Issuu on Google+

OPRECHT

Magazine van Studievereniging Sirius november 2012 • jaargang 7 nr. 6

Grondrechten voor geboefte? 06 Wit-Rusland: Europese buurdictatuur 18 Democratie volgens de VS


LiabiLity biLLabiLity LegisLation Mediation Venture buyout

Maar VooraL gezond Verstand. Wil jij je carrière in de advocatuur beginnen bij een toegankelijk topkantoor, kijk dan op WWW.vbk.nl hoe je kunt solliciteren naar je (student)stage en volg ons op @vbknl.


IN DIT NUMMER: OpRecht november 2012

Artikelen 09

Grondrechten voor geboefte?

Het komt nogal eens voor dat de potentieelcrimineel in zijn handelingen beknot wordt: hij wordt door een burger op heterdaad betrapt, waarop een gevechtpartij ontstaat. Mocht de crimineel hierbij het leven laten, heeft dat te gelden als een risico van het vak, zo is de populistische overtuiging.

06 Wit-Rusland: Europese buurdictatuur

10

12 X-plosie: Haren overhoop

14

De verloren onschuld

17 Sirius Playground

18

Democratie volgens de VS: recht van de sterkste?

De misstanden in Syrië kunnen niemand ontgaan. Dichterbij huis is echter ook een dictatuur te vinden. Hier is geen sprake van een burgeroorlog, maar van (mysterieuze) verdwijningen van oppositiefiguren, arrestaties van actievoerders en een beknellende overheidscensuur. De EU kan wellicht helpen hieraan een einde te maken.

Vanwege de Facebookrellen is het - ooit zo rustige - dorpje Haren inmiddels wereldwijd bekend. Wat wellicht minder bekend is, is welke interessante juridische trucjes zijn gebruikt in de aanloop naar en nasleep van het Project X feest om de relschoppers door de rechter te laten veroordelen.

Voor de ouderejaars ULC’ers heeft hét carrièreevenement van Sirius wederom plaatsgevonden, en wel in het prachtige conferentiecentrum Kontakt der Kontinenten. Een onzer verslaggevers was gewapend met pen en papier de bus ingetreden en heeft het geheel ten behoeve van de annalen vastgelegd.

Komt een dokter bij de rechter Het komt niet vaak voor dat een dokter een zo ernstige medische fout maakt dat hij niet alleen voor de tuchtrechter, maar ook voor de strafrechter moet verschijnen. De wet probeert allerlei waarborgen te stellen, maar uiteindelijk lijkt de effectiviteit van het recht vaak afhankelijk te zijn van de integriteit van de arts zelf.

In zorginstellingen voor uit huis geplaatste kinderen en jongeren vindt er vaker seksueel misbruik plaats dan in pleeggezinnen of normale thuissituaties. Hoe kan het dat dit zo gebeurt en hoe kan het voorkomen worden? In het rapport Omringd door zorg, toch niet veilig is niet alle relevante informatie gepubliceerd.

De verkiezingen in de Verenigde Staten zijn weer spannend geweest. Het is echter mogelijk dat de stemmen zijn beïnvloed door de wetten op het kiesrecht van bepaalde staten: de eis van het kunnen tonen van photo-ID bij registratie heeft wellicht de Democrats disproportioneel benadeeld.

Rubrieken 05 05 21 22 23

Redactioneel Lex Van het bestuur Column Wat een maand OpRecht november 2012

3


TOPMOMENT #6

DĂŠ tip voor de juiste aanpak

Al tijdens je studie ervaring opdoen in de rechtspraktijk? Maak kennis met de duale master en

Rechtbank en Gerechtshof Arnhem, Van Doorne,

onderzoeksmaster Onderneming & Recht

Simmons & Simmons en Stibbe. Vraag de brochure aan.

Hier doe je werkervaring op bij: AKD, Clifford Chance,

nls0028_advA4_fc_12.indd 2

De Brauw Blackstone Westbroek, NautaDutilh,

Kijk op www.ru.nl/topmomenten of bel (024) 361 20 79.

Onderzoekcentrum Onderneming & Recht,

Bereid je voor op topniveau

30-10-12 18:37


HOOFDREDACTIONEEL Beste lezer, Van achter mijn computertje kan ik je al haast met deze OpRecht in je handen zien staan. Hopelijk is ons blaadje nog heet van de pers en kan hij je in deze koude dagen een beetje opwarmen. Onze redactie wordt hier gelukkig in gesteund door de radio’s en de supermarkten, die al sinds het eind van de zomervakantie de warme wintergloed van Sinterklaas en Kerst in ons hart proberen te verwekken. Kerst in de voorverkoop –hartverwarmend, toch? Nee! Het is nog herfst, en mijn Amerikaanse hart roept op tot Halloween, tot Thanksgiving. Het is immers puur om de grauwe herfstdagen te camoufleren dat de pepernoten al in de schappen liggen. Elk jaar wordt het tragischer, die taai-taaipoppen in augustus. Het is overduidelijk: het Nederlandse volk wil een herfstfeest. Iets met een Hoorn des Overvloeds om de oogst te vieren. Liefst ook wat dansen erbij.

Maar omdat wij ook de langere nachten te vieren hebben nomineer ik bij deze het Cluedofest, een landelijke murder-mystery-manhunt jaarlijks op 20 oktober. Zo mogelijk met bijbehorend snoepgoed. Alle baanbrekende ideeën daargelaten, zou ik deze plaats ook willen gebruiken om een meer persoonlijke boodschap te verkondigen. Na meer dan drie jaar redacteur en één jaar hoofdredacteur van dit prachtige blad te zijn geweest, is het tijd voor mij om afscheid te nemen. Afscheid van het haasten om artikelen af te krijgen, van het lachen bij redactievergaderingen, van de fantastische redactie, en van jou, trouwe lezer. Bedankt dat jullie mij dit platform hebben geboden. En: bedankt voor het lezen! Liefs, Marieke

LEX

an.

9.

OpRecht november 2012

18:37

5


Wit-Rusland Studio Total

Europese buurdictatuur Een kleine duizend teddyberen met ieder een eigen spandoekje landden afgelopen zomer in Minsk, Wit-Rusland. De NOS maakte op 18 juli op haar website melding van dit feit. Op elk spandoek stond de leus ‘Wij steunen de Wit-Russische strijd voor vrijheid van meningsuiting’. Hoewel de foto’s en filmpjes op het web er niet om liegen, ontkennen de Wit-Russische autoriteiten in Minsk dat dit voorval heeft plaatsgevonden. Dat is opmerkelijk, gezien het feit dat journalistiekstudent Anton Surapin (20) werd opgepakt door de veiligheidsdiensten omdat hij zou hebben meegewerkt aan de dropping. Was dit nu slechts een incident? Geen sprake van. In het Wit-Rusland van president Loekasjenko, een ware dictatuur op nog geen 2000 kilometer van ons vandaan, zijn eigenaardigheden als deze aan de orde van de dag. DOOR DANIËLLE ARNOLD

Als een duveltje uit een doosje kwam Aleksandr Loekasjenko in 1994 aan de macht met een enorm mandaat van de Wit-Russische kiezers.1 Beloften van sterk leiderschap en een einde aan inflatie en corruptie hadden hem in één klap populair gemaakt.2 Hij bleek geen eendagsvlieg. Loekasjenko begon nog in datzelfde jaar met het bestendigen van zijn macht, en wel op heerszuchtige wijze. Hij voerde de perscensuur weer in en schafte de verkiezingen van regionale bestuurders af. Voortaan werden zij door hemzelf benoemd. Een referendum in 1995 bracht een grondwetswijziging die het Loekasjenko mogelijk maakte het parlement te ontbinden ‘in geval van systematische of grove schending van de Grondwet’. Een tweede referendum een jaar later deed daar nog een schep bovenop: de Opperste Sovjet, tot dan toe een onafhankelijk bolwerk, werd vervangen door een tweekamerparlement, dat evenals het voorheen 1 G. Groot Koerkamp, Wit-Rusland, Amsterdam: KIT Publishers 2009, p.59 e.v. 2 B. Bennett, The last dictatorship in Europe. Belarus under Lukashenko, Londen: Hurst & Co 2011, p. 25.

6

onafhankelijke Constitutioneel Hof grotendeels onder presidentiële controle kwam.3 Eind jaren ’90 nam ook de druk op onafhankelijke facties in het publieke domein toe. De speelruimte voor onafhankelijke omroepen werd kleiner en de academische vrijheid voor onderwijsinstellingen kwam langzaam maar zeker in het geding. De terneergeslagen oppositie ontwikkelde een angst voor sluipmoordenaars naarmate er meer voormalig regeringsfunctionarissen zomaar verdwenen.4 Dit overkwam oud-minister van Binnenlandse Zaken Joeri Zacharenko, die ruzie had gekregen met Loekasjenko en aansluiting zocht bij de oppositie. Vier maanden later verdwenen ook oud-voorzitter van de Centrale Kiescommissie Viktor Gontsjar en diens vriend Anatoli Krasovski van de aardbodem. Van hen is sindsdien 3 G. Groot Koerkamp, Wit-Rusland, Amsterdam: KIT Publishers 2009, p.59 e.v. 4 J. Kinsman, K. Bassuener, A Diplomat’s Handbook. For Democracy Development Support (Second Edition), New Jersey: Princeton University Press 2008, p.156 e.v.


