Issuu on Google+

TUDELTA.14

DELTA. 14 10-05-2012 weekblad van de technische universiteit Delft

Deze week week Deze in Delta Delta in

Fly & spy competition

Doolhof van toiletten

SCIENCE: 05

hemelvaart

01

lifestyle: 08 REPORTAGE: 10

INTERNATIONAL: 07

Delta 15 verschijnt op donderdag 24 mei

Women on the rise

Vleeshufters en slechte koffie

Nieuwe inzichten in DNA-reparatie Duizenden keren per dag breken DNA-moleculen in je lichaam. De groep bionanoscience van prof. dr. Cees Dekker heeft aangetoond hoe we de losse eindjes weer aan elkaar kunnen knopen. Tomas van Dijk Twee DNA-moleculen die langs elkaar schuren op zoek naar elkaars evenbeeld; het plaatje bij het persbericht van de onderzoeksgroep van Dekker illustreert een belangrijke stap tijdens de reparatie van DNA. Als er een breuk in een DNA-streng optreedt, en dat gebeurt regelmatig per ongeluk, dan gaat het losse uiteinde op zoek naar eenzelfde DNA-sequentie en gebruikt deze als sjabloon voor de reparatie. De onderzoekers bootsten dit proces na in het lab om te achterhalen hoe de DNA-strengen ‘weten’ waar ze aan elkaar moeten koppelen om het reparatiemechanisme in gang te zetten. Dat vergde indrukwekkende technische hoogstandjes. Met magnetische en optische pincetten trokken de onderzoekers de moleculen langs elkaar heen en maten ze tegelijkertijd de krachten waarmee de moleculen tot elkaar

De in groen filament gehulde gebroken DNA-streng botst tegen een andere DNAstreng op zoek naar een match, waarna de reparatie van start gaat. (Afbeelding: Cees Dekker lab TU Delft / Tremani)

werden aangetrokken. Vorige week publiceerden ze hun bevinden online in Molecular Cell. De eerste auteur is dr. Iwijn de Vlaminck, een postdoc die inmiddels verbonden is aan Stanford University. “De grove schets van het reparatiemechanisme was al een tijdje bekend”, zegt Dekker. “Maar wij hebben nu voor het eerst kunnen zien wat er precies gebeurt als beide moleculen elkaar treffen.” Lange tijd werd gedacht dat het afgebroken stuk DNA actief op zoek ging naar een reparatiesjabloon. Hiervoor zou het gebruikmaken van het zogenaamde RecA-eiwit, een eiwit dat een lang filament (draad) vormt aan het afgebroken stuk DNA. Dat filament zou de omgeving afspeuren naar het juiste template-DNA. Dekker: “Wij tonen echter aan dat de juiste match ontstaat door random botsingen. Dat gebeurt

‘Wij tonen aan dat de juiste match ontstaat door random botsingen’ binnen een minuut of vijf. En dat in die enorme oceaan met miljarden DNAfragmenten. Het is echt opmerkelijk.” De technologie die de onderzoekers ontwikkelden, maakte het ook mogelijk om de DNA-helix wat te ontrollen. De mate waarin de moleculen in de helix waren opgewonden, bleek ook van grote invloed op het herkenningsproces. “Het is een bijzonder interessante paper met adembenemende technische hoogstandjes”, zegt ook DNA-reparatie-expert prof. Jan Hoeijmakers van de Erasmus Universiteit Rotterdam, die niet bij het onderzoek betrokken was. ”Het levert inzicht op nanoniveau in de belangrijkste stap van homologe DNArecombinatie.” Aangezien de homologe recombinatie van DNA ook plaatsvindt tijdens de vorming van geslachtscellen levert het onderzoek volgens Hoeijmakers “ook inzicht in het ontstaan van genetische diversiteit.” Dekker wil de experimenten nu voortzetten in levende (bacterie)cellen.

Een recordaantal roeiploegen (170 boten met ruim 750 roeiers) nam woensdag deel aan de 37ste editie van de OC&C Ringvaart Regatta, de langste roeimarathon zonder wissels ter wereld. Deze monstertocht van honderd kilometer voerde vanaf Leiden via de Kaag naar Amsterdam en terug en verder naar Delft. De race ontstond toen de Delftse studentenroeivereniging Laga in 1976 voor haar twintigste lustrum haar Leidse concurrenten van Njord uitdaagde voor een heroïsche uitputtingsslag. Inmiddels is de roeimarathon door het Hollandse landschap een begrip. (Foto’s: Sam Rentmeester)

Studenten boos na schrappen Dodenherdenking Studieverenigingen zijn ‘redelijk verbolgen’ over het feit dat de TU dit jaar vanwege een gebrek aan animo geen Dodenherdenking vierde. De TU besloot dit jaar geen ceremonie in de aula te houden voor Dodenherdenking, omdat er afgelopen jaren geen mensen zijn langsgekomen. Bovendien zouden medewerkers en studenten tijdens de meivakantie vaak niet in de gelegenheid zijn langs te komen. Het college van bestuur heeft dit jaar dan ook geen krans neergelegd. Wel is de vlag halfstok gegaan. “Tegen onze verwachting in was er toch belangstelling van studieverenigingen”, zegt Marga Schrijvershof van de afdeling protocollaire zaken. De verenigingen, de studentenraad en

studentenvakbond VSSD hebben op 4 mei samen een groot bloemstuk neergelegd bij het gedenkteken in de aula. Frank Pennekamp, president van de Mijnbouwkundige Vereeniging, noemt het ‘heel gek’ dat er geen ceremonie was. “Vorig jaar was er ook geen herdenking vanwege de verbouwing, maar dat is een goede reden. Geen

‘Als je niet meer herdenkt, vergeet je snel hoe het was’ animo is belachelijk, mensen worden niet genoeg geprikkeld om er over na te denken. Dan moet je er meer over communiceren.” Volgens Pennekamp deden de Mijnbouwkundige Vereeniging en het Gezelschap Practische Studie altijd mee. “Wij hebben ook altijd een krans neergelegd. Wij doen het onder andere

omdat professor Mekel is opgepakt en gefusilleerd. Wij zijn erg van de tradities. Andere verenigingen deden niet jaarlijks mee, maar dit jaar hebben we met hen overlegd dat we wel iets wilden doen, als tegenreactie. Dit is een signaal naar de TU.” Pennekamp vindt het belangrijk om te blijven herdenken. “Wanneer je er niet meer bij stilstaat, verwatert het idee dat mensen voor de vrijheid vechten. Als je niet meer herdenkt, vergeet je snel hoe het was en dat je dankbaar moet zijn voor je vrijheid. Door er dankbaar voor te zijn, ben je er ook zuinig op.” Schrijvershof verzamelt reacties om te kijken hoe er in de toekomst mee om te gaan. “In november wordt er in de aula wel officieel een boek aangeboden over de TU Delft tijdens de Tweede Wereldoorlog.” (CvU)


DELTA. 14 10-05-2012

nieuws/column

02

Ecomarathon www.delta.tudelft.nl @tudelta delta@tudelft.nl www.facebook.com/ tudelta

delta online Rugbyers kampioen

DSR-C, voor een jaar de beste studentenrugbyclub van Nederland. (Foto: DSR-C)

De kort geleden heropgerichte Nederlandse Studenten Rugby Bond blies een oude traditie nieuw leven in: een competitie om de titel van beste Nederlandse studentenvereniging. De eerste editie werd na een zinderende finale gewonnen door de Delftsche Studenten Rugbyclub. www.delta.tudelft.nl/ 25100

Basisbeurs Masterstudenten behouden hun basisbeurs, nu CDA en PvdA zich met GroenLinks en SP tegen het wetsvoorstel ‘Studeren is investeren’ hebben gekeerd. Ze schuiven de beslissing over een leenstelsel door naar het volgende kabinet. www.delta.tudelft.nl/25114

Het Ecorunner dreamteam doet in de dagen rond Hemelvaart mee aan de Shell Ecomarathon. Het is voor het eerst in 28 jaar dat deze zuinigheidswedstrijd voor scholen en universiteiten in Nederland plaatsvindt. Op de openbare weg rondom het Rotterdamse Ahoy testen tweehonderd teams uit meer dan 25 landen of zij met de minste hoeveelheid energie de grootste afstand kunnen afleggen. In Ahoy is een gratis interactief festival (Het lab) met een miniatuurversie van het circuit waarop bezoekers onder meer een zelf in elkaar gezette mini-marathoncar op zout water kun-

nen laten rijden. Verder zijn er attracties waarbij bezoekers hun eigen energie kunnen inzetten.

Ecomarathon festival van 16 t/m 19 mei vanaf 10.00 uur in en rond Ahoy, Ahoyweg 10, Rotterdam. Gratis toegankelijk, kaarten via www.het-lab.com of www.ecorunner.nl

Vluchteling

Techniekspektakel

Het Delftsch Studenten Corps zet in ‘de nacht van de vluchteling’ zijn deuren open voor deelnemers aan een sponsorloop voor vluchtelingenhulp. Ruim 1500 mensen gaan in de nacht van donderdag 17 mei op vrijdag 18 mei van Rotterdam naar Den Haag wandelen. Zij kunnen tussen 03.00 uur en 07.00 uur bij het corps terecht voor een tussenstop met koffie, thee en soep met een broodje. Ook is er muziek van verscheidene bands. Radio 2 doet verslag van de loop.

Delft organiseert vanaf 18 mei het tiendaagse techniekspektakel Delft Amazing Technology. Via film, presentaties en demonstraties komen bezoekers in contact met alle facetten van techniek en wetenschap. Het hart van de manifestatie op de Markt is het duurzame Revolt House, ontwikkeld door de TU. Delftse studenten, onderzoekers en ondernemingen laten daar hun ideeën zien voor een duurzame samenleving.

www.nachtvandevluchteling.nl

Delft Amazing Technology, 18 t/m 27 mei op verschillende locaties in Delft. Toegang vrijwel overal gratis. www.datdelft.nl

‘Een orgie van liefde’ Universitair docent en amateurpianist dr.ir. Niels Moes vindt het helemaal niet erg als mensen languit gaan liggen tijdens zijn uitvoering van de Canto Ostinato. “Als ze maar genieten.”

liefde, zonder banaal te worden. Mensen gaan heel veel warmte van binnen voelen en heel anders naar hun medemens kijken. Het is geen vrijblijvende muziek. En ook niet voor gehaaste mensen.”

Connie van Uffelen U speelt binnenkort de Canto Ostinato, een avondvullend pianostuk van Simeon ten Holt, waarbij de pianist zelf kan besluiten hoe lang hij het maakt. Hebt u het conservatorium gevolgd? “Nee, ik ben autodidact. Ik heb wel geregeld lessen gehad en sinds een jaar heb ik les van twee grote pianisten: Jeroen van Veen en Robert Lambermont. Als kind heb ik muziek met de paplepel ingegoten gekregen. Ik kon letterlijk eerder noten lezen dan letters. Als ik nu een partituur bestudeer, hoor ik meteen hoe het klinkt.” Wat is er zo bijzonder aan de Canto Ostinato? “Mensen die het vaker gehoord hebben, zijn er idolaat van. Het stuk wordt ondergaan als een droom. In

Niels Moes: “Mensen gaan heel veel warmte van binnen voelen en heel anders naar hun medemens kijken.” (Foto: Sam Rentmeester)

de partituur staat één partij centraal, met daar omheen allerlei variaties. Het is eigenlijk geschreven voor een aantal vleugels, maar de componist heeft de mogelijkheid gegeven het door één pianist uit te voeren. Je bent helemaal vrij in je accenten, in je dynamiek en in het creëren van melodieën die plotseling ontstaan. Speel je met vier pianisten, dan wordt soms afgesproken wie welke variatie pakt. Dat kan bij elke uitvoering anders zijn. Je weet nooit wat er gebeurt.”

naat’ betekent: star in het patroon, doorgaan. ‘Canto’ betekent zingen. Er is altijd één partij die de ostinaat heeft: in dit geval een groep van vijf tonen. Als er maar één pianist is, doet de linkerhand dat. Dat gaat het hele stuk door. Het houdt niet op. Dat is droom bevorderend. Op een gegeven moment komt er heel zachtjes de eerste toon van de rechterhand bij. Langzamerhand groeit dat uit tot een ritme van dans. Mensen komen in een droomtoestand.”

Mensen ondergaan het als een droom. Waar zit hem dat in? “Het werk heet Canto Ostinato. ‘Osti-

Dit stuk heeft het leven van mensen ingrijpend veranderd, las ik. “Absoluut! Die Canto is een orgie van

In theater DeLaMar mochten veertig bezoekers een matrasje of kussen meenemen om op het podium te liggen luisteren. Carice van Houten schreef in Revu: ‘Er wordt wel gezegd dat je het ervaart als een treinreis, waarin je meerdere landschappen doorkruist… En daar lag ik… Na een paar minuten opende ik mijn ogen en keek om me heen. Het was zo’n zoet beeld, al die volwassenen die stil, met een glimlach om de mond en nog net niet met hun duim erin, toch op avontuur waren. Negentig minuten later stapte ik uit de trein. Strontgelukkig.’ “Ik herken het helemaal. Elk woord. Een kennis van mij heeft letterlijk onder de vleugel van Jeroen van Veen gelegen.” Mogen bezoekers bij uw uitvoering ook gaan liggen? “Ja, als ze maar genieten.” Canto Ostinato, Niels Moes op piano, dinsdag 22 mei om 19.00 uur, TU-cultuurcentrum en zaterdag 2 juni om 11.00 uur Priva Campus, Zijlweg 3, De Lier. Toegang is gratis.

Hoorcolleges Is het hoorcollege werkelijk niet meer van deze tijd, zoals twee medici van Stanford University beweren? Twitteraars denken daar anders over. www.delta.tudelft.nl/25112

Gratis Harvard en het Massachusetts Institute of Technology (MIT) gaan samen gratis afstandsonderwijs aanbieden. Ze hopen dat andere universiteiten zich aansluiten bij hun platform. www.delta.tudelft.nl/ 25107

Selectie Er zijn inderdaad problemen met de taalbeheersing van studenten, erkent demissionair staatssecretaris Zijlstra. Misschien kunnen onderwijsinstellingen hun studenten vooraf selecteren om deze problemen te voorkomen, oppert hij. www.delta.tudelft.nl/ 25106

Buitenland Vrijwel alle landen van Europa zijn overgestapt op het bachelor-mastersysteem, maar het grote doel is nog niet bereikt: studenten en docenten gaan nog maar weinig naar het buitenland. www.delta.tudelft.nl/ 25105

smeets

Wat doet een voorlichter? Journalisten mopperen vaak op voorlichters. Er zijn er te veel, ze sturen voor elke scheet een persbericht en ze belemmeren contact met degenen die je graag zou interviewen. Op borrels hoor ik wel eens verhalen van hoeveel beter het in Amerika gaat: daar stroomlijnt de voorlichter zoveel mogelijk nuttige afspraken op een dag, regelt lekkere broodjes voor de lunch en bemoeit zich verder nergens mee. Het klinkt dan alsof vooral die broodjes belangrijk zijn. Eigenlijk kom ik in de wetenschapsjournalistiek zelden voorlichters tegen. Als ik een wetenschapper wil interviewen, dan bel of mail ik hem gewoon zelf. De contactgegevens zijn meestal zo te vinden op internet. Heel af en toe wil een of andere pr-manager bij het gesprek zijn, maar die zit dan stil in een hoek aantekeningen te maken. Mijn beeld van voorlichters veranderde drastisch toen ik een paar maanden voor een televisieprogramma werkte en reportages maakte bij grote bedrijven. Dat was een andere wereld. Voorlichters weigerden ons in contact te brengen met de relevante personen, ook al hoorden we via-via dat die mensen zelf juist graag met ons wilden praten. We mochten bepaalde woorden absoluut niet gebruiken in de uitzending, anders ging de medewerking niet door. Ze dreigden met rechtszaken voordat er ook maar een seconde gefilmd was. Het dramatische dieptepunt was een item waarbij er zeven mensen van voorlichting om ons heen renden die zich met elk detail bemoeiden. Juist doordat ze zo bang leken voor slechte publiciteit, kreeg je het idee dat er iets heel erg mis moest zijn in dat bedrijf. Daarna begreep ik de klachten van al die journalisten. Dat soort voorlichters lijkt de pers te zien als een vijand en als doel te hebben om die lui zoveel

mogelijk tegen te werken. Waarschijnlijk willen de bedrijven het liefst helemaal níet in de media komen. Dat is op de universiteit wel anders. Ik vroeg me af hoe de voorlichters daar dan werken, juist omdat zij zo onzichtbaar zijn. Het was dan ook heel interessant om te lezen hoe Delftse communicatieadviseur Michel van Baal de publiciteit rondom de Majorana-hype orkestreerde. Op zijn eigen blog beschrijft hij wat er achter de schermen allemaal gebeurde. Hoe hijzelf auditie deed bij Leo Kouwenhoven met een persbericht, dat een bedrijfje ‘s nachts nog snel een animatie maakte en de wanhoop van de verslaggevers die dit hondsmoeilijke onderwerp op televisie moeten samenvatten. Ook interessant waren de gemaakte keuzes: wat is de juiste kop boven het persbericht en zeggen we nee tegen De Wereld Draait Door om naar Pauw & Witteman te gaan? Het opmerkelijkste vond ik echter dat Michel van Baal vooral bezig lijkt met praktische dingen: regelen van beeldmateriaal en koffie halen voor de televisieploeg. Over de hectische dag met allerlei televisieopnamen schrijft hij: ‘Ik ga doen wat je op zo’n moment hoort te doen: een broodje halen voor professor Kouwenhoven.’ Kijk, dat doen goede voorlichters dus. En niet alleen in Amerika. Ionica Smeets is TU-alumnus (wiskunde), wetenschapsjournalist en onderzoeker bij Publiek Begrip van Wetenschap in Leiden. Lees de blog zelf op: michelvanbaal.weblog.tudelft.nl/2012/04/17/leo-kouwenhoven-avond-the-making-of


DELTA. 14 10-05-2012

nieuws

Student van het jaar

Victoria Koblenko

Michiel Adriaanse is door naar de finale van de verkiezing van de student of the year van studenten.net. De 19-jarige TU-student werktuigbouwkunde bleek na een stemronde met twee andere mannelijke en drie vrouwelijke studenten als beste beauty en brains te kunnen combineren. De finalisten brengen een weekend door in Düsseldorf en krijgen in Amsterdam een fotoshoot. De winnaar wordt op donderdag 7 juni bekend gemaakt.

