur besproken en onderschrijft de daarin aangegeven prioriteiten op het gebied van onderwijs, onderzoek, internationalisering en profilering. Er verschijnt ook een samenvatting van het Strategisch Plan voor externen. Terwijl de Universiteit van Tilburg (UvT) een steeds groter aantal internationale studenten verwelkomt, is de uitgaande mobiliteit van de UvT-studenten nog onvoldoende. Het Stichtingsbestuur staat achter de plannen van het College om deze mobiliteit in de komende jaren te stimuleren. Het Stichtingsbestuur hecht bovendien grote waarde aan het diversiteitsbeleid. Het plan van aanpak dat het College daartoe heeft opgesteld, is besproken met het Stichtingsbestuur. In het kader van de relatie met de Kerk heeft het Stichtingsbestuur overleg gevoerd met de bisschoppen over de ontwikkeling van de toepassingsregels Ex Corde Ecclesiae (ECE) gerelateerd aan de UvT-situatie. Het gaat hier om algemene kerkelijke regels (en de Nederlandse concretisering) waar alle instellingen van hoger onderwijs die zich katholiek noemen, minimaal aan moeten voldoen. Naar aanleiding hiervan zal de UvT in 2010 haar identiteit en profiel nader uitwerken en illustreren aan de hand van concrete onderwijs- en onderzoeksactiviteiten aan de UvT. Het Stichtingsbestuur heeft in aanwezigheid van de accountant de jaarrekening 2009 besproken en geconstateerd dat de financiële huishouding van de universiteit goed op orde is. Het Stichtingsbestuur heeft daarbij gewezen op het belang van een adequate toekomstraming om vooruit te kunnen lopen op de eventuele financiële ombuigingen in het hoger onderwijs. Er heeft tweemaal overleg plaatsgevonden met een vertegenwoordiging van de medezeggenschap. Belangrijke onderwerpen van bespreking tijdens dat overleg waren het Strategisch Plan, het Taken Middelen Plan (de universitaire “Voorjaarsnota”), de wijzigingen in de WHW, de begroting en de voorgenomen verhoging van de norm voor het Bindend Studie-advies. De teneur van die besprekingen was positief. 4

5


Voorwoord van het College van Bestuur In het jaarverslag legt het College van Bestuur verantwoording af over het handelen van de universiteit. In dit jaarverslag vindt u de feiten en cijfers op het gebied van onderwijs, wetenschap en maatschappelijke dienstverlening.

Strategisch Plan: meer aandacht voor onderwijs In 2009 is het nieuwe Strategisch Plan 2010-2013 verschenen. Dit plan plaatst de ambities voor deze periode in een maatschappelijke context die zich kenmerkt door een toenemende concurrentie binnen het hoger onderwijs en een groeiend belang van de (internationale) kenniseconomie. Veel aandacht gaat uit naar het onderwijs, opdat de UvT zich hierin als kwaliteitsinstelling verder profileert. De lijn van stimulering van toponderzoek wordt voortgezet, evenals de versterking van de aandacht voor maatschappelijke relevantie van de onderzoeksresultaten. Belangrijke ambitie is het profiel van de UvT in nationale en internationale context te versterken.

Bestuursagenda 2009 In haar bestuursagenda legt de Universiteit van Tilburg jaarlijks vast op welke wijze zij in het betreffende jaar uitvoering geeft aan het vigerende Strategisch Plan. Belangrijke onderwerpen in de Bestuursagenda 2009 waren docentprofessionalisering, activerend leren, diversiteitsbeleid, evaluatie van de internationale campus, de invoering van de nieuwe werkplek, het ontwerp van een faculty club en de invoering van het studenteninformatiesysteem MySis. Over de Bestuursagenda 2009 wordt verderop in dit verslag integraal gerapporteerd.

voortgezet. Daarnaast neemt de populatie van Nederlandse niet-westerse allochtone studenten aan onze universiteit de komende jaren toe. De UvT wil deze groep studenten extra aandacht geven. Belangrijk is dat er oog is voor de talenten, kansen en mogelijkheden van deze doelgroep. In verband daarmee heeft de UvT in 2009 een plan van aanpak geformuleerd dat de studentenvoorzieningen meer op de specifieke behoeftes van deze doelgroep moet afstemmen.

Valorisatie Valorisatie van onderzoeksresultaten is een van de speerpunten van de UvT. Met de slogan Understanding Society ziet de UvT het als haar taak een wetenschappelijke bijdrage te leveren aan de maatschappij. Diverse onderzoeksgroepen hebben al initiatieven op dit terrein ontplooid. In 2009 hebben vooraanstaande onderzoekers van deze universiteit hun onderzoek weten te verbinden onder de noemer social innovation. Hiermee wordt de meerwaarde van alpha/gamma-disciplines voor technologie en maatschappij zichtbaar gemaakt. 2010 wordt een verdere verdieping en profilering van social innovation nagestreefd. De UvT heeft afgelopen jaar ook haar positie in Brainport, een samenwerkingsverband in de regio Zuidoost Brabant van internationaal bedrijfsleven en instellingen voor hoger onderwijs, versterkt. In 2009 heeft Brainport landelijke erkenning gekregen als kennisintensieve regio. Binnen dit verband heeft de UvT het project ‘Arbeidsmarkt van de Toekomst’ gestart en hebben onderzoekers geparticipeerd in enkele dienstverleningsvraagstukken

Intensivering van het onderwijs De UvT hecht er groot belang aan de onderwijskwaliteit verder te verhogen. De rendementen van de studieprestaties moeten omhoog, het percentage studie-uitval omlaag. De UvT wil zich inzetten om het studiesucces, met name in de bachelorfase, te vergroten door de onderwijskwaliteit te verhogen. Bovendien krijgt excellentie in het onderwijs ruime aandacht. Naast de bestaande programma’s als Honours Programme en Topklassen, is de UvT in 2009 gestart met het project Outreaching. Hiermee wordt een programma ter bevordering van maatschappelijke excellentie ontwikkeld. In 2009 zijn de eerste plannen voor intensivering van het onderwijs opgesteld en met de diverse gremia besproken. Besluitvorming over dit onderwerp en de daarmee samenhangende verhoging van de BSA-norm (Bindend Studie Advies) wordt begin 2010 verwacht.

Een 4 uit 5 voor ondersteuning en dienstverlening Excellent onderwijs en onderzoek vraagt om excellente dienstverlening. De UvT is daarom in 2009 gestart met een drietal trajecten waarmee een verhoging van de kwaliteit van de dienstverlening wordt nagestreefd. In een tiental sessies hebben 200 medewerkers van ondersteunende diensten gewerkt aan het opstellen van een visie. Deze moet leiden tot een gezamenlijke doelstelling voor dienstverlening waarmee de strategische doelen in onderwijs en onderzoek kunnen worden behaald. Dit traject wordt afgerond in 2010. Daarnaast is een conceptplan opgesteld voor een herstructurering van de diensten. Hiermee wordt een efficiëntie- en effectiviteitsslag nagestreefd. Tot slot is in 2009 in het kader van de reguliere evaluatie van de dienstverlening gestart met een doorlichting van de financiële kolom.

Toponderzoek in internationaal verband Om in de nationale en internationale competitie voorop te kunnen lopen, wil het College van Bestuur enkele multidisciplinaire centra laten doorontwikkelen tot Centers of Excellence; internationale topinstituten met een bewezen excellente onderzoekskwaliteit van internationale faam. De gedachtevorming over dit onderwerp is gestart in 2009. In 2010 wordt de bestuurlijke besluitvorming over dit onderwerp verwacht.

Hein van Oorschot, Voorzitter College van Bestuur

Internationale studenten Het aandeel internationale studenten aan de UvT steeg in 2009 opnieuw. De Universiteit van Tilburg is zeer verheugd over de groeiende internationale belangstelling. Met betrekking tot de uitgaande mobiliteit wordt eenzelfde ambitie nagestreefd. In 2009 heeft de universiteit maatregelen genomen om het aantal UvT-studenten dat een semester aan een buitenlandse universiteit studeert te verhogen. In 2010 wordt dat beleid 6

7


Organisatie Organogram

College van Promoties

Stichtingsbestuur College van Bestuur

Faculteit Economie en Bureau van de Universiteit Bedrijfswetenschappen Faculteit Rechtswetenschappen

Dienst Economische en Adm. Zaken

Faculteit Sociale Wetenschappen

Dienst Facilitaire Bedrijven

Faculteit Geesteswetenschappen

Library and IT Services

Faculteit Katholieke Theologie

Dienst Studentenzaken

Universiteitsraad Lokaal Overleg

De commissie Remuneratie / Benoemingen van het stichtingsbestuur, bestond op 31 december 2009 uit: – Prof. dr. R.F.M. Lubbers, voorzitter – Drs. M.A.M.Leers, plaatsvervangend voorzitter – Drs. H. Borstlap, lid – Ing. J.P.C.M. van Zijl, plaatsvervangend lid

Secretaris van de Universiteit

Het Stichtingsbestuur wordt ondersteund door het hoofd Instellingsbeleid / adjunct-secretaris van de universiteit, mevrouw dr. E.M.R. van der Heijden.

TiasNimbas Business School

College van Bestuur

Instituten

Univers Universiteitskrant

Het College van Bestuur (CvB) vormt het dagelijkse bestuur van de universiteit. Het is belast met alle bestuurlijke aangelegenheden en met het beheer van de universiteit. Het CvB is onder meer belast met het doelmatig beheer van financiën, de zorg voor het personeelsbeheer en het zorg dragen voor de veiligheid, de gezondheid en de overige arbeidsomstandigheden. Het CvB is verantwoording verschuldigd aan het Stichtingsbestuur. Per 31 december 2009 bestond het CvB uit twee personen: – Mr. H.M.C.M. van Oorschot, voorzitter – Prof.dr. Ph. Eijlander, rector magnificus. Het College van Bestuur wordt ondersteund door de algemeen directeur / secretaris van de universiteit, de heer drs. H.A.R.R. Dekkers.

Stichtingsbestuur De Universiteit van Tilburg is een zogenaamde ‘bijzondere universiteit’. Anders dan de openbare universiteiten ressorteert de UvT onder een privaatrechtelijke stichting. Het Stichtingsbestuur bewaakt de doelstellingen van de stichting, waaronder de open katholieke identiteit. Ook benoemt het Stichtingsbestuur de leden van het College van Bestuur. Het Stichtingsbestuur oefent tevens de taken en bevoegdheden uit die de wet toekent aan de Raden van Toezicht bij openbare universiteiten. Op 31 december 2009 was het Stichtingsbestuur als volgt samengesteld:

Prestatieafspraken Naar aanleiding van het Hoger Onderwijs en Onderzoekplan 2004 en de vaststelling van het wetenschapsbudget is met het Ministerie van OCW een prestatieagenda afgesproken. Hierin wordt aangegeven hoe de universiteit aan de ambities van het ministerie kan bijdragen. De prestatieafspraken hebben een nauwe relatie met het Strategisch Plan 2006 – 2009. De uitwerking en concretisering van de prestatieafspraken worden neergelegd in opeenvolgende bestuursagenda’s. Rapportage vindt plaats in de jaarverslagen.

Voorzitter: – Prof.dr. R.F.M. Lubbers

Leden: – Drs. H. Borstlap (Lid Raad van State) – Mevr. Drs. R.I. Doerga RA (Directeur interne auditdienst Pensioenfonds ABP, lid IFAC) – Mevr. Dr. A. Esmeijer (Directeur-bestuurder Prins Bernhard Cultuurfonds) – Drs. M.A.M. Leers (Voorzitter Raad van Bestuur CZ Zorgverzekeringen) – Ir. B.W.M. Koeckhoven (Manager Achmea/Directeur N.V. Hagelunie) – Ing. J.P.C.M. van Zijl (Voorzitter MBO-raad) 8

9


Bestuursagenda 2009 Met de vaststelling van het Strategisch Plan 2006 – 2009 zijn de hoofdonderwerpen van instellingsbeleid voor de periode 2006 – 2009 vastgesteld en is de richting aangegeven waarin deze worden uitgewerkt. Deze bestuursagenda geeft de uitwerking daarvan voor het begrotingsjaar 2009. 2009 is het laatste jaar onder het Strategisch Plan 2006 – 2009. Bij een aantal onderwerpen wordt onder ‘middelen’ ‘PM’ gemeld. Dit is een consequentie van de aard van de betreffende projecten: het gaat in de meeste gevallen om beleidsvoorbereiding die ten laste komt van de lopende exploitatie en die resulteert in een werkplan met begroting. De voor de uitvoering van het te ontwikkelen beleid benodigde middelen zijn met andere woorden meestal aan het eind van het beleidsvoorbereidende traject bekend. Onder ‘actie’ is aangegeven welk Collegelid het betreffende onderwerp in portefeuille heeft. Tevens is aangegeven welk organisatieonderdeel binnen de diensten in eerste instantie verantwoordelijk is voor het project in kwestie. Deze verantwoordelijkheid houdt tevens in dat het betreffende organisatieonderdeel verantwoordelijk is voor afstemming en coördinatie met andere organisatieonderdelen. Voor de uitvoering van de prioriteiten Strategisch Plan voor 2009 ten laste van het FBI is een bedrag van m€5.5 toegekend. In de planperiode 2010 t/m 2014 staat nog m€ 3.7 gereserveerd voor de uitvoering van het Strategisch Plan 2006-2009 (TMP cijfers) en is m€ 10 toegewezen.

Strategisch plan 2010 – 2013 Aanleiding / Kader: Aflopen huidig Strategisch Plan Doel / Omschrijving: Het huidige Strategisch Plan loopt tot en met 2009. In 2008 is de Hoofdlijnennotitie Strategisch Plan verschenen. Opstelling en vaststelling van het definitieve Strategisch Plan 2010 – 2013 vindt plaats in 2009. Resultaat: Strategisch Plan 2010 - 2013 Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz, BU/IB Tijdschema: medio 2009 Het Strategisch Plan 2010-2013 is in nauw overleg met de faculteiten tot stand gekomen en medio 2009 verschenen.

Kwaliteitszorg onderwijs / werkplan SKO Aanleiding / Kader: Doel / Omschrijving: Resultaat: Middelen: 10

Strategisch Plan Het voorlopig werkplan 2009 van de Stuurgroep Kwaliteitszorg Onderwijs omvat de volgende projecten: - Basiskwalificatie onderwijs (BKO). - Beoordeling bestuurlijke reacties mid-term reviews. - Ontwikkeling interne kwaliteitszorg. Uitvoering projecten k€ 100 (FBI) (gereserveerd)

Actie: Tijdschema:

RM, BU/IB 2009

Het onderwijskwalificatietraject voor beginnende docenten aan de UvT is vastgesteld. Het plan is voorbereid door een interfacultaire werkgroep. De werving voor een coördinator en trainer Basiskwalificatie Onderwijs zijn in 2009 gestart. Begin 2010 is de werving afgerond. Bestuurlijke reacties op de mid-term reviews zijn voorbereid in de Stuurgroep Kwaliteitszorg Onderwijs. Ontwikkeling van de interne kwaliteitszorg is voorbereid in 2009 en wordt verder uitgewerkt en gestart in 2010.

Inrichting onderwijskwalificatietraject voor beginnend docenten Aanleiding / Kader: Doel / Omschrijving: Resultaat: Middelen: Actie: Tijdschema:

Landelijke BKO discussie Inrichten onderwijskwalificatietraject conform afspraken in Rectorencollege. BKO-traject PM (FBI) RM, BU/IB 2009

De facultaire onderdelen van het onderwijskwalificatietraject voor beginnende docenten zijn ontwikkeld. Het traject gaat inclusief de centrale onderdelen in 2010 van start.

Behoefteonderzoek naar lerarenopleiding op de UvT Aanleiding / Kader: Tekort aan (academisch geschoolde) leraren in het Voortgezet Onderwijs Doel / Omschrijving: De mogelijkheden en randvoorwaarden onderzoeken van het inrichten van een lerarenopleiding op de UvT, samen met Ons Middelbaar Onderwijs. Resultaat: Accreditatieaanvraag Middelen: k€ 105 toegewezen (in 2008), k€ 135 gereserveerd (FBI) Actie: RM, BU/IB Tijdschema: 2009 De macrodoelmatigheidstoets is afgerond. De accreditatie is voorbereid en bij het Nederlandse accreditatieorgaan aangevraagd.

Programma voor excellente studenten Aanleiding / Kader: Beleid OCW, Siriusprogramma Doel / Omschrijving: De aanvraag van de UvT is geselecteerd als veelbelovend en het voorstel wordt verder uitgewerkt. Tevens voorbereiding aanvraag voor vervolg Siriusprogramma m.b.t. excellente masters. Resultaat: Subsidieaanvraag 11


Middelen: Actie: Tijdschema:

PM (FBI gereserveerd), subsidie OCW RM, BU/IB 2009

De UvT heeft in het kader van het Sirius-programma, dat door OCW is opgezet voor het bevorderen van excellent onderwijs, in 2009 een subsidie ontvangen voor het voorstel voor het programma ‘Outreaching’. Dit programma is bedoeld voor excellente bachelorstudenten die een toppositie ambiëren in het bedrijfsleven, het openbaar bestuur of andere maatschappelijke organisaties, zowel nationaal als internationaal. Het programma start in het academisch jaar 2010/2011 met vijftig studenten.

Studiesucces/activerend leren Aanleiding / Kader: Bestuurlijke agenda VSNU, Strategisch Plan Doel / Omschrijving: Bij FRW, FSW en FEB zijn / worden projecten ontwikkeld om het studiesucces van de studenten te vergroten en de uitval te beperken. Resultaat: Uitvoering projecten Middelen: k€ 500 (FSW), PM (FEB) t.l.v. FBI Actie: RM, BU/IB Tijdschema: 2009 In 2009 zijn bij FRW enkele deelprojecten gestart binnen het overkoepelende project ‘Activerend onderwijs’. De deelprojecten richten zich op beoordeling van papers in het eerste jaar en kritische beschouwing van de toetskwaliteit. In december heeft de faculteit een eerste rapport uitgegeven over de inhoudelijke component van academisch onderwijs. Daarnaast heeft FRW een deelproject studietijdmeting gestart, dat tot doel heeft de reële studietijd van eerstejaarsstudenten te meten. Bij FSW zijn in 2009 diverse plannen in het kader van activerend onderwijs ontwikkeld. Docenten worden getraind in het gebruik van activerende werkvormen, MTO-onderwijs wordt meer geïntegreerd in het curriculum, acteurs worden ingezet bij het practicum intake en indicatiestelling, en er wordt intensiever gebruik gemaakt van ICTmiddelen, zoals stemkastjes, video-opnamen en simulatiegames.

Diversiteitsbeleid Aanleiding / Kader: Nieuw initiatief Doel / Omschrijving: De UvT wil bevorderen dat het aantal allochtone studenten toeneemt, de uitval vermindert en hun studieresultaten verbeteren d.m.v. - Instellingsscan van studieprestaties - Bevordering sociale verbanden van allochtone studenten - Voorlichting gericht op de doelgroep en hun ouders Resultaat: Verhoging aantal allochtone studenten, verbetering van hun prestaties Middelen: PM (FBI) Actie: Vrz, BU/IB i.s.m. DSZ en BU/C&M 12

Tijdschema:

2009

In 2009 is door het IVA een onderzoek uitgevoerd naar de instroom, doorstroom en uitstroom van allochtone studenten (Nieuwe Nederlanders) aan de UvT. Op basis daarvan is een plan van aanpak opgesteld dat tot doel heeft de faciliteiten voor allochtone studenten waar nodig te intensiveren. Het plan van aanpak is begin 2010 vastgesteld door de Universiteitsraad.

Evaluatie samenwerking met regionale HBO-instellingen (Fontys en Avans) Aanleiding / Kader: Afspraken gemaakt met besturen van Fontys en Avans Doel / Omschrijving: Enkele jaren geleden heeft de UvT afspraken gemaakt met Fontys en Avans over doorverwijzing van eerstejaars en doorstroom van HBO-bachelor naar WO-masteropleidingen. Deze afspraken worden i.s.m. met Fontys en Avans geëvalueerd. Resultaat: Actualisering afspraken Middelen: Reguliere middelen Actie: RM, BU/IB Tijdschema: 2009 De bestaande samenwerking met regionale HBO-instellingen is geëvalueerd. De resultaten geven geen aanleiding de bestaande afspraken bij te stellen.

Evaluatie FKT Aanleiding / Kader: Afspraak met Nederlandse Bisschoppenconferentie, FKT en UvT Doel / Omschrijving: Bij het tot stand komen van de FKT is afgesproken dat het convenant dat in verband daarmee tussen de Nederlandse Bisschoppenconferentie, de FKT en de UvT is gesloten na drie jaar geëvalueerd zou worden. Een besluit over de opzet van deze evaluatie is voorzien voor 2009. De evaluatie wordt uitgevoerd begin 2010. Resultaat: Evaluatie Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz, BU/IB Tijdschema: 2009 / 2010

De evaluatie is uitgesteld en zal in 2010 worden uitgevoerd. Participatie in Prae-Academie Aanleiding / Kader: Nieuw initiatief Doel / Omschrijving: De UvT onderzoekt met Avans, de NLDA en een aantal VWO-scholen in de regio of het haalbaar is om een onderwijsprogramma in te richten voor excellente VWOscholieren die zich nader willen oriënteren op hun studieloopbaan. Resultaat: Haalbaarheidsonderzoek / Besluit tot participatie 13


Middelen: Actie: Tijdschema:

Reguliere middelen / k€ 25 gereserveerd in FBI (2008) PM (FBI) RM, BU/IB 2009

Het haalbaarheidsonderzoek gaf geen aanleiding tot verdere participatie in dit traject.

Participatie in Tilburg Summer School Aanleiding / Kader: Nieuw initiatief Doel / Omschrijving: In samenwerking met de Gemeente Tilburg onderzoekt de UvT of een aantal van haar activiteiten ondergebracht kan worden in een op te richten Tilburg Summer School. De plannen voor de Summerschool zijn in september 2008 in het CvB besproken. Het programma zal, als de plannen worden geaccordeerd, in de zomer van 2009 worden aangeboden. Resultaat: Haalbaarheidsonderzoek / Besluit tot participatie Middelen: Reguliere middelen / PM (FBI) Actie: RM, BU/IO Tijdschema: 2009 Meer dan honderd studenten uit vijftien verschillende landen hebben van 17 juli tot 14 augustus de Tilburg University Summer School gevolgd. De academische zomercursussen die zijn aangeboden zijn Dutch for Exchange students, English for Academic Purposes, Nederlands voor Duitstaligen en Methoden en Technieken van Onderzoek. De Summerschool bevatte daarnaast een sociaal programma. Vanaf zomer 2010 wordt het aanbod uitgebreid met vakken van alle faculteiten.

Executive Graduate School Aanleiding / Kader: Discussie positionering TiasNimbas Doel / Omschrijving: In het kader van de discussie over de positionering van TiasNimbas binnen de UvT is afgesproken te onderzoeken of het zinvol is om binnen de UvT een Executive Graduate School op te richten, waarvan TiasNimbas de penvoerder zou zijn. Dit onderzoek vindt in 2009 plaats. Resultaat: Besluitvorming over Executive Graduate School Middelen: Reguliere middelen Actie: RM, BU/IB Tijdschema: 2009 Het onderzoek gaf geen aanleiding tot verdere besluitvorming over een Executive Graduate School.

14

Personeelsenquête Aanleiding / Kader: Doel / Omschrijving: Resultaat: Middelen: Actie: Tijdschema:

HRM nota In 2009 wordt de vierjaarlijkse personeelsenquête gehouden. Enquêteresultaten Reguliere middelen Vrz, BU/P&O 2009

In 2009 is de vierjaarlijkse enquête afgenomen. De respons lag op 58% (57% in 2004). De uitslag liet een algemene tevredenheid onder UvT-personeel zien. Als belangrijke aandachtspunten kwamen naar voren: meer aandacht voor loopbaan en scholing, betere ICT ondersteuning buiten kantooruren en het faciliteren van telewerken.

Evaluatie International Campus Aanleiding / Kader: Strategisch Plan 2006 - 2009 Doel / Omschrijving: Het project International Campus is gestart in 2006. Bij de besluitvorming over het werkplan is afgesproken om het project na drie jaar te evalueren. Resultaat: Evaluatie Middelen: Reguliere middelen Actie: RM, BU/IO Tijdschema: 2009 Het project Towards an International Campus is in 2009 succesvol afgerond, een vervolgproject is in voorbereiding. Doel van het project is dat internationale studenten en medewerkers zich welkom en thuis voelen op de UvT. Voor studenten is in 2009 ook een English Language Assessment ontwikkeld als voorbereiding op instroom in een Engelstalige masteropleiding. Van de mogelijkheid om Nederlands te leren hebben meer internationale studenten dan verwacht gebruik gemaakt. Het aantal studenten dat een cursus Nederlands doet is boven 100 studenten per jaar. Vanaf 2010 worden nieuwe initiatieven op het terrein van versterking van de internationale campus ingezet.

Evaluatie International Office Aanleiding / Kader: Strategisch Plan 2006 - 2009 Doel / Omschrijving: Het International Office (IO) is gestart in 2006 als project binnen het Bureau van de Universiteit. Bij de besluitvorming over de instelling van het IO is afgesproken om het project na drie jaar te evalueren. Resultaat: Evaluatie Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz, SU Tijdschema: 2009

15


De activiteiten en uitvoering van de afdeling International Office zijn in 2009 uitgebreid geëvalueerd. De resultaten uit de evaluatie zijn positief. Met faculteiten is verder gewerkt aan verbetering van de afstemming van het beleid en de ondersteuning voor inkomende en uitgaande exchange studenten.

Doorlichting dienstenkolommen communicatie, IT, personeel en financiën Aanleiding / Kader: Strategisch Plan 2006 - 2009 Doel / Omschrijving: De UvT heeft in 2007 besloten de dienstenkolommen opeenvolgend door te lichten. In 2007 resp. 2008 zijn de doorlichtingen van de communicatie- en IT-kolommen gestart. In 2009 vindt de afronding van deze doorlichtingen plaats. Tevens worden de doorlichtingen personeel en financiën gestart. Resultaat: Rapportages per kolom Middelen: Per kolom k€ 100 gereserveerd (IKD) Actie: Vrz, SU Tijdschema: 2009 De doorlichting van de kolommen communicatie en IT zijn in 2009 afgerond. De doorlichting van de kolommen personeel en financiën is voorbereid en gaat begin 2010 van start.

Verhuizing culturele verenigingen naar centrum Tilburg Aanleiding / Kader: Tilburg Studentenstad Doel: Gemeente en hoger onderwijsinstellingen hebben afgesproken meer studentenactiviteiten in de stad te organiseren. Aanwezigheid en zichtbaarheid van deze activiteiten moeten het imago van Tilburg als studentenstad versterken en daarmee ook de aantrekkelijkheid van de UvT. Resultaat: Verhuizing van de culturele studentenverenigingen naar het Midi theater. DSZ zal een collegebesluit voorbereiden m.b.t. de vrijkomende ruimte in het Studentencentrum. Middelen: De (geïndexeerde) huur voor de eerste drie jaar zal ongeveer k€ 210 bedragen en wordt gefinancierd uit de lumpsum van de dienst. Actie: Vrz, DSZ Tijdschema: Verhuizing voorjaar 2009. Huurperiode 15 februari 2009 tot 15 februari 2012 met mogelijkheid van beëindiging of verlenging na ommekomst van deze periode. In het kader van Tilburg Studentenstad zijn de culturele studentenverenigingen in maart 2009 verhuisd van de campus (gebouw Esplanade) naar repetitieruimtes in het Midi-theater op de Heuvel. Bekendheid en zichtbaarheid onder de studentenpopulatie verdienen extra aandacht in 2010.

16

Bevordering topsport Aanleiding / Kader: Imago Tilburg Studentenstad / Positionering UvT Doel: De landelijke bekendheid van Tilburg als studentenstad en van de UvT in het bijzonder kan verhoogd worden door topprestaties op sportief gebied. Het UvT-speerpunt is op dit moment roeien. Vidar / Landvidi werven momenteel fondsen om het huidige verenigingsgebouw met een grote botenloods uit te breiden tot een adequatere roeiaccommodatie met meer allure. Daarnaast wordt de mogelijkheid onderzocht of ook investeringen in andere takken van sport kunnen bijdragen aan de bekendheid van de UvT en van Tilburg als studentenstad. Resultaat: Landelijk op topniveau meedraaien (met universiteitsteams). Middelen: PM, o.m. bijdragen uit sponsoring. Actie: Vrz, DSZ Tijdschema: Besluitvorming 2009, uitvoering de jaren daarna. In maart 2009 is tussen de UvT en TMHC (Tilburgse hockeyhoofdklasser) een driejarige samenwerkingsovereenkomst gesloten om te bereiken dat Tilburg meer bekendheid krijgt als plek waar studenten tophockey en studie prima kunnen combineren. De ondersteuning van de training en coaching bij Vidar heeft bijgedragen aan de mooie resultaten bij de Varsity en tijdens de wereldbekerwedstrijden in Luzern en het wereldkampioenschap in Poznan. Vooruitlopend op de nota topsport (voorjaar 2010) hebben de meeste opleidingen van de UvT in overleg met DSZ hun onderwijs- en examenregelingen (OER) al zo aangepast dat ten aanzien van topsportende studenten beter rekening kan worden gehouden met trainings- en wedstrijdschema’s.

Toekomst kantoorautomatisering Aanleiding / Kader: Beleids- en Organisatieplan Library and IT services 2007-2010. Doel / Omschrijving: Eind 2007 / begin 2008 is een concept van een nieuwe werkplek gepresenteerd. Deze nieuwe werkplek maakt gebruik van diverse Microsoft producten. De laatste helft van 2009 zal begonnen worden met de technische inrichting van deze omgeving ter voorbereiding op de uitrol. Resultaat: Uitrol nieuwe werkplek Middelen: PM (subcompartiment ICT) Actie: Vrz, LIS Tijdschema: Start uitrol eind 2009 In 2009 is het technisch fundament gerealiseerd voor de nieuwe werkplek die in 2010 uitgerold zal worden. Hiertoe zijn mantelovereenkomsten met leveranciers gesloten die na een uitgebreide Europese Aanbestedingsprocedure geselecteerd zijn. Bij de nieuwe werkplek staan ‘mobiliteit’ en ‘samenwerking’ centraal.

17


Nieuw bibliotheeksysteem

Huisvesting FSW

Aanleiding / Kader: Advies SIA van 13 maart 2007 Doel: In 2008 / 2009 wordt de nieuwe search engine in het project ‘Beter zoeken en vinden’ van wetenschappelijke informatie geïmplementeerd. Volgende stappen in het bij de tijd brengen van onze bibliotheeksystemen zijn de keuze van een nieuw lokaal bibliotheeksysteem voor het beheren van onze boekencollectie en de selectie van een systeem voor het beheren van de elektronische licenties. De laatste selectie zal gedaan worden samen met de UKB, de samenwerking van de universiteitsbibliotheken in Nederland. Resultaat: Keuze van een lokaal bibliotheeksysteem ter vervanging van LBS4. Middelen: Kosten voor het selectieproces k€ 10. Aanschaf van een lokaal systeem plus de UvT bijdrage aan het door de UKB te kiezen systeem voor elektronische licenties: k€ 250 gereserveerd in subcompartiment ICT (2008). Actie: Vrz, LIS Tijdschema: Maart 2009: programma van eisen. November 2009: definitief besluit.