Studio Total

niets meer vernomen. Onderzoek wees uit dat de verdwijningen waarschijnlijk het werk waren van een speciale politie-eenheid onder leiding van een kennis van Loekasjenko. Niet alleen bekende politici, maar ook tientallen andere antagonisten zouden slachtoffer zijn geworden van deze moordende equipe.5 Naast verdwijningen vinden ook andere gruwelijkheden plaats. Amnesty International maakt op haar website melding van twee executies in het afgelopen jaar, die uitgevoerd werden ondanks een formeel verzoek van het VN Mensenrechtencomité om de executies in ieder geval uit te stellen tot na diens behandeling van de zaak. Families van de geëxecuteerden werden respectievelijk pas drie en vijf maanden later op de hoogte gebracht van de strafvoltrekking. Ook maakt Amnesty melding van verscheidene gevallen van marteling en mishandeling en van een veroordeling voor ‘het beledigen en zwartmaken van de president’. Op de pagina valt verder te lezen dat Wit-Rusland gevangengenomen gewetensbezwaarden kent. Zij zitten vast omdat ze op basis van hun overtuiging bezwaren hebben tegen Loekasjenko’s manier van regeren. Ten slotte maakt Amnesty melding van voorbeelden van schendingen van de vrijheden van vereniging en vergadering en het recht op een eerlijk proces.6 Het voorgaande maakt duidelijk dat de Wit-Russen leven in een dictatuur: een land dat wordt beheerst door iemand, of een kleine groep mensen, die een schrikbewind voert.7 Loekasjenko en zijn trawanten proberen hun bewind te handhaven door angst te verspreiden. Dat is echter niet overal nodig. Loekasjenko weet zich namelijk nog steeds gesteund door een significante groep Wit-Russen. Hij heeft zijn machtsbasis op het platteland, waar met name gecensureerde media de mensen bereiken.8 Een logische vervolgvraag luidt dan: ‘Willen de WitRussen wel van Loekasjenko af?’ Hoe groot de groep werkelijke aanhangers van Loekasjenko is, is niet precies duidelijk: wie schaart zich achter hem uit angst en wie uit overtuiging? Het ligt voor de hand dat wanneer de groep werkelijke aanhangers wordt bereikt door ongecensureerde media die kritisch staan tegenover de situatie in het land, ook binnen deze groep de weerstand tegen Loekasjenko zal toenemen. Op vele plaatsen gebeurt dat al. De economische crisis 5 G. Groot Koerkamp, Wit-Rusland, Amsterdam: KIT Publishers 2009, p.64 e.v. 6 ‘Belarus’ Annual Report 2012’, www.amnesty.org (zoek onder de kop ‘Learn about human rights’ op Belarus). 7 Definitie is afkomstig uit de Van Dale. 8 ‘Vijf vragen over Loekasjenko’, 19 december 2010, www,nos.nl (zoek op vijf vragen over Loekasjenko).

en teruggeschroefde Russische subsidies hebben Loekasjenko’s positie aangetast en de opkomst van internet geeft steeds meer mensen toegang tot onafhankelijke informatiebronnen.9 Zo bezien lijkt een interne revolutie dichterbij te komen, ware het niet dat er ook een groep Loekasjenko-aanhangers bestaat die zich laat leiden door angst. Deze groep wil wel van haar leider af, maar durft zich daar simpelweg niet hard voor te maken. Dat is niet gek, aangezien de Wit-Russische veiligheidsdienst, de KGB, intimidatie van Loekasjenko’s opponenten niet schuwt. De mensen die zich in januari 2011 op een plein in Minsk verzamelden om te protesteren tegen Loekasjenko’s herverkiezing kregen vrijwel allemaal een telefoontje van de KGB. Hen werd gevraagd of ze even langs wilden komen om uit te leggen wat ze op het plein te zoeken hadden. Zo zijn er nog talloze andere voorbeelden te bedenken.10 Zolang de KGB op een dergelijke manier angst blijft zaaien, kan het nog wel even duren voordat zich een interne revolutie ontketent. Het buitenland, Europa in het bijzonder, kan wellicht helpen een interne revolutie aan te wakkeren. In het verleden hebben staten, organisaties en instellingen al op diverse manieren hun kritiek geuit tegen het Wit-Russische gezag. Zo gingen naar aanleiding van aanwijzingen voor stembusfraude in 1996 stemmen op om Wit-Rusland uit de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) te stoten. Toen puntje bij paaltje kwam gebeurde dat echter niet. De waarnemersstatus van het land bij de Raad van Europa werd wel opgeschort.11 Helaas betekent dit ook dat Wit-Rusland geen partij is bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), waardoor Loekasjenko niet gebonden is aan de mensenrechten die in dit verdrag verankerd zijn. De Raad van Europa staat nu dus min of meer buitenspel. De Europese Unie kan wel het een en ander beginnen. In maart van dit jaar breidde de EU haar sancties tegen Loekasjenko uit wegens het beknotten van burgerlijke vrijheden. Meerdere personen en bedrijven worden door de sancties getroffen, waaronder een belangrijke financier van Loekasjenko’s regime: de zakenman Joeri Chizh.12 De contacten van zijn bedrijven met EU-bedrijven werden verbroken en zijn EU-tegoeden 9 ‘Wit-Russen radicaliseren’, 20 januari 2010, www.volkskrant.nl (zoek op Wit-Russen radicaliseren). 10 ‘‘Geheime dienst heerst in Wit-Rusland’’, 21 januari 2011, www. nos.nl (zoek op geheime dienst Wit-Rusland). 11 G. Groot Koerkamp, Wit-Rusland, Amsterdam: KIT Publishers 2009, p.64. 12 ‘EU breidt sancties tegen Wit-Rusland uit – ‘treft belangrijke financier regime’, 23 maart 2012, www.nrc.nl (zoek op sancties Wit-Rusland).

OpRecht november 2012

7


bevroren.13 De EU trok verder alle ambassadeurs van de lidstaten terug uit Wit-Rusland. Ook de ‘zwarte lijst’, waarop Wit-Russen staan die niet naar de EU mogen reizen, werd uitgebreid.14 Loekasjenko kreeg zelf met deze lijst te maken toen hij de Openingsceremonie van de Olympische Spelen wilde bezoeken.15 Er is volgens Uri Rosenthal echter geen kans op verdere aanscherping van sancties, omdat daar binnen de Unie op dit moment geen steun voor is. Vooral de Baltische staten zijn tegen nieuwe strafmaatregelen omdat zij grote handelsbelangen hebben in Wit-Rusland, aldus de minister.16 Hoe ver het buitenland kan en moet gaan om de stand van zaken in Wit-Rusland te helpen veranderen is onderwerp van discussie. In deze discussie kan worden gewezen op het belang van respect voor de Wit-Russische soevereiniteit. In beginsel hebben andere staten niet het recht om zich te bemoeien met de binnenlandse aangelegenheden in Wit-Rusland en moeten zij zich onthouden van agressie tegen Loekasjenko’s regime, zo blijkt onder andere uit artikel 2 van het Handvest van de Verenigde Naties. Wat staten en organisaties kunnen doen zonder een te vergaande inbreuk te maken op de Wit-Russische soevereiniteit, is de druk op Wit-Rusland opvoeren om de democratie een grotere poot in de gouvernementele aarde te geven. In dit kader kan worden gedacht aan talloze maatregelen, zoals de handelsboycot, steun aan de Wit-Russische oppositie, gerichte economische sancties tegen de overheid en overheidsfinanciers, het (financieel) steunen van NGO’s in Wit-Rusland, het intrekken van bijstand aan Wit-Russische staatsmedia, het verlenen van beurzen aan Wit-Russische studenten die vanwege het voeren van actie van de universiteit zijn verbannen en het invoeren en handhaven van een visumstop voor Wit-Russische ambtenaren.17 Dergelijke maatregelen brengen staten en organisaties in de positie om eisen te kunnen stellen waaraan WitRusland tegemoet moet komen om te verzekeren dat de maatregelen weer worden ingetrokken.

13 ‘Limited EU economic sanctions on Belarus’, 28 maart 2012, www. osw.waw.pl (zoek op sanctions Belarus). 14 ‘EU breidt sancties tegen Wit-Rusland uit – ‘treft belangrijke financier regime’, 23 maart 2012, www.nrc.nl (zoek op sancties WitRusland). 15 M. Elder, ‘Russian official attacks Olympics organisers for barring Belarus president’, 26 juli 2012, www.guardian.co.uk (zoek op Olympics Belarus). 16 ‘Geen kans op nieuwe sancties Wit-Rusland’, 10 oktober 2012, www.nu.nl (zoek op sancties Wit-Rusland). 17 Enkele van deze maatregelen zijn al door het Europees Parlement voorgesteld aan de Raad en de Commissie middels de resolutie van 20 januari 2011 over de situatie in Belarus, zie PbEU 2012, C 136/58.

8

Zoals gezegd heeft de Europese Unie al enkele sancties opgelegd, maar weerhouden handelsbelangen de Unie van het uitbouwen van dit sanctiestelsel.18 De aanleg van Nord Stream, een oliepijpleiding tussen Rusland en West-Europa die doorvoerlanden Wit-Rusland en Oekraïne omzeilt, relativeert die handelsbelangen weliswaar, maar neemt ze niet weg.19 Het opleggen van sancties kan derhalve vervelende gevolgen hebben voor de eigen economie. Dat verklaart misschien eveneens waarom tussen Nederland en Wit-Rusland vandaag de dag nog steeds een handelsverdrag in werking is. Dit verdrag, het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Belarus inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen, dient ertoe ‘bestaande vriendschapsbanden te versterken, de economische betrekkingen tussen hen uit te breiden en te intensiveren, met name wat investeringen van entiteiten binnen de ene Verdragsluitende Partij op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij betreft’.20 Als de Europese Unie en haar lidstaten echter werkelijk iets willen betekenen voor de Wit-Russen is het cruciaal dat het Wit-Russisch belang gaat prevaleren boven onze eigen economische belangen. Het werken aan een omvorming van het WitRussische staatsbestel is niet alleen een taak van autoriteiten. Ook burgers kunnen iets betekenen. Acties zoals de teddybeerdropping in juli zorgen voor ruchtbaarheid, zodat de Wit-Russische situatie hoger op belangrijke agenda’s komt te staan. Maar zo groot hoeven burgerinitiatieven niet eens te zijn: het sturen van een kaartje aan een politieke gevangene of het steunen van een mensenrechtenorganisatie doet al veel goeds. Burgers kunnen ook Belarus Free Theatre steunen, een ondergrondse theatergroep uit Wit-Rusland die nu met haar voorstelling ‘Trash Cuisine’ over de wereld reist om mensen bewust te maken van de miserabele toestand in hun land. Of nog simpeler: door alleen al over de Wit-Russische situatie te praten, via sociale media of in het echt, kunnen burgers hun steentje bijdragen. Die aandacht kan namelijk zomaar de sleutelprikkel zijn voor een interne revolutie. En wie weet zijn we dan binnenkort getuige van de omverwerping van Loekasjenko’s naargeestige regime, ook wel de laatste dictatuur van Europa genoemd. n 18 ‘Geen kans op nieuwe sancties Wit-Rusland’ 10 oktober 2012, www.nu.nl (zoek op sancties Wit-Rusland). 19 W. Keuning, ‘Europa laat het gas stromen’ 9 november 2011, www.volkskrant.nl (zoek op aanleg Nord Stream). 20 ‘Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Belarus inzake de bevordering en de wederzijdse bescherming van investeringen’, www.wetten.overheid.nl (zoek onder Verdragen op Republiek Belarus).