Wat doen we met afvalwater, als mogelijke bron van energie en ruwe materialen? Hoe zorgen we ervoor dat waterrecycling een oplossing is voor watertekorten? En hoe houden we steden bestand tegen de zeespiegelstijging en extreem weer? Film je oplossing voor dit soort waterproblemen en win duizend euro. Stuur het filmpje van maximaal drie minuten vóór 15 mei naar de TU Delft. Een deskundige jury wijst drie winnende mini-documentaires aan die op 31 mei tijdens het speciale LustrumWaterfilmfestival in de aula hun première beleven. Victoria Koblenko pre-

www.delta.tudelft.nl/25033

03 Lintjes

senteert het Waterfilmfestival. De TU zal de beste filmpjes ook indienen bij het International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA). De Urban Water Movie Contest is een van de lustrumactiviteiten van de TU Delft.

Waterfilmfestival, 31 mei van 20.00 uur tot 22.00 uur in de aula. www.tudelfturbanwatermoviecontest.org en www.tudelft.nl/waterfilmfestival

Drie Delftse professoren hebben op 27 april een lintje gekregen. Hoogleraar economie en innovatie (TBM) prof.dr. Alfred Kleinknecht werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau ‘voor zijn verdiensten voor de wetenschap en zijn inzet voor en betrokkenheid bij de Nederlandse samenleving’, vermeldt het persbericht. Kleinknecht laat zijn vaak ongezouten kijk op economische onderwerpen geregeld horen in allerlei media. Hoogleraar productontwikkeling (BK) prof.dr.ir. Mick Eekhout werd Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Die titel viel

ook ten deel aan hoogleraar theoretische en toegepaste natuurkunde prof.dr.ir. Pieter Kruit (TNW). Ook de laatste twee werden geëerd voor hun inzet voor de wetenschap en de maatschappij. In het persbericht van de TU wordt Kruit een ‘boegbeeld voor de universitaire gemeenschap’ genoemd. Eekhout wordt geprezen om zijn ‘voortrekkersrol in het onderwijs en vooral het onderzoek in de bouwtechnologie’.

‘Met een gespleten studentenraad komen we nergens’ De oogst van afgelopen jaar

De lijsttrekkers van Lijst Bèta en Oras. Lisanne van Wijngaarden (20, links op de foto) studeert life science and technology. Anna van der Togt (21) is student industrieel ontwerpen. (Foto: Sam Rentmeester)

Studenten mogen dit jaar op 23 en 24 mei stemmen voor een nieuwe studentenraad. Oras streeft naar behoud van de huidige zeven zetels, Lijst Bèta wil van drie naar vijf. Lijsttrekkers Anna van der Togt (Oras) en Lisanne van Wijngaarden (Lijst Bèta) lopen zich alvast warm voor de campagne. SASKIA BONGER Wat is voor het onderwijs aan de TU nu het belangrijkst? LvW: “Vakevaluaties. Daar wordt nog steeds geen optimaal gebruik van gemaakt en dat moet beter, in samenwerking met de facultaire studentenraden. Veel studenten vullen hun vakevaluatie in, maar er wordt niets mee gedaan. Terwijl daar juist goed naar gekeken moet worden. Docenten moeten de mogelijkheid krijgen cursussen te volgen om beter te kunnen doceren.” AvdT: “Door alle maatregelen die eraan komen, komt er veel druk op studenten en op de TU. Wij zijn bang dat daardoor de onderwijskwaliteit afneemt. We willen niet dat de TU zegt: ‘we maken er wel iets minder van’, want dan hebben we straks niks meer aan ons papiertje. We zullen dat nauwlettend in de gaten houden. We moeten andere manieren verzinnen om studenten in maximaal vier jaar hun bachelor te laten halen, zoals ervoor zorgen dat vakken niet tegelijk pieken, maar dat ze rekening met elkaar houden.”

Oras en Lijst Bèta hebben allebei hun eigen programmapunten voor de verkiezingen. Zoekend naar verschillen, kun je punten aangeven bij elkaar die je zelf niks vindt? Of zijn jullie het overal over eens, maar liggen de accenten vooral anders? AvdT: “Ik denk het laatste. Oras kijkt met een brede bril vanuit onze pijlers onderwijs, faciliteiten en ontplooiing naar problemen die studenten aangaan. Om een goede ingenieur te worden moet je goed onderwijs, goede faciliteiten en uitgebreide mogelijkheden tot ontplooiing hebben.” LvW: “Wij richten ons echt op onderwijs. Dat willen we uitdagender en studeerbaarder maken, waardoor studenten gemakkelijker door hun studie heen gaan. Ontplooiing komt dan vanzelf, want daar is tijd voor. Verenigingen kunnen zichzelf wel handelen.” Uit jullie campagneverhalen komt een beeld naar voren van de student als perfect wezen, die altijd zijn best doet. Alleen de TU moet het beter doen. Ligt het niet grotendeels aan de studenten zelf dat ze te lang over hun studie doen? AvdT: “Het is voor veel studenten gewoon lastig om in hun eerste jaar al die nieuwe dingen als vereniging, sport en studie te combineren. Daarom is flexibiliteit belangrijk, dat er bijvoorbeeld voor alle colleges Collegerama is en dat je een planning hebt waarin je kunt zien wat je wanneer moet doen.” LvW: “En het is bewezen dat dwang niet goed is voor je motivatie. Wat wel helpt is vrijheid om te kiezen en om je studie in te delen.” Maar wat moeten studenten zelf veranderen? AvdT: “Studenten moeten de juiste keuze maken en er dan voor gaan.

Daarom moet het eerste jaar een oriënterend jaar zijn, zodat je weet: is dit mijn studie of niet?” LvW: “Studenten moeten meer zicht krijgen op wat het doel is van de vakken die ze volgen, waardoor zij een beeld krijgen van waarvoor zij die vakken doen. En de studenten moeten aangeven wat ze willen en waar hun interesses liggen, zodat het onderwijs gerichter kan worden.” Hoe gaan jullie het komende jaar met elkaar om? AvdT: “We kunnen voor de studenten veel meer betekenen als we onze punten samen bij het college van bestuur aandragen.” LvW: “Samen staan we sterker. Met een gespleten studentenraad komen we nergens.” Waarom dan toch twee partijen? LvW: “Controle. We kunnen elkaar aan de tand voelen. Doordat we ieder net een andere visie hebben, kijken we scherp naar elkaar. We kijken met twee visies naar onderwerpen en daardoor komt het beste product naar voren. AvdT: “We houden elkaar scherp en kunnen zo beter nadenken over wat het beste is voor de student. Samenwerken is heel belangrijk.” Welk prototype student vertegenwoordigen jullie? AdvT: “De student die naast zijn studie actief is, die gebruik wil maken van alle faciliteiten die de TU heeft en die de mogelijkheid wil hebben om zich te ontplooien, binnen en buiten de studie.” LvW: “Wij zijn er voor alle studenten. Wij willen hen gemotiveerd krijgen met uitdagend en kwalitatief goed onderwijs.”

Wat hebben de studentenraadsfracties Oras en Lijst Bèta het afgelopen jaar bereikt? En wat lukte er niet? Op initiatief van Oras is de bibliotheek tijdens tentamenweken langer open en is er in de kantine een steviger maaltijd te koop voor minder geld, de ‘tentamenhap’. De sponsorcontracten voor studentensportverenigingen zijn verbeterd. Ook zorgde Oras ervoor dat studentensportverenigingen tot september 2013 gebruik kunnen maken van de kelder aan de Rotterdamseweg 145. Daarna kunnen zij hun spullen waarschijnlijk opslaan in het verbouwde sport- en cultuurcentrum. Oras denkt mee aan plannen voor die verbouwing. Verder doet Oras mee aan een onderzoek naar de relatie tussen studenten en de stad Delft, werkt Oras aan uitwisseling van guest lectures en aan een collegerama app. Wat Oras nog niet heeft bereikt, is dat studenten halverwege een collegeperiode een enquête kunnen invullen over docenten, die daarover vervolgens in dialoog zouden moeten gaan. Lijst Bèta heeft samen met de Rijksuniversiteit Groningen een onderzoek opgezet om te kijken naar de effecten van onder meer het bindend studieadvies (bsa) op prestatie en motivatie van studenten. Met YesDelft en het Delft Centre for Entrepreneurship wordt gewerkt aan een plan voor groei. Tevens organiseerde Lijst Bèta een training waarin bestuurders van studieverenigingen leren om vakevaluaties van studenten helder en bruikbaar over te brengen aan docenten. Verder kwam zij met ideeën die de TU nog uitwerkt. Het betreft onder meer digitale studieplanners, online oefenopgaven en een handleiding voor mentoren. Wat de fractie niet lukte, is invoering van een tentamen dat in een kluis klaarligt voor studenten die door persoonlijke omstandigheden het eerste tentamen misten. Beide partijen hebben samen de foutieve voorlichting over het bsa aangekaart, meegedacht over samenwerking met Leiden en Rotterdam, plannen voor verhoging van het studiesucces becommentarieerd en op aandringen van Lijst Bèta een visie op de Delftse ingenieur voor het instellingsplan geschreven.

‘Je moet geen Oras-light worden’

Na het eerste jaar Lijst Bèta in de studentenraad zegt fractievoorzitter Jeroen Röhner met ‘veel plezier’ terug te kijken en met het gevoel iets bereikt te hebben. Vooraf dacht hij zaken gemakkelijk te kunnen regelen, maar inmiddels weet Röhner dat de TU ‘een complexe organisatie’ is. “Decanen, directeuren onderwijs, studieadviseurs: iedereen mag zijn zegje doen. Je moet natuurlijk zorgvuldig zijn, maar soms denk je: ‘er ligt gewoon een goed voorstel’.” Röhner was positief verrast door beleidsmedewerkers die soms enthousiaster waren dan de fractie zelf. “De universiteitsbibliotheek bijvoorbeeld is zeer gericht op het verbeteren van dienstverlening aan studenten.” In het begin stapte de partij met elk idee naar een beleidsmedewerker, nu bespreekt Lijst Bèta dit eerst met een grotere groep, zoals facultaire studentenraden en studie- en studentenverenigingen. “Daarmee kun je efficiënter dingen bereiken”, zegt Röhner. Waar studentenraadsfractie AAG na collegejaar 2009-2010 stopte, omdat zij vond dat het met twee zetels in de studentenraad (sr) onmogelijk was studentenbelangen goed te behartigen, was het adagium van Lijst Bèta dat zij niet alles moest proberen aan te pakken. “We richten ons op één hoofdzaak: onderwijs. Een studentensportoverleg kunnen studentensportverenigingen zelf wel.” Met drie man was het te doen. “Je moet geen Oras-light worden en alles willen doen. Je moet doen wat je belangrijk vindt en dat goed doen.” De inhoud ging boven alles. Met enige spijt constateert Röhner dat promotie en naamsbekendheid daardoor zijn blijven liggen. De samenwerking met Oras ging ‘inhoudelijk vaak heel goed’. “Wij hebben soms andere ideeën en moesten wel eens goed discussiëren om tot een sr-standpunt te komen. Soms is het lastig zaken en personen te scheiden, maar aan het eind moet je koffie met elkaar kunnen drinken.” (CvU)


DELTA. 14 10-05-2012

science

opinion please

04

Clinical trial holmium therapy was successful Terminal liver cancer patients have received an experimental radiotherapy involving highly radioactive microspheres at the Utrecht Medical Centre. At sufficient doses, the liver tumours were eradicated while side effects proved minimal. Jos Wassink

Solar boat around the world September 2010 a Swiss electrical engineer left Monaco to travel around the world for the first time ever with a solar boat. Last week he completed his journey. It took Raphael Domjan an impressive 584 days to travel 30,000 nautical miles around the world. According to the electrical engineer he didn’t make the trip to get into the Guiness Book of Records, instead he wanted to do something about climate change and show what one can achieve with solar power. Plantsolar is a 31 meter long boat, costing 15 million euros to build. Tom van Terwisga, professor of Ship Propulsion and Resistance, isn’t surprised Domjan pulled it off: “A solar boat can harvest a lot of sunlight, because there is no shade at sea.” Planetsolar is made of composites. A good choice, according to Prof. Van Terwisga. “Composites are lightweight and solid,” he explains. “The boat has to be lightweight because that will make it go faster. It was also smart to build Planetsolar as a catamaran, as this creates the possibility to have a big surface area, where one could place the solar panels. It also makes the boat stable.” Planetsolar used black solar cells. “Standard solar cells are blue, because our eyes see the blue light that is being reflected of the panels. It shows that the panels do not absorb all of the sunlight. Planetsolar has black solar cells, which means that they take up all the sunlight. Nothing is reflected. That makes them very efficient,” says professor of Photovoltaic Materials, Miro Zeman, who is also developing black solar cells. In good weather the boat could produce up to 600 kWh per hour. “That’s impressive,” says Prof. Zeman, “especially if you know that a family uses less than 10 kWh per hour a day on average.” The technology to create a boat that could travel around the world is not new. Why has it taken such a long time before someone made the trip? “I think it was particularly a financial challenge,” says mechanical engineering student, Erik Jansen, who works on the Delta Lloyd Solar Boat that will participate in a race for solar boats in the province of Friesland in July. Planetsolar has given solar boats great PR. “By travelling around the world, their team has shown how reliable solar energy is,” Jansen says. “Planetsolar proves that one could use solar cells to travel.” Prof. Van Terwisga believes that more boats will use solar panels in the near future: “But not all are suitable to be powered by them. Cargo ships for example will be too heavy. But for lightweight luxury yachts I think solar cells are promising. They could also very well be used as an extra power source on cruise ships. Years ago TU Delft alumni built a speedboat powered by solar energy. Unfortunately, they went bankrupt, but they showed that the concept worked and were ahead of their time.” Jansen thinks it is interesting to look into hybrid ships: “At night the boat uses the sail. During the day the solar cells collect energy to power the motor. Besides, when it is sunny, there usually isn’t a lot of wind. It could be interesting to build such a boat.” And it could have made the Planetsolar’s journey easier, as the team had to sail close to the equator and change their routes according to sunlight forecast in order to catch as much sun as possible. (RV)

Researchers at the Reactor Institute Delft played an important role in developing the optimal radiation method for the poly-lactate covered holmium microspheres. Delivering sufficient dosages without overheating or damaging the spheres proved to be challenging, however. During the clinical trial, the RID routinely radiated holmium spheres in response to requests from medical biologist, Dr Frank Nijsen, and head of radio pharmacy, Dr Fred van het Schip (UMC Utrecht). One time, when Dr Menno Blaauw, a RID researcher involved in the holmium project, couldn’t help wondering how the patient fared after the treatment, he phoned his UMC contact, who replied that he didn’t know, as the patient had just left for a skiing holiday. Fifteen terminal colon cancer patients have been treated over the last year in this first phase clinical trial. The trial is meant to establish that the treatment is safe and to screen for adverse effects – not to determine

Comparison of before (left) and after therapy shows disappearance of tumours (shown as dark spots) from the liver. Note: tumours in the kidneys are not affected. (Photos: Frank Nijsen, UMC Utrecht)

the effectiveness. Nonetheless, a remarkable reduction of liver tumours has been established at large enough doses. The treatment consists of two consecutive arterial injections of holmium spheres, a few hours apart. The first injection involves a low dose to check if the holmium particles reach the tumour, the whole tumour and nothing but the tumour. The holmium whereabouts can be traced with a gamma camera, since the particles emit gamma radiation (which is detectable outside the body) as well as beta radiation (high-energy electrons which kill cells in the direct vicinity of the blood vessels). The diameter of the particles (30 micrometre) is chosen so that the microspheres will get stuck in the capillaries to release their radiation charge at the spot. When the first shot indicates the blood vessel is

leading only to the tumour, a second shot will be delivered which delivers over 100 Gray of radiation locally. “Over 100 Gray, everything is dead”, Blaauw resumes. “It’s the same dose they use for sterilisation.” Despite the locally lethal dose, the patients seem to suffer only mild nausea in the first day after treatment. After that, they generally feel fine. Next, a larger phase II clinical trial will be held to test the treatment’s effect and to establish the protocol. If - and it’s still a big if - the researchers succeed in effectively targeting only the tumour and avoid spilling radiation to other organs, holmium therapy may develop into an effective and patient-friendly form of radiotherapy for tumours that have suitable vascular structures.

