Issuu on Google+

1

5 september 2013 | jaargang 56

@tuecursor

Tweewekelijks blad van de Technische Universiteit Eindhoven Voor nieuws: www.cursor.tue.nl en volg tuecursor op

en

16 | ‘Down under’ naar de solartop Natuurlijk gaat Solar Team Eindhoven voor de winst tijdens de World Solar Challenge, die 6 oktober losbarst. Bovenal wil het team zijn ‘Stella’ na ruim drieduizend kilometer heelhuids over de eindstreep rijden. En dat is geen vanzelfsprekendheid: in 2011 volbracht minder dan een op de vijf teams de race door de Australische outback.

6 Technologische haute couture

Modeontwerpster Pauline van Dongen gaat voor doctor aan de TU/e.

14 “Plofstudent? Ik houd 22 Enkel Zjem niet van dat dédain”

Lees het interview met minister Jet Bussemaker op pagina 14-15.

en Confiture?

De eerste in een nieuwe serie over wat de pot schaft in Eindhovense studentenhuizen.

Check out our English section (pages 25-32)


2 | Vooraf

CURTOON

5 september 2013

Colofon Hoofdredacteur Han Konings

Eindredacteur Brigit Span

Redactie Judith van Gaal Tom Jeltes | Wetenschap Frits van Otterdijk Norbine Schalij Monique van de Ven

Medewerkers Nicole Testerink

Fotografie Rien Meulman Bart van Overbeeke

Coverbeeld Bart van Overbeeke

Opmaak Natasha Franc

Vertalingen Annemarie van Limpt (pagina 25, 28-31) Benjamin Ruijsenaars (pagina 26,27)

Aangesloten bij

Bonte avond De opening van ons academisch jaar; toch elke keer weer een wonderlijk gebeuren. Het doet me denken aan een bonte avond. Je hebt geen idee wat er komt, maar het zal wel van alles wat zijn. Posters met daarop letters etende studenten moesten ons er naartoe lokken. Ze hongeren naar ambitie. Mij leek dat meer iets voor een letterenfaculteit, waarom eten onze studenten geen printplaten, glasvezelkabel of zonnepanelen? Als sprekers stonden Shell-topman Dick Benschop en succesvol , entrepreneur Danny Mekic op het programma. Danny zat strak in het pak en was een frisse knaap, die 45 minuten tekst er in 20 minuten uitratelde. Te boeken voor 2.000 à 5.000 euro. Dick Benschop vertelde een persoonlijk getint verhaal, zonder voorgebakken teksten, over Shell. Nominaal en ambitieus studeren is niet per se dé weg naar succes, dacht ik na afloop. Met wat geluk en een goed netwerk kom je ook

Poll We vroegen naar jullie ‘main goal’ voor komend jaar

Han Koning s

een heel eind. In tegenstelling tot Danny kostte Dick ons geen cent. Sterker nog, hij bracht geld mee. ‘Enkele miljoenen’, zo mocht Cursor optekenen, bedoeld voor ons nooddruftige onderzoek. Het beste kwam bij de afsluiting: een dame in lederen broek zong het nummer Euforia, omkranst door kleurige led-verlichting en opgehangen in een tuigje, zodat ze ook kon rond tuimelen. Ik heb er die nacht nog over gedroomd….

Hoger Onderwijs Persbureau

Redactieraad prof.dr. Cees Midden (voorzitter) prof.dr. Hans Niemantsverdriet Angela Stevens- van Gennip Thomas Reijnaerts (studentlid) Arold Roestenburg Anneliese Vermeulen-Adolfs (secretaris)

Redactieadres TU/e, Laplace 0.35 5600 MB Eindhoven tel. 040 - 2474020 e-mail: cursor@tue.nl

Cursor online www.cursor.tue.nl

Druk Janssen/Pers, Gennep

Advertenties Bureau Van Vliet BV tel. 023 - 5714745

Van stilte naar Stella Tijdens een zeldzaam uurtje ‘zwerfjournalistiek’ kwam ik ze eind september 2012 voor het eerst tegen, op de begane grond van Potentiaal. In betrekkelijke stilte waren ze maanden eerder gestopt met dromen en gaan dóen: het bouwen van een gezinsauto op zonne-energie. Hun project onthullen wilden de doelgerichte studenten pas als ze echt góed op weg waren. Een klein jaar later is Solar Team Eindhoven de stilte allang voorbij en, met zijn Stella, klaar voor de internationale solarstrijd.

Monique

en van de V

Straks dus hopelijk stralen in de Australische zon; in deze Cursor alvast uitgebreid in de spotlights op de pagina’s 4, 5 en 12 tot en met 15.

Gelijk op gaan de TU/e’ers die ‘eindelijk willen afstuderen’ en ‘beginnen aan een heel nieuwe uitdaging’. (kleine 30%)

30% % 3%

Niet erg ambitieus: Het minste aantal stemmen (3%) gaat naar ‘een doorbraak in mijn onderzoek bereiken’.

Nu vragen we op www.cursor.tue.nl

Oase is vernieuwd. Hoe bevalt de site je nu?


Nieuws | 3

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Nieuws vind je op www.cursor.tue.nl

Ambitieus een ‘uitda Maandag 2 september 2013 - De TU/e verwelko mt dit jaar 2.200 nieuwe stu denten. Dit liet rector pro f. dr.ir. Hans van Duijn we ten tijdens de opening van het academisch jaar, dat in , het teken van ambitie sto nd. Zowel de rector, als ook Dick Benschop (presiden tdirecteur Shell Nederlan d) en de jonge en succes volle ondernemer Danny Mekic, benadrukten het belang van ambitie. En ze onders treepten dat het hebben van ambities niet altijd gem akkelijk is. Van Duijn: “Am bitie betekent dat je keuzes mo et maken. Je moet je blij ven concentreren op wat je wilt bereiken en op welke

Docenten van het jaar 2013: Brussaard en Baltus Dinsdag 3 september 2013 - Goed onderwijs moet gewaardeerd worden en goede docenten verdienen het in de spotlights te staan, zei rector Hans van Duijn maandag 2 september bij de opening van het academisch jaar. Seth Brussaard (beste docent in de bachelor) en Peter Baltus (beste docent in de master) mochten een cheque van vijfduizend euro in ontvangst nemen. Het geldbedrag van de prijs moeten de twee docenten besteden aan een activiteit voor onderwijs.

ieu

am n a n t d r o ux w

Fl

EE en w u o b e we g

gend’ collegejaar in

, hulpmiddelen je nodig heb t.” Benschop geeft zijn publiek mee dat ‘Ambitie start met je hart, maar het hoofd komt er ook bij kijk en’. Volgens Mekic, moet je eerst goed weten wat je wilt en op zoek gaan naa r je ambitie. “En dat is bes t moeilijk in een snel veranderende wereld.” Hun boodschap wordt ond ersteund door filmpjes van drie TU/e-studenten en een TU/e-alumna die op de weg naar succes keuzes hebben moeten maken. Onder hen roeister Lisa Scheenaard, die afgelopen weekend vierde is geword en op het WK.

Deel studenten mist eerste college Calculus Dinsdag 3 september 2013 - Bij het eerste college van Calculus, één van de vijf basisvakken van het Bachelor College, werden maandag 2 september uit de drie beschikbare collegezalen in totaal 130 studenten geweerd. De zaalcapaciteit was niet toereikend voor de toestroom. “Roostertechnisch had dat wel zo moeten zijn”, zegt Lex Lemmens, dean van Bachelor College. Er wordt onderzocht waarom het toch mis is gegaan.

TN

Shell wordt grote onderzoekspartner TU/e 2 september 2013 - Shell gaat ‘enkele miljoenen’ investeren in TU/eonderzoek. Beide partijen hebben begin augustus een overeenkomst getekend en kwamen tijdens de opening van het academisch jaar met het nieuws naar buiten. Vooral Scheikundige Technologie en Werktuigbouwkunde gaan vooralsnog van de samenwerking profiteren. Shell is één van de grootste onderzoekspartners van de TU/e.

t nieuwe r 2013 - He e b m E te p e 3s culteiten E aarin de fa Flux t a a g t, gebouw w huisves e g n e rd o en TN w kte rector naam maa ag heten. Die ijn maand D ans van u H . ir r. e d d f. s n pro tijde er bekend r. 2 septemb emisch jaa d ca a t e h n g va g id u aand in openin ijst naar de rw ve m o rm o te De doorstr eveelheid n voor de ho ie door ee rg e n s of e nning la p s n e van deeltje alles volg ls A . w k la b rv oppe uwe ge ou rdt het nie o w t, p o o verl . opgeleverd eind 2014

Collegevoorzitter Arno Peels bedankt voor tweede termijn

Oud-CvB-voorzitter Henk ter Heege overleden

7 augustus 2013 - Collegevoorzitter dr.ir. Arno Peels stelt zich niet beschikbaar voor een tweede termijn als voorzitter van het College van Bestuur. Dit heeft de Raad van Toezicht van de TU/e in de zomer laten weten. Peels wil de redenen voor zijn besluit niet nader toelichten. “Het was een breed palet aan afwegingen”, is het enige dat hij kwijt wil. Peels blijft tot mei 2014 in functie en heeft naar eigen zeggen nog geen zicht op een nieuwe baan. De Raad van Toezicht respecteert het besluit van Arno Peels om zich niet beschikbaar te stellen voor een

29 juli 2013 - Drs. Henk ter Heege, die van 1976 tot 1995 voorzitter van het College van Bestuur van de TU/e is geweest, is op 19 juli overleden. Ter Heege had in universitair Nederland veel gezag en de reputatie van een degelijke bestuurder met een rijk relatienetwerk.

tweede termijn als voorzitter van het College van Bestuur van de TU/e en beraadt zich zo snel mogelijk op zijn opvolging.


4 | Gelinkt

5 september 2013

Allemaal dezelfde De TU/e: dagelijks het tweede thuis van zo’n tienduizend studenten en medewerkers. Een relatief kleine gemeenschap, met ontelbare banden tussen de leden - zakelijk en/of privé. In ‘Gelinkt’ laten we steeds twee van hen aan het woord over hun relatie met elkaar en de universiteit.

Dezelfde dame dromen en begeren - het pakt vriendschappelijk zelden goed uit. Maar André Snoeck en Jirry Pons delen met plezier. ‘Stella’ heet zij die hen al ruim een jaar in hun greep houdt: de zonnegezinswagen waarmee Solar Team Eindhoven (STE) begin oktober aan de start van de World Solar Challenge verschijnt. Snoeck is één van de chauffeurs, Pons behoort tot de bijrijders. Er zaten zo’n vijf maanden tussen het moment waarop Snoeck (Technische Bedrijfskunde, rechts op de foto) aan boord van Solar Team Eindhoven stapte en Pons (Werktuigbouwkunde) zich bij het team voegde. Maar beiden wisten snel: dit heeft grote potentie. Pons (22): “Toen ik aan het project begon, heb ik meteen gezegd: ‘ik ga dit parttime doen, want ik moet nog een paar vakken halen’. Dat heb ik ongeveer een week volgehouden. Binnen de kortste keren was ik meer dan veertig uur in de week met het team bezig. Je vóelde gewoon: dit is echt iets heel gaafs, dit is méér dan een standaard bestuursjaar”.

Snoeck (22) was in maart 2012 al benaderd voor het team - op dat moment alleen nog bestaand uit initiatiefnemers Lex Hoefsloot en Roy Cobbenhagen, studenten Werktuigbouwkunde. Helder was dat ze ‘iets’ met een auto wilden gaan doen. Aan de World Solar Challenge deden echter al twee Nederlandse teams mee en “Roy en Lex wilden echt iets níeuws, iets heel vets doen. Er werd ook al wel gepraat over een gezinsauto, maar daar bestond nog geen klasse voor”. Toen de organisatie van de World Solar Challenge bekendmaakte dat het de nieuwe Cruiser-klasse ging starten, viel alles op zijn plek. “Dit was zo’n mooie kans en een uitdaging waarover je gewoon wílt nadenken”, verklaart Snoeck zijn ja-woord aan STE. “Bovendien was de aanpak direct heel serieus en professioneel, dat zie je al terug in de allereerste notulen. Ook hebben we in het begin afgesproken dat we niet meteen tegen iedereen over het project zouden vertellen. We wilden eerst zelf alles goed op de rails hebben om te voorkomen dat anderen ons plan direct zouden afschieten”.

Tweeëntwintig studenten telt STE’s kernteam intussen, die elkaar afgelopen jaar in de kelder van Potentiaal goed leerden kennen. “We zitten allemaal in dezelfde ruimte, de lijnen zijn kort”, aldus Snoeck. Pons stortte zich er met name op de aerodynamica van de auto, onder meer op de ‘kap’ voor Stella. Snoeck was vooral organisatorisch actief - van de boekhouding en PR tot de sponsoring en voorbereidingen voor de reis naar Australië. Vooral het werven van financiers bleek een tijdrovende klus - zeker in het begin, toen het team feitelijk nog niet meer kon laten zien dan een mooie brochure en een dosis overtuigings­ kracht. “Dat werd later wel iets makkelijker. Daar staat tegenover dat er steeds meer werkzaamheden bijkwamen en je voor veel dingen minder tijd kreeg.”

“We hebben allemaal dezelfde emoties op hetzelfde moment” Vooral vlak voor de onthulling van Stella, begin juli, waren zestigurige werkweken geen uitzondering. Klachten van het thuisfront waren er desondanks weinig. Pons, grinnikend: “Daar kregen mensen ook de kans niet voor, want ze zágen ons nauwelijks”. Snoeck: “Op dat moment was het: opstaan, naar de TU/e, werken aan de auto, terug naar huis en weer slapen. Je hebt op een gegeven moment ook geen andere gespreksstof meer; je maakt simpelweg niks anders méé.”


Gelinkt | 5

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

drive - voor Stella Qua relatie is leuk wel anders, moet hij toegeven: “Veel tijd voor mijn vriendin heb ik nu niet. Al heb ik het wel afgeleerd om in het weekend nog al teveel dingen voor het project te doen, zoals in het begin”. Pons nam begin dit jaar letterlijk en figuurlijk even afstand van het team, om in Brazilië zijn eerder uitgestelde stage te doen. Contact bleef er wel - al was het maar omdat het team hem regelmatig moest vragen zijn eerder gemaakte notities te ontcijferen. Pons, met brede grijns: “Dan mailden ze weer of ik mijn hiërogliefen even kon omzetten in leesbare tekst.” Aan het begin van het voorjaar keerde hij terug om zich weer volledig op de zonnewagen te storten. De masterstudent erkent dat hij er eind juni, vlak voor de onthulling, wel even doorheen zat. “Ik dacht op een middag een keer op tijd naar huis te gaan toen er opeens weer een gigantische takenlijst voor me lag. Collega’s hebben me op een gegeven moment alsnog naar huis gestuurd, omdat ze zagen dat het even niet goed ging.” Toch is vooral Pons volgens Snoeck “altijd ontzettend vrolijk en positief. Dan komt hij ’s ochtends binnen en roept: ‘Ik vóel gewoon dat het een mooie dag wordt vandaag!’”. “En sinds Brazilië knuffel ik heel veel”, vult Pons lachend aan. Dit tot lichte gruwel van sommige teamleden die wantrouwig terugdeinsden toen hun ‘verloren broeder’ hen na terugkomst met de armen wijd open tegemoet kwam. Pons roemt Snoeck vooral om zijn behulpzaamheid. “‘Kan ik misschien even iets voor je doen?’, vraagt hij dan. En je kunt altijd bij hem terecht als je een probleem hebt.”

Ondanks de intensieve samenwer­ king en de soms hoge druk is de samenwerking binnen het team altijd goed verlopen, stelt Snoeck. Pons: “We doen het echt allemaal voor Stella”.