Grondrechten voor geboefte? Het lijkt wel of het steeds vaker het nieuws haalt: een inbreker, een overvaller, een willekeurige boef probeert een misdrijf te plegen maar wordt belet dit te voltooien. Een vigilante, wellicht zelfs the hero our city needs stapt op gewelddadige wijze tussenbeide, hetgeen soms zelfs fatale gevolgen heeft voor de mislukte crimineel. Wanneer de overheid de brave borst niet vervolgt, lijkt van het geweldsmonopolie van de staat soms slechts een lege huls. DOOR MARIEKE PALSTRA

Afgelopen september overleed een man die ’s nachts in een woonhuis in Diessen had ingebroken na een vechtpartij met de twee bewoners. Dit is verre van de eerste zaak waarin een misdadiger een ongelukkig einde treft. Zo kwam in 2010 een overvaller van een Spar in Moerkapelle om het leven toen de zoon van de eigenaar een gereedschapskist naar de overvaller gooide, waarna deze van de trap viel. Het kabinet stelde toen dat men een ‘ferme tik’ mag uitdelen bij de zelfverdediging. Dit is uiteraard goed te verenigen met de regelingen van noodweer en noodweerexces in art. 41 Sr. Het College van procureurs-generaal vond in elk geval van wel, want er is naar aanleiding hiervan een richtlijn voor het Openbaar Ministerie uitgeschreven waarin wordt bepaald dat in een geval waar er vermoedelijk sprake is geweest van een noodweersituatie de verdachte die zich heeft verweerd over het algemeen niet moet worden aangehouden.1 Het staat het Openbaar Ministerie uiteraard ook vrij om gebruik te maken van hun bevoegdheid om te seponeren, zodat de verdachte niet vervolgd hoeft te worden. Na de u welbekende VVD-leus van de afgelopen verkiezingen – ‘Meeleven met slachtoffers, niet met daders’ – kan het weinig verbazing wekken dat er vanuit deze hoek na de inbraak in Diessen een nog minder genuanceerde uitlating kwam dan na het vorige incident. Mijn persoonlijke nummer twee op het lijstje ‘Politici die aan deep-space exploration moeten gaan doen’, demissionair Staatssecretaris Fred Teeven, liet weten dat het “treurig [is] dat iemand dood is gegaan, maar dat is wel een inbrekersrisico.”2

Mijn probleem hiermee stamt uit het volgende: er is in Nederland sprake van een geweldsmonopolie van de overheid. De onpartijdige Staat beslist wie er een straf krijgt opgelegd, opdat de burgers in hun geëmotioneerde toestand niet excessief revanche gaan nemen. Het risico dat een inbreker en elke andere crimineel denkt te lopen wanneer hij ervoor kiest een strafbaar feit te plegen is dus niet de dood, maar een straf die door de overheid wordt bepaald: een gevangenneming, een werkstraf, een boete. De doodstraf is met reden al meer dan 140 jaar in Nederland verboden: het Nederlandse volk acht het immoreel, barbaars. In het geval van de woninginbraak in Diessen, die vermoedelijk door twee personen is gepleegd, zou de gesneuvelde inbreker na uiterlijk negen jaar weer op vrije voeten staan (art. 311 lid 3 jo. 4 Sr.) Dat de staatssecretaris de dood een rechtvaardige consequentie lijkt te achten van een poging om (vermoedelijk) een vogeltje te stelen, is mij daarom een raadsel. Belangrijker is nog dat het probleem verder reikt dan dit incident alleen. Als de VVD op deze manier eigenrichting blijft gedogen en zelfs aanmoedigen valt ons gehele strafrechtsysteem geleidelijk in duigen. Alle barrières die wij als samenleving ooit hebben opgebouwd tegen het barbarisme van de oog-om-oog straffen storten in wanneer wij onze basale emoties weer bepalend laten zijn voor de strafrechtspleging. Het populisme zal nog eens lynchpartijen wettigen. n

1 ‘Aanwijzing handelwijze bij beroep of noodweer’ (2010A030), Staatscourant 2010, nr. 20474. 2 ‘Teeven: Dood is inbrekersrisico’, 26 september 2012, www.nos.nl (zoek op Teeven dood).

OpRecht november 2012

9


Komt een dokter bij de rechter Met het verkeerde been uit bed stappen: het overkwam een 90-jarige Oostenrijkse dame letterlijk toen ze ontwaakte in haar ziekenhuisbed en tot de ontdekking kwam dat artsen bij haar het verkeerde been, een gezond been welteverstaan, hadden geamputeerd. Haar zieke been moest vanwege doorbloedingsproblemen worden afgezet. Volgens de artsen had de assistent een vergissing in de planning gemaakt. Het gevolg: enkele dagen na de operatie werd de vrouw opnieuw de operatiekamer binnengereden, deze keer voor de amputatie van haar zieke been. Daarnaast werden twee artsen strafrechtelijk vervolgd en één van hen kreeg door het ziekenhuis een schorsing van 25 jaar opgelegd. DOOR TOM VERDONK Bovengeschetste casus1 is een extreem voorbeeld van medische fouten die gemaakt kunnen worden. Dichterbij huis duikt er zo nu en dan ook een strafzaak op waarbij de verdachte een arts is. Zo moest een paar maanden geleden een gynaecoloog uit Hoorn voor de rechter verschijnen. Tijdens een bevalling waren onder zijn toezicht meerdere fouten gemaakt met als gevolg de dood van de baby en zwaar lichamelijk letsel bij de moeder. De fouten bestonden met name uit slechte communicatie met de ouders en het personeel en het optreden tijdens de bevalling zelf, waarbij de arts thuis ging dineren en geen instructies aan zijn personeel achterliet.2 Het Openbaar Ministerie besloot hem strafrechtelijk te vervolgen. De rechtbank verweet hem zijn nalatige optreden, in het bijzonder omdat het hier ging om een “hoogrisico patiënte”. Hieruit volgde voor de arts “als medisch eindverantwoordelijke” de plicht “om heldere instructies achter te laten en duidelijk af te spreken wanneer hij gewaarschuwd wenste te worden.” De gynaecoloog werd veroordeeld voor dood door schuld (van de baby) en zware mishandeling door schuld (van de moeder). De rechtbank legde hem een voorwaardelijke celstraf van een maand met een proeftijd van twee jaar op. Daarnaast moest de arts een geldbedrag van € 1000 overmaken aan de stichting Make a Memory.3 Deze stichting maakt voor de familie foto’s van ernstig zieke, stervende of overleden baby’s.4 De arts mocht wel gewoon blijven 1 ‘Verkeerd been geamputeerd bij Oostenrijkse vrouw’ 12 oktober 2010, www.volkskrant.nl (zoek op been geamputeerd). 2 Rb. Alkmaar, 24 september 2012, LJN: BX8124. 3 Idem. 4 Stichting ‘Make a Memory’, te bezoeken op www.makeamemory. nl.

10

werken in het ziekenhuis, zolang hij binnen zijn proeftijd zich niet opnieuw schuldig zou maken aan een strafbaar feit. Dit incident staat niet op zichzelf. Per jaar lopen ongeveer 30.000 patiënten vermijdbare gezondheidsschade op en maar liefst 1700 patiënten komen te overlijden ten gevolge van medische fouten5 Ter vergelijking: in 2011 kwamen 661 mensen om het leven in het verkeer.6 Belangrijk om te vermelden is dat in de medische wereld veelal gesproken wordt over een medische fout als het gaat om vermijdbare gezondheidsschade. Daarbij kan gedacht worden aan een verkeerde diagnose die gesteld wordt, fouten bij medisch ingrijpen of fouten bij het toedienen van medicatie. Die laatste groep fouten zorgt voor de meeste slachtoffers: in 2006 bleek uit onderzoek dat jaarlijks 19.000 mensen door verkeerd medicatiegebruik opgenomen werden in ziekenhuizen. Van die grote groep overleden 1200 (!) mensen.7

5 C. Wagner, M. Smits, I. van Wagtendonk, L. Zwaan, S. Lubberding, H. Merten, D.R.M. Timmermans, Oorzaken van incidenten en onbedoelde schade in ziekenhuizen. Een systematische analyse met PRISMA op afdelingen Spoedeisende Hulp (SEH), chirurgie en interne geneeskunde, Amsterdam: 2008 via W.L.J.M. Duijst, Gezondheidsrecht en strafrecht, Kluwer 2009, hoofdstuk 8. 6 ‘Lichte stijging verkeersdoden in 2011’ 19 april 2012, www. rijksoverheid.nl (zoek op verkeersdoden). 7 C. Wagner, M. Smits, I. van Wagtendonk, L. Zwaan, S. Lubberding, H. Merten, D.R.M. Timmermans, Oorzaken van incidenten en onbedoelde schade in ziekenhuizen. Een systematische analyse met PRISMA op afdelingen Spoedeisende Hulp (SEH), chirurgie en interne geneeskunde, Amsterdam: 2008 via W.L.J.M. Duijst, Gezondheidsrecht en strafrecht, Kluwer 2009, hoofdstuk 8.


Uit de Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst volgt de verplichting van zorgverleners om hun patiënten inlichtingen te verschaffen over het voorgenomen onderzoek en de voorgestelde behandeling en over de ontwikkelingen omtrent het onderzoek, de behandeling en de gezondheidstoestand van de patiënt.8 Dus ook in het geval van vermijdbare medische fouten hoort de patiënt daarvan op de hoogte worden gebracht. In sommige situaties zal de patiënt dan nog herstelbehandelingen kunnen ondergaan om de schade zo veel mogelijk te beperken. Een wet die hiermee nauw samenhangt is de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg, kortweg de Wet BIG. In deze wet worden verschillende belangrijke zaken geregeld. Het hoofddoel van de wet is de kwaliteit van zorg te waarborgen. Zo verplicht het apothekers, artsen, fysiotherapeuten, gezondheidszorgpsychologen, psychotherapeuten, tandartsen, verloskundigen en verpleegkundigen zich te registreren in het openbare BIGregister.9 In het register wordt precies vermeld welke handelingen de individuele zorgverlener mag uitvoeren. Overtreding van de Wet BIG leidt tot een gang naar het Medisch Tuchtcollege.10 Uitspraken van het Medisch Tuchtcollege kunnen voor de strafrechter relevant zijn, voor zover deze het optreden van de zorgverlener of zorginstantie beoordelen. In de gevallen van medische fouten zal zeer zelden sprake zijn van opzet aan de kant van de zorgverlener. Het Openbaar Ministerie spreekt van een medische fout als het een zaak betreft “waarin de verdachte een persoon is die werkzaam is in de (geestelijke) gezondheidszorg of de alternatieve gezondheidssector en wiens, al dan niet onbevoegd of ondeskundig, handelen of nalaten een vermoeden oplevert van een strafbaar feit zoals omschreven in het Wetboek van Strafrecht en/of de relevante wetten.”11 Niet alleen een persoon, in veel gevallen de zorgverlener, kan vervolgd worden, maar het Openbaar Ministerie kan ook besluiten om tot strafrechtelijke vervolging van een zorginstantie over te gaan. Een recent voorbeeld hiervan is het strafrechtelijk onderzoek naar het VU medisch centrum en het productiebedrijf Eyeworks wegens het schenden van het medisch geheim door heimelijk opnames te maken van patiënten die werden behandeld.12 8 Art. 448 Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst. 9 Art. 3 e.v. Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. 10 Art. 47 Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. 11 ‘Medische zaken’ 6 februari 2006, www.om.nl (zoek op medische zaken). 12 Arrondissementsparket Amsterdam, ‘VUmc en Eyeworks als rechtspersoon verdacht’ 6 juni 2012, www.om.nl (zoek op VUmc).