Aanleiding / Kader: Lange termijn huisvestingsplan Doel / Omschrijving: Keuze van locatie huisvesting FSW en schets van ontwerp w.o. de optie nieuwbouw FSW. Resultaat: Besluitvorming over locatie en ontwerp Middelen: Planvorming t.l.v. reguliere middelen; uiteindelijk subcompartiment Huisvesting. Actie: Vrz / DFB Tijdschema: 2009

Begin 2009 is een start gemaakt met het opstellen van een Programma van Eisen. Het project is stil gelegd vanwege capaciteitsproblemen en een interne organisatieverandering. Omdat zich problemen voordoen met het huidige bibliotheeksysteem die vragen om acties is eind 2009 een werkgroep aan het werk gegaan om voorstellen hiervoor te doen. Begin 2010 zal een nieuwe planning van de selectie van een nieuw bibliotheeksysteem worden gemaakt.

Een masterplanstudie is afgerond waarbij een locatie is gekozen (parkeerterrein Tiasgebouw) en waarbij ook een globaal bouwvolume met mogelijke bouwvormen is bepaald. De projectorganisatie is ingericht en er is een aanvang gemaakt met het opstellen van het Programma van Eisen.

Faculty Club Aanleiding / Kader: Doel / Omschrijving: Resultaat: Middelen: Actie: Tijdschema:

Lange termijn huisvestingsplan Ontwerp Faculty Club w.o. de optie nieuwbouw Besluitvoming over ontwerp. Aanvang (ver)bouwwerkzaamheden. Planvorming t.l.v. reguliere middelen; uiteindelijk subcompartiment Huisvesting. Vrz / DFB 2009

Toekomstvisie Univers Aanleiding / Kader: Verbetering interne communicatie Doel / Omschrijving: Nagaan of Univers qua functie en qua vorm nog beantwoordt aan de behoefte binnen de UvT-gemeenschap aan communicatie en berichtgeving. Resultaat: Geaccordeerde toekomstvisie Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz / C&M, Univers Tijdschema: 2009 In 2009 is er een missieplan Univers vastgesteld met als een van de kernpunten een verschuiving in de richting van een web based medium en daarnaast de uitgave van een tweewekelijkse uitgave van Univers in zijn huidige vorm.

Het ontwerp van gebouw en tuin bevindt zich in het definitief ontwerp stadium. Een maquette en een mood-board zijn beschikbaar. De procedure voor wijziging van het bestemmingsplan is opgestart.

Aanpak grote automatiseringsoperaties Aanleiding / Kader: Problemen bij bewaken van kosten en planning van grote automatiseringsprojecten, m.n. projecten met meerdere deelnemers. Doel / Omschrijving: Ontwikkelen van protocollen voor projectaanpak. Resultaat: Verbetering van projectmanagement Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz / DEA, LIS Tijdschema: 2009 Eind 2009 is een IT-projectenprotocol opgesteld dat vervolgens als leidraad gaat dienen voor grote IT-projecten. Het protocol is besproken en vastgesteld door de relevante gremia.

18

19


Ranking UvT Duurzaamheidsplan Aanleiding / Kader: Suggesties van diverse kanten (externe partijen, SB, UR, faculteiten) Doel / Omschrijving: Inventarisatie van bestaande activiteiten en bestaand beleid op het gebied van duurzaamheid ten einde te komen tot een meer geïntegreerde aanpak. Resultaat: Plan van aanpak tot verbetering. Middelen: Reguliere middelen Actie: Vrz / DFB Tijdschema: 2009 Er is een inventarisatie gemaakt van reeds uitgevoerde activiteiten op gebied van duurzaamheid. Tevens is een concept beleidsplan geschreven om te komen tot een meer geïntegreerde aanpak. Dit zal in 2010 in de besluitvorming terecht komen. De Uvt koopt 100% groene stroom in en heeft diverse duurzame aanbestedingen uitgevoerd, waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de doelstelling om in 2012 alle niet onderzoeksgebonden inkopen voor minimaal 50% duurzaam in te kopen. Het Tilburg Sustainability Center is bij het duurzaamheidsbeleid betrokken.

Elsevier 2009 In het jaarlijkse onderzoek van Elsevier beoordelen de hoogleraren en universitair hoofddocenten de opleidingen op hun eigen vakgebied op vier punten: de samenstelling van het bachelorprogramma, het aanbod van masteropleidingen, de kwaliteit van de docenten en de kwaliteit van de wetenschappelijke publicaties van de staf. Het is niet mogelijk om op de eigen universiteit te ‘stemmen’. De Universiteit van Tilburg is voor het derde achtereenvolgende jaar tot beste specialistische universiteit uitgeroepen door Nederlandse hoogleraren die zijn geënquêteerd door het weekblad Elsevier. Tilburg scoort het beste met de opleidingen Economie, Econometrie en operationele research, Fiscaal Recht en Nederlands recht. Studenten vinden de Tilburgse opleiding Fiscale Economie en Nederlands recht de beste van Nederland (Fiscale Economie deelt hierbij de eerste plaats met de Universiteit Maastricht). Ruim tweeduizend hoogleraren en hoofddocenten van universiteiten en bijna zesduizend studenten hebben meegedaan aan het jaarlijkse onderzoek van Elsevier, dat voor de vijftiende keer is gehouden

Positie van UvT-opleidingen op ranglijst volgens hoogleraren en uhd’s Opleiding

BachelorProgramma

MasterProgramma

Docenten

Nederlands Recht Fiscaal Recht Bestuurskunde Economie Bedrijfswetenschappen International Business Econometrie en Operationele Research Psychologie Sociologie Godgeleerdheid Wijsbegeerte

1 1 6 1 2 3 1 6 3 2 6

1 1 4 1 2 3 1 7 5 6 3

1 4 2 1 2 2 1 9 2 6 4

Publicaties

1 2 4 1 1 2 1 6 2 7 8

Bron: Elsevier

WO monitor 2008 In het najaar van 2008 heeft de jaarlijkse meting voor de WO monitor plaatsgevonden onder de afgestudeerden van de UvT. De resultaten van dit onderzoek zijn in 2009 gerapporteerd. De WO monitor biedt inzicht in de arbeidsmarktpositie van afgestudeerden. In het onderzoek wordt onder andere gekeken naar de kwaliteit van de opleiding, de kans op werk, het opleidingsprogramma, de docenten en de voorzieningen. Van de afgestudeerden van de UvT heeft 97.9% een baan. Dit percentage ligt boven het landelijk gemiddelde van 96,4% in het WO. De afgestudeerden beoordeelden de docenten op de volgende aspecten: onderzoeks20

21


kennis en –ervaring, beschikbaarheid, inhoudsdeskundigheid en didactische vaardigheden. Het rapportcijfer voor deze aspecten varieert tussen 6.9 en 7.8. De UvT wijkt hiermee nauwelijks af van het landelijke gemiddelde. Over de opleiding zijn de meeste studenten achteraf tevreden: 78% zou opnieuw voor dezelfde opleiding kiezen.

studenten.

Kennis in Kaart 2009

Het niet-commerciële Centrum für Hochschulentwicklung (CHE) maakt elk jaar voor aankomende eerstejaarsstudenten een ranking op van de HOI’s in Duitsland en een aantal HOI’s in het buitenland. Met de CHE Excellence Ranking is nu ook een vergelijking van de beste universitaire research centra in Europa voor aspirant masterstudenten of -promovendi mogelijk.

De rendementen na zeven jaar van de UvT zijn bovengemiddeld goed in de sectoren Taal & Cultuur (+8.5%), Economie (+6.1%) en Recht (+1.4%).

Social Science Research Network

Rendement in procenten na 7 jaar, per universiteit en sector, van het instroomcohort 2001 Land Erasmus Universiteit Rotterdam Radboud Universiteit Nijmegen Rijksuniversiteit Groningen Technische Universiteit Delft Technische Universiteit Eindhoven Universiteit Leiden Universiteit Maastricht Universiteit Twente Universiteit Utrecht Universiteit van Amsterdam Universiteit van Tilburg Vrije Universiteit Amsterdam Wageningen Universiteit

69,4

Totaal

69,4

Natu

47,2 57,5

Tech

40,0 53,7 58,1

51,6

Gezo

Econ

Recht

G&M

T&C

71,6 82,7 71,2

61,7 71,1 60,9

44,1 63,8 58,4

56,3 71,6 64,9

57,9 68,4 59,5

Beoordelingen van onderzoek

60,8

57,6 52,3

52,0 54,1

De Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen heeft de derde positie behaald in de University of Dallas Ranking van Europese Business Schools.

71,1 44,8 58,0 52,4

69,7 52,2 69,0 52,0

Tilburg University Ranking

70,5

53,9 50,5 69,2 71,8

65,0 75,0 65,5 75,6 64,9 66,1 74,8

74,3

63,1

56,6

68,7

60,5

Ranking TiasNimbas

74,8 82,8 65,9

62,9 45,5 57,1 63,5

57,4

70,2 69,2

57,5

Net als vorig jaar heeft de Faculteit Rechtswetenschappen de eerste positie in de ranking Top International Law Schools van het Social Science Research Network van de rechtenfaculteiten buiten de VS behaald. In de wereldwijde ranking staat FRW op een zevende positie, waarmee ze de enige niet-Amerikaanse universiteit in de top tien is.

Bron: VSNU

Op de lijst van de beste Europese universiteiten in de Social Sciences van de Academic Ranking of World Universities heeft de Universiteit van Tilburg een positie in de top tien behaald.

De Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen heeft in 2010 haar eigen onderzoeksranking gepubliceerd. Deze ranking geeft een overzicht van de 100 beste onderzoeksscholen in de economie ter wereld. De lijst wordt aangevoerd door Harvard University. Tilburg staat zelf op de 23e positie in deze ranking en neemt de derde positie wat betreft Europese universiteiten in.

In januari 2009 bleek uit de Financial Times Full-Time MBA ranking dat de studentenpopulatie van het TiasNimbas programma een tweede positie wereldwijd inneemt als het gaat om internationalisering, net achter IMD (Zwitserland). Overall is TiasNimbas 87e wereldwijd, 25e in Europa en 3e in de Benelux.

CHE Excellence Ranking 2009 De Universiteit van Tilburg behoort volgens de CHE Excellence Ranking 2009 op de vakgebieden psychologie en economie tot de Excellence-groep. Op het vakgebied psychologie onderscheidt zij zich door het grote aantal publicaties en citaties evenals de mobiliteit van de docenten. Op het vakgebied economie is zij op grond van het grote aantal publicaties en citaties en wegens de Erasmus Mundus Master in de Excellencegroep opgenomen. Afgezien van de kwantitatieve gegevens biedt de Excellence Ranking een grote hoeveelheid nuttige informatie met betrekking tot de masterstudies en het promotieonderzoek en daarnaast ook nog vele feiten over de onderzoeksgroepen en -zwaartepunten binnen de vakgroep en over de grootte van de faculteiten evenals toelatingsvoorwaarden en woonmogelijkheden. Ook de huidige studenten hebben hun studieomstandigheden beoordeeld en stellen daarmee hun ervaringen ter beschikking aan hun mogelijke toekomstige mede22

In mei 2009 zijn de TiasNimbas Company Specific Programs door de Financial Times wederom als beste in de Benelux en als 36e wereldwijd en 15e in Europa gekenmerkt. Op het criterium ‘Future Use’ behaalde TiasNimbas wereldwijd een achtste positie en op het aspect ‘International Participants’ zelfs een mondiale tweede plaats. In november 2009 behaalde het TiasNimbas International Executive MBA Programme (IMM) een 24e plaats in de wereld top 100 van de Financial Times met wederom een wereldwijde nummer één positie op het aspect ‘International Course Experience’. IMM is een partnership tussen de graduate schools van Purdue University (USA), Central European University Budapest (Hongarije), en GISMA Business School Hannover (Duitsland). 23


Onderzoeksinstituten Babylon In 2009 heeft Babylon verder gebouwd aan een virtueel netwerk dat aansluiting zoekt met de internationale onderzoeksgemeenschap. Begin 2009 werd een elektronische workspace opgestart, te bereiken vanuit de Babylon website, rond het thema van Taal en Globalisatie. Ruim honderd internationale wetenschappers hebben zich aangemeld op deze workspace. In het komende jaar zal deze workspace verder uitgebouwd worden en we verwachten dat een aantal parallelle workspaces over Babylon-thema’s begonnen zullen worden. Via deze samenwerking wil Babylon zich actiever tonen op het vlak van internationale fondsenwerving en internationale uitwisseling van promovendi. Het centrale onderzoeksthema van Babylon - diversiteit in de samenleving - kreeg in oktober 2009 gestalte via een ESF Exploratory Workshop over ‘The effects of superdiversity in Europe’. Deze workshop werd naast Babylon georganiseerd door Dr. Paul de Guchteneire (UNESCO) en prof. dr. Steven Vertovec (Max Planck Instituut voor Religieuze en Ethnische Diversiteit, Göttingen). Ruim veertig internationale deelnemers woonden de workshop bij. Naast een reeks programmatische wetenschappelijke resultaten leidt dit initiatief tevens tot intensieve samenwerking met een aantal nieuwe partners, waaronder het Max Planck Instituut van Göttingen waarmee structurele samenwerking wordt opgezet betreffende meertaligheid en superdiversiteit. CentERdata CentERdata is een instituut voor dataverzameling via internet en toegepast economisch en methodologisch onderzoek. Het instituut werkt voornamelijk voor wetenschappelijke organisaties, ministeries en overheidsinstellingen. Er wordt nauw samengewerkt met de faculteiten en andere instituten van de UvT, zodat een meerwaarde op het gebied van gegevensverzameling, theorievorming, methoden van onderzoek en interpretatie van onderzoeksresultaten ontstaat.

Het zwaartepunt van het toegepast economisch onderzoek van CentERdata lag in 2009 bij een tweetal meerjarige projecten: arbeidsmarktramingen voor het Ministerie van OC&W en een onderzoek in opdracht van het Ministerie van SZW naar aanleiding van het experiment bevordering arbeidsparticipatie alleenstaande ouders in de Wet Werk en Bijstand (WWB). Dit laatstgenoemde onderzoek wordt in samenwerking met het IVA uitgevoerd. Center for Innovation Research (CIR) 2009 is het tweede jaar in het bestaan van het Center for Innovation Research (CIR). In deze periode heeft het management team van CIR zich gericht op het aanstellen van nieuwe onderzoekers, en het verder uitwerken van de maatschappelijke inbedding. CIR heeft in 2009 twee AIO’s en twee Postdocs aangesteld. In 2009 is bij CIR ook een Operations Manager aangesteld. Daarnaast heeft CIR in 2009 een Industrie-Adviesraad ingesteld bestaande uit topmensen uit de profit en de not-for profit sector. In 2009 heeft het management team van CIR twee grote onderzoeksprojecten goedgekeurd. Het eerste project richt zich op het bestuderen van tijdelijke netwerken in de Nederlandse scheepsbouw, en de invloed van deze netwerken op innovatie. Er zijn in totaal 3 AIO’s in dit project werkzaam, waarvan twee betaald door de sector en de derde betaald door CIR. Het tweede project bestudeert de effecten van cognitieve diversiteit in R&D teams op het leren en presteren van dergelijke teams. De twee projecten complementeren het grote aantal bestaande projecten in CIR. In het afgelopen jaar is er een substantiële toename geweest van publicaties in de algemene toptijdschriften op het gebied van management en organisatie, evenals in de top innovatietijdschriften. Dit is gepaard gegaan met een afname in het aantal andere publicaties, zoals boeken en boekhoofdstukken. Dit resultaat is een reflectie van de meer doelgerichte publicatiestrategie die CIR heeft ontwikkeld.

Het LISS panel (Longitudinal Internet Studies for the Social Sciences) trok ook in 2009 de nodige aandacht en is inmiddels door een groot aantal onderzoekers -verbonden aan Nederlandse maar ook buitenlandse universiteiten en onderzoeksinstellingen- gebruikt als (gratis) instrument voor dataverzameling voor wetenschappelijk onderzoek. Het gebiedsbestuur MaGW van NWO heeft het DNB Household Survey (DHS) (1993 – heden) geplaatst op een lijst van 16 belangrijkste veranderingsstudies in Nederland en heeft CentERdata een subsidie toegekend om de studie voort te zetten en de kwaliteit en disseminatie van de data te waarborgen. Naast het DHS en vele andere vragenlijsten is in het CentERpanel in 2009 ook een vragenlijst afgenomen voor de Europese Centrale Bank. De resultaten zullen worden vergeleken met onderzoek in andere Europese landen.

CIR is in 2009 gestart met een samenwerking met het Center for Research on Management (CROMA) en het Center on Knowledge, Internationalization and Technology Studies (KITeS) van de Università Commerciale Luigi Bocconi en met Copenhagen Business School. De partners zijn twee keer samengekomen voor het plannen van een gezamenlijk onderzoeksprogramma en gezamenlijke onderwijsactiviteiten voor de Research Master.

In het verlengde van de genoemde panels is CentERdata samen met de vakgroep Klinische Gezondheidspsychologie van de Faculteit Sociale Wetenschappen aan de UvT en het Integraal Kankercentrum Zuid (IKZ) te Eindhoven in 2009 gestart met het opzetten van een vergelijkbare infrastructuur voor een studie naar het welbevinden van (ex-)kankerpatiënten. Op internationaal terrein werden projecten uitgevoerd in het kader van het Europese SHARE project (Survey of Health, Ageing, and Retirement in Europe) en in opdracht van het National Centre for Social Research in Londen.

In 2009 hebben ook de eerste samenkomsten van Wetenschappelijke Raad en Industrie-Adviesraad van CIR plaatsgehad. De Wetenschappelijke Raad geeft advies aan CIR over het huidige onderzoeksprogramma en nieuwe onderzoeksvragen. De Industrie-Adviesraad dienst als klankbord voor het lopende CIR onderzoek en reikt daar waar mogelijk nieuwe onderwerpen aan voor toekomstig onderzoek.

24

Verder heeft CIR in 2009 een rijke serie van seminars aangeboden. Zes gerenommeerde sprekers hebben het Center bezocht, waaronder Martin Kilduff (Cambridge University), Gautam Ahuja (University of Michigan) en Alfonso Gambardella (Bocconi University).

25


Center of Research on Psychology in Somatic Diseases (CoRPS) Het onderzoek van CoRPS bevindt zich op het snijvlak van de medische en gedragswetenschappen. Bij het onderzoek zijn psychologen van het departement Medische en Neuropsychologie betrokken, onderzoekers van het departement Methoden en Technieken van Onderzoek, alsook artsen, medisch specialisten en psychologen vanuit de klinische praktijk. Het onderzoek richt zich op patiënten met (chronische) lichamelijke aandoeningen, zoals: cardiovasculaire aandoeningen, diabetes en depressie, oncologische en neuropsychologische aandoeningen. De onderzoeksvraagstellingen betreffen (psychologische) risicofactoren bij het ontstaan, het beloop en de behandeling van deze ziekten, de kwaliteit van leven van patiënten en behandelingsmethoden. Verder zijn de onderzoekers van CoRPS geïnteresseerd in de (biologische) mechanismen, die het verband tussen somatische ziekten en psychologische factoren kunnen verklaren. CoRPS is op 1 januari 2008 van start gegaan met een subsidie van het College van Bestuur, de Faculteit Sociale Wetenschappen en het St. Elisabeth ziekenhuis en het TweeSteden ziekenhuis te Tilburg. In de loop van 2008 zijn het Integraal Kankercentrum Zuid (IKZ) en de huisartsenorganisatie PoZOB tot het samenwerkingsverband toegetreden. Ook deze instellingen leveren een financiële bijdrage aan CoRPS. De staf van CoRPS werd uitgebreid met twee hoogleraren, een universitair hoofddocent en een senior onderzoeker. Hierdoor hebben alle onderzoekslijnen binnen CoRPS een senior onderzoeker als coördinator. In 2008 werden negen nieuwe promovendi en twee postdocs aangesteld, deels gefinancierd uit verworven subsidies. In 2009 start een vergelijkbaar aantal projecten, vrijwel allemaal (mede) gefinancierd vanuit externe fondsen. In 2009 werden er dertien nieuwe promovendi aangesteld waarvan acht gefinancierd uit verworven subsidies. Verder werd er een aantal postdocs en universitair docenten aangesteld. De staf van CoRPS werd uitgebreid met twee vrouwelijke hoogleraren (Margriet Sitskoorn en Susanne Pedersen). In 2009 organiseerde CoRPS diverse symposia gekoppeld aan promoties. Een symposium op het TweeSteden Ziekenhuis, in verband met de daar lopende onderzoeken en een feestelijk symposium ter ere van de samenwerking met het IKZ met gerenommeerde wetenschappelijke sprekers en bezoekers uit het hele land. European Banking Center (EBC) Het European Banking Center (EBC) in Tilburg focust zich sinds 2008 op bancair onderzoek door samenwerkingsverbanden binnen en buiten de universiteit van Tilburg. Met een drietal thematische peilers gericht op Central Banking, Financial Regulation and Supervision, Banking and Corporate Finance en International Banking and Finance kadert het EBC haar onderzoeksactiviteiten. De missie van het EBC is het creëren van een omgeving waarin door academische samenwerking met financiële instituten excellent multidisciplinair wetenschappelijk onderzoek ontstaat. Daarnaast ondersteunen de aangesloten wetenschappers bijdragen tot het internationale, Europese en nationale overheidsbeleid en stimuleren zij met regelmaat het publieke debat hierover. Aan het EBC zijn zowel wetenschappers vanuit de disciplines Algemene Economie als Financiering van 26

de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen (FEB) verbonden. Ook zijn er interdisciplinaire contacten met de Faculteit Sociale Wetenschappen (FSW) en de Faculteit Rechtswetenschappen (FRW). Mede door deze en een variëteit aan extramurale samenwerkingverbanden met topwetenschappers van gerenommeerde universiteiten is het EBC in staat hoogstaand onderzoek te initiëren. Het EBC organiseert conferenties en symposia - vaak in nauwe samenwerking - met instituten waaronder het Centre for Economic Policy Research, het Center for Financial Studies en het International Monetary Fund. In 2009 organiseerde het EBC onder meer de Financial Stability Conference Financial Stability - Causes, Consequences and Policies. In samenwerking met Center for Financial Studies at Goethe University in Frankfurt en het International Monetary Fund werd een conferentie rondom A New Supervisory Architecture for Europe’s Banking System georganiseerd. European Values Study (EVS) In 2009 werd de dataverzameling van de vierde save (na die van 1981, 1990 en 1999) afgerond. Dankzij bijdragen van nationale sponsoren en van de Stichting EVS werd het ultieme doel bereikt: een dataverzameling in alle 46 landen van Europa (voor zover ze meer dan 100.000 inwoners hebben). Dit maakt EVS tot het grootste Europese survey-onderzoek dat ooit is uitgevoerd. In oktober 2009 werd de eerste interne release van de integrated data file (30 landen) ter beschikking gesteld aan de nationale coördinatoren. Het doel is om in juni 2010 een volledige integrated data file te publiceren die voor iedere wetenschapper beschikbaar is. Wat betreft de publicaties, zijn er inmiddels al enkele country reports verschenen. Frankrijk en Oostenrijk beten het spits af, vele andere zullen volgen. Voor Nederland zal er in het najaar van 2010 een boek verschijnen. Op basis van de nieuwe data worden tal van andere publicaties voorbereid. Internationaal wordt gestreefd naar drie typen van publicaties: (1) artikelen in wetenschappelijke tijdschriften, (2) een serie van vergelijkende studies (Brill Publishers), (3) de tweede editie van de Atlas of European Values. Om dit te bereiken worden er workshops georganiseerd waarin de internationale EVS-groep bij elkaar komt. In 2010 zijn drie workshops gepland, in Keulen, Zagreb en Bilbao. Tijdens een congres dat eind 2011 in Tilburg zal plaats vinden, wordt van al deze activiteiten verslag gedaan. Instituut voor Liturgische en Rituele Studies In 2009 functioneerde het Instituut voor het 17e achtereenvolgende jaar als interuniversitair (sinds enkele jaren tevens interfacultair) onderzoeksinstituut. Dit was het eerste jaar waarin het Instituut de nieuwe naam Instituut voor Liturgische en Rituele Studies (Institute for Liturgical and Ritual Studies) droeg. Het Instituut had in 2009 vijf universitaire participanten en negen niet-universitaire participanten. De Protestantse Theologische Universiteit maakte dit jaar voor het eerst deel uit van de participanten. In het najaar van 2009 is het nieuwe onderzoekprogramma Liturgical and Ritual Movements IV: Reframing Liturgical and Ritual Identities van start gegaan. Het loopt tot 2012. In de reeks Liturgia Condenda zijn vijf nieuwe delen verschenen. In de reeks Meander is één deel uitgekomen. Het Jaarboek voor Liturgieonderzoek, een gezamenlijke uitgave van het ILRS en het Instituut voor Christelijk Cultureel Erfgoed, is in 2009 voorzien van de ondertitel Yearbook for Liturgical and Ritual Studies. Deel 25 is uitgekomen; het bevat dertien artikelen en twee samenvattingen van proefschriften. 27


In de reeks Netherlands Studies for Ritual and Liturgy, eveneens een gezamenlijke uitgave van het ILRS en het Instituut voor Christelijk Cultureel Erfgoed, is één deel uitgekomen. In 2009 is het pilot-project Located Religion. A comparative exploration of the position of the Christian church building in modern Europe, uitgevoerd door dr. Eward Postma, afgerond. Op 20 maart organiseerde het Instituut een studiemiddag The Early Christian Eucharist, met als buitenlandse gastspreker prof. Martin Stringer uit Birmingham. Op 15 mei organiseerde het Instituut samen met de Leerstoel Muziek en Christendom van de Faculteit Geesteswetenschappen een symposium met boekpresentatie, getiteld Elke muziek heeft haar hemel. Network for Studies on Pensions, Aging and Retirement (Netspar) Netspar is een netwerk van personen en organisaties uit de pensioenwetenschap en -praktijk. Netspar wil de pensioen- en pensioneringsoplossingen innoveren door kennisontwikkeling en -uitwisseling te initiëren, stimuleren en faciliteren, en menselijk kapitaal te genereren. Aan het netwerk zijn zo’n 250 onderzoekers van acht Nederlandse en vele buitenlandse universiteiten gelieerd, evenals vertegenwoordigers van verzekeraars, pensioenfondsen, ministeries en toezichthouders. Netspar is in 2009 in overleg getreden met drie potentiële partners over toetreding tot het netwerk. Kennisontwikkeling Netspar heeft in 2009, naast de drie reguliere financieringstoekenningen aan Nederlandse onderzoekers, voor het eerst een internationale onderzoeksgroep gefinancierd. Hun onderzoek richt zich op financiële geletterdheid: begrijpen consumenten wel wat in de omschrijving van een financieel product staat en doorzien ze de consequenties? En hoe kunnen de opstellers van die omschrijving het begrip vergroten? Drie aan Netspar verbonden onderzoekers hebben een Vidi-subsidie van NWO gekregen voor hun onderzoek. Kennisuitwisseling Er is een flink aantal initiatieven gelanceerd om de samenwerking met partners te intensiveren, naast de gebruikelijke evenementen. Netspar organiseerde zeventien evenementen waaronder workshops, conferenties en discussiebijeenkomsten over actuele beleidsthema’s. Elk evenement kon rekenen op 50 tot 100 deelnemers. Opbouw van menselijk kapitaal In 2009 startten twintig studenten met de masteropleiding ‘Economics and Finance of Aging’, waarvan de helft afkomstig is uit het buitenland. Deze eenjarige opleiding werd voor de vierde keer gegeven aan de Universiteit van Tilburg door wetenschappers verbonden aan Netspar. De Netspar - UM SBE Academy verzorgt postacademisch onderwijs en heeft in 2009 drie thematische modules verzorgd, gericht op bestuurders en professionals uit de pensioenpraktijk. Per module namen gemiddeld twintig personen deel. Intervict In 2009 is de groei van INTERVICT verder doorgezet. Het instituut - dat met name onderzoek doet naar slachtofferschap en menselijke veiligheid - is vier jaar na de oprichting uitgegroeid tot een organisatie met brede nationale en internationale bekendheid. Hoogleraren en senior onderzoekers van het instituut wer28

den in 2009 wereldwijd uitgenodigd om te spreken op symposia en seminars. Sommigen hebben zitting in internationale denktanks, besturen, expertgroepen of adviesorganen, en verzorgen onderwijsactiviteiten aan onder andere de Erasmus Universiteit, de Universiteit van Twente, Monash University Zuid-Afrika en het Tokiwa Institute for Victimology. In 2009 is prof. S. Bogaerts benoemd tot hoogleraar forensische psychologie en victimologie Prof. Marc Groenhuijsen is gekozen tot nieuwe President van World Society for Victimology (WSV). De WSV bevordert onderzoek en beleid in de victimologie, veelal door middel van interdisciplinair onderzoek en vergelijkende studies. Research director dr. Rianne Letschert is door de WSV onderscheiden met de Beniamin Mendelsohn Young Scholar Award. Deze prijs wordt toegekend aan jonge onderzoekers die hebben bijgedragen aan de wetenschappelijke kennis op het gebied van victimologie. INTERVICT organiseerde maandelijks lunchmeetings voor wetenschappers en geïnteresseerde derden. Tijdens deze meetings presenteren collega’s in het veld onderzoeksresultaten of geven zij lezingen over onderwerpen in directe relatie tot het werkveld van INTERVICT. De lunchmeetings hebben een informeel karakter en werden ook in 2009 goed bezocht. Van 20 tot 24 juli organiseerde INTERVICT, samen met een aantal Afrikaanse NGO’s (Together Against Impunity (TAI, Rwanda), IBUKA (Rwanda) and the Legal Aid Forum (LAF, Rwanda)) een internationale conferentie in Rwanda over een “Victimologische aanpak van internationale misdaden in Afrika (genocide, misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden)” In 2009 was INTERVICT succesvol in het verkrijgen van drie EU-subsidies. In samenwerking met de volgende partijen voert INTERVICT onderzoek uit: • Universität Osnabrück (Duitsland) en de Child en de Women Abuse Study Unit van de London Metropolitan University (UK): “Mapping content and assessing impact of EU legislation on violence against women and children”. • Lausanne Université, Zwitserland: “Towards comparable crime victimisation statistics in the European Union”. • Georg-August Universität in Goettingen, Duitsland: “Indexing trafficking in Human Beings: Gauging its trends, causes and consequences in the European dimension”. Research Institute on Flexicurity, Labour Market Dynamics and Social Cohesion (ReflecT) Per 1 januari 2009 is ReflecT, het Research Institute on Flexicurity, Labour Market Dynamics and Social Cohesion at Tilburg University officieel van start gegaan. ReflecT is een interfacultair en multidisciplinair onderzoeksinstituut, geïnitieerd en gecoördineerd door de Faculteit Rechtsgeleerdheid, waarin ook de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen en de Faculteit Sociale Wetenschappen participeren. Op 29 januari vond de ‘launch’ plaats middels een internationaal congres ‘Flexicurity and the Future of the European Social Model’, met als sprekers onder meer Eurocommissaris Špidla, minister Donner van Soci29


ale Zaken en Werkgelegenheid, toenmalig burgemeester Vreeman van Tilburg en wetenschappers uit het RISE-netwerk. Het onderzoeksprogramma van ReflecT is gericht op vraagstukken die voortvloeien uit enerzijds de tendens naar meer flexibiliteit, dynamiek en efficiëntie op de arbeidsmarkt, binnen arbeidsverhoudingen en in de organisatie van het werk en anderzijds de noodzaak om sociale cohesie, bescherming, participatie en betrokkenheid in de samenleving te garanderen. Het onderzoeksprogramma wordt voor een belangrijk deel extern gefinancierd, onder meer door een subsidie van de Stichting Instituut GAK voor het uitvoeren van een groot onderzoeksproject over werkzekerheid en op basis van Europese onderzoeksopdrachten, bijvoorbeeld voor het ontwikkelen van Europese indicatoren met betrekking tot flexicurity. Naast fundamenteel onderzoek heeft ReflecT innovatie, valorisatie en disseminatie hoog in het vaandel staan. Zo is een samenwerkingsverband gestart met Brainport Development, de organisatie die de hightech industrie in Zuidoost Brabant op allerlei wijzen faciliteert. ReflecT richt zich hierbij op het inbrengen van wetenschappelijke kennis over de arbeidsmarkt en het monitoren van ontwikkelingen in de regio. Ook in ander verband heeft ReflecT veel inbreng in de discussie over de richting van het provinciale, regionale en lokale arbeidsmarktbeleid. In 2009 werd onder meer een expert meeting georganiseerd bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en ook werd op de UvT een delegatie uit Zuid-Afrika ontvangen, die geïnteresseerd was in het concept ‘decent work’. ReflecT-onderzoekers spraken op een reeks internationale congressen en bijeenkomsten, van Zweden, Kopenhagen, London (10 Downing Street) tot Taiwan. Ook in de media kregen het onderzoek en de ideeën van ReflecT-medewerkers veel aandacht, waarbij de crisis en de gevolgen voor de arbeidsmarkt centraal stonden. Thomas Instituut te Utrecht Binnen het Thomas Instituut te Utrecht wordt door Nederlandse theologen, historici, wijsgeren en juristen onderzoek gedaan naar het werk van de middeleeuwse theoloog Thomas van Aquino (1224/5-1274). Het instituutsonderzoeksprogramma omvat individuele, op elkaar afgestemde projecten. Tijdens maandelijkse bijeenkomsten gedurende het jaar 2009 kwamen de leden van de onderzoeksgroep bij elkaar ter bestudering en bespreking van gedeelten uit het werk van Thomas van Aquino en om lopend onderzoek te bespreken. Tijdens een expert-meeting in april 2009 presenteerde prof. Gilles Emery uit Fribourg (Zwitserland) zijn onderzoek over de triniteitstheologie van Thomas van Aquino. Op 6 maart 2009 organiseerde het Thomas Instituut te Utrecht een succesvolle publieksochtend over Psalm 51. De bijdragen aan deze ochtend werden gepubliceerd in de 28e jaargang van het Jaarboek Thomas Instituut te Utrecht. Voorts verscheen in de zomer van 2009 het dertiende deel van de Engelstalige reeks van het instituut: de bundeling van bijdragen aan het derde internationale congres dat het instituut in 2005 heeft gehouden onder de titel Divine Transcendence and Immanence in the Work of Thomas Aquinas (eds.: Harm Goris, Herwi Rikhof, Henk Schoot).