‘Kan iemand me even knijpen?’ De teamgenoten zien elkaar ook buiten werktijd regelmatig. Snoeck: “Natuurlijk is het fijn om zo nu en dan ook eens met ánderen op te trekken, maar wat ik hier meemaak, kan ik uiteindelijk toch het beste delen met het team.” Pons: “We hebben allemaal dezelfde drive, dezelfde emoties op dezelfde momenten. Ik kan dat gevoel niet beschrijven, maar je teamgenoten weten precies wat je bedoelt.” En ja, ze dromen zelfs van Stella, geven ze toe. “Gecrasht is ze gelukkig nog nooit”, aldus Snoeck. Op 4 juli werd hún Stella, na maandenlange geheimhouding, dan eindelijk onthuld. Pas daags ervoor maakte de zonnewagen haar allereerste rondje in de buitenlucht. “Een beetje surrealistisch”, beschrijft Pons. “Je bent zó lang aan het designen geweest om alles tot in de puntjes kloppend te krijgen. Hard werken, op het laatst zelfs dag en nacht. Als je de auto dan ziet rijden, denk je toch: ‘Kan iemand me even knijpen?’.” Snoeck: “De dag van de onthulling was zó’n ontlading, dat voelde je aan iedereen. Terwijl er eigenlijk weinig te ontladen viel, want iedereen was zó moe, zó leeg.”

Half augustus vertrok het team naar Australië om zich verder voor te bereiden op de World Solar Challenge. Snoeck en Pons behoren tot de negenkoppige selectie die tijdens de race afwisselend Stella’s bemanning vormt. Sinds mei volgen ze een speciaal trainingsprogramma om fit en gestroomlijnd aan de start te kunnen verschijnen. Want op een rit van drieduizend kilometer scheelt die ene kilo lichaamsgewicht misschien maar een paar seconden, “maar het is toch weer nét dat beetje extra”. De focus ligt vooral op fysieke stabiliteit en kracht om de lange rit door de woestijn aan te kunnen. Al schrijft de organisatie sowieso een aantal verplichte stops voor, “we willen verder natuurlijk zo min mogelijk hoeven pauzeren omdat iemand even zijn benen moet strekken”. Snoeck kan haast niet wachten op de start: “Ik ben helemaal klaar om in te stappen en te gáán. Drieduizend kilometer is vast lang genoeg om onderweg wat momenten in ons te kunnen opzuigen en te kunnen genieten”. Lees meer over Solar Team Eindhoven en Stella op de pagina’s 16 tot en met 19 in deze Cursor. www.tue.nl/ste Interview | Monique van de Ven Foto | Bart van Overbeeke


6 | Onderzoek

5 september 2013

Technologische haute couture Een jurk die je mobiel oplaadt terwijl je in de zon op een festival staat en schoenen die uit de 3D-printer rollen. Modeontwerpster Pauline van Dongen combineert in haar werk hightech materialen en nieuwe technologieën met vakmanschap en handwerk. Met haar ontwerpen wil ze een kijkje in de toekomst geven waarin kleding zowel modieus, innovatief als waardevol is. Deze maand start ze bij Industrial Design haar PhD-traject om die droom waar te maken. Ze kreeg internationale bekendheid door haar ontwerp van de eerste 3D-geprinte schoen, die ze samen met het bedrijf Freedom of Creation maakte, en haar kleding werd geëxposeerd in onder andere Istanbul, Milaan en Londen. Vorig jaar maakte ze in Wenen, samen met een elektrotechnisch ingenieur en robothacker, in een maand een jurk met zeshonderd flip-dots die op muziek reageren. Samen met TU/e-promovendus Martijn ten Bhömer werkte ze dit voorjaar binnen het Wearable Senses-thema aan kleding voor geriatrische patiënten. “Ik werk graag multi­ disciplinair, samen met bedrijven en technici”, licht Van Dongen in haar ruime atelier in Arnhem toe. “In mijn PhD wil ik die samenwerking uitbrei­den en mijn onderzoek verdiepen zodat het niet alleen bij prototypes blijft, maar ook echt tot een goed werkend, mooi, kledingstuk komt dat verkocht kan worden. Het feit dat ik zelf een bedrijf heb, helpt daarbij.” Van Dongen werkt binnen het nieuwe thema Crafting Wearables, onder leiding van dr. Oscar Tomico. Ze is de eerste modeontwerper die een PhD-plek krijgt, maar bang voor de onderzoekswereld is ze niet. “Ik probeer altijd een theoretische fundering onder mijn werk te leggen en ga bij het ontwerpen van kleding als wetenschapper te werk. Ik ben nieuwsgierig, vooruitstrevend en wil veel weten. Met mijn ontwerpen onderzoek ik de ruimte tussen lichaam en kledingstuk en de verhouding tussen lichaam en omgeving. Kleding beschermt ons lichaam en geeft onze identiteit vorm, maar kan in de toekomst veel meer functies krijgen. Het kan je informatie geven over de omgeving en je deze op een nieuwe manier laten ervaren.”

Doel: een kijkje in de toekomst geven waarin kleding modieus, innovatief en waardevol is. Mensen krijgen steeds meer gadgets, daarin gaat technologie ze niet snel te ver. Technische hoogstandjes op je lichaam dragen is een ander verhaal, weet ook Van Dongen. “Toch is interesse de eerste stap. Het feit dat twintig procent van de Amerikanen nu een Google Glass zou kopen als hij verkrijgbaar zou zijn, zegt wel wat.” Als de snufjes

functioneel zijn, is de kans op dragen wellicht nog groter. Haar Wearable Solar-jurk, die zonnecellen bevat waardoor hij bijvoorbeeld een telefoon kan opladen, is daar een mooi voorbeeld van. De cellen zijn flexibel en daardoor goed geïntegreerd in de jurk. “Dat maakt hem heel draagbaar, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de harde zonnecellen op pakken van soldaten. Maar eigenlijk zou ik nog een stap verder willen, door de vezels van de zonnecellen door de stof te weven”, zegt Van Dongen ambitieus.

“Het gaat mij om draagbare kleding, waaraan techniek iets toevoegt” “We willen altijd verbonden zijn. Als ik een duurzame stof kan ontwikkelen die zichzelf met behulp van de zon kan opladen, zou dat te gek zijn.” Mode gaat over vernieuwing, maar de industrie zelf is heel conservatief, merkt Van Dongen. “Het is een log systeem en bedrijven zijn niet bereid veel geld en tijd te steken in veranderingen. Gelukkig oefent de maatschappij ook druk uit om te vernieuwen. Er is al zoveel meer mogelijk dan we zien. Met 3D-printen en 3D-scannen kun je bijvoorbeeld een perfect passend pak maken waar iemand lang plezier van heeft. Terwijl een simpel shirt van de H&M na een paar keer dragen in de prullenbak belandt. Uiteindelijk hoop ik dat we alleen nog maar kleding maken die nodig is en dat we voorkomen dat we ladingen weggooien. Het systeem van twee nieuwe collecties per jaar is achterhaald, kleding moet langer mee gaan.” Over haar eigen rol is ze bescheiden. “Ik heb niet de illusie dat ik in mijn eentje de hele industrie ga verande­ ren, maar ik hoop met mijn werk mensen te verrassen en aan het denken te zetten. Veel mensen zien natuur en techniek als twee gescheiden werelden, maar we kunnen niet zonder technologie, het is de oorsprong van ons bestaan. Ik denk dat als je je daar bewust van bent, je angst ervoor zal verdwijnen. Uiteindelijk gaat het mij om draagbare kleding, waaraan techniek iets toevoegt. Ik wil niet iets toevoegen omdat het kan, maar omdat het mijn ontwerpen verbetert.”

• Modeontwerpster Pauline van Dongen gaat promoveren aan TU/e-faculteit Industrial Design.

• Doel: een kijkje in de toekomst geven waarin kleding modieus, innovatief en waardevol is.

De flip-dot jurk reageert op muziek.


Onderzoek | 7

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

De komende jaren zal ze dan ook aan de slag gaan met allerhande toepassingen; van biotechnologie tot haptische technieken. Een jurk die langzaam ontstaat door het werk van gemodificeerde bacteriën, shirts die zelfreinigend zijn of een trui waarvan de vezels verder uit elkaar gaan staan als het warm wordt. Een broek die zichzelf maakt als hij kapot is en van kleur verandert als je zin hebt in iets anders. “Je moet vooral in de toekomst blijven kijken”, zegt ze lachend.

Interview | Anne van Kessel Portretfoto | Jan Willem Kaldenbach

www.clicknl.nl/nextfashion/2013/ 04/23/crafting-wearables/

De solar jas.

In de rubriek Sluitstuk vertellen afstudeerders over hun afstudeeronderzoek. Wil je ook in deze rubriek mail dan naar cursor@tue.nl

Sluitstuk

Inzichtelijk innovatief investeren Investeren in een innovatieproject kan een gewaagde stap zijn, zeker als het gaat om de radicalere projecten. Om zo goed mogelijk inzicht in de risico’s te krijgen en een gefundeerde investeringsbeslissing te kunnen maken, ontwierp masterstudent Jerom Nieuwenhuizen (Technische Bedrijfskunde) tijdens zijn afstuderen bij Philips Research een financieel waarderingsmodel. Een innovatieve omgeving gaat vaak samen met een hoge mate van onzekerheid, iets wat het nemen van rationele investeringsbeslissingen extra lastig maakt. Dat geldt voor grotere bedrijven, maar ook start-ups van net afgestudeerde studenten krijgen te maken met bepaalde risicovolle investeringen die gedaan moeten worden. Een waarderingsmodel dat kan aangeven of een beslissing juist is vanuit een financieel oogpunt, is in dergelijke situaties meer dan wenselijk. “De radicalere investe­ ringsprojecten bij Philips Research doorlopen verschillende fases waarbij herhaaldelijk wordt bekeken of er gestopt of doorgegaan wordt. Het model dat ik bij de afdeling Strategy and Business Development ontwikkeld heb, kan in de beslisboom ondersteuning bieden en kan aanzetten

tot discussie binnen het projectteam. Daarnaast zijn we nog aan het onderzoeken of het mogelijk is om met dit waarderingsmodel risicovolle projecten te vergelijken om uiteindelijk een prioriteitenlijst op te kunnen stellen”, zegt Nieuwenhuizen. Om het model in de praktijk te testen, analyseerde Nieuwenhuizen een zogenoemde case study, waarbij hij met een projectmanagementteam om tafel ging. “Zij kijken met heel andere ogen naar het model, en leveren vaak heel optimistische input. Heel logisch, zij willen natuurlijk niet dat hun project afvalt. Het gaat daarbij vaak om projecten die een grote impact hebben op de toekomstige markt. Juist dan is het belangrijk om op een rationele manier een beslissing te maken, en niet enkel op basis van intuïtie. Uiteraard zal dit model nooit de enige methode zijn om een beslissing te nemen, aangezien naast financiële ook strategische factoren een belangrijke rol spelen.” Jerom is een van de laatste afstudeerders van de gecombineerde masteropleiding Operations Management and Logistics aan de TU/e en Finance aan de Universiteit van Tilburg; het programma is mede

Jerom Nieuwenhuizen. Foto | Rien Meulman

wegens de langstudeerboete nu niet meer te volgen. “Ik houd van een brede basis en zie zeker het finance-gedeelte als een waardevolle aanvulling op mijn bedrijfs­ kundige achtergrond. En ik merk dat ook het bedrijfsleven deze combinatie interessant vindt.

Hoewel ik nog niets concreet heb en me nog druk aan het oriënteren ben, zie ik mezelf straks wel als managementtrainee bij een multinational.” Dankzij de vele nevenactiviteiten bij ondermeer de handbalvereniging, studievereni­ ging en de Centrale Intro Commissie

profiteert Jerom nu van een flink netwerk. Dat is wat hij beginnende studenten graag wil meegeven. “Haal het maximale uit je studie, en zorg dat je tegelijkertijd ook maximaal van je studententijd geniet.” (NT)


8 | Onderzoek

5 september 2013

4 brandende vragen

Paul Janssen | Technische Natuurkunde

Magneetvelden en halfgeleidende plastics

1 we op n e i z Wat er van v o c de hrift? c s f e je pro

2 Ho op f e leg j waa eestj e e r je ond s uit e ove r ga rzoek at? 1 | cover

3 Welke persoon, techniek of apparaat is onmisbaar geweest voor je onderzoek?

4 eeft Wat h ving e l  n me de sa uw werk? aan jo

De cover van mijn proefschrift is een artistieke weergave van het modelsysteem dat ik tijdens mijn promotieonderzoek gebruikt heb. Het is een mix van twee organische halfgeleiders waar, onder de juiste omstandigheden, fasescheiding kan ontstaan. In de ene fase zijn enkele van de spin-afhankelijke reacties van de ladingsdragers weergegeven. Als je op de andere fase inzoomt, zie je een kluwen van de begrippen die in dit proefschrift aan bod komen.

2 | feestjes Wetenschappers hebben nog niet zo lang geleden laten zien dat de stroom door organische halfgeleiders -oneerbiedig: plastics- een verbazing­ wekkend magneetveldeffect heeft. In een verhitte discussie zijn er de afgelopen jaren diverse modellen bedacht die het effect mogelijk kunnen verklaren. Wij hebben ontrafeld welke van de voorgestelde modellen dominant is en laten zien dat dit onder andere ligt aan het organische materiaal en de exacte werkomstandigheden.

3 | onmisbaar Onmisbaar waren mijn collega’s. Zowel uit mijn eigen vakgroep, als zeker ook de promovendi en professoren uit de andere vakgroepen met wie ik veel samenwerkte.

4 | samenleving Het onderzoek levert veel inzichten in de werking van spin-fysica in organische halfgeleidende devices. Dit kan uiteindelijk een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van efficiĂŤntere organische leds en zonnecellen. Bovendien laten we zien dat de magnetische veldeffecten gecontroleerd kunnen worden, mogelijk om in de toekomst goedkope plastic magneetveldsensoren te maken.

(Onder redactie van Tom Jeltes)


Onderzoek | 9

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Mian Dai | Scheikundige Technologie

Slim textiel 1 | cover Op de omslag zien we een vezel met een periodieke oppervlaktestructuur. Door de breking van het licht zijn verschillende kleuren te zien, zonder dat hiervoor pigmenten of kleurstoffen nodig zijn.

2 | feestjes In het eerste deel van mijn onderzoek heb ik structuren aangebracht op het oppervlak van vezels, op zo’n manier dat de kleur van de vezel afhankelijk is van de brekingshoek van het licht. Het tweede deel van mijn proefschrift beschrijft vezels die hun vorm aanpassen - afhankelijk van omgevingsfactoren zoals temperatuur en luchtvochtigheid.

3 | onmisbaar Om zulke ‘slimme’ vezels te maken heb ik foto-embossing gebruikt (een betrekkelijk nieuwe techniek waarbij ultraviolet licht wordt gebruikt om reliëf te creëren in dunne lagen die je bijvoorbeeld op vezels kunt aanbrengen, red.). Een gepulste laser om holografische patronen te maken, compatibel met de industriële productie van vezels, was hiervoor onmisbaar.

4 | samenleving Onderzoek naar slim textiel kan het leven van mensen verbeteren. Van de vezels met nieuwe optische eigenschappen kun je textiel maken voor modieuze kleding. De vezels die op de omgeving reageren kun je toepassen in ademende, comfortabele kleding.

Camille Descour | Scheikundige Technologie

Chemische kralenkettingen 1 | cover Op mijn proefschrift zie je een verzameling van karakteristieke objecten, een blik in mijn huidige leven. Het zijn gebruiksvoorwerpen, glaswerk en dingen die ik verzamel, draag, naar luister of mee samenleef... Ik heb hiervoor gekozen omdat promoveren voor mij veel meer is geweest dan een scheikundig avontuur: het was een achtbaan van ervaringen die me hebben gebracht waar ik nu ben.

