Page 1


Het eerste hoofdstuk uit

Edgar Allan Poe De biografie van

Peter Ackroyd

k a r a at


Oorspronkelijke titel Poe. A Life Cut Short Copyright ©  Peter Ackroyd Copyright Nederlandse vertaling ©  David Koppernik en Uitgeverij Karaat, Amsterdam Vormgeving omslag De Hazen Omslagfoto Bettmann/Corbid www.uitgeverijkaraat.nl Edgar Allen Poe. De biografie: isbn      / nur 


Het slachtoffer

Op de avond van  september  stopte Edgar Allan Poe, in Richmond, Virginia, bij de praktijk van een dokter – John Carter – en kreeg pijnstillers tegen de koorts die hem in haar greep hield. Daarna stak hij de straat over en gebruikte een maaltijd in een lokale herberg. Hij had per ongeluk dokter Carters rotan degenstok meegenomen. Poe stond op het punt aan boord te gaan van de stoomboot naar Baltimore. Dat was zijn eerste halte op weg naar New York, waar hij zaken te doen had. De boot vertrok de volgende ochtend om vier uur voor een reis die ongeveer vijfentwintig uur zou duren. Op de vrienden die hem uitzwaaiden maakte hij een opgewekte en nuchtere indruk. Hij verwachtte niet langer dan twee weken uit Richmond weg te blijven. Toch vergat hij zijn bagage mee te nemen. Dit was de laatste keer dat Poe verifieerbaar gezien is tot hij zes dagen later stervend in een kroeg werd aangetroffen. Op vrijdag  september arriveerde hij in Baltimore. Hij bleef in deze stad hangen, in plaats van door te reizen naar Philadelphia, de volgende halte op zijn route naar New York. Er zijn beschrijvingen dat hij daar gedronken heeft. Misschien dronk hij om de gevolgen van de koorts te onderdrukken. Misschien

4


was hij bang dat hij een hartaanval zou krijgen. De dokters in Richmond hadden hem verteld dat een volgende aanval fataal zou zijn. Het is mogelijk dat hij toen met de trein naar Philadelphia is gereisd. Hij bezocht een paar vrienden in die stad, en werd dronken of ziek. De volgende ochtend verklaarde hij, in verwarde staat, dat hij door zou reizen naar New York. Maar in feite, per ongeluk of opzettelijk, keerde hij terug naar Baltimore. Er bestaan niet bevestigde verslagen dat hij toen opnieuw wilde teruggaan naar Philadelphia, maar ‘bewusteloos’ in de trein werd aangetroffen. De conducteur bracht hem terug naar Baltimore. De waarheid is niet te achterhalen. Alles ligt verscholen in een dichte mist. Neilson Poe, zijn neef, schreef later aan Poe’s schoonmoeder en onofficiële voogdes Maria Clemm: ‘Op welk tijdstip hij aankwam in de stad [Baltimore], waar hij verbleef toen hij daar was, en onder welke omstandigheden, heb ik niet vast kunnen stellen.’ Ondanks veel onderzoek en veel speculaties is er niet meer aan het licht gekomen. Wellicht heeft hij door de straten gezworven, of is hij van kroeg naar kroeg gestrompeld. Het enige wat vaststaat is dat een drukker op  oktober een boodschap naar Joseph Evans Snodgrass heeft gestuurd: ‘Er is een heer, wiens kleding nogal te wensen overlaat, bij Ryans de stembureau, die onder de naam Edgar A Poe gaat, en die in grote nood lijkt te verkeren, & hij zegt dat hij u kent, ik verzeker u dat hij dringend hulp nodig heeft.’ Snodgrass was redacteur van de Saturday Visiter geweest, waarvoor Poe had geschreven. ‘Ryans de stembureau’ verwijst naar een herberg die gebruikt werd als stemlokaal voor de verkiezingen van het Congres die op die dag plaatsvonden; Ryan was de naam van de eigenaar van de herberg. De boodschap van de drukker was serieus genoeg om Snod-

5


grass in beweging te brengen. Hij ging de herberg binnen en trof Poe, die er verdwaasd bij zat, aan in gezelschap van een groep ‘drinkende mannen’. Het viel Snodgrass op dat hij vreemd gekleed was. Hij droeg een rafelige strohoed en een slecht passende broek. Hij had een tweedehands jas aan, maar er was geen spoor van een vest of een das. Met uitzondering misschien van de strohoed waren dit niet de kleren waarin hij Richmond verlaten had. Verrassend genoeg hield hij nog wel dokter Carters rotan stok vast. In zijn benevelde en opgejaagde toestand zag hij er misschien een wapen in waarmee hij zich kon verweren. Snodgrass ging niet naar hem toe, maar reserveerde een kamer voor hem in dezelfde herberg. Hij wilde net Poe’s familieleden in Baltimore waarschuwen toen er toevallig twee binnenkwamen. Een van hen was een neef van Poe, Henry Herring, die naar de herberg was gekomen in verband met de verkiezingen. Hij was verwant aan een lokale politicus. Snodgrass herinnerde zich dat ‘ze weigerden zich persoonlijk over hem te ontfermen’ omdat hij in het verleden beledigend was geweest in deze staat van dronkenschap; ze stelden in plaats daarvan voor hem naar een plaatselijk ziekenhuis te brengen. Ze slaagden erin hem in een rijtuig te krijgen, waarbij ze hem droegen ‘alsof hij een lijk was’, en hij werd opgenomen in het Washington College Hospital. De dienstdoende arts, John Moran, schreef later dat Poe zich ‘niet bewust was van zijn toestand’ tot vroeg op de volgende ochtend. Zijn bewusteloosheid werd toen opgevolgd door een ‘tremor van de ledematen’ en een delirium waarin hij ‘voortdurend praatte – en betekenisloze gesprekken voerde met spectrale en denkbeeldige voorwerpen op de muren’. Pas op de tweede dag na zijn opname hervond hij zijn rust. Hij begon te praten, maar niet op een samenhangende manier. Hij vertelde

