Page 1

2011


Inhoud Januari ‘Zonnige start’

blz. 3

Februari ‘Vol bewondering’

blz. 6

Maart ‘Een heerlijke belofte’

blz. 9

April ‘Het vrije leven’

blz. 12

Mei ‘Een spektakel’

blz. 14

Juni ‘Bron van inspiratie’

blz. 16

Juli ‘Familiefeestje’

blz. 19

Augustus ‘Bijzonder blauw’

blz. 21

September ‘Hagen, van hoog tot laag’

blz. 23

Oktober ‘Coniferen, volop variatie’

blz. 26

November ‘Gezellig buiten’

blz. 28

December ‘Wondermooi’

blz. 30

2


Januari

Zonnige start Toverhazelaars en winterjasmijn bloeien midden in de winter. Ze fleuren dan de hele tuin geweldig op. De meeste toverhazelaars geuren ook nog eens heerlijk. De bloei van toverhazelaars kan al in december beginnen, maar gaat vaak door tot maart. Doordat de planten aan de kale takken bloeien, vallen de bloemen van de toverhazelaars extra op. Het zijn prachtige sierstruiken die weinig onderhoud vragen en u met hun kleurrijke bloemen ieder jaar weer door de somberste maanden van het jaar heen helpen. Plant toverhazelaars liefst op een zonnige plek, dan bloeien ze het rijkst.

Toverhazelaars (Hamamelis) in soorten Er zijn drie belangrijke soorten toverhazelaars: de Japanse toverhazelaar (Hamamelis japonica), met gele, licht geurende bloemen, kan heel hoog worden (wel 5 m) en zelfs een kleine boom met dunne takken vormen. Het blad van deze grote soort verkleurt in het najaar prachtig bronsgeel. De Chinese toverhazelaar (Hamamelis mollis) blijft kleiner (tot 3 m) maar heeft tijdens het groeiseizoen groter blad en bloeit (hoofdbloei in januari) met grotere, sterker geurende bloemen. De meeste toverhazelaars voor de tuin zijn kruisingsproducten tussen deze twee soorten. Van die kruisingssoort (Hamamelis × intermedia) bestaan tientallen cultivars die qua bloeitijd kleine variaties te zien geven (tussen december en maart), maar een rijke keuze aan bloemkleuren bieden: ‘Arnold Promise’ bijvoorbeeld bloeit donkergeel, ‘Diane’ rood, ‘Jelena’ bruinoranje, ‘Orange Peel’ lichtoranje, ‘Pallida’ zwavelgeel, ‘Ruby Glow’ bruinrood en ‘Orange Beauty’ oranjegeel. Ze vormen allemaal de bekende spinachtige bloemen die tijdens vorst even ‘de adem inhouden’, maar daarna weer vrolijk verder bloeien. Deze toverhazelaars worden via de wind bestoven. Van de meeste cultivars verkleurt het groene blad in het najaar rood, oranje of geel voor het afvalt.

3


Winterjasmijn (Jasminum nudiflorum) De winterjasmijn kan het beste tegen een achtergrond worden geleid. Deze heester komt oorspronkelijk uit China, waar hij met zijn lange, flexibele takken en twijgen tegen rotswanden op groeit. De lange bloeiperiode van de winterjasmijn– die al in december begint – kan soms wel tot in april duren. De winterjasmijn groeit en bloeit zelfs goed voor een noordmuur, maar op een zonnige plek is de bloei het rijkst. U kunt de winterjasmijn ook over hellingen of lage muurtjes laten kruipen of poorten en deuren laten omlijsten. Gewone tuingrond is prima, zolang daar niet te veel kalk in zit. De talloze bloemen die maar blijven verschijnen, zijn stervormig en geel. Het blad van de winterjasmijn, dat in het voorjaar verschijnt, is donkergroen en het glanst. Winterjasmijn kan heel goed tegen industrie- en stadslucht. Zorg vragen deze struiken nauwelijks, speciale voeding is niet nodig. Eén advies: bind de groeiende takken en twijgen regelmatig aan. U kunt bloeiende takken van de winterjasmijn afknippen (natuurlijk niet te veel) en in bloemschikkingen verwerken.

Verzorging Geef zowel toverhazelaars als winterjasmijn voldoende groeiruimte, want vooral toverhazelaars worden niet graag gesnoeid. Dat gaat ten koste van de bloei. Toverhazelaars zijn echte onderhoudsarme struiken. Een toverhazelaar groeit langzaam en liefst (net zoals de winterjasmijn) in pH-neutrale of zelfs iets zure grond. Zowel toverhazelaars als winterjasmijn niet met kalkhoudende meststoffen (zoals beendermeel) voeden. Laat de grond bij de wortels met rust.

Winterbloeiers Naast toverhazelaars en winterjasmijn zijn andere winterbloeiers bijvoorbeeld: de gele kornoelje (Cornus mas), de witte forsythia (Abeliophyllum distichum), Prunus subhirtella ‘Autumnalis’ die al vanaf november kan bloeien met wit/roze bloempjes, winterheide (Erica carnea) en bitterzoet (Chimonanthus praecox). Bij de vaste planten is de kerstroos (Helleborus niger) de bekendste winterbloeier.

4


Tuintips voor januari       

Niet over bevroren gras lopen. Ook niet over plekken waar vaste planten groeien of bollen zijn gepoot Fruitbomen, druif en kiwi tijdens vorstvrije perioden snoeien Controleer de winterbescherming van planten die in potten of bakken buiten staan Vogels voeren Zorg dat paden goed beloopbaar blijven Scherp zand strooien is beter voor uw planten dan pekel of zout Tijdens ‘kale vorst’ en felle zon groenblijvende planten afschermen.

5


Februari

Vol bewondering Sommige planten hebben van zichzelf zo’n prachtige, heldere vorm dat niemand de neiging heeft daar nog iets aan te veranderen. Andere planten vinden we pas extra mooi als we ze zo’n vorm hebben gegeven.

Goede vormplanten Planten die zich dat zonder problemen laten welgevallen zijn o.a. Buxus, Taxus, hulst en bijvoorbeeld sommige typen struikkamperfoelie. Deze vormplanten sputteren niet tegen als we er de snoeischaar inzetten om er bollen, kubussen, spiralen en zelfs hele groene kunstwerken mee te maken. Al voorgevormd gesnoeid worden ze zelfs massaal kant-en-klaar aangeboden en graag gekocht. Maar de echte groene kunstenaars onder de tuinliefhebbers prefereren natuurlijk eigen, unieke, creatieve vormen. Dat is altijd al zo geweest, vanaf de Romeinse tijd via de ingewikkeld gesnoeide motieven en knopentuinen uit de Renaissance tot de verbluffende, golvende, groene snoeituinen van hedendaagse tuinkunstenaars. Probeer het ook. Prachtige voorbeelden zijn er genoeg.