2 | feestjes Als ik op een feestje probeer uit te leggen wat ik studeer, vertel ik meestal dat het creëren van polymeren erg lijkt op het maken van een ketting: elk zogeheten monomeer is een kraal. Chemici hebben de beschikking over een grote verzameling kralen waarmee ze naar keuze zachte, rubberachtige kettingen kunnen maken, of juist harde kristallijne materialen. Beide varianten hebben uiteraard hun eigen voordelen. Om de goede eigenschappen van beide typen monomeren te combineren, probeer ik als het ware kettingen te maken zowel harde als zachte kralen.

3 | onmisbaar Dat is een lange lijst! Het was voor mij essentieel om samen te werken met excellente technische en analytische experts - mensen die de beschikking hebben over ‘state-of-the-art’ apparatuur, die weten wat daarmee mogelijk is, en die zelf ook nieuwsgierig en hulpvaardig zijn.

4 | samenleving Ik heb gewerkt aan polyolefinen, een type plastic. Bekend zijn polyethyleen (PE), polypropyleen (PP) en polystyreen (PS). Als je er op let, kom je er achter dat deze stoffen overal te vinden zijn, omdat talloze producten van deze eenvoudige en goedkope bouwstenen zijn gemaakt. De steeds schaarsere olie kun je het best gebruiken om er nog betere, breder inzetbare, of herbruikbare plastics van te maken.


10 | Universiteitsberichten

5 september 2013

Algemeen CEC | Inschrijven voor de Marina van Damme Beurs Op woensdag 13 november 2013 zal de TU/e in samenwerking met het Universiteitsfonds Eindhoven voor de vierde keer de Marina van Damme Beurs toekennen. De beurs bestaat uit een bedrag van 9.000 euro ter versterking van de loopbaan van de vrouwelijke ingenieur, bijvoorbeeld door verdieping of verbreding van kennis of een internationale oriëntatie in de vorm van een studie, stage of project. De beurs kan, dankzij Marina van Damme, jaarlijks beschikbaar gesteld worden door het Universiteitsfonds Eindhoven (UFe). Het UFe stelt tevens twee aanmoedigingsprijzen beschikbaar van elk 1.000 euro. Deelnemers kunnen zich vanaf nu inschrijven via het inschrijfformulier voor de Marina van Damme beurs (http://forms.marinavandamme. tue.nl/kandidaatstelling). Voor 8 oktober dienen een cv en een businessplan waarvoor de kandidate de beurs wil inzetten, worden aangeleverd. Studium Generale | Maand van de grafiek In het kader van het landelijke evenement ‘de maand van de grafiek’ zal er op de galerij van het Auditorium een selectie uit de eigen grafiekcollectie TU/e te zien zijn. Ook andere universiteiten doen hieraan mee. Kijk voor meer info op www.maandvandegrafiek.nl. OOTI | Software Technology 25th anniversary Challenge 2013 Are you a master student and in for a challenge? Than participate in the Software Technology Challenge 2013 for Master students, and win an iPad Mini. Check out the website: http://wwwooti.win.tue.nl/ Challenge/index.html DPO / TEACH: Teaching Support for TU/e staff | Masterclass ‘Performance skills’ for TU/e lecturers From the first moment they step into the stage, actors know how to capture the attention of their audience. Besides the content, the impact of your lecture on your students, or colleagues at a conference, depends largely on your performance. In this master class you will improve your performance skills. Date: 10 and 31 October 2013 Information: Harry van de Wouw (3126; email h.m.w.j.v.d.wouw@tue.nl). Reproshop en dictatenverkoop | Nieuwe openingstijden Vanaf 2 september heeft de Reproshop van de TU/e (selfservice studenten en medewerkers, te vinden in MetaForum 1.597 en 1.552) nieuwe openingstijden:

UNIVERSITEITSBERICHTEN

Harold Ronde, medewerker gevaarlijke (afval)stoffen

Training Poster Pitch For TU/e employees who present posters at conferences, primarily PhD students’. If you attend a business meeting, a scientific congress, or you meet the jury of the Nobel prize in the elevator… you have the opportunity to present yourself and your research. This training supports you in optimizing your presentation for such an occasion, when there is no time to waste. You will be able to practice your pitch and present your poster; you will receive tips for further improvement concerning your audience and your own goals. Information: Carry van Weert (5690; c.j.w.v.weert@tue.nl) Training ‘Smartboard’ In this workshop participants learn how to use the smartboard in their education. Software and hardware issues are addressed as well as using the board effectively in your teaching. Date: 17 September 2013 from 09.00-12.30 hrs Information: Jelmer Sieben (phone 2068; email j.m.sieben@tue.nl). Workshop ‘Supervision of PhD students: follow-up’ Continuing from the model of situational leadership in the training course ‘Supervision of PhD students’ participants will have the opportunity to reflect on how they apply the model in practice. There is ample opportunity to practice critical situations with an actor. Date: 26 September 2013 Information: Esther Vinken (3117; e.vinken@tue.nl). For all DPO/ Teach training More information at the website DPO ‘Career and Development’. Registration is possible at tue. inschrijfportal.nl. Participation by teaching staff of the TU/e is free of charge.

Gebouw Bibliotheek Student Shop Maandag t/m vrijdag 07.00 –23.00 08.00 – 23.00 08.00 – 23.00 Zaterdag/zondag 10.00 – 22.00 10.00 – 22.00 10.00 – 22.00 Feest-/brugdagen gesloten gesloten gesloten Tentamenweken: Maandag t/m vrijdag Zaterdag/zondag

Donderdag 12 september, 16:00 uur, CZ5: promotie drs. M.T. Pillen (ESoE) Promotor(en): prof.dr. D. Beijaard en prof.dr. P.J. den Brok Voorzitter: nader te bepalen Titel proefschrift: “Professional identity tensions of beginning teachers”

07.00 – 23.00 08.00 – 23.00 08.00 – 23.00 10.00 – 23.00 10.00 – 23.00 10.00 – 23.00

Openingstijden Dictatenverkoop/kantoorartikelen enz, blijft van 8.00 tot 16.30 uur.

ICMS | University professor lectures part I Wil van der Aalst Mine Your Own Business. Using Process Mining to Turn Big Data into Process Models; lecture university professor Wil van der Aalst. Monday September 16th, 11.30 hr Filmzaal De Zwarte Doos. Extract: Activities executed by people, machines, and software leave trails in so-called event logs. Events such as entering a customer order, sending a tweet, checking in for a flight, and a paper jam in a copier have in common that they are all recorded electronically. Over the last decade there has been a spectacular growth of such event data. Recently, process mining emerged as a new scientific discipline on the interface between process models and event data. Unlike classical data mining and machine learning the focus is on behavior and end-to-end process models. Process mining results can be used to identify and understand bottlenecks, inefficiencies, deviations, and risks. Process mining helps organizations to “mine their own business” and use this for process and system improvements. Next to the many exciting applications of this new technology there are heaps interesting scientific challenges related to the dynamic nature of processes and the torrents of event data. BBC | Afvalstromen in de Intro Na een aantal vergaderingen met de diverse organisatoren van de Intro 2013, komt dan het activiteitenrooster voor de Intro via de mail binnenvallen. Dan begint voor ons het gepuzzel. Ons team bestaat uit vier personen, te weten Jurgen Leppers, Paul Aerts, Jory van Deursen en Harold Ronde. Wij zijn werkzaam bij de dienst DIZ en verzorgen door het jaar heen de postrondes, expeditie, ontvangst en opslag van chemische(afval) stoffen en bedrijfsafvalstoffen. De introductieweek is voor ons een extra drukke week omdat wij dan ook de afvalbakken die nodig zijn om de Intro een beetje ordelijk te laten verlopen op tijd op locatie leveren en weer ophalen als een activiteit afgelopen is. Graag wil ik de mensen die zich de hele week ingezet hebben om het afval in goede banen te leiden bedanken voor hun inzet.

MENSEN Bureau voor Promoties en Plechtigheden | Promoties Donderdag 5 september, 16:00 uur, CZ4: promotie R. Zhang MSc (EE) Promotor(en): prof.dr.ir. M.K. Smit Voorzitter: prof.dr.ir. A.C.P.M. Backx Titel proefschrift: “Technology and Device Development for Active/ Passive integration on InP_based Membrane on Si (IMOS)” Maandag 9 september, 16:00 uur, CZ4: promotie M.I. Kazim MSc (EE) Promotor(en): prof.dr.ir. E.R. Fledderus en prof.dr.ir. A.B. Smolders Voorzitter: prof.dr.ir. A.C.P.M. Backx Titel proefschrift: “Advanced Antenna Configurations for 60 GHz Broadband Wireless” Maandag 9 september, 16:00 uur, CZ5: promotie ir. P. Janssen (TN) Promotor(en): prof.dr. B. Koopmans Voorzitter: prof.dr.ir. G.J.F. van Heijst Titel proefschrift: “Spins in organic semiconductors Revealing the dominant mechanisms of organic magnetoresistance” Dinsdag 10 september, 16:00 uur, CZ4: promotie D. Tas MSc (IE & IS) Promotor(en): prof.dr. T. van Woensel en prof.dr. A.G. de Kok Voorzitter: prof.dr. A.G.L. Romme Titel proefschrift: “Time and Reliability in Vehicle Routing Problems” Dinsdag 10 september, 16:00 uur, ZD: promotie ir. M. Dignum (IE & IS) Promotor(en): prof.dr.ir. G.P.J. Verbong en prof.dr.ir. H.W. Lintsen Voorzitter: prof.dr.ir. J.W.M. Bertrand Titel proefschrift: “The Power of Large Technological Visions The promise of hydrogen energy (1970-2010)” Donderdag 12 september, 14:00 uur, CZ4: Promotie C. Descour MSc (ST) Promotor(en): prof.dr. C.E. Koning Voorzitter: prof.dr.ir. J.C. Schouten Titel proefschrift: “Olefin Block Copolymers: Synthesis and Dissection” Donderdag 12 september, 16:00 uur, CZ4: promotie ir. M.A.J. Gillissen (ST) Promotor(en): prof.dr. E.W. Meijer Voorzitter: prof.dr.ir. J.C. Schouten Titel proefschrift: “Seeing Structure in Supramolecular Systems”

Maandag 16 september, 16:00 uur, CZ4: promotie ir. R. Liew (TN) Promotor(en): prof.dr. A.A. Darhuber en prof.dr. J.G.M. Kuerten Voorzitter: prof.dr.ir. G.M.W. Kroesen Titel proefschrift: “Droplet Behaviour and Thermal Separation in Ranque-Hilsch Vortex Tubes” Maandag 16 september, 16:00 uur, CZ5: promotie P.R. Spiesz MSc (B) Promotor(en): prof.dr.ir. H.J.H. Brouwers Voorzitter: prof.ir. E.S.M. Nelissen Titel proefschrift: “Durability of concrete with emphasis on chloride migration” Dinsdag 17 september, 14:00 uur, CZ4: promotie J.J.A. Keiren MSc (W&I) Promotor(en): prof.dr.ir. J.F. Groote Voorzitter: prof.dr. E.H.L. Aarts Titel proefschrift: “Advanced Reduction Techniques for Model Checking” Dinsdag 17 september, 16:00 uur, CZ4: promotie ir. A.J. Marée (ESoE) Promotor(en): prof.dr. W.M.G. Jochems Voorzitter: prof.dr. D. Beijaard Titel proefschrift: “Scripted Collaborative Enriched Skeleton Concept Mapping to Foster Meaningful Learning” Woensdag 18 september, 16:00 uur, CZ4: promotie U. Egüz MSc (W) Promotor(en): prof.dr. L.P.H. de Goey Voorzitter: prof.dr.ir. M.G.D. Geers Titel proefschrift: “Crossing the Combustion Modes in Diesel Engines” Woensdag 18 september, 16:00 uur, CZ5: promotie ir. J.P. Vink (EE) Promotor(en): prof.dr.ir. G. de Haan Voorzitter: prof.dr.ir. A.C.P.M. Backx Titel proefschrift: “Machine Learning for Efficient Object Recognition” Afscheidscollege Vrijdag 6 september, 16:00 uur, BZ/ SZ: afscheidscollege prof.dr.ir. P.P.J. van den Bosch (EE) – hl Voorzitter: prof.dr.ir. C.J. van Duijn Titel: “Span of Control” Intreerede Vrijdag 13 september, 16:00 uur, BZ: intreerede prof.dr.ir. A. de Vries (EE) – dhl Voorzitter: prof.dr. A.G.L. Backx Titel: “In situ personalization of signal processing systems”

Ook een bericht plaatsen op deze pagina? Mail het bericht (maximaal 100 woorden) dan naar universiteitsberichten@tue.nl.


Mens & Mening | 11

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

TUssen de oren

Blik op oneindig

In Cursor worden iedere twee weken studenten, docenten, labs, technische artefacten, de werkomgeving, het weten­ schappelijk bedrijf, de campus, het onderwijs en websites onder een psychologische loep gelegd door de medewerkers van TU/e-opleiding Psychology & Technology

Wijnand IJsselsteijn is hoogleraar Cognition and Affect in Human-Technology Interaction. Illustratie | Sandor Paulus

Zo’n twintig jaar geleden had ik een hond - een lieve, beetje rommelige, ruwharige vuilnisbak. Ik kan me nog goed herinneren hoe hij, tijdens een wandeling, plotsklaps kon stoppen en weg kon staren in de verte. Kop schuin omhoog en blik op oneindig - zo’n pose die politici of captains-of-industry ook nog wel eens willen aannemen wanneer ze ‘visie’ willen uitstralen op paginavullende foto’s. Feitelijk had mijn hond zijn belangrijkste waarnemingsorgaan zo georiënteerd dat het optimaal de in de lucht ronddwarrelende evolutionair relevante moleculen kon determineren. Een rijk en gedetailleerd olfactorisch menu aan feromonen van teefjes uit de buurt, markeringen van mannelijke concurrenten, of mogelijke snacks. Hij had continu toegang tot een realiteit die voor mij onkenbaar was, maar bleef ook kwispelend mij betrekken, alsof we ons in hetzelfde universum bevonden. Binnenkort lopen er ook studenten en medewerkers op de TU/e rond met zo’n blik. Midden in een gesprek dwalen hun ogen af en zien zij niet meer degene met wie ze in gesprek waren, maar hebben ze toegang tot een alternatieve realiteit van extra sensorische informatie. Ik heb het natuurlijk over Google Glass – de augmented reality-bril die een game-changer zal blijken te zijn in onze sociale interactie. De “ja maar, jij zei…” ruzies kunnen met instant replay worden beslecht, hilarische momenten uit college kan men direct op Youtube terugvinden, en zonder

UR-podium Iedereen aan onze universiteit is natuurlijk verheugd over het groeiend aantal studenten dat gekozen heeft voor onze onvolprezen bachelor-, master- en ontwerp­ opleidingen. Bij de opleidingen liggen talloze uitdagingen om het onderwijsprogramma en de invulling daarvan ook dit nieuwe collegejaar weer in goede banen te leiden. Tot nu toe heeft men die organisatorische uitdaging goed weten te klaren. Er zijn echter ontwikkelingen

die die opgave aanzienlijk bemoeilijken. Denk aan de verbreding van het bachelorprogramma, de uitbreiding van het aantal vakken, de faculteitover­ stijgende onderwijsprogrammering, de intensi­ vering van het onderwijs, de toegenomen variatie in groepsgrootte en de grotere aantallen studenten. Op zich is daar niets mis mee, maar er staat wel tegenover dat bijvoorbeeld het aantal docenten en het aantal beschikbare

blikken of blozen kan de meest gedetailleerde trivia worden opgedist. Maar conversaties kunnen op ieder moment en volkomen onverwacht onderbroken worden doordat de brildrager een boodschap of telefoontje ontvangt dat zijn aandacht vraagt. Het zal te herkennen zijn aan die blik. Eerder dit jaar spraken de psychologen Daniel Simons en Christopher Chabris hun zorg uit over Google Glass in de New York Times. Simons en Chabris kennen we onder andere van hun werk rondom ‘inattentional blindness’ - het fenomeen dat we heel grote veranderingen in een beeld recht voor onze neus (bijvoorbeeld het in en uit beeld lopen van een man in gorillapak) niet waarnemen als onze aandacht is afgeleid. Onder de titel ‘Is Google Glass Dangerous?’ waarschuwen ze ons ervoor dat ‘hands free’ niet hetzelfde is als ‘brains free’. Voor deelnemers aan de publieke ruimte -voetgangers, fietsers, automobilisten- liggen er evidente veiligheids­ risico’s op de loer. Het is goed onze visionaire blik te aarden in het hier en nu, en af en toe even kwispelend om te kijken.