30

Tilburg Centre for Creative Computing (TiCC) Op 1 september 2008 is het Tilburg centre for Creative Computing (TiCC) opgericht. Het centrum wordt geleid door Jaap van den Herik, hoogleraar Informatica. Het onderzoek is breed georiënteerd, maar in de beginfase richt het zich op drie thema’s, te weten: Vision, Language en Games; TICC doet onderzoek naar kunstmatige intelligentie, mens-computer interactie, toegang tot kennis en games en serious gaming. De doelstelling van TICC is drieledig. Als eerste wil het instituut kennis en informatie omtrent cultureel erfgoed onderzoeken en beter benutten. Tevens wil men de interactie tussen mens en computer verbeteren. Als laatste streeft TICC naar het ontwikkelen van nieuwe applicaties op het vrij nieuwe gebied van serious gaming. Naast onderwijs en onderzoek organiseert TICC bijeenkomsten waarin het publiek kennis kan maken met de in Tilburg ontwikkelde technologieën. TiCC was (mede)organisator van de 17th World Computer Chess Championship, the 14th Computer Olympiad, the 12th Advances in Computer Games Conference (ACG 12) van 11-18 mei in Pamplona en de 2nd International Conference on Human-Robot Personal Relationships op 11 en 12 juni in Leiden. In 2009 vonden acht promoties bij TiCC plaats. Op 27 maart hielden Jaap van den Herik en Erik Postma hun inaugurele rede in de vorm van een dubbeloratie: Geloof in Computers. Daaraan voorafgaand vond het symposium Computers and Art plaats. Op 9 september sprak Gerard van Oortmerssen zijn inaugurele rede uit, getiteld Darwin en Internet. Met ingang van 1 oktober 2009 is prof. dr. Aske Plaat benoemd tot bijzonder hoogleraar ‘Informatie en complexe besluitvorming’. De leerstoel wordt mede gefinancierd door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Tilburg Centre for Logic and Philosophy of Science (TiLPS) TiLPS werkte ook in 2009 samen met vele internationale instellingen. In het kader van het onderzoeksproject Modeling in the Social and Behavioral Sciences werkt Tilps samen met onderzoeksgroepen van de universiteiten van Barcelona, Parijs (IHPST) en London (LSE). Samen met de universiteit van Groningen participeert Tilps in het door NWO gefinancierde onderzoeksnetwerk Rationality and Decision. In 2009 organiseerde TiLPS een aantal internationale colloquia waaraan een scala van tien tot vijftig wetenschappers deelgenomen hebben. De sprekers op de colloquia waren afkomstig van gerenommeerde instituten uit de VS (Rhode Island College en Stanford University) en Australië (Sydney University). Samen met het Sydney Center for the Foundations of Science organiseerde TiLPS de conferentie “Evidence, Science and Public Policy” (Sydney, 26-28 maart 2009). Tilburg Institute of Comparative and Transnational Law (TICOM) Op 1 september 2008 is het Tilburg Institute of Comparative and Transnational Law opgericht. TICOM verricht fundamenteel onderzoek op de terreinen van Europees privaatrecht, Europees constitutioneel recht en transnationaal recht. Het instituut wil een voortrekkersrol vervullen bij de internationalisering van de klassieke rechtsgebieden en streeft naar een inspirerend en internationaal georiënteerd onderzoeksklimaat op de Tilburgse campus. Het streven is om een klein, maar in Europa leidend, instituut te zijn op de hierboven 31


omschreven terreinen van onderzoek. TICOM’s missie is om recht niet primair te zien als een product van nationale instituties als wetgever en rechter, maar om de consequenties van Europeanisering en globalisering voor de klassieke rechtsterreinen te doordenken. Daarbij overschrijdt TICOM ook de traditionele rechtsterreinen, die juist door internationalisering steeds minder van elkaar zijn te scheiden. Wat de organisatie aangaat, tracht TICOM optimale condities voor dit type onderzoek te creëren door het zeer regelmatig organiseren van seminars, het aantrekken van invited fellows en door een open atmosfeer waarin intellectueel debat voorop staat. De onderzoekers van TICOM worden aangemoedigd om nieuwe onderzoekslijnen uit te zetten en niet de paden te nemen die anderen al bewandelden. TICOM wordt geleid door prof. Jan Smits en prof. Monica Claes, beiden vooraanstaande Europese rechtswetenschappers.

aantal grote evenementen. In februari hielden Marcel Canoy en Wolf Sauter hun intreeredes, ter gelegenheid waarvan een workshop georganiseerd werd over het thema marktwerking en publieke belangen in de zorg. In oktober werd, met financiële steun van het Ministerie van VWS een conferentie “Managed Health Care at both sides of the Ocean” georganiseerd waarin de gezondheidsstelsels in de VS en Nederland met elkaar vergeleken werden met als doel lessen voor de toekomst te trekken. Naast minister Klink namen topwetenschappers uit de VS en hoge officials van het Amerikaanse gezondheidsministerie aan de conferentie deel. Gregory Sidak werd benoemd op de Ronald Coase Chair of Law and Economics. Eric van Damme werd benoemd tot Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw. Hans Degryse werd benoemd op de Francqui Leerstoel in Bergen (B). Gedurende 2009 organiseerde TILEC 19 grotere conferenties en workshops, waaronder de jaarlijkse bijeenkomst van CLEEN (het Europese netwerk van onderzoekscentra met focus op mededingingsrecht en -economie), een conferentie over de invloed van concurrentie op pluriformiteit van de media, twee bijeenkomsten over het functioneren van energiemarkten (samen met CPB en NMa/DTe) en twee bijeenkomsten over marktwerking (samen met CPB en EZ). Het TILEC onderzoek kreeg een prominente plaats in de KVS-Preadviezen “Marktwerking en Publieke Belangen” die door Maarten Pieter Schinkel (UvA) en Eric van Damme geredigeerd werden. In 2009 werden 49 discussion papers met nieuwe resultaten van het TILEConderzoeksprogramma gepubliceerd. Daarnaast waren er een groot aantal publicaties in boeken en tijdschriften, waaronder een respectabel aantal in toptijdschriften.

In 2009 ontwikkelde TICOM een groot aantal activiteiten. Zo vond in juni de eerste workshop van het door de European Research Council gefinancierde European and National Constitutional Law project (EuNaCon) plaats onder leiding van lid van De Jonge Academie Monica Claes. Gasten waren onder meer Vicky Jackson (Georgetown), Jo Shaw (Edinburgh) en Leonard Besselink (Utrecht). Onder leiding van Jan Smits werd bovendien in samenwerking met The Hague Institute for the Internationalisation of Law (HIIL) een groot project uitgevoerd onder de titel Resistance against the Harmonisation of Law. Gedurende geheel 2009 werden maandelijks seminars georganiseerd met buitenlandse collega’s en verschenen in totaal twaalf working papers in de TICOM-SSRN working papers-serie. Ook individueel werd veel werk verzet. Zo werd Monica Claes benoemd tot lid van de Staatscommissie Herziening Grondwet, ontving Maartje de Visser de tweede prijs bij de uitverkiezing van de beste UvT-dissertatie in het voorafgaande academisch jaar en schreven Jan Smits en Vanessa Mak een evaluatie van een deel van het Draft Common Frame of Reference for European Private Law (DCFR) in het kader van het door de Europese Commissie gefinancierde Joint Network on European Private Law (CoPECL). Ook werd uitgebreid gepubliceerd in internationale tijdschriften.

Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT) Tilburg Institute for Law, Technology, and Society (TILT) is een prominent onderzoeksinstituut waarbinnen onderzoek wordt gedaan naar een groot aantal onderwerpen zoals ontwikkelingen in de ICT, biotechnologie en andere technologieen. Deze ontwikkelingen worden in de context gezet van de kenniseconomie, e-governement, e-commerce, e-health, privacy, identiteitsmanagement, security en intellectueel eigendom.

Tilburg Law and Economics Center (TILEC) In 2009 tekende TILEC een samenwerkingsovereenkomst met Microsoft, waarbij dat bedrijf zich ertoe verplicht gedurende vier jaar het TILEC onderzoek op het gebied van innovatie en concurrentie (i.h.b. over zoekmachines en on-line advertenties, cloud computing en het gebruik van open source software) substantieel financieel te ondersteunen.

In januari is het rapport van PwC, TILT en Radboud Universiteit over de beveiliging van de toegang door patiënten tot het landelijke EPD door minister Klink aangeboden aan de Tweede Kamer. TILT heeft opdracht gekregen om voor Brainport Health Innovation onderzoek te doen naar de privacy- en veiligheidsaspecten van een regionale zorggegevensadministratie. Het project staat onder leiding van Anton Vedder en wordt verder uitgevoerd door Sjaak Nouwt en Leo van der Wees.

TILEC participeert in het GRASP-consortium (Growth and Sustainability Policies for Europe) van het KP-7 programma. De opdracht van TILEC is de coherentie van het Europese innovatiebeleid te onderzoeken en voorstellen te doen hoe dat beleid effectiever gemaakt kan worden. Anderzijds werd het werk van TILEC in het kader van het FP-6 Network of Excellence CoPECL afgesloten met een conferentie waarin het “Economic Analysis of the DCFR” gepresenteerd werd.

Anton Vedder is met ingang van 2009 benoemd tot voorzitter van de Wetenschapscommissie van de interuniversitaire, KNAW-erkende Onderzoeksschool Ethiek.

Het TILEC-programma over regulering van financiële markten werd positief geëvalueerd, met als gevolg dat de AFM en de interne UvT-financiers (CvB, FEB en FRW) besloten het programma voor 2 jaar te continueren. De deels door de NZa gefinancierde onderzoeksgroep over concurrentie in de zorg organiseerde een 32

In januari publiceerden Paul de Hert en Annemarie Sprokkereef een rapport getiteld ‘The Use of Privacy Enhancing Aspects of Biometrics- biometrics as a PET (privacy enhancing technology) in the Dutch private and semi-public domain’. Het rapport is deel van een groter onderzoek naar e-participatie en e-service van de Alliantie Vitaal Bestuur.

33


Per 1 oktober is het 4-jarige multidisciplinaire onderzoeksproject getiteld ‘Empowering And Protecting Children And Adolescents Against Cyberbullying’ gestart als onderdeel van het Responsible Innovation programma, gefinancierd door het NWO. Het project wordt geleid door Dr. Simone van der Hof in samenwerking met onder andere Dr. Anton Vedder.

Het TSC is een interdisciplinair center voor duurzame ontwikkeling, en heeft als ambitie een internationaal leidend onderzoeksinstituut te worden, waarbij TSC bedrijven, de overheid en andere organisaties tracht te helpen bij duurzame ontwikkeling. Hiermee draagt TSC bij aan de slogan ‘Understanding Society’ en de wens om te komen tot een leefbare en tegelijkertijd welvarender wereld.

Roger Brownsword (King´s College Londen) en Han Somsen (TILT) hebben een internationaal peer reviewed tijdschrift gelanceerd: Law, Innovation and Technology.

In 2009 is professor Reyer Gerlagh benoemd tot hoogleraar Environmental Economics binnen TSC. Binnen de formele en kwantitatieve milieueconomie richt hij zich op thema’s als kosteneffectief klimaatbeleid, duurzame ontwikkeling, strategische afhankelijkheid van grondstoffen, milieubeleid en handel. Tevens is professor Johan Graafland sinds 2008 deels verbonden aan TSC om de onderzoeksagenda op het gebied van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) vorm te geven. Vanuit de Faculteit Rechtswetenschappen zijn professor Jonathan Verschuuren en professor Kees Bastmeijer betrokken, vanuit de Sociale faculteit helpen professor Hans Mommaas en Tobias Goessling mee en vanuit Tias professor Nigel Roome. Het TSC onderzoek is breed georiënteerd, maar in de beginfase richt het zich op vier thema’s, te weten Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen, milieueconomie, milieurecht, en (regionale) duurzame ontwikkeling. In 2010 zal de onderzoeksagenda verder worden ontwikkeld, zullen een aantal international guest professors worden uitgenodigd en zal de inauguration conference plaatsvinden.

De Eerste Kamer heeft op 7 april het wetsvoorstel ‘slimme meters’ afgekeurd welke alle Nederlandse burgers zou verplichten om een ‘slimme’ energie- en gasmeter te installeren in hun huis, die gedetailleerde informatie over energieverbruik zou doorgeven aan het energiebedrijf. De privacy overwegingen van het Senaat waren in het bijzonder gebaseerd op een rapport van Bert-Jaap Koops en Colette Cuijpers, die argumenteerden dat het wetsvoorstel het recht op privacy van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens niet respecteert. Tranzo Met haar missie het slaan van een brug tussen wetenschap en praktijk kan Tranzo naadloos aansluiten bij ‘Understanding Society’; de slogan van de universiteit. Tranzo slaat deze brug met haar academische werkplaatsen; langdurige, interdisciplinaire onderzoeksprogramma’s waarin plaats is voor fundamenteel en toegepast onderzoek. In 2009 kon dankzij de samenwerking met zorgverzekeraar CZ de Academische Werkplaats Preventie Verzekerd opgericht worden, voor onderzoek naar de effectiviteit van individuele preventie. In 2009 liepen binnen Tranzo 33 promotieonderzoeken en werd voor ruim een miljoen euro aan tweede en derde geldstroomsubsidies verworven. De promotie van de eerste science practitioner werd afgerond en bijzonder hoogleraren Diana Delnoij, Roland Friele en Dinny de Bakker hielden hun oratie. Bert Vrijhoef volgde Jos Schols op als bijzonder hoogleraar ‘Chronische zorg’. Deze leerstoel wordt mogelijk gemaakt door de Stichting Bevordering Wetenschappelijk Onderzoek Chronische Zorg. Jaap van Weeghel startte op de leerstoel ‘Rehabilitatie en participatie van mensen met ernstige psychische aandoeningen’, die mogelijk wordt gemaakt door de Parnassia Bavo groep. Tranzo heeft ook in 2009 vier postacademische leergangen voor bestuurders, directeuren en professionals in de zorgsector aangeboden. Daarnaast wordt gewerkt aan een accreditatieaanvraag voor een eigen master op het gebied van organisatie en beleid in zorg en welzijn. In 2009 zijn elf kleinere en grotere symposia georganiseerd, waaronder het tweedaagse Nationaal Congres Volksgezondheid in Rotterdam. Tilburg Sustainability Center (TSC) Binnen de UvT is er de afgelopen jaren veel ervaring op uiteenlopende aspecten van duurzame ontwikkeling ontwikkeld. De UvT wil hierop verder kapitaliseren en heeft daarom eind 2009 het Tilburg Sustainability Center (TSC) opgericht met als doel deze expertise te bundelen, te focussen en international op de kaart te zetten. Onder leiding van Aart de Zeeuw, ex-decaan van FEB en tot voor kort directeur van het Beijer Institute of Ecological Economics in Stockholm, zal TSC de krachten op de campus bundelen, het onderzoeksprogramma verder vormgeven en de banden met externe kennisinstellingen en beleidsmakers versterken. Hilde Baert, voorheen Director Executive Master programmes bij TiasNimbas, ondersteunt hem als zakelijk directeur. 34

Professor Meir Statman, Glenn Klimek Professor of Finance van de Leavey School of Business, Santa Clara University, heeft een aantal weken doorgebracht bij TSC in het kader van zijn guestprofessorship. In 2009 is een eerste workshop georganiseerd waarbij in het kader van “All you wanted to know about…but were afraid to ask” meetings worden georganiseerd. Een eerste lunchmeeting over de klimaatverandering en de klimaattop in Kopenhagen werd druk bezocht in december door studenten, medewerkers, onderzoekers en hoogleraren geïnteresseerd in het onderwerp. Naast de onderzoeksambities steunt TSC ook initiatieven die van de UvT campus een duurzamere omgeving maken.

Gelieerde Instituten IVA Het IVA levert al vijftig jaar kwalitatief hoogstaand wetenschappelijk beleidsonderzoek. Ook geeft het IVA advies op de gebieden onderwijsbeleid & schoolontwikkeling, veiligheid en criminaliteit, HRM, zorg en werken, leren en organisatieontwikkeling. IVO Het Instituut voor Ontwikkelingsvraagstukken IVO richt zich als toegepast onderzoeksinstituut op de actuele ontwikkelingen in een globaliserende wereld. De activiteiten van IVO vinden plaats in zo ‘n 20 landen in Afrika, Zuid-Azië en Latijns Amerika. De activiteiten zijn geconcentreerd in drie onderzoekslijnen: global commodity chains, macro accounting for policy analysis en impact analysis. Belangrijke opdrachtgevers zijn de Nuffic en internationale organisaties als de Europese Unie en de Wereldbank. Telos Telos levert als onafhankelijk kenniscentrum een bijdrage aan duurzame ontwikkelingsprocessen in Brabant. Telos is bedoeld als een interface tussen wetenschap en praktijk en sluit aan bij de toenemende behoefte aan multidisciplinaire kennis die wordt ontwikkeld ten behoeve van maatschappelijke stakeholders. Tegelijker35


Onderzoek tijd participeert Telos, omwille van haar onafhankelijke status als wetenschappelijk expertisecentrum, in het domein van het fundamentele wetenschappelijke onderzoek. Telos is een samenwerkingsverband van de Universiteit van Tilburg, de Technische Universiteit Eindhoven, de Provincie Noord-Brabant en het PON Instituut voor advies, onderzoek en ontwikkeling in Noord-Brabant. In 2009 is Telos ingedaald in TSC, Tilburg Sustainability Center.

Visitaties en kwaliteitszorg Zeer goede beoordeling voor Economie en Bedrijfswetenschappen In 2009 zijn de onderzoeksprogramma’s van de faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen door een externe evaluatiecommissie beoordeeld. De commissie was zeer positief over de negen onderzoeksprogramma’s van de faculteit en wijst hierbij specifiek op de hoge kwaliteit van het onderzoek en de grote mate van internationalisering. Ook over het PhD programma is de commissie zeer positief.

Onderzoekscholen De UvT kent 2 ECOS erkende onderzoekscholen: • CentER • Onderzoekschool voor wetgevingsvraagstukken

Hoge cijfers voor Methodology and Statistics De externe evaluatiecommissie die het onderzoeksprogramma van het departement Methodology and Statistics heeft geëvalueerd, gaf het programma een zeer positief oordeel: drie vijven en een vier. De commissie merkt op dat het programma op alle terreinen grote vooruitgang heeft geboekt en verwacht dat het departement nog lang op dit hoge niveau kan blijven functioneren.

Daarnaast participeert de UvT in: Overzicht beoordelingen • • • • • • • • • • • • • •

Onderzoekschool voor de Rechten van de Mens Onderzoekschool Ethiek Nederlandse Onderzoekschool Bestuurskunde Posthumus Instituut Landelijke onderzoekschool Taalwetenschap Onderzoekschool Literatuurwetenschap School for Information and Knowledge Systems (SIKS) Nederlandse Onderzoekschool Vrouwenstudies (NOV) Interuniversitaire Onderzoekschool voor Islamstudies (ISIS) Onderzoekschool Logica Nederlandse Onderzoekschool voor Theologie en Religiewetenschap Interuniversitaire Onderzoekschool voor Psychometrie en Sociometrie Kurt Lewin Instituut (KLI) Onderzoekschool Psychologie en Gezondheid Het IVO participeert in:

• CERES, instituut voor ontwikkelinsstudies.

36

FEB Econometrics FEB Macroeconomics FEB Microeconomics FEB Accounting FEB Computerized Information Systems FEB Finance FEB Marketing FEB Operations Research FEB Organization FSW Methodology and Statistics

Quality 5 4.5 5 4.5 4.5 5 5 4.5 5 5

Productivity 5 5 5 4.5 5 5 5 4.5 5 5

Relevance 4 4 5 4 5 5 5 4 4 4

Vitality 4.5 2 4.5 4 4 4 4.5 4 4.5 5

Geplande visitaties in 2010 De afronding van de onderzoeksvisitatie Rechtsgeleerdheid, die in 2009 heeft plaatsgevonden, wordt in 2010 verwacht. Voor 2010 zijn verder geen onderzoeksvisitaties gepland.

37


Faculteit Sociale Wetenschappen

Onderzoeksoutput Wetenschappelijke publicaties* 2007 356 582 465 326 69

FEB FRW FSW FGW FKT

2008 373 640 535 301 91

2009 327 612 482 314 116

2007

2008

2009

297 0 99

361 0 143

367 0 100

396

504

467

15 38 99

30 27 89

15 30 88

2007

2008

2009

79 16 181

97 12 164

102 14 176

276

273

292

32 10 83

28 13 64

22 15 45

2007

2008

2009

16 6 36

17 20 40

28 11 64

Totaal

58

77

103

Monographs en edited books PhD Theses (diss. I en II) Professional publications and products

5 2 64

12 2 92

13 3 65

Output volgens SEP-indeling Academic Publications

In refereed journals In other journals Bookchapters

Totaal Totaal

1798

1940

1851 Monographs en edited books PhD Theses (diss. I en II) Professional publications and products

* inclusief monographs en edited books

Output per faculteit

Faculteit Geesteswetenschappen

Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen Output volgens SEP-indeling Academic Publications

In refereed journals In other journals Bookchapters

Totaal Monographs en edited books PhD Theses (diss. I en II) Professional publications and products

2007

2008

2009

235 5 95

257 6 97

230 5 79

335

360

314

21 17 87

13 27 111

13 17 94

Output volgens SEP-indeling In refereed journals In other journals Bookchapters

Totaal Monographs en edited books PhD Theses (diss. I en II) Professional publications and products 38

Academic Publications

In refereed journals In other journals Bookchapters

Totaal Monographs en edited books PhD Theses (diss. I en II) Professional publications and products Faculteit Katholieke Theologie

Faculteit Rechtswetenschappen

Academic Publications

Output volgens SEP-indeling

76 16 342

2007

2008

2009

283

308

145

249

142 146 264

428

557

552

83 16 382

60 20 363

Output volgens SEP-indeling Academic Publications

In refereed journals In other journals Bookchapters

39


Faculteit

Promoties Faculteit

2007

2008

2009

FEB FRW FSW FGW FKT

17 16 38 10 2

27 16 27 13 2

17 20 30 15 3

Totaal

83

85

85

Promotierendementen Gemiddeld cumulatief promotierendement per HOOP-gebied

1e geldstroom

FEB

instroom 1999 t/m 2005

Totaal

27,9

17,6

147,5

FRW

53,6

18,0

20,1

91,7

FSW

76,0

21,0

23,6

120,5

FGW

45,2

20,5

5,7

70,5

FKT

12,7

0,0

0,8

13,5

289,5

87,2

67,8

444,5

promotie <4jr

<5jr

>5jr 76% 42% 62% 56% 62%

Economie Rechten G&M T&C

136 74 87 61

7% 11% 3%

60% 28% 44% 23%

UvT

358

11%

43%

Onderzoeks fte per faculteit

Bovenstaande grafiek en tabel tonen de onderzoeksinzet van het wetenschappelijk personeel van de diverse faculteiten per geldstroom. De inzet is gegeven in fte, waarbij alleen onderzoeks fte is meegeteld.

Toegewezen 1e geldstroom per faculteit in â&#x201A;Ź x 1.000 2007 25.770 12.653 15.781 12.502 4.789

FEB FRW FSW FGW FKT

Totaal 71.495 * 1e geldstroom is totale 1e geldstroom (onderwijs en onderzoek), bron:slotbegroting

110 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

2008 30.339 15.921 19.380 13.131 5.174

2009 29.640 14.520 17.721 13.003 5.223

83.945

80.107

Ontvangsten 2e en 3e geldstroom per faculteit in â&#x201A;Ź

FEB

FRW

1e geldstroom

40

3e geldstroom

102,0

Totaal HOOP-gebied

2e geldstroom

FSW

2e geldstroom

FGW

3e geldstroom

FKT

FEB FRW FSW FGW FKT Totaal

2e geldstroom 2007 2008 3.594.470 5.199.937 1.424.626 1.930.463 1.657.309 2.549.783 1.339.116 1.123.016 8.015.521

10.803.199

2009 5.371.273 1.095.175 2.030.241 1.301.023 -

3e geldstroom 2007 2008 5.893.026 5.631.853 1.884.748 4.249.849 1.321.808 2.888.161 138.947 594.007 85.356 7.801

2009 6.644.327 4.470.594 2.886.263 801.750 67.233

9.797.712

9.323.885

14.870.167

13.371.671

41


Tabel NWO 2007, 2008 en 2009

Tabel EU-subsidies 2009 2007

2008

2009

FEB FRW FSW FGW FKT

11.596.208 223.871 2.571.287 1.477.797 -

1.217.990 540.000 1.178.192 3.018.878 -

3.943.000 1.610.034 4.562.770 456.336 -

Totaal

15.869.163

5.955.060

10.572.140

De tabel laat het totaal van de toegekende subsidiebedragen vanuit NWO in de betreffende jaren zien. 2007 toont een hoge opbrengst in verband met een eenmalige subsidie van € 9.000.000 voor Netspar, samengebracht door de ministeries van EZ, OCW, SZW en Financiën.

Tabel NWO-subsidies, uitsplitsing 2009 Persoonsgebonden subsidies NWO-subsidies overig

Totaal

FEB FRW FSW FGW FKT

2.900.000 450.000 1.050.000 249.971 -

1.043.000 1.160.034 3.512.770 206.365 -

3.943.000 1.610.034 4.562.770 456.336 -

Totaal

4.649.971

5.922.169

10.572.140

Bij de persoonsgebonden subsidies laat de UvT ten opzichte van 2008 een grote vooruitgang zien (plus 56 procent). In 2009 zijn er vier VIDI’s, vijf VENI’s en één Mozaïekbeurs toegekend.