Buxus en Taxus Wie aan snoeivormen denkt automatisch eerst aan Buxus. Dat is al sinds de klassieke oudheid zo. Het komt door het fijne blad en de sterke, dichte vertakking van de meeste wintergroene Buxussoorten. In de praktijk is de wetenschappelijke naam Buxus ook de Nederlandse naam geworden in plaats van het officiële ‘palmboompje’(Buxustakjes vervingen en vervangen in de rituëlen van de RK-kerk de oorspronkelijke palmtakken uit zuidelijker landen; vandaar). Er zijn tal van Buxus-soorten en varieteiten, de hoge en laagblijvende buxus, de goudbonte buxus en de volgroene buxus. Het meest bekend is het laagblijvende randpalmpje (Buxus sempervirens ‘Suffruticosa’, tot 60 cm hoog) waarmee bij voorkeur de lage haagjes en kleine snoeivormen worden gemaakt. Voor hogere vormen wordt meestal de echte buxus(Buxus sempervirens) gekozen die bij ons ca. 2 m hoog wordt en veel sneller groeit. 6


Net als Buxus zijn ook Taxus (venijnbooom)en bijvoorbeeld laurier, hulst, liguster en Lonicera nitida uitstekend geschikt voor vormsnoei. Hiervoor wordt meestal Taxus baccata gebruikt.

Hulst (Ilex) Deze langzaam groeiende heesters met hun vaak vlijmscherp gestekelde, meestal wintergroene blad (er zijn ook bladverliezende soorten) zijn er in meer dan tien verschillende soorten en met bladkleuren die variëren van groen, via zilver- en goudbont tot zelfs bijna blauwachtig (Ilex × meservae uit de USA). Het meest bekend is de hulst vanwege haar bessen, die rood, oranje, geel en zelfs wit kunnen zijn. De meeste soorten hulsten en cultivars hebben voor hun bestuiving een mannelijke cultivar in de buurt nodig om bessen te kunnen vormen. Vooral de ‘gewone’ of scherpe hulst (Ilex aquifolium) uit Europa, Azië en Noord-Afrika leent zich bijzonder goed voor vormsnoei. Vogeltjes houden van alles in de hulst : van de bessen voor voedselvoorraad en van de groenblijvende en stekelige bladeren van de hulst die ze beschermen tegen het slechte weer en de roofdieren.

Struikkamperfoelie (Lonicera nitida) Deze fraaie, wintergroene kamperfoeliesoort vormt een bolle struik (tot 1 m hoog) met overhangende takken, dicht bezet met heel kleine, donkergroene, ca. 1 cm lange blaadjes. Een van de sterkste struikkamperfoelies is ‘Hohenheimer Findling’, ‘Baggesen’s Gold’ heeft goudgeel blad. Prima in vorm te snoeien.

Tuintips voor februari: 

 

    

Wintergroene heesters hebben ook een milieuvoordeel. Schadelijke stoffen zoals fijnstof kunnen door bladeren worden weggevangen. Daarbij zijn wintergroene planten dus ook in de winter effectief. Bescherm wintergroene heesters tijdelijk – zeker ook uw in vorm gesnoeide exemplaren – tegen uitdroging door fel zonlicht tijdens strenge ‘kale vorst’. Snoeien: (mei-juni en eventueel in september nogmaals). Snoei bolle vormen door uw heggenschaar ondersteboven te hanteren: dat werkt veel makkelijker. (Kijk het snoeifilmpje). Voor fijn vormsnoeiwerk is een zogenaamde schapenschaar ideaal. Met voorgevormde draadfiguren over de planten heen maakt u de mooiste snoeivormen. U kunt nog steeds heel goed reparaties aan schuttingen, pergola’s enz. uitvoeren Onkruid kan alweer gaan groeien: wied wat u ziet Snoei van kornoelje met kleurtakken bevordert jonge groei met de felste kleur Vergeet de vogels niet 7


   

Stel vast (bijv. door foto’s te maken) waar u volgend jaar meer winterkleur in uw tuin wilt zien Niet spitten zolang de grond nog bevroren is U kunt nog steeds fruitbomen en -struiken snoeien Controleer of planten die u in het najaar hebt geplant niet zijn ‘opgevroren’. Zo ja, duw ze terug en trap de grond rond de wortels goed aan.

8


Maart

Een heerlijke belofte Fruit oogsten uit eigen tuin is fantastisch en lekker. Vooral ‘grootfruit’ dat aan bomen groeit, geeft erg veel voldoening. Denk aan appels en peren, maar ook aan kersen en pruimen, kweeperen en moerbeien, nectarines en abrikozen, en aan allerlei soorten noten. De fruitbomen geven een heerlijke en overvloedige opbrengst die u vers kunt eten of verwerken.

Fruit om van te genieten Verser en duurzamer fruit dan direct uit de tuin, is er niet. Dat is ook aan de smaak duidelijk te merken. Er is zelfs niet veel ruimte voor nodig, want veel fruitboomsoorten en -rassen worden tegenwoordig ook op onderstammen gekweekt die de fruitbomen klein houden. Fruit groeit overal waar wat zon is, in gewone, goed gedraineerde tuingrond. Nog even en veel soorten fruit bloeien weer uitbundig, meestal met roze of witte bloemen. Om geweldig van te genieten!

Kies wat u wilt; (kwee)peren en appels Er is handfruit dat u direct van de boom kunt eten, bewaarfruit en vruchten die verwerkt willen worden. De prachtige kweeperen (Cydonia oblonga) bijvoorbeeld zijn zo van de fruitboom keihard, maar ze hebben een unieke smaak en geur. Beroemd in tal van delicatessen uit het Middellandse-Zeegebied als jam en compote, in appelmoes en gebak. Kweepeer behoort tot de rozenfamilie (Rosaceae). Er zijn kweepeerrassen met een grote appel- of peervorm. Bij appels (Malus domestica) kent u het verschil tussen de honderden soorten handappels voor verse consumptie, bewaarappels die u lang kunt bewaren en moesappels. Maar er zijn ook zoete appels, met een hoog natuurlijk suikergehalte. Die laten zich heel goed drogen (voor tutti-frutti). Vooral oude rassen hebben vaak een unieke smaak. Voor peren (Pyrus communis) geldt ongeveer hetzelfde. Daarvan bestaan hand- en stoofpeerrassen. Heel bijzonder, ook qua smaak en vanwege het wat ‘korrelige’ vruchtvlees, is de Nashi-peer van Japanse origine. Vroeg geplukt zijn de meeste perensoorten goed bewaarbaar. Dit zijn allemaal pitvruchten.

9


Steenvruchten Er zijn ook steenvruchten. De ‘steen’ is de harde kern in de vrucht, bijvoorbeeld in kersen (Prunus avium), zure kersen of morellen (P. cerasus), pruimen en kwetsen (P. domestica), perziken (P. persica), nectarines (P. persica var. nucipersica) en abrikozen (P. armeniaca). U kent ze. Kersen- en pruimenbomen zijn bij ons volkomen winterhard. Perziken, nectarines en abrikozen staan liever wat meer beschut in de zon. Deze fruitbomen zijn iets gevoeliger. Door de verandering van het klimaat de laatste jaren doen de fruitbomenhet hier echter steeds beter en zijn ze zeer de moeite waard.