Ruzies worden met instant replay beslecht

Collegezalen; een schaars goed collegezalen gelijk is gebleven. Op dat laatste punt wil ik graag nader ingaan. Naar mijn oordeel zou het passend zijn als in een vijfdaagse werkweek voor elke student, voor elke docent en voor elk vak geschikte onderwijsruimten beschikbaar zijn. En dan bij voorkeur binnen de normale kantooruren. Hier begint het echter te wringen en tekenen zich problemen af. We kunnen niet meer garanderen dat elke student een zitplaats heeft in de zaal waar de docent het

college verzorgt. Dan moet je het in zo’n geval doen met een videoscherm in een aanpalende zaal. De grenzen om binnen de TU/e studenten en docenten nog passende ruimte te kunnen bieden, lijken bereikt. Er zijn bijvoorbeeld maar twee zalen beschikbaar met driehonderd zitplaatsen. Het hele rooster is ook niet meer in te passen binnen de normale kantooruren. Dit studiejaar zullen avond­colleges worden ingeroosterd op het 9e en 10e uur en

staan er tentamens gepland op zaterdagen. Op 1 november moet het rooster voor het tweede semester klaar zijn. Dat zal helemaal een lastige opgave worden met veel onzekerheden over de groepsgrootte per vak. De universiteitsraad gaat dit proces nauwlettend volgen en zal zich inzetten voor een toereikende beschikbaarheid van passende onderwijs­ ruimten.

Dr. Allard

Kastelein (PUR)

Stelling: De faciliteiten van de TU/e stellen grenzen aan de groei


12 | Intro 2013

5 september 2013

Intro 2013 in beeld Foto’s | Bart van Overbeeke Tijdens de Intro maakte de redactie van Cursor dagelijks een IntroCursor, die werd uitgedeeld onder de introgangers. Je kunt deze edities teruglezen op www.cursor.tue.nl/intro-2013 Dit is een greep uit de vele foto’s die fotograaf Bart van Overbeeke heeft gemaakt. Als je ze allemaal wilt bekijken, ga dan naar www.flickr.com/introcursor2013


Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Intro 2013 | 13


14 | Uitgelicht

5 september 2013

Bussemaker:

“Plofstudenten? Ze krijgen nu beter les dan ik vroeger” Interview | Hoger Onderwijs Persbureau Over hun studieschuld hoeven studenten zich geen zorgen te maken, denkt onderwijsminister Jet Bussemaker. Maar ze moeten niet achterover leunen. “Vier jaar studie is kort.”

Minister Bussemaker (PvdA) geeft studenten graag een goede raad: “Geniet en verwonder je, maar besef ook wat een voorrecht het is om te mogen studeren. Gebruik je tijd goed en zorg dat het genieten en alle dingen die op je af komen, niet ten koste gaan van je studie.”

van gisteravond doornemen of een date voor vanavond regelen.’ In mijn eerste dagen aan de universiteit ging er opwinding door me heen: yes, hier ben ik nu! Als postdoc in Harvard had ik hetzelfde gevoel: daar liepen al die beroemde wetenschappers.”

Bent u zelf ook zo aan uw opleiding begonnen? “Ik weet nog dat ik mijn studiekeuze heel moeilijk vond. Ik ben uiteindelijk politicologie gaan studeren, maar een andere keuze zou ook goed zijn geweest. Want als je je ergens in verdiept, wordt het naar mijn ervaring altijd boeiend. Ik dacht wel dat ik met politicologie verschillende kanten op kon. Wetenschap vond ik interessant, journalistiek ook, internationale betrekkingen…”

Snapt u dat studenten zich zorgen maken nu studeren steeds duurder wordt? “Iets meer gevoel van urgentie kan geen kwaad. Dat ze beter gaan nadenken over hun keuzes en studietempo is een van de doelen van het sociaal leenstelsel. Maar het belangrijkste is dat we meer geld binnenhalen voor de kwaliteit van het onderwijs. Met een goede opleiding verdien je over het algemeen beter dan anderen.”

Dacht u toen al na over een politieke loopbaan? “Nee, juist niet. Ik was vooral geïnteresseerd in de geschiedenis van politieke processen. Gaandeweg vond ik de wetenschap zo interessant, dat ik daarin ben doorgegaan. Ik ben gepromoveerd, deed onderzoek en heb lesgegeven.” Toch kwam u uitgerekend in de politiek terecht. Hoe kunt u dan van anderen een weloverwogen studiekeuze verwachten? “Daarom zal ik ook niet zeggen dat je alleen aan je toekomstige beroep moet denken als je iets kiest. Maar weet wel dat je met kunstgeschiedenis over een paar jaar lastiger aan de bak komt dan met elektrotechniek of werktuigbouwkunde. En als je toch graag kunstgeschiedenis studeert, kun je ook denken: ik ga tijdens mijn studie ook iets over ondernemer­ schap leren. Veel universiteiten en hogescholen bieden daar interessante programma’s over aan. Tegenwoordig hebben studenten minder tijd en geld om zich te vergissen. “Ja, vier jaar studie is kort. Daarom moet je bij een college niet achter­ overleunen en denken: ‘Eens kijken of die meneer of mevrouw iets leuks te vertellen heeft, en zo niet, dan ga ik met mijn buurvrouw het caféleven

Nederland kan alleen concurreren met kennis Maar we zitten midden in een schuldencrisis. Waarom zou je studenten juist nu een extra schuld laten opbouwen? “Om uit de crisis te komen is investeren in onderwijs en onderzoek superbelangrijk. Nederland kan alleen concurreren met kennis. Ik vind het alles bij elkaar goed te beargumenteren. De kosten vallen hier nog mee, vergeleken met andere landen. In Engeland betaal je zo’n negenduizend euro college­ geld per jaar. En ik schrik ook van de verhalen over studieleningen in Amerika en de torenhoge tarieven daar.” U krijgt het nog lastig als de Eerste Kamer dwars gaat liggen. Is het leenstelsel niet gedoemd te stranden? “Ik ben een beetje klaar met die vraag. Het wetsvoorstel ligt nog helemaal niet in de Eerste Kamer. Ik moet nog zien of het er werkelijk niet doorheen komt. Het enige wat ik kan doen om alle onzekerheid

weg te nemen, is het wetsvoorstel intrekken. Maar dan komen we nergens” U zou ook kunnen zeggen: we wachten tot er in 2015 een nieuwe Eerste Kamer is. Dan weten we of het plan genoeg steun krijgt. “Er zou nu al een ruime meerderheid moeten zijn. D66 en GroenLinks hebben het leenstelsel in hun verkiezingsprogramma staan en ik heb ook SGP en 50Plus er sympathiek over horen praten. D66 roept om de haverklap dat het zo graag hervormingen wil. Dit is de belangrijkste hervorming op mijn terrein. Jullie zouden het ons toch kwalijk nemen als we niet eens meer het debat zouden voeren?” Er is een lichting studenten die de basisbeurs verliest, maar niets gaat merken van de investeringen in latere jaren. Is dat niet zuur? “De vraag ligt op tafel of we daar iets aan kunnen doen. Voor mij is vooral belangrijk dat we naar de lange termijn kijken. De huidige studenten gaan de komende jaren wel iets merken van de prestatie­ afspraken met universiteiten en hogescholen over contacturen, beter opgeleide docenten en hogere studenttevredenheid. Met de huidige middelen kun je nog veel doen, maar op een gegeven moment is de rek eruit. We hebben de opbrengst van het sociaal leenstelsel op termijn echt nodig.”

We hebben de opbrengst van het sociaal leenstelsel echt nodig Critici vinden dat studenten nu te snel door hun studie worden gejaagd. Ze hebben de term ‘plofstudent’ bedacht. “Ik houd niet van dat dedain. In veel opzichten krijgen studenten nu beter les dan ik vroeger. Ik had te maken met docenten die allemaal hun

eigen hobby’s hadden en slecht samenwerkten. Een goed curriculum maak je niet met één goede docent. Verder is een afgestudeerde van nu ook gewoon een andere dan vroeger. Vier jaar is kort, je bent nog niet uitgeleerd. Dat vraagt ook iets van werkgevers. Wij hebben hier ook traineeships bij de overheid: dat is een baan, maar ook een opleiding.” D66 en PvdA willen graag de aanvullende beurs behouden voor studenten met onvindbare of weigerachtige ouders. Gaat dat ook gebeuren? “Dat kan ik nu niet zeggen. Ik ga het debat met open vizier aan en ik weet dat dit thema veel partijen zwaar op de maag ligt.” Wat vindt u er zelf van? “Ik begrijp dat ze het moeilijk vinden. Maar als we het niet doen, hebben we minder geld voor het onderwijs. Ik vind het wel verdedigbaar om de aanvullende beurs voor deze studenten te schrappen, omdat de administratieve kosten erg hoog zijn en ze nog altijd tegen sociale voorwaarden kunnen lenen. In het debat kunnen we zien waar we uitkomen.” Als studeren duurder wordt, moeten studenten dan ook meer inspraak krijgen? “Ik vind het heel belangrijk dat de medezeggenschap professio­

naliseert en goed tegenwicht biedt aan het bestuur. Dat valt niet mee. En dat zeg ik niet alleen uit mijn ervaring bij de Hogeschool van Amsterdam, ik hoor het ook van andere bestuurders en leden van medezeggenschapsraden. Het is een koud kunstje een medezeggenschapsraad het bos in te sturen met een overdaad aan papier. Maar ik roep de bestuurders op om serieus met de raden om tafel te zitten. Ze geven gratis verbetercommentaar.” Maar kunnen de raden ernstige problemen als bij Inholland en Amarantis voorkomen? Ze mogen wel meepraten over de begroting, maar bestuurders kunnen hun zin doordrijven. “Bij sommige hogescholen heeft de medezeggenschapsraad instemmingsrecht op de begroting gekregen. En ik wil daar wel ruimte voor laten, maar ik ga het niet voorschrijven. Beslissingen over de begroting mogen niet verlamd worden. Anders kan ik bestuurders ook niet beoordelen op hun financiële beleid. Je moet als medezeggenschap wel inzicht krijgen in de hoofdstromen, maar meer macht is nergens voor nodig. Voor je het weet wordt er nooit meer een kleine opleiding gesloten.”

Jet Bussemaker Jet Bussemaker (1961) is sinds 5 november 2012 minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap. Ze studeerde politicologie aan de Universiteit van Amsterdam (1979-1986) en promoveerde er in 1993. Tussen 1989 en 2007 was ze verbonden aan de Vrije Universiteit. In 1998 werd ze lid van de Tweede Kamer voor de PvdA en in 2007 trad ze als staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport toe tot het kabinet-Balkenende IV. Op 1 maart 2011 werd ze rector van de Hogeschool van Amsterdam, en lid van het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool Amsterdam. Jet Bussemaker woont in Amsterdam, is gehuwd en heeft een dochter.


Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Uitgelicht | 15

Minister Jet Bussemaker. Foto | Kees Rutten


16 | Focus

5 september 2013

Tekst| Monique van de Ven Foto’s | Bart van Overbeeke Pas één dag voor de grote onthulling op 4 juli zag ze voor het eerst het daglicht: Stella, ’s werelds eerste gezinsauto op zonne-energie. Cursor zet Stella’s best assets nog eens op een rij.

Stilstaan bij

Stella

Op het eerste oog | Stella (Latijn voor ‘ster’) is 4,49 meter lang, 1,65 meter breed en 1,15 meter hoog en weegt nog geen vierhonderd kilo (ter vergelijking: de geroemde elektrische Tesla Model S is goed voor een slordige tweeduizend kilo). De carrosserie is gemaakt van twee lagen carbon -een weefsel van dunne koolstofvezels- met daartussenin een laag schuim: licht, maar heel sterk. Hoe lichter de auto, hoe lager de rolweerstand en hoe groter haar bereik. De zonne­gezinswagen biedt plaats aan vier mensen.

De prestaties | Stella’s maximumsnelheid is honderdtwintig kilometer per uur, maar in Australië zal ze gemiddeld zeventig kilometer per uur rijden. Bij die snelheid verbruikt de wagen 1,7 KW, vergelijkbaar met een strijkbout. Op een zonnige dag in Nederland kan de auto, met een volle batterij, ruim zeshonderd kilometer afleggen; in Australië zelfs zo’n honderd kilometer méér. Ook ’s nachts kan Stella nog eens vierhonderd kilometer rijden. Bij de 37 kilometer die een Nederlandse auto gemiddeld per dag aflegt, levert Stella tien maanden per jaar energie op. De overige twee maanden moet stroom worden bijgeladen. Of, om een andere vergelijking te maken: een gewone personenauto die per dag gemiddeld honderd kilometer aflegt, kost de eigenaar per jaar zo’n 5.000 euro aan benzine. Eigenaars van een elektrische auto die dagelijks eenzelfde afstand rijden, zijn hiervoor jaarlijks zo’n 1.500 euro kwijt. Zonnewagen Stella kost bij een vergelijkbaar gebruik vijftig euro. Bij een gemiddelde dagelijkse afstand tót zeventig kilometer levert de wagen zelfs alleen maar geld óp.

De wielen | De zonnewagen heeft smalle banden, die qua breedte tussen een fiets- en autoband inzitten, om de rolweerstand zoveel mogelijk te verminderen. Het was nog even zoeken naar geschikte banden; met vier passagiers aan boord weegt de auto namelijk zo’n zevenhonderd kilo en elke van de vier banden moet een kwart daarvan dragen. Het team vond uiteindelijk speciale banden, onlangs ontworpen, die elk tot 195 kilo kunnen worden belast. In de voorwielen zijn de motoren verwerkt. Dit spaart gewicht uit omdat geen versnellingsbak nodig is en elektrische energie kan hiermee zo efficiënt mogelijk worden omgezet in mechanische energie.

De deuren | Stella’s zijdeuren

slaan naar boven open - overigens meer een praktische dan een esthetische keuze. Met het oog op de aerodynamica wil het team de auto zoveel mogelijk vrijhouden van randen, inkepingen en heuvels; daarom werd gekozen voor twee in plaats van vier passagiersdeuren. Deze twee deuren werden vanzelfsprekend wel wat langer. Wanneer ze horizontaal zouden openslaan, zou parkeren -met het oog op ruimte voor in- en uitstappen- toch wat lastig kunnen worden.


Focus | 17

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Het dak | De zonnewagen heeft een relatief plat dak bovenop een enigszins druppelvormige auto. Het was een zoektocht naar het optimum tussen de aerodynamica en de prestaties van de zonnepanelen erbovenop. Zes vierkante meter aan hoog-rendement silicium zonnepanelen, om precies te zijn - volgens STE de beste in hun klasse, maar wel commercieel verkrijgbaar. De zonnecellen zorgen tijdens het rijden voor bijna de helft van de benodigde energie voor de auto. Ook als de auto stilstaat, levert het paneel energie, die wordt opgeslagen in de accu zodat de auto bij de volgende rit meteen weer volledig (zij het indirect) op zonne-energie rijdt.

