Issuu on Google+

DELTA. 09 11-03-2010

weekblad van de technische universiteit Delft

>03 RAS-maanden

>07 Spring

>08 Aardreiziger

>12 Masterkeuze

De studentenraad is het niet eens met een bezuiniging van tien procent op RAS-maanden en vraagt het college van bestuur dit voorgenomen besluit in te trekken.

A spring-powered artificial foot will halve the extra energy amputees need for walking with prostheses. The device was developed by dr. Steven Collins, currently a TU postdoc in the BioRobotics Laboratory.

Vroeger kon de kleine Salle niet kiezen tussen talen of ontdekkingsreizen. Nu schrijft emeritus hoogleraar Salomon Kroonenberg bestsellers over wat hij zag en dacht. Op 19 maart neemt hij afscheid van de TU. “Politici vinden nu allemaal dat de CO2-uitstoot verminderd moet worden om het klimaat te redden. Maar eigenlijk is er nog niets aan de hand.”

Van de technische universiteiten springt Eindhoven er met haar masteropleidingen net wat beter uit dan Delft en Twente. Dat schrijft de Keuzegids Masters 2010.

01

>19 English Best Delft For TU Delft students interested in sharing a common social and academic platform with students from other parts of Europe, the Board of European Students of Technology (Best) has recently arrived in Delft. The organisation places a premium on bringing together students, universities and companies from across Europe.

TUDELTA.09

Maandagmiddag bracht een groep meisjes met interesse in een studie luchtvaarttechniek een bezoek aan Rotterdam Airport. De rondleiding naar faculteitsvliegtuig ‘de Cessna Citation’ (het vliegende leslokaal) ging helaas

niet door, zodat de meiden in de bus moesten blijven. De excursie was onderdeel van een TU-voorlichtingsdag speciaal voor vrouwen en meisjes tijdens Internationale Vrouwendag. (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)


DELTA. 09 11-03-2010

02

nieuwsinterview

‘Dat gaat meer meiden trekken’ TUdelta.09 > Jaargang 42 Delta is het informatie- en opinieblad van de TU Delft, verzorgd door een journalistiek onafhankelijke redactie.

> Redactie Frank Nuijens, (hoofdredacteur), Katja Wijnands, Dorine van Gorp, (eindredactie), Saskia Bonger, Tomas van Dijk, Erik Huisman, Connie van Uffelen, Jos Wassink (verslaggeving). > Medewerkers Willemijn Dicke, Robbert Fokkink, Jorinde Hanse, Dap Hartmann, Auke Herrema, Richard van 't Hof, Christian Jongeneel, Ivo Knubben, David McMullin, Anna Noyons, Edgar van Os, Daan Schuurbiers, Jimmy Tigges, Stephan Timmers, Ellen Touw, Robert Visscher, Martine Zeijlstra. > Foto‘s Sam Rentmeester/ Hans Stakelbeek (FMAX).(info@fmax.nl) > Vormgeving Kummer & Herrman, Utrecht > Lay-Out

Liesbeth van Dam

> Mededelingen Martin Kers (m.kers@tudelft.nl) > Redactieraad

Ir. S. Rozendaal (voorzitter), prof.dr Jeroen van den Hoven, prof.dr.ir. F.W. Jansen, J. Op Den Kelder, mr. J.J. M.Kok, R.H.G. Meijer, T. Niks, prof.dr.B.J. Thijsse, ir. M. Persson, dr.ir. C. Vermeeren

> Redactie-adressen Universiteitsbibliotheek Kamer 0.18-0.28 Prometheusplein 1 2628 ZC Delft Postbus 139 2600 AC Delft Tel. 015-278 4848 E-mail: delta@tudelft.nl www.delta.tudelft.nl > ISSN 0169-698x > Druk Wegener Nieuwsdruk Twente, Enschede > Oplage 12.000 > Advertenties H&J uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJssel Tel. 010-451 55 10 Fax 010-451 53 80 E-mail:delta@henjuitgevers.nl www.linkmagazine.nl > Abonnement Een abonnement kost 37,50 en kan elk moment ingaan. > HOP Delta werkt samen met het Hoger Onderwijs Persbureau Hein Cuppen, Bas Belleman, Thijs den Otter Tel. 071-523 6151 Fax 071-523 2138 E-mail hop@xs4all.nl > Copyright Delta Auteursrecht voorbehouden. Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur artikelen, schema‘s of illustraties geheel of gedeeltelijk over te nemen en/of openbaar te maken, in enigerlei vorm of wijze.

De masterstudie nanoscience verdwijnt per 1 september 2011. Prof.dr. Rob Mudde, onderwijsdirecteur bij Technische Natuurwetenschappen (TNW), legt uit waarom.

Komt er iets nieuws voor in de plaats? “De mensen van bionanoscience zijn hard bezig hun afdeling op te zetten en er een nieuwe onderwijspoot aan te plakken. Dat ondersteun ik van harte.”

xJos Wassink Heeft het besluit van het college van bestuur u verrast? “Nee, want dat hebben we zelf aangevraagd.” Waarom was dat? “Je mikt bij een masteropleiding op een instroom van twintig studenten per jaar of meer. Het kost nogal wat mensen tijd. Als er zo weinig studenten op afkomen moet je je afvragen of je zo'n opleiding moet handhaven.” Hoeveel studenten zitten er nu in de master nanoscience? “De instroom zit op tien per jaar, dus zo’n twintig studenten in totaal.” Kort geleden is binnen TNW een nieuwe afdeling bionanoscience opgezet. Moeten die nu ook vrezen

Rob Mudde: “Het verschil met de studie natuurkunde is te klein.” (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)

voor een tekort aan belangstelling? “Nee, want die putten gewoon uit onze natuurkundeopleiding. Ze zitten op het snijvlak van biologie en natuurkunde, en hebben behoefte aan mensen met natuurkundige achtergrond. Onze studenten zullen ook de weg daar naartoe vinden.” Is dat geen vreemde omweg? “Als je er van buiten tegenaan kijkt, kan ik me die gedachte wel voorstellen. Maar het ligt iets anders. De opleiding nanoscience is een jaar of vijf, zes geleden gestart met het idee: veel onderzoek binnen natuur-

en scheikunde beweegt zich naar de nanoschaal.” Dat is toch ook zo? “Dat wel. Maar we denken nu dat de opleiding te weinig verschilde van wat je ook via de natuurkundeopleiding kunt doen. Daar zijn we zelf schuldig aan. Natuurkunde is veel breder, maar als ze binnen natuurkunde het specialisme nanoscience pakken, doen ze dezelfde vakken als bij de master nanoscience. Het verschil is dus te klein.”

Dan komt nanoscience gewoon weer terug? “Nee, want dankzij de samenwerking met de medische faculteit van de Erasmus Universiteit onderscheidt het onderwijs voor bionanoscience zich nu veel meer van de natuurkundeopleiding. Op de Erasmus Universiteit werken specialisten op het biologische en moleculaire vlak. De opleiding op dat gebied komt naast de natuurkunde te staan. Ik verwacht dat we over een paar jaar een nieuwe opleiding bionanoscience kunnen aanbieden. Dat zal voor de helft natuurkunde zijn en de andere helft bio- en lifescience. Dat vak zal zich voldoende onderscheiden van andere disciplines. Nanoscience en natuurkunde zaten te dicht bij elkaar. Bionanoscience is anders omdat er voor vijftig procent biologie in zit. Dat gaat op de middelbare school ook meer meiden trekken. Natuurkunde lijkt ze niks, maar zodra het life of medisch is, zijn ze wel geïnteresseerd.”

van der duin

Rommel Honderd jaar na Freud zijn psychologen tot de conclusie gekomen dat de mens in de meeste gevallen onbewust en onwetend handelt en irrationeel beslist. Weloverwogen beslissingen die het beste inhouden voor iedereen, zijn niet alleen een ideaalbeeld voor politici maar ook voor onszelf. Economen zien inmiddels in dat de meeste economische verschijnselen het beste kunnen worden verklaard door niet-economische factoren. Dat deze factoren vooralsnog lastig te zijn te modelleren, is alleen maar een tijdelijk excuus om ze te negeren. Maar de huidige economische en financiële crisis is tevens een downfall voor de economische wetenschap die geen rekening houdt met onbeperkte hebzucht, foute bedrijfsculturen en falend toezicht van overheidsinstituties. Sociologen hebben inmiddels ontdekt dat mensen zich steeds minder van elkaar aan trekken. Individualisering is here to stay en zorgt ervoor dat menselijke keuzes minder historisch en sociaal zijn geconditioneerd: ’We are all individuals.’ Menselijke verbanden worden bottom-up opgebouwd op basis van solitaire overwegingen. En de techniek? Los van de enorme breedte van dit vakgebied, om daar iets redelijks over te zeggen kan worden gesteld dat juist de exponentiële toename van technologische kennis deze tak van wetenschap soms overbodig maakt. Door de even grote verspreiding van technologische kennis is het moeilijker voor bedrijven om een voorsprong te nemen op basis van technologie. Niet-technologische factoren (zie ook de economie) bepalen dus blijkbaar welke technologie dominant is en gebruikt wordt. Philips bezit de meeste technologische kennis voor het maken van mp3-spelers, maar Apple verdient er geld mee. Hoewel wetenschappelijke fraudegevallen door te nauwe contacten tussen wetenschap en bedrijfsleven vaak spectaculair zijn, is het aantal daarvan toch beperkt. Toch is de groeiende invloed van bedrijfsleven en overheid geen zegen op zich. Het is goed voor de maatschappelijke relevantie van

wetenschap, maar de wetenschappelijke zuiverheid en onafhankelijkheid komen steeds vaker op de tocht te staan. Paradox: hoe vaker de wetenschap haar maatschappelijke toegevoegde waarde moet laten zien om haar bestaan te rechtvaardigen, des te sneller ondergraaft zij deze maatschappelijke functie. Niet alleen de maatschappelijke vrijheid van meningsuiting is in gevaar, ook haar wetenschappelijke pendant loopt risico’s. Wat betreft de wetenschappelijke methode overheerst helaas nog steeds het democratisch principe. De meerderheid aan oppervlakkige, gekwantificeerde kennis (informatie) bepaalt wat waar is en wat niet. En dat in een wereld waar de Gaussverdeling steeds vaker geen adequate aanname is van hoe verschijnselen verdeeld zijn. En volgens Popper ontkent de uitzondering toch echt de regel. De wetenschap is te lang beperkt gebleven tot het adagium’ meten is weten’. En zolang wetenschappers te weinig oog hebben voor wat ze meten en waarom, is het meten eigenlijk een naïeve activiteit. Maar goed, dat hadden de psychologen ons wel kunnen vertellen. Weer een reden om wetenschap echt multidisciplinair te maken. En het openbaar bestuur van wetenschap? Ach, zolang men het slimste jongetje (geen meisje…) tot baas benoemt, kunnen we niet veel verwachten van de bestuurlijke kwaliteit. Aangezien wetenschap nog steeds mensenwerk is, is er weinig hoop op dit front. Zolang men zicht laat leiden door financiële overwegingen, gelooft in onzinnige wetenschappelijk prestatiemaatstaven en in tijden van financiële nood geen contracten van aio’s verlengt maar wel geld blijft uitgeven aan het schilderen van faculteitsgebouwen, is pessimisme een gelegitimeerde reactie. En ikzelf? Karel Appel zei ooit: ‘Ik rommel maar wat aan.’ Ik bedoel maar. Patrick van der Duin is toekomstonderzoeker bij de sectie technology, strategy and entrepeneurship van de faculteit Techniek, Bestuur en Management.


DELTA. 09 11-03-2010

Nieuws

Technologiedebat

Volle bak

Op het eerste Elsevier Technologiedebat, georganiseerd door Elsevier in samenwerking met de TU en Campus Den Haag, staat de file centraal. Hoeveel hebben we er en wat kunnen we er in theorie aan doen? Simon Rozendaal, wetenschapsredacteur van Elsevier en alumnus van de TU, leidt de discussie.

Honderd sessies, meer dan driehonderd sprekers in zeventien zalen. Het programma van ICTDelta, de jaarlijkse beurs over onderzoek en innovatie op het gebied van informatie- en communicatietechnologie, is flink gevuld. Naast bijdragen uit eigen land over onder meer computers in wetenschap, onderwijs, (serious) gaming en de zorg, komen er veel Amerikanen aan het woord, onder wie Andy Stanford Clarke (IBM’s meesteruitvinder). Uitgerekend Microsoft vertelt over open innovatie en het MIT (Boston) levert twee sprekers over

x

Maandag 29 maart 16.00 – 18.30 uur, Campus Den Haag, Lange Voorhout 5-7, Den Haag. Inschrijving door mail aan: info@campusdenhaag.nl

03

collective sensing. Eurocommissaris Neelie Kroes, verantwoordelijk voor de digitale agenda in Europa, sluit de dag af met een keynote speech. Het is een van haar eerste optredens in de nieuwe rol. Eerder die middag verzorgen Hadassah de Boer en Jellie Brouwer een talkshow over ict-ontwikkelingen. De beurs vindt op 18 maart plaats in het WTC-gebouw in Rotterdam. Toegang gratis na aanmelding.

x

xConnie van Uffelen Vanwege de financiële situatie van de TU wil het college van bestuur (cvb) tien procent bezuinigen op de Regeling Afstudeersteun Studenten (RAS). Het college zegt hier nog niet eerder op te hebben bezuinigd en wil het aantal garantiemaanden voor bestuursfuncties terugbrengen van 4191 naar 3771. Het cvb ziet hiervoor drie mogelijkheden. Een ‘eenvoudige’ manier is de korting evenredig te verdelen over de zes boxen waarin studentenclubs zijn onderverdeeld. Het is dan aan de verenigingen zelf hoe ze efficiënter met hun bestuurswerk omgaan. Een tweede mogelijkheid is het maximum aantal garantiemaanden per fulltime bestuursfunctie terug te brengen van twaalf naar negen maanden. Dat levert 405 maanden op. De resterende vijftien maanden komen uit het terugbrengen van het maximum aantal bestuursmaanden per student van achttien naar

vijftien maanden. Voor het komend collegejaar zou dit betekenen dat gezelligheidsverenigingen honderd maanden (7,7 procent) inleveren, studieverenigingen 175 maanden (14,5 procent), disputen tien maanden (9,6 procent) en sport- en cultuurverenigingen dertig maanden (4,1 procent). ‘Politieke besturen’ zoals studentenraad (sr) en VSSD zouden met 55 maanden (19 procent) relatief het

Gezelligheidsverenigingen moeten honderd maanden inleveren meest inleveren. Studentenprojecten zouden 25 maanden (6,2 procent) minder krijgen en lustra en overige verenigingen tien maanden (7,5 procent) minder. Studenten mogen zelf met een derde alternatief komen. Zolang het maar gaat om 420 maanden krimp, waarmee het cvb 125 duizend euro bespaart. Wellicht is volgend jaar een tweede bezuinigingsslag nodig. De sr gaat hier niet in mee en vraagt het cvb het voorgenomen besluit in te trekken. De bezuiniging zou de mogelijkheden voor ontplooiing aantasten. Bovendien, zo vindt de sr, gaat het college uit van onjuiste aannames. Zo zouden studenten al inleveren door ‘een vermindering van stu-

Het postkantoor aan de Mekelweg staat te koop. Want wie verstuurt er anno 2010 nog brieven op de campus? De ideale plek voor een gezellig café wellicht. Maar dan wel met Wifi-voorzieningen natuurlijk. (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)

Fatalisme

Er hangt een prijs van 12 duizend euro in de lucht voor afstudeerscripties (bachelor of master) over elektrische auto’s. Het gaat om een initiatief van journalist Joris Luyendijk die hierover een wekelijkse rubriek schrijft in NRC magazine. ‘De jury is niet voor of tegen deze vorm van duurzaam vervoer’, schrijft Luyendijk. ‘Ze wil er juist meer over weten en snappen.’ Inschrijven kan tot 1 september 2010.

“De veiligheidsmaatregelen op luchthavens laten zich inmiddels samenvatten in twee woorden: absurdistisch theater. Onmacht die wordt bezworen met zelfkastijding.” Dit zei prof.dr. Michel van Eeten afgelopen woensdag tijdens zijn intreerede, ‘Techniek van de onmacht: Fatalisme in politiek en technologie’, bij TBM. “Het ritueel rondom deze incidenten (bomaanslagen, red.) doet veel mensen beseffen: dit is een gebed zonder eind. Ze trekken daaruit een fatalistische conclusie: Je kunt het niet voorkomen.”

x www.ictdelta2010.nl

‘Niet bezuinigen op RAS-maanden’ De studentenraad is het niet eens met een bezuiniging van tien procent op RASmaanden en vraagt het college van bestuur dit voorgenomen besluit in te trekken.

Elektroscriptie

dent-assistenten en docenten, en door grotere onderwijsgroepen’. Ook zou het college er ten onrechte van uitgaan dat de bezuiniging geringe gevolgen heeft. Studenten zouden juist minder bereid zijn om in besturen en commissies te gaan zitten. Dat er nog niet eerder op RASmaanden werd bezuinigd, is volgens de sr onjuist en ook geen reden om dat nu dan maar wel te doen. De hoeveelheid RAS-maanden bleef van 2003 tot 2008 constant (4105), maar tegelijkertijd groeide het aantal studenten van 13.563 naar 15.321. ‘Dit komt overeen met een bezuiniging van tien procent op financiële steun.' Het afgelopen jaar kwamen er 86 RAS-maanden bij, maar met ‘16.400 studenten is dat een bezuiniging van vijftien procent ten opzichte van 2003’. De sr pleit juist voor behoud van de huidige RAS-maanden, omdat 125 duizend euro bezuinigen ‘geen zoden aan de dijk zet’ op een begroting van 500 miljoen euro. Bovendien zijn studentenorganisaties niet te vergelijken met faculteiten en afdelingen die ook tien procent moeten ‘flexibiliseren’. Tot slot is de regeling nog maar twee jaar geleden aangepast. Verenigingen hebben toen ‘flink moeten inleveren’ om ook studentenprojecten maanden te kunnen bieden. Donderdag 11 maart overlegt het cvb met de sr.