Moerbei en notenbomen Moerbeien bloeien in mei en rijpen in juli. In platte ‘dakvorm’ gesnoeide moerbeien zijn inmiddels heel geliefd. Er bestaan twee hoofdsoorten: de witte moerbei (Morus alba) geeft wittig-roze vruchten (dit is de soort waar de zijderups op wordt gekweekt) of de zwarte moerbei (M. nigra), die geeft donkerpaarsrode vruchten. Moerbeivruchten smaken heerlijk friszoetig. Ze hebben een soort langgerekte braamvorm. Notenbomen zijn er in tal van soorten: hazelaars (Corylus avellana), de lage meerstammige bomen of hoge struiken met de bekende in september oogstbare nootjes en de gele katjes in januari (ze zijn zelfsteriel, dus plant enkele rassen). Er zijn ook hazelaars met mooi roodbruin blad en rassen met korte, brede of grotere, langwerpige vruchten. De tamme kastanje (Castenea sativa) wordt een grote hoge fruitboom. Een goed alternatief voor tuinen is de veel lager blijvende Chinese tamme kastanje (C. molissima) die ook een goede opbrengt geeft. De walnoot (Juglans regia) wordt in veel gevallen ook een grote boom, maar er zijn zelfs ook struikvormen. Veel rassen hebben geen naam, maar een nummer. Alle in kuip of container gekweekte fruitbomen zijn het hele jaar door plantbaar.

Bestuivers Vooral appel- en perenbomen, maar ook diverse pruimen en kersen en ook notenbomen geven veel meer vruchten als ze door stuifmeel van een ander ras dat in dezelfde periode bloeit, worden bestoven. Laat u bij uw rassenkeuze dus goed voorlichten over de beste combinaties, maar er zijn ook zelfbestuivers die geen ‘vreemd’ stuifmeel nodig hebben.

Tuintips voor maart:    

Verwijder beschermingsmateriaal dat u eerder op en rond planten hebt aangebracht Als het gras gaat groeien, begint ook het maaien Maak terrassen en paden algvrij U kunt nu haagplanten planten 10


      

Schoon de vasteplantenborder op Geef al uw planten een goede basisbemesting (ook het gazon) Het gazon eventueel verticuteren en herstellen Ventileer de kas als het buiten warm genoeg is Verjongingssnoei bij hortensia’s toepassen Potplanten zo nodig verpotten Winterharde vaste planten nu (ver)planten en eventueel delen

11


April

Het vrije leven Het echte 3D-tuinieren lukt in kleine tuinen alleen goed met klimplanten. Klimplanten kleuren en camoufleren makkelijk hele muren, schuttingen, schuurtjes en nog veel meer. Klimplanten tegen gevels zorgen voor extra isolatie en opvang van fijnstof. Ze staan stevig geworteld in de grond, maar vragen in de tuin bijna geen bodemruimte.

Veel soorten klimplanten Er zijn honderden soorten klimplanten om uit de kiezen: rijke bloeiers, groenblijvers, zelfhechters, slingeraars en winders, vaste planten en heesters, soorten die verrukkelijk kunnen geuren en andere die dichte groene wanden kunnen vormen en minder esthetische zaken moeiteloos aan het oog onttrekken en verfraaien. Er zijn klimplanten die makkelijk 10 m of meer klimmen, maar ook klauteraars die met hun bloemen hooguit op een bescheiden 2 à 3 m pronken (op neus- en oogniveau bij het langslopen). U kunt ook prachtige combinaties met klimplanten maken, bijv. rozen met clematis, blauweregen met druif, klimop met kamperfoelie, of kiwi met hop of passieflora.

De schijnaugurk (Akebia quinata) Dit is een vrolijke klimmer met dunne, donker gekleurde ranken en heel mooi, fijn, vijfdelig blad. Als deze uit China, Japan en Korea afkomstige klimplant in april-mei bloeit met paarsbruinrode bloemen – vandaar ook wel de naam ‘chocoladeplant’ – geurt de hele tuin verrukkelijk naar vanille. Later verschijnen in een warme zomer groene, donkerpaars verkleurende vruchten die op 5-10 cm lange, dikke augurken lijken. Er zitten zwarte zaden in de vrucht van deze klimplant. Akebia kan met zijn hechtranken tegen gaas of een andere klimsteun tot 7 m hoog klimmen. Hij is half wintergroen. In een strenge winter verliest deze klimplant zijn blad. Hij groeit in iedere normale tuingrond en in zon tot halfschaduw.

Groenblijvende clematis (Clematis armandii) Deze Clematis komt uit West-China. De exotisch aandoende klimplant heeft smal, langwerpig, leerachtig blad dat in zachte winters aanblijft. Vanwege de matige winterhardheid moet de groenblijvende Clematis op een beschutte plek tegen een zuidmuur groeien of – nog beter – in een grote pot of kuip en ’s winters worden beschermd.

12


De Clematis bloeit in april-mei met grote trossen kleine roomwitte bloemen die – net zoals Akebia – naar vanille geuren. Er zijn verschillende cultivars van de Clematis, o.a. ‘Apple Blossom’ met lichtroze bloemen en bronskleurig uitlopend blad, en ‘Snowdrift’ met witte, sterker geurende bloemen. Het grote plantengeslacht Clematis telt ruim 500 soorten en wel 1500 cultuurvormen. De meeste clematissen verliezen hun blad in de herfst en zijn zeer winterhard. De bloeitijden lopen uiteen van heel vroeg in het jaar (bijvoorbeeld Clematis alpina met blauwe, knikkende klokjesbloemen), via zomerbloeiers met massa’s grote witte, roze, rode, gele, blauwe of paarse bloemen, tot herfstbloeiers zoals Clematis flammula die van augustus tot oktober is overdekt met kleine witte, heerlijk geurende bloemen. Daarna volgt bij deze klimplant prachtig, lang aanblijvend, zijdeachtig vruchtpluis (ook bij veel andere soorten). De Clematis werd al in de 16e eeuw gekweekt! Wie goed kiest, kan van het vroege voorjaar tot laat in de herfst van bloeiende clematissen genieten.

Klimhortensia (Hydrangea anomala petiolaris) Deze hortensia is een fraaie, tot 5 m of meer hoge, zelfhechtende klimmer uit Japan en Korea, die het zelfs tegen een muur op het noorden goed doet. Hij bloeit in juni-juli met grote platte schermen witte bloemen. Niet wintergroen.

Verzorging Klimplanten groeien graag in voedzame, humusrijke, diep losgemaakte, iets vochtig blijvende grond. Sommige klimmers, zoals klimop (Hedera) of wingerd (Parthenocissus) hechten zichzelf vast, andere hebben een klimsteun nodig. De voet van clematissen tegen fel zonlicht beschermen.

Tuintips voor april:      

Vroeg bloeiende struiken na de bloei snoeien Zaaien en planten Wintergroene heesters en coniferen planten Onkruid wieden; plantensteunen bij hoge vaste planten zetten Organische mulch tussen de planten aanbrengen Gazon maaien en bemesten 13


Mei

Een spektakel Vooral deze periode bloeien de rododendrons. Weelderig, uitbundig en adembenemend mooi! In Ierland en Schotland - waar de rododendrons zijn verwilderd- zien hele streken nu paars van de bloemen. Prachtig!

Rododendrons Er zijn meer dan 1000 wilde soorten rododendrons (wetenschappelijke naam: Rhododendron) en nog veel meer kweekvormen: wintergroene en bladverliezende. De laatste behoren meestal tot de zogenaamde azalea’s. Rododendrons groeien van nature in de randen van oerbossen op berghellingen in West-China, de Himalaja, Japan, Maleisië, de Europese Alpen en de Balkan. Gedurende de laatste 150 jaar zijn er honderden cultuurvormen uit kruisingen ontstaan, de ene nog mooier en rijker bloeiend dan de andere. En deze rododendrons zijn er voor kleine tuinen tot grote parken.

