Page 1

info voor patiënten

• U moet gedurende 4 weken na de operatie een neusspray gebruiken en de neus 3 tot 4 maal per dag reinigen met fysiologisch water. • Vermijd de inname van aspirine de eerste 10 dagen na de operatie. Bij pijn neemt u bij voorkeur paracetamol met of zonder codeïne in. • Vermijd zware lichamelijke inspanningen en vooral zwemmen tot 2 weken na de operatie. • Vanaf 7 dagen na de operatie mag u opnieuw vliegen.

Hoe verloopt de opvolging? Na uw ontslag uit de dagkliniek krijgt u een aantal afspraken. De eerste afspraak vindt twee dagen na de ingreep plaats, voor het verwijderen van het neuswiekje. Na een endoscopische DCR-operatie vormen zich bloedklonters en korsten in de neus. Die moeten regelmatig door een neus-, keel- en oorarts verwijderd worden voor een goede genezing. Daarom voorzien we controles een week, twee weken en vier weken na de operatie. Als er buisjes geplaatst zijn, worden die na 8 weken verwijderd. De laatste controle vindt zes maanden na de operatie plaats.

Voor een consultatie of meer informatie omtrent deze ingreep kunt u terecht bij: Prof. dr. C. Bachert Dr. Th. Van Zele Tel. 09 332 23 32 of 09 332 26 21

v.u.: Eric Mortier, afgevaardigd bestuurder UZ Gent, De Pintelaan 185, 9000 Gent

• De eerste week na de operatie kan u last hebben van licht bloedverlies uit de neus. Om de kans op neusbloedingen te verminderen mag u na de operatie gedurende 1 week uw neus niet snuiten. Na 1 week kan het wel voorzichtig.

MODULO.be 338154 - Augustus 2013

Waarop moet u letten na de ingreep?

Dienst Neus-, Keel- en Oorheelkunde Tel. +32 (0)9 332 23 32 of +32 (0)9 332 26 21 Fax +32 (0)9 332 49 93 nko@uzgent.be

Deze brochure werd enkel ontwikkeld voor gebruik binnen het UZ Gent. Alle rechten voorbehouden.Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het UZ Gent.

UZ Gent De Pintelaan 185 B 9000 Gent T: +32 (0)9 332 21 11 info@uzgent.be www.uzgent.be

hoofd, hals en zenuwstelsel

Heelkundige behandeling van traanzakobstructie


Heelkundige behandeling van traanzakobstructie Een heelkundige behandeling van traanzakobstructie of endoscopische dacryocystorhinostomie (DCR) wordt uitgevoerd om patiënten met traanzak- en/of traanwegverstopping te behandelen.

Oorzaken Onder normale omstandigheden lopen de tranen via een systeem van traanwegen en traanzak van de ooghoek naar de neus (figuur 1). Als er een verstopping in dit afvoersysteem optreedt, kunt u last hebben van tranende ogen. Mogelijke oorzaken van een verstopping zijn infecties van de traanzak of aangezichtstrauma’s. Een verstopping kan ook optreden als complicatie bij endoscopische sinusheelkunde. Vaak is de oorzaak echter onbekend. Bij een kleine groep patiënten wordt samen met de verstopping een neustussenschotdeviatie of chronische rhinosinusitis vastgesteld.

Diagnosestelling Verstopping van de traanwegen of traanzak komt frequent voor. De oogarts stelt de diagnose. Door onderzoek van de traanwegen en traanzak kan de oogarts bepalen op welk niveau de verstopping zich bevindt. Meestal wordt een operatie pas overwogen als andere vormen van behandeling, zoals warme compressen, antibiotica, massage en het verwijden van de traanwegen geen blijvende oplossing bieden. De beslissing tot heelkunde wordt steeds in overleg met u en een oogarts genomen.

Technieken Er zijn twee technieken beschikbaar die de oogarts met u zal bespreken. De eerste is uitwendige DCR (met uitwendige incisie). Die wordt door de oogarts uitgevoerd. De tweede is een endoscopische DCR (zonder uitwendige incisie) die de neus-, keel- en oorarts en de oogarts samen uitvoeren. Bij beide operaties wordt een opening in de traanzak gemaakt zodat de tranen onmiddellijk in de neus vloeien. De operatie is in 84 tot 95% van de gevallen succesvol. De resultaten van een endoscopische DCR en externe DCR zijn momenteel vergelijkbaar.

Wat zijn de mogelijke complicaties? Complicaties ten gevolge van een endoscopische dacryocystorhinostomie zijn zeldzaam. Recente studies tonen dat de kans op een complicatie tijdens en kort na de ingreep rond de 1 op 100 bedraagt. De meest frequente complicaties tijdens en kort na de ingreep zijn neusbloeding en een beschadiging aan de oogkas met tijdelijk een blauw oog als gevolg. Bij ongeveer 6% van de patiënten veroorzaakt slechte wondgenezing littekenvorming waardoor de opening van de traanzak terug dichtgroeit of verkleint.

Hoe verloopt de ingreep? Een endoscopische DCR gebeurt altijd onder volledige verdoving en indien mogelijk in daghospitalisatie. De ingreep duurt ongeveer 40 minuten en wordt volledig uitgevoerd via het neusgat. Daardoor is er geen uitwendige incisie ter hoogte van de ooghoek nodig. De traanzak wordt endoscopisch opgezocht via het neusgat. Het bot dat over de traanzak ligt, wordt endoscopisch weggenomen. Na het openen van de traanzak wordt het slijmvlies van de neus tegen de wand van de traanzak gelegd. Dat verkleint de kans op dichtgroeien achteraf. Op het einde van de ingreep wordt een kleine neuswiek geplaatst om de bloeding te stelpen. Die neuswiek wordt na 2 dagen voorzichtig door een neus-, keelen oorarts verwijderd. Bij 10 tot 15% van de patiënten is ook een correctie van het neustussenschot mogelijk om tot een optimaal resultaat te komen. Soms is het nodig om siliconenbuisjes ter plaatse te laten om vernauwing tegen te gaan. Die buisjes blijven gemiddeld een 8-tal weken zitten en worden nadien onder lokale verdoving verwijderd. Een endoscopische DCR heeft als voordelen dat er geen uitwendig litteken is, dat de genezing doorgaans snel verloopt en dat er een zeer laag risico is op complicaties.

figuur 1

Infobrochure Heelkundige behandeling van traanzakobstructie  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you