Acroniem / Naam

Regeling

Aanvrager

FEB FEB

BANSYS SHARE-LEAP

Marie Curie IRG KP7 Capacities

FEB FEB

GRASP COCKPIT

KP7 Cooperation SSH KP7 Cooperation SSH

FRW FRW

Broad International Private Law aspects Human Trafficking Economic consequences of shareholder activism Towards comparable crime victim statistics eMCOD GUSTO Investigating discourses…. ICT use in L2 education

DG Justice Daphne III DG Employment

T. Beck F. van der Duyn Schouten P. Larouche W. van den Heuvel R. Leenes Van Hoek

DG Justice Action Grant DG Internal Affairs

J. Van Dijk Van der Elst

DG Eurostat

J. van Dijk

149.220

DG Justice, Civil justice KP7 Cooperation SSH HERA Joint Research Centre

M. Grammatikov R. Muffels J. Blommaert M. Spotti

133.161 215.764 201.550 15.000

FRW FRW FRW FRW FSW FGW FGW Totaal

Subsidie (aandeel UvT) 100.000 495.513 266.400 159.772 64.747 39.652 55.455 25.446

1.921.680

In 2009 zijn er voor dertien projecten EU-subsidies toegekend. Ten opzichte van 2008 is dit een stijging met twee projecten. GUSTO De faculteit Sociale Wetenschappen participeert in het EU-gefinancierde project GUSTO (Meeting the challenges of economic uncertainty and sustainability through employment, industrial relations, social and environmental policies in European countries). In de globaliserende wereld is het omgaan met economische onzekerheid, terwijl men sociale zekerheid centraal wil stellen, een groot dilemma voor beleidsmakers. Er zijn vele factoren van invloed op de effecten van de voor- en nadelen van deze onzekerheid. Dit vindt ondermeer zijn weerslag in de verschillende vormen van arbeidscontracten en beleid rond arbeid en sociale zekerheid. Het GUSTO project heeft tot doel dit proces en de effecten ervan op samenlevingsmodellen te bestuderen. Aan het project, dat onder penvoerderschap van de Universiteit van Warwick staat, nemen in totaal dertien Europese instellingen deel. SHARE-LEAP Vergrijzing is een van de meest urgente problemen van de 21e eeuw in Europa. Om dit probleem aan te pakken bestaat er een noodzaak tot het opzetten van een onderzoeksinfrastructuur van microdata over veran-

42

43


deringen in gezondheid en de economische en sociale omstandigheden van individuen naarmate ze ouder worden. SHARE is opgezet om aan deze noodzaak tegemoet te komen. Momenteel bevat SHARE twee ‘waves’ van data van ongeveer 32.000 respondenten (allen 50+) verdeeld over zeventien landen. Meer dan 2.300 onderzoekers maken gebruik van de beschikbare data. Het project SHARE-LEAP is het vervolgtraject van het eerste SHARE-project. Hiermee wordt de longitudinale stabiliteit van het project gewaarborgd en wordt tevens de toegankelijkheid, het onderzoekspotentieel en het gebruikerspotentieel verder verbeterd. De Universiteit van Mannheim is penvoerder, aan het project nemen verder nog 14 Europese instellingen, waaronder de UvT, deel. GRASP Growth And Sustainability Policies for Europe (GRASP) houdt zich bezig met Europees beleid dat gerelateerd is aan economische groei. De nadruk ligt daarbij op innovatie in onvolkomen vrije markten, waarbij wordt aangegeven dat optimale groei ook afhankelijk kan zijn van het niveau van technologische (en financiële) ontwikkeling en van, ogenschijnlijk niet daarmee verband houdende, maar toch relevant beleid. Het onderzoeksproject legt de focus op bestaande lacunes in het huidige Europese onderzoek naar groei. Penvoerder: Center for Economic Policy Research. In het consortium participeren zes Europese instellingen. COCKPIT Op WEB 2.0 zullen sociale media het platform vormen voor samenwerking tussen burgers, en tussen burgers en de overheid. Daarom zal WEB 2.0 snel een functie krijgen voor het ontwikkelen, delen en zoeken van kennis over de meningen en wensen van burgers over publieke diensten. Het project COCKPIT heeft tot doel een nieuw governance model te ontwikkelen voor de nieuwe generatie publieke diensten. Cockpit gaat daarbij uit van de notie van een open overheid waarin burgers meer vertrouwen hebben in elkaar en in diezelfde overheid. Dit zal resulteren in beter toezicht op publieke diensten, een hogere mate van gebruik van diensten, lagere leveringskosten en meer innovatie. Coördinator: Intrasoft International SA. Het consortium bestaat uit twaalf partners waaronder zowel kennisinstellingen als de publieke en de private sector. Broad De informatiemaatschappij heeft een grote impact op de uitoefening van (burger)rechten, de kennis over en het besef bij burgers van hun rechten, de grenzen aan de autonomie van burgers en zelfbeschikking en tevens op alle machtverhoudingen tussen actoren binnen dit veld. Op het gebied van databescherming en privacy is er steeds meer sprake van interdependentie van informatieverwerking met het juridische en technologische raamwerk. Vanuit een juridisch perspectief is databescherming een transversaal recht dat onder andere de handhaving van fundamentele rechten diep beïnvloedt. Het BROAD project heeft ondermeer tot doel het bewustzijn met betrekking tot databescherming en privacy te verhogen. Daarbij worden doelgroepen die invloed hebben op de handhaving van recht op privacy betrokken. Partner: IKINT Institute Budapest. Indexing Trafficking in Human Beings: Gauging its Trends, Causes and Consequences in the European Dimension Binnen de Europese Unie heeft de bestrijding van mensenhandel prioriteit. Het implementeren van beleid wordt gehinderd door een gebrek aan vergelijkbare data op zowel het niveau van de individuele lidstaten 44

als op het niveau van de Unie zelf. Het bovengenoemde project heeft tot doel om tot een index te komen waarbinnen de zwaarte van mensenhandel op een landniveau aangeduid kan worden. Deze index wordt ontwikkeld aan de hand van statistische analyse van de data van organisaties die zich met mensenhandel bezighouden. Deze Composite Index of Trafficking in Europe (CITE) zal de ernst en trends in alle vormen van mensenhandel door de hele Europese Unie en landen van herkomst, bestemming en doorvoer in kaart brengen. De beoogde periode is 1990-2008 en daarmee zal er een hiaat in de informatie en kennis over mensenhandel worden gevuld. Onderzoek naar discours van overerving en identiteit in 4 meertalige Europese Steden. Door globalisering en mobiliteit ontstaan in Europa meertalige en multi-etnische samenlevingen. Afkomst en identiteit zijn niet langer verbonden aan de staat, culturele tradities gaan eerder door nationale grenzen heen omdat verspreide groepen zich vasthouden aan hun eigen afkomst en global communities over nationale grenzen heengaan. Dit project onderzoekt hoe jongeren omgaan met concepten als “afkomst” en “identiteit” in vier Europese steden. Jongeren van niet-Europese afkomst in Denemarken, Engeland, Zweden en Nederland kunnen zich identificeren met het territorium van hun afkomst, maar horen tevens bij hun Europese huis en in de globale populaire cultuur. Binnen het onderzoek bekijken de participerende instellingen hoe culturele afkomst en identiteit discursief worden geconstrueerd in en voorbij de onderwijsomgeving, en hoe meertalige jongeren hun afkomst en het “erbij horen” bij elkaar brengen. Penvoerder: University of Birmingham. Samen met University of Copenhagen; Stockholm University en Universiteit van Tilburg.

Jaarverslag Stichting Bijzondere Leerstoelen 2009 Activiteiten De werkzaamheden van de Stichting Bijzondere leerstoelen (SBL) hadden in 2009 voornamelijk betrekking op de voorbereiding van de vestiging van bijzondere leerstoelen en de benoeming van bijzonder hoogleraren evenals het in gang zetten van evaluaties en verlenging van de leerstoelen. In het voorjaar heeft de secretaris SBL overleg gevoerd met decanen en directeuren van de faculteiten over de voortgang van de bijzondere leerstoelen en acties die in 2009 plaats moesten vinden. Het overzicht van de bijzondere leerstoelen is geactualiseerd en naar de faculteiten gestuurd. Er zijn dit jaar afspraken gemaakt met de faculteiten om bijzonder hoogleraren consequent in te voeren in SAP HR zodat onze universiteit de juiste cijfers kan aanleveren voor het landelijk systeem ‘Wetenschappelijk Onderwijs Personeelsinformatie’ (WOPI). Het bestuur SBL is gedurende dit verslagjaar tweemaal bijeengekomen, in het voorjaar en in het najaar. Aan de orde is gekomen, dat de nieuwe voorzitter het bestaande beleid voor bijzondere leerstoelen wenst te continueren. Al werkende weg kan er aanleiding zijn om bepaalde aspecten van het beleid opnieuw te bekijken. Het bestuur heeft aangegeven dat het aantal bijzondere leerstoelen in principe niet verminderd hoeft te worden mits aan alle kwaliteitseisen wordt voldaan. Wel dient de getalsmatige verhouding gewoon hoogleraar – bijzonder hoogleraar in de gaten te worden gehouden (zie pagina 47).

45


Het bestuur benadrukt verder het belang van de koppeling van het bijzonder hoogleraarschap met de begeleiding van promovendi. Ten behoeve van een zorgvuldige voorbereiding van benoemingen, heeft de rector structureel overleg met decanen waarbij voorgenomen vestigingen van bijzondere leerstoelen en benoemingen van (bijzonder) hoogleraren besproken worden. De bijzondere leerstoelen In 2009 zijn acht nieuwe bijzondere leerstoelen gevestigd. De vestigende instanties zijn de Toon Weijnen Stichting, de Stichting Solidariteitsfonds RK Gevangenispastoraat, de ParnassioBavo Groep, Capgemini Consulting, het Ministerie van Binnenlandse Zaken Koninkrijkrelaties, de Maatschappij voor Wetenschappelijk Onderzoek in de Tropen (Treub maatschappij), GGZ Eindhoven in samenwerking met IVA en het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) in samenwerking met Netspar. Op alle bijzondere leerstoelen zijn in dit verslagjaar bijzonder hoogleraren benoemd. Er zijn drie bijzondere leerstoelen beëindigd vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd van de bijzonder hoogleraren. Verder is de bijzondere leerstoel ‘Verenigings- en Coöperatierecht’, evenals de bekleder van deze leerstoel, van FRW overgeheveld naar TiasNimbas. De leerstoel heeft een nieuw profiel en titel gekregen: ‘Organisatie van de onderneming met bijzondere aandacht voor de maatschappelijke onderneming en coöperatief ondernemerschap’.

In 2009 zijn de volgende leerstoelen gevestigd: FSW: Naam bijzonder hoogleraar Prof. dr. J. van Weeghel (m) Titel Rehabilitatie en participatie van mensen met ernstige psychische aandoening Initiatiefnemer Parnassio Bavo Groep Naam bijzonder hoogleraar Titel Initiatiefnemer

Prof. dr. I. Bongers (v) Evidence Based Management in de (Geestelijke) Gezondheidszorg GGZ Eindhoven en IVA

Naam bijzonder hoogleraar Titel Initiatiefnemer

Prof. dr. K. Henskens (m) Pensioensociologie NIDI/KNAW en Netspar

FGW: Naam bijzonder hoogleraar Titel Initiatiefnemer

Prof. dr. A. Swanenberg (m) Diversiteit in Taal en Cultuur in Brabant de Toon Weijnen Stichting

46

Naam bijzonder hoogleraar Titel Initiatiefnemer

Prof. dr. A. Plaat (m) Informatie en Complexe Besluitvorming Ministerie van BIZA

Naam bijzonder hoogleraar Prof. dr. W. van Damme (m) Titel Ethno-esthetica Initiatiefnemer Maatschappij voor Wetenschappelijk Onderzoek in de Tropen (Treub maatschappij) FKT: Naam bijzonder hoogleraar Titel Initiatiefnemer

Prof. dr. Th. de Wit (m) Vraagstukken Geestelijke Verzorging In Justitiële Inrichtingen Stichting Solidariteitsfonds RK Gevangenispastoraat

TiasNimbas Naam bijzonder hoogleraar Prof. dr. N. van Gestel (v) Titel New Modes of Governance in Social Security and Employment Services Initiatiefnemer Capgemini Consulting

In 2009 zijn de volgende bijzondere leerstoelen beëindigd: FSW Naam bijzonder hoogleraar Titel Vestigende Instantie Reden beëindiging

Prof. dr. A. Gaillard (m) Psychosociale Stress Stichting voor Onderzoek naar Psychosociale Stress emeritaat

FEB (telos) Naam bijzonder hoogleraar Titel Vestigende Instantie Reden beëindiging

Prof. dr. T. Beckers (m) Duurzame Plattelandsontwikkeling Maatschappij van Welstand emeritaat

FGW Naam bijzonder hoogleraar Titel Vestigende Instantie Reden beëindiging

Prof. dr. W. Shadid (m) Interculturele Communicatie Ministerie VWS emeritaat

47


Onderwijs Ontwikkeling aantal bijzondere leerstoelen

FEB FRW

Ba &Ma opleidingen 2005

2006

2007

2008

2009

11

10

12

12

11

5

5

8

9

8

FSW

15

16

13

14

16

FGW

6

6

8

11

13

FKT

4

4

4

5

6

TiasNimbas

2

2

1

2

3

Totaal:

42

43

46

53

57

M

V

totaal

% bijz

Cijfers verhouding hoogleraar-bijzonder hoogleraar in fte 2009 Hoogleraren in fte per 1 januari 2009

FEB

reg bijz

63,56 2,8

5,40 0,2

68,96 3

4,4%

FSW

reg bijz

24,60 2,2

3,90 0,4

28,5 2,6

9%

FRW

reg bijz

34,40 1

4 0,4

38,4 1,4

3,6%

FGW

reg bijz

25,2 2,7

1,8 0,2

27 2,9

10,7%

reg bijz

7 1,4

1,2

8,2 1,4

17%

FKT

Geaccrediteerd t/m

FEB Ba Economics (tot 01-09-2009 Bachelor International Economics and Finance) Ba Economie en Bedrijfseconomie (tot 01-09- 2009 Bachelor Algemene Economie) Ba Bedrijfseconomie Ba Econometrie en Operationele Research Ba Fiscale Economie Ba Economie en Informatica (tot 01-09-2009 Bachelor Informatiekunde) Ba International Business Ba International Business Administration (tot 01-09-2009 Bachelor Business Studies) Ma Accountancy Ma Accounting Ma Economics Ma Financial Management Ma Fiscale Economie Ma International Business Ma International Economics and Finance Ma Investment Analysis Ma Logistics and Operations Management Ma Marketing Management Ma Marketing Research Ma Mathematical Economics and Econometric Methods Ma Operations Research and Management Science Ma Quantitative Finance and Actuarial Sciences Ma Strategic Management Ma Information Management Ma Economics and Finance of Aging

Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Augustus 2012 December 2013 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 Februari 2011 November 2011

Onderzoeksmasters Research master in Business Research master in Economics

Augustus 2015 Augustus 2015

FRW Totaal:

48

regulier: 172,56 bijzonder: 11,3 reg â&#x20AC;&#x201C; bijz: 6,5%

Ba Fiscaal Recht Ba Internationaal en Europees Recht Ba Rechtsgeleerdheid

Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 49


Ba Bestuurskunde Ba Recht en Management Ma Fiscaal Recht Ma International and European Public Law Ma International Business Law Ma Law and Technology Ma Milieurecht Ma Nederlands Strafrecht in Europa Ma Rechtsgeleerdheid Ma Sociaal Recht en Sociale Politiek Ma Bestuurskunde Ma Recht en Management Ma Master of Laws in European and International Taxation

April 2012 December 2013 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 Maart 2012 April 2012 December 2013

Ba Communicatie- en Informatiewetenschappen Ba Religie in samenleving en Cultuur Ma Wijsbegeerte Ma Wijsbegeerte van een Bepaald Wetenschapsgebied Ma Algemene Cultuurwetenschappen Ma Christendom en Islam Ma Communicatie- en Informatiewetenschappen Ma Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Religie in Samenleving en Cultuur Ma Religie in Samenleving en Cultuur Ma Theologie en Samenleving Ma Zorg, Ethiek en Beleid

Mei 2014

Onderzoeksmasters Research master Theology Research master Language and Communication Research master Wijsbegeerte

Onderzoeksmasters Research master Grondslagen en Methoden van de Rechtswetenschap Research master in Public Administration and Organizational Science

December 2013 Mei 2014 Februari 2011 Februari 2011 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013

Februari 2010 Maart 2011 Februari 2016

Februari 2016

FKT Juni 2012

Ba Theologie Ma Theologie

December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 Augustus 2011 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013 December 2013

Onderzoeksmasters

December 2013 December 2013

FSW Ba Organisatiewetenschappen Ba Personeelwetenschappen Ba Psychologie Ba Sociologie Ba Vrijetijdwetenschappen Ma Medische Psychologie Ma Human Resource Studies Ma Leisure Studies Ma Organisation Studies Ma Psychologie en Geestelijke Gezondheid Ma Social Psychology Ma Sociology

Onderzoeksmasters Research master Social and Behavioural Sciences

Februari 2010

FGW Ba Wijsbegeerte Ba Liberal Arts and Sciences Ba Algemene Cultuurwetenschappen 50

Februari 2011 Januari 2013 December 2013

Research master Theology

Februari 2010

Accreditatie De in 2008 ingediende heraccreditatieaanvragen voor de onderzoeksmasters van de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen, de Research master in Business en de Research master in Economics, zijn inmiddels voorzien van een positief oordeel. Ook in 2009 zijn heraccreditatieaanvragen ingediend ten behoeve van een aantal onderzoeksmasteropleidingen. Het betrof de opleidingen Wijsbegeerte; Grondslagen en Methoden van de Rechtswetenschap; Theology; en Social and Behavioural Sciences. Voor deze eerste twee opleidingen is inmiddels heraccreditatie verkregen. Met betrekking tot de opleiding Theology oordeelde de commissie dat in plaats van een heraccreditatieaanvraag een aanvraag nieuwe opleiding ingediend diende te worden. Deze is eveneens van een positief oordeel voorzien. De KNAW beoordelingscommissie van de onderzoeksmaster Social and Behavioural Sciences heeft op basis van de aangeleverde stukken een aantal stevige verbeterpunten geformuleerd met betrekking tot (de samenhang van) het programma. De faculteit Sociale Wetenschappen heeft deze aanbevelingen meegenomen in een herziene aanvraag die opnieuw voorligt bij de KNAW. Deze laatste zal de NVAO van een advies voorzien met betrekking tot de aanvraag.

51


Kwaliteitszorg onderwijs De Stuurgroep Kwaliteitszorg onderwijs (SKO) heeft in 2009 het initiatief genomen tot een tweetal pilots. Eén pilot betreft studietijdmeting. De SKO wil daarmee bezien of de invoering van activerend leren een effect heeft op de studietijd van studenten. De pilot wordt uitgevoerd bij alle eerstejaars opleidingen van FRW. Rapportage over de pilot wordt verwacht in 2010. De tweede pilot betreft het voeren van intake gesprekken met eerstejaars studenten. Deze pilot wordt uitgevoerd bij FSW en FRW.

De tweede prijs gaat naar Jolanda de Vries voor het project Patiënt in Beeld. Dit project is uitgevoerd binnen de tweejarige masteropleiding Medische Psychologie. Van deze studenten wordt verwacht dat zij kennis en inzicht verwerven van het medische domein. Om dit te bereiken zijn de mogelijkheden verkend van technische en onderwijskundige voordelen van interactieve communicatie via video-conferencing. Studenten waren daardoor in staat om op afstand direct getuige te zijn van medische handelingen in het ziekenhuis of gesprekken te volgen in de spreekkamer. Deze live sessies zijn door de studenten zeer op prijs gesteld. De benodigde infrastructuur is gerealiseerd en toepasbaar voor andere groepen en doeleinden.

De SKO heeft zich daarnaast voorgenomen om een project stages op te starten.

Winnaars thesisprijzen In 2009 werden de mid term reviews (MTR’s) van de opleidingen bij FGW en FRW uitgevoerd. Deze MTR’s verschaffen de faculteiten inzicht in hoe hun opleidingen ervoor staan. Tevens geven ze een signaal af aan de faculteiten over verbeteracties die noodzakelijk zijn met het oog op een eerstvolgende externe beoordeling. Voor de toetsing worden peers benaderd, die goed in staat zijn om een oordeel over de opleidingen te verschaffen in het licht van nationale en internationale standaarden.

De eerste prijs voor de masterthesis prijs gaat naar Remco Heesen voor zijn thesis How Flow Can You Go: A Management Game. Deze thesis heeft als onderwerp het ontwikkelen van een management game op het gebied van transportplanning. Naast het creëren van een erg ingewikkeld computerprogramma formuleerde hij een complex optimalisatieprobleem, dat hij ook nog eens oploste. Tot slot betrok hij de speltheorie bij zijn thesisonderwerp. De scriptie getuigt van een buitengewone creativiteit, van een breed inzicht en een uitstekend overzicht en geeft aan dat Remco Heesen een zeer getalenteerde onderzoeker is.

Subsidie Sirius-programma De UvT heeft in het kader van het Sirius-programma, dat door OCW is opgezet voor het bevorderen van excellent onderwijs, een subsidie ontvangen van € 950.000 voor het voorstel voor het programma ‘Outreaching’. Dit programma is bedoeld voor excellente bachelorstudenten die een toppositie ambiëren in het bedrijfsleven, het openbaar bestuur of andere maatschappelijke organisaties, zowel nationaal als internationaal. Het programma biedt handvatten om op grensverleggende wijze maatschappelijke vraagstukken aan te pakken. Het Outreaching-programma bestaat onder meer uit een cursus in de toepassing van wetenschappelijke kennis vanuit een ondernemende houding, masterclasses door mensen in maatschappelijke topfuncties, een (internationale) stage en deelname aan een academische werkplaats. In zo’n werkplaats werken studenten uit verschillende disciplines samen een maatschappelijk thema uit. Ook wordt een fysieke en virtuele ‘gemeenschap’ gevormd, waarin de studenten elkaar, docenten en coaches ontmoeten. Het Outreaching-programma beslaat vier semesters vanaf het tweede bachelorjaar en is Engelstalig. Om ervoor in aanmerking te komen zullen studenten goede studieresultaten, ambitie en motivatie moeten tonen. Het programma start in het academisch jaar 2010/11 met vijftig studenten.

Winnaars onderwijsinnovatieprijs Eerste prijs gaat naar Bob van den Brand voor zijn innovatie in de cursus ‘Accounting 1’. Daarbij hebben circa 600 studenten via een combinatie van web-lectures, web-tutorials en web-tasks op een vernieuwende en met een beter rendement kennis gemaakt met de beginselen van accountancy. Door de inzet van ICT wordt voor de studenten tijd en plaats onafhankelijk studeren mogelijk gemaakt. Web-lectures bieden een goede ondersteuning aan de diepgang van het hoorcollege, web-tutorials bevorderen discussie en participatie in werkcolleges en de web-task fungeert als een multiplier op het leereffect. Na de invoering van het web-based learning slaagden 15% meer studenten voor de cursus. De vernieuwing wordt ook door de studenten zeer gewaardeerd en wordt door externe partijen als zeer professioneel ervaren. Technisch gezien is de innovatie goed implementeerbaar bij andere opleidingen en faculteiten. 52

De tweede prijs gaat naar Laura Hoynck van Papendrecht voor haar thesis In blijde onderhandeling; onderzoek naar de intra- en interpersoonlijke effecten van vrolijkheid binnen onderhandelingen. Het onderwerp van de thesis is een experimenteel onderzoek naar het effect van emoties op beslissingsprocessen in onderhandelingssituaties. Laura heeft geprobeerd via een computergestuurd interactie-experiment meer duidelijkheid te krijgen over de complexe interactie tussen het intra-persoonlijke en het inter-persoonlijke effect van vrolijkheid. Laura heeft vrijwel zonder begeleiding de onderzoeksopzet uitgewerkt. De organisatie en afname van het experiment zijn vlot en foutloos gedaan. Haar sterkste kant komt vooral naar voren in het statistisch analyseren van de kwantitatieve data. Ze heeft haar thesis tot een zeer waardevolle bron van informatie gemaakt, zowel voor medestudenten als voor collega’s in het vakgebied. De prijs voor de beste researchmasterthesis gaat naar Joyce Maas voor haar thesis The role of cognitive preoccupation in secrecy: Associations with physical and mental health. in deze thesis doet ze verslag van haar onderzoek naar de relatie tussen het hebben van geheimen en geestelijke en lichamelijke gezondheid (welzijn). Dit onderzoeksterrein is nog vrijwel onontgonnen gebied. Joyce Maas heeft door middel van het Structural Equation Model in een steekproef van ruim 300 HIV-positieve patiënten verschillende modellen getoetst met cognitieve preoccupatie (negatieve gedachten specifiek gerelateerd aan het hebben van het geheim) als mediator en/of moderator tussen het hebben van geheimen en welzijn. De combinatie van diepgang, het multidisciplinaire raamwerk van waaruit de thesis is opgezet, de zeer geavanceerde statistische technieken die gebruikt zijn en de zelfstandige wijze waarop Joyce het onderzoek heeft verricht zijn uniek en vormen de reden voor de nominatie voor researchmasterthesisprijs.

Activerend onderwijs De UvT stimuleert vormen van activerend onderwijs, zoals het werken met kleinere projectgroepen, aanstellen van tutoren en mentoren, creëren van tussentoetsen, stimuleren van actieve voorbereiding op de hoorcolleges, verhoging van het interactieve karakter van het onderwijs, betere afstemming van onderdelen van 53


het curriculum. Gezocht wordt daarbij naar mogelijkheden van ondersteuning door ICT. Sinds 2007 loopt het project Activerend onderwijs bij FRW. Docentmentoren, een functie die in 2007 is ingesteld, zijn een bekend fenomeen aan de faculteit. Ook in 2009 zijn weer enkele deelprojecten gestart, die zich onder meer richten op beoordeling van papers in het eerste jaar en kritisch kijken naar hoe er getoetst wordt. Verder heeft de faculteit dit project aangegrepen om een uitgebreide discussie te voeren over de inhoudelijke component van academisch onderwijs. In december is daarover een eerste rapport verschenen. In 2009 is het deelproject studietijdmeting gestart. Aan alle eerstejaars studenten wordt (met behulp van een methode die gehuurd wordt van de Associatie KU Leuven) gevraagd aan te geven hoeveel tijd ze daadwerkelijk besteden aan de verschillende onderdelen van hun studie.

samenwerking met het HBO, diverse verkorte programma’s aan die de aansluiting op de universitaire masteropleidingen vergemakkelijken. Er zijn besprekingen gaande om deze programma’s de komende jaren verder uit te breiden. Er is een werkgroep HBO-WO aansluiting ingesteld om de instroom uit het HBO te volgen en waar nodig kwalitatief te verbeteren.

TiasNimbas Business School

Bij FSW zijn in 2009 diverse plannen in het kader van activerend onderwijs ontwikkeld. Docenten worden getraind in het gebruik van activerende werkvormen, MTO-onderwijs wordt meer geïntegreerd in het curriculum, acteurs worden ingezet bij de practicum intake en indicatiestelling, en er wordt intensiever gebruik gemaakt van ICT-middelen, zoals stemkastjes, video-opnamen, simulatiegames.

Een belangrijke vorm van kennisoverdracht aan de samenleving is het executive of postervarings onderwijs. De Universiteit van Tilburg heeft het executive onderwijs ondergebracht in TiasNimbas Business School. TiasNimbas is zowel de business school van de Universiteit van Tilburg als van de Technische Universiteit Eindhoven en heeft vestigingen in Tilburg, Eindhoven, Utrecht, Bonn en Taipei. TiasNimbas streeft ernaar om door middel van kwalitatief hoogwaardige opleidingen toegevoegde waarde te creëren voor managers en hun organisaties. Onder het motto ‘Never Stop Asking’ combineert TiasNimbas de ‘frontiers of knowledge’ met nieuwe inzichten en kennis in een omgeving waar service en persoonlijke aandacht centraal staat. Het productportfolio bestaat uit diverse MBA opleidingen, een DBA opleiding, executive master opleidingen, korte executive programma’s, een MSc opleiding en company specific programma’s.

Docentprofessionalisering

MBA programma’s

Op 23 januari 2008 is door de rectoren van alle veertien Nederlandse universiteiten de wederzijdse erkenning Basis Kwalificatie Onderwijs (BKO) ondertekend. Dit houdt in dat de universiteiten van elkaar het certificaat BKO erkennen dat (universitair) docenten ontvangen wanneer zij een nader omschreven onderwijskwalificatietraject hebben doorlopen. Door het College van Bestuur van de UvT is in 2008 een projectgroep ingesteld die de opdracht heeft gekregen om voor de UvT een onderwijskwalificatietraject op te zetten in lijn met de landelijke afspraken. De projectgroep heeft begin 2009 een onderwijskwalificatietraject gepresenteerd, specifiek gericht op de onderwijssituatie op de UvT. Bij de uitwerking van het onderwijskwalificatietraject is de projectgroep uitgegaan van de vaardigheden die een docent volgens het UFO-profiel moet verwerven. Tevens is voortgebouwd op de reeds op de UvT aanwezige ervaring en expertise. Per 1 januari 2010 is het kwalificatietraject verplicht voor alle nieuw aangestelde docenten en UD’s.

TiasNimbas heeft een breed portfolio aan MBA programma’s voor professionals met minimaal 3 jaar werkervaring. Het full-time MBA programma dat in samenwerking met University of Bradford wordt aangeboden is ook dit jaar zeer succesvol van start gegaan. De cohort van 2009 telt ongeveer 40 studenten met 22 verschillende nationaliteiten. Belangrijke aspecten van dit programma zijn naast ‘frontiers of knowledge’ en toepassing in de praktijk leadership development en personal coaching. Naast dit programma biedt TiasNimbas ook drie part-time programma’s die in plaats, format en accent verschillen. Het Internationale Executive MBA dat een partnership is tussen TiasNimbas en graduate schools van Purdue University (USA), Central European University Budapest (Hongarije), en GISMA Business School Hannover (Duitsland) behoorde ook in 2009 tot de top 25 van de wereld en een wereldwijde nummer 1 positie op het aspect ‘International Course Experience’

In 2009 is een werkgroep Waardering voor onderwijs ingesteld die de opdracht heeft gekregen voorstellen te doen voor het bevorderen van excellentie van docenten (verder uitwerking uitgebreide en/of seniorkwalificatie) en voor het belonen van onderwijskwaliteit.

Executive Master programma’s

Universitaire Lerarenopleiding Tilburg (ULT) Om mede te kunnen voorzien in de toenemende vraag naar universitair opgeleide leraren in het voortgezet onderwijs is door de UvT het initiatief genomen om de universitaire lerarenopleiding weer nieuw leven in te blazen. Voor de ontwikkeling van de lerarenopleiding wordt samengewerkt met OMO, het bestuur van 45 scholen voor voortgezet onderwijs in Noord-Brabant. In 2009 is een positief besluit over de doelmatigheidsaanvraag voor de ULT ontvangen van het Ministerie van OCW. Eind 2009 is de aanvraag voor een Toets Nieuwe Opleiding bij de NVAO ingediend. Beoogd wordt de opleiding in september 2010 te laten starten.

Samenwerking met het HBO De samenwerking van de UvT met het HBO heeft zich in 2009 verder ontwikkeld. De faculteiten bieden, in 54

TiasNimbas biedt een breed portfolio van Executive Masters aan die leiden tot een verdieping, verbreding en actualisering van kennis. Zij zijn ontwikkeld voor professionals met een academisch denk- en werkniveau en ruime (management)ervaring. Een belangrijke meerwaarde van deze programma’s is de heterogene samenstelling van de deelnemersgroep. Deelnemers zijn afkomstig uit verschillende sectoren en branches en hebben verschillende achtergronden en werkervaring. Hierdoor ontstaat een optimale situatie voor een ‘joint process of discovery’. In tegenstelling tot de trend in de markt zijn de programma’s in september 2009 opnieuw zeer succesvol van start gegaan. De belangstelling voor de general management opleiding ‘Executive Master in Management and Organisation’ was dusdanig dat deze opleiding in 2009 twee keer met een volledige groep is gestart. Hetzelfde gold voor de Register Controllers opleiding die nu al weer enkele jaren zowel in Tilburg als in Utrecht wordt aangeboden. Daarnaast is In 2009 in samenwerking met de Universiteit van Tilburg en het Actuarieel Genootschap & Actuarieel Instituut een nieuwe Executive Master of Actuarial Science ontwikkeld. 55


De eerste leergang van deze opleiding staat gepland voor september 2010. Een ander nieuw initiatief is de ontwikkeling van een Executive Master in Information Security Management.

lence en Human Resource Management, voor zowel de profit als non-profit en publieke sector. ‘ 2009 was een goed jaar, meer dan de helft van de programma’s betrof nieuwe opleidingen voor bestaande klanten zoals ING en Randstad. Daarnaast zijn in 2009 programma’s ontwikkeld voor nieuwe klanten zoals Essent en Boskalis. In mei 2009 zijn de TiasNimbas Company Specific Programmes door de Financial Times als beste in de Benelux en als 36e wereldwijd en 15e in Europa gekenmerkt. Op het criterium ‘Future Use’ behaalde TiasNimbas wereldwijd een 8e positie en op het aspect ‘International Participants’ een mondiale 2e plaats

MSc programma’s Naast MBA programma’s en Executive Masters biedt TiasNimbas ook twee MSc programma’s aan. Het fulltime programma bestaat in 2009 voor de helft uit internationale studenten.