Autonomous and wireless Smart lollipop An invention by Mina Danesh brings the use of autonomous wireless transmitters a step closer. For her dissertation, she built an antenna incorporated into a solar cell of a small autonomous wireless system for the first time. The applications of autonomous wireless systems are numerous; for example, in order to measure the fluid pressure of the eye an autonomous wireless system would be more than a welcome invention. Of course, there should be no wires attached to the eye, but making such a system autonomous and wireless is tricky, because it needs to be very small and powered on its own. Mina Danesh (microelectronics) made a fascinating design. For the first time she incorporated an antenna into a solar cell for a wireless sensor node. “In this way we could reduce the costs and halve the size of the systems, which could be as small as a few mm3 and eventually be implemented at the nano scale.” A photovoltaic cell harvests light and creates a current at a certain voltage in order to get the system working. Because it is also an antenna, it could

Mina Danesh: “It depends on the application what system could be used best.“ (Photo: Tomas van Dijk)

receive and transmit data to other wireless devices or a hub that collects data - a smart combination. For both the photovoltaic cells and the antenna sticking out, this is the best

‘We could reduce the costs and halve the size of the systems’ way to harvest sunlight and transmit and receive information. Danesh’ autonomous smart systems uses a rechargeable battery or a supercapacitor that is capable of storing energy. “When there is no light, the system could keep on working thanks

to the storage devices.” How much energy the battery stores depends on what it is used for. It could also be used for agricultural purposes, by measuring the soil humidity. “Several wireless systems could then interact with each other over a distance of 50 meters for example and share information,” says Danesh who invented three kinds of systems: a system with one solar cell (Smart Lollipop), a second with two solar cells (Dipole Wings), and a third with a flexible solar module (Loop Flexo). “It depends on the application what system could be used best. The flexible one could be worn as a bracelet and measure the pulse.” (RV)


DELTA. 14 10-05-2012

science

05

short news science Inventor award Professor Biotechnology Mark van Loosdrecht and his colleagues, Merle Krista de Kreuk and Joseph Heijnen, are nominated for the European inventor award. The team is one of three nominees in the award’s research category, which is annually granted by the European Patent Office. Prof. Van Loosdrecht invented a wastewater treatment technology that uses aerobic granular biomass. His innovative technology reduces a quarter of the energy that must be used and requires 75 percent less space. TU Delft electrical engineering alum-

nus, Jaap Haartsen, is also nominated. He invented the Bluetooth technology while working for LM Ericsson Telephone. He is nominated in the industry category. Haartsen is currently Chief Technology Officer of Tonalite. The winner of the award will be made public on the 14th of June in Copenhagen.

Helianthos saved

BE-Basic partnered

Space research

The Dutch manufacturer of thin solar films Helianthos in Arnhem has been bought by entrepreneur and TU alumnus Dr Rombout Swanborn, who has a degree in mining and purification technology. Helianthos’ future was uncertain since power company Nuon put it up for sale after a strategic re-orientation. The new name will be Hyet Solar and the company will continue the technical development of flexible low-cost photovoltaic films. Prof. Miro Zeman (EEMCS) worked closely with former Helianthos.

The Dutch cluster on ecological biochemistry and biofuels BE-Basic signed a memorandum of understanding with its German partner organisation CLIB2021 (Cluster for Industrial Biotechnology) at the BIO World Congress (Florida, 29 April - 2 May). “The collaboration ensures a continued European leadership in industrial and environmental biotechnology embedded in the very heart of the European Chemical and Energy industries,” said BE-Basic director Professor Luuk van der Wielen (Faculty of Applied Sciences).

Due to cut backs, Dutch scientists will no longer be able to perform research in the International Space Station ISS. Or so a group of 125 scientists believe. According to the newspaper de Volkskrant, the group of scientists signed a letter in which they warn the Ministry of Education and Science of this future scenario. The Royal Netherlands Academy of Arts and Sciences recently advised the government to stop funding experiments in weightlessness.

TU team in US fly & spy competition

Crew pilot Dieter Castelein hovers the Atmos. (Photo: Jos Wassink)

Aerospace Engineering students are competing for the best autonomous flying and long-term observing robot. The UAVForge competition will be held on a hilly training site in Georgia from May 9 to 19. Jos Wassink

www.uavforge.net www.teamatmos.nl youtu.be/aCec6PsFYx4

proposition

The mission for the eight students is to fly their unmanned air vehicle (UAV) to a three-story building 3.5 kilome-

tres away, land on the building and observe the square in front of it for three hours, then take-off and fly back to base over a preset route containing various obstacles. If you think of it, the complexity is staggering because the Atmos (Autonomous Transition Multi-rotor Observation Vehicle) will mostly be out of site of its pilot and must operate largely on its own. This includes landing on the edge of a high building. Two weeks back, the students demonstrated their prototype in the airplane hall at the AE faculty. It looked like a vertical wing on legs with two small electrical engines at the tips and two larger ones in the middle. Once

they all started turning, the machine lifted-off vertically and hovered stationary. The really smart trick though is its ability to fly. The vertical wings then tilt over and provide lift from the air speed. This means the large engines can be switched off. The transition to flight not only makes Atmos much faster (35–75 km/h) than most of its competitors, which are mainly based on the quadrotor principle with four engines actively providing lift, but Atmos also flies much more efficiently. The students developed the tilting wing design for their BSc design synthesis exercise, an assignment that was set up by Rick Ruijsink (MSc) and Bart Remes (MSc), who were both involved in the development of the well-known miniature UAV Delfly. The mission they designed had striking similarities with the challenge the US defence research agency Darpa presented in its UAVForge competition. Originally, 140 teams enlisted, with 58 teams short-listed and only 12 ultimately chosen to fly the mission in Georgia. The TU students will be squaring off against teams from MIT, Shanghai and India, to name a few. Check the sites for the latest news.

Using UV absorbance spectroscopy to analyze the thermal hydrolysis kinetics of a UV labile compound seems impractical. ‘Multicomponent and dissipative self-assembly approaches: towards functional materials’, PhD-thesis by Job Boekhoven (Faculty of Applied Sciences) (Illustration: Auke Herrema)

the graduate

Cooking rice on rice waste

Rob Hoebe improved the original cooker. (Photo: Tomas van Dijk)

The gasification cooker that IDE graduate Rob Hoebe (MSc) developed has the potential of turning the environmental burden of rice waste into productive and health-protecting fuel. In Vietnam, where Rob Hoebe did most of his research, rice is not only the main source of food but also an important source of air pollution because of the burning of harvest residues. Another major indoor air polluter is cooking on small, open fires that fill homes with thick choking smoke. So why not use rice waste as a clean kitchen fuel and kill two birds with one stone? The Philippine Professor and inventor Alexis Belonio did just that and was rewarded the Rolex Award for Enterprise for his rice husk stove in 2008. The stove works by gasification of rice chaff in a standing cylinder through which a fan blows. At sufficiently high temperatures and low rates of oxygen, the incomplete burn of biomass yields primarily two flammable gasses: carbon monoxide and hydrogen. The idea is fabulous, but the design had room for improvement. “The old design is no good and too dangerous in use,” says Hoebe, who improved the design for Spin Asia (Sustainable Product Innovation), a cooperation between the TU and the Vietnam Cleaner Production Centre (VNPC). Hoebe shows that the original cooker that Spin made on the basis of Belonio’s design gets literally red hot in use, is cumbersome to empty and replenish, and emits alarming amounts of toxic, non-burnt carbon monoxide. Thus the challenge for the graduate from the design for sustainability programme was to improve the existing prototype. While doing that, his Bachelor’s degree in mechanical engineering proved very useful for the detailed study of gasification and burning of gases. Hoebe noticed for example that the original cooker was difficult to tune, which led to incomplete burning of the gases. So Hoebe improved the burner, provided the gasification cylinder with insulation, and improved the mechanism that locks the cooker onto the heavy foot that houses the electrical fan. Comparative tests have shown that Hoebe’s design almost doubled the fuel efficiency (plus 92 percent), which leads to 40 percent smaller and easier to handle fuel volumes (600 grams of rice husk for 40 minutes of cooking time). Besides, the maximum power has increased by 20 percent and harmful emissions have significantly been reduced, which shows if you compare the pots after cooking: one is black with soot, the other virtually untouched. Hoebe’s thesis, presented on 27 April, was rewarded an 8.5. His prototype will shortly be shipped to Vietnam for field trials. The next step will be finding a local manufacturer to get the cooker on the market. (JW)


DELTA. 14 10-05-2012

international students

06

‘Never negotiate your dream’ Chetan Kaanadka Shivarama, from India, has had an eventful journey since graduating in Strategic Product Design from TU Delft’s Industrial Design Engineering faculty. GUNJAN SINGH Chetan Kaanadka Shivarama finished his MSc in August 2010 and worked for more than a year in the Netherlands on various Base of Pyramid (BoP) projects. Earlier this year, instead of renewing his contract with a Dutch Greenhouse automation company, he decided to head back home to India. While working for a Dutch greenhouse automation company during his zoekjaar, Chetan experienced the problem-ridden state of India’s agricultural sector and realised he wanted to use his knowledge and design skills to solve problems plaguing the sector. He decided to return to India without any job offers yet determined to work to help improve India’s agricultural sector. Currently, he is a product design consultant for a US-based start-up developing affordable irrigation solutions for small landholding Indian farmers. How would you describe your career after TU Delft? “It started with lots of disappointment with respect to how much hope I had

for a rosy professional scene for a TU Delft Strategic Product Design graduate. Initial attempts to kick start my career again was quite a disaster with repeated head on collisions against the wall of odds. Interestingly, my first few failures were very heavy on me but repeated disappointment kind of made me immune towards them. I was lucky not to have lost hope, but rather to have gained more courage in accepting defeat in different forms. This meant I had to approach the job market with more creative, out of the box thinking.” And then in today’s very tough job market. “Indeed, the are/were no jobs tailormade for my profile - educational and professional skill mix, nationality, language skills - so I had to create one for myself or change my profile to suit available jobs in the market.” What were your high and low points? “High points: freedom to experiment, nothing to lose attitude, more time to reflect and reframe my strategy. Low points: frustration as the race against time got tighter. I saw how most employers in the Netherlands were exploiting the zoekjaar status of international students with their short term contracts with low pay terms.” Why did you choose to come back to India? “I always wanted to come back to India; it was just matter of time. It

what’s cooking

was during the first semester when I decided to change my focus towards entrepreneurial approach in the BoP market, as I was always looking for opportunities to gain experience in this domain. My final thesis and postgraduation freelance work focused on the BoP market, with emphasis on India’s rural market. My last job in Netherlands gave me an opportunity to work for the agriculture sector in India. I imagined this to be the perfect opportunity to make a difference in the country whose GDP is mainly comprised of agricultural produce. But this opportunity brought me closer to the reality that prevailed in the Indian Agriculture scene. Which is? “There were many pressing needs and demands for basic technology by the small, poor Indian farmers who form nearly 70% of India’s farming community. My job with the Dutch greenhouse automation company wasn’t the right platform to arrive at design solutions for these problems, as the company had a different target market and business interest (high-end and rich farmers in India). It was in my and the company’s best interest that I quit and return to India with freedom to explore and experiment with what I believed in.” How do you see your future? “I want to be a social entrepreneur someday. The key word is entrepreneurship. The problems faced by India’s aam janta (general public) can be solved only through an enterprise approach, not through charity.” Do you miss Delft? “Delft still feels like my second home. I always dream and hope to return to Delft and be associated with TU Delft.” Any advice for students making similarly radical career shifts? “Never negotiate your dream nor compromise your interest. Do what’s right, what’s necessary, and most importantly what matters to you. If you don’t know what matters to you, then what you do will never matter to the world.”

Chetan Kaanadka Shivarama. (Photo: no credit)

(Photo: Tina Amirtha)

Chaussons aux olives ”Whenever I show up to a friend’s house for a Saturday dinner party, I tend to spend that afternoon fasting so that I can optimize most of the space in my stomach for whatever delicacies my friends end up cooking up that evening. The trouble is, even if the dinner party starts at 8:00, no one even gets around to eating until 9:30 or 10:00. Inevitably, when I show up on time, I start to lose my self-restraint and scan the room for snacks, while trying to keep a low profile. This is my fate during every dinner party to which I have ever been invited. Everyone trickles in over the course of the hour, and I nurse a beer or two, while making small talk and catching up on the week. The first hour of the meet-andgreet are the most testing for me, and I barely move away from my spot on the wall, where, after the party, I’m sure one could make out the outline of my faint frame. Because I do not want to seem overly needy, I choose to suffer in silence and hope that the refreshment fairy decides that she would take up my case that night. Word to the wise: it’s best to speak up if you’re indeed suffering. Since I rarely take my own advice, here is hoping that future party-organizers will read this and be inspired to keep some satisfying appetizers on hand for people like me. In my mind, the perfect hors d’oeuvres are warm, small, and look like they would have required miniature tools and the skilled hands of a surgeon to prepare. My boyfriend’s family is expert at executing gourmet bites in no time, such as these chaussons aux olives (olive pockets). Although they are elegant enough to serve during important holidays, they require nothing more than a few ingredients that could easily be found at your local Albert Heijn. The first time I saw these at their house, I surreptitiously placed one on my cocktail napkin, took a dainty bite, then stole a few more away and devoured them with pleasure. Since then, I’ve always kept the ingredients for these chaussons in my refrigerator and freezer to save similar-minded party-goers from pre-dinner jitters. I’m not the only proof of their success; no matter how many of these I make, not a single one is left over for the next day.” (TA) Now that you also can’t wait to taste some delicious homemade Chaussons aux olives, just go to delta.tudelft.nl for an online version of this article and an easy step-by-step recipe.

malone

Farewell Dutch liberalism The thing I thought the Netherlands was most famous for was its liberalism. That this was always a place where people of different religious, intellectual or philosophical beliefs could take refuge and create ideas, regardless of where they were from. This tradition resulted in some of the better-known Dutch policies, like toleration of prostitution and ‘soft’ drugs like marijuana. This tolerance came from a sense of pragmatism, because you can’t stop people from buying sex, or getting drunk and high, you can only drive such actions underground. But Dutch liberalism isn’t just pragmatic, it’s also useful, because tolerance of different races, religions and philosophies provides an astounding marketplace of ideas from which to create better living. Unfortunately, the Netherlands seems insistent on shifting away from this policy of liberalism, towards one of exclusion. Two recent examples are the ‘Dutch only’ discount at KPN, and introduction of the ‘weed pass’. KPN recently ran a promotion giving a 50% discount to Dutch passport holders. Apparently this was a mistake, and the discount was supposed apply to both Dutch passport and Dutch residency permit holders, but the furor that resulted indicates how non-Dutch residents often feel living

here – the feeling of being second-class. No doubt this isn’t just because of the more radical views of Dutch politicians like Geert Wilders, but for other reasons, e.g. the Netherlands is the only EU country blocking entry of Romania and Bulgaria into the Schengen open border zone. And because so many people would need to allow such a mistake to go so far, it’s hard to decide if KPN employees are simply subtly bigoted or just incredibly incompetent. Another example of the Dutch abandoning pragmatism for idiotic conservative ideals is the ‘weed pass’, which restricts the sale of marijuana in coffeeshops to residents of the Netherlands and has already been implemented in Limburg, with introduction in the rest of the country to begin in 2013. Why is this pass idiotic? Because it won’t stop people from buying weed here, but rather will only drive sales underground. All this pass will accomplish is that some Dutch residents will become middlemen between coffeeshops and tourists, and the Dutch government will lose the ability to tax and regulate the trade. Which is already happening: arrests of street dealers in Maastricht have already increased and the amount of drug tourists in Nijmegen, where the pass hasn’t

been introduced, increased by 20 to 30 percent. Apparently tourists from Belgium and Germany are just driving a bit farther, and hence the real winners of this policy are the petrol companies. It’s no secret that many TU Delft students like to smoke a joint, and why not? Plenty of students drink until their words are slurred, and the truly unruly tourists in Amsterdam and elsewhere aren’t stoned, they’re drunk. And while I can’t think of any intellectuals or scientists who attribute inspiration to drink, I can think of some, like Carl Sagan, who attribute inspiration to pot. It’s a shame the Netherlands is changing. People don’t come here for the food or weather; they come here to experience a certain state of mind, one that encourages creations of new arts and science, that encourages free thinking and mixings of people and ideas. Unfortunately, Dutch liberalism seems to be giving way to an ingrained attitude of exclusion. What a pity. Devin Malone, a recent MSc graduate in industrial ecology, is from Anchorage, Alaska.