Een aantal grote groepen Er zijn zoveel rododendrons dat men ze in enkele grote groepen heeft ingedeeld: - Botanische rododendrons: Dit zijn de natuurlijke rododendrons die volop worden gekweekt, zoals het wintergroene Alpenroosje (Rhododendron ferrugineum) met zijn rode bloemen, dat u misschien van bezoeken aan het Midden-Europese hooggebergte kent (bloei in juni-juli) of de tot 4 m hoge Rhododenron ponticum uit Spanje met grote paarsviolette bloemen met gele vlekken (juni). - Rododendron-hybriden: Deze enorm grote groep kruisingsproducten is zelf ook weer zo gevarieerd, dat daarbinnen een nieuwe onderverdeling op min of meer gelijke kenmerken nodig was. Dat zijn o.a. Tuinhybriden, grote heesters die in mei-juni in grote tuinen, landgoederen en parken in allerlei kleuren bloeien. Heel bekende zijn ‘Catawbiense Boursault’(paars), ‘Cunningham’s White’ (wit), ‘Nova Zembla’ (rood).

14


- Dan de grootbloemige Repens-rododendron met groenblijvende cultivars die maar ca. 1,5 m hoog worden, maar ongelooflijk rijk bloeien (in mei): ‘Scarlet Wonder’ (rood), ‘Elizabeth’ (oranjerood). De Williamsianum Groep met bolvormige struiken en bij het uitlopen oranje bladeren en begin mei klokvormige bloemen: ‘Karin’ (roodpaars), ‘Gartendirektor Glocker’ (lichtrood). - Verder de Blauwbloeiende dwerghybriden die (in april) niet blauw, maar meestal violet bloeien. Lage struikjes met namen als ‘Blue Diamond’ en ‘Purple Pillow zijn sierlijke rododendrons. - De derde hoofdgroep is die van de azalea’s, de meeste bladverliezend, maar de Japanse azalea’s behouden in zachte winters hun blad. Behalve Japanse azalea’s zijn er o.a. ook Mollisazalea’s (ook tuinazalea’s genoemd), Knap HillExbury-azalea’s, Pontica-azalea’s, Occidentale, Rustica en Viscosa hybriden. Kies ze als ze bloeien (mei-juni). Ze zijn er in wit, geel, rood, oranje, paars, roze enz. Sommige geuren heerlijk!

Verzorging Plant rododendrons op licht- tot halfbeschaduwde plekken tussen heesters en bomen. Niet op het oosten gericht planten. Plaats de rododendrons ook niet bij bomen die oppervlakkig wortelen, zoals berken en dennen. Plant in zure grond (heideplantengrond). Alleen onthard water geven (regenwater). Boven de wortels van de rododendrons een mulchlaag (bladaarde of verteerd blad) aanbrengen. Liefst organische mest geven (geen beendermeel, dat bevat kalk) als rododendrons er door groei om vragen. Na de bloei de uitgebloeide bloemen uitbreken voorkomt energieverlies door zaadvorming. Direct onder de bloemrest zit al een knop voor bloei het jaar erop. Niet bij de wortels van rododendrons spitten. Het snoeien van rododendrons is meestal niet nodig. Geelbruine bladeren geven aan dat een rododendron in verkeerde (kalkrijke) grond groeit.

Tuintips voor mei:        

Groenblijvende heesters en coniferen planten Mos uit het gazon verwijderen Goed wieden: onkruid groeit in mei extra hard Steunen zetten bij vaste planten die hoog worden Na de IJsheiligen (11 t/m 14 mei) de kuipplanten buiten zetten Dan ook bakken met zomerbloeiers inplanten Klimplanten leiden en aanbinden Wilde scheuten bij rozen verwijderen 15


Juni

Bron van inspiratie Water en fascinerende waterplanten kunnen uw tuin, balkon en terras een extra dimensie geven. Water brengt altijd leven in de tuin en trekt natuurlijk leven aan: kikkers, salamanders, vlinders, libellen enz. enz. De planten in en om een vijver geven een heel eigen, rustgevende sfeer.

Vijvers Een zacht kabbelende bron- of borrelsteen kan overal worden geïnstalleerd. Ook een kleine vijver met prachtige planten kan overal. Met vaste vijverkuipen of ijzersterke vijverfolie kunt u vijvers, beken, watervallen, hele water- en moerastuinen en zelfs zwemvijvers maken, in iedere maat. Denk er wel aan dat voor ingrijpende ontgronding (als er grond uit de tuin wordt afgevoerd) toestemming nodig is. Beter is met de uitgegraven grond ergens anders in de tuin niveauverschillen te maken (of een heuvel voor een waterval).

Waterplanten zijn onmisbaar Waterplanten zijn niet alleen mooi, ze zijn ook buitengewoon nuttig in uw vijver. Er zijn tientallen soorten oeverplanten die in ondiep water groeien, met mooie vormen en schitterende bladeren, die prachtig bloeien en wuiven in de wind, maar via hun wortels houden ze het water helder. Ze halen voedsel uit uw vijver waardoor algen en wieren geen kans krijgen.

Denk aan soorten als:      

de grote gele dotterbloem (Caltha polypetala), moerasiris (Iris laevigata), gele lis (Iris pseudacorus), blauw snoekkruid (Pontederia cordata), lisdodden (Typha), zwanenbloemen (Butomus umbellatus)

Ondergedoken waterplanten De onmisbare ondergedoken waterplanten zijn zuurstofplanten die via hun blad zuurstof in het water brengen, dat voor snelle afbraak van afvalstoffen en ‘lucht’ voor het vijverleven 16


zorgt. Ze zweven vaak los in het water en wortelen niet. Dat zijn soorten zoals waterpest (Elodea), fonteinkruid (Potamogeton) en hoornblad (Ceratophyllum) die uw vijver ook erg aantrekkelijk maakt.

Waterlelies en andere drijfplanten Een derde groep zijn de vijverplanten die op de bodem wortelen, maar hun bladeren op het water laten drijven, zoals de prachtige waterlelies (Nymphaea) en plompen (Nuphar). Die bladeren zorgen voor schaduw in uw vijver en het is een schuilplaats voor vissen. Dat doen ook de zogenaamde drijfplanten, zoals de prachtig blauw bloeiende waterhyacint (Eichornia) en het mosselplantje (Pistia).

Natte oever- en moerasplanten Dan zijn er ook nog de ‘natte-oever-’ en moerasplanten die de vijver kunnen omzomen of in een apart moerasje kunnen groeien, zoals rietorchis (Dactylorhiza), kievitseitjes (Fritillaria), Houttuynia, irissen, maskerbloemen (Mimulus), te veel om op te noemen. Zo’n waterwereldje is fantastisch en maakt een vijver levendig. Maak het niet te ver van waar u vaak zit, want er gebeurt voortdurend van alles in en om de vijver. Om uren geboeid van te genieten en helemaal tot (natuurlijke) rust te komen.

Weetje Weet u dat sommige waterlelies verrukkelijk geuren? Nymphaea marliacea ‘Carnea’ bijvoorbeeld naar vanille, ‘Rose Arey’ naar anijs en Nymphaea laydekeri ‘Lilacea’ naar theerozen. Dus naast het uiterlijk van de vijver, komt het ook de geur in uw tuin ten goede.

