Issuu on Google+

DELTA. 03 21-01-2010

weekblad van de technische universiteit Delft

>06 Big Melt

>08 Topvrouwen

>12 Spokenjacht

>15 Parkeerproblemen

> 19 English One Thousand Flowers

His article on the melting of Greenland’s land ice made headlines. This week, dr. Bert Wouters, defended his thesis on advanced filtering of satellite data. “Of course people at Nasa and DLR [German Aerospace, ed.] have foreseen the effect.”

Als eerste universiteit tekende de TU Delft het charter Talent naar de Top met afspraken over het aantrekken van meer vrouwen. Directeur personeel en organisatie Nynke Jansen: “In Nederland moeten we echt wat aan die moederschapcultus doen.”

‘Ingenieurs zijn de beste terroristen’ kopte De Pers begin januari naar aanleiding van een Brits profielrapport over terrorisme. “Er is wel wat met ingenieurs. Ze zijn vaak de beste, de slimste en roomser dan de paus.”

De ondernemingsraad (or) voelt zich gepasseerd door het college van bestuur en vraagt opheldering over plannen voor betaald parkeren op de campus. Ook zegt een gemeentewoordvoerder dat de gemeente geen plannen heeft om betaald parkeren in te voeren in de wijken rond de TU.

Flower by flower TU Delft aims to become a hotbed of international education, or so hopes the ‘One Thousand Flowers in Delft’ project, launched in 2008 to help internationalize the university’s curriculum and culture. With two successful ‘Flower’ projects already under his belt, dr. Rob Kooij has emerged as one of the most talented and enthusiastic growers of TU Delft’s international product.

01

TUDELTA.03

Hoe kreeg een groepje grapjassen het voor elkaar om vorige week woensdagnacht een pop met een tros heliumballonnen aan de bibliotheek vast te knopen? Tom Willems van studievereniging VSV Leonardo Da Vinci lacht. “Het was heel simpel. We hebben vislijn vastgebonden aan tennisballen en die door de metalen constructie op het dak geslagen. Vervolgens hebben we de uiteinden aan elkaar en aan de pop geknoopt.” Met deze ludieke

actie willen de L&R-studenten de aandacht vestigen op hun dertiende lustrum dat ze dit jaar vieren met onder meer een ‘Ter Land, ter Zee en in de Lucht’ met zelfgemaakte vliegtuigjes en een vliegshow met stuntvliegers. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)


DELTA. 03 21-01-2010

02

nieuwsinterview

‘Ongerust over familie in Haïti’ TUdelta.03 > Jaargang 42 Delta is het informatie- en opinieblad van de TU Delft, verzorgd door een journalistiek onafhankelijke redactie.

> Redactie Frank Nuijens, (hoofdredacteur), Katja Wijnands, Dorine van Gorp, (eindredactie), Saskia Bonger, Tomas van Dijk, Erik Huisman, Connie van Uffelen, Jos Wassink (verslaggeving). > Medewerkers

Willemijn Dicke, Robbert Fokkink, Dap Hartmann, Auke Herrema, Richard van 't Hof, Christian Jongeneel, Ivo Knubben, David McMullin, Anna Noyons, Edgar van Os, Miranda Pieron, Daan Schuurbiers, Jimmy Tigges, Stephan Timmers, Ellen Touw, Robert Visscher, Martine Zeijlstra.

> Foto‘s Sam Rentmeester/ Hans Stakelbeek (FMAX).(info@fmax.nl) > Vormgeving

Kummer & Herrman, Utrecht

> Lay-Out

Liesbeth van Dam

> Mededelingen

Martin Kers (m.kers@tudelft.nl)

> Redactieraad Ir. S. Rozendaal (voorzitter), mw. prof.dr.ir.drs. H. Bijl, prof.dr.ir. F.W. Jansen, J. Op Den Kelder, mr. J.J. M.Kok, R.H.G. Meijer, T. Niks, prof. dr.B.J. Thijsse, ir. M. Persson, dr.ir. C. Vermeeren > Redactie-adressen

Universiteitsbibliotheek Kamer 0.18-0.28 Prometheusplein 1 2628 ZC Delft Postbus 139 2600 AC Delft Tel. 015-278 4848 E-mail: delta@tudelft.nl www.delta.tudelft.nl

Het leven van Caroline Duterloo, programmamanager bij het valorisation centre, is door elkaar geschud. Boosdoener is de aardbeving die vorige week Haïti ruïneerde, het land van haar geadopteerde kinderen.

zenlijk. Toen werden onze dochters gevraagd voor een interview in het Jeugdjournaal en dat heeft ons allemaal geactiveerd. We hebben ons hele netwerk ingeschakeld om Haïti te steunen. Dat is het enige wat we vanuit hier kunnen doen. Onze kinderen hebben de Barbies waar ze niet meer veel mee speelden in een zak gedaan. Voor als we er weer heen gaan. Ze hebben ook hun zakgeld gedoneerd.”

xERIK HUISMAN Je hebt getuige de foto op je bureau vier kinderen uit Haïti? “Ja. Twee meisjes en twee jongens. De meisjes zijn Chrislande van 12 en Guerlouse van 10 jaar. Twee zusjes. En de broertjes Jeannot van 7 en Djoudens van 5 jaar.” Vorige week dinsdag kwam het bericht dat een aardbeving Haïti heeft getroffen. En toen? “We kennen er mensen. Onze eerste angst was dat hen iets was overkomen. Je weet ook meteen dat het heel serieus is. Het is een arm land. De logistiek is op Haïti altijd al een probleem. In zo’n crisis helemaal.” Hoe is het nu? “Met onze westerse kennissen gaat het goed. Over hoe het met Felicia is, de moeder van Chrislande en Guerlouse, en met de rest van de familie van onze kinderen weten we niets.”

Caroline Duterloo, programmamanager business bij het valorisation centre: “Onze geadopteerde dochters werden gevraagd voor een interview in het Jeugdjournaal. Dat heeft ons allemaal geactiveerd.” (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

Dat beangstigt. “Het contact met Felicia is er steeds via Ad de Blaay, een ontwikkelingswerker. Hij en zijn familie zijn gezond, maar Felicia is nog niet bij hem geweest. Dat zegt op zich niet zo veel. Om bij hem te komen, moet ze vijftien kilometer lopen, dwars door Port au Prince en die stad ligt in puin.” Je hebt dus goede hoop? “Zeker. Zij woont in Cité Soleil, dat in moerassig gebied ligt. Dat is gunstig bij een aardbeving. Bovendien woont ze in een krotje van hout met een golfplatendak. Ook dat is gunstig bij een aardbeving. Beter dan dat ze in een betonnen gebouw had gewoond. Ze heeft daar zelf ook nog vier kinderen. Voor hen moet ze zorgen voor water, eten en onderdak.

Vooral water is een probleem, want de waterwagens die normaal rijden kunnen dat nu niet. Felicia heeft nu dus wel andere prioriteiten dan langsgaan bij Ad.” Hoe is de beving bij je kinderen aangekomen? “Ze zijn heel verdrietig en ongerust. Alle vier snappen ze het heel goed. We hebben Felicia en Enoc, de vader van Chrislande en Guerlouse, twee jaar geleden ontmoet. Het zijn heel lieve mensen. Die zitten in je hart. In die van ons en van onze kinderen. Ze zijn een soort schoonfamilie, hun andere ouders. Ze wonen ver weg, maar zíjn niet ver weg.” Hoe maak of houd je deze situatie hier draaglijk? “De eerste twee dagen waren onwe-

Hoe kunnen wij het best helpen? “Financieel. Geld overmaken op giro 555 van de samenwerkende hulporganisaties. (Samen met de omroepen houdt die donderdag een nationale actie op tv, radio en internet, red.) Zij verstrekken vooral noodhulp en de Nederlandse overheid verdubbelt het bedrag. Als je liever een kleine organisatie steunt, met minder overhead en voor de langere termijn, dan kan dat via bankrekening 42.91.01.082 van Projecthulp Haiti in Veendam. Je kunt je geld natuurlijk ook verdelen.” Hoe is het over een jaar? “Mijn basishoop is natuurlijk dat ze allemaal nog leven. Ik hoop ook dat de basis-infrastructuur dan weer is hersteld. Dat mensen een dak boven hun hoofd hebben en het er veilig is. Ik hoop dat we dan ook bij de familie zijn geweest.”

x www.giro555.nl www.projecthulp.nl

touw

> ISSN 0169-698x > Druk Wegener Nieuwsdruk Twente, Enschede > Oplage 12.000 > Advertenties

H&J uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJssel Tel. 010-451 55 10 Fax 010-451 53 80 E-mail:delta@henjuitgevers.nl www.linkmagazine.nl

> Abonnement Een abonnement kost 37,50 en kan elk moment ingaan. > HOP Delta werkt samen met het Hoger Onderwijs Persbureau Hein Cuppen, Bas Belleman, Thijs den Otter Tel. 071-523 6151 Fax 071-523 2138 E-mail hop@xs4all.nl > Copyright Delta Auteursrecht voorbehouden. Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de hoofdredacteur artikelen, schema‘s of illustraties geheel of gedeeltelijk over te nemen en/of openbaar te maken, in enigerlei vorm of wijze.

Woord van het jaar Tegen het eind van het jaar wacht ik altijd met spanning op de verkiezing van het Woord van het Jaar zoals dat jaarlijks wordt verkozen door het genootschap Onze Taal, samen met Dagblad de Pers en Van Dale uitgevers. De afgelopen jaren leverde dat taalpareltjes op als ‘swaffelen’ (2008) en ‘bokitoproof’ (2007). Dit jaar konden de betrokken clubs het niet eens worden over de werkwijze en gingen mopperend uiteen. En dus waren er twee Woorden van het Jaar 2009. Dagblad de Pers en Van Dale uitgevers riepen ‘ontvrienden’ uit tot het Woord van het Jaar. De keuze van het genootschap Onze Taal viel op het woord ‘twitteren’. En vervolgens vlogen ze elkaar opnieuw in de haren. Zo vond Onze Taal het woord ‘ontvrienden’ tot grote vreugde terug in een woordenboek uit het einde van de negentiende eeuw. Niks woord van 2009, hooguit het woord van 1892. Waarna Van Dale snierde dat het woord twitteren ook eeuwenlang bestaat, maar dan in de betekenis van ‘twinkelend schitteren’. Hoe deze taalstrijd is afgelopen weet ik niet. Ik ben afgehaakt. Terug naar de woorden van het jaar. Een kleine uitleg voor semi-digibeten als ik. ‘Ontvrienden’ betekent virtuele vrienden dumpen door deze te schrappen uit vriendenlijstjes op sites zoals Hyves, Facebook enzovoorts. Eerst was het de bedoeling zo veel mogelijk vrienden te scoren, en nu moet je kennelijk heel kritisch je vriendenbestand uitdunnen. De reden hiervoor zou zijn dat mensen toch weer gaan voor kwaliteitscontacten in plaats

van hoe meer hoe beter. Maar dat ontvrienden werd op zichzelf weer een hype, waar fastfoodketen Burger King in Amerika knap op inspeelde met de actie: Whopper Sacrifice: Ditch 10 Friends, Get a Free Whopper, ofwel dump tien (Facebook) vrienden en krijg een gratis broodje hartvervetting. Na het verbreken van 233.906 vriendschappen werd de actie overigens gestopt, waarschijnlijk omdat de Whoppers op waren. ‘Twitteren’ is het op internet zetten van kleine berichten. Of zoals de website van Twitter zelf aangeeft: ‘Via Twitter geeft de hele wereld online antwoord op de vraag: What are you doing? Diepgang is meestal ver te zoeken, het is vaak meer ‘geef je bek een douw’ maar dan virtueel. Voor wie zich hier nog steeds niets bij kan voorstellen een paar voorbeelden van de afgelopen zeven dagen: Marco Borsato: ‘Goedemorgen Wel toe aan een bakkie of 10…’ Paul de Leeuw: ‘Zo mensen! Papa gaat skiën en heeft thermo ondergoed aan!’ Maxime Verhagen (midden in een politieke crisis): ‘Hard verder werken in het torentje, gelukkig is er rijst met saté.’ Lang leve Twitter want deze kostbare informatie had u niet willen missen natuurlijk. Nou tot de volgende column enne… we faxen hè?


DELTA. 03 21-01-2010

Nieuws

Secretaressesite

Architectenregister

De secretaresses van de TU krijgen op Blackboard een eigen website. De voorziening gaat ‘handige informatie’ bieden zoals telefoonnummers en links op internet en intranet. De feestelijke lancering is op dinsdag 2 februari in de Berlagezaal bij Bouwkunde. Daarbij wordt onder meer een toelichting gegeven voor de gebruikers. Alle secretaresses van de TU zijn welkom. Het programma duurt van 11.00 tot 13.00 uur, inclusief lunch. Opgeven kan voor 27 januari via secretaresses-tud@tudelft.nl.

Het invoeren van een verplichte ervaringsperiode voordat architecten worden opgenomen in het architectenregister, is een stap dichterbij gekomen. In de Wet op de architectentitel die de Tweede Kamer dit jaar behandelt, wordt een verplichte tweejarige beroepservaringsperiode vanaf 2015 voorgesteld. Vorige week werd het nut van zo’n ‘stage’ onderschreven met de presentatie van ‘WAT van experiment naar beroepservaringsperiode’ van de Stichting Beroepservaring. Het is een verslag van de ervaringen met zo’n ‘stage’ voor

Metrobuis aankomende architecten sinds 2003. Ook presenteerde de stichting een manifest met een oproep de beroepservaringsperiode vorm te geven. Minister Cramer van Vrom, die het eerste verslag en manifest kreeg aangeboden, ziet in beide publicaties een belangrijke steun bij de behandeling van het wetsvoorstel in de Kamer, aldus de stichting.

‘Bouwkunde zit aan de ondergrens’ De studentenraad is bang dat de onderwijskwaliteit bij Bouwkunde in gevaar komt, als honderd fte zouden verdwijnen in 2010. Volgens de faculteit is daar geen sprake van, maar kan Bouwkunde niet verder inkrimpen. xERIK HUISMAN De studentenraad kaartte de inkrimping en de gevolgen ervan voor de onderwijskwaliteit deze en vorige maand aan in het overleg met het college van bestuur. Herman Schoffelen, secretaris van Bouwkunde, en hoofd P&O Peter Kuip stellen dat er dit jaar zeker geen honderd fte’s verdwijnen. Dat aantal komt volgens hen eerder overeen met de inkrimping waarmee Bouwkunde al sinds 2008 bezig is vanwege bezuinigingen. “We komen van een begroting van veertig miljoen euro in 2006/2007 en gaan in 2010 naar dertig miljoen plus drie miljoen via extern gefinancierd onderzoek. Dat geeft forse verschuivingen in het personeelsbestand.” Een deel van de bezuiniging wordt bereikt door het aantal promovendi

Ouderavond

te verminderen. “Het waren er meer dan zestig, nu zijn het er veertig. Dat zijn er straks vanuit de eerste geldstroom heel weinig.” Daarnaast is het aantal gastdocenten ingekrompen. Ook stroomden en stromen medewerkers met tijdelijke contracten uit. “Dat geeft onrust, want een deel van deze medewerkers dacht dat er nog wel geld zou zijn voor verlenging of een nieuwe aanstelling.” Een en ander leidde tot zwaardere onderwijstaken voor de blijvers, minder onderzoek en afscheid van jonge veelbelovende mensen. Volgens Schoffelen en Kuip is de angst gerechtvaardigd dat het

‘De bodem is bereikt’ onderwijs in het geding komt bij verdere bezuinigingen. “De bodem is bereikt. We moeten heel slim omgaan met onze onderwijscapaciteit en hebben al veel gedaan aan efficiency, juist omdat we in de ontwerpstudio ontwerponderwijs aan kleine groepen willen blijven geven.” Met nog minder personeel zeggen ze dat Bouwkunde haar huidige onderwijsopdracht niet meer kan uitvoeren. “Wij hebben de grootste groep studenten te bedienen en kunnen ze ook niet naar andere faculteiten sturen. Moet het minder, dan moeten er bijzondere dingen

De vader zie je denken: ‘Als ik het opnieuw kon doen, dan koos ik voor de TU.’ De moeder bekijkt nog wat haar spruit mogelijk straks allemaal te verstouwen krijgt. Ruim achthonderd ouders van scholieren uit 5- en 6vwo bezochten afgelopen maandag de ouderavond bij de TU. Er waren onder meer workshops over studeren in het algemeen en over een opleiding aan de TU Delft. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

03

gebeuren”, aldus Schoffelen. Als bijzondere maatregelen ziet hij afscheid nemen van afstudeerrichtingen of van complete afdelingen. “Maar dat wil ik niet doen.” Schoffelen heeft zijn hoop gevestigd op de resultaten van de situatieanalyse die alle faculteiten maken. “Dat is een soort benchmark waarmee je kunt zien wie zijn zaakjes op orde heeft.” Hij denkt dat Bouwkunde er goed uitspringt. Er is weliswaar onrust, maar Schoffelen en Kuip zien geen reden voor verdere forse ingrepen. “Het managementteam heeft het wijze besluit genomen om niet nog drie miljoen euro intern te vinden, maar die extern te halen via onderzoek.” Dat betekent niet dat er in 2010 geen mensen moeten vertrekken. Aantallen kan Schoffelen niet noemen. “Aflopende contracten worden niet per definitie verlengd.”

Hoeveel is de metrobuis bij station Rotterdam CS verzakt? TU-student Bas van Goor zal dat donderdagnacht meten met een laserscanner. Het apparaat werpt een wolk van puntjes om zich heen en verzamelt in vijf minuten letterlijk miljoenen punten in drie coördinaten. Van Goor zal de resultaten vergelijken met soortgelijke metingen uit 2006 en 2007. Als referentie dienen een aantal meetpunten die opgenomen zijn in het zogeheten Rijksdriehoekstelsel. De laserscanner, die eigendom is van de afdeling remote sensing van de faculteit

Luchtvaart- en Ruimtevaartechniek, heeft een theoretische nauwkeurigheid van drie millimeter. Maar in praktijk is dat eerder het dubbele, zegt Van Goor. Omdat de verzakkingen in de metrobuis naar verwachting centimeters bedragen, lijkt de nauwkeurigheid voldoende. Laserscanners worden al langer gebruikt voor opmeten van de openbare ruimte of van situaties na een ongeluk, maar de bruikbaarheid voor het opmeten van verzakkingen is onderwerp van Van Goors afstudeeropdracht.