Executive Programmes Het portfolio van korte Executive Programmes is in 2009 behoorlijk uitgebreid en is zeer succesvol gebleken. Vergelijkbaar met de Executive Masters zijn ook dit type programma’s in tegenstelling tot de algemene trend in Nederland gegroeid, vooral de opleidingen gericht op de publieke en non-profit sector bleken succesvol. Belangrijk onderdeel van de uitbreiding van de programmaportefeuille is de ontwikkeling van een portfolio van general management programma’s met opleidingen voor jonge, middel en senior managers. Eind 2009 is een project van start gegaan om in partnership met de economische faculteit van de Universiteit van Tilburg korte programma’s te ontwikkelen op het gebied van finance, sustainability en logistiek.

Een belangrijke ontwikkeling binnen de divisie Company Specific Programmes is de samenwerking tussen Van Lanschot en TiasNimbas in de vorm van de oprichting van de Van Lanschot Academie voor Bedrijfsoverdracht. De academie biedt een opleidingsprogramma voor opvolgers en overdragers binnen het familiebedrijf en gaat in het voorjaar van 2010 van start. In het programma staan de voorbereiding en planning van het bedrijfsoverdrachtsproces centraal. Het programma biedt veel relevante kennis, maar er is ook oog voor de psychologische en emotionele veranderingen waarmee overdragers en opvolgers bij een bedrijfsoverdracht te maken krijgen.

In samenwerking met de High Tech Campus in Eindhoven zijn in 2009 vier TechBiz seminars gelanceerd. Deze seminars focussen op onderwerpen specifiek relevant voor medewerkers van internationale high-tech bedrijven. De onderwerpen voor 2009 waren: Intuitive Leadership, Enabling IT Business Innovation, Your State in the World Economy en Learning Models for Innovation. Ook is in 2009 de Innovation Challenges Cycle zeer succesvol geweest. Deze is in samenwerking met de provincie Noord-Brabant ontwikkeld.

Doctor of Business Administration Het DBA programma van TiasNimbas leidt tot een diploma van de University of Bradford. Ook in 2009 is dit programma met een zeer internationale groep gestart.

Competence Centres Een nieuw initiatief in 2009 op het gebeid van korte executive programma’s is de samenwerking met Amsterdam Bright College. TiasNimbas en Amsterdam Bright College bieden managers en entrepreneurs de laatste managementkennis en een ontmoetingsplaats om onder leiding van gerenommeerde sprekers hernieuwde inzichten op te doen. De gratis seminars, “Pit-Stops” die in 2009 op het programma stonden waren: “Venture Capital 2009: Global Warming or Cold Shower, Again?” door Prof. BenoÎt Leleux van IMD. “Leadership and Confidence in Challenging Times” door Prof. Ron Meyer van TiasNimbas Business School, “Strategic Marketing: The Business of Building Sustainable Business” door Prof. Rudy Moenaert van TiasNimbas Business School en “The Future of the Global Economy and the New Financial Order” door Prof. Sylvester Eijffinger van Tilburg University.

Binnen TiasNimbas zijn verschillende compentence centres actief. • Globus (Instituut voor Globalisering en Duurzame Ontwikkeling) richt zich op multidisciplinair onderzoek en onderwijs op het gebied van corporate global responsibility & governance. • Centrum voor het Bestuur van de Maatschappelijke Onderneming (CBMO) met een focus op onderzoeks- en onderwijsactiviteiten voor het bestuur en management van de maatschappelijke onderneming. • EIBIE (The European Institute for Business Innovation and Entrepreneurship) is een initiatief van TiasNimbas Business School en Philips Research. EIBIE richt zich op educatie, training en coaching van start-ups. Daarnaast zal EIBIE in de komende jaren een researchprogramma ontwikkelen op het gebied van creatie en ontwikkeling van snel groeiende nieuwe ondernemingen.

Company Specific Programmes De divisie Company Specific Programmes specialiseert zich in het ontwikkelen van exclusieve, maatwerk programma’s voor organisaties. De programma’s voorzien in managementontwikkeling en in organisatorische ontwikkelingsdoelen, die een substantiële impact en verandering in de organisatie teweeg brengen. Het ontwerp en de organisatie van de maatwerk programma’s vindt plaats in nauwe samenwerking met onze klant (“co-creatie”). Company Specific Programmes zijn flexibel in inhoud, lengte, formaat, methodologie en faculty . Alle programma’s worden door een toegewijd klantteam begeleid, dat verantwoordelijk is voor inhoud, logistiek en kwaliteitscontrole. Programma’s worden naar wens van onze klanten op zowel nationale als internationale locaties uitgevoerd. Maatwerk programma’s worden ontwikkeld op het gebied van Leiderschap, General Management, Strategie, Finance, Marketing, Technologie & Operational Excel56

Accreditatie De volgende instanties hebben programma’s van TiasNimbas geaccrediteerd: – – – –

The Association of MBAs (AMBA); Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO); Royal Institution of Chartered Surveyors (RICS); Economic and Social Science Research Council (ESRC).

57


Studenten * * * *

NVAO Accreditatiegegevens TiasNimbas Business School (geaccrediteerd t/m)

Centraal Klachten Loket

EMFC Executive Master of Finance and Control April 2012 MA International Business and Marketing Management Mei 2010 MSc Financial Management Mei 2010 MBA Full time en Part time MBA Mei 2010

In 2009 zijn 74 klachten ingediend, een aantal dat vergelijkbaar is met voorgaande jaren. De meeste klachten (24) hebben te maken hebben met de planning en organisatie van tentamens. Daarna komen in volgorde van belang: klachten betreffende het gedrag en de service van medewerkers (10), de kwaliteit van algemene voorzieningen (8) en de bekendmaking van de uitslag van tentamens (6). In 40 gevallen is de klacht gegrond verklaard. Bijna 90 procent van de klachten is binnen de gestelde termijn (max. 6 weken) afgehandeld. Sinds 2003 hebben studenten de mogelijkheid om online klachten in te dienen (www.uvt.nl/klacht). De klachten worden afgehandeld door de hoofden van de onderwijsbureaus en de directeuren van de diensten.

Ranking Financial Times: • Worldwide Full time MBA 2009, jan 2009 positie 87 wereldwijd, 25 in Europa. • Custom Programmes 2009, mei 2009 positie 36 wereldwijd, 15 in Europa, 1 in Benelux. • International Executive MBA 2009, November 2009 wereldwijd positive 24, 11 in Europa, 1 in Benelux

Aantal ingeschrevenen

Aantal opleidingen, deelnemers en uitgegeven diploma’s 2005-2009

MBA programma’s Company specific programma’s Executive Master programma’s Executive Programma’s MSc/MA Programma’s DBA Programma’s Aantal uitgegeven diploma’s

2005

2006

2007

2008

2009

57 1041 325 47 -

133 1012 292 185 65 8

127 973 337 252 77 18

162 539 407 417 78 20

156 530 326 400 98 18

291

435

401

404

468

2007/08 5036 2616 2512 966 196 11326

2008/09 5408 2781 2467 1063 181 11900

2009/10 5690 3061 2557 1215 155 12678

% buitenlandse ingeschrevenen

5,2%

6,5%

7,2%

Aantal eerstejaarsstudenten

2771

3083

3522

6,8% 17,0%

7,4% 16,7%

6,7% 17,1%

2007/08 5993 5333

2008/09 6323 5577

2009/10 6739 5939

10613 713

11333 567

12173 505

2121 7427 1057 349 372

2268 7748 1186 336 362

2357 8276 1371 334 340

FEB FRW FSW FGW FKT Totaal UvT

Marktaandeel 1e jaars bacheloropleidingen Marktaandeel 1e jaars masteropleidingen

man vrouw voltijd deeltijd jonger dan 20 jr 20 t/m 25 jr 26 t/m 30 jr 31 t/m 39 jr 40 jr en ouder

58

59


Instroom eerstejaars instelling (WO-I) FEB

bachelor premaster master

FGW

bachelor premaster master

FKT

FRW

bachelor premaster master

bachelor premaster master

Aantal buitenlandse ingeschrevenen 2007/08 892 275 103 1270

2008/09 1030 262 133 1425

2009/10 1020 378 189 1587

131 108 14 253

183 104 21 308

205 157 30 392

19 2 0 21

17 4 1 22

12 4 2 18

431 140 53 624

450 140 72 662

504 178 107 789

FSW

bachelor premaster master

466 110 27 603

492 138 36 666

527 140 69 736

UvT

bachelor premaster master

1939 635 197 2771

2172 648 263 3083

2268 857 397 3522

EER exclusief Nederland niet EER landen EER exclusief Nederland niet EER landen

2007/08

2008/09

2009/10

272 351 2,4% 3,1%

333 488 2,8% 4,1%

380 535 3,0% 4,2%

2006/07 40 37 37 44 25

2007/08 39 40 37 38 27

2008/09 39 40 36 40 29

38

39

38

2006/07 10% 10% 8% 6% 26% 16% 24% 100%

2007/08 11% 10% 7% 5% 26% 16% 25% 100%

2008/09 12% 11% 8% 5% 23% 15% 26% 100%

2007/08 75% 72% 76% 74% 100% 74%

2008/09 72% 70% 72% 75% 100% 72%

Eerstejaarsvoortgang bachelor (voltijd en deeltijd) (gemiddeld aantal EC binnen de opleiding) 1) FEB FRW FSW FGW FKT UvT 1) inclusief studenten met nul punten Eerstejaarsvoortgang bachelor (voltijd en deeltijd) (frequentieverdeling behaalde studiepunten) 0 1 - 12 13 - 24 25 - 35 36-48 49 - 59 60 of meer

Positief bindend studieadvies Aantal contractstudenten FEB FRW FSW FGW FKT Totaal UvT

60

2006/07 37 125 165 54 2 383

2007/08 58 78 105 33 0 274

2008/09 42 85 96 25 4 252

FEB FRW FSW FGW FKT UvT

61


Diploma’s

2006/07

2007/08

2008/09

Doctoraalopleidingen FEB FRW FSW FGW FKT Totaal UvT

0 107 105 29 9 250

0 63 41 26 15 145

0 0 0 1 6 7

Bacheloropleidingen FEB FRW FSW FGW FKT Totaal UvT

901 342 382 81 27 1733

650 335 415 51 23 1474

598 354 328 73 20 1373

In 2009 is het CvK nauw betrokken geweest bij de officiële start van het Brabant Center of Entrepreneurship (BCE). Een belangrijk initiatief, want in het bedrijfsleven is grote behoefte aan mensen die met lef, inzicht en talent vernieuwing brengen. Het BCE verzorgt universiteitsbreed onderwijs en voorlichting over ondernemerschap aan de UvT en de TU/e. Het onderwijsprogramma helpt bij het ontwikkelen van een ondernemende houding. Vanuit de UvT zijn de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen en het Centrum voor Kennistransfer bij het BCE betrokken. De regionale partners zijn de provincie Noord-Brabant, de Stichting Brainport, de gemeenten Tilburg en Eindhoven en het Operationeel Plan Zuid. Het BCE werd in november officieel gelanceerd. Door middel van dit initiatief, dat samen met de Technische Universiteit Eindhoven opgezet is, zal er vanaf het collegejaar 2010-2011 binnen het onderwijs van de Tilburgse en Eindhovense universiteiten op grote schaal aandacht besteed gaan worden aan onderwijs in ondernemerschap. De activiteiten die het CvK op het gebied van ondernemerschap ontplooit en de activiteiten van BCE kunnen elkaar in de toekomst mooi aanvullen.

Masteropleidingen FEB FRW FSW FGW FKT Totaal UvT Totaal initiele opleidingen Postdoctorale opleidingen

hebben vanuit hun eigen wetenschappelijke discipline de op handen zijnde ontwikkeling belicht. Het doel was om de inwoners van Tilburg beter voorbereid te kunnen laten stemmen tijdens het referendum van juni. Er waren zo’n 350 toehoorders die avond. Het was een geslaagde manier om de wetenschap meer te betrekken bij het Tilburgse publieke debat.

891 277 396 139 10 1713

733 348 471 146 6 1704

877 387 431 162 11 1868

Tevens zijn er vele activiteiten ondernomen die een bijdrage hebben geleverd aan de regionale verankering van het CvK. De besprekingen rondom het ontwikkelen van een United Brains Midden-Brabant (naar het voorbeeld van United Brains Eindhoven) hebben zeker een bijdrage geleverd aan het versterken van de positie van het CvK in de regio. Vertegenwoordigers van Avans, de Universiteit van Tilburg, ROC Tilburg en Fontys Hogescholen hebben de ambitie uitgesproken om de krachten te bundelen zodat het MKB en de maatschappelijke en publieke instellingen in Midden-Brabant optimaal toegang kunnen krijgen tot hun kennisaanbod.

3696

3323

3839

CvK samenvatting

58

72

57

Centrum voor Kennistransfer Algemeen Het Centrum voor Kennistransfer (CvK) wordt gevormd door de Wetenschapswinkel, het Loket MKB, Ondernemer en Recht, Tilburg Matchpoint en Ondernemerschap. Het CvK is in de loop der tijd gegroeid naar wat het nu is: een organisatie die Understanding Society dagelijks in praktijk brengt en waarvoor kennisvalorisatie core business is. In 2009 heeft het Centrum voor Kennistransfer wederom een groot aantal bedrijven, maatschappelijke instellingen, overheden en starters geholpen door hun kennisvraag te koppelen aan studenten, wetenschappers en onderzoeksinstituten.

Bemiddeling onderzoeksvragen, opdrachten en starters Langer lopende onderzoeken Uitingen in de media Verschenen periodieken Totale oplage periodieken Congressen, studiedagen e.d. Aantal bezoekers congressen, studiedagen e.d. Aantal verspreide publicaties Omvang bureau CvK (in fte)

2009

2008

2007

2006

2005

1074 8 35 4 2800 11

998 7 63 5 3835 18

887 7 46 3 2119 28

594 7 61 3 1850 8

379 9 27 5 1650 11

880 850 9,0

2115 3470 7,1

3090 1060 6,8

1160 993 5,9

865 1432 4,7

In mei heeft het CvK in samenwerking met Studium Generale en het Brabants Dagblad een symposium georganiseerd over de mogelijke komst van een “shopping mall” in Tilburg. Drie Tilburgse wetenschappers 62

63


Wetenschapswinkel

Publicaties Wetenschapswinkel

Vooral voor kleinere non-profit organisaties, zoals belangenverenigingen - een buurtvereniging, patiëntenvereniging, vereniging die streeft naar een groen en gezond leefmilieu - maar ook onderwijsinstellingen en culturele centra is de Wetenschapswinkel een toegangspoort voor kennisvragen die worden gesteld vanuit de maatschappelijke doelstelling. De meeste vragen zijn afkomstig uit de regio Brabant: Stichting Brabants Industrieel Erfgoed, buurtvereniging Kortendijk, Reuma Patiëntenvereniging Tilburg, Vereniging Leefmilieu, Basisschool Cleijn Hasselt. Het kan zijn dat de vraag niet binnen een van de studierichtingen van de UvT beantwoord kan worden. Dan wordt doorverwezen naar een andere universiteit of hogeschool waar de expertise wel aanwezig is. Binnen de UvT trachten we de vragen zoveel mogelijk binnen het onderwijsprogramma te plaatsen als bachelor- of masterthesis. Daarnaast is het mogelijk om een onderzoeksopdracht uit te voeren als werkopdracht. Op deze manier worden studenten nadrukkelijk betrokken bij maatschappelijk relevant onderzoek en community based research. Zij maken kennis met maatschappelijke vraagstukken en organisaties met een maatschappelijke doelstelling.

Aantal verschenen Wetenschapswinkel-publicaties 19 9 12 9 15 Exemplaren verkocht van publicaties uit 26 58 85 53 11 verslagjaar Exemplaren verkocht van publicaties uit 23 8 28 32 91 eerdere jaren Totaal aantal verkochte publicaties 49 66 113 85 102 Aantal publicaties opgevraagd via inter801 3404 947 908 930 net * Totaal aantal verspreide publicaties 850 3470 1060 993 1032 * Vanaf 2008 inclusief publicaties als digitale versie van het magazine, jaarverslagen, activiteitenoverzichten en beleidsplannen.

Naast korte (uitvoering voornamelijk door student) onderzoeken is er de mogelijkheid om een maatschappelijk relevant thema verder uit te diepen in de vorm van een entameringsstudie of promotieonderzoek in samenwerking met een faculteit, onderzoeksinstituut en externe maatschappelijke organisaties. In 2009 is Natasja Rietveld gepromoveerd met haar onderzoek naar schuld- en schaamtebeleving bij veteranen van vredesmissies, ‘De gewetensvolle veteraan’ dat is uitgevoerd met steun van de Wetenschapswinkel, Stichting het Veteraneninstituut en de ACOM. Onderzoeksresultaten worden nadrukkelijk onder de aandacht gebracht van een breder publiek in de vorm van publicaties die ook op de website beschikbaar zijn. Daarnaast worden resultaten tijdens symposia ingebracht en zijn aanleiding voor verdieping.

Bemiddelingsvragen Wetenschapswinkel Totaal aantal behandelde onderzoeksvragen Beantwoorde en afgeronde onderzoeken Lopende bemiddelingsonderzoeken per 1 januari Lopende bemiddelingsonderzoeken per 31 december Nog openstaande onderzoeksvragen per 1 januari Nog openstaande onderzoeksvragen per 31 december

64

2009

2008

2007

2006

2005

77 20

96 28

100 30

92 25

101 25

17

10

20

24

23

13

17

10

20

24

13

23

16

23

15

19

13

23

16

23

Loket MKB Dat de term kenniseconomie niet uit de lucht gegrepen is heeft het Loket MKB in 2009 gemerkt. De behoefte van MKB ondernemers aan kennis van de Universiteit van Tilburg heeft tot vele nieuwe opdrachten geleid. Hiermee draagt het Loket MKB bij aan de regionale verankering van de universiteit. Zo hebben studenten IBA in het kader van een vak voor veertig ondernemers een opdracht uitgevoerd. International Business Administration (IBA) is een multidisciplinaire, Engelstalige studie aan de UvT die studenten klaarstoomt voor verschillende functies in het bedrijfsleven. Een belangrijk aspect van de opleiding is dat studenten vanaf het begin kennis maken met het bedrijfsleven. Ook innovatievouchers zorgen er voor dat kenniseconomie de praktijk van de ondernemer bereikt. In 2009 heeft het Loket MKB wederom ondernemers kunnen helpen bij het doen van onderzoek naar vernieuwende producten, diensten en processen. In 2009 zijn er ook weer twee T-Challenges georganiseerd door het Loket MKB samen met de gemeente Tilburg. De challenges hebben in 2009 een creatief en direct toepasbaar antwoord opgeleverd voor Tilburgse ondernemers. De samenwerking met het bureau Kennismakelaar van de gemeente Tilburg verliep zeer voorspoedig en smaakt naar meer. Een andere en nieuwe vorm van kennisdeling vond plaats in april van 2009. Er werd een informatiemiddag georganiseerd voor ondernemers die door de economische crisis in moeilijkheden zijn gekomen. Binnen het Loket MKB werd hierin optimaal samengewerkt met Ondernemer en Recht. Wetenschappers van zowel de UvT als ook de Juridische Hogeschool gaven aan de aanwezigen laagdrempelige tips en trucs om de ondernemer door de economisch zware tijd te loodsen. Tijdens een tweegesprek deze middag tussen de rector magnificus van de UvT en een vertegenwoordiger van Syntens werd het belang van valorisatie nogmaals onderstreept.

65


Bemiddelingsvragen Loket MKB Totaal aantal behandelde onderzoeksvragen Beantwoorde en afgeronde onderzoeken Lopende bemiddelingsonderzoeken per 1 januari Lopende bemiddelingsonderzoeken per 31 december Nog openstaande onderzoeksvragen per 1 januari Nog openstaande onderzoeksvragen per 31 december

2009 143

2008 197

2007 239

2006 186

2005 169

92

72

81

55

40

34

12

27

26

5

11

34

12

27

26

29

27

20

15

1

12

29

27

20

15

Loket Ondernemer & Recht Een vliegende start heeft het nieuwste initiatief van het CvK, Ondernemer en Recht, zeker gemaakt! In 2009 is met de aanstelling van een coördinator en acht studentmedewerkers, waarvan vier afkomstig van de Juridische Hogeschool, het team compleet gemaakt en kon de intrek worden genomen op de eerste verdieping van het Simon gebouw. Het team geeft ondernemers kort juridisch advies over uiteenlopende zaken in relatie tot de onderneming. Met meer dan 50 opdrachten is de relevantie van deze dienst nu al bewezen. De opdrachten varieerden van het opstellen van algemene voorwaarden tot inhoudelijke beschouwingen over bijvoorbeeld intellectueel eigendom en alles wat daar tussen zit. Hiermee heeft Ondernemer en Recht ondernemers uit uiteenlopende sectoren van laagdrempelig juridisch advies kunnen voorzien. Daarbij heeft de samenwerking met de partners, te weten de provincie Noord Brabant, de gemeente Tilburg, de Faculteit Rechtswetenschappen, de Juridische Hogeschool, BDO CampsObers, Holla Poelman Van Leeuwen Advocaten en Van Iersel Luchtman Advocaten, zijn meerwaarde bewezen en heeft het voor de medewerkers van Ondernemer en Recht tot een interessante uitwisseling van juridische kennis geleid.

Bemiddelingsvragen Loket Ondernemer &Recht Totaal aantal behandelde onderzoeksvragen Beantwoorde en afgeronde onderzoeken Lopende onderzoeken per 1 januari Lopende onderzoeken per 31 december Nog openstaande onderzoeksvragen per 1 januari Nog openstaande onderzoeksvragen per 31 december

2009 57 29 9 12 13

2008 7 3 -

Tilburg Matchpoint Tilburg Matchpoint (TMP) is de virtuele marktplaats voor stageplaatsen, afstudeeronderzoeken, werkop66

drachten of (bij)banen van de UvT. In 2009 is een campagne uitgevoerd die er op gericht was om meer studenten zich te laten inschrijven op TMP. Het gebruik van TMP door UvT-studenten liet namelijk te wensen over. Op basis van de campagne kunnen we concluderen dat het aantal studenten dat een CV heeft geplaatst beduidend is toegenomen: van 168 CV’s in 2008 naar 237 CV’s in 2009. De campagne heeft duidelijk effect gehad. Het aantal bedrijven dat in 2009 van Tilburg Matchpoint gebruik maakte, is echter drastisch afgenomen. Het aantal geplaatste (bij)banen, stages en afstudeeronderzoeken is gedaald met meer dan 50%. En ook het aantal door bedrijven bekeken CV’s van studenten laat een sterke daling zien. Het vermoeden bestaat dat de economische crisis hier wellicht invloed op heeft gehad.

Resultaten Tilburg Matchpoint Door bedrijven geplaatste (bij)banen, stages en afstudeeronderzoeken Door studenten geplaatste CV’s Aantal door studenten bekeken vacatures Aantal door organisaties bekeken CV’s van studenten

2009

2008

2007

2006

2005

115 237 4571

265 168 6.312

230 175 5.535

137 130 3.799

109 143 4.896

958

1.612

1.259

1.088

974

Ondernemerschap Starterslift Starterslift bij de UvT heeft in 2009 met 128 starters gesproken. Hiervan zijn 23 starters daadwerkelijk opgenomen binnen Starterslift. Door het stimuleren van ondernemerschap draagt Starterslift bij aan de valorisatie-ambities van de UvT. Van de 23 opgenomen starters vallen negentien starters binnen de doelgroep kennisstarters, één binnen de doelgroep creatieve starters en de overige drie binnen de doelgroep technostarters. Ook enkele medewerkers van de UvT hebben in 2009 bij Starterslift aangeklopt voor een oriënterend gesprek. In 2009 is ook van 26 Starterslift-deelnemers afscheid genomen. Met twaalf starters ging het zo goed dat ze Starterslift niet langer nodig hadden. De overige veertien starters hadden verschillende redenen waarom ze niet zijn doorgestart: de vaste baan was te aanlokkelijk, financiën die niet rond kwamen, ongunstige marktontwikkelingen etc. Vanaf september is het scouten van deelnemers op een lager pitje komen te staan doordat de Projectmanager nog maar één dag per week beschikbaar was voor Starterslift. Vanaf januari 2010 gaat met de nieuwe projectmanager de vaart er weer helemaal in. In 2009 heeft Starterslift in samenwerking met het Loket MKB en de bibliotheek zoveel mogelijk wetenschappelijke kennis over ondernemerschap gebundeld in een informatieportal. De sterk groeiende interesse in ondernemerschap in de regio en op de UvT is de directe aanleiding geweest om deze kennis te bundelen. Daarbij past dit initiatief binnen het streven van de UvT om de banden met het bedrijfsleven verder te versterken. De portal is voor iedereen gratis toegankelijk via www.uvt.nl/informatieportalondernemerschap. Op woensdag 27 mei 2009 vond de kick off Create the Future op de Triple O Campus in Breda plaats. Create the Future gaf de aftrap voor de nieuwe toekomst van Starterslift. Gedreven en vol passie breidt Starterslift haar activiteiten verder uit richting startende ondernemers in West- en Midden-Brabant. Naast technostar67


Internationalisering ters en kennisintensieve starters richt zij zich nu ook op starters in de creatieve industrie. Op deze manier wil Starterslift een bijdrage leveren aan het versterken van de creatieve industrie in West- en Midden-Brabant. Naast een nieuwe doelgroep is eveneens een nieuw logo en een nieuwe huisstijl voor Starterslift gepresenteerd.

Resultaten Starterslift Aantal ondersteunde starters Ondersteund in de regio Ondersteund binnen de UvT Afgewezen In scoutingfase op 31 december In screeningfase op 31 december In fase screeningcommissie op 31 december Opgenomen in Starterslift Afgerond: bedrijf gestart Afgerond: bedrijf niet gestart

2009 682 296 129 37 7 7 26 7 13

2008 433 101 44 37 2 4 27 7 10

2007 299 252 24 11 4 5 3 17 3 4

2006 183 165 18 1 8 1 6 1 1

Ondernemerscentrum In 2009 zijn er veel verhuisbewegingen geweest in het Ondernemerscentrum (OC). Het secretariaat is verhuisd naar een kleinere ruimte, waardoor er een extra flexruimte kon worden ingericht. Deze ruimte is vooral bedoeld voor bedrijven die uitbreiden en behoefte hebben aan flexplekken voor tijdelijk personeel dan wel voor bedrijven die gedurende de week slechts gedeeltelijk op de UvT aanwezig zijn. Tevens hebben vijf bedrijven in de loop van 2009 externe huisvesting gevonden. Voor deze ex-UvT studenten was het tijd om een nieuwe stap naar verdere professionalisering van hun bedrijf te maken. Uit de evaluaties met de bedrijven die vertrokken zijn, kwam naar voren dat het gebruik kunnen maken van het netwerk van de UvT en de positieve uitstraling van de UvT op de bedrijven als een grote toegevoegde waarde werden gezien in de beginfase van het ondernemen. In de toekomst wil de UvT ook faciliteiten aanbieden voor ondernemers die met hun bedrijf uit de beginfase komen. Op de nieuw te realiseren locatie kan de ondernemer stappen naar verdere professionalisering maken, terwijl hij toch verbonden blijft aan de UvT en de regio.

Resultaten Ondernemerscentrum 2009 2008 2007 2006 Aantal student-bedrijven per 31 december 7 11 10 3 Aantal pre-startende bedrijven per 31 december 3 2 7 2 Aantal student-ondernemers per 31 december 23 19 21 5 Aantal bedrijven op de flexplekken* 5 * Medio 2009 heeft het ondernemerscentrum een flexruimte ingericht voor bedrijven die uitbreiden en behoefte hebben aan flexplekken voor tijdelijk personeel dan wel voor bedrijven die gedurende de week slechts gedeeltelijk op de UvT aanwezig zijn.

68

Evaluatie van het International Office Het International Office is als aparte afdeling op centraal niveau in mei 2006 van start gegaan. De activiteiten en uitvoering van de afdeling zijn in 2009 uitgebreid geëvalueerd. Uit de evaluatie is gebleken dat het International Office goed functioneert en dat de afdeling structureel ingebed wordt in de organisatie. Uit de evaluatie blijkt voorts dat goede resultaten zijn bereikt: de dienstverlening aan internationale studenten is verder verbeterd en uitgebreid zoals een uitgebreide ‘Welcome week’, ondersteuning en vereenvoudiging voor studenten bij immigratiezaken, meer en betere huisvesting, het openen van een bankrekening, na aankomst snelle toegang tot ict-voorzieningen en meer begeleiding en opvang door internationale studentenorganisaties. Daarnaast zijn net als in 2005 alle processen voor internationale studenten in kaart gebracht -vanaf het eerste contact van de potentiële student tot en met het afstuderen – en op basis daarvan is inzicht verkregen waar resultaten zijn geboekt en waar in de dienstverlening verdere verbetering nodig is. Met faculteiten is verder gewerkt aan verbetering van de afstemming van het beleid en de ondersteuning voor inkomende en uitgaande exchange studenten (zie paragraaf studentenmobiliteit).

Samenwerking met institutionele preferred partners De UvT richtte zich voorheen op samenwerking met universiteiten in landen in ontwikkeling, die ten gevolge van ingrijpende economische en sociale transformatieprocessen grote behoefte hebben aan de opleiding van hoger kader en aan upgrading van hun hoger onderwijs. Voor het jaar 2009 waren de prioriteitslanden China, Turkije, Zuid-Afrika en Indonesië. Samenwerking met universiteiten in deze landen is bestendigd en daarnaast heeft de UvT in 2009 nieuwe regio’s en landen benoemd voor samenwerking met institutionele preferred partners. Dit zijn geselecteerde universiteiten in opkomende landen, waarmee gerichte vormen van duurzame samenwerking worden ontwikkeld. De samenwerking is gericht op zowel onderwijs als onderzoek en betreft meerdere faculteiten. Vanaf 2009 zijn de regio’s Centraal-Europa, Latijns-Amerika en Oost-Europa geprioriteerd. Het doel is om in elk land instellingsbrede samenwerkingsovereenkomsten op te zetten met een aantal hoog aangeschreven universiteiten. Vervolgens worden door faculteiten specifieke overeenkomsten met deze instellingen gesloten. In het voorjaar 2009 zijn de centraal Europese landen Polen, Tsjechië en Hongarije bezocht door een delegatie van faculteiten en international office onder leiding van de Rector Magnificus. Dit heeft geleid tot een aantal overeenkomsten en verdieping van bestaande samenwerking met instellingen zoals Corvinus University in Budapest (Hongarije) en de Warsaw School of Economics in Polen. In het najaar van 2009 heeft eenzelfde delegatie instellingen in Brazilië en Chili bezocht. Dit heeft geleid tot Memoranda of Understanding met Universidad Adolfo Ibañez in Santiago de Chile, Fundacion Getulio Vargas in Rio de Janeiro en Saõ Paulo en met Insper in Saõ Paulo. Voor 2010 zijn bezoeken voorzien aan Argentinië, Colombia, Mexico en een aantal landen in Oost-Europa.