DELTA. 14 10-05-2012

international students

07

Women on the rise Dr Judith Redi, originally from Italy, is a newly appointed assistant professor in the EEMCS faculty. TINA AMIRTHA At the top of the EEMCS building, Dr Judith Redi and I were speaking as though we had been regularly meeting over the last few weeks to work on our semester-long assignment. There was a used student couch on one side of the room and papers strewn across every work surface. Then again, the 29-year-old Redi and I were in her professional office, where, as an assistant professor of computer science, she mentors students like me and develops top-level plans for the future of the visual experience. For Redi, the path

‘Every opportunity to leave was great for me’ from student to professor was not without its ups and downs, and was, as it happens, the result of the right set of circumstances. The largest opportunities emerge from behind a smoke screen after seemingly endless periods of obscurity. During her Master’s project at the University of Genoa in Italy, Redi’s advisor approached her to test her interest in a PhD. “It’s not like I always had some higher ability to do research, but I liked it,” Redi says. “I was finally doing something explorative. On the other hand, I have to admit, I didn’t have clear ideas on what I wanted to do.”

Assistant professor Dr Judith Redi: “I think in general that I like competition, otherwise I wouldn’t be here.” (Photo: Sam Rentmeester)

For Redi, organizational stress during her doctoral years hid what would later prove to be a productive chapter in her ever-evolving career in academia. Of her PhD supervisor, Redi joked, “I always thought he needed a secretary.” A more sober analysis of the situation was that the quality of her publishable work was not of interest to her PhD supervisor. “He needed a student because they needed some workforce in the lab.” Her tumultuous PhD years were buoyed by external experiences and, in particular, a professional guide. Two internship in the Netherlands, one at Philips and one at TU Delft, gave her a valuable perspective on her force in research. “Every opportunity to leave was great for me,” she recalls. “It was pretty tough, my PhD. I was really alone, left by myself, except for this one person from Philips who supervised me.” That person was Professor

news in brief Ingrid Heynderickx, whom Redi openly cites as her mentor. By the end of her PhD period in 2010, the University of Genoa recognized Redi’s work with the award for the best PhD thesis in the ICT domain. Ever playing down her strengths, Redi says, laughing: “I don’t know exactly how they did it, but they decided that mine was the best.” After finishing her PhD research in December 2009, Redi was waiting to defend her dissertation the following April. In the meantime, she attended a conference where Prof. Heynderickx suggested that she apply for an open assistant professorship position in her department. “I was like, I don’t even have my title yet!” Redi says. Having been guided by her mentor through the academic maze, Redi is taking well to her role as an assistant professor at TU Delft. She will soon be teaching a seminar on Interactive Intelligence, co-teaching Visual Perception for Displays and Lighting, and the Neural Networks course, which will be entirely hers next year. The old adage goes: when life gives you lemons, make lemonade. Redi is seemingly the proof that even the largest lemon can morph into new possibilities. Despite the difficult path to professional success, and recognition, Redi has proven that she is afraid of no challenge: “I think in general that I like competition, otherwise I wouldn’t be here.”

‘It’s about pirates’

Aaron Hoffman lights up when asked about his MSc thesis topic. “It’s about pirates!” the American industrial ecology exclaims, smiling. More precisely, Hoffman will formalize a model that draws on system dynamics and agent-based modeling to reveal the interlinked security and sustainability aspects of modern-day maritime piracy. Agent-based models seek to understand how interactions of key actors or “agents” lead to emergent system behavior. In Hoffman’s research, the agent is the “commercial vessel and its crew transiting through pirated areas.” The agents must analyze ‘tradeoffs between uses of lethal vs. non-lethal protection measures against piracy.’ There’s a range of responses to piracy threats, including rerouting, ‘slow steaming’ (sailing at slow speeds), deploying armed guards or techno-

logy-based protections, like aerosols, lasers, acoustics, or other means. Hoffman’s research analyzes the system-wide costs/benefits of agents employing these various defenses. Hoffman hopes his thesis will also enable policy analysis and the weighing of various interventions into the complex system of maritime piracy. “Best estimates of the cost of maritime piracy today to governments and corporations is around $8-12 billion per year, resulting in renewed

‘Human and environmental costs are a big part of the story’ public sector interest in the problem,” he says, adding that he’s already in touch with private and public sector stakeholders that have strong interest in the issue, including governments and private firms. “I hope this project will extend beyond my MSc thesis,” he says. “From my initial conversations with stakeholders, I think there’s an opportunity to create a knowledge and risk management platform.” He’d like to continue working on the project as a PhD student in future. However, he’s also interested

Prince Willem-Alexander has opened the new waste water treatment plant in Ede On May 8. The new plant uses the Nereda granular waste treatment technology, a TU Delft discovery. Ede’s adoption of this new technology is a world first. Nereda is a groundbreaking technology for the thorough treatment of domestic waste water; it uses a quarter of the space and consumes around 30 percent less energy than conventional plants.

Strong words The Netherlands’ Council for Societal Development has stated that the government should stop using the words allochtoon and autochtoon to draw distinctions between Dutch citizens. Autochtoon describes people whose parents were born in the Netherlands, while allochtoon is the word used for people whose parents were not born in the Netherlands. The Council for Societal Development told Parliament that since the government no longer has ethnicity-based policies in place, it should not use these two words to differentiate between citizens of the Netherlands

Bad transport More people are unhappy with the state of public transport in the Netherlands this year compared to 2011. In the first three months of 2011 some 2,222 complaints were submitted about Dutch public transportation, which is a 50 percent increase compared to the first quarter of 2011. The majority of complaints received by the agency that monitors public transport involved the high costs of traveling by train, tram, bus and metro, as many commuters felt the quality of public transport services offered do not justify price hikes.

DNA-repair Scientists from the Kavli Institute of Nanoscience have discovered a key element in the mechanism of DNA repair. When the DNA double helix breaks, the broken end goes searching for the similar sequence and uses that as a template for repair. Using a smart new dual-molecule technique, the Delft group has now found out how the DNA molecule is able to perform this search and recognition process in such an efficient way. This week the researchers report their findings in Molecular Cell journal.

Knowledge Festival

thesis of the week

Theses, love them or hate them, they’re an inescapable fact of international MSc student life. This week’s featured thesis battles pirates on the high seas.

Nereda technology

in moving the project along through his nascent consulting firm, Eureco. The piracy issue may not seem like a natural topic for industrial ecologists, who are usually known for analyzing the energy/material flows of industrial processes and proposing sustainability improvements. However, as Hoffman’s thesis proposal explains, ships are responsible for a significant percentage of global carbon emissions, and responses to maritime piracy can include rerouting ships to spend several weeks on alternative courses. “Human and environmental costs are a big part of the story,” says Hoffman, who completed the first year of the Industrial Ecology programme and then took a “year off” to get an MBA. The issue of piracy is complex, requiring the weighing of economic, environmental and social aspects. This type of “triple bottom line” is familiar to industrial ecologists, as is the willingness to tackle complex problems, which increasingly draws industrial ecologists to agent-based modeling as a methodology. (BC)

Got a brilliant idea? Now you just need the finance. Who wouldn’t like to be the next Mark Zuckerberg? One brilliant idea and a few years later you’re a billionaire. Well if only it was that simple. Capital is often a barrier to success. This is why the Knowledge Alliance organizes the annual Knowledge Festival aimed at new start-ups and entrepreneurs, with workshops on funds, risk capital, funding and finance. The ninth Knowledge Festival will be held on June 13 at the Lijm & Cultuur on the Rotterdamseweg in Delft. www.kennisfestival.com

Student Elections The influence of international students will become a bit clearer in the coming year if it is up to Lijst Beta, a TU Delft student political party, which is currently engaged in setting up an ambassador network of internationals students that should provide the party with issues of concern to TU Delft’s international student community. This was stated in the Lijst Beta election manifesto. On May 23-24, student council elections will be held, and all TU Delft students can vote for either Lijst Beta or Oras, which is currently the largest party in the Student Council. Lijst Beta has an international student candidate on its list. A few years ago Oras also had an international student as a party member and now also has an international student on its candidate list. According to ORAS’s party leader, Anna van der Togt, it remains difficult to find people who want to devote a full year to serving on the Student Council. Her party now has close relations with the Delft International Student Society.

Rotterdam’s Ecomarathon The Shell Ecomarathon is an energy efficiency competition for schools and universities. This year’s event will be held from May 16-9 May in Rotterdam. And TU Delft’s Ecorunner Dream Team will take part again. Shell is also organizing a festival for the entire family revolving around the Ecomarathon. Some 200 teams from more than 25 countries will compete for the prizes in this year’s European event. Teams come from universities and colleges, secondary schools and technical institutes. Their mission: to devise, build and test ultra-energyefficient vehicles. The winners are the teams who travel the longest distance using the smallest amount of energy. This is the first time in 28 years that the competition has been held in the Netherlands, and the first time that the vehicles will travel on the public roads around the Ahoy centre. www.ecorunner.nl

(Photo: Tomas van Dijk)


DELTA. 14 10-05-2012

lifestyle

08

Een doolhof van toiletten Een wolkenkrabber van gestapelde toiletten of een chaotische sloppenwijk die alleen maar uit kleinste kamertjes bestaat. Die opzienbarende werken maakt kunstenaar Jeroen van Bergen. Robert Visscher Op het eerste gezicht lijkt het alsof iemand met blokken heeft gespeeld in creatief laboratorium 38cc. De huizen, wolkenkrabbers en sloppenwijken bestaan allemaal uit dezelfde, witte bouwstenen. Steeds zijn ze anders gestapeld, waardoor de gebouwen op elkaar lijken. Maar doordat dezelfde vorm zo anders wordt toegepast ziet iedere stapeling er ook weer volstrekt anders uit. De gebouwen zijn gemaakt door Jeroen van Bergen. Het is geen toeval dat hij juist gebouwen maakt. De kunstenaar studeerde bouwkunde en kwam op het idee van modulair bouwen tijdens een stage. “Er wordt bij architectenbureaus veel gesproken over de minimale maten van ruimtes. Dat bleef hangen.” De ruimte van het toilet liet hem niet meer los. “Het is de kleinst leefbare ruimte binnen een gebouw. Voor mij is het de menselijke maat.” Niet lang daarna begon hij het toilet te gebrui-

ken als bouwsteen. Tien jaar lang bouwt hij modulair met het kleinste kamertje. Het resultaat is indrukwekkend. Vooral sloppenwijk ‘Barrio de Chablas’ is prachtig. Met zijn toiletten stapelde Van Bergen huizen van verschillende grootte en plaatste ze ogenschijnlijk lukraak door elkaar heen. Tussen de ranke gebouwen lopen kleine en grotere straten met af en toe een plein. Een doolhof van toiletten. Tijdens het maken van de sloppenwijk ging Van Bergen voor het eerst op een andere manier aan het werk. “Eerder maakte ik altijd een ontwerp en schetste ik van tevoren. Bij de sloppenwijk niet. Ik heb gewoon een gebouw geplaatst en een ander

‘Voor mij is het de menselijke maat’ er naast gezet. In vijf maanden tijd groeide zo het werk.” Veel rustiger ziet het kunstwerk ‘Het Dorp’ er uit. Langs een straat staan huizen netjes geordend in een lange rij aan beide kanten van de weg. Het contrast met de sloppenwijk is groot. Van Bergen, die in Maastricht woont, liet zich bij dit kunstwerk inspireren door de lintbebouwing langs rijkswegen in België. Het lijkt bijna een maquette waarvan er al ontelbaar veel werden gemaakt bij faculteiten Bouwkunde. Maar Van Bergen maakt de gebouwen net wat

Detail van het werk ‘Barrio de Chablas’. (Foto: Jeroen van Bergen)

anders. Ze hebben een lange uitbouw naar de achterkant. Aan de voorkant bestaan de huizen uit een paar verdiepingen en daarachter plaatst hij dezelfde modules in de lengte als een soort staart. Van Bergen: “Iedere gevel staat voor diverse deuropeningen. Het is een samenstelling van verschillende gebouwen en daarom heb ik ze uitsteeksels gegeven. Op die manier laat ik zien dat er meerdere mensen wonen. De massa van het dorp krijgt zo vorm.” Grote inspiratiebron van de kunstenaar is onder meer het Duitse Rügen. Daar bouwden de nazi’s vakantiewoningen, die nooit helemaal voltooid werden, met imposant lange gangen. “Je mag niet overal komen, maar de deur naar het verboden gedeelte stond op een kier. Daarachter kon ik door lange gangen dwalen. Dan ervaar je de ruimte pas echt goed.” Het repeterende en uniforme in de architectuur fascineerde hem ook in de Stalinbau. Dat zijn imposante gebouwen die door de Sovjets in OostDuitsland werden neergezet. “Neem de Karl-Marxallee in Berlijn. Kilometerslang zie je daar dezelfde gebouwen. Het is machtsvertoon door het volume van de gebouwen, waardoor het uitstraalt dat iedereen gelijk is en hetzelfde denkbeeld moet hebben. Er gaat onmenselijkheid vanuit. Dat fascineert me. Maar hoe ik dat precies in mijn werk ga gebruiken weet ik nog niet.” Van Bergen is er benieuwd naar hoe TU-studenten en –medewerkers naar zijn werk kijken. “Er is duidelijk een verwantschap met de faculteit Bouwkunde, vanwege mijn achtergrond. Meestal vinden architecten het interessant dat ik de vrijheid heb om te maken wat ik wil. Ik leg mezelf weliswaar de beperking van de toiletruimte als bouwsteen op. Maar ik heb geen opdrachtgever en ben vrijer in het maken van een beeld.”