Reactorinstituut wil isotopen produceren Het reactorinstituut wil een deel van de isotopenproductie van Petten overnemen. Om de productie veilig te stellen, moet er snel een besluit komen. Het reactorinstituut heeft ongeveer anderhalve maand nodig om de productie van radio-isotopen voor te bereiden, schat prof.dr. Bert Wolterbeek (toegepaste natuurwetenschappen). Aangezien de reactor in Petten op 1 maart vanwege onderhoudswerkzaamheden gesloten wordt, is een snelle beslissing noodzakelijk. Vorige week maakte het RID bekend ongeveer tien procent van de productie van de Nuclear Research & consultancy Group (NRG) in Petten over te willen nemen. De situatie dreigt nijpend te worden omdat ook de Canadese centrale in Shalk River sinds september vorig jaar is stilgelegd vanwege een lekkage. Samen nemen de reactoren in Petten en Canada tachtig procent van de wereldproductie van radio-isotopen voor hun rekening. Productie draaien in de Delftse onderzoeksreactor gaat ten koste van het onderzoek, beaamt Wolterbeek. Maar de RID-onderzoekers steunen het aanbod volgens hem unaniem. De bal ligt nu bij het ministerie van

VWS, NRG en het bedrijf Covidien dat wereldwijd ziekenhuizen van radio-isotopen voor onderzoek en behandeling van kankerpatiënten voorziet. Normaal gesproken levert NRG Covidien bestraald verrijkt uranium, waar het bedrijf dan het 99-molybdeen uit wint. Het RID zou

‘Productie draaien in de Delftse onderzoeksreactor gaat ten koste van het onderzoek’ die NRG-rol gedeeltelijk over kunnen nemen. Er wordt nog bekeken of de vergunning voor de Delftse reactor aangepast moet worden: dit heeft te maken met de strenge regelgeving ten aanzien van de splijtstof in de reactor. Over de inkomsten van eventuele isotopenproductie kan Wolterbeek nog niets meedelen. Er bestaat volgens hem geen vaste prijs voor de levering van bestraald uranium. RID-manager drs.ir. Rik Linssen bespreekt het Delftse aanbod met de betrokken partijen. (JW)


DELTA. 03 21-01-2010

Nieuws

Hulp

Nieuwe directeur

Champagneborrel

Bachelorstudenten met vragen over wiskunde kunnen in de witte week en de tentamenperiode hulp krijgen bij het wiskundeloket in de bibliotheek. Problemen voorleggen via skype kan nu ook. Wie de skype software heeft geïnstalleerd en een skype account heeft aangemaakt, hoeft alleen nog als contactpersoon ‘tudelftlibrary’ toe te voegen om zijn vragen te kunnen stellen. Het skypeloket is net als het vragenloket in de bibliotheek bemand van maandag tot en met donderdag van 13.00 tot 17.00 uur.

Mariëlle Vogt (44) wordt per 1 mei de nieuwe directeur finance & control. Zij volgt Ton Ruhe op die op 1 november 2009 na vijf jaar vertrok. Zijn taak is de laatste maanden waargenomen door Peter van Schaik. Vogt komt van telecombedrijf KPN, waar ze diverse financiële functies vervulde. Zij studeerde technische wiskunde aan de TU. Daarna volgde zij aan de Vrije Universiteit in Amsterdam de opleiding certified management accountant.

De Yes!Delft Student Board lanceert zichzelf op 25 januari met een champagneborrel. “Wij nemen het inspiratiegedeelte voor onze rekening door studenten te laten zien dat ondernemerschap een leuk, dynamisch alternatief is voor werken bij een bestaand bedrijf”, aldus een woordvoerder van de nieuwe Yes!Delft-loot. Doel van het initiatief is het vormen van een interactief platform voor en door studenten gericht op ondernemerschap. “Ze kunnen elkaar daar leren kennen, elkaar inspireren en zich via lezingen voorbereiden op onderne-

Pagina 08: 'Met vrouwen wordt het leuker'

04

Laddermolen merschap.” Beoogde partners zijn besturen van studie- en studentenverenigingen en technostarters van Yes!Delft. De borrel duurt van 18.00 tot 20.00 uur en wordt gehouden in de Yes!Delft business lounge aan de Rotterdamseweg 145.

x

Rotterdam is volgende maand van 24 tot 26 februari het decor van het ontwikkelingsforum World Alliance of Cities against Poverty (Wacap). Duurzaamheidshoogleraar prof. dr. Wubbo Ockels spreekt er over duurzame ontwikkeling. Zijn interfacultaire instituut applied sustainable science, engineering and technology (Asset) presenteert er bovendien de laddermolen als energiebron voor ontwikkelingslanden.

x www.yesdelft.nl

www.wacap2010-rotterdam.nl

bezuinigingen

‘Waanzin, die pasjes voor de koffie’ Over de kaasschaafmethode wordt denigrerend gedaan, maar het is helemaal niet zo’n slecht systeem, vindt Patrick van der Duin.

Met de dreigende bezuinigingen in het achterhoofd gaat Delta te rade bij een aantal TU-medewerkers. In deel twee dr. Patrick van der Duin, toekomstonderzoeker bij de sectie technology, strategy and entrepreneurship van de faculteit Techniek, Bestuur en Management.

xTomas van Dijk De TU verkeert in zwaar weer; jaarlijks schrijven zich steeds meer studenten in en tegelijkertijd hevelt de overheid minder geld direct over naar de universiteit (eerste geldstroom). Aangezien de overheid de komende jaren in totaal 35 miljard euro moet bezuinigen, ziet het er niet naar uit dat deze situatie binnenkort verbetert. Integendeel. Is het daarom geen tijd voor een herijking van de universiteit waarbij kennisvalorisatie, het te gelde maken van kennis, centraal staat? Niet als het aan Van der Duin ligt. Hij vindt dat de universiteit ervoor moet waken dat het geen herijking of zoals hij het noemt; ‘een strategische heroriëntatie’ doorvoert. “De universiteit moet onderwijs geven en fundamenteel en onafhankelijk onderzoek doen. Die doelstelling moet ze overeind houden.” Als de universiteit op de commerciële toer gaat, dan schiet ze zich in haar eigen voet, denkt Van der Duin. De TU levert volgens hem nu baanbrekende producten en technologieën op, juist doordat ze zich toelegt op fundamenteel onderzoek. “Als de universiteit alleen nog maar toegepast onderzoek doet voor bedrijven, dan zegt de overheid: jullie kunnen het prima zonder ons. En intussen droogt de fundamentele kennisbron op waardoor de universiteit niet meer interessant is voor bedrijven. Dat is de paradox van de commerciële universiteit: door commercieel te worden verliest ze aan waarde voor het bedrijfsleven.” Bovendien is het volgens Van der Duin ook maar zeer de vraag hoe lang de voorkeur voor valorisatie van kennis boven fundamenteel onderzoek bij de overheid standhoudt. “De huidige minister van onderwijs, Ronald Plasterk, grossierde zelf als moleculair bioloog in het binnenhalen van NWO-subsidies. Hij heeft zijn eigen business model geprojecteerd op het hele hoger onderwijs.” Honderd miljoen euro die voorheen direct werden overgeheveld naar universiteiten (eerste geldstroom) zijn nu bestemd voor

automatisch. Als je hem open zet, gaat hij vijf minuten later weer vanzelf dicht. Je hebt het niet meer zelf in de hand. En we krijgen nu ook pasjes voor de koffieautomaat. Waanzin vind ik dat.” Door beter te letten op dit soort kosten is het volgens Van der Duin niet zo moeilijk om tien procent te bezuinigen. De universiteit moet zich in geen geval gek laten maken door het huidige politieke klimaat. “Ze moet niet de boel overhoop halen. Dan krijgen we gespannen situaties, arbeidsconflicten en mensen die ziek thuis zitten. Per saldo schieten we daar niets mee op.”

Patrick van der Duin: “In de voorstellen liegen de onderzoekers dat ze barsten, want niemand weet bij voorhand wat een project oplevert.” (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

NWO-onderzoeksprojecten (tweede geldstroom) met een duidelijk maatschappelijk belang. Onderzoekers die naar deze subsidies dingen, moeten aangeven hoe ze de kennis, die de projecten opleveren, kunnen valoriseren. Dat stuit Van der Duin tegen de borst: “In de voorstellen liegen de onderzoekers dat ze barsten, want niemand weet bij voorhand wat een

‘Je moet geen onderzoekers ontslaan, want die leveren juist geld op’ project oplevert.” Maar hij denkt ook dat het tactisch gezien verkeerd is van de TU om haar kaarten op deze subsidies in te zetten. “Een volgende minister maakt de eerste geldstroom misschien wel weer veel groter. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid heeft hier al voor gepleit.”

Dit neemt niet weg dat de TU kampt met een financieringstekort. Om daar wat aan te doen is volgens Van der Duin de kaasschaafmethode geen slechte tactiek. Maar dan vooral gericht op de ondersteunende diensten. “Je moet geen onderzoekers ontslaan, want die leveren juist geld op.” Faculteiten zijn ongeveer de helft van hun budget kwijt aan ondersteunende diensten, schat Van der Duin. “Het klinkt onsympathiek om in die diensten te snijden, maar het kan wel helpen. De bureaucratie is heel groot.” Als voorbeeld van een bureaucratische beslommering waar het mes in kan, noemt van der Duin de wijze waarop faculteiten elk jaar hun minors samenstellen. “Elk jaar is er een beurs waar studenten kunnen aangeven waar hun interesse naar uitgaat. Faculteiten stellen mede op basis daarvan minors samen. Verder doen ze marktonderzoek, houden ze meetings en maken ze minorgidsen. En dat allemaal om elkaar te beconcurreren. Het levert

geen betere minors op. Het is beter als iedere faculteit zegt: hier zijn we goed in en daar maken we een minor van, klaar. Dat zou een hoop geld besparen.” Verder kan de TU veel besparen op allerlei diensten die medewerkers het leven gemakkelijker moeten maken, maar dat juist niet doen. “We hebben nu een afstandbediening om onze ventilatieroosters open en dicht te doen. Alles moet

Om de financiële problemen van de TU Delft het hoofd te bieden, moeten alle faculteiten van het college van bestuur aangeven hoe ze tien procent kunnen bezuinigen op het geld dat zij vanuit de overheid krijgen. De faculteiten moeten deze maand met voorstellen komen over herinrichting van wetenschappelijke afdelingen en bundeling van onderwijs en onderzoek binnen de faculteit en met andere faculteiten. Ook moeten ze aangeven welke onderdelen onvoldoende bijdragen aan de doelen van de faculteit. Het vrijkomende geld wil het college vooralsnog gebruiken voor vernieuwing in onderwijs, onderzoek en infrastructuur. Het college spreekt daarom niet van bezuiniging maar van ‘flexibilisering’.


DELTA. 03 21-01-2010

Soort tram De TU houdt de aanleg van tramlijn 19 niet op. Dat antwoordde collegelid Paul Rullmann op vragen tijdens een vergadering met de studentenraad (sr). “Als het gaat om de vraag: bouw je een elektrische tram 19 of eentje met bovenleidingen, gaat de TU akkoord met beide”, zei Rullmann. “Wel hebben we veruit de voorkeur voor een elektrische. Eentje met bovenleidingen is archaïsch.” De sr hield Rullmann voor dat een tram met accu pas in 2016 kan rijden, omdat vervoerder HTM wil wachten tot zo’n tram zich heeft bewezen. De TU wil daar ech-

05

Nieuws

Meedrijven ter niet op wachten en wil ook niet alleen maar een tram met accu. “Je kunt ook eerst alvast een tram met bovenleidingen aanleggen. Mijn zorg is dat als er eenmaal een tram met bovenleidingen komt er daarna geen tram met accu volgt.”

Badgasten zouden beter geïnformeerd moeten worden over muistromen, stelt dr.ir. Marije Smit die maandag 18 januari promoveerde bij Civiele Techniek en Geowetenschappen op haar studie naar stroming en zandbanken. Muistromen, zeewaartse onderstromen vlakbij de kust, lopen niet altijd loodrecht op de kust waardoor parallel aan de kust zwemmen (de officiële richtlijn) uitputtend kan zijn. Beter kun je je laten meedrijven en om aandacht zwaaien, stelt Smit. Binnen haar onderzoek ontwikkelde ze een model voor de

Avondcollege vorming van zandbanken onder invloed van zeestromingen. Ze testte het model op een klein zandstrandje in Australië in een periode van tien dagen waarbinnen ook een storm viel. De diepteveranderingen door de storm werden niet juist voorspeld. Smit stelt vast dat het bestaande patroon van zandbanken van veel groter belang is voor de verdere ontwikkeling dan de zeestroming. Een correct model ervoor te maken is echter nog een hele uitdaging, stelt de jonge doctor.

Het ziet er naar uit dat TU-studenten vanaf komend studiejaar één of twee dagen in de week ‘s avonds colleges krijgen. Het college van bestuur (cvb) ziet een 10-urenrooster als meest reële oplossing om druk op collegezalen op te vangen. Dat bleek vorige week bij een vergadering van de studentenraad (sr) met het cvb. De sr nam de uitnodiging van het cvb aan om dit plan uit te werken. Eerder voelde de sr zich buitenspel gezet.

‘Bodem heeft veel te bieden’ Een conferentie over de ondiepe ondergrond die deze week plaatsvindt, wijst ingenieurs en beleidsmakers op de rijkdom in de eigen bodem. De maatschappij begint binnen te dringen in de ondiepe ondergrond, constateert organisator dr.ir. Timo Heimovaara (Civiele Techniek en Geowetenschappen). Het ministerie van Vrom buigt zich over de vraag hoe het gebruik ervan geregeld moet worden. Daarnaast willen ingenieurs van alles doen, gewoon omdat het kan. Dit is de huidige

situatie van de bodem tussen twee meter en drie kilometer diepte. Dit gebied werd tot nu toe alleen voor zijn draagvermogen gebruikt, maar nu ook in toenemende mate voor warmte- en koudeopslag, filtering van grondwater en voor bouw (de Noordzuidlijn gaat tot dertig meter diepte). Er leven allerlei vragen, stelt Heimovaara, en die willen we breed neerzetten in ons congres. De eerste internationale conferentie over Frontiers in Shallow Subsurface Technology (ondiepe ondergrond), die van woensdag 20 tot en met vrijdag 22 januari in de aula plaatsvindt, brengt allerlei disciplines samen. Het evenement vormt de afsluiting van het onderzoeksprogramma ‘Delft Earth’ onder leiding van prof.dr. Salle Kroonenberg, maar het zou eveneens het

begin kunnen zijn van een deel van het nieuwe onderzoeksprogramma BioGeoCivil, opgezet in samenwerking met onder andere TNO-bouw, Deltares, TU Eindhoven, Universiteit

De organisatie wil hoogtepunten presenteren van hedendaags bodemgebruik Utrecht en Wageningen Universiteit en Researchcentrum. Op het congres wil de organisatie hoogtepunten presenteren van hedendaags bodemgebruik zoals de nieuwste ontwikkelingen in tunnelbouw, kennis over ondergrondse

stromingen en opslag van CO2. Heimovaara hoopt dat onderzoekers hierdoor gaan beseffen welk potentieel er onder onze voeten ligt, voor zowel wetenschap als maatschappij, “als ze wat breder durven kijken”. Bovendien, stelt hij, is de snelheid van innovatie het grootst op het snijvlak van verschillende wetenschappen. Heimovaara ziet het congres als unieke kans voor contacten tussen wetenschappers en beleidsmakers. “Wij brengen ze samen. Ik ben benieuwd hoe dat gaat werken.” (JW)

x www.shallowsubsurface.org

Haag waarin Van Wee en hoogleraar beleidsanalyse prof. Hans de Bruijn (beiden van TBM) ambtenaren van Verkeer en Waterstaat bijspijkeren over ‘Transportbeleid in tijden van bevolkingskrimp’. De gevolgen van bevolkingskrimp voor delen van Nederland – ZuidLimburg en Oost-Groningen voorop – is iets wat steeds meer ambtenaren bezighoudt. “Krimp is een groeimarkt”, grapt Van Wee. De vraag die centraal staat tijdens zijn praatje is in hoeverre de overheid moet blijven investeren in infrastructuur in ontvolkte gebieden. Hoe om te gaan met het ov bijvoorbeeld? “Het wordt steeds duurder om het aanbod aan openbaar vervoer overeind te houden in gebieden die demografisch krimpen.” En de aanleg van wegen, moet de overheid daar maar mee stoppen in die gebieden? Dat zou veel te kort door de bocht zijn, aldus Van Wee.

“Er zijn veel meer factoren die van belang zijn, zoals economische, sociale en ruimtelijke ontwikkelingen.” Zo verwacht Van Wee dat het aantal auto’s de komende decennia nog flink zal blijven groeien omdat een steeds groter percentage van de bevolking een rijbewijs heeft. Hans de Bruijn gooit het onderwerp over een heel andere boeg: de politisering van bevolkingskrimp. Hij waarschuwt de ambtenaren ervoor dat politici aan de haal kunnen gaan met hun mooie plannen en hen met oneliners zullen afserveren. “Politieke framing heet dat”, aldus De Bruijn. “Politici zoeken naar oneliners die krachtig weergeven dat de opponent een sukkel of een boef is. Voorkom dat je het beeld laat ontstaan van een tweedeling Randstad - rest van Nederland. Anders krijg je oneliners als

Fietsen station De situatie voor fietsers en busreizigers verandert deze week ingrijpend. Aanleiding is de aanleg van de spoortunnel bij het station. Dat meldt Ontwikkelingsbedrijf Spoorzone Delft.

Fraude Wordt @Home Housing de huisjesmelker van het jaar? Het Utrechtse bedrijfje lichtte tientallen studenten op met het verhuren van kamers die helemaal niet te huur waren. “Helaas zijn er nog meer kanshebbers”, zegt Eva Gerrebrands van organisator Rood.

Shiatsu-massage "Heel relaxend”, vindt tweedejaars student Harm Tillema het kwartiertje massage dat hij net heeft ondergaan. “Ik kan nu weer een paar uurtjes knallen.”