Elektrischescriptieprijs@gmail.com

Explosie in de rekenwereld Altijd al een supercomputer willen hebben met de rekenkracht van twintigduizend pc’s? Voor een schijntje is die droom te verwezenlijken, dankzij de gaming industrie. Doodgewone pc’s zijn het. Slechts 32 stuks, voorzien van de laatste grafische kaarten die op de markt zijn gekomen. Sluit die pc’s aan elkaar en je hebt een systeem dat qua rekenkracht niet onderdoet voor tientallen miljoenen euro’s kostende supercomputers, zoals de Huygens in Amsterdam. Dat meent althans een bont gezelschap onderzoekers uit het hele land. Van onderzoeksfinancier NWO ontvingen ze onlangs 110 duizend euro voor de ontwikkeling van de zogeheten Little Green Machine. Deze compacte en energiezuinige computer moet een rekencapaciteit opleveren van ongeveer 64 biljoen berekeningen per seconde. Dat is vergelijkbaar met de snelheid van ongeveer twintigduizend pc’s. De onderzoekers liften mee met de gaming industrie. Grafische kaarten waren al geschikt om parallelle berekeningen mee te doen, maar onlangs zijn er nieuwe grafische kaarten op de markt gekomen die bij uitstek geschikt zijn voor natuurkundig onderzoek. “Waarschijnlijk hebben ze die kaar-

ten gemaakt om computerspellen realistischer te maken”, vertelt prof. dr.ir. Kees Vuik van het Delft Institute of Applied Mathematics, die nauw bij het project betrokken is. “Als een auto nu uit de bocht vliegt, dan houdt hij zich niet bepaald aan de wetten van Newton. Volgens mij hoef je geen wetenschapper te zijn om dat te zien.” De mogelijkheden die de nieuwe generatie grafische kaarten biedt voor natuurkundig onderzoek, zijn

In mei moet de machine klaar zijn voor gebruik volgens Vuik ongekend. “Er vindt een explosie plaats in de rekenwereld.” Dit betekent volgens de onderzoeker niet dat supercomputers zoals de Huygens in Amsterdam kunnen inpakken. De gebruiksvriendelijkheid van de Little Green Machine laat nog wat te wensen over. In mei moet de machine klaar zijn voor gebruik. De wetenschappers willen hem gebruiken om gecompliceerde berekeningen uit te voeren om bijvoorbeeld de interactie tussen wind en wolken, de structuur van de allerkleinste deeltjes en botsingen tussen sterrenstelsels beter te begrijpen. (TvD)


DELTA. 09 11-03-2010

Foutje Het planbureau voor de leefomgeving gaat onderzoek doen naar fouten in een rapport van het wetenschappelijke VN-klimaatpanel IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) over de gevolgen van klimaatverandering in de wereld. Het onderzoekt in hoeverre onjuistheden in dit rapport van invloed zijn op de hoofdconclusies die het IPCC trekt en gaat daarvoor experimenteren met ‘een open wijze van onderzoek’, zo schrijft ze in een persbericht. Dit houdt in dat geïnteresseerden fouten die zij vinden in het IPCC-rapport kun-

04

Nieuws

nen melden via een website. Tot 6 april kan iedereen reageren, maar ‘reacties met scheldwoorden en/ of beledigingen nemen we niet in behandeling’, zo luidt een van de spelregels. De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen ziet toe op de wetenschappelijke kwaliteit van dit ambitieuze onderzoek.

x

Twitterwedstrijd

Houtafval

Delta roept lezers op om tweets te sturen van belangrijke wetenschappers over hun ontdekkingen. Stap hiermee in de voetsporen van studenten van de Universiteit van Chicago die legendarische personages uit de wereldliteratuur laten twitteren. Maximale lengte: 140 woorden. Zie voor meer informatie het artikel uit Delta 8. Inzenden kan tot 18 maart 12.00 uur. De leukste tweets verschijnen in Delta en op ons twitterkanaal.

Biotechnologen zijn erin geslaagd om de productie van biochemicaliën en biobrandstoffen uit hout te verbeteren. Houtafval is een aantrekkelijke grondstof omdat er geen concurrentie is met voedselgewassen. Maar bij de afbraak van houtsuikers als lignocellulose komen bijproducten vrij (furanen) die de fermentatie remmen. Onderzoekers Frank Koopman en drs. Nick Wierckx (biotechnologie, Technische Natuurwetenschappen) ontdekten een bacterie (cupriavidus basilensis) die de furanen omzet in onschadelijke afvalproducten.

x www.pbl.nl/meldpunt

www.delta.tudelft.nl/nl/opinie/twitterature/20845

Sterker nog, ze wisten de betrokken genen te achterhalen en in te bouwen in de bacterie pseudomonas putida, een werkpaard van de biotechnologie. Hoogleraar microbiologie prof.dr. Han de Winde stelt dat de vinding het gebruik van houtafval als grondstof een stuk aantrekkelijker maakt. Het onderzoek maakt deel uit van het BE-Basic consortium, het platform voor groene grondstoffen. Hun onderzoek verscheen in het wetenschapstijdschrift PNAS.

bezuinigingen

‘De rek is eruit’ “We komen er niet zonder kleerscheuren van af”, voorspelt prof.dr.ir. Herman Russchenberg van EWI. De TU moet naar zijn mening keuzes maken en zich op onderzoek richten naar lange-termijnproblemen als energie en mobiliteit.

Met de dreigende bezuinigingen in het achterhoofd gaat Delta te rade bij een aantal TU-medewerkers en studenten. In deel 8: prof.dr.ir. Herman Russchenberg radarexpert bij de sectie remote sensing of the environment en directeur onderwijs van Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica (EWI).

xTomas van Dijk De TU mag volgens prof.dr.ir. Herman Russchenberg spreken van geluk bij een ongeluk. “Veel meer dan in het bedrijfsleven of bij de overheid zijn mensen hier bereid om over te werken. Dat komt doordat onderzoekers gedreven worden door nieuwsgierigheid. Maar zo langzamerhand is de rek er wel een beetje uit.” En verder: “De kwaliteit verhogen met minder geld, zoals managers roepen? Vergeet het maar. Dat kan niet. Je moet niet iedereen tot het uiterste vol plannen met werk. Mensen hebben tijd nodig voor reflectie. Daarnaast moeten onderzoekers en ondersteunende personeelsleden expertise opbouwen, en dat kunnen ze doen door te spelen met nieuwe technieken.” Onderzoekers zijn nu heel druk met vergaderen en het binnenhalen van fondsen, aldus Russchenberg. “Ze zijn niet bezig met het primaire proces.” Hij is absoluut geen voorstander van de kaasschaafmethode. “Hier wat weg en daar wat weg? Nee, dan wordt het erger. Nou oké, een beetje efficiënter werken kan wel, al valt dat aan deze faculteit erg mee. We hebben weinig extern personeel. Dat is duur en vaak onnodig.” Maar student-assistenten haalt de faculteit wel via uitzendbureaus binnen. “Het levert dan minder rompslomp op om ze in de p&omachinerie te krijgen. We zouden dat nog eens tegen het licht moeten houden, om te zien wat het goedkoopst is. Maar met dit soort efficiencymaatregelen haal je echt geen tien procent.” Snijden in de onderhoudskosten van apparatuur vindt Russchenberg ook geen goed idee. “Op langere termijn kachelt je infrastructuur dan

Prof.dr.ir. Herman Russchenberg: “We moeten assertiever zijn.” (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

achteruit. Dat zie je nu trouwens al gebeuren. Het is soms echt kunsten vliegwerk.” Het is hoog tijd om te kiezen, meent de onderzoeker. “Welke kant gaan we op? Zonder kleerscheuren komen we er niet vanaf.” Russchenberg vindt dat de TU zich moet richten op onderzoek naar

‘Nu tiert het opportunisme welig’ langetermijnproblemen. “Geld van de eerste geldstroom moet naar onderzoeksgebieden gaan die zich richten op problemen die over tien jaar belangrijk zijn. Lange-termijnproblemen, dat moet onze kapstok zijn. Temeer omdat we ook studenten opleiden die in de wereld van over tien jaar moeten functioneren.” Als voorbeeld noemt hij onderzoek gericht op klimaatverandering, energie en mobiliteit.

“Onderzoekers die zich voornamelijk bezighouden met vragen van vandaag passen niet aan die kapstok. Hun onderzoek is misschien meer iets voor TNO.” In welke onderzoeksgroepen kan dan het mes? “Ik ga geen voorbeelden noemen. Dan krijg ik ruzie. Ik zie het al helemaal voor me.” De onderzoeksgroepen die niet voor eerste geldstroom in aanmerking komen, hoeven overigens niet van de campus te verdwijnen. “Integendeel.” De miljoenen euro’s die Europa besteedt aan pan-Europese consortia van universiteiten, zogenaamde Knowledge and Innovation Communities (KIC’s), waar ook de TU aan meedoet (KIC klimaatverandering en KIC ict), bieden goede kansen om het bedrijfsleven aan de campus te binden, aldus Russchenberg. Door middel van geld dat dankzij dit soort programma’s indirect vanuit het bedrijfsleven naar de TU stroomt, moet ‘TNO-achtig onderzoek’ zichzelf bedruipen. Veel meer

dan wat kruimels wil Russchenberg dit soort onderzoek niet toewerpen. “Als men geld krijgt uit de tweede en derde geldstroom, dan is dat prima. Zo niet, dan is er kennelijk geen behoefte aan dergelijk onderzoek in de maatschappij. Het college van bestuur zou aan zulke onderzoeksgroepen wel wat seed geld kunnen geven: geld waarmee ze aan acquisitie kunnen doen. Want geld zoeken kost geld.” Russchenberg is ook bang dat het

onderwijs aan de TU teveel op hboonderwijs gaat lijken. “Alle eerstejaars krijgen bijvoorbeeld les van wiskundigen om zich de basisvaardigheden eigen te maken. Er gaan stemmen op om de docenten van de eigen afdeling dat te laten doen omdat dat financieel aantrekkelijker is. Wiskundeles gegeven door niet-wiskundigen dus. Dan krijg je receptenonderwijs. Studenten leren dan alleen maar dat bepaalde methoden werken bij bepaalde vraagstukken. Terwijl het juist de bedoeling is dat studenten abstract leren denken aan de universiteit.” De TU moet ook vaker langetermijnvisies ontwikkelen. “Nu tiert het opportunisme welig. Iedereen duikt noodgedwongen op elk subsidieprogramma om er een aio uit te halen. Er zit meestal niet zo’n diepe visie achter. Als we assertiever zijn en vraagstukken agenderen dan kunnen we veel vaker subsidieverleners achter ons krijgen. De Delft Research Initiatives (DRI’s) zijn daar een goed vehikel voor. Maar de DRI’s worden nog niet voldoende omarmd door de staf, al gaat het wel de goede kant op.”

Om de financiële problemen van de TU Delft het hoofd te bieden, moeten alle faculteiten van het college van bestuur aangeven hoe ze tien procent kunnen bezuinigen op het geld dat zij vanuit de overheid krijgen. De faculteiten moeten met voorstellen komen over herinrichting van wetenschappelijke afdelingen en bundeling van onderwijs en onderzoek binnen de faculteit en met andere faculteiten. Ook moeten ze aangeven welke onderdelen onvoldoende bijdragen aan de doelen van de faculteit. Het vrijkomende geld wil het college vooralsnog gebruiken voor vernieuwing in onderwijs, onderzoek en infrastructuur. Het college spreekt daarom niet van bezuiniging maar van ‘flexibilisering’.


DELTA. 09 11-03-2010

Nieuws

Nanodialoog

Progressief

In de hoop de deelname aan de maatschappelijke dialoog nanotechnologie te vergroten heeft het Rathenau Instituut onlangs een nieuwe site in het leven geroepen. Op deze site gaat programmamaker Bram Sadeghi op zoek naar nanotechnologie – een speurtocht die begint bij een rek met onderbroeken. Verder biedt de site nieuws en een frisse vormgeving. De andere Rathenau-site (nanopodium) is informatiever.

Delft krijgt wellicht een progressief college, waarin de VVD stuivertje wisselt met de grote winnaar van de gemeenteraadsverkiezingen: D66. De twee grootste partijen D66 en PvdA (elk zes zetels) en studentenpartij Stip (van twee naar drie zetels) willen graag zaken doen met elkaar en GroenLinks (vijf zetels). Als dat zou lukken, levert dat een hoog TU-gehalte in de coalitie op met studenten van Stip en drie TU’ers van D66. Stip en PvdA (van elf naar zes zetels) zaten samen in het college met GroenLinks en de VVD, en hebben

x

www.nanodialoog.nl www.nanopodium.nl

05

Prijzen een voorkeur voor een progressief college. “Stip wil graag verder met een kennisintensief, duurzaam Delft”, zegt Stip-lijsttrekker Mariëlle van Kooten. “Daar kunnen D66 en GroenLinks zich goed in vinden.” D66 wil ook ‘graag’ progressief, maar wil er nog niet op vooruit lopen.

Vier masterstudenten hebben maandag 8 maart ieder 2500 euro voor hun energievriendelijke ideeën de Energy Efficiencyprijzen ontvangen van Cofely en het Universiteitsfonds Delft. Steven Mulder, student systems & control, ontwikkelde nieuwe software waardoor hybride containerkranen met veel minder energieverbruik containers kunnen verplaatsen in havens en overslagplaatsen. ErikJan Boonen, student mechanical engineering, vond een manier om energie terug te winnen uit warmte bij dieselscheepsmotoren. Jurjen

Thomas, student real estate & housing, bracht in kaart hoe gebieden met zware industrie duurzamer kunnen worden. Sin-Yun Yang, masterstudent sustainable process & energy technology, ontwierp een door wind aangedreven fontein in de vorm van een levensgrote tulp. Door een windturbine te verbinden met een pomp in de bloemstengel wordt water omhoog gepompt en via de tulp naar buiten gestuwd.

AAG stopt AAG doet niet mee aan de studentenraadverkiezingen voor het collegejaar 2010/2011. Partijvoorzitter Mark Bosschaart vindt dat er met maar twee zetels onvoldoende basis is voor continuïteit en een goede behartiging van studentenbelangen. xPascale Warners Twijfels heeft Bosschaart niet. Hij is ervan overtuigd dat zijn partij er alles aan gedaan heeft om de studentenbelangen goed te behartigen. Met slechts twee fulltime medewerkers was dat echter een onmogelijke opgave. “Hoewel we ons uiterste best doen en alle middelen uit de kast hebben getrokken, vervullen we een marginale rol in de studentenraad. We bereiken te weinig van onze doelen.” De beslissing van AAG komt niet onverwacht. Keuzes voor specialisaties als duurzaamheid en onderwijs en de oprichting van schaduwfracties met parttimers, leverden dit collegejaar en in het verleden niet de

delta online

gewenste resultaten op. Al eerder trok de partij zich een jaar terug om zich volledig te richten op promotie. Na terugkomst bleek de situatie nog hetzelfde. Tegenspeler Oras kreeg acht zetels en voor AAG bleef het bij twee zetels. In ongeveer zeven jaar tijd zag de partij het aantal zetels flink dalen. Na drie jaar met twee zetels is de maat vol. “Je kunt niet aan een dood paard blijven trekken.” Gesprekken met Oras en het college van bestuur leverden onvoldoende garanties voor continuïteit.

Gratis reizen De hele week gratis reizen. Tot 16 maart kunnen studenten dat doen, of ze nu een week- of een weekendkaart hebben. De oorzaak is een overlap tussen de oude ov-kaart en het nieuwe chipsysteem.

Bama heerst Bijna alle universiteiten van Europa hebben het bama-systeem ingevoerd. Ook het studiepuntensysteem ECTS is vrijwel overal doorgedrongen. Het Europese hoger onderwijs is daardoor makkelijker te vergelijken.

‘Je kunt niet aan een dood paard blijven trekken’ “We stellen hun handreikingen op prijs, maar ze waren niet toereikend.” AAG dient dit collegejaar nog uit en richt zich vooral op de bezuinigingen, het proces van herijking en de kwaliteit van het onderwijs. Bosschaart vindt het jammer als er in mei niets te kiezen is. “Met nog maar één partij wordt dat erg lastig. Misschien is het toch tijd om na te denken over de toekomst van het huidige meerpartijenstelsel. Daar geef ik graag mijn mening over, maar wel op een ander moment.”

Basisbeurs Linkse studenten zijn een nieuwe actiegroep gestart tot behoud van de basisbeurs. Maar rechtse studenten zullen ze niet snel overtuigen. Al ruim tien jaar pleiten de VVD-jongeren van de JOVD voor het afschaffen van de basisbeurs. “Maar dan moet ook het collegegeld verdwijnen.”

Geen gekheid

Aardwarmte

Werklieden kijken naar het eerste beetje modder dat ze omhoog hebben geboord. Bij het bedrijf Ammerlaan Grond- en Hydrocultuur in Pijnacker werd dinsdag begonnen met boren naar aardwarmte. Heet water uit twee kilometer diepe zandsteenlagen moet voldoende energie opleveren om de kassen van het glastuinbedrijf en een nabijgelegen zwembad, school en een sportcentrum te verwarmen. Studenten van het Delfts Aardwarmte Project van de TU zijn nauw betrokken bij de boring. (Foto: Tomas van Dijk)

Dode Delftenaren digitaal Kom, noem eens wat bekende Delftenaren. Een klein rondje langs de redactie leverde een volstrekt willekeurig lijstje met namen als Francine Houben, Liesbeth van der Pol, Ben Ale, Wubbo Ockels, Han Vrijling, Jacob Fokkema, Wytze Patijn, Salomon Kroonenberg, Cees Dekker, Jo Coenen, Winy Maas, Alfred Kleinknecht en Bob Ursem. Met excuus aan alle nietgenoemden. Vanwaar deze exercitie? Er is onlangs een Biografisch Portaal geopend dat toegang geeft tot biografieën van ruim veertigduizend Nederlanders die ertoe hebben gedaan. Helaas vingen we met al onze bekende Delftenaren bot in de database. Het staat er niet met zoveel woorden, maar om opgenomen te worden in het Biografisch Portaal is aanmelding bij Petrus’ portaal een eerste vereiste. Kortom, alleen dode Delftenaren. Als eersten verschijnen dan in de categorie onderwijs & wetenschap de namen van jurist en schrijver Hugo de Groot en Anthony van Leeuwenhoek, die de microscoop uitvond. En van Simon Stevin (1548-

1620) die samen met de vader van Hugo de Groot een valproef uitvoerde vanaf de Delftse Nieuwe Kerk met twee loden bollen van verschillend gewicht. Zo bewezen ze nog vóór Galilei dat, anders dan Aristoteles had beweerd, de valsnelheid niet afhankelijk is van de massa. Leuke proef, maar toen was er van een TU (opgericht in

‘Een andere gemiste kans voor Delft is Nobelprijswinnaar Kamerlingh Onnes’ 1842) nog lang geen sprake. Wij willen natuurlijk bekende namen van de TU weten. Welnu, ook daarin voorziet het Biografisch Portaal. We noemen er een paar: natuurkundige Jan Burgers die in 1918 in Delft een stromingslaboratorium oprichtte dat nog steeds in gebruik is, maar die zelf pas weer opbloeide toen hij in Maryland een veel mooier lab kon inrichten. Of

de vermaard veelzijdige Gerrit van Iterson die in 1907 hoogleraar werd in Delft en tien jaar later de Botanische Tuin stichtte, oorspronkelijk de Cultuurtuin voor Technische Gewassen. Ook Cornelis Lely (1954-1929) ontbreekt niet in de eregalerij. In 1875 behaalde hij in Delft de ingenieurstitel, in 1891 tekende hij de Afsluitdijk die pas enkele jaren na zijn dood voltooid werd. We kunnen nog stilstaan bij Nobelprijswinnaar scheikunde Jacobus van ’t Hoff (1852-1911) die het driejarig programma in Delft in twee jaar afrondde en vervolgens geen diploma kreeg, waarna hij vertrok. Een andere gemiste kans voor Delft is Nobelprijswinnaar Heike Kamerlingh Onnes (18531926) die in 1878 een aanstelling in Delft kreeg, maar vier jaar later een positie kreeg aangeboden in Leiden, waar hij in 1908 helium vloeibaar kreeg en in 1911 de supergeleiding ontdekte. De biografieën op de site zijn gedegen, uitgebreid, van voetnoten voorzien ze en gaan een stuk verder dan Wikipedia. Van alle categorieën

Universiteiten mogen het collegegeld straks flink verhogen voor studenten die een tweede bachelorof masterdiploma willen behalen. Maar de meeste vragen voorlopig het normale tarief.