Verzorging 

  

Door verdamping kan het waterpeil flink zakken. Vul een vijver of het bassin van een bronsteen regelmatig bij. Bij zuurstofgebrek (de vissen happen naar adem) de vijver beluchten (met een pompje met luchtsteentje of – nog beter – door meer zuurstofplanten in de vijver te brengen). Draadalg regelmatig uit de vijver halen. Te sterk groeiende planten uitdunnen. Controleer waterlelies op luis en waterleliekevertjes. Spuit die met een harde waterstraal weg. 17


 

Zorg dat pomp en filterinstallatie goed werken. Zo nu en dan de waterkwaliteit controleren.

Tuintips voor juni:        

Laat nestelende vogels (nestkastjes) met rust Goed water geven (sproeien) Uitgebloeide bloemen verwijderen Gazon niet te kort maaien (speelgazon 3 cm, siergazon 2 cm) Klimrozen aanbinden en rankende klimmers tegen een klimsteun leiden Rozen mesten Let op schimmelaantastingen (meeldauw) Bladverliezende hagen rond 25 juni snoeien

18


Juli

Familiefeestje Een heel interessante familie die deze maand alle aandacht krijgt is de kaasjeskruidfamilie. Het zegt u misschien niets, maar als u weet dat bijv. de katoenplant ertoe behoort, wordt het al een stuk aansprekender. Ook de tropische okra, waarvan de zaadpeulen vaak in pakketten roerbakgroenten zitten verwerkt, hoort bij de kaasjeskruiden. Net zoals heel veel prachtige sierplanten.

Geschiedenis planten Planten worden sinds de dagen van de Zweedse botanicus Carolus Linnaeus onderverdeeld in divisies, klassen, orden en families. Die worden weer in geslachten onderverdeeld en geslachten in soorten. Dat is grofweg hoe er sinds Linnaeus zijn boek Species Plantarum publiceerde (1753) naar de indeling van planten wordt gekeken. Vroeger alleen op basis van de uiterlijke kenmerken, tegenwoordig ook op basis van het genetische materiaal.

Abutilon, Malva, Althaea en Alcea, Lavatera en Hibiscus Als u naar de bloemen kijkt ziet u meteen de familieovereenkomst: de bloemen van de bekende Chinese roos (een kamer-Hibiscus) en Abutilon (prachtig bloeiende kuipplanten, bijv. de driekleurige ‘Belgische vlag’) lijken sterk op elkaar. Dat geldt iets minder voor de tuinhibiscussen (Hibicus syriacus en Hibiscus thuringiaca) waarvan ook varieteiten bestaan die met massa’s veel kleinere, gevulde bloempjes bloeien. De grote blauwe, witte (soms met rode vlek) of roze bloemen met in het midden tot een buis vergroeide meeldraden, herkent u wel onmiddellijk. Sommige vormen struiken tot wel 4 m hoog. Maar forse snoei is geen probleem; ze bloeien er niet minder rijk door. Prachtstruiken zijn het en keuze genoeg! Lavatera kent eenjarige soorten en vaste planten, waarvan sommige struikachtig uitgroeien tot wel 150 of 175 cm hoog. Ze bloeien overdadig in de periode juni-september met roze, rode, lila, witte enz. bloemen. Snoei ze ieder jaar in april diep terug, dan herhaalt het kleurenfeest zich daarna in alle hevigheid!

19


Kaasjeskruiden De echte kaasjeskruiden (Malva) zijn een- en tweejarige en vaste planten, waarvan o.a. het overblijvende muskuskaasjeskruid (Malva moschata) met massa’s trossen helderroze bloemen in juni-augustus heel bekend is (60 cm hoog). Heel mooi zijn ook Malva sylvestris ‘Primley Blue’ en ‘Marina’ met grote bloemen in een bijzondere tint blauw (75 cm hoog). Heemst (Althaea officinalis) is een bekende tot wel 150 cm hoge, inheemse tuinplant met viltig behaard blad, die in juli-september met clustertjes bleekroze bloemen bloeit. Heemst verdraagt zoute lucht. De verwantschap met de tweejarige stokrozen (Alcea rosea) is overduidelijk. Die kent ook iedereen. Geen cottage garden zonder stokrozen! Alle soorten houden van een zonnige groeiplek en voedzame grond.

Nog meer leden van de kaasjeskruidfamilie Het verrast u misschien, maar ook de linden (Tilia-soorten) horen erbij. Zelfs de enorme Afrikaanse en Australische broodboom baobab (Adansonia), de cacaoboom (Theobroma), de kapokboom (Bombax) en de heilige boom van de Tahitianen: de strandpopulier (Thespesia).Een prachtfamilie, die kaasjeskruiden!

Tuintips voor juli:          

Op tijd royaal water geven c.q. sproeien Maak afspraken voor de verzorging van uw planten/tuin tijdens vakantie Vang oorwormen weg bij dahlia’s (met een speciale oorwormenpot) De tweede helft van juli is de beste planttijd voor Iris en Cyclamen Blijf het gazon maaien Eenmaal bloeiende klimrozen terugsnoeien (na de bloei) Wilde scheuten bij rozen wegtrekken Ranken en scheuten van klimplanten leiden/aanbinden Controleer op luis en schimmels Draadalg uit de vijver verwijderen

20


Augustus

Bijzonder blauw Blauw heeft een heel bijzondere uitwerking. Maar er is een duidelijk verschil tussen lichtof hemelsblauw en dieper blauw of indigo. Het zien van een kleur (ook bij planten in de tuin) geeft een bepaalde emotie. Lichtblauw of zuiver blauw schept ruimte (ademruimte), het verwijdt en is rustgevend afstandelijk, kalmeert, verkoelt, relativeert. En dat kan allemaal ook in een tuin.

Blauwe kleuren in de tuin Breng met planten blauw in de tuin en het wordt er subtieler en mooier. Blauw, indigo en violet zijn de kleuren die in de levende natuur het minst voorkomen. Uiteraard wel in de lucht en gereflecteerd in water, maar levend blauw is bijzonder. Combineren met blauwe of blauwbloeiende planten of het maken van een ‘blauwe tuin’ is een echte uitdaging. Maar wie die aangaat, kan een resultaat bereiken om jaloers op te worden. Bijzonder blauw is overal te vinden. Blauw komt in bladeren voor en in bloemen, bij vaste planten, heesters en bomen, waterplanten en eenjarigen. We halen er een paar voor het voetlicht.

Blauwe planten 

Caryopteris: deze prachtige heesters worden ca. 1 m hoog. Ze bloeien in augustus-september- oktober met blauwe tot violette bloemen in pluimen. Niet voor niets heet een heel bekende varieteit: Caryopteris × clandonensis ‘Heavenly Blue’. Eryngium is de blauwe distel of kruisdistel. Een vaste plant. Niet alleen zijn de stengels en bladeren grijs- tot staalblauw, de korfachtige bloemen (in juni-augustus) zijn schitterend violetblauw! De meeste worden 75-125 cm hoog, maar Eryngium planum ‘Blauer Zwerg’ haalt maximaal 50 cm. Bij een ander geslacht, de kogeldistel (Echinops) zijn de blauwe bloemhoofdjes kogelrond. Bekende vormen zijn Echinops bannaticus ‘Blue Globe’ en ‘Taplow Blue’ (ca. 1 m; juli-september).