Krimp als groeimarkt Files kosten Nederland jaarlijks enkele miljarden. Dat getal komt een vijftigtal ambtenaren, bijeengekomen in een klein zaaltje in Den Haag, niet onbekend voor. “Maar waar is dat cijfer op gebaseerd”, vraagt iemand. “Uit modellen van gedragsaanpassingen”, antwoordt de docent, niemand minder dan hoogleraar transportbeleid prof.dr. Bert van Wee. “Stel dat een automobilist er vanwege de files voor kiest om de trein te nemen, dan kun je een prijskaartje hangen aan het feit dat hij afziet van de auto, waar eigenlijk zijn voorkeur naar uit gaat…” Gelach uit de zaal onderbreekt Van Wee’s uitleg over de kosten van gedragsaanpassingen. “Maar als je de trein pakt dan ben je wel heel diep gezakt”, klinkt het van achterin de zaal. De sfeer zit er goed in tijdens de masterclass vorige week in Den

delta online

‘Nederland als eenmotorig vliegtuig’.” “Het is goed dat we ons bewust worden van framing”, zegt ambtenaar Aniek Ankers na afloop. “Ons werk bestaat namelijk ook uit het verkopen van beleid.” Ankers houdt zich onder meer bezig met de plaatsing van fietsenstallingen bij stations. “Pardon? Fietsparkeervoorzieningen. Dat klinkt mooier. Bij fietsenstallingen denk je al gauw aan fietswrakken.” Tomas van Dijk

Bierwijzer Het wetenschappelijke Kennisinstituut Bier heeft een ‘bierwijzer’ uitgebracht. Daarin staat onjuiste informatie, schrijft de Stichting Alcoholpreventie.

Duitse studenten Het aantal Duitse studenten is de afgelopen jaren met enkele duizenden toegenomen, terwijl er iets minder Chinezen komen. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Links

x ‘Transportbeleid in tijden van bevolkingskrimp’ is de tweede in een reeks van vijf masterclasses door Delftse onderzoekers aan ambtenaren van V&W.

Amerikaanse professoren zijn overwegend links. Maar dat ligt niet aan discriminatie, tunnelvisie of intelligentie, zeggen twee onderzoekers. Conservatieve jongeren willen gewoon geen professor worden.

Koopkracht Bijna iedereen gaat dit jaar in koopkracht achteruit, behalve studenten met een bijbaantje. Die kunnen elke maand een slordige vier euro meer uitgeven, becijfert het Nibud.

Kamervragen

Groene Draeck

De catamaran ‘Green Dragon’ van het TU team 10, bestaand uit Stephanie van den Brink, Wouter Dubois en Robert Hooft, was het snelste schip bij de zeilwedstrijd voor modelbouwboten die vrijdag bij Marin in Wageningen werd gehouden. Hun ontwerp was snel én wendbaar. TU-team Panther behaalde de tweede plaats en het InHolland-team Roerkoningen eindigde als derde. De jaarlijkse zeilwedstrijd is onderdeel van de minoropleiding ‘zeiljachten’ voor TU- en InHolland-studenten. (Foto: Marin)

CDA en SP willen van minister Plasterk weten waarom de technische universiteiten zoveel verlies maken op de overheveling van 100 miljoen euro naar NWO. Waarom kunnen zij zo weinig geld aan onderzoeksbeurzen terugverdienen?

x

www.delta.tudelft.nl


DELTA. 03 21-01-2010

06

science

opinion please

Climate research in a sarcophagus Buildings covered with plants can look pretty, but this vegetation can also keep us warm in winter and cool in summer. For his PhD research, Marc Ottelé is trying to figure out to just what degree. xTomas van Dijk ‘Don’t enter, Tutankhamen’, warns a little note pasted on a thick plate that hermetically seals a box. If it weren’t for the inside, which consists of thick layers of polystyrene, the box would indeed look somewhat like a sarcophagus. “A joke by the guys who built this box”, explains Marc Ottelé (MSc). Ottelé has had this wooden box built in the basement of his faculty (Civil Engineering & Geosciences) building in order to study how panels covered with plants can influence the humidity and temperature inside and outside buildings when placed as a skin on edifices. “For esthetical reasons, facades covered with plants are becoming more and more popular”, Ottelé says. “But they also have very good insulation properties. At least, that’s what we think. This has hardly ever been investigated.” Ottelé wants to measure the effects of these kinds of panels under laboratory conditions. He built a typical

piece of Dutch wall: a cavity wall, measuring about one square meter, consisting of two brick ‘skins’ separated by a hollow space that is partially filled with insulation material. In this wall he placed a few dozen sensors that measure humidity and temperature, so as to obtain a gradient over the whole thickness of the wall and just outside the wall in the vegetation. All Ottelé has to do now is slide this wall inside the box, put a panel with plants in front of it, and then seal it. With a blow dryer sticking inside

With a blow dryer sticking inside the sarcophagus, he will mimic warm summer wind the sarcophagus, he will mimic warm summer wind, while a few strong parabolic aluminized reflector lamps mimic radiation from the sun. A webcam inside the box will allow him to see how the plants are doing during the experiments. “I’m starting with summer conditions and then I will mimic winter”, says the researcher. There are three mechanisms by which warmth can be transported: by thermal conductivity, radiation and heat convection. Since plants do not conduct heat, Ottelé will focus on the amount of heat radiation that is absorbed by the leaves and the convection passing through the vegetation. Convection will also

be reduced because of the shading caused by the leaves. In summer, vegetation can be a blessing for the climate inside buildings, keeping houses and offices cool without need of air conditioning, but also for cities it can be advantageous. Warming of the climate is expected to hit cities hard, since people will rev up their air conditioners, thereby blowing more warm air in the city. In addition, the concrete, which most of the city is made out of, absorbs a lot of heat. Vegetation on the other hand has a cooling effect on the air because it evaporates water. This cooling effect on the environment is also something Ottelé wants to study, first in his laboratory setup and later outside on the TU campus. He hopes he will get permission to cover part of the faculty of Civil Engineering & Geosciences with a skin made out of a special kind of foam with nutrients inside on which ferns can grow. Ottelé will use the same kind of foam plates with vertically growing plants in his laboratory setup. For his experiments in the basement however he is still waiting for the right plate to arrive. A construction company he works with mistakenly sent him one with extravagant tropical plants instead of ferns. “Esthetic it is, for sure, but not such good insulation in winter”, Ottelé laughingly remarks.

Strong lamps mimic the radiation from the sun inside the sarcophagus. (Photo: Tomas van Dijk)

Finding victims with a radar For days after the devastating earthquake in Haiti, many people were still trapped under piles of rubble. A TU Delft PhD student worked on improving and developing a method that could locate victims using ultra-wideband radar. Amer Nezirovic watched the horrible pictures of the devastation wrought by the earthquake in Haiti with sadness and frustration. “Because I was not able to help”, says the electrical engineer who studies at the EEMCS faculty. For the past four years Nezirovic has been working on a method to detect victims buried beneath rubble. The method, implemented in an ultrawideband radar, shows where victims are located and what their breathing rate is. “We use high-resolution electromagnetic waves that penetrate the rubble and reflect from the trapped victim”, Nezirovic explains. “The device extracts any contrast from the movement of the victim’s chest on the one hand, and the stationary rubble on the other. It’s even able to detect heartbeats under favourable conditions. In Haiti there aren’t enough bulldozers and many hospitals collapsed. In such cases, it’s very important to work as precisely as possible and to know if victims are still alive.” The thought of going to Haiti to take part in the rescue operation did cross Nezirovic’s mind. “But the nature of my research studies prevents any practical chances of taking part in the rescue operation in Haiti, since there never was an aim to develop a working prototype”, he says. “Also, the practical obstacles are many: safety, costs, insurance and the ownership of the equipment. It’s not that simple to just catch a flight and help. The radar also doesn’t work optimally yet; there is room for improvement, and much more research is needed. And if there is a working device, then people must first be trained to use it.” For these reasons, a large-scale implementation of his method in Haiti is out of question. The current practice is to use dogs to locate people buried under rubble. “In future, dogs and radars should work together”, Nezirovic states. “Dogs are very useful to tell you that there are people under a pile of rubble. After that, radar is put in place to show where the victims are located precisely and if they are still breathing.” Nezirovic says the images of the aftermath of the earthquake reveal that there is a need for radar devices for detection of trapped victims: “But this kind of research is still not looked upon with priority, although earthquakes are a recurring problem. For the past nine months I’ve been looking for funding to conduct more research on this method, but without success. A Dutch team of experts is currently helping the Haitians find victims. In future it would be great if they could work with a device that is being developed at a Dutch university. I plead to all those responsible, both nationally and on the European level, to further fund this research that could potentially save lives.” (RV)


DELTA. 03 21-01-2010

07

science

halfway

Witnessing the Big Melt His article on the melting of Greenland’s land ice made headlines. This week, Dr Bert Wouters, defended his thesis on advanced filtering of satellite data. xJos Wassink Initially the Grace satellite data were a bit disappointing. The gravity recovery and climate experiment satellites became operational in March 2002, revolving around the Earth in a north-south direction, sensing the gravitational pull of the Earth by measuring the variation of the distance between the satellite pair. The distance between them was typically a few hundred kilometres, the variation only a few micrometers – hundred thousand times million times smaller. But when results of subsequent passes were compiled to arrive at a gravity atlas of the world, broad noisy bands spoiled the picture. “It was the result of changed circumstances at the Earth surface - like for example the tide had changed”, explains dr Bert Wouters, who defended his thesis last Tuesday at the faculty of Aerospace Engineering (AE). The different amounts of water meant a variation of the local mass, and hence another gravity value. “Of course people at Nasa and DLR [German Aerospace, ed.] have foreseen the effect, but the correction they applied couldn’t take the noise bands away”, Wouters says. So the Delft engineer set out to design a filtering algorithm himself, called EOF or ‘empirical orthogonal function’, making use of the by

then large existing dataset consisting of six years worth of measurements. This allowed Wouters to filter out measurements with the same periodicity in time. The shortest periods are those of the ocean tides, while seasonal variations are longer and ocean currents have a longer periodicity still. Selecting measurements with the same periodicity and rejecting others allowed him to get rid of ‘non-coherent’ signals – another word for ‘noise’. Needless to say this involved massive amounts of number crunching, putting elaborate datasets through impressive mathematical formulas.

It was only in the early 2000s that melting land ice started to contribute to sea level rise The work even led to a proposition in his thesis: “Gathering scientific observations is a sleep-inducing and time-consuming activity, what is flagrantly ignored by the enduser of the data.” Indeed, the resulting gravity atlas looks disturbingly normal. The filtered data allowed the melting of Greenland’s land ice to be measured directly for the first time. Wouters published his findings, together with dr. Ernst Schrama (AE), in the October 2008 issue of Geophysical Research Letters. They showed that between 2003 and 2008 Greenland had lost on average 195 cubic kilometres of land ice per year – enough to raise the oceans worldwide by 0.5 millimetres. Their publication drew a lot of attention. ‘Greenland ice loss behind a sixth of sea level rise,’ wrote New Scientist.

Iceberg in Rødefjord (Scoresby Sund), Greenland. (Photo: Hannes Grobe)

Until the late 1990s, sea level rise was solely caused by the expansion of warming seawater. It was only in the early 2000s that melting land ice started to contribute as well, and now both causes are equally large. Melting ice from Greenland, Antarctica and glaciers adds 1.5 millimetres per year to the sea levels. Another 1.5 millimetres comes from the thermal expansion. ‘The synergy between Grace data (…) and regional climate models (…) promises a leap forward in our understanding of the mass balance of the ice sheets’, Wouters writes in his thesis. He refers to the collaboration he has set up with climate modellers from the institute of marine and atmospheric research Utrecht (IMAU), which is part of Utrecht University. IMAU has developed a model for the Greenland ice sheet based on the temperature data of the last fifty years. The predictions it has produced for ice loss in recent years were within range of the measurements from GRACE data. “This means that their model is basically correct, and they can start predicting ice sheet loss for the next 20-30 years”, Wouters explains. The ability to monitor ice sheets from space is not guaranteed, however. The Grace mission is still active but long overdue. The Goce satellite, aimed at producing a more detailed gravity map, is expected to have a much shorter life span because of its reduced altitude.

x Bert Wouters: Identification and Modelling of Sea Level Change Contributors, On Grace satellite gravity data and their applications to climate monitoring. January 19, 2010.

Suze-Anne Korteland. (Photo: Sam Rentmeester/FMAX)

Cleaning with chaos Soil pollution is a worldwide problem. Most of the pollution can often easily be removed, yet a small amount of polluted material remains in the subsurface. Name: Suze-Anne Korteland (25) Nationality: Dutch PhD supervisor: Dr. T.J. Heimovaara Promotor: Professor J. Bruining Subject: Source zone remediation: enhancing of mass transfer rates Thesis defence: In about two years Suze-Anne Korteland (MSc) thinks deeply about how she should summarize her PhD research subject: “Soil pollution is an increasing problem. The subsurface is never completely homogeneous, as a result of which some of the contaminants stay in the pores. The goal of my research is to test an improved soil remediation method.” To clean contaminated soil, wells are used to inject fluid into the polluted parts of the subsurface. “Often oxygen is pumped through the soil, which reacts in-situ with the pollution. Another option is to inject oxidators”, Korteland says. When pumping constantly in the same direction, the fluid always flows via the same route. The pores that are reached by the flow are cleaned, but the pores outside the flow path remain contaminated. “My ultimate goal is to develop a remediation method whereby the fluid will reach more pores than is now often the case. This method aims to create a ‘chaos’ of alternating and varying flows, by rhythmical pumping and injecting with three or four wells, to change the flow pattern constantly”, Korteland explains, adding that, in addition to the flow path, flow velocity is also a very important aspect. “The oxygen and oxidators have to reach the polluted soil before it reacts with other available organic material.” At the moment Korteland is designing an experiment to simulate flow through a porous medium. The set-up consists of a cylindrical tank with a diameter and height of approximately 60 centimetres, studded with electrodes, and a pumping system. The electrodes are part of an electrical resistance tomography (ERT) measuring system. With ERT, electrical current is injected into the tank, while the potential difference is measured between opposite electrode pairs placed around the tank. “The tank will be filled with sand and water when the measuring system is finished”, Korteland explains. “I’ll place a mini-well in the tank through which a saline solution is injected in the porous sand. I’m currently developing software to make fast calculations with the measured potentials, to calculate a 4D image of the fluid flow within the tank.” Over the course of the next two years, Korteland hopes to finish the software and the ERT measurement system. “When the measurements and calculations can be trusted, and the flow pattern of an injected solution can be made visible in 4D, it will be time to simulate chaotic flow”, she says. “By alternating pumping and injecting with three or four mini-wells, the flow paths should change and more pores should be reached by the injected solution.” In a later phase of the project, Korteland’s results will be up scaled to field conditions; however, that moment, she says, is still far away: “Let’s first see if we can simulate this improved remediation method, before we think about applying it!” (MP)


DELTA. 03 21-01-2010

interview

Wie is Nynke Jansen? Nynke Jansen (1970) studeerde arbeids- en organisatiepsychologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Haar afstudeeronderzoek ging over de organisatiecultuur bij de Britse Spoorwegen. In 1995 ging ze werken bij Shell, waar zij verschillende functies bekleedde op het gebied van personeel en organisatie. Sinds april 2008 is ze directeur van de dienst personeel en organisatie bij de TU. Nynke Jansen is getrouwd en heeft twee kinderen. (Foto’s: Sam Rentmeester/FMAX)

08


DELTA. 03 21-01-2010

09

interview

‘Met vrouwen wordt het leuker’ De TU heeft weinig vrouwen aan de top. Als eerste universiteit tekende zij het charter Talent naar de Top met afspraken hierover. Directeur personeel en organisatie Nynke Jansen: “In Nederland moeten we echt wat doen aan die moederschapcultus.”

niets voor haar is. Daar sluit je dan misschien al mensen mee buiten die hier een waanzinnig goede carrière zouden kunnen maken. Je zou ook kunnen zeggen: prima, hoe gaan we zorgen dat het wel werkt? Bij loopbaanontwikkeling kun je vacatureteksten anders formuleren en een vrouw in de loopbaancommissie zetten. Ik wil bewustzijnstrainingen uitbreiden naar managementteams en afdelingsvoorzitters. Begrip krijgen voor de verschillen tussen een mannen- en een vrouwencultuur. Volgend daaruit kun je mentorpartnerships opzetten. Een vrouw mentort een man en andersom.”