RISE Het door de UvT geïnitieerde Europese netwerk RISE (Raising the Impact of the Social Sciences and Economics) heeft op 30 September 2009 in Brussel zijn Kick-off meeting Lisbon 2010-2020 and the Socio Economic Sciences georganiseerd. In deze bijeenkomst presenteerden wetenschappers, afkomstig van de aangesloten instellingen, hoe en in welke mate de socio-economische wetenschappen kunnen bijdragen aan de grote maatschappelijke uitdagingen waar Europa voor staat. Daarbij werd de huidige stand van zaken gerelateerd aan de lange termijn ontwikkelingen zoals die ook in de Lissabon agenda 2010-2020 beschreven staan. 69


-

Tijdens de bijeenkomst werd de dialoog aangegaan met beleidsmakers van de Europese Commissie. Daarbij werden de volgende thema’s behandeld: De economische crisis; Arbeidsmarkt in relatie tot Flexicurity; Het belang van data en infrastructuren voor de socio-economische wetenschappen; De positie van Europa in de wereld; Het meten van de impact van socio-economisch onderzoek.

Dual en joint (degree) programmes In 2009 is een Erasmus Mundus dual degree programma op het gebied van Service Engineering toegekend aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen. Dit is een samenwerkingsverband met de universiteiten van Stuttgart (Duitsland) en Kreta (Griekenland) voor een tweejarige masteropleiding. Van buiten Europa participeren onder anderen Tsinghua University (China), UC Berkeley (VS) en de University of New South Wales (Sydney, Australië). Daarnaast zijn in 2009 de lopende dual degree programma’s van economie bestendigd. De eerste lichting van de tweejarige ERASMUS MUNDUS master in International Master in Management of Information Technology (IMMIT) is in augustus 2009 succesvol afgestudeerd. Tevens is het ATLANTIS-programma voor de bachelor Information Management het tweede jaar ingegaan, een samenwerkingsverband van de UvT met Boston College (VS) en Universidad de Deusto, Bilbao (Spanje). Het masterprogramma van FSW in European Urban Culture, een samenwerkingsverband van de UvT met universiteiten in Brussel, Manchester en Tallinn is voorgedragen als joint degree programma bij de NVAO. Vanaf 2010 zijn immers joint degree programma’s wettelijk mogelijk in Nederland. In 2009 heeft FSW de overeenkomst getekend voor een nieuw Dual Degree programma op het terrein van ‘Leadership, Organisational Psychology and Organisation Studies’. De samenwerkingspartner is BI Norwegian School of Management in Oslo, Noorwegen. Studenten kunnen per september 2010 in dit tweejarige programma instromen. De Faculteit Rechtswetenschappen participeert al enkele jaren met de Katholieke Universiteit Leuven in het eenjarige advanced masterprogramma European Tax College. De faculteit participeert daarnaast in de European Master in Transnational Trade Law & Finance waarvoor in 2009 voor het eerst studenten aan de UvT studeerden. Partnerinstellingen zijn universiteiten in Bilbao, Frankfurt en Straatsburg.

Internationale studentenwerving Een projectgroep Internationale Marketingcommunicatie onder leiding van prof. dr. H. Benink heeft in 2009 het College van Bestuur geadviseerd krachtig te investeren in de werving van internationale studenten. Op basis hiervan is door faculteiten geïnvesteerd in de uitbreiding en optimalisering van de internationale marketing en werving van studenten in het buitenland. Verder zijn in 2009 al vernieuwingen doorgevoerd in de website voor potentiële internationale studenten en is een project gestart voor een volledige herziening van de (Engelstalige) website in 2011.

70

In 2009 is verder het internationale marketingbeleid aangescherpt met een aantal acties: meer inzet van middelen op een beperkt aantal focuslanden zoals onder andere Duitsland, Bulgarije, Roemenië, Brazilië, Chili en China. Voorts is voorgesteld meer te investeren in webmarketing en om het onderdeel ‘International Marketing’ van het International Office over te hevelen naar de afdeling Communicatie en Marketing. Naar verwachting gaat het nieuwe beleid in het vroege voorjaar van 2010 van start.

Internationale studentenmobiliteit en instroom Internationale studentenmobiliteit is een van de belangrijkste instrumenten om studenten voor te bereiden op een uitstekende carrière na afronding van de opleiding. In 2009 is verbetering van de mobiliteit van studenten opnieuw als een van de speerpunten van beleid neergezet. Uit onderzoek is gebleken dat het aantal studenten dat een deel van de opleiding in het buitenland bij een partnerinstelling volgt sterk achterblijft bij de verwachtingen. Op basis van dit onderzoek onder zittende studenten blijkt dat de knelpunten liggen op het terrein van tijdige en juiste informatievoorziening, de hoogte van de kosten van een verblijf in het buitenland, inpassing van de in het buitenland gevolgde vakken in het studieprogramma en aansluiting bij de behoefte van de student. Als streefgetal is neergezet dat vanaf 2013 30% van de studenten een ervaring in het buitenland heeft opgedaan waarvoor het studiepunten verkrijgt. Om deze toename van studenten te kunnen onderbrengen zijn faculteiten in 2009 gestart met het verder uitbouwen en vernieuwen van de samenwerkingspartners. Samen met het International Office is gestart meer activiteiten op te zetten om studenten eerder en beter te informeren over de mogelijkheden voor studie in het buitenland. Daarnaast heeft de UvT de tegemoetkoming voor studenten die gaan studeren aan de instelling buiten Europa verhoogd van 600 naar 1000 euro vanaf september 2010. De UvT ontvangt jaarlijks nog steeds een toenemend aantal inkomende studenten. Deze groep zorgt niet alleen voor de uitbouw van een internationale campus maar is ook een manier om uitwisselingsstudenten te interesseren om in te stromen in een masteropleiding aan de UvT. Zowel van de inkomende studenten als van de uitgaande studenten verblijven de meesten een semester bij de gastinstelling. Een beperkt deel van de studenten verblijft een volledig academisch jaar in het buitenland. De mogelijkheid om studiefinanciering mee te nemen naar het buitenland stelt ook meer bachelorstudenten in de gelegenheid een deel van hun studie in het buitenland te volgen. De UvT staat positief tegenover deze ontwikkeling. Uitgaande studenten zijn - net als buitenlandse studenten die terugkeren naar de Alma Mater - goede ambassadeurs voor onze universiteit. Daarom worden UvT-studenten gestimuleerd en ondersteund om een masteropleiding te volgen aan een gerenommeerde buitenlandse instelling. Studenten worden in hun zoektocht ondersteund via workshops en bijgestaan om beurzen te verwerven via het Huygens Scholarship Programme of het VSB-fonds. Een toenemend aantal studenten van de UvT verwerft een beurs via deze beurzenfondsen.

Internationale beurzen In 2008/2009 zijn vijftig beurzen uitgereikt uit het Tilburg University Scholarship Programme (TUSP), bestaande uit een korting op het collegegeld tot instellingstarief en een bijdrage ten behoeve van het levensonderhoud van € 5.000 per jaar. De beurzen zijn toegekend aan excellente studenten uit verschillende landen die instroomden in één van de master-programma’s van de UvT. Daarnaast hebben de faculteiten in 71


2008/2009 meerdere facultaire beurzen verstrekt aan getalenteerde studenten. Steeds meer inkomende studenten ontvangen een beurs van externe beursverstrekkers zoals Huygens Scholarship programme, Fundacion Beca en Colfuturo (Zuid-Amerika) en Stuned (IndonesiĂŤ). Alle studenten die een beurs ontvangen worden in september aan het begin van het collegejaar officieel door de rector magnificus tijdens een lunchbijeenkomst welkom geheten.

International Campus Het project Towards an International Campus is in 2009 succesvol afgerond, een vervolgproject is in voorbereiding. Doel van het project is dat internationale studenten en medewerkers zich welkom en thuis voelen op de UvT. Het project is gestart in 2006 en sindsdien heeft ruim 50% van de medewerkers een English Language Assessment afgelegd en op basis daarvan heeft een deel een cursus Engels gevolgd. Voor studenten is in 2009 ook een English Language Assessment ontwikkeld, deze kan door studenten afgenomen worden als voorbereiding op instroom in een Engeltalige masteropleiding. Van de mogelijkheid om Nederlands te leren hebben meer internationale studenten dan verwacht gebruik gemaakt. Het aantal studenten dat een cursus Nederlands volgt reikt boven de honderd per jaar. Enkele honderden studenten hebben jaarlijks een workshop Effectief communiceren in een interculturele setting gevolgd. De workshop is voor uitgaande uitwisselingsstudenten inmiddels verplicht. De workshop is verder aangeboden aan studenten van de bacheloropleiding Liberal Arts en aan groepen medewerkers die voor het werk regelmatig in een interculturele setting functioneren. Het gaat niet alleen om docenten maar ook om sportdocenten, surveillanten, personeelsmedewerkers en internationaliseringsmedewerkers. Vanaf 2010 worden nieuwe initiatieven op het terrein van versterking van de international campus ingezet.

International Student Barometer Sinds 2007 wordt onder de internationale studentenpopulatie twee keer per jaar een uitgebreid tevredenheidsonderzoek afgenomen. Dit instrument zorgt enerzijds voor meting van de kwaliteit van de universiteit op onderwijs, leeromgeving en voorzieningen. Op basis van de uitkomst worden door faculteiten en diensten maatregelingen ter verbetering ondernomen. In 2009 bleek dat studenten vooral tevreden zijn over de ICT-voorzieningen, toegang tot internet, expertise van docenten, studeerplekken, visumondersteuning en ontvangst en welkom bij aankomst. Op basis van de uitkomsten werkt de UvT vooral aan verbetering van de kwaliteit en kosten van huisvesting voor internationale studenten, de mogelijkheden voor internationale studenten om in het kader van de studie werkervaring op te doen, om stage te lopen en om bij te verdienen.

Naast de zomercursussen was voorzien in een sociaal programma om de studenten elkaar, de universiteit en de stad Tilburg en omstreken beter te leren kennen. Onder leiding van vrijwillige student-mentoren namen de studenten deel aan de Tilburg City Quiz, die plaatsvond op de eerste zaterdag van de Tilburgse Kermis en dus direct voor een feestelijk stadsonthaal zorgde. Met de speciale Summer School Sports Card kon onbeperkt gesport worden in het sportcentrum van de universiteit en op de woensdagavonden werden de Muzenconcerten bezocht in de tuin van de universiteit. Iedere vrijdagavond stond een Movie Night met Nederlands- en Engelstalige films op het programma. Excursies op de woensdagmiddagen gingen naar Brouwerij Koningshoeven, Museum de Pont, de Loonse en Drunense duinen en Den Bosch. Op zaterdagen werden een citytrip naar Amsterdam, een roeiclinic met Vidar en een bezoekje naar de Efteling georganiseerd. Op 14 augustus werd de Tilburg University Summer School feestelijk afgesloten met een Farewell Barbecue. De cursussen zijn door studenten goed geĂŤvalueerd. De groep bestond uit zittende (internationale) studenten en voor een groot deel uit studenten die speciaal voor deze cursussen naar Tilburg zijn gekomen. Vanaf zomer 2010 wordt het aanbod uitgebreid met vakken van alle faculteiten. Internationale uitwisseling van studenten

Uitgaande studenten FEB FRW FSW FGW FKT Stage (Erasmus) Totaal

2006-2007 179 25 65 6 275

2007-2008 155 34 45 8 242

2008-2009 127 45 46 13 1 1 233

2009-2010 128 60 39 13 2 2 244

2006-2007 165 56 43 10 37 311

2007-2008 170 75 65 6 39 355

2008-2009 154 51 60 6 63 334

2009-2010 175 65 72 6 2 62 382

Inkomende studenten FEB FRW FSW FGW FKT Universiteits-breed Totaal

Tilburg University Summer School 2009 Meer dan honderd studenten uit vijftien verschillende landen hebben van 17 juli tot 14 augustus de Tilburg University Summer School gevolgd. De academische zomercursussen die zijn aangeboden zijn: Dutch for Exchange students, English for Academic Purposes, Nederlands voor Duitstaligen en Methoden en Technieken van Onderzoek. 72

73


Personeel Soorten beurzen

Algemeen

Uitgaande studenten

Stand van zaken per 31 december 2009: aantal medewerkers in personen en fte onderverdeeld naar geslacht.

Programma 2006/2007 2007/2008 2008/2009 2009/2010 Erasmus 136 118 121 130 Bilateraal facultair 72 62 53 66 Universiteitsbreed 46 44 49 36 ISEP 9 9 7 6 Erasmus-stage * 3 8 1 2 Venice IntUniversity 7 1 2 4 Totaal 275 242 233 244 * tot 2008/2009 inclusief overige buitenlandverblijven; deze zijn vanaf 2008/2009 onder bilateraal facultair opgenomen.

2007 man 980 778,0

Personen Fteâ&#x20AC;&#x2122;s

vrouw 926 658,5

2008 totaal man 1906 1086 1436,5 856,2

vrouw 1004 722,9

2009 totaal man 2090 1141 1579,1 897,0

vrouw 1093 794,7

totaal 2234 1691,7

De gemiddelde omvang van een dienstverband van een universiteitsmedewerker is 0,76. Dat betekent dat de gemiddelde medewerker ongeveer 29 uur per week werkt. Vrouwen werken gemiddeld 27,6 uur. Mannen werken gemiddeld iets meer (29,9 uur).

Ontwikkeling personeelsformatie in fte Inkomende studenten Programma Erasmus Bilateraal facultair Universiteitsbreed ISEP Free mover Diversen Totaal

2006/2007 184 71 34 3 11 8 311

2007/2008 213 96 34 5 7 355

2008/2009 207 62 52 11 2 334

2009/2010 246 72 48 14 2 382

500,0 450,0 400,0 350,0 300,0 250,0 200,0 150,0 100,0 50,0 0,0

Diensten FEB FRW FSW FCC FWW FKT IBG FGW

2003

2004

2005

2006 2007

2008

2009

De universiteit is in het afgelopen jaar in omvang gegroeid (+ 7,1%). FEB (+15%) en FSW (+14,4%) zijn in het afgelopen jaar van alle faculteiten het hardst gegroeid.

74

75


Aantal medewerkers per faculteit en de diensten

WP, OBP en totaal in fte naar geslacht

600 500 400 vrouw

300

man

200 100

n te D

ie

ns

T FK

FG W

W FS

W FR

FE B

0

FEB is de faculteit die de meeste medewerkers in dienst heeft. Bij FEB werken 36% vrouwen. FSW is de faculteit waar naar verhouding de meeste vrouwen werkzaam zijn, namelijk 60%. Binnen de UvT is de verdeling man/vrouw nagenoeg gelijk: 51% mannen en 49% vrouwen.

Ontwikkeling personeelsbestand in fte en personele lasten In onderstaande tabel wordt het overzicht van het personeelsbudget en het aanwezige personeelsbestand in fte weergegeven. 2006 2007 2008 2009 Personeelsbestand UvT (in fte’s) 1.362 1437 1579 1692 Wetenschappelijk personeel 794 (58%) 842 (59%) 931 (59%) 992 (59%) Ondersteunend beheerspersoneel 568 (42%) 595 (41%) 648 (41%) 700 (41%) Totaal personele lasten (in m�) 103 103 115 128

Onderverdeling naar functies en geslacht De volgende tabellen geven een beeld van de aantallen WP en OBP medewerkers in fte per faculteit en dienst onderverdeeld naar mannen en vrouwen. Tevens wordt in de volgende tabellen het wetenschappelijk personeel nader uitgesplitst naar functiecategorieën.

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

M 246,5 123,1 115,9 85,7 28,4 5,1 604,7

V 80,1 111,7 147,8 36,3 5,3 5,9 387,1

WP totaal 326,6 234,8 263,7 122,0 33,7 11,0 991,8

M 27,2 13,9 20,4 14,4 3,0 213,4 292,3

V 89,8 51,6 41,6 32,7 3,2 188,7 407,6

OBP totaal 117,0 65,5 62,0 47,1 6,2 402,1 699,9

M 273,7 137,0 136,3 100,1 31,4 218,5 897,0

V 169,9 163,3 189,4 69,0 8,5 194,6 794,7

Totaal totaal 443,6 300,3 325,7 169,1 39,9 413,1 1691,7

% WP 74% 78% 81% 72% 84% 3% 59%

In de laatste kolom is het percentage wetenschappelijk personeel opgenomen ten opzichte van het totaal aantal medewerkers (in fte). Van de faculteiten heeft FKT het hoogste percentage wetenschappers. Zij betrekken veel diensten van FGW, zo is met de totstandkoming van de FKT besloten. Daarom heeft FGW ook procentueel iets minder wetenschappers: omdat zij ook de ondersteuning verrichten voor FKT. Bij FGW en FKT samen is het aandeel wetenschappers 74%. Van de drie grote faculteiten heeft FSW het hoogste percentage wetenschappers (81%) in dienst.

Wetenschappelijke functies hoogleraar, UHD en UD, in fte naar geslacht In de onderstaande grafiek wordt weergegeven hoe de ontwikkeling is van de functies hoogleraar, UHD en UD in fte’s weergegeven. Ook is gekeken naar de onderverdeling man/vrouw in fte’s. Opvallend is vooral de stijging van het aantal (mannelijke) hoogleraren in de afgelopen periode, van 110 fte in 2005 (het laagste punt) naar 164 fte in 2009. De organisatie-opbouw bij mannen is een omgekeerde piramide, waarbij echter wel sprake is van een sterkere toename van het aantal UD’s. Bij de vrouwen is dit juist omgekeerd: weinig hoogleraren, iets meer UHD’s en nog meer UD’s. Bij de vrouwen is sprake van een licht stijgend aantal, waarbij ook het aantal UD’s sterker toeneemt.

180 160 140 120

Hoogleraar m

100

Hoogleraar v

80

UHD m

60

UHD v

40

UD m

20

UD v

0

2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009

76

77


Promovendus en overig wetenschappelijk personeel in fte naar geslacht In de volgende grafiek worden de ontwikkelingen in de functies promovendus en overig wp geschetst. Overig wetenschappelijk personeel zijn onder andere docenten en onderzoekers. Te zien is dat vooral het aantal promovendi in het afgelopen jaar behoorlijk gestegen is. Niet alle faculteiten hebben echter te maken met een verhoogde instroom van promovendi.

dienstverband aangeboden. Bij goed functioneren wordt dit dienstverband omgezet in een dienstverband voor onbepaalde tijd. Daarnaast wordt er binnen de diensten een aantal projecten uitgevoerd, die met name worden uitgevoerd door personeelsleden met een tijdelijk dienstverband.

Ontwikkeling WP in tijdelijke dienst (m.u.v. promovendi en student-assistenten) in fte (per 31 december 2009) Als promovendi en student-assistenten buiten beschouwing worden gelaten, twee groepen die per definitie een tijdelijk contract hebben, dan had op 31 december 2009 20,4 procent van het wetenschappelijk personeel een tijdelijk contract. De functies van UD (tenure track), docent en onderzoeker zijn de grootste groepen. Het aantal hoogleraren en UHDâ&#x20AC;&#x2122;s met een taak voor bepaalde tijd is beperkt.

180 160 140 120

promovendus m

100

promovendus v

80

Overig wp m

60

Overig wp v

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

40 20 0

2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009

Tijdelijk personeel De ontwikkeling van tijdelijk personeel in dienst van de universiteit, in verhouding tot het totale personeelsbestand (onderverdeeld naar mannen en vrouwen) wordt weergegeven in de volgende tabellen. Vooral de faculteiten hebben met hun promovendi en student-assistenten veel tijdelijk personeel in dienst.

Ontwikkeling tijdelijk personeel in % van het personeelsbestand naar geslacht (per 31 december 2009)

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

2007 man 46,8 44,8 38,2 30,9 9,4 14,9 33,7

vrouw 52,1 57,7 68,7 38,4 46,0 15,0 45,0

totaal 48,7 51,7 54,8 34,1 17,0 15,0 38,9

2008 man 48,1 46,6 44,7 35,4 7,8 16,8 36,6

vrouw 50,6 61,1 73,4 41,3 48,0 17,7 48,3

totaal 49,0 54,4 60,4 37,9 15,4 17,2 41,9

2009 man 50,7 48,3 46,1 37,4 14,6 17,6 38,8

vrouw 55,4 57,5 74,2 43,3 54,1 17,2 49,9

totaal 52,5 53,3 62,5 39,8 23,1 17,4 44,0

2007 man 48,3 28,3 17,9 8,8 1,2 0,8 105,2

vrouw 23,0 31,2 32,5 3,5 1,9 1,6 93,6

totaal 71,3 59,5 50,3 12,3 3,1 2,4 198,8

2008 Man 48,1 33,8 27,4 7,5 1,5 0,7 118,9

vrouw 24,4 42,3 38,2 4,5 1,0 0,7 111,1

totaal 72,5 76,1 65,2 12,0 2,5 1,4 229,9

2009 Man 59,3 38,9 31,9 11,2 3,5 0,7 145,3

vrouw 29,2 31,3 50,4 5,2 0,6 0,7 117,4

totaal 88,5 70,2 82,3 16,4 4,1 1,4 262,8

Ontwikkeling promovendi in fte (per 31 december) Het aantal promovendi is ook het afgelopen jaar gestegen. De Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen is een van de grote stijgers; zij streven er naar de jaarlijkse instroom van promovendi te verdubbelen van 20 naar 40 per jaar. Bij de Faculteit Sociale Wetenschappen is ook een grote instroom te zien. Als reden wordt genoemd dat er vooral veel 2e en 3e geldstroompromovendi binnen komen. De promovendi die op basis van eerste geldstroom worden binnengehaald is al een aantal jaren hetzelfde.

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

2007 man 48,6 16,9 21,8 12,7 1,8 0 101,8

vrouw 25,8 33,2 43,5 16,6 1,8 0,3 121,2

totaal 74,4 50,1 65,3 29,3 3,6 0,3 223,0

2008 man 62,3 19,4 24,0 18,9 0,8 0,0 125,4

vrouw 31,4 32,1 56,7 18,4 2,4 0,3 141,3

totaal 93,7 51,5 80,7 37,3 3,2 0,3 266,7

2009 Man 70,6 19,9 22,4 20,5 0,8 0,0 134,2

vrouw 36,8 35,5 66,1 16,2 1,5 0,3 156,4

totaal 107,4 55,4 88,5 36,7 2,3 0,3 290,6

Het totaal aantal medewerkers in tijdelijke dienst is ten opzichte van de vorige jaren iets toegenomen. Door een grotere omvang van door tweede en derde geldstroom gefinancierd onderzoek is de behoefte aan tijdelijke onderzoekers groter. Binnen het OBP krijgen nieuwe personeelsleden het eerste jaar een tijdelijk 78

79


Ontwikkeling student-assistenten in fte (per 31 december)

Leeftijdsopbouw WP/OBP onderverdeeld naar geslacht in procenten

Student-assistenten verrichten werkzaamheden ter ondersteuning van het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. In deze tabel staan dus niet de werkstudenten weergegeven. Dit zijn studenten die ondersteunende werkzaamheden verrichten ten aanzien van het bestuur en beheer van de universiteit, bijvoorbeeld ten behoeve van voorlichting, of studenten die boeken terugplaatsen in de bibliotheek of werken op een IT helpdesk. In deze tabel staan alleen de student-assistenten die een arbeidsovereenkomst hebben met de universiteit. Omdat FEB de student-assistenten aanstelt via KCS, zijn hiervan geen cijfers opgenomen in deze tabel. Het totaal aantal student-assistenten is ten opzichte van vorig jaar licht gestegen. 2007 man 5,5 2,7 1,3 0,1 0,0 9,6

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

vrouw 11,8 10,4 1,2 0,3 0,3 23,9

totaal 17,3 13,0 2,5 0,4 0,3 33,5

2008 man 7,4 3,5 0,9 0,2 0,0 12,0

vrouw 10,3 10,4 2,7 0,2 0,0 23,6

totaal 17,7 13,9 3,6 0,4 0,0 35,5

2009 Man 5,3 5,0 0,7 0,3 0,0 11,3

100% 80%

60+> 50-59

60%

40-49

40%

30-39 <30

20% 0%

vrouw 0,2 11,9 12,0 1,8 0,5 0,0 26,4

totaal 0,2 17,2 17,0 2,5 0,8 0,0 37,7

man

vrouw

WP

man

vrouw

OBP

Het aandeel jonge vrouwen in de wetenschap blijft onverminderd hoog. Ruim 70% van de vrouwelijke wetenschappers is jonger dan 40 jaar. Bij de ondersteunende functies is te zien dat iets meer dan 45% van de mannen ouder is dan vijftig jaar. Bij de twee andere categorieĂŤn (WP mannen en OBP vrouwen) is een wat gelijkmatiger spreiding over de verschillende leeftijdsklassen te zien.

Ontwikkeling leeftijdopbouw

Voltijd en deeltijd personeel

In de ontwikkeling van de leeftijdsopbouw door de jaren heen is te zien dat de verdeling over de leeftijdsklassen redelijk gelijk blijft.

Voltijd en deeltijd personeel naar geslacht in personen 800 700

Ontwikkeling leeftijdopbouw in procenten

600

100%

500

90%

400

80%

300

70% 60%

60+>

200

50-59

100

50%

40-49

40%

30-39

30%

<30

voltijd deeltijd

0 man

vrouw

20% 10% 0%

2004

80

2005

2006

2007

2008

2009

Ruim een derde deel van de mannelijke medewerkers heeft een deeltijdaanstelling, en werkt dus minder dan gemiddeld 38 werkuren per week. Bij de vrouwen heeft ongeveer twee derde deel van de medewerkers een deeltijdaanstelling. 81


Salarisschalen

Uitstroom in personen naar faculteiten en diensten

Salarisopbouw per functiecategorie en geslacht in personen (per 31 december)

schaal 1 t/m 5 schaal 6 t/m 9 schaal 10 t/m 12 schaal 13 en 14 schaal 15 en 16 schaal 17 en hoger TOTAAL

WP man 1 188 238 109 112 97 745

vrouw 0 270 202 32 17 7 528

OBP man 83 148 140 15 8 2 396

totaal 1 458 440 141 129 104 1273

vrouw 55 348 152 9 1 0 565

totaal man 84 336 378 124 120 99 1141

totaal 138 496 292 24 9 2 961

vrouw 55 618 354 41 18 7 1093

totaal 139 954 732 165 138 106 2234

Ontwikkeling ziekteverzuim < 1 jaar (in percentages) Ziekteverzuimpercentage Meldingsfrequentie Gemiddelde verzuimduur (in dagen)

2005 3,5

2006 3,2

2007 2,9

2008 2,5

2009 2,5

1,07 16

0,97 15

0,98 14

0,92 11

0,93 11

Het verzuimcijfer voor de gehele UvT is tussen 2005 en 2009 gedaald van 3,5% naar 2,5%. Verzuim heeft constant de aandacht van het management, niet alleen door gerichte verzuimbegeleidingcursussen voor leidinggevenden, maar ook door regelmatig overleg tussen leidinggevende, personeelsfunctionaris en bedrijfsarts.

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

2008 81 (17%) 149 (34%) 115 (30%) 57 (26%) 7 (13%) 100 (19%) 506 (24%)

2009 70 (13%) 146 (34%) 108 (24%) 71 (31%) 12 (21%) 93 (16%) 500 (22%)

KCS en uitzendbureaus Door de universiteit wordt gebruik gemaakt van KCS en van uitzendbureaus voor de inhuur van personeel. De precieze omvang daarvan in fte’s is moeilijk te bepalen, omdat deze niet in het personele informatiesysteem worden bijgehouden. Wel is de omvang in geld uit te drukken, en te relateren aan de totale personele lasten. In de volgende tabel worden deze cijfers gepresenteerd over de afgelopen vijf jaar.

Inhuur van derden in K€, en als % van de totale personele lasten KCS 2005 1.244 (1,3%) 2006 1.230 (1,2%) 2007 2.012 (1,9%) 2008 1.972 (1,7%) 2009 2.574 (2,0%)

Voor de berekening van de in- en uitstroomcijfers worden vanaf 2008 gegevens uit de stuurkaart Personeel gebruikt. De instroomcijfers van dit jaar worden tevens als percentage uitgedrukt ten aanzien van de totale groep op 31 december 2009

Instroom in personen naar faculteiten en diensten

82

2007 61 138 109 76 16 90 483

Uitzendbureaus 1.249 (1,3%) 1.080 (1,0%) 992 (1,0%) 1.513 (1,3%) 1.642 (1,3%)

Inhuur via KCS in fte en personen (tussen haakjes) per faculteit en diensten onderverdeeld naar functiecategorie

Instroom en uitstroom

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

2006 73 114 86 108 4 109 491

2006 62 137 115 118 71 86 564

2007 110 151 148 60 11 115 593

2008 118 (25%) 185 (43%) 153 (39%) 73 (33%) 6 (11%) 121 (23%) 660 (32%)

2009 132 (25%) 159 (37%) 171 (38%) 69 (30%) 14 (25%) 131 (23%) 676 (30%)

FEB FRW FSW FGW FKT Diensten TOTAAL

WP (excl AIO’s) 1,6 (8) 0,6 (2) 0,6 (6) 1,1 (7) 0,7 (2) 0,2 (2) 4,8 (27)

OBP 7,1 (63) 3,8 (34) 2,7 (27) 1,4 (7) 0,4 (3) 21,6 (21) 37,0 (196)

Student assistenten 15,1 (205) 2,1 (9) 0,2 (8) 0,2 (2) 0(0) 0(0) 17,6 (224)

AIO’s

TOTAAL

0 (0) 0 (0) 0 (0) 0 (0) 0 (0) 0 (0) 0 (0)

23,8 (276) 6,5 (45) 3,5 (41) 2,7 (16) 1,1 (5) 21,8 (64) 59,4 (447)

Van de student-assistenten hebben er 205 een aanstelling bij FEB. De grootte en lengte van de aanstelling varieert: van 0,05 fte tot fulltime, en van twee weken tot meer dan een jaar. Onder het OBP zijn in 2009 102 surveillanten opgenomen die samen 12,9 fte vertegenwoordigen.