21


Perovskia is een steil omhoog groeiende heesterachtige vaste plant uit Tibet en omgeving, die in augustus-september met massa’s violetblauwe bloemen aan de witviltige twijgen bloeit. De Amerikaanse sering (Ceanothus) lijkt wel iets op Caryopteris. Ook Ceanothus bloeit met opstaande pluimen (juli-oktober). Er zijn prachtige hybridecultivars van, zoals de lichtblauwe ‘Gloire de Versailles’ en de indigoviolette ‘Topaze’. De anijsplant of dropplant (Agastache) is een vaste plant uit Noord-Amerika, 75-100 cm hoog, die bloeit met lange, opstaande aren violetblauwe (Agastache rugosa) en blauwpaarse (‘Blue Fortune’) bloemen. De blauwe klokjesbloemen van de Afrikaanse lelie (Agapanthus) kent bijna iedereen, net zoals de vele soorten intens blauwe gentianen (Gentiana), hemelsblauwe vergeet-me-nietjes (Myosotis) en blauw schapengras (bijv. Festuca cinerea ‘Frühlingsblau’ en ‘Blausilber’.

Nog meer kleurrijke planten Allemaal sfeervolle planten! Nog een paar aanraders: Ceratostigma plumbaginoides is een laag struikje met volblauwe bloemen in september-oktober, C. willmottianum (1 m) bloeit hemelsblauw in juli-oktober. Heel bijzonder is Vitex agnus-castus, een tot 2,5 m hoge, bladverliezende heester die in september-oktober bloeit met onwaarschijnlijk blauwe, geurende bloempluimen.

Vrouwen en blauwe planten Wetenschappelijk is vastgesteld dat sommige vrouwen meer afgebakende kleuren blauw kunnen onderscheiden. Zij zien dan dus meer soorten blauw. Bij mannen schijnt dat niet voor te komen. Mannen zijn ook veel vaker kleurenblind.

Tuintips voor augustus:        

Controleer uw planten op schimmels: het wordt vochtiger! Lavendel terugsnoeien. Uitgebloeide bloemen wegnemen. Tuinplanten en gazon deze maand voor het laatst voeding geven. Clematis planten. Coniferen met kluit en hagen planten. Bladverliezende hagen voor de laatste keer snoeien. Blijf regelmatig uw gazon maaien en wieden. Wilt u pioenrozen (ver)planten, doe dat dan nu!

22


September

Hagen, van hoog tot laag Een tuin is van oorsprong een omheind stuk grond. Omheinen kan met muren, schuttingen en hekwerken, maar de mooiste en oudste manier is omheinen met een levende plantenhaag. Dat deden onze voorouders al in de prehistorie.

Nuttige hagen Een veldje werd geruimd (zaaiklaar gemaakt) en in de randen liet men ondoordringbare (vaak stekelige) bomen en heesters dicht op elkaar groeien of men plantte die daar. Zo ontstonden hagen. Rond weiden voor rundvee kwamen ook hagen. Het vee kon er niet uit en grotere wilde dieren, zoals wolven en beren, kwamen er niet in. Ongetwijfeld heeft men toen ook genoten van bloeiende hagen en het vele leven (vogels, reptielen, amfibieën en kleine zoogdieren) dat zich in en om een haag vestigde. Al gauw werden hagen ook de apotheek voor hun bezitters, omdat veel haagplanten geneeskrachtige stoffen bevatten en er nog veel meer geneeskrachtige planten tussen en onder opschieten. De boerinnen van vroeger wisten daar alles van. En de vroegere boeren gebruikten takken en stammen uit de hagen als ‘geriefhout’ in hun bedrijf: voor het (in de lange winters) maken van gereedschappen, houtsnijwerk, het opknappen van huis en schuren en uiteraard als brandhout.

Oude hagen Uit de middeleeuwen is uit sommige streken nog de regel bekend dat de (vaak meidoorn)hagen zo hoog moesten worden gesnoeid dat een man te paard er overheen kon kijken. Zo kon de landeigenaar zien wat zijn ‘horigen’ op de velden uitspookten. Knotbomen ontstonden door snoei (voor een periodieke oogst van stevige takken) boven de vraathoogte van het vee. Hoge hagen dien(d)en als wind- en in sommige streken ook als sneeuwkering. Lage hagen van Buxus weerden konijnen uit beplante perken (dat wisten de oude Romeinen al). Prachtige, ambachtelijke technieken en speciaal gereedschap (o.a. een hiep, een soort bijltje) werden ontwikkeld om (de hier en daar nog steeds bestaande of nieuw gemaakte) vlechtheggen te maken. Beroemd zijn ook de zogenaamde Zeeuwse hagen met meidoorn, sleedoorn, wilde rozen enz. Een haag kan ‘los’ zijn (breed en versprongen geplant, vaak uitbundig bloeiend) of strak en architectonisch worden geschoren. Aan u de keus! 23


Prachtige hagen maken Dat kan met heel veel goed snoeibare soorten bomen en heesters. We noemen er enkele: haagbeuk (Carpinus betulus) groeit dicht met sterke takken, maar verliest ’s winters zijn beukachtige blad. De beuk (Fagus sylvatica, met groen of rood blad) houdt dat blad prachtig goudbruin verkleurd, de hele winter aan tot het nieuwe blad verschijnt. De veldesdoorn of Spaanse aak (Acer campestre) met zijn handvormig gelobde blad is net zoals de vorige soorten ook geschikt voor hoge hagen en doet het goed in de schaduw (prachtige gele herfstkleur!). Buxus is er in veel soorten. Voor lage hagen zijn cultivars van de soort B. sempervirens en dan vooral ‘ Suffruticosa’ het best geschikt. De venijnboom (Taxus) is een conifeer die zich strak laat snoeien. Er zijn soorten (T. baccata, T. × media) en cultivars voor hoge tot lage taxushagen.

Andere hagen Levensbomen (Thuja) zijn prachtige haagconiferen met geschubd blad en verkrijgbaar in tal van loofkleuren: geel, groen, grijs enz. Hemlock- of scheerlingsdennen (Tsuga) zijn minder bekende hagen, maar diverse cultivars van deze coniferen met hun hangende toppen (‘Greenwood Lake’) lenen zich daar prima voor. × Cupressocyparis leylandii is de bekende snel groeiende leyland-cipres. Olijfwilgen, o.a. de groenblijvende Elaeagnus × ebbingei, bloeien heerlijk geurig (deze soort wit in oktobernovember) en deze hagen kunnen uitstekend tegen zoute zeelucht. De vuurdoorn (Pyracantha) is ook groenblijvend, zeer stekelig, met witte bloemen en daarna massa’s (meestal oranje) bessen. De liguster (Ligustrum) kent iedereen als groenblijvende haag, maar veel minder bekend zijn bijv. de geelbladige (L. ovalifolium ‘Aureum’) en witbonte (‘Argenteum’) cultivars. De Laurierkers (Prunus laurocerasus ‘Caucasica’) kan uiteindelijk wel zo’n 3 m hoog worden, blijft de hele winter groen en bloeit in april- mei met witte, rechtopstaande bloempluimen.