xConnie van Uffelen en Frank Nuijens Schetst u het probleem eens? “Sommige mensen zien het niet als probleem, want we hebben een prachtige universiteit, we doen mooi onderzoek en we geven mooi onderwijs. We doen dat met een groep die dominant man, Nederlands en wit is. Maar je kunt ook denken: in een groep wil je een evenwichtiger afspiegeling hebben. En dus ook in de toplagen. Er is nu een groepsraad met een college van bestuur waarin elf mannen zitten. Dat is niet een brede manier van kijken naar problemen. Natuurlijk zitten er elf verschillende mensen die verschillende stijlen en achtergronden hebben, maar je kunt dat veel meer divers maken. Dan pas kijk je door meerdere lenzen naar problemen. Het zou kunnen dat je sterkere besluitvoering of sterkere ideeën krijgt. Innovatiever.” Put u uit eigen ervaring? “Ja, in het directeurenteam is het al wat evenwichtiger. We hebben nu drie vrouwelijke directeuren in een groep van tien of elf. Anka Mulder van onderwijs en studentenzaken, Maria Heijne van de bibliotheek en ik. Binnenkort vier met de nieuwe directeur F & C Mariëlle Vogt-Claessens. Bij Shell heb ik gezien dat je diversiteit niet los moet zien van de organisatiecultuur. Een cultuur waarin je serieus wordt genomen ongeacht je achtergrond, je manier van denken, je seksuele voorkeur, je gender, je nationaliteit, je politieke voorkeur of religie. Wordt er naar je geluisterd? Daar begint het mee: een cultuur creëren waarin mensen naar elkaar luisteren, vragen stellen, doorvragen. Als je zo’n cultuur hebt, denk ik dat het al veel makkelijker is om je als niet-dominante groep in die cultuur thuis te voelen.” Uit onderzoek blijkt dat je 35 tot 40 procent vrouwen in een team moet hebben willen ze zich als individu kunnen handhaven. Hoe gaan we dat bereiken? “Nu is het aantal vrouwelijke hoogleraren zeven procent, maar of dat dertig procent moet zijn? Hoe realistisch is het om binnen nu en vier jaar dertig procent te hebben in een technische omgeving? In Nederland is de pijplijn tamelijk dun. Dat wordt al beter: er zijn al veel meer meisjes studenten. Hoewel het in sommige faculteiten bij vijf, tien procent blijft hangen. Mijn gevoel is dat het ontzettend met de Nederlandse cultuur te maken heeft. In Nederland krijg je als vrouw signalen dat je toch vooral de meerderheid van je tijd voor je kinderen moet zorgen. Als je dat niet doet, ben je wel heel ontaard.” Zeggen mannen dat? “Mannen, maar ook vrouwen. Dat zit heel diep in de cultuur. Toen ik zwanger was, zei iemand tegen mij: o, ik zie dat je eindelijk gekozen hebt tussen carrière maken en moeder worden. Of als je zwanger bent: hoe ga je dat nou doen? Alsof ik een verschrikkelijk probleem over mezelf had afgeroepen. Aan mijn man werd dat nooit gevraagd. Vaak luidt het: je wilt nu zeker parttime werken? Kom je nog terug? Dat is de insteek in plaats van: goh, je bent zwanger: hartstikke leuk, focus je daar vier maanden op. Daarna hebben we je hartstikke hard nodig, maar het moet voor jou werken. Wat kunnen wij daar nog in betekenen als werkgever? In Nederland moeten we echt wat aan die moederschapcultus doen. Die gedachte dat drie dagen per week werken het maximum is en dat het heel verschrikkelijk is als je kinderen meer dan twee of drie dagen naar de crèche gaan. Mijn kinderen gaan twee dagen naar de crèche en ook naar buitenschoolse opvang. Ook heb ik een oppas aan huis. Ik ben één dag thuis. Het scheelt al geweldig dat mijn man een dag thuis werkt en dan gewoon de kinderen wat later brengt en wat vroeger haalt. We hebben veel oppassen en ik kan ook loslaten. Dat is ook iets: Nederlandse vrouwen kunnen

heel hoge eisen stellen aan zichzelf en thuis. Als mijn kinderen twee dagen wentelteefjes eten vind ik dat niet erg. Dan krijgen ze nog een wortel en is het helemaal goed. Maar ja, als het allemaal biologisch-dynamisch gekookt moet, leg je jezelf wel wat op.” Is er een cultuur waarin dit minder speelt? “In Frankrijk is het zeer normaal en in Azië zijn ook veel meer vrouwen aan de top dan hier. In Frankrijk is het ook heel gewoon dat kinderen van ‘s ochtends vroeg tot ‘s avonds laat naar school gaan. Hier is het belachelijk dat kinderen tijdens de lunch naar huis gaan. Wat een idioot idee. Gelukkig heeft de school van onze kinderen dat niet. Daar is het ingeroosterd dat alle kinderen overblijven. Dan is het ook niet van: o, wat zielig dat jij moet overblijven.” Wat wil de TU met het charter? “Ten eerste dat je een heldere strategie hebt. We willen een organisatie waarin mensen die niet tot de dominante groep behoren zich thuis voelen, succesvol kunnen zijn. Daaruit volgen managementafspraken over wat dat betekent voor je personeelsopbouw, je leeftijdsopbouw, uitstroom, pensionering. Als in een faculteit tien hoogleraren uitstromen, hoeveel plekken kun je dan realistisch gezien opvullen door vrouwen? Daarover spreken we met decanen. Dus we zeggen niet tegen iedereen dat het over vijf jaar dertig procent moet zijn. We hebben nu gezegd: van zeven naar twaalf procent vrouwelijke hoogleraren in 2014. Het is stimulerend om een target te stellen, mensen gaan echt beter hun best doen. Het derde element is: instrumenten. Er is al veel, zoals het vrouwennetwerk Dewis (Delft Women in Science) met cursussen voor vrouwen. Maandag is er een congres van Dewis met workshops en sprekers die hier naar gekeken hebben. Verder is er een diversiteitsonderzoek bij Civiele Techniek en Geowetenschappen en bij Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek en Technische Materiaalwetenschappen. Onderzoekers kijken naar onder meer salarisverschillen tussen mannen en vrouwen. Ik verwacht de resultaten in maart en op basis daarvan kunnen we de strategie beter formuleren. Heel grappig, in Tilburg kwam er uit dat onderzoek dat mannen net zo veel parttime werkten bij de universiteit als vrouwen. De mythe dat vrouwen niet de ambitie hebben is daarmee dus al ontzenuwd, daar in Tilburg. Verder zijn er ook denkbeelden die vrouwen apart zetten en niet stimuleren. Een promovenda die zwanger werd en van wie gezegd werd: jeetje nu ga je nog meer kosten, want het gaat langer duren. Dat kan dus echt niet. Of iemand tegen wie men van tevoren al zei dat ze niet zwanger moest worden tijdens haar promotie.” De arbeidswet is daar heel helder over. Is het zo dat die hoogleraar die vrouw minder kans geeft als ze toch zwanger wordt? “Ik denk dat het sowieso een signaal uitzendt dat wetenschap

Slechts zeven procent van de hoogleraren is vrouw. Solliciteren zij niet? “Marieke van den Brink onderzocht benoemingen van hoogleraren in wetenschappelijk Nederland, aan zeven universiteiten. In de wetenschappelijke wereld gebeurt veel met talentscouting: je hebt een enorm netwerk en daarin zie je een goede kandidaat die goed onderzoek doet met interessante publicaties. Je herkent succes, maar dat is niet een manier die het net in de vijver breed uitgooit, omdat je als man heel vaak succes herkent bij mannen. Ik denk dat dergelijke onbewuste dingen ook hier spelen. Je moet altijd een vrouw hebben in de selectiecommissie voor hoogleraren, maar ook voor universitair hoofddocenten. In de raad van hoogleraren zit één vrouw. Dat is niet genoeg. Ik denk dat we iets kunnen doen aan selectietechnieken. Goed luisteren naar de presentatie van een vrouw. Je oordeelt misschien al snel vanuit de dominante groep, maar kijk daar doorheen. Ook is aangetoond dat als vrouwen een vacature zien met vijf criteria, ze denken: ik voldoe maar aan drie van de vijf, dus ik solliciteer niet. Een man denkt: ik voldoe aan twee van de vijf, ik solliciteer. Daarom kijken we nu in vacatureteksten of we niet te veel vragen. Wat wil je echt zien? Zet niet al die honderd dingen erin.” Ligt positieve discriminatie niet op de loer? “Dat is heel Nederlands om nog in die termen te denken. Ik noem het positieve actie. Het heeft niets met discriminatie te maken. Alleen zeggen: we gaan geweldig goede dingen doen, daarmee kom je er niet. Je moet het echt een beetje forceren en natuurlijk niet inboeten op kwaliteit, maar wat is kwaliteit? Kwaliteit bekijk je met de bril van de dominante groep, dat is kwaliteit. In Nederland is kwaliteit: direct zijn, open zijn, recht door zee, zeggen wat je denkt, duidelijk stelling nemen. Als je dat doet, vindt men je geweldig goed. Als je met zo’n bril naar kwaliteit kijkt, kan een Aziaat al minder makkelijk dat criterium halen. We beperken ons door kwaliteit op een beperkte manier te definiëren. Daarom moet je die targets zetten.” Komt er in de groepsraad ook dertig procent vrouwen? “In 2014 wil ik twee vrouwelijke decanen zien. Dat zou heel mooi zijn. Tegen die tijd is er een aantal decanen met pensioen. Termijnen lopen af.” En een vrouw in het college van bestuur? “Ja, natuurlijk. Dat staat ook in de targets.” Dus de kans is groot dat de eerstvolgende decaan en het eerstvolgende collegelid een vrouw is. “Ja, maar dan moet er wel een beschikbaar zijn. Een goede kandidaat die ook draagvlak heeft. En waarvan mensen niet meteen zeggen: dat was zeker omdat ze vrouw is. Het moet iemand zijn die uitstraling heeft en daar niet al te gevoelig voor is.” Worden dit aanbevelingen of hard beleid met sancties? “Met de vuist op tafel slaan werkt hier niet. Dat moet je ook niet willen. Het is heel belangrijk om mensen er in te laten geloven. Dat mensen echt gaan zien: het wordt er leuker op. Je hebt een grotere talentpoule waaruit je kunt vissen. Dat is in Nederland ook echt een businessreden: vrouwen, jullie moeten aan de bak anders redden we het niet.”


DELTA. 03 21-01-2010

10

lifestyle

Sonny’s Sennheisers

De door Sonny Lim ontworpen Sennheiser ‘expressionline’ oortelefoons. (Foto: Sennheiser Electronic GmbH& Co. KG)

Sport

“Het emotionele aspect van muziek moest terugkomen in het ontwerp”, zegt oud-IO’er Sonny Lim (34) over de nieuwe Sennheiser expressionline oortelefoons die hij ontwierp voor BMW Designworks. xMIRANDA PIERON

De in groenwitte shirts gestoken korfballers van Paal Centraal sloten het thuisduel met SEV af met een gelijkspel. (Foto: Sam Rentmeester/FMAX)

De korfballers van vierdeklasser Paal Centraal speelden zaterdag, net als een week eerder tegen Nikantes (10-10), in eigen zaal gelijk tegen SEV (11-11). Door het krachtsverschil tussen de twee vakken van Paal Centraal kwamen de bezoekers uit Leidschendam regelmatig op twee punten voorsprong, waarna het andere PC-vak in de aanvallende beurt de stand steeds weer gelijktrok. “In de slotfase verdedigden beide teams zo goed, dat er geen kansen meer kwamen om te scoren”, aldus PC’er Marco Rot. Vooraf hoopten de Delftenaren, die de zaalcompetitie slecht waren begonnen, met een overwinning aansluiting te vinden met de middenmoot. “We hebben best goed gespeeld, maar hadden helaas net niet genoeg vermogen om het af te maken. We misten de finesse en het juiste killer-instinct. Toch gaan we nu weer de goede kant op.” Dat geldt niet helemaal voor de heren hockeyers van DSHC die een terugkeer naar de districtstopklasse in het zaalhockey kunnen vergeten. Zaterdag werd in sporthal De Schilp in Rijswijk weliswaar met 6-3 gewonnen van Voorne, maar het daarop volgende potje tegen Leonidas ging met 6-4 verloren. Na zes van de tien duels staat de Delftse corpsploeg op de vierde plaats, met zeven punten. De achterstand op koploper Rijswijk, (16 uit 6) lijkt niet meer in te halen. Bas Verheugt en Floris Freeman keerden maandagochtend in opperbeste stemming terug van Oostenrijk naar Nederland. De twee bestuursleden van studievereniging VCV Leonardo da Vinci torsten een indrukwekkende beker met zich mee. De trofee werd veroverd tijdens het NSK yukigassen, nabij Innsbruck. Yukigassen? “Een soort trefbal met sneeuwballen”, aldus Freeman. Yuki en gassen zijn Japans voor sneeuw en wedstrijd. Japan is de bakermat van deze wintersport. Twee zeventallen, bijgestaan door een captain langs de lijn, moeten een vlag aan de overzijde van het veld zien te veroveren. Wie geraakt wordt door een sneeuwbal moet het veld verlaten. Op het terrein staan schuimrubberen muurtjes als mogelijke schuilplaats. Freeman: “Tactiek speelt een belangrijke rol. Als je meteen naar voren rent om de vlag te pakken, word je natuurlijk uitgegooid. Het is zaak om eerst de tegenstander zoveel mogelijk uit te dunnen.” Het Delftse tweetal pakte de titel in een gecombineerd team met studenten uit Groningen en Enschede. Hoogspringer Douwe Amels leverde zondag een huzarenstukje tijdens de Indoor Groningen door over een hoogte van 2.14 meter te springen. De achttienjarige Drachtenaar plaatste zich daarmee voor het junioren-WK atletiek in juli in het Canadese Moncton. Zijn persoonlijk record stond op 2.07 meter. In de zomer van 2009 werd hij al Nederlands juniorenkampioen. Op het moment dat hij in Groningen voldeed aan de limiet voor Canada was Amels nog officieel eerstejaars student maritieme techniek, maar op twitter.com liet hij een dag na de wedstrijd weten zich de dinsdag daarop te gaan uitschrijven aan de TU Delft. (JT)

x Tips? Jimmy.tigges@hetnet.nl

“Ik wist tijdens mijn studie al zeker dat ik graag de ontwerpkant op wilde”, zegt Lim, die in 2001 afstudeerde bij de faculteit Industrieel Ontwerpen. En dat is gelukt. Na zijn afstudeerproject bij Sony Ericsson kreeg Lim een baan aangeboden bij Adidas. “Sportschoenen ontwerpen is echt het functionele met het esthetische combineren. De schoenen moeten goed zitten, maar hebben voor profs ook een emotionele waarde. Daarnaast moeten ze er natuurlijk mooi uitzien.” Ontelbare doelpunten zijn intussen al gemaakt met Lims schoenen, onder andere door David Beckham en Arjen Robben. Sinds 2007 werkt Lim bij BMW Desig-

nworks in Singapore. Dit bedrijf is een dochteronderneming van BMW en ontwerpt luxe producten en productstrategieën voor allerlei merken. Twee jaar geleden kreeg Lim de opdracht van Sennheiser om een serie oortelefoons te ontwerpen. “Vaak beginnen we met het hele team aan een opdracht die binnenkomt. Al snel wordt dan duidelijk

‘Je hebt processen nodig als je een ingewikkeld product ontwerpt met een groot team’ welke ontwerper er het meeste kan. Dit keer was ik dat.” Lim’s Sennheiser expressionline oortelefoons zijn op 7 januari op de ‘Consumer Electronics Show’ in Las Vegas gepresenteerd. “Het ontwerpen zelf duurt maar twee tot drie maanden, maar het naar de markt brengen van het product is een langdurig proces.” Sennheiser maakt al meer dan zestig jaar koptelefoons en microfoons. Voor de nieuwe serie oortelefoons was het bedrijf op zoek naar meer dan alleen een technisch hoogstandje. “Ik wilde iets extra’s toevoegen aan de oortelefoons.

stephan

Het emotionele aspect van muziek moest terugkomen in het ontwerp, en het gevoel dat je iets speciaals in je oren draagt.” Veel dingen die hij tijdens zijn studie heeft geleerd, gebruikt Lim nog steeds dagelijks, bewust of onbewust. “Goede voorbeelden zijn de ontwikkeling van een productvisie of het procesontwerpen. Ik merk bij veel studenten dat ze dat laatste helemaal niet leuk vinden, maar je hebt die processen nodig als je een ingewikkeld product ontwerpt met een groot team. Verder helpt de theoretische onderbouwing als je verder wilt komen binnen een bedrijf.” Tot nu toe is Lims carrière succesvol. “Het is een combinatie van geluk en hard werken, op het goede moment op de juiste plaats zijn.” Hij heeft bereikt wat hij tijdens zijn studie voor ogen had: “Een baan bij een toch wel gerenommeerd bedrijf op een leuke locatie. Maar ik wil nog wel iets meer in de toekomst”. Lim is inmiddels alweer met verschillende nieuwe projecten bezig. “Helaas kan ik daar niets over vertellen. Tijdens het ontwerpproces is alles geheim.”


DELTA. 03 21-01-2010

11

lifestyle

de melkkoe

Kekke omafiets De omafiets is een oerdegelijk stalen ros en al jarenlang een begrip. Wytze van Mansum bedacht een waardige, kekke opvolger van deze klassieker tijdens zijn IO-afstudeerproject: de Dutchess Cannondale. Zijn omafiets 2.0 is robuust, gestroomlijnd en zit vol handige, geïntegreerde onderdelen. xMARTINE ZEIJLSTRA

Mariëlle van Kooten: “Ik heb eigenlijk nog nooit een soap gekeken.” (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)

Politicus Mariëlle van Kooten (22, luchtvaart- en ruimtevaarttechniek) is lijsttrekker voor de politieke partij Stip tijdens de komende gemeenteraadsverkiezingen. Studeren is er dus even niet bij. “Ik heb eigenlijk nog nooit een soap gekeken. Op jonge leeftijd werd ik al voor het achtuurjournaal gezet. Dat vond ik veel spannender. Kijken wat er nu weer in de wereld was gebeurd. Daarmee is de interesse voor politiek ontstaan. Het viel me bijvoorbeeld al gauw op dat mijn ouders verschillend stemden. Dat wekte mijn interesse. Op de middelbare school zat ik in de medezeggenschapsraad en heb ik meegedaan met Model United Nations, een congres voor jongeren uit de hele wereld. Afgelopen zomer dacht ik in een goede bui: laat ik eens een kopje koffie bij Stip gaan drinken. Ik wist nog net wat de naam Stip betekende, maar verder kende ik niemand. Na drie sollicitatierondes werd ik lijsttrekker.” “Politiek. Soms tillen mensen er een beetje zwaar aan. Maar iedereen bedrijft ergens op een dag wel politiek. Je hebt een mening over een onderwerp, vertelt het aan iemand en samen kom je tot een goed idee. Maar dan, iedereen kan leuke dingen bedenken. De vraag is, hoe ga je het uitvoeren? Dat vind ik het positieve aan Stip. Er is veel ruimte voor innovatieve ideeën, maar er wordt wel gekeken of ze haalbaar zijn. Er is ook geen vast kader waarin gewerkt wordt. Sowieso ben ik ervan overtuigd dat politiek minder stroperig kan. Je hoeft echt niet vijftigduizend keer iets door te lezen om verder te komen.” “Op dit moment ben ik me aan het focussen op het aantal zetels dat we in maart gaan halen. Hoe meer zetels, hoe groter ook de kans dat we weer in de coalitie terechtkomen. Met mijn voorganger ga ik die onderhandelingen doen. Een paar maanden terug dacht ik dat ik nu alleen maar bezig zou zijn met promoten en flyeren. Gelukkig heb ik ook nog tijd om aan plannen voor ná de verkiezingen te werken. Mijn studie heb ik sinds september helemaal stopgezet, dit werk doe je fulltime. Stip werkt met een systeem dat er ieder jaar gewisseld wordt. Omdat er dit jaar verkiezingen zijn ben ik eerder begonnen. In september 2011 ga ik de studie weer oppakken.” (IK) Bijbaan: Verdiensten: Opvallend:

Politicus Niet bekend Vindt Wouter Bos een goed politicus

x Weet je een aparte bijbaan? Mail naar iamknubben@gmail.com

Fietsenmakers, worden TU-studenten genoemd. Dat is natuurlijk een vooroordeel, maar in het geval van Wytze van Mansum (30) klopt het wel. “Ik heb jarenlang een bijbaantje bij de fietsenmaker gehad tijdens mijn studie industrieel ontwerpen”, zegt Van Mansum. “Fietsen zijn mijn hobby. Het heeft alles in zich wat een product voor een industrieel ontwerper interessant maakt. Een fiets is technisch, en je moet rekening houden met de vormgeving. Het is ook een eerlijke vorm: je ziet alle techniek zitten: er is niets verstopt.” Over zijn afstudeeropdracht hoefde Van Mansum niet lang na te denken. Hij zocht een fietsenfabrikant met veel vrijheid voor het ontwikkelen van een prototype. De Amerikaanse fietsfabrikant Cannondale hapte toe. Door zijn bijbaantje wist de IO’er wat de meest voorkomende fietsklachten waren. “Mensen ergeren zich aan afbrekende koplampen en spatborden. Remkabels worden ook vaak kapot getrokken. En probeer je fiets maar eens uit een fietsenrek te halen. De sturen haken altijd in elkaar.” Het waren problemen die Van Mansum in zijn prototype wilde oplossen. “De Dutchess is ontworpen voor de Amerikaanse markt, maar afbrekende fietskoplampen zijn natuurlijk geen typisch Delfts probleem.” Daarom integreerde de

Of de omafiets 2.0 in de handel komt, weet Van Mansum nog niet. “Dat ligt aan Cannondale. (Foto's: Eelke Dekker)

IO’er de lampen zoveel mogelijk in het frame, zodat ze bijna niet meer kunnen afbreken. De remkabels steken ook niet meer uit. “Die heb ik in de fiets verwerkt”, zegt Van Mansum. Tijdens stalling kan het stuur worden ingeklapt. “Zodat je niet meer met je stuur aan een andere fiets blijft hangen.” De Amerikaanse fietsmarkt is heel anders dan de Europese, ontdekte Van Mansum. “Amerikanen zien fietsen als sport, niet als transportmiddel. Je gaat een rijwielhandel eigenlijk niet binnen zonder wielrenbroek. De omafiets is de enige fietssoort die ze niet met sport associëren. Op die fiets kun je in pak of met hakken rijden, zonder besmeurd op je werk aan te komen, weten ze. Stadsfietsen worden in Amerika vaak via modewinkels verkocht, als een hippe accessoire.” Om een interessante fiets voor de Amerikaanse markt te bedenken, lag de omafiets voor de hand, maar Cannondale wilde meer dan een oud fietsconcept vernieuwen. “Cannondale is een innovatief merk dat bekend staat om hun vormintegratie. Ze willen geen standaard oplossingen, maar een omafiets met een heel eigen karakter dat vernieuwend is.” Die vormintegratie was ook belang-

rijk omdat fietsen in Amerika vaak niet meer dan tien kilo wegen. Van Mansum moest zoveel mogelijk functies integreren om de fiets zo licht mogelijk te houden. De Dutchess heeft naast ingebouwde lampen bijvoorbeeld een achterspatbord dat een dragend deel van de fiets is. Door alle geïntegreerde onderdelen kan er weinig kapot aan de fiets. “De doelgroep van jonge, werkende vrouwen wil niet onderweg afstappen om op hun hakken aan de fiets te moeten sleutelen.” Doordat Van Mansum wist hoe een fiets in elkaar steekt, kon hij het prototype van aluminium maken. “Ik weet bijvoorbeeld goed hoe ik een wiel moet spaken.” Zijn baas bij de fietsenhandel zou de fiets graag willen verkopen. “Hij vindt het resultaat geweldig.” Of de omafiets 2.0 in de handel komt, weet Van Mansum nog niet. “Dat ligt aan Cannondale.” Zelf heeft hij het fietsvirus te pakken. “Ik ben door al die aandacht voor de Dutchess freelancer geworden. Voor mijn volgende opdracht werk ik aan een Amsterdamse stadsfiets voor Flow Bikes. Het is erg leuk dat ik zo verder kan in de fietsontwerpwereld.”

x

www.fytze.nl

time out

Wintercircus Nergens in de stad een circustent te ontdekken. Toch is er dit weekend een circus in Delft. Theater de Veste is misschien niet de eerste locatie waar men aan denkt bij een circus. Dat weerhoudt Wintercircus Martin Hanson er niet van om juist hier een show op te voeren. Voordat het theater gereed is, wordt er eerst een flinke verbouwing uitgevoerd. Een ronde piste met zaagsel, een orkestbak boven de piste ingang en ontelbaar veel lampjes maken dit tot een echte circusbeleving. Acrobaten halen halsbrekende toeren uit, dresseurs laten pony’s gracieus bewegen en wanneer de clowns opkomen, gaat er van alles mis. Kortom, de show is een echt klassieke circusvoorstelling. Zeker wanneer je de

klinkende artiestennamen hoort zoals je die alleen in het circus tegenkomt. Zo zijn daar onder meer Francesco de Clown, de Chinese acrobaten Zhang Zhao en Cao Junpeng en het Oekraiense slangenmens Taras Nadtochiy. Het Wintercircus toert vanaf december tot eind januari door Nederland. Dit weekend is de op een na laatste voorstelling in Theater de Veste. De voorstelling is geschikt voor de hele familie. Voor enthousiaste kinderen zijn er voorafgaand aan de voorstelling circusworkshops. Hier kunnen ze onder professionele begeleiding veilig oefenen met bijvoorbeeld jongleren en acrobatiek. (EvO)

x

Wintercircus Martin Hanson, 22 januari 19.00 uur, 23 januari 13.00 en 16.15 uur in Theater de Veste. Kaarten 16,50 euro (jeugd 13,50) www.theaterdeveste.nl


DELTA. 03 21-01-2010

12

reportage

Spoken ‘Ingenieurs zijn de beste terroristen’ kopte De Pers begin januari naar aanleiding van een Brits profielrapport over terrorisme. Het rapport ‘Engineers of Jihad’ is in zijn soort opmerkelijk helder, maar het biedt desondanks weinig houvast voor preventie. xJos Wassink Sinds de aanslag op het World Trade Center (11 september 2001) zijn legers, inlichtingendiensten en wetenschappers op zoek naar ‘de vijand’. Wat drijft iemand tot zulke daden, wie waren het, waar kwamen ze vandaan? Na New York volgden aanslagen in ondermeer Londen, Madrid, Bali en de moord op onze eigen Theo van Gogh. Ze heetten allemaal terroristische aanslagen, maar in hoeverre zijn ze eigenlijk vergelijkbaar? De schrijvers van het rapport ‘Engineers of Jihad’ uit 2007 stellen vast dat (internationale) terroristen opvallend vaak een technisch academische graad hebben. Maar geldt dat ook voor de terroristen van eigen bodem? We zullen zien van niet. Nadat bekend werd dat de aanslag op de Twin Towers in Hamburg was voorbereid, was dat voor de Duitse overheid destijds het startsein voor een klopjacht. Maar liefst acht miljoen individuen werden gescreend. Het waren mannen van 18 tot 40 jaar

Samir Azzouz, Nederlander met Marokkaanse ouders, is een typisch voorbeeld van een terrorist van eigen bodem, geradicaliseerd in een vriendennetwerk. Nova zond op 14 september 2006 zijn videotestament uit. (Foto: ANP)

oud, (ex-)student, moslim, woonachtig in Duitsland en afkomstig uit een van de 26 islamitische landen. Ze werden verder onderverdeeld in drie categorieën: het in potentie kunnen plegen van een aanslag (een vliegbrevet was erg verdacht), bekendheid met plaatsen die doelwit zouden kunnen zijn (zoals vliegvelden, kerncentrales, chemische

fabrieken en dergelijke) en het leren van de Duitse taal aan het Goetheinstituut (geen idee waarom dat gevaarlijk is). Van de acht miljoen individuen bleven er op grond van de verdenkingen nog 1689 over, die persoonlijk door de mangel werden gehaald. Politicoloog Giovanni Capoccia uit Oxford heeft de zaak gevolgd en zegt dat er

geen enkele verdachte uit de klopjacht is overgebleven. Erger nog, de moslimterroristen die later wel in Duitsland werden gearresteerd op grond van andere onderzoeken, kwamen niet op de officiële lijst voor, en pasten ook niet in het genoemde profiel. Toch waren vijftien van de WTCkapers ingenieur van origine, net als veertig procent van de Hamasleden en zelfs 83 procent van de Egyptische beweging Jamaa al-Islamyaa. Laatst nog werd een 32-jarige Cern-medewerker van Algerijnse afkomst in Wenen aangehouden op verdenking van contacten met een terroristische organisatie. De Al Qaeda-richtlijnen voor rekrutering passen menig ingenieur dan ook als gegoten: ‘Psychologisch, mentaal en intellectueel fit. Gedisciplineerd, geduldig, gehoorzaam en intelligent met een bijzondere begaafdheid voor observatie en analyse.’ Geen toeval dus dat volgens de Britse geheime dienst MI5 Al Qaeda bij voorkeur op technische universiteiten rekruteert. Overigens is daar op de TU nog nooit iets van gebleken, verklaart hoofd integrale veiligheid, Ron Massink.

Gemeenschapszin

In Teheran krijgt de haat tegen het westen en Amerika in het bijzonder alle ruimte. (Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)

Een van de eerste wetenschappelijke pogingen om terroristische netwerken in beeld te brengen is het boek ‘Understanding Terror Networks’ van ex-CIA-agent, psychiater en doctor in de sociologie Marc Sageman uit 2004. Sageman baseert zich hiervoor op 172 biogra-

fieën van jihadis (moslimstrijders) uit vooral de jaren negentig en de eerste jaren van de 21ste eeuw. Sageman rekent af met het stereotiepe beeld dat terroristen arm, boos en religieuze fanatici zouden zijn. Zijn strijders kwamen vooral uit de middenklasse, hadden goede scholing genoten en waren opgegroeid met sterke positieve waarden wat betreft godsdienst, spiritualiteit en gemeenschapszin. Verder waren de meeste getrouwd en hadden kinderen. Psychisch waren ze in orde. Opvallend was wel dat hoewel de meesten van hen een goed baan

’Ook vriendschappelijke contacten kunnen een risico zijn’ hadden, er heel weinig waren die fulltime werkten ten tijden van de toetreding tot de strijd. Sageman veronderstelt dat de werkloosheid een pijnlijke en frustrerende ervaring vormt voor de geschoolde mannen, wat ze vatbaar maakt voor de jihad. Dr. Edwin Bakker, hoofd van het programma veiligheid en conflicten van het instituut Clingendael voor internationale betrekkingen, heeft het profiel opgesteld van Europese moslimterroristen en die vergeleken met Sagemans bevindingen. Er blijkt weinig overlap. In zijn rapport ‘Jihadi terrorists in


DELTA. 03 21-01-2010

13

reportage

jagen Europe’ uit 2006 onderzoekt Bakker de achtergrond van (geplande) aanslagen in Europa. Op de pagina’s lange lijst staan geplande aanslagen op Joodse doelen in Duitsland, aanvallen op Britse en Amerikaanse oorlogsschepen in de Straat van Gibraltar, de Hofstadgroep en de moord op Theo van Gogh; ruim 31 incidenten in minder dan vijf jaar tijd. De 242 personen die ervoor opgepakt zijn, vormen het uitgangsmateriaal voor de studie.

Vriendenkring Een van de eerste conclusies die Bakker trekt is dat de netwerken die in Europa actief zijn (in de periode 2001-2006) meestal een verbinding hebben met Noord-Afrika. Personen binnen de netwerken hebben veelal dezelfde leeftijd, herkomst en plaats van rekrutering. Het niveau van scholing is niet bijzonder hoog – van de 103 personen van wie het beroep is achterhaald, hadden er twaalf een geschoolde baan. Van de totale groep (200) had meer dan een kwart een strafblad, wat ver boven het gemiddelde ligt. De meesten waren veroordeeld voor verboden wapenbezit. Opvallend was verder dat vrijwel alle Europese moslimstrijders mannen zijn en dat ze vaak bevriend en/of verwant zijn. De home-grown terroristen (40 procent is in Europa geboren en nog 55 procent is hier opgegroeid) radicaliseren in een vriendenkring terwijl ze een leven leiden dat zich uiterlijk niet onderscheidt van anderen uit hun gemeenschap. Bakker noemt Samir Azzouz als typisch voorbeeld van de terrorist van eigen bodem: afgebroken opleiding, verboden wapenbezit, en een CV met overvallen en geplande aanslagen dat in zijn geval in 2006 tot een veroordeling van acht jaar gevangenis heeft geleid. In tegenstelling tot het diffuse beeld dat het Clingendael-rapport schetst komen in 2007 de Britse sociologen Diego Gambetta en Steffen Hartog met hun studie ‘Engineers of Jihad’ naar 404 internationale moslimstrijders bekend van het ondermeer het WTC, Hamas, Jamaa Islamiya en ook de groep mujahedin van Sageman opeens wel tot een opmerkelijk profiel. Van 284 van de veroordeelde terroristen was de opleiding bekend en 196 van hen had een hbo of academische opleiding gevolgd. Dat is een stuk hoger dan het gemiddelde in Arabische landen. De Engelse krant The Guardian merkte op dat Al Qaeda beter geschoold was dan de Britse beroepsbevolking. De verrassing werd nog groter toen van 178 van de 196 gevallen de studierichting achterhaald kon worden. Toen bleek dat ingenieurs met 78 personen ver in de meerderheid waren (44 procent), gevolgd door 34 individuen (19 procent) die islamstudies hadden gestudeerd. Verdere analyse leidt de onderzoekers tot de conclusie dat er twee tot vier keer

meer ingenieurs onder gewelddadige moslimradicalen voorkomen dan je zou verwachten. ‘Ingenieurs zijn de beste terroristen’ heette het in de pers. Maar waarom ingenieurs? Volgens de onderzoekers ligt de sleutel in het karakter van de ingenieur in combinatie met frustraties. Ingenieurs hebben bepaalde karaktertrekken die hen vatbaar maken voor radicalisering, aldus Gambetta en Hertog, en dan met name voor radicalisering naar rechts. De neiging tot rechtlijnig denken en het overtuigd zijn van het eigen gelijk hebben ze met terroristen gemeen. “Er is wel wat met ingenieurs”, zegt ook Edwin Bakker. “Ze zijn vaak de beste, de slimste en roomser dan de paus.” Hij refereert aan een sociologisch onderzoek onder gevangenen in India die werden ondervraagd naar hun voorkeuren op allerlei gebied, van kunst tot muziek. Ingenieurs vielen daarbij op door hun absolute oordelen. “Dat zwart-witdenken hebben ze gemeen met terroristen.” Toch wordt niet elke ongenuanceerde denker ook terrorist. Een bijkomende factor is volgens de sociologen de frustratie vanwege het niet aan een goede baan kun-

‘Er is wel wat met ingenieurs’ nen komen in het land van herkomst. Het gebrek aan connecties, de confrontatie met de bureaucratie en corruptie evenals de voorkeur van bedrijven voor westerse expats heeft al menig ingenieur tot wanhoop gedreven. Omgekeerd werpt het beleid van Saoedi-Arabië om ingenieurs aan het werk te krijgen vruchten af: Saoedische ingenieurs zijn schaars in terroristische netwerken. Kort en goed: karakter en frustratie kunnen ingenieurs doen radicaliseren. Gambetta en Hertog schrijven: ‘De kans dat een moslimingenieur een gewelddadige extremist wordt is minuscuul, maar wel drie tot vier keer groter dan bij andere academici.’ (New Scientist, opinie, 15 juni 2009). Wat kan en moet de TU daar aan doen? “Een universiteit betekent vrijheid van ontmoeten en gedachten uitwisselen”, begint Ron Massink. De ex-politieman staat aan het hoofd van de afdeling integrale veiligheid aan de TU. “Maar”, voegt hij er aan toe, “hoe combineer je vrijheid en veiligheid?”. Bij zijn eerste contacten met onderzoekers aan de TU kwam bij Massink het woord ‘profinaïef’ op. “Ze zijn professioneel op hun vakgebied, maar naïef over de boze buitenwereld”, licht Massink toe. “Ze beseffen niet dat ook vriendschappelijke contacten een risico kunnen zijn.”