Struikelaars

is onderwijs en wetenschap met 1169 lemma’s het grootst, op de voet gevolgd door kerk en godsdienst (997). Jammer alleen dat de adviesraad (dertien personen) geen leden van technische universiteiten kent. Jos Wassink

Van de wo-studenten die na het eerste studiejaar overblijven, haalt minder dan de helft zijn bachelordiploma in vier jaar. De rest loopt meer dan een jaar vertraging op of stopt ermee. Een strenge propedeuse heeft daar geen invloed op.

Vrouwenquota Het heeft geen zin om universiteiten tot een bepaald aandeel vrouwelijke hoogleraren te verplichten, aldus VSNU-voorzitter Sijbolt Noorda. Hij pleit ervoor ‘om een tiental jaren lang veel meer topdown beslissingen te nemen over benoemingen.’

Plasterk Voormalig onderwijsminister Ronald Plasterk ambieert een plaats op de PvdA-kieslijst voor de Tweede Kamer. Het liefst wil hij in een volgend kabinet opnieuw minister van onderwijs worden, maar het Kamerlidmaatschap vindt hij ook mooi.

x www.biografischportaal.nl

x www.delta.tudelft.nl


DELTA. 09 11-03-2010

06

science

opinion please

Breaking all records At an astonishing speed of 88 kilometers per hour, Rolf van der Vlugt sailed over the ocean. His research on the aerodynamics and hydrodynamics of kite boards helped him in becoming Holland’s fastest speed kiteboarder.

a speed of 95 km/h. But I think kite surfers can go faster than that. Every possible perfection has been squeezed out of these trimarans, whereas the development of fast kite surfing equipment is just getting started.” Van der Vlugt is not a professional sailor, but apart from that, one might say that he is doing everything in his power to break records. As a research assistant at the aerospace engineering group Asset (Aerospace for Sustainable Engineering and Technology), he can amass plenty of

xTomas van Dijk

He wants to beat all world records

Wind force nine and a virtually flat sea: just the combination needed for some record breaking. These peculiar oceanic circumstances regularly occur in a bay in Namibia. Every year in October or November dozens of kite surfers head out to this bay. In 2008, kite surfer Rolf van der Vlugt was one of them. Reaching a speed of 88 km/h, he became the new Dutch record holder. But that is not enough for him: he wants to beat all world records. “In the 2008 race in Namibia, a French kite surfer became the world’s fastest sailor with an average speed of 93.7 km/h over a distance of 500 meters. The previous record (90.9 km/h) was held by a windsurfer. But now the record is held by a large hydrofoil trimaran, which in September 2009 sailed at

expertise, since one of Asset’s main activities is the development of kites that generate electricity by harvesting wind energy. Making the kites more aerodynamic is one aspect of this research. On top of this, Van der Vlugt did his MSc research on the ‘Aeroand Hydrodynamic Performance Analysis of a Speed Kiteboarder’. ‘Breaking the World Speed Sailing Record’ was the subtitle of his thesis. For his MSc degree, Van der Vlugt developed a model that describes all the forces that act on the surfer, the board and the kite. “With GPS receivers strapped to my body and to the kite and devices that measure the tension in the lines between me and the kite, I gathered data.

It turned out that the drag that the body of a kite surfer produces is much more important than people imagined. Because the wind at low altitudes is much less than at the higher altitude of the kite, when you speed up you’re body quickly experiences head wind.” Special strips on the body that create small vortices which reduce the wake, just like speed skaters use, might be the solution to this, Van der Vlugt believes: “But it’s difficult to figure out where you should put them, because the wind and your position on the board changes all the time.” Still, it’s something he is keeping in mind for the next race in Namibia later this year. Are there any other adjustments needed? “I think I’ll also develop a suspension system on the board. Kite surfing is like doing a Formula 1 race on a bumpy road. With a good suspension system I should be able to have better control over the kite. I think I will also make the board a little bit longer, so that I can reduce the angle between the board and the water and reduce the spray of water behind the board.” But is it wise to reveal all this in a newspaper? “Perhaps I shouldn’t tell everything, but I also like to share information. It’s a funny situation there in Namibia. We all want to break the world record, but we also have a common goal, which is that it will again be a kite surfer who beats all other sailors.”

Rolf van der Vlugt sped over the ocean in Namibia, breaking the Dutch record. (Photo: Craig Kolesky)

Fokker flies again Former Dutch aircraft manufacturer Fokker is almost back in business. NG Aircraft wants to upgrade the existing Fokker 100s and put them on the market. Exactly fourteen years ago the faculty of Aerospace Engineering went into mourning when the only Dutch aircraft manufacturer was declared bankrupt. TU Delft had strong ties with Fokker: many TU alumni were employed by Fokker, and aerospace engineers often combined their jobs at Fokker with research at TU Delft. Now however many at the aerospace faculty are applauding the re-emergence or resurrection of this once great aircraft manufacturer. “This is great news”, says Ed Obert, emeritus professor of systems engineering and aircraft design, who was with Fokker from 1964-1996. “There have been several initiatives over the years, but this time it looks very promising that Fokker will indeed return. I’ve spoken to the new investors and I know they’re talking with a number of airplane companies and that things are looking good for them.” Obert was head of the aerodynamics department of the Fokker 100: “The plane feels a bit like my baby, although the plane has many fathers.” NG Aircraft received a twenty million euro subsidy from the Dutch ministry of Economic Affairs, although this funding must still be approved by the European Union. With this money the company wants to equip the existing Fokker 100s with new electronics, a new engine and new wingtips – all of which should make the plane eighteen percent more efficient. The new Fokker 100 could compete with the Embraer and Bombardier. “They took over the market after Fokker’s bankruptcy”, explains professor Egbert Torenbeek, of TU Delft’s faculty of Aerospace Engineering. “It’s a smart move to bring an existing plane up to date, instead of building a new one, as it’s very expensive to build new airplanes and get them certified. The Fokker 100 has proven to be successful.” The plane can carry around a hundred passengers and is used for flights ranging from five hundred and three thousand kilometres. There are seven hundred Fokker 100s currently in use around the world. The redesign and upgrades of the Fokker 100 would also create around 650 new jobs. It’s not yet clear if TU Delft will be affiliated with NG Aircraft. Obert: “I think that most of the work will be done in production.” According to Obert and Torenbeek, Fokker getting back in business would be especially good news for students. “It might give them a great future at a Dutch airplane manufacturer”, Torenbeek says. “It may also lead to higher enrolments of students. When the Fokker 50 and 100 were being built, more students enrolled at the faculty. After the bankruptcy however there was a decline in students, although indeed over the last couple of years the faculty has welcomed more and more new students. I’m very curious how many will enrol in the coming years if Fokker rises again. And also what kind of opportunities it will offer for both present and former students of TU Delft.” (RV)


DELTA. 09 11-03-2010

07

science

halfway

Spring is in the ankle A spring-powered artificial foot will halve the extra energy amputees need for walking with prostheses. The device was developed by dr Steven Collins, currently a TU postdoc in the BioRobotics Laboratory. xJos Wassink You may be surprised by how human walking will be improved within the next ten years, predicts dr Steven Collins, who has recently been offered a post as a professor of biomechatronics at Carnegie Mellon University (US). Not only will athletes like Oscar Pistorius outrun their able-bodied colleagues on super springy artificial legs, but special spring-powered shoes will make walking easier for all of us. “The basic mechanics of walking are the same for both humans and robots, like Denise or Flame”, says Collins, a postdoc at the faculty of Mechanical, Maritime and Materials Engineering’s BioRobotics Laboratory. “In the simplest model you describe walking as a mass moving on top of a leg, like an inverted pendulum, with the foot acting as a pivot. The swing phase in which

the weight moves forward over the foot doesn’t cost any energy, but switching from one leg to the other does require work, because energy is lost in the collision when the foot of the other leg hits the ground.” So although in theory moving along at a slow and constant speed requires no energy, it is the energy that got lost in transitioning between steps that causes an energy drain that needs to be replenished. And like humans, the walking robots developed by TU Delft do that with powered ankles. “The ankle pretty much does all the push-off, since that’s the most effective way”, Collins explains. Last month he published an article

People say they can actually feel the force from their phantom limb (in PLos ONE, 17 February 2010) on how humans walking using a prosthesis can be improved by much the same technique that propels the robots: storing energy in the ankle when the foot first hits the floor and then re-using it at push-off. Collins and his co-author, Arthur Kuo, of the University of Michigan, have developed a unique artificial foot that uses a spring to buffer the energy in walking. In their article they clearly explain how it works:

Steven Collins: “The basic mechanics of walking are the same for both humans and robots.” (Photo: Tomas van Dijk)

Collin’s prototype spring-powered foot. (Photo: University of Michigan)

“When the heel contacts the ground at the beginning of a stride, the rear-foot component rotates and compresses a coil spring. At maximum compression, the rear-foot is latched by a continuous one-way clutch. Rather than releasing the spring energy spontaneously, our prosthesis stores it until sufficient load is detected on the forefoot. It then releases the forefoot, and the spring provides push-off as the person begins to unload the trailing leg, with timing similar to normal ankle push-off. A small return spring resets the device during the ensuing swing phase, so that the rear-foot is in position for the next step.” The two researchers tested the device on eleven healthy young men wearing specialized boots to disable their ankles. An artificial foot (either conventional or spring-powered) was attached under one boot, while a lift shoe was worn on the other foot to compensate for height. This enabled comparisons to be made between normal walking, conventional (passive) prosthesis use and the energy-recovering prosthesis. Energy expenditure was measured by analysing the O2 and CO2 levels in the test subject’s breath. It turned out that walking with a conventional prosthesis requires 23 percent more energy than normal walking, which is comparable to carrying a 20 kilogram load. The new prosthesis developed by Collins and Kuo reduced that figure to 14 percent more energy. The ankle push-off was restored from about 10 Watts, in the case of normal prosthesis use, to 20 Watts, which is about the normal value. Tests are currently under way with amputees, and thus far the anecdotal evidence is good. People say they can actually feel the force from their phantom limb. Collins says that manufacturers of artificial feet (largely unchanged for the past fifty years) have reacted with interest. They are keen to implement his energy-recovering technology. “Problems applying this technology are not so much technical as procedural”, Collins concludes. Nevertheless he expects commercial availability within five years.

Valentina Koschatzky: “I like having all those smart people around me.” (Photo: Tomas van Dijk)

‘I try to understand sound’ Name: Valentina Koschatzky (29) Nationality: Italian Supervisor: Professor Bendiks Jan Boersma (faculty of Mechanical, Maritime and Materials Engineering) Subject: Sound produced by turbulence Thesis defense: In about one year “You know those films in which burglars try to rob a place and use smoke to see the detection lasers? Well, look at my setup, it’s somehow similar: I used a laser beam to visualize smoke particles. This smoke is also used in discothèques. It’s harmless, but after a day of work in such an environment you really want to take a shower. I use the smoke particles to visualize turbulent air flows, or vortices. The laser shines on the particles, and with cameras from different angles I create 3D images of the flow. The vortices are created when air flows over a small cavity. When the vortices hit the wall of the cavity they create sound. I register the sound with microphones, and in combination with the 3D images I try to understand exactly which flow features are responsible for the sound emission. It’s very exciting. I really like being a PhD student - having all those smart people around you. We all look at flows, but still, we do very different things. Look at the research presentation next to mine for example; it’s about blood stream in chicken embryos. Other people are looking at multiphase flows, like the way oils and water mix for example. Before I came to TU Delft I did a master’s in aerodynamics at the Politecnico of Milan, and then I worked there for one year after my degree on a project about an airplane that takes off vertically. I worked on the aerodynamics of the aircraft. What I do now is completely different. It’s fundamental research. When you‘re a PhD student you get the opportunity to think about new problems and figure out new solutions. You don’t even know if there are answers. Often you feel stupid, because you have no idea if the things you’re doing are right. But if you don’t feel stupid, that means that you know the answer, and if you know the answer that means you’re not doing something challenging. You have to find the right balance. When I’m finished with my research I might go to Australia. My boyfriend – we’re getting married in a few months – is from Australia. I met him here. He also works on fluid mechanics.” (TvD)


DELTA. 09 11-03-2010

interview

WIE IS SALOMON KROONENBERG? Salomon Kroonenberg is vooral bekend geworden als klimaatscepticus. ‘Klimaatrelativist’ vindt hij zelf een beter woord. In 2006 verscheen zijn bekroonde boek ‘De menselijke maat’, waarvan 25 duizend exemplaren zijn verkocht. Kroonenberg was van 1996 tot 1 september 2009 als hoogleraar geologie verbonden aan de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen. Tussen 1982 en 1996 werkte hij als hoogleraar geologie en mineralogie aan de Wageningen Universiteit. Van 1979 tot 1982 was hij docent remote sensing aan de universiteit van Bogota in Colombia. Daarvoor (1978-1979) onderwees hij fysische geografie aan het University College in Swaziland en was hij van 1972 tot 1978 geoloog-petroloog is dienst van de Geologisch Mijnbouwkundige dienst van Suriname. Salomon Bernard Kroonenberg (‘Salle’) werd op 13 maart 1947 geboren in Leiden en volgde zijn middelbare school (Gymnasium Beta) in Middelburg. Hij studeerde geologie aan de universiteit van Amsterdam (19651971). Zijn promotie volgde in 1976. (Foto’s: Sam Rentmeester/FMAX)

08


DELTA. 09 11-03-2010

09

interview

’De ondergrond zit in een verdomhoekje’ Vroeger kon de kleine Salle niet kiezen tussen talen of ontdekkingsreizen. Nu schrijft de emeritus hoogleraar bestsellers over wat hij zag en dacht. Op 19 maart neemt hij afscheid van de TU. xJos Wassink Op de gang hangt aan de ene wand een enorme wereldkaart, en aan de andere wand foto’s. Veel foto’s van bergen, ijsschotsen, woestijnen, zoutvlakten en moeraslanden. Salle is op reis geweest. Op zijn kamer staat een grote doos in de hoek, volgestouwd met opgerolde kaarten. En daarnaast, slordige gestapeld, houten bakken met vakjes. Stenen liggen op kleine handgeschreven papiertjes. Hoeveel talen spreekt u eigenlijk? “Dat hangt er een beetje van af wat je meetelt, maar laten we zeggen een stuk of tien. Waaronder Russisch – ik heb net een erehoogleraarschap ontvangen van Moscow State University – Spaans en Italiaans. Dat is mijn gemankeerde carrière. Uiteindelijk moest ik kiezen: talen of geologie.” En waarom is het geologie geworden? Vanwege het reizen? “Dat speelde zeker een rol. Een van mijn ooms was bioloog. Die verzamelde overal ter wereld krabben, kreeften, garnalen en pissebedden. Ik wilde graag met hem mee, maar dat is er nooit van gekomen. Hij stuurde me enveloppen vol met postzegels. Dat was toen mijn middel om de wereld te structureren. Hij nam ook steentjes voor me mee uit Amerika. Dat heeft hij al vroeg gestimuleerd. Ik heb zijn geologie leerboek gekregen.” Is het zo begonnen? “Ja. Ik ging als tienjarig jongetje naar mijn oma in Leiden, maar dan ook naar het Rijksmuseum voor geologie en mineralogie aan de Garenmarkt. Ik vond de mineralen mooi – geometrische figuren die door de natuur gemaakt zijn. Die prachtige kristallen en de rooktopaas van Willem I. Mineralen hebben me altijd gefascineerd – meer dan fossielen eigenlijk. Ik houd van hun geometrie en structuur.” U bent nog als een negentiende-eeuwse wetenschapper op ontdekkingsreis geweest. “Na mijn afstuderen in Amsterdam ben ik vertrokken. Ik wilde helemaal niet promoveren, ik wilde weg! Toen kreeg ik die baan in Suriname bij de Geologische Dienst en ben ik op basis van mijn werk daar alsnog gepromoveerd.” Wat moest u daar doen? “Ik heb de zuidwest kwadrant van de kaart van Suriname grotendeels gemaakt, deels op basis van wat er al was. En verder zijn we de onbewoonde binnenlanden van Suriname in geweest met koralen en hangmatten.” Bestaat zulk werk nog of is de wereld wel in kaart gebracht? “Eigenlijk niet meer, afgezien van specifieke exploratie. Ze zijn er nu bijvoorbeeld met goudexploratie bezig. Maar het karteren is wel klaar.” Uw boek ‘De menselijke maat’ gaat voor driekwart over geologie, maar staat bekend als een klimaatstatement. Was dat uw bedoeling? “De hele klimaatdiscussie was voor mij de aanleiding om mijn verhaal eens op te schrijven. De discussie over de hockeystickcurve (een temperatuurkromme die ook in de Middeleeuwen een omstreden warme periode toont, red.) begon in 2001, dus dat was al gaande. Het boek gaat over de geologische tijd, niet over het klimaat. Maar de klimaatdiscussie was wel een vruchtbare ingang om mensen een gevoel te laten krijgen voor die geologische tijd. Veel mensen weten na het lezen van mijn boek: het klimaat verandert altijd.” Het boek heeft u het predicaat klimaatscepticus bezorgd. Was dat de bedoeling? “Nee. Bovendien bestond die term toen nog niet. De hele zaak is op scherp gezet door de film van Al Gore. Daardoor is kli-

maatverandering wereldwijd een kwestie geworden met vooren tegenstanders. Vanaf dat moment noemt men mij klimaatscepticus, ik zeg zelf liever klimaatrelativist. Want ik vind wel dat het klimaat verandert, maar ik betwijfel of wij mensen daar nu de belangrijkste oorzaak van zijn.” Vind u het zelfoverschatting als iemand zegt dat de mensheid het klimaat ontregeld heeft? “Je kunt zeggen dat we meer CO2 in de lucht hebben gebracht dan er in tijden is geweest. Dat klopt, daar gaat helemaal niks van af. Maar reageert de natuur daar nu echt op? Het grote probleem is dat er veel terugkoppelingen zijn. Wat doen de oceanen bij een hogere CO2-concentratie in de lucht, hoe reageren de planten? Er zijn zoveel terugkoppelingseffecten dat je bij het netto-effect je vraagtekens kunt zetten. Maar politici vinden nu allemaal dat de CO2-uitstoot verminderd moet worden om het klimaat te redden. Maar eigenlijk is er nog niks aan de hand.” Nog niet. Maar de reden waarom veel klimaatonderzoekers zo vasthouden aan maximaal twee graden opwarming is omdat ze bang zijn dat daarboven de aarde zelf de opwarming gaat versnellen doordat het ijs smelt en methaan loskomt uit de toendra’s. Waarom vermeldt u die positieve terugkoppelingen niet? “Het boek is geschreven in 2004-2005. Toen had je die discussie over twee graden maximaal nog niet. Verder ben ik er niet van overtuigd dat die terugkoppelingen zullen gebeuren. Als je kijkt wat het best overeenstemt met de klimaatschommelingen in de twintigste eeuw, dan is dat vooral de variatie in zonneactiviteit. Veel meer dan de CO2-concentratie.” Na 1980 gaat dat niet meer op. “Ik geloof niet in de projecties van het IPCC (het intergouvernementele klimaatpanel, red.) dat we überhaupt naar die twee graden toegaan! Misschien zitten we met die fixatie op CO2 wel helemaal naar het verkeerde ding te kijken en moeten we eerder rekening houden met een afkoeling dan met opwarming.” Het speelt natuurlijk allemaal mee: de CO2, de zonneactiviteit, de wolken. Maar als nu over zeg twintig jaar de zonneactiviteit weer toeneemt, en je doet niks aan de CO2-uitstoot, dan krijg je toch een dubbel snelle opwarming? “Ik denk dat je een kostenbatenanalyse moet maken over wat de problemen zijn die kunnen ontstaan en wat het kost om er wat aan te doen. Neem de zeespiegelstijging. Die kunnen we monitoren met satellieten. Als je de zee sneller ziet stijgen, is het tijd om maatregelen te nemen en zand op te spuiten. Nu