De tentoonstelling is tot en met 3 juni te zien in 38cc, Hooikade 13, Delft.

time out

Oorverdovende kunst Met herrie heeft het niet per se veel te maken. Het Rotterdamse festival DEAF 2012 draait vooral om elektronische kunst in de ruimste zin van het woord. Dutch Electronic Art Festival, heet het eigenlijk voluit. Dat schotelt je in vier dagen (of zelfs negentien, als je het Amsterdamse programma en de exposities meetelt) meer dan 45 programmaonderdelen voor, met meer dan zeventig sprekers en kunstenaars en meer dan twintig kunstinstallaties – op meer dan zeven locaties in Rotterdam. De bouwput van Rotterdam CS bijvoorbeeld, waar een Citroën DS drie keer per dag transformeert tot een twintig meter hoge totempaal, en het monumentale voormalige postkantoor aan de Coolsingel, dat dient als expositieruimte. Er viel dan ook wel wat in te halen, want sinds de vorige editie hebben we vier jaar op het festival moeten wachten. Dit jaar slaat het dus meteen maar de handen ineen met TodaysArt, Rewire, V2 - en Worm voor een uitgebreid clubprogramma. DEAF opent op 16 mei met een liveshow van de Canadese Egyptrixx. Verder verzorgen Coco Bryce,

Ruwedata en Tomlaan ‘ritmische structuren’ beats en bassen, dus. Het programma gaat vervolgens nog drie dagen door met op geluid pulserende led-installaties, ‘pieppiepknor’ en ambient. én gelukkig wat meer mainstream muziek, zoals die van Lower Dens. Ook leuk: Crew zet met ‘Terra Nova’ een wat ze noemt ‘immersieve theaterervaring’ neer, die het publiek twee keer per dag onderdompelt in het landschap van de Noordpool. DEAF zou niet TU-waardig zijn als er niet ook een wetenschappelijk tintje aan zat, en daarom mag je de Evening of Symbiotica aan de Gouvernestraat echt niet missen. Het is misschien wel de enige plek waar uit artistiek oogpunt vlees wordt gekweekt in een lab – en met een beetje geluk (of is het pech?) zelfs wordt geserveerd. Tijdens de slotavond op zaterdag 19 mei viert V2 meteen zijn dertigjarig bestaan, met ‘gewoon’ een lekkere lading clubacts en performances. Wat je noemt een divers feestje. Wie durft? (JH)

DEAF2012: The Power of Things, van woensdag 16 tot en met zaterdag 19 mei op diverse locaties in Rotterdam. Tegelijk is er een Amsterdams programma, én een expositiegedeelte dat langer doorloopt. www.deaf.nl

sport

Team Gatti en De Gruiter in actie op de eerste speelavond van de beachvolleycompetitie. (Foto: Sam Rentmeester)

Voorzitter Jeroen de Geus van Punch kijkt tevreden terug op de eerste speelavond van de beachvolleycompetitie. Een nieuw fenomeen dat de studentenvolleybalclub organiseert, samen met de burgerverenigingen Kratos’08 en Delta. “We kregen veel goede reacties, het was lekker druk en er werd fanatiek gespeeld”, vatte de preses zijn enthousiasme samen. De Geus is vooral verheugd over de hoge opkomst van de kant van beide burgerverenigingen naar het evenement dat wekelijks op donderdagavond wordt gehouden in de zandbak op het TU-sportcentrum. Door het grote aantal inschrijvingen van 65 teams komen de deelnemende ploegen elk om de twee weken aan de beurt. De competitie duurt tot en met augustus. Nadat de zaterdagvoetballers van Ariston’80 eerder al met 10-1 korte metten maakten met hekkensluiter Marine, werd het doelsaldo afgelopen weekend verder opgeschroefd door een 9-1 zege op de nummer voorlaatst, VUC. De studenten verzekerden zich daarmee van een ticket voor de play-offs. Het is de zoveelste keer dat de vierdeklasser via de nacompetitie een theoretische kans maakt op promotie. Het hoogste damesteam van Ariston’80 miste ook al enkele malen de promotie naar de derde klasse op een haar na, maar lijkt nu een uitstekende kans te maken. Koploper KMD verloor zaterdag van Siveo’60 en is inmiddels uitgespeeld. Bij winst op Honselersdijk aanstaande zaterdag zijn de Ariston-vrouwen kampioen. De vrouwenhockeyploeg van DSHC lijkt promotie evenmin meer te kunnen ontgaan. Het team staat stevig op de tweede plaats die daar recht toe geeft. Maar de tweedeklasser vlast ook nog op het afdelingskampioenschap. Dan moest zondag op eigen veld wel gewonnen worden van koploper De Pelikaan uit Roosendaal. Een tegentreffer vlak voor rust werd binnen twintig seconden goedgemaakt door een velddoelpunt van Dorien Vogelsang. Na de pauze bleef de strijd der giganten gelijk opgaan. DSHC benutte geen der verkregen strafcorners, tot drie minuten voor tijd Bente de Lat alsnog toesloeg: 2-1. Het verschil met De Pelikaan werd daarmee teruggebracht tot twee punten. Er liggen nog vier speelronden in het verschiet. De heren van DSHC, zondag wel met 5-4 de baas over Alphen, zijn inmiddels te ver afgezakt om nog in aanmerking te komen voor de twee topposities. Ook voor de zaalvoetballers van FC Tutor is het spel over en uit. De tweede plaats in de hoofdklasse was een knappe prestatie, maar vrijdag werd in Schiedam de beslissende promotiewedstrijd tegen OACN Boys met 4-3 verloren. (JT) Tips? Jimmy.tigges@hetnet.nl

Stephan


DELTA. 14 10-05-2012

lifestyle

09

Zomerfestival wordt openbaar Meer podia, meer evenementen en met zesduizend kaarten toegang voor iedereen: het Zomerfestival van de TU is dit jaar groter dan ooit.

Lekker sociaal We zijn allemaal dier- en milieuvriendelijk en vergeten nooit een verjaardag. Eh, dankzij deze apps dan.

Jorinde Hanse Wat Pinkpop kan, kan de TU ook. Gooide het festival vorige week geleden nog plotseling tweeduizend extra kaarten in de verkoop, ook de TU pakt het Zomerfestival grootser aan dan ooit. Reden is het 170-jarige bestaan van de universiteit. In het kader daarvan konden ‘early birds’ de afgelopen weken al 170 toegangskaarten kopen tegen een flinke korting, maar die zijn ondertussen allemaal uitverkocht. Nu de ‘gewone Delftenaar’ nog naar het festival zien te trekken. Daarvoor is de organisatie nog druk aan het flyeren, want dat ook publiek van buiten de TU welkom is op het festival, is nieuw. Niet dat dat een probleem zal zijn, want de programmering laat zoals we gewend zijn van het Zomerfestival niets te wensen over. Op maar liefst vier binnen- en buitenpodia zijn optredens te zien van onder anderen Blaudzun, Kensington (lekker!), Ray en Anita (2 Unlimited), Di-rect, Case Mayfield, Mr. Polska, Postmen, Gers Pardoel en de Delftse band I Am The Law. Ook de winnaar van de dj-contest die het Zomerfestival op 4 mei hield in Ciccionina treedt op: Authentic Recipe. Zoals elk festival dat zichzelf een beetje serieus neemt is er natuurlijk ook van alles te beleven op het gebied van kunst, theater en, uiteraard, wetenschap. In het ‘Llowlab’, ook een vast onderdeel op het Lowlands Fes-

Volle bak bij Sport&Cultuur op 1 juni: voor het eerst zijn ook mensen van buiten de TU welkom op het Zomerfestival. Daar treedt onder anderen Blauzun op. (Foto: Blauzun)

tival, laten onderzoekers van de TU de laatste ontwikkelingen zien op het gebied van wetenschap, technologie en duurzaamheid. Zelfs aan de kinderen – en nu dus ook niet alleen die van TU-medewerkers - is gedacht, met een waterkermis (inclusief zeepbaan, bub-

Wachten is nog nooit zo moeilijk geweest belbad en reuzenrad); geheel in het teken van het lustrumthema water. Skip je lunch, want op het terrein zijn maaltijden uit alle windstreken verkrijgbaar, van vitamineshakes tot een vette bek. Net als shirtjes met de zwarte festivalpoppetjes erop trouwens, want het Zomerfestival heeft dit jaar zelfs zijn eigen merchandise. Niet alleen een mooi collectors item voor later, maar ook wel zo handig in het

geval de regen net als vorig jaar weer met bakken naar beneden komt. Wachten is bijna nog nooit zo moeilijk geweest. Maar hoera: op donderdag 10 mei vinden her en der op de campus al ludieke minifestivalletjes plaats om vast lekker in de sfeer te komen. Overal springen de zwarte mascottes van het festival rond en op de pleinen van de faculteiten kun je kaarten kopen. Maar wie slim is pakt het anders aan: zet één van de festivalmaskers op die in de kantines liggen, maak een hysterische foto van jezelf, plaats hem op Twitter of Facebook en win gratis kaarten! Wel zo’n fijne meevaller voor wie zijn festivalgeluk in de voorgaande dagen – soms letterlijk - al beproefde op Pinkpop. Aan de andere kant: na zo’n festival is €12,50 voor een line-up als die van het Zomerfestival natuurlijk een lachertje, en je staat er nog met al je vrienden ook. Die neem je na afloop in plaats van naar je tentje in de drek, gewoon wandelend mee naar huis. Mooier kan het leven van een Delftse student niet worden.

Zomerfestival, op vrijdag 1 juni bij Sport&Cultuur. Kaarten zijn te koop via www.zomerfestival.tudelft.nl en www. facebook.zomerfestivaldelft.nl. Voorverkoop € 12,50, aan de deur € 17,50. Kinderen tot 12 jaar gratis.

familiezaken

apps

Weer de verjaardag van je huisgenoot vergeten. Een zelfgeknutselde bon voor een avondje kroeg kan echt niet meer, wat nu? De oplossing is nog nooit zo simpel geweest: geef een Wrapp! Ho wacht, niet meteen je winkeltocht cancelen; de app gaat binnenkort pas live. Wel kun je hem al downloaden. Het principe: hij koppelt zich aan Facebook, en geeft je een overzicht van vrienden die binnenkort jarig zijn. Vervolgens kies je een cadeau uit één van de aangesloten winkels (in Amerika zijn dat onder vele andere Sephora, H&M en Gap), drukt op ‘wrapp’ en het enige wat de jarige hoeft te doen is hem

Wrapp Leuk ***** Handig ***** Bediening nog niet beschikbaar Prijs gratis Platform:iPhone, Android, iPod Touch, Tablet en iPad Ontwikkelaar: Bohemian Wrappsody

downloaden om te innen. Een kind kan de was doen! Tikkeltje onpersoonlijk, maar laten we vooral niet hypocriet doen. Je geeft misschien geen met moeite gekocht, mooi ingepakt cadeautje, maar hoe lang is het geleden dat je je vriend belde in plaats van whats’app’te? Tijden veranderen, hoe we in het leven staan ook. Gelukkig maar, want als het om het milieu gaat zijn we er juist een stuk socialer op geworden. Daar springt de app Superwijzer, gelanceerd door Varkens in Nood, handig op in. Door een product in de supermarkt simpelweg met je telefoon te scannen, zie je meteen hoe verantwoord je vlees, eieren, zuivel en kaas tot stand zijn gekomen. De producten worden beoordeeld op dierwelzijn, volksgezondheid, klimaatverandering en natuur en milieu. Hoe dik of versuikerd je er zelf van raakt staat er dan nét weer niet bij, want ja, dáár heeft dat varken geen last van. (JH)

Superwijzer Leuk ***** Handig ***** Bediening ***** Prijs gratis Platform: iPhone, Android, iPod Touch, Tablet en iPad Ontwikkelaar: Stichting Varkens in Nood

Naam: Sjaak Lispet (62) Functie: Beheerstechnicus bij TNW-BT op Julianalaan 67 Familierelatie: Man van Tonnie, broer van Jos en oom van Sonja. “Ik werd in 1966 aangenomen, maar dat ging ineens niet door. Tonnie werkte bij een prof in de huishouding en liet dat uit haar mond vallen. Toen werd ik gebeld en kon ik toch beginnen. Dat was in 1967. Familie op de TU is gezellig, maar Jos is hier gewoon een collega. We drinken niet samen koffie omdat we familie zijn. De meesten werken hier al langer. Het is een goede groep. Net familie. Met Tonnie is het aparter. Ik zeg wel: zij is thuis de baas, hier ben ik de baas. We hebben hier trouwens nog meer familie: twee neven van Tonnies kant en een zwager van Sonja. Twee zwagers hebben hier gewerkt.”

Naam: Sonja Heijink-Lispet (38) Functie: Onderwijsroosteraar bij de faculteit TBM Familierelatie: Volle nicht van Sjaak en Jos Lispet; Tonnie Lispet is een aangetrouwde tante. “Ik kwam in 1992 bij de TU via mijn man, toen nog mijn vriendje. Hij wist dat er bij Bouwkunde een vacature was op het secretariaat. Het leek me leuk. Een grote organisatie, dicht bij huis, een begrip in Delft en er werkte familie. Dan klinkt het vertrouwd. In 2001 ging ik naar TBM. Ik heb via mijn zus ook nog een zwager op de TU. Mijn familie kom ik hier nooit tegen, maar toch merk je er soms wat van. Toen ik hier net werkte en nog Lispet heette, hoorde ik vaak: waar ben jij er eentje van? Ik zou het leuk vinden als hier nog meer familie kwam. Het is een grote familie met veel neefjes en nichtjes, dus wie weet.”

Naam: Jos Lispet (52) Functie: Arbo- en milieucoördinator op TNW-BT en de campus Familierelatie: Broer van Sjaak, zwager van Tonnie en oom van Sonja. “Ik solliciteerde voor jongste bediende bij L&R. Het was meteen raak. Mijn vader zei: “Doen. Het Rijk. Dan zit je goed.” Sjaak speelde daarbij geen rol. Wel bij mijn komst naar TNW als amanuensis. Ze kenden Sjaak al. Met Sonja heb ik hier weinig te maken, maar dat zegt niets over de band. Het is een toffe meid en mijn kinderen passen op haar kinderen. Tonnie zie ik regelmatig als ik een introductie voor nieuwkomers houd en zij de catering doet. Sjaak is een ander verhaal. We werken al 35 jaar samen, met veel raakvlakken; dan moet je een goede relatie hebben. Hij is broer en collega, maar ik heb hetzelfde gevoel bij de andere collega’s. De cultuur in dit gebouw is heel sociaal.”

Naam: Tonnie Lispet-Hunnego (63) Functie: Catering voor de advanced courses TNW Familierelatie: Vrouw van Sjaak, schoonzus van Jos en tante van Sonja. “Ik zorg nu zeven jaar voor de catering van de studenten. Sjaak deed dat eerst, maar zijn werk bleef liggen. Hij moest maar iemand zoeken. Zo rolde ik er in. Het is ongeveer vijf keer per jaar een of twee weken. Al die familie hier vind ik gezellig. Twee gepensioneerde broers van Sjaak en Jos wippen soms aan voor een bakkie. Sonja zie ik nooit op de TU, Sjaak en Jos vaak. We werken in hetzelfde gebouw. Als er wat is, ga je het eerst naar hen. Familie staat altijd klaar, al is dat meer het idee. De andere collega’s zijn ook goed en lief. Ze zeggen tegen ons wel: kan er nog meer bij? Maar ik heb geen idee of dat gebeurt.” Jos, Sonja, Sjaak en Tonnie Lispet. (Foto: Hans Stakelbeek)


DELTA. 14 10-05-2012

reportage

10

‘Don’t shoot the messenger’ In vrijwel alle analyses over het dalende vertrouwen van burgers in de wetenschap nemen de media een belangrijke plaats in. Ze zouden mensen tot expert bestempelen die dat niet zijn, te weinig geïnteresseerd zijn in feiten en te veel in meningen. Ze zijn doorgeschoten in het journalistieke principe van hoor en wederhoor. En dat terwijl er wordt bezuinigd op wetenschapsredacteuren. Niet alle journalisten blijken gevoelig voor deze kritiek. SASKIA BONGER ‘Vleeseters zijn egoïstischer en minder sociaal’. Het persbericht dat de Radboud Universiteit Nijmegen op 25 augustus 2011 laat uitgaan, liegt er niet om. Vlees haalt volgens het bericht het slechtste in de mens naar boven, denken aan vlees maakt mensen ‘hufteriger’. Diezelfde dag nog staat het nieuws van het onderzoek van de hoogleraren Diederik Stapel, Marcel Zeelenberg en Roos Vonk op de sites van onder meer De Telegraaf, nu.nl en de Volkskrant. Twee weken later komt naar buiten dat Stapel de data voor dit onderzoek en eerdere onderzoeken heeft verzonnen. Niet alleen doet deze ‘verbijsterende fraude’, zoals de commissie-Levelt het in oktober 2011 na onderzoek noemt, de universitaire wereld op zijn grondvesten trillen; ook in de journalistiek zijn er mensen die vinden dat journalisten Stapels onderzoek zorgvuldiger tegen het licht hadden moeten houden. Misschien niet om te ontdekken dat de data nep waren, wel om te constateren dat de conclusies van de drie hoogleraren veel stelliger waren dan de zogenaamde data rechtvaardigden, zoals NRC Handelsblad later suggereert. Maarten Keulemans, wetenschapsredacteur van de Volkskrant, herinnert zich nog goed hoe op 25 augustus een collega van de algemene nieuwsredactie aan zijn bureau kwam met het persbericht van de Radboud Universiteit. “Ik vroeg meteen in welk tijdschrift het gepubliceerd was, maar er was geen wetenschappelijke publicatie. Ik had er een slecht gevoel over. Roos Vonk heeft ons daarop nog wat data gestuurd, maar we hebben besloten het uit de krant te houden.” Geen canard, dus, voor de Volkskrant, althans voor de papieren versie. Op internet verscheen wel een kort berichtje met vrijwel dezelfde kop als het persbericht. Want ondanks dat Keulemans constateert dat wetenschapsnieuws niet alleen op de weten-

schapspagina’s staat, maar ook het ‘gewone nieuws’ doordrenkt, hebben grote kranten gescheiden redacties. “Wij zitten als wetenschapsredactie sinds een jaar op de newsroom, maar de internetredactie opereert los van de krant. Zij moeten snelheid maken, want dat is nu eenmaal het handelsmerk van internet, maar daardoor gaan ze soms het schip in. Het gevolg is dat onze columnist Hans van Maanen in zijn rubriek ‘Twijfel’ helaas regelmatig nieuwsberichten van onze eigen website kan fileren.” Keulemans heeft geregeld discussies over onderwerpen die de nieuwsredactie wil brengen. “Een hele hoop krantenredacties zien wetenschapsnieuws als amusement, als een leuk berichtje op pagina twee. Maar nieuwsredacties zijn vaak blind voor de vraag of beweringen echt kloppen of nieuw zijn. Wij zijn de waakhond.” Ook al kan de wetenschapsredactie nooit alles weten, de redacteuren beschikken volgens Keulemans over ‘ontzettend veel basiskennis’. “Wij lezen altijd de wetenschappelijke