In de meeste gevallen zal een medische zaak aanvangen naar aanleiding van een aangifte van de patiënt, naasten of (in de ergste gevallen) nabestaanden, een melding van de Inspectie voor de Gezondheidszorg of een melding van een niet-natuurlijk overlijden door de gemeentelijk lijkschouwer, waartoe hij ambtshalve verplicht is. Overigens wordt in het laatste geval een beroep gedaan op de eerlijkheid van de behandelend arts, doordat hij of zij in beginsel zal moeten aangeven of er sprake is van een natuurlijk overlijden. Mocht hiervan geen melding worden gemaakt dan is bij niemand, inclusief de gemeentelijk lijkschouwer, aanleiding om te twijfelen aan de melding van natuurlijk overlijden. Dan zal de medische fout, afhankelijk van de laatste rustplaats, letterlijk in rook opgaan of wordt meegenomen in het graf.13 Doordat medische strafzaken vaak specialistische medische kennis verlangen is in ieder arrondissement een medisch officier aanwezig.14 Desondanks worstelde het OM jarenlang met de complexiteit van medische strafzaken. Om deze problemen aan te pakken bestaat sinds 2001 het Expertisecentrum Medische Zaken, ondergebracht bij het arrondissementsparket Rotterdam. De medewerkers van dit centrum geven advies in concrete zaken, maar voeren daarnaast ook algemene onderzoeken uit die relevant kunnen zijn voor het gezondheidsstrafrecht.15 Sinds de oprichting van het centrum is het aantal strafonderzoeken en -zaken tegen medici flink gestegen. In 2008 werden 48 strafrechtelijke onderzoeken bij het Expertisecentrum Medische Zaken gemeld, in 2009 was er sprake van bijna een verdubbeling naar 80 zaken.16 Dit aantal is nog altijd een schijntje in verhouding met de tienduizenden gevallen per jaar waarbij patiënten vermijdbare gezondheidsschade oplopen. Het bewijst echter wel de grote terughoudendheid van het Openbaar Ministerie bij de beoordeling van het optreden van zorgverleners. Of dat juist is biedt ongetwijfeld genoeg voer voor discussie in deze relatief jonge strafrechtsector. Het gevolg is in ieder geval wel dat we weinig doktoren bij de rechter zullen tegenkomen. n

13 W.L.J.M. Duijst, Gezondheidsrecht en strafrecht, Kluwer 2009, hoofdstuk 8. 14 Idem. 15 Arrondissementsparket Rotterdam, ‘Expertisecentrum Medische Zaken’ 14 januari 2010, www.om.nl (zoek op expertisecentrum medische zaken). 16 Idem.

OpRecht november 2012

11


X-plosie:

Haren overhoop

In het noorden van dit land sluimert een dorpje waar tot voor kort nog nooit iemand van had gehoord. De bomen daar lijken te midden van al die natuur haast groener dan elders, de lucht is frisser en de zon schijnt krachtiger. Het is het dorpje waar ik leerde fietsen, de cito-toets maakte, eindeloze boomhutten bouwde, mijn krantenwijkje liep en mijn allereerste kus kreeg. En in dit stille dorpje, tussen de mistige weilanden van mijn jeugd, is op 21 september 2012 een ravage aangericht. De vier ruiters van de Apocalyps raasden door de straten in de nacht van Project X Haren. DOOR MARIEKE PALSTRA

Toen van de hellevuren slechts gloeiende autowrakken waren overgebleven en de hyena’s die het dorp hadden geterroriseerd naar huis waren geslonken, kwamen de dorpelingen weer tevoorschijn. Het ooit zo idyllische dorpje lag in puin; de straten waren bezaaid met glasscherven en vergeten bierblikken glommen spottend vanuit het vernielde struikgewas. De brave Harenaren trokken de straten in en begonnen met de borst vooruit en een geheven hoofd aan de grote schoonmaak. Ook het Harense politiekorps ging te werk: een team van 25 rechercheurs probeert de relschoppers te identificeren en voor het gerecht te slepen. Er zijn diverse juridische foefjes uit de mouw geschud voor de opsporing en berechting van de personen die zoveel vernielingen hebben aangericht. Het begon al toen de burgemeester voor de aanvang van het feest een noodverordening afkondigde. Terwijl hij de penning aan zijn ambtsketting angstig vastgreep liet hij bekendmaken dat het verboden was om tijdens de nacht van 21 september op 22 september in de openbare ruimte alcohol te nuttigen.1 De burgervader ontleende zijn bevoegdheid hiervoor aan art. 176 jo. 175 Gemw. – als er een ernstige vrees bestaat dat er een noodtoestand zal ontstaan is de burgemeester 1 ‘Noodverordening verbod nuttigen alcoholhoudende drank in de openbare ruimte voor het dorp Haren’, 21 september 2012, beschikbaar via www.haren.nl/projectx/nieuws-actueel_42047.

12

gerechtigd algemeen verbindende voorschriften te stellen die ertoe kunnen bijdragen dat de openbare orde gewaarborgd blijft. Het overtreden van een noodverordening is in art. 443 Sr. strafbaar gesteld; men kan tot drie maanden celstraf of een boete tot 3.900 euro veroordeeld worden. De noodverordening vormde hiermee een oplossing voor het bewijsprobleem dat anders de officiers van justitie nachten wakker had gehouden wanneer zij de delinquenten van Project X wilden straffen. Het is wellicht niet mogelijk om te bewijzen dat iemand een steen door de ruit van een woonhuis heeft gegooid of de plaatselijke Albert Heijn heeft geplunderd, maar met de simpele verklaring dat iemand op de 21ste alcohol heeft genuttigd in de openbare ruimte van Haren heeft men al vrijwel alle informatie die nodig is om tot een veroordeling te komen. De vele filmpjes die zijn gemaakt op de avond zelf kunnen zo ook gemakkelijk een bewijsstuk vormen, mits de verdachte erop geïdentificeerd kan worden. Toch is van deze vergemakkelijking weinig gebruik gemaakt: de officiers zijn voor traditionelere ankers gaan liggen en hebben de schavuiten voornamelijk voor openbare geweldpleging vervolgd. De politie heeft voor haar onderzoek veel informatie van de burger gevraagd. Op de websites van de gemeente Haren en van de politie zelf zijn berichten


geplaatst die getuigen oproepen om beeldmateriaal van de avond te uploaden.2 Het programma Opsporing Verzocht van de AVRO heeft die oproep in de uitzending van 25 september jongstleden herhaald; in dit programma gaf de politie echter geen beeldmateriaal vrij. Ondanks het beeldmateriaal dat de politie heeft ontvangen zijn er van de duizenden bezoekers van het beruchte feest op het moment van schrijven slechts ongeveer 50 personen aangehouden en minder dan 30 verdachten voorgeleid bij de rechter.3 Bijzonder was wel dat een vijftal verdachten lang in voorarrest heeft gezeten; de rechter-commissaris bepaalde na drie dagen inverzekeringstelling dat zij tot aan de rechtszaak mochten worden vastgehouden.4 Zoals ons tijdens diverse strafrechtcolleges ferm is ingeprent kan een dergelijke inbewaringstelling alleen door de beugel als er een feit is gepleegd waar een straf van vier jaar of meer op kan staan (art. 67 lid 1 Sv.) Dat was wel in orde: meeste verdachten die zich in Haren hebben misdragen worden van openbare geweldpleging verdacht, waar een maximumstraf van vier jaar en zes maanden op staat (art. 141 Sr.) Ook moeten er ernstige bezwaren tegen de verdachten bestaan; er moet sprake zijn van vluchtgevaar, recidivegevaar, collusiegevaar of een ernstig geschokte rechtsorde (67 lid 3 jo. 67a Sv.) Ik kan niet inzien hoe de rechter-commissaris ook maar een van deze omstandigheden kon inroepen ter ondersteuning van zijn beslissing; de rellen in Haren waren immers het gevolg van de exploitatie van een vrijwel unieke kans om aan een dergelijke vorm van delinquentie te participeren. Deze keus van de rechter-commissaris lag natuurlijk wel in de lijn van het wetsvoorstel van onze overambitieuze demissionaire minister om de gronden voor de voorlopige hechtenis van art. 67a lid 2 ‘Persbericht van Gemeente, Politie en Openbaar Ministerie’, 22 september 2012, beschikbaar via www.haren.nl/projectx/nieuwsactueel_42047; ‘Politieonderzoek Haren’, 5 oktober 2012, www. politie.nl/groningen/onderzoekharen/default.asp. 3 ‘Uitspraken 8 oktober snelrechtzittingen rellen Haren’, 8 oktober 2012; ‘Uitspraken 9 oktober snelrechtzittingen rellen Haren’, 9 oktober 2012, ‘Eerste uitspraken snelrechtzittingen minderjarige verdachten rellen Haren’, allen te vinden op www.rechtspraak. nl (zoek op Haren). Op het moment van schrijven was er nog een zitting gepland, namelijk op 29 oktober 2012. Hier zullen meer minderjarige verdachten voorgeleid worden. Zie ook ‘Opnieuw aanhoudingen in zaak Haren’, 10 oktober 2012, www.politie.nl/ groningen (zoek op Haren). Op het moment van schrijven was er nog een zitting gepland, namelijk op 29 oktober 2012. Hier zullen meer minderjarige verdachten voorgeleid worden. 4 ‘Voorarrest vijftal relschoppers Haren verlengd’, NRC Handelsblad 25 september 2012.