wordt alles door elkaar gegooid. Aan de ene kant energiebesparing en het ontwikkelen van duurzame vormen van energie. Daar ben ik het mee eens.” Heeft u thuis groene stroom? “Ik geloof het niet, maar ik heb dan weer geen auto. Maar even terug: ik vind het goed om het verbruik van fossiele brandstoffen te verminderen om de reden dat ze opraken, niet om CO2uitstoot te verminderen. Als je CO2 in de grond gaat pompen om het kwijt te raken, vind ik dat onzinnig. Als je de CO2 van vier centrales wilt opslaan, heb je een vijfde centrale nodig om dat voor elkaar te krijgen. CO2-opslag is geen besparing van energie, maar juist extra gebruik. Dan ben je voor mijn gevoel op de verkeerde weg. Gebruik je geld dan liever om nieuwe zonnecellen te ontwikkelen of om dijken te bouwen in Bangladesh waar het land van boeren iedere drie jaar onder water staat. Dan doe je iets waarvan je zeker weet dat het helpt.” U bent met 63 jaar vrij jong om met pensioen te gaan. Wat gaat u verder doen? “Ik heb tien jaar in de tropen gezeten, dus financieel was het geen probleem. Ik ben nu bezig aan een nieuw boek over de ondergrond - mijn uittreerede gaat daar ook over – dat krijgt als titel ‘Waarom de hel naar zwavel stinkt’. Het gaat niet alleen over de ondergrond, maar ook over wat mensen er altijd over gedacht hebben. Waarom is de ondergrond afschrikwekkend en de hemel paradijselijk? Waarom zit het paradijs in de hemel en de hel in de ondergrond? Waarom kijken verliefde mensen naar de maan en gestrafte mensen naar de grond? De ondergrond zit toch een beetje in een verdomhoekje. De Hel van Dante zit erin, de rivieren van pek en Lucifer. Die drang om dat verhaal te vertellen is groter dan de drang hier de laatste punten nog aan de potloden te slijpen. Ik heb hier iets op willen zetten in Delft, een onderzoeksgroep die driedimensionale modellen maakt van sedimentatie. Hoe gedragen delta’s zich als de zeespiegel stijgt? We hebben het er niet over gehad en het komt ook niet voor in mijn boek, maar dat is wat ik hier gezaaid heb. Dat loopt nu ook zonder mij door.”

x 19 maart 2010 om 15.00 uur in de Aula, ‘Onder de groene zoden begint het pas’, afscheidsrede Salomon Kroonenberg 22 maart 2010 op Radio 1 tussen 15.25 en 15.40 uur: Kroonenberg te gast bij VPRO Noorderlicht radio. Begin 2011 komt Kroonenbergs nieuwe boek uit: ‘Waarom de hel naar zwavel stinkt’.


DELTA. 09 11-03-2010

10

lifestyle

Nostalgische geluiden Computergeluid is al zo oud als de computer zelf. Op de tentoonstelling BliepBliep! zijn de meest opmerkelijke en herkenbare gamegeluiden verzameld en dat levert een feest der herkenning op. xRobert Visscher

De herenhockeyploeg van Dopie (lichtblauwe shirts) boekte tegen Spijkenisse een belangrijke zege (3-2) in de strijd tegen degradatie. (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX))

De hockeyers mochten zondag voor het eerst na de winterstop weer de wei in voor de hervatting van de competitie. Op het TU-sportcomplex verloren de vrouwen van Dopie kansloos met 6-0 van Voorne. De herenploeg daarentegen behaalde een zwaarbevochten 3-2 overwinning op Spijkenisse, dankzij drie treffers van Mark Charney, waarvan een uit een strafcorner. Op grond van het wedstrijdbeeld een terechte overwinning vond aanvaller Pieter Verhoeven. “Wij hadden meer balbezit en crëerden wat meer kansen.” Niettemin keken de Virgilianen halverwege tegen een 2-1 achterstand aan. “We gaven een 1-0 voorsprong weg en zagen de bui alweer hangen: niet wéér. We hebben dit seizoen te vaak een voorsprong uit handen gegeven.” Na de rust kwam de thuisploeg toch weer op een score in eigen voordeel: 3-2. “Daarna was het nog even billenknijpen. We gooiden de zaak achterin op slot, maar zij kregen toch nog een paar mogelijkheden.” Aan het begin van het seizoen uitte Verhoeven als commissaris tophockey op de clubsite de verwachting met de nieuwe coach Mohammed Akmal zo snel mogelijk terug te kunnen keren naar de eerste klasse, waaruit het team afgelopen jaar degradeerde. “Die ambitie is doorgeschoven naar volgend jaar”, zegt Verhoeven nu. Hoewel hij erkent dat het raar klinkt uit de mond van een speler die met zijn team onderaan staat in de tweede klasse, ziet hij de toekomst optimistisch in: “Gezien onze kwaliteit hadden we eigenlijk bij de bovenste vier moeten staan. In de zomer zijn er een stuk of zeven oudere spelers weggegaan, nu hebben we een heel jong team. Daarmee gaan we het dit seizoen zeker redden. Dat we volgend jaar om promotie gaan strijden, sluit ik bepaald niet uit.” Of DSR-C het gaat redden om op het hoogste nationale rugbyplatform te mogen blijven spelen, is uiterst onzeker. In de voorbije weken haalde de ereklasser belangrijke punten tegen Diok (3-3) en REL (16-3). Zondag lieten de Delftenaren het echter flink afweten tegen Sparta. In Rotterdam kwam de studentenploeg nog wel op voorsprong. “We hebben lang voorgestaan”, haalde Lars de Lange de wedstrijd terug in beeld. “Maar in de tweede helft zaten we er qua concentratie ineens doorheen. We werden volledig overlopen. Op dit niveau is concentratieverlies dodelijk.” Zondag staat het slotduel met AAC op het programma. De Delftenaren moeten die wedstrijd sowieso winnen om rechtstreekse degradatie te voorkomen, maar zijn ook afhankelijk van de uitslag van het gisteravond geplande inhaalduel ‘t Gooi-AAC. Wie ook van contactsport houdt en vrouw is, kan zich aanmelden voor de speciale thaibokstrainingen voor vrouwen die de TU aanbiedt vanaf 17 maart. Er zal volgens de aankondiging aandacht zijn voor ‘de vrouwelijke aspecten, zoals conditie en uithoudingsvermogen’. Spinnen voor een goed doel, dat kan op 29 maart tijdens de fight cancer spinning marathon. (JT)

x site.snc.tudelft.nl

x Tips? Jimmy.tigges@hetnet.nl

stephan

Sport

Om veel meer dan een geel bekje dat streepjes opvreet gaat het eigenlijk niet. Toch is Pacman (1980) van de Atari 2600 een van de meest succesvolle games ooit. Meer nog dan de beelden spreekt het geluid tot de verbeelding. Op de gang van het Techniek Ontmoetings Punt (TOP) is namelijk al het stressvolle geluid te horen van de game. Een lage toon klinkt voor elk streepjes dat in het bekje verdwijnt, terwijl hij op de hielen wordt gezeten door roze spookjes. Als Pacman een bolletje pakt en daardoor de spookjes op kan vreten, klinken psychedelische hoge tonen als een snelle beat. Zonder ook maar iets te zien, weet iemand die het spel ooit heeft gespeeld wat er op het scherm gebeurt. Natuurlijk laten de graphics te wensen over. Alles ziet er door de ogen van een gamer uit 2010 ontzettend simpel uit. De spookjes ‘bewegen’ doordat blokjes aan de onderkant van hun lijf van de ene naar de andere kant gaan. Maar dat doet niets af aan het spel en het opfokkende geluid. Want zelfs nu nog is Pacman verslavend. Dat kan de bezoeker aan den lijve ondervinden bij de tentoonstelling. Daar staat namelijk een Atari 2600 met Pacman aangesloten op een televisie. Al zo lang er computers zijn, is er computergeluid. Een interessante documentaire die op de tentoonstelling wordt vertoond, vertellen een bejaarde man en vrouw over de berekeningen die zij uitvoerden op computers. Dat waren toen nog reusachtige apparaten. Uit de apparaten kwam volgens hen ‘te boem, te boem, te boem, pssss’. Aan dat geluid kon een aantal medewerkers zelfs horen of een berekening goed was uitgevoerd. Computersounds namen pas echt een grote vlucht,

Pacman is een van de meest succesvolle games ooit. (Illustratie: Diyomarcade)

vooral voor het grote publiek, met de introductie van (spel)computers als Atari, Commodore, Nintendo en Sega. De Commodore was daarvan de enige spelcomputer waarop je zelf deuntjes kon maken. Op de tentoonstelling is te zien dat hoe de Nederlander Jeroen Tel vanaf 1984 op zijn Commodore melodietjes componeerde. Met zijn demomuziek vertrok hij naar Londen, waar alle gameproducenten bij elkaar zaten.

‘Te boem, te boem, te boem, pssss’ Daar verkocht hij zijn muziek en componeerde onder meer voor de legendarische spellen Lemmings, Robocop 3 en Golden Axe. Het is fascinerend hoe Tel driestemmige muziek met een harde beat uit de Commodore wist te halen. Maar uiteindelijk is het toch het leukste om de spellen zelf te spelen op de tentoonstelling. Helaas zijn er geen spellen te spelen met muziek van Tel. Er is wel een Commodore 64 aanwezig, maar daarop kan alleen het saaie ‘Lazarian’ gespeeld worden met behulp van een joystick. Het

karakteristieke toetsenbord met de snel opverende toetsen zit achter glas. Het is een gemiste kans dat er niet geprogrammeerd mag worden op de Commodore. De bezoeker kan wel bij een oude MB Vectrex uit 1983 terecht. Dat was een computer met een ingebouwd klein beeldscherm. Op de tentoonstelling is het schietspel ‘Minestorm’ te spelen. Met een ruimteschip moet je stervormige, oplichtende creaties kapot schieten. Even verderop staat misschien wel het simpelste spel ooit gemaakt: Pong (1975) van Atari. Bij dat spel hoef je niets anders te doen dan met een balkje een balletje kaatsen. Het balkje wordt aangestuurd door een draaiknop. Maar de gameplay is virtuoos in alle simpelheid. En ook het geluid is geweldig. De zenuwslopende ‘pong’ als de bal het balkje raakt, waarvan je nekharen overeind gaan staan en de vernietigende bliep als er gemist wordt.

x BliepBliep! is tot en met 2 mei te zien in TOP Delft, Hippolytusbuurt 14.


DELTA. 09 11-03-2010

hoe overleef ik...

…mijn rol als keukenprins(es)? (Met heel veel tips om vals te spelen!)

Daar zit je dan, tussen de vuile vaat in je toch al krappe studentenkeuken. Spannende date in het vooruitzicht en grootse culinaire plannen, maar één probleempje: je kunt nog geen ei bakken. Geen nood! Vanaf nu geeft Delta de beste trucs om je studentenbestaan te overleven. Deze keer: kook jezelf tot keukenprins(es). xJorinde Hanse De aardappeleters Hoe zat het ook alweer? Schillen, een vingerkootje water erboven en dan koken – maar hoe lang eigenlijk? Doe het makkelijk: stop je aardappels in de magnetron. Laagje water erbij (ze hoeven zeker niet onder te staan) en vier minuten op vol vermogen. Nóg makkelijker: doe hetzelfde met een paar grote, ongeschilde aardappelen (wel gewassen natuurlijk) en serveer er knoflooksaus bij. Toch maar de ouderwetse manier? Een klontje boter in de pan voorkomt overkoken, en dus extra schoonmaakwerk. Wat overblijft houd je in een laagje koud water trouwens nog dagen goed in de koelkast.

Pimp it Blijf realistisch: elke chef-kok is klein begonnen. Waarom pizzadeeg kneden als je kant-en-klare bodems kunt kopen? En wilde jij echt tomaten pellen als de gepelde uit blik net zo lekker zijn? De kunst zit ‘m in het pimpen. Met wat (verse) kruiden bijvoorbeeld en de favoriete toppings van je date. Wist je trouwens dat je tenen knoflook gewoon ongepeld in de knijper kunt stoppen? Pas wel op waarmee je sjoemelt: aardappelpuree uit een pakje is veel minder lekker dan the real thing, en fruit uit blik kan écht niet bij je toetje dat naar meer moet smaken…

Keep it simple Beter één overheerlijk, simpel gerecht, dan vijf gangen mislukking. Probeer eens een goede stamppot, nu je alles weet van aardappels. De Hollandse keuken is onderschat, en bij een kaarsje reuze romantisch. Maar het allermooiste: het kan eigenlijk niet mislukken.

Ojee, we zijn de boodschappen vergeten Geeft niks. Er ligt vast nog wel wat verlepte groente in de koelkast. Kwestie van de lelijke stukken eraf snijden, de left-overs besprenkelen met koud water en in een theedoek een uurtje in de koelkast leggen. Ook nog wat oude patat over? Mooi! Even in de oven en hij is weer net zo lekker als eerst. Gaat trouwens ook op voor chips. Ten slotte: als je achter in de vriesla echt geen verdwaalde visstick meer kunt vinden en er geen ham meer is om je groenten in te wikkelen, is er altijd nog de gebakken plak kaas. Klein beetje natmaken, door bloem en paneermeel (of fijngemaakt beschuit) halen en bakken in lekker veel boter. Hmmm…

Ik snij alcoholvrij Geen diner zonder borrel vooraf. Maar wacht even voor je echt losgaat. Zo’n vleesmes is best scherp na een paar biertjes, en bovendien proef je na vijf glazen niet meer of je eten lekker is. Dat kan voor je gezelschap natuurlijk een pluspunt zijn (vergeet dus niet tijdig bij te schenken)…

Morning after Maar ja, nobody’s perfect. Dus wat nu te doen met je zwartgeblakerde pannen? Zet ze een nacht in een laagje azijn, of warm water met een theelepel soda. Ga je voor snel resultaat? Een staalspons doet wonderen. Nog beter: ruil de restjes van je diner met je huisgenoten (die hebben vast ook iemand om indruk op te maken) tegen een flinke schoonmaakbeurt.

x Mocht het na dit alles toch nog fout gaan: www.justeat.nl/restaurants-deliver24 www.kleinegriek.nl www.surinaamsesnackssitara.nl www.pekingwok.nl www.newyorkpizza.nl

11

lifestyle

‘De mensen zitten vol verhalen’ Het leven in Rusland vergt veel flexibiliteit. Niets gaat zoals gepland en elke dag is een verrassing. Volgens correspondent Jelle Brandt Corstius is dit land een goudmijn voor journalisten. xPascale Warners Moskou. (Foto: VPRO)

“Ik heb veel plekken op de wereld gezien”, vertelt Brandt Corstius “maar tijdens mijn eerste reis richting het Oosten, wist ik dat ik hier terug zou komen.” Samen met een vriend reisde hij in 2000 naar de Oekraïne. Bij thuiskomst besloot hij om naast zijn studies geschiedenis en journalistiek, Russisch te gaan leren. Toen hij in 2005 de kans kreeg als Rusland-correspondent voor Trouw te werken, verhuisde hij naar Moskou. Daar schreef hij in vier jaar tijd het boek ‘Rusland voor gevorderden’, en maakte hij de televisieserie ‘Van Moskou tot Magadan’. Het vervolg hierop ‘Van Moskou tot Moermansk’ is nu iedere zondagavond te zien bij de VPRO. Brandt Corstius geeft de kijker een goed beeld van het dagelijks leven van de gewone Rus. “De mensen zitten vol verhalen en zijn fascinerend. Elk verhaal is te herleiden tot de drang om te overleven. Als journalist heb je in Rusland een luxeprobleem. Iedere dag zijn er bijzondere ontmoetingen en heb je de keuze uit wel vijf verschillende verhalen. De mensen willen graag hun ei kwijt. Veel voorvallen in de serie deden zich spontaan voor. Dat vind ik zelf de charme van Rusland: je weet zeker dat het nooit gaat zoals jij gepland hebt. Afspraken worden verzet en alles gaat mis, alsof je het lijdend voorwerp van je eigen leven bent.” Het Russische landschap bestaat volgens Brandt Corstius voor negen-

tig procent uit wat de Russen Taiga noemen. Wie de Trans-Siberische spoorlijn neemt, zit een week in de trein en ziet voornamelijk eindeloze berkenbossen en naaldbomen. Het is er vlak met af en toe een huisje. Hij beschrijft Rusland als een land waarin plannen van de regering nauwelijks tot resultaten leiden en wetten niet worden nageleefd. “De politie is er niet te vertrouwen. Het is

‘Het is vooral het gevoel van ruimte dat ik in Nederland zo mis’ een van de meest gehate instituties vanwege machtsmisbruik.” Moskou is volgens hem een onaantrekkelijke, vervuilde stad waar dagelijks 900 tot 1000 kilometer file staat. Als je een woning wilt die voldoet aan onze Westerse standaard, ben je er 7000 tot 8000 euro per maand kwijt. Ook het platteland kent zijn problemen. Naast een slechte infrastructuur is vooral het drankprobleem van de mannelijke bevolking een groot zorgpunt. Gemiddeld wordt er per inwoner van Rusland zeventien liter pure alcohol per jaar geconsumeerd. Na de val van de muur is het alcoholgebruik verviervoudigd. “Ik kwam eens in een dorp waar iemand zich net had dood gedronken. Op het moment van de begrafenis waren er niet voldoende nuchtere mannen in

het dorp om de kist naar het graf te dragen.” Ook de economische crisis trekt een wissel op het leven in Rusland. Brandt Corstius bezocht steden die volledig afhankelijk zijn van de auto-industrie. “Daar hebben de werknemers al een tijd nauwelijks iets te doen. Tot nu toe zijn pijnlijke beslissingen uitgesteld omdat Rusland een flinke spaarpot had vanuit de olie-industrie. Die geldreserve kan dit jaar wel eens op raken. Het is de vraag of Poetin en Medvedev dan overleven. Hun macht was vooral gebaseerd op de gebrachte welvaart. Als straks hele steden zonder werk zitten, is er geen ontkomen aan hervormingen. Dan moeten er maatregelen genomen worden zoals het toelaten van buitenlandse investeerders en het verlagen van de importheffingen.” Het beeld dat Brandt Corstius schetst, klinkt niet bepaald rooskleurig. Wat maakt Rusland dan toch zo aantrekkelijk? “Het is vooral het gevoel van ruimte dat ik in Nederland zo mis. Je kunt hier tien uur over het land vliegen, zonder dat het einde in zicht is. Van Rusland leerde ik om geduld te hebben en in te zien dat het helemaal niet zo erg is als je dingen niet zeker weet.”