’Wij zijn er juist om mensen de onzin te onthouden en de zin te brengen’ publicatie zelf en schrijven geen persberichten over. Maar als je een serieus wetenschappelijk artikel leest, ziet een onderzoek er al vrij snel goed uit. We hebben altijd de hulp nodig van iemand die ervoor heeft doorgeleerd, iemand anders uit het vakgebied. Bij ons is dat regel en daarmee zijn we in de journalistiek in de minderheid. Ik ken eigenlijk geen andere redacties die dat als stelregel hebben. We proberen deze werkwijze ook naar de nieuwsredactie uit te stralen.” Binnenkort wil Keulemans bij de internetredactie op bezoek om het onderwerp aan te snijden. Wat hij ze dan vertelt? Dat ze moeten opletten waar

een persbericht vandaan komt, dat ze moeten checken of een blad als New Scientist al eens over het betreffende onderwerp heeft geschreven en dat ze bij twijfel de wetenschapsredactie moeten bellen. Volgens Keulemans moeten journalisten ‘nooit zwichten voor de druk om lollig te doen of er een slag naar te slaan’. Toch ziet hij het geregeld mis gaan, in het NOS Journaal bijvoorbeeld. “In een persbericht stond dat er in Driebergen een milieuvriendelijk café was geopend, waar de draaideur genoeg stroom opwekte voor het zetten van de koffie. De NOS had dat bericht klakkeloos overgenomen, maar het slaat nergens op. Kennelijk was er niemand op de redactie die even had uitgerekend dat je minstens drieduizend rondjes moet draaien om genoeg stroom op te wekken voor één kopje koffie. Ik vind het heel erg zorgwekkend dat dit soort dingen misgaan. De NOS profileert zich als serieuze journalistiek, maar laat zich meeslepen door de persberichten van bedrijven die hun eigen belangen nastreven.”

Overschrijven

Het NOS Journaal vangt als hoge boom wel meer wind. Elmar Veerman is eindredacteur van de nieuwspagina Noorderlicht op website Wetenschap 24 van de NTR, de VPRO, Kennislink en Science Center Nemo. Volgens hem zit er ‘ontzettend veel onzin’ in het NOS Journaal. “Dan sturen ze een verslaggever naar Cern in Zwitserland die dan zegt dat er met de deeltjesversneller licht geworpen kan worden op het ontstaan van de mens. Een beetje onderlegde wetenschapsredacteur had dat nooit beweerd.” Volgens Veerman komen er bij gebrek aan een wetenschapsredactie niet alleen fouten de wereld in, een algemeen nieuwsprogramma als het Journaal mist ook eigen voelsprieten, vindt hij. Veermans kritiek is breder dan alleen de NOS. Volgens hem hebben journalisten een groot probleem. “Vroeger, vóór de tijd van internet, waren er

“Een site als scientias.nl schrijft klakkeloos persberichten over. Het ergste is: het publiek vindt het niet erg, zelfs niet als berichten daardoor niet helemaal waar zijn.” (Screenshot: www.scientias.nl)

veel journalisten nodig om nieuws te maken. Elkaar snel kopiëren en plakken, over grenzen heen, was er niet bij. Dat was niet fantastisch, maar er waren wel veel journalisten en ze werkten onafhankelijk van elkaar. Nu drinkt iedereen uit dezelfde bron.” Een website als nu.nl heeft inmiddels wetenschapsredacteuren, maar begon er volgens Veerman mee om de BBC en New Scientist te ‘parasiteren’. “Een site als scientias.nl doet dat ook en schrijft bovendien klakkeloos

’Natuurlijk maken we wel eens fouten, maar toch denk ik: daarvoor heb ik geen wetenschapsredacteur nodig’ persberichten over. Het ergste is: het publiek vindt het niet erg, zelfs niet als berichten daardoor niet helemaal waar zijn.” Net als Keulemans concludeert Veerman dat wetenschap door veel media wordt gezien als entertainment. “Het zijn vaak korte snips: koffie is goed voor dit, koffie is slecht voor dat. Het wemelt van dat soort berichten. Ze spreken elkaar tegen en dan denken mensen op een gegeven moment: het zal allemaal wel.” Hoewel Veerman kritiek heeft op de werkwijze van veel media, erkent hij dat amusement ook op zijn website belangrijk is. “Maar wij hebben niet zomaar lollige stukjes. We werken met wetenschapsredacteuren en dat is onontbeerlijk. En dan nog: een socioloog kan niet zomaar over natuurkunde schrijven. Er is op zijn minst begrip nodig voor de wetenschappelijke methode.”

Weg kwijt

Vlees zou het slechtste in de mens naar boven halen, volgens een onderzoek dat later verzonnen bleek te zijn. (Foto: Shutterstock)

Tijdsdruk en geldgebrek leiden volgens Veerman bij veel media tot het overschrijven van persberichten. “En die persberichten zitten steeds beter in elkaar. Je kunt ze zo overnemen, met de prachtige plaatjes erbij. Er gaat steeds meer geld naar communicatie. Dat dreigt te ontsporen in Horizon 2020 (het nieuwe Europese financieringsprogramma voor wetenschappelijk onderzoek dat per 2014

van start gaat, red.). Alle projecten krijgen in dat programma speciaal geld voor wetenschapscommunicatie. Maar daarmee kun je niet de journalistiek vervangen.” Veerman ergert zich aan de ‘blinde’ hoor en wederhoor van veel media. “Oorspronkelijk betekende hoor en wederhoor dat je jezelf mocht verdedigen tegen beschuldigingen. Dat is wat anders dan mening A tegenover mening B tegenover zetten. Dat is des te erger, omdat er soms gewoon feiten zijn die waar zijn en beweringen die dat niet zijn. In Amerika is dat heel erg. Daar is de journalistiek echt de weg kwijt. Journalisten daar vinden het niet hun taak om te vertellen hoe het echt zit. Terwijl ik denk: wij zijn er juist om mensen de onzin te onthouden en de zin te brengen.” Hoewel Veerman zelf werkt voor een website, ziet hij internet als de belangrijkste oorzaak voor de huidige situatie. “Internet heeft grote delen van de journalistiek weggevaagd, want er is nauwelijks meer geld aan te verdienen. Het hebben van een krantenabonnement is een soort idealisme geworden. Misschien moeten we wel zeggen: journalistiek is zo belangrijk, we moeten er belastinggeld in stoppen.” Daarvoor gaat Veerman met de European Union of Science Journalists’ Associations, waarvan hij bestuurslid is, pleiten bij de Europese Unie. “Ik zal de topambtenaar die zich hiermee bezighoudt zeggen dat nog meer geld in persberichten stoppen niet de oplossing is als je het publiek wilt bedienen. Persberichten zijn er namens de zender, journalisten zijn er namens de lezer.” Marcel Gelauff, hoofdredacteur van NOS Nieuws, is niet erg onder de indruk van de kritiek van wetenschapsredacteuren op zijn medium. Hij denkt net als zijn voorganger Hans Laroes dat hij geen speciale wetenschapsredacteuren nodig heeft. “We hebben wel specialisten op bepaalde thema’s als gezondheidszorg, maar wij halen journalisten in huis, geen wetenschappers.” Gelauff denkt dat zijn journalistieke denken botst met dat van de wetenschappelijke krantenbijlages. “Wij hebben een miljoenenpubliek, dat we proberen te laten zien wat er in de samenleving speelt.”


DELTA. 14 10-05-2012

reportage

Een persbericht meldde dat er in Driebergen een milieuvriendelijk café was geopend, waar de draaideur genoeg stroom opwekte voor het zetten van de koffie. De NOS had dat bericht klakkeloos overgenomen. “Kennelijk had niemand op de redactie even uitgerekend dat je minstens drieduizend rondjes moet draaien om genoeg stroom op te wekken voor één kopje koffie.” (Foto: Boon Edam)

Het verwijt dat hij niet verder gaat dan het laten horen van verschillende meningen vindt hij onzinnig. “Wij doen geen simpel feitenonderzoek. Ik vind dat een onzinbenadering. Het is ook onze taak om criticasters te laten horen. Ik wil niet dat mijn collega’s het werk van wetenschappers overdoen. Daar is geen tijd voor. We hebben een permanente deadline. Natuurlijk moeten ze een bepaald onderzoek wel in de context plaatsen. En natuurlijk maken we wel eens fouten, maar toch denk ik: daarvoor heb ik geen wetenschapsredacteur nodig. Dat hoort gewoon bij gedegen journalistiek handwerk.” Maar wat als in de berichtgeving over bijvoorbeeld het vaccin tegen baarmoederhalskanker twee verschillende grootheden tegenover elkaar komen te staan: de mening van een bloemiste met een populaire blog tegen het vaccin, tegenover het onderbouwde

onderzoek van de wetenschap? Gelauff: “Don’t shoot the messenger. Het is onze verantwoordelijkheid om te laten zien wat het maatschappelijk effect is van onderzoek. Dat is onze

‘Wij hebben een miljoenenpubliek, dat we proberen te laten zien wat er in de samenleving speelt’ taak als generalistisch medium. Maar we zeggen er ook bij wat wetenschappers vinden. En het is niet zo dat wetenschappers dé waarheid vertellen. De wetenschap staat niet stil. Wat vroeger voor waar werd aangenomen, wordt inmiddels weer ondergraven. Absolute waarheden bestaan niet.” Weegt wat een deskundige zegt dan

even zwaar als wat de man op straat te zeggen heeft? “Dat is een onzinvraag. Ze komen allebei aan het woord. Ik heb geen opvoedkundige taak. Ik kan niks met de suggestie dat wij de waarheid kunnen vaststellen of het volk kunnen opvoeden. Als is geconcludeerd dat de Q-koorts ongevaarlijk is voor de mens, moet ik dan vervolgens het massale protest tegen de aanpak ervan negeren? Dat doe ik niet. Als de kijker na het zien van zo’n item in verwarring is, dan is dat zo.”

Dit is het derde deel van een korte serie over vertrouwen in de wetenschap.

Leveson Inquiry Nadat in juli vorig jaar bekend werd dat de Britse krant News of the World niet alleen telefoons van beroemdheden had afgeluisterd, maar ook die van gewone mensen als het vermoorde meisje Milly Dowler en nabestaanden van omgekomen Engelse soldaten, brak er een storm van kritiek los op deze journalistieke praktijken. Premier David Cameron voelde zich genoodzaakt een commissie in te stellen om de cultuur, de werkwijze en de ethiek van de Britse pers te onderzoeken. Voorzitter van deze commissie werd Lord Justice Leveson, vandaar de naam Leveson Inquiry. Deel van het onderzoek is de relatie van de pers met het publiek, in de breedste zin van het woord. Op 24 januari trad Fiona Fox op als getuige. Fox is directeur van het Science Media Centre, dat is verbonden aan de Royal Institution of Great Britain. Ondanks haar opmerkelijke loopbaan is zij iemand met veel aanzien in de wereld van de wetenschapscommunicatie en –journalistiek. Zij deed Leveson een aantal aanbevelingen voor het verbeteren van de wetenschapsjournalistiek: • Kranten moeten aangemoedigd worden om wetenschapsredacteuren in dienst te nemen. Alle verhalen

over wetenschap moeten door hen gecheckt worden. Zij moeten het eens zijn met koppen boven verhalen over gezondheidsonderwerpen. • Alle journalistiekstudenten moeten les krijgen in de basics van de wetenschap. • Kranten moeten grove fouten die ze maken net zo prominent rechtzetten als het aanvankelijke verhaal. • Er moeten richtlijnen komen voor de wetenschapsjournalistiek, opgesteld door wetenschapsjournalisten en vooral gebruikt door nieuwsredacteuren en algemene verslaggevers. Daarbij denkt Fox aan: • In het artikel moet de omvang van het onderzoek worden weergegeven. De journalist moet het erbij vertellen als de omvang te klein is voor algemene conclusies. • Een verhoogd risico moet zowel in percentages als in absolute getallen worden weergegeven. • Vermeld het tijdpad waarbinnen het (medische) onderzoek zich kan vertalen in behandeling of genezing. • Leg uit om wat voor soort onderzoek het gaat en of er meer onderzoek is op dit gebied.

11

Feiten checken

Veel Amerikaanse media hebben of hadden hele afdelingen die niets anders doen dan feiten checken. In Nederland is het doen van feitenonderzoek voor media minder vanzelfsprekend, al heeft NRC Next tegenwoordig de blog www.nextcheckt.nl en de Volkskrant de column ‘Twijfel’ van Hans van Maanen. In 2008 begon de Fontys Hogeschool Tilburg het weblog http://fhjfactcheck.wordpress.com, waarop hun studenten publiceren over rammelende berichten in de media. De opleiding journalistiek en nieuwe media van de Universiteit Leiden nam dat idee een jaar later over. Docent Peter Burger begeleidt het Leidse blog www.nieuwscheckers. nl. Daarop publiceren studenten die het vak wetenschapsjournalistiek (binnen de minor journalistiek en nieuwe media) en het mastervak journalistiek bronnengebruik volgen hun bevindingen. Volgens Burger leren studenten ‘ontzettend veel’ van het kritisch kijken naar nieuwsberichten. “Het is een heel goede en moeilijke oefening. Je hebt er specialistische kennis voor nodig om de juiste kritische vragen te stellen aan autoriteiten als journalisten van bekende media en wetenschappers.” Burger is naar eigen zeggen ‘gematigd optimistisch’ over de kans dat zijn studenten in de toekomst zullen blijven factchecken. “Wij hebben vrij veel aandacht voor cijfers in het nieuws. Mijn collega Willem Koetsenruiter heeft daar een veel gebruikt boek over geschreven. Na de opleiding zijn onze studenten in staat persberichten kritisch te beoordelen en de juiste standaardvragen te stellen als: wie heeft het onderzoek gedaan en met welke belangen en mag ik het onderzoek inzien?” Op die laatste vraag horen de studenten regelmatig ‘nee’, vertelt Burger. Een interessante casus is volgens hem het speciale lichtsysteem dat Philips samen met de Universiteit Twente had ontwikkeld. “Daarover verscheen in oktober 2010 een juichend persbericht, dat klakkeloos door het NOS Journaal is overgenomen. Het onderzoek zelf was nog niet in te zien. Dat is een bekende pr-truc: eerst het persbericht, pas later – als niemand nog geïnteresseerd is – het onderzoek zelf. Ik leer mijn studenten dat ze uit principe niet over onderzoek mogen schrijven dat ze niet kunnen inzien.” Burger weet echter ook dat de journalistieke praktijk niet ideaal is. “De vaardigheden van een individuele journalist zijn vaak ondergeschikt aan de cultuur op de redactie. Daar moeten in steeds minder tijd steeds meer artikelen geschreven worden.” De Leidse factcheckers hebben inmiddels zo’n honderd artikelen nageplozen. Vaak zaten er fouten in, ‘ook omdat we alleen artikelen nemen waarvan we dat al vermoeden’. Na het onderzoek moeten de studenten de betreffende journalist bellen. “De reactie is vaak: ‘wat maakt het uit, het is toch een leuk onderwerp?’ Of: ‘wie zijn wij om de persberichten van instituten en universiteiten te betwijfelen?’ Ik denk dat het goed is als iedere redactie tenminste één wetenschapsredacteur heeft die als een factchecker artikelen controleert.”

www.nextcheckt.nl fhjfactcheck.wordpress.com www.nieuwscheckers.nl


DELTA. 14 10-05-2012

loopbaan

12


DELTA. 14 10-05-2012

loopbaan

13

Reis door het openbaar vervoer Hij verhelpt knelpunten op het Haagse station Hollands Spoor en zit met chauffeurs in tram en bus voor de ideale dienstregeling. Verkeerskundige Niels van Oort plant en geeft advies over het openbaar vervoer. MARTINE ZEIJLSTRA Vanuit zijn kantoor kijkt Niels van Oort (33) uit op een van de drukste stations van Nederland: Den Haag Hollands Spoor. Treinen rijden af en aan in het karakteristieke station met grote ramen. Als verkeerskundige analyseert hij verkeersdata om openbaar vervoer zo goed mogelijk te laten verlopen en knelpunten te verhelpen. Bijvoorbeeld op het spoor of op de tramlijn. Een andere tramwissel op een eindpunt of station zorgt al voor een paar minuten tijdswinst, weet Van Oort. “Een minuut tijdwinst lijkt weinig, maar in het openbaar vervoer betekent het heel veel”, zegt hij. “Als een trambestuurder zestig minuten over een rit doet in plaats van 62 minuten, hoef je geen extra tram met bestuurder in te zetten. Want dan kan de bestuurder meteen door met de volgende rit. En dat scheelt veel geld.” De verkeerskundige pluist zorgvuldig routes na en rijdt met bestuurders mee tijdens hun werk. Als hij in een andere stad is voor een ov-advies, huurt hij vaak een ov-fiets om de route te fietsen. “Je komt er pas achter hoe de situatie is als je zelf poolshoogte neemt”, zegt hij. “Onderweg zie je waar trams en bussen langs rijden. Ik zie bijvoorbeeld of de tram half leeg is, waar veel mensen instappen en of er hoge flats dichtbij haltes staan, of juist niet.” Flats zorgen voor veel gebruik van het openbaar vervoer, weet Van Oort uit data. “Dat check je niet gemakkelijk met Google Maps. Pas als ik langs de haltes fiets, weet ik of ze goed bereikbaar zijn.”