6


de dokter dat hij een vrouw in Richmond had, wat niet waar was, en dat hij niet wist wanneer hij die stad verlaten had. De dokter stelde hem gerust door hem te verzekeren dat hij gauw in het gezelschap van vrienden zou zijn, waarop hij uitbarstte in een stortvloed van zelfverwijten over zijn ontaarde toestand, en verklaarde dat het beste wat een vriend voor hem kon doen was hem (Poe) door het hoofd te schieten. Daarna viel hij in slaap. Toen hij wakker werd, zakte hij weg in een delirium. Op zaterdagavond begon hij ‘Reynolds’ te roepen, en dat bleef hij onafgebroken doen tot drie uur de volgende ochtend. ‘Zwak geworden van de inspanning,’ schreef de arts, ‘werd hij stil en leek korte tijd te rusten, toen bewoog hij zachtjes zijn hoofd, zei “Heer, help mijn arme ziel” en stierf.’ Dit is de getuigenis van dokter Moran, vijf weken na de beschreven gebeurtenissen op schrift gesteld voor Maria Clemm. Ondanks later toegevoegde verfraaiingen door de dokter is dit de dichtste benadering van de waarheid die voorradig is. Wat heeft Poe uitgespookt in die verloren dagen in Baltimore? De algemeen aanvaarde theorie is dat hij gebruikt werd als een ‘stroman’ voor de verkiezingen; hij kreeg de kleren van anderen aangetrokken zodat hij meer dan één keer voor een bepaalde kandidaat kon stemmen. Deze valse kiezers werden in ‘cools’ of herbergen vastgehouden, waar ze werden volgestouwd met alcohol. Later bleek dat ‘Reynolds’, de naam die Poe gedurende zijn laatste delirium bleef herhalen, de achternaam was van een van de verkiezingsfunctionarissen in Ryans herberg. Dat is een mogelijke verklaring, maar ze is niet de enige. Er is bijvoorbeeld gesuggereerd dat hij een aanzienlijk geldbedrag bij zich had van de abonnementen op Stylus, een tijdschrift dat hij wilde oprichten, en dat hij daardoor het slachtoffer was


geworden van een beroving. Er zijn ook meerdere verklaringen voor een vroege dood, inclusief delirium tremens en tuberculose, een ‘laesie van de hersenen’ of een hersentumor, en diabetes. De put is te diep om de waarheid te kunnen achterhalen. De begrafenis werd op maandag  oktober gehouden, met slechts vier rouwenden. Twee van hen waren Henry Herring en Neilson Poe. De ceremonie nam niet meer dan drie of vier minuten in beslag. Net als zijn vertellingen en gedichten houdt Poe’s eigen verhaal abrupt en met een open einde op; het is versluierd door een mysterie dat nooit is opgelost en dat waarschijnlijk nooit zal worden opgelost.


De titels van Uitgeverij Karaat: Peter Ackroyd, Edgar Allan Poe. De biografie Charles D’Ambrosio, Het dodevissenmuseum. Verhalen F. Scott Fitzgerald, Bedankt voor het vuurtje. Verhaal F. Scott Fitzgerald, Een dag in mei. Novelle Valeria Luiselli, De gewichtlozen. Roman Valeria Luiselli, Valse papieren. Narratieve essays Cesare Pavese & Bianca Garufi, Het grote vuur. Roman Donald Ray Pollock, Al die tijd de duivel. Roman Luc de Rooy & Annick Vandorpe, Een vreemd soort melancholie. Over Alejandro Zambra. Essay Alejandro Zambra, Bonsai. Roman Alejandro Zambra, Het verborgen leven van bomen. Roman Alejandro Zambra, Manieren om naar huis terug te keren. Roman Alejandro Zambra, Mudanza: een verhuisbericht. Gedicht

Peter Ackroyd, Edgar Allan Poe, eerste hoofdstuk  

Lees hier het eerste hoofdstuk van Edgar Allan Poe. De biografie, geschreven door Peter Ackroyd.

Advertisement