83


Jaarrekening Kengetallen 1)

Algemene toelichting op de geconsolideerde jaarrekening

Jaren Studenten

2006

2007

2008

2009

Inleiding eerstejaars (WO/I) ingeschrevenen initiële opleidingen ingeschrevenen postdoctorale opleidingen 2) ingeschrevenen TiasNimbas Business School

2825 11399 295

2771 11326 275

3083 11900 270

3522 12678 236

2186

2352

2112

2408

doctoraal diploma’s 4) postdoctoraal diploma’s bachelor diploma’s 4) master diploma’s 4)

1.693 68 1.195 674

250 58 1.733 1.713

145 72 1.474 1.704

7 57 1.373 1.868

promoties wetenschappelijke publicaties

92 1.719

83 1.798

85 1.940

85 1.851

rijksbijdragen (in m€) college- en examengelden (in m€) overige baten (in m€) exploitatie resultaat (in m€)

83 17 50 9,5

92 17 61 19,3

117 17 68 21,1

108 19 70 3,8

eigen vermogen (in m€) vreemd vermogen (in m€)

98 96

117 108

138 114

142 121

liquide middelen (in m€) netto werkkapitaal (in m€) current ratio current ratio alle universiteiten solvabiliteit solvabiliteit alle universiteiten

63 29 1,5 0,9 0,5 0,6

86 44 1,7 0,9 0,5 0,6

111 66 1,9 0,9 0,6 0,6

104 64 1,8 pm 0,5 pm

1.362 138 794 706 103

1.438 151 843 746 119

1.579 167 931 815 130

1.746 168 993 921 143

4)

Onderwijs

Onderzoek

Exploitatie

Deze geconsolideerde jaarrekening betreft de financiële verslaglegging 2009 van de Universiteit van Tilburg. Daarin zijn opgenomen de deelnemingen TiasNimbas Business School en UvT Holding (waaronder KCS B.V.), en de gelieerde instituten Stichting IVA, Vermogensstichting IVA, Stichting IVO en Universiteitsfonds Tilburg. Hierna volgt een korte analyse op hoofdlijnen, waarin zowel exploitatie als financiële kengetallen aan bod komen.

Financiële exploitatie 2009 Het uiteindelijke exploitatieresultaat 2009 ligt boven de begroting maar is wel aanzienlijk lager dan in de jaarrekening 2008. Bij de vergelijking van de baten en de lasten tussen begroting en jaarrekening moet rekening worden gehouden met de verwerking van de post inkomensoverdrachten voor een bedrag van ruim m€ 6. Dit is in de jaarrekening (conform de nieuwe Richtlijn RJ660) in mindering gebracht op de post rijksbijdragen OCW. Deze post is in de begroting (conform oude richtlijn) verantwoord onder de lasten, waardoor de lasten in 2009 nagenoeg uit zouden komen op het niveau op de begroting. Met een exploitatieresultaat van m€ 3,8 op een exploitatielast van m€ 190 is de verhouding tussen de baten en de lasten in 2009 redelijk in evenwicht gebracht.

Vermogen

Liquiditeit

Personeel personeelsbestand UvT 3) personeelsbestand verbonden partijen - wetenschappelijk personeel - ondersteunend beheerspersoneel totale personeelslasten (in m€)

De cijfers inclusief de gegevens van de deelnemingen en verbonden partijen. Exclusief TiasNimbas Business School. 3) Fte’s op basis van Wopi-cijfers (peildatum 31/12). 4) De definitie van wetenschappelijke publikatie is aangepast waardoor voor 2005 t/m 2007 de aantallen zijn gewijzigd. 1)

2)

84

85


Ontwikkeling financiële kengetallen

De geconsolideerde exploitatie ziet er verkort als volgt uit: Geconsolideerde exploitatierekening 2009

Begroting 2009

101.530.822 18.887.015 55.728.720 13.999.019 190.145.576

103.791.000 16.800.000 53.629.000 15.491.000 189.711.000

143.161.172 7.695.879 9.454.856 30.047.980 190.359.887

139.855.000 8.636.632 10.364.170 36.467.198 195.323.000

-214.311

-5.612.000

Saldo financiële baten en lasten

4.162.083

2.014.000

Belastingresultaat uit gewone bedrijfsvoering Aandeel derden Exploitatieresultaat

97.339 -50.567 3.799.866

-3.598.000

Baten Rijksbijdragen OCW Collegegelden Baten werk i.o.v. derden Overige baten Totaal baten Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totaal lasten Saldo baten en lasten

Het exploitatieresultaat als percentage van het eigen vermogen per ultimo voorgaand jaar komt voor 2009 uit op 2,7%. Dit is aanzienlijk lager dan in 2008 toen dit percentage op 17,9 uitkwam. Het positieve exploitatieresultaat is toegevoegd aan het eigen vermogen. In de volgende tabel zijn enkele financiële kengetallen opgenomen: Financiële kengetallen liquide middelen (in m€) netto werkkapitaal (in m€) current ratio current ratio alle universiteiten solvabiliteit solvabiliteit alle universiteiten

2006 63 29 1,5 0,9 0,5 0,6

2007 86 44 1,7 0,9 0,5 0,6

2008 111 66 1,9 0,9 0,6 0,6

2009 104 64 1,8 pm 0,5 pm

Door de afname van de liquide middelen is de current ratio iets gedaald (1,8). Daarmee is de UvT zeer liquide. De solvabiliteit is in 2009 teruggekomen op het niveau van voor 2008 (0,5). Een universiteit met een solvabiliteit tussen 0,5 en 0,6 wordt door OCW financieel gezond beschouwd. Voor 2010 verwacht de UvT een financieel verlies van ruim m€ 7. Daarbij is uitgegaan van een lagere rijksbijdrage en hogere baten werk in opdracht van derden in combinatie met hogere lasten. Deze ontwikkeling alsmede de plannen voor enkele grote huisvestingsprojecten (nieuwbouw en renovatie) zullen in de toekomst een neerwaarts effect hebben op de financiële kengetallen.

Treasurybeleid Baten en lasten Rekening houdend met de saldering in de jaarrekening van de inkomensoverdrachten van ruim m€ 6 met de rijksbijdragen OCW is de rijksbijdrage iets hoger dan begroot. Het verschil wordt met name veroorzaakt door nominale loon- en prijsbijstellingen. De baten in opdracht van derden zijn zowel in vergelijking met de begroting, alsook ten opzichte van 2008 iets gestegen. De toename wordt vooral veroorzaakt door contractonderwijs. TiasNimbas Business School BV, Stichting IVA en UvT Holding BV hebben in 2009 winst gemaakt. De omzet van TiasNimbas Business School BV en Stichting IVA is gestegen. De personele lasten zijn iets hoger uitgevallen dan begroot als gevolg van de toepassing van de CAO afspraken in 2009. De post afschrijvingen is iets lager uitgevallen als gevolg van vertraging van enkele huisvestingsprojecten. De huisvestingslasten zijn nagenoeg op het niveau van de begroting uitgekomen. Hetzelfde geldt voor de overige lasten als rekening wordt gehouden met de saldering van de inkomensoverdrachten. Het saldo financiële baten en lasten is hoger uitgevallen dan begroot. In de paragraaf Treasurybeleid is een toelichting op de onderscheiden posten opgenomen. 86

Grondslag voor het beleid zijn de (meer) jaren begroting en het Taken Middelen Plan van de Universiteit. Dit, naast historische informatie, vormt de basis voor de liquiditeits- en kasstroomprognoses voor de komende vier jaar. Daarnaast wordt volledig aangesloten bij de Regeling Beleggen en Belenen door instellingen voor onderwijs en onderzoek. Op grond van deze uitgangspunten worden de volgende beleggingen gerealiseerd. Een beleggingsportefeuille die ultimo 2009 (nog) bestaat uit aandelenfondsen en obligaties. De aandelenfondsen die in het verleden werden aangeschaft, zijn in januari 2010 verkocht. Bij de obligaties wordt gekozen voor aanschaffingen die voldoen aan de rendementsdoelstelling en aan de Regeling Beleggen en Belenen. Het overgrote deel van de te beleggen tijdelijk overtollige liquiditeiten wordt op deposito geplaatst voor de duur van 3 maanden tot maximaal 2 jaar. Door de kredietcrisis is, bijvoorbeeld het een-maands euribor in 2009 teruggelopen van 1,76% (januari) naar 0,46% (december). Parallel hieraan heeft de depositorente zich ontwikkeld, Dit betekende dat nieuw te plaatsen deposito’s in 2009 tegen aanzienlijk lagere tarieven konden worden geplaatst. Door het plaatsen van lange deposito’s in 2008 kon echter optimaal geprofiteerd worden van een toen geldende hoge deposi87


Waarderingsgrondslagen voor activa en passiva

torente die ook nog doorwerkt in de resultaten van 2009 en voor een deel ook nog in de resultaten van 2010. Om de neergang van de depositorente deels op te vangen is de obligatieportefeuille uitgebreid met aankopen die voor de korte- tot middellange termijn een effectief rendement genereren dat ruimschoots boven de huidige- en op korte termijn te verwachten depositorente zit.

Algemeen De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, die uitgegeven is door de Raad voor de Jaarverslaggeving. Deze bepalingen zijn van toepassing op grond van de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. De jaarrekening is opgesteld in euro’s.

In verband met jaarrekening- en waarderingsvoorschriften moeten de koersen per ultimo voor de balans tegen de werkelijke waarde worden gewaardeerd. Dit betekent een introductie van een herwaarderingsreserve effecten. Dit heeft weer tot gevolg dat de effecten voor de exploitatierekening in verband met (ongerealiseerde) koersresultaten en dus beleggingsopbrengsten op andere momenten in de tijd zullen worden gerealiseerd. Voor 2009 heeft zich voor de aandelenfondsen een aanzienlijk koersherstel voorgedaan en is verwerkt in de exploitatierekening. Gezien de verkoop van deze fondsen in januari 2010 zijn deze niet meer in de herwaarderingsreserve opgenomen. Deze herwaarderingsreserve zal in het vervolg alleen bestaan uit koersfluctuaties van obligaties.

Activa en passiva (met uitzondering van het groepsvermogen) worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld, vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de staat van baten en lasten en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting.

Grondslagen voor de consolidatie Verbonden partijen waarbij sprake is van een meerderheidsbelang dan wel van beslissende zeggenschap, zijn geconsolideerd in de geconsolideerde jaarrekening. Indien sprake is van een meerderheidsbelang van minder dan 100% dan is separaat een aandeel derden opgenomen.

Het herstel na de kredietcrisis gaat traag. De verwachting is dan ook voor 2010 en 2011 een lagere beleggingsopbrengst dan in 2009. Helderheidsaspecten • Deelname eigen personeel aan opleidingen: In totaal hebben in 2009 164 medewerkers ingeschreven gestaan voor het volgen van onderwijs aan de eigen instelling. Betrokkenen hebben zelf hun collegegeldverplichting voldaan.

• • •

• Aanwenden Rijksbijdrage voor private activiteiten: De UvT heeft in 2009 geen Rijksbijdrage aangewend voor de uitvoering van private activiteiten. • • Uitbesteding (delen van) Croho-geregistreerde opleidingen: De UvT besteedde in 2009 geen (delen van) geregistreerde opleidingen uit aan private organisaties en andere instellingen. • Maatwerktrajecten voor bedrijven of organisaties: De UvT organiseerde in 2009 één maatwerktraject voor KPMG Meijburg & Co, Baker & McKenzie, Loyens & Loeff, Ministerie van Financiën / Belastingdienst, PriceWaterhouseCoopers en Ernst & Young ten behoeve van 45 studenten.

• •

In de consolidatie zijn de volgende partijen betrokken: Universiteit van Tilburg (UvT) UvT Holding B.V. o KUB Career Services B.V. TiasNimbas Business School B.V. o TIAS Business School Eindhoven B.V. o Nimbas Business School Stichting Instituut voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek (IVA) o Stichting Stimuleringsinstituut voor sociaal-wetenschappelijk onderzoek Stichting Instituut voor ontwikkelingsvraagstukken (IVO) Universiteitsfonds Tilburg Vanaf 2009 maakt het Universiteitsfonds Tilburg onderdeel uit van de consolidatiekring.

Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode.

Immateriële vaste activa Goodwill De goodwill is gewaardeerd tegen historische kostprijs verminderd met afschrijvingen. De goodwill wordt lineair afgeschreven over een periode van 10 jaar en 20 jaar.

88

89


Materiële vaste activa

Vorderingen

Gebouwen en terreinen De terreinen zijn gewaardeerd tegen de aanschafwaarde en worden niet afgeschreven. De gebouwen inclusief vaste installaties, alsmede de inrichting van terreinen zijn gewaardeerd tegen de aanschafwaarde verminderd met afschrijvingen. De afschrijvingen zijn lineair en gebaseerd op de aanschafwaarde en verwachte bedrijfseconomische levensduur. De bouwrente als gevolg van investeringen wordt geactiveerd, voorzover sprake is van financiering met vreemd vermogen.

De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien nodig wordt een voorziening voor oninbaarheid getroffen.

Apparatuur en inventarisgoederen Apparatuur en inventaris zijn geactiveerd voor zover de aanschafwaarde per activum groter is dan € 11.500. Geactiveerde apparatuur en inventaris zijn gewaardeerd tegen de aanschafwaarde verminderd met afschrijvingen. De afschrijvingen zijn lineair en gebaseerd op de aanschafwaarde en verwachte bedrijfseconomische levensduur.

De bestemmingsreserves zijn reserves met een beperktere bestedingsmogelijkheid, welke door het bestuur is aangebracht,

Technische vervangingen Technische vervangingen worden niet geactiveerd, maar in de exploitatie verantwoord.

Financiële vaste activa Deelnemingen Deelnemingen zijn gewaardeerd tegen de netto vermogenswaarde. Effecten Effecten worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Vervolgens worden de onder financiële vaste activa opgenomen effecten gewaardeerd tegen reële waarde. Waardevermeerderingen van deze effecten worden rechtstreeks verwerkt in de herwaarderingsreserve. Op het moment dat de desbetreffende effecten niet langer in de balans worden verwerkt, wordt de cumulatieve waardevermeerdering in het eigen vermogen verwerkt in de winst- en verliesrekening. Indien van een individueel effect de reële waarde onder de (geamortiseerde) kostprijs komt, wordt de waardevermindering verwerkt ten laste van de winst-en-verliesrekening. Voor rentedragende financiële activa vindt verwerking van de rentebaten plaats tegen de effectieve-rentemethode.

Voorraden

Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit algemene reserves en bestemmingsreserves en/of -fondsen. Hierin is tevens een segmentatie opgenomen naar publieke en private middelen.

Algemene reserve gebouwen Deze reserve is ontstaan uit het saldo eigen vermogen in materiële vaste activa in het kader van de Integrale Verantwoordelijkheid Huisvesting (IVH)-operatie per 1 januari 1995. De reserve muteert als gevolg van desinvesteringen. Algemene reserves Dit zijn de vrij besteedbare middelen op balansdatum van de exploitatiesaldi tot en met het verslagjaar. Bestemde reserves Dit zijn de reeds bestemde middelen op balansdatum van de exploitatiesaldi tot en met het verslagjaar. Herwaarderingsreserve Indien herwaarderingen in de herwaarderingsreserve zijn verwerkt, worden de gerealiseerde herwaarderingen ten gunste van de winst-en-verliesrekening gebracht.

Voorzieningen Wachtgelden De wachtgeldvoorziening is gebaseerd op de per balansdatum afgegeven beschikkingen in het kader van wachtgeld en (bovenwettelijke) WW-uitkeringen. De voorziening is bepaald op 75% van de berekende maximale verplichtingen. Uitzondering hierop vormen de beschikkingen van vóór 1991, die voor 100% zijn voorzien. Betaalde uitkeringen worden aan de voorziening onttrokken.

De voorraden zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs. Onderhanden projecten in opdracht van derden worden gewaardeerd tegen de gerealiseerde projectopbrengsten (bestaande uit de gerealiseerde projectkosten. Zie hiervoor de grondslag in paragraaf 3.2). Indien van toepassing, worden de verwerkte verliezen en reeds gedeclareerde termijnen hierop in mindering gebracht. Onderhanden projecten waarvan de gefactureerde termijnen hoger zijn dan de gerealiseerde projectopbrengsten worden gepresenteerd onder de kortlopende schulden.

90

Jubilea Deze voorziening is gevormd in verband met de verplichtingen die samenhangen met toekomstige 25-jarige en 40-jarige jubileumuitkering van het personeel. Spaarverlof De voorziening spaarverlof is gevormd in verband met verplichtingen die samenhangen met het meerjarig sparen van verlofdagen.

91


WIA/WGA Eigen Risico De UvT is sinds 1 juli 2004 eigenrisicodrager voor de WIA/WGA. De voorziening is gebaseerd op de verplichtingen in verband met toegekende WIA/WGA-uitkeringen na (gedeeltelijk) ontslag wegens arbeidsongeschiktheid.

Grondslagen voor de bepaling van het explodatiesaldo Algemeen De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn verwezenlijkt. Verliezen en risicoâ&#x20AC;&#x2122;s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen, indien zij voor het vaststellen van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Baten Rijks- en overige bijdragen Dit betreft de rijksbijdrage die volgens de modelmatige verdeling door de minister is toegewezen, alsmede de toegekende doelsubsidies. College- en examengelden Dit betreft de ontvangen college- en examengelden voor zover deze aan het verslagjaar kunnen worden toegerekend. Opbrengst werk voor derden Dit betreft opbrengsten uit contractonderwijs en contractonderzoek met betrekking tot afgesloten projecten en opbrengsten van lopende projecten tot een bedrag van de gemaakte projectkosten. Eventuele positieve resultaten worden gerealiseerd bij afsluiting van het project. Indien het waarschijnlijk is dat de totale projectkosten de totale project opbrengsten overschrijden, dan worden de verwachte verliezen onmiddellijk in de exploitatie verwerkt. Overige opbrengsten Dit betreft de opbrengsten uit alle andere activiteiten voor zover deze aan het verslagjaar kunnen worden toegerekend. Rentebaten De rentebaten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.

Lasten Personele lasten Hier zijn de lasten opgenomen in verband met de beloning voor verrichte arbeid, inclusief sociale lasten en pensioenpremies, alsmede overige personeelskosten voor zover deze betrekking hebben op het verslagjaar. De Universiteit van Tilburg heeft een pensioenregeling bij Stichting Bedrijfspensioenfonds ABP die wordt gekwalificeerd als een toegezegd-pensioenregeling. Onder een toegezegd-pensioenregeling wordt verstaan een regeling waarbij aan de werknemers een pensioen wordt toegezegd, waar de hoogte afhankelijk is van leeftijd, salaris en dienstjaren. 92

93


De Universiteit van Tilburg heeft de toegezegd-pensioenregeling bij het bedrijfspensioenfonds, op basis van RJ 271.310, verwerkt als zou sprake zijn van een toegezegde bijdrageregeling. De verschuldigde premie over het lopende boekjaar wordt als last verantwoord in de winst- en-verliesrekening. Voor zover de verschuldigde premie nog niet is voldaan, wordt deze als verplichting op de balans opgenomen. Tezamen met andere rechtspersonen past Universiteit van Tilburg dezelfde bedrijfstakpensioenregeling toe. Universiteit van Tilburg heeft in geval van een tekort bij het bedrijfstakpensioenfonds geen verplichting tot het doen van aanvullende bijdragen, anders dan hogere toekomstige premies.

Geconsolideerde balans per 31-12-2009 (na resultaatbestemming) Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa

31-12-2009

5.974.977 110.696.466 16.748.964

31-12-2008

6.352.344 104.975.930 9.622.288

Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa Immateriële vaste activa en materiële vaste activa worden met ingang van het jaar van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast.

Totaal vaste activa

Overige lasten Dit zijn alle overige lasten voor zover deze betrekking hebben op het verslagjaar.

Totaal vlottende activa

129.946.230

130.738.860

Rentebaten en rentelasten Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.

Totaal activa

263.366.637

251.689.422

31-12-2009

31-12-2008

Vlottende activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen

133.420.407

180.742 25.340.914 104.424.574

Passiva Groepsvermogen Eigen vermogen Aandeel derden

120.950.562

152.515 19.523.513 111.062.832

142.461.404 791.651

138.266.066 741.084 143.253.055

Voorzieningen

6.636.371

6.146.198

Langlopende schulden

31.124.919

32.494.085

Kortlopende schulden

82.352.292

74.041.989

Totaal passiva

94

139.007.150

120.113.582

112.682.272

263.366.637

251.689.422

95


B3 Geconsolideerde exploitatierekening 2009 2009

Geconsolideerd kasstroomoverzicht 2009 Begroting 2009

2008

Begroting 2010

Baten Rijksbijdragen OCW

101.530.822

103.791.000

Collegegelden

18.887.015

Baten werk i.o.v. derden

55.728.720

Overige baten

13.999.019

Totaal baten

109.838.384

104.592.000

16.800.000

17.476.971

20.000.000

53.629.000

54.606.500

59.738.000

15.491.000

13.453.608

16.329.000

190.145.576

189.711.000

195.375.463

Aanpassingen voor: Afschrijvingen Mutaties voorzieningen

143.161.172

139.855.000

129.858.254

150.743.000

Afschrijvingen

7.695.879

8.636.632

9.355.477

12.123.000

Huisvestingslasten

9.454.856

10.364.170

7.697.083

8.773.000

30.047.980

36.467.198

29.132.565

37.101.000

Overige lasten Totaal lasten Saldo baten en lasten Financiële baten en lasten Resultaat uit gewone bedrijfsvoering vóór belastingen Belasting resultaat uit gewone bedrijfsvoering Resultaat uit gewone bedrijfsvoering na belastingen Aandeel derden Exploitatieresultaat

195.323.000

176.043.379

208.740.000

-214.311

-5.612.000

19.332.084

-8.081.000

4.162.083

2.014.000

1.902.482

689.000

3.947.772

-3.598.000

21.234.566

-7.392.000

97.339

-

78.494

-

3.850.433

-3.598.000

21.156.072

-7.392.000

-50.567

-

-10.826

-

3.799.866

-3.598.000

21.145.246

-7.392.000

19.332.084 -78.494

9.355.477 -207.299

-28.227 -5.817.401 8.310.303

Kasstroom uit bedrijfsoperaties Ontvangen interest Betaalde interest Buitengewoon resultaat

Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen leningen Aflossing langlopende schulden

2.464.675

6.354.030

10.339.077

34.755.798 3.357.815 -1.455.333 -

4.162.083 14.501.160

Totaal kasstroom uit operationele activiteiten Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa Desinvesteringen in materiële vaste activa Investeringen in deelnemingen Mutaties leningen Overige investeringen in financiële vaste activa

9.148.178 32.487 -1.186.917 7.508.460

5.565.042 -1.402.959 -

-13.039.048 7.000 -7.133.676

Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten

96

-214.311 -97.339

8.186.052 Veranderingen in vlottende middelen: Voorraden Vorderingen Schulden

190.359.887

2008

7.695.879 490.173

200.659.000

Lasten Personele lasten

Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten Belastingen

2009

1.902.482 36.658.280

-7.202.741 121.940 6.000 -2.792.367 -20.165.724

-1.369.167

-9.867.168

-1.369.166

Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten Kasstroom uit overige balansmutaties

-1.369.167 395.472

-1.369.166 -

Mutatie liquide middelen

-6.638.259

25.421.946 97


Toelichting op de onderscheiden posten van de balans

Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde balans

Activa Immateriële vaste activa Omschrijving

Aanschaf prijs t/m 2008

Afschrijvingen t/m 2008

Boekwaarde 31-12-2008

Investeringen 2009

Desinvesteringen 2009

Afschrijvingen 2009

Aanschaf prijs t/m 2009

Afschrijvingen t/m 2009

Boekwaarde 31-12-2009

Goodwill

7.322.421

970.077

6.352.344

-

-

377.367

7.322.42

1.347.444

5.974.977

Totaal

7.322.421

970.077

6.352.344

-

-

377.367

7.322.421

1.347.444

5.974.977

Financiële vaste activa Overige leningen u/g Naam

Plaats

d’Artagnan

Tilburg

Subtotaal leningen

Boekwaarde 31-12-2008

Verstrekkingen 2009

Aflossingen 2009

Boekwaarde 31-12-2009

34.000

-

7.000

27.000

34.000

-

7.000

27.000

Materiële vaste activa

Omschrijving

Aanschaf prijs t/m

Afschrijvingen t/m

Boekwaarde

Investeringen

Desinvesteringen-

Afschrijvingen

Aanschaf prijs t/m

Afschrijvingen t/m

Boekwaarde

2008

2008

31-12-2008

2009

2009

2009

2009

2009

31-12-2009

Gebouwen en terreinen

Effecten

Gebouwen

145.426.134

61.758.919

83.667.215

802.412

-

3.868.486

146.228.546

65.627.405

80.601.141

Terreinen (incl. inrichting)

10.557.858

1.425.093

9.132.765

-

-

108.192

10.557.858

1.533.285

9.024.573

Terrein TFT

882.408

-

882.408

-

-

-

882.408

-

882.408

1.485.582

-

1.485.582

7.191.536

-

-

8.677.118

-

8.677.118

158.351.982

63.184.012

95.167.970

7.993.948

-

3.976.678

166.345.930

67.160.690

99.185.240

Inventaris en apparatuur

28.217.832

18.409.872

9.807.960

5.045.100

-

3.341.834

33.262.932

21.751.706

11.511.226

Afboekingen1

-873.109

-873.109

-

-

-

-873.109

-873.109

-

Gebouwen in uitvoering

De renteloze lening aan d’Artagnan heeft een oorspronkelijke looptijd van 5 jaar. De resterende looptijd is 3 jaar.

Inventaris en apparatuur

Boekwaarde 31-12-2008

Investeringen in 2009

Desinvestering in 2009

Boekwaarde 31-12-2009

Obligaties Aandelen

8.797.050 791.238

13.389.932 252.544

6.508.800 -

15.678.182 1.043.782

Totaal effecten

9.588.288

13.642.476

6.508.800

16.721.964

Omschrijving

De actuele waarde van de effecten per 31-12-2009 is € 16.721.964. Totaal financiële vaste activa

Totaal materiële vaste activa

27.344.723

17.536.763

9.807.960

5.045.100

-

3.341.834

32.389.823

20.878.597

11.511.226

185.696.705

80.720.775

104.975.930

13.039.048

-

7.318.512

198.735.753

88.039.287

110.696.466

9.622.288

16.748.964

1 zijnde desinvesteringen in 2008 op reeds volledig afgeschreven activa In 2008 is het Prisma building versneld afgeschreven. Deze vervroegde afschrijving bedraagt € 2.193.799 . De afschrijvingen worden vanaf het jaar van ingebruikname van het actief berekend over de aanschafwaarde en zijn gebaseerd op de volgende percentages: goodwill 5% - 10% terreinen 0% inrichting van terreinen 3,3% gebouwen 3,3% apparatuur en inventaris 10% - 25 % 98

99


Liquide middelen

Vlottende activa 31-12-2009

31-12-2008

Gebruiksgoederen

180.742

152.515

Banken Kasmiddelen Deposito’s

Totaal voorraden

180.742

152.515

Totaal liquide middelen

Voorraden

16.035.547 15.982 88.373.045

14.332.014 31.365 96.699.453

104.424.574

111.062.832

Deposito’s zijn voor € 77.296.645 niet direct opeisbaar. € 21.000.000 van de deposito’s heeft een looptijd langer dan 12 maanden

Vorderingen Debiteuren

14.314.201

Overige vorderingen: Kaskortingen OCW Overige Totaal overige vorderingen

292.000 707.277

10.895.604

165.000 600.177 999.277

Totaal vlottende activa

129.946.230

130.738.860

Passiva 765.177 Groepsvermogen

Overlopende activa: Vooruitbetaalde kosten Nog te factureren kosten contractonderzoek Verstrekte voorschotten Overige Totaal overlopende activa

2.409.646 4.868.963 288.258 2.653.439 10.220.306

7.862.732

-192.870

-

25.340.914

19.523.513

Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid Totaal vorderingen

Het verloop van de voorziening wegens oninbaarheid is als volgt: 31-12-2009 31-12-2008 Stand per 1 januari Ontrekking Dotatie

-192.870

-

Stand per 31 december 2009

-192.870

-

100

Omschrijving

2.446.452 3.141.296 188.609 2.086.375

Saldo Bestemming 31-12-2008 resultaat 2009

Overige Mutaties

Saldo 31-12-2009

Algemene reserve publiek Algemene reserve

95.406.366

-822.389

-4.802.826

89.781.151

Algemene reserve privaat Algemene reserve

5.710.861

1.044.964

4.311.550

11.067.375

10.969.176 24.617.556

3.033.479 -

491.276 -

14.493.931 24.617.556

Bestemmingsreserve privaat Eigen vermogen geconsolideerde verbonden partijen 1.562.107

543.812

-

2.105.919

Bestemmingsreserve publiek Reserve huisvestingsbeleid Bestemde reserves

Herwaarderingsreserve effecten

-

-

395.472

395.472

Totaal eigen vermogen

138.266.066

3.799.866

395.472

142.461.404

101


Aandeel derden Omschrijving

Langlopende schulden

Saldo Bestemming 31-12-2008 resultaat 2009

Overige Mutaties

Saldo 31-12-2009

Aandeel derden

741.084

50.567

-

791.651

Totaal

741.084

50.567

-

791.651

Saldo

Verstrekking

Aflossingen

Saldo

Aflossingsverplichting

Balans

2009

31-12-2009

2.010

31-12-2009

Naam

Plaats

31-12-2008

2009

BNG 32 jaar (renteperc. 4,4%)

Den Haag

25.051.942

-

945.356

24.106.586

945.357

23.161.229

BNG 30 jaar (renteperc. 4,0%)

Den Haag

6.812.500

-

250.000

6.562.500

250.000

6.312.500

BNG 17 jaar (renteperc. 3,5%)

Den Haag

1.998.809

-

173.811

1.824.999

173.809

1.651.190

33.863.251

-

1.369.167

32.494.085

1.369.166

31.124.919

Totaal langlopende schulden

Voorzieningen

Omschrijving Wachtgelden Spaarverlof WIA/WGA eigen risico Jubilea Voorziening belastingen Totaal voorzieningen Bestedingen van het saldo per 31-12-2009

Saldo

Dotaties

31-12-2008

2009

837.705 3.178.749 956.571 1.173.173 -

585.991 258.435 87.684 650.000

Onttrekkingen 2009 658.222 0 148.316 -

6.146.198

1.582.110

806.538

< 1 jaar

> 1 jaar

Totaal

Vrijval

Saldo

2009

31-12-2009

79.129 56.293 149.977 285.399

686.345 3.380.891 895.939 1.023.196 650.000 6.636.371

Van deze langlopende schulden heeft € 25.648.255 een looptijd langer dan 5 jaar.