Pech

Van Oort raakte al op jonge leeftijd geënthousiasmeerd door het openbaar vervoer. Veel kleine kinderen zijn gefascineerd door treinen en willen op het station kijken naar de voorbijflitsende gele voertuigen. Hij had de ‘pech’ op te groeien in het Brabantse Uden, waar geen treinstation was. “Er kwamen alleen bussen in het dorp”, zegt de verkeerskundige. “Als ik met mijn ouders op vakantie was, wilde ik altijd naar het station. Ik werd boos als het niet kon.” Zijn fascinatie voor het openbaar vervoer verdween niet toen hij ouder werd. “Op de basisschool wilde ik machinist of conducteur worden.” Later werd dat: ov-planner. “Ik wist daardoor al heel jong dat ik verkeerskunde aan de TU Delft wilde studeren.” Hij worstelde zich door civiele techniek-vakken als beton- en staalleer heen voordat hij zich kon specialiseren. “Ik had natuurlijk het liefste vijf jaar verkeerskunde gedaan”, zegt hij. Na zijn studie ging hij als ontwikkelaar aan de slag bij de Haagse openbaar vervoersorganisatie HTM. Er was een grote kloof tussen het kantoor, waar de planningen voor alle bussen en trams worden gemaakt, en de chauffeurs die de bussen en trams besturen, merkte Van Oort. “De chauffeurs mopperden op het kantoor omdat ze de dienstregeling te krap vonden, terwijl de planners het eerder te ruim vonden.” Daarom besloot hij mee te rijden met de chauffeurs. “Zij zijn immers de ogen van het bedrijf en pas als je meerijdt, weet je wat ze meemaken en waar ze vertraging oplopen.” De chauffeurs waardeerden dat hij meereed. “Ze hadden op die manier invloed op de planning en dat vonden ze prettig.” Bij station Hollands Spoor liepen veel trams vertragingen op. “Daar

Naam: Niels van Oort (33) Woonplaats: Leidschendam Verliefd/verloofd/getrouwd: Samenwonend Studie: Civiele techniek Afstudeerrichting: Verkeerskunde Afstudeerjaar: 2003 Loopbaan: In 2003 begon Niels van Oort als trainee bij de Haagse openbaar vervoersorganisatie HTM, in 2005 werd hij daar adviseur vervoersontwikkeling. In 2010 werd hij senior adviseur OV bij Goudappel Coffeng. Daar werkt hij nu nog steeds. Van 2006 tot 2011 deed hij zijn promotieonderzoek bij de TU Delft naar betrouwbaarheid en ontwerp van het openbaar vervoer. (Foto’s: Sam Rentmeester)

heb ik de wissels iets anders laten leggen, waardoor het geheel veel beter doorliep.” Op de Randstad Rail wisten bestuurders vaak niet hoe lang hun rit precies duurde. Daarom bedacht hij een systeem dat aangeeft of de tram op tijd rijdt of vertraging heeft. Toch waren de bestuurders niet blij met het bedachte systeem. Want als ze te laat waren, kregen ze een rood signaal in hun cabine. “Daardoor voelden ze zich opgejaagd. Het was slechts bedoeld als hulpmiddel omdat ze daarvoor totaal geen idee van de haltetijden hadden en ze steeds op hun horloges keken of ze op tijd reden.” De oplossing was simpel. Het rode signaal werd vervangen door een geel signaal en de paniek van de bestuurders verdween.

Als Van Oort op vakantie is, probeert hij altijd te ontdekken hoe de metro, tram, bus en treinnetwerken in elkaar zitten. “Om te zien wat we daar in Nederland van kunnen leren.” (Foto: Shutterstock)

De verkeerskundige geeft bij zijn nieuwe baan bij Goudappel Coffeng (adviesbureau voor ruimte en mobiliteit), ook adviezen over het openbaar vervoer van de toekomst. “Nu stoppen sommige bussen nog om de paar meter”, zegt Van Oort. In de toekomst komen er minder haltes, waardoor bussen en trams sneller doorrijden. Om bij een halte te komen, moet je verder lopen of fietsen. Haltes komen bij plekken waar veel mensen wonen of werken, zoals een grote flat. “Als je de halte verder weg plaatst van plekken waar veel mensen wonen, pakken al die mensen de auto”, zegt Van Oort. Minder haltes en snellere reizen zijn prettig voor forenzen, maar niet iedereen zal blij zijn met de ov-voorspellingen van de verkeerskundige. Wie slecht ter been is, moet ook verder lopen naar de dichtstbijzijnde halte. “Die groep moet je wel een vangnet bieden”, vindt Van Oort. “Een taxisysteem dat deze mensen voor de deur afhaalt, is misschien goedkoper dan ieder half uur een lege bus laten rijden.” Hoe goed dat vangnet wordt, hangt vooral af van hoeveel geld politieke partijen hiervoor over hebben. “Niet iedere partij vindt dat het openbaar vervoer een recht is voor iedereen.” Van Oort zegt er niet over te oordelen, maar alleen de mogelijkheden voor openbaar vervoer weer te geven. “En dat is al lastig genoeg”, zegt hij. “We kunnen wel een inschatting maken op basis van alle beschikbare data en door ervaringen uit het verleden, maar ook wij kunnen niet in een grote glazen bol kijken. Je kunt een aanslag als 9/11 met alle effecten op het vliegverkeer niet zien aankomen en de eurocrisis evenmin. RandstadRail loopt bijvoorbeeld veel beter dan we hadden voorspeld. Er maken veel mensen gebruik van.”

Verkeersdata

Van Oort promoveerde aan de TU Delft op betrouwbaarheid en bereikbaarheid van openbaar vervoer. Hij zegt te hopen dat hij in de toekomst theorie en praktijk van de verkeerskunde kan blijven combineren. “Er is een grote kloof tussen theorie en praktijk”, zegt hij. “Wetenschappers werken vanuit hun ivoren toren aan totaal ontoepasbare inzichten en mensen uit de praktijk weten niet wat ze met alle verkeersdata aan moeten. Er zijn hele bibliotheken volgeschreven over verkeersproblemen, maar daar moet je wel iets mee doen.” De theorie zou beter moeten aansluiten op de praktijk. Een goed voorbeeld daarvan is MIT in Boston, vindt Van Oort. Daar zit het crème de la crème van de verkeerskunde. “Maar de bustijden van en naar MIT zijn compleet waardeloos. Daar schaamden de wetenschappers zich erg voor.” Het kan ook beter, zoals de treindiensten van Zwitserland- ‘heel pünktlich’ en in Japan, ‘de droom van iedere verkeerskundige’, waar vertragingen vrijwel nooit voorkomen. De passie van Van Oort is nog lang niet gedoofd. Op vakantie in andere landen probeert hij te ontdekken hoe de metro, tram, bus en treinnetwerken in elkaar zitten. “Om te zien wat we daar in Nederland van kunnen leren. Ik vind het leuker om met treinpersoneel te praten dan in een cocon op mijn hotelkamer te zitten. Meestal weet ik mijn familie wel te overtuigen van een stationsbezoek. Maar we zitten heus niet de hele dag in de metro, want daarmee gaan ze niet akkoord.”


DELTA. 14 10-05-2012

mededelingen

Agenda

TUdelta.14

Vrijdag 11 mei

> Jaargang 44

Wetenschapsagenda • 10.00 uur - Sustainability and Efficiency Improvements of Gas-Cooled High Temperature Reactors. Promotie van A. Marmier, Diplom-Ingenieur. Promotor: prof.dr.ir. T.H.J.J. van der Hagen. • 12.30 uur - Design of Low Drag Bluff Road Vehicles. Promotie van ir. G.M.R. van Raemdonck. Promotor: prof. dr.ir. M.J.L. van Tooren.

Delta is het informatie- en opinieblad van de TU Delft, verzorgd door een journalistiek onafhankelijke redactie.

> Redactie Frank Nuijens - @FrankNu, (hoofdredacteur) Katja Wijnands - @kwijnands, Dorine van Gorp - @dorinevangorp, (eindredactie) Saskia Bonger - @sbonger Tomas van Dijk - @tomasvd Connie van Uffelen - @ConnievanU Jos Wassink - @joswashere (verslaggeving)

Zondag 13 mei

> Medewerkers Tina Amirtha, Bennett Cohen, Kees Custers, Willemijn Dicke, Jessica van den Doel, Patrick van der Duin, Chandra Elango, Robbert Fokkink, Jorinde Hanse, Dap Hartmann, Auke Herrema, Desiree Hoving, Erik Huisman, Devin Malone, David McMullin, Olga Motsyk, Gunjan Singh, Ionica Smeets, Jimmy Tigges, Stephan Timmers, Ellen Touw, Maurits van der Ven, Vikrant Venkataraman, Robert Visscher, Daan Vos, Rutger Woolthuis, Martine Zeijlstra

International Student Church 11.30 hrs - Students of all denominations are invited to our ecumenical
service every Sunday at Raamstraat 78, followed by tea/coffee. The services are led by the chaplains Reverend W. Stroh and Father Avin, and are supported by student leaders. More information on www.iscnetherlands.nl.

> Foto‘s Sam Rentmeester (sam@samfoto.nl) Hans Stakelbeek (info@stakelbeek.com)

Symposium ‘Synthetic iology’ Studievereniging Life organiseert het symposium ‘Synthetic Biology – Redefining Life’ in Theater de Veste. Zie voor meer informatie www.lifesciencesymposium.nl.

Maandag 14 mei

> Vormgeving & Lay-Out Liesbeth van Dam

Gezelschap Leeghwater 15.45-18.00 uur – Erik Oostwegel, CEO van Royal Haskoning, geeft een lezing. Kortgeleden kwam het bedrijf in het nieuws door de aangekondigde fusie met DHV. Na afloop is er een borrel met de heer Oostwegel. Schrijf je in op www.leeghwater.nl of ga langs op het Leeghwaterkantoor.

> Mededelingen

Martin Kers (m.kers@tudelft.nl)

> Redactieraad dr. B.B. Scholtens (voorzitter), G.K. Berghuijs, MSc, mr.drs. S.J. Hessing, prof.dr. M.J. van den Hoven, mr. J.J.M. Kok, R.H.G. Meijer, T. Niks, ir. M. Persson, prof. dr. B.J. Thijsse, dr.ir. C.A.J.R. Vermeeren > Redactie-adressen

Maandag 21 mei

Universiteitsbibliotheek Kamer 0.18-0.28 Prometheusplein 1 2628 ZC Delft Postbus 139 2600 AC Delft Tel. 015-278 4848 E-mail: delta@tudelft.nl www.delta.tudelft.nl

Wetenschapsagenda • 10.00 uur - Marine Controlled-source Electromagnetic Interferometry. Promotie van J.W. Hunziker, Diplom Naturwissenschafter. Promotoren: prof.dr.ir. C.P.A. Wapenaar en prof.dr.ir. E.C. Slob. • 12.30 uur - 3D SOI MEMS

> ISSN 0169-698x > Druk

Aankondigingen Architectures: Techhnology, Devices and Packaging. Promotie van V. Rajaraman, MSc. Promotoren: prof.dr.ir. R. Dekker en prof.dr. K.A.A. Makinwa. • 15.00 uur - Computational Car Interiors. Experiments as a basis for car interior design contributing to the driver’s and passengers’ pleasure. Promotie van ir. I. Kamp. Promotor: prof.dr. P. Vink.

May 2012

> Advertenties

Wetenschapsagenda • 10.00 uur - Thermal and dielectric properties of Nano composites including material processing. Promotie van R. Kochetov, MEng. Promotor: prof.dr. J.J. Smit. • 12.30 uur - Beyond a stationary hydrology: the resilience approach to the adaptation of flooding systems to climate change. Promotie van ir. B. Gersonius. Promotoren: prof.dr.ir. C. Zevenbergen en prof.dr. R.M. Ashley. • 15.00 uur - Blijvend aantrekkelijk. Tuinwijken van de jaren ‘30. Promotie van ir. J.H. Kingma, MSc. Promotoren: prof.dr.ir. V.J. Meyer en prof.dr. P. Schnabel.

Woensdag 23 mei Summercue Op 23 mei wordt ‘Summercue 2012: IOlympic’ georganiseerd door Studievereniging i.d. Teams wil compete in IOlympic rugbeer, slalom and other sports. The events ends with a barbecue and a party. Registers with your team at the i.d-counter. The fee is 9 euro for i.d-members and 10 euro for non i.d-members. www. id.tudelft.nl

Woensdag 30 mei Kivi Niria Students Delft CEO-series 17.45–19.45 uur - In this fourth lecture in the CEO-series of KIVI NIRIA Students Delft, Karl-Ulrich Köhler, CEO of Tata Steel, will talk about his work

and

> Abonnement

10 24

May Social Media Café

16

May TU Human Library

22

May Meet the rector

31

May Twitter workshop *)

Een abonnement kost 37,50 en kan elk moment ingaan.

> HOP Delta werkt samen met het Hoger Onderwijs Persbureau Hein Cuppen, Bas Belleman, Marijke de Vries Tel. 071-523 6151 Fax 071-523 2138 E-mail hop@xs4all.nl > Copyright Delta

Auteursrecht voorbehouden. Het s_2x70_zw-w 14-05-2004

es bel

is verboden zonder schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur artikelen, schema‘s of illustraties geheel of gedeeltelijk over te nemen en/of openbaar te maken, in enigermet: lei vorm of wijze.

*) These activities are in Dutch only

Events TU Delft Library

H&J uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJssel Tel. 010-451 55 10 Fax 010-451 53 80 E-mail:delta@henjuitgevers.nl www.linkmagazine.nl

Come and discuss, put your questions or listen to the experiences of TU Delft’s social media gurus over a cup of coffee or tea. for staff & students

Inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek 'Agenda' in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@tudelft. nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur. Alle promoties, intree- en afscheidsredes genoemd in deze agenda vinden, tenzij anders vermeld, plaats in de Aula van de TU, Mekelweg 5, Delft.