Benjamin Mohammed, geboren in Ethiopië en Brits staatsburger, zat vijf jaar gevangen op Guantanamo Bay als terrorismeverdachte. De aanklachten zijn ingetrokken. Hij sprak vorig jaar in Londen op de bijeenkomst ‘Beyond Guantanamo’. (Foto: ANP)

Hij beschrijft het proces waarbij een student vriendschappelijke banden aanknoopt met een professor, en na verloop van tijd vragen begint te stellen over octrooien, militaire toepassingen of explosieven. Een verzonnen scenario, zegt Massink desgevraagd, maar zo gaan dat soort zaken. En dan de moraal: “Een professor moet aanvoelen wat hij wel en niet kan vertellen. Er is meer awareness nodig over veiligheidszaken.” Massink zou graag zien dat iedereen zich meer verantwoordelijk zou voelen voor de tien vierkante meter om zich heen. Zo is het onderwerp van terrorisme veranderd in spionage – een draai die ook Edwin Bakker van Clingendael maakt. “Er komen geregeld verdenkingen op of zorgen over infiltratie bij instellingen”, meldt hij. Bakker verwijst daarbij naar het AIVD jaarverslag 2008 waar in het

hoofdstuk ‘heimelijke activiteiten van vreemde mogendheden’ melding wordt gemaakt van spionagepogingen vanuit Rusland, China en Marokko. “We moeten attent zijn, maar niet paranoïde”, stelt Bakker. Ook ‘naïeve’ onderzoekers moeten volgens hem beseffen dat contacten soms ook niet oké zijn. “Je moet soms ook van slechte bedoelingen durven uitgaan.”

x

Verdachte zaken op de TU? Meld ze bij Ron Massink: R.Massink@tudelft.nl tel: +31 (0)15 27 83949


DELTA. 03 21-01-2010

14

service

Aankondigingen Algemeen Lezing Op donderdag 4 februari van 12.45-13.30 uur zal prof.dr. Marc de Vries de lezing ‘De afschaffing van de mens: keuzevrijheid verstus tecnische perfectie’ verzorgen in het kader van de Holocaust Memorial Day. De lezing zal plaatsvinden in de Aula van de TU Delft. Paddentrek Al lijkt het weer er niet naar maar over circa 4 – 7 weken gaan de padden weer trekken. De Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging afdeling Delfland (KNNV) zoekt minimaal 200 mensen om op verschillende locaties deze dieren over te zetten. De locaties liggen in Delft, Pijnacker, Ypenburg, Leidschenveen en Bleiswijk. Ook ouders met kinderen of verenigingen zijn welkom. Opgeven voor 10 februari. Opgeven bij Geert van Poelgeest 015-2610048, per email afdelingDelfland@knnv.nl. Kijk ook op www.knnv.nl/afdelingDelfland. ECHO Award De TU Delft wil ook in 2010 studenten voordragen voor de ECHO Awards. De Awards (die onder meer een Summer Course bij de University of California in Los Angeles/USA opleveren) worden uitgereikt aan niet-westerse allochtone studenten die zowel goede studieresultaten behalen als ook actief zijn op universitair of sociaal gebied. Nadere informatie over deze awards www.echoaward.nl. Geïnteresseerd of ken jij iemand die in aanmerking komt? Neem dan contact op met J. Stals, studentendecaan, tel.: 015-2788004; e-mail: j.b.a.stals@tudelft.nl. De voordracht moet uiterlijk 5 februari 2010 door de TU worden ingediend. Persoonlijk Advies Stoppen met roken Op dit moment is de Universiteit Maastricht bezig een nieuw stoppen met roken programma te testen. Dit programma heet PAS (Persoonlijk Advies bij het Stoppen met roken). PAS biedt rokers de kans om met behulp van persoonlijke adviezen via internet te stoppen. Het onderzoek naar PAS wordt

gefinancierd door KWF Kankerbestrijding. Zie voor meer informatie www.persoonlijkstopadvies.nl en http://persoonlijkadvies.hyves.net/.

Student and Career Support Informatie Bij Student and Career Support kun je terecht voor een bezoek aan een studentendecaan, een studentenpsycholoog, het Career Centre met studiekeuzeadviseurs en loopbaanadviseurs, en het Informatiecentrum. Voor de studentenpsychologen geldt dat het eerste contact loopt via het Open Spreekuur op dinsdag- of donderdagochtend van 11.30-12.30 uur. De studentendecanen en de loopbaanadviseurs houden een inloopspreekuur op dinsdag van 11.30-12.30 uur en de studiekeuzeadviseur op donderdag van 11.30-12.30 uur. Het Informatiecentrum (begane grond) is geopend van 9.00–17.00 uur. Er is documentatie beschikbaar over WO- en HBO-opleidingen, arbeidsmarkt, studie- en beroepskeuze, buitenlandse studies, enz. Bij de balie, telefonisch of via de email kun je een afspraak maken met een van de medewerkers. Bezoekadres: Jaffalaan 9a (ingang Mekelweg); tel. 0152788004. e-mail: studentandcareersupport@tudelft.nl website: www.studentandcareersupport.tudelft.nl Workshops • Ff praten - 22 januari • Constructief denken - 28 januari • Grip op je dip - 28 januari • Persoonlijke effectiviteit - 29 januari • Studieversnelling - 29 januari Zie voor het totale aanbod www. smartstudie.tudelft.nl. Sociale Vaardigheden Leer voor jezelf op te komen, meer ontspannen gesprekken te voeren en effectiever met anderen om te gaan in de training Sociale Vaardigheden. Aanmelden en meer informatie op www.smartstudie.tudelft.nl. Online huurprijs check Is jouw huurprijs redelijk? Check www.huurcommissie. nl voor meer informatie en om

ver vooruit in duurzame technologie helderheid te krijgen over huren en geschillen tussen huurder en verhuurder. Plateau Plateau is kennis- en managementontwikkelaar. Ze trainen, coachen en leiden kader en topkader in de vastgoedsector op in (maatschappelijk) ondernemerschap, stedelijke vernieuwing en leefbaarheid, (vastgoed) management, organisatieontwikkeling en communicatie. Traineeprogramma: ‘Talent in Huis’ Datum: september Voor dit programma werft Plateau jonge afgestudeerde mensen die drie maal een half jaar bij een woningcorporatie willen werken en daarnaast een intensief opleidingsprogramma volgen. Meer informatie is te vinden op www.talentinhuis.nl. WorkNtravel WorkNtravel is een jong bureau dat bemiddelt tussen vrijwilligers/stagiair(e)s en bedrijven. WorkNtravel is op zoek naar Nederlandse stagiair(e)s die stage willen lopen in Suriname. Meer informatie via info@ bluefrogtravel.net. International Office Het International Office, Jaffalaan 9a, is op werkdagen geopend van 9.00-17.00 uur. Je kunt ook vragen stellen via internationaloffice@tudelft.nl of telefonisch (015-2788012) een afspraak maken.

HOE ENERGIE EFFICIENT BEN JIJ? Draag met je scriptie bij aan een duurzame wereld! Ben jij masterstudent aan de TU Delft en heb jij een innovatief idee op het gebied van energy efficiency en duurzaamheid? Cofely geeft vijf maal 2.500 euro weg aan masterstudenten met de meest innovatieve oplossingen. Stuur voor 1 februari 2010 jouw project, afstudeer- of onderzoeksverslag in en maak kans! Kijk voor meer informatie op www.hoe-energie-efficient-ben-jij.nl

N ZEN VA J I R P 5

, 0 0 5 2 €

www.hoe-energie-efficient-ben-jij.nl

x

Studentenactiviteiten Delta Inleveren kopij Bijdragen van faculteiten, diensten en overigen voor de rubriek “Aankondigingen” in Delta ontvangt de redactie graag per e-mail: delta@tudelft.nl. Bijdragen dienen zo beknopt mogelijk te zijn. De redactie behoudt zich het recht voor om in te korten. Aanleveren vóór vrijdag 14.00 uur.

Studieverenigingen Gezelschap Practische Studie Op woensdag 10 februari vindt het diesfeest van Practische Studie plaats in Lorre. Zie www. ps.tudelft.nl voor meer informatie. Mijnbouwkundige Vereeniging In april 2010 zal de Halflustrumweek plaatsvinden van de Mijnbouwkundige Vereeniging. Het hoofdevenement van de week is een internationaal symposium met als thema ‘How smart tech-

nology pushes today’s limits’. Zie www.lustrum-mv.nl voor meer informatie.

Overige SIFE Delft Looking for something new? Students in Free Enterprise Delft offers you the opportunity to combine social entrepreneurship with your academic knowledge. With the support of companies like Unilever, Heineken, HSBC, KPMG, Schiphol and Philips we create projects

Alle promoties, intree- en afscheidsredes vinden, tenzij anders vermeld, plaats in de Aula van de TU, Mekelweg 5, Delft. Maandag 25 januari * Liquid Metal Oscillation and Arc Behaviour during Welding. Promotie van ir. R.B.Y.B. Yudodibroto. Promotor: prof.dr. I.M. Richardson. 10.00 uur. * Ray-optics analysis of inhomogeneous optically anisotropic media. Promotie van ir. M. Sluijter. Promotor: prof.dr. H.P. Urbach. 12.30 uur. * De koop-/aannemingsovereenkomst in breed perspectief. Promotie van mr. E.M. Bruggeman. Promotor: prof.mr.dr. M.A.B. Chao-Duivis. 15.00 uur. Dinsdag 26 januari * Molecular simulations of cap-

ped nanocrystals. Promotie van P.Z. Schapotschnikow, Diplom-Hauptprüfung en MPhil. Promotor: prof.dr.-ing. J. Gross. 10.00 uur. * Free-riding Resilient Video Streaming in P2P Systems. Promotie van ir. J.J.D. Mol. Promotor: prof.dr.ir. H.J. Sips. 12.30 uur. Woensdag 27 januari * Experimental investigation of re-entry aerodynamic phenomena - Development of nonintrusive flow diagnostics in a Ludwieg tube. Promotie van ir. F.F.J. Schrijer. Promotor: prof. dr. F. Scarano. 10.00 uur. * Quasi-nearfield THZ spectroscopy. Promotie van R. Chakkittakandy, MTech. Promotor: prof.dr. P.C.M. Planken. 12.30 uur. * Intreerede van prof.ir. F.C.M.

Nationale Jeugdraad Gezocht: jongerenvertegenwoordiger duurzame ontwikkeling. Laat jij dé stem van jongeren horen op de volgende klimaattop? Geef je voor 31 januari op. Meer informatie op www.njr.nl.

Landelijke Studenten Vakbond De LSVb is op zoek naar enthousiaste studenten die de rechten van studenten willen behartigen. Heb jij zin om je een jaar lang in te zetten voor studenten en veel ervaring op te doen als bestuurder? Solliciteer dan voor 1 maart voor het LSVb bestuur. Voor meer informatie zie www. lsvb.nl/nieuwbestuur.html of stuur een e-mail naar zoekcolsvb@gmail.com.

geef om dit kind

Wegman, faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen. 15.00 uur. Gegevens voor deze rubriek kunt u doorgeven via e-mail: delta@tudelft.nl.

giro 7 800 800

T 0800 7 800 800 (gratis) www.lilianefonds.nl

Wetenschapsagenda

to help people all around the world. Do you also have a head for business and a heart for the world? We are looking for new participants now! Check www. sifedelft.nl or mail your motivation to info@sifedelft.nl.

’s-Hertogenbosch Hét speciale fonds voor kinderen met een handicap in ontwikkelingslanden


DELTA. 03 21-01-2010

015 15

nieuws/opinie

‘Opheldering over betaald parkeren’ De ondernemingsraad (or) voelt zich gepasseerd door het college van bestuur en vraagt opheldering over plannen voor betaald parkeren op de campus. xConnie van Uffelen De TU bleek vorige week de gemeenteraad per brief toestemming te vragen de campus en de parkeerplaats van Bouwkunde te onttrekken aan het openbaar verkeer, om per 2011 betaald parkeren te kunnen invoeren. Het college van bestuur (cvb) wil er niets over zeggen: besluitvorming zou nog plaats moeten vinden. In de brief aan de gemeenteraad, geschreven namens het cvb, staat echter: ‘De TU Delft heeft daarom besloten om gereguleerd parkeren in te voeren in dit gebied.’ Juist die zinsnede is tegen het zere been van de or. “Als ze opschrijven: ‘er is besloten’ zeggen ze iets dat niet waar is”, zei or-lid Henric Corstens tijdens een or-vergadering. De or wil daarom duidelijkheid. Ook wil de or weten wat de TU wanneer en tegen welke kosten wil bouwen. Eerder voelde de or zich gepasseerd bij de aankoop van het zogeheten Bandridge-gebouw voor Yes!Delft. Or-voorzitter Dineke

Heersma concludeert dat de TU de gemeente nu min of meer dwingt in omliggende wijken vergunningparkeren in te voeren. In mei vorig jaar nog zei collegelid Paul Rullmann tegen de or het omgekeerde: betaald parkeren bij de TU was ‘onvermijdelijk’, omdat er rond de TU een parkeerregime komt. Volgens de gemeente is dat echter ‘niet juist’. “We hebben geen plannen om betaald parkeren in te voeren in de omgeving van de TU”, zegt woordvoerder Jan Langstraat desgevraagd. Wel wil Delft buurtbewoners drie maanden na invoering van betaald parkeren bij de TU vragen of ze ook in hun wijk betaald parkeren willen. “Invoeren doe je als de meerderheid van de bewoners vóór is”, zegt Langstraat. “Als je het nu vraagt, denk ik niet dat bewoners betaald parkeren willen. Dat hebben mensen van de Professorenwijk al laten weten in de krant. We kiezen voor drie maanden omdat we willen kijken hoe het parkeergedrag zich ontwikkelt.” De gemeentewoordvoerder wil niet ingaan op de in de brief voorgestelde uurtarieven (twee euro). Volgens de TU zijn die tarieven voorgesteld in overleg met de gemeente en juist gebaseerd op die in omliggende wijken. De TU verwijst ook naar andere universiteiten ‘waar de afgelopen jaren gereguleerd parkeren is ingevoerd’. Ze noemt de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR), Radboud Universiteit Nijmegen, Technische

(Illustratie: Floris Wiegerinck)

Universiteit Eindhoven, Universiteit Maastricht en Vrije Universiteit Amsterdam (VU) als ‘belangrijke voorbeelden’. Or-lid Danko Roozemond meent daarmee op een zijspoor te wor-

‘We hebben geen plannen om betaald parkeren in te voeren rond de TU’ den gezet. “Gekeken wordt naar wat toevallig goed uitkomt. Gerefereerd wordt bijvoorbeeld aan de EUR, maar daar krijg je een gratis kaart.” Navraag leert dat bij de EUR medewerkers voor een parkeerkaart één keer 45 euro borg betalen die

ze terugkrijgen zodra ze niet meer bij de universiteit werken. Anderen betalen anderhalve euro per uur. Bij de Radboud Universiteit betalen medewerkers en studenten maandelijks vijftien euro en buitenbedrijven op de campus maandelijks twintig euro. Studenten die van heel ver moeten komen (vooral Duitsers) parkeren gratis, na toestemming van een decaan. Probleem daar is dat twee- tot driehonderd man in omliggende wijken (gratis) is gaan parkeren. Bij de TU Eindhoven betalen medewerkers niets, studenten honderd euro per jaar. Foutparkeerders pakt de universiteit zelf aan met wielklemmen. In Maastricht mogen medewerkers die verder dan vijftien kilometer wonen gratis op het universiteits-

terrein parkeren. Wie dichterbij woont, moet net als studenten elders parkeren. Bij de VU kunnen medewerkers parkeren die carpoolen en verder dan tien kilometer wonen. Per carpoolcombinatie kost dat 35 euro per maand. Wie minder dan vijf dagen per week wil parkeren, betaalt naar rato. Ook mensen met een ongunstige ov-aansluiting kunnen een vergunning krijgen. Alleen invalide studenten krijgen die gratis. De TU Delft schrijft in de brief aan de gemeenteraad dat het tarief voor abonnementen (in 2011 tien euro per maand, in 2012 twintig euro per maand) is ‘afgeleid van de vergelijkbare situatie bij de Radboud Universiteit’. Als argument om betaald parkeren in te voeren noemt de TU in de brief onder meer de komst van tramlijn 19, maar volgens or-lid Roozemond is er dan ook kans dat de TU juist minder parkeerplaatsen nodig heeft. “Als er een tram komt, kun je ook parkeerplaatsen aan de rand van Delft maken.” De TU koppelt het betaald parkeren aan toekomstige bebouwing op de campus maar voor de or is dat op dit moment geen logische koppeling. “De aanname is dat wij groeien in medewerkers, terwijl er een herijking binnen de TU aankomt waarbij we waarschijnlijk gaan krimpen”, zegt or-voorzitter Dineke Heersma.

x

www.delta.tudelft.nl

opinie

Betaald parkeren in de TU niet zomaar goedkeuren Betaald parkeren in de TU-wijk? Stip heeft daar nog veel vragen bij. xBas Bennebroek De TU Delft heeft vorige week de gemeenteraad verzocht om een aantal straten in de TU-wijk aan het openbaar verkeer te onttrekken. De universiteit wil er namelijk betaald parkeren invoeren, met slagbomen bij de ingangen van de campus. Studenten, medewerkers en bezoekers moeten dan betalen om bij de TU te kunnen parkeren. Bewoners van de Balpol en de Korvezee met een auto zullen een parkeerabonnement moeten kopen. Stip is geen principieel tegenstander van betaald parkeren. De ruimte in Delft is schaars, en wij vinden het daarom terecht dat je betaalt voor de plek die je geparkeerde

auto inneemt. Maar bij het plan van de universiteit zoals het er nu ligt, hebben we nog wel veel vragen. De invoeringsdatum, het tekort aan openbaar vervoer (OV) richting de TU, de parkeertarieven, de parkeertijden en de impact op omliggende wijken zijn wat ons betreft nog niet goed onderbouwd of opgelost. Allereerst het ingangsmoment van het betaald parkeren. Dit lijkt ongelukkig gekozen. De TU heeft berekend dat er in 2015 te weinig parkeerplaatsen zijn, maar wil het betaald parkeren al in 2011 invoeren. Als alternatief voor de auto wordt het openbaar vervoer genoemd, met tramlijn 19 als belangrijkste OV-verbinding. Echter, tram 19 gaat op zijn vroegst pas in december 2011 rijden, onder andere door vertragingen en problemen in de TU-wijk zelf. Bovendien is in (de eerste maanden van) 2011 de Sebastiaansbrug hoogstwaarschijnlijk nog afgeslo-

ten, waardoor de bussen een langere route via station Delft-Zuid moeten nemen. Stip heeft hier een jaar geleden al vragen over gesteld, en toen bleek al dat er dan meer buscapaciteit nodig is. Als er dan ook nog eens meer medewerkers

Twintig euro is met afstand het duurste parkeertarief in Delft en studenten met de bus moeten reizen als alternatief voor betaald parkeren, is de capaciteit van het OV richting de TU zeker te klein. Daarnaast zet Stip vraagtekens bij de parkeertarieven. Bewoners moeten straks tien euro per maand betalen voor hun abonnement, evenveel als bewoners van de binnenstad, maar ruim twee keer zoveel als bewoners in de straten net ten noorden van de TU. En in 2012 zou het tarief zelfs

verdubbeld worden naar twintig euro. Dit is met afstand het duurste parkeertarief in Delft. Verder wil de universiteit dat automobilisten 24 uur per dag, zeven dagen per week betalen voor parkeren. Stip vindt dat vreemd, omdat ’s avonds en in het weekend de parkeerterreinen rond de campus grotendeels leeg zijn. Ook is in de rest van Delft parkeren alleen betaald in de piekuren. Waarom wordt het betaald parkeren in de TU-wijk niet alleen tijdens werktijden ingevoerd? Dan kunnen in het weekend de leegstaande parkeerterreinen gebruikt worden als transferium voor de rest van de stad. Maar wat schetst onze verbazing? De TU schetst een transferium als doembeeld, terwijl volgens ons een leeg parkeerterrein naast een tramlijn juist een kans is. Tenslotte wordt in de brief van de universiteit niet gerept over de impact van het invoeren van betaald parkeren op de omliggende wijken.