Kortlopende schulden

Vooruitontvangen termijnen OHW

Totaal voorzieningen

359.930 338.089 139.766 192.866 650.000 1.680.651

326.415 3.042.802 756.173 980.307 5.105.697

686.345 3.380.891 895.939 1.173.173 650.000 6.786.348

12.855.944

10.827.173

9.991.421

8.741.365

Loonheffing

5.042.815

4.022.913

Omzetbelasting

791.394

932.132

Premies sociale verzekeringen

906.546

741.541

1.643.062

1.455.432

Schulden terzake pensioenen Overige kortlopende schulden Aflossingsverplichting langlopende schulden

1.369.166

1.369.166

Penvoerderfondsen

1.867.969

1.830.607

352.752

352.752

Flankerend Sociaal Beleid Theologieopleidingen UvT

551.095

644.095

Winstaanspraken derden

678.720

472.829

583.218

626.660

2

Overige Totaal overige kortlopende schulden

5.402.920

5.296.109

Overlopende passiva Vooruitontvangen collegegelden

9.702.060

9.107.522

Vooruitontvangen collegegeld contractonderwijs

16.146.033

15.206.785

Vakantiegeld

3.792.860

3.534.130

Vakantiedagen Overige

102

31-12-2008

Crediteuren

Rijksbijdrage Theologieopleidingen UvT1

Wachtgelden Spaarverlof WIA/WGA eigen risico Jubilea Voorziening belastingen

31-12-2009

3.049.728

2.907.937

13.027.509

11.268.950

Totaal overlopende passiva

45.718.190

Totaal kortlopende schulden

82.352.292

42.025.324 74.041.989

1 De kortlopende schuld Rijksbijdrage Theologieopleidingen UvT (€ 352.752) was voorheen sinds 1991 opgenomen als rijkssubsidie KIWTO’s bij de geïncorporeerde Stichting TFT. 2 De kortlopende schuld Flankerend Sociaal Beleid theologieopleidingen UvT (€ 551.095) is afkomstig van de geïncorporeerde Stichting TFT en zal nu de reorganisatie van de katholieke theologieopleidingen van de STFT en de FKTU is afgerond conform de doelstelling worden aangewend voor de daaruit voortvloeiende reorganisatiekosten. 103


Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Leaseverplichtingen De Universiteit van Tilburg heeft een operationeel autoleasecontract gesloten met een maximale looptijd van 5 jaar. De jaarkosten bedragen € 259.798, waarvan € 191.351 bij TiasNimbas Business School B.V..

Toelichting op de onderscheiden posten van de geconsolideerde exploitatierekening Baten 2009 Rijksbijdragen OCW Normatieve Rijksbijdrage UvT (WO)

Kredietfaciliteit IVA heeft een kredietfaciliteit bij ABN AMRO van maximaal € 250.000. De rente fluctueert met de marktrente. Als zekerheid is pand­recht verschaft op de effectenportefeuille van Stichting Stimuleringsinstituut. Ultimo boekjaar wordt geen gebruik gemaakt van de kredietfaciliteit. Investeringsverplichting De Universiteit van Tilburg heeft een niet uit de balans blijkende verplichting voor investeringen met een verplichting in 2010 van E1.710.030. Ondershoudscontracten De Universiteit van Tilburg heeft een niet uit de balans blijkende verplichting voor onderhoudscontracten met een jaarlijkse verplichting van € 2.860.568. ICT Met betrekking tot de ICT is een onderhoudscontract afgesloten met een jaarlijkse verplichting van € 328.500. Huurcontracten De TiasNimbas Business School B.V. heeft een niet uit de balans blijkende verplichting voor huurcontracten met een jaarlijkse verplichting van € 323.074.

2008

107.906.000

116.576.000

-6.375.178

-6.737.616

101.530.822

109.838.384

College- en examengelden

18.887.015

17.476.971

Totaal collegegelden

18.887.015

17.476.971

Baten werk i.o.v. derden Contractonderwijs

25.874.779

24.254.237

Inkomensoverdrachten Totaal rijksbijdragen Collegegelden

Contractonderzoek Internationale organisaties Nationale overheden NWO KNAW Overige non-profit organisaties Bedrijfsleven Totaal

5.708.977 5.709.369 11.643.879 43.572 2.015.860 1.807.801

6.393.951 5.057.024 13.099.429 19.869 2.260.972 735.101 26.929.458

27.566.345

2.924.483

2.785.918

55.728.720

54.606.500

Verhuur onroerende zaken Detachering personeel Totaal overige

437.509 1.261.582 12.299.928

617.010 2.588.956 10.247.642

Totaal overige baten

13.999.019

13.453.608

Overige Totaal baten werk i.o.v. derden Overige baten

104

105


Lasten

2009

2008

Personele lasten Brutolonen en salarissen Sociale lasten Pensioenpremies

96.731.236 9.017.363 13.214.136

87.172.436 6.956.026 11.608.683

Overige lasten Accountantskosten Administratie- en beheerlasten Inventaris en apparatuur Overige Totaal overige lasten

Overige personele lasten Uitzendkrachten Dotatie personele voorzieningen Overige Totaal overige personele lasten Uitkeringen (-/-) Totaal personele lasten

17.277.483 1.296.327 6.179.851

19.523.879 1.016.590 4.259.573 24.753.661

24.800.042

-555.224

-678.933

143.161.172

129.858.254

Totaal afschrijvingen

377.367 7.318.512

377.368 8.978.109

7.695.879

9.355.477

2008 71.400

48.822

70.661

-

-

123.822

142.061

Rentebaten Waardeveranderingen financiële activa Overige opbrengsten financiële activa Rentelasten Saldo Financiële baten en lasten

Huisvestingslasten Huur Verzekeringen Onderhoud Energie en water Schoonmaakkosten Heffingen Overige

1.087.144 209.751 1.159.296 2.257.642 1.602.392 467.563 2.671.068

1.052.111 190.273 927.712 2.367.908 1.528.625 445.197 1.185.257

Totale huisvestingslasten

9.454.856

7.697.083

106

2009 75.000

Financiële baten en lasten

Afschrijvingen Immateriële vaste activa Materiële vaste activa

Accountantskosten Honorarium onderzoek jaarekening Honorarium andere controle werkzaamheden Honorarium fiscale advisering Totaal

123.822 518.915 1.631.326 27.773.917

142.061 208.853 1.494.175 27.287.476

30.047.980

29.132.565

2009

2008

4.219.215 811.436 534.391 -1.402.959

4.803.738 -1.852.413 406.490 -1.455.333

4.162.083

1.902.482

107


Enkelvoudige balans per 31-12-2009 (na resultaatbestemming)

Overzicht verbonden partijen Meerderheidsdeelneming (BV of NV) Naam

Juridische vorm

Statutaire zetel

Code activiteiten

Vermogen per 31-122009

TiasNimbas Business School

BV

Tilburg

1

3.958.257

252.836

23.605.240

N

UvT Holding

BV

Tilburg

4

340.819

111.304

2.873.918

N

4.299.076

364.140

26.479.158

Totaal

Exploitatie saldo in 2009

Omzet in 2009

Verklaring art. 2:403 BW

Activa Vaste activa MateriĂŤle vaste activa

Beslissende zeggenschap (stichting of vereniging) Code activiteiten

Vermogen per 31-122009

Omzet in 2009

80.601.141 9.906.981 8.677.118

Juridische vorm

Statutaire zetel

Verklaring art. 2:403 BW

IVA

stichting

Tilburg

2

2.074.481

539.471

5.377.761

N

IVO

stichting

Tilburg

4

20.587

-6.510

458.191

N

Universiteitsfonds Tilburg

stichting

Tilburg

4

10.851

10.851

10.851

N

2.105.919

543.812

5.846.803

FinanciĂŤle vaste activa Deelnemingen Overige leningen u/g Effecten

31-12-2008

83.667.215 10.015.173 1.485.582 99.185.240 10.845.011 110.030.251

Inventaris en apparatuur

Naam

Totaal

Exploitatie saldo in 2009

Gebouwen Terreinen Gebouwen in uitvoering en vooruitbetalingen

31-12-2009

3.507.424 27.000 15.798.764

95.167.970 9.024.847 104.192.817 3.193.851 34.000 8.758.788

19.333.188

11.986.639

129.363.439

116.179.456

180.742

152.515

Overige verbonden partijen ( minderheidsdeelneming en geen beslissende zeggenschap)

Totaal vaste activa Naam

Juridische vorm

Statutaire zetel

Code activiteiten

Stimuleringsfonds voor sociaal wetenschappelijk onderzoek

stichting

Tilburg

4

Stichting Steun Sportcentrum KUB

stichting

Tilburg

4

Stichting Letteren

stichting

Tilburg

4

Stichting Bijzondere Leerstoelen

stichting

Amsterdam

4

Vlottende activa Voorraden Gebruiksgoederen

Overzicht bezoldigingen CvB / RvT 2009

2008

College van Bestuur Mr. H.M.C.M. van Oorschot Prof. Dr. F.A. van der Duyn Schouten Prof. Dr. Ph. Eijlander

217.016

204.125

-

201.894

212.468

29.887

429.484

435.906

11.000

11.000

Mevr. Dr. A. Esmeijer

5.500

4.583

Drs. H. Borstlap

7.150

7.150

Mevr. Drs. R.I. Doerga RA

1.375

-

Ir. B.W.M. Koeckhoven

5.500

5.500

Drs. M.A.M. Leers

6.188

5.500

Mevr. Mr. M.E.C. Pernot

6.188

8.250

Ing. J.P.C.M. van Zijl

5.500

5.500

Vorderingen Debiteuren Verbonden partijen Kasstortingen OCW Overige vorderingen Nog te factureren kosten contractonderzoek Overlopende activa

Raad van Toezicht Prof. Dr. R.F.M. Lubbers

Totaal

108

48.401

47.483

477.885

483.389

8.420.050 298.743 292.000 259.508 3.748.117 4.233.836

5.097.366 231.209 165.000 133.510 2.110.052 3.827.960 17.252.254

11.565.097

-192.870

-

Liquide middelen

89.019.829

99.032.787

Totaal vlottende activa

106.259.955

110.750.399

Totaal activa

235.623.394

226.929.855

Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid

109


Passiva

31-12-2009

31-12-2008

Enkelvoudige exploitatierekening 2009 2009

Eigen vermogen Algemene reserve publiek Algemene reserve privaat Bestemmingsreserves publiek Bestemmingsreserves privaat Herwaarderingsreserve

89.781.151 7.559.951 39.111.487 3.507.424 395.472

Voorzieningen Wachtgeld Overige

686.345 5.911.825

101.395.821

103.791.000

109.785.942

Collegegelden

18.887.015

16.800.000

17.476.971

Baten werk i.o.v. derden

28.102.016

24.342.000

28.767.927

15.712.675

13.894.000

13.769.283

Overige baten Totaal baten

Personele lasten

6.108.381

31.124.919

11.285.603 9.050.475 4.360.293 439.266 906.546 1.623.065 1.369.166 3.358.838 25.151.568

32.494.085

10.054.738 7.243.230 3.351.901 1.016.256 741.541 1.437.922 1.369.166 3.238.082 23.170.594 57.544.820

164.097.527

158.827.000

169.800.123

Lasten

837.705 5.270.676

128.120.217

124.273.000

114.370.925

Afschrijvingen

6.971.186

8.343.008

8.736.732

Huisvestingslasten

8.115.485

9.712.488

7.211.529

21.720.286

25.994.504

20.313.230

Overige instellingslasten

Langlopende schulden Overige langlopende schulden Kortlopende schulden Vooruitontvangen termijnen contractonderzoek Crediteuren Loonheffing Omzetbelasting Premies sociale verzekeringen Schulden terzake pensioenen Aflosverplichting langlopende schulden Overige kortlopende schulden Overlopende passiva

Rijksbijdragen OCW

136.703.959

6.598.170

2008

Baten

95.406.366 2.517.010 35.586.732 3.193.851 140.355.485

Begroting 2009

Totaal lasten

164.927.174

168.323.000

150.632.416

Saldo baten en lasten

-829.647

-9.496.000

19.167.707

FinanciĂŤle baten en lasten

3.772.128

4.951.000

1.547.039

Resultaat

2.942.481

-4.545.000

20.714.746

313.573

683.000

167.229

3.256.054

-3.862.000

20.881.975

Resultaat Deelnemingen Exploitatieresultaat

51.623.430

Toelichting op de enkelvoudige jaarrekening FinanciĂŤle vaste activa

Totaal passiva

235.623.394

226.929.855

Deelnemingen Boekwaarde Investeringen Desinvestering Resultaat Boekwaarde Naam

Plaats

01-01-2009

2009

2009

UvT Holding B.V.

Tilburg

229.515

-

-

111.304

340.819

TiasNimbas Business School B.V. Tilburg

2.964.336

-

-

202.269

3.166.605

3.193.851

-

-

313.573

3.507.424

Totaal deelnemingen

110

2009

31-12-2009

111


UvT Holding B.V. is een door de UvT opgerichte en door haar gefinancierde vennootschap, met een maatschappelijk kapitaal van € 226.890 waarvan € 113.445 geplaatst en € 90.756 gestort is. UvT Holding B.V. neemt voor 100 % deel in KUB Career Services B.V..

Aansluiting tussen de enkelvoudige jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening

TiasNimbas Business School B.V. is een door de UvT opgerichte en door haar gefinancierde vennootschap met een maatschappelijk kapitaal van € 12.500.000, waarvan geplaatst en gestort € 2.500.000. TiasNimbas Business School B.V. neemt voor 100 % deel in VRZ Tilburg B.V., TIAS Business School Eindhoven B.V. en Universiteit Nimbas B.V..

Omschrijving

31-12-2009

31-12-2008

Eigen vermogen UvT Eigen vermogen IVA Eigen vermogen IVO Eigen vermogen Universiteitsfonds Tilburg

140.355.485 2.074.481 20.587 10.851

136.703.959 1.535.010 27.097 -

142.461.404

138.266.066

2009

2008

Exploitatiesaldo UvT Exploitatiesaldo I.V.A. Exploitatiesaldo I.V.O. Exploitatiesaldo Universiteitsfonds Tilburg

3.256.054 539.471 -6.510 10.851

20.881.975 337.949 -74.678 -

Geconsolideerd exploitatiesaldo

3.799.866

21.145.246

UvT heeft een 80% deelneming in TiasNimbas Business School B.V..

Geconsolideerd eigen vermogen

Eigen vermogen Omschrijving

Saldo 31-12-2008

Bestemming resultaat 2009

Overige Mutaties

Saldo 31-12-2009

19.109.701 24.900.596 51.396.069

-1.615.220 792.831

-14.000 -4.788.826

17.480.481 24.900.596 47.400.074

Algemene reserve privaat Algemene reserves decentraal

2.517.010

731.391

4.311.550

7.559.951

24.617.556 10.969.176

3.033.479 -

491.276 -

28.142.311 10.969.176

3.193.851

313.573

-

3.507.424

Bestemmingsreserve privaat Reserve deelnemingen Herwaarderingsreserve effecten Totaal

112

Exploitatiesaldo Omschrijving

Algemene reserve publiek Algemene reserve centraal Algemene reserve gebouwen Algemene reserves decentraal

Bestemmingsreserve publiek Bestemde reserves Bestemde reserve huisvestingsbeleid

Vermogen

-

-

395.472

395.472

136.703.959

3.256.054

395.472

140.355.485

Geoormerkte Doelsubsidies OCW Omschrijving

Actieplan aanpak belemmeringen voor studenten met een functiebeperking.

Jaar

Kenmerk Bedrag van toewijzing

2006 280.06.562C

Saldo Ontvangen 2008 in 2009

Lasten 2009

Investeringen 2009

Saldo 2009

-1027

117.000 24.497

-

25.524

-

117.000 24.497

-

25.524

- -1.027

113


Wet Openbaarmaking uit Publieke middelen

Resultaatbestemming

Op grond van artikel 6 van de Wet Openbaarmaking uit Publieke middelen gefinancierde Topinkomens (WOPT, Stb. 2006, 95) is de universiteit verplicht jaarlijks het belastbare loon te publiceren van functionarissen van wie dit bedrag uitgaat boven het zgn. normsalaris (gemiddeld belastbare jaarloon van de ministers). Voor het verslagjaar 2009 is het gemiddelde belastbare jaarloon vastgesteld op € 188.000 (indicatie norm 2009). Voor de universiteit heeft de publicatieplicht betrekking op de navolgende functionarissen: Nr.

Functie

Belast- ‘Pensioenafdrachbaar loon ten en 2009 overige voorzieningen betaalbaar op termijn 2009’

voorzitter CvB 142.106 2. lid CvB (rector) 160.976 3. hoogleraar/ decaan 173.083 4. hoogleraar/ decaan 173.199 5. hoogleraar/ decaan 151.730 6. hoogleraar 183.204 7. hoogleraar 170.782 8. hoogleraar 162.744 9. hoogleraar 144.205 10. hoogleraar 157.509 11. hoogleraar 135.357

Totaal 2009

Duur dienstverband in maanden 2009

Contractuele uren per week

Belast- ‘Pensioenafdrachbaar loon ten en 2008 overige voorzieningen betaalbaar op termijn 2008’

Totaal 2008

Duur dienstverband in maanden 2008

201.861

12

38,0

136.630

55.407

192.037

12

38.988 199.964

12

38,0

155.427

36.684

192.111

12

45.588

218.671

12

38,0

165.967

40.207 206.174

12

42.494

215.693

12

34,2

146.117

37.481

183.598

12

39.645 191.375 96.987 280.191 48.918 219.700 40.768 203.512 38.464 182.669 33.946 191.455 53.842 189.199

12 12 12 12 12 12 12

38,0 38,0 38,0 38,0 34,2 38,0 38,0

132.705 177.977 180.852

43.160 102.378 42.933

175.865 280.335 223.785

12 12 12

Het exploitatieresultaat 2009 bedraagt € 3.799.866 en zal als volgt worden bestemd: - € 222.575 wordt toegevoegd aan algemene reserves op centraal en decentraal niveau; - € 3.033.479 wordt toegevoegd aan diverse bestemde reserves; - het resultaat van de verbonden partijen ad. € 543.812 wordt toegevoegd aan het eigen vermogen van deze partijen. Deze resultaatbestemming is in de jaarrekening verwerkt.

1.

59.755

102.378

Toelichting: Ad 1 en 2: Dit betreft de leden van het College van Bestuur met een salaris van resp. 137,5% en 135% van het maximum van salarisschaal 18 volgens de CAO Nederlandse Universiteiten. Ad 3, 4 en 5: Dit betreft drie decanen met een bijzondere bestuurstoelage. Ad 5: Dit betreft een aanstelling van 0,9 fte. Ad 6 t/m 11: Dit betreft zes hoogleraren die een persoonlijke toelage ontvangen vanwege hun bijzondere verantwoordelijkheid voor het wetenschappelijk ondezoek.

114

115


Accountantsverklaring

Aan: Het College van Bestuur van de Universiteit van Tilburg

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Flight Forum 840 5657 DV Eindhoven Postbus 6365 5600 HJ Eindhoven Telefoon (040) 224 40 00 Fax (040) 224 46 05 www.pwc.com/nl

Universiteit van Tilburg Accountantsverklaring – vervolg Referentie: 30111590/EvH/e0169453/zm

Verantwoordelijkheid van het bestuur

Een controle omvat het uitvoeren van werkzaamheden ter verkrijging van controle-informatie over de bedragen en de toelichtingen in de jaarrekening. De keuze van de uit te voeren werkzaamheden is afhankelijk van de professionele oordeelsvorming van de accountant, waaronder begrepen zijn beoordeling van de risico’s van afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten. In die beoordeling neemt de accountant in aanmerking het voor het opmaken van en getrouw weergeven in de jaarrekening van vermogen en resultaat alsmede het voor de naleving van de betreffende wet en regelgeving relevante interne beheersingssysteem, teneinde een verantwoorde keuze te kunnen maken van de controlewerkzaamheden die onder de gegeven omstandigheden adequaat zijn maar die niet tot doel hebben een oordeel te geven over de effectiviteit van het interne beheersingssysteem van de entiteit. Tevens omvat een controle onder meer een evaluatie van de aanvaardbaarheid van de toegepaste grondslagen voor financiële verslaggeving en van de redelijkheid van schattingen die het bestuur van de entiteit heeft gemaakt, alsmede een evaluatie van het algehele beeld van de jaarrekening.

Het bestuur van de entiteit is verantwoordelijk voor het opmaken van de jaarrekening die het vermogen en resultaat getrouw dient weer te geven, alsmede voor het opstellen van het jaarverslag, beide in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (WJZ/2007/50507).

Wij zijn van mening dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Accountantsverklaring Verklaring betreffende de jaarrekening

Wij hebben de in dit rapport opgenomen jaarrekening 2009 van de Universiteit van Tilburg te Tilburg bestaande uit de geconsolideerde en enkelvoudige balans per 31 december 2009 en de geconsolideerde en enkelvoudige staat van baten en lasten over 2009 met de toelichting gecontroleerd.

Tevens is het bestuur van de entiteit verantwoordelijk voor de financiële rechtmatigheid van de in de jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties. Dit houdt in dat deze bedragen in overeenstemming dienen te zijn met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen. Deze verantwoordelijkheden omvatten onder meer: het ontwerpen, invoeren en in stand houden van een intern beheersingssysteem relevant voor het opmaken van en getrouw weergeven in de jaarrekening van vermogen en resultaat, zodanig dat deze geen afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten bevat en voor de naleving van de relevante weten regelgeving, het kiezen en toepassen van aanvaardbare grondslagen voor financiële verslaggeving en het maken van schattingen die onder de gegeven omstandigheden redelijk zijn.

Oordeel

Verantwoordelijkheid van de accountant

Verklaring betreffende andere wettelijke voorschriften en/of voorschriften van regelgevende instanties.

Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel over de jaarrekening op basis van onze controle, als bedoeld in artikel 2.9, derde lid van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Wij hebben onze controle verricht in overeenstemming met Nederlands recht waaronder het controleprotocol OCW 2009. Dienovereenkomstig zijn wij verplicht te voldoen aan de voor ons geldende gedragsnormen en zijn wij gehouden onze controle zodanig te plannen en uit te voeren dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat.

PricewaterhouseCoopers is de handelsnaam van onder meer de volgende vennootschappen: PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. (KvK 34180285), PricewaterhouseCoopers Belastingadviseurs N.V. (KvK 34180284), PricewaterhouseCoopers Advisory N.V. (KvK 34180287) en PricewaterhouseCoopers B.V. (KvK 34180289). Op diensten verleend door deze vennootschappen zijn Algemene Voorwaarden van toepassing, waarin onder meer aansprakelijkheidsvoorwaarden zijn opgenomen. Deze Algemene Voorwaarden zijn gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Amsterdam en ook in te zien op www.pwc.com/nl

116

Naar ons oordeel geeft de jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van de Universiteit van Tilburg per 31 december 2009 en van het resultaat over 2009 in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (WJZ/2007/50507). Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten, lasten en balansmutaties over 2009 voldoen aan de eisen van financiële rechtmatigheid. Dit houdt in dat deze bedragen in overeenstemming zijn met de in het onderwijscontroleprotocol OCW 2009 opgenomen relevante wet- en regelgeving, zoals opgenomen in paragraaf 2.2.2. referentiekader.

Op grond van de wettelijke verplichting ingevolge artikel 2:393 lid 5 onder f BW melden wij dat het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening zoals vereist in artikel 2:391 lid 4 BW. Eindhoven, 27 mei 2010 PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.

Origineel getekend door: drs. E.M.A. van Heugten RA

(2)

117


Bijlagen Uitgaande en Inkomende studenten per bilaterale overeenkomst 2008/2009 Land/instelling

Uitgaand

Inkomend

Universite de Laval University of Alberta University of Waterloo York University - Schulich School of Business

Argentinië Universidad Católica Argentina Universidad de Palermo Universidad Torcuato di Tella Totaal

2 2 3 7

2

Chili

2 4

PUC Chile

Totaal

2 3 4 11

3 5 4 2 21

Totaal

1 1

0

China

Australië Griffith University La Trobe University Macquarie University Sydney Monash University University of Technology, Sydney Totaal

1 4 3 3 5 16

5 3 1 2 11

Chinese University of Hong Kong Dongbei University of Finance and Economics Hong Kong University of Science & Technology Peking University Shanghai Jiao Tong University

10

13

14 2 1 3 4 24

0

4 4 1 9

1 3 4 8 Uitgaand

0 Inkomend

3

Totaal Colombia

België Katholieke Universiteit Leuven Université Libre de Bruxelles University of Antwerp

1

Totaal

1 2

11 2

Universidad de Los Andes Universidad del Rosario Universidad Icesi Totaal

13 Denemarken

Brazilië Fundacao Armando Alvares Penteado Pontificia Universidade Católica do Rio de Janeiro Getulio Vargas Law School Universidade de Sao Paulo

1

Totaal

1

1 1 3 1 6

Aarhus School of Business Copenhagen Business School University of Copenhagen Totaal Duitsland

Uitgaand

Inkomend

Canada HEC Montréal McMaster University Trent University 118

1 1

4 2 1

Christian-Albrechts-Universität zu Kiel Cologne School of Business Ernst-Moritz-Arndt-Universitat Greifswald Freie Universitat Berlin Humboldt Universität zu Berlin

1 1 1

1 1 1 5 1 119


Universität Bielefeld Universität Mannheim Totaal

3

2 2 13

Finland Hanken School of Economics Helsinki School of Economics Turku School of Economics and BA University of Helsinki

4

Totaal

1 5

2 1 2 4 9

Hongarije Corvinus University of Budapest Eötvös Loránd University (ELTE) Univerity of Pécs Totaal

3 2 2 7

6 4 7 17

Totaal

3 2 5

1 4 5

2 4 6

5 4 6 4 6

Ierland University of Dublin, Trinity College University of Limerick

Frankrijk Italië Institut d’Etudes Politiques de Paris EDHEC School of Management Euromed Marseille Ecole de Management Groupe ESC Rouen HEC School of Management Rouen Business School Université de Montpellier

2 1 2

Totaal

2 7

4 1 2 2 2 4 15

Griekenland

Totaal

2 2 16

25

Japan

Athens University of Economics and Business National and Kapodistrian University of Athens

2 Totaal

2

2 1 3

Uitgaand

Inkomend

Groot-Britannië

Oita University Ritsumeikan Asia Pacific University

1 1 1

1

Uitgaand

Inkomend

Totaal

1 1

6 6

2

Totaal

2 1 3

Totaal

Kazachstan

Bradford University School of Management Keele University Loughborough University University of Glasgow University of Hull University of Sheffield University of Teesside

4 2 2

Totaal

120

LUISS Guido Carli Universita Cattolica del Sacro Cuore Universita Commerciale Luigi Bocconi Universita Degli studi di Padova Universita di Roma Tor Vergata Venice International University

2 2 1 13

Kazakhstan Institute of Management

3

Litouwen

1

Vilnius University Mykolas Romeris University

4

2

121


Mexico

Singapore

Instituto Tecnológico Autónomo de México ITESM Technológico de Monterrey UDLA Universidad de las Américas Puebla totaal

2 1 1 4

1 1

Singapore Management University National University of Singapore Totaal

2 1 3

2 3 5

7 4 1 2 2

2 31

10 5 2 2 6 3 1 8 3 1 2 43

0

2 2

Uitgaand

Inkomend

2 2

1 1

1 1

6 3 9

2

Nieuw Zeeland

Spanje

Victoria University of Wellington Totaal

2 2

0

Totaal

4 4

6 6

1 1

2 1 3

Noorwegen Norwegian School of Management

Oostenrijk Karl-Franzens-Universitat Graz Wirtschaftsuniversitat Wien Totaal

Universidad Carlos III Universidad Complutense de Madrid Universidad de Deusto Universidad de Salamanca Universidad de Zaragoza Universidad del Pais Vasco Universidad Pompeu Fabra Universidad Pontificia Comillas Universidad Publica Navarra Universitat Autonoma de Barcelona Universitat de Barcelona

3 6 4

Totaal Taiwan

Peru National ChengChi University Universidad del Pacífico Totaal

3 3 Uitgaand

Totaal

2 2 Inkomend

Thailand

Polen Chulalongkorn University Jagiellonian University Warsaw School of Economics Warsaw School of Social Psychology Totaal

0

4 2 2 8

Totaal Tsjechië Masaryk University University of Economics, Prague

Portugal

Totaal Universidade Catolica Portuguesa Universidade Nova de Lisboa Totaal

0

1 2 3

Turkije Baskent University

122

3 123


Bilkent University Bogazici University Koc University Middle East Technical University Sabanci University

1 1 1 Totaal

3

4 5 12 7 2 33

Verenigde Staten Bellarmine University Cornell University North Carolian State University San Diego State University University at Albany, SUNY University of Arizona University of Conneticut University of Central Florida University of Iowa University of Minnesota University of Montana University of South Carolina University of Tennessee University of Texas at El Paso University of Vermont University of Washington

2 2 1 2 3 2 2 2 1 1 2 1

Totaal

1 1 3 1 2 2 1 1

3 22

1 3 18

Uitgaand

Inkomend

3 3 6

0

Sungkyunkwan University Yonsei University Totaal

0

2 4 6

Zweden Jรถnkรถping International Business School Lund University Umea Universiteit University of Uppsala

5 3

Totaal

2 10

2 1 2 2 7

Totaal

214

336

Zuid-Afrika North-West University Stellenbosch University Totaal Zuid-Korea

124

125


Lijst van afkortingen AIO AVC BaMa BU BSA CAO C&M CentER CIR CML CoRPS CvB CvK CWL DEA DFB DSZ EBCT ECTS ENTER FBI FEB FGW FKT FKTU FRW FSW fte HBO HOOP HRM Intervict IB ICT IO ISI IVA IVO KNAW LIS 126

Assistent in opleiding Audio Visueel Centrum Bachelor Master Bureau van de Universiteit Bindend Studie Advies Collectieve Arbeidsovereenkomst Communicatie & Marketing Center for Economic Research Center for Innovation Research Loopbaanontwikkeling Center of Research on Psychology in Somatic diseases College van Bestuur Centrum voor Kennistransfer Centrum voor Wetenschap en Levensbeschouwing Dienst Economische en Administratieve Zaken Dienst Facilitair Bedrijf Dienst Studentenzaken European Banking Center Tilburg European Credit Transfer System European Network for Training in Economic Research Fonds Beleidsinitiatieven Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen Faculteit Geesteswetenschappen Faculteit Katholieke Theologie Faculteit Katholieke Theologie Utecht Faculteit Rechtswetenschappen Faculteit Sociale Wetenschappen fulltime-equivalent Hoger Beroeps Onderwijs Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan Human Resource Management International Victimology Institute Tilburg Instellingsbeleid Informatie en Communicatie Technologie International Office Institute of Scientific Information Instituut voor sociaal-wetenschappelijk beleidsonderzoek en advies Instituut voor Ontwikkelingsvraagstukken Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen Library and IT Services

MBA MKB Netspar NVAO NWO OBP OCW QANU ReflecT RM RV SBL SEP SIS SKO SU TiasNimbas Tiber Tilec TiLPS TILT TMP UHD UR UvT VSNU VWO WHW WIA WO Wopi WP

Master of Business Administration Midden- en Kleinbedrijf Network for Studies on Pensions, Aging and Retirement Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek Ondersteunend en beheerspersoneel Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Quality Assurance Netherlands Universities Research Institute for Flexicurity, Labour Market Dynamics and Social Cohesion Rector Magnificus Restauratieve Voorzieningen Stichting Bijzondere Leerstoelen Standard Evaluation Protocol Studenten Informatie Systeem Stuurgroep Kwaliteitszorg Onderwijs Secretaris van de Universiteit TiasNimbas Business School Tilburg Institute for Behavioral Economics Research Tilburg Law and Economics Center Center for Logic and Philosophy of Science Tilburg Institute for Law, Technology and Society Taken Middelen Plan Universitair Hoofddocent Universiteitsraad Universiteit van Tilburg Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen Wetenschappelijk Onderwijs Wetenschappelijk Onderwijs Personeels Informatie Wetenschappelijk Personeel

127


51 masteropleidingen 19 almuniverenigingen

6491 bachelorstudenten

etenschappelijk publicaties

85 Promoties

e

c

M


Jaarverslag Universiteit van Tilburg 2009