x

Studium Generale-lezing van Jelle Brandt Corstius over het leven in Rusland. Op 15 maart, Het Prinsenhof, ingang Oude Delft 183, aanvang 20.15 uur. Toegang is gratis.

time out

Groen bier Hoera, weekend! Je kúnt natuurlijk het museum in, maar bier drinken kan ook heel cultureel verantwoord zijn. Tijdens het St. Patrick’s Festival, bijvoorbeeld. Gek, eigenlijk: Halloween, Valentijnsdag en zelfs Thanksgiving zijn al jaren doorgedrongen in Nederland, maar de allerleukste buitenlandse feestdag, de Ierse St. Patrick’s Day, kent niemand. Zonde, dat ziet Den Haag gelukkig ook wel. Dus wordt dit weekend een heus festival gehouden rond de feestdag, in de Ierse kroegen van de hofstad én het Paard van Troje. Dat is qua drank natuurlijk genieten – want echt, de smaak van Guiness moet je gewoon leren waarderen – maar vooral op het gebied van muziek valt er veel te beleven. Zo staan op vrijdag in pubs The Fiddler, O’Caseys, The Poteen Still

en The Shillelaigh Ierse singer/songwriters en bands op het podium, onder wie Rosie Finnegan. Zaterdag wordt het festival groots aangepakt in het Paard van Troje, met namen als Something Happens, Dolerentos en The John O’Gods. Maar wat is het nu eigenlijk, St. Patrick’s Day? Kort samengevat is het dé nationale Ierse feestdag om de beschermheilige van het land, Sint Patrick dus, te herdenken. Qua aanpak vergelijkbaar met Koninginnedag, maar dan wereldwijd en met groen als themakleur – zelfs doorgevoerd in het bier. Vergeet als eendags-Ier alleen niet bij ieder glas een toast uit te spreken: Here’s to a long life, and a merry one; a quick death, and an easy one; a pretty girl, and an honest one; a cold beer - and another one! (JH)

x

St. Patricksday Festival, vrijdag 12 maart in de Ierse pubs in Den Haag en zaterdag 13 maart in het Paard van Troje. www.stpatricksdayfestival.nl


DELTA. 09 11-03-2010

12

reportage

Master hier, Hoe scoren Delftse masteropleidingen ten opzichte van die in andere steden? De Keuzegids Masters 2010 vergeleek ze per vakgebied op basis van oordelen van deskundigen en studenten. xConnie van Uffelen Het Hoger Onderwijs Persbureau vergeleek 474 van de 1300 masteropleidingen in Nederland. Dat gebeurde aan de hand van gegevens uit de Nationale Studentenenquête en uit visitatierapporten voor accreditatie van opleidingen. De TU Delft belandt volgens de Keuzegids met 58 van de 100 punten in de zwakkere groep, net zoals de Universiteit Utrecht en de Vrije

Universiteit in Amsterdam. Wageningen en Nyenrode scoren het best met 69 punten. Dat Eindhoven er van de technische universiteiten net wat beter uitspringt, zag de Keuzegids eerder ook al bij de bachelors. Eindhoven scoort na beoordeling van 13 masters 63 van de 100 punten. Delft haalt 58 punten na beoordeling van 21 masters. Het verschil zou vooral liggen aan enkele opleidingen, waaronder natuurkunde, human technology en innovation sciences. De beoordeelde Delftse masters scoren wisselend, ondanks het feit dat de TU volgens directeur onderwijs & studentenzaken Anka Mulder al jaren investeert in curricula, training voor docenten, faciliteiten en logistieke processen. Technische wiskunde en management of technology bijvoorbeeld, eindigen in hun vakgebied bovenaan. Computer engineering en chemical engineering eindigen juist onderaan. Een aantal zaken herkent Mulder

niet. “Zo scoort werktuigbouwkunde laag in de Keuzegids, maar prima in Elsevier.” Verder zegt Mulder dat het bij sommige opleidingen gaat om enquêtes die in 2006 zijn gehouden en dat bij een aantal opleidingen zeer kleine groepen studenten zijn ondervraagd. “Bij life science & technology waren het er negen.” Uit de gids blijkt dat Delftse stu-

Delftse studenten klagen vaker over studeerbaarheid denten vaker klagen over studeerbaarheid. Ze doen volgens Mulder van alle Nederlandse studenten het langst over hun studie. “Onze studenten kunnen daar last van krijgen als ze de arbeidsmarkt op gaan. Soms ligt het probleem bij studenten zelf, soms bij de opleiding.” Om de studeerbaarheid te verbeteren denkt Mulder aan een logischer

'Creatieve chaos' bij Bouwkunde. (Foto’s: Hans Stakelbeek/FMAX) opbouw van een curriculum. Verder wil zij de studielast werkelijk laten overeenkomen met 180 en 120 studiepunten en wil zij voorkomen dat docenten en studenten de zes maanden voor afstuderen uitrekken

naar anderhalf jaar. Tot slot wijst Mulder er op dat uit de WO Monitor 2009 blijkt dat van de 471 ondervraagde afgestudeerde TU-ers 86 procent aangeeft dezelfde opleiding te kiezen.

Industrieel ontwerpen

Bouwkunde

Wiskunde

Het Delftse design for interaction en het Eindhovense industrial design gaan aan kop (69 van de 100 punten) met hoge cijfers voor inhoud, keuzeruimte en samenhang van vakken. Delftse studenten vinden hun opleiding minder zwaar dan Eindhovense en beoordelen hun werkvormen als goed. Het Delftse strategic product design (65 punten) en het Twentse industrial design engineering (59 punten) vormen de middenmoot. Het Delftse integrated product design scoort met 53 punten een stuk lager. De opleiding haalt uitsluitend voldoendes, maar studenten zijn op bijna alle aspecten minder tevreden dan elders. De Keuzegids raadt Eindhoven aan, maar noemt Twente en Delft ‘geen slechte keuze’.

‘Voel je je thuis in een creatieve chaos, dan is de architectuurmaster in Delft misschien de perfecte plek voor je. Maar als je wat meer structuur en discipline wilt, kun je zeker de stap naar Eindhoven overwegen – of naar civiele technologie in Twente. Met een half jaar schakelen kom je daar binnen.’ Van studenten is er alleen een oordeel over architecture, urbanism & building sciences in Delft en architecture, building and planning in Eindhoven. Beide opleidingen scoren duidelijk lager dan het landelijk gemiddelde van alle masters. Het feit dat toparchitecten lesgeven, blijkt geen garantie voor een samenhangend programma dat studenten goed voorbereidt op de praktijk. Ook over hun begeleiding en de contacten met de opleiding zijn studenten kritisch. Naar verhouding scoort Eindhoven met 52 punten wat beter dan Delft (45). Zowel de docenten als de faciliteiten worden hoger gewaardeerd.

Beoordeelde opleidingen doen het goed tot zeer goed. Van de vijf beoordeelde masters scoorde het Delftse applied mathematics met het Leidse mathematics als beste: 75 punten. In Delft zijn studenten vooral zeer tevreden over aansluiting, communicatie en de faciliteiten. Bij alle opleidingen zijn studenten tevreden over de inhoud en organisatie van de opleiding en de kwaliteit van de docenten.

Decaan Cees de Bont: “Complimenten voor Eindhoven, dat een opleiding met smoel heeft neergezet. Ik gun Eindhoven veel studenten: het afgelopen jaar hadden wij 370 eerstejaars studenten en dat is meer dan ons lief is. De scores in visitatierapporten lagen dicht bij elkaar en in de keuzegids worden ze tekstueel wat uit elkaar getrokken. Dat doet de werkelijkheid geweld aan. Onze studenten zijn kritischer. Bij de meer regionale opleidingen nemen studenten voor lief dat bepaalde faciliteiten ontbreken, waar wij die wel hebben. Integrated product design was bij het invoeren van bachelor-mastersysteem een continuering van het oude programma. De andere twee masters waren nieuw en scoren heel hoog. We gaan ze nu alle drie herzien.”

Decaan Wytze Patijn: Patijn vindt de term ‘creatieve chaos’ positief. “Wij stellen eisen aan zelfwerkzaamheid en creativiteit. Bij ons moet je meer zelf doen. Je wordt niet aan de hand genomen. Improviseren en zelfstandigheid horen bij de opleiding.” Patijn wijst er op dat de oordelen over de minder goede samenhang uit 2007 komen. “Ik herken het, maar na die tijd is juist hard gewerkt aan samenhang. En nu nog steeds. Wij zijn echt bezig om de studeerbaarheid en helderheid van het programma te vergroten door minder keuzevakken en een duidelijker pakket te bieden.”

Elektrotechniek Masters op het gebied van elektrotechniek lopen niet ver uiteen in de kwaliteitsoordelen. De meesten scoren een goede voldoende. Deskundigen zien geen reden tot zorg, maar geven ook geen complimenten. Bij alle drie TU’s zijn studenten tevreden over de keuzeruimte, maar vinden ze de opleidingen nogal pittig. Bij de master embedded systems loven Delftse studenten de werkvormen. Twentse studenten prijzen de gebouwen en voorzieningen. In Delft, maar vooral in Eindhoven, vinden studenten de master electrical engineering minder goed te doen. In Eindhoven is de aansluiting op de bachelor niet optimaal. De Twentse opleiding scoort met 71 punten iets hoger dan die in Delft (63) of Eindhoven (64), maar doorslaggevend is dat verschil nauwelijks, aldus de Keuzegids. De Delftse opleiding krijgt op veel aspecten ‘een meer middelmatige waardering’.

Informatica Delftse studenten zijn net iets meer tevreden dan Eindhovense en Twentse studenten over de master computer science, wat betreft de inhoud, de keuzeruimte en de samenhang van de vakken. De Vrije Universiteit scoort ietsje beter dan Delft, maar Delft, Twente en de Open Universiteit ‘oogsten applaus voor hun ruime keuzemogelijkheden’. Bij de Delftse master computer engineering vallen aansluiting, samenhang en studeerbaarheid volgens studenten wat tegen. De algemene computer science masters zijn volgens de Keuzegids niet slecht, maar horen ook niet bij de hoogst scorende universitaire masters.

Mens-machine interactie Bij de master mens-machine interactie blijft Delft met media & knowledge engineering (mke, 57 punten) achter, vooral door een matige aansluiting en een wat minder haalbaar programma. Eindhoven oogst lof van studenten en deskundigen voor het projectmatige onderwijs en de docenten (totaalscore: 79 punten). Ook brain and cognitive sciences van de Universiteit van Amsterdam scoort hoog (77 punten) en Twente lijkt met 68 punten voor human media interaction een prima master te hebben. De Keuzegids stelt dat het gerechtvaardigd lijkt twijfels te hebben bij de Delftse opleiding, zeker omdat Twente en in mindere mate Eindhoven inhoudelijk gedeeltelijk vergelijkbare masters bieden.

Herman Russchenberg, onderwijsdirecteur EWI: “Wiskunde is intensief bezig met didactiek, omdat het een belangrijk basisvak is voor techniekonderwijs. Dat vertaalt zich in goede beoordelingen. Bij elektrotechniek en computer engineering hebben we veel zij-instromers: buitenlandse studenten en hbo’ers. Voor hbo’ers kijken we naar schakelprogramma’s. Bij buitenlandse instroom moeten we misschien beter naar selectie kijken. De aansluiting bij eigen bachelorstudenten gaat erg goed. Misschien moeten we het verschil in oordeel van deze drie groepen eens onderzoeken. Voor mke vraag ik me af wat het oordeel waard is met een instroom in 2008 van twee studenten voor Eindhoven, drie voor Twente en zeven voor Delft. We kijken naar samenvoeging van masters: mke met computer science en van computer engineering met embedded systems.”


DELTA. 09 11-03-2010

13

reportage

master daar Constructiewetenschappen

Bèta en beleid

Het Delftse systems and control is met 89 punten kampioen: deskundigen geven complimenten en studenten een daverend applaus. Van Eindhoven en Twente ontbreken gegevens. Op forse afstand maar nog steeds met goede scores volgen aerospace engineering in Delft en medical engineering in Eindhoven (beiden 77 punten). Bij alle TU’s scoort mechanical engineering ruim voldoende. Delft krijgt weinig kritiek, maar ook weinig complimenten. Het Delftse marine technology is met een krappe voldoende ‘een zwakke broeder’. Zij krijgt lagere beoordelingen op samenhang, werkvormen, docenten en communicatie.

Onder studenten is de Delftse master management of technology de topper met een hele rits complimenten vooral voor samenhang en haalbaarheid. Deskundigen zijn neutraal en geven innovation sciences in Eindhoven het meeste applaus. De Utrechtse opleidingen natuurwetenschappen & bedrijf en science and innovation management vormen de middenmoot. De twee Delftse masters engineering and policy analysis en systems engineering, policy analysis & management krijgen vooral de kritiek dat ze moeilijker te doen zijn. Ook het contact tussen de studenten en de TU kan beter. ‘De opleidingen zijn inhoudelijk nogal divers van aard, zodat kiezen op grond van inhoud voor de hand ligt. Delft en Eindhoven bieden ieder in elk geval een programma aan dat zonder meer is aan te bevelen.’

Onderwijsdirecteur Els van Daalen (Techniek, Bestuur en Management): “Op zich vinden we het geen probleem als onze opleidingen zwaar zijn. Wel willen we dat meer studenten hun opleiding afronden binnen de gestelde tijd. Vertraging is voor een belangrijk deel te wijten aan de afstudeerfase. Vroeger was het niet zo belangrijk hoe lang je daar over deed. Die cultuur is nog niet over. We onderzoeken de voortgang van studenten en benadrukken bij studenten en docenten dat projecten haalbaar moeten zijn in de daarvoor gestelde tijd. Door de veelheid aan informatie is het vaak moeilijk voor studenten om de juiste informatie te vinden. Daarvoor ontwikkelen we nu een graduation site in navolging op de study abroad site.”

Onderwijsdirecteur Peter Wieringa (3mE): “Deze opmerkingen slaan op bachelorvakken. Zo’n dertig procent van de bachelorvakken bij werktuigbouwkunde en maritieme techniek wordt gezamenlijk doorlopen. De opleidingsstructuur en de onderwijsvoorzieningen zijn hetzelfde. Toch verschillen studentenoordelen vaak flink en verschillen resultaten in het nadeel van maritieme techniek. Als voornaamste oorzaak wordt het curriculum genoemd dat heeft geleden onder de invoering van de minors. Daarnaast leveren moeilijk vervulbare vacatures een grote onderwijsdruk met voorspelbare consequenties. Bij verbeteringen werd en wordt systems and control als best practice ingezet vanwege de degelijke opleidingsstructuur, commitment van de docenten en management, en de verwevenheid van onderwijs en onderzoek in veel toepassingsgebieden.”

Biologie en life sciences Volgens de Keuzegids is het onderwijs in de groep van life sciences en bio-informatics prima tot meer dan prima. Toch krijgt het Leids/Delftse life science and technology ‘maar’ 65 punten. Vooral de studeerbaarheid scoort minder. De aansluiting, de samenhang in de vakken en de communicatie beoordelen studenten hier als goed. Het Wageningse programma molecular life sciences spant echter de kroon met 85 punten: op alle onderdelen krijgt het lof toegezwaaid, of het nu gaat om de docenten, de gebouwen of de samenhang tussen de vakken. Voorbereiden op een loopbaan doen alle masters zeer goed.

Natuurkunde Studenten in Eindhoven oordelen positiever over toegepaste natuurkunde dan studenten in Delft, die het programma aan de zware kant vinden. Eindhovense studenten waarderen hun docenten, de communicatie, de samenhang van de vakken en de voorbereiding op hun loopbaan als zeer goed. Delftse studenten waarderen die als gemiddeld. In Enschede kan de communicatie en organisatie beter. Deskundigen vinden beide masters op alle punten (ambitie, niveau programma, niveau en kwaliteit personeel en niveau afgestudeerden) even goed. Totaalscore: Eindhoven 85 punten, Enschede 71 en Delft 67. Toegepaste natuurkunde doet het volgens de Keuzegids prima in Eindhoven, ‘maar daarvoor kun je ook goed terecht in Enschede en Delft.’

Scheikunde en chemische technologie Delft scoort met chemische technologie minder goed dan Twente (55 respectievelijk 64 punten). Dat verschil zit hem in de studentenoordelen want deskundigen zijn neutraal. Studenten vinden Delft aanmerkelijk moeilijker en geven hun docenten en de samenhang van de vakken een lager cijfer dan in Twente. Toch wijst de Keuzegids bij de engineering-programma’s ‘geen absolute aanrader aan, hoewel Twente relatief hoog scoort’. Van de beoordeelde programma’s vinden studenten de Utrechtse master chemische wetenschappen de beste (totaalscore: 75).

Onderwijsdirecteur Rob Mudde (Technische Natuurwetenschappen): “Bij al deze opleidingen oordelen Delftse studenten kritischer. Dat is al decennia zo. Kritisch zijn mag en is volwassen gedrag. Leef er mee en zorg dat het beter wordt. We hebben geen masters om ons voor te schamen. Deskundigen vinden de masters voor natuur- en scheikunde redelijk vergelijkbaar. Voor onze opleidingen heb je wat meer specifieke talenten nodig. Het is jammer dat wij onderaan staan. Dat is een opdracht aan onszelf. Het curriculum voor chemische technologie is nog niet zo lang geleden strenger gemaakt om aan te sluiten bij de internationale standaard. Als studenten zeggen het gemakkelijk te vinden, lijkt me dat niet goed.”

Civiele techniek Bij civiele techniek scoren Delft (civil engineering) en Eindhoven (civil engineering and management) goed. Zij krijgen een score van 68 respectievelijk 60 punten. Het verschil zit hem in het hogere gehalte ‘zware’ constructietechniek van Delft. Zeker als je een topspecialist wilt worden in de ‘zware’ bouwtechniek zoals bruggen, spoorlijnen of grote betonconstructies, is Delft volgens de Keuzegids the place to be. In Twente ligt de nadruk meer op moderne bouwtechnieken en planning. Deskundigen waren onder de indruk van het niveau van deze opleidingen. Ook de studenten geven een gunstig oordeel. Dat geldt nog iets sterker voor Delft dan voor Enschede. De opleiding is zwaar maar inhoudelijk zeer interessant. En de faciliteiten zijn er beter dan in Twente.

Decaan Louis de Quelerij: “Ik zie in deze positieve beoordeling een bevestiging van de kwaliteit van onze onderwijscurricula. Juist de combinatie van een pittige bètakern met concrete toepassingen, maakt de masteropleiding niet alleen zeer uitdagend, maar biedt afstudeerders ook uitstekende arbeidsmarktperspectieven in binnen- en buitenland. Voor studenten die zich vooral willen richten op het management van civiele projecten vormt de 3TU-opleiding construction management and engineering een nieuw alternatief die ook door de faculteit wordt verzorgd.”