Hagen planten Voor de meeste soorten hagen kunt u bij jonge aanplant uitgaan van 5 planten per strekkende meter. Hoe kleiner de soort, des te meer planten. Bij Buxus kan dat oplopen tot 8 à 10 planten per strekkende meter. September is een goede periode om (met kluit

24


geleverde) hagen te planten. Snoei loofsoorten direct na het planten (voor goede uitgroei), coniferen niet. Na het inplanten van de haag de eerste paar weken extra water geven.

Tuintips voor september:           

Uw tuinplanten nu niet meer mesten Ze moeten afharden voor de winter Uitgebloeide zomerbloeiers verwijderen Maak de vrijgekomen potten en bakken (met verse potgrond) klaar voor een leuke herfst- en winterbeplanting Blijf maaien Gevoelige kuipplanten al binnenzetten Met kluit geleverde bomen Heesters en coniferen planten Buxusranden vernieuwen Ranken van klimplanten aanbinden/invlechten Laatste keer hagen knippen

25


Oktober

Coniferen, volop variatie Variatie in coniferen, daar gaat het hier over. Coniferen zijn er in ongelooflijk veel vormen, kleuren, maten en sferen. Sommige veranderen zelfs opvallend door het jaar heen. Ze zijn allesbehalve saai. Die verkeerde indruk wordt vooral veroorzaakt door de eenvormige, uitgestrekte sparrenbossen uit de bosbouw, waar niets anders lijkt te mogen groeien. Dat is in de tuin wel anders. Daar kunnen een paar goed gekozen coniferen de sfeer geweldig ophalen en voor een dromerige of vrolijke, verstilde of gracieuze noot zorgen.

Coniferen bestaan al miljoenen jaren Zo’n 230 miljoen jaar geleden verschenen samen met de Ginkgo- en de Cycas-achtigen ook de eerste coniferen op het aardse toneel. Zij namen daarna de hoofdrol over van de (reuzen)paardenstaarten, wolfsklauwen en varens. Dat waren (en zijn) planten die nog geen bloemen vormden, maar sporen uitstrooiden om zich te vermeerderen. Coniferen, Ginkgo’s e.d. waren de eerste plantengroepen die (primitieve) bloemen vormden. Coniferen zijn zogenaamde naaktzadigen. Hun zaden zitten in losse schubkegels of besachtige structuren. Ooit kwamen coniferen in honderden soorten over de hele wereld verspreid voor. De meeste kennen we vooral uit fossiele resten. Zo nu en dan worden zulke fossielen nog levend aangetroffen. In 1994 bijv. nog de ‘Wollemi Pine’ in een diep dal 200 km van Sydney in de Australische Blue Mountains. Deze soort wordt inmiddels ook gekweekt. De belangrijkste coniferenfamilies groeien vooral op het noordelijk halfrond. Dat zijn de dennen (Pinaceae), de cipressen (Cupressaceae) en taxusachtigen (Taxaceae). Op het zuidelijk halfrond zijn het vooral verwanten van de beroemde, prehistorisch uitziende slangenden of ‘apenpuzzel’ (Araucaria). In grote delen van Afrika komen helemaal geen coniferen meer voor.

Enorme keuze coniferen voor de tuin Kwekers worden al eeuwen gefascineerd door de mogelijkheden en verscheidenheid van de ca. 50 geslachten en meer dan 500 soorten uit de bovengenoemde en andere coniferenfamilies. Daardoor heeft u nu voor de tuin de keuze uit vele honderden fantastische haagconiferen, heel langzaam groeiende dwergvormen, treurconiferen, kruipende en slank naar de hoge hemel reikende vormen, soorten met prachtig naald- of schubvormig blad, bladhoudende en 26


bladverliezende, en een enorme variatie aan loofkleuren: alle tinten groen, maar ook blauw, goudgeel, grijs, groen met wit gevlekt, roodachtig en bronskleurig en met bronzen winterkleur. Sommige kunnen uitstekend tegen zoute zeewind. Kies uit jeneverbessen (Juniperus), levensbomen (Thuja), hemlocksparren (Tsuga), sparren (Picea), dennen (Pinus), zilversparren (Abies; de Koreaanse zilverspar vormt paarse kegels), ceders (Cedrus), Chamaecyparis (wat ‘dwergcipres’ betekent, maar sommige worden 75 m hoog), de snelst groeiende haagconifeer (× Cupressocyapris leylandii), de levende fossiel Ginkgo biloba met in de herfst prachtig geel verkleurend eendenpootachtig blad, bladverliezende lariksen (Larix), de ’s winters bronskleurige, bodembedekkende Microbiota en nog veel meer.

Oktober ideale planttijd In container/pot gekweekte coniferen kunnen het hele jaar worden geplant (alleen niet als het vriest). Coniferen die u met ingegaasde kluit koopt, kunt u het beste tussen half september en eind oktober planten. Maak de gaaslap rond de wortels pas in het plantgat los. Zorg voor een ruim plantgat en verbeter de grond voor het inplanten. Na het inplanten goed water geven.

Tuintips voor oktober:         

Vorstgevoelige zaken en planten nu vorstvrij onderbrengen Ook de laatste kuipplanten binnen zetten Voertafel/voerhuisje voor de vogels in orde maken Laat ergens in de tuin takken, blad e.d. (snoeihout) liggen voor overwinterende egels, insecten e.d. De vijver winterklaar maken (ook net erover tegen inwaaiend blad) Controleer klimsteunen voor planten Zorg dat alles stormvast is Afvallend blad verwijderen van gazon en groenblijvende vaste planten Ook bladverliezende bomen en heesters (ver)planten

27


November

Gezellig buiten In het late najaar, tijdens de winter en in het heel vroege voorjaar is een vrolijke, warme kleur buiten in de tuin, op het terras of balkon een ware verademing. Als daar ook nog een heerlijke geur bij komt, is het effect helemaal geweldig. Dat lukt met een aantal kleine heesters die het zelfs in plantenbakken op terras of balkon uitstekend doen.

Wat te doen in november? Plant heesters nu om er de komende maanden steeds weer van te genieten. Uw zomerbloemen zijn uitgebloeid. Ruim de bakken waarin die groeiden niet op, maar maak ze schoon, bekleed ze van binnen met noppenfolie voor isolatie (drainagegaten vrijlaten), vul ze met verse potgrond en zet er uw winterkleurplanten in. In de volle grond van uw tuin doen ze het natuurlijk ook.

Soorten heesters Over enkele bijzondere soorten heesters die doen wat we beloven. De heesters zorgen voor kleur en geur tijdens de wintermaanden. De eerste die we noemen is Skimmia japonica ‘Rubella’, een mannelijke cultivar van deze groenblijvende heester dat de hele winter door dikke trossen dieprode knoppen draagt die fraai afsteken tegen het leerachtige, warmgroene blad. Tijdens windstille winterdagen kunt u de zoete geur van deze Skimmia ruiken. Door strenge kou wordt de kleur nog dieper en krijgen ook de bladeren een rode rand. Als deze Skimmia in maart/april open bloeit kan hij vrouwelijke Skimmia’s bestuiven. Zo’n vrouwelijk ras is bijv. Skimmia japonica ‘Nymans’ dat wit bloeit en daarna keiharde, felrode bessen vormt die heel lang aan de plant blijven omdat de vogels ze deze bessen niet lusten. Een andere, zeer bekende Skimmia japonica met bessen is ‘Veitchii’. De eveneens vrouwelijke cultivar ‘Kew White’ vormt witte bessen. De Skimmia japonica ‘Fragrant Cloud’ geurt extra sterk.