Console | Bovenop de backbone, de ruggengraat van de wagen, loopt, in kanariegeel, de console. Deze bestaat onder meer uit de schakelpook, het contact, het stuur en dashboard. ‘Zo min mogelijk knoppen’ was het streven bij het ontwerpen van de zonnewagen. Zo is een touchscreen verwerkt in het dashboard en loopt over de console een strip van led-lampen, die bijvoorbeeld zichtbaar maken dat de bestuurder de auto in zijn vooruit heeft gezet (iets wat, in tegenstelling tot bij een auto met een gewone verbrandingsmotor, niet hoorbaar is). De knoppen die toch echt onmisbaar bleken, zijn strak weggewerkt in het stuur. Via het stuur kan de chauffeur onder meer één van de drie soorten cruise control kiezen of de knipperlichten bedienen. Het is bovendien een ‘slim stuur’, dat de bestuurder onder andere waarschuwt bij te hard rijden; op dat moment zet het stuur subtiel wat uit. Of dat ‘te hard rijden’ volgens de wettelijke verkeers­regels is of met het oog op zo zuinig mogelijk rijden, kan de chauffeur zelf instellen.

Keep it cool | Stella heeft geen airconditioning

omdat deze veel extra energie zou kosten. Even een raampje opendraaien is er ook niet bij. De inzittenden moeten genoegen nemen met een koelvest en de buitenlucht die wordt aangevoerd via de ‘luchtinhapper’ aan de voorkant van de auto. Van hieruit wordt ook lucht door de backbone gesluisd, om zo het batterijenpakket te koelen.

Elektrisch netwerk | Het elektrisch systeem van de auto is opgebouwd als modulair netwerk van verschillende computers, die samen de auto besturen. Onderdeel van het systeem zijn elf ‘verdeelpoorten’, zogeheten translators, die het berichtenverkeer tussen de diverse elektrische onderdelen stroomlijnen. Niet elk bericht van elk onderdeel is per definitie van belang voor het hele systeem. De translators beslissen welke brokjes informatie van en naar welk ander onderdeel gaan.


18 | Uitgelicht

5 september 2013

‘Down under’ Natuurlijk gaat Solar Team Eindhoven voor de winst tijdens de World Solar Challenge, die 6 oktober losbarst. “Maar het is niet zo dat de race niet geslaagd is als we níet winnen.” Bovenal wil het team zijn ‘Stella’ na ruim drieduizend kilometer heelhuids over de eindstreep rijden. En dat is geen vanzelf­ sprekendheid: in 2011 volbracht nog geen een op de vijf teams de race door de Australische outback.

Aan ambitie en drive heeft het het Solar Team Eindhoven (STE) geen moment ontbroken, zoveel is zeker. ‘De auto van de toekomst ontwikkelen’, zo formuleerde het team zonder blikken of blozen zijn doel bij de officiële start in oktober 2012. De eerste ideeën hiervoor waren in het vroege voorjaar van 2012 komen opborrelen bij Werktuigbouwkunde­ studenten Lex Hoefsloot en Roy Cobbenhagen, op dat moment bijna klaar met hun bachelor. Een gezinsauto op zonne-energie wilden ze bouwen, praktischer en comfortabeler dan de platte ‘vleugels op wielen’ die de World Solar Challenge al sinds de start in 1987 domineren. Pas in oktober 2012 trad Solar

Team Eindhoven officieel naar buiten en presenteerde het zijn plannen en ploeg. Het kernteam bestaat uit tweeëntwintig studenten van zes verschillende faculteiten, die -gesteund door een bestuursbeurs van de TU/e- ieder hun studie een jaar opzij zetten om aan de eerste gezinsauto op zonne-energie te werken. De ploeg werd verder uitgebreid met enkele studenten uit het Honors Program en bachelorstudenten die er hun afstudeerproject deden. Ook zijn studenten van de Universiteit van Tilburg betrokken en werkt STE samen met verschillende onderzoeksgroepen van de TU/e. STE is onderverdeeld in diverse subteams, die zich onder andere

bezighouden met de uiteenlopende technische aspecten van de auto - van studenten die de ultieme aerodynamische vorm van de auto berekenden of een intelligent dashboard ontwierpen tot elektro­ technici die zorgen dat elke zonnestraal zo efficiënt mogelijk van de zonnepanelen op het dak naar de motoren gaat. ‘First time right’ was volgens teamlid Jirry Pons het motto. “Pas als álles klopt, gaan we bouwen.” Het feitelijke samenbrengen van alle onderdelen gebeurde dan ook pas in de drie weken voorafgaand aan de onthulling van de wagen begin juli. In het EPE-lab (van de groep Electromechanics and Power Electronics) in Impuls werd dag en nacht geploeterd om Stella op tijd af te krijgen. Terwijl een groot deel van de ploeg het hoofd brak over de diverse technische uitdagingen, maakte het organisatieteam afgelopen jaar werk van zaken als de planning, sponsoring en de voorbereidingen voor de reis. Zo wist STE bedrijven aan zich te binden die het team steunen met geld, materialen, kennis en productiefaciliteiten, en haalde het geld binnen via crowdfunding met de verkoop van Solar Miles à honderd euro. Het team wil niet uitweiden over de kosten van het project, hoewel

in oktober 2012 “een grove schatting” van zo’n anderhalf miljoen euro werd gegeven. Hoewel het multidisciplinaire karakter van het project op zichzelf al een uitdaging kan zijn, is van noemenswaardige strubbelingen nooit sprake geweest, bezweren teamleden André Snoeck en Jirry Pons. “Iedereen heeft elkaar echt aangevuld. Samen over dingen praten, kijken hoe je problemen samen kunt oplossen… En juist de mensen die niets van een specifiek onderwerp af weten, kunnen soms een wezenlijke bijdrage leveren”, leerde Snoeck.

“Spannend hoe Stella met wildroosters omgaat” Snoeck vond, naast de multidisciplinaire samenwerking, ook het netwerken interessant, “ontdekken hoe het eraan toegaat in het bedrijfsleven”. Ook leerde het team al doende omgaan met de media, volgens de student vooral een kwestie van “je gezonde verstand gebruiken. En van samen goede afspraken maken over wát je op welk moment wilt vertellen”.

Nu, anderhalf jaar na de eerste prille ideeën over een gezinswagen op zonne-energie, is het team er bijna klaar voor. Op 16 augustus stapte de meerderheid van de studenten in het vliegtuig naar Australië, een paar dagen later gevolgd door de anderen én door Stella zelf, per cargovlucht - een transport per boot zou teveel voorbereidings- en testtijd hebben gekost. Want de tijd is ook in Australië, vlak voor de race, kostbaar; het team is nog een paar weken doende met testen en optimaliseren. Snoeck: “Hoe houdt Stella zich onder die weersomstandigheden en op een ander soort wegdek, blijft het batterijenpakket goed genoeg, hoe gaat het de chauffeurs af qua rijden?” Ook leggen de Eindhovense studenten de hele route van tevoren al een keer af, zij het omgekeerd en in een gewone auto. “Je hoort bijvoorbeeld over de wildroosters op de weg, met grote uitsparingen erin: een hel voor zonnewagens. Het is spannend hoe Stella daarmee omgaat”, beschrijft Pons. Eindhovens grootste concurrentie voor de race komt vanuit Duitsland en Australië, verwachten Snoeck en Pons. Het team uit het Duitse Bochum deed al eens met een


Uitgelicht | 19

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

naar de solartop De World Solar Challenge is een tweejaarlijkse wedstrijd voor zonnewagens, waaraan (universiteits)teams van over de hele wereld meedoen. De eerste race was in 1987; Solar Team Eindhoven doet dit jaar mee aan de twaalfde editie. De race gaat dwars door de Australische woestijn over een afstand van ruim drieduizend kilometer. De start is in Darwin, in het noorden, de finish in de zuidelijke stad Adelaide. De teams moeten onderweg zeven checkpoints aandoen en zijn verder op zichzelf aangewezen. Naast de zonnewagens rijden er zogeheten escort vehicles mee ter begeleiding, bussen met de overige teamleden en servicetrucks met bijvoorbeeld reserveonderdelen aan boord. Er mag elke dag tot vijf uur ’s middags worden gereden. Daarna moeten de teams ergens hun kamp opslaan om de volgende ochtend na acht uur weer op pad te gaan.

World Solar Challenge

Nieuw dit jaar is de Cruiser-klasse waaraan tien teams meedoen, waaronder Solar Team Eindhoven. Zonnewagens in deze klasse worden niet alleen beoordeeld op snelheid, maar ook op het aantal vervoerde personen, de externe energiebehoefte en het gebruiksgemak van de wagen. Op één punt scoort Eindhoven bij voorbaat bonuspunten: Stella is de enige deelnemende zonnewagen die ruimte biedt aan vier passagiers.

tweepersoons wagen mee aan de World Solar Challenge, “zij hebben dus al enige ervaring”, aldus Snoeck. Het Australische team Sun Swift eindigde bij de vorige race in de top vijf. Verder is het volgens hem altijd afwachten waarmee de Japanners op de proppen komen. “Ze zeggen helemaal niks over hun auto tot vlak voor de start, laten níks los.”

“Het is mijn droom dat over tien jaar overal Stella’s rondrijden” Nederlandse concurrentie is er niet; de TU’s van Delft en Twente rijden mee in een andere categorie, de traditionele Challenger-klasse. Delft is de meest ervaren ploeg: het team,

dat de race in het verleden vier keer op rij won, presenteerde deze zomer al zijn zevende ‘Nuna’. Van enige bewijsdrang om Delfts jarenlange zonnesuccessen te evenaren, heeft Snoeck in elk geval geen last. “Natuurlijk waren we ons, zeker aan het begin van het project, wel bewust van bijvoorbeeld alle media-aandacht die Delft altijd voor haar zonnewagens heeft gehad. Maar verder zijn we helemaal niet met Delft bezig. Het zijn collega’s, geen concurrenten. Áls de TU/e al last zou hebben van enig Calimeroeffect richting Delft, dan hebben wij met onze wagen nú al laten zien dat dat niet echt nodig is.” Nog voordat de World Solar Challenge start, is Snoeck “trots op wat we met dit team hebben neergezet. We hebben van het begin tot het einde keihard gewerkt met een en hetzelfde doel”. De student zegt wel enige druk te voelen voor de race, “maar die komt

niet zozeer van buiten, maar vanuit mezelf. We hebben die auto gebouwd, nu moeten we laten zien dat ie ook drieduizend kilometer kan rijden. Winnen is natuurlijk leuk, daar gáán we voor, maar het is niet zo dat de race niet geslaagd is als we níet winnen”. Pons: “Ik voel het ook niet zozeer als een druk, maar meer als een drive. Je wilt presteren”. En presteren betekent bovenal: finishen. En dat is nog helemaal niet zo vanzelfsprekend, zo bleek bijvoorbeeld nog in 2011 toen amper een handvol van het dertigtal deelnemende teams de eindstreep haalde. “Er kan altijd iets gebeuren”, stelt Pons nuchter. “Maar onze auto is wel een stuk solider dan de ‘vleugels op wielen’ die we al een tijdje kennen. Stella is een stuk zwaarder en de vorm is

minder kritiek als het bijvoorbeeld gaat om zijwinden.” Na de World Solar Challenge gaat Solar Team Eindhoven met Stella op tournee, onder meer langs middelbare scholen en evenementen. Zo staat op de terugweg vanuit Australië een stop gepland in Singapore, waar op dat moment de International Energy Week plaatsvindt. Het is de bedoeling dat Solar Team Eindhoven na de komende World Solar Challenge wordt voortgezet en dat er in september 2014 een nieuw team klaarstaat om zich voor te bereiden op de eerstvolgende race in 2015. De huidige teamleden zullen hun reguliere studentenbestaan weer oppakken. Zo gaat

Snoeck beginnen aan zijn master en wil Pons gaan afstuderen. Dat neemt niet weg dat Snoeck graag over ‘solar’ blijft dromen. “Het is mijn jongensdroom dat er over tien jaar overal op de openbare weg Stella’s rondrijden. Nou ja - het zullen nooit één-op-één ‘Stella’s’ zijn, want dit is nog maar een eerste prototype. Maar er zullen veel concepten in de latere auto’s terugkomen die door ons ontwikkeld zijn, dat is zeker. Het is geweldig om daaraan te hebben kunnen bijdragen.”

www.tue.nl/ste

Tekst | Monique van de Ven Foto’s | Bart van Overbeeke


20 | Uitgelicht

5 september 2013


Uitgelicht | 21

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Baptiest Coopmans, voorzitter Raad van Toezicht

“Een ambitieus perspectief op de toekomst is noodzakelijk” De Brainport-regio -met een overvloed aan grote en middelgrote bedrijven en start-ups- biedt de TU/e een positie die volgens hem uniek is in universitair Nederland en waar nog veel meer profijt uit te halen valt. Baptiest Coopmans is sinds een jaar voorzitter van de Raad van Toezicht van de universiteit waar hij vijfentwintig jaar geleden afstudeerde als technisch bedrijfskundige. “Wat deze regio te bieden heeft, vind je niet in Amsterdam, Delft of Twente. Ik gun het de universiteit als we het de komende jaren allemaal nog dichter bij elkaar weten te brengen.”

Baptiest Coopmans (1965) komt uit een middenklasse gezin, waarbij alle kinderen werden gestimuleerd te gaan studeren. De opleiding Technische Bedrijfskunde trok in 1983 zijn aandacht omdat je daar modelmatig bedrijfskunde kon studeren. “Geen softe vorm, maar een opleiding met een basis in de werktuigbouwkunde en wiskunde. Ik ben toch een bèta.” Hij zag zichzelf zeker niet als econoom, maar meer als consultant. Later trok de commerciële kant van het bedrijfsleven toch harder, wat resulteerde in functies bij Unilever en KPN. “Dat modelmatig werken is altijd wel gebleven.” In mei van dit jaar ging hij aan de slag als algemeen directeur van UPC Nederland. De band met Eindhoven en de universiteit is altijd gebleven. “Ik heb nog steeds twee plaatsen in het PSV-stadion. Tijdens mijn studie aan de TU/e had ik veel waardering voor de korte, snelle lijnen, het niet bureaucratisch doen en de pragmatische manier van denken. Daarbij zou het gevaar kunnen ontstaan dat je als organisatie klein gaat denken, terwijl een ambitieus perspectief op de toekomst noodzakelijk is. Aan deze universiteit stond op dit punt altijd wel wat spanning en daarom is het ook zo goed om te zien dat de TU/e op een aantal gebieden echt een wereldspeler is geworden. Dat groots denken is er zeker.” Alle bouwactiviteiten die de afgelopen jaren plaatsvonden op de campus kunnen rekenen op zijn waardering. Met name ook de manier waarop oude gebouwen zijn hergebruikt, zoals bij MetaForum en het Ketelhuis. “Zeker voor technische studenten is een campus heel belangrijk om hun eigen wereld en setting te creëren. Maar we moeten opletten dat we niet teveel investeren, het gaat hierbij om grote bedragen. Het is een van de taken van een Raad van Toezicht om dat risico in de gaten te houden en het College

van Bestuur er zo nodig op aan te spreken.” Toen Coopmans vorig jaar werd gevraagd voor de functie, zei hij direct ja. “Ik wilde al een tijdje wat meer doen voor dit stukje van de wereld: de BV Nederland. Daar komt nog bij dat een technische universiteit een belangrijke maatschappelijke taak heeft: het opleiden van hooggekwalificeerde ingenieurs. Die zijn nodig als we willen vernieuwen of meer doorbraken moeten realiseren. Op dit moment leiden we er te weinig op. Van de dienstensector alleen kunnen we in Nederland niet bestaan, we zullen ook moet produceren. Kijk naar het Wirtschaftswunder in Duitsland: dat komt tot stand omdat daar fors wordt geïnvesteerd in onderwijs, in middelgrote bedrijven en in techniek.”