Eurekaprijs voor wetenschapscommunicatie 2012 De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) nodigen u uit om wetenschappers en journalisten te nomineren voor de Eurekaprijs voor wetenschapscommunicatie 2012. Nomineren is mogelijk tot 1 juni via www. knaw.nl/eurekaprijs. Student and Career Support Student and Career Support is een onderdeel van de dienst Onderwijs en Studentenzaken. Het omvat de diensten van de studentendecanen, de studentenpsychologen, en het Career Centre met studiekeuzeadviseurs en loopbaanadviseurs en het informatiecentrum. Het informatiecentrum in de hal op de begane grond is geopend op werkdagen van 9.00–17.00 uur. Er is documentatie beschikbaar over onder andere WO- en HBOopleidingen, arbeidsmarkt, studie- en beroepskeuze, buitenlandse studies, en promoveren. Ook is er een vacaturewand. Bij de balie of telefonisch kun

je afspraken maken met een van de medewerkers. Voor de psychologen geldt dat je je als student of promovendus online kunt aanmelden op studentenpsychologen.tudelft.nl. Een eerste contact kan ook via het inloopspreekuur op dinsdagen van 11.30-12.30. De studentendecanen houden een inloopspreekuur op dinsdag van 11.30-12.30 uur, de loopbaanadviseurs en de studiekeuzeadviseur houden een inloopspreekuur op dinsdag en donderdag van 11.30-12.30 uur. Zie voor het aanbod aan workshops en trainingen van Student & Career Support zie smartstudie.tudelft.nl. Bezoekadres: Jaffalaan 9a (gebouw 30A); tel. 015-2788004. E-mail: studentandcareersupport@tudelft.nl; careercentre@ tudelft.nl; jn studiekeuze@ tudelft.nl. Website: www.studentandcareersupport.tudelft. nl; careercentre.tudelft.nl.

Online huurprijs check Is jouw huurprijs redelijk? Check www.huurcommissie. nl voor meer informatie en om helderheid te krijgen over huren en geschillen tussen huurder en verhuurder.

International Office Het International Office, Jaffalaan 9a, is op werkdagen geopend van 9.00-17.00 uur. Je kunt ook vragen stellen via internationaloffice@tudelft.nl of telefonisch (015-2788012) een afspraak maken. Studium Generale Studium Generale (SG) is geopend van maandag t/m donderdag van 9.00-17.00 uur. SG is gevestigd in de TU Delft Library, Prometheusplein 1, Delft. Je kunt vragen stellen via studiumgenerale@tudelft. nl of telefonisch een afspraak maken via 015-2783258.

Delta Inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek 'Agenda' in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@tudelft. nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur.

w w w. z o m e r fe st i va l . t u d e l f t . n l

Wednesday 23 May 2012 12:30 – 13:30 hrs TU Delft Library, Orange room

Innovating university life through Open Data Tom Verhoeff

Powered by

Join the rector in a debate on current affairs from the newspapers or weekly magazines at the student house Jacoba van Beierenlaan 27. for students Free Twitter workshop where you can learn in 90 minutes how Twitter works and what you can do with it. for staff

14:02 www.library.tudelft.nl/agenda Pagina 1

s

10 80 tgevers.nl

Delta

Algemeen

PhD students -together with Rector Karel Luybenwill listen and talk to two exceptional people, or rather ‘Living Books’. Afterwards there will be drinks. for PhD students

Voor advertenties bel met:

IJsel

as CEO of Tata Steel. This presentation will be in English. Participation in this lecture and drinks afterwards is free of charge after mandatory registration via www.kns-delft. nl. Location: | TU Delft, faculty Technology Policy and Management, lecture room A.

Dinsdag 22 mei

Wegener Nieuwsdruk Twente, Enschede

> Oplage 12.000

14

H & J Uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJssel

T (010) 451 55 10 F (010) 451 53 80 E delta@henjuitgevers.nl

Neem contact op met Hennie de Ruyter of Mireille van Ginkel voor nadere informatie.

Free lunch!

registration required (www.facebook.com/TEDxDelft or TEDxDelftSalon@TEDxDelft.nl)


DELTA. 14 10-05-2012

mededelingen/opinie

Announcements Students MSc-specializations at TPM Starting in 2012-2013 the third semester of the TPM MSc’s will mainly consist of (domain) specializations and electives. These specializations are open to all TUD students. Each specialization consists of 15 ECTS; the topics are: • Innovation Management & Entrepreneurship (+ annotation) • ICT Management and Design • Infrastructure and Environmental Governance (+ annotation) • Economics and Finance • Modelling, Simulation and Gaming • Research Specialization • Safety and Security • Supply Chain Management For more information please go to the student portal on the TPM website, choose one of the MSc programs and then go to ‘Specializations 20112012’. Interested? Non-TPM students can send an e-mail to e.l.wardenaar@tudelft.nl for information and enrolment. Student and Career Support The psychologists and the central student and careers counsellors are located at Jaffalaan 9A (building 30A). Office hours: Monday-Friday from 9.00-17.00 hrs. You can direct your inquiries or make an appointment at the Front Office or by phone: 0152788004. Students and PhD candidates can make an initial appointment with one of the psychologists at studentenpsychologen.tudelft.nl or by sending an email to studentenpsy-

chologen@tudelft.nl. You can also come by at the open office hour every Tuesday at 11.3012.30 hrs. Open office hours of the student counsellors are on Tuesdays from 11.30-12.30 hrs and the career counsellors are on Tuesdays and Thursdays from 11.30-12.30 hrs. More information on www.studentandcareersupport.tudelft.nl or careercentre.tudelft.nl. For a list of workshops and trainings offered by Student & Career Support please visit smartstudie.tudelft.nl.

International Office The International Office, Jaffalaan 9a/visitor’s entrance at Mekelweg, office opening times Monday to Friday 9.00–17.00 hrs. Appointments and enquiries can be made by email: internationaloffice@tudelft.nl or by phone: 015-2788012. Int. Student Chaplaincy Looking for a home away from home, trying to make new friends, interested in intercultural and interfaith activities, needing some inner peace, searching for more than academic challenges? Check the website of the International Student Chaplaincy, www. iscnetherlands.nl, to learn about their wide range offer. Studium Generale Studium Generale (SG) is open from Monday-Thursday, 9.00-17.00 hrs. SG is located at the TU Delft Library, Prometheusplein 1, Delft. For questions send an e-mail to studiumgenerale@tudelft.nl or call 015-2783258 to make an appointment.

15

In het kielzog van een toparchitect Francine Houben liet zich voor ‘Dutch Mountains’ uitgebreid interviewen door de bevriende journalist Jan Tromp. In hun gesprekken houden ze zich verre van alles wat zweemt naar jargon of opzichtig vertoon van eruditie. Dit boek trekt geen rookgordijnen op rond de architectuur. Het mikt op een breder publiek. JOOST PANHUYSEN Ergens in het interview wijst Tromp op het talent van Houben om complexe zaken bedrieglijk simpel te formuleren. Daar komt nog bij dat uit de mond van Houben een uitspraak als ‘Schoonheid is mijn leidraad’ eerder eerlijk dan aanstellerig klinkt. Houben is bepaald niet wars van ratio, maar houdt er niet van alles kapot te analyseren. ‘Dutch Mountains’ is in de allereerste plaats beeld. Harry Cock, onder meer bekend van zijn werk voor de Volkskrant, sleurt je het boek in met acht fotoreportages die een even grote belangstelling voor mensen als voor gebouwen verraden. Hij volgde Houben op haar reizen naar Mecanoo-projecten in Zuid-Korea, Taiwan, Spanje en Groot-Brittannië. De afwisseling van mensen en gebouwen geeft de fotoreportages hun levendige ritme. Je krijgt niet alleen te zien hoe in een Zuid-Koreaans berglandschap een golfclubhuis met drie bijbehorende theehuizen een schijnbaar vanzelfsprekende aanwezigheid gaat vormen, Cock legt ook de opwinding en de energie vast: bouw-

How do you make a lithography system that goes to the limit of what is physically possible? At ASML we bring together the most creative minds in science and technology to develop lithography machines that are key to producing cheaper, faster, more energy-efficient microchips. Our machines need to image billions of structures in a few seconds with an accuracy of a few silicon atoms. So if you’re a team player who enjoys the company of brilliant minds, who is passionate about solving complex technological problems, you’ll find working at ASML a highly rewarding experience. Per employee we’re Europe’s largest private investor in R&D, giving you the freedom to experiment and a culture that will let you get things done. Join ASML’s expanding multidisciplinary teams and help us to continue pushing the boundaries of what’s possible.

www.asml.com/careers

vakkers aan het werk, Houben in druk overleg, Houben die haar hotelkamer tijdelijk tot digitaal hoofdkantoor heeft gebombardeerd. En of Houben nu de nieuwe bibliotheek van Birmingham bezoekt of het imposante WeiWu-Ying Center for the Arts in de Taiwanese havenstad Kaohsiung, Cock stort zich graag in het stadsgewoel. Houben zelf maakt zich een stad bij voorkeur eigen door die dagenlang intensief te voet te doorkruisen, gewapend met haar ‘schetsboek’: een camera met groothoeklens. Internationale projecten worden in het boek afgewisseld met Nederlandse successen, zoals Montevideo, de woontoren aan de Rotter-

Is dit nu een boek dat een weifelende 17-jarige zal overhalen om zich voor een studie bouwkunde aan te melden? damse Wilhelminapier, en het Bijlmerpark. Zo ontdek je al bladerend wat ook in het interview naar voren komt: Houben legt zich niet graag vast op één stijl. Ze verdiept zich intensief in de omgeving, juist omdat ze gebouwen wil ontwerpen die een omgeving boven zichzelf uittillen. Is dit nu een boek dat een weifelende 17-jarige zal overhalen om zich voor een studie bouwkunde aan te melden? Houben noch Tromp valt te verwijten dat ze een te rooskleurig beeld van de architectuurwereld geven. Houben vertelt over een competitie voor het Rotterdamse stadskantoor, die in haar ogen oneerlijk verliep, en hekelt de toparchitecten die zich aanmeldden voor een megalomaan Gazprom-

bouwproject in Sint Petersburg. Ze benadrukt dat ze zelf haar principes niet verloochend heeft. Het zou prachtig zijn als ze ooit in Azië de kwalitatief hoogstaande sociale woningbouw zou kunnen realiseren waarmee Mecanoo destijds in Nederland doorbrak.

Smaakt dit naar meer? Het besproken boek is binnenkort te vinden op de leestafel in de TU Library.

Jan Tromp (tekst) en Harry Cock (fotografie), ‘Dutch Mountains. Francine Houben / Mecanoo Architecten’, Uitgeverij De Kunst, 352p., €29,95


DELTA. 14 10-05-2012

lifestyle

heimwee

16

De bachelor In ‘De bachelor’ besteedt Delta vanaf nu wekelijks aandacht aan een inspirerend bachelor-eindproject op de TU.

Gespannen zonnecellen We moeten groen, duurzaam, ecologisch – maar de eerste de beste zonnecel die je op je dak plaatst, gaat binnen zes jaar stuk. Gelukkig helpen vier TU-studenten het milieu een handje met hun bachelor-eindproject bij 3mE.

de Huisjongste Eind vorig jaar is Jerry Okpanachi (31) afgestudeerd bij scheikunde. Op dit moment volgt de Nigeriaan twee middagen in de week een cursus Nederlands bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management. De rest van de week is hij werkzaam als process engineer bij KCI in Schiedam. De drinkbekers die voor hem op tafel staan, zijn gemaakt van bamboe. In Nigeria wordt er palmwijn uit gedronken. Hij drinkt het liever uit deze bekers dan uit een glas, omdat de ‘bambucups’ dichter bij de natuur staan. In Delftse winkels heeft Okpanachi helaas nog nooit palmwijn aangetroffen. (Foto: Hans Stakelbeek)

In de rubriek Heimwee portretteert fotograaf Hans Stakelbeek buitenlandse studenten met een object dat hen herinnert aan hun thuisland. Meedoen? Mail naar delta@tudelft.nl

sex and the student city

Grey area in dating There exists this weird moment that will occur every time you are dating a girl for some time. It is the moment where it feels too early to make a commitment, while at the same time it feels wrong to flirt with other girls. One thing you know for sure, you do not want your girl to be making out with any other dudes. Assume you managed to hook up with a girl, which I admit can be rather difficult when there are very few around. But with the advice provided by friends and a push in the right direction, every guy should be able to hook up with a girl that lives up to his standards. So if you have set your fears aside and asked a girl out, or just got lucky and got approached by one, you are ready to start dating. The first couple of dates are usually a piece of cake. There are enough things to talk about, everything is new and exciting, but even more important there are no feelings involved yet. This phase lasts for a handful of dates after which things start to get more serious. It is the moment you need to have ‘the talk’: either both of you make a commitment and start a relationship of some sort, or

you do not and things end right there. However, around the time ‘the talk’ is likely to place, a guy usually faces a lot of other challenges. For instance, what do you when during a random night out, another hot girl starts hitting on you? Most guys cannot resist the temptation and bite, often resulting in the end of their potential relationship. Arguing that you thought it was ok as you did not have ‘the talk’ yet, is often very ineffective at those moments. Another dilemma that is part of the grey area is what to do when you meet a nice girl when you are about to leave for a four month internship abroad? It can be an ugly surprise when you come home ready to pick things up where you left them and it turns out meanwhile she has been sleeping around with half of Delft. Question remains what to do when you hit this grey area in dating? The only thing I can think of is getting out of there ASAP: either confess your feelings to the girl or tell her she is not the right thing and look for a new one.

Wie anno 2012 niet tenminste één apparaat of woning laat draaien op zonneenergie, kan zich niet meer vertonen. Je mobieltje met zonnecellader, de lantaren in de tuin, of misschien zelfs panelen op je dak; eigenlijk ontkom je er niet meer aan. Al zou je soms wel willen, want de meest gebruikte zonnecellen zijn weliswaar betaalbaar, maar brengen binnen een paar jaar al minder tot geen energie meer op. En niemand weet hoe dat komt. Toen was daar het bachelor-eindproject van 3mE-studenten Floris Achterberg (23), Robert ten Broek (25), Floris Brands (24) en Joost Geraedts (28). De opdracht: ‘Solar panels forever’. Tja, dat kun je ruim invullen. Achterberg: “Wij besloten te kijken naar dunne-film-zonnecellen. Die zijn flexibel, goedkoop en breed toepasbaar. Ze hebben alleen één probleem: ze moeten lang meegaan om financieel rendabel te zijn, maar in de praktijk gaan ze vaak binnen zes jaar al kapot. Niemand weet waardoor dat komt.” Wat men wel weet, is dat de binding tussen de laagjes waaruit die zonnecel bestaat kapot gaat. “Misschien komt er teveel spanning op, dachten wij, want die dingen worden vaak gemonteerd in aluminium frames. Dat zou een elektrisch spanningveld kunnen veroorzaken.” Het was een wilde gok, dus fundamenteel onderzoek was gewenst. De vier studenten besloten zonnecellen te simuleren die zes jaar buiten zijn gebruikt – op het dak van een woning bijvoorbeeld. “Het zou namelijk zomaar kunnen dat in die zes jaar een chemische reactie plaatsvindt, waardoor de cel opeens uit heel andere stoffen bestaat. Dat konden we met behulp van röntgendiffractie bekijken.” Ze bouwden hun eigen meetopstelling. “Lastig, want hij moest temperaturen weerstaan tussen de 185 en 400 graden, en hij mocht geen spanning geleiden”, vertelt Achterberg. Daarin ontdekten ze iets opmerkelijks: dunne-film-zonnecellen dragen al spanning bij zich zodra ze in de fabriek van de band rollen, waarschijnlijk doordat ze bij hoge temperatuur gefabriceerd worden. Tel daarbij op dat de ene laag bij warmte meer uitzet dan de andere, en je hebt dé ingrediënten voor de gevreesde ‘delaminatie’, waarbij de lagen loslaten. “Dat was nooit eerder aangetoond”, zegt Achterberg trots. Niet dat het ze een vermelding in Science oplevert, daarvoor was het onderzoek niet volledig genoeg. “Maar het is goed voor de duurzaamheid van de zonnecel”, aldus de student. “Nu we weten waardóór hij kapot gaat, kunnen we hem verbeteren.” (JH)

Dunne-film-zonnecellen blijken al spanning bij zich te dragen zodra ze van de band rollen, ontdekte 3mE-student Floris Achterberg met drie studiegenoten. (Foto: Sam Rentmeester) Onderzoek: ‘Mechanische spanningen in dunne-film-zonnecellen bij degradatie’ Eindcijfer: 7

kriep


Delta TU Delft