2 Sv met meer misdrijven uit te breiden.5 Voor een aantal personen die ervan verdacht werden dat zij mijn lieflijke dorpje geterroriseerd hebben werd het snelrecht weer eens uit de kast is getrokken. Het wordt elk jaar gebruikt voor de delicten die bij de jaarwisseling worden gepleegd, maar ook voor voetbalhooligans en andere simpele zaken. Bij het snelrecht worden de verdachten binnen uiterlijk 17 dagen na de inverzekeringstelling voorgeleid bij de politierechter. Het moet hier uiteraard wel gaan om relatief eenvoudige zaken. De theorie achter het snelrecht is dat wanneer men sneller een straf krijgt opgelegd, men minder geneigd zal zijn het delinquente gedrag te herhalen. Volgens Bruinsma is dit idee slechts afgeleid van de ervaringen die worden opgedaan bij het opvoeden van kinderen, en is nog niet empirisch bewezen dat snel straffen bij criminelen effectief is in het voorkomen van recidive.6 De Groningse politierechter heeft de rechtszaken op vier zogeheten themadagen ingepland, twee voor de volwassen verdachten en twee voor de minderjarigen. De zittingen van de minderjarigen waren niet openbaar, en wegens het feit dat zij pas een maand na de welbewuste avond plaatsvonden ook niet echt meer snelrecht te noemen. Slechts twee van de volwassenen werden tot een celstraf veroordeeld; zij werden echter allebei meteen op vrij voeten gesteld omdat zij de tijd van de onvoorwaardelijk straf al in voorlopige hechtenis hebben gebracht. De anderen kregen een taakstraf opgelegd of werden vrijgesproken. Hetzelfde gold voor de minderjarigen die voor de rechter kwamen; hen hing echter ook een voorwaardelijke geldboete van een paar honderd euro boven het hoofd als zij hun werkstraf niet zouden uitvoeren.7 Onder leiding van Job Cohen loopt het komend halfjaar een onderzoek naar de oorzaak van het feestje en de vraag hoe het zo uit de hand kon lopen. Is het allemaal aan de sociale media te wijten? Of ligt de schuld bij de gemeente? Een dergelijk onderzoek is natuurlijk niets anders dan een bezighoudertje voor Cohen, en zo nutteloos als een spelletje Ezeltje Prik. Ik geef ze één tip: pin the blame on the biggest ass. n 5 Wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met de uitbreiding van de gronden voor voorlopige hechtenis, Kamerstukken II 2011/2012, 33 360, nr. 2. 6 G.J.N. Bruinsma, ‘Snel straffen vanuit criminologisch perspectief: een paradox in de strafrechtspraktijk’, Brochure OM congres 2010 ‘Snelrecht: Hoe sneller, hoe beter?’ www.om.nl (zoek op snelrecht congres). 7 Zie voetnoot 3.

OpRecht november 2012

13


De verloren onschuld “Esmeralda is 11 jaar en wordt in 2007 door haar vader mishandeld en met geweld seksueel misbruikt. … Esmeralda komt vervolgens terecht in een instelling. Als Esmeralda 13 jaar is, krijgt ze een nieuwe groepsleider, Winston. Hij is erg aardig voor haar en geeft haar veel aandacht. Een jaar later heeft ze een gesprek met hem op zijn kamer. Hij begint plotseling haar bovenbeen te strelen en gaat met zijn hand onder haar bloesje. Dat wil zij niet en ze geeft dat ook aan. Hij zegt dat hij verliefd op haar is, en dat geeft haar een speciaal gevoel. Hij gaat echter door en zegt dat ze hem moet pijpen. Esmeralda kan niet tegen hem op en doet wat hij vraagt. Dit gebeurt nog een paar keer, zelfs een keer op haar kamer. Hier hebben ze uiteindelijk ook geslachtsgemeenschap. Ze mag het niemand vertellen, omdat Winston anders ontslagen wordt.” DOOR DAAN HANNEMA

De bovenstaande anekdote is letterlijk overgenomen uit het rapport van de commissie-Samson.1 Deze werd op 8 oktober werd het rapport aangeboden aan demissionair minister Opstelten en demissionair staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten. Beiden noemden de conclusies ‘afschuwelijk’ en ‘triest’.2 Het rapport zorgde voor een storm van kritiek aan het adres van Jeugdzorg. Één ding werd duidelijk: bij Jeugdzorg dienen een aantal dingen fundamenteel te veranderen. Het onderzoek naar seksueel misbruik van ‘kwetsbare’ jongeren in zorginstellingen en pleeggezinnen dat de basis vormde voor dit rapport is 2010 in opdracht van de minister van Jeugd&Gezondheid en de minister van Justitie van start gegaan. Dit zijn vaak kinderen die afkomstig zijn uit sociaal zwakkere gezinnen, thuis niet meer veilig zijn, geen veiligheid meer kan worden geboden of zelf een bedreiging vormen voor de veiligheid in huiselijke sfeer. Zij worden dan door jeugdzorg uit 1 Commissie-Samson, Omringd door zorg, toch niet veilig. Seksueel misbruik van door de overheid uit huis geplaatste kinderen, 1945 tot heden, Amsterdam: Boom Uitgevers 8 oktober 2012, p. 24. 2 ‘Opstelten ‘diep geraakt’ door misbruikonderzoek’, 8 oktober 2012, www.nieuws.nl/720393.

14

huis geplaatst. Het gevoel van eenzaamheid en machteloosheid die deze transactie met zich meebrengt, maakt deze minder zelfredzame kinderen een kwetsbare prooi voor seksueel misbruik. Dat bleek uit de cijfers die in het rapport ‘Omringd door zorg, toch niet veilig’ van de commissie-Samson naar voren zijn gekomen. In jeugdzorginstellingen zijn maar liefst 194 van de 1000 ondervraagde jongeren seksueel misbruikt. Dit zijn schokkende cijfers, zeker wanneer men dit vergelijkt met de ratio van 74 per 1000 ‘gewone’ Nederlandse kinderen. Kinderen in pleeggezinnen komen er relatief het beste vanaf: hier wordt slechts een misbruik van 55 op de 1000 kinderen gerapporteerd.3 Uit het rapport blijkt dat slechts in een derde van de gevallen een medewerker van de zorginstelling pleger is van het seksueel misbruik; soms is het iemand van buiten de 3 Commissie-Samson, Omringd door zorg, toch niet veilig. Seksueel misbruik van door de overheid uit huis geplaatste kinderen, 1945 tot heden, Amsterdam: Boom Uitgevers 8 oktober 2012, p. 50.


instelling, maar in de helft van de gevallen wordt het slachtoffer door een groepsgenoot misbruikt.4 Jeugdzorg door de jaren heen De residentiële jeugdzorg zoals wij die nu kennen, een maatschappelijk instituut voor kinderen, is decennialang aan grote veranderingen onderhevig geweest. In de periode van 1945-1965 herkende men het probleem van seksueel misbruik nog niet als zodanig. Door het gebrek aan kennis over dit onderwerp werd er nog geen specifieke aandacht geschonken aan deze kwestie. Het hoofddoel van jeugdzorg in die tijd: bescherming van het kind tegen lichamelijke en zedelijke ondergang in de thuissituatie. Dit hield kortweg in dat een kind in gevaar ook een gevaar zou zijn vóór de samenleving, en dus uit huis diende te worden geplaatst. De focus lag meer op het risico dat het kind zou vormen voor de begeleider dan het gevaar dat de begeleider zou vormen voor het kind.5 Door de opkomende vrouwenbeweging begin jaren ’80 ontstond er meer publieke aandacht voor het thema seksueel misbruik. Jeugdzorg werd door de overheid onder de loep genomen. In ruil voor subsidie werden er kwaliteitseisen gesteld waaraan kinderbescherming moest voldoen. De laatste jaren staat de veiligheid van het kind voorop. Het lijkt een trend om allerlei procedures en protocollen voor te schrijven om deze te waarborgen. In zekere mate geven deze protocollen houvast in de afweging van zorg en veiligheid. Het probleem schuilt er echter in dat de druk om je elke keer weer krampachtig vast te houden aan de stappen die zijn voorgeschreven juist afdoet aan een rationele afweging. Door de procedures te volgen wordt op ‘safe’ gespeeld terwijl dit niet altijd de juiste balans tussen zorg en veiligheid impliceert.6 Oorzaken Het is niet mogelijk om slechts één oorzaak te noemen van dit veelomvangende probleem. Feit blijft dat de kinderen in kwestie van dusdanig kwetsbare aard zijn dat zij onmachtig blijken om hun eigen fysieke integriteit te beschermen. Er wordt misbruik gemaakt van de bescherming en zorg waaraan een kind zich moet overgeven. Ook andere factoren dragen ertoe bij dat de kinderen in een zeer risicovolle omgeving 4 Idem, p. 59. 5 Idem, p. 31. 6 Idem, p. 33.

terechtkomen: de zorg is zo ingericht dat er vaak gemengde groepen zijn, de kinderen hebben zelf meestal al een sociaal problematische achtergrond, professionals hebben een machtspositie ten opzichte van het kind en er is fysiek contact nodig om het kind weer op de rails te krijgen. Niet geheel onbelangrijk: de kans om gepakt te worden is erg klein. Het rapport wekt het vermoeden dat er sprake is van een flinke onderrapportage. Dit zou te verklaren zijn door de gêne van het slachtoffer om een melding te doen en de angst om het vergrijp te herbeleven. In veel gevallen van seksueel misbruik komt de pleger er goed vanaf; zelfs als melding wordt gedaan wil slechts de helft van de kinderen de misbruiker identificeren.7 Gevolgen De gevolgen van seksueel misbruik zijn dramatisch. Het tast de onschuld van een kind aan en het kan zorgen voor traumatische seksualisering: een misvorming van de psychoseksuele ontwikkeling. Dit houdt in dat de seksuele gedragingen en gevoelens van een kind niet passen bij zijn werkelijke ontwikkelingsniveau. Vooral als het misbruik door een medewerker van de instelling is gepleegd voelt een kind dat het is verraden door een persoon waarvan het afhankelijk was. Zowel misbruik door een medewerker als door een andere dader kan leiden tot depressiviteit, overafhankelijkheid, wantrouwen jegens de medemens, vijandigheid, isolatie, het claimen van aandacht en delinquent gedrag. Ook op lange termijn zijn de effecten van seksueel misbruik merkbaar. Zo zeggen slachtoffers zich moeilijk open te kunnen stellen of zich staande te houden in duurzame relaties en hebben ze moeite de macht van een leidinggevende te accepteren.8 Treft Jeugdzorg enige blaam? De vraag is of ‘Jeugdzorg’ als instituut enig verwijt kan worden gemaakt. Het is de primaire taak van jeugdzorg om een uit huis geplaatst kind met een moeilijk verleden weer terug op de rails te krijgen. Dit heeft enkel kans van slagen in een veilig klimaat. De procedures en protocollen die dit veilige klimaat moeten waarborgen blijken in praktijk gebrekkig te zijn. Zo wordt er in de opleiding van professionals onvoldoende aandacht besteed aan voorlichting over een ‘normale’ seksuele ontwikkeling, 7 Idem, p. 60. 8 Idem, p. 52.