“We vechten nog altijd tegen het nerdy imago van bèta” Coopmans is er niet op tegen om scholieren wat meer te sturen in de richting van techniek. “Kunnen we het ons veroorloven ze helemaal vrij te laten in hun keuze, of is het mogelijk ze met bepaalde middelen al wat te laten voorsorteren in die richting? In Singapore bestaat intensief overleg tussen ministeries, de onderwijswereld en het bedrijfsleven. Samen maken die partijen een planning met betrekking tot de groepen mensen die nodig zijn voor de toekomst van deze succesvolle stadstaat. Dat hoeft in Nederland niet in die mate, maar we hebben het onderwijs hier wel heel veel vrijheid gegeven. Ik zeg weleens gekscherend: je kunt hier afstuderen op het ontleden van een kikker, maar het is de vraag of je daarin ook een baan gaat krijgen. Daar komt nog bij: bètavakken en

techniek zijn gewoon heel leuk. In Nederland vechten we helaas nog altijd tegen het nerdy imago dat we er zelf op geplakt hebben.” Dat de TU/e met de aanpassingen in het bacheloronderwijs daar verandering in wil aanbrengen, noemt Coopmans fantastisch. “Ik heb grote bewondering voor alles wat er tot nu toe is gepresteerd met het Bachelor College en zeker voor de mensen die daaraan hebben meegewerkt. Ik was daar echt van onder de indruk en het werkt ook inspirerend voor me. Het is nu zaak de kwaliteit daarbij goed te borgen, want we hebben meer hoogopgeleide ingenieurs nodig en niet meer ingenieurs van lagere kwaliteit. Dan gaat het ook niet om tientallen meer, maar om honderden. Bij de drie technische universiteiten ligt de opdracht daarvoor te zorgen en om hoogwaardig onderzoek goed te koppelen aan hoogwaardig onderwijs. Want wat zeker niet moet gebeuren, is dat het onderzoek op zichzelf komt te staan. Het is O en O samen. Daarnaast moeten ook maatschappelijke aspecten een plaats krijgen in de opleidingen en studenten moeten zo snel mogelijk weten of ze op de goede plek zitten. Dat is precies wat het Bachelor College probeert te doen en het getuigt van lef dat men dat vorig jaar ook direct universiteitsbreed heeft gedaan.”

“Langzaam ontstaat het gevoel ‘wij zijn één universiteit’” Als extra bijeffect van het Bachelor College ziet Coopmans dat hiermee tussen de diverse ‘zuilen’ die er binnen de universiteit bestaan, meer verbanden zijn ontstaan. “Mensen voelen nu meer dat ze aan de TU/e een wezenlijke bijdrage leveren en niet enkel aan hun individuele vakgroep of faculteit.

Al ligt daar natuurlijk nog altijd de belangrijkste focus voor een docent en wetenschapper. Langzaam ontstaat echter het gevoel: “wij zijn één universiteit”. Dat is waardevol, want de TU/e is niet echt groot, dus is het belangrijk om met één boodschap naar buiten te treden. Dat maakt organisaties succesvol.” Volgens hem moet het Bachelor College nu twee à drie jaar de tijd krijgen om zich verder te ontwikkelen. “Het grootste risico is om in de beginfase nog een keer te gaan vernieuwen. Wat voor ingenieurs wel een probleem is, want die willen altijd vernieuwen. Laat dit onderwijs­ model zich nu eerst zetten en tot wasdom komen. Dan gaan studenten erover in gesprek met elkaar en gaan ze ook naar middelbare scholen om erover te vertellen.” Dat het Bachelor College een van de sterktes van de TU/e is geworden, staat voor Coopmans buiten kijf. Maar met een andere, al bestaande sterkte wordt volgens hem nog te weinig gedaan: de positie van de TU/e in de Brainport-regio. “Qua profilering moet de TU/e hier meer uithalen. Iedereen binnen de universiteit zou moeten nagaan wat hij of zij nog meer kan halen uit dat cluster van bedrijven en instellingen. Brainport is een merknaam, iets waar andere regio’s jaloers op zijn.

Dat ASML haar instituut voor nanotechnologie onlangs niet heeft willen vestigen op de campus van de TU/e is ontzettend jammer. ASML zal haar redenen wel hebben om voor Amsterdam te kiezen. Maar dan is er nog altijd een gebied met de High Tech Campus, zeven à acht grote bedrijven, een woud aan middelgrote bedrijven en start-ups én de TU/e. Dat vind je nergens anders in Nederland. Niet in Amsterdam, niet in Twente en niet in Delft. Ik gun het de TU/e dat we dat allemaal nog dichter bij elkaar weten te brengen. Brainport biedt daarnaast ook volop mogelijk­ heden voor stages en opdrachten voor afstudeerders en promovendi. Werkervaring opdoen bij grote bedrijven, die ook op wereldniveau actief zijn; welke universiteit biedt haar studenten die mogelijkheid?” Coopmans is overtuigd van de belangrijke rol die de TU/e ook in de toekomst zal blijven vervullen op maatschappelijk vlak en als leverancier van ingenieurs. “Ik ben er trots op dat ik daar in deze functie ook een steentje aan kan bijdragen.”

Interview | Han Konings Foto | Kick Smeets

Loopbaan Baptiest Coopmans Baptiest Coopmans (1965) is sinds mei 2013 algemeen directeur van UPC Nederland. In september 2012 trad hij aan als voorzitter van de Raad van Toezicht van de TU/e. Hij rondde in 1988 de opleiding Technische Bedrijfskunde af aan de TU/e en startte in dat jaar bij Unilever. Daar was hij in diverse functies werkzaam tot 2006. Van 2006 tot 2012 werkte hij bij KPN, waar hij deel uitmaakte van het bestuur. Zijn laatste functie daar was managing director Reputation, Brand and Quality.


22 | Student

Clmn

5 september 2013

Aanschuiven bij Hollandse pot:

vlees, aardappels, groente Boodschappen: • 200 gram boontjes per persoon • 150 gram krielaardappeltjes per persoon • Champignons (of niet) • Een voorgegaarde kipschnitzel per persoon • Olie om in te bakken Alain Starke masterstudent Innovation Scien ces

Ambitie om te inspireren Ja, dat was me wat maandag hè, die opening. Mooi gevulde zaal, mooi gezongen en mooi gesproken. Maar als ik me een paar dagen later rustig op mijn marineblauwe bank nestel, één been nonchalant omhoog leg en de tv aanjengel, besef ik me elk jaar weer dat er geen memorabele citaten bijzaten. Een goeie speech zegt meer dan duizend foto’s. De teksten van rector Hans, de president-directeur van Shell en de vliegensvlugge speech van tech-entrepreneur , Mekic vertelden me veel, maar gaven me ook een licht ontspannen, aandachtsloos gevoel tijdens het luisteren. De teksten over ambitie waren lovenswaardig, maar we hebben iemand nodig die ons inspireert met zijn teksten, blikken en vooral daden. Een inspirator zijn weegt zwaarder dan iemands woorden. Dit wordt heel fijn duidelijk middels een sociaal experiment op Facebook. Ik zie steevast ‘cultureel onder­legde’ FB-vriendjes memorabele quotes als FB-status posten. Met een Gandhi’tje of een Luther King loop je zo sociaal mediaal binnen. Maar wat nou als we een citaat van Justin Bieber, Lee Towers of Stanislav Manolev nemen en daar Gandhi, Churchill of Nietzsche achter zetten? Het resulterende aantal ‘likes’ blijft hetzelfde. Een dag voor de opening van het academisch jaar keek ik vanaf mijn riante marineblauwe bank naar VPRO Zomergasten met Daan Roosengaarde. Deze uitzending is echt een aanrader! Deze ‘architechnodesignkunstenaar’ liet middels allerlei fragmenten zien wat techniek voor ons betekent, hoe nietig we zijn, maar ook hoe we tegelijkertijd veel kunnen. De quotes die hij hiervoor gebruikte waren niet geniaal (“Delen is het nieuwe hebben”), maar het plaatje klopt: Iemand die techniek inzet en er passioneel, optimistisch en innovatief over praat. Techniek als bevrijder. Voor mij is het duidelijk: We moeten niet alleen ambitie hebben, maar ook de ambitie hebben om iemand te inspireren. Want aan de ambitie om colleges bij te wonen ligt het in ieder geval niet.

Ronald van Dijk, Ruud van den Bosch, Lea van

Gerwen, Sara Dirkx, Don Keijzers, Jos Roerink

TU es

en Joris Vinken.

Voorbereiding: zoek een grote kookpan en twee grote koekenpannen. Maak ze schoon. Snijd van de boontjes de steeltjes (de kromme eindjes kun je laten zitten, dat scheelt de helft van het werk). Snijd eventuele champignons in plakjes. Het vuur aan! Begin met de krieltjes. Bak ze in olie. Niet te snel omdraaien, pas als ze bruin zijn geworden. Zet de boontjes in een pan met water en breng aan de kook. Het komt niet zo nauw, maar te lang koken is niet lekker. Wij van Cursor adviseren max 10 minuten. (NB, het aan de kook brengen kan langer duren dan je denkt.) Tegelijk verhit je olie in de tweede koekenpan. Bak de kipschnitzels een kwartier en verdeel die tijd over de twee helften. De champignons kun je hier bij bakken, tussen de krieltjes leggen of in een derde pannetje bakken.

Wat is de meest bijzondere gebeurtenis sinds je in Eindhoven studeert? Mijn introductieweek! Dat was een heel bijzondere ervaring. Ik word nog steeds blij van de Intro, een hoop gezelligheid, nieuwe mensen. Wat moet je als student in Eindhoven zeker hebben gedaan? Je moet je passies ontdekken. Probeer zoveel mogelijk uit en dan kom je er achter wat je leuk vindt, maar ook wat je niet leuk vindt. Als je jezelf een keer kon -laten- teleporteren, waar zou je dan heen gaan? Naar het eiland dat Johnny Depp heeft gekocht. Ik ben benieuwd wat hij ervan heeft gemaakt. Wie weet ligt er wel een piratenschip. Wat zou je na je bachelor of je master willen doen? Ik wil graag bezig blijven op BMT-gebied. Als het maar een baan is waar ik energie van krijg en blij van word. Wat is het spannendste dat je ooit hebt gedaan? Maandag was spannend om tijdens de opening van het academisch jaar voor een groot publiek te spreken. Tegelijkertijd vind ik dat ook leuk. De keus voor de middelbare school en de universiteit was ook spannend. Het beïnvloedt de rest van je leven. Welk onderwerp/probleem zou je als eerste aanpakken als je op de stoel van de minister-president zit? De publieke omroep op de schop nemen. Meer informatievoorziening en minder entertainment. Ultieme kijk-,lees-, luister-, of doe-ervaring? Ga eens naar een stad waar je nooit eerder bent geweest. Ik vind zelf Amsterdam erg leuk. Loop eens een steegje in, ga op onderzoek uit.

Khadija Mulder (22 jaar) Vijfdejaars studente Biomedical Engineering. Ceremoniemeester bij de opening van het academisch jaar, namens het organiserende FSE.

Foto | Bart van Overbeeke

Wie is jouw grootste held, en waarom? Een vrouw als Madame Curie. Vooral vrouwen waarvan je weet dat ze het lastig hebben gehad in een mannenwereld en ze zich niet hebben laten afschrikken.

Khadija v ervangt d e vraag ‘Ultieme kijk-,lees -, luisterof doe-erv , aring?’ d oor ‘Wat is het gek ste dat je ooit gegeten hebt en h oe smaakte het?’ (JvG )


Student | 23

Kijk voor nieuws op www.cursor.tue.nl

Wat is het voor een huis? Zjem en Confiture aan de Gagelstraat bestaat uit een voor- en achterhuis. Er wonen zestien studenten van allerlei opleidingen, van de TU/e tot Fontys, tot de HAS en Universiteit Utrecht. De bewoners beschouwen zichzelf als één huis, maar hebben voor het gemak twee keukens en twee poetslijsten. Als iedereen thuis is, eten de twee huizen apart, maar de dinsdag voor de opening van het academisch jaar kookt Ruud van den Bosch (TU/e, Bouwkunde) voor wie zin heeft. Hoe kom je erin? Toevallig komen dezelfde avond twintig mensen langs die graag de kamer van Sara Dirkx (TU/e, Technische Bedrijfskunde) willen hebben. Zij gaat elders samenwonen. De twintig zijn geselecteerd uit het ruime aanbod van tweehonderd gegadigden. Waar letten ze op? Als het een jongen is, is het handig dat hij kan voetballen, een meisje moet er -volgens de jongens- goed uitzien. “We willen graag een uitgaanstype, iemand die een niet te formeel verhaal houdt. En we kijken van te voren op Facebook.” Wanneer vlieg je eruit? Niemand vliegt eruit, maar wanneer je niet betrokken bent en meedoet met activiteiten, val je erbuiten en vertrek je vanzelf. Meedoen kun je met het kerstdiner, uitgaan, huisfeest, vakantie en eten. Hoe wordt bepaald wie kookt? Via eetlijst.nl geven bewoners aan of ze (E) eten of (K) koken. De lijst sluit om 17.00 uur en daarna kan de kok boodschappen doen. De kosten komen op een verreken­ lijst. Daarop staat Wouter Daane (hbo-student leraren­ opleiding natuurkunde in Tilburg) overigens 125 euro in de min. Hij zal binnenkort wel boodschappen gaan doen. Wat staat er vanavond op het menu? Verse sperzieboontjes, met krielaardappeltjes en champignons, en kipschnitzel.

Wie is de baas in huis? Niemand, maar Don Keijzers (TU/e, Werktuigbouwkunde) wil het graag zijn. Hij is al wel ‘controleur’ van de poetstaken. Daarbij mag hij boetes uitdelen voor wie zijn taak niet op tijd af heeft. En Ruud is gelukkig met het bezit van de sleutel van de drankkluis. Wouter en Don hebben naast het vest met het huislogo dat iedereen heeft, zelf een bazentrui gekocht. Belangrijkste huisregel? Dat je je poetstaak binnen een week uitvoert. De keuken, of de wc, of de douche, of het glas wegbrengen en de kliko aan de straat zetten, voor iedereen is er wel een taakje. De rommel moet weg en het moet redelijk schoon. Dat is het hoogst haalbare. Is er een lijfspreuk? In de kroeg kan er zo maar iemand roepen: ‘Zjem en Confiture’. Dat is voor anderen het sein om te antwoorden met: ‘met ballen en allure!’. Zijn er huisdieren? Een kat, geen muizen. En laatst waren er 35 naaktslakken. Maar die konden opzouten! Historisch moment? Dat was toch wel de verkiezing tot studentenhuis van het jaar 2013 door Studentennet.nl. Ze wonnen 500 euro, te besteden in een elektronicawinkel. En een goed fornuis zou welkom zijn. Maar; op marktplaats is alles veel goedkoper. Nog één ding Zjem en Confiture heeft een eigen borrelkelder. Die is donker, laag, nat, stinkend naar schimmel. Maar ze komen er graag. Want het is er erg gezellig. Laatst waren er nog negen reünisten die contact zochten nadat het huis door de verkiezing veelvuldig in het nieuws kwam. “Dat ik hier ooit heb gewoond”, verzuchtten ze.

je Wil jij ook met genoten culinaire huis k? in deze rubrie Mail dan naar l cursor@tue.n

Interview | Norbine Schalij Foto’s | Bart van Overbeeke

http://www.zjem-confiture.nl/

En hoe is het in San Francisco? Studenten van de TU/e gaan steeds vaker voor hun studie naar het buitenland. Voor stage of voor het verrichten van onderzoek, omdat het verplicht is of omdat ze het leuk vinden. Cursorlezers kunnen iedere twee weken over de schouder van een TU/e-student in het buitenland meekijken.