IO in Delft is 'geen slechte keuze' volgens de Keuzegids.

x www.keuzegids.org


DELTA. 09 11-03-2010

H&J Uitgevers_2x70_zw-w 14

service

Aankondigingen Algemeen Vakken Alle ingenieurs krijgen ooit met intellectueel eigendom te maken. Het Delft Centre for Entrepreneurship biedt hierover een keuzevak aan voor masterstudenten en aio’s in het 4e kwartaal. In dit vak leer je de verschillende vormen van Intellectueel Eigendom kennen en gebruiken. Inschrijving kan via Blackboard: WM0781TU. Voor meer informatie kun je contact opnemen met Susan Tate, S.C.Tate@tudelft.nl. Valorisation Centre Het Valorisation Centre organiseert informatie bijeenkomsten voor de wetenschappers van de TU Delft. Voor meer informatie en aanmelding kunt u terect op www.valorisationcentre. tudelft.nl. TU-geschiedenis Zaterdag 13 maart om 10.30 uur vindt de voordracht 'TH in de jaren vijftig' door techniekhistorica drs. Frida de Jong (TBM) plaats in het Cultureel Centrum, Mekelweg 10, met aandacht voor het gedenkboek van 1955 en de fotoserie van Paul Huf daarin. Toegang gratis. Aanmelding: hissinkla@planet.nl. Science Café Leiden Op dinsdag 16 maart vanaf 20.00 uur zal prof. Cees Dekker voor het Science Café Leiden de lezing ‘Nanobiologie: nieuwe mogelijkheden op de grenzen van nano en bio’ verzorgen in de Foyer van het LAK theater, Cleveringaplaats 1, Leiden. Toegang is gratis. Zie www. sciencecafeleiden.nl voor meer informatie. Innovatieworkshop Op vrijdagmiddag 19 maart van 13.00-18.00 uur verzorgt D-Incert een innovatiework-

shop op de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de TU Delft over de gevolgen van elektrische mobiliteit voor de gebouwde omgeving. Er is een beperkt aantal plekken voor deelname, aanmelding kan voor 15 maart via p.a.h.vandervorm@ tudelft.nl. Bierhistorie Bierhistorie Delft organiseert op dinsdag 23 maart een bierproeverij. Deze bierproeverij begint om 20.00 uur en wordt gehouden in Bierlokaal De Klomp, Binnenwatersloot 5, Delft. De kosten voor deze proeverij bedragen 12 euro per persoon. Voor aanmelding en meer informatie zie www.bierhistoriedelft.nl of bel 06–25413178. Congres Spoorzone Op maandag 19 april zal er een congres worden gehouden over de Spoorzone. Diverse sprekers zullen belichten hoe de Spoorzone gebruikt zal kunnen worden. Entree bedraagt 10 euro per persoon. Aanmelden kan via www.aanmelder.nl/ delft_bouwt_aan_je_toekomst. Bij het kaartje zijn lidmaatschap van het WeSD en twee consumpties inbegrepen. Hidde Nijland Symposium Op 28 april vindt het Hidde Nijland symposium over ‘Elektrisch Vervoer’ plaats op de TU Delft. Inschrijven kan via de website www.hiddenijlandsymosium.nl. De kosten voor academisch personeel bedragen 85 euro en voor studenten 10 euro. Projectvoorstellen wetenschappers gezocht Stichting Imagine Life Sciences is voor de scholierenwedstrijd (4/5 havo en 4/5/6 vwo) van 2010-2011 op zoek naar wetenschappers die ons kunnen steunen en hun enthousiasme voor hun vak willen uitdragen

Minimaatjes Gez. L&R-ing. uit het ELDOtijdperk (1962–1970): ing. (of nabest.) in 60s betrokken bij European Launcher Development Organisation progr. in Woomera, Australie. Doel: research voor roman. A. van den Berg, anna@opatelier.nl, 0654717259. Stichting Delftse Natuurwacht zoekt vrijwilligers voor het begeleiden van activiteiten met kinderen van 8-14 jaar. www. natuurwacht.nl, 015-2783086 of j.f.m.molenbroek@tudelft.nl.

AC-HOP de vakbond voor Universiteitspersoneel. Voor informatie kijk dan op www. AC-HOP.nl.

14-05-2004

14:02

Voor advertenties bel met:

door het indienen van een projectvoorstel. Voor meer informatie kijk op www.foundationimagine.org of mail naar info@ foundation-imagine.org. Wij helpen daar Stichting 'Wij Helpen Daar' organiseert vrijwilligersprojecten in de zomer voor studenten in Servië, Bosnië en Kroatië. Kom voor een uitgebreid verhaal over de projecten naar de voorlichtingsavonden op 24 en 25 maart in Plexus om 19.30, Kaiserstraat 25, Leiden. Aanmelden via info@wijhelpendaar. org. Zie ook www.wijhelpendaar. org.

Studium Generale • Maandag 15 maart, 20.15 uur -
Jelle Brandt Corstius spreekt over het ‘Dagelijks leven in Rusland’. Hij doet verslag over zijn ervaringen uit het dagelijks leven als correspondent wonend en werkzaam in Rusland. Het Prinsenhof, ingang Oude Delft 183, Delft toegang gratis. • Dinsdag 16 maart, 20.15 uur ‘Tibetaans Boeddhisme’ door Frans Boenders. Een dubbellezing over de geschiedenis van Tibet en over het Tibetaans boeddhisme. Het Meisjeshuis, Oude Delft 112, Delft - toegang gratis. • Woensdag 17 maart, 20.15 uur Lezing ‘Zicht op de toekomst’ door Rudolf Das. Hij laat zien hoe we de energieproblemen kunnen aanpakken met behulp van nieuwe technologieën. DOK, Vesteplein 100, Delft - toegang gratis.

Student and Career Support Informatie Bij Student and Career Support kun je terecht voor een bezoek aan een studentendecaan,

een studentenpsycholoog, het Career Centre met studiekeuzeadviseurs en loopbaanadviseurs, en het Informatiecentrum. Voor de studentenpsychologen geldt dat het eerste contact loopt via het Open Spreekuur op dinsdag- of donderdagochtend van 11.30-12.30 uur. De studentendecanen en de loopbaanadviseurs houden een inloopspreekuur op dinsdag van 11.30-12.30 uur en de studiekeuzeadviseur op donderdag van 11.30-12.30 uur. Het Informatiecentrum (begane grond) is geopend van 9.00–17.00 uur. Er is documentatie beschikbaar over wo- en hbo-opleidingen, arbeidsmarkt, studie- en beroepskeuze, buitenlandse studies, enz. Bij de balie, telefonisch of via de email kun je een afspraak maken met een van de medewerkers. Bezoekadres: Jaffalaan 9a (ingang Mekelweg); tel. 0152788004. e-mail: studentandcareersupport@tudelft.nl website: www.studentandcareersupport.tudelft.nl Workshops Zie voor het totale aanbod www. smartstudie.tudelft.nl. Sociale Vaardigheden Leer voor jezelf op te komen, meer ontspannen gesprekken te voeren en effectiever met anderen om te gaan in de training Sociale Vaardigheden. Aanmelden en meer informatie op www.smartstudie.tudelft.nl. Online huurprijs check Is jouw huurprijs redelijk? Check www.huurcommissie. nl voor meer informatie en om helderheid te krijgen over huren en geschillen tussen huurder en verhuurder. Plateau Plateau is kennis- en manage-

mentontwikkelaar. Ze trainen, coachen en leiden kader en topkader in de vastgoedsector op in (maatschappelijk) ondernemerschap, stedelijke vernieuwing en leefbaarheid, (vastgoed) management, organisatieontwikkeling en communicatie. Traineeprogramma: ‘Talent in Huis’ Datum: september Voor dit programma werft Plateau jonge afgestudeerde mensen die drie maal een half jaar bij een woningcorporatie willen werken en daarnaast een intensief opleidingsprogramma volgen. Meer informatie is te vinden op www.talentinhuis.nl. WorkNtravel WorkNtravel is een jong bureau dat bemiddelt tussen vrijwilligers/stagiair(e)s en bedrijven. WorkNtravel is op zoek naar Nederlandse stagiair(e)s die stage willen lopen in Suriname. Meer informatie via info@ bluefrogtravel.net. International Office Het International Office, Jaffalaan 9a, is op werkdagen geopend van 9.00-17.00 uur. Je kunt ook vragen stellen via internationaloffice@tudelft.nl of telefonisch (015-2788012) een afspraak maken.

Nadenken over straks, als u er niet meer bent, is moeilijk. Maar een goed gesprek met de medewerkers van het Leger des Heils over uw zorgen, uw twijfels, eventueel uw geloofsvragen is vaak een hele opluchting. Wilt u hier meer over weten? Bel dan naar 036 - 539 81 62 of ga naar de website www.wiezorgterstraksvoorpietje.nl

Neem contact op met Hennie de Ruyter of met Mireille van Ginkel voor nadere informatie

GRATIS HYPOTHEEKGESPREK BIJ U THUIS (OOK IN DE AVOND) • Voor starters die inzicht willen in alle subsidiemogelijkheden • Voor doorstromers op de woningmarkt • Voor mensen die willen oversluiten Kortom bel ons: 015 215 78 00 voor een goede uitleg en deskundig advies! Oosteinde 25 • 2611 VA Delft • info@vwadviseurs.nl • www.vwadviseurs.nl

Delta Inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek 'Aankondigingen' in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@tudelft.nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur.

zoekt een enthousiaste studentenredactie!

Wie zorgt er straks voor Pietje?

T (010) 451 55 10 F (010) 451 53 80 E delta@henjuitgevers.nl

x

TUDELTA

Spelregels minimaatjes. Minimaatjes zijn niet toegankelijk voor het bedrijfsleven. Voor commerciële aanbiedingen en advertenties: H&J Uitgevers (adres in colofon). Minimaatjes zijn maximaal 200 tekens lang. Inleveren vóór vrijdag 14.00 uur via e-mailadres delta@ tudelft.nl.

H & J Uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJsel

Help mee in de strijd tegen kindersterfte Word nu lid van Unicef Bel 0800 1133

Net als vorig jaar zal Delta 18, die op 27 mei verschijnt, een studenteneditie zijn. Wil jij onderdeel zijn van een redactie van alleen studenten die één nummer van Delta gaan maken? Zodat je de universiteitskrant kunt maken die jij als student meteen zou willen lezen? Op 8 april is de eerste redactievergadering en dan hopen we meteen aan de slag te gaan met een 15-koppig team van Nederlandse en internationale studenten. Je schrijft binnen de bestaande opmaak artikelen, maakt foto’s en cartoons en bepaalt zo samen met de andere studentredacteuren de inhoud van de krant. De redactie van Delta biedt tijdens het hele proces ondersteuning. Met dit project wil Delta erachter komen wat studenten missen in de krant. En jij maakt de ultieme krant voor en door studenten, niet minder dan een collectors item. Doe je mee? Stuur dan voor 25 maart je cv en motivatie naar hoofdredacteur Frank Nuijens, f.w.nuijens@tudelft.nl. Benieuwd naar de vorige studenteneditie? Kijk op www.delta.tudelft.nl/nl/archief/uitgave/41/18

advertentie-02.indd 1

01-03-2010 10:24:16

Pag


DELTA. 09 11-03-2010

015 15

recensies

Horror in een krimpende kamer Vier wiskundigen zitten opgesloten in een kamer, hydraulische pompen duwen de muren langzaam maar zeker naar elkaar toe. Als de genieën niet heel snel wat wiskundige raadseltjes oplossen, dan worden ze verpletterd. xIONICA SMEETS ‘Fermat’s Room’ begint met een zwart scherm. Je hoort een man vragen: ‘Ken je de priemgetallen? Als je ze niet kent, kun je beter gaan.’ Een dandy-achtige jonge wiskundige is aan het woord. Hij pocht tegen een groepje vrouwen over zijn bewijs van het Vermoeden van Goldbach. Hij legt uit dat dit eeuwenoude vermoeden inhoudt dat elk even getal de som is van twee priemgetallen, getallen die alleen deelbaar

zijn door één en zichzelf. Hij demonstreert wat voorbeelden: 18 is 7 plus 11 en die 7112 op het kenteken van een auto verderop is natuurlijk 5119 plus 1993. Het begincitaat lijkt wat overdreven, want veel moeilijker dan dit wordt de wiskunde niet in deze film. Deze dandy is één van vier wiskundigen die een mysterieuze brief krijgen van ‘Fermat’. In de brief staat een getallenraadsel: wie dat goed

Het grootste raadsel is voor wie deze film bedoeld is oplost, mag naar een speciale bijeenkomst komen. In werkelijkheid zouden de meeste wiskundigen zo’n brief onmiddellijk in de prullenbak gooien, maar in de film storten ze zich allemaal op het raadsel. Fermat heeft de vier wiskundigen een codenaam gegeven. De dandy is ‘Galois’, naar de opvliegende wiskundige die op jonge leeftijd sneuvelde bij een duel. Een uitvinder krijgt de eveneens toepasselijke

bijnaam ‘Pascal’. Een wat oudere schaker wordt ‘Hilbert’, ook een invloedrijke wiskundige. Tenslotte is de enige vrouw in het gezelschap ‘Oliva’, genoemd naar een Spaanse filosofe. Jammer dat de filmmakers geen geschikte vrouwelijke wiskundige konden vinden om haar naar te vernoemen. De bijeenkomst zelf vindt plaats in een mooi ingerichte kamer in een verlaten pakhuis. Na een paar minuten komt Fermat binnen, een vriendelijke, oudere heer. Hij legt niets uit, maar stelt voor dat ze eerst samen eten. Na het diner wordt hij gebeld door het ziekenhuis waar zijn dochter ligt. Hij verontschuldigt zich, zegt dat ze maar zonder hem moeten beginnen en rijdt weg. Dan begint de ellende. Op een PDA komt een raadsel binnen, met de mededeling dat ze een minuut hebben om het op te lossen. Als de minuut om is, beginnen de muren te bewegen, langzaam schuiven ze naar elkaar toe. Zodra ze het goede antwoord geven, stoppen de muren. Maar direct komt er een nieuw raadsel, met weer een minuut bedenktijd. Onder grote tijdsdruk werken de wiskundigen aan de raadsels.

Ondertussen vragen ze zich af waarom juist zíj in deze kamer zijn opgesloten en wie in hemelsnaam die Fermat is. ‘Fermat’s room’ is het debuut van het Spaanse duo Luis Piedrahita en Rodrigo Sopena, die het scenario ook schreven. De film is gemaakt in korte tijd, met een klein budget. Dat is niet te zien. Alles ziet er prachtig uit en de acteurs zijn overtuigend. De plot zit slim in elkaar en heeft, zoals het hoort bij een thriller, een flink aantal onverwachte wendingen. Het idee van de krimpende kamer is erg beklemmend, maar toch wil ‘Fermat’s room’ niet echt spannend worden. Het helpt ook niet dat de opgegeven raadsels nogal flauw zijn. Bijvoorbeeld: hoe meet je negen minuten met twee zandlopers van respectievelijk vier en zeven minuten? Het is een tikje onwaarschijnlijk dat een wiskundige zo’n raadsel nog nooit heeft gehoord en hier lang over moet nadenken. Het grootste raadsel is voor wie deze film bedoeld is. De meeste mensen hebben weinig zin om een film over wiskundigen en wiskundige raadsels te kijken (ik moest de

De misère van de wetenschap De kloof tussen geesteswetenschappen en natuurwetenschappen wordt steeds groter, beweert filosoof en wiskundige Jean Paul van Bendegem. Vijftig jaar na het verschijnen van ‘The two cultures’ van C.P. Snow is de relatie tussen wetenschappers en leken nog steeds belabberd. xIonica Smeets Aan het einde van ‘Hamlet en entropie’ schetst Van Bendegem met een gênant voorbeeld wat er misgaat bij wetenschapscommunicatie. Hij neemt als fictief vakgebied buitenlandse reizen. Hij beschrijft hoe onderzoekers ontdekken dat reisgidsen een cruciaal ingrediënt zijn bij buitenlandse reizen. Na jaren onderzoek blijken lay-out en vormgeving van fundamenteel belang. In een vervolgonderzoek stort een geniale onderzoeker zich op het gebruik van kleurinkten. Na een aantal jaren weet deze wetenschapper alles van inkt: de geschiedenis, de techniek, echt alles. ‘Stel nu ten slotte’, schrijft Van Bendegem, ‘dat

een culturele vereniging een avond organiseert met als thema Wat heeft de wetenschap ons te zeggen over buitenlandse reizen?, dan is toch het laatste wat je mag doen dat je deze geniale wetenschapper, hoe ervaren die ook moge zijn in het overbrengen van wetenschappelijke ideeën, naar die avond stuurt. De man of vrouw zal een ongemeen boeiend verhaal houden over drukinkten en iedereen zal zich terecht afvragen wat dat nu met buitenlandse reizen heeft te maken.’ Dit herkenbare voorbeeld is één van de vele, kleine losse ideeën in ‘Hamlet en entropie’. Het boek begint met een samenvatting en korte analyse van ‘The two cultures’ van schrijver en natuurkundige C.P. Snow uit 1959. Hij geeft in grove lijnen de geschiedenis van de wetenschap en beschrijft hoe wetenschap vandaag de dag werkt. Ten slotte bekijkt hij de verhouding tussen wetenschap en maatschappij en tussen wetenschap en burger. Van Bendegem zwalkt van onderwerp naar onderwerp en noemt haast terloops (en vaak tussen haakjes) allerlei interessante zaken. Soms raak je als lezer de draad van zijn immer vlammend betoog kwijt. Wat wil hij nu eigenlijk zeggen over de twee culturen? Hij noemt ‘Hamlet en entropie’ een pamflettair essay en benadrukt dat zijn bedoeling is om mensen te irriteren, om een reactie uit te lokken. Dat irriteren lukt. Soms juist doordat hij om dingen heen draait

dvd dan ook alleen kijken, ondanks mijn aanbiedingen voor popcorn en gratis drank aan vrienden). Jammer, want de film is juist voor leken aardig. Liefhebbers van wiskunde zullen de film waarschijnlijk wat flauw vinden.

x

Luis Piedrahita / Rodrigo Sopena – ‘Fermat’s Room’ – Filmfreak - Speelduur 90 minuten dvd Spaans met ondertiteling 14,95 euro

brieven Seven year itch’

en zichzelf iets te veel indekt: ‘maar ook hier moet ik mij verontschuldigen, want ik ben geen econoom en dus ben ik eigenlijk maar een beetje aan het raaskallen’. De rijkheid aan vragen, ideeën en slimme voorbeelden is overweldigend. Waarschijnlijk moeten we blij zijn dat Van Bendegem niet keurig volgens een schema schrijft, want veel van de dingen die hij even kort in een terzijde noemt zijn interessant genoeg om een heel essay over te schrijven. ‘Hamlet en entropie’ schreeuwt om reacties en sluit af met ‘Het woord is nu aan de lezer, ik heb genoeg geschreven.’ Kortom: lees dit pamflet. En schrijf er daarna zelf één.

x

Jean Paul van Bendegem, 'Hamlet en entropie' – De twee culturen, een halve eeuw later, VUBPRESS, ISBN: 9789054876243, 140 blz. €15.00.