28


Bloemen en bessen Skimmia reevesiana is een heester uit China dat maar 50 cm hoog wordt, maar deze soort is van nature tweeslachtig. Hij kan dus zichzelf bestuiven, waardoor iedere plant na de bloei (wit, in mei) bessen vormt. Die rijpen in de herfst en ze zijn donkerrood. Ook bij deze Skimmia blijven ze heel lang aan de struikjes. U kunt ze nu met hun kleurige bessen kopen. In de natuur is nooit iets voor honderd procent geldig. Er zijn altijd uitzonderingen: zo komt het dat er van deze Skimmia toch een mannelijke cultivar bestaat, ‘Ruby King’ die dus geen bessen vormt, maar wel de hele winter mooie rode bloemknoppen toont. Bergthee (Gaultheria procumbens) is een kleine, kruipende, wintergroene en bodembedekkende heester uit Noord-Amerika. Deze heester wordt niet hoger dan 15 cm en heeft leerachtig, glanzend, groen blad. Bergthee bloeit in juliaugustus met witte bloempjes (maar heel onopvallend) waarna kogelronde, rode bessen worden gevormd die ook bij deze soort lang aanblijven.

Verzorging Al deze heesters doen het uitstekend op een licht beschaduwde plek. Maar wel in kalkarme grond. Normale potgrond is prima, heideplantengrond is beter. Snoei is eigenlijk nooit nodig, maar de kleurrijke takken met blad en knoppen of bessen worden wel heel graag in kerststukjes verwerkt.

Mooie combinaties De genoemde heesters zijn erg fraai samen met andere, kleine, zure grond minnende planten zoals dwergconiferen, winterheide, maar ook een combinatie met een Helleborussoort (bijv. de kerstroos, H. niger) is heel mooi.

Tuintips voor november:         

Zorg voor winterbescherming van uw gevoelige vaste planten (winterdek) Bij goed weer het gazon nog een laatste keer maaien Regentonnen, watercontainers e.d. leegmaken Sproeisystemen en buitenwaterleiding aftappen Reparaties in de tuin uitvoeren Bladverliezende bomen en heesters (ver)planten Bolgewassen planten Tuinmeubilair schoonmaken en opruimen Zorg voor strooizand tegen gladheid 29


December

Wondermooi Het zal u misschien verbazen, maar de tientallen soorten Helleborus die in Zuid- en Midden-Europa tot in West-Azië voorkomen, behoren tot de boterbloemenfamilie. De meest bekende Helleborus – de kerstroos – wordt al eeuwen gekweekt.

Een geweldig assortiment Momenteel vormt Helleborus, dat ook wel nieskruid wordt genoemd, een van de meest geliefde vaste-plantengroepen voor de tuin. Dat komt door de fantastische resultaten die de kwekers inmiddels hebben bereikt: geweldige, sterke planten met prachtige bloemen die niet meer lijken op de miezerige kerstrozen uit Oma’s tijd. Wie die nieuwe Helleborus ziet, is meteen verkocht! Het overgrote deel van de via selectie en kruisingswerk verkregen rassen wordt samengebracht in de Helleborus Orientalis Groep: een grote plantengroep van enorm wisselende herkomst. Hoewel er een tweehonderdtal benaamde rassen bekend is, wordt de Helleborus vooral op kleur verkocht. Het meest voorkomend zijn de bloemkleuren: wit, wit met donkerder spikkels, licht- en donkerroze, roze gespikkeld, lila, paars, roodpaars, echt rood, heel diep paars, bijna zwart, maar ook crèmegeel, boterbloemgeel en lichtgroen. De witte bloemen van de Helleborus verkleuren vaak naar roze en groen (zoals bij de wit bloeiende kerstroos (Helleborus niger). Er zijn rassen met enkele – en met gevulde bloemen. Die bloemen hebben iets bijzonders: het zijn niet de kroonbladen, maar de kelkbladen die de kleur dragen. Ze zijn tot ver in juni heel decoratief. De kroonbladen van de Helleborus lijken te ontbreken, maar zijn in werkelijkheid veranderd in kleine nectar-gevende orgaantjes die met hun zoete vocht insecten lokken voor de bestuiving van de knikkende bloemen.

Wintergroene soorten Er zijn wintergroene soorten Helleborus met bloemen aan aparte stengels, zoals Helleborus niger, maar ook soorten die met bebladerde bloemstengels overwinteren (bijv. de Corsicaanse kerstroos, Helleborus argutifolius). Alle planten in de Helleborus Orientalis Groep hebben wintergroen blad. Een van de weinige, meestal wel op naam aangeboden 30


rassen, is Helleborus ‘Early Purple’, een paars bloeiende plant waarbij de bloemen al in november kunnen verschijnen. Alle andere zijn later, maar de kwekers zien kans vooral de witte kerstroos (maar ook anders gekleurde) in de kerstperiode rijk bloeiend aan te bieden

Anti-vries Heel interessant is de manier waarop de Helleborus haar bloemen tegen vorst beschermen. Als het flink gaat vriezen, pompen ze er eenvoudig (nou ja…) het vocht uit, dat ze tijdelijk in de bladeren en wortels opslaan. De bloemen hangen dan even slap, maar bevriezen niet, en als het weer beter wordt, komt het vocht terug en staan ze er al snel weer stralend bij! Andere groenblijvende soorten Helleborus zijn o.a. de al genoemde Corsicaanse kerstroos en het stinkend nieskruid (Helleborus foetidus) met zeer donkergroen blad en groene, meer buisvormige bloemen met een bruinrood randje vanaf einde winter. De cultivar ‘Wester Flisk’ heeft roodachtige stelen. Alle helleborussen houden van humusrijke grond die wat kalk bevat. In pot gekochte planten die u eerst een tijdje in de woonkamer zet, kunt u daarna (tijdens niet-vriezend weer) buiten op een beschut, halfbeschaduwd plekje planten, waar ze jarenlang kunnen blijven staan. Breng ieder jaar voedzame compost rond de planten aan. Verder met rust laten. Ze zullen dan steeds rijker gaan bloeien.

Combinaties Alle vroegbloeiende soorten Helleborus combineren uitstekend met leverbloempjes (Hepatica), schuimbloemen (Tiarella), longkruid (Pulmonaria) en vroege bolgewasjes.

Tuintips voor december:          

Klimplanten niet meer snoeien vanwege de kans op invriezen Hagen planten kan nu uitstekend Bij ‘kale vorst’ wintergroene planten tegen uitdrogen beschermen (met vliesdoek e.d.) Compost als mulch onder hagen aanbrengen Snoeien kan bij niet-vriezend weer IJsvrijhouder in de vijver aanbrengen Nu kleigrond spitten (als dat nodig is) Denk aan winterbescherming bij stamrozen De laatste bollen poten Vergeet de vogels niet

31

Plant Stories 2011  

Lees hier de gebundelde plant stories van 2011. Kijk voor meer plant stories op www.colour-your-life.nl.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you