Wie aan zomer in California denkt, denkt waarschijnlijk aan zon, zee en surfen. Dat deed ik ook, totdat ik juli en augustus in San Francisco had gespendeerd. De koele wind en vele mist worden veelvuldig toepasselijk beschreven als ‘The coldest winter I ever spent was a summer in San Francisco’. Dit mag de pret echter niet drukken, de stad is fantastisch met zijn vele heuvels, Victoriaanse huizen, grote parken en vriendelijke mensen. San Francisco staat ook wel bekend als dé gay & hippie city. Tijdens mijn eerste weekend hier vond meteen de Love Pride plaats. Meer dan één miljoen mensen hadden zich verzameld in downtown San Francisco om liefde en gelijke rechten voor iedereen toe te juichen. Ik denk niet dat ik me een toepasselijker eerste weekend had kunnen wensen! Deze zomer spendeer ik drie maanden in San Francisco voor mijn externe stage. Volgens mij zijn er niet veel contacten met UCSF vanuit de TU/e, maar als universiteit die op zowel klinisch gebied als onderzoeksgebied hoog aangeschreven staat, is het een aantrekkelijke bestemming als masterstudent in Medical Engineering. Ik werk in een ontzettend leuk lab op de gloednieuwe Mission Bay campus, waar ik stamcellen probeer te maken van humane endotheelcellen. We willen hierbij de ‘identiteit’ van de cellen bestuderen tijdens het reprogrammeren, om te kijken of er andere cellen ontstaan die gedeeltelijk stamcel zijn. Erg interessant, en heel anders dan het toegepast onderzoek aan de TU/e. Buiten het lab probeer ik veel leuke dingen te doen met andere internationale studenten, die ik heb leren kennen via het International Students and Scholars Office. Met een aantal van hen ben ik bijvoorbeeld een weekendje weg geweest, waarbij we zijn gaan raften, de Californische hoofdstad Sacramento hebben bezocht en wijn hebben geproefd in Sonoma. Kortom: een erg geslaagde bestemming, zeker een aanrader!

El studleenn Schmitz, te Med Engin eeringical Vind jij het ook leuk om een bijdrage te leveren aan deze rubriek en ben jij dit collegejaar in het buitenland? Stuur dan een mailtje naar cursor@tue.nl.

Lees alle buitenlandervaringen online op www.cursor.tue.nl


24 | Mens

5 september 2013

Paul van den Bosch “Ik geloof in de kracht van het woord”

Hoogleraar Paul van den Bosch van de faculteit Electrical Engineering houdt morgen in De Blauwe Zaal zijn afscheidsrede. Met behulp van een beamer. Liever had hij het vertrouwde krijtje in zijn hand en een schoolbord. “Het zit niet in de onderwijsmethode, maar in het contract tussen de mens docent en de mens student.” Veertig jaar colleges geven. Eerst twintig jaar in Delft, daarna twintig jaar in Eindhoven. Prof.dr.ir. Paul van den Bosch schakelt nu op zijn 65ste geleidelijk aan een tandje lager. Hij blijft als deeltijdhoog­ leraar Regeltechniek en meten verbonden aan de faculteit Electrical Engineering. Colleges geven aan bachelorstudenten en promovendi begeleiden. “Je capaciteiten worden niet gelijk nul als je de pensioenleeftijd bereikt. Maar je moet wel van toegevoegde waarde zijn.” Van den Bosch klinkt wat hees. Net een college achter de rug. Technisch rammelt het. “Ik praat snel, zacht, schrijf niet scherp maar krijg wel de beste beoordeling van de studenten.” Het geeft volgens hem aan dat het niet draait om

onderwijstechniek en lesmethodes. “Ik heb in Salamanca de college­ zaal van de Augustijner monnik León gezien. En in Padua die van Galilei. Geen powerpoint, geen beamer. Alleen boomstammen om op te zitten, maar die mannen bereikten hun doel. Ze wisten te begeesteren. Hun woord was voldoende. Als je dat beseft, kun je bijna alles bereiken. Ik geloof in de kracht van het woord.”

“Je moet op wijze manier ‘nee’ kunnen zeggen” Als leerstoelhouder heeft hij bijna twintig jaar ‘zestig plus’ uren per week gedraaid. Het is hem niet aan te zien. Fietsen tussen zijn woonplaats Nuenen en het werk houdt hem fit. Maar vooral zijn uiterst secure tijdsindeling heeft hem al die jaren overeind gehouden. “Je moet op een wijze manier nee kunnen zeggen. Ook tegen je bazen. Houd rekening met de wet van de verminderende meeropbrengst. Stop niet je ziel en zaligheid in een

nota die soms maar een week of een uur waarde heeft. En besef dat perfectie in het leven niet haalbaar is. Je maakt altijd een fout. Accepteer dat. Natuurlijk is dat niet gemakkelijk want je ziet de noden dat er soms iets moet gebeuren. Je moet de grens tussen privé en professioneel scherp bewaken. Minimaliseer de klussen die energie vergen en doe zoveel mogelijk dingen waar je juist energie van krijgt.” Dat laatste brengt hij in de praktijk met het geven van colleges aan bachelorstudenten. En hij geniet van zijn gesprekken met aio’s. “Ik heb levenservaring. Kan ze een spiegelbeeld voorhouden. Waar gaat het om in het leven? Dat is belang­rijker dan een wetenschappelijk probleem oplossen. Je wordt als onderzoeker gerelateerd aan de beste ter wereld. Dat is vermoeiend want slechts eentje wint de olympische medaille.” De levenswijsheden van de hoogleraar zijn niet uitsluitend aan zijn jonge studenten gericht. Ook voor zichzelf brengt hij ze in de praktijk. Zoals de overstap in 1993 van Delft naar Eindhoven. “Ik adviseer mensen om niet altijd op één plek te blijven zitten. Als je

dat twintig jaar zegt, geldt dat ook voor jezelf. Eindhoven is een goede zet geweest. Ook al was de overstap best eng. Maar als het frictieverlies kleiner is dan de meerwaarde moet je het doen. De TU/e is kleiner maar fijner dan Delft.

“De emotie is drijvend” De afstanden tussen de faculteiten is klein en de contacten zijn erg goed. De loopbruggen staan daar symbool voor.” Als deeltijdhoogleraar zou hij eigenlijk kunnen beschikken over meer vrije tijd. Niets is minder waar. De eerste maand in zijn nieuwe betrekking heeft hij alle werkdagen benut, terwijl er contractueel één dag per week voor staat. Vindt hij niet relevant. “Het gaat niet om uren. Ik kan wel meer afstand nemen van de waan van de dag. Niet langer continu pro-actief zijn. Afbouwen past in het leven.” Ach, ambities. Hij heeft er zoveel. Maar wat hij buiten de TU/e met zijn expertise wil gaan doen, geeft hij niet prijs. “De ideeën ontwik-

kelen zich nog. Maar thuis zitten is geen optie.” De colleges aan duizenden studenten is voor anderen wellicht indrukwekkend. Zelf hecht hij minder waarde aan dit soort massa. “Iedereen moet in zijn leven kiezen wat hij belangrijk vindt. Je kunt niet alles belangrijk vinden. Ik zie dat mensen dat ambiëren, maar dan loop je vast.” Als nestor op een goed draaiende faculteit voelt hij zich senang. Heeft er nog steeds plezier in. Maar beseft als geen ander dat hij niet de wijsheid in pacht heeft. “Ik klink vrij rationeel maar de emotie is drijvend. De diepste gevoelens zijn dominant. Daarom is docent zijn zo leuk. Ik probeer mensen stabieler te maken. Met enig geluk hebben ze daar een leven lang baat bij. Het is het grootste geschenk in je leven. Uiteraard moet je naar anderen blijven luisteren, anders ben je verloren. Dan sterf je in isolement.” De afscheidsrede is op vrijdag 6 september om 16.00 uur in de Blauwe Zaal. Interview | Frits van Otterdijk Foto | Bart van Overbeeke


People | 25

See for more news www.cursor.tue.nl/en

And how are things in San Francisco? More and more TU/e students go abroad for their studies to follow courses, internships or a doctorate path. What is it like to find your way in a new country? Students tell their stories.

When you think of summer in California, you probably think sun, sea and surfing. So did I, until I spent July and August in San Francisco. The cool wind and heavy fog have led to phrases like “The coldest winter I ever spent was a summer in San Francisco”. This doesn’t make it less great though; the city is fantastic with its many hills, Victorian buildings, big parks and lovely people. San Francisco is also known as the gay and hippie capital of the US. During my first weekend here, the big Love Pride took place. More than a million people assembled in downtown San Francisco to support and cheer for equal rights and love for everyone. I don’t think I could have wished for a more appropriate first weekend! This summer, I’m in San Francisco for three months doing my internship. I don’t think TU/e and UCSF maintain a solid partnership, but since the university is known for its high-quality clinic and research facilities, it’s an attractive destination for a Medical Engineering grad student. I work in a very nice lab on the brand new Mission Bay Campus, where I try to make stem cells from human endothelial cells. We want to determine the cell’s ‘identity’ during reprogramming - to see if other cells originate that are partial stem cells. It’s very interesting, and very different from the applied sciences at TU/e. Outside the lab I do fun things with other international students, whom I met through the International Students and Scholars Office. We went out of town for a weekend to go rafting, see the Californian capital Sacramento, and taste wines in Sonoma, for example. All in all San Francisco is an amazing destination that I can recommend to anyone!

Ell studeenn Schmitz, Enginte Medical ering Would you also like to write an article about your time abroad? Please send an email to cursor@tue.nl.

Read more stories online: www.cursor.tue.nl/en

Life after TU/e Name: Bobby Johny Varocky Place of Birth: Kerala, India Date of Birth: 23 May 1987 Studied at TU/e from August 2009 - October 2011 Master of Science in Automotive Technology Current position: sales support specialist at The Mathworks BV in Eindhov en Why did you choose to study at TU/e at the time? There were several reasons. The Automotive program is a multidisciplinar y one, the Brainport Region is home to many high-tech industries, and German y -the home of Automotive- is next door. The Dutch are friendly enough, and they’re used to speaking English. On top of that, studying in the Netherlands is cheaper than in the US. What happened after you graduated from TU/e? I was very fortunate to get a job upon graduating. I was employed by TNO under their Talent Development Program, where I worked as a development enginee r for eighteen months. After that I switched from TNO, a technology and research driven company, to MathWorks. MathWorks is a world player in computational math and simulations software technology. I’m glad I was able to change from a technical area to sales, because my new position suits me. Where I’ll go from here? Only time will tell. But I know I’m headed in the right direction. How did you find a job? It wasn’t too difficult finding a job, but I do know friends who’ve struggle d. One thing that helped me is my extensive network. I attended many social gatherin gs where I met lots of people, and through these people I knew what was going on in the job market. It has definitely helped me to make the right move at the right time.

What happens to international students after they graduate from TU/e? Do they go job hunting in the Netherlands, pack their bags and explore the world, or return to their home countries? International TU/e graduates talk about their lives after TU/e.

Do you have any advice for others looking for a job? I recommend expanding your network to the best of your abilities. Today, maintaining a current LinkedIn profile is quite important. Many employers check social networking profiles for additional information about potential employee. If you’re patient, and if you can make do for some time, opportunities will come along. I guess anyone will have a number of jobs before they have a fair idea of what they’re looking for in a career. An academic education gives you the power to move ahead, but the directio n is up to you. Don’t be afraid to take an exit, make a U-turn, stop and think, or just drive straight ahead. Just go for it - you’ll learn.


26 | Research

5 september 2013

Technological haute couture A dress that charges your mobile phone while you are enjoying a festival in the sun, and shoes rolling out of a 3D printer. Fashion designer Pauline van Dongen combines high-tech materials and state-of-the-art technologies with craftsmanship and manual work. Through her designs she wants to give us a glimpse of the future in which clothes are at once fashionable and innovative as well as valuable. This month she is beginning her PhD track at Industrial Design to make that dream come true.

She gained international recognition through her design of the first shoe emerging from a 3D printer, which she made together with the company Freedom of Creation. Her clothes were on show in cities like Istanbul, Milan and London. In Vienna last year she and an electrical engineer and robot hacker manufactured a dress within one month fitted with six hundred flip-dots responding to music. Within the Wearable Senses theme this spring she worked together with TU/e doctoral candidate Martijn ten Bhömer on clothes for geriatric patients. “I like working in a multidisciplinary setting, together with companies and technicians”, Van Dongen explains in her spacious workshop in Arnhem. “In my PhD I want to expand that cooperation and broaden and deepen my research so that it does not stop at prototypes alone, but really results in a properly functioning and pretty piece of clothing which may be sold. The fact that I have an enterprise of my own is quite useful.”

“When designing clothes, I proceed like a scientist” Van Dongen works within the new Crafting Wearables theme, led by Dr. Oscar Tomico. Although she is the first fashion designer to be granted a PhD position, she is not afraid of the research community. “I always try to give my work a theoretical underpinning, so when designing clothes I proceed like a scientist. I’m curious, progressive

and I want to find out about many things. My designs explore the space between the body and the garment as well as the relationship between the body and the environment. While clothes protect our body and give shape to our identity, they can have far more functions in the future. They can give you information about the environment and allow you to experience it in a totally novel way.” People are getting more and more gadgets, and technology can go to great lengths and still be acceptable. Wearing technical fireworks on your body is something completely different, as Van Dongen knows very well. “Still, interest is a first step. The fact that twenty percent of Americans would now buy a Google Glass if it were available is quite telling.” If the devices are functional, the chance that they may actually be worn is even greater. Her Wearable Solar dress, which contains solar cells enabling the user for instance to charge a mobile phone, is an example in kind. The cells are flexible and can hence be smoothly integrated into the dress. “This makes it quite wearable, unlike the hard solar cells on soldiers’ battledress, for instance. In fact, though, I would like to take it a step further, by weaving the solar cell fibers through the fabric”, says Van Dongen ambitiously. “We always want to be connected. If I could develop a durable fabric that could charge itself by means of the sun, that would really be far out.” Van Dongen notices that whilst fashion is about innovation, the industry itself is very conservative. “It is a cumbersome system and businesses are not prepared to invest a lot of money and time in changes. Fortunately society is The flip-dot dress reacts to music.


Research | 27

See for more news www.cursor.tue.nl/en

The solar coat.

also exercising pressure to achieve innovation. Even now so much more is possible than we see. For one, 3D printing and 3D scanning allow us to make a perfectly fitting suit that will last us a long time, when a simple H&M T-shirt is discarded after having been worn just a few times. In the end I hope that we will only make clothes that are needed, so that we can prevent tossing loads of clothes away. The system of two new collections per year has been superseded, as clothes will have to last longer.”

“I want to make wearable clothes, to which technology adds something”

She is modest about her own role. “I don’t have the illusion that I can change the whole industry all by myself, but I do hope that I can surprise people with my work, make them think about things. Lots of people may consider nature and technology to be two different worlds, yet we cannot live without technology - it is the origin of our existence. I think that any fear of technology will disappear as soon as you are aware of that. At the end of the day I want to make wearable clothes, to which technology adds something. I don’t want to add something simply because I can, but because it enhances my designs.” Which is why in the coming years she will try to develop all kinds of applications, from biotechnology to haptic techniques. Think of a dress

that is formed gradually through the action of modified bacteria, self-cleaning shirts or a sweater whose fibers will stand further apart as the temperature rises. Trousers that will repair themselves when torn and change color if you feel in

The first shoe emerging from a 3D printer.

a different mood. “You need to keep looking into the future first and foremost”, she says with a smile.

Interview | Anne van Kessel Portrait photo | Jan Willem Kaldenbach

More information about Crafting Wearables http://www.clicknl.nl/ nextfashion/2013/04/23/ crafting-wearables/

• Fashion designer Pauline van Dongen will be working for a doctorate at the TU/e Department of Industrial Design.

• Goal: give us a glimpse of the future, in which clothes are fashionable, innovative and valuable.