OpRecht november 2012

15


‘afwijkende’ seksuele ontwikkeling en seksueel misbruik. Dit heeft tot gevolg dat er in de instellingen een grote verlegenheid bestaat om openlijk over seksualiteit te praten. Daarnaast is de beroepsscreening vaak ontoereikend: er wordt bij de sollicitatie niet goed gekeken naar de voorgeschiedenis van de sollicitant.9 Professionals hebben vaak geen weet van seksueel misbruik. De signalen worden simpelweg niet herkend. Hierdoor zijn werknemers vaak onzeker over wanneer het noodzakelijk wordt om een melding te maken van een verdenking van seksueel misbruik. Als men een melding wil gaan maken speelt er nog een volgend probleem: er zijn zoveel instanties die over seksueel misbruik gaan dat onduidelijk is bij wie de melding gemaakt moet worden. Ook de instanties zelf weten niet hoever hun bevoegdheden relatief aan elkaar strekken. Dit leidt ertoe dat er uiteindelijk weinig wordt gedaan met een melding van seksueel misbruik.10 Felle kritiek wordt ook door slachtoffers niet geschuwd. Zij menen dat jeugdzorginstellingen oogkleppen op hebben gehad. Sommige instellingen hadden er daadwerkelijk geen weet van, sommige instellingen wisten wel dat seksueel misbruik een voorkomend probleem was maar wilden de interne schade die het zou aanrichten zoveel mogelijk beperken. Ze zouden zich enkel hebben beziggehouden met damage control. Volgens slachtoffers proberen instellingen de klachten weg te moffelen: ‘het is niet gebeurd,’ ‘het kind heeft een levendige fantasie,’ ‘het kind vond het fijn’ en ‘het kind wilde het zelf’ zijn weerleggingen die niet zelden voorkomen.11 Achteraf blijkt dat de wetenschappers van de Rijksuniversiteit Groningen en de Universiteit Leiden die betrokken waren bij het onderzoek kritische opmerkingen hebben moeten schrappen. Daarnaast werden een aantal aanbevelingen niet in het rapport meegenomen. Er zijn onder meer punten geschrapt betreffende het weghalen van de Inspectie Jeugdzorg bij het ministerie van WVC. De aanbeveling om de inspectie onafhankelijk te maken van de sector zou een te felle aanval op Jeugdzorg zijn geweest. Greetje Timmerman, hoogleraar jeugdsociologie in Groningen, stelt dat de onderzoekers ook niet mochten melden dat het kindermisbruik in tehuizen structureel is. 9 Idem, p. 61. 10 Idem,p. 62. 11 J. Dohmen, ‘Felle kritiek op rapport-Samson – harde conclusies misbruik geschrapt’, NRC Handelsblad 9 oktober 2012, p. 12.

16

De wetenschappers uit Groningen en Leiden vinden daarnaast dat het gevaar van tehuizen met gemengde leefgroepen te weinig wordt benadrukt in het eindrapport. De reactie van Rieke Samson: “Dat onze conclusies uiteindelijk minder hard zijn, klopt. Ik had er niets aan om Jeugdzorg Nederland met harde conclusies om de oren te slaan. Als ze dan in een hoekje gaan zitten, gebeurt er niets voor al die kinderen. Die organisatie moet aan de bak en daarom hebben we al in vroeg stadium contact gezocht, toen de conclusies zich begonnen af te tekenen.”12 De Universiteit Leiden heeft als statement het rapport mét de geschrapte stukken, op internet gezet. Ook uit het door de overheid gepubliceerde rapport blijkt echter overduidelijk dat er iets structureel mis gaat bij de vormgeving van het instituut ‘Jeugdzorg’. De commissie-Samson doet diverse suggesties om misbruik in de zorg te verminderen. Zelf zou ik ook graag een suggestie doen: het is mogelijk om minder vaak te wisselen van de wacht. Er is een hoge frequentie van roulatie van de professionals in teamverband waardoor het kind vaak moeilijk een vertrouwensrelatie kan opbouwen met een individuele medewerker, terwijl vertrouwen juist het belangrijkste ingrediënt is voor een goede band tussen medewerker en kind. Zolang kinderen steeds te maken krijgen met nieuwe begeleiders blijven ze een kwetsbare prooi en durven ze niet te praten over seksualiteit en seksueel misbruik. Het is spijtig dat de slachtoffers niet veel hebben aan de uitkomst van het rapport. Zij hebben door hun ervaringen met seksueel misbruik een levenslange straf gekregen. Slachtoffers hopen naar aanleiding van dit rapport eindelijk de erkenning te krijgen waar ze al jaren op wachtten.13 Met oog op de toekomst is het is zeer wel te hopen dat de kinderbeschermingsinstituten de komende jaren een aantal fundamentele veranderingen gaan doorvoeren om dit soort schokkende situaties te voorkomen. n

12 Idem. 13 E. Jorritsma, ‘We hadden Boukje en Uitze nooit in een instelling moeten plaatsen’, NRC Handelsblad 8 oktober 2012, p. 12.


Sirius Playground Uiterst behendig draait de eerste van drie touringcars vanaf de Amersfoortseweg de smalle oprijlaan van het conferentiehotel op. De naam – Kontakt der Kontinenten – doet vermoeden aan een Duitse bunker of legerkazerne. Tussen de bomen herrijst echter een prachtig klooster met aangebouwde Bauhaus-vleugel. Welkom bij Sirius Playground 2012! DOOR TOM VERDONK

Na het noodzakelijke kopje koffie (en taartje!) op de vroege ochtend kon het eerste onderdeel van de dag beginnen: het symposium. Het onderwerp hiervan was de vastgoedfraude, de roemruchte Klimop-zaak. Met een ludiek Koefnoen-filmpje van MC T-Lex en zijn rapservice werd het thema geïntroduceerd: “Er waren mannen in pakken / Ze vulden hun zakken / Met andermans geld.” En terwijl de MC nog even roept “mensen in pakken moeten zich schamen gaan” schakelden we terug naar de conferentiezaal, waar een viertal mannen in pakken zich nestelde achter de tafel op het podium. Van links naar rechts: dagvoorzitter prof. mr. dr. Arthur Hartmann (bijzonder hoogleraar Bestuursstrafrecht Erasmus Universiteit), voormalig officier van justitie mr. Robert Hein Broekhuijsen, advocaat van één van de verdachten mr. Jan Leliveld (partner bij Wladimiroff Advocaten) en advocaat van de benadeelde partij mr. Remco van Heffen (Loyens & Loeff). De drie laatstgenoemden waren allen direct betrokken bij de zaak. Door hun uitgebreide kennis waren hun toespraken ijzersterk. De afwisseling van de verschillende invalshoeken zorgde voor leuke discussies, waarbij de betrokkenen er niet voor terugdeinsden om tikken naar elkaar uit te delen. De officier van justitie schetste een erg negatief beeld van de verdachten: volgevreten, arrogante mannen die menen overal recht op te hebben en als ze dan gepakt worden vooral boosheid uitten omdat zij, de grote mannen die ze menen te zijn, gepakt worden. De heer Broekhuijsen ging weer uitgebreid in op de werkwijze van de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD). Wat bij mij het meest is blijven hangen, is dat als je op dinsdagochtend een blik

uit het raam van je kantoorpand werpt en je ziet een vlootje Toyota Prius-en en een Volkswagen Caddy’s voor de deur staan, het foute boel is: de FIOD staat dan op het punt aan te bellen. Ook opmerkelijk is het verhaal dat de verdachte cliënt van de heer Lelieveld in eerst instantie niet werd opgepakt voor fraude, maar voor het bezit van cocaïne. Met een uitgebreide lunch achter de kiezen was het tijd om de groep op te splitsen voor de workshops. Deze waren in twee rondes ingedeeld: de eerste betrof telkens een vaardighedentraining (bijv. pitchen, pleiten en onderhandelen) en de tweede workshop ging over een specifiek rechtsgebied. Bij de rechtsgebiedenworkshops kan gedacht worden aan arbeidsrecht, aansprakelijkheidsrecht en Mergers and Acquisitions (M&A). De workshops werden gegeven door de deelnemende kantoren en enkele overheidsinstanties. Hierbij schuwden de kantoren het niet om zichzelf aan te prijzen. Niet onbegrijpelijk, aangezien deze dag daar natuurlijk ook voor bedoeld was. Zo kwam de inhoudelijke kant van de dag tot een afronding. Het was tijd voor de borrel. Vervolgens ging een deel van de studenten naar huis, de rest schoof aan tafel met de kantoren voor het diner. En terwijl de zon langzaam achter de bomen verdween, kwam een einde aan de Sirius Playground. Ik zou graag bij deze alle deelnemende studenten en kantoren, maar in het bijzonder de Praktijkdagcommissie bedanken voor een fantastische dag! n

OpRecht november 2012

17


Verkiezingstrucs in de VS

De Amerikaanse verkiezingsstrijd. Waar in Nederland de politici het nog enigszins vriendelijk houden, is campagnevoeren in ‘the USA’ een show op zich. Alles wordt uit de kast gehaald om ervoor te zorgen dat óf Romney óf Obama de winst tijdens de komende verkiezingen gaat behalen. De afgelopen tijd is echter wel een heel bijzondere tactiek gekozen: verscheidene staten gaan namelijk speciale wetten aannemen die de methode van identificatie bij het stemmen zou veranderen. Deze verandering zou voornamelijk Democratische kiezers kunnen benadelen. DOOR AYDAN FIGAROA Waar iedere Nederlander automatisch op zijn 18e stemrecht verkrijgt (op een aantal uitzonderingen na) en de bij eerstvolgende verkiezingen automatisch een stembiljet krijgt toegestuurd, gaat het voor de Amerikaanse burger iets anders te werk. Wanneer een inwoner van de VS achttien wordt, moet hij of zij zich registreren als kiezer. Omdat iedere staat tot op zekere hoogte zijn eigen wetten mag instellen, mogen staten ook hun eigen kieswet instellen.1 De enige uniforme eis voor het stemrecht is dat de staatsburger die zich registreert op dat moment achttien jaar is. Naast deze leeftijdseis kan iedere staat aanvullende voorwaarden kan stellen. In New York geldt bijvoorbeeld de voorwaarde dat je bij registratie geen gevangenisstraf uitzit en dat je minimaal 30 dagen in New York hebt gewoond voordat je je inschrijft.2 Men hoeft zich slechts een maal in te schrijven; na de registratie krijgt iedere ingeschreven persoon bij elke verkiezingen een oproepkaart in de 1 ‘Stemmen in VS een kunst op zich’, 26 oktober 2004, www.nos.nl (beschikbaar via Google.com Stemmen VS kunst). 2 Twee van de vier extra voorwaarden van de “Board of Elections in the City of New York”, www.vote.nyc.ny.us (zoek op registration)