De gemeente heeft de afgelopen jaren de vergunningsgebieden zo logisch mogelijk ingedeeld, om oneerlijke situaties en ‘olievlekken’ te voorkomen. Zeker als straks een tarief van twintig euro per maand geldt, gaat natuurlijk iedereen in de omliggende straten parkeren. En dat is niet de bedoeling. We willen daarom dat de TU expliciet rekening houdt met de wijken rond de universiteit. Kortom, Stip is vooralsnog erg kritisch over de plannen van de TU om betaald parkeren in te voeren, en we willen eerst goede antwoorden op onze vragen voordat we een beslissing nemen over het al dan niet onttrekken van de campus aan het openbaar verkeer. Bas Bennebroek is fractievoorzitter van gemeenteraadsfractie Stip.


DELTA. 03 21-01-2010

service

Announcements General International Student Church Students of all denominations are invited to our ecumenical
service every Sunday at Raamstraat 78, 11.30 hrs followed by tea/coffee. The services are led by the chaplains Reverend W. Stroh and Father Avin, and are supported by student leaders. More information on www.iscnetherlands.nl.

Student and Career Support Information The student psychologists and the central student and careers councilors are located at Jaffalaan 9A. Office hours: Monday-Friday from 9.00-17.00 hrs. You can direct your inquiries

or make an appointment at the Front Office or by phone: 0152788004. For an initial appointment with one of the student psychologists you should first come to one of the open office hours: Tuesdays and Thursdays from 11.30-12.30 hrs. The open office hours of the Student and Career counselors are on Tuesdays from 11.30-12.30 o’clock. More information on www.studentandcareersupport.nl.

H&J Uitgevers_2x70_zw-w

Stichting Delftse Natuurwacht zoekt vrijwilligers voor het begeleiden van activiteiten met kinderen van 8-14 jaar. www. natuurwacht.nl, 015-2783086 of j.f.m.molenbroek@tudelft.nl.

14:02

Pagina 1

Voor advertenties bel met:

T (010) 451 55 10 F (010) 451 53 80 E delta@henjuitgevers.nl

Neem contact op met Hennie de Ruyter of met Mireille van Ginkel voor nadere informatie

International Office The International Office, Jaffalaan 9a/visitor’s entrance at Mekelweg, office opening times Monday to Friday 9.00–17.00 hrs. Appointments and enquiries can be made by email: internationaloffice@tudelft.nl or by phone: 015-2788012.

Spelregels minimaatjes. Minimaatjes zijn niet toegankelijk voor het bedrijfsleven. Voor commerciële aanbiedingen en advertenties: H&J Uitgevers (adres in colofon). Minimaatjes zijn maximaal 200 tekens lang. Inleveren vóór vrijdag 14.00 uur via e-mailadres delta@ tudelft.nl.

Webspace nodig? Gratis Windows Server 2008 web hosting en .nl domeinnaam Ga naar: http://www.gratiswindowshosting.nl

16

in memoriam

H & J Uitgevers Postbus 101 2900 AC Capelle aan den IJsel

Minimaatjes AC-HOP de vakbond voor Universiteitspersoneel. Voor informatie kijk dan op www. AC-HOP.nl.

14-05-2004

Op 13 januari bereikte ons het droevige bericht dat dr.ir. Rudolf Sommerhalder is overleden. Hij was reeds geruime tijd ernstig ziek en verbleef de laatste maand in een hospice te Amsterdam. Ruud Sommerhalder kwam in 1969 in dienst bij de toenmalige onderafdeling der wiskunde van de afdeling algemene wetenschappen. Als medewerker, hoofdmedewerker, en later universitair hoofddocent bij de toenmalige leerstoel theoretische informatica groeide hij uit tot een boegbeeld voor studenten en medewerkers en functioneerde als het wetenschappelijke geweten van menigeen in de vakgroep. Ruud was een persoon die de kunst van het luisteren verstond en altijd benadrukte dat een van de belangrijkste voorwaarden voor een goede wetenschapper enthousiasme voor je vak was. Als er een persoon was die die overtuiging ook met verve uitdroeg, dan was dat Ruud zelf. Hij was een bevlogen docent en onderzoeker die een ongelooflijk stimulerende invloed had. Het was dan ook niet verwonderlijk dat hij tot tweemaal toe tot docent van het jaar verkozen werd en door promovendi die

hij begeleidde op handen gedragen werd. Ook als bestuurder werd hij gerekend tot de zwaargewichten. Talloze commissies in de faculteit heeft hij voorgezeten. Zijn vermogen om te luisteren naar anderen, standpunten met redenen te omkleden en vervolgens verstandige besluiten te nemen, maakten hem tot iemand die de faculteit zal missen. Ruud verliet de faculteit officieel in 1998. Maar ook in de jaren daarna was hij nog veelvuldig op de faculteit, was betrokken bij diverse commissies en bleef uitermate geïnteresseerd in het dagelijks reilen en zeilen van de afdeling. Tot zijn ziekte het hem onmogelijk maakte. Een buitengewoon aimabel en verstandig mens is van ons heengegaan. We wensen zijn vrouw, kinderen, kleinkinderen en verdere familie veel sterkte met het dragen van dit verlies. Henk Sips, afdelingsvoorzitter software technologie, Hans Tonino, opleidingsdirecteur technische informatica en Cees Witteveen, hoogleraar sectie algoritmiek, faculteit EWI.

Help slachtoffers aardbeving Haïti! Haïti is getroffen door een zware aardbeving. Er zijn duizenden slachtoffers, de schade is enorm. Uw hulp is hard nodig. Maak nu uw gift over.

Eettafels

Sociëteit De Bolk Buitenwatersloot 1-3 Onze open eettafel is geopend ma. t/m do. De maaltijd begint om 18.30, waarna er gezamenlijk gegeten zal worden. Vegetariërs en groepen wordt verzocht (voor 14.00 uur) te bellen. De prijs voor de maaltijd is 4,00 euro, inc. soep en toetje. Koornbeurs Voldersgracht 1 Om mee te eten bij de eettafel van de Koornbeurs moet je je even inschrijven. Dit kan op

www.koornbeurs.nl/eettafel tot 14.00 uur op dezelfde dag. We eten elke dag om 18.30 uur. Deze manier van eten is tijdelijk, maar nog steeds erg gezellig en lekker. Eettafel geopend ma. t/m vr. van 17.30-19.30 uur. Basismaaltijd 3,60 euro, soep 0,30 euro, toetjes v.a. 0,30 euro, fruit v.a. 0,40 euro. Inl. www.koornbeurs.nl/ eettafel. Tyche Oude Delft 123 Eettafel geopend van 18.0019.30 uur. Basis 3,50 euro, luxe 4,30 euro, xluxe 4,80 euro. Dagelijks soep. Vegetarische variant beschikbaar. English menu available: www.delftschestudentenbond.nl.

x www.eettafels.tudelft.nl

Sint Jansbrug Oude Delft 50-52 Ma. t/m vr. geopend van 17.3019.30 uur. Dagschotel (incl. salade) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, toe 0,30 euro, luxe toe 0,85 euro, bier en fris 1,10 euro. Het menu staat ook op www.jansbrug.nl. Open from Monday to Friday from 17.30-19.30 hrs. Daily dish (incl. salad) 3,40 euro, fruit 0,25 euro, dessert 0,30 euro, beer and soda 1,10 euro. Find the complete menu at www.jansbrug.nl.

Foto: Reuters

Alcuin Oude Delft 55-57 Ma t/m do geopend van 18.0019.30 uur. Tijdens het hockeyseizoen ook op zondag geopend van 18.00-19.00 uur. Dagelijks daghap maaltijd, op ma., di. en do. ook een luxe maaltijd. Alle maaltijden zijn inclusief soep. Daghap 3 euro, luxe 4,10 euro.

Wolbodo Verwersdijk 102 Soup is served at 18.30h. Everyone is welcome. Tuesday and Thursday: 3,40 euro, Wednesday: 4,00 euro. www.wolbodo.nl

Giro555 Den Haag

SAMENWERKENDE H U L P O R G A N I S AT I E S www.giro555.nl


DELTA. 03 21-01-2010

17

service

Doe mee aan het Idea League Sporttoernooi Het aantrekkelijke van het Idea League Sporttoernooi is volgens deelnemers dat het een plezierige internationale sfeer combineert met sporten op hoog niveau. Je kunt je tot 31 januari aanmelden voor het tiende Idea League Sporttoernooi dat gehouden wordt van 12 tot en met 14 mei 2010 op de TU Delft.

TU DELft voorlichting

verschijnt onder verantwoordelijkheid van de directie Marketing & Communicatie

xANGèLE STEENTJES De Idea League is een samenwerkingsverband van de universiteiten TU Delft, ETH Zürich, RWTH Aachen, Imperial College London en Paris Tech. Vanaf 2000 wordt het Idea League Sporttoernooi jaarlijks georganiseerd voor studenten en promovendi bij een van de deelnemende universiteiten. De TU Delft is dit jaar gastheer van het toernooi. Ieder jaar staan er andere sporten op het programma. Deze keer

zijn het basketbal, badminton, zwemmen en rugby 7s.

Competitie Ana Lucia Varbanescu, promovenda bij EWI, basketbalt en heeft zich aangemeld voor de selecties van het sporttoernooi. Vijf jaar geleden behoorde ze ook al tot een team, toen basketbal eveneens een van de geselecteerde sporten was. “Ik kom uit Roemenië en was toen net in Nederland. Aangezien ik een enthousiaste basketballer ben, deed ik toen mee aan het Idea League Sporttoernooi in Zürich. Tijdens de busreis naar Zwitserland leerde ik in korte tijd veel mensen kennen.” Ook genoot zij van de sfeer tijdens het toernooi. “Er was ruimte voor plezier, maar er werd ook heel serieus gesport. Dat vond ik een prettige combinatie. Het is mij toen zo goed bevallen dat ik mij weer heb aangemeld.” Marije van der Laag (studente bouwkunde) hoopt ook voor de tweede keer mee te doen aan het toernooi. Vorig jaar heeft zij net als Wouter Besijn (student natuurkunde) deelgenomen aan de ‘fitness challenge’ van het Idea League toernooi in Aken. Besijn: “Wij hadden hard getraind met als resultaat dat wij eerste werden.” Van der Laag heeft zich aangemeld voor het basketbalteam. Een aantal

jaren speelde ze met haar basketbalclub in haar vroegere woonplaats in de eredivisie. “Nu ben ik speler en trainer van Punch, de basketbalvereniging van de TU Delft. Vorig jaar ben ik net als Wouter begonnen met de Fitnesstrainer A-cursus. We werken beiden als fitnessinstructeur in het sportcentrum. Zo kon ik vorig jaar meedoen aan de fitness challenge. Deelnemen vond ik een erg leuke ervaring. Niet

‘Het Idea League toernooi is een van de weinige toernooien waar studenten op topniveau kunnen sporten’ alleen omdat wij eerste zijn geworden, al was dat natuurlijk een mooie bekroning op de grote inzet van het team. Het Idea League toernooi is een van de weinige toernooien waar studenten op topniveau kunnen sporten. Daarnaast is het een goede gelegenheid om studenten van andere universiteiten te leren kennen. Je deelt eenzelfde passie voor sport en zo heb je een gemakkelijk aanknopingspunt om contact te maken.” Besijns sport is fitness, maar hij overweegt om dit jaar

toch weer deel te nemen en wel bij het onderdeel badminton. “Ik heb jarenlang gebadmintond, dus ik denk dat ik mij aanmeld voor de selectie.” Het aantrekkelijke van het toernooi vindt hij de internationale sfeer. “Je ontmoet studenten van andere universiteiten en dan ga je ook overwegen om misschien een paar maanden in Aken te studeren. Maar de sociale activiteiten zijn ook erg leuk, zoals de feesten en diners.” Iris van Loon, hoofd organisatie van het toernooi, is medeverantwoordelijk voor het samenstellen van de teams. “Voor alle sporten willen wij een dames- en een herenteam of een gemixt team. Wij benaderen natuurlijk de verschillende Delftse sportverenigingen voor kandidaten. Er zijn echter ook veel studenten die buiten Delft actief zijn in een sport, en het zou leuk zijn als ook zij meedoen. Je kunt je tot 31 januari aanmelden. In februari zijn de selecties en in maart zullen de teams bekend zijn en is het de bedoeling met de gezamenlijk trainingen te beginnen.”

x Aanmelden kan bij www.snc.tudelft.nl. www.idealeague.org.

Het geheim van Koch Gastschrijver Herman Koch kiest een geheel eigen benadering voor zijn masterclass aan de TU Delft. Het project waar hij aan gaat werken blijft geheim. Geïntrigeerde studenten kunnen op 25 maart ‘auditie’ doen voor de masterclass met een voorwerp of idee dat zij willen uitvinden. Elk jaar nodigt de TU Delft een schrijver uit die gedurende twee maanden gastschrijver is aan de universiteit. Dit jaar is dat Herman Koch. Koch is naast auteur van de bestseller ‘Het diner’ acteur en wellicht het meest bekend van het televisieprogramma ‘Jiskefet’. De eigenzinnige Koch heeft voor zijn masterclass aan de TU Delft gekozen voor een andere aanpak dan zijn voorgangers. Hij wil nu nog niet zeggen wat hij gaat doen en gaat met zijn studenten werken aan een ‘geheim project’. De openingslezing is in april, maar al op 25 maart vindt er een ‘auditie’ plaats voor studenten die willen deelnemen aan de masterclass genaamd Kochs Uitvinderspodium. Door deze kennismakingsbijeenkomst wil Koch erachter komen wat voor vlees hij in de kuip heeft. Projectleider Roderick Hageman van Verstegen & Stigter culturele projecten organiseert het gastschrijverschap van de TU Delft: “De studenten die mee willen doen presenteren zichzelf met een uitvinding: een briljant idee of een niet-bestaand voorwerp dat zij zouden willen uitvin-

Delft, zegt Hageman: “De kracht van het Delftse gastschrijverschap is dat zowel de auteur als de deelnemende studenten iets anders doen dan zij gewend zijn.” Bij andere universiteiten zijn gastschrijvers meestal aangesteld aan de letterenfaculteit. Daar draait het allemaal om schrijven – bekend terrein voor een auteur en alfastudenten. Bij de TU Delft realiseren studenten en de schrijver samen een project. Hierbij is de auteur niet aan het schrijven en zijn de technische studenten – meestal gericht op praktische oplos-

Studenten die mee willen doen presenteren een briljant idee of een niet-bestaand voorwerp

Herman Koch is dit jaar gastschrijver. (Foto: Mark Kohn)

den. Het doet er niet toe hoe gek of onzinnig het misschien ook lijkt: presenteer het in twee minuten en Herman Koch bekijkt op welke manier het in zijn project is in te passen.” Kort na de openingslezing gaat de gastschrijver met zijn studenten op een excursie naar Amboise in Frankrijk. Hier wordt het kasteel bezocht waar Leonardo da Vinci heeft gewoond en gewerkt en waar hij is overleden. Reconstructies van zijn uitvindingen

zijn in het omringende park te zien. In deze inspirerende omgeving wordt het project onthuld en wordt doorgesproken op welke manier dit met de groep is te realiseren.

Creatief Koch heeft al illustere voorgangers als gastschrijver gehad zoals Arnon Grunberg, Tijs Goldschmidt, Tommy Wieringa en A.F.Th. van der Heijden. Auteurs komen graag naar de TU

singen voor concrete problemen – op een veel lossere en creatievere manier aan het werk. “Auteurs werken vaak in de eenzaamheid van de studeerkamer. Aan de slag gaan met een groep studenten, die analytisch denken en creatief zijn, maakt het gastschrijverschap aan de TU Delft voor hen aantrekkelijk. Een vorige gastschrijver - A.F.Th. van der Heijden – vergeleek zijn masterclass aan de TU Delft met buiten spelen.” (AS)

x Voor algemene informatie over het gastschrijverschap van Herman Koch: www. verstigt.nl. Binnenkort wordt op www. tudelft.nl bekendgemaakt hoe studenten zich kunnen aanmelden voor Kochs Uitvinderspodium op 25 maart.