28 | Research

5 september 2013

4 burning questions

Paul Janssen | Applied Physics

Magnetic fields and semiconducting plastics

1 ’s on f your o r e ov the c rtation? disse What

2 Wh a peo t do y ou t ple a t par ell whe n t abo ut y they a ies our s rese k arch ?

3 What person, technology, or device has been essential for your research?

4 

does w o H efit n e b ty socie our work? y from

(edited by Tom Jeltes)

1 | cover The cover of my dissertation is an artistic interpretation of the model system I used for my doctoral research. It’s a mix of two organic semiconductors that can separate into phases under the right circum­ stances. The one phase displays a number of the spin-dependent reactions of the charge carriers. Zooming in on the other phase reveals a jumble of concepts mentioned in my thesis.

2 | parties It wasn’t too long ago that scientists proved that electricity running through organic semiconductors – or, disrespectfully, plastics – has a surprising magnetic effect. There’s been a heated discussion that has resulted in the publication of several models over the past years, all of which try to explain the effect. We’ve figured out which of the proposed models is dominant and prove it’s partly because of the organic material, and the exact working conditions.

3 | essential My colleagues have been essential. Not just those of my own group, but definitely also doctoral candidates and professors from other groups I worked with closely.

4 | society benefit My research provides much insight into the workings of spin physics in organic semiconducting devices, which may eventually lead to the development of more efficient organic LEDs and solar cells. We also show how magnetic effects can be controlled, which could forward the production of low-cost plastic magnetic field sensors.


Research | 29

See for more news www.cursor.tue.nl/en

Mian Dai | Chemical Engineering

Creating smart textiles 1 | cover The cover shows a fiber with a periodic surface structure. It exhibits colors, even though no dye or pigment is used.

2 | parties The first part of my research consisted of making structures on a fiber surface in a way that the fibers show different colors, based on diffraction of light. The second part was to make the fibers change shapes in response to environmental conditions like temperature or humidity.

3 | essential To produce these smart fibers, I used photo embossing (a relatively new technique using ultraviolet light to create relief structures in thin films deposited on fibers, for example, ed.). I couldn’t have done that without a pulsed laser set-up, which created holographic patterns in a way that’s compatible with the existing high-speed spinning lines in industry.

4 | society benefit Research on smart textiles is driven by a desire to improve people’s lives. The fibers with new optical properties can be used to produce fabrics for fashion design. The environmentally responsive fibers, on the other hand, may be used in breathable fabrics to make clothing more comfortable.

Camille Descour | Chemical Engineering

Chemical necklaces 1 | cover My cover shows an inventory of objects reflecting my life right now. They include routine tools, glassware, and examples of things I collect, wear, listen to or live with… The idea came to me thinking about my PhD. For me it’s been so much more than a chemical adventure; it has been a rollercoaster of human experience, which has brought me where I am today.

2 | parties At parties, when people ask me what I do, I usually say that synthesizing polymers is like making necklaces, each pearl being one monomer. Chemists may use a broad selection of beads to build either soft rubbery sequences or hard crystalline ones. Since both components obviously have different useful properties, to get the best of both I try to make necklaces that have both sequences on a single string.

3 | essential The list is long! I definitely need to mention the vital collaborations with excellent technical and analytical experts. They have access to state-of-the-art equipment and know exactly how to use it. On top of that they’re ever-curious and always eager to help.

4 | society benefit I worked on polyolefins, better known as polyethylene (PE), polypropylene (PP) or poly­ styrene (PS). You can find them everywhere, because from a set of basic and cheap building blocks, a huge variety of building blocks has been developed. Rarefying oil should definitely be used for the creation of even better plastics that cover a broader range of properties, and can replace existing materials. Improved reusability and recyclability is also important.


30 | Zoom in

5 september 2013

Down under to top Of course Solar Team Eindhoven wants to win the World Solar Challenge that kicks off on 6 October. “But that doesn’t mean the race will have been a failure if we don’t.” More than anything the team wants to get ‘Stella’ across the finish line in one piece after a three-thousand-kilometer trip. And that’s not easy at all: in 2011, not even one in five teams finished the race through the Australian outback.

Solar Team Eindhoven (STE) doesn’t lack ambition and drive, that’s for sure. ‘Developing the car of the future’, they set as their ambitious goal at the official start in October 2012. The initial ideas came to Mechanical Engineering students Lex Hoefsloot and Roy Cobbenhagen in the early spring of 2012. They were finalizing their bachelor’s theses at the time and wanted to create a solar-powered family car that was more practical and more comfortable than the flat ‘wings on wheels’ that had been dominating the World Solar Challenge since the first edition

back in 1987. It wasn’t until October 2012 that Solar Team Eindhoven officially presented their plans and their team. The core team consists of 22 students from six different departments, all of whom are postponing their studies for one year – supported by a committee grant from TU/e – to create the first-ever solar-powered family car. Later a selection of Honors Program students was added to the team, as well as a number of undergraduate students who did their graduating project on the car. Several students of Tilburg

University as well as TU/e research groups are also involved in the STE enterprise. STE has been divided into smaller teams that each focus on different technical aspects of the car, for example – from students who calculated the ultimate aerodynamic shape of the car or developed an intelligent dashboard, to electricians who made sure each sunbeam is transferred from the solar panels on the roof to the motors as efficiently as possible. According to team member Jirry Pons, the motto was ‘first time right’. “Only if everything was right we’d start building.” The actual putting together of all parts didn’t happen until only three weeks prior to the unveiling of the car in early July. At the EPE lab (belonging to the Electromechanics and Power Electronics group) in Impuls people were working day and night to finish Stella in time. While large part of the team racked their brains over the many technical challenges, the organization team worked on such things as planning, sponsoring, and preparing for the trip. By doing so, STE managed to find companies that pledged

money, materials, knowledge, and production facilities. The team also collected money through crowd funding, selling Solar Miles for one hundred euro each. While the multidisciplinary nature of the project can be challenging in its own right, there have never been any real issues, claim team members André Snoeck and Jirry Pons. “Everybody has been doing a great job helping each other out. We discuss things and try to figure out how we can solve problems together. And as it turned out, people who don’t know anything about a subject can be the ones to make vital contributions,” says Snoeck.

“We’re anxious to see how Stella responds to cattle grids” Apart from the multidisciplinary cooperation, Snoeck also enjoyed the networking aspect. “You learn how things are done in business.” The team also learned how to handle the media, which according

to the students boiled down to “using your head. And making agreements on what we’re revealing at what time”. Today, eighteen months after the first ideas for a solar-powered family car were discussed tentatively, the team is almost ready. On August 16, most of the students boarded a plane to Australia, followed by the others and Stella itself, which was shipped on a cargo flight - transportation by boat would have cost the team too much time for preparation and testing. Because time is ticking in Australia as well, especially this close to the start; the team still needs several weeks for testing and optimizing their car. Snoeck: “How will Stella do in these weather conditions and on different roads; will the battery pack last; how will the drivers do?” The Eindhoven students want to have traveled the entire course one time before October 6, although they’ll be driving it backwards, and in a normal car. “People talk about the cattle grids a lot. Apparently, those grids are very wide, which is a disaster for solar cars. We’re anxious to see how Stella responds to them”, says Pons.


Zoom in | 31

See for more news www.cursor.tue.nl/en

the Solar Challenge World Solar Challenge

The World Solar Challenge is a biannual race for solar cars for (university) teams from all over the world. The first race was held in 1987; this year Solar Team Eindhoven competes in the twelfth edition. The teams race three thousand kilometers across the Australian desert, starting in Darwin in the north, and finishing in southern Adelaide. Along the way, all teams have to register at seven checkpoints, but other than that, they’re on their own. Apart from the solar cars, there are escort vehicles for support, buses with other team members, and service trucks carrying spare parts, for example. Racing is allowed until 5pm every day. After that, the teams have to pitch camps and rest until 8am the next morning.

For the first time, the race has a Cruiser category this year, for which ten teams signed up, including Solar Team Eindhoven. Solar cars of this category are judged not only on their speed, but on the number of passengers, external energy needs, and user-friendliness. There’s one aspect Eindhoven has an advantage over the other teams already: Stella is the only solar car seating four people.

Snoeck and Pons expect Eindhoven’s main competition will be Germany and Australia. The team from Bochum, Germany, already participated in the World Solar Challenge with a roadster (meant for two people). “So they have some experience”, Snoeck explains. The Australian team Sun Swift was among the best five in the last race. And the Japanese are nothing to sneeze at, either. “They won’t reveal anything about their car until right before the race, not a thing.” There’s no Dutch competition, because TUs Delft and Twente are competing in the traditional Challenger category. Delft has the most experienced team, considering they won the race for four years straight in the past, and they presented the seventh edition of their ‘Nuna’ this summer. Snoeck definitely doesn’t have an urge to match Delft’s years of solar success. “We were obviously aware of the media circus surrounding

the Delft solar cars, for example, especially in the beginning. But other than that we’re not thinking about Delft at all, really. They’re colleagues rather than competition. And if TU/e doubted itself at all in light of Delft’s experience, I think our car has shown there’s no need for that anymore.”

“It’s my dream to see Stellas on the road everywhere ten years from now” The World Solar Challenge hasn’t even started yet, but Snoeck is already “proud of what our team has accomplished. We’ve been working like mad throughout the entire project, all with a common goal”. Still, the student admits he

feels the pressure building, “but it’s not external so much as it is my own anxiousness. We’ve built that car, and now we have to prove it can actually drive three thousand kilometers. Winning is awesome, and that’s what we’ll try to do, but that doesn’t mean the race will have been a failure if we don’t.” Pons: “I wouldn’t say I feel the pressure, but there’s a drive for sure. You want to do well”. And above all, doing well means: crossing the finish line. Mind you, that’s no mean feat. It was only in 2011 that barely a handful of approximately thirty teams finished the race. “Anything can happen”, Pons says realistically. “But our car is much more solid than the ‘wings on wheels’ we all know. Stella is

much heavier and its shape isn’t as risky when it comes to crosswinds, for example.” After the World Solar Challenge, Solar Team Eindhoven and Stella will be going on tour, visiting secondary schools and events. On their way back from Australia, they’ve planned a stopover in Singapore to attend the Energy Week. STE is supposed to continue after the World Solar Challenge. In September of 2014 a new team should be ready to prepare for the next race in 2015. Current team members will go back to the academic grindstone - Snoeck will embark on a master’s program,

and Pons is ready to graduate. That doesn’t mean Snoeck won’t stop dreaming about ‘Solar’. “It’s my dream to see Stellas on the road everywhere ten years from now. Well, they won’t be exact Stella copies, since this is only the first prototype. But I’m sure many of our concepts will be implemented in future cars, mark my words. It’s a wonderful feeling knowing we were part of that.”

www.tue.nl/ste

Text | Monique van de Ven Photos | Bart van Overbeeke


Friday

Back2 6 Septem be Schoo l BBQ r, 16.00, De party Zwarte Do

TU/e g os, TU /e cam with a rand café De pus you ca Back2Schoo Zwarte Doo drink on eat’ BBQ c l BBQ party s on TU/e ca Entran r dance on t osts 12,50 euon Friday Se mpus starts pte he ce of ro www.f fee: joining t music the dj’’s, but you’rember 6th. Jothe new yea aceboo r he bbq in s play. a ls k.nl/ca Everyo o welcomeing the ‘all (also fo fedezw n r t e o v is e ju g w s atarian artedo s) cost elcome fromt have a os s 12,50 1 euros 6.00.

Thursday 12 Gaslab, TU/eSeptember, 20.30 uur, campus Maison d

esday y 17, Wednroom a d s e u T , 6 Monday 1mber, 20.00, movie us 18 Septete Doos, TU/e camp r De Zwa rs

u Malheur &

ls of three gir lowing tale ne) who rob a g y tl h g ri b absurd, on and Rachel Kori a with a fourth akers is an rid ns Spring Bre udgens, Ashley Be d-sex holiday in Flo od-looking, (Vanessa Ht to fund a booze-an is surprisingly goon the surface, sh ecause, restauran lena Gomez). The film h is odd b guns, drugs, dirty ca ic e h (S W . d d n e ie tr : fr n s e s e -c n ft ti o s s d na dreamy antory overflows with Korine’s s ss sins of the flesh. uro and endle pay 3,50 e btitles h Dutch su s is valid), students it w h s li g n a p :E Language e: 7, 50 euro (Plazaard. Entrance fetation of a studentc on presen artedoos.nl/en www.dezw

reake

Spring B

ay ber - Thursdd m te p e S 1 1 Wednesdayhall Main Building an 3 October,ort, TU/e campus Kennispo ss Photo ld Press World Pre

winning Wor ’t let go: the res during this on d d an u They get to yopresents the best pictu iday from 9.00-18.00 Photos. TU/e n stand from Monday-Fr0. exhibition. Oeekends from 12.00-17.0 and in the w

C

atch of the D Ancient jazz an ay d st ea m y ro ck-‘n-roll go th crowd. And you? ro ug Yo h th u’ e re dancing till you Maison du Mal drop by Catch of the heur, completely unstoppabl . This is e. Ch Da y, winners of th Netherlands. e Small Prize of osen the Entrance fee: Students: none , other: 5 euros

/e he TU s of t r at the e e y o pl uu obots, r nd Em 17.00 ion a m 12.00- /e soccer nces t a i c o o a r U s f T m s r aff A children With the ce perfo he St ith s of t with thereetaforum.oting, dan mes, r e nd w b Mem elcome d the M oal sho everal ga ving arou are wn Strip an ts, NAO, gng zoo, s g and dri tti tin bo ree , r be l Gcuddlingrkrsohops, ampaeke up pain base m e d on . t l o p o , s a t e w s e r S te th n and oon arti e. on si inks a ay 8 Mark ll d nd drre for sale a d Sund0-17.00, and Simo a hbea Fire Briga o fo hich a t ay/ free, w 12.0 aForum , TU/e e: for coupons s/familyd e f e t c n n nt Me inplein Staff Entra nsumptio l/en/eve Stev ily Day TU/e of co //pvtue.n http: Fam ation

ci

Asso

Entrance fee: for free

Wedne 12.40-1s3day 11 Septem Auditori .35, college ro ber, om 7, Conte um TU/e

m from A porary Terro narchis r ts to Jihism; Terrorism adists and the ha

respo ve ha develop d a tremendous nses it has elicit m Bart Sch ent of the 21st impact on the ed contempuurman discuss century world. origins a orary terrorism es the nature of , nd sketc hes futuanalyzes its re develo Languag pments. Entrance e: English fee: for fr ee

Monda movie ryo 16 Septembe Lecture om De Zwart r, 11.30, Wil van university p e Doos, TU/e der Aa

don’t TU/e and Eindhoven so you Cursor collects all events at , nts eve ic dem aca and c leti ath have to: symposiums, films, and parties.

rofesso

r

lst Title lectu re: Mine Using Pro your Process cess Mining toown business. Models. Turn Big Data into www.tue .nl/icms Languag e: Englis h Entrance fee: for fr ee

0, ember, 21.00-02.0 pt Se 18 ay sd ne ed W raat Eindhoven) Effenaar (Dommelst rty study association pa Lustrum opening ria st Indu

50th birthday. ll be celebrating its er 18th Industria’s mb This year Industria wi pte Se On opened in 10th Lustrum will be opening tic tas fan a style with -22:00 party. Line-up: 21:00 -23:00 :00 22 ; sic mu nc Bla Le :30 Jordy Dazz; 23:00-00 Billy Corona’s; 00:30-2:00 the Kit in presale Entrance fee: 5 euroa.tue.nl/ tri us ind (via http:// um/) and event/openinglustr or. do the at ro eu 0 7,5

Wednesday 18 September, 20. Blauwe Zaal, Auditorium TU/e 00 - 21.30,

The succes of Ryanair

Ryanair Deputy CEO Michael Cawley the success of Ryanair, goes into somexplains e of the controversies and takes questions from the audience. Order your free tickets here: http://www.kaartjesreserveren.nl/sg/o rder. aspx?project=40


Cursor 1 jaargang 56