18

bus. Wel wordt verwacht dat men telkens zijn nieuwe adres doorgeeft aan de staatsoverheid –iets als de Nederlandse Gemeentelijke Basisadministratie kennen veel staten namelijk niet. Bij verhuizing naar een andere staat moet wel geheel opnieuw geregistreerd worden. Na het ontvangen van een oproepkaart kan de Amerikaanse burger dus gaan stemmen. In tegenstelling tot in Nederland, waar iedereen altijd een geldige ID-kaart of paspoort bij zich moet hebben, is de manier om de kiezer te identificeren in de VS een andere. Iedere staat mag (tot op zekere hoogte) eigen regels stellen over de vorm van identificatie bij het stemmen en deze mogen afwijken van de ‘standaardprocedure’. Zo mag men bijvoorbeeld in de staat Missouri om zich te identificeren naast een federale identificatiekaart ook een recente kopie van een bankafschrift of ID-kaart van een College of University laten zien.3 Deze regelingen vloeien voort uit de ‘Help America Vote Act’ van 2002; hierin werd onder andere bepaald dat men zich bij registratie 3 Tabel: ‘Details of Voter Identification Requirements’ van de National Conference of State Legislatures, www.ncsl.org (zoek op Voter ID Laws).


sowieso moet kunnen identificeren, maar dat hierna de identificatie anders of zelfs helemaal niet hoeft plaats te vinden.4 Bij de meeste staten is de identificatie ongeveer hetzelfde geregeld als in Missouri: identificatie met ID-kaart of paspoort is een optie, maar om het stemmen voor iedereen mogelijk te maken zijn er ook extra opties in het leven geroepen. Het probleem dat de afgelopen maanden speelt is echter dat sommige staten hun procedure drastisch willen aanpassen. Staten zoals Georgia ,Tennessee, Texas, Wisconsin en Mississippi5 hebben of krijgen een regeling waarbij men zich moet identificeren met een zogenaamde Photo ID. Dit betekent dat wanneer iemand wil gaan stemmen, hij niet langer kan volstaan met een bankafschrift met naam en adresgegevens, maar verplicht is een identificatiebewijs mét foto mee te nemen. Dit kan een paspoort zijn, maar ook een rijbewijs. Deze regels zijn in het leven geroepen om te voorkomen dat personen onder de naam van een ander een stem uitbrengen en zo de verkiezingen manipuleren.6 Op het eerste gezicht lijkt deze nieuwe regeling geen probleem; men hoeft slechts een ID-bewijs met een foto mee te nemen en het klusje is geklaard. In Nederland zou je dat misschien kunnen stellen, maar in de VS ligt dit wat lastiger en gevoeliger. Een onderzoek 7van het Brennan Center van New York University8 geeft aan dat er twee grote problemen zijn bij het instellen van deze Photo ID Laws. Ten eerste zijn er grote kosten verbonden aan het aanvragen van een ID-bewijs. Daarnaast speelt in afgelegen gebieden het probleem dat zij niet in de buurt zitten van een kantoor dat deze bewijzen verstrekt. Deze twee problemen leiden tot het ontstaan van een groter probleem: de uitkomst van de verkiezingen wordt niet alleen beïnvloed door de publieke wil, maar ook door de obstakels die de wetgeving van bepaalde staten welhaast welbewust in het leven lijkt te roepen.

een paspoort 110 dollar. Een nieuwe ID-kaart kost 55 dollar, of 30 dollar om de kaart te vernieuwen. Voor de eerste aanvraag van een paspoort of ID-kaart moet een geboortecertificaat of een certificaat van naturalisatie worden overhandigd. Mochten deze kwijt zijn geraakt, dan kost het opnieuw aanvragen van een geboortecertificaat 30 dollar, maar een nieuw certificaat van naturalisatie kost maar liefst 345 dollar.9 Wel moet daarbij vermeld worden dat in de VS paspoorten en ID-kaarten 10 jaar geldig blijven. Desondanks, omdat het in meeste situaties niet nodig is, heeft 11 procent van de Amerikaanse staatsburgers (ongeveer 210 miljoen mensen) geen geldig Photo IDbewijs10. Er zijn dus veel burgers zijn die een hoop geld moeten investeren in het verkrijgen hiervan. Dit geld hebben sommige bevolkingsgroepen nu eenmaal niet; neem bijvoorbeeld werklozen en studenten. Het probleem bij de laatstgenoemde groep werd duidelijk toen studenten in Texas (waar de regeling al een paar jaar speelt) niet meer konden stemmen met hun IDbewijs van de universiteit terwijl personen met een wapenvergunning in Texas (waar wel een foto op staat) wel mochten gaan stemmen.11

Het eerste probleem wordt duidelijk wanneer we kijken naar de kosten die zijn verbonden aan het aanvragen of vernieuwen van de geldige Photo ID-bewijzen. Een nieuw paspoort kost 135 dollar, de vernieuwing van

Het tweede probleem, dat sommige gebieden ver verwijderd zijn van het dichtstbijzijnde kantoor die de ID-bewijzen verstrekt, lijkt op het eerste gezicht minder prangend. Het probleem is hier echter dat deze kantoren vaak juist ver verwijderd zijn van of slecht bereikbaar zijn voor bepaalde groepen: de minderheden. De grote groepen die geen geldig identiteitsbewijs hebben zijn de Afro-Amerikanen en de Latijns-Amerikanen.12 Het onderzoek van het Brennan Center laat zien dat in enkele staten die deze regeling al hebben, de kantoren ver verwijderd zijn van gebieden die voornamelijk bewoond worden door deze twee minderheden. Neem bijvoorbeeld de zogenaamde Southern Black Belt van Alabama, Georgia en Mississippi (staten die de Photo-ID regeling hebben of gaan hebben). Dit is een gebied waar het merendeel van de bevolking Afro-Amerikaan is en geen geldig ID-bewijs heeft, terwijl de dichtstbijzijnde kantoren slechts twee dagen per week open zijn. Combineer dit met het feit dat in bijvoorbeeld Alabama 41 procent

4 Help America Vote Act of 2002, Public Law 107-252, 107th Congress. 5 Tabel: ‘States that Have Enacted Voter ID Laws van de National Conference of State Legislatures’, www.ncsl.org (zoek op Voter ID Laws). 6 S. Lee, ‘Everything You’ve Ever Wanted to Know About Voter ID Laws’, 10 oktober 2012, www.propublica.org (zoek op Voter ID Laws). 7 K. Gaskins & S. Iyer, The Challenge of Obtaining Voter Identification, 17 oktober 2012, www.brennancentre.org (zoek op voter ID). 8 Een publiek instituut van New York University dat zich bezighoudt met democratie en rechtvaardigheid.

9 K. Gaskins & S. Iyer, The Challenge of Obtaining Voter Identification, 17 oktober 2012, p.14, www.brennancentre.org (zoek op voter ID). 10 S. Lee, ‘Everything You’ve Ever Wanted to Know About Voter ID Laws’, 10 oktober 2012, p.1, www.propublica.org (zoek op Voter ID Laws). 11 M. J. Rosenthal, Texans Allowed To Show Gun Permits But Not Student IDs At Voting Booth, Huffington Post, 16 november 201, p.1. 12 F. Wickman, ‘Why Do Many Minorities Lack ID?’, 21 augustus 2012, p.1, www.slate.com (zoek op minorities ID)

OpRecht november 2012

19


van de zwarte bevolking in de Black Belt ook nog eens in armoede leeft13 en het wordt duidelijk dat de Photo-ID regeling om meerdere redenen het stemmen voor een grote bemoeilijkt. Deze bevolkingsgroepen worden zo benadeeld met de komst van deze regeling dat hun stemrecht haast illusoir lijkt. Hierdoor twijfelen velen aan de ware intentie van de mogelijke komst van de Photo ID-regels, die voor het eerst in 2006 zijn ingevoerd. Het doel van deze nieuwe regels zou zijn dat er geen fraude meer gepleegd kon worden; men zou zich bij het stembureau niet meer voor kunnen doen als iemand anders. Door alleen identiteitsbewijzen met een pasfoto te accepteren, in plaats van ook documenten met naam en adres, zou ter plekke nog een keer gecontroleerd kunnen worden of de juiste persoon ook bij het stemhokje staat. Echter, onderzoek wijst uit dat gedurende een periode van 5 jaar 120 zaken bekend waren betreffende dit soort fraude, waarvan er slechts 86 ook daadwerkelijk zijn berecht.14 De Democraten in de VS stellen dan ook dat niet het werkelijke doel van de Photo-ID regeling niet het voorkomen van fraude is , maar het feitelijk ontnemen van het stemrecht van veel overwegend Democratische stemmers. Feit is bijvoorbeeld dat jongvolwassenen vaak Democratisch stemmen15 evenals veel Afro-Amerikanen.16 En het zijn juist deze groepen die worden benadeeld door regelgeving die ‘toevallig’ door Republikeinen in bepaalde staten wordt doorgevoerd. Deze regel zou er voor moeten zorgen er tijdens de verkiezingen niet een meerderheid van de stemmen in zogenaamde swingstates naar de Democratische presidentskandidaat kunnen gaan. Een swing-state is een staat waar beide presidentskandidaten een redelijke kans hebben om te winnen. 13 S. Lee, ‘Everything You’ve Ever Wanted to Know About Voter ID Laws’, 10 oktober 2012, www.propublica.org (zoek op Voter ID Laws), p. 7,8,9. 14 E. Clipton & I. Urbina, ‘In 5-Year Effort, Scant Evidence of Voter Fraud’, New York Times 12 april 2007. 15 A. Nagourny & M. Thee, ‘Young Americans Are Leaning Left, New Poll Finds’, New York Times 27 juni 2007. 16 ‘Blacks and the Democratic Party’, 18 april 2008, factcheck.org (zoek op blacks democratic).