Als columnist moet je vaak wat ongenuanceerd schrijven om scherp over te komen. Dap Hartmann, wiens columns ik meestal met plezier lees, gaat in zijn stukje ‘Seven year itch’ (Delta08) volgens mij verder dan ‘wat ongenuanceerd’. Talent wordt volgens hem onvoldoende gestimuleerd vanwege linkse dogma’s die tot het pamperen van talentlozen en andere nietsnutten leidt. En passant pleit hij ervoor de zaken door een sociaal-Darwinistische bril te bekijken. Enige onderbouwing van deze stellingen levert hij niet. In ons land zijn het vooral linkse partijen als GroenLinks en D66 die innovatie willen stimuleren en in deze tijden van crisis goed onderwijs in stand willen houden. Ook internationaal zijn het vaker rechtse regeringen die bezuinigen op onderzoek. Als Hartmann naar excellentie in de wetenschap streeft, kan hij ‘links’ dus nog wel eens nodig hebben. In deze tijden komen de bedreigingen voor cultuur, wetenschap en een gezond ondernemingsklimaat vooral van populistisch-rechts. Verder in het stukje is te lezen dat frustratie over zijn persoonlijke situatie ten grondslag ligt aan het schrijven. Dat is zelden aanleiding tot de beste columns en we moeten het hem waarschijnlijk niet al te zeer kwalijk nemen. In hoeverre zijn - terechte - klachten de schuld van ‘links’ zijn, wordt niet duidelijk. Hij kan toch moeilijk het bestuur van onze universiteit – die eerder zelfs een linkse journalist (Frank Biesboer) met een Berufsverbot trof – beschuldigen van linkse dogma’s. Chris Duif, medewerker Reactor Instituut Delft (faculteit Technische Natuurwetenschappen)


DELTA. 09 11-03-2010 adv.KOCH.:Opmaak 1

3/5/10

16

service

1:39 PM

Pagina 1

GASTSCHRIJVER ZOEKT NIEUWE LEONARDO’S

GASTSCHRIJVER ZOEKT NIEUWE LEONARDO’S

Gastschrijver Herman Koch is op zoek naar creatieve studenten voor zijn masterclass aan de TU Delft. Studenten die mee willen doen kunnen op donderdag 25 maart a.s. een voorwerp of idee voor een nieuwe uitvinding komen presenteren. Herman Koch – auteur van Het diner, de bestverkochte Nederlandse roman van het afgelopen jaar en één van de mannen van Jiskefet – heeft een fascinatie voor uitvindingen. Hij wil zijn gastschrijverschap aan de TU Delft graag gebruiken om deze fascinatie uit te werken, samen met de studenten in zijn masterclass. De waterfiets, een rekenmachine, de helikopter, een onderzeeër, de viola organista en een boogbrug zonder pijlers: allemaal ontwerpen en uitvindingen van het genie Leonardo da Vinci. De paperclip en het World Wide Web zijn twee uitersten van een breed spectrum aan patenten die de wereld verrijkten. Koch heeft zijn eigen idee voor een mobiele telefoon die functioneert als afstandsbediening voor tv- of videoapparaat nooit helemaal uitgewerkt. Zo zijn er ongetwijfeld nog meer ideeën bedacht of te bedenken door nieuwe Leonardo’s. Als jij zo’n idee hebt, dan nodigt Herman Koch je uit om dit te komen presenteren op Kochs Uitvinderspodium op donderdag 25 maart in de Senaatszaal van de Aula. Alles is mogelijk, je krijgt twee minuten om je vinding te presenteren aan de gastschrijver en aan elkaar. Met alle creatievelingen wordt vervolgens in de beslotenheid van de masterclass gewerkt aan een sensationeel project, dat bij de Vermeerlezing op 10 juni gepresenteerd wordt. Onderdeel van de masterclass is een driedaagse excursie naar Amboise in Frankrijk. Hier wordt het kasteel bezocht waar Leonardo da Vinci heeft gewoond en gewerkt en waar hij is overleden.

HERMAN KOCH GASTSCHRIJVER TU DELFT 2010

MEEDOEN AAN DE MASTERCLASS?

KOCHS MELD JE DAN AAN VOOR:

UITVINDERSPODIUM DONDERDAG 25 MAART AANVANG 14:00 UUR SENAATSZAAL AULA TU DELFT, MEKELWEG 5, DELFT –

PRESENTEER JEZELF IN 2 MINUTEN MET EEN BRILJANT IDEE OF EEN NIET-BESTAAND VOORWERP DAT JE ZOU WILLEN UITVINDEN – ALLES KAN, DE VORM STAAT VRIJ – HALF MILJOEN AAN PRIJZEN! – BIERTJE VANAF 17:00 UUR © Mark Kohn

informatie|aanmelden tudelft.nl/gastschrijver

Heb je geen gelegenheid om deel te nemen aan het uitvinderspodium, maar wil je wel deelnemen aan de masterclass, geef dan in 5 zinnen je uitvinding per e-mail door aan Marga Schrijvershof (m.a.schrijvershof-vink@tudelft.nl) en Roderick Hageman (bureau@verstigt.nl). Jaarlijks nodigt de TU Delft een schrijver uit gedurende twee maanden gastschrijver te zijn aan de universiteit. Dit jaar is dat Herman Koch. Zijn openbare openingslezing is getiteld ‘Het liegen van de waarheid’ en wordt gehouden op vrijdag 16 april om 20.00 uur in de Aula.

Please note that the Masterclass by Herman Koch is Dutch spoken.

Aanmelden voor KOCHS Uitvinderpodium en de Masterclass van het Gastschrijverschap 2010 via tudelft.nl/gastschrijver

Studentenactiviteiten Studieverenigingen VSV ‘Leonardo da Vinci’ Op vrijdag 19 maart zal het lustrumfeest ‘Airbase: Blacklight District’ van VSV ‘Leonardo da Vinci’ plaatsvinden. Vanaf 22.00 uur treden onder andere William Shagspeare, Steven Quarre en Lasgo op. Mijnbouwkundige Vereeniging In april 2010 zal de Halflustrumweek plaatsvinden van de Mijnbouwkundige Vereeniging. Het hoofdevenement van de week is een internationaal symposium

to help people all around the world. Do you also have a head for business and a heart for the world? We are looking for new participants now! Check www. sifedelft.nl or mail your motivation to info@sifedelft.nl.

met als thema ‘How smart technology pushes today’s limits’. Zie www.lustrum-mv.nl voor meer informatie.

Overige SIFE Delft Looking for something new? Students in Free Enterprise Delft offers you the opportunity to combine social entrepreneurship with your academic knowledge. With the support of companies like Unilever, Heineken, HSBC, KPMG, Schiphol and Philips we create projects

Innovatie Challenge De Club van Maarssen nodigt studenten en young professionals uit om met innovaties te komen voor Deltametropool Nederland tijdens het Olympisch jaar 2028. Een prijs van 10.000 euro wordt uitgereikt op het World Congress on Informa-

Wetenschapsagenda tion Technology op 25-27 mei. Zie www.clubvanmaarssen.nl/ innovatiechallenge voor meer informatie. LIOF Yeah! Het project, LIOF Yeah! heeft tot doel om ondernemende studenten te stimuleren een bedrijf te starten. LIOF heeft voor de 10 beste starters elk een pakket ter waarde van 35.000 euro gereed liggen. In de maand maart kunnen geïnteresseerde mbo-, hbo- en universitair studenten hun businessplan aanmelden op www.liofyeah.nl.

Eettafels Alcuin Oude Delft 55-57 Ma t/m do geopend van 18.0019.30 uur. Tijdens het hockeyseizoen ook op zondag geopend van 18.00-19.00 uur. Dagelijks daghap maaltijd, op ma., di. en do. ook een luxe maaltijd. Alle maaltijden zijn inclusief soep. Daghap 3 euro, luxe 4,10 euro. Sociëteit De Bolk Buitenwatersloot 1-3 Onze open eettafel is geopend ma. t/m do. De maaltijd begint om 18.30, waarna er gezamenlijk gegeten zal worden. Vegetariërs en groepen wordt verzocht (voor 14.00 uur) te bellen. De prijs voor de maaltijd is 4,00 euro, inc. soep en toetje.

Maandag 15 maart * On the scaling and unsteadiness of shock induced. Promotie van ir. L.J. Souverein. Promotoren: prof.dr.ir. P.G. Bakker en prof. J.P. Dussauge. 10.00 uur. * The world according to MARP.

luxe 4,30 euro, xluxe 4,80 euro. Dagelijks soep. Vegetarische variant beschikbaar. English menu available: www.delftschestudentenbond.nl. Sint Jansbrug Oude Delft 50-52 Ma. t/m vr. geopend van 17.30-19.30 uur. Dagschotel (incl. salade) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, toe 0,30 euro, luxe toe 0,85 euro, bier en fris 1,10 euro. Het menu staat ook op www. jansbrug.nl.

x www.eettafels.tudelft.nl

Open from Monday to Friday from 17.30-19.30 hrs. Daily dish (incl. salad) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, dessert 0,30 euro, beer and soda 1,10 euro. Find the complete menu at www.jansbrug.nl. Wolbodo Verwersdijk 102 Soup is served at 18.30h. Everyday meat, vegetarian and vegan. Everyone is welcome. A meal costs 4,00 euro. www. wolbodo.nl

Promotie van ir. A.W. ter Mors. Promotor: prof.dr. C. Witteveen. 15.00 uur. Dinsdag 16 maart * The X-factor. Can calibration explain the high crash risk of young novice drivers? Promotie van drs. S. de Craen. Promotoren: prof.dr. K.A. Brookhuis en prof.dr. H. Elffers. 12.30 uur. * Solving the Heat Transport Issue in Multiphase Fixed Bed

Reactors. Promotie van K.V. Pangarkar, postgraduate. Promotoren: prof.dr. F. Kapteijn en prof.dr. J.A. Moulijn. 15.00 uur. Gegevens voor deze rubriek kunt u doorgeven via e-mail: delta@tudelft.nl.

Announcements General

Koornbeurs Voldersgracht 1 Om mee te eten bij de eettafel van de Koornbeurs moet je je even inschrijven. Dit kan op www.koornbeurs.nl/eettafel tot 14.00 uur op dezelfde dag. We eten elke dag om 18.30 uur. Deze manier van eten is tijdelijk, maar nog steeds erg gezellig en lekker. Eettafel geopend ma. t/m vr. van 17.30-19.30 uur. Basismaaltijd 3,60 euro, soep 0,30 euro, toetjes v.a. 0,30 euro, fruit v.a. 0,40 euro. Inl. www.koornbeurs.nl/ eettafel. Tyche Oude Delft 123 Eettafel geopend van 18.0019.30 uur. Basis 3,50 euro,

Alle promoties, intree- en afscheidsredes vinden, tenzij anders vermeld, plaats in de Aula van de TU, Mekelweg 5, Delft.

Valorisation Centre The Valorisation Centre organises information meetings for the scientists of TU Delft. More information and application forms can be found on www. valorisationcentre.tudelft.nl. Symposium The Department of Chemical Engineering of the TU Delft will hold a symposium on ‘soft matter’ on the 12th of April. For more information and registration see www.softmatterdelft.nl. International Student Church Students of all denominations are invited to our ecumenical
service every Sunday at Raamstraat 78, 11.30 hrs followed by tea/coffee. The services are led by the chaplains Reve-

rend W. Stroh and Father Avin, and are supported by student leaders. More information on www.iscnetherlands.nl.

Student and Career Support Information The student psychologists and the central student and careers councilors are located at Jaffalaan 9A. Office hours: Monday-Friday from 9.00-17.00 hrs. You can direct your inquiries or make an appointment at the Front Office or by phone: 0152788004. For an initial appointment with one of the student psychologists you should first come to one of the open office hours: Tuesdays and Thursdays from 11.30-12.30 hrs. The open office hours of the Student and

Career counselors are on Tuesdays from 11.30-12.30 o’clock. More information on www.studentandcareersupport.nl. International Office Information The International Office, Jaffalaan 9a/visitor’s entrance at Mekelweg, office opening times Monday to Friday 9.00–17.00 hrs. Appointments and enquiries can be made by email: internationaloffice@ tudelft.nl or by phone: 0152788012.


DELTA. 09 11-03-2010

17

service

Doceren is een leven lang leren Onderwijskundig centrum Focus richt zich niet alleen op de beginnende maar ook op de ervaren docent. Op 1 september 2010 introduceert het centrum de senior kwalificatie onderwijs (SKO) voor de zeer ervaren docent, met veel mogelijkheden voor feedback van collega’s en een beperkt aantal cursussen.

TU DELft voorlichting

verschijnt onder verantwoordelijkheid van de directie Marketing & Communicatie

xANGèLE STEENTJES De TU Delft vindt de professionalisering van docenten erg belangrijk en zet in op life long learning. Om die reden wordt er niet alleen aandacht besteed aan beginnende maar ook aan (zeer) ervaren docenten. Voor de nieuwe docenten is er de basis kwalificatie onderwijs (BKO) en er is nu ook een variant voor docenten met vijf tot tien jaar ervaring. Toine Andernach, teamleader van onderwijskundig centrum Focus: “Doel van de BKO is dat docenten bepaalde competenties verwerven. Een beginnend docent doorloopt daarvoor een traject van twee-

honderd uur in anderhalf jaar. Voor een ervaren docent omvat dit traject 120 uur, die verspreid kunnen worden over zes maanden of een jaar.” Voor de zeer ervaren docenten – met meer dan tien jaar onderwijservaring - wordt nu de senior kwalificatie onderwijs (SKO) ontwikkeld met andere kwalificaties en competenties dan in de BKO. Vanaf 1 september 2010 kunnen docenten die meer dan tien jaar onderwijs geven, hiervan gebruikmaken. Andernach heeft bij de faculteit TBM ervaring opgedaan met een traject voor zeer ervaren docenten. “Daarvan hebben we geleerd dat je deze groep niet teveel cursussen moet aanbieden en dat zij meer geïnteresseerd zijn in visieontwikkeling, en ideeën en feedback van collega’s.” De SKO wordt langs die lijnen ontwikkeld, aldus Andernach. “De onderwerpen die in de SKO centraal staan, zijn onderwijsvernieuwing, -coördinatie en -organisatie. Bij OC Focus zijn wij nu bezig een traject te ontwikkelen dat aansluit bij de behoeften van de zeer ervaren docenten.”

Masterclasses Naast de SKO kunnen docenten zich inschrijven voor diverse masterclasses E-learning met als onderwerpen: student response system, gebruik digitale schoolborden, ontwikkelen digitaal lesmateriaal, online samenwerken via een wiki en het voorkomen, opsporen en sanctioneren van plagiaat. “In het onderwerp plagiaat

zijn docenten zeer geïnteresseerd. Het overnemen van delen van teksten is door automatisering veel makkelijker geworden, maar ondertussen zijn er wel hulpmiddelen waarmee het mogelijk is delen tekst te vergelijken via internet. Docenten willen daar graag meer over weten.” Er is ook veel interesse van docenten voor het online samenwerken via de wiki. “Het is vergelijkbaar met wikipedia.

‘Je moet zeer ervaren docenten niet teveel cursussen aanbieden’ Alle studenten van een project kunnen online informatie toevoegen of aanpassen over hun project. De toegang tot deze wiki’s kan worden beperkt tot de projectdeelnemers.” Een nieuw ontwikkelde cursus voor de ervaren docenten is ontwerpdidactiek. “Vooral docenten bouwkunde en industrieel ontwerpen zijn hierin geïnteresseerd. Maar ook uit andere faculteiten is er belangstelling. Ontwerpen is immers een integraal onderdeel geworden van alle opleidingen van de TU Delft en docenten willen graag weten hoe je dit studenten kunt leren of daarbij ondersteunen.” Docenten kunnen ook individuele coaching aanvragen voor lastige situaties. “Sommige docenten hebben bijvoorbeeld problemen met orde houden. Vaak is

het mogelijk om dit met een aantal aanwijzingen en tips op te lossen.” Dit jaar zal ook de module onderwijskundig leiderschap in de HRM-leergang (human resource management) worden opgenomen. “Deze is bestemd voor leidinggevenden in het onderwijs, zoals onderwijsdirecteuren of leden van examencommissies en iedereen die iets overeenkomstigs ambieert. De HRM-leergang biedt trajecten aan voor leidinggevenden binnen de TU Delft en wij hebben ons daarbij aangesloten. Voor een ervaren docent die zijn docentschap verder wil ontwikkelen, zijn er dus diverse mogelijkheden.” OC Focus staat ook open voor ideeën van docenten. “Als zij zelf een idee hebben voor een cursus of masterclass, horen wij dat graag.”

x

www.ocfocus.tudelft.nl www.bko.tudelft.nl

Krentenbollen en kennis In het kader ‘Docentkwaliteit op de kaart’ ontwikkelen faculteiten werkplannen om de onderwijskwaliteiten van hun docenten te stimuleren. De faculteit EWI heeft al langer een eigenzinnig beleid om het onderwijs te professionaliseren, met een community en een krentenbollencolloquium. Ruim tien jaar geleden startte de faculteit Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica (EWI) met de professionalisering van docenten via bijscholing en het ontwikkelen van een onderwijsportfolio, aldus onderwijsadviseur Kalinka Grijpink. “Onze toenmalige decaan vond life long learning belangrijk voor docenten gezien de ontwikkelingen in de technologie en in het middelbaar onderwijs. Hij wilde dat ons onderwijs zou aansluiten bij de kennis die de studenten van nu hebben.” Halverwege 2007 heeft dat geresulteerd in het EWI-onderwijs professionaliseringsbeleid voor beginnende en ervaren docenten. “Nieuwe docenten kunnen bij onderwijscentrum Focus hun basiskwalificatie onderwijs halen (BKO) en daarna instappen in de EWI-KO (kwalificatie onderwijs) community voor onze ervaren docenten.” Bij de EWI-KO wordt niet met opge-

Het krentenbollencolloquium (Foto: Annelies te Selle)

legde einddoelen of kwalificaties gewerkt. “Het is geen cursus. De docenten bepalen zelf of zij iets waar zij goed in zijn verder willen ontwikkelen of dat zij juist iets in hun vak of aanpak willen veranderen.” De docenten vormen een community waar de deelnemers afwisselend een presentatie geven over wat hen bezighoudt of waar ze mee bezig zijn in hun onderwijspraktijk. “Iemand kan iets over een toets vertellen waar hij heel enthousiast over is of de community een vraag voorleggen, zoals: hoe ga je om met een internationale groep? Andere deelnemers kunnen dan vragen stellen, advies geven of de werkwijze bediscussiëren.” De community komt acht keer bij elkaar – verspreid over drie maanden – en de docent is verplicht aan miniaal zes sessies deel te nemen. Na een startgesprek waarin wordt

vastgesteld welke doelen de deelnemers hebben, stellen de docenten een portfolio op met daarin een uitgebreid onderwijs-cv, hun persoonlijke visie op het onderwijs, hun onderwijscompetenties en afspraken over verdere ontwikkeling. “In het portfolio verwerken docenten wat zij hebben

‘Hun eigen vragen zijn het meest motiverend’ opgestoken van de bijeenkomsten en evalueren wat zij daarmee willen doen of hebben gedaan. Het hele traject wordt vervolgens afgesloten met een EWI-KO certificaat.” Achter deze community-opzet zit de filosofie dat docenten elkaar op basis van ervaring heel veel te vertellen hebben en dat hun eigen vragen het

meest motiverend zijn. “Bij EWI-KO bepalen docenten vooral zelf wat zij willen leren. Dat motiveert hen om er echt iets mee te doen.” Het bleek dat docenten ook na het EWI-KO-traject graag de feedback van collega’s behouden. Daarom organiseert Marike Korterink, support onderwijs & studentenzaken EWI, nu al twee jaar het krentenbollencolloquium. “Net als bij de community houden twee docenten een presentatie en kunnen de aanwezigen vragen stellen en meedenken over het onderwerp. Wij zorgen voor een grote mand met krentenbollen, die gretig aftrek vinden.” De belangstelling voor het krentenbollencolloquium stijgt. “Docenten van andere faculteiten bellen ons zelfs op of zij ook mogen meedoen. Dat is geen bezwaar: iedere TU-docent is welkom.” Waar komt de naam ‘krentenbollencolloquium’ eigenlijk vandaan? Grijpink: “Ik vond een krentenbol een mooie metafoor voor een lunchbijeenkomst. Iedereen raadde het ons af, omdat het te onduidelijk was en het woord te ingewikkeld voor buitenlandse docenten. Maar wat blijkt? De meeste mensen vinden het grappig.” (AS)

x professionaliseringonderwijs.ewi. tudelft.nl


DELTA. 09 11-03-2010

18

Delta in English

D66 triumphs In the Delft municipal elections held on March 3, the Dutch political party D66 was the big winner. The centre-left party went from one seat on the municipal council to six seats, meaning the D66 is now as large as the PvdA (Labor Party), which, following its disastrous election results, dropped from 11 seats to six seats. Delft is no longer a PvdA stronghold. The student party Stip (Students Technology in Politics) increased its number of seats by one, to a total of three seats in government. GroenLinks (Green Party) increased its total by

foreign eye

one, from four to five seats, while the VVD (centre-right) maintained its total of four seats. A new party, Onafhankelijk Delft (Independent Delft) claimed three seats on the council. The voter turnout was 54 percent, an increase of four percent from the last municipal elections held in 2006.