DELTA. 03 21-01-2010

18

Delta in English

Germans rising The number of Germans students studying the Netherlands has risen by a few thousand in recent years, while there are now fewer Chinese students studying in the country, according to recent figures released by Statistics Netherlands (CBS). For the academic year 2005/06, some 12,000 Germans students were enrolled at Dutch universities and polytechnics. Last year that figure had risen to 19,000 German students. In comparison, over the same period of time the number of Dutch students rose by less than six percent. Germans stu-

dents increased from two to three percent of all students studying in the Netherlands. The number of Chinese students studying in the Netherlands over the same period dropped slightly from 3,880 to 3,470 students. Of all international students in the Netherlands, approximately 40 percent are from Germany, followed by students from China and Belgium. Approximately 45,000 international students were enrolled in Dutch universities or polytechnics last year, which accounts for a 28 percent increase from three years ago.

motsyk

Beauty and the engineer

Educating Pépette

’Don’t judge a book by its cover’, the saying goes, but of course we’ve all been guilty of this: we’ve all probably judged people by their clothes at one time, and we will again. It’s just a subconscious part of who we are. To say appearances don’t matter is a lie, especially when it’s a first impression. Sure, you’re still the same person whether dressed up or down, but how people perceive you is totally different. In the ‘normal world’ people generally perceive us more positively if we’re dressed up. But that’s not always so in the world of engineering. A girlfriend of mine is good-looking, always has flawless makeup and always makes an effort to dress up, yet she’s often underestimated academically by her peers. People have a hard time believing her when she says she’s studying aerospace engineering, and even more so when she mentions that she completed her BSc in three years. One of her former male colleagues was very surprised when she was hired for an hour-intensive job that required good managerial and communication skills. He bluntly told her that it’s a job for a ‘serious, experienced and well-focused’ person, implying that she wasn’t one, that she was just a fun-loving Barbie girl who couldn’t be taken seriously. He made that judgment purely based on her looks. Of course he eventually had to eat his words, as she proved more than capable of getting the job done, but the question remains: would he have made that initial judgment if it had been a plain, casually-dressed guy or girl applying for the job? Of course we can argue whether it’s a gender rather than appearance issue, whether a smartly-dressed, wellgroomed lad would’ve been taken more seriously than my female friend in this case. My personal experience however suggests it’s indeed at least partly a matter of appearances, not gender. Some days I like to dress up, while on others a comfy sweatshirt and flat boots do the trick, especially if I’ll be spending time in the workshop that day. It was on one of those days - baggy sweatshirt, jeans and workshop boots – that I was strolling through the aula and came across a stand for one of the TU ‘Student Dream Teams’ presenting their creation and recruiting stu-

dents. Curios, I stopped to chat to a recruiter about their project. He immediately started talking about the project’s various technical disciplines, asking me what experience I had with certain materials and production methods, whether I preferred this discipline or that. In short, we had a nice chat about the project’s technical aspects. Fast forward about half a year later and I’m meeting the same guy from the same team at the same presentation in the aula, only this time I’m in a dress and heels, with make-up and dangly earrings. Of course he doesn’t recognize me as the girl he briefly spoke with six months ago. Our conversation went like this: Me: ‘Wow, interesting project.’ He: ‘You’re interested in joining our team? We could use some people for PR on roll-out and open days.’ Me: ‘Well, actually I’m more interested in the technical stuff.’ He: ‘Oh, of course! We also have plenty of managerial positions!’ He then proceeded to tell me how I could benefit from the managerial experience I’d gain. The thought of me getting down and dirty with the heavy metals and composites obviously never even crossed his mind, so I simply ended our conversation, while smiling on the inside about the power of appearances. Yes indeed, looks can kill: they can kill the engineer in you in the eyes of others. But does that mean one must sacrifice her feminine style and instead dress like a construction worker if she wants to be taken seriously as an engineer? Not at all. Looks and first impressions only go so far. Past a certain stage guys won’t care what you’re wearing in the workshop, as long as you can get the job done. Olga Motsyk, from Ukraine, is a BSc aerospace engineering student.

Bike racks

New paymaster

Beware when parking bicycles at and around Delft’s NS train station. Owing to the construction works on the new Spoortunnel, as of Wednesday January 20 it is forbidden to park bicycles in the area in front of the station, except for in the new bike racks situated at the Blauwe Panden. Bikes parked in front of the station will be removed by the city. For the foreseeable future it is advised to park bicycles in the rear of the station.

Mariëlle Vogt-Claessens will become the new director of TU Delft’s Finance & Control department, as of 1 May 2010. She will succeed Ton Ruhe. Vogt (44) has worked at KPN since 1991, in various financial roles such as control, treasury and business analyses. She completed the certified management accountant program at VU University Amsterdam. Prior to that she studied at TU Delft, graduating with a degree in applied mathematics in 1990. Her specialist area was expert opinions.

Book worm heaven Do you love books? If so, rejoice, because the biggest travelling book festival in the Netherlands has come to a city near you. xOLGA MOTSYK From Thursday through Sunday (January 21-24), stock up on enough reading material, stationary supplies, and hobby kits to last you a year. The book festival at Ahoy Rotterdam offers seemingly millions of items in Dutch and English, from novels and cook books to big glossy coffee-table art books, study books, dictionaries and the so-called ‘brain-food’ titles, all at attractive ‘student-approved’ prices, with discounts of up to 90%. The festival is basically a soccer field full of books, so if you’re really a bookworm, plan an entire day for the trip, and even then, by the end, you’ll be lucky to have gotten through half the stalls. Het Boekenfestijn, organized by De Centrale Boekhandel for the past 25 years, travels from city to city in the Netherlands and Belgium, setting up in a new location every month or so. The first place to be visited in 2010 is the Ahoy Expo hall in Rotterdam, which is the closest the fair gets to Delft. The fair stays at each location for about a week. Monday through Wednesday the stalls are set up, and then on Thursday the doors are open to the public. Visitors are given a wheelie cart and left to roam around the endless book fields. Shopping generally resembles book harvesting: the bargain-loving Dutch really do get a year’s worth of book supplies at these events. Entrance is

free, and in addition to books there are heaps of stationary, hobby kits and other just plain useless stuff to delightfully and inexpensively clutter up your drawers and bookshelves. So why are all the books so cheap? The books are acquired directly from publishers, often from stock that hasn’t sold, was damaged, or has been replaced by newer editions. Chances are you won’t find any titles currently reigning on the best-seller list, and to find what

There are heaps of stationary, hobby kits and other just plain useless stuff you’re looking for often requires scavenging through mountains of books, but what would the fun of shopping be without a bit of a quest? Tips for beginners: wear comfortable shoes, bring a big backpack and pack a lunch. That way, in case you get stranded in some remote bookfilled valley, you’ll be able to set up camp and rest until a book fair employee can rescue you.

x www.boekenfestijn.nl


DELTA. 03 21-01-2010

City poverty TU Delft will participate in the 7th Forum of the World Alliance of Cities Against Poverty (Wacap) in Rotterdam, from February 24-26. Professor Wubbo Ockels, director of the new Interfaculty Institute for Applied Sustainable Science, Engineering and Technology (Asset), will deliver the keynote lecture on sustainable development. The Wacap forum, organized by the United Nations Development Programme and the city of Rotterdam, aims to address the challenges associated with energy, food, climate and financial issues,

19

Delta in English

while supporting the sustainable development of our societies. The forum brings together key players to identify poverty reduction strategies and create shared visions between cities, communities and countries. Some 1,500 representatives from EU and UN institutions, and municipalities throughout the world, will attend the free conference. Registration requests from TU Delft students and staff submitted through Asset will be granted automatically. To register email n.o.saaneh@ tudelft.nl, mentioning ‘Wacap’.

Fastest sailboat

Website secretaries

Feedback

Team 10’s boat, named ‘The Green Dragon’, is the fastest model sailboat in Netherlands. The team, whose members include Stephanie van den Brink, Wouter Dubois and Robert Hooft, recently won the championship race held between fifteen competing student teams from TU Delft and InHolland University. The race was held in the offshore basin at the Marin Research Institute in Wageningen. The race is part of a minor course in ‘Sailboats’ jointly offered at TU Delft and InHolland.

TU Delft’s secretaries will soon have their own website on the TU Blackboard. This website will offer all types of ‘handy information’, such as telephone numbers and internet and intranet links. This new site will be launched during an event held on February 2 in the Berlage hall of the faculty of Architecture. All TU Delft secretaries are invited to attend. The event will be held from 11:00 to 13:00, and will include lunch. Register before January 27 via secretaresses-tud@ tudelft.nl.

If you’d like to comment on anything appearing on the English Page or on a university-related matter, or if you have a question or suggestion for us, send your emails to d.mcmullin@tudelft.nl. We welcome all feedback from our readers. Letters intended for publication should include your name and be no longer than 350 words. This edition of Delta is also available online at www.delta.tudelft. nl, where you can also access the English Page archive.

One Thousand Flowers of internationalization Flower by flower TU Delft aims to become a hotbed of international education, or so hopes the ‘One Thousand Flowers in Delft’ project, launched in 2008 to help internationalize the university’s curriculum and culture. With two successful ‘Flower’ projects already under his belt, dr. Rob Kooij has emerged as one of the most talented and enthusiastic growers of the university’s international product. xAARABI KUMAR Internationalization is widely regarded as positive a development for TU Delft, yet as the university welcomes increasing numbers of international students from widely diverse backgrounds, offering more and more courses in English, certain tensions have emerged. Where once there was a homogenous (all Dutch) student body, there’s now a veritable smorgasbord of nationalities at TU Delft, each with their own particular social mores and cultural backgrounds, yet they all must compete and collaborate often in teams and groups - in the same academic workplace. Internationalization thus present a whole new set of unique challenges for the teachers in the classrooms charged with educating this increasingly socially and culturally diverse community. TU Delft’s Focus Centre of Expertise on Education therefore set up the ‘One Thousand Flowers in Delft’ project to help academics gain a better understanding of the fundamentally different needs of the global, cross-cultural groups of students they must instruct. The project strives to engage students in innovative team or individual projects in the classroom, thus revealing the prevailing attitudes and characteristics inherent to cross-cultural educational groups. One Thousand Flowers derives its name from the fact that each educational project is called a ‘flower’, and each participating teacher

International grower: Dr. Rob Kooij (Photo: Sam Rentmeester/FMAX)

receives 1,000 euro in support for leading projects. Each flower/project moreover must cater to one of the project’s four main themes. The first theme is international projects: TU Delft students working with students from partner universities abroad to create a product or design cooperatively. The second theme is internationalization at home: students attend workshops and classes that give them the skills they need to collaborate and compete in the international marketplace. The third theme is internationalization and ICT, aimed at developing open courseware modules that allow for long-distance learning via online applets. The fourth theme is sustainable technology, in which the university provides sustainable, socially relevant technological solutions to the world community.

Free Initially launched in 2008, the One Thousand Flowers project is currently being administered by a group of TU Delft academics and administrators that includes Marleen Brummelink, Niki Frantzeskaki, Renate Klaassen, dr. Rob Kooij and dr. Otto Kroesen. The group members meet regularly to discuss the various projects they’re involved in. Flower project coordinators are free to choose the nature, objective and scope of their individual flowers. One Thousand Flowers takes a hands-on, personal and bottom-up approach to internationalization:

studies are conducted by teachers who interact daily with students in the classroom. Findings and observations stemming from completed Flower projects are then shared with the entire academic community via articles in journals and on websites. Dr Kooij, of the Network & Services (NAS) group at the faculty of Electrical Engineering, Mathematics and Computer Science, recalls his reaction to first hearing of the project: “You get 1,000 euro to work with

The significance of the Amaze game is that the players collaborate and don’t compete international students? Sounds like fun!” He immediately signed up for the project. This past November Kooij conducted his second flower project, called the ‘Amaze’ game, in collaboration with the students of the university’s Telecommunications Society (Dispuut Telecommunicatie). Amaze, a simple, collaborative video game, is similar to Pacman in that Amaze players must navigate their way through a maze leading to an exit; however, strategically placed holes, into which the Pacman-like figure can fall, were placed along the way. The further the players manoeuvre their Pacman through the maze wit-

hout falling into holes, the higher their final scores. But here’s the twist: there’s no single joystick controlling the Pacman’s movements; instead, each member of a four-member team has a mobile phone that allows for only one direction of motion. Consequently, to successfully manoeuvre their Pacman through the maze, team members must work together in a highly coordinated manner.

Self-reliant Kooij, whose Amaze game falls under the project theme ‘internationalization at home’, says his initial objective was simply to work out a nice idea, a gaming idea via an appropriate technological platform. Simultaneously, he wanted to conduct an experiment related to culture. A social event was the solution. “I started with that objective and then developed the idea of the game.” Kooij invited students from the EEMCS faculty to play Amaze in the faculty Pub. Five of the ten participating teams were homogeneous, meaning all team members were either Dutch, Indian or Chinese. The five other teams were mixed teams comprised of various nationalities. Kooij’s special interest was in comparing the performances of the homogeneous and mixed teams. The Amaze game revealed that homogeneous teams out performed the mixed teams by about forty percent in terms of their final scores.

Meanwhile, observers noted the dynamics of the team interaction. In the all-Dutch team, for example, no natural leader emerged during the game-playing to take the initiative over other team members; instead, each player had an equal perception of their teammates’ roles. Moreover, the all-Dutch team appeared to function well through non-verbal communication. Incidentally, in the pub setting where the game was played, observers also jokingly noted that the Dutch team members were especially not negligent in drinking copious amounts of beer. For the all-Indian team, meanwhile, the main objective was seemingly to have fun, with incessant joking and laughing, while again, no clear leader emerged to dominate over the other team members. This was in stark contrast to the behaviour of the mixed teams, in which from the outset a natural leader emerged to run the team. Moreover, these mixed teams needed to talk more in order to strategize and collaborate. Of further note, the Eastern European members of the mixed teams all displayed strong, self-reliant characteristics. The significance of the Amaze game is that the players collaborate and don’t compete, which boosts communication between players and reveals the relationship structures between individuals. Observations such as the need for communication and role-playing are important for teachers to incorporate into their academic curriculum, in order to enhance the effective transfer of knowledge to mixed groups of students. Kooij, ever the enthusiastic cultivator of TU Delft’s internalization process, is now working on his next Flower project, called ‘What a Swede Internship (Wasi)’, in which he’ll arrange for students to have four-week internships in Sweden, where they’ll work on technological projects. Thus flower by flower TU Delft’s internationalization process continues to bloom.

x

The Amaze game can be played at: www.ans.its.tudelft.nl/people/Rob/ amze/. For more information about the ‘One Thousand Flowers in Delft’ project, contact Renate Klaassen, OC Focus coordinator, at: r.g.klaassen@ tudelft.nl


DELTA. 03 21-01-2010 achterkant

00 20

de fiets van Naam: Guus van Dam (medewerker FMVG) Merk: ’t Mannetje in Amsterdam Opvallend: Dagelijks te zien in en om het Mekelpark De bakfiets heeft al wat deukjes en gebruikssporen, maar dat mag ook wel. “Bijna alle dagen ben ik ermee onderweg, om groen op te halen, of de prullenbakken te legen”, vertelt Guus van Dam, “want auto’s kunnen hier in het nieuwe Mekelpark niet komen.” Van Dam is zuinig op zijn bakfiets, die hij al vanaf 2002 gebruikt. “Dit is inmiddels al de tweede”, legt hij uit. Ondertussen wordt hij van alle kanten begroet door passerende medewerkers van de TU. “Hallo Guus”, klinkt het regelmatig. Iedereen kent Guus, en Guus kent iedereen. Toch ziet niet iedereen de bakfiets altijd staan. “Ik had de fiets eens geparkeerd, toen er uit het niets een auto tegenaan reed”, aldus van Dam. “De fiets had niks, maar de auto had wel een flinke deuk.” (EvO)

as in olde times

Dopie rituals

Van plakkie naar bakkie

Dopie’s best and worst awards. (Photo: Hans Stakelbeek/FMAX)

Zelfstandig en ook gezinsgericht. In de vorige maand verschenen geschiedenis van de Nederlandse huisvrouw (Els Kloek, 2009) wordt de bakfiets neergezet als hét symbool van de Nederlandse vrouw. Ze zijn gesignaleerd in het buitenland (de bakfietsdichtheid in de hippe Berlijnse wijk Prenzlauerberg is redelijk hoog). Ook daar zijn de bakfietsen duidelijk van Hollandse makelij, te herkennen aan opschriften als ‘babboe. nl’,‘bakfiets.nl’, of ‘het mannetje’. Het zal wel aan de invloed van Martin Brils Evelien liggen of aan het feit dat alle moeders uit de buurt een bakfiets hebben (ooit een man met kinderen op de bakfiets gezien?), maar nog voordat dochter Iris goed en wel geboren was, moest en zou er in ons huishouden een bakfiets komen. Via internet besteld, van tevoren in elkaar gezet, en met ‘babyschelp’, zodat ons meisje en de boodschappen meteen veilig vervoerd kunnen worden. Om een lang verhaal kort te maken: de bakfiets is een groot drama. Zwaar, onbestuurbaar, te breed voor het fietspad, en Iris wordt erg hard heen en weer geschud. Ook is de bakfiets niet handig als je je kind eerst naar de opvang wilt brengen in Den Haag en vervolgens

Kriep

In the field hockey world, it’s common for teams to get psyched up before a match starts by gathering in a circle and shouting a traditional rallying cry. However the Dopie field hockey club’s men’s first-team takes this ritual to another, unique level, explains Pieter Verhoeven, a Dopie player. “We wait until our opponents finish their team rallying cry, and then each Dopie player takes his position in the field. Our most senior player then shouts out a longer, three to six line rallying cry that always ends with the rest of our players shouting: three cheers for our opponents, the refs and the audience: Hiep hoi! Hiep hoi! Hiep hoi!” A new team rallying cry is thought up for each match, but the lines are always somehow related to that days’ match: “For example, we’ll shout: Today we’ll get all three points/With three new players in our starting line-up/We’ll show them who’s boss! You can then see our opponents thinking: what the heck did we get ourselves into? The audience always enjoys our rallying cries, and our players are always extremely motivated by the words we shout.” Sometimes the coach will wait until an hour before the match to say which senior player is responsible for quickly thinking up an appropriate team rallying cry, and this of course is always nerve-racking for the chosen player. After each match the team gives out three awards. A silver plaque for the ‘man of the match’; a blunt ax for the player who was penalized for the clumsiest challenge; and the ‘rundshirt’ (literally, ‘beef shirt’), an old, unwashed shirt for the guy who made the stupidest play of the week. These prizes are always handed out to the players during the ‘hard won’ third half (i.e. during the post-match beer-drinking session). (JT/DM)

Guus van Dam: “De fiets had niks, maar de auto had wel een flinke deuk.” (Foto: Richard van ‘t Hof)

kasja weenink

door wilt gaan naar de TU. Na een paar testritjes hebben we besloten om de bakfiets voorlopig niet meer te gebruiken. De huidige oplossing voor het halen en brengen is nu met de auto, of in de maxi-cosi achterop de fiets. Voor de kinderlozen onder ons; de maxi-cosi is een autostoeltje waarin baby’s veilig vervoerd kunnen worden. Helemaal optimaal zijn deze oplossingen echter niet. Het gebruik van de auto is extra milieubelastend, en de maxi-cosi is niet te tillen, en bij gebruik achterop de fiets volgens de producent niet geheel veilig. Daarom dan ook deze oproep: kan vanuit de TU Delft nu niet een oplossing gecreëerd worden? Iets in de stijl van de plakkies; praktisch, goed voor mens en milieu, en herkenbaar Delfts? Ik zie hier wel een ontwerpwedstrijd voor eerstejaars IO’ers, of een project voor het DRI Energy. Er schijnen overigens elektrische bakfietsen te zijn. Het moet toch mogelijk zijn de bakfiets zodanig door te ontwikkelen dat de hippe moderne ouder (m/v) hem kan inzetten voor de combinatie werk-privé? Misschien iets met veel techniek, of bijpassende autobekleding; zijn we meteen van het (huis)vrouwenimago verlost.


Delta TU Delft