20

Het is dan ook geen toeval dat ongeveer 80 procent van de staten waar de Photo ID Laws (in de toekomst) gelden swing-states zijn;17 zoals bijvoorbeeld Pennsylvania. Ondanks het feit dat de nieuwe regels belemmeringen kunnen doen ontstaan bij de volgende verkiezingen, stellen velen dat deze problemen minder groot zijn dan (vooral door Democraten) wordt geschetst. Feit is dat een klein percentage op dit moment niet de geldige bewijzen heeft om in november hun stem uit te brengen. Daar staat echter wel tegenover dat 98 procent van degenen die stellen dat ze zeker gaan stemmen tijdens de volgende verkiezingen al een geldig bewijs in bezit hebben. En slechts 2 respectievelijk 3 procent van de blanke en donkere Amerikaanse burgers die ook daadwerkelijk mogen stemmen (18 jaar en ouder, geregisteerd etc.), hebben nog geen geldig bewijs.18 Het lijkt er dus op dat de personen die mogen en willen stemmen, ondanks de verscherpte regelingen, bijna tot niet worden getroffen tijdens de volgende verkiezingen. Bovendien is de invoer van de regelingen in sommige staten uitgesteld. Toen de problemen de afgelopen maanden alleen maar groter leken te worden, werd de site LetMyPeopleVote. org in het leven geroepen: een site die de problemen aan de kaak stelde en daar verandering in wilde brengen. Sindsdien zijn er al twee staten waarbij de regels in ieder geval voor de presidentsverkiezingen in 2012 niet gelden; in Mississippi19 en in Pennsylvania.20 Ondanks deze positieve verandering zijn er nog steeds 14 staten waar deze regels gelden of in de toekomst misschien gaan gelden. Dat zijn dus veertien staten waar sommige kiezers dus worden belemmerd werden om in november hun stem te laten gelden. De verkiezingsstrijd is natuurlijk spannend en zorgt voor leuke televisie, maar er moet wel voor worden gezorgd dat democratie er niet onder lijdt. n 17 ‘How Do Voter ID Laws correlate to swing states?’, 21 augustus 2012.blog.constitutioncenter.org (zoek op gehele titel). 18 ‘Young, Hispanics, poor hit most by US Voter ID Laws- study’, Reuters 26 september 2012. 19 E. Le Coz, ‘Mississippi Voter ID Law Put On Hold For Election Following Federal Review’, Huffington Post 2 oktober 2012. 20 M. Eversley, ‘Pennsylvania voter ID law suspended for 2012 election’, USA Today, 3 oktober 2012.


VAN HET BESTUUR Beste leden, Op de een of andere manier is het niet meer mogelijk om honderd procent te kunnen chillen bij Siriusactiviteiten vanaf de dag dat je in het bestuur komt. Of dat nou te maken heeft met een iets te groot - soms zelf overdreven groot verantwoordelijkheidsgevoel of niet zal ik niet over oordelen. Een opmerking van Antoine, “Wat ben je toch weer heerlijk aan het moederen,” zal daar vast iets mee te maken hebben. Wel komt er in zo’n bestuursjaar iets heel leuks bij: het extra kunnen genieten van het zien hoe anderen genieten. Het bekijken van de foto’s die meestal door Mark of iemand anders van de fotocommissie genomen worden op de activiteiten draagt nog eens extra bij aan het nagenieten. Het toppunt van ‘nostalgisch’ terugkijken op een fantastisch jaar zal dan ook komen na de Wissel ALV, thuis op de bank met een almanak in mijn hand. Ik wil de laatste woorden van ons bestuur in de OpRecht eigenlijk maar voor één ding gebruiken: iedereen, zowel de commissies als alle leden

die aan de activiteiten van afgelopen jaar deel hebben genomen, bedanken. Door jullie heb ik - jawel, daar komt het woord dan nog één keer - ontzettend kunnen genieten van afgelopen jaar. Het was een bijzonder leerzaam jaar, dat ik nooit had willen missen. Ook wil ik de redactie van de OpRecht bedanken voor hun inzet bij het maken van de edities van het afgelopen jaar. Na korte tijd bij deze vereniging kreeg ik al door hoe bijzonder het is dat er altijd zoveel animo is voor activiteiten of commissievacatures. Want zo vanzelfsprekend is dat helemaal niet. Maar het maakt een bestuursjaar bij Sirius wel een heel stuk leuker, zeker ook als je dat met je, zoals Peter dat noemt, “beste vrienden” mag doen. Gelukkig mag ik de komende jaren ook nog spelen in de speeltuin die Sirius heet en daar verheug ik me ontzettend op. Ik wens het nieuwe bestuur dan ook heel veel succes en vooral plezier toe aankomend jaar. Marieke Firet

COLOFON OpRecht is het maandblad van het Utrecht Law College en de studievereniging Sirius. Wil je iets kwijt aan de redactie of heb je een idee voor een artikel? Mail dan naar: redactie@ulcsirius.nl. Oplage: 300. Jaargang 7, nummer 6, november 2012. Een online versie van OpRecht is beschikbaar op www.ulcsirius.nl

Drukwerk Drukkerij de Globe Basicweg 21 3821 BR Amersfoort T 033 480 12 88 F 033 480 32 23 Verspreiding Universiteit Utrecht

REDACTIE Hoofdredactie Marieke Palstra OpRecht Aydan Figaroa, Joris Jansen, Daan Hannema, Daniëlle Arnold, Thijmen Nuninga, Cristian Oranje, Savan van de Put, Tom Verdonk, Lex Foto’s Marieke Palstra Vormgeving Patrick Krom

OpRecht november 2012

21


COLUMN Het Jordaanse knipoogje Als een kind dat de avond voor zijn verjaardag gaat slapen onder het credo ‘als ik vroeg ga slapen is het sneller morgen’, doe ik mijn nachtlampje woensdagavond 10 oktober uit. Mijn wekker gaat, in plaats van mijn gebruikelijke ingecalculeerde ‘snooze’ ritueeltje spring ik gelijk uit bed en ren ik naar de douche. Voor deze dag ben ik de hele afgelopen week opgezweept door alarmerende kranten en een gillende Albert Verlinde. Nooit eerder was Nederland zo in de ban van één televisie-interview. De snelheid waarmee de felbegeerde tickets over de spreekwoordelijke toonbank zijn gegaan (hier kunnen De drie J’s nog wel een puntje aan zuigen) geven een goede weergave van de uitzonderlijke hype die is ontstaan na de openbaring van de NTR om een - zacht gezegd - bijzondere gast te ontvangen. De berichten in de ochtendkrant zijn lichtgespannen, het zou immers zomaar kunnen gebeuren dat er een nieuw hoofdstuk aan de geschiedenisboeken moet worden toegevoegd. Het is donderdagochtend, de ochtend voordat de meest beruchte crimineel van de laatste decennia aanschuift bij Twan Huys: Willem Holleeder komt bij College Tour. Ik sta, ruim een half uur te vroeg, met mijn neus tegen de deuren van de collegezaal gedrukt. Het is zo warm dat ik moeite moet doen om niet in mijn eigen territorium van condensdruppeltjes te verzuipen. Als we eindelijk het signaal krijgen om naar binnen te gaan komt de mensenmassa in beweging. Men probeert met de meest valse elleboog- en schoudertactieken een weg naar zaal te vinden. Als een soort vertrapte Mufasa weet ik uiteindelijk door de deuropening te glippen. Voor luttele seconden vervalt mij een euforisch gevoel: ik heb een plekje op de eerste rij bemachtigd. De Neus komt binnen. Aangezien ik helemaal aan de zijkant zit ben ik de eerste die hij ziet. Hij kijkt mij aan, ik kijk hem aan. Er ontpopt een vluchtig, bijna zenuwachtig lachje op zijn gezicht. Hij geeft me een knipoog. Een ijskoude rilling verplaatst zich van mijn kruin naar mijn onderrug. Is dit een blik van herkenning? De opgebouwde spanning die sinds half negen ’s ochtends al als een rode draad door mijn dag heen loopt zorgt ervoor dat ik het niet kan bedwingen om ook mijn mondhoeken iets te laten vieren. Tweeënhalf uur verder kom ik, enigszins duizelig van het neurotische stoelgedraai, van een koude kermis thuis. Waar ik had gehoopt op een ordinair moddergevecht bleef de nieuwswaarde waarop stiekem was gerekend uit door de ‘daar geef ik helaas geen antwoord op’ antwoorden van dit Jordaanse rapaille. Enigszins beduusd van het feit dat ik zo’n zware jongen bijna heb kunnen aanraken, val ik in slaap. Er beklijft één prangende vraag. Hoe kan een platte Amsterdamse boef in zulke korte tijd uitgroeien tot een ware ‘cultheld’ waar Jan en alleman fascinatie voor heeft? Simplistisch beschouwd verschilt deze ietwat ondeugendere Pietje Bell namelijk helemaal niet zoveel van ons. De overeenkomsten zijn markant: óók wij moeten geld lenen om rond te kunnen komen, óók wij staan zo nu en dan in de rechtszaal, óók wij zien meester Franken regelmatig in persoon, óók ik schrijf columns, en als klap op de vuurpijl: Heineken speelt óók in ons leven een rol van betekenis. Door Daan Hannema

22


WAT EEN MAAND

Sirius Playground 2012

Verkiezings-ALV

OpRecht november 2012

23


Wat wil je leren?

legal english

Meer inhoud of meer fun? Welke spreker?

persoonlijke onTWikkeling

inhoUD

iemand van De Brauw

pleiTen

FUn

ceo van een multinational

hoogleraar

Transactieof procespraktijk?

TransacTieprakTijk

procesprakTijk

Waar gaan we uit?

BrUin caFĂŠ

clUB

Brauw je eigen business course

concerT Business courses zijn vaak hetzelfde. Daar komt nu een eind aan. Tenminste als het aan jou ligt. Vanaf nu kun je namelijk je eigen business course brauwen. Blijven we bijvoorbeeld in Nederland? Gaan we bowlen, zeilen of naar een museum? Wat wil je nou ĂŠcht leren? En wat vind je belangrijker: inhoud of fun? Aan de hand van alle inzendingen stellen wij het mooiste programma samen zodat jij je kunt aanmelden voor jouw ideale business course. brauwjeeigenbusinesscourse.nl


OpRecht november 2012