Merkx retires

Delft faces

Following the recent municipal elections, Lian Merkx, the leader of the Stip student political party and an influential Delft alderwoman, announced that she is stepping down from her position. Merkx said it was an ‘emotionally difficult choice’, while adding: “I’m still young and therefore still have the lots of opportunities for developing myself. I’m not sure what I’ll do next, but I certainly don’t rule out the possibility of one day returning to politics.”

Gerwin Hoogendoorn, co-founder of the TU Delft spin-off company, Senz Umbrellas, which produces the popular storm-proof umbrella, has been selected as the ‘Face of Delft’ - or more accurately, half of the face of Delft, as he will share the honour with Nina Voets, of Ciccionina, a foundation for young artists. The faces of Delft will now be responsible for helping to promote Delft nationally and internationally.

The best is yet to come For TU Delft students interested in sharing a common social and academic platform with students from other parts of Europe, the Board of European Students of Technology has recently arrived in Delft. The organisation places a premium on bringing together students, universities and companies from across Europe. xHARISH KARAKAT

For the foreign students from warmer climes, the Dutch winter can take some getting used to. The cold, the dull oppressive clouds, the biting wind, the lack of sun and the shortened days can really dampen the will to leave your bed. In order to get through, you need to focus on the little things – because yes, there are some benefits in all this. The long nights for instance mean sunrise is at a much more civilized hour. This provides the perfect opportunity to take photos like this at 8.30 a.m. while on your way to lectures. Come summertime, it will require much more dedication if you want to be up in time to catch the sunrise. (Photo: Lucia Wamiti, from Kenya, BSc aerospace engineering)

Twenty years after its European inception, the Board of European Students of Technology (Best) has finally arrived in Delft. This large student organisation with a presence in thirty countries offers its members a chance to participate in Europe-wide academic, corporate and social events, as well as travel and party with Best students wherever they are found. Two of Best’s leading lights on campus are Michiel Maasen (president) and Eda Emirdag (secretary) of Local Best Group (LBG) in Delft. Maasen, an MSc student at the IDE faculty, first came across Best while at KTH Royal Institute of Technology, in Stockholm. He so liked the idea that he subsequently decided to set up a LBG in Delft. Emirdag, an MSc student at 3ME, was already involved with Best while a student at Middle East Technical University, in Turkey. Together with Jasper Eijmers (treasurer) and others, these likeminded people came together and applied to the Best organisation to form a LBG in Delft. “We worked hard, going from being an observer group in June 2009 to finally become officially recognised as a LBG in December 2009,” Emirdag says. Presently LBG Delft has 11 members (six board members), with an equal proportion of Dutch and internationals. The group is rapidly gaining a foothold in Delft, with around 150 students now subscribing to the group’s email list to ‘stay informed’ about future events. Although Best Delft is still busy working with TU Delft to acquire an office space, the current members meet each week and plan events for months ahead. Maasen told us more about this burgeoning new organisation on campus and how Best members interact with and learn from each other.

Best Delft members (l. to r.): Jasper Eijmers, Eda Emirdag, Freek Lamboo, Michiel Maassen, Warren Gebbett, Rafael Feito-Kiczak and Panagiotis Afratis. (Photo: Best Delft)

What made you want to start LBG Delft? “Our university is international, but the student community is still not so. When I came across Best in Stockholm, I thought a LBG in Delft would be the right platform to enable Dutch and international students to interact more freely and mix socially. Besides, I’ve worked with other student associations and felt that Best was far more professional and organised. That was my motivation.” Best Europe has been going for twenty years now. How come Delft joined so late? “Although Best has invited the university to join since the beginning, there was not enough initiative from the students until now.” How often does the LBG Delft meet? “We have regular meetings once a week, but when there is special need, we meet as well. And twice a year we have compulsory regional meetings with other LBGs. One representative from every LBG attends these meetings.” How does LBG Delft compare with AEGEE, which is also spread across Europe and has a longer and stronger presence in Delft? “We have more focus on technology students and academic events, whereas AEGEE has comparatively more social events. We also have leisure events, but Best involves students with universities and companies. Our logo features a triangle representing students, universities and companies.” What events have LBG Delft organised thus far? “So far we’ve organised one event:

a group discussion for internal members. We started very recently, in December last year, so haven’t organised any events for external members yet.” What is next event LBG Delft has planned? “Sometime in mid-March there will be a local engineering competition, which will last all afternoon and involve four-member teams being set a certain task to complete. The winners will compete in the next round, to be held for the region and subsequently throughout Europe. We plan to put this information on the Blackboard and our website soon.” Can a student claim ECTS points for courses or events organised by LBG? “In many universities where Best has long been established this is possible. At the moment however TU Delft students cannot claim ECTS points for courses or events organised by us. We’re still negotiating with TU Delft about this. It’s comparable to the ATHENS programme, where some faculties give credits and others not.” So how does one become a Best member? “Just send us an email: delft@best. eu.org. We don’t have a strict selection process. Members should be active and motivated to develop soft skills, such as organising events. For those who want to be involved passively, we have a group email list for obtaining information about our events.”


DELTA. 09 11-03-2010

Bama According to a recent survey of 8,000 European universities, most universities have implemented the bama (joint Bachelor/Master degrees) system. ECTS course credits are also now widely used across Europe. These developments – as envisioned by the Bologna Accords of 1999 – indicate that European higher education’s academic degree and quality assurance standards are now more compatible and comparable. In 2007, only 82 percent of European universities had implemented bama, but as of 2009 that figure

19

Delta in English

was 95 percent. Meanwhile, ECTS use rose from 75 to 90 percent of all European universities. The Bologna Accords aimed to help strengthen European unity through higher education facilitating the mobility of students and teachers between European countries. Recent data suggests that all European countries are not yet equal, however. Some countries import and/or export more students than others. The Netherlands for example imports more students.

Nanodialogue

Thesis competition

Feedback

In the hope of increasing participation in the societal dialogue centring around nanotechnology, the Rathenau Institute has recently started a new website. On the site, the show’s presenter, Bram Sadeghi, goes in search of nanotechnology, a quest that begins at an underwear rack. The site also offers the latest news and intriguing design. The other Rathenau website (nanopodium) is more informative.

A prize of 12,000 euro is on offer for the best (BSc or MSc) graduation project thesis about electric cars. This initiative was started by Joris Luyendijk, a journalist and author of a regular science feature in NRC Magazine. “The jury is not for or against this type of sustainable transportation,” Luyendijk says. “They just want to know and understand more about it.” Interested students can register until 1 September 2010.

If you’d like to comment on anything appearing on the English Page or on a university-related matter, or if you have a question or suggestion for us, send your emails to d.mcmullin@tudelft.nl. We welcome all feedback from our readers. Letters intended for publication should include your name and be no longer than 350 words. This edition of Delta is also available online at www.delta.tudelft. nl, where you can also access the English Page archive.

x

www.nanodialoog.nl www.nanopodium.nl

x

Elektrischescriptieprijs

‘A shift from talk to action’ MIT professor Ernest Moniz has hailed the recent ‘Copenhagen’ climate conference a great success. “Fortunately the black and white thinking of Kyoto is now gone.” xTOMAS VAN DIJK “Look over there, Van Basten bought that house. And Cruyff has a house around the corner.” With the enthusiasm of a school boy football fan, world-renowned MIT researcher and advisor to US President Barack Obama, Professor Ernest Moniz, points out the homes of famous Dutch footballers in Amsterdam, as a bus takes him across the city and on to TU Delft, where he was invited by the Delft Energy Initiative (DEI) to deliver a lecture on climate

'Twenty countries contribute about ninety percent to the carbon dioxide emissions' problems and energy universities of the future. The lecture schedule also includes a debate with Delft’s energy ambassador, Ivo Opstelten. The DEI is modelled on the longer established, ‘big brother’ MIT Energy Initiative, of which Moniz is the director, as well as serving on president Obama’s Council of Advisors for Science and Technology. “Very nice that you copied us,” says Moniz, grinning. One aspect the TU hasn’t copied from MIT is the

technology is because no new reactors have been built in the US since 1973. Companies that now want to be the first in doing this face tremendous financial risk. The government should take the lead in building the first five or six modern reactors, while simultaneously investing in solar-energy, wind-energy and energy-saving technologies, like micro combined heat and power fuel cell for houses.”

role of ‘energy ambassador’. “An energy ambassador, what’s that?” Moniz asks, of a concept in which a prominent Dutch establishment figure, like Opstelten (the former mayor Rotterdam), who has no deep professional knowledge of energy issues, serves as the ambassadorial face of TU Delft’s energy research. You’re on record as saying the Copenhagen climate negotiations were successful. “Yes Copenhagen was a step forward, although this might be inflaming for you to hear in Europe. For one, Copenhagen put a strong exclamation point behind the fact that the UN will not be the main venue where solutions will be negotiated. I’m an old, gnarled realist. How can you expect 196 countries to come to an agreement? And why should they? Twenty countries contribute about ninety percent to the carbon dioxide emissions. It’s absurd to ask the very underdeveloped countries to participate in the reduction of C02 emission. The chief venue for negotiations should be the major polluters. Other countries can join the venue, or not. That doesn’t really matter.” But what progress was actually made in Copenhagen? “Kyoto created a bad precedence. It created a distinction between those who did or did not sign the treaty: black and white. China, Brazil, India, South Africa and the US have laid down new building blocks on the table; they called for a set of voluntary carbon reduction commitments. “Of course it’s true that the commitments are voluntary. China says it’ll lower its carbon intensity by forty percent, if the US also meets its goals. And the US says it will reduce

Roulette During his lecture, Moniz displayed two roulette wheels, on which the odds of temperature rise in 2100 varied from 2 to 7 °C. “We also will not achieve the goal of remaining under 445 ppm C02 equivalents [ppm stands for ‘parts per million’, a measurement for the amount of CO2 molecules per million molecules in the atmosphere – ed.] and thereby ensuring the temperature on Earth rises by only a maximum of 2 °C,” Moniz says. “But if we really do our best, we could prevent us from going above 650 ppm. If we spin this wheel, then you’ll see that the odds that it will only become 2 °C warmer are not so fantastic. But the chance of a catastrophic temperature rise of 6 to 7 °C is also very small. On the other wheel which represents a world without a global climate policy – the odds of reaching that 6 or 7 °C are not trivial. And that is totally unacceptable.”

You serve on Obama’s advisory board for science and technology. Is that not frustrating, as geopolitical arguments always trump purely scientific ones? “No, it’s not frustrating. It’s my job to provide scientific advice, not political advice. All I can ask is that I’m being listened to. And that happens. But of course there are disappointing moments. I’d have liked to have seen a good cap and trade climate bill [called UScap – ed.] passed recently, but it didn’t happen. Instead, we have a bill about incentives to stimulate clean energy. I don’t know of any bill more complicated than UScap. We’ll get back to it in three years time.”

Professor Ernest Moniz. (Photo: Hans Stakelbeek/FMAX)

its carbon emission if the US Senate agrees.” It’s not enough. “I hate to disappoint the youth. I used to be idealistic. Now I’m pragmatic. The energy demand of developing countries will grow strongly these coming decades, and they have a legitimate demand for energy. At the same time we must respond to the threat of climate change. We therefore must make the energy industry less carbon intensive. Now, if the pledges are carried out - a big ‘if’ - then we’ll see a flattening of CO2 emissions this decade. Would I like more? Yeah. But this is pretty good, too. It’s a shift from talk to action.” What role can universities play in cleaning up energy? “Universities must develop cutting edge technology. Moreover, they must focus on energy cost-reductions. Energy can’t be compared to a device, like a telephone. Energy is a commodity. Universities must be

more conscious of this. Upscaling technologies to get the price down is vital for commodities. Universities must be aware of this and try to create spin-offs in partnership with companies.” In New Scientist, you said that the US government must start building nuclear reactors as soon as possible. “Ha, that’s a political non-starter in Holland, isn’t it? But nuclear power would make a lot of sense in Holland. It’s a compact energy source. And it’s a hard business to meet carbon reduction goals. One shouldn’t take options off the table because of emotional reasons. But again, I’m no proponent of any particular technique. Yet I don’t see how we can make it without nuclear energy. Solar energy is very promising, but it’s still way off. And I don’t see offshore wind energy as a solution either. “The reason why I said the US government must invest in nuclear


DELTA. 09 11-03-2010 achterkant

00 20

dreamteams Naam: Leon de Poorter (L&R, 22) Dreamteam: Greenchoice Forze Functie: Technical manager “Het voelde wel even klote toen ik hoorde dat we schade hadden opgelopen. Ik had er maanden werk in zitten. Ik heb zo veel moeten schuren dat ik er spierballen van kreeg.” Leon de Poorter was vorig jaar bij het Delftse Formula Zeroteam verantwoordelijk voor de productie van het bodywork van de waterstofkart. “Bij het lab van onze sponsor DSM in Zwolle legden we de laatste hand aan de productie van de kappen. Ik heb toen twee weken lang op een camping in Zwolle gewoond met teamgenoten, hartstikke gezellig.” Het eindresultaat mocht er zijn, een biologisch afbreekbaar bodywork van vlas, dat alleen nog gespoten moest worden. “We hebben wekenlang geschuurd om ze perfect glad te krijgen voor de spuiter. Maar het eerste wat de spuiter zei, was: ‘we gaan eerst eens goed schuren jongen!’ De verf was net droog bij de onthulling in juli.” Vier races lang bleef het bodywork ongehavend, tot de coureur in oktober een pijnlijk slippertje maakte tijdens een race in Turijn. “Maar uiteindelijk valt de schade mee”, weet De Poorter nu. En de race? “Die wonnen we!” (EvO)

as in olde times

Flying displays VSV Leonardo da Vinci, TU Delft’s Society of Aerospace Engineering students, traditionally puts on big shows for its lustrum anniversary celebrations. With the invaluable help of the Dutch Royal Air Force, VSV stages unprecedented air shows. This tradition started in 1960, says VSV’s current president, Dennis Michon: “It was during the society’s third lustrum celebrations and involved a few flyovers. At the time, only a handful of people showed up for it.” But that soon changed in a big way: 100,000 people attended VSV’s air show at Zestienhoven (now Rotterdam Airport) in 1980. Subsequent shows were held at the Dutch military base ‘de Kooy’ and air force base Gilze-Rijen. The next air show on the program is scheduled for 4 September 2010: the VSV Seppe Air Show will be held at a private airfield in Roosendaal, where a variety of old-fashioned and modern aircraft will be exhibited. There will also be various flying displays, performed by aerial stunt flying teams. “We especially want to raise our association’s profile. The show lasts all day and everyone is welcome: students and non-students, local resident and other interested individuals.” But is there also a party atmosphere at these events? “Some immature student things were definitely removed, as the day itself is solely focused on pilots and aircraft.” And how can the association afford all this? “We’re very dependent on goodwill, but we’ve also come a long way. We now have a large network and try to arrange everything ourselves. The air force has its own planes and we also try to procure some things from abroad.”

Leon de Poorter: “Ik kreeg spierballen van het schuren.” (Foto: Richard van ’t Hof)

In deze nieuwe serie komen studenten aan het woord die deel uitmaken van een 'dreamteam'.

willemijn dicke

Nerds 2.0

Kriep

Leonardo da Vinci’s model plane. (Photo: Hans Stakelbeek/FMAX)

Ik werk aan de Jaffalaan, bij TBM. Het is een prettig en licht gebouw. Alleen de kantine is als een tochtige straathoek waar niemand lang wil verblijven. De bewoners van deze faculteit zijn, zou Vuijsje zeggen, ‘allemaal nette mensen’. De heren veelal in pak met stropdassen en dames in ton-sur-ton ensembles. Als er gasten komen, schenken we koffie in designkopjes die wel mooi, maar niet handig zijn. De studenten zijn vriendelijk en verre van spectaculair in hun outfits. Ze lopen in spijkerbroeken en de enige frivoliteit bestaat uit hun felgekleurde gympen. Ik ging er een beetje vanuit dat alle faculteiten aan de TU soortgelijke bewoners zouden hebben. Tot ik bij technische natuurkunde belandde. In een hal wachtte ik op Cees Dekker die in een vakgroepvergadering zat. Hij gaat een lezing verzorgen in de Elsevier Technologiedebatten. In de wachtruimte stond een studentikoos afgebladderd skailederen bankstel. Toen ik erop ging zitten, zakte ik een halve

meter weg. De meisjesachtige secretaresse was even informeel als vriendelijk, en gaf me vers gezette koffie in een grote mok. Aan een tafeltje zat een slanke jonge man met verzorgd afrokapsel. Volgens elke standaard een elegante man. Hij droeg een geruite broek, met hip overhemd en precies goede trui. Cool. Hij werd begroet door een Chinees die voorbijliep met een jojo aan een lang touwtje, alsof hij een hondje uitliet. De twee maakten een praatje terwijl de Chinees ongelooflijke trucs uithaalde met de jojo. Opeens stroomde de hal vol: het vakgroepoverleg was ten einde. Er werd ontspannen gekletst en gelachen. De helft ging koffie halen, de andere helft ging naar een zaal waar een tafelvoetbalspel stond. Ook deze groep was aanmerkelijk hipper dan wat ik dagelijks aan de Jaffalaan zie. Is dit de Nerd 2.0? Slim, wellicht briljant, en ook nog eens goed gekleed?


TU Delta