Waar gaat de regen naartoe?
Aardrijkskunde
Doelen De minimumdoelen die we met deze onderzoeksvraag halen zijn: 4.1.1 De kleuters kennen de naam van: • België; • een plaatselijke rivier; • de rivier de Nijl. 4.2.2 De kleuters kennen de volgende begrippen met betrekking tot natuurlijke aspecten van landschappen: • het water: de oceaan, de zee, het strand, de rivier, de beek, de plas, de vijver; 4.2.5 De kleuters kunnen de relatie tussen bewolking en neerslag beschrijven.
Instapverhaal Vertel het instapverhaal met Hup en Aap om de kleuters nieuwsgierig te maken naar het onderwerp. Je kunt met de handpoppen van Hup en Aap het verhaal nog meer tot leven brengen. Ben je goed met stemmetjes, gebruik dan voor de twee personages en de vertelstem een andere stem. Hup is rustig en bedachtzaam, Aap is levendig en spontaan. Hup zit in het gras en kijkt naar de lucht. “Ik denk dat het gaat regenen,” zegt ze. Aap hangt ondersteboven aan een tak. “Regen? Leuk! Dan krijg ik natte haren! Kijk!” Hij schudt wild met zijn hoofd. Pling … pling … pling … De eerste druppels vallen neer. “Oh!” zegt Aap. “Ze tikken op mijn neus!” Hup lacht. “Voel maar, ze vallen overal.” Het begint harder te regenen. Tik-tik-tik op de bladeren. Plok-plok op de grond. Aap springt naar beneden en kijkt naar zijn voeten. “Hé, Hup! Mijn tenen zijn nat! En kijk … het water loopt weg!” Hup buigt zich voorover. “Ja, ik zie het. Allemaal kleine stroompjes.” Aap volgt met zijn vinger een dun straaltje water. “Het loopt van hier ... naar daar … en nog verder!” Hij rent een stukje verder. “Hup! Kom kijken! Het water gaat naar een plasje!” Hup hopt achter hem aan. “Dat klopt, hier vormt het samen een plasje.” Aap springt in de plas. SPLASH! Hup kijkt intussen naar de andere stroompjes water die zich verder een weg banen op de grond. “Kijk eens hier, Aap …” Aap knijpt zijn ogen samen en kijkt aandachtig. “Dat water loopt nog verder weg! Maar… waarheen dan?” Hup glimlacht. “Zullen we dat samen ontdekken?”
Wereldwijzer kleuters - Waar gaat de regen naartoe?